Duurzaamheidsbeleid 2026-2032
Tekst van het document
22/ 29
droogte, hitte en waterveiligheid. De Klimaatadaptatiestrategie Zeeland geeft hier richting aan en zorgt ervoor dat landelijke afspraken worden vertaald naar de Zeeuwse praktijk. Vanuit de Klimaatadaptatiestrategie Zeeland (KasZ) wordt van gemeenten verwacht dat zij klimaatadaptatie een vaste plek geven in beleid, plannen en uitvoering. Dit betekent dat we onze leefomgeving zo inrichten dat schade en hinder door wateroverlast, droogte, hitte en andere klimaateffecten zoveel mogelijk worden beperkt. Daarbij is het belangrijk om ruimte te maken voor water, groen en verkoeling, en klimaatadaptatie vanaf het begin mee te nemen bij ruimtelijke ontwikkelingen, beheer en onderhoud. De KasZ vraagt ook om een integrale aanpak, waarbij maatregelen niet alleen bijdragen aan klimaatadaptatie, maar ook aan gezondheid, leefbaarheid en biodiversiteit. Daarnaast is samenwerking met andere overheden, inwoners, bedrijven en organisaties nodig om tot passende en uitvoerbare oplossingen te komen. Zo werken we samen aan een toekomstbestendige en klimaatbestendige gemeente. Beleidskaders Het gemeentelijk beleid voor klimaatadaptatie sluit aan bij internationale, nationale, regionale en lokale beleidskaders, waaronder:
Nationale Adaptatiestrategie (NAS) De landelijke strategie voor hoe Nederland zich voorbereidt op de gevolgen van klimaatverandering.
Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) De praktische uitwerking van de NAS voor de inrichting van de leefomgeving, bijvoorbeeld bij wateroverlast, hitte en droogte.
Klimaatadaptatiestrategie Zeeland 20212026 (KasZ) Deze strategie is in samenwerking met de 13 Zeeuwse gemeenten, provincie Zeeland, waterschap Scheldestromen en andere regionale stakeholders opgesteld.
Verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2022-2026 (wordt in 2027 opgevolgd door Waterrioleringsplan) Waar klimaatadaptatie steeds nadrukkelijker wordt meegenomen en geborgd. Deze kaders vormen samen het fundament voor lokaal adaptatiebeleid.
Doelstellingen en ambities De gemeente wil de leefomgeving voorbereiden op de gevolgen van klimaatverandering. Daarbij kijken we per klimaatthema wat nodig is om schade en overlast te beperken en de leefomgeving prettig en toekomstbestendig te houden. Wateroverlast De gemeente streeft naar een openbare ruimte die bestand is tegen hevige regenval. Water moet zoveel mogelijk opgevangen, vastgehouden en vertraagd afgevoerd kunnen worden. We verbeteren de sponswerking van ons gebied door meer te infiltreren wat ook weer gunstig is om droogte te verminderen door meer water in het gebied te houden waar mogelijk. Bij nieuwe ontwikkelingen en herinrichtingen is waterberging daarom vanaf het begin een vast onderdeel van
23/ 29
het ontwerp. Ook worden kwetsbare plekken voor wateroverlast in beeld gebracht en waar mogelijk aangepakt. Droogte De gemeente wil droogteschade zoveel mogelijk beperken. Dat betekent dat we inrichten op het vasthouden van water in de bodem en het verminderen van verdroging van groen, bomen en kwetsbare plekken. Bij beheer en inrichting houden we rekening met een klimaat waarin droge periodes vaker en langer kunnen voorkomen door bijvoorbeeld extra aandacht te besteden aan plantkeuze en waar mogelijk infiltratie te borgen. Hittestress De gemeente werkt aan een leefomgeving waarin het ook tijdens warme periodes prettig en veilig blijft verblijven. Daarom zetten we in op meer groen, schaduw en minder verharding in de openbare ruimte. Bij nieuwe plannen en herinrichting is verkoeling een belangrijk aandachtspunt, zeker op plekken waar veel mensen komen of waar kwetsbare groepen verblijven. Denk hierbij aan schaduw op looproutes, koelteplekken en over het algemeen meer groen. Waterveiligheid De gemeente houdt rekening met risico’s die samenhangen met waterveiligheid. Samen met partners kijken we waar maatregelen nodig zijn om de gevolgen van extreme neerslag, hoge waterstanden en andere water-gerelateerde risico’s te beperken. Daarbij is samenwerking met andere overheden en beheerders van groot belang.
