CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage c Reactietabel college-reacties concept-RIA

Gemeenteraad 18 maart 2024, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Zienswijze Kaag en Braassem Regionale Investeringsagenda Holland Rijnland.13.487 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

79 Oegstgeest

Proces/planning

U stelt voor dat Holland Rijnland de tijd neemt om dit programma beter uit te We onderschrijven uw stelling dat de Regionale Investeringsagenda op werken. Dit om een hoog afbreukrisico te voorkomen. U geeft aan dat mocht dit onderdelen verdere uitwerking behoeft. Dit zit hem inhoudelijk in de leiden tot een ongewenste vertraging, het dan wellicht een optie is om een deel van verdere uitwerking van de veertien prioritaire projecten en de governance. het voorgestelde budget alvast te reserveren, onder voorbehoud van Feit is wel dat de inhoud tot dusver een basis vormt om financiële middelen besluitvorming over het programma in de loop van 2024. te kunnen vragen. Deze zijn daarom niet los te zien van elkaar. Op grond hiervan kunnen de gevraagde middelen aan de begroting van Holland Rijnland worden toegevoegd.

Nr. Gemeente 80 Oegstgeest

Reactie betreft Financiën

81 Oegstgeest

Projectbladen

82 Teylingen

Projectbladen

83 Teylingen

Financiën

84 Teylingen

Governance / "Hoe werken we samen"

Zienswijze Reactie U geeft aan dat het voor u nog niet duidelijk is wat het effect is van het regionale Het regionale fonds kent een thematisch karakter, onderbouwd vanuit de investeringsfonds, in combinatie met drie afzonderlijke position papers. U geeft aan programma's op de vier thema's (groenblauw, mobiliteit, energie en dat mocht dit budget toch worden opgenomen, dan tenminste het Algemeen economie). Voor dit fonds kunnen gemeenten projecten aandragen die Bestuur over de invulling dient te besluiten, met daarbij een overtuigende position bijdragen aan de regionale doelstellingen. De position papers staan daar in paper. principe los van, aangezien deze gemeenten binnen de drie gebieden kunnen helpen om de vertaling van de RIA naar de eigen gemeenteraad te kunnen maken. Tot slot stelt u terecht dat het Algemeen Bestuur dient te besluiten over de invulling van de fondsen. Deze besluitvorming wordt in 2024 opgezet. U geeft aan eraan te hechten om bij de tekst van de corridorstudie uit te gaan van We danken u voor de tekstsuggesties en nemen deze over. U geeft terecht de formuleringen in het "Blauwe Boekje". Aanvullend daarop stelt u dat het van aan dat het belangrijk is deze verkeersproblematiek op de juiste manier te belang is dat in de corridorstudie de urgente verkeersproblematiek van de benoemen.

aansluiting A44/N444, waarmee Oegstgeest en Teylingen te maken hebben, expliciet wordt benoemd. U doet hiertoe een aantal tekstvoorstellen. U geeft aan dat de verbinding N206-N207 en de verbinding N208-A44 allebei als P2- We nemen uw voorstel over. project moeten worden gekwalificeerd. U geeft aan dat, gelet op de omvang van de beoogde investeringen, het De veertien prioiritaire projecten zijn gedestilleerd uit een brede noodzakelijk is om ordening in prioriteiten aan te brengen en zichtbaar te maken in inventarisatie in het voortraject met alle gemeenten. Verdere ordening van de RIA. U vraagt of voor de prioritering een afwegingskader en criteria kunnen deze viertien projecten is de volgende stap die we na vaststelling van de RIA worden gegeven in de RIA. in gezamenlijkheid gaan zetten. Dat is voorzien op de Regiodag van 15 mei 2024. We zullen dan met alle portefeuillehouders het gesprek voeren over de fasering van de prioritaire projecten. De uitkomsten van dit gesprek worden bekrachtigd tijdens de Regiodag van 18 september 2024. Dit wordt ter vaststelling voorgelegd aan het AB van 25 oktober 2024. Op deze manier bepalen we in gezamenlijkheid de ordening, fasering en prioritering van de veertien projecten. U vraagt hoe de raad invloed kan uitoefenen en toezicht heeft op de besteding van De raad bepaalt het financiële kader en is ook via een zienswijzeprocedure middelen.

betrokken bij de begroting van Holland Rijnland. Binnen de governancestructuur van Holland Rijnland zijn de colleges en raden vertegenwoorgd in het Algemeen Bestuur. Het DB legt verantwoording af aan het Algemeen Bestuur over de besteding van middelen.

