1.2 - PlanMER provinciaal programma wonen en werken 2023
Tekst van het document
MER programma Wonen en Werken 2023 Provincie Utrecht
projectnummer 0480624.100 3 februari 2023
www.anteagroup.nl
MER programma Wonen en Werken 2023 Provincie Utrecht projectnummer 0480624.100 3 februari 2023 Auteurs V. Noordink Opdrachtgever Provincie Utrecht Postbus 80300 3508 TH UTRECHT
Colofon Projectgroep S. Baars V. Noordink P. Verhoeven M. Zwama Gecontroleerd J. Verhoeven
datum 3 februari 2023
beschrijving definitief
vrijgave A. Hatzman
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Inhoudsopgave Samenvatting
4
1. 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding Programma wonen en werken Aanvulling op het PlanMER Adviezen commissie m.e.r. Aanpak PPWW 2023 Leeswijzer
11 11 11 12 12 12
2. 2.1 1.6
Programma 2023 Overzicht te onderzoeken uitleglocaties Onderbouwing en afweging per locatie
14 14 15
3. 3.1 3.2
Onderzoeksmethodiek Aanpak gebiedsanalyses Aanpak passende beoordeling
21 21 26
4. 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15
Gebiedsanalyses uitleglocaties Woonlocatie Tabaksteeg Zuid Woonlocatie Achterveld Noordoost Woonlocatie Odijk Kersenweide Woonlocatie Ruimtevaartbaan Woonlocatie De Bleek Woonlocatie Abcoude Zuidwest Woonlocatie Tuinderslaan Mijdrecht Woonlocatie Broekgraaf Noord Werklocatie Vathorst-west Werklocatie Broekweg Noord Werklocatie De Copen Noord Werklocatie Mijdrecht Noord Werklocatie Gaasperwaard 2 Werklocatie Gaasperwaard 3 Resultaten passende beoordeling
28 28 31 32 34 36 39 42 44 46 48 51 53 55 57 59
5. 5.1 5.2 5.3 5.4
Conclusies en aanbevelingen Samenvatting beoordelingen Conclusies gebiedsanalyses Conclusies passende beoordeling Leemten in kennis en aanzet tot monitoring
61 61 63 64 65
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Samenvatting Inleiding In oktober 2021 is een eerste cyclus van de regionale programmering afgerond met vaststelling van het provinciaal programma wonen en werken (PPWW 2021). Hierbij is een PlanMER opgesteld. Regionale programmering is een adaptief proces: periodiek, elke anderhalf jaar, wordt de programmering tegen het licht gehouden en geactualiseerd. Bij deze actualiseringen kunnen nieuwe uitbreidingslocaties worden geprogrammeerd. Op dit moment wordt er gewerkt aan de tweede cyclus regionale programmering (PPWW 2023). Dit PlanMER PPWW 2023 bouwt voort op het PlanMER PPWW 2021, maar is een nieuw separaat document. Het gaat hier om een aanvulling op het bestaande PlanMER. Het volume voor woon- en werklocaties blijft op hoofdlijnen gelijk. Wel zijn er 14 nieuwe uitleglocaties aangewezen die onderdeel van het volume uitmaken waarvoor het nodig is een gebiedsanalyse te maken. Deze aanvulling op het PlanMER blijft beperkt tot een aanpassing van het beoordelingskader en gebiedsanalyses van nieuwe uitbreidingslocaties die nog niet eerder in het kader van een provinciale visie of programma zijn beoordeeld op milieueffecten. Ook zijn in deze aanvulling enkele wijzigingen aangebracht voortkomend uit het advies van de commissie m.e.r. over het PPWW 21 en is aandacht besteed aan toegankelijkheid van het document.
Locaties gebiedsanalyses Voor het tweede programma zijn voor acht nieuwe uitleglocaties voor wonen en zes nieuwe uitleglocaties voor werken gebiedsanalyses uitgevoerd.
blad 4 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Figuur 1 Ligging woon- en werklocaties. Tabel 0.1 Uitleglocaties wonen (meer dan 50 woningen)
Nr. 1 2
Gemeente Leusden Leusden
3 4 5 6 7
Bunnik IJsselstein Montfoort De Ronde Venen De Ronde Venen
8
Vijfheerenlanden
Uitleglocatie Tabaksteeg Zuid Achterveld Noordoost Odijk Kersenweide Ruimtevaartbaan De Bleek Abcoude Zuidwest Tuinderslaan Mijdrecht Broekgraaf-Noord
Aantal woningen 760 175 1.200 69 400-500 270 755 500
Tabel 0.2: Uitleglocaties werken (groter dan 1,5 hectare netto)
Nr.
Gemeente
Uitleglocatie
a b
Amersfoort Wijk bij Duurstede Lopik De Ronde Venen Vijfheerenlanden Vijfheerenlanden
Vathorst-West Broekweg Noord
Netto uitgeefbaar aanbod (maximaal scenario) 9 5
De Copen Noord Mijdrecht-Noord Gaasperwaard 2 Gaasperwaard 3
5,7 12 8 30
c d e F
blad 5 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Methodiek gebiedsanalyses Voor de beoordeling van de omgevingseffecten van de uitleglocatie wordt een zevenpuntsbeoordelingsschaal (van zeer positief tot en met zeer negatief) gehanteerd. Daarbij gaat het om beoordelingen ten opzichte van de referentiesituatie. Tabel 00.3: Beoordelingsschaal effecten. Score Zeer positief Positief Licht positief Neutraal Licht negatief Negatief Zeer negatief
Toelichting Sterk positief effect ten opzichte van de referentie Positief effect ten opzichte van de referentie Licht positief effect ten opzichte van de referentie Neutraal (geen) effect ten opzichte van de referentie Licht negatief effect ten opzichte van de referentie Negatief effect ten opzichte van de referentie Sterk negatief effect ten opzichte van de referentie
De toets van de uitleglocatie aan de provinciale ambitie gebeurt per thema (de zeven hoofdambities). Hierbij wordt beoordeeld in de hoeverre de beoogde ontwikkeling bijdraagt aan het behalen van de provinciale ambities. Voor de toets van de provinciale ambities worden smileys gehanteerd, zoals dat ook is gedaan in het planMER bij de Omgevingsvisie. Tabel 00.4: Beoordelingsschaal bijdrage aan provinciale ambities. Score Groen Geel Rood
Toelichting De uitleglocatie levert een positieve bijdrage aan de provinciale ambities. De uitleglocatie levert een neutrale / geen bijdrage aan de provinciale ambities. De uitleglocatie levert een negatieve bijdrage aan de provinciale ambities.
Passende beoordeling In aansluiting op het planMER bij het Programma wonen en werken wordt een beschouwing van de potentiële effecten op relevante Natura 2000-gebieden uitgevoerd voor uitleglocaties. De resultaten van de passende beoordeling zijn opgenomen in de gebiedsanalyses. Er is gerekend met het standaard rekenprogramma AERIUS Calculator 2021. Sinds 26 januari 2023 is de nieuwe (2022) versie van AERIUS Calculator beschikbaar. Gezien het tijdpad van de besluitvorming over het programma wonen & werken was het praktisch onhaalbaar om alle stikstofberekeningen met deze nieuwe versie uit te voeren. Er is gekozen om de berekeningen te actualiseren voorafgaand aan vaststelling van het programma. Het detailniveau van de passende beoordeling sluit aan bij het detailniveau van het programma. De beoordeling is vormgegeven middels een uitgebreidere ‘stoplichtmethode’. Groen licht betekent dat er geen effecten worden verwacht. Een geel licht betekent dat met mitigerende maatregelen significante gevolgen uitgesloten kunnen worden. Rood licht betekent dat een locatie in principe niet opgenomen kan worden in het Programma, en dat er verregaande mitigerende maatregelen nodig zijn om significante effecten te beperken en dat uitvoering zelfs dan nog twijfelachtig is. Daarnaast zijn er twee ‘tussen-kleuren’ opgenomen.
blad 6 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Tabel 0.5: Beoordelingskader (stoplichtmethode). Risico op significante gevolgen Groen
Zonder meer uitvoerbaar, significante effecten kunnen worden uitgesloten Zonder meer uitvoerbaar, significante effecten kunnen worden uitgesloten, mits aan relatief eenvoudige Lichtgroen randvoorwaarden voldaan wordt Geel Uitvoerbaar met mitigerende maatregelen in vervolgbesluiten, in dat geval zijn significante gevolgen uit te sluiten Uitvoerbaarheid niet onmogelijk maar grote opgave voor mitigerende/compenserende maatregelen in Oranje vervolgbesluiten om significante gevolgen te kunnen uitsluiten Uitvoerbaarheid twijfelachtig, ook met mitigerende/compenserende maatregelen nog steeds groot risico op Rood significante effecten. Mitigatie-voorstel in deze passende beoordeling
Resultaten In de onderstaande tabel zijn de beoordelingen voor de woonlocaties opgenomen. In Bijlage A en Bijlage B staan de resultaten per ambitie uitgesplitst voor de verschillende woon en werklocaties.
Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar
De Bleek
Abcoude Zuidwest
Tuinderslaan Mijdrecht
Broekgraaf Noord
Licht negatief Licht negatief
Ruimtevaartbaan
Negatief
Licht negatief
Negatief
Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Licht negatief
Neutraal
Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal
Achterveld Noordoost
Geur
Neutraal
Licht negatief Licht negatief
Neutraal Licht negatief
Licht negatief Neutraal Neutraal Neutraal
Licht Neutraal negatief Licht Licht Licht Neutraal Neutraal negatief negatief negatief Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal
Neutraal
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal
Neutraal
Zeer Zeer Positief Positief Positief Positief positief positief Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Licht Neutraal Positief Positief Positief Positief positief
Zeer positief Neutraal Neutraal
Neutraal Neutraal
Negatief
Positief
Mobiliteitstransitie
Neutraal
Positief
Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Negatief
Licht negatief
Landschap
Zeer negatief
Licht negatief
Negatief
Licht negatief
Positief
Negatief
Recreatie Bodemdaling Waterveiligheid Grondwaterbescherming Wateroverlast Droogtestress Hitte
Vitale steden en dorpen
Licht negatief
Neutraal
Omgevingsveiligheid
Duurzame energie
Neutraal
Neutraal
Stilte
Klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving
Licht negatief
Luchtkwaliteit Geluid
Stad en land gezond
Licht negatief Licht negatief
Beoordelingsaspect
Tabaksteeg Zuid
Thema
Odijk Kersenweide
Tabel 0.6: Beoordelingen woonlocaties
Kansen geothermie Zoekgebieden duurzame energieopwekking Woningaanbod Bedrijventerreinen Kantoorlocaties Multimodale mobiliteit
Neutraal
Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal Licht negatief Leemte
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Licht negatief Licht negatief Licht negatief Leemte
Neutraal Negatief
Positief
blad 7 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Levend landschap, erfgoed en cultuur
Cultuurhistorie Archeologie Aardkundige waarden Natura 2000 NNN
Toekomstbestendige landbouw en natuur Overige gebieden Biodiversiteit Landbouw
Zeer negatief Licht negatief Neutraal Licht negatief Licht negatief
Licht Zeer Neutraal Negatief negatief negatief Licht Zeer Licht Licht negatief negatief negatief negatief Neutraal Neutraal Neutraal Negatief Licht Neutraal Neutraal Neutraal negatief
Licht negatief Licht negatief Neutraal Licht negatief
Licht positief Licht negatief Neutraal Licht negatief
Licht negatief Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal Neutraal Neutraal
Licht Neutraal negatief Licht Licht Licht negatief negatief negatief Neutraal Negatief Negatief
Licht negatief Licht negatief Negatief
Licht negatief Negatief
Licht Licht negatief negatief Neutraal Negatief
Negatief
Neutraal
Neutraal Licht negatief Negatief
De beoordelingen van de werklocaties zijn in de volgende tabel opgenomen.
Mijdrecht Noord
Gaasperwaard 2
Gaasperwaard 3
Klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving
De Copen Noord
Stad en land gezond
Broekweg Noord
Thema
Vathorst- west
Tabel 0.7: Beoordeling werklocaties
Luchtkwaliteit
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Negatief
Geluid
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Licht negatief
Geur
Licht negatief
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Stilte
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Omgevingsveiligheid
Licht negatief
Neutraal
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Recreatie
Positief
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Positief
Bodemdaling
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Waterveiligheid
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Grondwater-bescherming
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Kansen geothermie
Leemte
Leemte
Leemte
Leemte
Leemte
Leemte
Zoekgebieden duurzame energieopwekking
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Woningaanbod
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Bedrijventerreinen
Positief
Positief
Positief
Positief
Positief
Zeer positief
Kantoorlocaties
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Multimodale mobiliteit
Neutraal
Neutraal
Negatief
Negatief
Positief
Neutraal
Zeer negatief Licht negatief Licht negatief
Zeer negatief
Beoordelingsaspect
Wateroverlast Droogtestress Hitte
Duurzame energie
Vitale steden en dorpen Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar Levend landschap, erfgoed en cultuur
Mobiliteitstransitie Landschap Cultuurhistorie
Licht negatief Zeer negatief Zeer negatief
Neutraal
Negatief
Negatief
Negatief
Negatief
Negatief
Negatief Licht negatief Licht negatief
Negatief Licht negatief
blad 8 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Toekomstbestendige landbouw en natuur
Archeologie
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Licht negatief
Aardkundige waarden
Neutraal
Neutraal
Negatief
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Natura 2000
Licht negatief
Licht negatief
Negatief
Negatief
Licht negatief
Negatief
NNN
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Neutraal Neutraal
Licht negatief
Negatief
Negatief
Neutraal
Licht negatief Licht negatief Licht negatief
Neutraal
Licht negatief
Licht negatief Licht negatief
Negatief
Negatief
Licht negatief Licht negatief
Overige gebieden Biodiversiteit Landbouw
Negatief
Neutraal
De resultaten van de passende beoordeling zijn in de onderstaande tabel opgenomen. Tabel 0.8: Overzicht beoordeling uitleglocaties op verstoringsfactoren stikstof en recreatiedruk. Gemeente
Uitbreidingslocatie
De Ronde Venen
Tuinderslaan Mijdrecht
De Ronde Venen
Aantal woningen 755
Bijdrage (aantal mol N/ha/jaar) 0,08
270
0,04
500
0,04
1200
0,02
760
0,01
75
0,00
Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen. Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Nee
175
0,00
Nee
500
0,00
Nee
Hectare (netto) 9 ha
Bijdrage (aantal mol N/ha/jaar) 0,08
5 ha
0,08
5,7 ha
0,17
8 ha
0,04
8 ha
0,32
Abcoude Zuidwest Vijfheerenlanden Bunnik
Broekgraaf Noord Odijk Kersenweide
Leusden Tabaksteeg Zuid Ijsselstein
Ruimtevaartbaan Achterveld Noordoost De Bleek Uitbreidingslocatie
Leusden Montfoort Gemeente Amersfoort
Vathorst-West Wijk bij Duurstede
Broekweg Noord
Lopik
De Copen Noord
Vijfheerenlanden Gaasperwaard 2 De Ronde Venen
Mijdrecht-Noord
Stikstof relevant?
Recreatiedruk relevant? Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen Nee Nee
Nee Nee Nee Recreatiedruk relevant?
Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen. Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen. Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen. Ja, significante gevolgen zijn uit te sluiten met mitigerende maatregelen. Ja
Nee Nee Nee Nee
Nee
Vijfheerenlanden
30 ha 0,75 Ja Nee Gaasperwaard 3 * Oranje = Uitvoerbaarheid niet onmogelijk maar grote opgave voor mitigerende/compenserende maatregelen in vervolgbesluiten om significante gevolgen te kunnen uitsluiten. * Geel = op te lossen met mitigerende maatregelen
De beoordeling laat gevarieerd positieve, neutrale en negatieve effecten zien.
blad 9 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
De locaties hebben vanzelfsprekend allen door de extra woningen en bedrijvigheid (licht) positieve gevolgen op de vitaliteit van de steden en dorpen. Het primaire doel van het programma wonen & werken wordt daarmee behaald. De milieuimpact van de uitleglocaties is op enkele aspecten (wisselend luchtkwaliteit, geluid, geur, stilte en omgevingsveiligheid) licht negatief beoordeeld. Dat betekent dat deze thema’s wel aandacht behoeven, maar dat de effecten naar verwachting goed te mitigeren zijn. Bij Abcoude Zuidwest en Broekgraaf Noord zijn negatieve beoordelingen gegeven omdat de voorkeursgrenswaarde vanwege wegverkeerslawaai hier wordt overschreden. Werklocatie Gaasperwaard 3 is negatief beoordeeld op luchtkwaliteit, vanwege de bijdrage aan luchtverontreiniging van dit (grotere) regionale bedrijventerrein. De uitleglocaties leiden tot een toename van verharding. Dit gaat in de regel samen met grotere risico’s rondom klimaatadaptatie: wateroverlast, hitte en droogte. In de verder planuitwerking dient dit als aandachtspunt te worden meegenomen. De woonlocaties zijn over het algemeen neutraal tot positief beoordeeld ten aanzien van de bereikbaarheid, met uitzondering van Tuinderslaan Mijdrecht. Deze locatie is negatief beoordeeld op multimodale bereikbaarheid en mobiliteitstransitie. Bij de werklocaties is het andersom.
De meeste locaties zijn vrij negatief beoordeeld vanwege de gerichtheid op autobereikbaarheid en daardoor een negatieve impact op de mobiliteitstransitie. Gaasperwaard 2 en 3 zijn zelfs zeer negatief beoordeeld op de impact op de mobiliteitstransitie. Vathorst-West en Broekweg Noord hebben weinig tot geen negatieve impact op de bereikbaarheid. Aandacht voor bereikbaarheid van de uitleglocaties per fiets (o.a. fijnmazigheid van het actief verkeersnetwerk) en OV is relevant om deze modaliteiten zoveel mogelijk te stimuleren ten opzichte van het autogebruik. Vanwege de aantasting van landschappelijke en cultuurhistorische waarden scoren de uitleglocaties matig tot zeer slecht op levend landschap, erfgoed en cultuur. Alleen woonlocatie Ruimtevaartbaan scoort vrijwel neutraal. De locaties met de grootste negatieve effecten (zeer negatief) zijn Tabaksteeg Zuid, Odijk Kersenweide en VathorstWest. Hier wordt de waardevolle agrarische grondslag van het gebied uitgewist. Odijk Kersenweide ligt daarnaast binnen de bufferzone van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Voor archeologie geldt in Odijk Kersenweide een hoog risico op het voorkomen van archeologische resten in de bodem, mede door de reeds bekende vindplaatsen en de ligging binnen de Limeszone. De uitleglocaties leiden tot een afname van het landbouwareaal.
Een aantal locaties leiden tot stikstoftoenames op stikstofgevoelige Natura 2000gebieden. De impact op biodiversiteit is voor alle locaties een aandachtspunt. Per gebiedsanalyse zijn mitigerende/optimaliserende maatregelen voorgesteld ten gunste van de provinciale ambities. De verantwoordelijkheid ligt verder bij de gemeenten om de ontwikkellocaties uit te werken binnen de kaders van het provinciaal omgevingsbeleid.
blad 10 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
1.
Inleiding
1.1
Programma wonen en werken In oktober 2021 is een eerste cyclus van de regionale programmering afgerond met vaststelling van het provinciaal programma wonen en werken (PPWW 2021). Het PlanMER Wonen Werken 2021 was het milieueffectrapport (MER) voor het eerste programma Wonen en Werken Utrecht. Regionale programmering is een adaptief proces: periodiek, elke anderhalf jaar, wordt de programmering tegen het licht gehouden en geactualiseerd. Bij deze actualiseringen kunnen nieuwe uitbreidingslocaties worden geprogrammeerd. Op dit moment wordt er gewerkt aan de tweede cyclus regionale programmering (PPWW 2023). Deze tweede cyclus is een nadere uitwerking van het programma en hiervoor dient een PlanMER opgesteld te worden. Dit PlanMER PPWW 2023 bouwt voort op het PlanMER PPWW 2021, maar is een nieuw separaat document. Het gaat hier om een aanvulling op het bestaande PlanMER. Het volume voor woon- en werklocaties blijft op hoofdlijnen gelijk. Wel zijn er 14 nieuwe uitleglocaties aangewezen die onderdeel van het volume uitmaken.
1.2
Aanvulling op het PlanMER In de Wet milieubeheer is vastgelegd dat voor kaderstellende plannen voor m.e.r.(beoordelings)plichtige activiteiten de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.) doorlopen moet worden. In een planMER worden milieueffecten van een plan of besluit in beeld gebracht. Het doel is om inzichtelijk te maken welke effecten het nieuwe beleid heeft op de leefomgeving en of het voorgestelde beleid bijdraagt aan het halen van de gestelde doelen. Omdat het provinciaal programma wonen en werken kaderstellend is voor Omgevingsplannen van gemeenten (die mogelijk m.e.r.-plichtig zijn), is een planMER noodzakelijk. Bovendien kan het op voorhand niet worden uitgesloten dat er geen significante effecten zijn op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Het gaat daarbij vooral om effecten van stikstofdepositie: beoordeeld moet worden of de ontwikkelingen de kwaliteit van stikstofgevoelige habitattypes in Natura 2000-gebieden aantasten als gevolg van de verzurende en/of vermestende invloed van stikstofdepositie. Daarom is een Passende Beoordeling voor effecten op Natura 2000 gebieden aan de orde. Deze PlanMER is een aanvulling op het PlanMER bij het provinciaal programma wonen en werken 2021. Voor wat betreft de achtergrond, werkwijze en regionale analyses wordt kortheidshalve verwezen naar dat PlanMER.
Deze aanvulling op het PlanMER blijft beperkt tot een aanpassing van het beoordelingskader en gebiedsanalyses van nieuwe uitbreidingslocaties die nog niet eerder in het kader van een provinciale visie of programma zijn beoordeeld op milieueffecten. Dit betekent dat locaties die zijn toegevoegd aan het (ontwerp) Provinciaal Programma Wonen en Werken 2023, maar eerder zijn bemerd in het kader van vastgesteld provinciaal beleid niet opnieuw zijn bemerd. Ook zijn in deze aanvulling enkele wijzigingen aangebracht voortkomend uit het advies van de commissie m.e.r. over het PPWW 21 (zie hierna) en is aandacht besteed aan toegankelijkheid.
blad 11 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
1.3
Adviezen commissie m.e.r. De commissie m.e.r. heeft over het PlanMER programma wonen en werken 2021 advies uitgebracht. Op basis van het advies is het planMER van de eerste cyclus op een aantal punten aangepast, o.a. voor het verhelderen van de referentiesituatie en meer aandacht voor de kwalitatieve aspecten bij de passende beoordeling. Deze aanpassingen zijn ook doorgevoerd in deze aanvulling. Daarnaast was de commissie m.e.r. van mening dat de provincie zo nodig ook een alternatievenvergelijking had moeten doen voor de 14 uitbreidingslocaties in het PPWW 2021. De afweging van alternatieven wordt doorgaans door de gemeente gedaan, voorafgaand aan het voordragen van de locatie bij de provincie. Om dit proces en onderbouwing van de locaties meer inzichtelijk te maken is in deze aanvulling per locatie een beschrijving opgenomen van de eerdere afwegingen en daarbij betrokken alternatieven die aan de locatiekeuze van de gemeente ten grondslag hebben gelegen.
