CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5. Historisch vooronderzoek niet gesprongen explosieven 08-11-2022

Gemeenteraad 18 december 2023, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Bestemmingsplan Kerkstraat 1-2, Oude Wetering.14.129 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Update Historisch Vooronderzoek Niet Gesprongen Explosieven

Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2 RO-220284 versie 1.0 08-11-2022

Riel Explosive Advice & Services Europe B.V.  Vijfhuizenbaan 1b, 5133 NH Riel Nederland Postbus 21, 5133 ZG Riel Nederland  T +31 (0)13 518 60 76 www.reaseuro.com  info@reaseuro.com  KvK-nummer 180.501.31  BTW NL80.67.88.136.B01

Update Historisch Vooronderzoek Niet Gesprongen Explosieven

Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2 Opdrachtgever

:

NU Projectontwikkeling

Kenmerk

:

74853/RO-220284 versie 1.0

Plaats en datum

:

Riel, 8 november 2022

REASeuro Naam/Functie dhr. T. Dekker, Historicus mevr. L. van den Burg, GIS-specialiste mevr. M.M. Kirpestein, Historica dhr. P. van Lieshout, Senior Deskundige OOO dhr. T. Dekker, Historicus mevr. M. M. Kirpestein, Historicus dhr. A.P.A.M. van Riel, Algemeen Directeur

Opgesteld GIS-ondersteuning Gecontroleerd

Luchtfoto-analyse

Goedgekeurd NU Projectontwikkeling Geaccepteerd

Paraaf

Datum 06-10-2022 06-10-2022 07-10-2022 11-10-2022 06-10-2022 07-10-2022 08-11-2022

dhr. A. Hinkenkemper, Projectmanager

Informatiebescherming. Op grond van artikel 6:162 BW mag niets uit dit document worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze, inclusief digitale verwerking, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van REASeuro. De opdrachtgever mag voor intern gebruik duplicaten maken.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 1 van 47

INHOUDSOPGAVE Pagina RESULTAATOVERZICHT ................................................................................................................................. 3 AANLEIDING EN DOEL .............................................................................................................................................................................. 3 CONCLUSIES ............................................................................................................................................................................................ 3 ADVIES ............................................................................................................................................................................................ 3 1

INLEIDING ............................................................................................................................................... 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

2

AANLEIDING ...................................................................................................................................................................... 5 PROJECTLOCATIE EN ONDERZOEKSGEBIED ..................................................................................................................... 5 DOEL .................................................................................................................................................................................. 6 METHODIEK ....................................................................................................................................................................... 6 ONDERZOEKSUITSLUITINGEN........................................................................................................................................... 7 LEESWIJZER ........................................................................................................................................................................ 8

EERDER UITGEVOERDE ONDERZOEK .................................................................................................... 9 2.1 REASEURO, HVO-NGE ZUID-HOLLAND VAARWEGTRAJECTEN. TRAJECT 6: OUDE RIJN, HEIMANSWETERING, WOUDWETERING, OUDE WETERING, KENMERK 71887/RO-140096 VERSIE 3.0, D.D. 20 FEBRUARI 2015 .............................. 9 2.2 TOETSING VOORONDERZOEKEN .................................................................................................................................... 12

3

CHRONOLOGISCHE GEBEURTENISSENLIJST AANVULLENDE BRONNEN ........................................ 20

4

ANALYSE EN LEEMTEN IN KENNIS ...................................................................................................... 22 4.1 4.2

5

CONCLUSIE EN ADVIES ........................................................................................................................ 25 5.1 5.2

6

MILITAIRE INFRASTRUCTUUR ......................................................................................................................................... 22 LEEMTEN IN KENNIS ........................................................................................................................................................ 23

CONCLUSIE HVO-NGE................................................................................................................................................. 25 ADVIES ............................................................................................................................................................................. 25

BIJLAGEN ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9

BEGRIPPENLIJST ............................................................................................................................................................... 27 GERAADPLEEGDE LITERATUUR ....................................................................................................................................... 31 ARCHIEFONDERZOEK (INTER)NATIONALE ARCHIEVEN ................................................................................................ 33 EOD: MUNITIERUIMING ................................................................................................................................................. 36 CARTOGRAFISCH MATERIAAL......................................................................................................................................... 37 OVERZICHT LUCHTFOTO’S.............................................................................................................................................. 43 CHECKLIST EN VERZENDLIJST ......................................................................................................................................... 44 WETTELIJK KADER............................................................................................................................................................

45 TEKENINGEN .................................................................................................................................................................... 47

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 2 van 47

RESULTAATOVERZICHT AANLEIDING EN DOEL NU Projectontwikkeling is bezig met de voorbereidingen van werkzaamheden voor een locatieontwikkeling in Oude Wetering ter plaatse van Kerkstraat 1-2. In de voorbereiding van een project waarbij de grond/waterbodem wordt geroerd, is de opdrachtgever verplicht een onderzoek met betrekking tot de mogelijke aanwezigheid en risico’s betreffende Niet Gesprongen Explosieven (NGE)1 uit te voeren. Dit is vastgelegd in het Arbobesluit (artikelen 2.26 en 4.10 lid 1 t/m 4). Een verklaring van het wettelijk kader is in bijlage 8 weergegeven. REASeuro heeft in 2015 in opdracht van de Dienst Beheer Infrastructuur van de Provincie Zuid-Holland een achttal HVO-NGE’s uit 20092 geüpdatet, waarvan één overlap heeft met de voorliggende projectlocatie. Dit onderzoek is uitgevoerd conform de destijds geldende richtlijnen die waren opgenomen in het Werkveldspecifiek Certificatieschema voor het systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (WSCS-OCE, 2012-2020). Per 1 januari 2021 is het Certificatieschema voor het Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (CS-OOO) van kracht. Hierin zijn geen richtlijnen meer opgenomen met betrekking tot het uitvoeren van vooronderzoeken naar NGE.

In samenwerking met de organisatie Samenwerking Infrabeheerders voor het Veilig Omgaan met de Ondergrond in Nederland (SIVOON), Platform Blindgangers, Vereniging voor Explosieven Opsporing (VEO) en Vereniging van Waterbouwers is daarom het private Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten (CS-VROO-01 en CS-VROO-02) ontwikkeld. Hiermee heeft de branche invulling gegeven aan richtlijnen met betrekking tot het uitvoeren van vooronderzoeken naar NGE. Om inzichtelijk te maken of er een verhoogde kans op het aantreffen van NGE is binnen de projectlocatie, heeft REASeuro geadviseerd een update uit te voeren conform de laatste richtlijnen uit het CS-VROO-01 en CS-VROO-02 van het bestaande HVO-NGE van REASeuro uit 2015. Hiermee beschikt Nu Projectontwikkeling over een onderzoek dat voldoet aan de laatste richtlijnen. Voorliggend rapport heeft betrekking op het uitvoeren van een update van de bestaande HVO-NGE’s voor dit project. CONCLUSIES Uit het raadplegen van het bronmateriaal blijkt dat binnen het onderzoeksgebied geen oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden waardoor NGE kunnen zijn achtergebleven. Om deze reden is geen NGEVerwachtingsgebied afgebakend binnen de projectlocatie. Er worden geen NGE verwacht binnen de projectlocatie. ADVIES In dit HVO-NGE is geconcludeerd dat geen NGE worden verwacht binnen de projectlocatie.

Geadviseerd wordt om de werkzaamheden regulier doorgang te laten vinden, zonder verdere maatregelen.

