Bijlage 5 - Kwartaalrapportage 3e kwartaal 2025 WIL
Tekst van het document
Opdracht 1-4 weken: 50% - 5-6 weken: 25% - 7-8 weken: 25% - > 8 weken: 0% Rood gearceerde waarden overschrijden de termijn van 8 weken. De doorlooptijden hebben in juni-september 2025 onder druk gestaan. Dat heeft te maken met beperkte capaciteit in de uitvoering.
Responstijd en wachttijd schuldhulpverlening Onderdeel Vaststellen hulpvraag Wettelijke termijn max. 4 weken Toelating tot schuldhulpverlening Wettelijke termijn max. 8 weken
2022 - Hele jaar 2023 - 1e halfjaar Aantal Dagen Aantal Dagen 402 256 19 18 203 127 58 46 Bron: Key2Schuldhulpverlening
2023 - 2e halfjaar Aantal Dagen 262 22 176 30 Bron: Onview
De cijfers van 2023 zijn gesplitst weergegeven vanuit de twee applicaties die dat jaar in gebruik waren. Dat was Key2Schuldhulpverlening in het eerste halfjaar en OnView in het tweede halfjaar. De doorlooptijden in de tabel zijn niet gecorrigeerd voor de door WIL gegeven hersteltermijnen. Zou dat wel gebeuren, dan wordt het gemiddelde aantal dagen lager dan nu weergegeven. Vanaf 2024 sluiten wij scherper aan bij de definitie van de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (WGS). Daarin is sprake van maximaal vier weken (28 dagen) waarbinnen het eerste gesprek moet plaatsvinden. Vervolgens geldt een maximale termijn van acht weken (56 dagen) na het eerste gesprek, voor het afgeven van de toelatingsbeschikking. WIL volgt de WGS en heeft deze termijnen opgenomen in het beleidsplan. De maximale doorlooptijd van het aanmeldings- en toelatingsproces komt daarmee uit op twaalf weken (84 dagen). Deze fasering in het proces is gebruikt voor de prestaties 2024 en 2025 in onderstaande tabellen.
25
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Aantal Aangeboden eerste gesprekken en afgegeven toelatingsbeschikkingen Aantal aangeboden eerste gesprekken Aantal toelatingsbeschikkingen
Q1 102 67
2024 Q2 Q3 108 114 77 73
Q4 103 56
Q1 121 80
2025 Turap 70 47
Q3 168 123
Bron: Onview Gemiddeld aantal dagen Realisatie WIL
Termijnen van de verschillende fases in het proces
Wettelijke termijn (dagen)
2024-Q1
2024April-Mei
Periode van aanmelding tot het eerste aangeboden gesprek
28
13,3
21,2
Periode tussen het eerste gesprek en de toelatingsbeschikking, inclusief plan van aanpak op hoofdlijnen
56
4,8
Periode tussen aanmelding en toelatingsbeschikking, inclusief plan van aanpak op hoofdlijnen
n.v.t.
24,6
2024JuniSept
2025JuniSept
2024-Q4
2025-Q1
2025April-Mei
26,5
12,8
12,6
17,3
18,4
4,3
3
3,7
4,7
3,7
1,5
26,1
35,5
19,5
20,3
21,8
24,5
Bron: Onview Gemiddeld genomen komt 30 procent van de aanmeldingen niet tot de laatste fase (aanmelding ingetrokken, voldoet niet aan voorwaarden e.d.). Daarom tellen de dagen in de kolommen niet op. Het gaat om verschillende aantallen. De termijnen zijn in de zomerperiode 2025 opgelopen door toename van het aantal aanmeldingen en druk op de beschikbaarheid van schuldhulpverleners (vakantie en ziekte). De wettelijke termijnen worden nog steeds ruim gehaald. WIL informeert inwoners zo snel mogelijk over de toelating. In 2025 verstuurde WIL gemiddeld na drie dagen (gemiddelde Q1 t/m Q3) al de beschikking. In de toelatingsbeschikking wordt de inwoner geïnformeerd over toelating, eventuele voorwaarden, de beslagvrije voet en de te ondernemen acties om de hulpvraag te beantwoorden. Daarna worden nog gegevens opgevraagd bij de inwoner, zodat de acties verder kunnen worden uitgewerkt tot een integraal plan van aanpak. Tot 2024 werd de datum waarop deze beschikking is afgegeven gebruikt om na te gaan of de toelating binnen de wettelijke termijn van acht weken plaatsvond. Dat gaf een vertekend beeld. Vanaf 2024 gebruiken we de datum van de officiële toelatingsbeschikking voor de controle op de doorlooptijden. Dat verklaart de verschillen tussen de gemiddelden in 2024/2025 en de gemiddelden in de jaren ervoor.
Type KPI: Opdracht Doelstelling: De wettelijke termijnen (WGS) zijn bepalend Realisatie: De wettelijke termijnen worden ruim gehaald
26
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Ontvangen signalen vroegsignalering schuldhulpverlening Aantal ontvangen signalen vroegsignalering Houten Enkelvoudig Gelijktijdig Opeenvolgend 2022-Q1 197 21 2022-Q2 183 18 2022-Q3 181 29 2022-04 280 43 Totaal 2022 841 111
Aantal ontvangen signalen vroegsignalering IJsselstein Enkelvoudig Gelijktijdig Opeenvolgend 2022-Q1 196 17 2022-Q2 175 17 2022-Q3 223 16 2022-04 218 9 Totaal 2022 812 59
2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 2023-Q4 Totaal 2023
308 221 368 300 1.197
61 21 62 54 198
26 18 47 26 117
2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 2023-Q4 Totaal 2023
264 407 351 285 1.307
27 69 69 23 188
25 26 53 42 146
2024-Q1 2024-Q2 2024-Q3 2024-Q4 Totaal 2024
384 345 217 379 1.325
38 42 138 109 327
19 25 17 70 131
2024-Q1 2024-Q2 2024-Q3 2024-Q4 Totaal 2024
412 430 292 323 1.457
49 74 134 91 348
32 36 32 60 160
2025-Q1 2025-Turap 2025-Q3 Totaal 2025 t/m mei
455 325 n.b.
75 124 n.b.
33 15 n.b.
354 295 n.b.
29 61 n.b.
34 33 n.b.
