CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

4.2 Bijlage 2. Reactienota participatieronde IJsselstein

Commissie Ruimte 22 juni 2021, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven14.114 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Reactienota concept-omgevingsvisie IJsselstein – april 2021

Inleiding In deze reactienota is alle feedback die wij hebben ontvangen naar aanleiding van de recente participatieronde omtrent de concept-omgevingsvisie, en de gemeentelijke reactie daarop, gebundeld. Allereerst willen we alle deelnemers aan het participatietraject bedanken voor hun betrokkenheid en waardevolle inzet gedurende dit traject. Een belangrijke reden om de inhoud van de ontwerp-omgevingsvisie, voorafgaand aan de bestuurlijke bespreking, voor te leggen aan diverse IJsselsteinse partners is om het beleid beter te maken. Ook al is er niet omtrent alle ontwikkelingen consensus, de omgevingsvisie wordt door deze participatieronde beter, dus daarvoor dank. In deze reactienota is alle feedback gebundeld en per punt voorzien van reactie. Hieruit komt een aantal algemene punten naar voren die we voorafgaand apart willen toelichten. Participatieproces, abstractieniveau en beleidscyclus Een deel van de feedback is gericht op het participatieproces. Daarom schetsen we hieronder de stappen die we tot dusver hebben genomen in het kader van de omgevingsvisie met diverse externe partners: • • • • • • •

Werksessies Atlas (bouwstenen voor de omgevingsvisie) - december 2019 – Ketenpartners, maatschappelijke organisaties en inwoners Thematische Verdiepingsessie Groen en Erfgoed – maart 2020 – Ketenpartners en maatschappelijke organisaties Thematische Verdiepingsessie Woningbouw – maart 2020 – Ketenpartners Thematische Verdiepingsessie Energie – april 2020 – Ketenpartners Enquête Burgerpanel IJsselstein – juli 2020 – Inwoners Informatieavonden concept-omgevingsvisie – oktober 2020 – Ketenpartners, maatschappelijke organisaties en inwoners Extra participatieronde concept-omgevingsvisie – februari 2021 - Ketenpartners en maatschappelijke organisaties

Op basis van de laatste extra participatieronde is tevens de mogelijkheid geboden om schriftelijk te reageren op het concept, waarvan deze reactienota de wijze van verwerking beschrijft. Het is goed om hierbij te benoemen dat de omgevingsvisie enerzijds de eerste stap in de beleidscyclus betreft en anderzijds voortbouwt op bestaand beleid. Dat wil zeggen dat we in de omgevingsvisie enerzijds (deels) nieuwe en bestaande beleidskeuzes voor de lange termijn beschrijven voor de fysieke leefomgeving. Deze keuzes op hoofdlijnen (met een hoog abstractieniveau) zullen vervolgens in meer en minder mate nader worden uitgewerkt en geconcretiseerd, in het verlengde van de omgevingsvisie. Anderzijds bouwt de omgevingsvisie zoveel mogelijk voort op bestaand beleid en eerder bestuurlijke besluiten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het recente afwegingskader duurzame energie, de woonvisie en de mobiliteitsvisie. Bij de totstandkoming van dit beleid is ook uitgebreid geparticipeerd. Kortom op basis van deze participatieronde wordt de omgevingsvisie beter, maar realiseren we ons dat de vertaling naar bijvoorbeeld het omgevingsplan of specifieke gebiedsuitwerkingen nog nadere detaillering vergt. Dit pakken we ook zoveel mogelijk samen met u op.

Reactie

Verwerking reactie

De opbouw van de visie vanuit de kernkwaliteiten richting de ambities biedt goede kansen bieden om in onderling overleg en samenwerking concrete uitvoeringsdoelstellingen te realiseren. De bestaande constructieve samenwerking op deze ontwikkelthema’s zetten wij graag voort in de uitvoeringsprocessen van uw omgevingsvisie. Zoals u bekend is zullen aard, plaats en omvang van nieuwe bouwlocaties en hun randvoorwaarden door gemeenten, U16 en provincie in het op te stellen regionale programma voor wonen en werken worden afgestemd en beklonken. Voor Ijsselpark beperken we ons in dit document tot enkele thematische opmerkingen. Zoals gezegd worden de woningbouwlocaties regionaal afgewogen in de regionale programmering. ( paragraaf 3.6 bullet 2): Op regionaal niveau missen wij in de visie nog de Woondeal U16. In deze Woondeal gaat het om vier thema’s waarover afspraken zijn gemaakt over het versnellen van de woningbouwplannen, het functioneren van de woningmarkt en vitale wijken. 4. Wat wordt concreet bedoeld met de flexibele stadsrand

Dank, ook wij zetten de bestaande constructieve samenwerking op deze ontwikkelthema’s graag voort bij de uitvoering van de omgevingsvisie. Dat is bekend en in orde. We praten hier graag over verder.

Provincie Utrecht 1 2

3 4

5

6

7

De Woondeal U16 zal worden benoemd in het regionaal perspectief. We willen daar een mix van functies mogelijk maken, met meerwaarde voor mens en natuur. Met name gericht op recreatie, ecologie sport, evenementen en water, maar binnen bepaalde kaders ook beperkte ruimte voor bouwen woningbouw en energie. We zullen dit nader toelichten in de omgevingsvisie. We passen dit aan in het kaartmateriaal

(3.3 Groen /recreatieve kwaliteiten ) Bij dit hoofdstuk willen graag over de kaart het volgende opmerken. Benut de groen-recreatievelandschappelijke- cultuurhistorische kwaliteiten van de dijken en hun directe omgeving door ze als gecombineerd groen lint op de kaar te zetten en niet alleen als cultuurhistorisch ‘lint erf’. Aan de zuidzijde van het gebied gaat het om de Hoge dijk - Hoogland richting het Hooge land ten oosten van de A2 en de Lage dijk als aftakking van Hoogland tot aan de bebouwing in het noorden. Aan de noordzijde van de gemeente betreft het de Noord IJsseldijk en de Zuid IJsseldijk. Er liggen veel kansen om met behoud van landschapselementen en beplantingen, en herstel van landschapselementen en inzetten op natuurvriendelijk beheer, de kwaliteit op diverse fronten (natuur, landschap, cultuurhistorie, recreatieve / utilitaire routes) te versterken. Een andere concrete voorstel gaat over de ecologische zone NNN langs de N210: Wij werken binnen de gemeente met gebieden met Het voorstel is om aansluiting te zoeken voor natuur op de aanwezige ecologische structuur (NNN), langs de N210. Door er een groen verbinding een ecologische waardenkaart. Bepaalde gebieden uit van te maken draagt het bij aan een visueel minder harde overgang stedelijk gebied naar buitengebied. deze kaart liggen in de nabijheid van de N210.

Het omgevingsplan raakt aan ons cultuurhistorisch beleid bij de gebieden Buitengebied polder noord en het gebied Hollandse IJssel en het gebied Bij de nadere uitwerking vormen de cultuurhistorische IJsselpark (zuid). en landschappelijke waarden het uitgangspunt, denk De twee noordelijke gebieden vallen (deels) in het agrarische cultuurlandschap. In het omgevingsplan wordt hier rekening gehouden met de daarbij bijvoorbeeld aan bestaande waterlopen, identiteit en de cultuurhistorische kwaliteiten. Geen verdere opmerkingen. Het gebied IJsselpark is een gebied met veel cultuurhistorische verkavelingsstructuur, linten, bestaande boerderijen waarden en kwaliteiten. Het is een hele oude blokverkaveling (ouder dan de naast gelegen strokenverkaveling) en hier speelt de geschiedenis van en zendmasthistorie. We zullen dit nog explicieter de afdamming van de Hollandse IJssel bij Klaphek. En er is de smalle Lekdijk en de relatie met de Lek en de uiterwaarden. Woningbouw is wellicht opnemen in de omgevingsvisie. Vooralsnog schatten

mogelijk, maar het is van belang dat ze hier de bestaande structuur handhaven en respecteren en als uitgangspunt en inspiratiebron nemen voor we in dat er voldoende ruimte is om deze elementen de verdere ontwikkelingen. Het is de vraag of het voorgestelde zware programma haalbaar is in dit gebied. De driehoek van de Hogebiezendijk als uitgangspunt te nemen en dat het programma staat als dichtbebouwd gebied gepland (prioriteit wonen). Deze driehoek valt onder ons beleid van het Agrarisch cultuurlandschap. Van belang is haalbaar is, maar bij de nadere uitwerking van de dat daar de verkavelingsstructuur en het karakter van het gebied leidend is. Daarbij is dit gebied onderdeel van het Nozema-terrein. Dit is een plannen voor zowel woningen als ontsluiting zal dit beschermd rijksmonument (ligt net in de naastgelegen gemeente Lopik), waarbij ook rekening gehouden moet worden met de omgeving van het nader bekeken worden. We zullen dit in nauw overleg monument. In dit geval speelt hier de belangrijke geschiedenis van het zendstation wat zijn bestaan dankt aan de aanwezigheid van de met de provincie uitwerken. Voor de huidige versie zendmasten. De restanten van deze masten zijn nog aanwezig in het gebied (ook in deze driehoek). Hier dient dus rekening mee gehouden te van de omgevingsvisie hanteren we de schetsen zoals worden bij de planvorming.