In ons werkveld worden regelmatig de termen CE, NGE, NGCE, OO, etc. door elkaar gebruikt. In dit rapport hanteren wij de ruimere vakterm Niet Gesprongen Explosieven (NGE). Dit in tegenstelling tot de terminologie volgens het, per 1-1-2021, vigerende Certificatieschema voor het Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (CS-OOO), waarin de term Ontplofbare Oorlogsresten (OO) is opgenomen. Hiermee wordt hetzelfde bedoeld. 1

REASeuro, Historisch Vooronderzoek Niet Gesprongen Explosieven Zuid-Holland Vaarwegtrajecten. Traject 6: Oude Rijn, Heimanswetering, Woudwetering, Oude Wetering, kenmerk: 71887/RO-140096 versie 3.0, d.d. 20 februari 2015. 2

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 3 van 47

Mocht echter tijdens werkzaamheden spontaan NGE aangetroffen worden, dan dienen de volgende acties te worden ondernomen: • Het werk ter plaatse van de vindplaats dient te worden stilgelegd. • De werklocatie, in ieder geval rondom het NGE, dient te worden afgezet. Het aanwezige personeel dient op de hoogte te worden gebracht van de vondst en geïnstrueerd te worden uit de buurt te blijven. • Er dient contact te worden opgenomen met de politie (0900-8844). De vondst dient gemeld te worden aan de politie. De politie neemt vervolgens contact op met de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD). • Als de EOD op locatie is, wordt een afspraak gemaakt voor de vernietiging. De EOD maakt deze afspraak met de gemeente, of de politie namens de gemeente. • De EOD geeft aan de gemeente, of de politie namens de gemeente, advies over de in acht te nemen veiligheidsmaatregelen. • Indien de te nemen veiligheidsmaatregelen dit toelaten, kan de gemeente aan de EOD advies vragen over de mogelijkheden tot doorwerken op de betreffende locatie, dan wel elders in de nabijheid van het werk en de daarbij in acht te nemen veiligheidsmaatregelen totdat het NGE wordt geruimd. • Het NGE wordt geruimd. Indien NGE worden aangetroffen binnen de projectlocatie, is dit nieuwe feitelijke informatie.

Als deze situatie zich voordoet, moet in overleg met een ter zake deskundige worden vastgesteld of sprake is van een incident of dat er aanleiding is de werkwijze aan te passen. Om op een correcte wijze om te kunnen gaan met het protocol spontaan aantreffen NGE en om een inschatting te kunnen maken of men met mogelijke NGE te maken heeft, bestaat de mogelijkheid om werknemers de cursus ‘Basiskennis OOO’ te laten volgen. Voor het toezichthoudend personeel bestaat ook de 2-daagse cursus Inzicht in het NGE-bodemonderzoek. Tevens kan altijd contact worden opgenomen met REASeuro indien aanvullende informatie gewenst is over het protocol. REASeuro geeft NU Projectontwikkeling tevens het dringend advies om het voorliggende rapport te delen met het bevoegd gezag.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 4 van 47

1

INLEIDING

In dit hoofdstuk is beschreven wat de aanleiding is voor het uitvoeren van de Update Historisch Vooronderzoek-Niet Gesprongen Explosieven (HVO-NGE). Daarnaast zijn de projectlocatie en het onderzoeksgebied, het doel van het onderzoek en de methodiek beschreven. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een leeswijzer. 1.1

AANLEIDING

NU Projectontwikkeling is bezig met de voorbereidingen van werkzaamheden voor een locatieontwikkeling in Oude Wetering ter plaatse van Kerkstraat 1-2. In de voorbereiding van een project waarbij de grond/waterbodem wordt geroerd, is de opdrachtgever verplicht een onderzoek met betrekking tot de mogelijke aanwezigheid en risico’s betreffende NGE uit te voeren. Dit is vastgelegd in het Arbobesluit (artikelen 2.26 en 4.10 lid 1 t/m 4). Een verklaring van het wettelijk kader is in bijlage 8 weergegeven. REASeuro heeft in 2015 in opdracht van de Dienst Beheer Infrastructuur van de Provincie Zuid-Holland een achttal HVO-NGE’s uit 20093 geüpdatet, waarvan één overlap heeft met de voorliggende projectlocatie. Dit onderzoek is uitgevoerd conform de destijds geldende richtlijnen die waren opgenomen in het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (WSCS-OCE, 2012-2020). Per 1 januari 2021 is het Certificatieschema voor het Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (CS-OOO) van kracht. Hierin zijn geen richtlijnen meer opgenomen met betrekking tot het uitvoeren van vooronderzoeken naar NGE.

In samenwerking met de organisatie Samenwerking Infrabeheerders voor het Veilig Omgaan met de Ondergrond in Nederland (SIVOON), Platform Blindgangers, Vereniging voor Explosieven Opsporing (VEO) en Vereniging van Waterbouwers is daarom het private Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten (CS-VROO-01 en CS-VROO-02) ontwikkeld. Hiermee heeft de branche invulling gegeven aan richtlijnen met betrekking tot het uitvoeren van vooronderzoeken naar NGE. Om inzichtelijk te maken of er een verhoogde kans op het aantreffen van NGE is binnen de projectlocatie, heeft REASeuro geadviseerd een update uit te voeren conform de laatste richtlijnen uit het CS-VROO-01 en CS-VROO-02 van het bestaande HVO-NGE van REASeuro uit 2015. Hiermee beschikt Nu Projectontwikkeling over een onderzoek dat voldoet aan de laatste richtlijnen. Voorliggend rapport heeft betrekking op het uitvoeren van een update van de bestaande HVO-NGE’s voor dit project. 1.2

PROJECTLOCATIE EN ONDERZOEKSGEBIED

De projectlocatie betreft “Kaag en Braassem, Oude Wetering Kerkstraat 1-2”. Het onderzoeksgebied betreft het gebied binnen een straal van 250 meter rond de projectlocatie. Door gebruik te maken van een onderzoeksgebied wordt een zo compleet mogelijk beeld van de omgeving van de projectlocatie ten tijde van de Tweede Wereldoorlog verkregen.

REASeuro, Historisch Vooronderzoek Niet Gesprongen Explosieven Zuid-Holland Vaarwegtrajecten. Traject 6: Oude Rijn, Heimanswetering, Woudwetering, Oude Wetering, kenmerk: 71887/RO-140096 versie 3.0, d.d. 20 februari 2015. 3

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 5 van 47

Figuur 1: Projectlocatie en onderzoeksgebied (Bron ondergrond: ESRI).

1.3

DOEL

Het doel van het HVO-NGE is antwoord te geven op de volgende vragen: • Is er sprake van een of meerdere NGE-Verwachtingsgebieden in (delen van) de projectlocatie op basis van de situatie van 1945 (het einde van de oorlog)? • Wat is de soort, hoeveelheid en verschijningsvorm van de NGE die mogelijk zijn achtergebleven? • Wat is het advies met betrekking tot de (voorbereiding op de) uit te voeren werkzaamheden? 1.4

METHODIEK

Als basis voor de update van dit HVO-NGE worden de resultaten van het eerdergenoemde rapport van REASeuro uit 2015 beoordeeld en geëvalueerd. Specifiek wordt hierbij gekeken naar het geraadpleegde bronmateriaal, de wijze van analyse en de conclusies en het advies. Vervolgens wordt het aanvullend bronnenmateriaal aan de hand van de historische database van REASeuro geraadpleegd. Daarbij wordt gelet op: • Gebeurtenissen (oorlogshandelingen4) die hebben geleid tot het in de bodem komen van NGE. • Gebeurtenissen die hebben geleid tot het verwijderen van NGE uit de bodem. Na het inventariseren van het bronmateriaal worden de gebeurtenissen beoordeeld en geëvalueerd. Hierbij wordt onderzocht of NGE kunnen zijn achtergebleven binnen het onderzoeksgebied, gekeken naar de situatie van 1940-1945. Op basis van de update van het HVO-NGE wordt een conclusie en advies met betrekking tot de werkzaamheden ter plaatse van de projectlocatie geformuleerd.