1.4
Aanpak PPWW 2023 De aanpak is als volgt gewijzigd ten opzichte van PPWW 2021: Het planMER bestaat uit gebiedsanalyses voor nieuwe uitbreidingslocaties. Dit betreft de effecten per uitbreidingslocatie. Belangrijk onderdeel daarbij is hoe gekomen is tot deze keuze in uitbreidingslocaties met eventueel eerder overwogen alternatieven. Zodat het keuzeproces in locatiekeuzes beter inzichtelijk is, wel rekening houdend met het feit dat sommige andere afgevallen locaties vertrouwelijk kunnen zijn. De opgedane ervaringen hebben geleid tot een aantal wijzigingen in de beoordelingssystematiek uit het PlanMER PPWW 2021. Daarnaast worden de regionale effectanalyses niet opnieuw uitgevoerd. Voor de passende beoordeling voeren wij, evenals is gedaan voor het MER PPWW 2021, een risico-analyse van de uitbreidingslocaties uit, en analyseren wij - indien van toepassing - de effectiviteit van maatregelen om significant negatieve effecten te mitigeren. Tot slot is het meer toegankelijk maken van het MER een belangrijke ambitie. Daartoe wordt de informatie uit het MER digitaal ontsloten door de gebieden en bevindingen van het MER aanklikbaar te maken via de websitepagina Regionale programmering wonen en werken. Er is bij het opstellen van dit rapport (en de achterliggende gebiedsanalyses) aandacht besteed aan de toegankelijkheid ervan.
Vanwege de vele tabellen en kaarten die nodig zijn om complexe informatie compact weer te kunnen geven, is het niet mogelijk om aan alle toegankelijkheidseisen te voldoen, zonder de leesbaarheid van het document aan te tasten. In de gebiedanalyses zijn in ieder geval alle effecten ook tekstueel beschreven, waardoor de vitale informatie toegankelijk is.
1.5
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de scope van het MER en de te onderzoeken uitleglocaties toegelicht. Hierbij wordt het proces van de afweging van de locaties en de gemaakte keuzes hierin beschreven. Hoofdstuk 3 beschrijft de iets gewijzigde aanpak, zonder de regionale analyses en
blad 12 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
de bijgestelde beoordelingsmethodiek. Hoofdstuk 4 bevat de resultaten van de gebiedsanalyses van de nieuwe uitleglocaties en van de passende beoordeling. De volledige gebiedsanalyses zijn in de bijlagen opgenomen. In hoofdstuk 5 zijn de conclusies samengevat en bevat een beschrijving van de leemten in kennis inclusief een aanzet tot monitoring.
blad 13 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
2.
Programma 2023 Dit hoofdstuk bevat een weergave van de scope van het MER: wat zijn de volumes aan woonen werklocaties voor het provinciale programma per gemeente en welke nieuwe uitleglocaties worden onderzocht voor het tweede programma? Hierbij wordt het proces van de afweging van de locaties en de gemaakte keuzes hierin toegelicht.
2.1
Overzicht te onderzoeken uitleglocaties Voor het tweede programma zijn voor acht nieuwe uitleglocaties voor wonen en zes nieuwe uitleglocaties voor werken gebiedsanalyses uitgevoerd. De ligging van deze uitleglocaties is weergegeven in Figuur 2-1.
Figuur 2-1 Ligging woon- en werklocaties
1.5.1
Woonlocaties In onderstaande tabel zijn de uitbreidingslocaties voor wonen weergeven. Tabel 2.1 Uitleglocaties wonen (meer dan 50 woningen) Nr.
Gemeente
Uitleglocatie
1
Leusden
Tabaksteeg Zuid
2 3 4 5 6 7
Leusden Bunnik IJsselstein Montfoort De Ronde Venen De Ronde Venen
Achterveld Noordoost Odijk Kersenweide Ruimtevaartbaan De Bleek Abcoude Zuidwest Tuinderslaan Mijdrecht
Aantal woningen 760 175 1.200 69 400-500 270 755
blad 14 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
8 Vijfheerenlanden Broekgraaf-Noord 500 *De gemeente heeft reeds een akkoord met de provincie over 1.000 woningen in Odijk Kersenweide, waarvan er 141 zijn gerealiseerd. Deze 1.200 vormen een aanvulling op deze 141 woningen.
1.5.2
Werklocaties In onderstaande tabel zijn de uitbreidingslocaties voor werken weergeven. Tabel 2.2: Uitleglocaties werken (groter dan 1,5 hectare netto) Nr. a b c d e F
1.6
Gemeente
Uitleglocatie
Amersfoort Wijk bij Duurstede Lopik De Ronde Venen Vijfheerenlanden Vijfheerenlanden
Vathorst-west Broekweg Noord De Copen Noord Mijdrecht-Noord Gaasperwaard 2 Gaasperwaard 3
Netto uitgeefbaar aanbod (maximaal scenario) 9 5 5,7 12 8 30
Onderbouwing en afweging per locatie Per locatie wordt hieronder het proces van de afweging van de locaties en de gemaakte keuzes hierin toegelicht. De afweging die de provincie maakt over het aanwijzen van locaties is toegelicht in het Programma wonen & werken. Woonlocatie Tabaksteeg Zuid – Leusden (760 woningen) Woonlocatie Achterveld Noordoost – Leusden (175 woningen) In het kader van het Ontwikkelbeeld regio Amersfoort 2030 – 2040 is door de gemeente Leusden aangegeven dat Leusden na 2025 105 woningen per jaar kan bouwen op binnenstedelijke locaties en de drie in oktober 2020 door de gemeenteraad aangewezen zoeklocaties voor woningbouw. Voor na 2025 zijn binnenstedelijk nog beperkt bouwmogelijkheden voor herontwikkeling. Voor een continue bouwstroom van 105 woningen per jaar (eigen woningbehoefte conform de Woonvisie 2021) moet daarom ook op nieuwe uitleglocaties woningbouw plaatsvinden. De gemeenteraad heeft in oktober 2020 op basis van een grondige analyse van de potentiële bouwlocaties drie zoekgebieden voor buitenstedelijke woningbouw na 2025 aangewezen, waaronder deze locatie. Ook is op deze drie gebieden in november 2020 de Wet voorkeursrecht gemeenten gevestigd. De woningbehoefte wordt zo veel als mogelijk binnenstedelijk opgevangen en daarnaast deels in Tabaksteeg Zuid (circa 65 woningen per jaar) en deels in Achterveld Noordoost (circa 20 woningen per jaar).
In de provinciale Omgevingsvisie en het Ontwikkelbeeld Amersfoort centraal! is voor de gemeente Leusden, en voor de kern Achterveld de mogelijkheid opgenomen om te bouwen voor lokale vitaliteit. De gefaseerde ontwikkeling van deze locatie sluit daarbij aan. Aansluitend aan de kern Leusden zijn geen andere gebieden waar woningbouw in overweging is genomen. In de Omgevingsvisie en het ontwikkelbeeld Amersfoort heeft de gemeente Leusden de mogelijkheid om uit te breiden ten behoeve van de lokale vitaliteit. Een gefaseerde ontwikkeling, zoals voorgenomen door de gemeente, past hierbij.
blad 15 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Woonlocatie Odijk Kersenweide – Bunnik (1.200 woningen) Kersenweide is een uitleglocatie die al lang op de kaart staat. Oorspronkelijk afkomstig uit de verstedelijkingstrategie NV Utrecht (2009), als onderdeel van de Kromme Rijn-Lekzone. In de PRS 2013-2028 was deze al opgenomen (1.000 woningen). De locatie maakte ook onderdeel uit van het Planmer PRS. De gemeente ziet mogelijkheden voor meer woningen. Bunnik wil zich voorbereiden op de toekomst en een dynamische gemeente met goede voorzieningen zijn. Wonen in een dorp, maar dicht bij de stad en het USP. In het programma 2023 is sprake van een ophoging van het eerder bepaalde woningaantal op deze locatie. Woonlocatie Ruimtevaartbaan – Ijsselstein (69 woningen) De locatie is onderdeel van de totale gemeentelijke woningbouwopgave. Daarbij worden op ca. 24 locaties door gemeentelijke inzet of op particulier verzoek initiatieven ontplooid om tot woningbouw te komen. Met inbreiding kan niet aan de reële gemeentelijke woningbehoefte worden voldaan. De gemeente IJsselstein heeft weinig mogelijkheden tot uitbreiding. Deze locatie kan op relatief korte termijn worden ontwikkeld. Andere mogelijkheid tot uitbreiding aan de zuidkant wordt momenteel verkend maar is pas op langere termijn aan de orde. Daarbij is dit nu de enige (gedeeltelijke) uitbreidingslocatie die ruimtelijk aanvaardbaar is en op korte termijn realiseerbaar.
