NL.IMRO.1884.BPVRIEZENWEG10B-VAS1 bijlagen bij toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan Bijlagen bij de toelichting
Vriezenweg 10B Leimuiden Vastgesteld
DNS Planvorming BV Amsterdam, 20 september 2021 NL.IMRO.1884.BPVriezenweg10B-VAS1
Vriezenweg 10B Leimuiden
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
2
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Historisch bodemonderzoek
4
Bijlage 2
Watertoets
43
Bijlage 3
Quickscan Flora en fauna
46
Bijlage 4
Aerius berekening
86
Bijlage 5
Vooronderzoek ontplofbare oorlogsresten
116
Bijlage 6
Nota van beantwoording zienswijzen
164
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
3
Bijlagen bij de toelichting
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
4
Bijlage 1 Historisch bodemonderzoek
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
Vriezenweg 10b te Leimuiden Milieuhygiënisch vooronderzoek
Status Kenmerk Datum
: Definitief : A0078-06/PBE/rap1 : 5-2-2021
Opdrachtgever : DNS Planvorming B.V. De heer R. Nijdam Klaprozenweg 75c 1033 NN Amsterdam
Goedkeuring
Functie
Datum
De heer P. van den Berg (Adviseur milieu)
Opsteller, auteur
5 februari 2021
Mevrouw P. Mulder (Projectleider)
2e lezerschap en vrijgave
5 februari 2021
Handtekening
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING ..................................................................................................................................... 3
2.
MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK ..................................................................................... 4 2.1
AANLEIDING VOORONDERZOEK............................................................................................. 4
2.2
AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED ...................................................................................... 5
2.3
POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING ..................................................... 6
2.4
BODEMKWALITEIT EN ASBEST ............................................................................................... 7
2.5
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................................. 8
2.6
BEINVLOEDING ........................................................................................................................ 9
2.7
BODEMVERONTREINIGING ................................................................................................... 10
2.8
TERREINVERKENNING .......................................................................................................... 11
2.9
BEOORDELING ....................................................................................................................... 12
2.10
CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING ............................................................................ 13
2.11
AANBEVELINGEN ............................................................................................................... 14
3.
BETROUWBAARHEID................................................................................................................. 15
Bijlagen 1 1.1 1.2
kaarten en tekeningen topografische kaart situatietekening met aandachtspunten
2 2.1
informatie vooronderzoek rapportage omgevingsdienst
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 2 van 15
1.
INLEIDING
In opdracht van DNS Planvorming B.V. is een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Vriezenweg 10b te Leimuiden, gemeente Kaag en Braassem.
Afbeelding 1: Onderzoekslocatie (bron: OpenTopo)
Aanleiding en doelstelling De aanleiding tot het uitvoeren van het milieuhygiënisch vooronderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van de locatie. Het doel van het milieuhygiënisch vooronderzoek is inzicht te verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke bodemverontreinigingen. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodem-bedreigende activiteiten op de locatie waar het vooronderzoek betrekking op heeft. Uit oogpunt van onafhankelijkheid verklaart IDDS geen eigenaar te zijn, of in de nabije toekomst te worden, van het terrein waarop het bodemonderzoek en de advisering betrekking heeft. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het milieuhygiënisch vooronderzoek stapsgewijs besproken.
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bestaat achtereenvolgens uit het vaststellen van de aanleiding en de afbakening van het onderzoeksgebied. Vervolgens wordt informatie verzameld van de voorgeschreven onderzoeksaspecten en worden de onderzoeksvragen beantwoord. Op basis hiervan worden conclusies getrokken en wordt de hypothese voor de onderzoekslocatie vastgesteld. Indien van toepassing worden aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen. In hoofdstuk 3 is de betrouwbaarheid van het onderzoek toegelicht.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 3 van 15
2.
MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK
2.1
AANLEIDING VOORONDERZOEK
Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. Als eerste stap in het vooronderzoek dient derhalve de aanleiding te worden vastgesteld. In de NEN 5725 zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Opgemerkt wordt dat er sprake kan zijn van een combinatie van meerdere aanleidingen. In dat geval dienen de onderzoeksvragen voor elke afzonderlijke aanleiding te worden beantwoord. Voor onderhavig onderzoek is de volgende aanleiding vastgesteld: A. opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De onderzoeksvragen, behorende bij de vastgestelde aanleiding, zijn in de navolgende paragrafen in tabelvorm aangegeven. Per onderzoeksvraag is, direct onder de betreffende vraag, het antwoord opgenomen.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 4 van 15
2.2
AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED
TABEL 2.2.1: afbakening onderzoeksgebied Onderzoeksvraag Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? Uitwerking
Bronnen
Situering
Globale ligging: zie overzichtskaart 1.1 in bijlage 1. Begrenzing onderzoekslocatie: zie situatietekening 1.2 in bijlage 1.
Adres
Vriezenweg 10b
Plaats
2451 VG Leimuiden
Gemeente
Kaag en Braassem
Provincie
Zuid-Holland
RD-coördinaten
Omschrijving
Globaal middelpunt onderzoekslocatie
X
106.735
Y
469.515
Hoogte maaiveld
Z
Circa 4,3 m -NAP
Kadastraal
Gemeente
Leimuiden
Gemeentecode
LMD02
Sectie
C
Nummer
2069 (gedeeltelijk)
Totaal
Ca. 3.000 m2
Bebouwd
-
Verharding
-
Alle richtingen
Rondom de locatie is sprake van landelijk gebied bestaande uit weilanden, akkers en woonhuizen/bedrijfspanden.
Oppervlaktes (m²)
Belendingen
#1
#2
Afbeelding 2: Onderzoekslocatie en belendingen (bron: IDDS Projectenkaart) Afbakening VO
25 meter buiten kadastrale grenzen
-
Conclusie Afbakening voldoende #1: Informatie opdrachtgever #2: Perceelloep.nl / Ahn.nl / IDDS Projectenkaart Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 5 van 15
2.3
POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING
TABEL 2.3.1: potentiële bronnen van bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? Uitwerking Voormalig gebruik
Bronnen Uit historische bronnen is bekend dat de locatie nooit bebouwd is geweest. Voor zover bekend is de locatie altijd in gebruik geweest als weiland. Op de locatie is een sloot in circa 1960 gedempt. De voormalige sloot staat ook in het Historisch Bodem Bestand (HBB) opgenomen als potentieel verdacht op mogelijke bodemverontreinigingen.