Verankering in beleid en uitvoering Klimaatadaptatie is geen los onderwerp, maar een vast onderdeel van onze manier van werken. We nemen klimaatadaptatie structureel mee bij nieuwbouw, herinrichting, beheer en onderhoud. Daarbij maken we afspraken met partners, werken we met duidelijke toetsingskaders en zorgen we dat adaptatiemaatregelen ook op lange termijn goed beheerd kunnen worden. Bewustwording en samenwerking De gemeente stimuleert bewustwording en eigen initiatief bij inwoners, bedrijven en andere partners. Samen werken we aan een klimaatbestendige gemeente, waarbij iedereen een bijdrage kan leveren. Als gemeente hebben we directe invloed op het openbaargebied maar ook op particulier terrein is winst te behalen. Voorbeelden van stimuleringsregelingen zijn het NKtegelwippen en de regentonnenactie. De rol van de gemeente De gemeente vervult meerdere rollen op het gebied van klimaatadaptatie: Regisseur De gemeente zorgt voor samenhang tussen beleid, uitvoering en samenwerking met partners. Voorbeeldgever In de openbare ruimte laat de gemeente zien hoe klimaatadaptatie concreet vorm krijgt. Facilitator De gemeente ondersteunt en stimuleert initiatieven van inwoners en bedrijven. Samenwerkingspartner In nauwe samenwerking met waterschap, provincie en andere stakeholders.
24/ 29
Beheerder Door klimaatadaptatie structureel mee te nemen in beheer, onderhoud en vervanging.
Met deze rollen draagt de gemeente bij aan een leefomgeving die niet alleen vandaag, maar ook in de toekomst veilig, leefbaar en aantrekkelijk blijft. 5.2 De circulaire economie In dit hoofdstuk laten we zien wat circulariteit is en hoe het kan bijdragen aan een sterke en toekomstbestendige gemeente. Een circulair Hulst Een circulaire economie kan bijdragen aan de klimaatopgave, de biodiversiteitsopgave, het creëren van een schoon milieu, een veilige en schone leefomgeving en het bijdragen aan de leveringszekerheid van grondstoffen. Het vormt dus een integrale bouwsteen voor een gezonde leefomgeving en kan kansen bieden voor Hulst. We leven momenteel is een deels lineaire economie waardoor we in de wereld meer gebruiken dan de aarde kan opleveren. We zouden wel zo'n 3,6 aardes nodig hebben als het Nederlandse niveau van consumptie standaard zou zijn. Als we nu in de circulaire economie investeren kan dit op de langere termijn economische voordelen met zich meebrengen en de beschikbaarheid van onze grondstoffen waarborgen, terwijl we afval verminderen. Binnen onze organisatie zijn er al voorbeelden van circulair werken zoals het gebruiken van straat stenen die vrijkomen uit één project voor een ander project of het verwerken van steen tot nieuwe funderingen. Dit zijn allemaal voorbeelden van circulair werken.
De opgave Ook op het gebied van circulaire economie nemen de opgaven toe. Het gebruik van grondstoffen staat onder druk en het is steeds belangrijker om slimmer om te gaan met materialen, producten en afval. Binnen het Nationaal Programma Circulaire Economie is de inzet om circulaire economie in de toekomst steviger te verankeren in wet- en regelgeving, mogelijk binnen het kader van de Omgevingswet. Voor gemeenten betekent dit dat circulair werken nu al een belangrijke plek krijgt in beleid, inkoop, gebiedsontwikkeling en beheer. Door grondstoffen zo lang mogelijk in de kringloop te houden, beperken we afval en werken we aan een toekomstbestendige leefomgeving. De Zeeuwse gemeenten hebben in 2025 gezamenlijk beleid vastgesteld over circulariteit namelijk Zeeland circulair. Dit beleid is in samenwerking met alle gemeenten en relevante stakeholders opgesteld en sluit aan bij het Rijks brede programma Nederland circulair in 2050 (NPCE). Beleidskaders
Rijks rede Programma Nederland circulair (NPCE) Landelijk programma waarmee Nederland toewerkt naar een circulaire economie. Het richt zich op minder grondstoffengebruik, meer hergebruik en het voorkomen van afval. Beleid circulaire economie 2025-2028 13 Zeeuwse gemeenten Beleidsplan opgesteld en vastgesteld door de 13 Zeeuwse gemeenten als praktische vertaling van het NPCE. Afvalstoffenverordening + Uitvoeringsbesluit De Afvalstoffenverordening en het Uitvoeringsbesluit regelen hoe de gemeente omgaat met het inzamelen, scheiden en aanbieden van afvalstoffen. Ze vormen samen de lokale regels en praktische uitwerking voor afvalbeheer en dragen bij aan minder afval en meer hergebruik.