780
199
48
2025-Q1 2025-Turap 2025-Q3 Totaal 2025 t/m mei
649
90
67
Vroegsignalering van schulden op basis van signalen door derden is een wettelijke taak voor gemeenten. Op basis van signalen van zorgverzekeraars, energiebedrijven, woningverhuurders en drinkwaterbedrijven, benadert WIL inwoners met betaalachterstanden proactief om hulp aan te bieden. WIL heeft twee nieuwe collega’s aangenomen die zich volledig gaan bezighouden met het opvolgen van signalen vroegsignalering. Dit betekent onder andere dat we gaan proberen telefonisch in contact te komen met inwoners die al een achterstand hebben boven de € 700,00. Dit was voorheen boven de € 1.000,00. De urenuitbreiding maakt onder meer deze stap mogelijk. Er zijn voor het derde kwartaal van 2025 geen cijfers voorhanden voor vroegsignalering. Dat komt door de overgang naar een nieuw systeem. Vanaf Q4 zullen we – op een nieuwe manier – rapporteren over het aantal ontvangen signalen vroegsignalering.
27
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Door de hoeveelheid signalen is het noodzakelijk deze maandelijks te prioriteren aan de hand van criteria. WIL hanteert de volgende criteria: • Signalen van waterleveranciers en energieleveranciers worden niet in behandeling genomen als de achterstand onder de € 50,00,- is. Werk en Inkomen Lekstroom volgt de signalen wel, maar neemt geen actie in verband met disproportionaliteit (AVG en verwerken van gegevens); • Signalen van zorgverzekeraars worden niet in behandeling genomen als de achterstand onder de € 200,00,- is. Werk en Inkomen Lekstroom volgt de signalen wel naar neemt geen actie in verband met disproportionaliteit en ‘sleepers’, inwoners die standaard achteraf betalen in plaats van vooruit; • Naar alle inwoners met een achterstand tot € 700,00,- (en boven het proportionaliteitsbedrag) wordt een brief gestuurd met informatie over de hulp die aangeboden wordt; • Met inwoners met een achterstand hoger dan € 700,00,- wordt meerdere malen geprobeerd telefonisch in contact te komen. Lukt dit niet, dan kan een huisbezoek worden afgelegd om alsnog in contact te komen met de inwoner. Aantal ontvangen signalen vroegsignalering Lopik Enkelvoudig Gelijktijdig Opeenvolgend 2022-Q1 74 2 2022-Q2 40 4 2022-Q3 61 4 2022-04 57 3 Totaal 2022 232 13
Aantal ontvangen signalen vroegsignalering Nieuwegein Enkelvoudig Gelijktijdig Opeenvolgend 2022-Q1 684 69 2022-Q2 390 36 2022-Q3 512 38 2022-04 601 68 Totaal 2022 2.187 211
2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 2023-Q4 Totaal 2023
81 68 68 113 330
8 0 7 8 23
5 3 8 3 19
2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 2023-Q4 Totaal 2023
784 574 955 801 3.114
74 41 162 103 380
73 69 90 70 302
2024-Q1 2024-Q2 2024-Q3 2024-Q4 Totaal 2024
122 98 65 91 376
10 16 40 19 85
6 4 5 8 23
2024-Q1 2024-Q2 2024-Q3 2024-Q4 Totaal 2024
1.160 958 618 783 3.519
140 167 386 273 966
73 105 61 196 435
2025-Q1 2025-Turap 2025-Q3 Totaal 2025 t/m mei
98 66 n.b.
4 8 n.b.
5 6 n.b.
1.059 814 n.b.
122 199 n.b.
84 65 n.b.
164
12
11
2025-Q1 2025-Turap 2025-Q3 Totaal 2025 t/m mei
1.873
321
149
28
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Ontvangen signalen Houten 1500 1000
Ontvangen signalen IJsselstein 2000
1325
1197 841
780 1000
500
198
327 117
131
Totaal 2023
Totaal 2024
111
199
812
649
500
348
188 146
59
48
160
90 67
0
0 Totaal 2022 Enkelvoudig
Gelijktijdig
Opeenvolgend
Totaal 2022
Totaal t/m mei 2025
Enkelvoudig
376
400
Totaal 2023 Gelijktijdig
Totaal 2024 Opeenvolgend
Totaal t/m mei 2025
Ontvangen signalen Nieuwegein
Ontvangen signalen Lopik
300
1457
1307
1500
4000
330
3519 3114
3000
232
2187
85
100 13
23 19
23
1873
2000
164
200
1000 12
966 211
380 302
435
321 149
Totaal 2023
Totaal 2024
Totaal t/m mei 2025
0
0 Totaal 2022 Enkelvoudig
Totaal 2023 Gelijktijdig
Totaal 2024 Opeenvolgend
Totaal t/m mei 2025
Totaal 2022 Enkelvoudig
Gelijktijdig
Opeenvolgend
29
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Herinstroom schuldhulpverlening Basisgegevens Omschrijving Geregistreerde aanmeldingen Daarvan in 5 jaar voorafgaand succesvol een traject doorlopen Bron: OnView
2024 Q1 April-Mei Jun-Sep Q4 116 91 135 100 6
1
4
2
Totaal 442
Procent 2,9%
13
2025 Q1 April-mei Jun-Sep 137 94 200 2
2
5
Totaal 431
Procent 2,1%
9
Definitie Divosa benchmark Armoede en Schulden Bij ‘herinstroom schuldhulpverlening’ gaat het om het percentage klanten dat in een jaar een formele aanvraag tot toelating in de schuldhulpverlening heeft ingediend. Deze klant heeft binnen een periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag al een schuldhulpverleningstraject doorlopen. Gemeente *) Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal Bron: OnView
2024 3 4 6 13
Aantal opnieuw aangemeld 2025-Q1 2025-Mei 2025-Sep 2 1 1 0 2 3 2 2 5
*) De verdeling naar gemeente heeft beperkte informatiewaarde. Het succes van schuldhulpverlening is niet afhankelijk van de woonplaats van de klant.
Bron BKR monitor 2023 Nederlanders komen vaak opnieuw in de problemen, nadat een eerder probleem is opgelost. De kans dat iemand na afronding van een schuldhulpverleningstraject, binnen vijf jaar opnieuw een betalingsprobleem heeft, is groot. Zelfs twaalf keer groter dan de kans dat iemand uit de referentiegroep (zonder ooit schuldhulp te hebben gehad) een betalingsprobleem heeft. Vooral het eerste half jaar blijkt een risicovolle periode. In die periode is de kans zelfs 24 keer groter. Het is daarom van belang om te blijven monitoren en te voorkomen dat iemand nogmaals in de financiële problemen komt. De kans op een betalingsprobleem neemt toe als iemand meerdere kredieten op zijn naam heeft staan. De ambitie om als doelstelling maximaal tien procent resp. vijftien procent terugval te hanteren, zegt iets over de preventie en nazorg bij schuldhulpverlening. Type KPI: Doelstelling: Realisatie: .
