Jaarstukken 2023 Holland Rijnland voor gemeenten
Tekst van het document
Jaarstukken 2023
INHOUDSOPGAVE 1
2
3
4
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding............................................................................................................................................3 Algemene beschouwing............................................................................................................ 3 Leeswijzer ................................................................................................................................ 4 Rekeningresultaat......................................................................................................................5 Regionaal Investeringsfonds ....................................................................................................6 Bestuur ..................................................................................................................................... 9
2.1 2.2 2.3
Jaarverslag Programma verantwoording...................................................................................... 11 Programma Strategie en Beleid..............................................................................................11 Programma Regionale Uitvoering........................................................................................... 25 Programma Bedrijfsvoering.....................................................................................................28
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Jaarverslag Paragrafen................................................................................................................. 31 Lokale heffingen...................................................................................................................... 31 Weerstandsvermogen en risicobeheersing.............................................................................31 Financiering............................................................................................................................. 35 Bedrijfsvoering......................................................................................................................... 37 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid (Woo).............................................................. 40
4.1 4.2
Jaarrekening 2023.........................................................................................................................43 Balans en toelichting op de balans........................................................................................ 44 Overzicht van baten en lasten................................................................................................ 56
5 6
Besluit............................................................................................................................................ 75 6.1 6.2 6.3
Bijlagen.......................................................................................................................................... 77 Compensabele BTW voor deelnemende gemeenten............................................................. 77 Ontvangen subsidies...............................................................................................................77 Verstrekte subsidies................................................................................................................ 78
1
2
1 Inleiding 1.1 Algemene beschouwing
Het werk dat wij doen is van, voor en door de gemeenten. Samenwerken aan regionale opgaven vraagt inzet vanuit de organisatie Holland Rijnland én vanuit de dertien gemeenten. Samen geven we invulling aan onze ambities en zorgen we dat Holland Rijnland een bloeiende regio blijft waar het fijn is om te wonen, werken en recreëren. 2023 was een bijzonder jaar voor Holland Rijnland. Henri Lenferink legde na 19 jaar als voorzitter zijn functie neer. Ook heeft de organisatie inhoudelijk een flinke stap gezet met de voorbereidende werkzaamheden aan de Regionale Investeringsagenda (RIA). Met de RIA gaan we onze leefomgeving tussen nu en 2050 gereedmaken voor de toekomst. Daarin maken we ambitieuze keuzes. In deze investeringsagenda zetten we in op het versterken van de regionale samenhang. We gaan 30.500 woningen bouwen en 20.000 banen toevoegen. We vertalen onze ambities naar vier opgaven: 1. Een bereikbare en verbonden regio 2. Een duurzame en energiezekere regio 3. Een economisch sterke en innovatieve regio 4. Een groene en klimaatbestendige regio De agenda vormt een grote stap vooruit in samenwerking van de dertien gemeenten. We hebben daarmee gewerkt aan de verdere ontwikkeling van onze regio. Door als gemeenten de handen ineen te slaan nemen we de regie, werken we sneller en profiteren we van efficiëntie en schaalvoordeel.
Holland Rijnland is uiteraard meer dan alleen het ruimtelijk-economisch domein. In 2023 droegen we ook bij aan een efficiënte uitvoering van een aantal sociaal-maatschappelijke uitvoeringstaken: het Regionaal Bureau Leerrecht, de Regiotaxi en de Urgentiecommissie woonruimteverdeling. Het Regionaal Bureau Leerrecht gaf uitvoering aan het beleidsplan 2022-2025 en waarborgde het recht op onderwijs van kinderen en jongeren. Het team woonurgenties droeg zorg voor de rechtvaardige toepassing van de huisvestingsverordening op het gebied van urgentieverklaringen voor de meest kwetsbaren.
3
1.2 Leeswijzer
Per 2023 heeft de begroting een nieuwe programmastructuur, hetgeen beter aansluit met de organisatie, doelstellingen en activiteiten van Holland Rijnland. In het vervolg van dit hoofdstuk leest u het rekeningresultaat 2023, stemverhoudingen van het Algemeen Bestuur voor de deelnemende gemeenten en de samenstelling van het Dagelijks Bestuur. In hoofdstuk 2 vindt u de inhoudelijke verantwoording van de programma's Strategie & Beleid, Regionale Uitvoering en Bedrijfsvoering. Per programma wordt aangegeven wat er in 2023 is bereikt, wat daarvoor is gedaan en welke kosten daarmee waren gemoeid. Hoofdstuk 3 bevat de paragrafen van de jaarstukken. Nieuw is de rechtmatigheidsverantwoording in de paragraaf Bedrijfsvoering. Vanaf verantwoordingsjaar 2023 legt het Dagelijks Bestuur verantwoording af over de rechtmatigheid in plaats van de accountant. Hiertoe heeft het DB het rechtmatig handelen van de organisatie op de drie criteria getoetst: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium. De jaarrekening is tot slot opgenomen in hoofdstuk 4 met daarin de balans, de toelichting op de balans en het overzicht van baten en lasten inclusief toelichting.
Leeswijzer financiële tabellen: • Directe kosten: kosten voor leveringen, goederen en diensten die rechtstreeks ten laste komen van projecten in de programma’s; • Kosten werkorganisatie: kosten voor personeel, huur gebouw en dergelijke die via toerekening van uren worden verdeeld over de projecten in de programma’s; • Directe baten: baten die rechtstreeks ten gunste komen van projecten in de programma’s. Het gaat voornamelijk om subsidies van Rijk en provincie, aanvullende bijdragen en subsidies van gemeentes of bijvoorbeeld leges.
4
1.3 Rekeningresultaat
Holland Rijnland heeft in het jaar 2023 grote ambitie aan de dag gelegd en deze ambities waargemaakt, met onder andere als resultaat dat de Regionale Investeringsagenda gereed is gekomen voor vaststelling in april 2024. De wens om de ambities waar te maken in 2023 zien we terug in het resultaat; de jaarrekening 2023 sluiten we af met een negatief resultaat van € 652.000. Holland Rijnland beschikt niet over een algemene reserve om dit negatieve resultaat zelf op te vangen en zal het resultaat volgens de geldende verdeelsleutel in rekening brengen bij de deelnemende gemeenten. Het resultaat is het saldo van baten en lasten van de programma’s, overhead en algemene dekkingsmiddelen van Holland Rijnland. In de volgende hoofdstukken lichten we per programma toe wat we hebben bereikt en wat we daarvoor hebben gedaan. Op programmaniveau geven we in die hoofdstukken het overzicht van baten en lasten per programma. Een uitgebreidere toelichting op de baten en lasten per product geven we in de Jaarrekening onder 6.2. Hieronder schetsen we alvast een algemeen beeld hoe het resultaat is opgebouwd. Hoe is het resultaat opgebouwd? Op het programma Regionale Uitvoering zien we een voordeel van € 61.000. Op het product Strategie & Beleid hebben we een negatief resultaat van € 322.000 gerealiseerd, op bedrijfsvoering realiseert Holland Rijnland een nadeel van € 355.000.
Per saldo resulteert dit in een negatief resultaat van € 616.000. Toelichting op hoofdlijnen Met de tussenrapportage heeft Holland Rijnland reeds aangegeven te verwachten uit te komen op een negatief resultaat van € 60.000. Het uiteindelijke negatief resultaat valt dus hoger uit. Dat kunnen we voor een groot deel verklaren doordat we meer kosten hebben gerealiseerd op Strategie & Beleid en overhead. Voor Strategie & Beleid zien we dat het vaststellingstraject van de Regionale Investeringsagenda meer voeten in de aarde heeft gehad dan vooraf verwacht. Hierdoor heeft de organisatie meer kosten gemaakt dan geraamd. Daarnaast zien we dat de materiële lasten op de producten hoger uitvallen dan geraamd. Dit kunnen we onder meer verklaren door de systematiek van prijsindexatie die ertoe leidt dat Holland Rijnland lopende het jaar niet gecompenseerd wordt voor het verschil tussen de indexatie en de opgetreden inflatie. Voor 2023 bedraagt dit verschil 3,5% wat Holland Rijnland in de eigen begroting heeft opgevangen. Het grootste deel van het nadeel op bedrijfsvoering verklaren we door de hoger uitvallende exploitatielasten van Interne Dienstverlening & Advisering van de gemeente Leiden (voorheen ServicePunt71). Daarnaast is bedrijfsvoering met extra kosten geconfronteerd door de inzet van inhuur wegens krapte op de arbeidsmarkt.