25/ 29
Doelstellingen en ambities Als gemeente hebben we dus de ambitie om circulariteit te borgen in onze processen en leefomgeving. Om dit te behalen zijn er doelstellingen en een uitvoeringsagenda opgemaakt in het Zeeuws brede beleidsplan circulariteit die onderverdeeld zijn in 4 thema's. Om de volledige beschrijvingen te zien verwijzen we naar het beleidsplan Circulair Zeeland. Deze thema's zijn: Bouw en gebouwde omgeving Binnen dit thema wordt gekeken naar de kansen om circulariteit toe te passen in verschillende processen binnen de bouw. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het verlengen van de levensduur van panden, zodat nieuwbouw minder vaak nodig is, en om het terugwinnen van bruikbare materialen uit bestaande gebouwen. Bij nieuwbouw kan de Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) worden gebruikt om circulariteit inzichtelijk te maken. Ook losmaakbaarheid biedt kansen om de milieu-impact van gebouwen te verlagen. Als beter in beeld is welke materialen waar in een gebouw aanwezig zijn en hoe deze zorgvuldig kunnen worden geoogst zonder kwaliteitsverlies, valt veel winst te behalen. Daarnaast is er binnen dit thema aandacht voor gronduitgifte en gebiedsontwikkeling, waarbij natuur inclusief bouwen een belangrijke rol speelt. Infrastructuur en openbare ruimte Als gemeente ben je eigenaar en heb je direct invloed op de aanleg, renovatie en vervanging van o.a.
riolering, wegen, groen en straatmeubilair. Binnen dit thema ligt de focus op drie kernprincipes. Deze zijn: preventie, waarde behoud en waarde creatie. Het is wenselijk om in de eerste instantie te voorkomen dat onnodige bouwprojecten worde gestart, want dit heeft natuurlijk de grootste impact op de Co2 besparing. Verder is het belangrijk dat objecten hun waarde langer behouden door de levensduur te verlengen en gebruik te maken van bestaande materialen en middelen. Tot slot wordt gekeken naar mogelijkheden om op lange termijn waarde te creëren, bijvoorbeeld door te ontwerpen voor meerdere levenscycli. Afval en grondstoffen Afval en grondstoffen zijn dichter aan elkaar gelinkt dan men denkt. Voor de een is het afval terwijl het voor de ander een grondstof kan zijn. Denk bijvoorbeeld aan groen afval dat weer gebruikt kan worden voor compostering. Het idee is om in het afvalsysteem hoogwaardige verwerking, terugwinnen van grondstoffen en voornamelijk het voorkomen van afval voor elkaar te krijgen. Inkoop en consumptie Binnen de provincie zijn wij als gemeente een grote inkoper van diensten en materialen. Door circulair in te kopen zal een inkoper producten, materialen of diensten inkopen die zo weinig mogelijk impact op het milieu hebben. Ook wordt er aandacht besteed aan de manier van consumeren en dat we meer en meer grondstoffen gebruiken hiervoor.