#1 / #2
Een in 1998 uitgevoerd onderzoek op een naastgelegen perceel heeft geen afwijkend dempingmateriaal waargenomen (M97.293/RG d.d.15-1-1998). Dit is echter gebaseerd op een enkel meetpunt waardoor de resultaten met enige voorzichtigheid dienen te worden geïnterpreteerd. De vermoedelijke ligging van de gedempte sloot is weergeven in de situatietekening opgenomen in bijlage 1.2. Potentiële bronnen
Onbekend is met welk materiaal de voormalige sloot is gedempt. Sloot dempingen kunnen verdacht zijn op het voorkomen van bodemvreemde materialen en daardoor veroorzaakte verontreinigingen.
Huidig gebruik
In de huidige situatie is de locatie in gebruik als weiland.
Potentiële bronnen
In de huidige situatie zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend.
Toekomstig gebruik
Het naastgelegen onderstation gaat worden uitgebreid tot op de onderzoekslocatie.
#1 / #2
-
Conclusie Een potentiële bron van verontreiniging betreft de gedempte sloot. #1: Bodemloket.nl / Topotijdreis.nl #2: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2)
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 6 van 15
2.4
BODEMKWALITEIT EN ASBEST
TABEL 2.4.1: bodemkwaliteit en asbest Onderzoeksvraag Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? Uitwerking Asbest
Bronnen Er is geen informatie beschikbaar omtrent een eventuele verdenking op de aanwezigheid van asbest in de bodem.
#1
Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van een puinbijmenging, de locatie, ongeacht de gradatie van het puin, dient te worden aangemerkt als asbestverdacht. Gezien de ligging en de historie van de onderzoekslocatie is dit niet aannemelijk. Bodemkwaliteit
Bodemfunctieklasse
Achtergrondwaarde
Bodemkwaliteitszone
Onbekend
Ontgravingskaart boven- en ondergrond
Bovengrond (0,0 - 0,5 m-mv) Onbekend Ondergrond (0,5 - 2,0 m-mv) Onbekend
#2
Conclusie Gelet op de ligging en het historisch gebruik, wordt de bodem niet als asbestverdacht aangemerkt. De bodem heeft een functieklasse ‘achtergrondwaarde’. De bodemkwaliteitsklasse en ontgravingskaarten zijn niet bekend. #1: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #2: Bodemfunctieklassenkaart Gemeente Kaag en Braassem
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 7 van 15
2.5
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE
TABEL 2.5.1: bodemopbouw en geohydrologie Onderzoeksvraag Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Uitwerking Bodemopbouw (lokaal) Grondwater (lokaal)
Bronnen 0,0 - 6,0 m-mv
Zand
6,0 - 7,0 m-mv
Veen
Grondwaterstand freatisch
4,6 m -NAP
#1 / #2 /#3
Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. Verwacht wordt dat het grondwater richting de sloot zal stromen en derhalve westelijk gericht is. De stromingsrichting zal lokaal worden beïnvloed door objecten in de ondergrond. Voor zover bekend vindt er op en nabij de onderzoekslocatie geen onttrekking van grondwater plaats. Bodemvreemde lagen
In een voorgaand onderzoek zijn sporen puin en grind aangetroffen in de bovengrond van een naastgelegen perceel (M97.293/RG d.d.15-11998). Ter plaatse van de onderzoekslocatie bevindt zich een voormalige sloot. Onbekend is met welk materiaal de sloot is gedempt.
Conclusie Op de onderzoekslocatie wordt een zandige bodem met mogelijk enkele zwakke bodemvreemde bijmengingen verwacht. Mogelijk worden bodemvreemde lagen dan wel slib- en of rietresten aangetroffen in verband met de voormalige sloot. #1: DINOloket.nl #2: WKOtool.nl #3: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2)
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 8 van 15
2.6
BEINVLOEDING
TABEL 2.6.1: beïnvloeding Onderzoeksvraag Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Uitwerking Beïnvloeding
Bronnen Ten zuiden van de onderzoekslocatie is een smeerolietank (bovengronds) gelegen. Het terrein ten westen van de onderzoekslocatie (Vriezenweg 10a) is sinds 1983 in gebruik als autoplaatwerkerij annex -spuiterij en clichéplatenfabriek/chemigrafisch bedrijf. In de huidige situatie is de Vriezenweg 10a in gebruik als zeilen- ,tenten- en dekkledenfabriek. Ter plaatse van de Vriezenweg 10 is een ondergrondse dieseltank aanwezig (geweest). Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit bovengenoemde activiteiten verwacht.
#1 / #2
Conclusie Er is voor zover bekend geen sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit en/of de kwaliteit van het grondwater. #1: Bodemloket.nl #2: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2)
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 9 van 15
2.7
BODEMVERONTREINIGING
TABEL 2.7.1: bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Uitwerking
Bronnen
Onderzoek ter plaatse van de locatie (uitbouw) Er is geen informatie bekend. Voor zover bekend is er ter plaatse van de onderzoekslocatie tot op heden geen milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd.
#1 / #2
Onderzoek nabij de locatie Verwachting o.b.v. eerder bodemonderzoek
Nabij de onderzoekslocatie zijn enkele bodemonderzoeken uitgevoerd. De beschikbare onderzoeken zijn aangegeven in het bodemrapport van de Omgevingsdienst West-Holland, zie bijlage 2.
#1 / #2
Vriezenweg 10 In 1991 is een indicatief onderzoek uitgevoerd door Tukkers (d.d. 9-10-1991). In dit onderzoek zijn alleen zintuiglijke waarnemingen gedaan en geen boringen geplaatst. In de bovengrond waren puin, slakken, glas en baksteen aangetroffen. Verder zijn er geen verdachte geuren waargenomen. In 2010 is een historisch onderzoek uitgevoerd door Geofox Lexmond (d.d. 1011-2010). Vriezenweg 10b In 1998 is een nulsituatieonderzoek uitgevoerd door Tjaden (M97.293/RG d.d.15-1-1998). Tijdens de veldwerkzaamheden waren sporen grind en puin aangetroffen in de bovengrond. De reeds genoemde gedempte sloot strekt zich tot het terrein van betreffend onderzoek. In de boring ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de gedempte sloot was geen afwijkend dempingmateriaal waargenomen. Onbekend is of de boring daadwerkelijk op de juiste plek is geplaatst. De bovengrond was licht verontreinigd met zink en PAK. Betreffend mengmonster bevatte ook grond uit de boring ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de gedempte sloot. De ondergrond was niet verontreinigd. Het grondwater was licht verontreinigd met koper, chroom en zink. Conclusie Op basis van gedateerde onderzoeken in de nabije omgeving worden hooguit enkele lichte verontreinigingen verwacht. #1: Bodemloket.nl #2: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2)
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 10 van 15
2.8
TERREINVERKENNING
De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is uitgevoerd met behulp van recente luchtfoto’s en Google Street View. Op basis van de terreinverkenning blijkt dat de locatie onbebouwd is en als weiland dient. Er zijn geen bijzonderheden waargenomen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem of die van invloed kunnen zijn op een uit te voeren bodemonderzoek. Naar aanleiding van de terreinverkenning hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens uit het vooronderzoek. De navolgende afbeelding geeft een beeld van de onderzoekslocatie en de directe omgeving.