Tot slot zien we dat we meer advies- en juridische kosten hebben gemaakt, wat we kunnen terugvoeren op het zorgvuldige proces van het actualiseren van de gemeenschappelijke regeling.
5
1.4 Regionaal Investeringsfonds
Het Regionaal Investeringsfonds (RIF) heeft als doel de bereikbaarheid en de leefbaarheid van de regio Holland Rijnland te verbeteren. Het is in 2007 ingesteld door de deelnemende gemeenten en bedoeld om vijf programma’s te financieren: 1. De Rijnlandroute 2. Het Hoogwaardig OV-netwerk Zuid Holland Noord (HOV-netwerk ZHN) 3. Het Programma Ontsluiting Greenport (POG) 4. Vitalisering Greenport Duin- en Bollenstreek (Greenport Ontwikkelings Maatschappij, GOM) 5. Regionaal Groenprogramma. In totaal dragen de gemeenten in tranches € 180.000.000 bij over de periode 2007-2024. De uitvoering van enkele projecten binnen het RIF loopt nog door na deze periode. Behalve de bijdragen van gemeenten hebben Rijk en provincie Zuid-Holland ook fors bijgedragen aan de realisatie van de projecten. In onderstaande tabel staat de verdeling inclusief de prognose totale uitgaven RIF:
Project
Budget RIF
Prognose totale uitgaven RIF
Rijnlandroute
75.000.000
75.000.000
HOV-netwerk Zuid-Holland Noord
37.500.000
37.500.000
Noordelijke ontsluiting Greenport
37.500.000
37.500.000
Vitalisering Greenport Duin- en Bollenstreek (GOM)
10.000.000
10.000.000
Regionaal Groenprogramma
20.000.000
19.479.864
Totaal
180.000.000
179.479.864
Bovenstaande tabel laat zien dat de RIF-gelden voor nagenoeg alle programma’s volledig worden benut. Bij het Groenprogramma is sprake van een onderschrijding, maar we verwachten dat resterende middelen nog een bestemming krijgen in 2024. Voor meer inhoudelijke informatie over het RIF verwijzen we naar paragraaf 2.1.5. Ten aanzien van het Groenprogramma, dat via de exploitatie van Holland Rijnland loopt, is nagegaan in hoeverre de projecten waaraan we bijdragen al zijn gerealiseerd. Hiermee is rekening gehouden in de administratie. De lasten zijn al opgenomen in de administratie terwijl de betaling door Holland Rijnland nog moet plaatsvinden. Pas bij de eindverantwoording vindt deze daadwerkelijke betaling plaats. De lasten en bijbehorende baten van het Regionaal Groenprogramma vallen onder twee programma's van Holland Rijnland: Strategie en Beleid en Bedrijfsvoering en worden daar financieel verantwoord. In 2023 hebben de gemeenten de begrote bijdrage van € 5.872.514 voldaan. Dit bedrag is direct in het fonds gestort. Naast de bijdragen van gemeenten ontvangt Holland Rijnland rentebaten op de middelen in het RIF. De rentebaten voegen we toe aan het RIF en houden we aan als buffer voor de uitvoering van projecten waar een mogelijk tekort op dreigt. Daarnaast bieden de rentebaten de mogelijkheid beheerskosten voor het RIF zoals personeelslasten te dekken.
6
Stand per 1 januari 2023
26.796.319
Ontvangsten: Totaal ontvangen van de gemeenten
5.872.514
Rentebaten
917.132
Totaal opbrengst
6.789.646
Uitgaven: Rijnlandroute
0
HOV-netwerk ZHN
2.488.600
Programma Ontsluiting Greenports (POG)
0
Vitalisering Greenport Duin- en Bollenstreek (GOM)
0
Regionaal Groenprogramma
1.312.899
Personeelslasten
21.267
Totaal besteed
3.822.766
Stand per 31 december 2023
29.763.199
Verantwoording Verantwoord op ontvangen RIF-gelden
27.088.833
Rentecorrectie op ontvangen RIF-gelden
685.037 27.773.870
Rente saldo
1.989.329
Totaal
29.763.199
7
Overzicht RIF-bijdrage per gemeente
Bijdrage t/m 2022
Kaag & Braassem
5.532.975
284.345
5.817.320
Hillegom
6.451.905
243.847
6.695.752
Katwijk
26.465.055
1.166.355
27.631.410
Leiden
46.149.780
2.033.891
48.183.671
Leiderdorp
8.565.330
Lisse
6.143.505
270.754
6.414.259
Noordwijk
14.460.090
637.278
15.097.368
Oegstgeest
6.013.200
265.011
6.278.211
Teylingen
10.978.575
483.842
11.462.417
Voorschoten
8.586.300
378.411
8.964.711
Zoeterwoude
2.468.250
108.780
2.577.030
141.814.965
5.872.514
147.687.479
685.037
0
685.037
142.500.002
5.872.514
148.372.516
8.627.300
0
8.627.300
754.974
0
754.974
Leiden: aanvullende bijdrage RIF - 2e tranche Rijnlandroute
16.372.700
0
16.372.700
Totaal
168.254.976
5.872.514
174.127.490
Subtotaal exclusief rentecorrectie Rentecorrectie Subtotaal inclusief rentecorrectie Katwijk: aanvullende bijdrage RIF - 2e tranche Rijnlandroute Leiderdorp: aanvullende bijdrage RIF - 2e tranche Rijnlandroute
8
Bijdrage 2023
Bijdrage t/m 2023
8.565.330
1.5 Bestuur
De regio Holland Rijnland bestaat uit dertien gemeenten: Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Deze regiogemeenten worden vertegenwoordigd door de 33 leden van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur kwam in 2023 drie keer bijeen voor een vergadering, op 22 maart, 28 juni en 25 oktober. De laatste vergadering van 20 december betrof een schriftelijke ronde. Algemeen bestuur en stemverhouding per 31 december 2023 Gemeente
Aantal AB leden
Stem per lid
totaal
1.
Alphen aan den Rijn
3
1 x 18 stemmen 1 x 17 stemmen 1 x 1 stem
36
2.
Hillegom
2
1 x 5 stemmen 1 x 4 stemmen
9
3.
Kaag en Braassem
2
1 x 5 stemmen 1 x 4 stemmen
9
4.
Katwijk
3
2 x 10 stemmen 1 x 1 stem
21
5.
Leiden
4
1 x 19 stemmen 1 x 18 stemmen 2 x 1 stem
39
6.
Leiderdorp
2
1 x 5 stemmen 1 x 4 stemmen
9
7.
Lisse
3
2 x 4 stemmen 1 x 1 stem
9
8.
Nieuwkoop
3
2 x 4 stemmen 1 x 1 stem
9
9.
Noordwijk
2
1 x 8 stemmen 1 x 7 stemmen
15
10.
Oegstgeest
2
1 x 5 stemmen 1 x 4 stemmen
9
11.
Teylingen
2
2 x 6 stemmen
12
12.
Voorschoten
3
2 x 4 stemmen 1 x 1 stem
9
13.
Zoeterwoude
2
1 x 2 stemmen 1 x 1 stem
3
Totaal
33
189
Per 1 september 2023 heeft Henri Lenferink zijn functie als burgemeester van Leiden neergelegd. Daarmee kwam tevens een einde aan zijn functie als voorzitter van Holland Rijnland, alsmede het lidmaatschap van het Dagelijks Bestuur. Peter van der Velden heeft zijn plaats ingenomen en is in de AB vergadering van 25 oktober 2023 benoemd tot voorzitter van Holland Rijnland.