Het is dus belangrijk om af te stappen van de wegwerpmaatschappij en reparatie meer vanzelfsprekend maken. Repair cafés zijn hier een mooi voorbeeld van. Verankering in beleid en uitvoering Binnen Zeeland zijn er werkgroepen bezig met de uitwerking van de uitvoeringsagenda uit het beleidsplan. Dit wordt gezamenlijk opgepakt omdat het van belang is dat we een uniforme werkwijze aanhouden binnen Zeeland zodat er geen grote verschillen ontstaan regionaal voor de markt. Binnen onze eigen organisatie is er al onderzoek uitgevoerd om bij infrastructuurprojecten
26/ 29
circulariteit uitvoerbaar mee te nemen bijvoorbeeld. De komende jaren zal er dus Zeeuws breed gewerkt worden aan de uitvoeringsagenda en wordt er gekeken hoe dit een plek krijgt binnen onze organisatie. Bewustwording en samenwerking Werken aan een circulaire economie vraagt niet alleen iets van de gemeente, maar ook van inwoners en bedrijven. Daarom is het belangrijk om bewustwording en samenwerking te stimuleren, omdat de opgaven iedereen raken. Binnen deze samenwerking wordt ingezet op het betrekken van relevante partijen, zoals woningcorporaties en de bouwsector, bij het uitwerken van doelen en maatregelen. Voor de komende jaren ligt de nadruk op het benutten van de kansen die zich nu al voordoen en op het opdoen van ervaring met circulair werken. De rol van de gemeente De rol van de gemeente is om de komende jaren uitvoering te geven aan de uitvoeringsagenda uit het Zeeuwse beleidsplan.
Regisseur De gemeente zal de komende jaren circulariteit borgen in haar organisatie en de samenhang tussen beleid, uitvoering en samenwerking regisseren in haar gebied. Voorbeeldgever Als grote afnemer van de markt en beheerder van de openbare ruimte zullen we de kansen verkennen om circulariteit mee te nemen in onze werkprocessen en zo mooie voorbeelden neer te zetten in onze gemeente. Facilitator De gemeente ondersteunt en stimuleert initiatieven van inwoners en bedrijven. Samenwerkingspartner Met de Zeeuwse gemeenten proberen we een eenduidige werkwijze aan te houden waar mogelijk om een duidelijk signaal aan de markt te geven.
5.3 Een ecologisch Hulst In dit hoofdstuk laten we zien wat biodiversiteit is en hoe het kan bijdragen aan een sterke en toekomstbestendige gemeente. De biodiversiteit van Hulst Biodiversiteit gaat over de verscheidenheid aan planten, dieren en andere levende organismen. Het gaat daarbij niet alleen om verschillende soorten, maar ook om de variatie in ecosystemen. Biodiversiteit draagt bij aan schone lucht, gezond water, een gezonde bodem en bestuiving. Het omvat alles wat te maken heeft met behoud, herstel en versterking van de natuur. Voor de gemeente Hulst wordt de opgave afgebakend op de openbare ruimte binnen de bebouwde kom. Daar ligt de opgave om het huidige niveau van biodiversiteit minimaal in stand te houden en waar mogelijk te verbeteren en te versterken. Biodiversiteit en vergroening gaan hand in hand. Daarom is er ook een duidelijke relatie met klimaatadaptatie, omdat meer groen kan zorgen voor extra verkoeling en tegelijkertijd meer leefruimte biedt aan dieren en planten. Ook de circulaire economie heeft hier invloed op, omdat deze kan bijdragen aan een gezondere leefomgeving door minder gebruik van grondstoffen en minder uitstoot. De opgave
27/ 29
Zoals eerder genoemd hebben we de doelstelling om de huidige biodiversiteit in stand te houden en waar mogelijk te verbeteren en te versterken. Vanuit het groenbeleids- en beheerplan 20242033 wordt er al invulling gegeven aan deze doelstelling en binnen de klimaatadaptatiestrategie Zeeland wordt er ook gekeken hoe groen meerwaarde kan hebben voor de biodiversiteit. Dit kan al heel simpel door bijvoorbeeld een ander soort maaibeleid, in te steken op inheemse soorten of juist verschillende soorten beplanting te gebruiken in plaats van één soort. Beleidskaders
Groenbeleids- beheerplan 2024-2033 gemeente Hulst Zeeuwse bosvisie Deze visie is door de Provincie opgesteld en verkent de kansen om bestaande bossen uit te breiden en waar mogelijk nieuw bos aan te leggen. Doelstellingen en ambities Op gebied van biodiversiteit geven we invulling doormiddel van het groenbeleids- en beheerplan 2024-2033 met de volgende aanvullende doelstellingen: Vergroten inzicht in stand van zaken biodiversiteit en effecten van beleid De opgave om het huidige niveau qua biodiversiteit minimaal te behouden en te willen verbeteren vraagt om inzicht in de huidige stand van zaken en de effecten van het beleid dat ingezet wordt. De basiskwaliteit natuur kan bijvoorbeeld concrete maatregelen geven die gebruikt kunnen worden om natuur te verbeteren in stedelijk gebied. Bijdragen aan de realisatie van de Zeeuwse bosvisie binnen de mogelijkhede n In 2020 is de Zeeuwse bosvisie vastgesteld. Deze visie is een vertaling van de nationale bossenstrategie. In deze visie wordt de aanleg van bos of houtachtige landschapselementen gezien als een instrument om de ruimtelijke en ecologische kwaliteit te versterken. Echter is de toevoeging van bos of houtige landschapselementen niet voor iedere locatie geschikt. Situering luistert nauw. In de gemeente Hulst liggen volgens de bosvisie kansen om meer bos of houtachtige landschapselementen te realiseren.
