CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2024

Commissie Samenleving 11 oktober 2023, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: 21:10 uur Raadsvoorstel Programmabegroting 202430.759 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2. Wat zijn de speerpunten in 2024? Tabel 21 Programma 4 - Speerpunten 2024 SPEERPUNT

DIT GAAN WE DOEN

DIT WILLEN WE BEREIKEN

Bloeiend cultureel leven

Samen met cultuurmakers en – instellingen gefaseerd invulling geven aan het uitvoeringsprogramma Kunst en Cultuur 2021-2025.

Het culturele veld stimuleren in het culturele aanbod te versterken/ te ontwikkelen.

Continueren van het CultuurCafe, een netwerkplatform voor cultuurmakers en beleidsmakers.

Cultuurdeelname van inwoners stimuleren.

Continueren van de campagne CultiTijd om de zichtbaarheid van het cultureel aanbod te vergroten. Beheer/behoud cultuurhistorisch erfgoed

Opstellen van Beleid voor het IJsselsteinse Erfgoed. Hiervoor wordt in 2024 een Projectplan gemaakt waarbij gefaseerd wordt aangegeven wat wordt opgeleverd in 2024 en verder om het Erfgoed van IJsselstein: in beeld te krijgen (Cultuurhistorische Waardenkaart); uitgangspunten te formulieren wat we als IJsselstein zelf belangrijk vinden (Programma) en hoe we hier uitvoering aan kunnen geven (o.a. Erfgoedbeleid)

Het vastleggen van het IJsselsteinse Erfgoed, bepalen wat we hiervan belangrijk vinden en daar Beleid voor opstellen zodat hier voor langere tijd uitvoering aan kan worden gegeven.

Brede, laagdrempelige Bibliotheek

Behouden van een laagdrempelig toegankelijke bibliotheek met een breed aanbod.

Behouden van een toekomstbestendige bibliotheekfunctie.

Continueren van het informatiepunt digitale overheid (IDO). Voorbereiden op de gemeentelijke zorgplicht (2025) om een volwaardige bibliotheekfunctie te borgen. 24

Programmabegroting 2024

Naast het traditioneel aanbod voorzien in een complementair aanbod aansluitend bij de culturele, maatschappelijk en educatieve behoeften van inwoners.

SPEERPUNT

DIT GAAN WE DOEN

DIT WILLEN WE BEREIKEN

Onderwijsachterstandenbeleid

Beleidsplan OAB opstellen. Dit samen met partners onderwijs, bibliotheek en kinderopvang voorbereiden.

Actueel beleidsplan onderwijsachterstandenbeleid.

Aanbesteding/aanpassing verordening leerlingenvervoer en beleidsregels leerlingenvervoer

Op basis van de aanbesteding leerlingenvervoer de verordening leerlingenvervoer en beleidsregels leerlingenvervoer aanpassen.

Goede vervoersvoorziening voor leerlingen naar passend onderwijs

Aanpassing verordening voorzieningen huisvesting onderwijs

Aanpassing verordening voorzieningen huisvesting onderwijs. Dit samen met partners onderwijs.

Actuele verordening voorzieningen huisvesting onderwijs.

Prestatie-indicatoren BBV-beleidsindicatoren Tabel 22 Programma 4 - BBV-beleidsindicatoren

Verplichte beleidsindicator

IJsselstein

Gemiddelde van gemeenten met grootte tussen 25.000 en 50.000 inwoners

Tijdvak data

Eenheid

Absoluut verzuim

3,7

4,2

Aantal per 1.000 leerlingen

2022

Relatief verzuim

23

24

Aantal per 1.000 leerlingen

2022

Voortijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsvers)

1,4

1,9

% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs

2021

Niet-sporters

49,7

50,7 %

2020

3. Wat mag het kosten? Tabel 23 Programma 4 - Wat mag het kosten Begroting Aanpassingen 4. Onderwijs, sport en cultuur 2023 na 2023 - 2024 wijziging

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten

9.690.424

-155.080

9.535.344 10.928.102 9.815.594 10.021.433

Baten

2.133.603

57.722

2.191.325

2.189.907 2.188.488

2.188.488

Saldo voor mutaties reserves

7.556.821

-212.802

7.344.019

8.738.195

7.627.106

7.832.945

Toevoeging aan reserves

257.909

0

257.909

257.909

257.909

257.909

Onttrekking aan reserves

1.023.430

-408.351

615.079

1.267.631

797.620

803.184

Saldo na mutaties reserves

6.791.300

195.549

6.986.849

7.728.473 7.087.395

7.287.670

25

Programmabegroting 2024

Tabel 24 Programma 4 - Toelichting belangrijkste afwijkingen Toelichting afwijkingen P4 Onderwijs, sport en cultuur

Afwijking begrote lasten B2023 t.o.v. B2022

Afwijking begrote baten B2023 t.o.v. B2022

Toelichting afwijkingen voor bestemming Groot onderhoud

Gelijke kansen in het onderwijs Kunst

Brede SPUK

Combinatiefunctie Indexatie

De begrote kosten voor groot onderhoud fluctueren jaarlijks. In 2024 zijn de verwachte onderhoudskosten lager dan in 2023.

181.165

Amendement Gelijke kansen in onderwijs is beschikbaar gesteld voor 2023 en is niet begroot 50.000 voor 2024. In 2023 is er een exploitatiegarantie van € 160.927 aan het Fulco Theater betaald. 131.900 Daarnaast was de uitgestelde prestatie Uitvoeringsplan cultuur van € 72.000 begroot. Voor 2024 zijn beide niet begroot, maar is € 100.000 extra beschikbaar voor het uitvoeringsprogramma kunst en cultuur om na de corona periode het ingezette beleid voort te zetten. De Brede SPUK-regeling is voor alle gemeenten beschikbaar gesteld voor sport en bewegen, 176.845 gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis. De Brede SPUK is toegekend en verdeeld binnen programma 4 en 5. De Combinatiefuncties zijn geïntegreerd in de Brede SPUK. De prijsgevoelige budgetten zijn met 3% geïndexeerd om de inflatie te compenseren.

Totaal verschil saldo voor bestemming

157.162 174.701 168.681

57.722 57.722

Toelichting afwijkingen reserve mutaties In 2023 stond een onttrekking aan de Reserve Opschorting prestaties gepland inzake de uitgestelde prestaties conform jaarrekening 2022. In 2023 stond een eenmalige onttrekking begroot voor de exploitatiegarantie van het Fulcotheater. De onttrekking aan de reserve Groot onderhoud gebouwen past jaarlijks aan de geplande kosten aan. In 2024 vallen deze lager uit dan in 2023. Totaal verschil saldo na bestemming

Tabel 25 Programma 4 - Investeringen 2024 Omschrijving

kredietbedrag

Agnes, Tandem in 1MFA

2.990.640

Nieuwbouw Baanbreker (IHP 2021)

1.755.000

Vervangen sanitari was- en kleedlokalen IJFC

26

6.500

Programmabegroting 2024

72.000 160.927 171.424 168.681

-346.629

Verbonden partijen Deelname in de volgende verbonden partij(en) draagt bij aan het uitvoeren van activiteiten en realiseren van de doelstellingen binnen dit programma. Voor verdere toelichting over de verbonden partijen verwijzen we u naar pagina 71. GGD regio Utrecht RHC (Regionaal Historisch Centrum)

Kaderstellende documenten Coalitieakkoord 2022 – 2026 Integraal Huisvestingsplan 2021-2025 Nota Kunst en Cultuur 2021-2029 Uitvoeringsprogramma Kunst en Cultuur 2021-2025 Beleidsnota Sport 2020-2024 IJsselstein Beleidsnotitie vroeg en voorschoolse voorzieningen 2019-2022

27

Programmabegroting 2024

Inkomen, jeugd en wmo - programma 5 Omschrijving programma Dit programma gaat over de taken die de gemeente heeft in het zogeheten sociaal domein. Het gaat hierbij o.a. om de taken op het gebied van de Jeugdzorg, Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Werk en Inkomen, integratie, gezondheidszorg, wijkbewust werken, inburgering van nieuwkomers en beschermd wonen. Dit programma heeft een relatie met de volgende thema’s uit het coalitieakkoord 2022-2026: Sociaal domein Integratie Wonen

1. Wat willen we bereiken in de bestuursperiode 2022-2026? Het beleidsdocument “Koers Sociaal Domein” is het resultaat van gesprekken met inwoners, maatschappelijke partners en professionals. Samen is de basis gelegd voor de koers. We gaan deze nu met alle betrokkenen verder uitwerken. We zetten in op preventie, tijdige hulpverlening en de kracht van de samenleving. Hulp zo dicht mogelijk bij huis organiseren. Inwoners goede toegang bieden tot algemene voorzieningen die in de behoefte aan zorg en ondersteuning voorzien. We denken mee met inwoners en maatwerk voor meer complexe zorgvragen blijft altijd mogelijk. Het Steunpunt Mantelzorg zet actief in op hulp aan mantelzorgers. Hierbij letten we extra op jonge mantelzorgers. Als inwoners een hulpvraag hebben, horen zij op korte termijn of en hoe wij hun hulpvraag in behandeling nemen. Voor problemen op meerdere leefgebieden bij een inwoner of huishouden, maken we één plan en is er één aanspreekpunt. We zullen snel schuldhulpverlening inzetten om te voorkomen dat inwoners (en hun gezinnen) in een neerwaartse spiraal terecht komen. In het minimabeleid hebben we speciale aandacht voor de positie van kinderen; zij horen niet op te groeien in armoede. We helpen mensen zoveel mogelijk uit de Bijstand te komen. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of een arbeidsbeperking helpen in hun zoektocht naar betaald of vrijwilligerswerk.