9
Samenstelling van het Dagelijks Bestuur per 31 december 2023 P.A.C.M. van der Velden
Voorzitter en portefeuillehouder Algemeen Bestuurlijke Zaken
J.W.E. Spies
Vicevoorzitter en portefeuillehouder Ruimte
R.J. van Duijn
Portefeuillehouder Economie
P. de Bruijn
Portefeuillehouder Bestuur en Middelen
Y. van Delft
Portefeuillehouder Duurzaamheid, Energie en Groen
I.G. Mostert
Portefeuillehouder Mobiliteit
J.A.C. Langeveld
Portefeuillehouder Maatschappij en Wonen
L.P. Vokurka
Secretaris-Directeur
10
2 Jaarverslag Programma verantwoording 2.1 Programma Strategie en Beleid
In de inleiding benoemden we al in het kort de verschillende werkzaamheden die we uitvoeren binnen het programma Strategie en Beleid van Holland Rijnland. Grofweg vallen de werkzaamheden uiteen in: • Het ontwikkelen en opstellen van de Regionale Investeringsagenda (RIA) Holland Rijnland; • Het opzetten en starten van toekomstverkenningen op de thema’s uit de regionale investeringsagenda; • Het uitvoeren van projecten, programma’s en processen zoals de bedrijventerreinen- en kantorenstrategie en het energieprogramma; • Het beheren van de fondsen en subsidies LEADER, het regionaal investeringsfonds (RIF), het cofinancieringsfonds en de provinciale subsidieregeling mobiliteit; • Het ontwikkelen van regionaal beleid en het monitoren van gemaakte afspraken. In dit hoofdstuk gaan we per product in op het antwoord op de vragen ‘wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan’. Tot slot laten we zien wat het heeft gekost.
2.1.1 Strategie & Beleid Algemeen
Er spelen vele opgaven in de regio, meer dan ooit moeten we ons bewust zijn van onze gezamenlijke kracht, de wereld om ons heen én moeten we samen blijven optrekken waar dat meerwaarde biedt. Zo blijven we ons ontwikkelen als een sterke en toekomstgerichte regio. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Om de samenwerking goed vorm te geven, hebben alle dertien gemeenten naast het Algemeen Bestuur zitting in de volgende regionale commissies: 1. Maatschappij 2. Wonen 3. Economie 4. Ruimte 5. Duurzaamheid, Energie & Groen 6. Mobiliteit 7. Bestuur & Middelen Iedere bestuurlijke commissie van advies werd ook in 2023 voorgezeten door een lid van het Dagelijks Bestuur. In elke commissie neemt per gemeente ook één portefeuillehouder deel. Door verschillende thema’s in de commissies te verbinden waarborgen we de integraliteit tussen verschillende portefeuilles. We streven er daarbij naar ruimte te creëren en mogelijkheden te bieden voor beeldvorming en oordeelsvorming, alvorens besluitvorming plaatsvindt.
2.1.2 Regionale Investeringsagenda
In de strategische documenten Regionale Omgevingsagenda (ROA), Regionale Energiestrategie (RES), Regionale Strategie Mobiliteit (RSM) en het werkprogramma Holland Rijnland 2022-2026
11
zijn ambitieuze regionale doelen gesteld. We hebben uitgesproken dat we de brede welvaart in de regio willen verbeteren door 30.500 woningen te bouwen, 20.000 banen toe te voegen en de regio toekomstbestendig en leefbaar te houden. De dertien gemeenten hebben elkaar nodig om dat te bereiken. Door gezamenlijk deze uitdagingen aan te gaan, krachten te bundelen en samen op te trekken richting provincie en Rijk zorgen we ervoor dat de regio prettig blijft om te leven, te werken en te recreëren. De volgende stap was het vertalen van ambities richting uitvoering, in de vorm van concrete projecten. Het bestuur heeft ervoor gekozen dit vorm te geven in een regionale investeringsagenda (RIA). Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Eind 2023 is de (concept) Regionale Investeringsagenda vanuit het Dagelijks Bestuur toegestuurd aan de colleges van de gemeenten. In de agenda zijn opgenomen: een overtuigend verhaal over de opgaven, veertien concrete investeringsprojecten en een nieuw regionaal fonds. Door een gezamenlijk verhaal op te stellen in de regionale investeringsagenda en veertien prioritaire projecten te definiëren organiseren we schaalgrootte. Met een gezamenlijke inzet kunnen we onszelf als regio positioneren bij andere overheden en gericht aankloppen voor benodigde cofinanciering van de projecten.
Samen met raadsleden, bestuurders en de ambtelijke organisaties van de dertien gemeenten én een aantal belangrijke stakeholders zoals de provincie, de waterschappen en het Rijk, hebben we gewerkt aan een overtuigend verhaal. Dit hebben we gedaan in werksessies in de eerste drie kwartalen van 2023. In de sessies zijn we gekomen tot een aantal prioritaire investeringsprojecten die een plek krijgen in de RIA Holland Rijnland. Door hierin zoveel mogelijk samen op te trekken, is de RIA een breed gedragen product van de regio geworden. Dat is nodig om investeringen aan te kunnen trekken van andere overheden. Het traject om te komen tot een conceptstuk heeft langer geduurd dan van tevoren was voorzien. Een aantal keren is met elkaar geconcludeerd (zowel het Dagelijks Bestuur als het bestuur van de dertien gemeenten) dat verdere uitwerking noodzakelijk was voor het creëren van draagvlak.
2.1.3 Toekomstverkenningen
Voor een aantal belangrijke thema’s is verder denkwerk nodig om als regio onze positie hierin te bepalen. Dat het belangrijke thema’s zijn voor de toekomstige ontwikkeling van het gebied stelden we met elkaar vast, maar hoe we ons als regio verhouden ten opzichte van deze thema’s is nog niet gedefinieerd. Voor een groot gedeelte heeft dit denkwerk samen met de gemeenten plaatsgevonden in 2023. Economische visie Holland Rijnland is een aantrekkelijke vestigingslocatie, centraal gelegen tussen de metropoolregio’s Amsterdam en Rotterdam-Den Haag. Dat het een aantrekkelijke vestigingslocatie is blijkt ook uit de aanwezigheid van grote kennisclusters, zoals het Leiden Bio Science Park, de NL Space Campus en Unmanned Valley. Ook liggen er drie Greenports (deels) in Holland Rijnland, huisvest de regio toonaangevende bedrijven en instanties zoals ESA-ESTEC, Janssen, Heineken, AkzoNobel en Airbus en is er een sterk en divers segment van mkb’ers aanwezig. Alle ingrediënten zijn in huis om meer economische groei en banen te realiseren. Dat onderschrijft ook het onderzoek ‘Betere verbindingen in Haaglanden’. We hebben de ambitie om in de periode tot 2030 20.000 nieuwe banen te creëren. Echter, door gebrek aan verbinding en branding blijft de ontwikkeling op dit moment achter.
12
Daarom willen we inzetten op het ontwikkelen van een scherp economisch profiel voor de regio, voornamelijk geënt op verbinding van economische activiteiten op het gebied van life-sciences and health, circulariteit en maakindustrie. We versterken de banden tussen de kennisclusters en het mkb in de regio. Brede welvaart staat hierbij centraal. Dat betekent dat economische groei in balans is met zaken als gezondheid, onderwijs, milieu, leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en veiligheid. We betrekken hierin de toekomst van onze campussen (het Leiden Bioscience Park, de NL Space Campus in Noordwijk, Unmanned Valley in Katwijk en de toekomstige groenblauwe campus in Alphen aan den Rijn). Dit zijn de groei- en innovatiecentra van de regio. Belangrijk hierin is een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Het Koersdocument Economie biedt de visie voor een toekomst bestendige regionale economie. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Economisch onderzoek In 2023 zijn we begonnen met de economische visie door een economisch onderzoek te starten. In samenspraak met gemeenten is een onderzoeksbureau gevraagd om het economisch onderzoek uit te voeren. Dit onderzoek legt zich toe op de agglomeratiekracht van de hele regio en welke stappen er moeten worden gezet om toe te werken naar een toekomstbestendige economie in 2040.