Verder staat hier een provinciale ontsluitingsweg in gepland in de plannen. Ook hiervoor geldt dat daarbij de reeds opgenomen, dit is slechts een voorbeeld. De cultuurhistorische waarden in het gebied (niet alleen het landschap met de verkavelingstructuur, waterlopen, relatie met de Lek en de Hollandse ambities in de tekst zijn leidend de beelden die hierbij IJssel, maar ook de daarin aanwezige monumenten en hun relatie met de omgeving) rekening gehouden moet worden. In de schetsen en plannen horen zullen bij de nadere uitwerking zeker nog voor dit gebied die getoond worden in het omgevingsplan blijkt nog onvoldoende wat ze als ambitie in de tekst schrijven en is nog onvoldoende aangepast worden. rekening gehouden met de aanwezige waarden. Dat wordt nog een hele opgave.Hierbij nog de reactie van Hester vanuit cultuurhistorie op de plannen:Voor wat betreft het IJsselpark zouden we wellicht kunnen meegeven om de landschappelijke verkavelingsstructuur zoveel mogelijk te behouden en zo min mogelijk water vanuit cultuurhistorische (en waterkundig) oogpunt te dempen. Ik zou ze ook vragen om eventuele zwemplassen in te passen in de bestaande (cultuurhistorische) structuur van het gebied en in al bestaande laagtes die zijn achtergelaten door de rivieren. Ook voor het geplande groen kunnen bestaande cultuurhistorische landschapselementen het uitgangspunt vormen.

Hierdoor blijft iets van het vroegere karakter van het gebied behouden voor de toekomst, ook al is sprake van nieuwbouw. 8 (Pag 22): In het algemeen raken de plannen beperkt aan bekende archeologische vindplaatsen. Daarbij moet wel worden aangegeven dat niet We vullen het kaartmateriaal aan met archeologische vindplaatsen. alle bekende vindplaatsen staan aangegeven op de kaart op pagina 22. Met name voor het deel Buitengebied Hollandsche IJssel is archeologie een aandachtspunt, aangezien hier een aantal vindplaatsen bekend zijn. Dit geldt ook bij de aanleg van zonnevelden. 9 Recreatie wordt slechts beperkt wordt meegenomen in de visie. We willen oproepen om evenwijdig aan de groei van bijvoorbeeld woningen te Recreatie heeft onze aandacht, niet alleen werken aan voldoende ruimte voor recreatie en groen. De afgelopen tijd (Corona) heeft wel duidelijk gemaakt dat er over het algemeen te weinig buitenstedelijk, maar juist ook binnenstedelijk met recreatiemogelijkheden zijn nabij bebouwd gebied. voldoende groen, sportvoorzieningen en speelplekken. Voor wat betreft het IJsselpark is het belangrijk om de landschappelijke verkavelingsstructuur zoveel mogelijk te behouden en zo min mogelijk Zoals bij punt 7. Benoemd nemen we bestaande water vanuit cultuurhistorische (en waterkundig) oogpunt te dempen.

cultuurhistorische landschapselementen als Eventuele zwemplassen inpassen in de bestaande (cultuurhistorische) structuur van het gebied en in al bestaande laagtes die zijn achtergelaten uitgangspunt. door de rivieren. Ook voor het geplande groen kunnen bestaande cultuurhistorische landschapselementen het uitgangspunt vormen. Hierdoor blijft iets van het vroegere karakter van het gebied behouden voor de toekomst, ook al is sprake van nieuwbouw. We werken de details graag nader met u uit. 10 Alvast voorsorterend op het uitvoeringsprogramma van de visie: Vanuit de provincie willen we vanuit de aanpak Vrijkomende Agrarische Bebouwing, graag ondersteunen door aanbod/inbreng van kennis en (gezamenlijke) visievorming op dit punt is reeds instrumenten. uitgewerkt in de regionale omgevingsagenda Aan het begin van het visiedocument staat onder de uitgangspunten (van IJsselstein bij invulling geven aan Omgevingswet) dat IJsselstein Lopikerwaard. Zie hiervoor: “Ontwikkelprincipe 2.3: regionaal georiënteerd wil zijn en dat opgaven gemeenten grenzen overschrijden. Bij VAB aanpak helpt het als gemeenten bereid zijn samen te Transformeren vrijkomende agrarische bebouwing werken, samen aan visievorming te doen, samen een sloop administratie willen bijhouden en uitwisselbaarheid van sloopmeters mogelijk te (VAB) naar passende bedrijvigheid in de linten” en maken.

(Gezamenlijke) Visievorming op dit punt is noodzakelijk om samen te kunnen werken. IJsselstein geeft als doel voor VAB aan andere toelichting daarop bij “Duurzame en kleinschalige functies zoals wonen mogelijk te willen maken. Vragen die dan beantwoord moeten worden in een volgend stadium zijn bijvoorbeeld: waar is de woon-werklinten”. gemeente naar op zoek bij woningbouw?, wat is kansrijk in een landbouwomgeving, wat voor soort woonvormen en wil men ook bedrijvigheid, zo ja wat zijn daar de kansen? We gaan over genoemde punten graag in gesprek met de gemeente. Twee aandachtspunten voor vroegtijdige afstemming:

1. er wordt voor landbouw aangegeven dat er gestreefd wordt naar economisch verantwoorde voortzetting en ruime mogelijkheden voor functieverandering en – menging. Dit zal in een volgend stadium concreter geduid moeten worden. 2. Groei van landbouwbedrijven wil men ruimte voor geven. Ook dit zal concreter geduid moeten worden. Beide keuzen/ambities kunnen tot discussie en aandachtspunten leiden. 11 De (koppeling met de) projecten Sterke Lekdijk (traject Jaarsveld-Vreeswijk) als dijkversterking Noordelijke Hollandse Ijssel worden gemist in de visie. 12 In de gemeente IJsselstein ligt één aardkundige waarde, het Wiel Klaphek. Graag opnemen op de kaarten. 13 Lucht en gezondheid: In de hoofdstukken 1 t/m 3 wordt dit thema gemist. Bij mobiliteit zou het goed zijn iets te zeggen over de afstand tot (drukke) wegen waar het gaat om luchtkwaliteit.

In een volgend stadium nemen we de aandachtspunten mee en we gaan graag met u in gesprek over de nadere uitwerking hiervan.

Deze projecten zullen expliciet worden benoemd in de visie. (paragraaf 3.6, onder ‘Water en klimaat’) Voegen we dit aan het kaartmateriaal toe Hier zal bij mobiliteit nader worden stilgestaan. Daarnaast wordt hier ook bij milieu, gezondheid en veiligheid uitgebreider bij stilgestaan en komt dit in de deelgebieden terug. 14 In hoofdstuk 4 komt luchtkwaliteit wel aan de orde en is goed opgelost door gebruik te maken van staafdiagram / ‘schuifpaneel’. Hier wordt wel Dit komt inderdaad in een nadere uitwerking pas aan de kwalificatie gemist wat de ‘standaard’ milieukwaliteit is en ten opzichte waarvan? Is hier bijv. een GES score bij te betrekken?. En op welke de orde. Het gaat in het kader van de omgevingsvisie wijze wordt dit vervolgens weer vertaald naar gezondheid of een gezonde leefomgeving? Wellicht komt dit ook in een nadere uitwerking aan de nog om ambitiebepaling. Nadere kwantificering orde. hiervan in exacte normen vindt plaats in het omgevingsplan. Het is een goede tip om hierbij de Gezondheids Effect Score (GES) te betrekken. 15 In tegenstelling tot het onderwerp duurzaam opwekken van energie (zonnevelden, zonnepanelen, windturbines) waar de visie redelijk specifiek Scherp opgemerkt. Dat klopt inderdaad. Op dit in is, wordt het onderwerp warmtetransitie nog nauwelijks ingevuld. moment is hierin nog geen keuze gemaakt.