Oorlogshandelingen worden gedefinieerd als ‘gebeurtenissen die kunnen hebben geleid tot de aanwezigheid van NGE’. Voorbeelden van dergelijke gebeurtenissen zijn opgenomen in de begrippenlijst in bijlage 1. 4

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 6 van 47

Hierbij zijn in hoofdlijnen de volgende adviezen opgenomen: • Wordt in de update HVO-NGE geconcludeerd dat geen NGE worden verwacht binnen de projectlocatie, dan wordt geadviseerd om de werkzaamheden regulier doorgang te laten vinden zonder verdere maatregelen. • Mocht uit de update HVO-NGE blijken dat binnen de gehele of een deel van de projectlocatie NGE worden verwacht, dan wordt geadviseerd om een Projectgebonden Risicoanalyse-Niet Gesprongen Explosieven (PRA-NGE) uit te laten voeren. In sommige gevallen kan worden geadviseerd om direct tot opsporingswerkzaamheden over te gaan. Bij het opstellen van het HVO-NGE is gebruik gemaakt van ArcGIS Pro5. Binnen dit geografische informatiesysteem zijn kaartmateriaal en luchtfoto’s ingepast op de hedendaagse topografische kaart. Daarnaast is GIS gebruikt voor het aanduiden van locaties waar oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden op basis van de gebeurtenissenlijst (zie hoofdstuk 3) en het intekenen van NGEVerwachtingsgebied(en), militaire infrastructuur etc. Het onderzoek is uitgevoerd door een projectteam bestaande uit Historici (kundig in o.a. Luchtfotoanalyse), een GIS-specialist en een Senior Deskundige OOO. Op pagina 1 van dit rapport staan de betrokken deskundigen vermeld. 1.5

ONDERZOEKSUITSLUITINGEN

In overeenkomst met de uitgebrachte offerte, is een aantal onderzoeksuitsluitingen vastgesteld. In dit HVO-NGE worden de volgende zaken uitgesloten: • Hoeveelheid achtergebleven NGE. De hoeveelheid achtergebleven NGE is uitsluitend aangegeven indien dit kon worden achterhaald op basis van het geraadpleegde bronnenmateriaal. Indien dit niet mogelijk was, is dit als onbekend genoteerd. • Contra-indicaties. Ontwikkelingen in de periode 1945 tot heden zijn in dit HVO-NGE niet onderzocht6. Het vaststellen van contra-indicaties op basis van het HVO-NGE wordt door REASeuro als te beperkt beschouwd. Indien sprake is van een NGE-Verwachtingsgebied wordt geadviseerd de contra-indicaties en de gevolgen hiervan in een PRA-NGE op te nemen. • Verticale afbakening. Het vaststellen van de verticale afbakening bestaat uit twee onderdelen: het bepalen van de ondergrens en de bovengrens. Binnen het HVO-NGE wordt enkel bepaald wat de ondergrens is van het NGE-Verwachtingsgebied7. Dit wordt vastgesteld op basis van de maximale penetratiediepte ten opzichte van het maaiveld gedurende de Tweede Wereldoorlog. Naoorlogse veranderingen van het maaiveld worden niet geanalyseerd, dit wordt in het PRA-NGE in kaart gebracht. In een PRA-NGE wordt tevens de bovengrens van de verticale afbakening vastgesteld.

Dit vindt plaats doormiddel van een analyse van contra-indicaties en de gevolgen hiervan binnen een PRA-NGE. Het vaststellen van de bovengrens van de verticale afbakening valt buiten de scope van het voorliggende onderzoek.

In het vervolg aangeduid als GIS. Afgezien van (naoorlogse) munitieruimingen door de MMOD, EOD of andere instanties. 7 Gebied waar op basis van historisch bronnenmateriaal binnen een HVO-NGE is bepaald dat sprake is van een verhoogde kans op het aantreffen van NGE. 5 6

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 7 van 47

1.6

LEESWIJZER

In hoofdstuk 2 is het in het verleden uitgevoerde onderzoek geanalyseerd en beoordeeld. In dit hoofdstuk zijn tevens de geraadpleegde bronnen uit 2015 en het voorliggend onderzoek vermeld. In hoofdstuk 3 is een gebeurtenissenlijst samengesteld op basis van de geraadpleegde bronnen uit hoofdstuk 2. In hoofdstuk 4 is een analyse van militaire infrastructuur en de leemten in kennis opgenomen. Tot slot is in hoofdstuk 5 het advies opgenomen. Ter verduidelijking is in bijlage 1 een begrippenlijst opgenomen. Uitgebreide opsommingen van de geraadpleegde bronnen met aanvullende toelichting zijn weergegeven in bijlage 2 tot en met 6. Bijlage 7 bevat een checklist en bijlage 8 bevat het wettelijk kader. De tekeningen zijn opgenomen in bijlage 9.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 8 van 47

2

EERDER UITGEVOERDE ONDERZOEK

Sinds 1 januari 2021 vervangt het Certificatieschema voor het Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (CS-OOO) het WSCS-OCE. Het CS-OOO stelt geen richtlijnen aan de wijze waarop een vooronderzoek opgesteld dient te worden. Wel is er een vrijwillig certificatieschema opgezet door de Stichting VOMES (Veilig Omgaan Met Explosieve Stoffen) waarin eisen zijn opgenomen waaraan een organisatie en diens rapportages (HVO-NGE en PRA-NGE) dienen te voldoen. Dit Certificatie Schema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten (CS-VROO) is opgezet om de kwaliteit van vooronderzoeken en risicoanalyses naar ontplofbare oorlogsresten te waarborgen. REASeuro voert haar vooronderzoeken uit volgens de interne kwaliteitseisen, die hoger liggen dan de eisen die gesteld worden in het CS-VROO en ten tijde van het WSCS-OCE. REASeuro beschikt over de grootste collectie bronnenmateriaal met betrekking tot oorlogshandelingen uit de Tweede Wereldoorlog en heeft jarenlange ervaring met het uitvoeren van uitgebreide analyses. Derhalve wordt ieder eerder uitgevoerd HVO-NGE getoetst of deze voldoet aan de huidige kwaliteitseisen die REASeuro stelt bij het opstellen van een HVO-NGE, aan de hand van de gebruikte bronnen en uitgevoerde analyses.

Mogelijk kunnen hierdoor veranderingen optreden binnen NGE-Verwachtingsgebieden, aangezien specifieker kan worden bepaald waar wel of geen NGEVerwachtingsgebieden aanwezig zijn binnen de projectlocatie of blijkt dat er aanvullende informatie is aangetroffen waardoor wel een NGE-Verwachtingsgebied afgebakend dient te worden. Eén in het verleden uitgevoerde onderzoek heeft overlap met de voorliggende projectlocatie, te weten: • REASeuro, Historisch Vooronderzoek Niet Gesprongen Explosieven Zuid-Holland vaarwegtrajecten. Traject 6: Oude Rijn, Heimanswetering, Woudwetering, Oude Wetering, kenmerk 71887/RO-140096 versie 3.0, d.d. 20 februari 2015. Als basis voor deze update worden de resultaten van het bovenstaand onderzoek beoordeeld en geëvalueerd. Specifiek wordt hierbij gekeken naar het geraadpleegde bronnenmateriaal, de wijze van analyse en de uiteindelijk getrokken conclusies en het advies. 2.1 REASEURO, HVO-NGE ZUID-HOLLAND VAARWEGTRAJECT EN. TRAJECT 6: OUDE RIJN, HEIMANSWETERING, WOUDWETERING, OUDE WETERING, KENMERK 71887/RO-140096 VERSIE 3.0, D.D. 20 FEBRUARI 2015 In 2015 heeft REASeuro in opdracht van de Dienst Beheer Infrastructuur van de Provincie Zuid-Holland een achttal HVO-NGE’s uit 2009 geüpdatet. Deze acht HVO-NGE’s uit 2009 hebben verschillende provinciale vaarwegtrajecten onderzocht, echter zijn deze opgemaakt volgends de toenmalige richtlijnen van het BRLOCE.

In 2015 zijn deze vaarwegtrajecten geüpdatet zodat deze aan de toenmalig geldende richtlijnen van het WSCS-OCE voldeden. In deze paragraaf wordt het HVO-NGE van vaarwegtraject 6 Oude Rijn, Heimanswetering, Woudwetering en Oude Wetering uiteengezet. Deze heeft voor een groot deel overlap met het voorliggende onderzoeksgebied. Het onderzoeksgebied uit 2015 loopt tussen Alphen aan de Rijn en Weteringbrug en is ongeveer 12 kilometer lang.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 9 van 47

Figuur 2: Uitsnede huidige topografische kaart met daarop het onderzoeksgebied uit 2015 en de huidige projectlocatie en het onderzoeksgebied weergegeven (Bron ondergrond: ESRI).

