CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

NL.IMRO.1884.HOFDIJKLAAN73EN75-VAS1 toelichting, regels, verbeelding en bijlagen

Gemeenteraad 20 september 2021, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Bestemmingsplan Hofdijklaan 73-75 Oud Ade14.524 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Op grond van het Bevb dient zowel bij consoliderende bestemmingsplannen als bij ontwikkelingen inzicht te worden gegeven in de afstand tot het PR en de hoogte van het GR als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen. Onderzoek Overeenkomstig de professionele risicokaart (https://nederlandprof.risicokaart.nl) waarin relevante risicobronnen getoond worden, zijn langs de Hofdijklaan twee hogedruk aardgasleidingen gelegen:  

W-515-03 met een diameter van 9 inch, een werkdruk van 40 bar en een invloedsgebied van 95 meter; W-515-05 met een diameter van 12 inch een werkdruk van 40 bar en een invloedsgebied 140 meter.

Beide leidingen hebben geen plaatsgebonden risicocontour van 10-6 per jaar. Het plangebied ligt in het invloedsgebied van beide leidingen. Ten zuiden van het plangebied langs de Rijksweg A4 is een LPG-tankstation gesitueerd. Over de A4 vindt vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Het plangebied ligt niet in het invloedsgebied van het LPG-tankstation (150 meter) maar wel in het invloedsgebied van de A4 (880 meter vanwege vervoer stofcategorie LT2). Ten noorden van het plangebied, ter plaatse van Polderpark De Vaarsloot, is een bovengrondse propaantank (5.000 liter) aanwezig. De PR 10-6 contour is binnen de inrichting gelegen. De effectafstand bedraagt 165 meter, een klein deel van het plangebied ligt binnen de effectafstand. De ontwikkeling leidt niet tot relevante toename van personen en heeft hierdoor geen effect op het groepsrisico. Vanwege de ligging in invloedsgebieden van verscheidene bronnen is wel een verantwoording van het groepsrisico noodzakelijk. Verantwoording Vanwege de ligging binnen het invloedsgebied van twee gasleidingen, de A4 en Polderpark De Vaarsloot is een verantwoording van het groepsrisico noodzakelijk. Omdat het groepsrisico ten gevolge van de beoogde ontwikkeling niet zal toenemen, kan volstaan worden met een beknopte verantwoording. In het kader van het wettelijk vooroverleg zal hierover advies gevraagd worden aan de veiligheidsregio.

Bestrijdbaarheid en bereikbaarheid Zowel voor de bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van 'dagelijkse incidenten', zoals brand of wateroverlast, als voor calamiteiten op het gebied van externe veiligheid, is het van belang dat de

Rho adviseurs voor leefruimte

34

bereikbaarheid voor de hulpdiensten en bluswatervoorzieningen voldoende geborgd zijn. De bestrijdbaarheid is afhankelijk van de inzetbaarheid van hulpverleningsdiensten. De brandweer moet in staat zijn om hun taken goed uit te kunnen voeren om daarmee verdere escalatie van en incident te voorkomen. Hierbij kan gedacht worden aan het voldoende/ adequaat aanwezig zijn van aanvalswegen en bluswatervoorzieningen. Tevens speelt een snelle alarmering ten allen tijde een belangrijke rol. Het plangebied wordt ontsloten door de Hofdijklaan welke is aangesloten op de Provincialeweg. Via deze wegenstructuur kan van de bron af gevlucht worden en is het plangebied goed bereikbaar voor hulpdiensten. Zelfredzaamheid In het plangebied is een woning en een bedrijf aanwezig. De aanwezige personen zullen dan ook over het algemeen zelfredzaam zijn. Aanwezige kinderen, ouderen en gehandicapten worden wel beschouwd als verminderd zelfredzame personen. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de ouders/verzorgers/personeel de verminderd zelfredzame personen kunnen begeleiden. Conclusie Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van twee gasleidingen, de A4 en Polderpark De Vaarsloot. Vanwege de kleinschaligheid van de ontwikkeling zal het groepsrisico niet toenemen.