In het Gaat de gemeente de ondergrond en/of oppervlakte water gebruiken voor bodemenergie, geothermie, aquathermie evt. in combinatie met kader van de transitievisiewarmte wordt momenteel opslag in de bodem? Het valt op dat niet duidelijk wordt gemaakt hoe de warmtetransitie ingevuld gaat worden. De warmtetransitie wordt bij inzichtelijk gemaakt welke keuzeopties m.b.t. enkele deelgebieden in hoofdstuk 4 genoemd als opgave. Daarentegen is IJsselstein wel redelijk specifiek waar het gaat om op het duurzaam warmtetransitie er per wijk zijn en zal er een voorstel opwekken van energie (zonnevelden, zonnepanelen, windturbines). Door het ontbreken van globale invulling van het leveren van warmte (en evt. worden gedaan. Zodra dit bekend is zal dit in deze of koude) is mij niet duidelijk of IJsselstein voornemens is de ondergrond en/of oppervlaktewater hiervoor te gaan gebruiken (bodemenergie, een volgende versie van de omgevingsvisie worden geothermie, aquathermie evt. in combinatie met opslag in de bodem). verwerkt. Hier is dus ook nog geen inschatting voor Daarop aansluitend: is aanleg van een warmtenet in IJsselstein nodig i.h.k. van de warmtetransitie? wat betreft kosten voor gemaakt.

Bij buitengebied Hollandse IJssel wordt geschetst dat onderzocht wordt welke mogelijkheden er zijn voor inzet buitengebied voor energietransitie Het klopt dat windmolens en zonnevelden een zonder natuurwaarden negatief te beïnvloeden. Is dat alleen voor elektriciteit of ook voor warmte? rendement op kunnen leveren en mogelijk ook een In de tabel op blz 71 wordt bij “opwekken duurzame energie-zonnedaken en velden” en “inzet windturbines” gesproken over baten. Moet ik dit bijdrage kunnen leveren aan fondsontwikkeling. Dit lezen dat de baten groter zijn dan de kosten? Er zal nl. ook geïnvesteerd moet worden. wordt momenteel nog nader onderzocht. Zie ook: Zelfde tabel blz 71: is er ook een inschatting gemaakt voor de warmtetransitie? https://ijsselstein.raadsinformatie.nl/vergadering/786 709/Commissie%20Ruimte%2013-04-2021 16 Het is positief dat in de omgevingsvisie aandacht wordt geschonken aan circulaire economie. De aandacht gaat naar het sluiten van de kringloop. We voegen grondstoffenreductie toe aan de doelen. Wij zien dat echter als een deel van het verhaal, het advies is om te focussen op reductie grondstofgebruik (ipv sluiten kringlopen). Wellicht kan de provinciale Conceptbeleidsvisie Circulaire Samenleving 2050 u hierbij behulpzaam zijn.

https://www.stateninformatie.provincie-utrecht.nl/Vergaderingen/Statencommissie-Bestuur-Economie-en-Middelen/2020/02december/09:00/SB-circulaire-Samenleving-2020BEM182/2020BEM182-02-1-Concept-Beleidsvisie-Circulaire-Samenleving-2050.pdf Daarnaast heeft Platform 31 onderzoek gedaan naar circulariteit in omgevingsvisies, het advies vindt u op https://www.platform31.nl/publicaties/omgevingswet-en-circulaire-economie (zie ook bijlagen).

GGD regio Utrecht 17 Een mooie concept omgevingsvisie waar op veel vlakken rekening wordt gehouden met een ‘gezonde’ visie op de invulling van onderwerpen als Correct, vanuit deze visie willen we borgen dat er bij

18

19

20

21 22

23 24 25

mobiliteit, milieu, openbare ruimte, groen en water. Deze omgevingsvisie ademt ‘rekening houden met de gezondheid van inwoners’ uit, nieuwe ontwikkelingen rekening wordt gehouden met ondanks dat het nergens met zoveel woorden wordt gezegd. Dit impliciete uitgangspunt, gezondheid van inwoners, zou juist wel explicieter de gezondheid van onze inwoners benoemd mogen worden bij de verschillende onderdelen. Zie hiervoor onderstaande opmerkingen en suggesties. In het hele stuk missen we het thema ‘corona’. Het coronavirus heeft onze samenleving veranderd en zal dat waarschijnlijk op langere termijn ook Hier is door het stuk heen wel aandacht voor, maar blijven doen. Hier kun je in de omgevingsvisie al op in gaan. Bijvoorbeeld doordat er meer thuis gewerkt wordt, de behoefte aan bijvoorbeeld wellicht onvoldoende expliciet. Dat is een goed punt. groen en natuur/sport en recreatie is toegenomen en dat deze thema’s nog urgenter zijn geworden, zeker in de eigen leefomgeving. De trendanalyse voor de omgevingsvisie (voor de Atlas) is gedaan voorafgaand aan de pandemie. In de nadere uitwerking van de visie zal bij deze impact worden stilgestaan. Op GGDatlas dashboard - Gezondheidsbescherming - IJsselstein (buurtmonitor.nl) In IJsselstein (t.o.v.

regio Utrecht totaal) is te zien dat: De tekst bij ‘Gezondheid, veiligheid en milieu’ zal hier -hoger % mensen bezorgd is om gezondheid in fysieke omgeving door bedrijven of industrie in de buurt; verder op worden aangescherpt. -blootstelling aan fijnstof en stikstofdioxide bevindt zich in hoogste categorie, evenals oppervlakte stedelijk gebied met hittestress en lage sociale samenhang. Nu wordt daar impliciet wel aandacht aan besteed in de omgevingsvisie, maar kijk met deze cijfers in de hand nog even of en waar er mogelijke aanscherping van de visie nodig/mogelijk is (expliciet). Het thema gezondheid is opgenomen bij ‘Gezondheid, (Hele document + p. 18-19): In het regionaal perspectief wordt gezondheid expliciet genoemd, maar ‘gezondheid’ wordt niet expliciet verwerkt in de gemeentelijke visie. Is het mogelijk de term gezondheid prominenter in de gemeentelijke omgevingsvisie te verwerken? Dat geeft veiligheid en milieu’ op pagina 24 t/m 27. Ook bij diverse kwaliteiten en ontwikkelingen wordt hieraan aan dat dit een belangrijke (verbindende) factor is in de omgevingsvisie. bijgedragen. We zullen dit bij stedelijke ontwikkeling en p. 12: Bij de conclusies wordt gezondheid/welbevinden niet genoemd. Dit is een verbindende factor met wonen, groen en natuur, sport en recreatie/toerisme nadrukkelijker laten terugkomen. recreatie etc.

Gezondheid zou bij de punten genoemd bij stedelijke ontwikkeling en recreatie en toerisme iets prominenter naar voren mogen komen. p. 23: ‘Waar mogelijk ruimte wordt gegeven aan ontwikkelingen, mits deze bijdragen aan de versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Er is sprake We voegen toe dat we onder ruimtelijke kwaliteit ook een gezonde omgeving verstaan. van ontwikkelingsruimte onder de voorwaarde van een tegenprestatie in de vorm van investeren in kwaliteit, onder het motto: ‘ontwikkelingsruimte moet je (of kun je) verdienen’.’ Hier zouden we graag ook een voorwaarde aan toevoegen: een tegenprestatie in de vorm van investeren in gezondheid. p. 25: ‘Uitgangspunten: Bij ontwikkelingen moet het groene karakter in de stedelijke omgeving behouden worden.’ Voorstel nemen we over Hier kan bij komen te staan: vergroening van de stedelijke omgeving draagt bij aan de vermindering van hittestress dat met het oog op de klimaatverandering een grotere rol gaat spelen in de toekomst. p.34: Hier kan ook benoemd worden dat de omgeving veel invloed heeft op gezondheid/welbevinden en gedrag van de inwoners van IJsselstein. Voorstel nemen we over. Voldoende bewegen en voldoende contact met buurtgenoten lukt als de omgeving hierop inspeelt. Dit kan bv. door de toevoeging: ‘een omgeving die uitnodigt tot gezond gedrag’. Voorstel nemen we over.

p.35: Hitte en wateroverlast kan ook invloed hebben op gezondheid van inwoners in de zin van grotere kans op infectieziekten.

- Bv. riooloverstroming door wateroverlast met o.a. kans op ziekte van Weil. Warmer klimaat trekt tropische ziekten aan: muggen die infectieziekten overbrengen. In dit verband ook belangrijk om bij inrichting van omgeving ‘stilstaand’ water te beperken. Bij het creëren van wadi’s of opvangbekkens voor overtollig water is dit een aandachtspunt. Hier kun je in de omgevingsvisie al op inspelen door dit als aandachtspunt te benoemen.

