Bijlage 6a Q3 rapportage WIL 2024
Tekst van het document
Kwartaalrapportage 3e kwartaal 2024
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Inhoud 1. VOORWOORD ....................................................................................................................................................................................................................................... 3 2. Q3 IN EEN NOTENDOP........................................................................................................................................................................................................................... 4 3. WIL IN Q3: ENKELE RELEVANTE INTERNE EN EXTERNE ONTWIKKELINGEN .............................................................................................................................................. 5 4. UPDATE ONTWIKKELAGENDA WIL ......................................................................................................................................................................................................... 6 5. PROGRAMMA INKOMEN....................................................................................................................................................................................................................... 9 6.
PROGRAMMA WERK ........................................................................................................................................................................................................................... 12 7. PROGRAMMA INKOMENSONDERSTEUNING........................................................................................................................................................................................ 22 8. BEDRIJFSVOERING............................................................................................................................................................................................................................... 34
2
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
1. VOORWOORD Voor u ligt de derde kwartaalrapportage 2024 van Werk en Inkomen Lekstroom, kortweg Q3-2024 genoemd. In deze kwartaalrapportage beschrijven we wat we in het derde kwartaal van 2024 hebben gerealiseerd, waar we wel of niet op koers liggen en wat we hieraan zo nodig willen doen. We beschrijven ook kort overall en per programma de context en enkele bijzonderheden. Dit doen we sinds begin dit jaar in een andere vorm dan u van ons gewend bent, met het Kwaliteitskompas als leidraad. We denken hiermee beter met u het goede gesprek te kunnen voeren over hoe we het doen, in relatie tot wat u van ons vraagt (onze opdracht en onze prestaties). Volgens de gemaakte afspraken zijn de cijfers van het 2e kwartaal (i.c. april en mei) opgenomen in de tussenrapportage 2024. Deze 3e kwartaalrapportage verschijnt weer als afzonderlijk document. Omdat de tussenrapportage de eerste 5 maanden van 2024 besloeg, bevat deze 3e kwartaalrapportage de 4 maanden daarna. We hebben het dus niet over 3 gelijke perioden. De voorliggende kwartaalrapportage is nog steeds in ontwikkeling. Op de 1e kwartaalrapportage ontvingen we overwegend positieve reacties. Er zijn ook enkele opmerkingen en suggesties ontvangen. Die zijn deels verwerkt, op weg naar een meer definitieve opzet en vormgeving. Als uitgangspunt voor onze opdracht en de context sluiten we aan bij de Begroting 2025.
Voor wat betreft de KPI's en kerncijfers sluiten we aan bij de afspraken die we hierover met elkaar hebben gemaakt in het verlengde van de Begroting 2024. Als we terugblikken op het afgelopen kwartaal, dan constateren we dat we nog steeds op koers liggen. Ondanks de stevige uitdagingen waarvoor we staan en de druk die we ervaren, helpen we klanten en inwoners met grote inzet gericht vooruit op het gebied van inkomensondersteuning, schulden en participatie. We wensen u veel leesplezier. Met vriendelijke groet, R. Esser Directeur Werk en Inkomen Lekstroom
W. Eggengoor Voorzitter algemeen en dagelijks bestuur
3
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
2. Q3 IN EEN NOTENDOP Onderstaand overzicht laat in een oogopslag zien hoe WIL het in Q3 gedaan heeft. We merken hierbij op dat de Q3-rapportage geen financiële rapportage is. Dat zijn de tussenrapportage (die voor de zomer is verschenen) en de jaarrekening na afloop van het jaar wel. Programma binnen begroting WIL Programma Inkomen
Programma Werk
Programma Inkomensondersteuning
Programma Bedrijfsvoering
Dienstverlening goed?
Financieel op koers?
Dienstverlening blijft op hoog niveau. Blijft hard werken, maar extra formatie op aanvraagproces helpt gemotiveerd te blijven (omdat de werkdruk daalt en onze klanten goed geholpen kunnen blijven worden). Verzuim is gedaald. Dienstverlening blijft op hoog niveau. Alle vacatures worden (nog) tijdig ingevuld, zodat de dienstverlening gecontinueerd kan worden en de werkdruk geen negatieve uitwerking heeft op de prestaties en vitaliteit van de medewerkers. Het verzuim is gedaald, ook binnen de lokale werkteams. Dienstverlening blijft op hoog niveau. De doorlooptijden voor bijzondere bijstand en minimaregelingen worden merkbaar korter. De wachttijd van schuldhulpverlening is binnen acceptabele grenzen. Blijft hard werken, maar extra formatie op aanvraagproces helpt gemotiveerd te blijven (omdat werkdruk daalt en klanten goed geholpen kunnen blijven worden). Verzuim is gedaald. Dienstverlening blijft op niveau. Wel wordt er een behoorlijke werkdruk ervaren. Ook dit kwartaal hadden we nog last van tijdelijke werkplekken en een geïmproviseerde receptie voor onze inwoners. Dit kwartaal hebben we ook verkent wat er nodig is om onze dienstverlening verder te verbeteren. Aandachtspunt is wel de kwetsbare bezetting van de receptie en ons KSV. Door vakantierechten en verzuim, werd een aantal momenten lastig in te vullen.
Ook waren er technische problemen, door veranderingen in de software van ons belsysteem.
Prijsstijgingen uitkeringen en meer uitgaven aan LKS maken dat regelingskosten tot overschrijding gaan leiden (hogere stijgingen dan begroot/geraamd) Uitvoeringskosten gaan iets over begroting heen door CAOstijgingen (lager begroot/geraamd dan werkelijk) Uitvoeringskosten gaan iets over begroting heen door CAOstijgingen (lager begroot/geraamd dan werkelijk)
Beleidsaanpassingen leiden tot hogere uitgaven voor bijzondere bijstand. Met name voor woninginrichting en reiskosten. Een hoger bereik voor de Individuele Inkomenstoeslag leidt tot hogere regelingskosten. Meer dienstverlening aan meer statushouders leidt ook tot hogere kosten dan begroot/geraamd. Uitvoeringskosten gaan iets over begroting heen door CAOstijgingen We zijn er niet in geslaagd om nieuwe werknemers te vinden voor Finance & Control en voor enkele deskundige projecten. Dit heeft geleid tot hogere inhuur dan begroot.
4
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
3. WIL IN Q3: ENKELE RELEVANTE INTERNE EN EXTERNE ONTWIKKELINGEN Het 3e kwartaal van 2024 was het qua aanvragen gebruikelijk druk. Bij Bijzondere regelingen zien we een toename van het aantal aanvragen. Dat beeld komt overeen met voorgaande jaren. Doorgaans nemen de aantallen naar het einde van het kalenderjaar toe. In het 3e kwartaal is het bijstandsvolume met 26 huishoudens afgenomen tot 2.351. Ook het aantal klanten met een schuldentraject nam licht af. Om grote aantallen gaat het niet (ca. 1%). De krapte op de arbeidsmarkt is nog steeds groot; er is dus nog veel werk. Wie kan en wil werken (zonder al te veel ondersteuning) is of gaat aan het werk. Dat laten ook de UWV-uitstroomcijfers zien. Minder dan 2 procent van de WW-gerechtigden komt na afloop van de WW-periode in de bijstand terecht. Ons klantenbestand staat dan ook ver(der) van de arbeidsmarkt af. Dat zien we ook terug in relatief lage uitstroom- en plaatsingscijfers. Ons klantenbestand is en blijft een bestand met veel klanten met multi-problematiek, waarbij samenwerking, aandacht en goed aansluiten op de leefwereld essentieel zijn om resultaten te boeken. Deze resultaten zijn grotendeels niet te kwantificeren. In het 3e kwartaal is het ziekteverzuim binnen WIL opgelopen naar 6,8 procent, nadat het in het 2e kwartaal 6,2 procent bedroeg. Ook het cumulatieve verzuim 2024 komt tot nu toe uit op 6,8 procent.