Uit de beknopte verantwoording blijkt daarnaast dat de zelfredzaamheid, bestrijdbaarheid en bereikbaarheid van het plangebied als voldoende worden beschouwd. Verder zijn in de directe omgeving van het plangebied geen risicovolle bronnen aanwezig. Het aspect externe veiligheid vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

4.7

Luchtkwaliteit

Toetsingskader In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van een ruimtelijk plan uit het oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens rekening gehouden met de luchtkwaliteit. Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer. Dit onderdeel van de Wet milieubeheer (Wm) bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijnstof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk langs wegen vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (jaargemiddelde) en fijnstof (jaar- en daggemiddelde) van belang. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in tabel 4.1 weergegeven. Tabel 4.1. Grenswaarden maatgevende stoffen Wm Stof Toetsing van Grenswaarde stikstofdioxide jaargemiddelde concentratie 40 µg/m³ (NO2) fijnstof (PM10) jaargemiddelde concentratie 40 µg/m³ 24-uurgemiddelde max. 35 keer p.j. meer dan 50 µg/m³ concentratie fijnstof (PM2,5) jaargemiddelde concentratie 25 µg/m³ Op grond van artikel 5.16 van de Wm kunnen bestuursorganen bevoegdheden die gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit onder andere uitoefenen indien de bevoegdheden/ontwikkelingen niet leiden tot een overschrijding van de grenswaarden of de bevoegdheden/ontwikkelingen niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht.

Rho adviseurs voor leefruimte

35

Besluit niet in betekenende mate In dit Besluit niet in betekenende mate is bepaald in welke gevallen een project vanwege de gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Hierbij worden twee situaties onderscheiden:  een project heeft een effect van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10 (= 1,2 µg/m³);  een project valt in een categorie die is vrijgesteld aan toetsing aan de grenswaarden; deze categorieën betreffen onder andere woningbouw met niet meer dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg en 3.000 woningen bij twee ontsluitingswegen, kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 bij één ontsluitingsweg en 200.000 m2 bij twee ontsluitingswegen. Onderzoek en conclusie De verkeersgeneratie van de beoogde ontwikkeling bedraagt 92 mvt/etmaal (zie paragraaf 4.11). Uit de NIBM-tool blijkt dat de maximale bijdrage NO2 0,08 µg/m³ bedraagt en de maximale bijdrage voor PM10 0,02 µg/m³ (figuur 4.4). Hierdoor heeft de beoogde ontwikkeling een effect van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10 (= 1,2 µg/m³). De beoogde ontwikkeling draagt dan ook 'niet in betekenende mate' bij aan de concentratie luchtverontreinigende stoffen en is vrijgesteld aan het toetsen aan de grenswaarden. Voldaan wordt aan de luchtkwaliteitswetgeving.

Figuur 4.4 - Resultaten NIBM-tool In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van de NSL-monitoringstool 2017 die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. De dichtstbijzijnde maatgevende weg betreft de Provincialeweg. Uit de NSL-monitoringstool blijkt dat in 2016 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijnstof langs deze weg ruimschoots onder de grenswaarden lagen. Hierdoor is er ter plaatste van het plangebied sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Het aspect luchtkwaliteit staat de ontwikkeling dan ook niet in de weg.

Rho adviseurs voor leefruimte

36

4.8

Kabels en leidingen

Toetsingskader Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Onderzoek en conclusie Ten zuidwesten van het plangebied zijn twee hogedruk aardgasleidingen gelegen welke in paragraaf externe veiligheid 4.6 zijn onderzocht. Verder zijn binnen het plangebied en in de directe omgeving geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. Het aspect kabels en leidingen staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.

4.9

Archeologie

Toetsingskader Erfgoedwet Sinds 1 juli 2016 is de Wet op de archeologische monumentenzorg vervangen door de Erfgoedwet. De uitgangspunten uit het 'Verdrag van Malta' blijven in de Erfgoedwet de basis van de Nederlandse omgang met archeologie. De Erfgoedwet regelt de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem, de inpassing ervan in de ruimtelijke ontwikkeling en de financiering van opgravingen. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar reële verwachtingen bestaan dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn, dient door de initiatiefnemer voorafgaand aan bodemingrepen archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. Het belangrijkste doel is de bescherming van het archeologische in de bodem (in situ) omdat de bodem doorgaans de beste garantie biedt voor een goede conservering. Er wordt uitgegaan van het basisprincipe de 'verstoorder' betaalt voor het opgraven en het documenteren van de aangetroffen waarden als behoud in de bodem niet tot de mogelijkheden behoort. Gemeentelijke archeologiebeleid Op basis van de huidige wetgeving zijn de gemeenten in Nederland verantwoordelijk voor het behoud van het archeologisch bodemarchief.

Omdat ruimtelijke ingrepen gevolgen kunnen hebben voor dit bodemarchief, moeten gemeenten bij de besluitvorming archeologie als volwaardige factor meenemen in de belangenafweging. Op 23 mei 2011 is het gemeentelijk archeologiebeleid van Kaag en Braassem vastgesteld door de gemeenteraad. In dit beleid is de verwachting en archeologische bescherming in kaart gebracht en onderbouwd. Op 13 mei 2013 heeft de gemeenteraad een actualisatie van dit beleid vastgesteld waardoor de beleidskaart is gewijzigd. De correctie van de provincie- en gemeentegrens is nog niet in het beleid vertaald. Toepassing en conclusie Binnen het plangebied geldt een middelhoge verwachtingswaarde (figuur 4.5). Onderzoek is hier vereist bij bodemingrepen die zowel groter dan 2.500 m² zijn als dieper dan 30 cm onder maaiveld. In het geval de ontwikkeling aan de Hofdijklaan wordt deze onderzoeksdrempel niet overschreden: archeologisch onderzoek is niet nodig. In de regels wordt een archeologische dubbelbestemming van toepassing verklaard, waarin de onderzoeksdrempel uit het gemeentelijk archeologisch beleid wordt overgenomen.