Nr. Gemeente 85 Teylingen

Reactie betreft Governance / "Hoe werken we samen"

Zienswijze U vraagt zich af of er overlap is van werkzaamheden en taken met de huidige GR? Het gevraagde geld lijkt te zitten in personeelskosten van Holland Rijnland voor de projectgroepen voor P2 en P3 projecten.

Reactie De middelen die gevraagd worden voor de financiering van de projecten zijn bedoeld om de onderzoeksvraag van de projecten te beantwoorden. Hierbij moet u denken aan het inhuren van een gespecialiseerd bureau om onderzoek te doen, een businesscase te bouwen, subsidiemogelijkheden te verkennen, et cetera. Mocht het nodig zijn om ook capaciteit met de projectmiddelen voor de RIA te financieren, dan moet dat ook een mogelijkheid zijn om tot realisatie van een project te komen. De capaciteit van Holland Rijnland wordt niet uit RIA-middelen bekostigd, maar uit de reguliere begroting van Holland Rijnland. Mocht er in het kader van een RIAproject een extra beroep worden gedaan op Holland Rijnland, dan zou het wel tot de mogelijkheden moeten behoren de extra capaciteit te bekostigen uit de projectgelden voor de RIA net zoals dat voor gemeenten geldt.

86 Teylingen

Financiën

U geeft aan dat er in één keer geld wordt gevraagd (in plaats van een jaarlijkse bijdrage) zonder volledige en duidelijke onderbouwing van vooral de fondsen. U vraagt wat de planning is van de uitgaven voor verschillende projecten. U vraagt wanneer welke middelen nodig zijn en op welke termijn aanvullende (financiële) besluitvorming wordt verwacht.

In de financiële paragraaf worden gemeenten verzocht om bij de kadernota 2025 alvast de benodigde middelen voor de RIA te reserveren. Daarmee minimaliseren we de lasten voor de gemeenten in het 'ravijnjaar' 2026. Een andere reden om dit zo te doen is dat het hiermee voor gemeenten mogelijk is om de RIA-bijdrage te dekken met incidentele middelen. Een eerste storting in de fondsen is nodig om hierop een multiplier te kunnen realiseren, oftewel middelen van andere overheden aan te trekken. Een eventuele volgende bijdrage komt pas aan de orde bij de volgende RIAperiode (2028-2031). Dan zal samen met gemeenten opnieuw de financiële behoefte worden bepaald.

87 Teylingen

Governance / "Hoe werken we samen"

U adviseert het schema op pagina 18 en 19 van de RIA “Hoe werken we samen” aan We hebben het schema op bladzijde 18 en 19 goed bestudeerd naar te passen en doet hier concrete suggesties voor. aanleiding van de zienswijzen en scherpen dit op basis van uw inbreng aan. Bij de werkwijze van de RIA hanteren we het principe dat gemeenten eigenaar zijn van de projecten, tenzij zij Holland Rijnland vragen om deze rol op zich te nemen. Daarbij benutten we de governance van Holland Rijnland voor de samenwerking binnen de RIA als geheel. De precieze werking hiervan zal de komende tijd verder worden uitgewerkt met gemeenten. De werkwijze zal in een op te stellen verordening RIA worden vastgelegd.