Opdracht Minder dan 10 procent binnen 1 jaar Minder dan 15 procent binnen 5 jaar Beoordeling op jaarbasis 30
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
8. Bedrijfsvoering 8.1 Wat zouden we doen? Gevraagd en ongevraagd faciliteren, regelen, adviseren en ondersteunen wat voor de uitvoering en WIL als geheel nodig is. Dat is de opdracht van programma bedrijfsvoering. Onze activiteiten liggen in het verlengde daarvan: a. We zorgen dat WIL een goed werkgever is en blijft en dat we goede en voldoende medewerkers aan boord hebben en houden. Dit vraagt om passende communicatie en een goed HR-beleid en uitvoering. b. De focus in 2025 blijft opnieuw een hoge mate van klantvriendelijkheid en klantgerichtheid en duidelijkheid qua communicatie en klantenservice richting inwoners en klanten. c. We faciliteren en adviseren de uitvoerende programma’s en het management passend qua Finance & Control, HR, Kwaliteitsbeheer, communicatie, beleid, ICT en DIV. Binnen de personele en financiële mogelijkheden van deze begroting; calamiteiten uitgezonderd. d. We zorgen dat we in control zijn en daar waar we dat nog niet goed genoeg zijn, dat we dit beter doen. e. We continueren de bezwaar- en beroepfunctie en evenzo de klachtenfunctie voor klanten en inwoners in eigen beheer binnen WIL op hetzelfde hoge niveau als vanouds, vanuit het principe ‘we lossen iets op als dat kan’. f. We continueren ons eigen KSV vanuit het motto ‘we zijn goed en snel bereikbaar’ en ‘het eerste contact is hoogwaardig’. g.
We realiseren in 2025 ons quotum banenafspraak banen en beheren en monitoren om onze inspanning structureel om ook in de jaren erna aan onze morele en wettelijke verplichting te kunnen voldoen. h. We investeren in ons personeel waar nodig met scholing, training, e.d. (binnen de beperkte middelen die we hebben). 8.2 Wat heeft er tot nu toe in 2025 binnen Bedrijfsvoering gespeeld? Het vinden, binden en boeien van personeel is ook in Q3 een stevige klus geweest, naast het op orde houden van de vitaliteit en het verzuim van onze medewerkers. Q3 laat zien dat onze verzuimcijfers stijgen. De verhouding tussen de opgave, de mensen en de middelen staat steeds verder onder druk. Dit komt ook tot uiting in onze verzuimcijfers. Hoewel niet al het verzuim werk-gerelateerd is hebben wij hier wel oog en aandacht voor. Het thema werkdruk staat daarom hoog geprioriteerd op diverse agenda’s. Finance & Control heeft flinke stappen gezet qua op werkinhoudelijk vlak en het gebruik van Afas. Helaas is het nog steeds nodig extern deskundigheid in te huren. Het is onze absolute prioriteit om de vacatures in 2025 in te vullen met vaste medewerkers. De werving is in Q3 nog in volle gang. Wij hebben er vertrouwen in dat dit voor diverse posities zal slagen voor het einde van het jaar. Mogelijk hebben we een uitloop naar Q1 2026. Binnen diverse teams (o.a.
Juridische Zaken, Communicatie en Applicatiebeheer) hebben we structureel meer werk dan waar personeel op is begroot. Dit levert uitdagingen op om zowel de dagelijkse zaken te verwerken én een doorontwikkeling van onze dienstverlening te realiseren.
31
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
8.3 Wat hebben we gedaan en gepresteerd? Vanuit onze opdracht zijn wij aanspreekbaar op de volgende vijf KPI's. KPI en streefwaarde 2025
Korte toelichting op het waarom?
Stand van zaken Q3-2025
Het percentage ziekteverzuim ligt meerjarig beneden of gelijk met de benchmark. Voor 2025 is het streefpercentage < 6,5% Het aantal medewerkers op een banenafspraak baan binnen WIL is gelijk aan het quotum voor WIL
WIL had in 2024 te maken met een verhoogd ziekteverzuim. Wij gaan in 2025 voor percentage <6,5% en op termijn gelijk of onder de benchmark.
Het ziekteverzuimpercentage voor Q3 is 10,2%. Hiermee voldoen we niet aan de gestelde KPI. De werkdruk neemt toe en de werving op diverse posities gaat moeizaam. Dit zorgt voor vaker en meer piekbelasting. Hoewel niet al het verzuim aan werk te relateren is, hebben wij hier wel zorgen over. Het thema werkdruk is daarom via diverse kanalen onderwerp van gesprek en op de (MT) agenda’s.
Wij geven als werkgever het goede voorbeeld en vullen het aantal banenafspraak banen volgens het quotum in. Hiermee geven we onze inwoners een kans en hebben wij een goede aanvulling op ons werknemersbestand. Wij streven naar een goede bereikbaarheid zodat we de klant goed te woord kunnen staan.
Zie bij de KPI’s hierna.
Bij het KSV bedraagt de wachttijd maximaal 55 seconden en de uitval maximaal 10% In ons MO scoren we op het overall welbevinden/werknemerstevredenheid >7,0 We blijven binnen de begroting (=Nullijn); eventuele overschrijdingen worden vooraf geaccordeerd
Wij willen een goede werkgever zijn en voeren daarom met regelmaat een Medewerkersonderzoek uit. In deze arbeidsmarkt is het van belang dat we een goede werkgever zijn. Uit de medewerkersonderzoeken kunnen wij verbeterpunten halen die ons kunnen helpen om aantrekkelijk te blijven als werkgever. De gemeentelijke middelen zijn beperkt waardoor keuzes noodzakelijk zijn. Door te rapporteren op deze KPI kan tijdig bijgestuurd worden (aan gemeente en WIL kant).
Deze KPI stond ook in het derde kwartaal van 2025 onder druk. De bezetting was soms niet goed op orde. Uitval van personeel, technische storingen, de overgang naar een nieuw telefoonsysteem en onverwacht veel telefonisch contact waren de oorzaak van iets langere wachttijden. Het uitvalpercentage is ook gestegen en komt boven de maximale uitval van 10 procent uit. De resultaten van het medewerkersonderzoek zijn inmiddels opgeleverd. WIL scoort overall een 7,5. Dit is iets lager dan de overall score in 2024 (7,6). Het betrof een verdiepend onderzoek op het onderwerp agressie/ongewenste omgangsvormen.
