Bijlage 2 Nota beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen_BP Stationsweg 1 tm 5_20250513
Tekst van het document
In dat geval is er slechts sprake van één verhuisbeweging; van ouder naar starterswoning. Het belang van starters en woningzoekende in het betaalbare segment is hierdoor meegenomen. Vanwege voorgaande is er geen grond om geen medewerking te verlenen aan het vaststellen van het bestemmingsplan. 14. Voor de beantwoording van dit punt verwijzen we ook naar de beantwoording op voorgaand punt. Voor onze reactie met betrekking tot leegstand verwijzen we naar de beantwoording van punt 2 in deze zienswijze. We begrijpen dat de leefomgeving van indiener als gevolg van voorliggende ontwikkeling zal veranderen. Tegelijkertijd hebben we als gemeente een brede belangenafweging te maken die verder rijkt dan de belangen van indiener. Gelet op het feit dat we in voorliggende situatie onder meer invulling geven aan de eerder vastgestelde visie voor de Stationsweg, een bijdrage leveren aan de woonopgave en voorzien in een ruimtelijke kwaliteitsimpuls ter plaatse zijn van mening dat voorliggende ontwikkeling voorziet in een goede ruimtelijke ordening. Hierdoor is er geen aanleiding om geen medewerking te verlenen aan het plan. Gelet op de omstandigheid dat het plangebied van indiener is gelegen in binnenstedelijk gebied, kennen we een groot belang toe aan het voorzien in de woningbehoefte, gelet op het maatschappelijke belang. Er is door ons besloten op het plan zoals dat is ingediend.
Voor onze reactie met betrekking tot leegstand verwijzen we naar de beantwoording van punt 2 in deze zienswijze. In de Regionale Woonvisie is aangegeven dat er voldoende draagvlak moet zijn om een bepaald voorzieningenniveau op peil te houden. Het voorzieningenniveau hangt nauw samen met de leefbaarheid. Door woningen toe te voegen op deze locatie zijn er in potentie meer mensen die gebruik maken van voorzieningen.
Pagina 18 van 22
15. Onderdeel van de Retailstructuurvisie Hulst 2025 is dat we willen inzetten op een sterke retailstructuur waarbij de winkelmeters zich concentreren op de binnenstad, het Stationsplein en Morres. De Stationsweg valt buiten ons kernwinkelgebied, maar is wel een belangrijke verbindingsroute tussen de kernwinkelgebieden. We zetten dan ook in op het verminderen van de winkelmeters, maar willen tegelijkertijd waarborgen dat sprake is van een aantrekkelijke verbindingsroute. Met voorliggende ontwikkeling geven we daar naar ons idee invulling aan door winkelmeters in te wisselen voor een aantrekkelijk woongebouw. 16. Zoals eerder aangeven zijn bij de totstandkoming van de visie voor de Stationsweg alle aanwezige cultuurhistorische waarden van het beschermd stadsgezicht meegewogen in de stedenbouwkundige kaders voor ontwikkelingen aan de Stationsweg. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 3 in deze zienswijze. 17. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 1 in zienswijze 2. 18. Zoals in paragraaf 4.9 van de toelichting is terug te lezen, is voor de ontwikkeling archeologisch onderzoek uitgevoerd. Uit dat onderzoek volgt dat in de vervolgfase nader onderzoek nodig zal zijn. Het gaat in dat geval om een archeologische begeleiding van de civiele graafwerkzaamheden die nodig zijn voor de aanleg van de ondergrondse kelder.