Binnen het onderzoeksgebied van het rapport uit 2015 hebben diverse oorlogshandelingen plaatsgevonden volgens het geraadpleegde bronmateriaal, zie hiervoor onderstaande tabel. Datum:

Oorlogshandeling:

Bronnen:

2 augustus 1940

Sluizen en bruggen te Leimuiden worden aangevallen door bommenwerpers

1943

Duitse verdedigingswerken werden aangelegd rond Woubrugge

G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…, kroniek van een luchtoorlog 2 dln. & supplement; Oldemarkt), p. 69 Luchtfoto Kadaster 1 maart 1945 C. Westmaas en W. Buis, De Atlantic Wall en Opa, Wilde schipper van de binnenvaart in: ‘De Jacobsladder’, Historische Vereniging “Otto Cornelis van Hemessen”, nr. 2, 1998, p. 15-19

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

NGEVerwachtingsgebied: Nee, Leimuiden ligt anderhalve kilometer van het onderzoeksgebied. Nee, naar aanleiding van de aanwezigheid van loopgraven en de tankgracht in Woubrugge wordt niet verwacht dat er in het water NGE zijn achter gebleven.

Pagina 10 van 47

Datum:

Oorlogshandeling:

Bronnen:

24 juni 1943

Een Messerschmitt Bf-110 jachtbommenwerper is te Sloterweg 149, Abbenes neergestort

Najaar 1943

Engelse jachtbommenwerpers hebben zeemijnen afgeworpen in het Braassemsemeer.

G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…, kroniek van een luchtoorlog 2 dln. & supplement; Oldemarkt), p. 27 Studiegroep Luchtoorlog, Crash database. Dutch Air War Studygroup. www.verliesregister. studiegroepluchtoorlog.nl, T2586 Stichting Aircraft Recovery Group 1940-1945, https://www.arg19401945.nl/ Messerschmitt %2011o%20pagina%201.htm C. Westmaas en W. Buis, De Atlantic Wall en Opa, Wilde schipper van de binnenvaart in: ‘De Jacobsladder’, Historische Vereniging “Otto Cornelis van Hemessen”, nr. 2, 1998, p. 7

10 februari 1945

Beschieting door Engelse Spitfire jachtbommenwerpers te kaartvierkant qY.8701

TNA, AIR 37/717, 27/1729

NGEVerwachtingsgebied: Nee, naar aanleiding van de crash op 24 juni 1943 wordt geen NGEVerwachtingsgebied afgebakend aangezien het vliegtuig buiten het onderzoeksgebied is neergekomen.

Nee, er is een situationeel NGEVerwachtingsgebied afgebakend ter plaatse van het gehele Braassemermeer waarbinnen zeemijnen aangetroffen kunnen worden. Dit meer ligt op meer dan 500 meter van het onderzoeksgebied. Ja, naar aanleiding van de beschieting is situationeel tot 200 meter vanuit de wegen in kaartvierkant qY.8701 een NGEVerwachtingsgebied afgebakend waarbinnen KKM en geschutmunitie van 20 mm aangetroffen kan worden.

Tabel 1: Oorlogshandelingen in het noordelijk gedeelte van Vaarwegtraject 6 van het HVO-NGE uit 2015.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 11 van 47

In het historisch vooronderzoek uit 2015 is één NGE-Verwachtingsgebied afgebakend in het noordelijke gedeelte van het onderzoeksgebied naar aanleiding van een beschieting door Engelse Spitfire jachtbommenwerpers. Binnen dit gebied kunnen NGE van geschutmunitie van de kalibers 20 mm en KKM in verschoten toestand zijn achtergebleven. Het afgebakende NGE-Verwachtingsgebied ligt echter buiten het voorliggende onderzoeksgebied. Tevens zijn geen aanwijzingen aangetroffen dat er andere oorlogshandelingen direct in het voorliggende onderzoeksgebied hebben plaatsgevonden. 2.2

TOETSING VOORONDERZOEKEN

Sinds 1 januari 2021 is de wetgeving van het WSCS-OCE vervallen en heeft deze plaats gemaakt voor het Certificatieschema Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (CS-OOO). Binnen het CS-OOO staat vermeld dat ‘geen eisen [zijn] opgenomen over het vooronderzoek’. In de voorbereiding van een project waarbij de grond- en/of waterbodem wordt geroerd, is de opdrachtgever echter verplicht een onderzoek met betrekking tot de mogelijke aanwezigheid en risico’s betreffende NGE uit te voeren. Dit is vastgelegd in het Arbobesluit (artikelen 2.26 en 4.10 lid 1 t/m 4). Deze artikelen vermelden het volgende: Artikel 2.26: - De Opdrachtgever is verplicht in de ontwerpfase zich ervan te vergewissen dat de betrokken werkgevers en zelfstandigen in staat zijn de verplichtingen voor de arbeidsomstandigheden die gelden in de uitvoeringsfase na te komen. Artikel 4.10 lid 2 t/m 4: - In alle gevallen waarin gevaar voor de veiligheid of gezondheid van werknemers kan bestaan door de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten, wordt, alvorens werkzaamheden worden aangevangen, hierna een oriënterend onderzoek ingesteld. - Indien het oriënterend onderzoek de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten die gevaar kunnen opleveren voor de veiligheid of gezondheid van werknemers niet uitsluit, wordt een nader onderzoek ingesteld.

- Indien uit het nader onderzoek blijkt dat gevaar bestaat voor de veiligheid of gezondheid van werknemers door de aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten, worden die ontplofbare oorlogsresten opgespoord of andere passende maatregelen getroffen om dit gevaar te voorkomen. Eisen aan ‘oriënterende-‘ en ‘nadere’ onderzoeken zijn, net als binnen het CS-OOO, niet in het Arbobesluit opgenomen. In het CS-OOO staat wel opgenomen dat ‘besloten is de eisen aan het vooronderzoek te actualiseren en onder te brengen in een privaat certificatieschema dat gebruikt kan worden door organisaties om hun kwalificaties op dat vlak aan te tonen’. Dit private certificatieschema bestaat onder de naam ‘Certificatieschema voor Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten, versie 21-01’ (CS-VROO-01). Het document werd op 8 februari 2021 goedgekeurd door het bestuur van de Stichting VOMES. Binnen dit certificatieschema zijn wel enige eisen opgenomen waaraan een Historisch Vooronderzoek Ontplofbare Oorlogsresten (HVO-NGE) dient te voldoen. Zo zijn onder het CS-VROO-028 eisen aan het te raadplegen bronmateriaal opgenomen. In onderstaande tabel zijn alle bronnen opgenomen die volgens het VROO-01/-02 geraadpleegd dienen te worden. Tevens staat vermeld welke bronnen aanvullend door REASeuro zijn geraadpleegd en welke bronnen volgens het WSCS-OCE verplicht geraadpleegd moesten worden.