26 Het groene bolletje met ‘inrichting openbare ruimte voor bewegen en ontmoeten’ kan gevoelsmatig nog wat verder naar de buitenkant: nu lijkt dit bolletje minder belangrijk, terwijl het voor de leefbaarheid en gezondheid in de wijken erg belangrijk is dat hier volop wordt ingezet.

Voorstel nemen we over.

27 We missen beleidskeuzes t.a.v. houtrook. Dat kan op deze plek, maar ook ergens anders (p. 34 Gezondheid, Veiligheid & Milieu). De bijdrage van We zullen onderwerpen op dit detailniveau houtrook aan luchtverontreiniging is substantieel. Een omgevingsvisie biedt kansen om hierop visie te geven. meenemen bij de verdere uitwerking van de visie in Waar het de houtkachels betreft (naast bv. BBQ, vuurkorf) zien we in het kader van de energietransitie dat, o.a. waar woonwijken van het aardgas het omgevingsplan. afgaan, houtkachels populairder worden wat de luchtverontreiniging verslechterd. 28 : Laatste zin: ‘er is geen gemeentelijk beleid op het uitplaatsen van bedrijven…’. Gezondheid technisch zou het aantrekkelijk zijn om een beleid te We zullen onderwerpen op dit detailniveau hebben dat bv. bedrijven die ongezond voedsel produceren/verkopen (Mc Donalds etc.) weert of met bepaalde eisen omkleed (niet in buurt van meenemen bij de verdere uitwerking van de visie in scholen etc.). De omgevingsvisie biedt hier goede kansen om dit ‘te regelen’. het omgevingsplan. 29 (p.72) In ontwikkelingen/uitgangspunten komt het woord ‘gezondheid’ niet terug, terwijl dat wel tussen de regels door te lezen is in de hele omgevingsvisie. Goed om het ook hier explicieter te benoemen.

Voorstel nemen we over.

Groen Platform IJsselstein (GPIJ) 30 Waarom ontbreekt in de visie de aansluiting met de VN Duurzaamheidsdoelen (VN Agenda 2030)?

De gemeente heeft haar duurzaamheidsbeleid Toelichting: De overheid heeft een maatschappelijke verantwoordelijkheid om hier invulling aan te geven. Sterker nog: om hier een voorbeeldrol opgenomen in de Omgevingsvisie en de doelen waar in te vervullen en burgers, bedrijven en organisaties te stimuleren en faciliteren! mogelijk ingevuld. Dit is in lijn met de opdracht van de De fysieke leefomgeving krijgt daardoor een toekomstbestendig karakter, wat keihard nodig is. raad. Dit zullen we anders formuleren. 31 Blz. 22. “Het algemene doel is om ervoor te zorgen dat totale natuurwaarde in IJsselstein niet afneemt.” De ‘totale natuurwaarde’ is een lastig te meten begrip. Bovendien is deze formulering in strijd met de huidige afspraken om juist de natuurwaarde te verstreken. 32 Blz. 24. “Sommige groenstructuren binnen de gemeente zijn van hoge ecologische kwaliteit, met de natuurwaardekaart is dit inzichtelijk gemaakt.” We zullen dit nadrukkelijker beschrijven de gemeente IJsselstein beschikt als één van de weinige gemeenten in IJsselstein over een natuur(waarde)kaart. Een verbeterplan (fase 2) is al opgesteld. Het belang hiervan dient veel meer expliciet te worden meegenomen in de visie en straks in het beleid. NB. Bij de ‘Uitgangspunten’ wordt gelukkig wel vermeld “We streven naar behoud van en een toename van de biodiversiteit”.

Eenvoudige maatregelen met lage kosten zijn bijvoorbeeld inzaaien van bloemen en kruiden in het gras en bij de slootkanten (‘bloemrijk gras’) en gefaseerd maaien (wat tevens kostenverlagend werkt). 33 Blz. 59. Het landelijk gebied van IJsselstein is waardevol, zowel voor landschap als natuur. De natuurwaarden zijn met name gekoppeld aan de Dit zullen we anders formuleren. Hollandsche IJssel. Hier omheen liggen verschillende waardevolle natuurgebieden die wij graag willen behouden en waar mogelijk versterken. Wij faciliteren hier graag toeristisch-recreatieve initiatieven om natuur- en landschapswaarden te versterken.De laatste zin is ons inziens een ‘contradictio in terminis’. Toeristisch-recreatieve initiatieven zullen juist eerder de natuurwaarden verminderen. 34 Blz. 71. Een thematisch gericht programma kan bijvoorbeeld zijn het uitwerken van een plan om de biodiversiteit binnen de gemeente te Inderdaad. Er wordt verkend of dit ook de status van verbeteren. programma onder de omgevingswet kan krijgen. Hiervoor ligt al een verbeterplan (fase 2) in relatie tot de Natuurwaardekaart. 35 Blz. 72. “Kosten/baten”. Er zijn enkele baten opgenomen. Daarnaast is dit geen compleet overzicht van gemeentelijke kosten/baten, Waarom worden hier enkel kosten vermeld.

Hoezo géén baten? het betreft enkel een overzicht van ontwikkelingen Toelichting: Zijn de bestuurders van de gemeente wel op de hoogte van de vele feiten van de Universiteit Wageningen, Vereniging van Hoveniers, i.h.k.v. deze omgevingsvisie. Het klopt dat er meer zaken zijn die geld kosten dan opbrengen, maar dat is het Planbureau voor de Leefomgeving inzake de maatschappelijke waarde van groen? gebruikelijk en inherent aan onze overheidstaken. Die maatschappelijke waarde vertaalt zich in een ongelooflijke financiële waarde. En wat te denken van duurzame en circulaire materialen, die de investeringen en kosten op langere termijn omlaag brengen? In de omgevingsvisie wordt zoveel mogelijk uitgegaan 36 : Blz. 9. “In de visie wordt ook gemeentelijk milieu- en duurzaamheidsbeleid opgenomen”. van bestaand beleid. Het bestaande Wat is de status van het (huidige?) duurzaamheidsbeleid van de gemeente. Dit is momenteel geheel onduidelijk voor het GPIJ. duurzaamheidsbeleid wordt momenteel geëvalueerd, de ambities voor de lange termijn (welke voor de omgevingsvisie relevant zijn en hierin opgenomen worden) blijven grotendeels hetzelfde.

37 Het begrip ‘duurzaam’ wordt in deze visie in verband gebracht met ‘energie(opwekking)’, ‘mobiliteit’, ‘agrarische sector’, ‘bereikbaarheid’, Het begrip duurzaam koppelen we aan de Brundtland definitie: “Ontwikkeling die aansluit op de behoeften ‘landschap en wijk’, ‘elektriciteit’, ‘waterketen’ en ‘erfgoed’.Het is ons lang niet altijd duidelijk wat de gemeente hier mee bedoeld. NB. Een van het heden zonder het vermogen van toekomstige

integrale benadering van duurzaamheid is cruciaal. GPIJ is voorstander van hernieuwbare energie, maar windmolens en zonnepanelen in het landschap kunnen de natuurwaarde negatief beïnvloeden. Zonnepanelen op daken van woningen en bedrijven hebben onze voorkeur.

38 Blz. 28. Uitgangspunten: “Uitbreidingslocatie in het zuiden (Kromme IJsselpark), ontwikkeling van een duurzaam landschap en wijk”. Wat moeten wij verstaan onder ‘duurzaam landschap en wijk’?

39 Blz. 29. “Hier is een goede duurzame bereikbaarheid het eenvoudigst te realiseren door aansluiting op het bestaande OV-netwerk, de provinciale weg en de A2.” Wat is hier m.u.v. OV-aansluiting duurzaam aan?