Hoewel het nog boven onze doelstelling ligt, is het verzuim wel afgenomen ten opzichte van vorig jaar toen het cumulatief op 8,0 procent uitkwam. Ook al hebben we ondertussen (bijna) een nieuw kabinet, op diverse voor WIL belangrijke dossiers is nog geen helderheid. Hierbij moet u denken aan de Participatiewet in Balans, maar ook de Wet Pauzeknop Schuldenbewind. De druk van het ‘ravijnjaar’ is voor WIL voelbaar. We zijn samen met de Lekstroomgemeenten begonnen met de verkenning van een aantal kansrijke opties om onze opdracht en dienstverlening meer in balans te kunnen brengen met de schaarse middelen die gemeenten (straks) hebben. En waar nodig onze dienstverlening waar nodig verder (nog) eigentijdser te maken. In de uitvoering hebben we de facto iin 2024 hiervan nog weinig last gehad, mede gelet op de coulante houding van de Lekstroomgemeenten extra middelen/formatie voor het tussenjaar 2024 beschikbaar te willen stellen. Tegelijk heeft de verkenning en voorbereiding van de implementatie hiervan het management en de staf veel tijd en hoofdbrekens gekost; deze tijd is de uitvoering in zekere zin 'tekort’ gekomen.
Samen met WerkwIJSS en de Lekstroomgemeenten hebben we ook in Q3 weer verdere stappen gezet in de verkenning van een nieuwe sociale infrastructuur om inwoners en klanten met een beperkt verdienvermogen duurzaam, naar vermogen en passend te kunnen participeren op de arbeidsmarkt, met begeleiding en Loonkostensubsidie waar nodig.
5
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
4. UPDATE WIL OP ENKELE GROTE DOSSIERS In diverse recente P&C stukken hebben we aangegeven op een aantal dossiers stappen vooruit te willen zetten. Op een aantal punten hebben we hiervoor ook extra middelen gevraagd en gekregen. Onderstaand treft u - kort en bondig geformuleerd - de stand van zaken op deze dossiers aan, zoals ook afgesproken in onze reactie op uw zienswijzen. De gekozen volgorde is willekeurig. Handhaving terug op niveau Per 1 februari 2024 is de formatie terug op niveau gebracht. Hangende de uitkomsten van de kansrijke opties in het kader van de bezuinigingsronde, wordt de vacature die is ontstaan per 1 april echter niet ingevuld. Dat betekent dat de formatie vanaf Q2 met 1 is fte is gedaald. Op de korte termijn is het effect op onze dienstverlening hierdoor gering, mede door het beperkte aantal signalen dat we nu binnenkrijgen. Voor de (middel)lange termijn heeft dit uiteraard wel implicaties. Tot het moment van besluitvorming over de kansrijke opties zullen we de huidige situatie evenwel houden zoals die is. Op het moment worden 3 junior handhavers intern en on the job opgeleid, aangezien er op de huidige arbeidsmarkt geen ervaren handhavers te vinden waren. Dat betekent dat de ambities ten aanzien van handhaving de komende jaren sowieso al niet te hoog kunnen worden gesteld.
Digitaliseren/automatiseren dienstverlening Op 9 september 2024 is ‘MijnWIL!’ van start gegaan; de nieuwe digitale dienstverlening van WIL. Daardoor wordt veel papierwerk voor klanten en WIL verleden tijd. Het is nog te vroeg om over de ervaringen te kunnen rapporteren. Dat doen we op een later moment. Businesscase Bewindvoering De Businesscase Bewindvoering loopt inmiddels meer dan een jaar. In eerste instantie is er veel tijd en energie gestoken in het opbouwen van een netwerk, het realiseren van een begeleidingstraject (met Plinkr) en het trainen en begeleiden van bewindvoerders in de aanpak. In september 2023 is het eerste traject gestart, gevolgd door meer. In december 2023 waren we zover dat de eerste klant het hele traject succesvol heeft doorlopen. De succesvolle afronding van een traject is een voorwaarde voor de rechter, om een beschikking af te geven, waarmee het bewind wordt opgeheven. In januari 204 hebben we de eerste beschikking ontvangen, waardoor op 1 februari 2024 de eerste onderbewindstelling is beëindigd. Dit hebben we als een succes kunnen vieren. Vanaf februari 2024 is de eerste nazorg opgestart. Dat wil zeggen dat we ook ná de beëindiging van het bewind een vinger aan de pols houden, om terugval te voorkomen. Een traject duurt in totaal 14 weken.
Het succesvol doorlopen van een traject is, zoals gezegd, een voorwaarde om tot beëindiging van het bewind te komen. Inmiddels is het netwerk en het aantal deelnemers gegroeid en kunnen we spreken van meerdere successen. In deze businesscase werken we nauw samen met Plinkr. Er is een gebruikersgroep van Plinkr, die de samenwerking continu monitort en met verbetervoorstellen komt. Daarmee kunnen we ervaringen uitwisselen en leren van andere organisaties. Dit levert ook een platform op, waarbinnen we nieuwe bewindvoerders kunnen aanspreken en overtuigen ook mee te gaan doen. Vanuit WIL bieden wij begeleiding aan de individuele klant. Wij beoordelen of een klant past binnen de doelgroep. Anders gezegd: is deze klant klaar om via dit traject los te komen van zijn bewindvoering. Vervolgens begeleiden en coachen we de klant door het proces heen. We helpen bij de onderdelen die de klant moet doorlopen en we zorgen voor nazorg, na beëindiging. Per deelnemer bieden we ongeveer 15 uur ondersteuning. De nazorg is op verzoek en naar behoefte (extensieve begeleiding) en bestrijkt een periode van ongeveer 3 maanden na beëindiging.
6
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
De Businesscase is opgezet om de uitgaven op bijzondere bijstand te verminderen. Dat doen we door klanten met een onderbewindstelling te begeleiden naar financiële zelfredzaamheid. In de praktijk blijkt regelmatig dat klanten niet of nauwelijks uit bewindvoering kunnen. En het blijkt ook dat regelmatig klanten wél uit bewindvoering zouden kunnen, maar geen bijzondere bijstand ontvangen. Om de relatie met bewindvoerders goed te laten zijn, pakken we ook situaties op, waarbij er geen directe besparing op de bijzondere bijstand wordt gerealiseerd. Deze inwoners worden ook geholpen richting financiële zelfredzaamheid. Dit vertaalt zich dus niet direct terug in een financiële besparing, maar heeft wel een flinke maatschappelijke impact. Totaal aantal deelnemers: 43 (van wie 29 met bijzondere bijstand). Totaal aantal benaderde bewindvoeringskantoren: 37. Van de 27 deelnemers tot nu toe, zijn er 4 definitief uitgestroomd, met afronding van hun onderbewindstelling. Succesvolle uitstroom dus. Drie personen zijn uitgestroomd, zonder beëindiging van hun bewind. In deze situaties is tussentijds duidelijk geworden dat onderbewindstelling de beste oplossing voor hen is en blijft. De overige deelnemers zitten in een van de fases van het traject. Door het netwerk dat we hebben opgebouwd met bewindvoerderskantoren, lukt het steeds om nieuwe deelnemers toe te voegen.
Per gemeente zien de aantallen er zo uit, tot en met september 2024. Gemeente
Aantal deelnemers november 2023
Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein
4 2 1 7
Aantal deelnemers maart 2024 7 4 1 15
Aantal deelnemers september 2024 11 8 2 22
Werk Dienstverlening (WD) -vorming In de eerste 3 kwartalen van 2024 heeft team werkdienstverlening zich verder ontwikkeld tot een effectief en efficiënt dienstverleningsteam. Het richt zich volledig op de verduurzaming van werkplekken voor mensen met een structurele arbeidsbeperking. Naast de uitvoering van het werkgeverschap en de begeleiding van de doelgroep Wsw, organiseert en faciliteert dit team nu ook voor de doelgroep Beschut het werkgeverschap en de begeleiding. Daarnaast wordt vanuit dit team ondersteunende specialistische dienstverlening gefaciliteerd voor de gemeentelijke lokale werkteams. Gediplomeerde een gecertificeerde professionals worden ingezet voor jobcoaching, loonwaardebepalingen en arbeidsdeskundig advies. Ook geeft het team uitvoering, namens de lokale werkteams, aan complexe administratieve handelingen ten behoeve van het verduurzamen van de regelingen Banenafspraak en Beschut Werk en voor kleinere regelingen met complexe verantwoordingsprocessen. Banenafspraak banen (BAB) Eerst de cijfers. Vanuit het Sociaal Akkoord van 1 januari 2020 heeft WIL de verantwoordelijkheid om 5,3 banenafspraak banen BAB (3,75 fte) te realiseren. Eind 2023 werkten er 5 BAB-medewerkers (=3,68 fte) bij WIL. Op een zorgvuldige manier, met voldoende begeleiding én waarborging van de continuïteit van de BABmedewerkers die al bij WIL werken, willen we het aantal laten groeien.