WerkwIJSS en Werk en Inkomen Lekstroom blijven belangrijke partners voor het uitvoeren van de Participatiewet.

‘Een krachtige samenleving waarin iedereen naar vermogen mee kan doen.’

Bij hulpvragen met kinderen kijken we met voorrang naar hun veiligheid en welzijn. Het Jeugdteam zorgt voor tijdige inschakeling van specialistische, effectieve vormen van Jeugdzorg waar dat echt nodig is. Strubbelingen bij opvoeden en opgroeien horen bij het normale leven en dienen daarom met voorrang in eigen kring binnen sterke sociale verbanden (thuis, op school, in de wijk, etc.) te worden opgepakt. Inzet van professionele hulp komt in beeld wanneer problemen de veerkracht, kennis en expertise van gezinnen en het sociale netwerk overstijgen.

Hervormingsagenda jeugd 2023-2028 De hervormingsagenda is opgelegd vanuit het Rijk. IJsselstein zal zelfstandig en in afstemming met andere (Lekstroom) gemeenten uitvoering geven aan de uitwerking van de agenda. Deze agenda heeft als doel knelpunten in de jeugdzorg structureel aan te pakken. Een ander doel is het jeugdzorgstelsel financieel houdbaar maken voor de toekomst.

28

Programmabegroting 2024

Integratie IJsselstein moet ook voor statushouders een fijne plek zijn om te wonen, werken en te leven. Wij dienen te zorgen voor passende woonruimte. Het is van groot belang dat statushouders snel en goed kunnen integreren. In lijn met het landelijke beleid bieden wij hen kansen en mogelijkheden om onderdeel te zijn van onze maatschappij. Ook bieden wij statushouders ondersteuning met kansen op de arbeidsmarkt. Als voorwaarde stellen wij dat deelname aan het integratietraject niet vrijblijvend is. Van elke statushouder eisen wij een inspanningsverplichting.

2. Wat zijn de speerpunten in 2024? Tabel 26 Programma 5 - Speerpunten 2024 SPEERPUNT

DIT GAAN WE DOEN

DIT WILLEN WE BEREIKEN

Meer inzet op preventie en ondersteuning via algemene voorliggende voorzieningen.

Uitvoeren van het lokaal preventieakkoord.

Meer inzicht, inzet en gebruik in het aanbod en van preventieve en algemene voorzieningen.

Versterken opvoedkundig klimaat vanuit gedachtegoed van de pedagogische civil society door versterken en vergroten samenwerking lokale partijen, bieden van hulp en ondersteuning aan inwoners door goede informatievoorziening en/of preventieve activiteiten. Versterken eigen kracht, door regie zoveel mogelijk bij inwoners te laten. Vroegtijdige signalering van (lichte) problematiek door inzet van preventie, sociale structuren en goede samenwerking met lokale zorg- en maatschappelijke partijen (toegang).

Meer regie bij inwoners en hun netwerk. Inwoners kunnen naar vermogen deelnemen in de samenleving. Inwoners krijgen ondersteuning dicht bij huis en makkelijk toegankelijk, zo licht als mogelijk zo zwaar als nodig. Verergering van problematiek tegengaan. Vakmanschap van onze professionals in het lokaal team en van verwijzers vergroten middels training, intervisie, supervisie.

Gemeente, aanbieders en lokale partners gebruiken de meldcode en verwijsindex. Zorgen dat mantelzorgers in staat zijn hun waardevolle en onmisbare werk te kunnen blijven doen.

Via het sociaal team en eerste- en tweede lijnsvoorzieningen de mogelijkheden van mantelzorg ondersteuning actief onder de aandacht brengen, met speciale aandacht voor respijtzorg en jonge mantelzorgers.

Meer dan 50% van de mantelzorgers in IJsselstein is bekend met het Steunpunt mantelzorg en de mogelijkheden tot ondersteuning.

Bestrijding van armoede- en schuldenproblematiek.

Start uitvoeren armoedebeleidsplan 2024. Consequenties herziening armoedebeleid monitoren en zo nodig bijstellen.

Laagdrempelig en vindbaar armoedebeleid voor alle inwoners die dit nodig hebben inclusief ZZPers en ondernemers.

29

Programmabegroting 2024

SPEERPUNT

DIT GAAN WE DOEN

DIT WILLEN WE BEREIKEN

Passend woningaanbod en zorg voor mensen met een kwetsbaarheid.

Volgen Uitvoeringsagenda Woonzorgvisie en samenwerkingsafspraken met woningcorporatie, zorgpartijen en andere partners, domein overstijgend en in afstemming met de regio.

Concrete vastlegging welke plannen wanneer worden uitgevoerd om te voorzien in wonen, zorg en welzijn voor ouderen en andere kwetsbare doelgroepen.

Invulling geven aan de decentralisatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.

Uitvoering van het Regioplan Beschermd Wonen 2023-2024, het Uitvoeringsplan en het lokaal Uitvoeringsplan.

Mensen met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk in de eigen thuisomgeving in de eigen wijken te ondersteunen.

Kostenbeheersing en verantwoord begroten van jeugdzorg en Wmo uitvoering.

Zicht en inzicht op inzet middelen jeugd en Wmo. Verantwoord en realistisch begroten van de kosten op basis van verbeterd inzicht.

Behouden inzicht en sturing en monitoring in het sociaal domein.

Statushouders integreren snel en goed.

Begeleiden van statushouders naar werk(plekken), scholing of participatie. We maken afspraken met partners en aanbieders voor ondersteuning en begeleiding hierbij.

Een goed en structureel aanbod waardoor statushouders snel deelnemen aan werk, scholing of participatie.

Verdubbeling taakstelling vooral consequenties vooruitvoering. Opvang asielzoekers/ontheemden gevolgen oorlog Oekraïne.

Uitvoering geven aan de taak opvang asielzoekers/ontheemden. Actief ontwikkelingen van spreidingswet volgen en waar nodig anticiperen op de uitwerking.

Met elke IJsselsteiner die een bijstandsuitkering heeft wordt een persoonlijk plan opgesteld gericht op werk.

Doorontwikkeling integrale aanpak lokaal werkteam samen met sociaal team. Uitvoering geven aan breed offensief gericht op mensen met een arbeidsbeperking naar arbeid.

Realiseren van opvang en het bieden van perspectief op deelname aan de maatschappij middels werk, dagbesteding etc.

Zoveel mogelijk inwoners met een bijstandsuitkering zijn ‘in beweging’ naar werk, participatie, vrijwilligerswerk, dagbesteding.

Intensiveren samenwerking onderwijs en bedrijfsleven. Verbreden wijkbewust werken.

N.a.v. evaluatie 2023 van het initiatievenbudget en bewonersadviesplatform: opstellen beleidsplan wijkbewust werken opstellen uitvoeringsplan op basis van geformuleerde indicatoren.

Wijkbewust werken waar nodig.

Integraal Zorgakkoord (IZA) en Gezond en actief leven Akkoord (GALA).

Uitwerking plan van aanpak Integraal Zorg Akkoord.

Uitvoering geven aan het plan van aanpak IZA.