Afbeelding 3: Onderzoekslocatie, gelegen achter hekwerken (bron: Google street view d.d. juli 2020)
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 11 van 15
2.9
BEOORDELING
Het vooronderzoek is beoordeeld op afwijkingen ten opzichte van de NEN 5725;2017. Indien er sprake is van afwijkingen zijn deze omschreven en is de reden van afwijking aangegeven. Beoordeeld is in hoeverre de afwijking gevolgen heeft op de betrouwbaarheid en in hoeverre er sprake is van beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen. Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, afdoende bekend is, of in hoeverre bodemonderzoek noodzakelijk is. In tabel 2.9.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.9.1: beoordeling Onderzoeksvraag Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Beantwoording Omschrijving
Reden afwijking
Afwijking
Geen
-
Gevolgen betrouwbaarheid /
-
-
Beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen
-
-
Conclusie De milieuhygiënische bodemkwaliteit is niet afdoende bekend. Er is geen informatie beschikbaar omtrent de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 12 van 15
2.10
CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING
Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn conclusies getrokken over de verwachting van de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de aanwezige verontreinigende stoffen. Op basis van de getrokken conclusie is een hypothese geformuleerd. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie, in zowel het horizontale als het verticale vlak, de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Bij eventueel bodemonderzoek dient de hypothesestelling als basis voor de onderzoeksstrategieën uit de desbetreffende normdocumenten. De hypothese en strategie zijn complementair aan elkaar. TABEL 2.10.1 conclusie en hypothese Hypothese Locatie
Gehele onderzoekslocatie
Conclusie
Grond
Er is geen informatie beschikbaar omtrent de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit van de locatie. Op de locatie is sprake van een slootdemping. Onbekend is met welk materiaal de sloot is gedempt. Ter plaatse van het overige terrein hebben in het verleden geen activiteiten plaatsgevonden anders dan weiland die een bodemverontreiniging hebben kunnen veroorzaakt. Er is geen aanleiding om te veronderstellen dat op de onderzoekslocatie noemenswaardige verontreinigingen aanwezig zijn.
Hypothese
Grondwater
In een voorgaand onderzoek zijn in het grondwater hooguit licht verhoogde concentraties met enkele zware metalen aangetoond op een naastgelegen perceel. Mogelijk zijn betreffende verontreinigingen ook in het grondwater op de onderzoekslocatie aanwezig.
Algemeen
Er is geen informatie beschikbaar omtrent de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit van de locatie. Op basis van de resultaten worden hooguit enkele lichte verontreinigingen in de grond en het grondwater verwacht. Onbekend is met wat voor materiaal de voormalige sloot is gedempt en in hoeverre deze nog terug te vinden is (zie bijlage 1.2 voor vermoedelijke ligging).
De locatie wordt, met uitzondering van de gedempte sloot, als onverdacht aangemerkt. De gedempte sloot is verdacht op bodemverontreiniging doordat het dempingmateriaal niet bekend is.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 13 van 15
2.11
AANBEVELINGEN
Op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek worden de navolgende aanbevelingen gedaan: Voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het uitbreiden van het naastgelegen onderstation dient formeel rekening te worden gehouden met het uitvoeren van een verkennend milieukundig bodemonderzoek. Ter plaatse van de onderzoekslocatie heeft een voormalige sloot gelegen. Deze staat geregistreerd als HBB-locatie. Onbekend is met welk materiaal de voormalige sloot is gedempt en wat de kwaliteit van het dempingsmateriaal is. Wij adviseren om ter plaatse van de voormalige sloot een verkennend bodemonderzoek conform de onderzoeknorm NEN 5740 uit te voeren. Het onderzoek heeft als doel om na te gaan in hoeverre de demping visueel nog terug te vinden is (afwijkend dempingsmateriaal, sliben rietresten). Door middel van het plaatsen van een raai, haaks op de demping, wordt inzage verkregen of de voormalige sloot is gedempt met ander materiaal dan gebiedseigen grond. Indien een afwijkende bodemopbouw wordt waargenomen die kan duiden op een voormalige sloot, wordt aanvullend een boring en een peilbuis om de demping nader in kaart te brengen.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 14 van 15
3.
BETROUWBAARHEID
Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een milieuhygiënisch vooronderzoek is gebaseerd op de op het moment van uitvoering beschikbare gegevens. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden. In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen.
Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.
Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Vriezenweg 10b te Leimuiden Kenmerk rapportage: A0078-06/PBE/rap1 Pagina 15 van 15
BIJLAGE 1.1 Topografische kaart
1.1 Topografische kaart
Schaal 1:25.000
Legenda Locatie-aanduiding
BIJLAGE 1.2 Situatietekening
Legenda Plangebied Vermoedelijke locatie gedempte sloot
Opdrachtgever DNS Planvorming B.V. Projectnummer A0078 Locatie Vriezenweb 10b te Leimuiden Getekend: Formaat: Schaal: Schaal situatie: Datum:
PBE A3
21-1-2021
Omschrijving Verkennend bodemonderzoek Bijlagenummer 1.2
BIJLAGE 2.1 Rapportage omgevingsdienst
A0078 Omgevingsrapportage
Pagina 1 van 18
-
20-01-2021
Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Vriezenweg 10A HBB: his_code: A31AN012644 Glasvezeltracé Gemeente Kaag en Braassem Vriezenweg 10 Vriezenweg 10B Kaarten Disclaimer Toelichting
Pagina 2 van 18
-
20-01-2021
Voor U ligt een rapportage van de Omgevingsdienst West-Holland met de beschikbare informatie over de milieu-hygiënische kwaliteit van grond van het door U opgevraagde perceel.
Dit rapport is een samenvatting van gegevens afkomstig uit het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland. Het bodeminformatiesysteem bevat gegevens met betrekking tot uitgevoerde bodemonderzoeken, aanwezige, gesaneerde en buiten gebruik gestelde ondergrondse brandstoftanks, historische bodembedreigende activiteiten en actuele bodembedreigende activiteiten.
Met nadruk wordt gesteld dat dit rapport een geautomatiseerde samenvatting is van het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aanwezige gegevens. Voor nadere informatie over de in deze rapportage genoemde rapporten dienen de betreffende dossiers te worden geraadpleegd. Rapporten kunt u aanvragen bij ODWH via bip@odwh.nl. Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen.
Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd (de in het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.
Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de Omgevingsdienst West-Holland via email bip@odwh.nl
Pagina 3 van 18
-
20-01-2021
Locatie: Vriezenweg 10A Locatie Adres
Vriezenweg 10 A 2451VG LEIMUIDEN
Locatiecode
AA188400481
Locatienaam
Vriezenweg 10A
Plaats
Kaag en Braassem
Locatiecode bevoegd gezag WBB
ZH188400014
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Status rapporten
Beschikking
Status besluiten
Status asbest
Is van voor 1987
Niet ernstig
Beoordeling
Ja
Uitgevoerde onderzoeken Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Voldoende onderzocht
Activiteit
Start Einde Vervallen Benoemd Verontreinigd Spoed
autoplaatwerkerij annex -spuiterij
1983 9999 Nee
Ja
Onbekend
Nee
Onbekend
cliché-platenfabriek/chemigrafisch bedrijf
1983 9999 Nee
Nee
Onbekend
Nee
Onbekend
elektriciteitscentrale
1970 9999 Ja
Ja
Onbekend
Nee
Onbekend
onverdachte activiteit
9999 9999 Nee
Nee
Onbekend
Nee
Onbekend
zeilen-, tenten- en dekkledenfabriek
9999 9999 Nee
Ja
Onbekend
Nee
Onbekend
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Pagina 4 van 18
-
20-01-2021
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 5 van 18
-
20-01-2021
Locatie: HBB: his_code: A31AN012644 Locatie Adres Locatiecode
AA188401589
Locatienaam
HBB: his_code: A31AN012644
Plaats
Kaag en Braassem
Locatiecode bevoegd gezag WBB
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Beschikking
Status besluiten
Status asbest
Is van voor 1987
Pot. verontreinigd
Ja
Uitgevoerde onderzoeken Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Activiteit
Start Einde Vervallen
Benoemd
Verontreinigd
demping (niet gespecificeerd)
9999
Nee
Onbekend
9999
Nee
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 6 van 18
-
20-01-2021
Spoed Voldoende onderzocht Onbekend
Pagina 7 van 18
-
20-01-2021
Locatie: Glasvezeltracé Gemeente Kaag en Braassem Locatie Adres Locatiecode
AA188402193
Locatienaam
Glasvezeltracé Gemeente Kaag en Braassem
Plaats
Kaag en Braassem
Locatiecode bevoegd gezag WBB
Status Vervolg WBB
starten sanering
Beoordeling
Status rapporten
Meldingsformulier BUS saneringsplan
Beschikking
Status besluiten
Pot. verontreinigd
Status asbest
Is van voor 1987
Ja
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Referentie
Archief
12-04-2019
Meldingsformulier BUS saneringsplan
Glasvezeltracé Gemeente Kaag en Braassem
Terra Milieu
2019072849
DIV MDWH
Conclusie overheid
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Matrix
Overschr.
m²
Grond
m³ 30
Van
Tot
12
Opmerking per 100 meter
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Datum
Besluit
Kenmerk
Status
01-05-2019
Instemmen PvA saneringen
2019080511
Definitief
14-12-2020
Aanv. info gewenst /opschorten
D2020-221277 en D2020-222919
Definitief
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Pagina 8 van 18
-
20-01-2021
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 9 van 18
-
20-01-2021
Locatie: Vriezenweg 10 Locatie Adres
Vriezenweg 10 2451VG LEIMUIDEN
Locatiecode
AA064500211
Locatienaam
Vriezenweg 10
Plaats
Kaag en Braassem
Locatiecode bevoegd gezag WBB
ZH188400013
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Historisch onderzoek
Beschikking
Status besluiten Is van voor 1987
Pot. verontreinigd
Niet onderzocht
Status asbest Ja
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Referentie Archief DIV MDWH
Indicatief 09-10-1991 onderzoek
Vriezenweg 10
Tukkers
Historisch onderzoek
Vriezenweg 10
Geofox Lexmond
10-11-2010
44
Conclusie overheid enkel zintuigelijke waarneminge gedaan. bg puin, slakken, glas en baksteen aanwezig. og: zandige klei. geen verdachte geuren waargenomen.
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Voldoende onderzocht
Activiteit
Start Einde Vervallen
Benoemd
Verontreinigd Spoed
autoplaatwerkerij annex -spuiterij
1983 9999 Nee
Ja
Onbekend
Nee
Ja
burgerlijk- en utiliteitsbouwbedrijf
9999 9999
Per definitie
Nee
Nee
Onbekend
cliché-platenfabriek/chemigrafisch bedrijf
1983 9999 Nee
Ja
Onbekend
Nee
Nee
demping (niet gespecificeerd)
9999 9999 Nee
Nee
Nee
Nee
Onbekend
dieseltank (ondergronds)
9999 9999
Per definitie
Nee
Nee
Nee
elektriciteitscentrale
1970 9999 Ja
Ja
Nee
Nee
Ja
onverdachte activiteit
9999 9999 Nee
Nee
Nee
Nee
Ja
zeilen-, tenten- en dekkledenfabriek
9999 9999 Ja
Ja
Nee
Nee
Ja
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Pagina 10 van 18
-
20-01-2021
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 11 van 18
-
20-01-2021
Locatie: Vriezenweg 10B Locatie Adres
Vriezenweg 10 2451VG LEIMUIDEN
Locatiecode
AA064500237
Locatienaam
Vriezenweg 10B
Plaats
Kaag en Braassem
Locatiecode bevoegd gezag WBB
ZH188400677
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Nul- of Eindsituatieonderzoek
Beschikking
Status besluiten Is van voor 1987
Onverdacht/Niet verontreinigd
Status asbest Ja
Uitgevoerde onderzoeken Datum
15-01-1998
Type
Naam
Nul- of Eindsituatieonderzoek
Auteur Referentie Archief Conclusie overheid
Vriezenweg 10B
Tjaden 228
DIV MDWH
bg: Zn en PAK > S. og (klei en zand): niet verontr. gw: Cr, Zn en Cu > S. Terrein geschikt voor "wonen met moestuin". Evt. tijdens werkzaamh. vrijkomende grond (bg) is cat.1grond. Geen nader onderzoek noodz.
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Activiteit
Start Einde Vervallen
hoogspanningskabel (oliedrukkabel)
9999 8888
smeerolietank (bovengronds)
9999 8888
Voldoende onderzocht
Benoemd
Verontreinigd Spoed
Niet van toepassing
Per definitie
>T
Nee
Onbekend
Niet van toepassing
Per definitie
>T
Nee
Onbekend
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Pagina 12 van 18
-
20-01-2021
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 13 van 18
-
20-01-2021
Pagina 14 van 18
-
20-01-2021
Deze rapportage betreft een geautomatiseerde samenvatting van de op het moment van de aanvragen aanwezige gegevens in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland. De basisgegevens uit de informatiesystemen zijn in de regel door derden aangeleverd.
Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen. Ook is het vanzelfsprekend mogelijk dat na het moment van aanvragen aanvullende gegevens door de Omgevingsdienst West-Holland worden verkregen, of dat recent verkregen informatie nog niet in het informatiesysteem is ingevoerd. Deze rapportage dient derhalve te worden gezien als een momentopname.
Vanwege het mobiele karakter van sommige bodemverontreinigingen kan ook niet worden uitgesloten dat de verontreinigingssituatie sinds het uitvoeren van een bodemonderzoek is gewijzigd. Aangezien het invoeren van gegevens mensenwerk is, kan evenmin worden uitgesloten dat bij het invoeren invoer- en/of interpretatiefouten zijn gemaakt.
De Omgevingsdienst West-Holland is niet aansprakelijk voor enige directe schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade als blijkt dat in de praktijk de verontreinigingssituatie anders is dan in dit rapport is vermeld. In dit geval van koop/verkoop adviseert de Omgevingsdienst om bij twijfel representativiteit van de in dit rapport vermelde gegevens alsnog bodemonderzoek op de betreffende locatie te laten uitvoeren.
Deze rapportage kan in de regel niet worden gebruikt bij meldingen of vergunningsaanvragen waarvoor een bodemonderzoek is vereist. Kopieën van de in deze rapporten kunnen hier mogelijk wel voor worden gebruikt. Dit is afhankelijk van de onderzoekeisen vanuit de melding/vergunning en de aard, ouderdom en kwaliteit van het betreffende onderzoek.
Aan de totstandkoming van deze omgeving is uiterste zorg besteed. Desondanks is het gezien de aard van het gebruikte materiaal mogelijk dat kleine fouten in de exacte ligging van objecten voorkomen of dat de kaarten anderszins foutieve informatie afbeelden. De Omgevingsdienst West-Holland aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het gebruik van de informatie. Wel stelt de Omgevingsdienst West-Holland het op prijs dat onjuistheden aan haar worden gemeld. Dit kan door een e-mail te sturen naar bip@odwh.nl
Pagina 15 van 18
-
20-01-2021
Toelichting Samenstelling van bodeminformatie in het bodeminformatiesysteem (BIS) Verontreinigende activiteiten (HBB) Dat verontreinigende stoffen toch in de bodem terecht komen is vaak het gevolg van bedrijfsactiviteiten. Maar er kan ook sprake zijn van bodemverontreiniging door bijvoorbeeld het ophogen van terreinen voor het bouwrijp maken, het lekken van een brandstoftank of een ongeval. Op basis van (archief)onderzoek zijn potentiële verontreinigingen op basis van (voormalige)bedrijfsactiviteiten (UBI’s) en de bekende bodemverontreinigingen in beeld gebracht, het zgn. landsdekkend beeld (LDB, 2004). De potentiële verontreinigingen vormen het zgn. HistorischBodemBestand (HBB). Deze gegevens vormen de basis voor de werkvoorraad van de provincie. Afhankelijk van de score van de UBI behoort een locatie tot de werkvoorraad (potentiële)bodemverontreiniging die voor 2030 gesaneerd danwel beheerst moet zijn of de spoedeisende werkvoorraad die voor 2015 gesaneerd danwel beheerst moet zijn. Ook voor het bewaken van de voortgang van de bodemsaneringsoperatie van de locaties waar de provincie bevoegd gezag is en de eigen werkprocessen maakt de provincie gebruikt van het BIS.
Het Wbb-traject / vervolg Wbb (potentiële)bodemverontreinigingslocaties doorlopen een zgn. Wbb-traject van onderzoek en sanering totdat de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie behoort. De locatie is dan voldoende onderzocht of gesaneerd. Indien op de locatie na sanering nog een restverontreiniging achterblijft (bijv. indien een verontreiniging wordt afgedekt met een verharding of leeflaag) dan is sprake van nazorg. Nazorgmaatregelen worden vastgelegd en gecontroleerd. In dit rappor twordt per locatie aangegeven in welke fase van het Wbb-traject een locatie zich bevindt (Vervolg Wbb-traject):
Wbb traject starten De locatie behoort op basis van vooronderzoek of vanuit het HBB tot de werkvoorraad van de provincie maar er is nog geen (historisch)onderzoek uitgevoerd. Op enig moment zal onderzoek plaats moeten vinden.
Bodemonderzoek uitvoeren Vooronderzoek of historisch onderzoek geeft aanleiding om bodemonderzoek te doen. Daarbij kan sprake zijn van verkennend of nader onderzoek.
Saneringsonderzoek uitvoeren Op basis van nader onderzoek is bepaald dat gesaneerd moet worden. Het saneringsonderzoek is gericht op de inventarisatie van de mogelijke wijzen van sanering en zal uitmondend in een keuze van de wijze van sanering
Saneringsplan opstellen Als op is vastgesteld dan sanering moet worden uitgevoerd dient een saneringsplan opgesteld te worden. Het saneringsplan wordt door het bevoegd gezag beschikt. In de beschikking op het saneringsplan kan het bevoegd gezag nadere eisen stellen aan de sanering. De saneerder voert de sanering uit overeenkomstig het door het bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan en de voorschriften die zij aan de instemming hebben verbonden.
Sanering en/of evaluatie uitvoeren Als het bevoegd gezag heeft ingestemd met het saneringsplan kan de sanering worden uitgevoerd. Na afronding van de sanering stelt de saneerder een evaluatierapport op. Op basis van het evaluatierapport zal het bevoegd gezag beoordelen of een sanering voldoende is uitgevoerd. Voldoende gesaneerde locatie behoren daarmee niet meer tot de werkvoorraad van de provincie.
Pagina 16 van 18
-
20-01-2021
Zorgmaatregelen uitvoeren Na sanering kan sprake zijn van restverontreiniging (bijv. indien sprake is van een afdeklaag als saneringsmaatregel). Deze maatregelen kunnen bestaan uit beperkingen in het gebruik van de locatie of het voorkomen blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging.
Gesaneerd Indien een sanering is uitgevoerd wordt door het bevoegd gezag het evaluatierapport beoordeeld. Indien met een beschikking wordt ingestemd met de uitgevoerde sanering (aan de saneringsdoelstelling is voldaan) behoort de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie. Wel kan nog sprake zijn van nazorg zoals bijvoorbeeld het in stand houden van een afdeklaag of het verplicht melden van gewijzigd gebruik.
Geen werkvoorraad (meer) De locatie behoort op basis van de UBI score niet tot de werkvoorraad of is voldoende onderzocht of gesaneerd.