7
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
HR; het vinden van nieuwe collega’s Voor de meeste vacatures slagen we er nog steeds in nieuwe en goede medewerkers te vinden. Dit kost ons meer moeite dan voorheen en we zijn regelmatig genoodzaakt de functie-eisen naar beneden bij te stellen. In onze werving maken we vooral gebruik van Gemeentebanen en LinkedIn. Gemeentebanen levert voor alle soorten functies veel traffic op. LinkedIn zetten we niet alleen in om onze vacatures zichtbaar te maken. We maken ook actief gebruik van de recruitermodule om actief naar geschikte kandidaten te zoeken. Voor wat betreft onze inhuur maken we sinds 1 april 2024 gebruik van brokerpartij Flextender, een onafhankelijke bemiddelaar in tijdelijk personeel die voor ons de volledige interim-markt ontsluit. Met de handhaving op zzp-overeenkomsten per 1-1-2025 in aantocht, treffen we zoveel mogelijk maatregelen om de expertise van deze doelgroep zoveel mogelijk te kunnen blijven benutten. ICT-transitie WIL verzorgt niet de eigen ICT, maar neemt deze als dienst af van ICT Houten. WIL heeft hiertoe een (beperkte) eigen beheer-, regie en ondersteuningsorganisatie. Houten heeft inmiddels hun ICT ge-outsourced aan AsapCloud. De samenwerking met ICT Houten wordt opnieuw gecontracteerd voor de periode 2025/2030 en we zijn dit daartoe aan het inrichten en afstemmen.
Enkele zaken die daarbij aandacht krijgen en invloed hebben op de transitie van die ICT en achterliggende dienstverlening van Houten aan WIL zijn: We hebben een heldere overleg- en escalatiestructuur van relevante betrokkenen op alle niveaus nodig. Het partnerschap en de wederzijdse verwachtingen en aanspraken (lees: trekkingsrechten op advies en ondersteuning) daarin van de ICT-samenwerking moet helder worden. We werken nu samen met ICT Houten aan een actueel contract, SLA en DAP. De nieuwe afspraken worden later dit jaar vastgelegd en dan zal duidelijk worden welke keuzes er nog mogelijk zijn. De rol-/taakverdeling en functiescheiding tussen WIL (functioneel) en ICT Houten (technisch) moet eenduidig zijn, alsmede de rol die zij spelen richting hun leverancier AsapCloud en de meerwaarde daarvan voor WIL. We hebben te maken met specifieke wet- en regelgeving rondom onder meer ICT, Informatiemanagement en informatiebeheer (denk ook aan Rijkseisen, Logius, Digid, Gibit-inkoopvoorwaarden, VNG, common ground, IBD/veiligheid en AVG/privacy etc.). Met ICT Houten wordt afgesproken wat er hieromtrent van hen wordt verwacht. We streven naar maximaal in SaaS-Cloud, minimaal (lees: conform wet- en regelgeving) on-premise (op eigen servers).
Ontwikkeling en beheer (inclusief monitoring) van SaaS-Cloud/on-premise koppelingen is van levensbelang voor de continuïteit van de WIL-dienstverlening. Met de koers richting SAAS/Cloud, wordt de rol van on-premise (op eigen servers) applicaties kleiner. We willen dat ICT Houten dit actief/planmatig ondersteunt en oplossingen implementeert om dit mogelijk te maken. We verwachten dat we dit in een aparte overeenkomst moeten vast gaan leggen en de monitoring van koppelingen door ICT Houten laten intensiveren. De ICT moet stabiel zijn, waarbij het netwerk tevens voldoende passende mogelijkheden voor verandering en/of innovatie biedt. Dit heeft mogelijk financiële consequenties. De voorbereiding voor een nieuwe ICT-werkplek (ter vervanging van RDS), de virtuele/fysieke verhuizing van het WIL-serverpark en de brede invoering van Teams-bellen is in volle gang. .
8
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
5. PROGRAMMA INKOMEN 5.1 Wat zouden we doen? Voor de Lekstroom gemeenten is het vergroten van de financiële bestaanszekerheid van alle inwoners een belangrijke opgave. En in het bijzonder voor die inwoners die (tijdelijk) geen inkomen hebben en waarvoor geen ander vangnet is en een bijstandsuitkering de enige optie is. De opdracht van WIL in deze is om inwoners die aankloppen voor zo’n uitkering deze - indien noodzakelijk- te verstrekken, en zo lang als nodig. Onze activiteiten sluiten hierop aan: a. We verstrekken een uitkering aan iedereen die dat nodig heeft; dat doen we op een uitzondering na via de verkorte aanvraagroute cf. de regels die in ons beleid zijn vastgesteld. We gaan uit van vertrouwen, we kijken breed waar nodig, schakelen met ketenpartners indien nodig om (bij)passende hulp te kunnen bieden en dat doen we zo snel als mogelijk. Dit betekent dat dat we maatwerk leveren en klanten behulpzaam zijn waar nodig. b. We handhaven beperkt; we gaan namelijk uit van vertrouwen en geloven in de kracht van het gesprek (op zijn tijd) om de rechtmatigheid van een uitkering te borgen. Het beleidsplan Handhaven in vertrouwen is onze leidraad in deze. We pakken, binnen de capaciteit, signalen over oneigenlijk gebruik op. c. We pakken fraude op via onze reguliere lijn (bestuursrechtelijke aanpak) dan wel onze Sociale Recherche (strafrechtelijke aanpak) op.
In het laatste geval werken we ook samen met ketenpartners in afstemming in het kader van onder andere zorgfraude, etc. d. We vorderen terug wat realistisch is. Hierbij sluiten we aan bij de situatie van de klant. e. Daar waar sprake is van broodnood, regelen we snel (aanvullende) financiële ondersteuning (een voorschot bijvoorbeeld); binnen de beleidsmatige en wettelijke kaders die er zijn. f. We zorgen voor een waardig afscheid in het kader van de Wet op de lijkbezorging daar waar er niemand anders is die dit kan doen. We verzorgen hierbij ook de taken rondom het eventueel verhalen van kosten bij nabestaanden etc. g. Wij bieden statushouders direct bij de start in de Lekstroom een stabiele inkomenspositie. Door een aangepaste dienstverlening te bieden, op onderdelen al startend in de opvanglocatie. Hierbij werken we samen met ketenpartners zoals Vluchtelingenwerk, maar ook intern met budgetbeheer en bijzondere regelingen. 5.2 Wat heeft er tot nu toe in 2024 bij Inkomen gespeeld? Voor wat betreft Inkomen hebben we in 2023 de noodklok geluid: de werkdruk was er te hoog, mede gelet op de omvang en aard van het klantenbestand en de dienstverlening die nodig is om klanten goed en passend gericht te helpen. Deze werkdruk is in het 1e kwartaal iets omlaag gebracht door extra personele inzet, maar bleef nog steeds hoog.
In de het 2e en 3e kwartaal is de werkdruk genormaliseerd door de maatregelen die we hebben genomen en de extra capaciteit. We zijn verder volop aan de slag met de ontzorging van de statushouders in de Lekstroom, conform onze afspraak (zie kader hieronder).
9
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
5.3 Wat hebben we gedaan en gepresteerd? Vanuit onze opdracht zijn wij aanspreekbaar op onderstaande drie KPI's. KPI en streefwaarde 2024
Korte toelichting op het waarom?
Stand van zaken
Het aantal terecht toegekende uitkeringen is minimaal 95%
We willen dat inwoners inkomensondersteuning krijgen als ze die nodig hebben. We accepteren dat sommige uitkeringen mogelijk niet terecht zijn, maar wel nodig. We accepteren tegelijk niet dat het oneigenlijk gebruik te hoog wordt Het oordeel van inwoners/klanten is bepalend of we op de goede weg zijn denken we. Vooral als we laag scoren levert dat belangrijke input voor bijstelling op. De gemeentelijke middelen zijn beperkt waardoor keuzes noodzakelijk zijn. Door te rapporteren op deze KPI kan tijdig bijgestuurd worden (aan gemeente en WIL kant). Daar waar we (dreigen te) overschrijden lichten we toe waarom.