88 Teylingen

Financiën

U vraagt de omvang en besteding van oude RIF-middelen bekend te maken en Een toelichting op de besteding van de RIF-gelden vindt u in een aparte duidelijk te maken hoe de besluitvorming verloopt. U vindt waarborging van gelden memo. Deze is als bijlage toegevoegd. De middelen voor de Noordelijke voor de Ontsluiting Noordelijke Duin- en Bollenstreek nodig. Ontsluiting Duin- en Bollenstreek blijven voor dit doel gereserveerd in het RIF.

Nr. Gemeente 89 Teylingen

Reactie betreft Financiën

Zienswijze U stelt dat besluitvorming over inzet van de middelen uit het cofinancieringsfonds voor de RIA nodig is. U vraagt of het fonds naast de fondsen in de RIA in stand moeten worden gehouden, nu blijkt dat bedragen onbenut zijn gebleven. U vraagt om een reactie.

Reactie Het klopt dat er besluitvorming nodig is om de reserve van het cofinancieringsfonds aan te kunnen wenden voor de RIA. Dit besluit zullen we gelijktijdig met de vaststelling van de RIA voorleggen aan het AB te 3 april. Met deze middelen kunnen we alvast projecten financieren in 2024. Dit is nodig omdat de besluitvorming omtrent de RIA-bijdragen van gemeenten nog moet plaatsvinden en deze betrekking hebben op 2025. Ondanks dat er een reserve co-financieringsfonds is opgebouwd, zijn vanuit dit fonds de afgelopen jaren tal van succesvolle projecten gefinancieerd. Dit succes willen we voortzetten en de middelen hier nog beter voor benutten. Daarom werken wij een voorstel uit om het co-financieringsfonds in vernieuwde vorm onder te brengen bij het RIA-fonds voor het thema economie.

90 Teylingen

Projectbladen

U stelt dat projectkaders ontbreken of nog onduidelijk zijn en dat het onderscheid tussen de 4 miljoen voor de projecten en de 3 miljoen voor het regionale fonds lastig te duiden is. Projecten zijn verbonden aan thema's. U vraagt wat dit betekent voor de financiering, of dit uit beide stromen kan komen of niet, en wat het onderscheid is?

De projectbladen zijn bedoeld als eerste aanzet. De volgende stap is om per project een plan van aanpak uit te werken waarbij de gemeenten eigenaar zijn van het project. Het plan van aanpak geeft uitwerking aan de door u benoemde aandachtspunten, zoals kaders en afbakening. Enerzijds werken we met de RIA samen aan prioritaire projecten. Dit zijn vaak grotere complexe projecten waar meer gemeenten bij betrokken zijn. Hiervoor is in het onderhavige voorstel €4 miljoen gevraagd. Daarnaast stellen wij voor om een regionaal fonds in te stellen om (kleinere) initiatieven in de regio te stimuleren die passen bij regionale doelstellingen op de vier genoemde thema's. Hiervoor vragen we € 3 miljoen. Wij hebben in de financiële paragraaf een aanvullende toelichting opgenomen op de doelstelling van het fonds. Het is de bedoeling dat een project óf in de RIA als prioritair project wordt aangemerkt of een bijdrage uit het fonds krijgt. In uitzonderlijke gevallen is wellicht sprake van cumulatie zoals bij het sparen voor cofinanciering voor grote mobiliteitsprojecten. Voor het fonds werken we samen met de gemeenten thematische programma's uit, waarin de doelstelling verder is uitgewerkt en waarin criteria staan waaraan projecten moeten voldoen om een bijdrage te krijgen.

Uw voorstel is om de regie voor de projecten bij de deelnemende gemeenten te leggen. Hierdoor kan Holland Rijnland als partner binnen deze projecten opereren en heeft het ook de handen vrij om eigen kennis, kwaliteiten en netwerk in te zetten, in plaats van als regionaal projectbureau te moeten opereren. Gemeenten kunnen altijd Holland Rijnland vragen om als opdrachtgever voor een project op te treden, wanneer het aan organisatiekracht ontbreekt.

We delen het uitgangspunt dat gemeenten in principe de projecten trekken en dat Holland Rijnland waar de gemeenten dat wensen het projectleiderschap op zich neemt. We passen de tekst hierop aan.