30

Programmabegroting 2024

Prestatie-indicatoren BBV-beleidsindicatoren Tabel 27 Programma 5 - BBV-beleidsindicatoren Gemiddelde van gemeenten met IJsselstein grootte tussen Eenheid 25.000 en 50.000 inwoners Aantal per 1.000 586,5 704 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar

Verplichte beleidsindicator

Banen

Tijdvak data

2022

Jongeren met een delict voor de rechter 1

1

% 12 t/m 21 jarigen

2020

Kinderen in uitkeringsgezin

6

% kinderen tot 18 jaar

2021 2022 2021

5

Netto arbeidsparticipatie

75,4

71,0

% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking

Werkloze jongeren

1

2

% 16 t/m 22 jarigen

Personen met een bijstandsuitkering

272,2

277,1

Lopende re-integratievoorzieningen

164,8

197,7

Jongeren met jeugdhulp

14,5

13,2

Jongeren met jeugdbescherming

0,9

1,2

Jongeren met jeugdreclassering

Geen data

Geen data

% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar

2022

Cliënten met een Wmo voorziening

4%

Geen data

% van alle inwoners

2022

Aantal per 10.000 inwoners Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar % van alle jongeren tot 18 jaar % van alle jongeren tot 18 jaar

2022 2022 2022 2022

3. Wat mag het kosten? Tabel 28 Programma 5 - Wat mag het kosten Begroting Aanpassingen 5. Inkomen, jeugd en Wmo 2023 na 2023 - 2024 wijziging

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten

38.867.056

1.992.575

40.859.631

40.590.029 40.163.278

40.103.022

Baten

7.493.993

569.554

8.063.547

7.908.000

8.209.680

8.102.827

Saldo voor mutaties reserves

31.373.063

1.423.021

32.796.084

32.682.029

31.953.598

32.000.195

Toevoeging aan reserves

17.542

0

17.542

17.542

17.542

17.542

Onttrekking aan reserves

594.862

-567.001

27.861

34.042

22.733

58.528

Saldo na mutaties reserves

30.795.743

1.990.022

32.785.765

32.665.529

31.948.407

31.959.209

31

Programmabegroting 2024

Tabel 29 Programma 5 - Toelichting belangrijkste afwijkingen Toelichting afwijkingen P5 Inkomen, Jeugd en Wmo

Toelichting afwijkingen voor bestemming Groot onderhoud De begrote kosten voor groot onderhoud fluctueren jaarlijks. In 2024 zijn de verwachte onderhoudskosten lager dan in 2023. Indexatie De prijsgevoelige budgetten zijn geïndexeerd om de inflatie te compenseren. Brede Spuk De Brede SPUK-regeling is voor alle gemeenten beschikbaar gesteld voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis. De Brede SPUK is toegekend en verdeeld binnen programma 4 en 5. Uitgestelde prestaties Conform het raadsvoorstel bij de jaarrekening 2022 waren er diverse uitgestelde prestaties waarvoor resterend budget uit 2022 in 2023 incidenteel beschikbaar was gesteld. Re-integratie In lijn met het coalitieakkoord willen we voor iedere inwoner in de bijstand een persoonlijk plan gericht op werk opstellen. Hier passen we het budget op aan. Totaal verschil saldo voor bestemming Toelichting afwijkingen reserve mutaties In 2023 stond een onttrekking aan de Reserve Opschorting prestaties gepland inzake de uitgestelde prestaties conform jaarrekening 2022. De onttrekking aan de reserve Groot onderhoud gebouwen past jaarlijks aan de geplande kosten aan. In 2024 vallen deze lager uit dan in 2023. Totaal verschil saldo na bestemming

Afwijking Afwijking begrote begrote baten lasten B2024 B2024 t.o.v. t.o.v. B2023 B2023 38.183

-1.863.826 -339.720

516.565

211.583

-95.000

-2.048.780

516.565 -530.000

-37.001

-2.048.780

-50.436

Verbonden partijen Deelname in de volgende verbonden partij(en) draagt bij aan het uitvoeren van activiteiten en realiseren van de doelstellingen binnen dit programma. Voor verdere toelichting over de verbonden partijen verwijzen we u naar pagina 71. GGD regio Utrecht Werk en Inkomen Lekstroom WIL WerkwIJSS

Kaderstellende documenten Coalitieakkoord 2022 - 2026 Gemeentebeleidsmonitor 2021 Uitvoeringsplan Opvang, wonen en herstel 2021 Nota IJsselstein Gezond en Vitaal 20212025 Regiovisies Jeugdhulp en Wmo 2021 Inkoopkaders Jeugdhulp en Wmo 2021

32

Lokaal Preventieakkoord IJsselstein 2021 Koersdocument sociaal domein 2019 Kadernotitie Bewonersparticipatie en Wijkbewust Werken 2021 Eindrapportage Evaluatie Innovatieagenda WIL-Gemeenten 2021 Lokaal Preventieakkoord IJsselstein 2021 Jeugdnota 2023-2026

Programmabegroting 2024

Overhead – programma 6 Omschrijving programma Overhead bestaat uit de kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van primaire processen. Activiteiten die onder de overhead vallen, zijn grofweg in te delen in: ondersteunende teams (zoals activiteiten van personeelszaken, facilitaire zaken en financiën) en ondersteunende personen op de taakvelden (zoals activiteiten van leidinggevenden en het secretariaat).

Prestatie-indicatoren BBV-beleidsindicatoren Tabel 30 Programma 6 - BBV-beleidsindicatoren Verplichte beleidsindicator

Gemiddelde van gemeenten IJsselstein met grootte tussen 25.000 Eenheid en 50.000 inwoners

Tijdvak data

Formatie

7,21

Gegevens niet beschikbaar

Fte per 1.000 inwoners

2023

Bezetting

6,96

Gegevens niet beschikbaar

Fte per 1.000 inwoners

2023

Apparaatskosten

305,71

Gegevens niet beschikbaar

2024

Externe inhuur

2,38%

Gegevens niet beschikbaar

Kosten per inwoner Kosten als % van (totale loonsom + totale kosten inhuur externen)

Overhead

10,96%

Gegevens niet beschikbaar

% van totale lasten

2024

2024

3. Wat mag het kosten? Tabel 31 Programma 6 - Wat mag het kosten 6. Overhead

Begroting Aanpassingen 2023 na 2023 - 2024 wijziging

Begroting 2024

Lasten

10.944.736

6.733

10.951.469

Baten

643.269

25.261

668.530

668.530

668.530

668.530

10.301.467

-18.528

10.282.939

10.269.160

10.216.756

10.190.448

Toevoeging aan reserves

83.327

0

83.327

83.327

83.327

83.327

Onttrekking aan reserves

175.213

-47.743

127.470

111.210

85.111

34.860

10.209.581

29.215

10.238.796

10.241.277

10.214.972

10.238.915

Saldo voor mutaties reserves

Saldo na mutaties reserves

34

Programmabegroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

10.937.690 10.885.286

10.858.978

Tabel 32 Programma 6 - Toelichting belangrijkste afwijkingen Onderwerp

Toelichting aanpassingen Overhead

Aanpassing begrote lasten 2024 t.o.v. 2023

Aanpassing begrote baten 2024 t.o.v. 2023

Toelichting afwijkingen voor bestemming Groot onderhoud stadskantoor

Hybride werken

In 2024 wordt er volgens het beheerplan meer groot onderhoud begroot dan in 2023. In 2023 is het project hybride werken gestart voor dit project waren incidentele kosten begroot in 2023.

-105.151

133.950

Totaal verschil saldo voor bestemming Toelichting afwijkingen reserve mutaties Onttrekking reserve groot onderhoud

28.799

In 2024 wordt er minder onttrokken voor groot onderhoud stadskantoor t.o.v. 2023.

Totaal verschil saldo na bestemming

Omschrijving

kredietbedrag

Smartphones

58.000

Zware devices

6.904

Computers en beeldschermen

35

-

47.743 28.799

Tabel 33 Programma 6 - Investeringen 2024

110.000

Programmabegroting 2024

0

-47.743

Algemene dekkingsmiddelen – programma 7 Omschrijving programma De algemene dekkingsmiddelen dienen als financiële dekking voor onze uitgaven. De besteding van deze inkomsten is niet aan een bepaald programma of doel gebonden.

3. Wat mag het kosten? Tabel 34 Programma 7 - Wat mag het kosten 7. Algemene dekkingsmiddelen

Begroting Aanpassingen 2023 na 2023 - 2024 wijziging

Begroting 2024

Lasten

2.524.868

1.136.895

3.661.763

3.576.410

3.491.697

3.622.391

Baten

67.224.839

2.584.350

69.809.189

69.413.584

64.890.879

64.194.438

Saldo voor mutaties reserves

-61.399.182 -60.572.047

Raming 2025 Raming 2026

Raming 2027

-64.699.971

-1.447.455

-66.147.426

-65.837.174

Toevoeging aan reserves

55.000

0

55.000

55.000

55.000

55.000

Onttrekking aan reserves

0

0

0

0

0

0

-1.447.455 -66.092.426

-65.782.174

-61.344.182

-60.517.047

Saldo na mutaties reserves

36

-64.644.971

Programmabegroting 2024

Tabel 35 Programma 7 - Toelichting belangrijkste afwijkingen Onderwerp

Toelichting aanpassingen Algemene dekkingsmiddelen

Aanpassing begrote lasten 2024 t.o.v. 2023

Aanpassing begrote baten 2024 t.o.v. 2023

Toelichting afwijkingen voor bestemming Indexatie

De prijsgevoelige budgetten zijn met 3% geïndexeerd om de inflatie te compenseren.