Rho adviseurs voor leefruimte

37

Figuur 4.5 - Uitsnede van de archeologische beleidskaart uit 2013.

4.10

Wegverkeerslawaai

Toetsingskader Langs alle wegen - met uitzondering van 30 km/h-wegen en woonerven - bevinden zich op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) geluidszones waarbinnen de geluidhinder vanwege de weg getoetst moet worden. De breedte van de geluidszone is afhankelijk van het aantal rijstroken en van binnen of buiten stedelijke ligging. De geluidhinder wordt berekend aan de hand van de Europese dosismaat Lden (L day-evening-night). Deze dosismaat wordt weergegeven in dB. Deze waarde vertegenwoordigt het gemiddelde geluidsniveau over een etmaal. Woningen zijn geluidgevoelige functies waarvoor, indien gelegen binnen de geluidzone van een weg, akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te worden. Toepassing en conclusie Bij de wijziging van bedrijfswoning naar burgerwoning is er geen sprake van nieuwbouw maar van een functiewijziging. Om onderstaande redenen is in dit geval geen akoestisch onderzoek noodzakelijk:  de uiterste grenswaarde van agrarische bedrijfswoningen bedraagt 58 dB. De uiterste grenswaarde voor woningen (vervangende nieuwbouw in buitenstedelijke situaties) bedraagt eveneens 58 dB. De uiterste grenswaarde ligt niet lager dan bij de huidige bestemming;  het aantal geluidgehinderden in de nieuwe situatie zal niet toenemen. De bewoners wonen er en zullen er blijven wonen;  de functie van de woning wordt alleen gewijzigd van bedrijfswoning naar burgerwoning.

4.11

Verkeer en parkeren

Op het gebied van verkeer en vervoer is er geen specifieke wetgeving die relevant is voor de voorgenomen activiteit. Wel dient in het kader van het ruimtelijk plan dat de activiteit mogelijk maakt, te worden onderbouwd dat het geheel voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Toetsingskader Voor het berekenen van de verkeersgeneratie en parkeerbehoefte is voor de verschillende activiteiten/functies op het perceel aangesloten bij de informatie zoals opgenomen in het akoestisch onderzoek (zie bijlage 2). De gehanteerde uitgangspunten voor dit onderzoek hebben betrekking op de hoeveelheid motorvoertuigen in relatie tot de bedrijfsvoering van het hoveniersbedrijf aan de Hofdijklaan 75. Omdat de woonsituatie in de voormalige bedrijfswoning niet verandert, is deze hier buiten beschouwing gelaten.

Rho adviseurs voor leefruimte

38

Ontsluiting De bedrijfslocatie wordt ontsloten op de Hofdijklaan (60 km/u). De Hofdijklaan is ingericht als erftoegangsweg (type II). Deze weg is parallel gelegen aan de provinciale weg N446 en ontsluit de bestemmingen aan de Hofdijklaan op deze provinciale weg. Via de N466 worden Leiden en Leiderdorp bereikt, daarnaast kan op de A4 worden ontsloten in de richting Amsterdam (noord) of Den Haag (zuid). Verkeersgeneratie en -afwikkeling Conform de gehanteerde uitgangspunten voor het akoestisch onderzoek (zie bijlage 2) is uitgegaan van een totaal van nagenoeg 100 motorvoertuigbewegingen per etmaal (mvt/etmaal werkdag, uitgaande van heen- en terugbeweging). Voor een weekdag geldt 92 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De Hofdijklaan is gecategoriseerd als erftoegangsweg buiten de bebouwde kom. Gezien het feit dat de Hofdijklaan enkel ter ontsluiting van het landelijk gebied ten oosten van Leiderdorp dient en geen doorgaande functie heeft (doorgaand verkeer zal gebruik maken van de N446), heeft deze weg voldoende restcapaciteit om deze verkeersgeneratie (met inbegrip van de toename door de voorziene ontwikkeling) zonder problemen te verwerken en af te wikkelen. Parkeerbehoefte In de huidige situatie kan op eigen terrein in de parkeerbehoefte worden voorzien. In de huidige situatie is er sprake van een parkeerbehoefte van ca. 25 personenauto's en bestelbusjes (35 werknemers).