Is nieuwe KPI die nog nader wordt uitgewerkt. Expert guess WIL is ongeveer 95%. Meting is complex en niet eenvoudig uitvoerbaar. Er is geen nulmeting voorhanden.
Klantevredenheid t.a.v. bejegening en overall >7,5 We blijven binnen de begroting (=Nullijn); eventuele overschrijdingen worden vooraf geaccordeerd
In 2022/2023 voor het laatst gemeten. Score was een 7,6. Het volgende klanttevredenheidsonderzoek moet nog plaatsvinden. Deze KPI is onderdeel van de tussenrapportage en de jaarrekening. In die P&C documenten gaan we nader op deze KPI in.
Hoe lastig ook dit hard te maken is; in onze ogen hebben we in Q3 gedaan wat van ons gevraagd is. In de bijlage treft u ter zake een aantal relevante kerncijfers aan: Het aantal klanten BUIG aan het eind van Q3 met weergave van het aantal jongeren. De ontwikkeling van het bijstandsvolume in 2024 en eerdere jaren. Het aantal klanten per regeling aan het eind van Q3. De samenstelling van het bestand naar leeftijd en geslacht in aan het eind van Q3. De samenstelling van het bestand naar leefvorm en leeftijd aan het eind van Q3. De ontwikkeling van de gemiddelde nettoprijs van een uitkering. De regelingskosten BUIG in 2024 tot nu toe. Het aantal en de aard van de openstaande vorderingen plus het bedrag aan het eind van Q3. Nog in ontwikkeling is het kerncijfer ‘bereik van de Participatiewet’. Hierover hopen wij in een van de volgende Q-rapportage te kunnen berichten.
10
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Kader: ontzorging statushouders Bij de verstrekking van de uitkering krijgt de statushouder voor de periode van 3 maanden een budgetrekening. Hier wordt het bedrag inclusief toeslagen op gestort en worden huur, gas, water en licht van betaald. Zo komt de statushouder niet tekort in de eerste periode: geen statushouder meer naar de voedselbank. In de 3 maanden erna wordt gekeken wat voor de statushouder het beste vervolg is: geen ondersteuning, budgetbeheer of bewindvoering. Het overbruggingskrediet dat de statushouder bij honorering van de uitkering krijgt, wordt opgehoogd met €100 euro (inflatiecorrectie) en de prijs van 1 maandabonnement (voor eerste maand vervoer naar school). In de verstrekking wordt aangegeven dat mensen dit gedeelte apart moeten houden voor reiskosten naar de inburgeringscursus. Vluchtelingenwerk stuurt hierop. Het overbruggingskrediet blijft een gift. Na een paar weken/maanden begint de statushouder met inburgeringslessen. Hij kan voor de eerste reiskosten zijn overbruggingskrediet gebruiken. De doorlooptijd van de aanvraag reiskosten was nu 8 weken of meer, waardoor mensen in de problemen kwamen. WIL heeft maatregelen genomen en zet alles op alles om vanaf 1 januari een doorlooptijd van niet meer dan 4 weken te hebben. De verantwoording van het inrichtingskrediet gaat van 100% van het bedrag naar 67% (2/3) van het bedrag.
11
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
6. PROGRAMMA WERK 6.1 Wat zouden we doen? In de Lekstroom zijn veel inwoners aan het werk; de bijstandsdichtheid is er relatief laag (op of net onder het benchmarkgemiddelde). Voor de werkloosheid geldt hetzelfde. Tegelijk is er nog een stevig arbeidspotentieel en doet nog niet iedereen mee (ook van degenen die werkloos zijn). Vanuit deze realiteit hebben de Lekstroomgemeenten op hoofdlijnen een ambitie c.q. opgave geformuleerd die in de kern simpel is: iedereen participeert duurzaam naar vermogen, waar nodig met hulp. De focus ligt daarbij vooral op de groepen die in een meer uitkeringsafhankelijke positie verkeren. De opdracht aan WIL is vooral de toegang naar werk (en inkomen) te organiseren, de lokale werkteams te faciliteren (die aan de lat staan voor de re-integratie en participatie van onze klanten) en een passende werkgeversdienstverlening te organiseren. Onze activiteiten sluiten hierop aan. a. We bieden werkgeversdienstverlening aan voor werkgevers in de Lekstroom binnen de capaciteit die we hiervoor beschikbaar hebben. We doen dit op lokaal, regionaal en bovenregionaal niveau. Op dit laatste niveau werken we samen met andere WSP’en in onze arbeidsmarktregio. In nauw samenspel met de lokale werkteams zorgen we voor een effectieve match tussen werkzoekende en arbeidsmarkt. b.
We werken binnen de setting van de Utrechtse Werktafel aan het inrichten van een structuur en het realiseren van bovenregionale voorzieningen/afspraken om extra kansen op economische participatie voor klanten en inwoners in de Lekstroom te creëren; onder meer via het neerzetten van Werkcentrum Lekstroom, de harmonisatie van instrumenten in de regio, het Regionale Actieplan Jeugdwerkloosheid, Hoofdzaak werk, et cetera. c. We bieden ondersteuning aan ondernemers en zzp’ers. Dit doen we door voor de Bbz samen te werken met Utrecht. Hierbij gaat het naast de reguliere Bbz werkzaamheden ook om de ondersteuning van ondernemers met schulden. Verder werken we samen met Ondernemers Centraal. d. We ontzorgen de lokale werkteams bij de re-integratie van klanten richting werk vanuit het team Regionale Werkdienstverlening. We voeren vanuit dit team specialistische dienstverlening uit, werkgeverstaken en verduurzaming van plaatsingen (LKS, LWM, jobcoaching, aanpak pro-vso, aanpak BAB, inzet detacheringsconstruct, et cetera). e. We regelen voor jongeren (onder de 27 jaar) de toegang naar werk, scholing en zorg (samen met Doorstroompunt) via het Jongerenloket; de route naar werk loopt daarbij grotendeels via het lokale werkteam na het poortproces. Samen met het Doorstroompunt (voorheen RMC) sluiten we ook aan bij de bovenregionale ontwikkelingen op dit gebeid.
Hierbij gaat het onder andere om de Regionale Aanpak Jeugdwerkloosheid (RAJ). f. We organiseren de toegang naar werk en een uitkering voor alle inwoners in de Lekstroom via de Poort; een centrale, integrale en laagdrempelige toegang voor alle inwoners uit de Lekstroomgemeenten die een hulpvraag of een indicatie hebben. Hier proberen we een zo helder en breed mogelijk beeld van onze klanten te krijgen om zo de juiste dienstverlening te kunnen vaststellen. De klanten die (heel) dicht bij de arbeidsmarkt staan, pakt WIL zelf op; de andere klanten worden door de lokale werkteams opgepakt. We gaan daarbij uit van vertrouwen, schakelen met ketenpartners indien nodig om (bij)passende hulp te kunnen bieden en dat doen we zo snel als mogelijk. We zijn coulant en zijn klanten behulpzaam waar nodig. Waar nodig helpen we ook inwoners die eigenlijk ergens anders moeten zijn verder op weg.
12
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
6.2 Wat heeft er tot nu toe in 2024 bij Werk gespeeld? Halverwege 2024 is de nieuwe participatie- en re-integratieverordening gepubliceerd. De redenen van de aanpassing waren dat de eerdere verordening op onderdelen verouderd was en ook kregen gemeenten vanuit het Breed Offensief meer verplichtingen. Het aanpassen van de verordening bood ook kansen om werkgeversinstrumenten binnen de arbeidsmarktregio gelijk te trekken (harmoniseren). Ook in de afgelopen kwartalen hebben we gewerkt aan de verdere opbouw van onze werkdienstverlening, parallel aan de verkenning van de sociale infrastructuur Lekstroom Werkt. 6.3 Wat hebben we gedaan en gepresteerd? Vanuit onze opdracht zijn wij aanspreekbaar op onderstaande vijf KPI's. KPI en streefwaarde 2024
Korte toelichting op het waarom?