Treasury

Doordat de investeringslasten op de programma's zijn toegenomen is de interne rente baat hoger.

Algemene uitkering

De totale omvang van de algemene uitkering is voor 2024 aanzienlijk gestegen. Deze stijging heeft voornamelijk te maken met de bijstelling van de algemene uitkering voor loon- en prijsontwikkelingen.

Stelpost Algemeen

Conform het raadsvoorstel bij de decembernota 2022 is de uitgestelde prestatie uit 2022 in 2023 incidenteel beschikbaar gesteld voor energiearmoede. Deze middelen zijn in 2024 niet begroot.

188.227

Stelpost Loon/prijscompensatie

De stelpost voor loon- en prijsstijging wordt verhoogd met een indexatie op de loonsom van 3% voor 2024. Per 1 januari 2024 verloopt de Cao, op dat moment zal pas duidelijk worden met hoeveel procent de lonen zullen stijgen.

-598.753

Stelpost achteruitgang algemene uitkering

Bij de meicirculaire 2023 is de algemene uitkering meerjarig fors gestegen. Vanuit het voorzichtigheidsprincipe vormen we een stelpost om een eventuele achteruitgang van de algemene uitkering op te kunnen vangen, zonder dat dit gelijk invloed heeft op de begroting. In de afgelopen jaren hebben wij veel taken vanuit het Rijk erbij gekregen. Deze taken vragen extra ambtelijke inzet. In 2023 is een gedeelte van deze stelpost al ingezet. In 2024 zullen wij voorstellen doen om het restant in te vullen.

-322.311

Stelpost ambtelijke bezetting op sterkte

161.095 113.079

2.485.255

-453.314

Stelpost voortgang coalitie

Bij de vaststelling van de begroting 2023 is vanaf 2024 een stelpost opgenomen voor de voortgang van het coalitieakkoord. Totaal verschil saldo voor bestemming

-200.000

-1.273.072

2.646.350

Toelichting afwijkingen reserve mutaties -

Geen significante afwijkingen -

Totaal verschil saldo na bestemming

37

-1.273.072

Programmabegroting 2024

2.646.350

Onvoorzien – programma 8 Omschrijving programma De post onvoorzien is om onvoorziene uitgaven op te kunnen vangen. Het gaat hierbij om onvoorziene, onvoorziene, onvermijdbare en onuitstelbare kosten.

3. Wat mag het kosten? Tabel 36 Programma 8 - Wat mag het kosten Begroting 8. Onvoorzien 2023 na wijziging Lasten 40.450 Baten 0 Saldo voor mutaties reserves 40.450 Toevoeging aan reserves 0 Onttrekking aan reserves 0 Saldo na mutaties reserves 40.450

Aanpassingen 2023 - 2024

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

0 0 0 0 0 0

40.450 0 40.450 0 0 40.450

40.450 0 40.450 0 0 40.450

40.450 0 40.450 0 0 40.450

40.450 0 40.450 0 0 40.450

Binnen dit programma zijn er geen significante afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023.

38

Programmabegroting 2024

VPB – programma 9 Omschrijving programma Vanaf 1 januari 2016 dienen gemeenten (en andere overheden) vennootschapsbelasting (vpb) te betalen over de winst die ze met hun ondernemingsactiviteiten maken. Voor onze gemeente zijn deze activiteiten beperkt zijn en voornamelijk betrekking hebben op de grondexploitaties.

3. Wat mag het kosten? Tabel 37 Programma 9 - Wat mag het kosten Begroting 2023 9. VPB na wijziging Lasten 0 Baten 0 Saldo voor mutaties reserves 0 Toevoeging aan reserves 0 Onttrekking aan reserves 0 Saldo na mutaties reserves 0

Aanpassingen 2023 - 2024 0 0 0 0 0 0

Begroting 2024 0 0 0 0 0 0

Raming 2025 0 0 0 0 0 0

Raming 2026 0 0 0 0 0 0

Raming 2027 0 0 0 0 0 0

Binnen dit programma zijn er geen significante afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023.

39

Programmabegroting 2024

Paragrafen

40

Programmabegroting 2024

Lokale heffingen Algemeen In deze paragraaf wordt een beeld gegeven van de ontwikkeling van de gemeentelijke belastingen. Hierna volgt een samenvatting van de ontwikkeling van de lokale belastingdruk. In de onderdelen daarna wordt per belastingsoort toegelicht hoe deze berekend wordt en wat de uitgangspunten hiervoor zijn. Dit is gedaan door enerzijds de ontwikkeling in beeld te brengen tussen de begroting 2024 en de gewijzigde begroting 2023, maar ook door deze te vergelijken met de ontwikkeling van het landelijk gemiddelde. Hierna worden de ontwikkelingen in de volgende belastingsoorten toegelicht: Onroerendezaakbelastingen (OZB); Afvalstoffenheffing; Rioolheffingen; Marktgelden; Begraafrechten; Leges. Tot slot gaan we in op het kwijtscheldingsbeleid en de onbenutte belastingcapaciteit.

Ontwikkeling lokale lastendruk Het kengetal belastingcapaciteit, dat op grond van het gewijzigde BBV dient te worden berekend, geeft aan hoe de lasten van de voornaamste lokale belastingen zich ontwikkelen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De lasten in het jaar worden afgezet tegen de gemiddelde landelijke lasten van het voorgaande jaar. Tabel 38 Lokale heffingen - Ontwikkeling lokale lastendruk Ontwikkelingen lokale belastingdruk

2023

2024

Bedragen in euro's

OZB Woningen (Op basis van gemiddelde WOZ woningen €313.000)* Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishouden) Rioolheffing (meerpersoonshuishouden) Totaal

in €

in %

252,43

260,00

7,57

3,0%

447,72 298,70

501,09 333,56

53,37 34,86

11,9% 11,7%

998,85

Gemiddelde alle gemeenten voorgaande jaar Kengetal belastingcapaciteit (BBV)

Verschil t.o.v. 2023

904,00 110,5%

1.094,65

944,00 116,0%

95,80

40,00 0

9,6%

4,4% 4,7%

*Prognose op basis van de waarde van 1-1-2022. Definitieve vaststelling kan afwijken van vaststelling cijfers 2023.

41

Programmabegroting 2024

Belastingen Onroerendezaakbelasting (OZB) De grondslag voor de aanslagen onroerendezaakbelastingen is de vastgestelde waarde (WOZ-waarde) van de onroerende zaak. Voor 2024 wordt voorgesteld om de opbrengsten van de onroerendezaakbelastingen met het algemene prijsinflatiepercentage van 3% te verhogen. Voor de onroerendezaakbelastingen zelf betekent dit nog niet dat de tarieven met 3% zullen worden verhoogd. Dit is afhankelijk van de waardeontwikkelingen van de woningen en bedrijfsgebouwen. Bij het bepalen van de tarieven die in december 2023 in de belastingverordening worden opgenomen, wordt gerekend met de meest recente waardeontwikkeling. Uitgangspunt daarbij is dat de totale baten voor OZB toenemen met 3% prijsinflatie. Onderstaande tariefinschatting is gemaakt aan de hand van de op dit moment beschikbare data. Tabel 39 Lokale heffingen - Verwachte baten onroerendezaakbelasting Onroerendezaakbelasting Belastingjaar 2023 4.021.084 1.348.748 5.369.832

OZB baten woningen OZB baten niet-woningen Totaal opbrengst

Tabel 40 Lokale heffingen - Tarieven onroerendezaakbelasting Onroerendezaakbelasting*

Verschil t.o.v. 2023

2024 in € 4.141.717 1.389.210 5.530.927

120.633 40.462 161.095

in % 3,0% 3,0% 3,0%

Belastingjaar

2022 2023 2024 Gebruikers, niet woningen 0,1490 0,1520 NTB Eigenaren, woningen 0,0783 0,0684 NTB Eigenaren, niet woningen 0,1858 0,1895 NTB *De tarieven voor 2024 kunnen pas berekend worden nadat de Waarderingskamer de waardestijging

heeft gepubliceerd eind 2023.

