VFL Hulst 2023 - DEF
Tekst van het document
- 52 -
Verordening Fysieke Leefomgeving Hulst (2023)
Hoofdstuk 8 Slotbepalingen Artikel 8.1 Nadere regels
Het college is bevoegd ter uitvoering van het bepaalde in deze verordening nadere regels vast te stellen.
Artikel 8.2 Intrekken verordeningen
Op het moment van inwerkingtreding van deze verordening worden de volgende verordeningen ingetrokken: 1. Algemene Verordening Ondergrondse infrastructuren Zeeuwse gemeente 2014; 217.Monumentenverordening Hulst 2010; 218.Beleidsregels Elektrische Laadpalen voor Elektrisch Vervoer Gemeente Hulst 2016.
Artikel 8.3 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op het tijdstip dat de Omgevingswet in werking treedt.
Artikel 8.4 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening fysieke leefomgeving Hulst 2023’.
- 53 -
Verordening Fysieke Leefomgeving Hulst (2023)
Bijlagen bij de Verordening fysieke leefomgeving Hulst Bijlage 1. Begrippenlijst
1. APV: Algemene plaatselijke verordening van Hulst; 219.Archeologisch monument: archeologisch monument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet; 220.Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit: gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 17.9 van de Omgevingswet, ingesteld bij de Verordening gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Hulst, die onder meer als taak heeft het college te adviseren ten aanzien van redelijke eisen van welstand, de aanwijzing van beschermde gemeentelijke monumenten, vergunningaanvragen voor wijziging, verbouwing of sloop van beschermde rijks- of gemeentelijke monumenten en de aanwijzing van onroerende zaken als gemeentelijk beschermd dorpsgezicht; 221.Ballon: een licht omhulsel van welk materiaal dan ook gevuld met een gas dat lichter is dan lucht of gevuld met hete lucht afkomstig van vuur of een brandstofelement. 222.Bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994 tenzij bepaald.
223.Beeldbepalende waarde van de houtopstand: houtopstand die karakteristiek is voor de plek; 224.Beperkingengebiedactiviteit: dat wat daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet; 225.Beschermd gemeentelijk monument: monument of archeologisch monument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister; 226.Bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Omgevingswet; 227.Bouwwerk: dat wat daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet; 228.Bouwhistorisch onderzoek: in een rapport vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument; 229.Bromfiets: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; 230.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst; 231.Cultureel erfgoed: monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en, voor zover dat voorwerp is of kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan, ander cultureel erfgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet; 232.Dunning: velling ter bevordering van het voortbestaan van de houtopstand; 233.Gebouw: dat wat daaronder wordt verstaan in bijlage I bij het
Besluit bouwwerken leefomgeving; 234.Gemeentelijke beschermd cultureel erfgoed: monumenten, archeologische monumenten, stads- en stads-en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en, voor zover dat voorwerp is of kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan, ander cultureel erfgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet; 235.Gemeentelijk beschermd dorpsgezicht: dorpsgezicht als bedoeld in de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet dat als zodanig is aangewezen op grond van artikel 2.8;
- 54 -
Verordening Fysieke Leefomgeving Hulst (2023)
236.Gemeentelijk beschermde verzameling: verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet. 237.Gevoelige gebouwen: woningen en gebouwen die op grond van artikel 1 Wet geluidhinder worden aangemerkt als andere geluidsgevoelige gebouwen, met uitzondering van die gebouwen behorende bij de betreffende inrichting 238.Hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen; 239.Handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen en/of diensten, waarmee kennelijk wordt beoogd een commercieel belang te dienen; 240.Houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen; 241.Kabels en leidingen: één of meer kabels of leidingen, daaronder in ieder geval begrepen lege buizen, ondergrondse en bovengrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken, bestemd voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie, maar geen kabel zijnde als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet; 242.Kampeermiddel: een niet-grondgebonden onderkomen of voertuig, dat bestemd of opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; 243.Kerkelijk monument: een monument dat eigendom is van een kerkgenootschap, een zelfstandig onderdeel daarvan, een lichaam waarin kerkgenootschappen zijn verenigd, of van een ander genootschap op geestelijke grondslag en dat uitsluitend of voor een overwegend deel