Woonlocatie De Bleek – Montfoort (400-500 woningen) De gemeente Montfoort geeft aan dat zich te weinig binnenstedelijke ontwikkelingskansen zullen aandienen om haar vitaliteit op niveau te houden. De gemeente heeft conform de Omgevingsvisie de mogelijkheid om te bouwen voor lokale vitaliteit. Gezien de omvang van de locatie wordt uitgegaan van een gefaseerde ontwikkeling. De gemeente heeft een viertal mogelijke uitbreidingslocaties in haar de afweging betrokken. Mede op basis een integrale weging van ruimtelijke belangen en haalbaarheid wordt thans prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van de locatie De Bleek. Het voornemen om te bouwen op de locatie De Bleek is opgenomen in de gemeentelijke Omgevingsvisie. De locatie is al zeer lang in beeld als zoeklocatie voor de combinatie sport/wonen of als woningbouwlocatie. Na de stedenbouwkundige verkenning is de locatie in 2020 en 2021 nader onderzocht op onder andere: financiële haalbaarheid, maatschappelijk draagvlak, voorgeschiedenis, kansen en risico’s, planning, grondposities en samenwerkingsmogelijkheden. Woonlocatie Abcoude Zuidwest - De Ronde Venen (270 woningen) De locatie maakte eerder deel uit van het stedelijk gebied van de (voormalige) gemeente Abcoude zoals vastgelegd in de toenmalige provinciale structuurvisie, maar was nog niet bebouwd.
Later is de locatie op grond van het destijds vigerende beleid uitgewisseld met een andere uitbreidingslocatie. Gezien de geïsoleerde ligging tussen bestaand stedelijk gebied en infrastructuur ligt een toekomstige verstedelijking echter voor de hand. De locatie ligt tussen bestaand stedelijk gebied en infrastructuur en heeft beperkte impact op landschappelijke kwaliteiten. De locatie ligt dus als eerstvolgende bouwlocatie voor de hand om in de woningbehoefte van de kern te voorzien, mits in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden voorzien.
blad 16 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
blad 17 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Woonlocatie Tuinderslaan Mijdrecht – De Ronde Venen (755 woningen) Om de woonbehoefte voor de inwoners in De Ronde Venen te kunnen beantwoorden is een totale behoefte door de gemeente vastgesteld van 4.800 nieuwbouwwoningen tot 2040. De vitaliteit van de grote dorpen (Mijdrecht, Abcoude, Wilnis en Vinkeveen) is essentieel voor de toekomst van de gemeente. Het grootste deel van de gewenste nieuwbouw is daarom gewenst rondom deze dorpen. De opgave van 4.800 woningen kan niet geheel binnenstedelijk worden opgevangen. Er wordt daarom gekeken naar locaties buiten stedelijk gebied, direct grenzend aan bestaande kernen. Als we voor het dorp Mijdrecht kijken waar dan de uitbreiding plaats kan vinden is het gebied aan de Tuinderslaan/Oosterland een van de weinige gebieden zonder waardevolle natuur of landschappelijke waarden of kwaliteiten. Maar juist een gebied waar kwaliteit door herontwikkeling aan toegevoegd kan worden. Ondernemers in het gebied geven aan dat het gebied aan de Tuinderslaan niet meer als glastuinbouwconcentratiegebied functioneert. In 2016 zijn toekomstscenario’s voor het gebied Tuinderslaan en Oosterlandweg opgesteld door de gemeente, Sweco, Wageningen Economic Research (voorheen LEI) en in samenwerking met LTO en de Provincie Utrecht. Deze studie is vervolgd in 2018 door een kernrandzonevisie.
Dit betrof een traject met gemeente, LTO en bewoners waarin met nadere studies is gekeken naar stedenbouwkundig en financieel draagvlak en haalbaarheid. Op basis van de omgevingsvisie heeft De gemeente De Ronde Venen de mogelijkheid om uit te breiden ten behoeve van lokale vitaliteit. Woonlocatie Broekgraaf-noord – Vijfheerenlanden (500 woningen) In haar woonvisie zoekt de gemeente naar een goede verdeling van de woonopgave over de verschillende kernen, waarbij het overgrote deel van de opgave moet landen in de kernen Vianen, Meerkerk en Leerdam. Gemeente Vijfheerenlanden geeft aan dat voor de kern Leerdam nauwelijks binnenstedelijke locaties binnen de stedelijke contour vacant zijn. Er wordt gewerkt aan een compacter kernwinkelcentrum dat mogelijk een beperkt aantal woningen kan opleveren. Daarnaast is in Leerdam-West een traject in opbouw voor herstructurering. Broekgraaf-Noord is onderdeel van de structuurvisie 2030 van de gemeente en aanvullend op de ontwikkeling van Broekgraaf in het stedelijk gebied aan de westzijde van de kern. Ontwikkeling is hier voorgesteld om te voldoen aan de behoefte om de vitaliteit van de kern Leerdam handhaven. Een gefaseerde uitbreiding is mogelijk. Werklocatie Vathorst-west – Amersfoort (9 hectare netto uitgeefbaar terrein) De verstedelijkingslocatie Vathorst-west komt voort uit de Ontwikkelingsvisie 2015 -2030 NV Utrecht (eindbalans).
Deze in 2009 vastgestelde visie is door een besluit van Provinciale Staten aangemerkt als bouwsteen voor de PRS. De uitbreidingslocatie Bovenduist voor woningbouw is opgenomen in de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013. De in totaal 10 hectare bedrijventerrein (waarvan 1 hectare reeds in het PPWW 2021 is opgenomen) maakte geen deel uit van het stedelijk programma van de PRS. Wel is het volgende aangegeven: ….en het toekomstig bedrijventerrein Vathorst-West kunnen bij de vierjaarlijkse herijking (van de PRS, red.) aan de orde komen. Vathorst West kan uitsluitend in samenhang met de toekomstige woningbouwlocatie ter plaatse worden ontwikkeld. (PRS 2013, par. 5.5.1.1.)
blad 18 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
De raad van Amersfoort heeft op 13 juli 2021 besloten de ontwikkeling ter hand te nemen. Nu de ontwikkeling van de woningbouw in Bovenduist voor 2030 zal starten en gezien de regionale bedrijventerreinbehoefte, is verdere ontwikkeling van deze locatie aan de orde. Werklocatie Broekweg Noord - Wijk bij Duurstede (5 hectare netto uitgeefbaar terrein) De locatie Broekweg Noord sluit aan bij een bestaand bedrijventerrein en bestaande infrastructuur (randweg en Amsterdam Rijnkanaal) en is de meest logische plek om in deze gemeente een bedrijventerrein toe te voegen. Bij het bepalen van deze locatie is gekeken naar binnenstedelijke mogelijkheden. Die ruimte is te beperkt (geen verdichtingsmogelijkheden meer en/of ruimtelijk onwenselijk) en wordt benut voor woningbouw. De locatie is benodigd voor (autonome groei van) het lokale MKB en staat al langer op de agenda van de gemeente en het lokale bedrijfsleven. Het terrein is noodzakelijk om elders in de gemeente ruimte vrij te spelen voor woningbouw en de verplaatsing van de milieustraat. Daarnaast is bij de overwegingen ook betrokken dat de ontwikkeling van deze locatie bijdraagt aan het verbeteren van de woon-werkbalans om automobiliteit op de N229 als gevolgvan forensisch verkeer te reduceren.