Vanuit de regio zijn de belangrijkste economische analyses, strategieën en onderzoeken aangeleverd, inclusief de economische foto's die Holland Rijnland heeft laten maken in Q1 2023. In de tweede helft van het zomerreces is het onderzoek gestart. Additioneel onderzoek bedrijvenstructuur Tijdens de commissievergadering van 13 september 2023 heeft de commissie het hoofdonderzoek besproken. In het overleg is geopperd om nader te kijken naar de onderliggende bedrijvenstructuur in de regio. De commissie heeft gevraagd om dat additionele onderzoek naar de onderliggende bedrijvenstructuur uit te voeren. Samen met gemeenten en het onderzoeksbureau is er gewerkt aan een opdrachtformulering die eind 2023 is verleend. Hier zijn extra kosten voor 2024 mee gemoeid die niet voorzien waren. Naar verwachting levert het bureau half februari 2024 het concepteindrapport op. Er is besloten om het hoofdonderzoek en het additionele onderzoek samen te voegen. Koersdocument Economie Na het opstarten van het economisch onderzoek zijn er ambtelijke sessies georganiseerd om de regionale inzet van Holland Rijnland op het economische domein te bepalen. Uitgangspunt hierbij is dat de regio aanjaagt, versterkt en alleen zaken oppakt die niet elders zijn belegd. Samen met gemeenten bepalen we de visie en de rol van Holland Rijnland.
Deze sessies lopen door in 2024 en de beoogde oplevering van het Koersdocument is begin Q2 2024. Groenprogramma 2.0 Eén van de onderdelen uit het huidige Regionaal Investeringsfonds (RIF) is het Groenprogramma. Gemeenten hebben binnen dit programma een gezamenlijk fonds gevuld van € 20 miljoen euro, waaruit projecten op het gebied van natuur, biodiversiteit en recreatie zijn gefinancierd. Het fonds is een succes; elke euro uit het fonds resulteerde in een totale investering van ongeveer drie euro. Daarnaast neemt Holland Rijnland deel aan het Europese programma voor versterking van Natuur en Platteland: LEADER. Ook dit programma financierde een aantal regionale projecten. Gezien het succes van het Groenprogramma en LEADER is het de wens om dit voort te zetten.
13
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? In 2023 hebben we ons opnieuw georiënteerd of de huidige vorm nog aansluit op de actuele opgaven én is onderzocht met welke criteria de scope van het groenfonds uitgebreid kan worden. Door bijvoorbeeld gezondheid als criterium toe te voegen kunnen ook projecten voor recreatieve netwerken voor wandelen, fietsen en varen aanspraak maken op de middelen. Met het Groenprogramma 2.0 streven we ernaar om gemeente-overstijgende projecten in de regio mogelijk te maken, die bijdragen aan biodiversiteit, klimaatadaptatie en gezondheid. Om tot een Groenprogramma 2.0 te komen, hebben we in 2023 een aantal stappen doorlopen. Als eerste hebben we gewerkt aan een beknopte evaluatie van het bestaande programma. Deze zal naar verwachting medio 2024 afgerond worden. Daarnaast hebben we ons georiënteerd op verschillende onderdelen van een Groenprogramma 2.0. Dit betrof onder andere de doelstellingen, de te hanteren criteria voor projecten, de organisatie van de financiering, de aansturing van het nieuwe fonds en het overeenkomen van projecten. Het Groenprogramma 2.0 wordt ondergebracht als deelfonds van de regionale investeringsagenda. De besluitvorming hierover vindt plaats in 2024.
2.1.4 Projecten
Binnen het programma Strategie en Beleid zetten we ons ook in voor het realiseren van concrete doelstellingen aan de hand van een programma, project of proces. Hierbij is sprake van een duidelijk begin en eind, met een concreet resultaat. Energie In de Regionale Energiestrategie (RES) spreken we als regio de ambitie uit om in 2050 een energieneutrale regio te zijn. Na besluitvorming in de gemeenteraden, bij het waterschap en de provincie zijn naar aanleiding van amendementen en moties de ambities uit de RES naar beneden bijgesteld. Van de 1,04 TWh (terawattuur) aan elektriciteit met opwek via zon en wind zitten we nu op 0,1 TWh. Dit terwijl de landelijke en regionale doelstellingen gelijk zijn gebleven. Tegelijkertijd ondervinden we, net als in de rest van het land, dat de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk tegen haar grenzen aanloopt. Hierdoor is aansluiting op het net voor zowel nieuwe woningen als bedrijven geen vanzelfsprekendheid meer. Met onze grote regionale ambities op het gebied van verstedelijking, wonen, economie en mobiliteit, is voldoende (duurzame) energie een randvoorwaarde. Er is meer opwek nodig, maar zeker ook een opwaardering van de onderliggende energie-infrastructuur. Omdat voortgang op de RES-doelen achterblijft en er een verdieping nodig is op het energiesysteem om congestie beheersbaar te houden is de samenwerking van de RES in 2023 herijkt.
De nieuwe werkwijze is omschreven in het Energieprogramma Holland Rijnland waar de regio mee heeft ingestemd. Hierdoor is er hernieuwde focus op de samenwerking gericht op een integrale aanpak richting een duurzaam energiesysteem en investeren in uitvoeringskracht om de gemeentes te ondersteunen in de werkzaamheden. In het energieprogramma zijn drie programmalijnen opgezet. 1. Het energiesysteem: Om de regionale ambities op het gebied van wonen, werken economie en mobiliteit mogelijk te maken is het nodig om te werken aan een duurzaam energiesysteem. Het energieprogramma gaat in op welk energiemix, infrastructuur en energievraag de regio in de
14
toekomst nodig heeft, opdat ontwikkelingen mogelijk blijven. Voor de langer termijn oplossingen hebben we invloed door de keuzes die we maken. Denk hierbij aan het inzetten van collectieve warmte om zodoende piekbelasting van warmtepompen te voorkomen, slimme laadsystemen om elektriciteit te bufferen en groen bouwen zodat verkoeling minder elektriciteit zal vragen. In deze programmalijn brengen we in kaart hoe het energiesysteem samenhangt en welke keuzes gemaakt moeten en kunnen worden op de lange termijn. Daarnaast gaat deze programmalijn in op wat de regio kan doen op de korte termijn. Er moet geïnvesteerd worden in de energie infrastructuur en is betere afstemming tussen de netbeheerder en de regio nodig. Daarnaast kunnen, op de korte termijn, oplossingen gezocht worden in het efficiënter gebruik van energie en het netwerk. 2. Duurzame warmte transitie: Op verschillende plekken in de regio wordt gewerkt aan de warmtetransitie. De regionale samenwerking van het Energieprogramma maakt van de verschillende warmte initiatieven een regionaal beeld. Hierdoor wordt het inzichtelijk waar in de fysieke infrastructuur verbindingen in het netwerk meerwaarde bieden. Maar ook hoe de gemeentes in de organisatie van de collectieve warmte willen samenwerken. In 2024 zullen een aantal richtinggevende besluiten mogelijk worden.
In 2023 is gebouwd aan de voorbereidende onderzoeken en geïnvesteerd in de samenwerking. 3. Duurzame opwek: De regio werkt aan de verduurzaming van het energie aanbod. Echter blijkt uit de voortgangsrapportage naar het Rijk dat de regio nog niet op koers ligt om de ambities te behalen. In 2023 hebben de gemeentes onderzocht hoeveel ze kunnen bijdragen aan de opwekambitie van de RES 1.0. De RES heeft dit ondersteund maar de nadruk lag bij de lokale trajecten. Hieruit komen een aantal kansrijke ontwikkelingen waar in de komende jaren gewerkt zal worden. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? In 2023 is het programma opgebouwd op basis van drie programmalijnen; energiesysteem, warmte en duurzame opwek. De eerste ambtelijke en bestuurlijke kennissessies zijn geweest die richting geven aan de werkzaamheden. Er staat een nieuw team dat de samenwerking zowel inhoudelijk als procesmatig verder brengt. In 2024 tot en met 2026 brengen we verdieping aan en wordt gewerkt aan concrete handelingsperspectieven voor gemeentes. Daarnaast worden taskforces ingezet om de uitvoeringskracht van de gemeentes op de onderwerpen te versterken. De aanbesteding voor ondersteuning van dit programma is in 2023 ingezet en zal worden gegund in februari 2024. Per programmalijn is in 2023 is het volgende bereikt: 1.