40 Blz. 30. “Voor woningontwikkeling volgen we de principes voor duurzame verstedelijking: eerst verdichting binnen bestaand woongebied, dan in directe nabijheid van (OV-knooppunten en dan op plekken waar goede bereikbaarheid kan worden gerealiseerd. Met verdichting kunnen we maximaal 800 woningen binnenstedelijk realiseren.” Wat is hier duurzaam aan? Het is immers maar de vraag wat de impact zal zijn op diverse duurzaamheidsonderwerpen als luchtkwaliteit, waterhuishouding en groen vanwege het ‘vol bouwen’ van IJsselstein. 41 Blz. 43. “We willen de bevoorrading en afvoer van goederen en afval duurzaam laten plaatsvinden: kleinschalig en schoon”. Wat is duurzaam aan ‘kleinschalige afvoer van ‘afval’? Wat is ‘kleinschalige en schone bevoorrading van goederen, betekent dit enkel nog met kleine elektrische voertuigen?

generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen.“ Per thema zal dit anders uitgewerkt worden. Centraal in de visie staat juist de integrale afweging. Nadere uitwerking van plaatsing wind en zon vindt plaats in het afwegingskader duurzame elektriciteit opwek en de regionale energiestrategie: zie agendapunt 7. Voor meer info omtrent afwegingskader: https://ijsselstein.raadsinformatie.nl/vergadering/786 709/Commissie%20Ruimte%2013-04-2021 ) We zullen dit anders formuleren, bv.: duurzame wijk met behoud van landschappelijke waarden. Het gaat er in dit geval om dat er aan de wijk op het gebied van energieverbruik en -opwekking, landschappelijke en cultuurhistorische structuren en ecologische waarden hoge eisen worden gesteld. De verwachting is dat deze ontsluiting ook congestie op N210 (en aanvoerwegen) verlicht en daarmee in die directe omgeving een milieuwinst oplevert en IJsselstein ook voor toekomstige generaties bereikbaar houdt. Het klopt dat er nog een hele weg te gaan is op het gebied van verbruik fossiele brandstoffen in het auto- en vrachtverkeer, maar tegelijkertijd is de verwachting dat deze transitie zal slagen en de fossiele brandstofmotor komende decennia uitgefaseerd wordt.

(Zie ook definitie brundtland) Met de principes voor duurzame verstedelijking verwijzen we naar de ladder voor duurzame verstedelijking, een instrument voor efficiënt ruimtegebruik. Het gaat in dit geval niet om duurzaamheid met betrekking tot aspecten als milieu en gezondheid, maar met name over het bevorderen van duurzaam gebruik van de ruimte. Gaat hier inderdaad om schoner transport/brandstoffen. We hanteren hierbij natuurlijk verloop. Zie ook reactie VIHIJ

42 Blz. 54. “De duurzame instandhouding van het cultuurhistorische erfgoed is het uitgangspunt.” Wat moeten wij hierbij verstaan onder ‘duurzame instandhouding’?

Zie definitie brundtland. Het instandhouden van cultuurhistorisch erfgoed voor toekomstige generaties.

Natuurinclusief en energiepositief bouwen is kostbaar. 43 Blz. 51. “Door het gebied langs de Kromme IJssel en aan de Lek te ontwikkelen kan een park ontstaan, als raamwerk voor wonen, natuur en recreatie. Dit biedt kansen om natuur en recreatieve voorzieningen toe te voegen en de ruimtelijke relatie met de Lek te versterken. Hiermee geven Daarnaast is binnenstedelijke ontwikkeling van zichzelf we vorm aan de ambitie van gezond stedelijk leven. Natuurinclusief en energiepositief bouwen is het streven.” al kostbaar, harde eisen omtrent natuurinclusieviteit en energiepositiviteit zou (betaalbare) Waarom wordt ‘natuurinclusief bouwen’ enkel voor dit gebied genoemd? Natuurinclusief bouwen kan immers worden toegepast op de hele binnenstedelijke ontwikkeling kunnen beperken. Voor gemeente. dit specifieke gebied stellen we echter hoge eisen en zien we kansen om meerdere doelen te combineren. Waarom wordt ‘energiepositief bouwen’ enkel op deze pagina genoemd en niet als uitgangspunt genomen voor de gehele visie? Daarom is dit wel voor dit gebied genoemd en niet voor overige gebieden.

Koninklijke Horeca Nederland (KHN) 44 Een van de voorwaarden die gesteld is bij de totstandkoming van de omgevingsvisie is participatie. Zoals u zelf schrijft in de concept versie is

Participatie bij de omgevingsvisie is bedoeld om nog voordat er bestuurlijke besluitvorming plaatsvindt belangen en wensbeelden op te halen en de ingezette koers te toetsen. Op basis van deze input willen we het Als we kijken naar de uitvoering van het participatietraject omgevingsvisie IJsselstein waarbij het aankomt op informeren, inventariseren en beleid beter maken. Juist om u voldoende ruimte te meedoen, merken wij, KHN IJsselstein, op dat de horeca zeer beperkt is geïnformeerd en geraadpleegd. Het betreft hier een eenmalige geven om uw input te delen is de extra bijeenkomst bijeenkomst op 14 september 2020 waarin we hebben kunnen kennisnemen van een eerste uitgewerkt denkrichting. Er zijn vele vragen gesteld van 11 februari georganiseerd. Het is goed om te en opmerkingen gemaakt, waarvan we dat niet hebben kunnen teruglezen middels een notulen naderhand. Dat is jammer, omdat we niet weten benoemen dat we hoofdzakelijk van bestaand beleid wat er met de input vanuit ons is gebeurd. Onlangs is een tweede moment op 11 februari geweest waarin de concept versie door u is toegelicht. zijn uitgegaan en dat de omgevingsvisie de eerste stap Omdat de omgevingsvisie ons allen, zowel de inwoners, de ondernemers als bezoekers raakt lijkt het ons een vanzelfsprekende taak dat de in de beleidscyclus is.

De uitwerking en periodieke overheid richting inwoners en ondernemers duidelijk en frequent communiceert en hen informeert. Ook met oog op de gedeelde actualisering van de omgevingsvisie wordt eveneens verantwoordelijkheid en verwachting van ondernemers en inwoners. belangrijk, ook hierbij worden diverse partners van de gemeente betrokken. 45 (art 3.3, P24): Wat verstaat u hier onder kleinschalige horeca activiteiten? Aan welke voorwaarden moet men voldoen? En hoe voorkomen we Kleinschalig is als het een nevenactiviteit betreft. dat het uitgroeit tot grootschalige horeca activiteiten, zoals een restaurant? participatie een sleutelbegrip in de Omgevingswet. Dan is de vraag wat betekent een participatietraject, hoe ziet dat er uit en wanneer is dat participatie proces geslaagd?

46 art. 3.5: Wij lezen ruimte voor ondernemerschap, economische groei, innovatie en verduurzaming. Wij onderstrepen het belang hiervan, waarbij De omgevingsvisie zet inderdaad de contouren op wij wel willen benadrukken dat de huidige markt, kijkend naar retail en horeca, door de crisis hard zijn geraakt en de ruimte nodig hebben om op abstract niveau neer. Nadere uitwerking hiervan en in adem te komen. In het verleden is de keuze gemaakt om vrijwel aan alle panden de bestemming horeca toe te voegen. Wij verzoeken de het bijzonder uitwerking van keuzes voor de gemeente om daar in ieder geval de komende twee jaren terughoudend mee om te gaan en in overleg met stakeholders te komen tot een nieuwe binnenstad doen we graag in nauw overleg met u en visie en beleid. andere partners. Er is op dit moment geen actuele horecavisie, geen evenementen- en terrassenbeleid in IJsselstein. Deze omgevingsvisie zet de contouren op abstract niveau voor de toekomst neer. Wij willen u als gemeente verzoeken om visie- en beleidsstukken zoals hierboven beschreven te laten aansluiten op de contouren van de omgevingsvisie. Ruimdenkend, gericht op economische groei en innovatie. Beperkingen in bijvoorbeeld terrastijden Vingerhoekhof vinden wij dan volstrekt onlogisch en zien graag dat dit wordt losgelaten.

47 Voor het hebben en het behouden van een levendig stadscentrum is goede aansluiting op wegen en OV van groot belang. Duidelijke routeaanduiding vanaf de A2 richting het centrum is hier onderdeel van.

We nemen dit als aandachtspunt over bij het deelgebied stadshart

Historische Kring IJsselstijn (HKIJ) 48 De Historische Kring IJsselstein herkent in niets de participatie die we hebben geleverd in het voortraject om te komen tot het concept. Wij

In eerder stadium voor de atlas (eind 2019) en later hebben daartoe onze zienswijze op de omgevingsvisie in november 2020 aangeboden aan het college en de provincie Utrecht. In deze zienswijze voor de huidige concept-visie (maart 2020) zijn beperken wij ons tot de visie met betrekking tot de voorgestelde ontwikkeling Kromme IJsselgebied. Laat onverlet dat wij ons het recht inderdaad aandachtspunten met elkaar opgehaald en voorbehouden om op alle gebieden waar sprake is van cultuurhistorische waarden en die in de nieuwe omgevingsvisie aan bod komen, te deze zijn in september 2020 voorgelegd aan de reageren. gemeenteraad. Daarnaast is de historische kring in oktober 2020 uitgenodigd voor een participatiemoment uitgenodigd om over de koers te spreken, hier is destijds geen gebruik van gemaakt om input te leveren. Uit deze sessies zijn belangrijke aandachtspunten omtrent cultuurhistorische waarden opgehaald en uiteindelijk ook in de conceptomgevingsvisie geland. Echter, we richten de verdere verkenning voor buitenstedelijke woningbouwontwikkelingen nog steeds hoofdzakelijk op het westelijke deel van de zuidlocatie. Input is dus opgehaald, en over de verschillende locaties zijn gesprekken gevoerd. In 2019 is door adviesbureau Companen de ‘Woonvisie 49 Wij vragen u waarom de kreet ‘IJsselstein heeft veel woningzoekenden’ in de conceptversie niet is onderbouwd.