91 Voorschoten Governance / "Hoe werken we samen"

Nr. Gemeente Reactie betreft 92 Voorschoten Financiën

93 Voorschoten Projectbladen

94 Voorschoten Financiën 95 Voorschoten Financiën

96 Voorschoten Financiën

Zienswijze Reactie Voor de financiering vraagt u een verdere uitwerking van het beheer van de Bij ieder project zijn verschillende gemeenten betrokken, in wisselende beschikbaar gestelde middelen. U stelt dat pas wanneer duidelijk is wie een project samenstellingen. Het is eenvoudiger om één gezamenlijk budget te maken gaat trekken (een gemeente of Holland Rijnland) te bepalen valt hoe hoog de van waaruit de regievoerende gemeenten een bijdrage ontvangen, dan dat gezamenlijke bijdrage voor de projecten moet zijn en waar dit wordt beheerd. Door gemeenten voor ieder traject onderling een besluitvormend traject over de de regie voor de projecten in principe bij de gemeenten te laten, hoeven de financiën moeten doorlopen. De rol van Holland Rijnland als kassier is middelen voor de projecten niet eerst aan Holland Rijnland over te worden bedoeld vanuit het oogpunt van effectiviteit en wordt daarom zo licht gemaakt, waardoor zij niet als kassier hoeft op te treden. mogelijk ingericht. Wij werken de governance verder uit in samenwerking met de gemeenten tot een beheersverordening RegIonale Investeringsagenda. U zou graag een motivatie terugzien voor belangen (direct of indirect) die Met deze prioritaire projecten geven we als regio een antwoord op de gemeenten hebben bij de prioritaire projecten. opgaven zoals deze zijn beschreven in de ROA, de RSM en de RES.

Zowel de scope als de effecten van de projecten zijn gemeentegrensoverschrijdend en daarom is het van belang dat gemeenten samen aan deze projecten werken. Waar nodig zal een maatschappelijke kosten-baten analyse worden opgezet voor het project. Dit geeft op regionale schaal inzicht iin de effecten op economie, leefbaarheids, duurzaamheid en financiën. U stelt dat meebetalen aan alle projecten kan, door bij de voorgestelde financiering Dit is overgenomen in de financiële paragraaf van het RIA-boekje. een verdeelsleutel naar aantal inwoners toe te passen. U vraagt om een motivatie voor het instellen van een fonds voor de prioritaire De veertien prioritaire projecten betreffen onderzoeks- en projecten. U stelt dat bij de P3 en P2 projecten geen sprake zal zijn van ontwikkelprojecten (P3 en P2). Waar mogelijk zullen we co-financiering van cofinanciering of een multiplier. deze projecten niet nalaten, echter ligt een multiplier op deze middelen minder voor de hand dan op de middelen die we in het fonds bijeen willen brengen. Voor wat betreft het regionale fonds onderschrijven we uw voorwaarde dat dit dient te leiden tot externe investeringen in de regio. U geeft aan dat u graag een motivatie zou willen terugzien voor belangen (direct of indirect) die gemeenten hebben bij de prioritaire projecten.

U geeft aan dat de raden namelijk zullen vragen waarom zij meebetalen aan projecten terwijl ze hier mogelijk geen belang van inzien.

De veertien prioiritaire projecten zijn in het voortraject naar voren gekomen uit een brede inventarisatie bij alle gemeenten. Vanaf de projectbladen werken gemeenten toe naar de plannen van aanpak. De onderbouwing van de belangen van de betreffende gemeenten komen hierin terug. De plannen van aanpak worden besproken in de regiocomissie. De veertien prioritaire projecten dragen allen bij aan de regionale doelstellingen zoals geformuleerd in de door het Algemeen Bestuur vastgestelde Regionale Omgevingsagenda, Regionale Strategie Mobiliteit en Regionale Energiestrategie. Daarmee zijn deze projecten van direct belang voor de toekomstbestendigheid van de regio in zijn geheel. Deze link wordt ook gelegd in het onderdeel van de regionale investeringsagenda "Zo slaan we samen de brug van ambitie naar uitvoering".