8 ‘Nadere bepalingen voor het beoordelen van bronnenmateriaal en afbakening van een NGE-Verwachtingsgebied/verdachte

gebieden behorende bij het Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse ontplofbare oorlogsresten’.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 12 van 47

Bron

Verplicht volgens WSCS-OCE

Literatuur

Verplicht volgens CS-VROO-01/-02

Standaard door REASeuro geraadpleegd ■

□

□

□ □

□ □ □

■ ■ ■

□

■

□

■

□ □

□ □

■ ■

□ □

□ □

■ ■

□

□

■

□

□

■ ■ ■

□

■

Nederlandse archieven Gemeentelijk archief Provinciaal archief Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH, Den Haag) NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD, Amsterdam) Nationaal Archief (NA, Den Haag) Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD, Soesterberg) • Munitieruimrapporten EOD 2010-heden • Mijnenveldkaarten Ministerie van Defensie - Semi-Statisch Informatiebeheer (SIB, Rijswijk) • Munitieruimrapporten EOD 1971-2010 • MMOD-archief Luchtfotocollecties Bibliotheek Wageningen Universiteit (Wageningen, NL) Topografische Dienst Kadaster (Zwolle, NL) Haagse Beeldbank (Den Haag, NL) Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH, Den Haag, NL) Royal Commission on the Ancient and Historical Monuments of Scotland (Edinburgh, VK): The National Collection of Aerial Photography (NCAP, Edinburgh, VK) Laurier Military History Archive (LMH, Waterloo, CA) National Archives and Records Administration (NARA, College Park (MD), VS) Luftbilddatenbank (LBDB, Estenfeld, DU) Internationale archieven The National Archives (TNA, Londen, VK) Bundesarchiv-Militärarchiv (BaMa, Freiburg, DU)

■ ■ ■ Enkel luchtoorlog □

Bundesarchiv Berlin-Lichterfelde (BaBL, Berlijn, DU) National Archives and Records Administration (NARA, College Park (MD), VS) Library and Archives Canada (LAC, Ottawa, CA)

Lucht- én grondoorlog ■ ■

Aanvullende bron

■ ■

Internetbronnen Beeldbank WO2

■

Krantenberichten (al dan niet via Delpher)

□

■

Verliesregister Studiegroep Luchtoorlog 1939-1945

■

Vergeltungswaffen: V1 en V2 inslagen in Nederland

■

Kaartmateriaal Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN)

■

Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) Topografische Dienst Kadaster – Stafkaartencollectie (Zwolle, NL) Topotijdreis.nl Overige bronnen Getuigen / locatiedeskundigen (wanneer mogelijk)

■ □

■ Aanvullende bron

Plaatselijke musea

74853/RO-220284 versie 1.0

■

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Indien van toepassing Indien van toepassing

Pagina 13 van 47

Bron

Verplicht volgens WSCS-OCE

Verplicht volgens CS-VROO-01/-02

Heemkundekring In het verleden uitgevoerde NGE-bodemonderzoeken

Standaard door REASeuro geraadpleegd Indien van toepassing ■

Tabel 2: Verplichte bronnen conform het WSCS-OCE en CS-VROO-01/-02 ten opzichte van de standaard door REASeuro geraadpleegde bronnen.

Op basis van bovenstaande tabel blijkt dat voor voorliggend onderzoek aanvullend bronmateriaal geraadpleegd dient te worden. De inventarisatielijsten zijn terug te vinden in de bijlagen. Conform het geraadpleegde bronmateriaal uit het onderzoek van 2015 hebben oorlogshandelingen plaatsgevonden in de omgeving van het huidige onderzoeksgebied van voorliggende update. Aan de hand van de historische database van REASeuro is onderzocht of er aanvullend bronnenmateriaal beschikbaar is ten opzichte van het onderzoek uit 2015. Indien hier sprake van is, zal dat in onderstaande onderdelen vermeld worden. In de inventarisatielijsten in de bijlagen kan de specifieke aanvullende informatie teruggevonden worden. Literatuur In bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de geraadpleegde literatuur. In de literatuur is gezocht naar beschrijvingen van voor het onderzoeksgebied mogelijk relevante gebeurtenissen. Het raadplegen van aanvullende literatuur ten opzichte van het rapport van REASeuro uit 2015 heeft geen aanvullende informatie opgeleverd. Gemeentelijk en Provinciaal Archief Het onderzoeksgebied is gelegen in de voormalige gemeenten Alkemade (gelegen te Erfgoed Leiden en Omstreken) en Leimuiden (gelegen te Gemeentearchief Alphen aan den Rijn) en de huidige gemeente Kaag en Braassem. Deze archieven zijn in 2015 geraadpleegd.

Specifiek is gezocht naar documentatie met betrekking tot de volgende oorlogshandelingen: • Luchtbeschermingsdienst • Rapporten met betrekking tot geruimde NGE • Schaderapporten • Meldingen van neergestorte vliegtuigen • Ruimingen van verdedigingswerken • Rapportages van de gemeentelijke politie • Rapportages van de gemeentelijke brandweer • Meldingen van oorlogsslachtoffers • Verslagen van ooggetuigen • Documenten met betrekking tot de bevrijding • Naoorlogs: omnummering van woningen In het provinciaal archief van Zuid-Holland, gelegen in het Nationaal Archief te Den Haag, is in 2015 onderzoek uitgevoerd naar de volgende archiefstukken: • Documentatie van het Militair Gezag • Documentatie van het Provinciaal Bestuur • Locatie specifieke dossiers, zoals documentatie over de streek, polder, dorp etc. • Rapporten met betrekking tot geruimde NGE • Meldingen van neergestorte vliegtuigen • Documenten met betrekking tot de bevrijding Deze archieven zijn in 2015 geraadpleegd. De extra onderzoekslag in de gemeentelijke en provinciale archieven heeft geen aanvullend bronmateriaal opgeleverd voor voorliggende update.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 14 van 47

Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) in Den Haag Het NIMH beheert onder andere de collecties Gevechtsverslagen en –rapporten mei 1940 (Collectie 409), De strijd op Nederlands grondgebied tijdens de WOII / De Groene Serie (Collectie 492) en Duitse verdedigingswerken (Collectie 575). Voor het onderzoek van REASeuro zijn in 2015 enkel Collectie 575 en 409 geraadpleegd. Voor het voorliggende onderzoek zijn deze collecties en Collectie 492 nogmaals geraadpleegd. Daarnaast is via archieven.nl in de collectie van het NIMH gezocht naar aanvullende collectie met informatie over het onderzoeksgebied. Dit heeft geen aanvullend bronmateriaal opgeleverd voor het onderzoeksgebied. NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD) in Amsterdam Het NIOD beschikt over archieven van diverse bezettingsautoriteiten tijdens de Tweede Wereldoorlog. REASeuro heeft in 2015 de volgende archieftoegang geraadpleegd: • Toegang 216k: Collectie Departement van Justitie. Voor het voorliggende onderzoek is tevens de volgende archieftoegang geraadpleegd: • Toegang 077: Collectie Generalkommissariat für das Sicherheitswesen- Höhere SS-und Polizeiführer Nord-West. Beide collecties bevatten informatie over neergekomen bommen en vliegtuigen binnen Nederland.

Daarnaast is via archieven.nl in de collectie van het NIOD gezocht naar aanvullende inventarisnummers met betrekking tot het onderzoeksgebied. Deze toegangen zijn nogmaals geraadpleegd en hebben voor voorliggend onderzoek geen resultaten opgeleverd. Nationaal Archief (NA) in Den Haag REASeuro heeft in 2015 de volgende archieven geraadpleegd bij het Nationaal Archief: • 2.04.110: Korps Hulpverleningsdienst, 1945 – 1974 • 2.16.22.01: Ministerie van waterstaat: directie van de waterstaat 1930-1949 • 3.09.46: Archief van de Gewestelijke Inlichtingencentrale 14 van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten Voor het voorliggend onderzoek zijn bovenstaande archieven en de volgende archieftoegangen (nogmaals) geraadpleegd: • 2.04.53.15: Inspectie Bescherming Bevolking tegen Luchtaanvallen • 2.13.167: Inventaris van het archief van het 2e Geniecommandement, Bureau Registratie Verdedigingswerken van het Ministerie van Defensie (zgn. 'Bunkerarchief') Het raadplegen van deze toegangen in 2015 en voor het voorliggend onderzoek heeft geen resultaten opgeleverd. Het Utrechts Archief – Nederlandse Spoorwegen (NS) In Het Utrechts Archief worden de archieven van de NS bewaard. In de archieven van de NS zijn meldingen van bombardementen terug te vinden. Indien in of nabij het onderzoeksgebied tijdens de oorlog een spoorlijn lag, zijn de archieven van de NS geraadpleegd.