Toelichting op de gerapporteerde informatie
Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).
Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Op basis daarvan wordt bepaald of een locatie door het bevoegd gezag wordt opgepakt. Voordat het bevoegd gezag hierover in een beschikking een uitspraak doet wordt de beoordeling op basis van historisch- en/of verkennend onderzoek vastgelegd (beoordeling). Indien er een uitspraak is van het bevoegd gezag dan wordt dat vermeld bij het veld ‘Beschikking’.
Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan in fasen gebeuren of in delen van de verontreiniging. Indien het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Door het beoordelen van een evaluatierapport van de sanering wordt tevens de einddatum van de sanering bepaald.
Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb (provincie). Door uitwisseling van gegevens met gemeenten worden ook rapporten vermeld die in het bezit zijn van de betreffende gemeente maar die niet bij de provincie aanwezig zijn.
(mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van potentieel verontreinigende (bedrijfs)activiteiten die op de locatie (mogelijk) zijn uitgevoerd, worden vermoed (HBB) en/of zijn onderzocht. Met ‘vervallen’ wordt aangegeven of een activiteit werkelijk op de locatie heeft plaatsgevonden. Met ‘Benoemd’ wordt aangegeven of deze activiteit ook in de bodemonderzoeken zijn benoemd. Vervolgens wordt aangegeven of er een verontreiniging veroorzaakt door deze activiteit aanwezig is.
Pagina 17 van 18
-
20-01-2021
Geconstateerde Verontreinigingen Indien verontreinigingen in de grond of het grondwater zijn aangetroffen wordt in deze tabel aangegeven in welke mate overschrijding van de normen heeft plaatsgevonden. Tevens wordt vermeld welke omvang de verontreiniging heeft en op welke diepte deze zit.
Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie genomen besluiten vermeld.
Saneringscontouren Indien sprake is van sanering in delen of fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.
Zorgmaatregelen Indien na sanering nog verontreiniging is achtergebleven, zullen maatregelen worden genomen om blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in stand houden van deze maatregelen.
Pagina 18 van 18
-
20-01-2021
43
Bijlage 2 Watertoets
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
datum 15-2-2021 dossiercode 20210215-13-25569 Op basis van de gegeven antwoorden concluderen wij dat wij een waterbelang hebben bij uw plannen. Wij verzoeken u om uw plannen in te dienen bij ruimtelijkeplannen@rijnland.net. Mogelijk nemen wij contact met u op. Indien u wenst kunt u zelf ook contact opnemen met een adviseur Ruimtelijke Plannen van de afdeling (Plantoetsing &) vergunningverlening en Handhaving van het Hoogheemraadschap van Rijnland via het Klant Contact Team 071 - 306 3535
Wij verzoeken u te controleren of de in onze legger vastgelegde watergangen en waterkeringen overeenkomen met de bestemming in uw verbeelding en deze eventueel aan te passen. De gegevens hiervan zijn te vinden op https://www.rijnland.net/regels/legger/legger-oppervlaktewaterenen https://www.rijnland.net/regels/legger/legger-regionale-keringenen https://www.rijnland.net/regels/legger/legger-primaire-keringen. www.dewatertoets.nl
datum 15-2-2021 dossiercode 20210215-13-25569 Tekenen: Heeft u een beperkingsgebied geraakt? nee Welke gemeente omvat het grootste deel van het door u getekende plangebied? Kaag en Braassem Vragen: Gaat het om een ruimtelijk plan dat uitsluitend een functiewijziging van bestaande bebouwing inhoudt, zonder fysieke aanpassing ten opzichte van de bestaande situatie? nee Wordt als onderdeel van het plan riolering aangelegd/vernieuwd? nee Is er sprake van een toename van lozing [huishoudelijk of bedrijfsmatig afvalwater] in het landelijk gebied groter dan 5 huishoudens of in het stedelijk gebied groter dan 15 huishoudens? nee Is er in of rondom het plangebied sprake van wateroverlast of grondwateroverlast?nee Neemt in het plan het verharde oppervlak van bebouwing en bestrating toe met meer dan 500m2? ja Maakt het plan deel uit van een groter plan dat in ontwikkeling is? nee Worden er op bedrijfsmatige wijze activiteiten verricht waardoor het verharde oppervlak verontreinigd raakt? nee Wordt het waterpeil in het plangebied gewijzigd? nee Wordt er water gegraven en/of gedempt? nee www.dewatertoets.nl
46
Bijlage 3 Quickscan Flora en fauna
"Vriezenweg 10B Leimuiden" (vastgesteld)
G&G-advies QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Vriezenweg 10B te Leimuiden Toetsing in het kader van de natuurwetgeving
F.N.M. van der Knaap
2021
Opdrachtgever DNS Planvorming
G&G-advies QS2021-013
Datum Versie
12 februari 2021 V1
Gecontroleerd door: L. Hartog De onderstaande toetsing is gebaseerd op de plannen zoals aangegeven door de opdrachtgever. Bij wijziging van plannen, werkperioden, of werkwijzen kunnen andere conclusies en aanbevelingen met betrekking tot de effecten op beschermde soorten van toepassing zijn.