Stand van zaken
De duurzame uitstroom naar werk of zelfstandig beroep ligt op benchmarkniveau
We willen dat inwoners naar vermogen participeren. Voor een deel van onze klanten kan dat via economische participatie in de vorm van werk of als zelfstandige, waarmee zij dus financieel zelfstandig worden zodat er geen uitkeringsafhankelijkheid meer bestaat. Het percentage herinstroom zegt iets over de duurzaamheid van de uitstroom richting werk of zelfstandig beroep. Het oordeel van werkgevers is bepalend of we op de goede weg zijn. Vooral als we laag scoren levert dat belangrijke input voor bijstelling op. De tevredenheid van werkgevers wordt tegenwoordig op het niveau van de arbeidsmarkt Midden-Utrecht gemeten. Het oordeel van inwoners/klanten is bepalend of we op de goede weg zijn denken we. Vooral als we laag scoren geeft dat een belangrijk signaal voor bijstelling. De gemeentelijke middelen zijn beperkt waardoor keuzes noodzakelijk zijn. Door te rapporteren op deze KPI kan tijdig bijgestuurd worden (aan gemeente en WIL kant). Daar waar we dreigen te overschrijden lichten we dat toe.
De KPI is op de bladzijde hierna uitgewerkt.
Het percentage herinstroom in de uitkering ligt lager dan het benchmarkniveau De tevredenheid van de werkgevers die wij bedienen > 7.5
Klantevredenheid t.a.v. bejegening en overall >7,5 We blijven binnen de begroting (=Nullijn); eventuele overschrijdingen worden vooraf geaccordeerd
Ook deze KPI komt in het vervolg van dit hoofdstuk aan bod. In 2023 voor het laatst gemeten op arbeidsmarktniveau. Score was een 7,6
In 2022/2023 voor het laatst gemeten. Score was een 7,6. Het volgende klanttevredenheidsonderzoek zal plaatsvinden in het eerste deel van 2025. In de tussenrapportage en de jaarrekening komt deze KPI aan bod. Het is geen onderdeel van de 1e en 3e kwartaalrapportage.
13
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
In onze rapportages nemen we verder twee KPI’s geconsolideerd op die tot de verantwoordelijkheid van de lokale werkteams behoren. KPI en streefwaarde 2025
Korte toelichting op het waarom?
Stand van zaken
Het aantal plaatsingen.
In de lokale werkplannen zijn hier normafspraken of doelstellingen over opgenomen. Deze zijn voor WIL relevant doordat het werkgeverservicepunt ook een rol in heeft.
Zie de uitwerking van deze KPI in het vervolg van dit hoofdstuk.
Het aantal klanten met een op participatie gerichte activiteit, voorziening of instrument.
Gemeenten willen alle klanten in beeld en voorzien van een plan van aanpak richting participatie.
Zie de uitwerking van deze KPI in het vervolg van dit hoofdstuk.
Al met al denken we dat we in Q3 ook op Werk hetgeen gedaan hebben, wat van ons gevraagd is. In de bijlage treft u ter zake een aantal relevante kerncijfers aan: Aantal meldingen in de poort dat leidt tot het verstrekken van een uitkering. Uitstroom naar werk of zelfstandig beroep of bedrijf tot en met de peildatum 2021 2022 2023 Gemeente Werk Zelfstandig Totaal Werk Zelfstandig Totaal Werk Zelfstandig Houten 63 4 67 57 2 59 70 2 IJsselstein 47 2 49 43 5 48 41 5 Lopik 17 1 18 12 0 12 13 Nieuwegein 116 7 123 108 9 117 88 4 Totaal 243 14 257 220 16 236 212 11
Totaal 72 46 13 92 223
Huishoudens 2024 - Q1 t/m Q3 Werk Zelfstandig Totaal 34 34 28 4 32 7 7 61 4 65 130 8 138
14
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Uitstroom naar zelfstandig beroep of bedrijf 140 116
120
108
100 80 60
88 70
63
57 43
47
61
41
34 28
40 20
17 4 2 1 7
12
0 Werk
Zelfstandig
Werk
2021
9
13
Zelfstandig
Werk
2 5 0
2022 Houten
IJsselstein
4
7
4
Zelfstandig
Werk
Zelfstandig
2 5
2023 Lopik
4
2024 ‐ Q1 tm Q3
Nieuwegein
In de komende maanden volgen nog mutaties die invloed hebben op het totaal van de uitstroom naar werk tot en met september. Het totaal van 138 huishoudens tot en met het 3e kwartaal neemt ongetwijfeld nog toe, door beëindigingen met terugwerkende kracht. Uit ervaring weten wij dat werken belangrijk is. Werken geeft een gevoel van eigenwaarde en bevordert de bestaanszekerheid. Uit de Divosa Benchmark Werk en Inkomen blijkt dat mensen die naast de bijstand werken, bijna 3 keer zo vaak naar werk uitstromen als mensen die geen parttime werk hebben gedaan. Werk is goed voor iemands algehele welzijn en vergroot de uitstroomkans uit de bijstand.
Als minder mensen afhankelijk zijn van bijstand, verlaagt dat ook de druk op het BUIG-budget dat het rijk aan gemeenten beschikbaar stelt. Type KPI: Doelstelling: Realisatie:
Opdracht Aandeel in de totale uitstroom is hoger of gelijk aan de Divosa benchmark 12-maands trendpercentage van alle deelnemers in Divosa benchmark is 34,2% 12-maands trendpercentage WIL in Divosa benchmark is 37,4%
15
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Gemiddeld percentage herinstroom binnen 12 maanden (12-maands trend) 2021 2022 Gemeente Mrt Jun Sep Dec Mrt Jun Sep Houten 14,9 12,9 13,2 13,0 12,8 14,7 12,3 IJsselstein 9,8 13,0 11,8 12,1 12,9 9,5 7,8 Lopik 11,6 11,4 2,4 9,1 20,0 22,6 26,5 Nieuwegein 9,8 8,4 11,3 13,2 14,8 15,5 14,0 Gewogen gemiddelde WIL 11,0 10,3 11,3 12,7 14,3 14,6 13,2 Benchmark NL 12,4 12,4 12,6 12,5 12,7 13,1 13,6
Dec 10,5 9,2 16,7 12,5 11,5 13,6
Mrt 10,5 9,6 10,5 12,1 11,0 12,3
2023 Jun Sep 9,6 8,2 8,9 10,3 16,7 12,8 10,7 9,9 10,3 9,7 12,5 11,7
Trendpercentage 2024 Dec Mrt Mei 10,9 10,4 10,3 6,9 3,1 3,1 18,2 20,0 18,5 9,8 8,7 9,9 9,8 8,3 8,7 11,2 11,0 10,6
Sep 10,3 3,8 8,0 9,6 8,3 10,2
Bron: Divosa benchmark werk en inkomen
Wijze van berekening: dit is het percentage van de cumulatieve instroom algemene bijstand over de laatste 12 maanden, waarbij een van de ontvangers in de afgelopen 12 maanden is uitgestroomd, ten opzichte van de cumulatieve instroom over de laatste 12 maanden. Als een uitkering wordt beëindigd en er aansluitend een nieuwe uitkering wordt gestart (bijv. vanwege wijziging gezinssamenstelling), dan telt dit wel als uitstroom en instroom maar niet als herinstroom.
16
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
12‐maandstrendpercentage herinstroom (binnen 12 maanden) 30 25 20 15 10 5 0 Mrt
Jun
Sep
Dec
Mrt
Jun
2021
Houten
Sep
Dec
2022
IJsselstein
Mrt
Jun
Sep
2023
Lopik
Nieuwegein
Dec
Mrt
Mei 2024
Benchmark NL
Sep
Type KPI: Doelstelling: Realisatie:
Opdracht Gemiddeld percentage is lager dan de benchmark 1,9 procentpunt gunstiger dan de benchmark
Het percentage herinstroom geeft een indicatie van de duurzaamheid van de gerealiseerde uitstroom. Als in de 12 maanden na het moment van volledige uitstroom, opnieuw een beroep op bijstand wordt gedaan, spreken we van herinstroom. Het gemiddelde percentage in de Lekstroom ligt onder het benchmarkgemiddelde. Dat duidt op duurzame uitstroom bij WIL De percentages van Lopik fluctueren sterk als gevolg van de beperkte omvang van het bijstandsvolume.