Aangezien binnen het onderzoeksgebied van 2015 en het huidige onderzoeksgebied geen spoorlijnen lagen tijdens de oorlog, is dit archief niet geraadpleegd. Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) in Soesterberg De EOD heeft de inventarissen van de munitieruimrapporten9 beschikbaar gesteld. De ruimingen van 2010 tot heden kunnen via de EOD worden opgevraagd. De EOD heeft voor het onderzoek uit 2015 voor deelgebied B zeven munitieruimrapporten opgeleverd. De EOD heeft tevens een overzichtskaart aangeleverd waarop is te zien dat er geen mijnenverdachte gebieden gelegen zijn binnen het voorliggende onderzoeksgebied. 9

De munitieruimrapporten worden ook wel MORA’s of UO’s genoemd.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 15 van 47

Voor voorliggende update is nogmaals gecontroleerd of er munitieruimingen of mijnen binnen het onderzoeksgebied zijn aangetroffen. Dit heeft resultaten opgeleverd voor het onderzoeksgebied van voorliggende update, zie bijlage 4. Ministerie van Defensie - Semi-Statisch Informatiebeheer (SIB) in Rijswijk Bij het SIB zijn de munitieruimrapporten van de EOD ondergebracht van 1971 tot 2010. Voor het onderzoek uit 2015 heeft REASeuro munitieruimrapporten aangevraagd, waarbij munitie is geruimd door de EOD in of in de directe nabijheid van het onderzoeksgebied. Tevens is in het SIB het archief van de Mijn- en Munitie Opruimingsdienst (MMOD) geraadpleegd. Het raadplegen van deze instanties voor voorliggende update heeft geen relevante informatie opgeleverd. Luchtfoto’s REASeuro heeft voor het historisch onderzoek uit 2015 in totaal achtentwintig luchtfoto’s geraadpleegd, de geraadpleegde instanties zijn de Bibliotheek Wageningen Universiteit (Wageningen, NL), de Topografische Dienst Kadaster (Zwolle, NL) en de Luftbilddatenbank (Estenfeld, Duitsland). REASeuro heeft op de luchtfoto die overlap heeft met de voorliggende projectlocatie geen stellingen of andere verstoringen die zijn ontstaan door oorlogshandelingen ingetekend.

Voor deze update nogmaals de luchtfoto van de Topografische Dienst Kadaster die het onderzoeksgebied dekt geraadpleegd, in hoofdstuk 4 is de luchtfotoanalyse opgenomen. Bijlage 6 geeft informatie over de gegeorefereerde en geanalyseerde luchtfoto zoals de datum en de desbetreffende kenmerken van de foto. De luchtfoto is ingepast in tekening 01. The National Archives (TNA) in Londen, Verenigd Koninkrijk In 2015 heeft REASeuro verschillende Operation Record Books (ORB’s) gelegen te The National Archives, Kew, Verenigd Koninkrijk geraadpleegd. Sinds 2015 is de database van REASeuro met betrekking tot The National Archives zeer vergroot. Derhalve heeft REASeuro voor het voorliggende onderzoek de informatie uit The National Archives nogmaals geraadpleegd. Hierbij zijn aanvullende ORB’s geraadpleegd, voorbeelden hiervan zijn de Second Tactical Air Force, Fighter Command, Coastal Command en Bomber Command. Tevens zijn de War Diaries van verschillende geallieerde eenheden die betrokken waren bij gevechten in Nederland en het ruimen van munitie geraadpleegd. Dit heeft resultaten voor voorliggend onderzoeksgebied opgeleverd, zie bijlage 3. Bundesarchiv-Abteilung Militärarchiv (BaMa) in Freiburg, Duitsland De afdeling Bundesarchiv-Abteilung Militär in Freiburg heeft diverse stukken van de Duitse krijgsmacht gedurende de Tweede Wereldoorlog.

REASeuro heeft deze niet geraadpleegd in 2015 aangezien de andere bronnen al voldoende informatie voor het onderzoeksgebied hebben opgeleverd. Voor voorliggende update zijn de volgende toegangen geraadpleegd: • RL 2-II Generalstab der Luftwaffe / Luftwaffenführungsstab; • RM 45-II Dienststellen und Kommandostellen der Kriegsmarine im Bereich Deutsche Bucht und Niederlande. Tevens beschikt REASeuro over krijgsdagboeken van Duitse eenheden die in Nederland hebben gevochten in mei 1940, gedurende de bevrijding in 1944 en 1945 en eenheden die in Nederland gestationeerd waren gedurende de bezettingsperiode. Overig bronnenmateriaal dat is verzameld in het BaMa betreffen kaarten, informatie over munitieopslagplaatsen, krijgsdagboeken en luchtfoto’s van de Duitse luchtmacht en marine uit de Tweede Wereldoorlog. In deze stukken is gezocht naar relevante informatie voor het huidige onderzoeksgebied, hierin zijn echter geen meldingen aangetroffen. Bundesarchiv in Berlin-Lichterfelde (BaBL) in Berlijn, Duitsland In het Bundesarchiv in Berlijn, locatie Lichterfelde, zijn de afdelingen Zentrale Verwaltungsangelegenheiten, Archivtechnik und zentrale fachliche Dienstleistungen, Bereitstellung en Filmarchiv ondergebracht. Dit archief is in 2015 niet geraadpleegd. Voor voorliggende update zijn verschillende stukken geraadpleegd met

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 16 van 47

betrekking tot neergekomen bommen en locaties waar schade was ontstaan als gevolg van de Tweede Wereldoorlog. Dit heeft diverse meldingen opgeleverd, zie hiervoor bijlage 3. The National Archives and Records Administration (NARA) in College Park, Maryland, Verenigde Staten REASeuro beschikt over een grote collectie archiefstukken uit de NARA. Het betreffen stukken met betrekking tot de activiteiten van de Amerikaanse luchtmacht, zoals de Mission Reports, stukken van de militaire inlichtingendienst, War Diaries van Amerikaanse grondeenheden en buitgemaakte Duitse documenten. In 2015 is het archief door REASeuro niet geraadpleegd, aangezien er genoeg informatie reeds beschikbaar was voor het onderzoek. Voor voorliggende update is het NARA doorlopen, dit heeft echter geen relevante resultaten opgeleverd. Library and Archives of Canada (LAC) in Ottawa, Canada Het LAC beheert een grote collectie kaarten en documenten van de Canadese eenheden die meevochten in het Britse leger ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. In 2015 is het LAC niet geraadpleegd door REASeuro. REASeuro heeft in 2015 geen Defence Overprint aangetroffen voor deelgebied B. Voor voorliggende update is het LAC nogmaals geraadpleegd, dit heeft echter geen resultaten opgeleverd. Beeldbank WO2 Het NIOD beheert een digitale database van foto’s die zijn genomen gedurende de Tweede Wereldoorlog in Nederland.

Via deze database kunnen foto’s worden bekeken van diverse oorlogs- en verzetsmusea, herinneringscentra, regionale archiefinstellingen en het NIOD zelf. REASeuro heeft in 2015 geen gebruik gemaakt van Beeldbank WO2. Voor voorliggende update is onderzocht of er relevante foto’s te vinden zijn binnen de database. Deze zoekslag heeft geen informatie opgeleverd2. Delpher Via de website https://www.delpher.nl/ kunnen digitaal kranten, boeken en tijdschriften worden ingezien. REASeuro heeft in 2015 geen gebruik gemaakt van Delpher. Voor voorliggende update is Delpher geraadpleegd om na te gaan of er meldingen zijn gedaan van oorlogshandelingen gedurende de Tweede Wereldoorlog binnen het onderzoeksgebied. Daarnaast is onderzocht of er na de afloop van de Tweede Wereldoorlog informatie kan worden gevonden van ruimingen van NGE binnen het onderzoeksgebied. Het raadplegen van Delpher heeft voor de voorliggende update geen resultaten opgeleverd. Verliesregister Studiegroep Luchtoorlog (SGLO) De Studiegroep Luchtoorlog 1939-1945 (SGLO) heeft een database waarin alle bij de studiegroep bekende vliegtuigcrashes tijdens de oorlog zijn opgenomen. Deze database kan ingezien worden via de website https://www.verliesregister.studiegroepluchtoorlog.nl/. De database bevat informatie over meer dan 6.000 neergestorte vliegtuigen op Nederlands grondgebied.