Bovendijk 35-G
Hazenkoog 35-A
2295 RV Kwintsheul
1822 BS Alkmaar
www.vandergoesengroot.nl
Vriezenweg 10B te Leimuiden
3
Inhoudsopgave 1
2
3
Inleiding
5
1.1
Aanleiding voor het onderzoek ............................................................................... 5
1.2
Doel van het onderzoek........................................................................................... 6
1.3
Het plangebied......................................................................................................... 6
1.4
Werkzaamheden ...................................................................................................... 6
1.5
Leeswijzer ................................................................................................................ 7
Methode
9
2.1
Soorten .................................................................................................................... 9
2.2
Gebieden................................................................................................................ 10
Beschermde soorten Wnb
11
3.1
Beschrijving aanwezige biotopen .......................................................................... 11
3.2
Beschermde soorten.............................................................................................. 12 3.2.1 Planten .................................................................................................................... 12 3.2.2 Vissen ...................................................................................................................... 12 3.2.3 Amfibieën ................................................................................................................ 12 3.2.4 Vogels ...................................................................................................................... 13 3.2.5 Grondgebonden zoogdieren ................................................................................... 14 3.2.6 Vleermuizen ............................................................................................................ 14 3.2.7 Overige fauna .......................................................................................................... 15
3.3
4
5
Conclusie beschermde soorten ............................................................................. 16
Effectbeoordeling en maatregelen
17
4.1
Vogels..................................................................................................................... 17
4.2
Vleermuizen ........................................................................................................... 18
4.3
Conclusie effectbeoordeling .................................................................................. 18
Gebiedsbescherming en overige natuurwetgeving
19
5.1
Natura 2000 ........................................................................................................... 19
5.2
Natuurnetwerk Nederland (NNN) ......................................................................... 20
5.3
Weidevogelgebieden ............................................................................................. 20
5.4
Houtopstanden ...................................................................................................... 20
5.5
Overige relevante wetgeving................................................................................. 20
5.6
Conclusie gebiedsbeschermende en overige natuurwetgeving ........................... 21
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
4
6
Conclusies
22
6.1
Beschermde soorten Wnb .....................................................................................22
6.2
Gebiedsbescherming en overige natuurwetgeving ...............................................22
6.3
Zorgplicht ...............................................................................................................23
7
Aanbevolen en geraadpleegde literatuur
24
8
Bijlagen
26
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
1
5
Inleiding 1.1
Aanleiding voor het onderzoek Er bestaan plannen een locatie aan de Vriezenweg 10B te Leimuiden (Gemeente Kaag en Braassem in de Provincie Zuid Holland) her in te richten. Het zal gaan om een capaciteit uitbreiding van het transformatorstation. Het is mogelijk dat binnen het plangebied soorten voorkomen die beschermd zijn onder de Wet natuurbescherming (Wnb) of dat het plan gevolgen heeft voor nabij gelegen beschermde gebieden. In opdracht van DNS Planvorming heeft Ecologisch Onderzoeks- en Adviesbureau Van der Goes en Groot in het kader van de huidige natuurwetgeving een quickscan uitgevoerd om dit nader te onderzoeken. Het onderzoek heeft bestaan uit een bronnenstudie en een veldbezoek.
De ligging van het plangebied (rood omlijnd).
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
6
Een quickscan is een momentopname die soms slechts in beperkte mate uitsluitsel geeft over de afwezigheid van soorten. Dit onderzoek betreft geen volledige veldinventarisatie. Mochten er door de plannen effecten te verwachten zijn op beschermde soorten die mogelijk aanwezig zijn en niet zijn uit te sluiten vanwege tijdstip van het veldbezoek of niet inspecteerbare delen van het plangebied, dan wordt een nader onderzoek geadviseerd.
1.2
Doel van het onderzoek Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in het (mogelijke) voorkomen van beschermde soorten in het kader van de Wnb. Tevens wordt onderzocht of de plannen negatieve effecten op dergelijke soorten en/of op beschermde gebieden kunnen veroorzaken. Op grond van het onderzoek wordt geadviseerd omtrent te nemen maatregelen om negatieve effecten te voorkomen of te verzachten en omtrent de noodzaak ontheffing of vergunning aan te vragen. Een uitgebreide beschrijving van de getoetste wetgeving is te vinden in Bijlage 1.
1.3
Het plangebied In Figuur 1 is de ligging van het onderzoeksgebied aangegeven. Het plangebied is gelegen in agrarisch gebied met rondom graslanden en akkers. Ten westen van het plangebied ligt de Provincialeweg de N207. Direct naast het plangebied ligt het huidige onderstation. In Figuur 3 is aangegeven welk deel binnen het plangebied het nieuwe bouwvlak betreft.
1.4
Werkzaamheden Het voornemen is om van het huidige onderstation Leimuiden (van nutsbedrijf Liander) de capaciteit uit te breiden door de plaatsing van
Algemene impressie van een standaard transformatorstation.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
7
nieuwe transformatoren en een nieuw 50/10kV installatiegebouw aan de noordzijde van het bestaande onderstation. De nieuwbouw bestaat uit een gebouw en open transformatorboxen met daarin de nieuwe transformatoren. In Figuur 2 is een algemene impressie te zien van een standaard modulair transformatorstation die vergelijkbaar is zoals deze in Leimuiden voornemens is aan te leggen. De ecologisch gevoelige werkzaamheden zullen bestaan uit het verwijderen van de vegetatie-toplaag, het vergraven van de bodem en eventueel de oevers en het opbrengen van grond. Bij uitvoering van het werk kan door geluid, trillingen, licht verstoring optreden van (beschermde) soorten.
1.5
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de methode van het onderzoek beschreven.
Bestaand onderstation en plangebied.
In hoofdstuk 3 worden de biotopen die aanwezig zijn in het plangebied beschreven en wordt aangegeven welke soorten aanwezig (kunnen) zijn binnen en nabij het plangebied.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
8
In hoofdstuk 4 wordt ingeschat in hoeverre deze soorten negatieve effecten kunnen ondervinden van het werk en welke specifieke maatregelen eventueel noodzakelijk zijn. Hoofdstuk 5 beschrijft of- en welke gebiedsbeschermende wetgeving van toepassing is op het plangebied. Ten slotte bevat hoofdstuk 6 de conclusies. Indien van toepassing worden aanbevelingen gedaan. Hoofdstuk 7 geeft een overzicht van de gebruikte en aanbevolen literatuur. In de bijlage is aanvullende informatie opgenomen over de geldende wetgeving en de gebruikelijke procedures bij een vergunnings- en/of ontheffingsaanvraag.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
2
9
Methode Hieronder wordt aangegeven hoe is onderzocht welke soorten te verwachten zijn binnen het plangebied. Speciale aandacht is uitgegaan naar díe beschermde soorten waarvoor, indien aanwezig, specifieke maatregelen moeten worden getroffen of ontheffing moet worden aangevraagd bij werkzaamheden in het kader van dit plan. Daarnaast is gekeken of het plangebied tot een beschermd natuurgebied behoort of dat dergelijke gebieden aanwezig zijn in de nabijheid van het plangebied.
2.1
Soorten Bronnenstudie Op basis van literatuurgegevens en informatie, samengebracht in bijvoorbeeld de Nationale Databank Flora- en Fauna (NDFF) is bekeken in hoeverre (beschermde) soorten in het verleden zijn aangetroffen in en rond het plangebied. Voor het onderzoek van de NDFF is het kilometerhok onderzocht waarbinnen het plangebied is gelegen en de acht daaromheen gelegen kilometerhokken, rekening houdend met relevante, overeenkomstige biotopen tussen plangebied en omgeving. In de database is gezocht naar gegevens van beschermde (vogel-) soorten met jaarrond beschermde verblijfplaatsen of naar soorten die niet provinciaal zijn vrijgesteld. Hierbij is gekeken naar waarnemingen in de afgelopen 10 jaar (2011-2021). Vervolgens is een interpretatie gedaan met betrekking tot de aard en de waarde van de waarnemingen (bijvoorbeeld foeragerend, overwinterend, trekkend, overvliegend of verblijvend). Ook is gekeken naar de onderzoeksinspanning en de (verwachte) volledigheid van de waarnemingen en de kans dat de situatie ter plaatse veranderd is. Er is in de NDFF niet gericht gezocht naar vogelsoorten met nietjaarrond beschermde nesten, provinciaal vrijgestelde soorten en in het geheel niet te verwachten soorten zoals zeezoogdieren of zoutwatervissen. Met vogels die geen jaarrond beschermd nest hebben moet, in algemene zin, wél rekening gehouden worden (zie ook §4.1).