In de tussenrapportage en de jaarrekening gaan we nader in op deze KPI. Kijken we naar de situatie bij Finance & Control, dan is een overschrijding op de begroting Bedrijfsvoering zeker. We proberen deze uiteraard zo beperkt als mogelijk te houden.
In Q3 vervolgen we onze prestaties, we zien wel meer druk ontstaan bij diensten als KSV en DIV. Maar ook bij de overige teams binnen bedrijfsvoering neemt de werkdruk toe. Met name de bezetting op orde houden vormt hier een uitdaging. Dit is blijft punt van aandacht in Q4 en waar nodig worden maatregelen getroffen. In de bijlage treft u ter zake een aantal relevante kerncijfers aan: • Het percentage gegronde bezwaarschriften. • Aantal klachten en de afhandeling daarvan.
32
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Percentage ziekteverzuim Percentage ziekteverzuim en gemiddelde duur afgesloten verzuim Cumulatief Realisatie in Verzuimpercentage Gemiddelde Landelijk periode WIL percentage WIL verzuimduur WIL verzuimpercentage Q1 7,8 23 6,7 Q2 6,8 21 5,7 2022 Q3 5,5 12 5,5 Q4 7,0 6,8 43 6,4 Q1 7,3 18 6,6 Q2 7,5 23 5,6 2023 Q3 8,3 78 5,5 Q4 8,7 8,0 13 6,5 Q1 7,7 147 6,5 Q2 6,2 22 5,8 2024 Q3 6,8 11 5,7 Q4 7,7 7,1 14 6,3 Q1 6,2 12 6,9 2025 Apr-Mei 8,7 20 6,2 Jun-Sep 10,2 8,5 44 n.n.b. De gemiddelde duur is berekend op basis van het afgesloten verzuim.
De gemiddelde duur is berekend op basis van het afgesloten verzuim. Het eerste jaar in de samenwerking met onze nieuwe arbodienst was er veel ruimte voor verbetering. Wij hebben, met succes, ingezet op het verbeteren van de samenwerking. Dit heeft positieve gevolgen voor de verzuimbegeleiding. In opvolging van de pilot casemanagement verzuim die we eind 2024/begin 2025 hebben doorlopen, is de rol van casemanager, als proactieve begeleider van het verzuimproces, belegd bij de HR-adviseurs. Type KPI:
Opdracht
Doelstelling:
Verzuimpercentage is maximaal 6,5 procent en op termijn gelijk aan of lager dan het landelijk verzuimcijfer overheid (6,2% in 2025 )
Realisatie:
In 2025-Q3 was het verzuim 10,2%
Sinds 2024 is het landelijk verzuimcijfer van de bedrijfstak openbaar bestuur en overheidsdiensten onze referentie. We zijn ons ervan bewust dat verzuimreductie een grote uitdaging is, die we in samenwerking met onze arbodienst aangaan. In het derde kwartaal van 2025 is een verdere stijging te zien van het verzuimpercentage. WIL ligt daarmee boven het landelijk verzuimpercentage van 6,2 procent. Ook het gemiddeld aantal dagen verzuim van de afgesloten verzuimmeldingen is gestegen tot gemiddeld 44 dagen.
33
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Verzuimpercentage per kwartaal 12 10
10,2 7,8
8
7,0
6,8
7,3
8,3
7,5
8,7
7,7
6
6,8
6,2
5,5
8,7
7,7 6,2
4 2
Verzuimpercentage WIL
0 Q1
Q2
Q3
Q4
Q1
Q2
2022
Q3
Q4
Q1
Q2
2023
Q3
Q4
Q1
2024
Apr-Mei Jun-Sep 2025
Gemiddelde duur afgesloten verzuim (dagen)
200
Gemiddelde verzuimduur WIL
147
150 78
100 50
44
43 23
21
Q1
Q2
12
18
23
Q1
Q2
22
13
11
14
12
Q3
Q4
Q1
20
0 Q3 2022
Q4
Q3 2023
Q4
Q1
Q2 2024
Apr-Mei Jun-Sep 2025
In het derde kwartaal van 2025 steeg het verzuim ten opzichte van het eerste halfjaar van 2025. De gemiddelde verzuimduur is ook gestegen.
34
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Wachttijd en uitvalpercentage telefoon Klantenservice Doelstellingen WIL Wachttijd in sec. Uitvalpercentage Max. 55 seconden Max. 10% Q1 78 7,0 Q2 47 7,4 2022 Q3 51 5,0 Q4 49 5,4 Q1 57 5,3 Q2 42 5,7 2023 Q3 33 5,0 Q4 42 6,5 Type KPI: Opdracht Q1 27 4,2 Doelstelling: Wachttijd is minder dan 55 seconden en de Apr/Mei 23 4,1 2024 uitval is maximaal 10 procent Jun/Sep 61 8,1 Q4 56 7,9 Realisatie: Wachttijd was 92 seconden in juni-september Q1 62 7,9 en de uitval was 13,7 procent.* 2025 Apr/Mei 87 9,4 Jun/Sep 92 13,7 *Door technische problemen met het nieuwe telefoonsysteem dat per augustus 2025 in gebruik is genomen, ligt het uitvalpercentage in Q3 naar schatting twee tot drie procent lager dan hierboven gerapporteerd. Daarmee ligt het uitvalpercentage echter nog steeds boven de doelstelling van tien procent. Periode
Telefonisch contact met WIL begint met een korte meldtekst. Het mag in totaal 55 seconden duren tot de klant daadwerkelijk een medewerker spreekt. Het aantal succesvolle contacten (de verbinding wordt niet voortijdig verbroken) moet minimaal 90 procent zijn. Klantenservice voert naast de telefonie ook backofficetaken uit. In juni wordt het vakantiegeld uitbetaald, hetgeen leidt tot meer telefonisch klantcontact. De beperkte bezetting speelde ons ook in het derde kwartaal van 2025 nog steeds parten. Twee collega's zijn langdurig ziek en in de zomervakantie had team KSV een derde van de capaciteit. Als gesprekken dan ook langer duren omdat klanten meerdere vragen tegelijk stellen, neemt de uitval vervolgens toe. Uiteindelijk wordt iedereen uiteraard wel te woord gestaan en proberen we de (beperkte) bezetting zo goed mogelijk af te stemmen op de verwachte drukte.