Parkeerbelasting Parkeerbelasting wordt geheven in het door het college aangewezen gebied in en rond het centrum van de gemeente. De tarieven van de parkeerbelasting worden in oktober 2023 bepaald. Tabel 41 Lokale heffingen - Tariefwijzigingen parkeren Parkeerbelasting Vergunning parkeren 1e bewonersvergunning 2e bewonersvergunning Zakelijke parkeervergunning Parkeervergunning Mantelzorg Parkeervergunning Hulpverleners Parkeervergunning Marktkooplieden Werkparkeervergunning

Woonwerkparkeervergunning Deelauto-vergunning Bezoekersparkeren bewoners Bezoekersparkeren hulpverl. Instanties Straatparkeren Terreinparkeren Podium

42

Tijdvak

per jaar per jaar per jaar per jaar per jaar per jaar per dag per week per maand per kwartaal per jaar per jaar per jaar per uur per uur per uur per uur

Programmabegroting 2024

Belastingjaar 2023 0,00 139,30 203,65 0,00 59,00 59,00 9,65 28,80 86,20 215,50 646,30 59,00 203,65 0,55 0,55 3,60 3,60

2024 0,00 145,65 212,90 0,00 61,65 61,65 10,10 30,10 90,15 225,25 675,60 61,65 212,90 0,55 0,55 3,80 3,80

Toelichting Na de reguliere stijging conform de parkeerexploitatie, worden de tarieven verhoogd met de inflatiecorrectie van 1,54% over 2023 en 3% inflatie over 2024. Alle tarieven worden afgerond op € 0,05 behalve bij het garage- en het straatparkeren. Deze worden afgerond op € 0,10 omdat dit de kleinste contante betaaleenheden zijn. Tabel 42 Lokale heffingen - Geraamde baten straat- en garageparkeren Parkeerbelasting Begroting Verschil t.o.v. 2023 Bedragen in euro's 2023 2024 in € in % Geraamde baten Straatparkeren 899.257 940.083 40.826 4,5% Geraamde baten Garageparkeren 173.619 181.502 7.883 4,5% Totaal geraamde baten straat- en terreinparkeren 1.072.876 1.121.585 48.709 4,5%

Heffingen en rechten Heffingen en rechten mogen conform de BBV richtlijnen (Wijzigingsbesluit BBV 5 maart 2016) niet meer dan kostendekkend zijn.

Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven van de bewoner van een eigendom, waarbij huishoudelijke afvalstoffen worden opgehaald. Er is sprake van een tariefdifferentiatie naar gezinsverhouding. Voor 2024 zien we een stijging van het tarief. Dit komt hoofdzakelijk door de door de cao stijging bij de afvalstoffendienst (RMN). Tabel 43 Lokale heffingen - Geraamde baten afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing Belastingjaar 2023 5.366.570

Totaal geraamde baten Tabel 44 Lokale heffingen - Tarieven afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing

Verschil t.o.v. 2023

2024 in € 5.999.948 633.378

Belastingjaar

in % 11,8%

Verschil t.o.v. 2023

Bedragen in euro’s Eenpersoonstarief

2023 232,61

260,34

2024 in € 27,73

in % 11,9%

Meerpersoonstarief

447,72

501,09

53,37

11,9%

De berekening van de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing is als volgt: Tabel 45 Lokale heffingen - Kostendekkendheid afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing

Begroting 2023 4.463.827 4.463.827

2024 4.987.656 4.987.656

5.955 896.787

5.782 1.006.510

Uitgaven taakveld

5.366.569

5.999.948

Opbrengst heffing inclusief vrijval egalisatiereserve Dekkingspercentage

5.366.570 100%

5.999.948 100%

Kosten taakveld Inkomsten taakveld (excl. heffingen) Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw

43

Programmabegroting 2024

Rioolheffing Vanaf 2021 is de heffingssystematiek voor de rioolheffing op basis van het in de raad van januari 18 januari 2021 aangenomen raadsvoorstel gewijzigd. Waar de heffing tot 2021 gebaseerd was op het waterverbruik is er vanaf 2021 voor woningen een systematiek ingesteld op basis van type huishouden, gelijk aan de heffingssystematiek bij de afvalstoffenheffing. Voor niet-woningen is wel een tarief gebaseerd op waterverbruik, maar dan gebruik makend van een staffel. De tarieven worden periodiek herrekend op basis van het Gemeentelijk Rioleringsplan. Voor 2024 zien we een stijging van het tarief. Dit wordt deels verklaard door de cao stijging en reguliere kostenstijging. Daarnaast hebben we de stijging van de kosten in 2023 opgevangen door een onttrekking te doen aan de egalisatiereserve rioolheffing. Dit is in 2024 voor de helft teruggebracht, waardoor het tarief stijgt. Tabel 46 Lokale heffingen - Geraamde baten rioolheffing Rioolheffing

Belastingjaar 2023 3.888.057 391.778 4.279.835

Totaal geraamde baten* Onttrekking egalisatiereserve riolering Totaal Tabel 47 Lokale heffingen - Tarieven rioolheffing Rioolheffing woningen Bedragen in euro's Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden

Belastingjaar 2023 142,04 298,70

Tabel 48 Lokale heffingen - Staffel rioolheffing niet-woningen Staffel rioolheffing nietBelastingjaar woningen Bedragen in euro's 2023 2024 Vast Variabel Vast 0m3 - 500m3 83,52 58,52 93,27 501m3 - 750m3 668,73 58,52 746,76 751m3 - 3000m3 961,34 58,52 1.073,51 3001m3 - 6000m3 3.594,81 117,04 4.014,22 6001m3 - 12000m3 7.106,11 117,04 7.935,18 12001m3 - 24000m3 14.128,70 117,04 15.777,10 > 24000m3 28.146,45 117,04 31.460,93

Verschil t.o.v. 2023

2024 in € in % 2,8% 3.997.107 109.050,00 174.714 -217.064,00 2,5% 4.171.821 -108.014,00

Verschil t.o.v. 2023 2024 in €

158,62 333,56

in % 11,7% 11,7%

16,58 34,86

Verschil t.o.v. 2023 in € Variabel 65,35 65,35 65,35 130,70 130,70 130,70 130,70

Vast 9,75 78,03 112,17 419,41 829,08 1.648,40 3.314,48

Variabel 6,83 6,83 6,83 13,66 13,66 13,66 13,66

in % Vast Variabel 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,7% 11,8%

Het variabele bedrag in de heffingssystematiek geldt voor iedere 50m3 boven de ondergrens van de staffel. De berekening van de kostendekkendheid van de rioolheffing is als volgt: Tabel 49 Lokale heffingen - Kostendekkendheid rioolheffing Rioolheffing Kosten taakveld Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw Uitgaven taakveld Opbrengst heffingen incl. onttrekking reserve Dekkingspercentage

44

Programmabegroting 2024

Begroting 2023 3.451.990 3.451.990

2024 3.362.914 3.362.914

165.563 662.283 4.279.836 4.279.835 4.279.835 100%

165.563 643.343 4.171.821 4.171.821 100%

Marktgelden Marktgelden worden geheven voor het huren van een kraam op de weekmarkt. De tarieven worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 1,54% over 2023 en 3% inflatie over 2024. Tabel 50 Lokale heffingen - Geraamde baten marktgelden Marktgelden Totaal geraamde baten

Belastingjaar

2023 41.305

Tabel 51 Lokale heffingen - Tarief marktgelden vaste standplaats Marktgelden Bedragen in euro's Vaste standplaats per dag per strekkende meter Met licht en pinautomaat Met licht, pinautomaat, kassa en weegschaal Met licht, pinautomaat plus koeling en/of bakapparatuur

43.180

Verschil t.o.v. 2023 2024 in € in % 1.875

Verschil t.o.v. 2023

Belastingjaar 2023 3,33 3,62 4,21

4,5%

2024 in € 3,48 3,79 4,40

in % 0,15 0,16 0,19

4,5% 4,5% 4,5%

De berekening van de kostendekkendheid van de marktgelden is als volgt: Tabel 52 Lokale heffingen - Kostendekkendheid marktgelden Marktgelden

Begroting

Kosten taakveld Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw Uitgaven taakveld Opbrengst heffingen Dekkingspercentage

2023 46.522 46.522

2024 48.304 48.304

14.598 3.280 64.401

15.424 3.430 67.158

41.305 64%

43.180 64%

Begraafrechten Begraafrechten worden geheven voor alle werkzaamheden die samenhangen met het begraven. De tarieven worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 1,54% over 2023 en 3% indexatie over 2024. Tabel 53 Lokale heffingen - Geraamde baten begraafrechten Begraafrechten Belastingjaar Totaal geraamde baten

2023 282.946

Verschil t.o.v. 2023 2024 in € 250.234

in % -11,6%

-32.712

Er is sprake van een uitgebreide tarieventabel. In deze paragraaf wordt volstaan met een opsomming van de meest bepalende tarieven: Tabel 54 Lokale heffingen - Tarieven begraafrechten Begraafrechten Belastingjaar Bedragen in euro's Eigen graf 20 jaar Keldergraf 20 jaar Urngraf 20 jaar Kindergraf 20 jaar Begraafrecht Bijzetten asbus en urn Onderhoud per jaar

45

2023 2.862,70 5.725,24 1.435,30 1.504,68 1.372,46 686,44 199,15

Programmabegroting 2024

Verschil t.o.v. 2023 2024 in € 2.992,66 129,97 5.985,17 259,93 1.500,46 65,16 1.572,99 68,31 1.434,77 62,31 717,60 31,16 208,19 9,04

in % 4,5% 4,5% 4,5% 4,5% 4,5% 4,5% 4,5%

De berekening van de kostendekkendheid van de begraafrechten is als volgt: Tabel 55 Lokale heffingen - Kostendekkendheid begraafrechten Begraafrechten

Begroting

Kosten taakveld Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw Uitgaven taakveld Opbrengst heffingen Dekkingspercentage

2023 342.457 342.457

2024 204.873 204.873

67.765 410.222

98.186 4.763 307.823

282.946 69%

250.234 81%

Toelichting: Zowel de geraamde kosten als baten dalen. Omdat de kosten harder dalen dan de inkomsten, stijgt de kostendekkendheid.