Energiesysteem: er is onderzocht wat het energiegebruik van de regio is en hoe de vraag en aanbod van energie zich ontwikkelt. Er is onderzocht wat dat betekent voor het onderliggende energiesysteem. De samenwerking met de netbeheerder is geïntensiveerd zodat het mogelijk wordt om in de toekomst de plannen van de regio beter af te stemmen met de investeringen in het onderliggende netwerk. Er is een start gemaakt met de handelingsperspectieven om congestie te voorkomen op korte en langer termijn. Dit wordt voor de regio die de komende periode verder uitgewerkt en concreet gemaakt. 2. Voor warmte is in 2023 een bronnenanalyse gemaakt waaruit blijkt dat er voldoende warmte in de regio aanwezig. Maar dat de volgorde van ontwikkeling van de geothermie bronnen bepalend gaat zijn. Ook is de start gemaakt met de analyse van de meerwaarde benodigde (regionale) infrastructuur. Er is gestart met een gezamenlijk beeld van de samenwerkingsvormen. Met deze thema's gaan de gemeentes gezamenlijk in 2024 verder.
15
3. In 2023 hebben de gemeentes individueel onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor duurzame opwek. Hierbij heeft het RES-team ondersteuning verleend. Dit is vervolgens aan het eind van het jaar samengebracht. Hieruit bleek dat de ambitie van de RES nog steeds in beeld is echter zijn er allerlei beperkingen om de doelstelling te behalen. Doorfietsroutes In Holland Rijnland werken we aan een duurzaam mobiliteitssysteem waarin gezondheid en veiligheid belangrijke pijlers zijn. Met een netwerk aan doorfietsroutes bieden we de mogelijkheid om in onze regio snel, comfortabel en veilig van A naar B te fietsen. Bijvoorbeeld van en naar het woon- en werkadres, de studielocatie of naar een ov-knooppunt. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? In 2023 hebben we onderzoek gedaan naar het regionale doorfietsroutenetwerk. We hebben het netwerk verder in kaart gebracht, de kwaliteitseisen zijn scherp, we hebben inzicht voor welke routes/ routeonderdelen de komende jaren regionale inzet nodig is en we hebben een globaal beeld van de kosten. De laatste slag voor dit onderzoek wordt in de eerste maand van 2024 gedaan. Daarnaast is in de startnotitie Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek & Haarlemmermeer de positie van Holland Rijnland als regisseur voor de doorfietsroutes in de Duin- & Bollenstreek vastgelegd.
In dit maatregelenpakket stelt de provincie Zuid-Holland €10 miljoen beschikbaar voor fietsmaatregelen. De inventarisatie naar de status van het doorfietsroutenetwerk is gezamenlijk met de dertien gemeenten uitgevoerd. Daarnaast werken we nauw samen met de provincie Zuid-Holland om aan te haken bij de fietsambities die op provinciaal niveau spelen. Voor de fietsmaatregelen in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek is een eerste verkenning gedaan voor de kansrijke routes in dit gebied. Hiervoor werken we samen met de provincie en de Vervoerregio Amsterdam. Begin 2024 gaan we hierover verder in gesprek. Regiodeal Sierteeltregio Binnen Holland Rijnland zijn drie Greenports actief: Greenport Duin- en Bollenstreek, Greenport Boskoop en Greenport Aalsmeer. De drie greenportregio's lopen tegen dezelfde uitdagingen aan wat betreft innovatie, arbeidsmarktbeleid en verduurzaming. Samen met veertien gemeenten en tientallen triple helix partners hebben we een Regiodeal aanvraag opgesteld voor de vijfde tranche Regio Deals (2023) en ingediend bij het ministerie van Binnenlandse Zaken. De gezamenlijke uitdagingen zijn gevat in een aantal speerpunten van de Regiodeal: arbeidsinzet, duurzaamheid en circulariteit. Dit doen we gebiedsbreed; we beperken ons niet tot de bedrijven en mensen die in de greenport zelf actief zijn.
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? De Regiodeal Sierteeltregio is tot stand gekomen door samenwerking tussen de veertien gemeenten binnen drie greenportgebieden, het hoogheemraadschap van Rijnland, de provincies Zuid-Holland en Noord-Holland en de drie Greenportorganisaties. Holland Rijnland faciliteerde de samenwerking door deze te coördineren en toe te werken naar gezamenlijke bestuurlijke besluitvorming over de indiening van de Regiodeal-aanvraag. We stelden een lobby-aanpak op en voerden dit uit. We legden verbinding met provinciale- en Rijksprogramma's en legden contact met de betrokken ambtenaren van provincie Zuid-Holland en Noord-Holland en vijf betrokken ministeries.
16
Kantoren- en bedrijventerreinenstrategieën In ons werkprogramma ‘Holland Rijnland 2022-2026’ spreken we met elkaar de ambitie uit om naast 30.500 woningen ook 20.000 banen toe te voegen in Holland. Dat vraagt in de meeste gevallen ook om fysieke ruimte, in de vorm van bedrijventerreinen of kantoren. We zien van beide nu al een tekort, maar vooral bedrijventerreinen in de hogere milieucategorieën zijn schaars. Er is echter weinig ruimte in de regio en we zien dat veel van de nog wel beschikbare ruimte wordt ingezet voor woningbouw. Om de juiste afwegingen te maken, is het essentieel voor gemeenten om eerst goed inzicht te krijgen in het aanbod van en de vraag naar bedrijventerreinen en kantoorruimten. Op basis van dit inzicht kunnen we een gezamenlijke strategie opstellen voor soort bedrijvigheid we waar in de regio willen faciliteren. Voor bedrijventerreinen gebeurt dit in de regionale bedrijventerreinenstrategie. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Bedrijventerreinenstrategie In 2021 is niet ingegaan op het verzoek van de provincie om de bedrijventerreinenstrategie te actualiseren. Destijds was deze immers net opgeleverd en aanvullende afspraken op basis van de strategie waren net afgerond.
Begin 2023 besloot Holland Rijnland, samen met de gemeenten, toch in te gaan op de hernieuwde vraag van de provincie om een jaar eerder te actualiseren, zodat gemeenten kunnen rekenen op planologische medewerking van de provincie. Door dit besluit maakt de regio twee jaar eerder kosten voor de actualisatie dan gebruikelijk. Na de zomer is een extern bureau begonnen met de actualisatie van de regionale bedrijventerreinenstrategie. Gezien de grote druk op de ruimte is dit een complex vraagstuk waardoor het opwerken van de subregionale onderdelen van de strategie meer tijd in beslag nam dan voorzien. De verwachting is dat de regionale bedrijventerreinenstrategie eind Q1 van 2024 is afgerond. Kantorenstrategie Voor kantoorruimte worden kaders geschetst in de regionale kantorenstrategie. De verwachting is dat de provincie in het derde kwartaal van 2023 haar behoefteraming naar kantoorruimte afrondt. Eind 2023 heeft de provincie aangegeven de huidige kantorenstrategie te verlengen tot 1 juni 2025. De uitvraag voor de actualisatie is daarmee een jaar vertraagd. De verwachting is dat de provincie het verzoek tot actualisatie voor de zomer 2024 deelt met de gemeenten en de regio. Daarna gaan we met gemeenten aan de slag om de actualisatie van de regionale kantorenstrategie vorm te geven.