Deze zullen doorgaans niet tegelijk aanwezig zijn op het terrein. Wanneer het personeelsbestand doorgroeit naar 50 werknemers, zoals beoogd, neemt de parkeerbehoefte toe naar maximaal ca. 40 parkeerplaatsen. Na de uitbreiding is er op de nader in te vullen delen van het bedrijfsterrein ruimschoots voldoende ruimte om in deze behoefte te kunnen voorzien. Ruimtelijke ontwikkelingen dienen daarnaast te worden getoetst aan de Nota Parkeernormen 2018 (gemeente Kaag en Braassem). Met toetsing aan de parkeernormen wordt voor de ruimtelijke ontwikkeling de parkeergelegenheid geborgd. Een hoveniersbedrijf is geen aparte functie in deze nota. Aangesloten wordt bij de normen van een 'bedrijf arbeidsintensief'. De ontwikkeling is gelegen in het buitengebied van de gemeente. Binnen de bandbreedte van de parkeernormen wordt het gemiddelde aangehouden, waardoor per 100 m2 bruto vloeroppervlak (bvo) van het bedrijf 2,35 parkeerplaatsen benodigd zijn. De maximaal toegestane hoeveelheid m2 bedrijfsbebouwing, ca. 1.000 m2 bvo, heeft daardoor een parkeerbehoefte van 23,5 parkeerplaatsen. Zoals in de vorige alinea vermeld, is op het bedrijfsterrein voldoende ruimte om in deze behoefte te kunnen voorzien. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling van het hoveniersbedrijf aan de Hofdijklaan 75 wordt ontsloten op de Hofdijklaan, een erftoegangsweg buiten de bebouwde kom (60 km/u).

De ligging aan deze weg maakt de locatie goed bereikbaar, temeer omdat de Hofdijklaan na enkele honderden meters ontsluit op de N446, die op zijn beurt is aangesloten op de A4. De verkeersgeneratie van 100 mvt/etmaal (werkdag) kan naar verwachting zonder problemen worden afgewikkeld op de Hofdijklaan en achtereenvolgens de N466. Gezien de functie, de inrichting en het gebruik is er voldoende restcapaciteit op deze wegen. De beoogde parkeerbehoefte komt uit op maximaal 40 parkeerplaatsen (worst case benadering). Gezien de uitbreiding van het bedrijfsterrein en de grote strook met nader in te vullen grond, is er voldoende ruimte om in deze behoefte te voorzien.

Rho adviseurs voor leefruimte

39

Hoofdstuk 5

5.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt de bestemmingsregeling nader toegelicht. Voor de onderscheiden hoofdfuncties zijn afzonderlijke bestemmingsregelingen opgesteld die zijn gebaseerd op de overwegingen die in de voorafgaande hoofdstukken zijn verwoord. Op welke wijze een en ander in de bestemmingsregeling concreet verwerkt is wordt hierna beschreven. Conform de wettelijke verplichting is gebruikgemaakt van de SVBP2012 voor de planregels en de verbeelding.

5.2

Inleidende regels

Begrippen In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd, die in de regels worden gehanteerd voor zover deze begrippen van het 'normale' spraakgebruik afwijken of een specifiek juridische betekenis hebben. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan zal moeten worden uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Wijze van meten Het onderhavige artikel geeft aan hoe hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden.

5.3

Bestemmingsregels

Bedrijf Aan het perceel van het hoveniersbedrijf is de bestemming Bedrijf toegekend. Bedrijven die vallen in de categorie 1 en 2 van de in de bijlage opgenomen Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn rechtstreeks toelaatbaar binnen de bedrijfsbestemming. Met de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf hoveniersbedrijf' is geregeld dat op het perceel van de Hofdijklaan 75 tevens een hoveniersbedrijf in milieucategorie 3.1 is toegestaan. De toegestane bebouwde oppervlakte (1.000 m2) en het feit dat er geen bedrijfswoning is toegestaan zijn door middel van aanduidingen op de verbeelding vastgelegd. De maximaal te bebouwen oppervlakte is gebaseerd op de huidige bedrijfsbebouwing en de inrichtings- en bouwplannen van het hoveniersbedrijf in de nieuwe situatie.