wordt gebruikt voor het gezamenlijk belijden van de godsdienst of levensovertuiging. 244.Landschappelijke waarde van de houtopstand: houtopstand die typerend is voor de lokale omstandigheden, bepaald door de soort, de bodemgesteldheid, waterhuishouding en/of cultuurhistorie; 245.Monument: onroerende zaak die deel uitmaakt van cultureel erfgoed. 246.Motorvoertuig: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; 247.Natuurwaarde van de houtopstand: houtopstand die een schuil-/broedplaats biedt aan fauna, of houtopstand die foerageergelegenheid biedt aan fauna, of de houtopstand die huisvesting biedt aan beschermde flora, of houtopstand die onderdeel uitmaakt van een verbindingszone voor de natuur of van een bos; 248.Netbeheerder: degene die als natuurlijk persoon handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf dan wel als rechtspersoon acteert als beheerder van een al dan niet openbaar netwerk; 249.Netwerk: samenstel van kabels of leidingen 250.Niet-openbare kabels en leidingen: kabels en leidingen die niet vallen onder één van de categorieën openbare werken als bedoeld in artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht en kabels en leidingen die niet ten dienste staan van een openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in de Telecommunicatiewet; 251.Omgevingsvergunning: dat wat daaronder wordt verstaan in de
Omgevingswet; 252.Openbare grond: de openbare weg en openbaar water met inbegrip van de daartoe behorende stoepen, pleinen, plantsoenen, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere werken alsmede andere plaatsen die voor eenieder toegankelijk. Openbare plaats: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; 253.Openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; 254.Openbare plaats: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; 255.Openbare ruimte: een plaats die krachtens de bestemming of vast gebruik openstaat voor het publiek, met uitzondering van gebouwen of besloten plaatsen als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Grondwet; - 55 -
Verordening Fysieke Leefomgeving Hulst (2023)
256.Openbare weg: openbare weg als bedoeld in de Wegenwet; 257.Parkeren: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; 258.Rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; 259.Rijksmonument: monument of archeologisch monument dat is ingeschreven in het rijksmonumentenregister; 260.Spoedeisende werkzaamheden: werkzaamheden, voor reparatie of onderhoud waarvan uitstel niet mogelijk is als een ernstige belemmering of storing van de dienstverlening in het betreffende netwerk is opgetreden; 261.Vaartuigen: alle vaartuigen, daaronder mede verstaan drijvende werktuigen, alsmede woonschepen, glijboten en ponten, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als middel van vervoer te water; 262.Vergunninghouder: de natuurlijke- of rechtspersoon aan wie een vergunning is verleend; 263.Verhard oppervlak: alle oppervlakken die gemaakt zijn van steenachtig of ander hard materiaal, of overige verhardingen waaronder daken, tegels, bestratingen, of asfaltoppervlakken, als gevolg waarvan hemelwater versneld tot afvoer komt; 264.Voertuig: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen; 265.Waarde van de houtopstand voor stads- en
dorpsschoon: houtopstand die onderdeel is van een beschermd dorpsgezicht, of houtopstand die onderdeel is van een gemeentelijk monument, houtopstand die bijzonder en/of zeldzaam is door hoogte, dikte, vorm, leeftijd of soort; 266.Waarde van de leefbaarheid van de houtopstand: houtopstand die een goede conditie heeft, of houtopstand die een goede stabiliteit/breukvastheid heeft, of houtopstand die een onlosmakelijk onderdeel van een geheel vormt; 267.Weg: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994. 268.Werkzaamheden ten behoeve van de aanleg, verplaatsing, verwijdering en/of instandhouding van kabels en leidingen: handmatige en/of mechanische (graaf)werkzaamheden, waaronder ook begrepen het opbreken en herstellen van de sleufbedekking en sleufloze technieken, in of op openbare grond in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen 269.Werkzaamheden van niet ingrijpende aard: werkzaamheden, zoals genoemd in onderdeel 44 van deze bijlage: met een gezamenlijke tracélengte tot 25 meter en waarbij geen wegen, watergangen of groenvoorzieningen volledig worden gekruist en/of bovengrondse voorzieningen worden geplaatst; het aanbrengen of verwijderen van kabels en/of leidingen in reeds aangebrachte voorzieningen; het maken van maximaal twee opbrekingen met elk een afmeting van maximaal 2 m².
270.Woonschepen: woonschepen: vaartuigen uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebezigd of tot woning bestemd.
- 56 -