2.1.5 Fondsen en subsidies
Vanuit het programma Strategie & Beleid beheert Holland Rijnland een aantal fondsen en subsidies die bijdragen aan de realisatie van de ambities van de regiogemeenten. Dit zijn: het Regionaal Investeringsfonds, het co-financieringsfonds, LEADER en de provinciale subsidieregeling mobiliteit. Met bijdragen uit deze fondsen en subsidies is het mogelijk om een groot aantal concrete projecten in alle gemeenten te realiseren. Regionaal Investeringsfonds Het Regionaal Investeringsfonds (RIF) is door het Algemeen Bestuur ingesteld om concrete stappen te zetten om de bereikbaarheid en de leefbaarheid van de regio te verbeteren. Het RIF werd vanaf 1 januari 2008 via een separate geldstroom gevoed met bijdragen van de deelnemende gemeenten. (Dit waren gemeenten in de Leidse regio, inclusief de toenmalige gemeente Alkemade, en de Duin-
17
en Bollenstreek). Het fonds werkt als katalysator en is een belangrijke motor voor cofinanciering van specifieke regionale projecten. De gemeenten brachten in twee tranches €180 miljoen bijeen. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Ook in 2023 droeg Holland Rijnland zorg voor het beheer van de RIF-middelen en de diverse projecten en programma’s. De middelen in het RIF zijn bestemd voor een vijftal projecten/ programma’s: 1. RijnlandRoute: In november 2013 sloten Holland Rijnland en Provincie Zuid-Holland een financieringsovereenkomst af. Holland Rijnland heeft op 1 april 2022 volledig aan de betalingsverplichting voldaan. De overeenkomst eindigt wanneer alle partijen van mening zijn dat wederzijds aan alle verplichtingen uit de overeenkomst is voldaan. De Rijnlandroute wordt naar verwachting op 5 juli 2024 geopend. 2. Hoogwaardig OV-netwerk Zuid Holland Noord: Hier is een bestuursovereenkomst voor vastgesteld in mei 2013 en een addendum in januari 2023 voor de Spoorcorridor Leiden-Utrecht. Een deel van de maatregelen is gerealiseerd, een ander deel is nog in voorbereiding. Holland Rijnland is hierbij nauw betrokken. Er vallen drie grote HOVprojecten onder dit programma: • HOV-corridor Leiden-Katwijk-Noordwijk (HOV-bus) • Spoorcorridor Leiden-Utrecht (trein) • Alphen aan den Rijn – Gouda (trein) 3.
Programma Ontsluiting Greenport: Eind november 2010 stemde het AB in met de indicatieve verdeling van de gelden uit het Regionaal Investeringsfonds voor het pakket aan maatregelen voor de ‘Noordelijke Ontsluiting Greenport’ als inzet voor de financieringsstrategie die in overleg met de andere partijen was opgesteld. Op basis daarvan werd vervolgens het Programma Ontsluiting Greenport (POG) opgesteld. Het POG werd vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 29 juni 2011. Het POG betreft de volgende maatregelen: • Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek • Maatregelen Middengebied Duin- en Bollenstreek • HOV-corridor Noordwijk-Schiphol 4. Vitalisering Greenport Duin- en Bollenstreek: Het Algemeen Bestuur stelde op 17 februari 2010 het programma vast (artikel 8 lid 1 van de RIFverordening). Het AB mandateerde tevens het Dagelijks Bestuur om een projectovereenkomst met de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM) af te sluiten. In juni 2010 tekenden deze partijen de bijdrageovereenkomst. Die liep eind 2022 af. De afwikkeling van de GOM vindt plaats in 2024. 5. Regionaal Groenprogramma: In juli 2019 is het Regionaal Groenprogramma verlengd tot en met 2024.
Het programma is de basis voor het afsluiten van uitvoeringsovereenkomsten (UO) tussen Holland Rijnland en de Landschapstafels/clusters van gemeenten (Leidse Ommelanden, Duin- en Bollenstreek en Duin, Horst & Weide) voor de realisatie van projecten op het gebied van landschap, recreatie en natuur. In een Uitvoeringsovereenkomst zijn projecten opgenomen met een regionaal belang, die gereed zijn voor uitvoering. Het fonds is een succes: elke euro uit het fonds heeft geresulteerd in een totale investering van ongeveer drie euro. Gezien het succes van het Groenprogramma onderzochten we hoe we dit in vernieuwde vorm voort kunnen zetten binnen het kader van de Regionale Investeringsagenda (zie kopje ‘Groenprogramma 2.0’).
18
In 2023 is de uitvoering van projecten van het Groenprogramma in de Duin- en Bollenstreek en de Leidse Ommelanden gestaag doorgegaan. In Leiden heeft het Singelpark verder vorm gekregen met het Lakenpark en het Veerplein. In Voorschoten is het park Berbice opgeknapt. In de Duin- en Bollenstreek is de ecologische zone Voorhout aangelegd en is in Noordwijk een begin gemaakt met de realisatie van ecologische zone Offem Zuid. Steeds duidelijker wordt dat investeringen in groen leiden tot stimulansen in biodiversiteit. Uit onderzoek van Centrum voor Milieukunde is naar voren gekomen, dat door de aanleg van bloeiende bermen de bijenpopulaties zijn toegenomen. Vanuit het Groenprogramma zijn de afgelopen jaren in veel gemeenten deze bermen gerealiseerd. Cofinancieringsfonds Het Cofinancieringsfonds Holland Rijnland is ingesteld in 2016. Het fonds is bedoeld voor regionale, bovengemeentelijke initiatieven die een innovatief karakter hebben en bijdragen aan het realiseren van de opgaven van Holland Rijnland. Om op een financiële bijdrage te kunnen rekenen moet een initiatief actueel, kansrijk, op te schalen en duurzaam van aard zijn. Het deel dat Holland Rijnland financiert is bedoeld als multiplier om externe gelden aan te trekken.
Een belangrijke voorwaarde is dan ook dat externe partijen (kennisinstellingen, ondernemingen of andere overheden) het grootste deel van de investering financieren. Vanaf de instelling van het fonds verstrekte het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland, met advies van verschillende commissies, een financiële bijdrage aan verschillende initiatieven. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Ook in 2023 beheerde Holland Rijnland het cofinancieringsfonds. Vanuit dit fonds zijn de afgelopen jaren tal van succesvolle projecten gefinancierd. Dit succes willen we voortzetten en de middelen hier nog beter voor benutten. Daarom werken wij een voorstel uit om het cofinancieringsfonds in vernieuwde vorm onder te brengen bij het regionale (deel)fonds voor het thema economie. In 2023 is financiering toegekend aan onder andere de volgende partijen: Greenport Boskoop In de Greenport Boskoop is het project Schoonwatervoorziening Boskoop gestart. In samenwerking met tuinders, gemeente Alphen aan den Rijn, het Hoogheemraadschap Rijnland en de provincie ZuidHolland is een start gemaakt met een innovatieve zuiveringsmethode van water, zodat vervuild water niet meer in de grond hoeft te komen. Unmanned Valley Gemeente Katwijk voert in samenwerking met Unmanned Valley het project duurzame mobiliteit uit, zodat meer gebruik gemaakt wordt van het openbaar vervoer en de fiets.