In 2015 is door REASeuro een zoekslag gedaan, wat een aantal meldingen opleverde. Aangezien de exacte locaties van de neergestorte toestellen niet bekend was zijn geen NGE-Verwachtingsgebieden afgebakend. Voor voorliggende update zijn de resultaten van het SGLO nogmaals bekeken, dit heeft echter tot geen nieuwe conclusies geleid. Vergeltungswaffen: V1 en V2 inslagen in Nederland De website van V1 en V2 inslagen in Nederland wordt geraadpleegd. De V1 staat voor Vergeltungswaffe 1 (vergeldingswapen) en was een onbemand straalvliegtuig met een explosieve lading. De V2 staat voor Vergeltungswaffe 2, een ballistische raket met explosieve gevechtskop. Deze vergeldingswapens zijn door de Duitsers op grote schaal op Londen en Antwerpen afgeschoten, maar bereikten regelmatig niet het doel (vooral de V1) en kwamen neer op Nederlands grondgebied. Via de website http://www.vergeltungswaffen.nl kunnen locaties worden opgezocht waar de V-wapens zijn neergekomen in Nederland, met aanvullende informatie zoals de datum en bronvermelding. De site is in 2015 niet geraadpleegd. De website is nogmaals geraadpleegd, voor voorliggend onderzoeksgebied zijn geen meldingen aangetroffen.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 17 van 47

Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Via de website https://www.ahn.nl/ahn-viewer kunnen digitale hoogtekaarten van Nederland worden ingezien. Deze hoogtekaarten maken het mogelijk om verstoringen in het landschap, die gerelateerd kunnen worden aan oorlogshandelingen, inzichtelijk te maken. Vooral in gebieden waar sinds de Tweede Wereldoorlog weinig tot geen grondroerende werkzaamheden hebben plaatsgevonden, zoals bos- en duingebieden, kunnen mogelijke verstoringen als bomkraters en oude loopgraven via het AHN worden waargenomen. In 2015 is deze kaartlaat niet geraadpleegd. Voor voorliggende update is het AHN nogmaals geanalyseerd, in bijlage 5 is een figuur opgenomen waarin het huidige onderzoekgebied in het AHN is weergegeven. Het raadplegen van het AHN heeft voor voorliggende update geen resultaten opgeleverd. Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) De IKME is een interactieve kaart van Nederland en is gecreëerd op initiatief van de Stichting RAAP. Op de website http://www.ikme.nl/ kan de kaart worden ingezien. De kaart bevat indicatieve locaties van onder andere Duitse en Nederlandse verdedigingslinies, slagvelden, (schijn)vliegvelden en munitieopslagplaatsen. Deze website is in 2015 niet geraadpleegd, ter aanvulling van deze update is de website geraadpleegd (zie bijlage 4).

Het raadplegen van het IKME heeft voor voorliggend onderzoekgebied meldingen opgeleverd, zie bijlage 5. Topografische Dienst Kadaster - Stafkaartencollectie Voor de gegevens uit geallieerde bombardementsgegevens, gevechtsverslagen en ruimingen van NGE is het gebruik van de geallieerde stafkaarten essentieel. Deze kaarten zijn afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog en zijn voorzien van het coördinatenstelsel dat de geallieerden toen gebruikten. De afdeling GEO-informatie van het Kadaster in Zwolle beschikt over de collectie geallieerde stafkaarten uit WOII. Voor het onderzoek uit 2015 heeft het raadplegen van het Kadaster geallieerde stafkaart opgeleverd (zie bijlage 4). Voor voorliggende update is het Kadaster nogmaals geraadpleegd, dit heeft echter geen aanvullende resultaten opgeleverd. Topotijdreis.nl Via de website http://www.topotijdreis.nl/ kunnen topografische kaarten van Nederland worden ingezien van 1815 tot heden. In 2015 zijn deze kaarten niet geraadpleegd. Voor deze update worden de kaarten gebruikt om locaties te bepalen ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, zie hiervoor bijlage 5. Getuigen en locatiedeskundigen In 2015 zijn geen getuigen of locatiedeskundigen gehoord. Voor dit HVO-NGE zijn tevens geen getuigen gehoord, omdat de bovenstaande bronnen voldoende informatie met betrekking tot het onderzoeksgebied bevatten.

Plaatselijke musea In Nederland zijn diverse musea te vinden die gespecialiseerd zijn in de Tweede Wereldoorlog in een specifiek gebied in Nederland. In 2015 zijn geen musea geraadpleegd voor het vergaren van bronmateriaal. Aangezien bij REASeuro geen museum bekend is dat aanvullende informatie zou kunnen bieden met betrekking tot het huidige onderzoeksgebied, is geen musea gecontacteerd voor deze update. Heemkundekringen Overal in Nederland zijn heemkundekringen te vinden die geschiedkundige informatie over hun dorp, stad of gemeente delen via hun website of artikelen. In 2015 zijn geen Heemkundekringen geraadpleegd. Bovenstaande bronnen leveren voldoende informatie over de situatie van 1940-1945 in het onderzoeksgebied, om deze reden is voor deze update geen Heemkundekring geraadpleegd.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 18 van 47

In het verleden uitgevoerde bodemonderzoeken NGE In de database van REASeuro is gezocht naar in het verleden uitgevoerde NGE-bodemonderzoeken die relevant zijn voor het voorliggende HVO-NGE. Tevens wordt de VEO Bommenkaart, ProRail (mits railinfrastructuur binnen het onderzoeksgebied is gelegen) en relevante gemeenten geraadpleegd. Aan de hand van de REASeuro-database en bovengenoemde instanties wordt onderzocht of er, in relatie tot het voorliggende rapport, relevante in het verleden uitgevoerde onderzoeken zijn uitgevoerd. Mogelijk relevante NGE-bodemonderzoeken omvatten historische vooronderzoeken, projectgebonden risicoanalyses, detectierapporten en proces-verbalen van oplevering. In 2015 zijn enkele in het verleden uitgevoerde bodemonderzoeken NGE geanalyseerd. Voor voorliggende update is nogmaals gezocht in de REASeuro-database en bij verschillende instanties naar relevante in het verleden uitgevoerde onderzoeken. Het onderzoeksgebied van voorliggend project overlapt enkel met het onderzoek van REASeuro uit 2015, deze is opgenomen in paragraaf 2.1.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 19 van 47

3

CHRONOLOGISCHE GEBEURTENISSENLIJST AANVULLENDE BRONNEN

Uit het aanvullend geraadpleegde bronnenmateriaal zijn diverse oorlogshandelingen in en in de omgeving van het onderzoeksgebied naar voren gekomen. In dit hoofdstuk worden deze oorlogshandelingen gevat in een chronologische gebeurtenissenlijst. Per oorlogshandeling staat beschreven welke bronnen beschikbaar zijn voor elke oorlogshandeling. Daarnaast wordt de datum van de eerstvolgende, beschikbare luchtfoto vermeld die na de desbetreffende oorlogshandeling is genomen. Zoals blijkt uit onderstaande tabel hebben er binnen het onderzoeksgebied geen relevante oorlogshandelingen plaatsgevonden. Datum

Omschrijving

2 augustus 1940

Een brug en sluis nabij Leimuiden is gebombardeerd.

1 januari 1941

Eén brisantbom is neergekomen in een weiland in de gemeente Leimuiden. Negen brandbommen zijn neergekomen in de gemeente Leimuiden. Eén ballon met pamfletten is neergekomen in de gemeente Leimuiden. Eén brisantbom is neergekomen ter plaatse van een boerderij in de gemeente Alkemade. Brisantbommen zijn neergekomen in verschillende gemeenten waaronder Alkemade. Vier brisantbommen zijn neergekomen in een veld in de gemeente Leimuiden. De Vordere Wasserstellung is aangelegd waarbij verschillende militaire

19 februari 1941 24 mei 1941

22 januari 1942

4 juni 1942

17 september 1942

1944

74853/RO-220284 versie 1.0

Literatuur

Nederlandse archieven/instanties

Internationale archieven

Luchtfoto en betrouwbaarheid

Relevantie

Paragraaf

Niet relevant, afwerpmunitie neergekomen op meer dan twee kilometer van het onderzoeksgebied. Niet relevant, geen exacte locatie van neergekomen afwerpmunitie bekend.