35
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Banenafspraak banen (BAB) binnen WIL Aantal banenafspraak banen binnen WIL gerealiseerd Doelstelling Standen einde periode Realisatie WIL WIL Q1 4,6 2,61 Q2 4,6 3,39 2022 Q3 4,6 3,86 Q4 4,6 3,86 Q1 5,3 3,86 Q2 5,3 4,49 2023 Q3 5,3 4,80 Q4 5,3 3,68 Q1 5,3 3,68 Mei 5,3 4,84 2024 Q3
2025
5,3
Q4
5,3
3,69
Q1 Mei Q3
5,3 5,3 5,3
3,02 2,08 3,77
Aantal banenafspraak banen binnen WIL (FTE)
6 4 2
3,68
2,61
3,39
3,86
Q2
Q3
3,86
3,86
4,49
4,80
3,68
3,68
Q4
Q1
4,84
3,68
3,69
Q3
Q4
3,77
3,02
2,08
Q1
Mei
0 Q1
2022
Q4
Q1
Q2
Q3
2023 Realisatie WIL
Mei
2024 Doelstelling WIL
Q3
2025
Ons doel was om per 1 januari 2025 5,3 FTE aan BAB in dienst te hebben. De realisatie loopt daarop achter. Om hier toch resultaten in te behalen wordt het vraagstuk projectmatiger aangepakt. Met HR werken we aan krachtenbundeling binnen onze organisatie om meer aandacht te vragen voor het project hetgeen in 2025 voor de beoogde versnelling moet zorgen. We zien in Q3 een stijging van ruim 1,5 FTE maar het lukt nog niet de doelstelling structureel te realiseren. Dit komt mede doordat ook Banenafspraak banen weer uitstromen hetgeen extra inzet vraagt om deze weer aan te vullen. Werken met BAB blijkt veel maatwerk te zijn. 36
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Bijlagen Bijstandsvolume per gemeente (incl. BBZ) per eind september 2025 Totaal volume BUIG Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
2022 Q4 528 482 132 1.204 2.346
2023 Q4 535 495 138 1.211 2.379
2024 Q1 521 495 136 1.220 2.372
2024 Turap 537 499 139 1.196 2.371
2024 Q3 527 498 139 1.169 2.333
2024 Q4 536 493 140 1.162 2.331
2025 Q1 538 496 140 1.183 2.357
Aantal huishoudens 2025 2025 Groei Turap Q3 % 2025 535 551 0,37% 492 488 0,61% 138 137 0,00% 1.191 1.206 1,81% 2.356 2.382 1,12%
In onderstaande diagrammen is het procentuele aandeel jongeren in het bestand weergegeven per eind september 2025.
Aandeel jongeren in het bestand (incl. BBZ) Aantal huishoudens Gemeente < 27 jr > 27 jr Totaal Houten 108 443 551 IJsselstein 60 428 488 Lopik 14 123 137 Nieuwegein 145 1.061 1.206 Totaal 327 2.055 2.382 37
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Volume loonkostensubsidies (LKS) ten opzichte van totale volume BUIG Procent 2022 2023 Totaal volume LKS Q4 Q4 Houten 6,1 8,3 IJsselstein 7,4 8,6 Lopik 11,3 15,7 Nieuwegein 4,1 4,8 Benchmarkgemiddelde 11,2 13,3 Bron: Divosa benchmark Werk en Inkomen augustus
Q1 10,1 8,4 14,3 5,3 13,3
2024 Turap Q3 9,7 9,3 8,5 8,5 14,3 15,7 5,5 6,1 13,1 13,4
Q4 9,5 9,1 17,0 6,2 13,8
Q1 9,7 9,3 15,5 6,2 13,9
2025 Turap 9,9 9,7 16,2 6,6 14,1
Q3 10,5 10,2 15,5 7,1 14,7
Loonkostensubsidie (LKS) is bedoeld voor werkgevers die iemand met een ziekte of handicap in dienst nemen. De werknemer ontvangt een uitkering in het kader van de Participatiewet. De werkgever vraagt de loonkostensubsidie aan voor de werknemer, als deze minder dan het minimumloon kan verdienen. Sinds 2022 worden de budgetten loonkostensubsidie (LKS) over gemeenten verdeeld op basis van gerealiseerde plekken. Dat stimuleert gemeenten om het instrument loonkostensubsidie vaker in te zetten. Daardoor komen meer mensen die behoren tot de doelgroep Banenafspraak of beschut werk aan het werk. In vergelijking met het gemiddelde van de benchmark, maakt WIL minder gebruik van het instrument loonkostensubsidie. Wij stimuleren de inzet van het instrument, omdat het ons een groter aandeel oplevert bij de verdeling van het beschikbare budget. In de wetenschap dat andere gemeenten dat ook doen, mogen we daarbij niet achterblijven.
38
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Ontwikkeling bijstandsvolume per gemeente (exclusief BBZ) Periode Q1-2024 Turap 2024 Q3-2024
Q4-2024
Q1-2025 Turap 2025 Q3-2025 Eindstand
Stand 1-1-2024 Instroom Uitstroom 1-4-2024 Instroom Uitstroom 1-6-2024 Instroom Uitstroom 1-10-2024 Instroom Uitstroom 1-1-2025 Instroom Uitstroom 1-4-2025 Instroom Uitstroom 1-6-2025 Instroom Uitstroom 1-10-2025
Houten IJsselstein 520 485 37 43 42 39 515 489 37 26 22 22 530 493 45 41 56 42 519 492 36 37 24 43 531 486 37 31 37 29 531 488 33 31 24 24 540 495 42 22 32 29 550 488
Lopik Nieuwegein 136 1.196 4 82 6 74 134 1.204 7 42 3 63 138 1.183 13 67 16 97 135 1.153 11 64 7 66 139 1.151 7 82 6 59 140 1.174 4 48 9 26 135 1.196 8 67 6 62 137 1.201
Huishouden WIL 2.337 166 161 2.342 112 110 2.344 166 211 2.299 148 140 2.307 157 131 2.333 116 83 2.366 139 129 2.376
In alle standen zijn de mutaties verwerkt die tot en met september 2025 zijn ingevoerd. Daarom wijken de aantallen af van eerder gerapporteerde standen. De mutaties in recente maanden nemen nog toe door besluiten met terugwerkende kracht. In de eindstanden bestaat voor Nieuwegein een klein verschil ten opzichte van andere overzichten in deze kwartaalrapportage. De standen in de andere overzichten zijn leidend. Dat heeft te maken met een verschil in de manier van berekenen door het vastzetten van de filterdatum. We werken aan een oplossing dit verschil weg te nemen in volgende rapportages.