Leges Leges worden geheven voor specifieke door de gemeente verstrekte individuele diensten. Voorbeelden hiervan zijn: het verstrekken van paspoorten, voltrekken van huwelijken en afgeven van vergunningen en ontheffingen. Er zijn meer dan honderd verschillende diensten en tarieven. Ook ten aanzien van de legestarieven wordt voorgesteld om deze met het 3% prijsinflatiecorrectie te verhogen. Individuele legestarieven kunnen met meer of minder dan 3% stijgen. Voorbeelden hiervan zijn de wettelijke vastgestelde tarieven en/of rijksleges, zoals paspoorten en rijbewijzen. De tarieven worden in december voorafgaand aan het begrotingsjaar vastgesteld. Tabel 56 Lokale heffingen - Geraamde baten leges Leges Bedragen in euro's Geraamde baten Secretarieleges KCC Geraamde baten Leges omgevingsvergunningen Geraamde baten Leges APV Totaal geraamde baten leges

2023 378.369

Verschil t.o.v. 2023 2024 in € in % 564.720 186.351 49,3%

937.123 38.922 1.354.414

965.237 40.090 1.570.047

Begroting

28.114 1.168 215.633

3,0% 3,0% 16%

De berekening van de kostendekkendheid van de leges burgerzaken is als volgt: Tabel 57 Lokale heffingen - Kostendekkendheid leges burgerzaken en APV Leges burgerzaken en APV

Begroting

Kosten taakveld Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw Uitgaven taakveld

2023 576.136 576.136

2024 688.282 688.282

209.862 18.544 804.542

212.985 68.717 969.984

Opbrengst heffingen Dekkingspercentage

417.291 52%

604.810 62%

46

Programmabegroting 2024

Toelichting: Omdat de geldigheidsduur van veel paspoorten en ID-kaarten verloopt verwachten we in 2024 hogere inkomsten en uitgaven. Omdat de inkomsten harder stijgen dan de uitgaven, stijgt de kostendekkendheid. De berekening van de kostendekkendheid van de leges omgevingsvergunningen is als volgt: Tabel 58 Lokale heffingen - Kostendekkendheid leges omgevingsvergunningen Leges omgevingsvergunningen

Begroting 2023 991.343 991.343

2024 1.246.921 1.246.921

Kosten taakveld Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead Btw Uitgaven taakveld

118.940 142.147 1.252.430

260.589 147.763 1.655.273

Opbrengst heffingen Dekkingspercentage

937.123 75%

1.006.381 61%

Toelichting: De legesinkomsten waren afgelopen jaren lager dan begroot. De tarieven waren daarmee te laag. Daarom onderzoeken we hoeveel de tarieven aangepast moeten worden om onze begrote inkomsten te halen. In afwachting van de resultaten van het onderzoek hebben we onze begrote inkomsten geïndexeerd. De resultaten van het onderzoek worden meegenomen in tarieven voor 2024. Hiermee zullen de tarieven een inhaalslag maken en harder stijgen dan de inflatie.

Kwijtscheldingsbeleid Als een belastingschuldige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan op verzoek gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De normen voor het behandelen van kwijtscheldingsverzoeken worden bepaald door de rijksoverheid. Volgens de Rijksnormen wordt beoordeeld of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding. Kwijtschelding wordt verleend met betrekking tot de volgende gemeentelijke belastingsoorten: Onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing, en de rioolheffingen. De kwijtscheldingen maken deel uit van het minimabeleid, dat onderdeel is van programma Inkomen, jeugd en Wmo. Kwijtscheldingen worden meegenomen bij het bepalen van de heffingen, omdat daar het uitgangspunt van volledige kostendekkendheid geldt. Bij de onroerendezaakbelastingen spelen de lasten geen directe rol bij het bepalen van de tarieven. In 2023 is een Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen vastgesteld. Het kwijtscheldingsbeleid wordt uitgevoerd door de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). Zij maken voor het gebruik van de automatische kwijtscheldingen gebruik van het Inlichtingenbureau van de VNG. Dit bureau geeft een advies of een huishouden in aanmerking komt voor kwijtschelding.

Is het advies positief dan ontvangt dit huishouden automatisch kwijtschelding. De huishoudens die niet voor automatische kwijtschelding in aanmerking komen, kunnen nog een afzonderlijk verzoek hiertoe indienen bij BSR.

47

Programmabegroting 2024

Onbenutte belastingcapaciteit OZB De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra middelen die gegenereerd kunnen worden door de tarieven van de gemeentelijke heffingen te verhogen tot het wettelijk toegestane maximum. De onbenutte belastingcapaciteit kan worden berekend door de maximaal toegestane belastingbaten/tarieven te vergelijken met de belastingbaten/-tarieven in de gemeente. Tabel 59 Lokale heffingen - Onbenutte belastingcapaciteit onroerendezaakbelasting Onbenutte belastingcapaciteit Omschrijving WOZ-waarden (in €, raming 2023) Maximale OZB-opbrengst (Norm art.12: 0,1800% van de WOZ-waarde) Af: geraamde OZB-opbrengst 2024 Onbenutte belastingcapaciteit

48

Programmabegroting 2024

2024 5.744.000.000 10.339.200 5.530.927 4.808.273

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de ontwikkeling van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen van een gemeente is het vermogen om financiële risico’s op te kunnen vangen. Hierbij is de uitdaging om een passende financiële buffer te vormen. Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen zijn twee elementen van belangen: De beschikbare weerstandscapaciteit: de middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten te dekken die onverwachts en substantieel zijn; De aanwezige risico’s: dit zijn risico’s die de gemeente loopt waarbij gekeken wordt naar zowel de kans dat deze risico’s zich voor zullen doen alsmede het schadebedrag dat met het voordoen zou ontstaan. Beide elementen worden in de deze paragraaf uitgewerkt en worden twee keer per jaar, bij het opstellen van de begroting en jaarrekening, geactualiseerd. In de paragraaf zijn verder ook de kengetallen opgenomen die op grond van het BBV voorgeschreven zijn. Doel van deze kengetallen is eenvoudig inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente.

Samengevat Het totaal van geïdentificeerde risico’s (zie totaal risico’s) voor 2024 bedraagt ca. € 5 mln. De beschikbare weerstandscapaciteit is per eind 2024, ca € 13,5 mln. waarmee de factor weerstandsvermogen op 2,7 komt. De factor weerstandsvermogen neemt vanaf 2027 af als gevolg van de sterk teruglopende Rijksbijdrage, maar blijft boven de gewenste norm van 1,5. Periodiek beoordelen wij het nut en noodzaak van bestemmingsreserves. Indien het niet nodig is een reserve in stand te houden dan valt deze vrij in de Algemene reserve en stijgt het weerstandsvermogen.

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Beide vormen worden hieronder toegelicht.