Rho adviseurs voor leefruimte

40

De bouwmogelijkheden ten behoeve van het hoveniersbedrijf zijn in de specifieke gebruiksregels gekoppeld aan een voorwaardelijke verplichting, namelijk dat het perceel binnen één jaar na inwerkingtreding van dit bestemmingsplan landschappelijk wordt ingepast, door binnen de rondom het bedrijfsterrein gelegen bestemming Groen een groenstrook aan te leggen en vervolgens in stand te houden. Groen De bestemming Groen ligt rondom de bedrijfsbestemming. Binnen deze bestemming wordt een groene zoom aangelegd ten behoeve van de landschappelijke inpassing van het perceel (hiertoe is in het artikel Bedrijf een voorwaardelijke verplichting opgenomen). Op deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd. De bouwregels en toegestane maatvoeringen zijn afgestemd op de groenbestemming zoals opgenomen in het bestemmingsplan 'Buitengebied West'. Water De waterbestemming uit de buitengebied plannen van de gemeente Kaag en Braassem is in eenvoudige vorm overgenomen. Aangezien het bouwvlak van de woning aan de Hofdijklaan 73 niet aan de bestemming Water grenst, zijn de bouwregels en de afwijkingsmogelijkheden voor steigers niet van toepassing en weggelaten. Wonen Aan het perceel waarop de voormalige bedrijfswoning staat, is de bestemming 'Wonen' toegekend.

In de bouwregels zijn de maatvoeringen overgenomen zoals die gelden in de bestemmingsplannen Buitengebied Oost en Buitengebied West van de gemeente Kaag en Braassem. Dat betekent dat voor woningen, inclusief aan- en uitbouwen en bijgebouwen een maximale inhoudsmaat van 750 m3 geldt. Daarnaast mag 50 m2 aan overkappingen per woning gerealiseerd worden. Bij afwijking zijn bij het wonen ook aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten toegestaan. Waarde - Archeologie - 1 In dit artikel is de bescherming van de archeologische waarde van gronden in het plangebied geregeld met een zogenoemde dubbelbestemming. Hierin is nadrukkelijk gesteld dat gebouwen (die op basis van de bestemmingen mogelijk zijn) op gronden met een archeologische verwachtingswaarde, ter bescherming van die waarden, moeten worden gebouwd binnen de bebouwingsgrenzen. Voorts is een groot aantal werken en werkzaamheden opgenomen. Voor het verlenen van een vergunning dient advies te worden ingewonnen bij een ter zake deskundige. De dubbelbestemmingen met betrekking tot archeologie zijn opgesteld op basis van de beleidskaart archeologie van de gemeente Kaag en Braassem. Hierop zijn gebieden met een verschillende archeologische verwachtingswaarde en het beleid ten aanzien van deze gebieden weergegeven.

5.4

Algemene regels

Antidubbeltelregel De antidubbeltelregel wordt opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein niet nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. De formulering van de antidubbeltelregel wordt bindend voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.2.4 Bro).

Rho adviseurs voor leefruimte

41

Algemene bouwregels Ondergronds bouwen In de algemene bouwregels zijn mogelijkheden vastgelegd voor ondergronds bouwen. Hiervoor geldt dat dit uitsluitend binnen bouwvlakken is toegestaan en dat de ondergrondse ruimte niet meetelt bij de inhoudsmaat van de woning. Wel is een maximale diepte vastgelegd. Herbouw woningen Ook wordt in de algemene bouwregels de herbouw van (bedrijfs)woningen anders dan op de bestaande fundamenten uitgesloten. Hiermee wordt voorkomen dat voor de verplaatsing van de (bedrijfs)woningen binnen het bouwvlak geluids- en milieuonderzoek moet worden uitgevoerd. Algemene gebruiksregels Algemeen gebruiksverbod In de algemene gebruiksregels is vastgelegd dat zelfstandige bewoning van of afhankelijke woonruimte in een bijgebouw niet is toegestaan. Algemene afwijkingsregels Maten In dit artikel wordt de mogelijkheid geboden om beperkte overschrijdingen van voorgeschreven maatvoeringen toe te staan, onder voorwaarde dat hiermee geen afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.

Afwijkingsregels voor de herbouw van (bedrijfs)woningen buiten bestaande fundamenten De herbouw van woningen buiten de fundamenten is mogelijk als (onder andere) de herbouw plaatsvindt binnen hetzelfde bouwvlak, er geen beperkingen voor omliggende, bestaande (agrarische) bedrijven optreden en de geluidsbelasting aan de gevel ten gevolge van weg- en railverkeer de voorkeursgrenswaarde, zoals vastgelegd in de Wet geluidhinder, niet overschrijdt. Algemene wijzigingsregels Verwijderen dubbelbestemming Waarde - Archeologie Met deze wijzigingsbevoegdheid kan de bestemming Waarde - Archeologie geheel of gedeeltelijk van gronden worden verwijderd, indien uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn en het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.