17
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Plaatsingen via de lokale werkteams Type bemiddeling/plaatsing BBL Arbeidsovereenkomst (on)bepaald Begeleid werken Beschut werk Dagbesteding Detachering Garantiebaan Leerwerktraject Nieuw beschut Proefplaatsing Social Return On Investment Stage/afstuderen Werkervaringsplaats met baanintentie WSW Werkervaring zonder baanintentie Van werkervaringsplaats naar hoger Vrijwilligerswerk Participatieplaats Totaal
Aantal
3 194
89
2022 2e halfjaar 1 95
5 121
1 2 4 123
2 2 9 244
113
127
240
2
4
6
5
8
23
31
5 8 25
10 8 27
1e halfjaar 2 103 1
2021 2e halfjaar 1 91
Totaal
1e halfjaar
2
1 184
1e halfjaar 1 67
2023 2e halfjaar 10 73
1 100
1 47
2 147
3
1
4
Totaal
12
Totaal 11 140
2024 1e 3e halfjaar kwartaal 5 5 98 42 1
9
1 48 2
24
12
36
1
1
20
83
12
28
69
12
7
19
54
26
80
63
10 1 1
10 2
20 3 1
8
5
13
4 43 2
2 30
6 73 2
1
4 299
1 290
5 589
1 288
1 191
2 479
242
502
2 7 243
1
1 3 93
Bron: Registratie Lokale werkteams
Met ingang van 2024 worden de benamingen gebruikt van het Breed Offensief, zoals is afgesproken binnen de arbeidsmarktregio. Type KPI: Doelstelling: Realisatie:
10 140 1
1 39 2
41
260
Totaal
Opdracht Aantal plaatsingen is de gebundelde doelstelling uit de jaarplannen van de lokale werkteams. Die informatie is nu (nog) niet voorhanden. In de eerste drie kwartalen van 2024 zijn 336 plaatsingen gerealiseerd, waarvan 48 op een garantiebaan.
18
3 10 336
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Aantal Bron van de registratie in 2024 Lokaal werkteam Houten Lokaal werkteam IJsselstein Lokaal werkteam Lopik Lokaal werkteam Nieuwegein Poort Arbeidsmarktregio Doorstroompunt (vh Jongerenloket) Totaal
1e 3e halfjaar kwartaal 51 35 59 16 12 3 98 29 15 5 1 8 4 243 93
Totaal 86 75 15 127 20 1 12 336
Een plaatsing is niet hetzelfde als uitstroom uit de uitkering, maar verhoogt wel de kans daarop. Dat geldt vooral voor plaatsingen op arbeidsovereenkomsten. De werkgever moet tevreden zijn met de kandidaat. Het geldt ook voor plaatsingen op garantiebanen en werkervaringsplaatsen met baanintentie. Het WerkgeversServicepunt houdt contact met relaties en ondersteunt werkgevers zo goed mogelijk. Dat is met de huidige krappe arbeidsmarkt van belang. Samenwerking met private partijen en binnen de arbeidsmarktregio is essentieel voor een goede werkgeversbenadering. Werkgevers worden daardoor beter geholpen.
Aandeel klanten met een instrument, activiteit of voorziening Aantal Lopende activiteiten voor bijstandsontvanger en hun partners per 30-09-2024 Soort activiteit Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal WIL Intake en diagnose 36 53 15 58 162 Kennismaking en besluit 86 133 32 95 346 Ontwikkeling naar werk 200 156 53 440 849 Bemiddeling naar werk 55 61 16 170 302 Nazorg en begeleiden in werk 82 103 46 145 376 Vrijwilligerswerk en activering 342 150 62 602 1156 Hulp en ondersteuning 181 221 85 273 760 Geen actie mogelijk 87 78 4 270 439 Niet van toepassing 172 71 20 180 443 Nog niet ingedeeld 23 24 2 7 56 Totaal 1.264 1.050 335 2.240 4.889 Aantal klanten (incl. partners) Gemiddeld aantal activiteiten per klant Aandeel klanten zonder activiteit Aandeel klanten met activiteit Bron: Competensys
631 2,00 1,82% 98,18%
180 1,86
2240 1.375 1,34
2.776 1,76
Type KPI: Doelstelling:
2,29% 0,60% 97,71% 99,40%
0,31% 99,69%
1,15% 98,85%
Realisatie:
590 1,78
Opdracht Minimaal 90% van de klanten/partners heeft een activiteit Voor WIL als geheel was het aan het eind van het derde kwartaal 98,9%.
19
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Deze informatie is gebaseerd op de vastlegging door de Lokale Werkteams in de applicatie Competensys. Naast de uitkeringsontvanger, worden ook een of meer activiteiten gekoppeld aan de eventuele partner. Voor beiden geldt dan dat we werken aan uitkeringsonafhankelijkheid voor het huishouden. Kader: loonkostensubsidie (LKS) Loonkostensubsidie (LKS) is een belangrijk instrument om zoveel mogelijk mensen naar werk te begeleiden. Gemeenten kunnen LKS inzetten voor mensen die niet het wettelijk minimumloon kunnen verdienen. Het inzetten van LKS zorgt ervoor dat werkgevers financieel gecompenseerd worden voor de verminderde productiviteit van deze werknemers. Forfaitaire LKS is een instrumenten dat wordt ingezet als iemand in dienst treedt en geldt voor een periode van zes maanden. In tegenstelling tot reguliere LKS wordt de loonwaarde bij forfaitaire LKS nog niet bepaald. Uit de benchmark blijkt dat LKS in de Lekstroomgemeenten relatief weinig wordt ingezet. In de Lekstroomgemeenten is het volume LKS ten opzichte van het volume BUIG 7,8 procent (Divosa Benchmark augustus 2024). Het benchmarkgemiddelde ligt met 13,6 procent duidelijk hoger. Uit onderzoek van Berenschot blijkt dat het inzetten van LKS positieve resultaten oplevert voor de maatschappij, de economie en mensen zelf. De baten van LKS zijn fors hoger dan de lasten (investering), zo stelt Berenschot.
We kunnen en willen daarom nog meer investeren in het inzetten van LKS en het toeleiden naar banenafspraak banen. Het meer inzetten op LKS heeft niet alleen positieve resultaten voor werknemers en werkgevers, maar zorgt ook voor een besparing voor Lekstroomgemeenten op het BUIG-budget.
20
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Kader: parttime werk Wij stellen vast dat er in de Lekstroom relatief weinig bijstandshuishoudens met parttimebanen zijn, namelijk 6,4% van de het bestand (augustus 2024), ten opzichte van 8,8% van de klanten in de benchmark (zie figuur hiernaast). De trend is in de Lekstroom wel opwaarts, tegenover een neerwaartse beweging in de benchmark. Parttime banen zijn een bewezen middel en een goede eerste stap naar inkomensonafhankelijkheid van inwoners. Uit cijfers van de Divosa Benchmark Werk en Inkomen blijkt dat mensen die naast de bijstand werken, bijna drie keer zo vaak uitstromen naar werk als mensen die geen parttime werk hebben gedaan. Het hebben van een parttime baan maakt de uitstroom naar fulltime werk dus makkelijker. Daarnaast kan parttime werk voor een deel van de inwoners in de Lekstroom een einddoel zijn; namelijk voor inwoners voor wie fulltime werk niet haalbaar is. Het inzetten op meer parttime werk zorgt dan ook direct voor een besparing op het BUIG-budget. Het trendpercentage voor Werk en Inkomen Lekstroom bedroeg 6,4 procent in augustus 2024. De benchmark laat voor de Lekstroomgemeenten de volgende individuele percentages zien: Houten 6,8, IJsselstein 6,4, Lopik 7,0 en Nieuwegein 6,0.
21
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
7. PROGRAMMA INKOMENSONDERSTEUNING 7.1 Wat zouden we doen? Armoede, financiële stress en bestaansonzekerheid is voor veel inwoners in de Lekstroom een dagelijkse realiteit die meedoen en participeren in weg kan staan/staat. De Lekstroomgemeenten hebben een hoge ambitie met als kern het voorkomen en verminderen hiervan. Hierop wordt breed ingezet. De opdracht van WIL in deze is primair via de Bijzondere Bijstand, een aantal minimaregelingen en schuldhulpverlening ondersteuning te bieden aan de inwoners die hiervoor aankloppen. En daar waar er vroegtijdige signalen van (oplopende) schulden zijn, hierop af te gaan. Onze activiteiten liggen in het verlengde hiervan: a. We verstrekken bijzondere bijstand of een minimaregeling aan iedereen die dat nodig heeft. Dat doen we cf. de regelingen en spelregels die door de gemeenten of in ons beleid zijn vastgesteld. We gaan uit van vertrouwen, we kijken breed waar nodig, schakelen met ketenpartners indien nodig om (bij)passende hulp te kunnen bieden en dat doen we zo snel als mogelijk. We zijn coulant en zijn klanten behulpzaam waar nodig. We geven voorrang bij de afhandeling van een aanvraag aan klanten waar sprake is van gezinssituatie met kinderen of urgentie. b. We bieden schuldhulpverlening aan inwoners met schulden die bij ons aankloppen. We voeren de WSNP uiteraard cf. de nieuwe wetgeving uit (18 i.p.v. 36 maanden).