De incidentele weerstandscapaciteit Dit betreft het (incidentele) vermogen om calamiteiten eenmalig op te kunnen vangen zonder invloed heeft op de voortzetting van taken. Dit valt samen met ontwikkeling van de algemene reserve en de reserve decentralisaties. Beide reserves hebben als doel risico’s op te vangen. Onderstaand een overzicht van de verwachte ontwikkeling van deze reserves:

49

Programmabegroting 2024

Tabel 60 Weerstandsvermogen - Incidentele weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit (in € ) 2023

2024

2025

2026

2027

5.275.435

10.057.238

11.658.547

13.323.548

13.319.986

-745.546

290.476

1.528.096

-37.919

-4.382

Algemene reserve Saldo per begin van het boekjaar Geraamde mutaties via de reguliere exploitaties Geraamde resultaat verkoop bedrijvenparkontwikkeling de Kroon

1.781.291

-

-

-

-

Geraamde mutaties via de balans/resultaatbestemming

3.746.058

1.310.833

136.905

34.357

-3.565.108

Saldo per einde van het betreffende boekjaar

10.057.238

11.658.547

13.323.548

13.319.986

9.750.496

1.819.167

1.819.167

1.819.167

1.819.167

1.819.167

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1.819.167

1.819.167

1.819.167

1.819.167

1.819.167

11.876.405

13.477.714

15.142.715

15.139.153

11.569.663

Reserve decentralisaties Saldo per begin van het boekjaar Geraamde mutaties via de reguliere exploitaties Geraamde mutaties via de balans/resultaatbestemming Saldo per einde van het betreffende boekjaar

Totaal incidentele weerstandscapaciteit per eind boekjaar

Naast de genoemde algemene en decentralisatie reserve beschikt de gemeente ook nog over een aantal ‘stille’ reserves. Denk hierbij aan vastgoed, gronden en aandelen. Deze zijn niet meegenomen in de omvang van de incidentele weerstandscapaciteit omdat deze reserves niet direct in geld omgezet kunnen worden wegens het in gebruik zijn van het vastgoed en de gronden.

De structurele weerstandscapaciteit Dit zijn de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit invloed heeft op van de uitvoering van de bestaande taken. Dit is de (potentiële) financiële ruimte voor de gemeente. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit vier onderdelen: 1. De onbenutte belastingcapaciteit inzake de onroerendezaakbelasting (OZB). Dit is het verschil tussen de tarieven zoals wij deze hanteren en het normtarief voor de zogenaamde artikel 12gemeenten. 2. De stelpost onvoorzien in de begroting. 3. De stelpost voor een aantal budgetrisico’s in de begroting op het gebied van beheer openbare ruimte, gevolgen van de invoering van de omgevingswet en de bedrijfsvoering in algemene zin. 4. De stelpost achteruitgang algemene uitkering. Hieronder een overzicht van de saldi van deze posten: Tabel 61 Weerstandsvermogen - Structurele weerstandscapaciteit Structurele weerstandscapaciteit (in €) 2024 Onbenutte belastingcapaciteit OZB

2025

2026

2027

4.808.273 4.808.273 4.808.273 4.808.273

Stelpost onvoorzien

40.450

Stelpost budget risico's

200.374

219.703

260.113

260.113

Stelpost achteruitgang algemene uitkering

322.311

286.962

224.935

337.688

Totaal structurele weerstandscapaciteit per boekjaar

50

40.450

5.371.408 5.355.388

Programmabegroting 2024

40.450

40.450

5.333.771 5.446.524

Risico’s Om een correcte en actuele inschatting te kunnen maken van de benodigde weerstandscapaciteit is het nodig periodiek de risico’s te actualiseren. Wij kiezen ervoor dit bij zowel de begroting als de jaarrekening te doen. De voor deze paragraaf relevante risico’s moeten een financiële omvang hebben van € 100.000 of hoger. Deze risico’s worden hieronder ook kort toegelicht. De gemeente IJsselstein hanteert de volgende criteria voor een risico: Er moet sprake zijn van oorzaak en gevolg; De kans dat een gebeurtenis zich voordoet en de mate waarin het gevolg zich voordoet zijn onzeker; Er moet sprake zijn van enige mate van voorkennis; Het risico moet een bedreiging/belemmering vormen voor het bereiken van de beleidsdoelstellingen; Het risico moet financieel kwantificeerbaar zijn.

Benodigde weerstandscapaciteit Hierna zijn de risico’s per programma weergegeven en toegelicht. Tabel 62 Risicobeheersing - Benodigde weerstandscapaciteit per programma Risico’s

Beheersmaatregelen

Verwachtingen voor 2024

Netto Kans Bruto (kans x in % bedrag in € bruto) in €

Programma Wonen en ruimte Leningen aan Cazas Wonen (rechtsopvolger Provides) Ter financiering van grote woningbouwprojecten heeft de gemeente in het verleden diverse leningen verstrekt aan (eerder) Provides. Voor de geldleningen zijn geen hypothecaire zekerheden verlangd door de gemeente.

Door het afgesloten contract met het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) kon (eerder) Provides zelfstandig leningen aantrekken onder waarborging van het WSW. De gemeente verstrekt daarom geen nieuwe leningen meer aan Cazas Wonen. Het WSW beoordeelt jaarlijks de financiële positie van Cazas Wonen. Hierin geeft het WSW aan of Cazas Wonen voldoet aan de eisen van kredietwaardigheid conform het reglement van deelneming Waarborgfonds.

Het WSW beoordeelt jaarlijks de financiële positie van Cazas Wonen. Hierin geeft het WSW aan of Cazas Wonen voldoet aan de eisen van kredietwaardigheid conform het reglement van deelneming Waarborgfonds. Verwachtingen voor 2024 zijn onveranderd.

Per 2021 is er ook een nieuwe achtervangovereenkomst met het WSW waarmee de risico’s verder beperkt worden aangezien de woningbouwcoöperaties via obligo leningen meer zekerheid moeten bieden. 51

Programmabegroting 2024

1

11.344.505

113.445

Risico’s

Netto Kans Bruto (kans x in % bedrag in € bruto) in €

Verwachtingen voor 2024

Beheersmaatregelen

Programma Wonen en ruimte Leges omgevingsvergunningen Invoering van de omgevingswet per 2024 heeft invloed op de heffing van leges voor omgevingsvergunningen.

Er is capaciteit vrijgemaakt om de invoering van de omgevingswet te implementeren. Dit wordt projectmatig aangepakt. Daarbij is ook de ODRU Er komen minder betrokken. Ook wordt vergunningplichten en geïnvesteerd in inzicht in onduidelijk is of dit ook kosten van aanvragen, wordt gecompenseerd door zodat ook inzicht in de minder inzet en dus minder kostendekkendheid kosten. Daarnaast zijn vergroot wordt en dit bouwactiviteiten vanwege verhoogd kan worden. de PFAS en stikstofproblematiek Ontwikkeling van vertraagd en is ook hier aanvragen en prognoses risico dat de wendbaarheid van inzet voor en leges van van de inzet minder groot vergunningen worden is en dit niet opgevangen periodiek afgestemd met kan worden door lagere ODRU. inzet en besparing van kosten.

Risico’s

Beheersmaatregelen

In 2023 wordt onderzoek gedaan naar de kostendekkendheid van legesgerelateerde activiteiten. Ook rekening houdend met invoering omgevingswet en wet kwaliteitsborging bouwen. Op basis daarvan zal voorgesteld worden om verordening aan te passen. Dit zal effect hebben in 2024.

50

Verwachtingen voor 2024

Kans in %

Sedert 2022 is er een stijgende trend in het aantal uitkeringen in tegenstelling tot de jaren daarvoor. De te ontvangen Rijksbijdrage volgt deze trend vertraagd. Gevolg hiervan is dat IJsselstein een “nadeel” gemeente is geworden.

5

900.000 450.000

Netto Bruto (kans x bedrag in € bruto) in €

Programma Inkomen, Jeugd en Wmo Uitkeringen Participatiewet (bijstand) Uitkeringen van de gemeente op grond van de Participatiewet zijn een open-einde-regeling. Risico is dat de uitkeringen toenemen en/of de rijksbijdrage die de gemeente daarvoor ontvangt afneemt of onvoldoende is om de lasten uit te dekken. Bij een groot verschil kan een beroep worden gedaan op de vangnetregeling van het rijk. En een ander risico is dat vorderingen op dit gebied niet worden terugbetaald.

52

Instroom in de uitkering beheersen en uitstroom bevorderen door de gemeenschappelijke regeling Werk en Inkomen Lekstroom (WIL) en het lokaal werkteam. Vorderingen worden jaarlijks beoordeeld. Voor oninbaarheid heeft de gemeente een voorziening getroffen. Ontwikkeling van de rijksbijdrage wordt gevolgd via circulaires van het rijk.

Het bruto risicobedrag is gebaseerd op het bedrag van de verwachte rijksbijdrage.

Programmabegroting 2024

8.524.000

426.200

Risico’s

Beheersmaatregelen

Verwachtingen voor 2024

Kans in %

Netto Bruto (kans x bedrag in € bruto) in €

Programma Inkomen, Jeugd en Wmo Open einderegelingen Jeugd en Wmo De Wmo en Jeugdwet zijn open einderegelingen. Dat houdt in dat zorg geboden moet worden aan inwoners die hier een beroep op doen. En dat eventuele overschrijdingen op deze taken voor risico van de gemeente zijn. Het gaat hierbij met name om begeleiding, huishoudelijke hulp, woon- en vervoersvoorzieningen.