Welke onafhankelijke onderzoeken liggen daaraan ten grondslag en waarop zijn de ramingen gebaseerd? 2019-2030’ vastgesteld, waarin de woningbehoefte van IJsselstein is onderzocht en onderbouwd. 50 Voorts wordt in de conceptversie niet ingegaan op demografische factoren van de IJsselsteinse bevolking (wat, waar en voor wie bouwen we?) en Demografische trends zijn bij onderbouwing van is nergens terug te vinden hoe de autonome groei van IJsselstein zich verhoudt tot de conceptversie omgevingsvisie. Volgens cijfers van het woonvisie, de atlas en de woningbouwprogrammering Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in een coproductie met het CBS, is de bevolkingsontwikkeling in IJsselstein de komende decennia redelijk betrokken. stabiel (-2,5% tot +2,5%). De HKIJ acht deze factoren van groot belang om tot een afgewogen omgevingsvisie te komen.

51 Waarom wordt er nu geraamd op 2.900 woningen terwijl voorheen een aantal van 2.500 is genoemd? Dat geldt ook voor nieuw industriegebied In REP + omgevingsagenda Lopikerwaard wordt 2.900 De Kroon dat nu met 9 hectare wordt genoemd in plaats van 7 hectare.

52 Hoe kan de ontwikkeling van een belangrijk cultuurhistorisch gebied als de Kromme IJssel bijdragen aan het wensdenken van de gemeente om hier ‘woningnood’ te lenigen? Het zal immers enorm duur zijn om hier woningbouw te realiseren in verband met de zwakke ondergrond van de bodem. We spreken hier van een natuurgebied van de hoogste waarde op de gemeentegrens, uniek als verschijning in de Lopikerwaard.

genoemd tot 2040 de woonvisie gaat uit van 2.500 woningen tot 2030. (dit zal worden verduidelijkt) In het provinciale ‘Kader voor regionale programmering wonen en werken’ is de Kroon opgenomen met 9 hectare. We kijken bewust maar naar het westelijk deel van het Kromme IJssel gebied. De waterloop Kromme IJssel zelf en directe omgeving wordt gevrijwaard, daarnaast is het gebied tussen Lage Dijk Zuid en HogeBiezendijk extensievere mix van wonen / landschap / recreatie / landbouw geprojecteerd. Momenteel is een beperkte strook langs de kromme ijssel aangeduid als natuurgebied, het overgrote deel is agrarisch

productielandschap. Met deze ontwikkeling houden we uiteraard rekening met ecologische en hydrologische aspecten en willen we juist bijdragen aan de landschappelijke en ecologische kwaliteit van het gebied rond de kromme ijssel. Bij de nadere uitwerking worden de technische, financiële, landschappelijke en ecologische aspecten nader bekeken. De provinciale omgevingsvisie wordt benoemd in het 53 In de visie ontbreken verwijzingen naar de omgevingsvisie van de provincie Utrecht en de visie van het waterschap De Stichtse Rijnlanden. En verder: hoe verhoudt zich de visie ten opzichte van de plannen van Rijkswaterstaat met betrekking tot de dijkverzwaring? regionaal perspectief, pagina 18. In paragraaf 3.6 wordt onder ‘Water en klimaat’ stilgestaan bij de regionale adaptiestrategie. Deze is opgesteld samen met het Hoogheemraadschap. Dijkverzwaring is bekend. Deze zullen we toevoegen bij ontwikkeling en regionaal perspectief. 54 Wij staan geheel achter de visie van Vereniging voor Industrie en Handel IJsselstein (VIHIJ) die stelt dat alles in de conceptversie gebaseerd is op De gemeente vindt het een kwaliteit dat we zowel ontwikkeling richting naar Nieuwgein en Utrecht terwijl over de gemeentegrenzen richting westzijde van IJsselstein (denk Lopik, Montfoort e.d.) onderdeel uitmaken van de regio Utrecht als de niets is terug te vinden.

VIHIJ stelt tevens dat de ontwikkeling van woningbouw in het gebied Kromme IJssel heilloos is. Wij zijn het daar roerend Lopikerwaard. We kiezen ervoor niet op een van de mee eens. twee richting de nadruk te leggen. In de omgevingsvisie staat die balans dan ook centraal, zo wordt daar in de kernkwaliteiten zowel bij de landschappelijke kwaliteiten van de Lopikerwaard als de economische kracht van de regio Utrecht benoemd. Ook wordt hierom bij het regionale perspectief zowel op het IRP als de omgevingsagenda Lopikerwaard beschreven. Als bijlage sturen wij onze zienswijze mee die wij gestuurd hebben naar de provincie Utrecht met betrekking tot de IJsselsteinse cultuurgronden Bij nadere uitwerking vormen de cultuurhistorische en 55 van het Kromme IJsselgebied. Dat is een MP4 bijdrage met PDF, ook op onze website te vinden. Deze is ook naar de gemeente IJsselstein landschappelijke waarden het uitgangspunt, denk gestuurd. Jammer dat dit niet is meegenomen of zelfs genoemd wordt in het concept. Deze zienswijze willen wij als reactie ook laten gelden voor daarbij bijvoorbeeld aan bestaande waterlopen, het concept van de omgevingsvisie IJsselstein. Wij verzoeken u dat onze reactie en zienswijze als bijlagen een aparte status richting de gemeente verkavelingsstructuur, linten, bestaande boerderijen krijgen en als zodanig wordt opgenomen. en zendmasthistorie.

Vereniging industrie en handel IJsselstein (VIHIJ) 56 De omgevingsvisie (OV) is erg georiënteerd naar Nieuwegein en Utrecht. Ten onrechte wordt weinig aandacht besteed aan het gebied ten westen De gemeente vindt het een kwaliteit dat we zowel van de gemeente. IJsselstein behoort tot Utrecht West en is voor een groot deel, zeker in belangen en bedrijvigheid, mede afhankelijk van de buurgemeenten aan de westzijde van IJsselstein. Denk daarbij aan Lopik, Montfoort, Oudewater en Woerden.

57

58

59

60

onderdeel uitmaken van de regio Utrecht als de Lopikerwaard. We kiezen ervoor niet op een van de twee richting de nadruk te leggen. In de omgevingsvisie staat die balans dan ook centraal, zo wordt daar in de kernkwaliteiten zowel bij de landschappelijke kwaliteiten van de Lopikerwaard als de economische kracht van de regio Utrecht benoemd. Ook wordt hierom bij het regionale perspectief zowel op het IRP als de omgevingsagenda Lopikerwaard beschreven. In het kader van bovenstaande opmerking is de VIHIJ van mening dat het beter is aansluiting te vinden bij gelijkgestemden ten westen van Aansluiting in westelijke richting zoeken we IJsselstein dan als Goliath mee te liften met Utrecht en Nieuwegein. Er zal in ieder geval waakzaamheid betracht moeten worden bij aansluiting nadrukkelijk, onder andere in Lopikerwaard-verband. richting het oosten, onze belangen zullen daar (al dan niet terecht) altijd minder zichtbaar blijven. IJsselsteinse belangen moeten inderdaad in beide ‘richtingen’ goed vertegenwoordigd worden. De provincie Utrecht wil de regionale groei verdelen over de randgemeenten rondom Utrecht. Echter zien wij de afgelopen jaren uitsluitend In regionaal verband wordt momenteel de uitbreidingsmogelijkheden voor Houten, Nieuwegein, Woerden en Leidsche Rijn (is Utrecht). programmering besproken.