Werklocatie De Copen Noord – Lopik (5,7 hectare netto uitgeefbaar terrein) Het bedrijf Roba Metals uit IJsselstein zoekt al geruime tijd naar een alternatieve locatie voor verplaatsing en uitbreiding van hun bedrijf. Verplaatsing is van belang voor binnenstedelijke woningbouw in de kern IJsselstein. Hiervoor is een aantal verkennende onderzoeken uitgevoerd. In de zoektocht naar nieuwe bedrijventerreinlocaties staan de basisprincipes voor verstedelijking centraal. Dat betekent er is gezocht naar aansluiting op een bestaand bedrijventerrein en/of stedelijk gebied. De ambitie is nieuwe (grootschalige) uitleg tekoppelen aan hoogwaardig openbaar vervoer en aan (bestaande of nieuwe) knooppunten van de belangrijkste infrastructurele corridors. Een bedrijf met een bovenregionaal karakter zou daarmee beter kiezen voor een (regionaal) bedrijventerrein nabij het hoofdwegennet. Daarentegen bestaan er weinig alternatieven voor dit te verplaatsen bedrijf in de regio, zeker als de locatie ook op relatief korte termijn beschikbaar moet zijn. Alternatieve vestigingsmogelijkheden zijn zeer schaars, waarbij gezocht is naar een ruimtelijk aanvaardbare locatie aansluitend op een bestaand bedrijventerrein, die bovendien op korte termijn ontwikkeld kan worden. De Copen komt hierbij als enige reële op korte termijn realiseerbare locatie naar voren.
Een mogelijke alternatieve locatie bij de Kroon is afgevallen vanwege de milieucategorie en te weinig beschikbare ruimte. Het bedrijf hecht aan vestiging in de Lopikerwaard vanwege de lokale/regionale verbondenheid. Werklocatie Mijdrecht Noord - De Ronde Venen (8 hectare netto uitgeefbaar terrein) De gemeente heeft behoefte aan een nieuw bedrijventerrein. Omdat de N201 ter plaatse wordt verlegd (bocht wordt rechtdoor getrokken) biedt deze locatie kansen, omdat er ruimte ontstaat aansluitend bij bestaand stedelijk gebied en bedrijventerrein. In combinatie met het ontbreken van reële alternatieve locaties is deze locatie naar voren geschoven. Gezien de ligging en bereikbaarheid (beperkte capaciteit N201) is een regionaal bedrijventerrein zoals de regio eerder heeft voorgesteld hier niet aan de orde. Met name lokale bedrijven kunnen zich hier vestigen.
blad 19 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Werklocatie Gaasperwaard 2 – Vijfheerenlanden (8 hectare netto uitgeefbaar terrein) Deze locatie is eerder, in het kader van het Streekplan 2005, in beeld geweest als uitbreidingslocatie voor bedrijventerrein. In dat verband heeft ook een m.e.r.- beoordeling plaatsgevonden. In de PRS 2013 is geconstateerd dat, op basis van op dat moment actuele behoefteramingen, er een overschot aan areaal bedrijventerreinen dreigde. Daarom zijn enkele eerder planologisch aanvaardbaar geachte uitbreidingslocaties voor bedrijventerreinen uit het stedelijk programma van de PRS gelaten. Zo ook deze locatie. De locatie is eerder planologisch is afgewogen en aanvaardbaar geacht. Gezien de behoefte aan bedrijventerrein wil de gemeente deze locatie nu alsnog tot ontwikkeling brengen. Werklocatie Gaasperwaard 3 – Vijfheerenlanden (30 hectare netto uitgeefbaar terrein) In de Omgevingsvisie Utrecht is geconcludeerd dat er behoefte is aan een regionaal bedrijventerrein. Gaasperwaard 3 kan deze rol vervullen. Het Integraal Regionaal Perspectief van de regio U10/16 en de daarin verwoorde uitgangspunten rond de doorontwikkeling van de pijler Werken en de werklocaties als onderdeel daarvan vormen de basis van Gaasperwaard 3.
Voor de regio U10/16 betekent de ontwikkeling van dit regionale bedrijventerrein vooral dat gevestigde bedrijven uit de regio met onvoldoende lokale groeimogelijkheden toch behouden kunnen blijven voor de regio. Tevens zorgt dit regionaal bedrijventerrein voor schuifruimte die in de regio nodig is voor de intensivering en verduurzaming van bestaande bedrijventerreinen. Daarnaast biedt het een mogelijkheid voor nieuwe bedrijven die zich in de regio willen vestigen. Bedrijven die bijdragen aan de regionale economie.
blad 20 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
3.
Onderzoeksmethodiek In dit hoofdstuk wordt de onderzoeksmethodiek van de effectenanalyses beschreven. Het regionaal programmeren is een adaptief proces met een repeterende cyclus van monitoring, evaluatie en bijsteling. Na de evaluatie van de eerste cyclus is de werkwijze voor deze tweede cyclus enigszins aangepast. In de eerste maanden van 2022 is de totstandkoming van het PPWW 2021 en het PlanMER PPWW 2021 geëvalueerd. Hier is geconstateerd dat de regionale effectanalyses niet tot nauwelijks nieuwe informatie hebben opgeleverd ten opzichte van het PlanMER Omgevingsvisie. Daarom worden de regionale effectanalyses niet opnieuw uitgevoerd. Daarnaast hebben de opgedane ervaringen geleid tot een aantal wijzigingen in de beoordelingssystematiek uit het PlanMER PPWW 2021. Dit is hieronder toegelicht.
3.1
Aanpak gebiedsanalyses In het programma is onderscheid gemaakt tussen 1) de reeds vastgestelde, nog niet gerealiseerde binnenstedelijke en uitleglocaties, 2) de nieuwe binnenstedelijke locaties en 3) de nieuwe uitleglocaties (met meer dan 50 woningen en groter dan 1,5 ha netto bedrijventerrein). Alleen voor de nieuwe uitleglocaties zijn gebiedsanalyses opgesteld. De veertien uitleglocaties zijn weergeven in hoofdstuk 5. Stappenplan Voor alle nieuwe uitleglocaties wordt een gebiedsanalyse uitgevoerd. De gebiedsanalyses voeren we per locatie uit in drie stappen: 1. Analyse omgevingseffecten op basis van beschikbare informatie; 2. Beoordeling van de omgevingseffecten en impact op de provinciale ambities; 3. Mogelijke maatregelen ter verbetering van de kwaliteit op de provinciale ambities.
3.1.2
Bijgesteld beoordelingskader planMER programma wonen en werken Als basis voor de onderzoeksmethodiek van deze gebiedsanalyses wordt het beoordelingskader uit het planMER Omgevingsvisie gehanteerd. Dit beoordelingskader is gebaseerd op de zeven hoofdambities die zijn vastgelegd in de Omgevingsvisie. Hierdoor worden de uitleglocaties ook getoetst aan de Utrechtse kwaliteiten, omdat deze vallen onder de zeven thema’s. Het beoordelingskader is voor de gebiedsanalyses aangescherpt met indicatoren voor de relevante thema’s, waardoor concrete uitspraken over de impact op de omgeving kunnen worden gemaakt. Deze beoordeling wordt gegeven op het niveau van locatieprogrammering. Eventuele kansen bij en afspraken over de planuitwerking op deze locaties kunnen daarbij niet eenduidig worden meegewogen. Dit wordt daarom niet gedaan. Een goed voorbeeld van de kansen om in de verdere uitwerking positieve(re) effecten te behalen is “Groen Groeit Mee”. Groen Groeit Mee is de bestuurlijke afspraak dat bij alle ruimtelijke plannen en gebiedsontwikkelingen, de groenontwikkeling evenwichtig en volwaardig mee wordt genomen. Hoe deze afspraak tot uiting komt, bijvoorbeeld binnen of buiten het plangebied, en met welk gevolg, is niet goed op
blad 21 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
voorhand te bepalen. Dit is dan ook niet meegewogen, al is het evident dat hier kansen liggen voor verbetering op aspecten als recreatie, landschap en biodiversiteit. We bouwen voort op dit beoordelingskader uit het planMER PPWW 2021. Een aantal thema’s en indicatoren zijn aangescherpt of aangepast, zodat een robuust beoordelingskader ontstaat dat kan worden gehanteerd voor de daaropvolgende planMER’ren. Deze aanpassingen komen voort uit de evaluatie en ervaringen die zijn opgedaan bij de eerste cyclus. In principe zijn alle indicatoren uit het beoordelingskader van belang bij de ontwikkeling van de uitleglocaties maar in deze fase nog niet altijd onderscheidend. Gebleken is dat voor een aantal aspecten uit het beoordelingskader niet zozeer de locatie, maar grotendeels de wijze waarop de locaties nader ontwikkeld worden, bepalend is voor de mate waarin de locaties positief of negatief scoren. De wijzigingen zijn als volgt per thema: 1. Stad en land gezond Voor dit thema er geen wijzigingen ten opzichte van het beoordelingskader uit het planMER PPWW 2021. 2. Klimaatbestendig en waterrobuuste leefomgeving De indicatoren kwaliteit grondwater en grondwater voor drinkwater kennen veel overlap. Daarom is dit samengevoegd tot één indicator die gaat over het grondwater en drinkwater. De indicator kwaliteit oppervlaktewater gaat in op de mate van overschrijding van de KRWnorm.