N.v.t.

Niet relevant, geen exacte locatie van neergekomen brandbommen bekend. Niet relevant, de ballon betreft geen NGE.

N.v.t.

BaBL, NS 1/581, BaBL, R 58/3580

Niet relevant, geen exacte locatie van neergekomen afwerpmunitie bekend.

N.v.t.

BaBL, R 58/3580

Niet relevant, geen exacte locatie van neergekomen afwerpmunitie bekend.

N.v.t.

BaBL, R 58/3580

Niet relevant, geen exacte locatie van neergekomen afwerpmunitie bekend.

N.v.t.

Relevant, militaire infrastructuur binnen het onderzoeksgebied aangelegd.

4.1

TNA, AIR 24/222

NIOD, toegang 077, inv. 1328

NIOD, toegang 077, inv. 1328

BaBL, R 58/3578

IKME

28 september 1944: Kadaster

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

N.v.t.

N.v.t.

Pagina 20 van 47

Datum

1986

Omschrijving infrastructuur zijn aangelegd in de gemeenten Alkemade en Leimuiden. Voorzoekactie uitgevoerd langs de Oude Wetering.

Literatuur

Nederlandse archieven/instanties

Internationale archieven

Luchtfoto en betrouwbaarheid

Archief EOD

Relevantie

Paragraaf

Niet relevant, geen munitie geruimd.

N.v.t.

Tabel 3: Chronologische gebeurtenissenlijst aanvullende bronnen.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 21 van 47

4

ANALYSE EN LEEMTEN IN KENNIS

4.1

MILITAIRE INFRASTRUCTUUR

Uit informatie uit de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) is gebleken dat de voorliggende projectlocatie gelegen was binnen een Duitse verdedigingslinie, de zogenaamde Vordere Wasserstellung. Deze had tot doel om een invasie vanuit de kuststreek te vertragen.

Figuur 3: Uitsnede IKME (Bron: IKME).

Aangezien het rapport van REASeuro uit 2015 zich richtte op de vaarweg en niet op het land, is een luchtfoto van 28 september 1944 geanalyseerd of er ook militaire infrastructuur ter plaatse van het onderzoeksgebied is aangelegd. Op de luchtfoto zijn verschillende loopgraven zichtbaar. In deze loopgraven konden militairen dekking zoeken tegen mortier- en artillerievuur. Ook konden zij van hieruit de vijand onder vuur nemen. De loopgraven lopen vaak in zigzag- of zaagtandpatronen en niet in lange rechte lijnen. Het doel hiervan is dat een granaat die in een loopgraaf valt slechts schade kan aanrichten tot hooguit de volgende knik in het gangenstelsel. Ook voorkomt het dat er door de hele loopgraaf gevuurd kan worden. De loopgraven liggen echter op meer dan 150 meter van het onderzoeksgebied en enkel in de polder aan de westerzijde van de Oude Wetering. Hierdoor hebben deze dus geen invloed op de voorliggende projectlocatie en wordt er geen NGE-Verwachtingsgebied afgebakend.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 22 van 47

Figuur 4: Luchtfoto d.d. 28 september 1944 met uitsneden van schuilplaatsen (links) en een loopgraaf (rechts) (Bron: Kadaster).

Langs de Alkemadelaan ten westen van de projectlocatie zijn tevens verstoringen waar te nemen. Dit betreffen schuilplaatsen voor personen in het geval dat er geallieerde vliegtuigen een aanval op voertuigen op de deze weg uitvoerden. Deze posities werden enkel gebruikt om te schuilen. Daarbij hebben ter plaatse van Oude Wetering geen gevechten plaatsgevonden waarbij deze schuilplaatsen als wapenopstellingen gebruikt zijn. Ook zijn de schuilplaatsen op meer dan 25 meter van de projectlocatie gelegen. Derhalve wordt er geen NGE-Verwachtingsgebied afgebakend. Conclusie Na de analyse van de luchtfoto van 28 september 1944 is gebleken dat binnen de huidige projectlocatie geen militaire infrastructuur aanwezig is. Om deze reden wordt geen NGE-Verwachtingsgebied afgebakend binnen het onderzoekgebied. 4.2

LEEMTEN IN KENNIS

Uit de update van dit HVO-NGE zijn wel enkele leemten in kennis naar voren gekomen, namelijk: • Omdat de Duitse archieven grotendeels zijn vernietigd, zijn slechts weinig primaire gegevens beschikbaar over de Duitse zijde van de Tweede Wereldoorlog. • De precieze datum en locatie van het neerkomen van de bom, waarvan op 26 augustus 1940 een krater werd ontdekt aan de Waardweg, is niet bekend. • Aan de hand van het beschikbare bronnenmateriaal kan niet worden achterhaald waar de bommen op 1 januari 1941, 19 februari 1941, 22 januari 1942, 4 juni 1942 en 17 september 1942 zijn neergekomen. • Het is onvoldoende bekend of er gedurende de periode mei 1945 tot en met 1970 NGE zijn aangetroffen, dan wel verwijderd binnen het onderzoeksgebied. • Bij de munitieruimrapporten van de EOD is de locatie van de vindplaats vaak niet nauwkeurig weergegeven. Daarnaast is gebleken dat de kalibers niet altijd correct zijn aangegeven.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 23 van 47

• •

MORA’s die geregistreerd zijn op het politiebureau zijn niet geraadpleegd. De originele locaties van de geruimde explosieven zijn niet weergegeven in de ruimingsrapporten. Boven Nederlands grondgebied waren gedurende de oorlogsjaren op dagelijkse basis (jacht)bommenwerpers actief. Luchtafweergeschut werd ingezet om vijandelijke vliegtuigen uit te schakelen. Wanneer een luchtdoelgranaat het geoogde doel miste en/of de ontsteker van de granaat niet naar behoren functioneerde, kwam de granaat terecht op het maaiveld. Hier kon de granaat alsnog tot detonatie komen, of als blindganger in de bodem indringen. Het is niet in te schatten waar granaten van luchtafweergeschut zijn neergekomen, omdat het luchtafweergeschut meebeweegt met de overvliegende vliegtuigen. Granaten kunnen tot vele kilometers van het afweergeschut neerkomen. Om deze reden is het niet mogelijk een NGE-Verwachtingsgebied af te bakenen ten gevolge van neergekomen luchtafweergranaten, tenzij een concrete inslaglocatie bekend is of het luchtdoelgeschut tegen gronddoelen is ingezet.

74853/RO-220284 versie 1.0

DR Update HVO-NGE Kaag en Braassem Oude Wetering Kerkstraat 1-2

Pagina 24 van 47

5

CONCLUSIE EN ADVIES

In deze paragraaf zijn de conclusie en het advies opgenomen die uit dit HVO-NGE voortkomen. 5.1

CONCLUSIE HVO-NGE

In dit HVO-NGE zijn de volgende onderzoeksvragen beantwoord: • Is er sprake van een NGE-Verwachtingsgebied in (gedeelten van) de projectlocatie naar de situatie van 1945 (het einde van de oorlog)? o Nee, uit de analyse van het bronnenmateriaal en de oorlogshandelingen wordt niet verwacht dat er NGE zijn achtergebleven binnen de projectlocatie. • Welke soort, hoeveelheid en verschijningsvorm van de vermoede NGE kunnen worden verwacht? o Er worden geen NGE verwacht binnen de projectlocatie. • Wat is het advies met betrekking tot de (voorbereiding op de) uit te voeren werkzaamheden? o Het advies is opgenomen in paragraaf 5.2. 5.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=397b26fd-818e-4c2b-88e9-f4103cbf53e3