Omdat het plangebied voor een groot deel bebouwd is, wordt de begeleiding uitgevoerd na de sloop van de bebouwing tot aan het maaiveld. Met het handhaven van de bestaande archeologische dubbelbestemming is dit vervolgonderzoek juridisch-planologisch geborgd. Er is op basis hiervan geen aanleiding om een m.e.r.-procedure te doorlopen zoals indiener stelt. Ook uit de opgestelde vormvrije m.e.r.-beoordeling volgt deze noodzaak niet. 19. Er is naar ons idee geen aanleiding om het advies van de Veiligheidsregio te delen met indiener. Het gaat namelijk om een standaard advies wat de Veiligheidsregio vaker geeft voor soortgelijke ruimtelijke ontwikkelingen. Het advies is verwerkt in de toelichting van het bestemmingsplan. 20. Het betreffende natuuronderzoek is conform de geldende onderzoeksprotocollen uitgevoerd. Dit wordt als bijlage toegevoegd aan het bestemmingsplan en de conclusies worden verwerkt in de toelichting. 21. Het betreffende archeologisch onderzoek is opgenomen als bijlage 8 bij de toelichting van het bestemmingsplan en is daarmee reeds openbaar toegankelijk geweest om voor indiener te raadplegen. 22. Zoals eerder aangegeven sluit voorliggende ontwikkeling aan bij de stedenbouwkundige uitgangspunten van de visie voor de Stationsweg.
Bij de totstandkoming van deze visie zijn weldegelijk de cultuurhistorische waarden van het gebied meegewogen bij het formuleren van de stedenbouwkundige uitgangspunten. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 3 in deze zienswijze. 23. Paragraaf 5.2.1 waar indiener op doelt, betreft een paragraaf die een verdere uitleg geeft over hoe de regels van het ontwerpbestemmingsplan verder gelezen moeten worden. In deze paragraaf is dan ook terug te lezen welke bestemmingen in het nieuwe bestemmingsplan zijn opgenomen en dat bij de inhoudelijke vormgeving van deze bestemmingen zo veel mogelijk is aangesloten bij de nu geldende bestemmingsplannen voor de binnenstad van Hulst. 24. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 3 in deze zienswijze. 25. De initiatiefnemer heeft, zoals eerder genoemd onder punt 1 in deze zienswijze, de participatie op basis van ons beleid uitgevoerd. Daarbij is de hele omgeving uitgenodigd, inclusief indiener. Wij hebben begrepen dat op de betreffende avond (d.d. 28 september 2023) gesproken is met de vereniging van eigenaren waar indiener onderdeel van uitmaakt en dat na afloop van deze avond nog meer gesprekken met de betreffende vve zijn geweest. Het participatieplan en het verslag van de participatieavond zullen als bijlage worden toegevoegd aan het bestemmingsplan.
Tevens worden de participatiememo en gespreksverslagen van extra overleggen met de omwonenden toegevoegd. 26. Op de genoemde datum van 19 oktober 2023 is inderdaad geen inloopavond georganiseerd, maar zoals hiervoor aangegeven is de inloopavond op 28 september 2023 geweest. Abusievelijk is de datum van het verslag van de avond omgewisseld met de datum waarop de avond daadwerkelijk is georganiseerd. De toelichting wordt op dit punt aangepast. De avond is goed bezocht, er waren 40-50 personen aanwezig. Ook is de initiatiefnemer op
Pagina 19 van 22
bezoek geweest bij een aantal buurtbewoners die op de avond zelf niet aanwezig konden zijn. 27. De door indiener geschetste situatie is niet iets wat betrekking heeft op het bestemmingsplan en waar we als gemeente partij in zijn. Dit is een kwestie tussen indiener en de initiatiefnemer waar wij verder buiten staan. 28. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 1 in deze zienswijze. Draagvlak is daarnaast niet essentieel om medewerking te verlenen aan een plan. 29. Voor onze reactie met betrekking tot leegstand verwijzen we naar de beantwoording van punt 2 in deze zienswijze. 30. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 3 en 5 in deze zienswijze. Gelet op de omstandigheid dat het plangebied van indiener is gelegen in binnenstedelijk gebied, kennen we een groot belang toe aan het voorzien in de woningbehoefte, gelet op het maatschappelijke belang. Er is door ons besloten op het plan zoals dat is ingediend. 31. Ook binnen de huidige bestemming Centrum is de realisatie van woningen reeds onder voorwaarden mogelijk. 32. Voor onze reactie verwijzen we naar de beantwoording van punt 3 en 18 in deze zienswijze. Conclusie De zienswijzen leiden tot een aanpassing van het bestemmingsplan door middel van het verwerken van de juiste datum waarop de inloopavond is georganiseerd (28 september 2023 in plaats van 19 oktober 2023).