De ontwikkeling van een woon- of werklocatie heeft echter niet direct een relatie met de kwaliteit van het oppervlaktewater en de KRW norm. Daarom is dit in deze fase niet beoordeeld. De KRW bevat een beoordelingsmethode voor het bepalen van de kwaliteitstoestand van het oppervlaktewater. Het monitoren van de kwaliteit van het oppervlaktewater is bij de verdere uitwerking van belang. 3. Duurzame energie De Provincie zet zich in voor een duurzame en circulaire economie. Hiervoor geldt dat niet de locatie, maar de wijze waarop de woon- en werklocaties ontwikkeld worden, bepalend is voor de mate waarin de ambities ten aanzien van een duurzame en circulaire economie worden behaald. Dit is voorwaardelijk voor de verdere ontwikkeling. Indien sprake is van bepaalde kansen of bedreigingen bij een locatie besteden we hier aandacht aan in de gebiedsanalyse. De kansen voor duurzame energieopwerking zijn meegenomen in de beoordeling in de gebiedsanalyses. Hierbij spelen twee componenten in deze fase een rol: In kaart brengen van de kansen voor geothermie bij een locatie (afhankelijk van ligging in boringsvrije zones en strategische grondwatergebieden). In kaart brengen van de zoekgebieden voor wind- of zonne-energie vanuit de RES 1.0 en in hoeverre deze interfereren met de te beoordelen locaties voor wonen en werken.
Indien deze gebieden met elkaar overlappen lichten wij dit toe bij de betreffende gebiedsanalyse. En als hier sprake van is, in hoeverre er dan ook sprake is van botsende belangen of bepaalde kansen.
blad 22 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
4. Vitale dorpen en steden Vitale dorpen en steden zijn van groot belang voor het woon- en leefklimaat. Voor de beoordeling van de indicatoren binnen dit thema speelt grotendeels de regio waarin de locaties liggen een belangrijke rol. Daarnaast is de wijze van invulling van de locaties van belang. Voor de indicator bedrijventerreinen geldt dat bedrijventerreinontwikkeling in de basis een positieve bijdrage levert. Immers is de doelstelling van de planvoornemens om meer balans te creëren in de werklocaties. Echter, de mate waarin de ontwikkeling bijdraagt aan een goed werkaanbod en sociale inclusiviteit is zijn geheel afhankelijk van de wijze waarop de toekomstige werklocaties gepland en geprogrammeerd worden. Of het aanbod aansluit bij de vraag en of aan de doelstelling wordt voldaan dat een diversiteit aan bedrijvigheid zich vestigt binnen de provincie, is beide dan ook niet te beoordelen. Daar is in deze fase nog geen oordeel over te vellen. Hetzelfde geldt voor het woningaanbod. Indien er woningbouwontwikkeling plaatsvindt heeft dit in principe een positieve bijdrage, maar de mate waarin is afhankelijk van de programmering. Indien er sprake is van bijzonderheden lichten we dit toe in de gebiedsanalyses. De indicator kantorenlocaties is alleen van toepassing bij locaties waarin ook wordt voorzien in een kantorenprogramma. Dit is voor de 2023-tranche niet het geval.
De indicator sociale inclusiviteit en de aanwezigheid van voorzieningen is van groot belang voor de ontwikkeling van de locaties. Echter is dit in deze fase lastig te beoordelen en niet onderscheidend. Of de ambities ten aanzien van inclusiviteit worden behaald is sterk afhankelijk van de wijze van inrichting van de locaties. Daarom is dit in deze fase niet beoordeeld, maar is dit van groot belang bij de verdere uitwerking van de uitleglocaties. 5. Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar Voor de indicator verkeersveiligheid geldt dat dit met name afhankelijk is van de wijze van inrichting van de locatie en dat dit in deze fase moeilijk te beoordelen is. Verkeersveiligheid is een belangrijk aandachtspunt bij de verdere uitwerking van de locaties. Daarom wordt dit in deze fase niet beoordeeld in de gebiedsanalyses. 6. Levend landschap, erfgoed en cultuur Voor dit thema zijn er geen wijzigingen ten opzichte van het beoordelingskader uit het planMER PPWW 2021. 7. Toekomstbestendige natuur en landbouw Voor dit thema zijn er geen wijzigingen ten opzichte van het beoordelingskader uit het planMER PPWW 2021. Tabel 3.1 Beoordelingskader gebiedsanalyses planMER programma wonen en werken Vertrekpunt uit planMER Omgevingsvisie
Verdieping per locatie in planMER Wonen en werken
Hoofdambitie
Gebiedsanalyse op basis van volgende informatie
Indicator
Criterium effectbeoordeling
Uitspraak per locatie over:
blad 23 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
1. Stad en land gezond
Luchtkwaliteit Geluid Geur Stilte
2. Klimaatbestendig en waterrobuuste leefomgeving
Concentraties PM10, PM2,5 en NO2 op woningen Geluidbelasting op woningen Geurbelasting op woningen Omvang stiltegebieden
Recreatie (bevorderen bewegen)
Gebruik en waardering Utrechtse recreatiegebieden en routes
Externe veiligheid
Overschrijding oriëntatiewaarde groepsrisico
Bodemdaling
Bodemdaling per tijdseenheid Omvang strategische grondwatervoorraad met goede kwaliteit voor drinkwater
Grondwater voor drinkwater Infiltratiepotentieel Wateroverlast Droogte
Hitte
3. Duurzame energie
Overstromingen Energiebesparing Duurzame energieopwekking
4. Vitale steden en dorpen
Circulaire economie Woningaanbod (segment/ diversiteit woonmilieus) Bedrijventerreinen
Kantoorlocaties
Waterdiepte als gevolg van neerslag (140 mm bui in 2uur) Mate van aanpassing landinrichting aan toenemende droogte als gevolg van klimaatverandering Aantal gehinderden door hitte Overstromingsrisico Verminderen energiegebruik Aandeel duurzame energie
Ecologische voetafdruk Tekort aan woningen t.o.v. de vraag Verhouding vraag en aanbod
Verhouding vraag en aanbod
Vertrekpunt uit planMER Omgevingsvisie
Achtergrondconcentratie PM10, PM2,5, NO2 Contouren wegverkeers-, spoorweg- en industrielawaai Geurcontouren Nabijheid stiltegebieden Afstand tot recreatieve routenetwerk Afstand tot recreatiegebied (van een bepaalde omvang) Fijnmazigheid Overschrijding oriëntatiewaarde groepsrisico Ligging binnen invloedsgebieden omgevingsveiligheid Bodemdaling per tijdseenheid
Mate van overschrijding van de WHO advieswaarden c.q. wettelijke grenswaarden Mate van overschrijding van de WHO advieswaarden c.q. wettelijke grenswaarden Optreden van significante geurhinder Kans op aantasting van de relatieve stilte in stiltegebieden Bevorderen van gezond gedrag
Optreden van veiligheidsrisico's
Toekomstbestendigheid in het licht van bodemdaling
Verdeling groen/blauw/verhard, hellingsgraad en bodemtype Waterdiepte bij maatgevende piekbui
Infiltratiepotentieel en waterbergende capaciteit
Gemiddelde laagste grondwaterstand
Risico op droogteschade
Stedelijk hitte-eiland effect
Risico op hittestress
Overstromingsrisico Huidige energiemix
Risico op overstromingen Kansen voor bijdrage aan energietransitie
Beschikbaarheid duurzame energiebronnen en zoekgebieden voor duurzame energieopwekking Aanwezige grondstoffen productieprocessen Verhouding vraag en aanbod (kwantitatief)