IJsselsteinse belangen omtrent woningbouw (2500 in 2030 en 2900 in 2040) zijn daar ingebracht. In het regionale perspectief wordt letterlijk aangegeven dat het de verantwoordelijkheid van de stad Utrecht is om eerst alle mogelijke Dit betreft niet de stad Utrecht, maar de gehele U-16binnenstedelijke locaties te benutten alvorens de U16 (de 16 grootste gemeenten uit de provincie Utrecht, waaronder IJsselstein) woonvraag zal regio. In dit regionale verband is (in lijn met de ladder worden geaccommodeerd. Wij zijn het volledig oneens met deze stelling en zullen als IJsselstein snel en hard moeten acteren tegen dergelijk voor duurzame verstedelijking) beschreven dat we gedachtegoed. Om de snelle vergrijzing van IJsselstein tegen te gaan door wegtrekkende jongeren zullen op zeer korte termijn veel woningen eerst binnenstedelijk zoveel mogelijk woningbouw moeten worden gerealiseerd. faciliteren, alvorens we buitenstedelijk ontwikkelen, ook in IJsselstein. Het is bekend dat niet alle opgaven binnenstedelijk opgelost kunnen worden en vanuit IJsselstein is duidelijk gemaakt dat dit op korte termijn onvoldoende woningen oplevert en dus z.s.m. buitenstedelijke locatie in IJsselstein nodig is. In paragraaf 3.2 wordt aangegeven dat er alleen ruimte zal worden gegeven aan ontwikkelingen indien er als tegenprestatie zal worden Wij zullen dit verduidelijken.

Net als woningbouw bijgedragen aan cultuurhistorische kwaliteit. Dit is een heel vage omschrijving van wat de gemeente wil bereiken. Betekend dit dat alleen de hebben landschap en cultuurhistorie een hoge ontwikkelaars met diepe zakken in aanmerking komen om ontwikkelingen tot uitvoer te brengen? Het beleid zou juist moeten zijn om goede prioriteit in de gemeente. Enerzijds vormt dit een ontwikkelingen te koesteren en slechte ontwikkelingen (hoe lucratief ook) te weren. Wij zien hier graag een verduidelijking van de omschrijving. uitgangspunt en inspiratie voor ontwikkellocaties zodat men vanaf de planvorming zoveel mogelijk rekening met deze kwaliteiten houdt. Anderzijds beseffen we ons dat woningbouw en behoud van landschap en cultuurhistorie schuurt. Daarom wil de gemeente bijvoorbeeld een bijdrage kunnen (niet

moeten) vragen voor de versterking van cultuurhistorische kwaliteiten elders. 61 In het kader van kwaliteit willen wij aandacht vragen voor de wildgroei die is ontstaan bij recente ontwikkelingen. Daarbij is de aantrekkelijkheid In juli 2020 is de nota van uitgangspunten voor De van IJsselstein bij aankomst vanaf de A2 sterk verminderd. Hele goede voorbeelden zijn de ontwikkeling van Westfort op industrieterrein Over Kroon herijkt. Hierin is nadrukkelijk aandacht voor Oudland en de Plus op de Panoven. Deze ontwikkelingen zijn met de rug naar de openbare weg gesitueerd waarbij het lijkt of vanaf de A2 via een uitstraling, kwaliteit en hoogwaardigheid van de achteraf weg IJsselstein wordt binnengereden. Nu staan we voor de ontwikkeling van de Kroon voor een vergelijkbaar dilemma, wat zal de nieuwe bebouwing. Met ‘hoogwaardig’ wordt hier voorzijde van deze gebouwen worden? Wordt dat de zijde van de A2 of de zijde van de stad? Wij vragen extra secuur te toetsen op de uitstraling bedoeld een representatieve uitstraling waar de ligging van IJsselstein. Dit is een onderwerp wat zeker in de OV naar voren hoort te komen. steunt op de dragende infrastructuur van de N 210 en de A2. Verder wordt verwezen naar het nog op te stellen beeldkwaliteitsplan met referentie beelden.

Het op te stellen en door de gemeenteraad nog vast te stellen stedenbouwkundig- en beeldkwaliteitsplan vormt het toetsingskader voor de bouwplannen. 62 Paragraaf 3.4 spreekt over de overgang van de stad naar het landelijk gebied aan de noordzijde van de stad. Dit is dus het begin van de Rijnenburg zal volgens de laatste beleidskeuzes van Achtersloot en IJsseldijk. In tegenstelling tot de vorige versie van het OV is dit gebied niet meer aangemerkt als discutabele ontwikkellocatie. Dit gemeente en provincie Utrecht niet voor 2035 tot grote teleurstelling van de VIHIJ, wij zullen uitleggen waarom. Op dit moment is de Kroon in ontwikkeling. Reikhalzend wordt al bijna een ontwikkeld worden. Wij hebben een decennia uitgekeken naar deze ontwikkeling. Het ziet er naar uit dat deze in 2022 enige vorm gaat krijgen en dan zijn we meer dan de genoemde woningbouwopgave van 2500 woningen voor 2030. decennia verder voordat een schop de grond in zal gaan. Dit dwingt ons om ver vooruit te plannen en verder te kijken naar ontwikkelingen voorbij Daarbij kan een deel binnenstedelijk ontwikkeld de Kroon. Na het vervullen van de Kroon zal nieuw industriegebied noodzakelijk zijn om de nodige werkgelegenheid van IJsselstein en het worden, maar is tevens buitenstedelijk gebied nodig. achtergelegen gebied te faciliteren.

In onze optiek is het zeer voor de hand liggend als de Kroon verder doorgetrokken zal worden richting het De afweging rondom locatie Zuid is een proces wat al zuiden. Dan blijft alle industrie en daarmee de verkeersstromen, geluidsoverlast en luchtvervuiling weg van de woningbouw en recreatie. We lange tijd bezig is en heeft deels parallel gelopen aan kunnen ons dan afvragen of woningbouw van 2500 woningen nog passen in dit zuidelijke gebied tot de Lek. Het is wellicht aan te bevelen om het visietraject. Er is afgelopen periode veelvuldig woningbouw dichter bij de geliefde binnenstad te creëren, dat is aan de west of noordzijde van de stad. gesproken over wat het meest haalbaar is en verschillende locaties zijn afgewogen. Inschatting is dat Met de ontwikkeling van Rijnenburg en het toerisme vanuit Utrecht en Veldhuizen is het aannemelijk dat er een vergroting van het wegennet en Zuid het meest kansrijk is. openbaar vervoer vanaf de noordzijde naar IJsselstein zal komen. In dat kader zijn de bezwaren zoals genoemd in 3.4 niet meer aanwezig en kan Er is dus reeds een afweging gemaakt en gekozen voor in de richting van deze noordelijke streek gedacht worden. Wij stellen daarom voor om in de OV de deur open te laten voor ontwikkelingen in ontwikkeling aan Zuidzijde. De belangrijkste reden deze richting.

De discutabele status van het gebied ten noorden van IJsselstein zoals genoemd in de OV van oktober 2020 zouden wij daarom hiervoor betreft mobiliteit. Mobiliteitsinfrastrcutuur is laten staan. in het noorden al beperkt en onveilig. De kosten van Daarnaast is aan de westzijde van IJsselstein uitbreiden logischerwijs de beste keuze. Daarmee houden we de stad compact. Deze ontwikkeling is mobiliteitsmaatregelen voor grote aantallen woningen zijn hier hoog en de impact op het Groene Hart ook. bovendien beter te realiseren in verband met: Voor de westkant van de gemeente geldt deels - Geluid, verder van de snelweg en industrie vandaan. hetzelfde, de afstand tot de N-weg is hier korter dan - Tram, deze loopt nu bij de tennisvelden en kan relatief eenvoudig worden verlengt richting de westzijde. de Noordzijde, maar de aanhechting van een wijk tegen de bestaande kern en congestie op wegen - De route van bewoners richting de binnenstad is eenvoudig te regelen. binnen de bebouwde kom vormen hier een risico. De - De verkeersdruk is daar beter te verdelen over de hoofdaders van IJsselstein. westzijde heeft dus zijn eigen beperkingen en complexiteit, naast beperkt draagvlak vanuit gemeente Lopik, betreft het dus congestie op wegen binnen bebouwde kom en voor de sportfaciliteiten zelf zou

ontwikkeling op korte termijn ook recente investeringen teniet doen. Bij planontwikkeling zal er in de stedenbouwkundige en verkeerskundige opzet worden gekeken naar een optimale verbinding met het centrum. Het dient een totaalplan te worden waarbij we alle aspecten richten op een vitaal IJsselstein. Wel willen we de Noordzijde terugbrengen als discussielocatie voor kleinschalige initiatieven die passen binnen de beperkingen van de infrastructuur en met meerwaarde voor ecologie, recreatie en de stad. Voor alle ontwikkelingen geldt dat we komende periode gebruiken om deze nader uit te werken. 64 De gemeente IJsselstein is gelegen aan de westzijde van Utrecht. Volgens paragraaf 3.5 is er in deze regio voornamelijk dienstverlening aanwezig. Dit zal worden gecorrigeerd en in de visie zal meer Dit is een onjuistheid in deze paragraaf. Utrecht West staat bekend als een van de snelst groeiende regio’s voor de maakindustrie van Nederland. aandacht worden besteed aan de sterke maakindustrie Het is dus belangrijk om de focus niet alleen op dienstverlening te leggen. Daar komt bij dat dienstverlening overwegend hoogopgeleide personen in de regio. nodig heeft. Echter zal er in de toekomst regionaal ook behoefte blijven aan minder hoog geschoolde arbeid. 65 Onder het kopje Woningbouw paragraaf 3.6 worden de huidige woningbouw problemen van IJsselstein volledig verwoord.