We zetten parallel hieraan en als dat zinvol is in op het aanbieden van saneringskredieten, in plaats van lange schuldregelingstrajecten. Dit geeft ruimte voor begeleiding en coaching op maat en daarmee voor schuldenrust. c. We bieden schuldhulpverlening aan ondernemers en zzp’ers met schulden. We helpen deze doelgroep in samenspraak met Bureau Zelfstandigen van de gemeente Utrecht of door directe doorverwijzing naar een gespecialiseerd schuldhulpverleningsbureau voor ondernemers. We continueren in deze de samenwerking binnen de context van Ondernemer Centraal. d. We investeren samen met de Lekstroomgemeenten verder in een goede invulling van beleid en uitvoering inzake vroegsignalering. e. De businesscase Bewindvoering is in 2023 gestart en loopt door tot in 2024. De inzet van het instrument Plinkr speelt hierin een centrale rol. Daarnaast blijven we samenwerken met bewindvoerders, met als doel samen te komen tot de inzet van de meest passende instrumenten voor elke schuldensituatie. Aan de hand van een (tussen)evaluatie van de ervaringen in de businesscase kan in de 2de helft van 2024 gekozen worden om de businesscase wel/niet voort te zetten. Met wat we doen willen een goede basis neerzetten om het Adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind (Ags) vorm te geven. We gaan uit van een positieve evaluatie in deze en continuering in 2025. f.
In 2023 is in Nieuwegein samen met Movactor gestart met de pilot Jongeren Perspectief Fonds (JPF). Dit loopt door tot in 2025 en WIL doet hieraan mee. Afhankelijk van de resultaten overwegen ook de andere Lekstroomgemeenten aan te haken. In samenspraak met de jongeren zelf wordt binnen dit project perspectief geboden op alle leefdomeinen. Financiële begeleiding maakt daarvan een essentieel onderdeel uit. Hierin spelen de consulenten van WIL een rol, in samenspraak met de jongeren en hun trajectbegeleiders. We gaan uit van een positieve evaluatie en continuering in 2025. g. We bieden namens de gemeenten ook de gemeentepolis aan, een collectieve ziektekostenverzekering. WIL heeft de taak de aanvragen te beoordelen. VGZ is op dit moment de zorgaanbieder van de gemeentepolis voor alle deelnemende gemeenten van de doelgroep. h. We bieden in opdracht van de gemeenten (deels vooruitlopend op de wet Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW) (financiële) ondersteuning aan de doelgroep van de MOBW. We zien nu al dat er een groter beroep wordt gedaan op de schuldhulpverlening, de minimaregelingen en de bijzondere bijstand. Veel van deze aanvragen zijn niet als een één-tweetje af te handelen. i. Statushouders bieden wij via een aangepast dienstverleningsproces een goede start bij de start in onze gemeenten.
De financiële ontzorging bieden wij aan met de inzet van (kortdurend) budgetbeheer. Bij Bijzondere regelingen doen wij dit door een snelle dienstverlening bij woninginrichting en reiskostenvergoeding. Hierbij werken wij samen met ketenpartners zoals bijvoorbeeld Vluchtelingenwerk. j.
22
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
7.2 Wat heeft er tot nu toe in 2024 bij Inkomensondersteuning gespeeld? In 2023 hebben we de noodklok geluid. De werkdruk was langdurig te hoog, de doorlooptijden langdurig te lang en klanten kregen niet de dienstverlening die we wilden bieden. De reden hiervoor lag in een veranderend klantenbestand, een dienstverlening die zich heeft aangepast aan de veranderende vraag en hogere aantallen aanvragen. Maar de personele bezetting was niet meegegroeid met deze ontwikkelingen. Er is een aantal interventies ingezet. Ten eerste is er een inhaalslag gestart, eind 2024 die doorliep in het eerste kwartaal van 2024. Ten tweede is er een verbetertraject gestart, om anders te gaan werken, meer vanuit eenvoud, vertrouwen en klantgerichtheid. De eerste vruchten daarvan zien we nu. De gemiddelde doorlooptijden van aanvragen zijn flink gedaald. De gemiddelde doorlooptijd (termijn waarbinnen een aanvraag wordt afgehandeld) ligt onder de wettelijke grens van 8 weken. Ook zien we dat het team Bijzondere Regelingen achterstanden wegwerkt. Hierdoor ontstaat (eindelijk) ruimte voor professionalisering en een hoger niveau van dienstverlening, die past bij vragen rondom maatwerk. De werkdruk blijft hoog, maar het lukt om binnen de wettelijke termijnen te handelen. Ook rondom Schuldhulpverlening zien we dat er meer ruimte is om melders op weg te helpen.
Soms naar een schuldentraject, soms een korte interventie of een doorverwijzing. Er ontstaat meer ruimte om alle inwoners die zich melden een passend aanbod te doen, binnen acceptabele termijnen. De werkdruk blijft hoog, maar de wachttijden worden niet meer overschreden. In de Tussenrapportage 2024 hebben wij informatie gedeeld over de voortgang van de Businesscase Bewindvoering. De businesscase is erop gericht mensen die langere tijd onder bewind gesteld zijn te helpen om weer zelfstandig financieel verder te kunnen. Het beoogde effect is ook om de uitgaven van bijzondere bijstand voor de kosten van bewindvoering te verlagen. In deze kwartaalrapportage laten we u de vorderingen zien: 7.3 Wat hebben we gedaan en gepresteerd? Vanuit onze opdracht zijn wij aanspreekbaar op de volgende KPI's. KPI en streefwaarde 2024 Korte toelichting op het waarom? Het bereik van bijzondere bijstand en de belangrijkste minimaregelingen neemt toe ten opzichte van 2024 Het bereik van schuldhulpverlening neemt toe ten opzichte van 2024 toe. De wachttijden en responstijden bij schuldhulpverlening blijven binnen de wettelijke termijnen. Het % opgevolgde signalen vroegsignalering
Stand van zaken Q3
Hiermee geven we aan hoeveel inwoners die recht hebben ook daadwerkelijk bij WIL aankloppen. Dit wordt bij deze KPI onder bereik verstaan. De regelingen waar we nu aan denken zijn: CZM, IIT, stadspas. Het bereik betreft het aantal inwoners dat recht heeft en ook daadwerkelijk bij WIL aanklopt.
De vormgeving van deze KPI is nog onder handen. Voor een belangrijk deel van deze KPI zijn wij afhankelijk van de inspanningen van de gemeenten zelf in deze; we hebben het dus over een ‘gedeelde’ KPI.
De wachttijd, periode tussen aanmelding en het eerste gesprek (vaststellen hulpvraag) bedraagt maximaal 4 weken. Daarna mogen nog maximaal 8 weken verstrijken tot de klant de beschikking ontvangt. De vroegsignalering wordt in 2024 verder ontwikkeld. Hierbij worden ook afspraken
In het 3de kwartaal van 2024 is de wachttijd van team schuldhulp binnen de wettelijke en wenselijke termijnen gebleven.
De vormgeving van deze KPI is nog onder handen. Voor een belangrijk deel van deze KPI zijn wij afhankelijk van de inspanningen van de gemeenten zelf in deze; we hebben het dus over een ‘gedeelde’ KPI.