Het doel is om passend binnen de mogelijkheden deze kansen te benutten. Vergroten van maatschappelijk draagvlak Om de biodiversiteit minimaal te behouden en te versterken is draagvlak onder inwoners en ondernemers nodig. Doel is om het draagvlak te vergroten. Om dat doel te kunnen bereiken is bewustwording cruciaal. De vraag is dan: ‘wat is biodiversiteit en op welke wijze kunnen inwoners en ondernemers een bijdrage leveren?’ De bewustwording hierover wordt vergroot en daarmee het draagvlak om een bijdrage te leveren. Ook in ons openbaar gebied wordt er al extra aandacht besteed aan het gebruiken van planten en bloemen die bijen aantrekt bijvoorbeeld. Beschermen van beschermde soorten In de gebouwde omgeving komen beschermde plant- en diersoorten voor. Het is voor de biodiversiteit van belang dat beschermde plant -en diersoorten goed beschermd worden, zodat een afname in diversiteit en aantallen voorkomen kan worden. Voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving, waar isolatie een cruciaal onderdeel in is, is het van belang om aanwezige soorten te beschermen en tegelijkertijd de gewenste ontwikkeling van betere isolatie mogelijk te maken.
28/ 29
Verankering in beleid en uitvoering De gemeente kan biodiversiteit op verschillende manieren meenemen in beleid en uitvoering. Denk hierbij aan bewuste keuzes in aanplantplannen en het creëren van ruimte voor bomen, struiken, bloemen en groene verbindingen. De gemeente werkt bijvoorbeeld al aan een soortenmanagementplan, zodat vleermuizen (en andere diersoorten) nieuwe verblijfplekken hebben wanneer spouwmuren worden geïsoleerd. Ook zetten we in op ecologisch maaibeheer, door minder intensief te maaien zodat soorten in deze groenstructuren meer kans krijgen om zich te ontwikkelen. Daarnaast dragen maatregelen zoals wadi’s niet alleen bij aan waterberging, maar ook aan kansen voor natuur en biodiversiteit. Bewustwording en samenwerking Bewustwording is van belang op dit thema. Er dient duidelijk gecommuniceerd te worden dat iets er niet per definitie slordig uitziet door achterstallig onderhoud, maar juist wordt onderhouden op een wijze die minder gebruikelijk is. Bewustwordingscampagnes zoals de kroostegelactie en verschillende acties vanuit klimaatadaptatie nemen biodiversiteit al mee in de communicatie naar de inwoner. De rol van de gemeente De gemeente opereert in een omgeving ook op verschillende schaalniveaus. Er zijn een aantal rollen die de gemeente Hulst kan nemen om de doelstellingen te bereiken.
Rollen kunnen zijn reguleren, regisseren, stimuleren, faciliteren of loslaten. Onderstaand wordt kort aangegeven welke rol(len) per doelstelling is gekozen. Als er zich ontwikkelingen voordoen die vragen om een andere rol in de loop van de tijd, zal daar invulling aan worden gegeven. Doelstelling
Rol
Vergroten van het inzicht in de stand van de biodiversiteit en de effecten van beleid
Regisseren
Bijdragen aan de realisatie van de Zeeuwse bosvisie binnen de mogelijkheden
Stimuleren
Beschermen van beschermde soorten (soortenmanagementbeleid)
Reguleren
Beschermen van beschermde soorten (soortenmanagementbeleid)
Reguleren
29/ 29