5.5

Overgangs- en slotregels

Overgangsregels Overgangsrecht bouwwerken Uitbreiding van de bebouwing die onder het overgangsrecht valt is slechts mogelijk met afwijking van het bevoegd gezag. Overgangsrecht gebruik Betreft de overgangsbepaling met betrekking tot gebruik van onbebouwde gronden en bouwwerken voor zover dat gebruik afwijkt van het bestemmingsplan op het moment dat dit rechtskracht verkrijgt. Slotregel Dit artikel geeft aan onder welke naam dit plan kan worden aangehaald.

Rho adviseurs voor leefruimte

42

Rho adviseurs voor leefruimte

43

Hoofdstuk 6

6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Bij nieuwe ontwikkelingen moet onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro) tegelijk met het bestemmingsplan een exploitatieplan worden vastgesteld, tenzij het kostenverhaal anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door middel van gemeentelijke gronduitgifte of een anterieure overeenkomst. De gemeente heeft hierbij de onderzoeksverplichting om de financieel-economische uitvoerbaarheid van het plan te toetsen. De gemeente Kaag en Braassem heeft een anterieure overeenkomst gesloten met de eigenaar waarin het kostenverhaal is geregeld. Om die reden wordt afgezien van een exploitatieplan. Geconcludeerd wordt dat er voldoende middelen zijn om de ontwikkeling tot uitvoering te brengen. Het plan is daarmee financieel uitvoerbaar.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Het bestemmingsplan Hofdijklaan 73-75, Oud Ade is in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening aan de Provincie Zuid-Holland, de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) en het Hoogheemraadschap van Rijnland voorgelegd. De ingekomen overlegreacties zijn bijgevoegd. Ze hebben geleid tot enkele tekstuele aanpassingen en verduidelijkingen in het bestemmingsplan. De reacties zijn hieronder kort samengevat en van een reactie voorzien. Provincie Zuid-Holland In haar reactie stelt de provincie vast dat het plan op één punt niet conform het beoordelingskader van de VRM is. De provincie geeft aan dat wanneer er sprake is van significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van recreatiegebieden het provinciale compensatiebeleid van toepassing is, zoals vastgesteld in de beleidsregel Compensatie Natuur, Recreatie en Landschap Zuid-Holland. De ontwikkeling vindt plaats in het recreatiegebied om de stad zoals aangeduid op kaart 7 van de VRM en kaart 7 van de verordening. De provincie geeft aan het niet geheel eens te zijn met de redenering dat het recreatiegebied ten oosten van de huidige bedrijfsbestemming qua ligging niet geschikt is om voor recreatie aan te wenden.

Het gaat bij recreatie niet alleen om openbare toegankelijkheid maar ook om de belevingswaarde en samenhang met andere delen van het recreatiegebied en de woonomgeving. Wanneer de gronden waarop de uitbreiding betrekking hebben deels zodanig worden ingericht dat ze een bijdrage leveren aan de belevingswaarde en aansluiten op de inrichting van de rest van het Ghoybos, kan het oppervlakteverlies als marginaal beschouwd worden. De gronden waarop de uitbreiding van de bedrijfslocatie betrekking heeft worden zodanig ingericht dat ze bijdragen aan de belevingswaarden en aansluiten op de inrichting van de rest van het Ghoybos. Dit is nader uitgewerkt in hoofdstuk 2. Het oppervlakteverlies van het recreatief areaal kan dus als marginaal beschouwd worden.

Rho adviseurs voor leefruimte

44

De provincie heeft op 12 november 2018 aangegeven dat met de voorgestelde inrichting het oppervlakteverlies van het recreatief areaal marginaal is. Daarnaast geven ze aan dat de opbrengsten uit de verkoop van de gronden ten goede komen aan de niet-economische geëxploiteerde delen van het Ghoybos en dat deze afspraken leiden tot een kwaliteitsverbetering van het Ghoybos. Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) De ODWH geeft in haar reactie de volgende conclusies:  Het Besluit milieueffectrapportage is niet van toepassing. In de toelichting is echter niet ingegaan op dit besluit.  De notitie industrielawaai is akkoord.  De paragrafen 4.2 Bedrijven en milieuhinder, 4.6 Externe veiligheid, 4.7 Luchtkwaliteit en 4.10 Wegverkeerslawaai zijn akkoord.  Het bijgevoegde bodemonderzoeksrapport uit 2002 kan gebruikt worden voor dit plan.  Geadviseerd wordt om in paragraaf 4.5 Bodem de tekst onder het kopje 'Onderzoek en conclusie' te vervangen door het opgenomen tekstvoorstel.  Geadviseerd wordt om in paragraaf 4.3 Ecologie onder het kopje Soortenbescherming de algemene zorgplicht van de Wet natuurbescherming te benoemen. Een tekstvoorstel is opgenomen.  De regels en de verbeelding zijn akkoord. Daar waar aanpassingen zijn voorgesteld, zijn deze één op één doorgevoerd in het bestemmingsplan.