Risico op wateroverlast
Kansen voor bijdrage aan circulaire economie Tekort aan woningen t.o.v. de vraag (kwantitatief)
Verhouding vraag en aanbod Oppervlakte en maximale dichtheid in de toekomst
Tekort aan werkruimte t.o.v. de vraag
Verhouding vraag en aanbod
Tekort aan kantoorruimte t.o.v. de vraag
Potentiële bijdrage aan programmatische opgaven
Verdieping per locatie in planMER Wonen en werken
blad 24 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Hoofdambitie
Indicator
5. Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar
Bereikbaarheid
Criterium effectbeoordeling Balans tussen capaciteit en intensiteit autowegen, OV, fiets en water in de spits
Kwaliteit knooppunten
Balans tussen het aanbod en gebruik van vervoer en de aanwezige faciliteiten Mate van stedelijkheid Mate van functiemenging Status Utrechtse landschappen Status cultuurhistorische zones
Mobiliteitstransitie 6. Levend landschap, erfgoed en cultuur
Utrechtse landschappen Cultuurhistorie Archeologie
7. Toekomstbestendige natuur en landbouw
Aardkundige waarden Natura 2000gebieden NatuurNetwerk Nederland Weidevogel- en ganzenrustgebieden Biodiversiteit landelijk gebied
Landbouw
3.1.3
Status archeologische waarden Aantasting aardkundige waarden Effecten huidige gebruik en gevolgen Omgevingsvisie op instandhoudingsdoelstelling Staat van instandhouding soorten en habitattypen Staat van instandhouding soorten en habitattypen Omvang biodiversiteit
Grondgebondenheid landbouw
Gebiedsanalyse op basis van volgende informatie OV-dekkingsgraad en kwaliteit OV-verbindingen Dichtheid fietsnetwerk Bereikbaarheid autoverkeer Fietsbereikbaarheid (intercity)station OV bereikbaarheid (intercity)station Stedelijkheid en kansen voor schaalsprong in mobiliteitsprofiel Aanwezigheid landschappen en waarden Aanwezigheid cultuurhistorische waarden Verwachting archeologische waarde Aanwezigheid aardkundige waarden Stikstofkaart Positief andere mogelijke effecten
Uitspraak per locatie over: Multimodale bereikbaarheid
Kansen voor mobiliteitstransitie
Mate van versterking of aantasting van landschap, erfgoed en cultuur
Aanwezigheid NNN
Potentiële impact instandhoudingsdoelstellingen Natura 2000-gebieden stikstofontwikkelruimte Mate van aantasting NNN
op van en
Aanwezigheid weidevogelen ganzenrustgebieden
Mate van aantasting weidevogel- en ganzenrustgebieden
Biodiversiteit beschermde soorten Biodiversiteit rode lijst soorten Huidige functie / grondgebondenheid landbouw Bodemtype Organische stofgehalte
Mate van biodiversiteit
Referentiesituatie Vruchtbaarheid van de bodem
Wijze van beoordeling Beoordeling omgevingseffecten Voor de beoordeling van de omgevingseffecten van de uitleglocatie wordt een zevenpuntsbeoordelingsschaal (van zeer positief tot en met zeer negatief) gehanteerd. Daarbij gaat het om beoordelingen ten opzichte van de referentiesituatie. Tabel 3.2: Beoordelingsschaal effecten. Score Zeer positief Positief Licht positief Neutraal Licht negatief Negatief Zeer negatief
Toelichting Sterk positief effect ten opzichte van de referentie Positief effect ten opzichte van de referentie Licht positief effect ten opzichte van de referentie Neutraal (geen) effect ten opzichte van de referentie Licht negatief effect ten opzichte van de referentie Negatief effect ten opzichte van de referentie Sterk negatief effect ten opzichte van de referentie
blad 25 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Toets aan ambities De toets van de uitleglocatie aan de provinciale ambitie gebeurt per thema (de zeven hoofdambities). Hierbij wordt beoordeeld in de hoeverre de beoogde ontwikkeling bijdraagt aan het behalen van de provinciale ambities. Tabel 3.3 Beoordelingsschaal bijdrage aan provinciale ambities. Score Groen Geel Rood
3.2
Toelichting De uitleglocatie levert een positieve bijdrage aan de provinciale ambities. De uitleglocatie levert een neutrale / geen bijdrage aan de provinciale ambities. De uitleglocatie levert een negatieve bijdrage aan de provinciale ambities.
Aanpak passende beoordeling Twaalf Natura 2000-gebieden Tien Natura 2000-gebieden liggen geheel of gedeeltelijk in de provincie Utrecht. Drie andere gebieden liggen weliswaar geheel in andere provincies maar wel dicht bij de provinciegrens met Utrecht; deze gebieden zouden daardoor theoretisch beïnvloed kunnen worden door ontwikkelingen in de provincie Utrecht (‘externe werking’) en worden daarom in deze passende beoordeling mee beschouwd. De aanwijzing van de zeven gebieden (waarvan zeven geheel of gedeeltelijk in de provincie Utrecht) is onherroepelijk. De Natura 2000-gebieden in en nabij de provincie Utrecht zijn weergegeven in Figuur 3.1 en Tabel 3.4. Op voorhand kan niet worden uitgesloten dat er geen significante effecten zijn op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Daarom is een Passende Beoordeling voor effecten op Natura 2000 gebieden aan de orde. Er is gerekend met het standaard rekenprogramma AERIUS Calculator 2021. Sinds 26 januari 2023 is de nieuwe (2022) versie van AERIUS Calculator beschikbaar. Gezien het tijdpad van de besluitvorming over het programma wonen & werken was het praktisch onhaalbaar om alle stikstofberekeningen met deze nieuwe versie uit te voeren. Er is gekozen om de berekeningen te actualiseren voorafgaand aan vaststelling van het programma.
blad 26 van 70
datum 3 februari 2023 projectnummer 0480624.100 betreft MER programma Wonen en Werken 2023
Figuur 3.1: Natura 2000-gebieden in en rond de provincie Utrecht. Tabel 3.4: Natura 2000-gebieden in en rond de provincie Utrecht en die daarom (theoretisch) ook beïnvloed kunnen worden door ontwikkelingen in de provincie Naam gebied
Habitatrichtlijngebied Vogelrichtlijngebied Geheel of deels in de provincie Utrecht Binnenveld (065) X Botshol (083) X Eemmeer & Gooimeer Zuidoever (077) X Kolland & Overlangbroek (081) X Lingebied en DiefDijk Zuid (070) X Oostelijke Vechtplassen (095) X X Rijntakken (038) X X Uiterwaarden Lek (082) X Zouweboezem (105) X X Op korte afstand van de provinciegrens Arkemheem (056) X Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein (104) X (aangemeld) Naardermeer (094) X X Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) X X
Beheerplan X X X X X X X X X X X X X
Doel passende beoordeling Het doel van de passende beoordeling is: Het in beeld brengen van de risico’s op significante gevolgen op de instandhoudingsdoelen, c.q. de kans op aantasting van de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-netwerk als gevolg van het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie; Beschrijven van mitigerende maatregelen en/of beleidsaanpassingen die nodig zijn om significante gevolgen te voorkomen. Het gaat hier met name om aanbevelingen voor de uitwerking van de verdere (uitvoerings)besluiten (bijvoorbeeld omgevingsplan, omgevingsvergunning);