Hierdoor wordt het gebruik van de auto teruggedrongen. Unmanned Valley is eveneens betrokken bij een project om met behulp van drones ziektes te signaleren in de bollenteelt. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen is hierdoor teruggedrongen. LEADER LEADER is een Europees Plattelandsontwikkelingsprogramma dat initiatieven ondersteunt die bijdragen aan de versterking van de economie van het platteland. Projecten die van deze middelen gebruikmaakten zijn bijvoorbeeld het Voedselbos en Stadstuinderij de Kieviet in Katwijk en de Gras
19
groene verbinding (o.a. papierproductie van gras) in Alphen aan den Rijn. Holland Rijnland neemt deel aan het programma 2016-2022, waarvan enkele projecten doorlopen tot en met 2024. In de nieuwe periode, 2023-2027, is LEADER weer onderdeel van het Europese landbouw- en plattelandsbeleid. Dit keer valt het binnen het Nationaal Strategisch Plan (NSP), wat grofweg bestaat uit: • Pijler 1: directe subsidies voor agrariërs; • Pijler 2: voor plattelandsontwikkeling. Het kan daarbij gaan om zaken als agrarisch natuurbeheer, verbetering waterkwaliteit en biodiversiteit, innovatie en samenwerking. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Voor de LEADER-periode 2016-2022 fungeert Holland Rijnland als subsidieontvanger en inhoudelijk adviseur. In 2023 is besloten dat Holland Rijnland wederom in dezelfde vorm meedoet aan de nieuwe periode LEADER Hollandse Plassen 2023-2027. Provinciale subsidieregeling mobiliteit Het aantal verkeersslachtoffers in Holland Rijnland is de afgelopen vijf jaar flink gestegen. Dat willen we reduceren. We zetten in op een permanente verbetering van de verkeersveiligheid. Dat doen we door middel van educatie en voorlichting aan verkeersdeelnemers in alle leeftijdsgroepen. De basis hiervoor is het Regionaal Plan Verkeersveiligheid, met behulp van subsidie van de provincie.
De provincie Zuid-Holland stelt Holland Rijnland ook jaarlijks in de gelegenheid om, in het kader van de Subsidieregeling Mobiliteit (SRM), infrastructurele projecten aan te dragen voor subsidie. Deze zogenaamde regiovoordracht is nodig om provinciale subsidie te verkrijgen voor gemeentelijke projecten, zoals de doorfietsroutes. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Dankzij een meerjarige subsidie uit de Subsidieregeling Mobiliteit van € 2.261.105 voerden we in 2023 een flink aantal projecten uit. Zo verzorgden zes ingehuurde verkeersleerkrachten praktische verkeerslessen op de basisscholen. Ze brengen de scholen naar een niveau waarop ze zelfstandig vorm kunnen geven aan verkeerseducatie. In het voortgezet onderwijs waren diverse projecten gericht op gedragsverbetering in het verkeer. Voor senioren organiseerden we verschillende projecten, waaronder scootmobiel-cursussen en rijvaardigheidstrainingen. Voor volwassenen die nog moesten leren fietsen werden Fietscursussen voor Volwassenen georganiseerd. Op 235 campagneframes langs de wegen in Holland Rijnland werden posters opgehangen voor de landelijke Campagnekalender. Voor jonge autorijders werden speciale dagen georganiseerd. In september was er de Campagne Scholen Zijn Weer Begonnen en in november de Campagne Fietsverlichting.
Vier keer per jaar was er overleg met alle gemeenten, verenigd in de Regionale Projectgroep Verkeersveiligheid Holland Rijnland. Provincie Zuid-Holland stelde Holland Rijnland wederom in de gelegenheid om in het kader van de Subsidieregeling Mobiliteit (SRM) infrastructurele projecten voor subsidie aan te melden. Net als in voorgaande jaren, stelde de provincie een bedrag ter beschikking
20
voor deze projecten van in totaal € 2.850.055 dat rechtstreeks door de provincie aan de gemeenten is toegekend.
2.1.6 Regionaal beleid en monitoring
Wonen De krapte op de woningmarkt is schrijnend. Starters hebben moeite met het vinden van een geschikte woning, er zijn jarenlange wachtlijsten voor sociale huurwoningen en ook huisvesting voor arbeidsmigranten, asielzoekers en statushouders is een uitdaging. De Nationale Woon- en Bouwagenda stelt dat van de 900.000 woningen die er tot en met 2030 moeten worden gebouwd, 30% in de sociale huursector moet worden gerealiseerd en nog eens 35% in het betaalbare segment (betaalbare koop en middeldure huur). In onze regio moeten circa 30.500 nieuwe woningen worden gebouwd voor 2030. In de Regionale Woonagenda maken we in regionaal verband afspraken hoe we dit kunnen bereiken. Met deze agenda stemmen we de regionale woningbouwopgave af met andere regionale ruimteclaims en anticiperen we op de gevolgen voor onder andere de mobiliteit en de elektriciteitsvoorziening. We besteden aandacht aan kwantiteit en kwaliteit: de juiste woning op de juiste plek. Net als op alle andere vlakken is samenwerking met de provincie, het Rijk en andere partners cruciaal, aangezien dit procedures aanzienlijk kan versnellen. In de regionale realisatieagenda Holland Rijnland (regionale woondeal) zijn afspraken gemaakt met het Rijk, de provincie, het hoogheemraadschap, de gemeenten en de woningcorporaties over wat ieders rol en verantwoordelijkheid daarin is.
Tot slot streven we met onze regionale Huisvestingsverordening naar een rechtvaardige en doelmatige verdeling van de schaarse woningen in de sociale sector. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? • We hebben op grond van de huisvestingsverordening het contingent geactualiseerd dat door de woningcorporaties beschikbaar wordt gesteld voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen, met name voor de uitstroom uit de maatschappelijke zorg, maar ook voor ambulante begeleiding ter preventie van instroom. • We hebben gezorgd voor procesregie, monitoring en terugkoppeling over waar we staan bij de realisatie van de afspraken uit de Regionale Woonagenda, onder andere ten aanzien van het aandeel sociale huur, middeldure huur, goedkope koop en het bouwen binnen of buiten bestaand stads- en dorpsgebied. Daarbij hebben we nauw samengewerkt met gemeenten, provincie ZuidHolland en Holland Rijnland Wonen. • We hebben zorggedragen voor de vaststelling van een actuele Regionale Woonagenda, waarin we afspraken maken over woningbouw in de regio (hoeveel, waar, voor wie?). • We hebben zorggedragen dat er een toekomstbestendige regionale Huisvestingsverordening is vastgesteld, waarin we afspraken maken over de verdeling van woningen in de regio.
• We hebben het proces van de jaarlijkse actualisatie van de planlijst woningbouw geregisseerd, waarin alle woningbouwplannen in de regiogemeenten opgenomen zijn. Deze zijn ter aanvaarding aangeboden aan de provincie. • We hebben het secretariaat gevoerd voor de Beleidscommissie woonruimteverdeling. • We hebben de secretaris, voorzitter en verdere staf van de Versnellingstafel Woningbouw Holland Rijnland verzorgd. Aan deze tafel maken waterschappen, provincie, Rijk, woningcorporaties en gemeenten afspraken over hoe we woningbouw in de regio versneld kunnen realiseren.
21
OV-concessies Een belangrijke schakel in het openbaar vervoersnetwerk van Holland Rijnland vormen de lijnbussen. Deze verbinden woonwijken, kleine kernen en stedelijke centra met elkaar. Elke acht jaar besteedt provincie Zuid-Holland de zogenoemde bus-concessie (het pakket van lijndiensten dat de komende periode zal gaan rijden) aan bij busaanbieders. Samen met de regio Midden-Holland vormt Holland Rijnland concessiegebied Zuid-Holland Noord. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Holland Rijnland heeft bij de gemeenten opgehaald welke wensen en eisen er zijn met betrekking tot het nieuwe vervoerplan. Vanwege de coronacrisis heeft de Provincie Zuid-Holland met de huidige busvervoerder afgesproken de concessie langer door te laten lopen. De aanbesteding van de nieuwe concessie is in 2023 gestart. Holland Rijnland heeft intensief bijgedragen aan de voorbereidingen op deze aanbesteding en de beoordeling van de binnengekomen inschrijvingen op de aanbesteding. De provincie heeft de concessie inmiddels gegund aan Qbuzz. Schiphol De nabijheid van luchthaven Schiphol zorgt voor werkgelegenheid in en goede internationale bereikbaarheid van de regio. Echter ervaart de regio ook luchtvaart-gerelateerde geluids- en luchtkwaliteitsoverlast. Recente ontwikkelingen maken inzet nodig van de organisatie Holland Rijnland op dit dossier.