Potenties voor vrijgestelde soorten amfibieën en grondgebonden zoogdieren die mogelijk voorkomen in het plangebied, worden kort genoemd. Voor deze soorten geldt, net als voor alle andere soorten, onverminderd de zorgplicht welke wordt besproken in de conclusies en de bijlage m.b.t. de wetgeving. Naast het onderzoek van de NDFF zijn relevante verspreidingsatlassen en eventueel andere literatuur en websites geraadpleegd om de ecologische vereisten van soorten in samenhang met de verspreiding te bekijken.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
10
Potentiebeoordeling Het plangebied is op 27 januari 2021 bezocht om enerzijds de aanwezige en aangrenzende biotopen te beschrijven en anderzijds eventuele incidentele waarnemingen te doen van beschermde flora en fauna (voor zover waarneembaar). Bij het veldbezoek is voor de potentiebeoordeling tevens gericht gezocht naar verblijfsporen zoals keutels, plukresten en braakballen. Daarnaast zijn bijvoorbeeld eventueel aanwezige materialen gekeerd en zijn eventueel aanwezige spleten en holtes, zover mogelijk, oppervlakkig geïnspecteerd.
→https://www.nvwa.nl/
onderwerpen/invasieveexoten/unielijstinvasieve-exoten
Naast de aandacht voor beschermde waarden, is ook gelet op invasieve soorten die voorkomen op de ‘Unielijst’ van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (←NVWA). Deze invasieve exoten zijn op de Unielijst geplaatst omdat ze in delen van de EU schade toebrengen (of dat in de toekomst waarschijnlijk zullen gaan doen) aan de biodiversiteit en/of ecosysteemdiensten. De waargenomen soorten worden genoemd (§0) maar er worden geen nadere aanbevelingen gedaan of beleid uitgezet ten aanzien van deze soorten. Verwerking Met behulp van analyse en expertkennis is op basis van de verzamelde gegevens en de aangetroffen biotopen, een inschatting gemaakt van het mogelijk voorkomen van beschermde soorten in en nabij het plangebied. Op grond van de plannen is een korte effectbeoordeling gemaakt van de plannen op de te verwachten soorten. Als negatieve gevolgen niet zijn uit te sluiten, wordt aangegeven of specifieke maatregelen moeten en kunnen worden genomen en/of ontheffing dient te worden aangevraagd.
2.2
Gebieden Op de gebiedendatabase van het Ministerie van Economische Zaken is gekeken in hoeverre het plangebied is gelegen binnen of nabij de begrenzing van (Europees) beschermde gebieden (Natura 2000), zie: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx Aan de hand van Provinciale of gemeentelijke informatie, toegankelijk via internet, is bekeken of het plangebied gelegen is in andere relevante beschermde gebieden, zie bijvoorbeeld: https://ruimtelijkeplannen.zuid-holland.nl/VRM/ Als dit het geval is, wordt bekeken of negatieve effecten te verwachten zijn en of nadere toetsing noodzakelijk is.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
3
11
Beschermde soorten Wnb In dit hoofdstuk worden eerst de biotopen beschreven die aanwezig zijn binnen het plangebied. Vervolgens worden de beschermde soorten beschreven per soortgroep. In de beschrijving wordt per soortgroep eerst aangegeven welke soorten (volgens opgave van het NDFF en literatuur) in het verleden of tijdens het afgelegde veldbezoek zijn aangetroffen. Vervolgens wordt vermeld welke soorten op grond van aanwezige biotopen te verwachten zijn en welke gebruiksfuncties het plangebied kan hebben voor deze soorten.
3.1
Beschrijving aanwezige biotopen Het onderzoeksgebied bestaat voor de helft uit intensief agrarisch grasland. Tussen het gras staan algemene kruiden als Hondsdraf, Smalle weegbree en Grote brandnetel. Binnen het plangebied ontbreken bebouwing en hoge bomen en struiken. Aan één zijde van het plangebied ligt een smalle sloot. De sloot/greppel heeft een begroeiing van Riet, is ondiep en heeft een steile oever zonder beschoeiing.
Argrarisch grasland achter het bestaande onderstation.
Bebouwing en naastgelegen sloot.
Van der Goes en Groot
Bebouwing op onderstation.
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2021-013
Vriezenweg 10B te Leimuiden
12
De andere helft van het onderzoeksgebied bestaat uit een onderstation met een aantal gebouwen. De bebouwing op het bestaande onderstation hebben bakstenen muren en geen openstootvoegen. In de dakrand is ook geen kier aanwezig. De gebouwen hebben een platdak.
3.2
Beschermde soorten
3.2.1
Planten Aangetroffen soorten In en rond het plangebied is in het verleden en tijdens het veldbezoek geen beschermde flora waargenomen (NDFF 2011-2021). Potentie plangebied In het plangebied wordt geen beschermde flora verwacht. Het plangebied wordt te intensief beheerd en is te voedselrijk om geschikt te zijn voor beschermde plantensoorten.
3.2.2
Vissen Aangetroffen soorten In en rond het plangebied zijn in het verleden en tijdens het veldbezoek geen beschermde vissoorten waargenomen (NDFF 20112021). Potentie plangebied In en direct rond het plangebied is geen potentie voor beschermde vissoorten aanwezig.
3.2.3
Amfibieën Aangetroffen soorten In het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geen beschermde, niet vrijgestelde amfibieën waargenomen. De Rugstreeppad is bekend van de omgeving van het plangebied, de soort werd op circa één kilometer afstand van het plangebied vastgesteld (NDFF 2011-2021). De Rugstreeppad is een beschermde soort die wordt genoemd als soort beschermd onder de Habitatrichtlijn (zie Bijlage 1.2.1). Potentie plangebied De sloot langs het plangebied levert geschikt voortplantingswater voor enkele algemene soorten amfibieën zoals Gewone pad, Kleine watersalamander, Bruine kikker of Groene kikker (bastaardkikker en/of Meerkikker). Al deze soorten zijn beschermd onder de Wnb maar ze zijn in Zuid-Holland ‘vrijgesteld’ bij de uitvoering van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting, zie verder Bijlage 1.2.1. In het plangebied is tevens geschikt landbiotoop aanwezig dat buiten de voortplantingsperiode kan worden benut door deze amfibieën.