39
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Omvang klantenbestand naar regeling of combinatie van regelingen per 30 september 2025 Regeling Uitkering Participatiewet (P-wet) Minimaregelingen Schuldhulpverlening (SHV) Uitkering P-wet + minimaregelingen Uitkering P-wet + schuldhulpverlening Minimaregelingen + schuldhulpverlening Uitkering P-wet + minimaregeling + SHV Totaal gemeente
Houten 226 339 70 321 13 4 23 996
IJsselstein 154 345 69 312 17 8 18 923
Lopik 26 77 11 101 5 1 8 229
Nieuwegein 67 1.966 158 1.084 4 42 80 3.401
Aantal klanten WIL 473 2.727 308 1.818 39 55 129 5.549
De tabel geeft het aantal huishoudens binnen elke gemeente weer, dat gebruik maakt van de diensten van WIL. Bij de bovenste drie rijen gaat het om enkelvoudig gebruik. De onderste vier rijen betreffen combinaties van regelingen. De omvang van de blokken in de grafieken komt overeen met de omvang van de groep binnen elke gemeente. Huishoudens met minimaregelingen worden meegeteld als er een periodieke uitkering is (bijv. bewindvoeringskosten) of in zes maanden voorafgaand aan de peildatum een incidentele verstrekking is geweest. Daardoor ontstaan vooral op dat punt verschillen met overzichten van voorgaande kwartalen.
40
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Samenstelling bestand naar leeftijd en geslacht (excl. BBZ) per 30 september 2025 Aantal huishoudens Bestand naar leeftijd en geslacht Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
Jonger dan 27 jaar Man <27 Vrouw <27 62 46 31 29 7 7 66 79 166 161
27 jaar en ouder Man ≥27 Vrouw ≥27 233 209 207 221 63 60 530 529 1.033 1.019
Type KPI: Doelstelling:
Relevant Geen
41
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Houten - Bestand naar leeftijd en geslacht
IJsselstein - Bestand naar leeftijd en geslacht
6%
11% 8% 38%
6% Man <27
Man <27
Vrouw <27
Vrouw <27
45%
Man ≥27
Man ≥27
Vrouw ≥27
43%
Vrouw ≥27 43%
Nieuwegein - Bestand naar leeftijd en geslacht
Lopik - Bestand naar leeftijd en geslacht
5% 5%
5%
7% Man <27
Man <27 44%
Vrouw <27
Vrouw <27
44%
Man ≥27
Man ≥27 46%
Vrouw ≥27
Vrouw ≥27
44%
Het aandeel jongeren in het bestand verschilt per gemeente. In Houten gaat het om 19,6% van de huishoudens. Bij de andere drie gemeenten ligt het percentage tussen 10,2% en 12,3%. De verhouding tussen mannen en vrouwen verschilt ook. In Houten is er een relatief groter aandeel mannen in het bestand. Een groter aandeel mannen kan duiden op meer gehuwden in het bestand. Bij gehuwden of samenwonenden staat de uitkering veelal op naam van de man. Het kan ook een gevolg zijn van de huisvesting van mannelijke statushouders, al dan niet alleenstaand.
Samenstelling bestand naar leefvorm en leeftijd (excl. BBZ) per 30 september 2025 Aantal huishoudens Bestand naar leefvorm en leeftijd Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
Jonger dan 27 jaar
27 jaar en ouder
Alleenstaand Alleenstaande Gehuwd <27 <27 ouder <27
Alleenstaand Alleenstaande Gehuwd ≥27 ≥27 ouder ≥27
96 53 14 126 289
7 7
5
16 30
3 8
265 246 55 692 1.258
72 76 21 173 342
105 106 47 194 452
Totaal 550 488 137 1.204 2.379 42
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Houten - Bestand naar leefvorm en leeftijd Gehuwd ≥27 Alleenstaande ouder ≥27 Alleenstaand ≥27 Gehuwd <27 Alleenstaande ouder <27 Alleenstaand <27
IJsselstein - Bestand naar leefvorm en leeftijd
105 72 265 5 7
96 0
50
100
150
200
250
21
Alleenstaand ≥27
55
40
100
173
150
200
250
300
692 3 16
Alleenstaand <27
14 30
50
Alleenstaand ≥27 Alleenstaande ouder <27
20
53
Alleenstaande ouder ≥27
Alleenstaande ouder <27
10
7
194
Gehuwd <27
0
246
Gehuwd ≥27
Gehuwd <27 Alleenstaand <27
76
Nieuwegein - Bestand naar leefvorm en leeftijd 47
Alleenstaande ouder ≥27
106
0
300
Lopik - Bestand naar leefvorm en leeftijd Gehuwd ≥27
Gehuwd ≥27 Alleenstaande ouder ≥27 Alleenstaand ≥27 Gehuwd <27 Alleenstaande ouder <27 Alleenstaand <27
50
60
126 0
200
400
600
800
In Lopik is het aandeel gehuwden in het bestand naar verhouding groot, met 34,3% van de huishoudens. In de andere gemeenten ligt dit tussen de 16,4% en 21,7%. Er geldt een hogere uitkeringsnorm voor gehuwden. Daarom leidt het relatief grote aandeel gehuwden tot hogere kosten voor de gemeente Lopik. Bij de KPI 'Gemiddelde netto jaarprijs van de uitkering' zien we dat terug.
43
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Gemiddelde netto jaarprijs van de uitkering (laatste 12 maanden) x €1
Gemeente
2022-Q4
2023-Q4
2024-Q1
2024-Q2
2024-Q3
2024-Q4
2025-Q1
13.658 13.770 14.749 14.076 13.961 13.971
15.448 15.746 17.034 15.760 15.767 15.624
15.671 16.092 17.429 15.966 16.010 15.912
15.981 16.494 17.599 16.231 16.308 16.185
16.220 16.728 17.866 16.552 16.596 16.477
16.621 17.136 18.113 16.756 16.885 16.795
16.900 17.428 18.455 16.933 17.120 16.972
Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein WIL gemiddeld Benchmark
2025Turap 16.980 17.473 18.629 16.981 17.175 17.061
2025-Q3 17.225 17.880 18.964 17.228 17.467 17.284
De bedragen zijn het gemiddelde uitgekeerde bedrag, verminderd met de geïnde vorderingen per betaling over de afgelopen twaalf maanden. Het peilmoment is het einde van elk kwartaal. Voor 2025-Q3 is het peilmoment in de benchmark eind augustus 2025.