Tevens zullen het participatieplan, het verslag van de participatieavond, de participatiememo, gespreksverslagen van extra overleggen met de omwonenden, de bezonningsstudie en het nader natuuronderzoek worden toegevoegd als bijlagen. De zienswijzen leiden daarnaast tot een aanpassing van het bestemmingsplan door middel van het verwerken van het nader soortgericht natuuronderzoek.
3.6 Zienswijze 7 Deze zienswijze is bijna identiek met de zienswijzen 5 en 6 onder 3.5. De indiener van deze zienswijze heeft de volgende punten niet in zijn zienswijze genoemd: - punt 5 t/m 11 - punt 18 t/m 21 - punt 27 - punt 30 De indiener van deze zienswijze heeft het volgende punt extra genoemd: Indiener heeft als grootste bezwaar, dat bij doorgang van het plan, hij op straat gezet wordt samen met zijn andere werknemers. Indiener voelt zich hierdoor erg benadeeld en vindt dit onaanvaardbaar. Samenvatting De door indiener geschetste situatie is niet iets wat betrekking heeft op het bestemmingsplan en waar we als gemeente partij in zijn. Dit is een kwestie die indiener samen met de eigenaar op zal moeten lossen. Conclusie De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan door middel van het verwerken van de juiste datum waarop de inloopavond is georganiseerd (28 september 2023 in plaats van 19 oktober 2023). Tevens zullen het participatieplan en het verslag van de participatieavond, de participatiememo en de gespreksverslagen van extra overleggen met de omwonenden worden toegevoegd als bijlagen.
3.7 Zienswijze 8 Deze zienswijze is bijna identiek aan de zienswijze 2 onder 3.2. De indiener van deze zienswijze heeft de volgende punten niet in zijn zienswijze genoemd: - punt 8 Conclusie
Pagina 20 van 22
De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan door middel van het toevoegen van de bezonningsstudie en de gespreksverslagen van extra overleggen met de omwonenden als bijlagen.
Pagina 21 van 22
4. AMBTSHALVE WIJZIGINGEN Uit de zienswijzen volgen onderstaande wijzigingen en aanvullingen: -In het plan wordt de toevoeging van het nader soortgericht natuuronderzoek als bijlage en het verwerken hiervan opgenomen. -Toevoegen van de bezonningsstudie als bijlage. -Toevoegen van het participatieplan, het verslag van de participatieavond, de participatiememo en gespreksverslagen van extra overleggen met de omwonenden als bijlagen. -Aanpassing van de datum waarop de inloopavond is georganiseerd. Naast de wijzigingen die voortvloeien uit de zienswijzen, hebben er enkele ambtshalve wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan plaatsgevonden. Deze worden in het vastgestelde bestemmingsplan doorgevoerd en betreffen het volgende: -Verwijzing naar de meest recente CROW publicatie voor de berekening van de verkeersgeneratie en de parkeerbehoefte. -De nieuwste versie van de AERIUS calculator is gebruikt voor de stikstofdepositieberekeningen. -Volgend uitgangspunt vanuit de ‘Visie met uitgangspunten voor nieuwe ontwikkelingen aan de Stationsweg Hulst’ zal worden overgenomen in de verbeelding: ‘75% van de diepte van het kavel mag bebouwd worden, gemeten van kavelgrens aan de Stationsweg tot het diepste punt van het kavel’.
Pagina 22 van 22