De gemeente zet in op beheersing van kosten door transformatie van de hulp en ondersteuning. lichtere vormen van hulp en ondersteuning waar mogelijk en meer specialistische hulp en ondersteuning waar nodig. Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van eigen kracht en regie van de inwoner en het gebruik van voorliggende voorzieningen. Ook wordt de toegang tot de hulp en Hier valt ook de reondersteuning versterkt, integratie waardoor er meer regie is (Participatiewet) en de en meer passende zorg afbouw van de Wsw onder. wordt geboden. In 2023 is de Jeugdhulp en Wmo ondersteuning op een nieuwe wijze ingekocht die ook bijdraagt aan de gewenste transformatie en kostenbeheersing. Hierbij werken de Lekstroom gemeenten samen.

Risico’s

Beheersmaatregelen

We verwachten op termijn stabilisatie van de kosten (bij gelijkblijvende omstandigheden). Voor 2024 zijn de kosten realistisch begroot en we verwachten uitvoering binnen budget. Er is nog onzekerheid over de uiteindelijke rijks compensatie voor de gestegen kosten op het gebied van de jeugdzorg.

5 15.350.000

767.500

Als risicobedrag is uitgegaan van een percentage van de geraamde lasten op dit gebied.

Verwachtingen voor 2024

Kans in %

Bruto bedrag in €

Netto (kans x bruto) in €

Verwachting voor 2024 is onveranderd.

10

1.213.000

121.000

Programma Algemene dekkingsmiddelen Overige verstrekte leningen Uit hoofde van de publieke taak heeft de gemeente de afgelopen jaren leningen verstrekt of staat de gemeente garant voor leningen. Het risico van deze leningen is dat de vereniging of stichting die de lening heeft ontvangen niet aan zijn verplichting (aflossing en rente) kan voldoen.

53

Het beleid is erop gericht de bestaande leningenportefeuille af te bouwen door geen nieuwe leningen te verstrekken. Voor garantstellingen op het gebied van sport geldt dat deze alleen worden afgegeven als ook het waarborgfonds garant staat. Het waarborgfonds beoordeelt periodiek de financiële positie van de betreffende instellingen.

Het risicobedrag is gebaseerd op het bedrag van de openstaande leningen

Programmabegroting 2024

Risico’s

Beheersmaatregelen

Verwachtingen voor 2024

Bruto bedrag in €

Netto (kans x bruto) in €

1 42.402.000

424.020

15

11.180.000

1.677.000

Per GR een ander %, zie tabel hierna

17.786.000

1.026.000

Kans in %

Programma Algemene dekkingsmiddelen Gegarandeerde geldlening De gemeente heeft in het verleden gemeentegaranties verstrekt vanuit zijn publieke functie. Zie de regels hieronder voor de bedragen en risico’s per beleidsveld

In de financiële verordening is aangegeven dat:

Verwachting voor 2024 is grotendeels onveranderd.

- Alleen garanties verstrekt kunnen worden indien er geen waarborgfonds bestaat voor het betreffende beleidsterrein; - Indien de aanvrager beschikt over eigen accommodatie wordt er altijd het recht van 1e hypotheek verlangd; - Waar mogelijk worden de oude gemeentegaranties afgebouwd. De lening is aangetrokken ter financiering van een investering die past in het gemeentelijk beleid. - Volkshuisvesting (Cazas Wonen) - Welzijn (zorginstellingen)

Verbonden partijen De gemeente kan worden geconfronteerd met financiële tegenvallers van verbonden partijen. Door deelname verplicht de gemeente zich namelijk om bij te dragen in eventuele nadelige saldi. In de paragraaf verbonden partijen wordt per verbonden partij ingegaan op de stand van zaken.

Het beheersen van de risico’s van samenwerkingsverbanden is een belangrijk aandachtspunt van de wendbare organisatie. De werkt gemeente steeds meer samen met andere gemeenten, waarmee het beheersen van de risico’s van groot belang wordt.

In 2023 is geïnvesteerd in het versterken van de sturing op verbonden partijen. Verwachtingen t.a.v. risico’s zijn voor enkele verbonden partijen aangepast.

Het risicobedrag is gebaseerd op - We brengen de risico’s bijdragen aan de zo goed mogelijk in beeld bestaande verbonden door de verbonden partijen. Per partijen actief te verbonden partij is bij monitoren. het opstellen van de begroting 2024 een risicobedrag bepaald.

Totaal geïdentificeerde risico’s

54

5.005.165

Programmabegroting 2024

Risico’s met betrekking tot verbonden partijen Voor het bepalen van het risico dat de gemeente loopt door deelname in de diverse verbonden partijen wordt per gemeenschappelijke regeling een inschatting gemaakt van het risicobedrag en de procentuele grootte van het risico. Hieronder leest u de berekening van het risicobedrag. Het totaalbedrag van onderstaande tabel is genoemd in de inventarisatie van risico’s in de tabel hierboven: Tabel 63 Risicobeheersing - Risico’s verbonden partijen Verbonden partij

Begroting 2023

RMN incl. AVU GGDrU Recreatieschap Stichtse Groenlanden VRU Regionaal Historisch Centrum WIL* BSR ODRU Totaal

Bijdrage begroting 8.115.000 1.250.000

Risico in % 5,0% 5,0%

150.000 1.791.000 143.000 4.788.000 605.000 1.761.000 18.603.000

7,5% 5,0% 2,5% 7,5% 5,0% 5,0%

Begroting 2024 Risico in € 406.000 62.000

Bijdrage begroting 5.747.000 1.552.000

Risico in % 5,0% 5,0%

11.000 90.000 4.000 359.000 30.000 88.000 1.050.000

156.000 1.981.000 160.000 5.549.000 704.000 1.937.000 17.786.000

5,0% 5,0% 2,5% 7,5% 5,0% 5,0%

Risico in € 287.000 78.000 8.000 99.000 4.000 416.000 35.000 99.000 1.026.000

*) Bijdrage gecorrigeerd voor verstrekte uitkering BUIG. Toelichting Ten opzichte van 2024 zijn de risicoprofielen licht veranderd voor de verschillende verbonden partijen. Per saldo nemen de risico’s licht af ten opzichte van de begroting 2023.

Historisch overzicht Onderstaand een historisch overzicht van de ontwikkeling van de opbouw van het benodigde weerstandsvermogen, de beschikbare weerstandscapaciteit en de factor weerstandsvermogen: Tabel 64 Risicobeheersing - Historisch overzicht Risico-categorie

Leningen en garantstellingen

Risico

B2024

B2023

Grond-exploitaties Verbonden partijen

113

113

113

167

121

122

127

127

Gegarandeerde leningen Cazas

424

508

529

517

Gegarandeerde leningen zorginstellingen

1677

1637

1.817

2115

5

27

2.335

2.385

2.586

Uitkeringen participatiewet

426

375

375

379

Jeugdzorg en Wmo

768

638

638

575

1.194

1.013

1.013

954

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Niet in exploitatie genomen gronden O.b.v. beoordeling per samenwerking Leges omgevingsvergunningen

Overige

B2022

Overige verstrekte leningen

Gegarandeerde leningen overig

Sociaal domein

R2022

Leningen Cazas

2.953

1.026

1.050

1.266

1.266

1.026

1.050

1.266

1.266

450

200

200

355

Algemene uitkering m.b.t. jeugdzorg

158

Algemene uitkering m.b.t herverdeling

1.000 450

200

200

1.513

Totaal berekend bedrag risico's

5.005

4.648

5.065

5.528

Totaal berekend bedrag weerstandscapaciteit

13.478

10.710

7.095

7.415

2,7

2,3

1,4

1,3

Factor weerstandsvermogen

55

Programmabegroting 2024

Kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten voortaan een basis set van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is u op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit Onderstaand een overzicht van de kengetallen en een toelichting hierop: Tabel 65 Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - Kengetallen Kengetal Rekening Begroting Begroting 2022 2023 2024 Netto schuldquote 28,2% 43,8% 46,8% Netto schuldquote gecorrigeerd voor 10,4% 30,3% 28,8% alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio 30,1% 26,3% 29,1% Grondexploitatie -0,2% -1,2% -0,6% Structurele exploitatieruimte 7,5% 0,4% -0,9% Belastingcapaciteit 117,9% 110,5% 116,0%

Raming 2025 42,0%

Raming 2026 42,7%

Raming 2027 46,2%

24,9%

30,2%

33,7%

29,6% -3,1% 1,0% 116,0%

27,1% 0,0% -3,3% 116,0%

22,6% 0,0% -4,5% 116,0%

Netto schuldquote Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het kengetal geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een normale netto schuldenlast ligt tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog en dient deze niet verder toe te nemen. Een quote boven de 130% wordt algemeen beschouwd als te hoog. Voor onze gemeente ligt dit cijfer binnen de normale marge.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13185731/1