Bron: Divosa benchmark werk en inkomen augustus
16.621 17.136 18.113 16.756
2024-Q2
2024-Q3
2024-Q4
Houten
Type KPI: Doelstelling: Realisatie:
IJsselstein
Relevant Prijs ligt onder het benchmarkgemiddelde Prijs binnen WIL ligt 1,06% boven de benchmark
Lopik
17.225 17.880 18.964 17.228
16.220 16.728 17.866 16.552
2024-Q1
16.980 17.473 18.629 16.981
15.981 16.494 17.599 16.231
2023-Q4
16.900 17.428 18.455 16.933
15.671 16.092 17.429 15.966
2022-Q4
15.448 15.746 17.034 15.760
19.500 19.000 18.500 18.000 17.500 17.000 16.500 16.000 15.500 15.000 14.500 14.000 13.500 13.000 12.500 12.000
13.658 13.770 14.749 14.076
Gemiddelde netto jaarprijs uitkering (12-maands trend) in €
2025-Q1
2025-Turap
2025-Q3
Nieuwegein
N.B. De Y-as van de grafiek begint niet bij 0.
44
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Regelingskosten BUIG x €1
Houten Voorlopig BUIG-budget 2025 Nader voorlopig budget 2025 Definitief budget 2025 Uitgaven 2025 t/m september Inkomsten 2025 t/m september Saldo ten laste van budget
Totaal
Deel LKS
Deel overig
x €1
IJsselstein Voorlopig BUIG-budget 2025 Nader voorlopig budget 2025 Definitief budget 2025
10.454.573 10.169.806 10.846.835
803.668 747.016 788.425
9.650.905 9.422.790 10.058.410
8.398.529 142.618
495.207 0
7.903.322 142.618
8.255.911
495.207
7.760.704
Uitgaven 2025 t/m september Inkomsten 2025 t/m september Saldo ten laste van budget
0,00% 62,81%
1,80% 77,16%
Percentage inkomsten van totaal Percentage aanwending budget
Percentage inkomsten van totaal Percentage aanwending budget
Totaal
Deel LKS
Deel overig
9.494.462 9.194.476 9.806.956
736.638 643.658 679.337
8.757.824 8.550.818 9.127.620
7.716.975 109.992
458.443 0
7.258.532 109.992
7.606.983
458.443
7.148.541
0,00% 67,48%
1,52% 78,32%
x €1
Lopik Voorlopig BUIG-budget 2025 Nader voorlopig budget 2025 Definitief budget 2025 Uitgaven 2025 t/m september Inkomsten 2025 t/m september Saldo ten laste van budget Percentage inkomsten van totaal Percentage aanwending budget
Totaal
Deel LKS
Deel overig
x €1
Nieuwegein Voorlopig BUIG-budget 2025 Nader voorlopig budget 2025 Definitief budget 2025
2.945.128 2.843.766 3.031.616
371.321 330.795 349.132
2.573.807 2.512.971 2.682.484
2.381.897 26.695
204.078 0
2.177.819 26.695
2.355.202
204.078
2.151.124
Uitgaven 2025 t/m september Inkomsten 2025 t/m september Saldo ten laste van budget
0,00% 58,45%
1,23% 80,19%
Percentage inkomsten van totaal Percentage aanwending budget
Totaal
Deel LKS
Deel overig
22.383.267 21.807.964 23.266.200
1.140.544 1.067.346 1.126.510
21.242.723 20.740.618 22.139.690
17.784.008 374.348
787.483 0
16.996.524 374.348
17.409.660
787.483
16.622.176
0,00% 69,90%
2,20% 75,08%
De voorlopige budgetten zijn op 1 oktober 2024 gepubliceerd. In mei 2025 zijn de nader voorlopige budgetten bekend gemaakt. Op 30 september 2025 zijn de definitieve budgetten bekend gemaakt. De uitgaven omvatten de uitgekeerde bedragen aan bijstandshuishoudens, vóór verrekening van inkomsten. Die inkomsten komen voort uit parttime werk of terugvordering en verhaal van verstrekte bijstand. Het saldo van uitgaven en inkomsten komt ten laste van de gebundelde uitkering (BUIG) die de gemeente van de rijksoverheid ontvangt. Daarmee bekostigt de gemeente de uitkeringen Participatiewet, IOAZ, IOAZ, Bbz2004 en de inzet van loonkostensubsidie. N.B. De opgenomen bedragen zijn exclusief de kosten van de BBZ in Q3. Die informatie krijgen wij van de gemeente Utrecht, maar is voor het derde kwartaal nog niet beschikbaar gekomen. De kosten van de BBZ tot en met Q2 2025 zijn wel meegenomen in de opgenomen bedragen. 45
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Enkele aanvullende benchmarkgegevens (trends)
WIL
Ontvangsten met invloed op budgetresultaat (trend) Gemiddeld percentage klanten dat parttime werkt Gemiddelde inkomsten parttime werkende klanten Percentage inkomsten (deeltijd) arbeid dienstbetrekking Percentage andere inkomsten (vermogen, pensioen)
2,0% 6,7% € 817 46,0% 46,8%
Alle deelnemers 1,5% 8,7% € 773 55,5% 39,0%
Bron: Divosa benchmark Werk en Inkomen
Type KPI: Doelstelling: Realisatie:
Relevant Inkomsten zijn minimaal 1,5% van de uitgaven Inkomsten verschillen per gemeente. Het totaal voor WIL is 1,90 % van de uitgaven (excl. LKS)
De uitgaven omvatten de uitgekeerde bedragen aan bijstandshuishoudens, vóór verrekening van inkomsten. Die inkomsten komen voort uit parttime werk of terugvordering en verhaal van verstrekte bijstand. Het saldo van uitgaven en inkomsten komt ten laste van de gebundelde uitkering (BUIG) die de gemeenten van de rijksoverheid ontvangen. Daarmee bekostigen gemeenten de uitkeringen Participatiewet, IOAZ, IOAZ, Bbz2004 en de inzet van loonkostensubsidie.