Nr. Gemeente Reactie betreft 97 Voorschoten Financiën

98 Voorschoten Proces/planning

99 Voorschoten Governance / "Hoe werken we samen"

100 Voorschoten Proces/planning

101 Voorschoten Proces/planning

Zienswijze Reactie Voor het financiële deel vraagt u om duidelijk te maken welk financieel We verwachten inderdaad financieel commitment op de daadwerkelijke commitment van de gemeenten wordt gevraagd in de verschillende stadia van de uitvoering van projecten zodra deze in de P1-fase belanden. De omvang projecten, in het bijzonder omdat bij P2 projecten financieel perspectief nodig is daarvan moet blijken uit de ontwikkeling van het project en de lobbyvoor de uitvoering van deze projecten in de P1-fase. activiteiten om de multiplier te genereren. U zou graag een prioritering en planning zien, waarbij ook wordt aangegeven op De veertien prioiritaire projecten zijn gedestilleerd uit een brede basis van welke criteria wordt afgewogen of, wanneer en onder welke condities een inventarisatie in het voortraject met alle gemeenten. Verdere ordening van project wordt gestart. deze viertien projecten is de volgende stap die we na vaststelling van de RIA in gezamenlijkheid gaan zetten. Dat is voorzien op de Regiodag van 15 mei 2024. We zullen dan met alle portefeuillehouders het gesprek voeren over de fasering van de prioritaire projecten. De uitkomsten van dit gesprek worden bekrachtigd tijdens de Regiodag van 18 september 2024. Dit wordt ter vaststelling voorgelegd aan het AB van 25 oktober 2024.

Op deze manier bepalen we in gezamenlijkheid de ordening, fasering en prioritering van de veertien projecten. U vraagt ons om de gemeentesecretarissen te betrekken bij de afwegingen en keuzes die voor de benodigde capaciteit moeten worden gemaakt.

Zoals hierboven aangegeven is het uitgangspunt dat de gemeenten eigenaar zijn van de projecten. Dat betekent ook dat de gemeenten in eigen huis de benodigde capaciteit bespreken en beschikbaar stellen. Capaciteit is een bespreekpunt in de Directeuren Overleggen. Uw gemeentesecretaris is van harte uitgenodigd om hierbij aan te sluiten. De secretaris van Holland Rijnland maakt een ronde door de regio om dit met de gemeentesecretarissen te bespreken. Het valt u op dat het bij sommige projecten ontbreekt aan focus, scherpte in de De projectbladen zijn bedoeld als eerste aanzet. De volgende stap is om per vraagstelling en dat niet altijd recht wordt gedaan aan het subsidiariteitsbeginsel. U project een plan van aanpak uit te werken waarbij de gemeenten eigenaar stelt daarom voor dat Holland Rijnland de gelegenheid biedt om opnieuw zijn. Het plan van aanpak geeft uitwerking aan de door u benoemde ambtelijke aanvullingen te verwerken in de RIA. Dit hoeft niet noodzakelijkerwijs aandachtspunten. De totstandkoming van de plannen van aanpak gebeurt voor de vaststelling van de RIA, wanneer bij de vaststelling het perspectief wordt in eerste instantie ambtelijk. Daarmee is er voldoende ruimte om input te geschetst hoe ambtelijke aanvullingen alsnog worden opgenomen. leveren.

Concreet vraagt u om het uitwerken van de bovenstaande punten om vervolgens de De totstandkoming van de RIA is een dynamisch proces. Het is voor het bestuurlijke discussie hierover af te ronden en pas daarna een bijgewerkte RIA vrij eerst dat wij op deze vernieuwende manier samenwerken om regionale te geven voor zienswijzen door de raden. projecten met elkaar van de grond te krijgen. We hechten eraan om gezamenlijk stappen te zetten richting de uitvoering. Daarbij moeten we ook met elkaar onderkennen dat de RIA nooit 'af' zal zijn. Het is immers een agenda en geen vaststaand programma. Uitstellen van de zienswijze is ons inziens niet in het belang van de gemeenten en daarmee de regio. Het is van belang om vooral met elkaar in gesprek te blijven om de aanpak en inhoud te verfijnen. Daar maken de raden ook deel van uit.