Wij kunnen als VIHIJ niet voldoende onderstrepen waarom het huisvesten van de jongeren zo belangrijk is. Dit is een enorm sneeuwbaleffect op alle fronten en zal IJsselstein, zijn burgers, bedrijven en politiek de aankomende jaren bezig houden.

In REP + omgevingsagenda Lopikerwaard wordt 2.900 genoemd tot 2040, woonvisie gemeente gaat uit van 2500 woningen tot 2030. Deze aantalenl zijn gestaafd op basis van kwantitatief onderzoek en worden nu in Neemt niet weg dat wij enorme voorstander zijn van bouwen voor alle bevolkingsgroepen. Voor de leefbaarheid, sociale rust en waarde van een regionale besprekingen gehanteerd. Daarom houden wijk is het van essentieel belang dat er een grote verscheidenheid aan woning zal worden gebouwd. Dus bouwen voor de lage, midden en hogere we vooralsnog vast aan 2500 in 2030 en 2900 in 2040. inkomens is essentieel voor een goede balans over de komende jaren. In de provincie Utrecht is het streven om de aankomende 10 jaar ca. Mocht de komende jaren duidelijk worden dat hier 100.00 woningen te bouwen. Wij vragen ons af waarom het de ambitie van IJsselstein is om een zeer gering aantal van 2900 te bouwen. Vanaf de bovenop nog een aanvullende ambitie geformuleerd jaren 80 van de vorige eeuw zijn er de afgelopen decennia niet zo weinig woningen gebouwd als nu. Vanaf de jaren 2010 tot 2020 is minder dan moet worden zullen we dat in de volgende versie half zoveel woningen gerealiseerd dan al de decennia ervoor. Ondanks deze enorme achterstand is de ambitie 2900 woningen. In onze optiek aanpassen, voor nu hanteren we deze getallen. zouden dit minimaal 5000 woningen moeten zijn.

66 In Paragraaf 3.6 bij Energie en grondstoffen wordt gesproken over duurzame energie. Waarom wordt alleen grootschalige opwekking van Er is een verschil tussen de opgave in het kader van de duurzame energie meegenomen in de totaaltelling van de energievraag? Het kan zeer interessant zijn om bedrijven te stimuleren om regionale energiestrategie en de lokale doelstellingen. zonnepanelen aan te brengen en zo niet dure grond te hoeven aankopen. Als deze panelen ook meegenomen worden in de 0,05 TWh dan kan dat Voor regionale opgave worden enkel relatief grotere een goed begin zijn. ontwikkelingen meegerekend (vanaf ongeveer 60 panelen). Veel van de bedrijfsdaken worden hier dus in meegerekend, de panelen van individuele woningen niet. Dat laat natuurlijk onverlet dat deze net zo belangrijk zijn voor lokale verduurzamingsdoelen. Deze worden dus wel degelijk meegerekend in de algemene gemeentelijke doelstelling enkel niet voor de regionale bijdrage van 0,05 twh voor 2030. Zie ook: https://ijsselstein.raadsinformatie.nl/vergadering/786 709/Commissie%20Ruimte%2013-04-2021

67 Bij het kopje Wind wordt aangegeven dat een 5MW turbine de voorkeur heeft boven een 1 MW turbine. Dat is vanuit economisch oogpunt beter Dit betreft een aanbeveling vanuit verdiepende maar vanuit overlast een heel stuk nadeliger. In de gehele OV wordt gesproken over kwaliteit. Daarmee wordt kwaliteit bedoeld van de gesprekken. Hierover is nog geen definitieve keuze leefomgeving. Hinder van een windturbine heeft ook te maken met kwaliteit. Als het mogelijk is met 5 molens geen inwoner te hinderen in de gemaakt. Verschil is niet vanuit economisch gewin leefomgeving, waarom zou je er dan 1 grote voor aanbrengen die veel impact en weerstand oproept? Dit is geen kwaliteitsslag maar uitsluitend geredeneerd, ook maatschappelijke kosten en economisch gewin. concentratie (i.p.v. spreiding) van de overlast spelen hierin mee. Voor nadere afwegingen omtrent windenergie per gebied zie: https://ijsselstein.raadsinformatie.nl/vergadering/786 709/Commissie%20Ruimte%2013-04-2021 68 In paragraaf 3.7 wordt gesproken over een gecertificeerd ecologisch bureau. Vanwaar deze keuze is gemaakt is ons onduidelijk. Bij ontwikkelingen De keuze komt vanuit het belang dat we hechten aan zijn al heel veer adviseurs betrokken geweest die weinig of geen meerwaarde hebben gehad in het eindresultaat. Daarmee bedoelen wij niet ecologische waarden.

De regel geldt alleen voor alleen de ontwikkeling zelf maar ook de directe omgeving, milieu, flora en fauna, e.d. Met deze maatregel gaan we wederom een adviseur projecten in gebieden met een hoge of zeer hoge introduceren die geen meerwaarde heeft voor het landschap en alleen maar kostenverhogend en vertragend werkt. Ons advies is om natuurwaarde en zal voor reguliere projecten dus geen redelijkerwijs aan te tonen welke compensatie wordt gedaan en dit per situatie te bekijken. kostenverhogend en/of vertragend effect hebben. Daarnaast is de Omgevingsvisie geschreven op hoofdlijnen. Onderzocht wordt of nadere concretisering kan worden uitgewerkt in o.a. het Omgevingsplan en programma’s. 69 In de paragraaf normen en beperkingen wordt hier aangegeven dat wij in IJsselstein aan alle normen voor bijvoorbeeld geluid moeten voldoen Er worden hier geen uitzonderingen voor windmolens maar als het om windmolens gaat dan is dat niet het geval. In onze mening is dat meten met twee maten. Of we moeten allemaal voldoen aan de bedoeld maar het betreft een voorbeeld dat we om eisen, of we hoeven allemaal niet te voldoen aan de eisen. Het kan natuurlijk niet zo zijn dan we een uitzondering maken voor een windmolen. sommige ontwikkelingen mogelijk te maken we maatwerk kunnen toepassen m.b.t milieunormen. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor woningen langs wegen of horeca in binnenstad.

70 Op pagina 40 staat een kaart aangegeven van de gemeente IJsselstein. Deze is op veel plaatsen aangepast t.o.v. de versie Oktober 2020. Hierin De kaarten zijn mede op basis van de vorige input staan veel dingen niet genoemd of onjuist weergegeven. De kaart is echt zodanig klein dat hierin onvoldoende nuance aangebracht kan worden. aangescherpt en concreter gemaakt. De locatie Een voorbeeld daarvan is locatie East Point, deze staat geheel verkeerd op deze kaart weergegeven. Wij hebben voorkeur voor de kaart van Eastpoint wordt als discussielocatie opgenomen, met een focus op bedrijvigheid. oktober 2020 die veel genuanceerder was. 71 In paragraaf 4.1 Binnenstad wordt aangegeven dat het de bedoeling is om het groen in de stad op elkaar te laten aansluiten. Wij zijn heel erg Dit is bewust als een uitdaging geformuleerd, maar is benieuwd hoe dat gerealiseerd kan worden. Enerzijds willen we 800 woningen in de stad bouwen, daarvoor is alle beschikbare ruimte nodig om zeker mogelijk, bijvoorbeeld met groene daken, dit te realiseren. Anderzijds willen we meer ruimte voor groen. Dit kan alleen gebeuren als er gesloopt gaat worden en daarvoor groen in de bomenlanen in de straten en door ruimte voor auto’s plaats gaat komen. Anders heeft deze opmerking helemaal geen functie en zal dit het ons in de toekomst lastig kunnen maken om te ontwikkelen. her in te richten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10240276/3