De belangrijkste ontwikkelingen zijn de herziening van het luchtruim waardoor meer vluchten over Holland Rijnland zullen vliegen en de cumulatieregeling geluid als beoogd onderdeel van de Omgevingswet, waardoor luchtvaartgeluid zwaarder meetelt in de stapeling van omgevingsgeluid. Dit belemmert woningbouw en bedrijfsvestiging op meer locaties in de regio. We hebben daarnaast geconstateerd dat het huidige debat wordt gedomineerd door Noord-Hollandse partijen. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Holland Rijnland helpt de gemeenten op een pragmatische wijze in het strategische luchtvaartdossier, waarbij de ondersteuning met name ligt op de regionale belangen die spelen rondom Schiphol en het luchtvaartdossier. De communicatie- en samenwerkingslijnen lopen al via de bestaande overlegstructuren van de Bestuurlijke Regie Schiphol (zowel Zuidwest als Groene Hart). Hiervan maken de betrokken gemeenten reeds onderdeel uit. Kantorenmonitor Jaarlijks maken we een kantorenmonitor om inzichtelijk te hebben hoe vraag en aanbod van kantoren zich ontwikkelt, waarbij we speciaal aandacht besteden aan de leegstand. Op basis van deze monitor brengen we jaarlijks de vraag en het aanbod voor kantoorruimte in beeld. Deze data gebruiken we ook voor het actualiseren van de regionale kantorenstrategie (proces voorzien voor 2024-2025).
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Ook in 2023 hebben we de opdracht voor de kantorenmonitor verleend en de resultaten gedeeld in de regio.
22
Arbeidsmarktregio Iedereen moet de kans krijgen mee te doen in de maatschappij en zichzelf te ontwikkelen. Een passende baan is hierin een belangrijke factor. Voor sommige mensen is dit echter geen vanzelfsprekendheid, bijvoorbeeld omdat de opleiding niet meer aansluit bij de huidige arbeidsmarkt. Binnen de arbeidsmarktregio Holland Rijnland werken gemeenten, UWV en sociale partners samen om de dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden vorm te geven. Het doel hiervan is om mensen met (grote) afstand tot de arbeidsmarkt weer aan werk te helpen. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? De arbeidsmarktregio maakt geen onderdeel uit van de organisatie Holland Rijnland. Wel bood Holland Rijnland in 2023 advies en ondersteuning, bijvoorbeeld ten behoeve van het Bestuurlijk Overleg Werk en Onderwijs. In 2023 is vanuit Holland Rijnland een kwartiermaker Human Capital aan de slag gegaan. In nauwe samenwerking met de arbeidsmarktregio is een verkenning uitgevoerd naar de kansen van een regionale Human Capital aanpak. De uitkomsten van deze verkenning worden in 2024 verwacht. Maatschappelijke zorg, laaggeletterdheid en cultuureducatie Sommige mensen hebben een extra steuntje in de rug nodig.
Wellicht omdat hun opleiding niet meer aansluit bij de huidige arbeidsmarkt, maar iemand kan ook behoefte hebben aan (langdurige) maatschappelijke zorg als gevolg van fysieke, mentale en/of financiële problemen. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Op verzoek van de gemeenten voerde Holland Rijnland in 2023 ondersteunende taken uit op het gebied van maatschappelijke zorg, laaggeletterdheid, cultuureducatie en de arbeidsmarktregio. Deze taken zijn niet opgenomen in de Gemeenschappelijk Regeling en worden dan ook niet structureel gedekt. Daardoor doet Holland Rijnland in de praktijk meer dan er formeel van de organisatie wordt gevraagd. In mei 2023 besloot het Dagelijks Bestuur, op verzoek van de commissie Maatschappij (17 mei 2023), om de taken voor maatschappelijke zorg, laaggeletterdheid, cultuureducatie en de arbeidsmarktregio in de jaren 2023 en 2024 te blijven uitvoeren op basis van een incidentele gedeeltelijke dekking. In 2024 worden de taken geëvalueerd door de bestuurlijk en ambtelijk opdrachtgevers. Het actualiseren van de financiële afspraken vanaf 2025 en verder zal gekoppeld worden aan actualisering van de inhoudelijke opdrachten. Huisvesting asielzoekers De capaciteit van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) is niet toereikend om de huidige hoeveelheid asielzoekers op te vangen. De consequenties hiervan zagen we de afgelopen zomer.
Eind augustus 2022 sloten het Rijk, de VNG, het IPO en het Veiligheidsberaad een akkoord om te komen tot een duurzame oplossing voor de opvangcrisis. Eind 2022 hebben gemeenten in Holland Rijnland en Midden-Holland gezamenlijk een raadsvoorstel opgewerkt om 2200 duurzame asielopvangplekken te realiseren. Holland Rijnland zorgt voor de regionale afstemming en coördinatie tussen de gemeenten ter realisatie van de opgave. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Holland Rijnland heeft het raadsvoorstel naar de gemeenten begeleid en gemeenten geholpen bij het beantwoorden van vragen naar aanleiding van het raadsvoorstel. Na de besluitvorming heeft
23
Holland Rijnland een communicatierol vervuld over de besluitvorming van het raadsvoorstel in de gemeenteraden. De primaire verantwoordelijkheid voor het huisvesten van asielzoekers ligt bij de gemeenten. Om hen echter zoveel mogelijk te ontlasten bij het vervullen van de taakstelling voerde Holland Rijnland een aantal coördinerende, monitorende en faciliterende taken uit. Hieronder vallen: • het opzetten en uitvoeren van monitoring op de realisatie van de taakstelling door individuele gemeenten en op regioniveau; • het opzetten en onderhouden van de bestuurlijke en ambtelijke regionale governance; • het duiden van (nieuw) provinciaal en Rijksbeleid; • het onderhouden van contacten met belangrijke stakeholders als het COA, de provincie en de Provinciale Regietafel (PRT), waaronder de advisering van de voorzitter van de woonregio Holland Rijnland aan de Provinciale Regietafel. Daarnaast organiseerde Holland Rijnland diverse themasessies waar gemeenten kennis en ervaring op dit dossier uitwisselen. Deze themasessies worden zeer gewaardeerd in de regio en helpen gemeenten om samen te werken waar dit mogelijk is. Deze activiteiten zijn mogelijk gemaakt met steun van de provincie Zuid-Holland.
2.1.7 Wat heeft het programma Strategie en Beleid gekost? Strategie en Beleid
Primitieve begroting 2023
Begrotings wijzigingen 2023
Begroting 2023 na wijziging
Rekening 2023
Verschil 2023
Programmakosten
1.572.889
1.023.626
2.596.515
4.166.345
-1.569.830
Kosten werkorganisatie
1.034.088
339.493
1.373.581
1.266.586
106.996
Lasten
2.606.977
1.363.119
3.970.096
5.432.930
-1.462.834
Bijdragen van derden
-608.649
-1.634.203
-2.242.852
-3.382.929
1.140.077
Bijdragen gemeenten
-
-
-
-
-
Baten
-608.649
-1.634.203
-2.242.852
-3.382.929
1.140.077
Saldo van baten en lasten
1.998.328
-271.084
1.727.244
2.050.001
-322.757
Toevoeging aan reserves
-
197.530
197.530
197.530
0
Onttrekking aan reserves
-
-
-
-
-
Mutatie reserves
-
197.530
197.530
197.530
0
1.998.328
-73.554
1.924.774
2.247.531
-322.757
Resultaat
Voor een nadere toelichting op de baten en lasten per product verwijzen we naar hoofdstuk 4.2
24
2.2 Programma Regionale Uitvoering
De organisatie Holland Rijnland heeft in opdracht van de gemeenten drie uitvoerende taken. Deze uitvoerende taken zijn ondergebracht in het programma Regionale Uitvoering. De taken betreffen: • Het Regionaal Bureau Leerrecht geeft voor elf van de dertien gemeenten uitvoering aan de Leerplichtwet en de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie voor voortijdig schoolverlaten; • Het secretariaat van de Regionale Urgentiecommissie; • De aanbesteding, het onderhouden van contacten met betrokken partijen en het voeren van stevig contractbeheer met aanbieder(s) van de Regiotaxi