Nr. Gemeente Reactie betreft 102 Voorschoten Financiën

103 Zoeterwoude Projectbladen

Zienswijze U geeft aan de toezegging te doen om in uw begroting 2025 een reservering op te nemen om financiering van de prioritaire projecten en het regionaal fonds mogelijk te maken. U geeft aan dat Holland Rijnland de RIA daarom niet vast hoeft te stellen voor het versturen van de Holland Rijnland begroting 2025 voor zienswijzen van de raden, maar dat de trajecten van de RIA en de begroting 2025 kunnen worden losgekoppeld. In uw brief refereert u aan meegegeven ambtelijke reacties.

Reactie De inhoud van de RIA vormt de basis voor de gevraagde financiële middelen. Wij laten de RIA na de zienswijzen van de raden vaststellen door het Algemeen Bestuur. Op grond hiervan kunnen de gevraagde middelen aan de begroting van Holland Rijnland worden toegevoegd.

104 Zoeterwoude Projectbladen

U vraagt om per project aan te geven wat de meerwaarde is voor de regio.

105 Zoeterwoude Proces/planning

U stelt dat het goed is om duidelijkheid te hebben omtrent de concrete aanvang van De veertien prioiritaire projecten zijn gedestilleerd uit een brede projecten (dan wel verkenningen): welke projecten worden als eerste opgepakt? inventarisatie in het voortraject met alle gemeenten. Verdere ordening van Geldt daarbij dat wie het eerst komt, die het eerst maalt (ook financieel)? En deze viertien projecten is de volgende stap die we na vaststelling van de RIA wanneer komen projecten die tussen de ijkmomenten (eens in de vier jaar) worden in gezamenlijkheid gaan zetten. Dat is voorzien op de Regiodag van 15 mei ingebracht aan bod: tussentijds, of pas na het eerstvolgende ijkmoment? 2024. We zullen dan met alle portefeuillehouders het gesprek voeren over de fasering van de prioritaire projecten. De uitkomsten van dit gesprek worden bekrachtigd tijdens de Regiodag van 18 september 2024. Dit wordt ter vaststelling voorgelegd aan het AB van 25 oktober 2024. Op deze manier bepalen we in gezamenlijkheid de ordening, fasering en prioritering van de veertien projecten.

106 Zoeterwoude Proces/planning

U vraagt ons om een tempo aan te houden dat zich verhoudt tot de opgaven en ambities. U vraagt ons in het traject rekening te houden met de schaal van alle deelnemende gemeenten. U vraagt ons in het traject te zorgen voor transparantie, consistent en over de hele breedte. U vraagt ons in het traject evaluaties te benutten om het proces doorlopend te verbeteren.

We zullen uw ambtelijke reacties bekijken en waar mogelijk verwerken. Daarbij geven we wel aan dat deze reactie niet is afgestemd met de andere gemeenten wat het voor ons in deze fase in het proces lastig maakt. Voor zover we dit om deze reden niet kunnen verwerken, kan dit worden meegenomen in de uitwerking van de plannen van aanpak. Met de prioritaire projecten geven we als regio een antwoord op de opgaven zoals deze zijn beschreven in ROA, RSM en RES. Zowel de scope als de effecten van de projecten zijn gemeentegrensoverschrijdend en daarom is het van belang dat gemeenten samen aan deze projecten werken. Waar nodig zal een maatschappelijke kosten-baten analyse worden opgezet voor het project. Dit geeft op regionale schaal inzichten in de effecten op economie, leefbaarheid, duurzaamheid en financiën.

We nemen uw suggesties en aandachtspunten mee in het vervolgtraject.