Hoogheemraadschap van Rijnland Het Hoogheemraadschap doet in haar reactie een voorstel voor drie tekstuele wijzigingen:  In paragraaf 4.4 Water onder “hemelwater” staat dat het mogelijk is om de compensatie-eis voor verhard oppervlak te verminderen door alternatieve maatregelen toe te passen. Aangezien er in het plangebied watergangen aanwezig zijn, moet de compensatie worden gevonden in het graven van water. Alternatieve maatregelen kunnen pas worden toegepast wanneer het graven van open water niet mogelijk is en het in overleg gebeurd.  In paragraaf 4.4. Water onder “waterkwantiteit” kan de volgende zin worden verwijderd: 'De nieuwe sloot wordt ook deels gerealiseerd in de kern- en beschermingszone van de bestaande watergangen. Daarom is een vergunning op basis van de Keur noodzakelijk.'  Aangezien er geen waterkering in het plangebied ligt, kan het stukje “Veiligheid en waterkeringen” worden verwijderd. De voorgestelde wijzigingen zijn één op één overgenomen in de waterparagraaf van het bestemmingsplan. Zienswijzen In het kader van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (zienswijzenprocedure) is het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegd. Binnen deze periode is 1 reactie ontvangen. Deze reactie is samengevat en beantwoord in de Nota van beantwoording zienswijze, zie bijlage 10.

Rho adviseurs voor leefruimte

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

Bijlage 1 Memo AERIUS-berekening

Rho adviseurs voor leefruimte

memo

Postbus 150, 3000 AD Rotterdam Telefoon: 010-2018555 E-mail: info@rho.nl

Aan:

A.P. van Ginkel B.V.

Onderwerp:

Stikstofberekening aanleg- en gebruiksfase Hofdijklaan 73-75 te Oud Ade

Datum:

14-01-2021

Auteur:

S.E.H. Lie

Inleiding Het voornemen bestaat om het bestaande hoveniersbedrijf aan de Hofdijklaan 73-75 in het dorpsgebied van Oud Ade uit te breiden en deels her in te richten. De herinrichting omvat onder meer de realisatie van een nieuw bedrijfsgebouw, de aanleg van een parkeerstrook op eigen terrein, een landschappelijke inpassing met een groene zoom en de aanleg van een sloot achterop het perceel. De realisatie en de toename van verkeer zouden kunnen leiden tot een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden in de omgeving. Met deze memo is gekeken naar de stikstofdepositie als gevolg van de aanleg- en gebruiksfase. De ligging van de locatie ten opzichte van Natura 2000-gebieden is weergegeven in figuur 1. De afstand bedraagt circa 5,1 kilometer tot het Natura 2000-gebied De Wilck en circa 9,4 kilometer tot het stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Meijendel & Berkheide. Met het programma AERIUS Calculator is een berekening uitgevoerd om de gevolgen voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen en te toetsen of de eventuele toename past binnen de eisen die gelden op grond van de Wet natuurbescherming.

Figuur 1 Planlocatie (rood omcirkeld) ten opzichte van Natura 2000-gebied (geel)

Aanlegfase Inzet mobiele werktuigen Voor de inzet van mobiele werktuigen is gebruik gemaakt van kengetallen van een soortgelijke project. Een overzicht is in tabel 1 weergegeven. Omdat de machines verspreid over de locatie worden ingezet, is de emissie ingevoerd als vlakbron. De tijdsduur van het stationair draaien en de cilinderinhoud is voor alle werktuigen op 0% gezet. Dit houdt in dat is gerekend met mobiele werktuigen die 100% van de tijd in gebruik zijn (100% belast). De verkeersbewegingen zijn ingevoerd als lijnbron. De inzet van het overige materieel is ingevoerd als vlakbron aangezien dit materieel op het hele terrein werkzaam zal zijn. Voor de aanlegfase is het rekenjaar 2021 gehanteerd. Tabel 1 Materieel inzet tijdens de bouw Type werktuig Stage klasse

Rupskraan Graafmachine Shovel Tractor en keeper Heistelling Betonpomp Hijskraan Hoogwerker Totaal Aanvoer materialen Vrachtwagens Woon-werkverkeer

IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 300-560 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 300-560 kW, bouwjaar 2006 IIIA, 130-130 kW, bouwjaar 2006

Totaal aantal Verbruik in liters Totaal liter draaiuren per uur verbruik tijdens bouwfase 48 25 1.200 150 25 3.750 150 25 3.750 40 20 800 40 30 1.200 32 20 640 150 15 2.250 150 15 2.250 15.840 liter 85 vrachtwagens 75 busjes