Vroegsignalering blijft een actueel thema. Door uitval van medewerkers is het uitvoeren van dit product opgepakt door andere teamleden. Dit is op een goede 23
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
schuldhulpverlening neemt toe De herinstroom bij schuldhulpverlening bedraagt minder dan 10% binnen een jaar en minder dan 15% binnen 5 jaar. De afhandeltermijn bij aanvragen minimaregelingen is 50% binnen 4 weken en 75% binnen 6 weken. Klanttevredenheid op klantbejegening en overall beleving/tevredenheid scoort >7,5 voor zowel minima als klanten bij schuldhulpverlening. We blijven binnen de begroting (=Nullijn); eventuele overschrijdingen worden vooraf geaccordeerd
gemaakt over de wijze van opvolging van signalering. Op basis hiervan wordt de KPI vormgegeven. Wij gaan voor een goede kwalitatieve en duurzame schuldhulpverlening. Deze KPI geeft hier een indicatie voor. Het gaat hierbij om de herinstroom na succesvol afgesloten schuldhulpverleningstrajecten. Wij gaan voor snelle, eenvoudige en bereikbare minimaregelingen. Hierbij hoort ook snelheid in het proces waarbij wij streven naar een kortere afhandeling dan de wettelijke termijnen.
en effectieve manier gedaan, met een prima uitkomst. In de komende periode worden gesprekken gevoerd (op ambtelijk vlak) over eventuele uitbreiding van de vroegsignalering. Hierbij spelen elementen als de kwaliteit van dienstverlening, nazorg en preventie een rol. Aan het eind van dit programma is de betreffende KPI uitgewerkt, met een prima resultaat. In de relatief lage herinstroom vinden wij bevestiging van onze succesvolle aanpak.
De klanttevredenheid wordt gemeten in een Klantbelevingsonderzoek. Het oordeel van onze klanten is bepalend of we op de goede weg zijn. Vooral als we laag scoren levert dat belangrijke input voor bijstelling op.
Team SHV wil in het laatste kwartaal van 2024 meedoen met een klanttevredenheidsonderzoek van de NVVK. Op die manier kan worden gezien hoe schuldhulpverlening in de Lekstroom het doet, ten opzichte van andere NVVK-leden.
De gemeentelijke middelen zijn beperkt waardoor keuzes noodzakelijk zijn. Door te rapporteren op deze KPI kan tijdig bijgestuurd worden (aan gemeente en WIL kant)
De prognose die we op basis van het 3e kwartaal voor heel 2024 kunnen maken, laat een beperkte overschrijding zien van zowel de regelingskosten als de personeelskosten. Bij de regelingskosten laat zich dat verklaren door ruimer beleid, hogere uitkeringsnormen en een grotere doelgroep. De personeelskosten liggen in lijn met de keuzes om te anticiperen op wat er nodig is (zie begroting 2025). Het programma IO heeft afgelopen jaren structureel te weinig bezetting gehad, hetgeen in 2025 wordt gecorrigeerd. Hierop is geanticipeerd, door kwalitatief goed personeel te werven, intern klaar te stomen en in te zetten.
In de afgelopen maanden is hard gewerkt aan het wegwerken van achterstanden. De doorlooptijden zijn gedaald, net als de gemiddelde werkvoorraad.
Thema
Stand van zaken eind Q2
Verbetertraject Bijzondere Regelingen
In 2024 heeft het programma Inkomensondersteuning tijdelijk extra middelen gekregen. Een deel van deze ruimte wordt ingezet om een verbetertraject binnen Bijzondere Regelingen vorm te geven. Daarbij worden interne processen volgens het principe van Lean heringericht. Daarnaast wordt deze gelegenheid aangegrepen om een flinke slag te slaan met betrekking tot het versnellen en vereenvoudigen van de afhandeling. We gebruiken daar 3 principes bij: 1. werken vanuit vertrouwen, 2. eenvoudig en 3. klantgericht. De bedoeling is een versnelling van de afhandeling, een vereenvoudiging van de procedures en een andere manier van kijken naar bewijsstukken. Er is een begin gemaakt met het aanpakken van concrete processen. Tegelijkertijd wordt gekeken naar meer dan alleen leaner maken van het werk. Ook beoordelen we of het mogelijk is het werk anders in te richten, bijvoorbeeld door ambtshalve verstrekkingen in te voeren. In de tweede helft van 2024 zullen we de gemeenten vragen beleidsmatige keuzes voor te bereiden, die gericht zijn op vereenvoudiging, harmonisatie of wegstrepen van regelingen. Inmiddels zijn de eerste resultaten zichtbaar. De
24
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2024
Businesscase bewindvoering
Doorlooptijden bijzondere bijstand en minimaregelingen
Doorlooptijden schuldhulpverlening Toename en daling aantal aanvragen bijzondere bijstand
Voorbereiding Basisdienstverlening Schuldhulpverlening
gemiddelde werkvoorraad is gedaald, de doorlooptijden worden korter. Ook zien we een grote afname van ingebrekestellingen. Dit is een duidelijke indicatie dat de meeste aanvragen worden afgedaan binnen de wettelijke termijnen. In de eerste kwartaalrapportage hebben wij een tussenstand gedeeld van de businesscase bewindvoering. In deze tussenrapportage delen wij nieuwe cijfers, afgezet tegen de cijfers van de kwartaalrapportage: Totaal aantal deelnemers: 43 (van wie 27 met bijzondere bijstand). Totaal aantal benaderde bewindvoeringskantoren: 37. Van de 43 deelnemers tot nu toe, zijn er 19 uitgestroomd. Van deze 19 zijn er 10 waarvan de bewindvoering succesvol is geëindigd. De andere 9 hebben het traject succesvol doorlopen, maar de bewindvoering is niet beëindigd. Gedurende het proces is duidelijk geworden dat zij niet zonder bewindvoering kunnen op dit moment. De overige deelnemers zitten in een van de fases van het traject. Door het netwerk dat we hebben opgebouwd met bewindvoerderskantoren, lukt het steeds om nieuwe deelnemers toe te voegen. Per gemeente ziet de lijst met deelnemers er als volgt uit (per 30 september 2024) Houten 11 deelnemers IJsselstein 8 Lopik 2 Nieuwegein 22 In het eerste kwartaal van 2024 heeft het team BR veel aanvragen afgehandeld, die al langere tijd hadden moeten wachten.
Zo zijn alle aanvragen voor bewindvoeringskosten afgehandeld en alle aanvragen met betrekking tot reiskosten statushouders. Dit was mogelijk door tijdelijke extra inzet. Vervolgens zagen we weer wat oplopende doorlooptijden. Dat komt door het wegvallen van de tijdelijke interventie, maar ook door de toename van statushouders. De aanvragen voor statushouders worden immers altijd met voorrang behandeld, waarbij vaak grote externe druk bestaat. Zo moet de vergoeding voor de woninginrichting snel worden uitgekeerd, om doorstroming vanuit het COA te realiseren. De behandeling met van aanvragen met voorrang levert wel een stuk inefficiëntie op in de organisatie. In de zomerperiode is er stevig doorgewerkt, om de achterstanden weg te krijgen en de werkvoorraad te verkleinen. Hier zien we nu effecten van. De aantal aanvragen dat langer dan 8 weken op een besluit moet wachten daalt stevig. We zien dat ook terug in een ander effect. Er komen namelijk nauwelijks nog ingebrekestellingen binnen. Dat is een indicatie dat de afhandelingstermijnen grotendeels binnen de wettelijke kaders blijven. Het team SHV heeft afgelopen periode bijzonder veel werk verzet. De termijnen waar binnen inwoners worden geholpen liggen ruimschoots binnen de wettelijke termijnen. Hier heeft het team een zeer stevige prestatie neergezet.
Een opvallende ontwikkeling in de eerste 5 maanden van 2024 is de toename van een aantal aanvragen bijzondere bijstand. Met name het aantal aanvragen voor de kosten van bewindvoering en de individuele inkomenstoeslag stijgt, ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De uitgaven per aanvraag zijn niet gestegen (behoudens jaarlijkse indexatie), maar door het toenemend aantal aanvragen, nemen de regelingskosten toe. Hierbij moet vermeld worden dat het uitvoerende team dientengevolge ook meer aanvragen te verwerken heeft. In het derde kwartaal van 2024 zien we een lichte afname van het aantal aanvragen. De verwachting is dat de daling nog wat verder zal doorzetten, doordat veel aanvragen voor Bewindvoering voor onbepaalde tijd worden toegekend en dus niet meer periodiek opnieuw aangevraagd hoeven te worden. Het (voormalige) ministerie van Armoede, Participatie en Pensioenen zette in op de Basisdienstverlening Schuldhulpverlening. Voor de implementatie stelde het ministerie tweemaal een bijdrage in het vooruitzicht, namelijk voor 2023 en 2024. Vervolgens is er ook een structureel budget, dat jaarlijks beschikbaar is. WIL heeft, samen met de beleidsadviseurs van de Lekstroomgemeenten, gesprekken gestart om de basisdienstverlening in te gaan voeren. De gemeenten ontvangen het implementatiebudget en de jaarlijkse budgetten. 25