Nr. Gemeente Reactie betreft 107 Zoeterwoude Governance / "Hoe werken we samen"

108 Zoeterwoude Financiën

109 Zoeterwoude Financiën

110 Zoeterwoude Financiën

Zienswijze Reactie U geeft aan dat in de concept-RIA summier staat beschreven dat Holland Rijnland Voor de samenwerking binnen de RIA wordt gebruik gemaakt van de voor P3- en P2-projecten afspraken maakt met de betreffende gemeenten over de bestaande governance van Holland Rijnland. Deze governance is gericht op leiding en financiering van de projecten. Ook geeft u aan dat bij deze en andere afstemming tussen gemeenten en het vervolgens initiëren van de vraagstukken het van belang is dat in de eerste plaats keuzes in samenspraak gezamenlijke vervolgstappen. De werkwijze van de RIA sluit hierop aan. Zo worden gemaakt, met de dertien gemeenten en Holland Rijnland tezamen. Hoe wordt van een project het plan van aanpak, het tussenresultaat en het beter dergelijke afstemming aan de voorzijde plaatsvindt, des te vruchtbaarder de eindresultaat besproken in de regiocommissie. vervolgstappen zullen zijn. U geeft aan dat rondom de financiering een basis is beschreven. U stelt dat om de We stellen voor om de vrije middelen uit het cofinancieringsfonds ter RIA te kunnen onderschrijven, veel zaken (extra) aandacht behoeven. Eén van de grootte van 465.000 euro in te zetten om alvast in 2024 met de projecten zaken waarvoor dit volgens u geldt, is de afweging om gemeentelijke bijdragen al in aan de slag te kunnen.

Het voorstel is om voor de jaren 2025-2027, voor het 2024 of pas in 2025 te laten aanvangen. aanjagen van projecten, € 4 miljoen beschikbaar te stellen. Met dit voorstel kunnen we zo snel mogelijk aan de slag én kunnen gemeenten de bijdrage over 2025 en verder, in hun kadernota-proces meenemen. U vraagt aandacht voor afspraken over het al dan niet meebetalen van gemeenten aan projecten, voor elke fase. U vraagt zich bijvoorbeeld af of alle gemeenten gezamenlijk meebetalen aan de onderzoeksprojecten of dat dit reeds wordt toegespitst op de betreffende gemeenten?

In de financiële paragraaf staat als uitgangspunt om in de aanjaagfase (P3 en P2), op basis van inwonerbijdrage, gezamenlijk de projecten te financieren. Zodra een project naar uitvoering gaat (P1), zijn de betreffende gemeenten zelf verantwoordelijk voor onder andere de financiering (na aftrek van middelen van derden). U stelt dat het regionaal fonds verduidelijking behoeft. U vraagt specifiek wat de de In de financiële paragraaf hebben we aanvullende toelichting opgenomen criteria worden, door wie de besluitvorming plaatsvindt en wat wordt verstaan over de fondsen. Per fonds zal een programma worden ontwikkeld. Daarin onder icoonprojecten. Daarnaast vraagt u waarop het startbedrag voor het zullen ook de criteria voor projecten en bestedingen worden opgenomen regionaal fonds van €3 miljoen is gebaseerd. (zoals nu bij het Groenprogramma). Deze programma's zullen via de governancestructuur van Holland Rijnland (commissies, DB en AB) in besluitvorming worden gebracht. Dit is ook het geval zodra er een mogelijk icoonproject in beeld komt. Een icoonproject gaat om een grootschalig regionaal project zoals nu de Rijnlandroute. Voor wat betreft het startbedrag: dit bedrag is een eerste aanzet om de fondsen te vullen. De te ontwikkelen programma's zullen nadere duidelijk geven wat de totale gewenste omvang is gelet op het uit te voeren programma.

Het bedrag van € 3 miljoen is nodig om de multiplier te bewerkstelligen. In de financiële paragraaf wordt dit verder toegelicht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=28a3ebe9-ac5e-4258-acfa-d40c3dc993a3