170 zware bewegingen 150 lichte bewegingen

Het verkeer wikkelt af via de Hofdijklaan en Bospad naar de Provincialeweg. Een indicatie van de verkeersintensiteiten is te vinden op de NSL-monitoringstool 2019 (www.nsl-monitoring.nl/viewer/). Volgens de tool bedroegen de dagelijkse verkeersintensiteiten in de prognose voor 2020 voor deze weg 11.709 voor licht verkeer en 161 voor zwaar verkeer. Op de Provincialeweg gaat het extra verkeer op in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer, conform de Instructieregels voor Aerius 2020 zich heeft verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Het onderhavige project voegt in de aanlegfase maximaal 0,004% licht verkeer en 0,255% zwaar verkeer toe aan het verkeer op de Provincialeweg.

Gebruiksfase Voor de gebruiksfase is het rekenjaar 2021 gehanteerd. Omdat dit hetzelfde jaar is als de aanlegfase, zijn beide fases in één berekening uitgevoerd. De beoogde bebouwing zal bestaan uit een kopschuur welke niet verwarmd wordt en derhalve geen gebouwemissies kent. Conform de gehanteerde uitgangspunten voor het akoestisch onderzoek van de beoogde ontwikkeling is uitgegaan van een totaal van 96 motorvoertuigbewegingen per etmaal (mvt/etmaal weekdag, uitgaande van heen- en terug beweging). Daarnaast is er worst-case uitgegaan van 4 vrachtbewegingen per etmaal (vrachtwagen en shovel). Het verkeer wikkelt af via dezelfde wijze als in de aanlegfase. Het onderhavige project voegt in de gebruiksfase maximaal 0,786% licht verkeer en 2,5% zwaar verkeer toe aan de Provincialeweg (NSL-monitoringstool 2020).

Resultaten Uit een berekening met AERIUS Calculator (2021) blijkt dat de aanleg- en gebruiksfase gezamenlijk niet leiden tot toename is van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr.

Conclusie Op basis van de berekening zijn significante negatieve effecten op Natura 2000-gebied in de aanleg- en gebruiksfase uitgesloten. De ontwikkeling is derhalve uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming. De bijgevoegde uitkomsten van de AERIUS berekening dienen 5 jaar te worden bewaard, zodat bij controle kan worden aangetoond dat dit aspect is onderzocht.

Bijlage 2 Uitvoer AERIUS-berekening

Rho adviseurs voor leefruimte

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 1/6

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Rho Adviseurs

Hofdijklaan 73-75, 2374 BS Oud Ade

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Hofdijklaan 73-75 aanleg- en gebruiksfase

Rc6jAxnePRuV

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

14 januari 2021, 16:44

2021

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1

NOx

272,51 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Hofdijklaan 73-75 aanleg- en gebruiksfase

Situatie 1

Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 2/6

Resultaten

Locatie Situatie 1

Emissie Situatie 1

Resultaten

Bron Sector

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

Bron 1 Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

265,74 kg/j

Bron 2 Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

< 1 kg/j

6,77 kg/j

Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 3/6

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Situatie 1

NOx NH3

Voertuig

Resultaten

Bron 1 97726, 464444 265,74 kg/j < 1 kg/j

Omschrijving

Brandstof verbruik (l/j)

Stationair bedrijf (uren/j)

Cilinder Stof inhoud (l)

Emissie

STAGE IIIa, 130 <= Rupskraan kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

1.200

0

0,0 NOx NH3

20,92 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Tractor en keep kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

800

0

0,0 NOx NH3

13,95 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 300 <= Heistelling kW < 560, bouwjaar 2006 (Diesel)

600

0

0,0 NOx NH3

10,46 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Betonpomp kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

640

0

0,0 NOx NH3

11,16 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 300 <= Hijskraan kW < 560, bouwjaar 2006 (Diesel)

2.250

0

0,0 NOx NH3

39,23 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Hoogwerker kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

2.250

0

0,0 NOx NH3

39,23 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Graafmachine kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

3.750

0

0,0 NOx NH3

65,39 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Shovel kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

3.750

0

0,0 NOx NH3

65,39 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 4/6

Resultaten

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Soort

Voertuig

Standaard

Bron 2 97675, 464347 6,77 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Licht verkeer

150,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Zwaar vrachtverkeer

170,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Licht verkeer

92,0 / etmaal NOx NH3

4,09 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Zwaar vrachtverkeer

4,0 / etmaal NOx NH3

2,38 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 5/6

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201216_c759386971 Database versie 2020_20201216_c759386971 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Situatie 1

Rc6jAxnePRuV (14 januari 2021) pagina 6/6

Bijlage 3 Bodemonderzoek

Rho adviseurs voor leefruimte

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=84b3b448-99a3-4b99-975f-b84e15fe65b7