46
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Openstaande vorderingen op de peildatum, naar bedrag en aantal debiteuren Soort vordering Terugvordering bijstand Part.wet en IOAW Terugvordering bijzondere bijstand Terugvordering participatie Terugvordering Regel. opvang onth. Oekraïne Terugvordering kinderopvang
Houten Aantal Euro 47 40.465 10 10.821
IJsselstein Aantal Euro 45 73.898 6 3.630 4 2
Lopik Aantal Euro 13 16.397
4.122 698
2
5.053
Schending inl.plicht Part.wet en IOAW/Z Schending inlichtingenplicht bijz. bijstand Terugvordering Loonkostensubsidie Verrekening Uitvoeringsinstantie Part.wet Krediethypotheken Participatiewet Bijstand als lening Onderhoudsplicht Part.wet =>21jr Verrekening lopende uitkering Schending inlichtingenplicht TOZO TOZO Terugvordering levensonderhoud Wet boete P-wet en studietoeslag
67 2
154.801 616
67 189.910 5 4.233
26 3
84.240 403
1 6
43.710 218.898
2
24.354
1
48.556
1 8 2 16
135 11.908 1.435 7.235
5 1 15
10.956 1.722 8.876
1 4
15 13.674
5
2.954
Leenbijstand Part.wet bijz. bijstand Terugvordering Studietoeslag 2022 Schending inlichtingenplicht studietoeslag Eigenbijdrageregeling Ontheemden Oekraïne Terugvordering lening overig Terugvordering voorschot Terugvordering Tozo voorschot
145 1
454.382 325
89 334.589
25 1
110.036 950
21 9 6 5
3.110 27.948 9.011 11.620
5 6 2 2
2 1
90 2.072
349
1.001.471
82
279.388
Totaal
Nieuwegein Aantal Euro 104 120.498 24 18.468 1 1.509
1.785 5.669 726 8.100
256 673.267
Totaal Aantal Euro 209 251.259 40 32.918 1 1.509 4 4.122 4 5.751
215 18 2 3 1 6 1 2 23 7 38
1.013.324 4.617 789 10.108 12.249 155.502 443 1.069 40.234 9.312 19.431
375 28 2 3 2 15 1 4 40 10 74
1.442.275 9.870 789 10.108 55.959 447.310 443 1.219 76.771 12.469 38.496
155 1 1
543.955 285 425
21 6 10
41.180 4.803 21.032
414 3 1 28 37 14 17
1.442.961 1.560 425 4.985 76.869 14.540 40.752
639
2.019.234
1.326
3.973.360
Bron: Suite voor Sociaal Domein
47
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Enkele aanvullende benchmarkgegevens Aantal debiteuren t.o.v. het bijstandsvolume Totaal bedrag openstaande vorderingen t.o.v. de uitgaven BUIG Debiteuren die aflossen op ten minste 1 vordering Gemiddeld maandelijks aflossingsbedrag per debiteur (trend) Debiteuren met recente vordering die aflossen op minstens 1 vordering
WIL 49% 108% 68% € 50 56,0%
Allen 57% 151% 51% € 49 48,9%
Regio 64% 181% 46% € 45 43,2%
Type KPI: Omschrijving: Doelstelling: Realisatie:
Bron: Divosa Benchmark Werk en Inkomen
Relevant Percentage vorderingen met invloed op het budgetresultaat waarop wordt afgelost 3 maands-gemiddelde gelijk of hoger dan de benchmark Benchmarkgemiddelde augustus 2025 is 26,2%. Gemiddelde WIL is 39,9%
Aantal bezwaarschriften en de afhandeling daarvan
Brongegevens Gegrond Ingetrokken Niet ontvankelijk Ongegrond Deels gegrond Ingetrokken (nieuw besluit) Totaal
2022
2023 74 26 22 97 24 12 255
2024 43 17 14 87 21 7 189
Aantal afgehandelde bezwaarschriften 2022
58 18 21 87 19 5 208
2025 t/m Q3 24 6 10 53 12 0 105
Aantal afgehandelde bezwaarschriften 2023
Gegrond
12; 4,7% 24; 9,4%
21; 11,1% 74; 29,0%
Door de jaren heen vertonen de diagrammen een vergelijkbaar beeld. In 2025 zijn minder bezwaarschriften afgehandeld, maar werden er ook minder bezwaarschriften ingediend. Er werden 99 bezwaarschriften ingediend in de eerste drie kwartalen van 2025. In de eerste drie kwartalen van 2024 werden er nog 159 bezwaarschriften ingediend.
Ingetrokken
7; 3,7%
43; 22,8%
Ingetrokken
Niet ontvankelijk
Niet ontvankelijk
Ongegrond
17; 9,0%
Deels gegrond
97; 38,0%
26; 10,2% 22; 8,6%
Ingetrokken (nieuw besluit)
Gegrond
Ongegrond Deels gegrond
87; 46,0%
14; 7,4%
Ingetrokken (nieuw besluit)
48
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Aantal afgehandelde bezwaarschriften 2024 19; 9,1% 5; 2,4%
Gegrond
58; 27,9%
Aantal afgehandelde bezwaarschriften 2025 12; 11%
Ingetrokken
Ingetrokken
Niet ontvankelijk
Niet ontvankelijk
Ongegrond
87; 41,8%
18; 8,7% 21; 10,1%
Gegrond
24; 23%
6; 6%
Deels gegrond Ingetrokken (nieuw besluit)
10; 10% 53; 50%
Ongegrond Deels gegrond Ingetrokken (nieuw besluit)
49
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Aantal meldingen poort gevolgd door een aanvraag uitkering levensonderhoud Aantal klanten waarvoor in 2023 een werkproces Poort is gestart 2023 Gemeente Q1 Q2 Q3 Q4 Totaal Aantal <27 Aantal ≥27 Houten 54 55 62 70 241 121 120 IJsselstein 53 68 50 76 247 86 161 Lopik 11 14 10 20 55 29 26 Nieuwegein 136 109 85 102 432 165 267 Totaal 254 246 207 268 975 401 574 Aantal meldingen in 2023 waarop geen aanvraag of een afwijzing ervan volgde 2023 Gemeente Q1 Q2 Q3 Q4 Totaal Aantal <27 Aantal ≥27 Houten 14 22 24 27 87 42 45 IJsselstein 12 11 17 30 70 23 47 Lopik 2 1 9 7 19 9 10 Nieuwegein 45 39 34 42 160 56 104 Totaal 73 73 84 106 336 130 206 Aantal klanten waarvoor in 2024 een werkproces Poort is gestart 2024 Gemeente Q1 Q2 Q3 Q4 Totaal Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
59 65 19 131 274
57 60 21 98 236
59 52 9 105 225
47 50 17 101 215
222 227 66 435 950
Aantal < Aantal ≥27 27 106 116 84 143 29 37 159 276 378 572
50
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Aantal meldingen in 2024 waarop geen aanvraag of een afwijzing ervan volgde 2024 Gemeente Q1 Q2 Q3 Q4 Totaal Aantal <27 Aantal ≥27 Houten 32 19 23 16 90 35 55 IJsselstein 19 20 23 12 74 23 51 Lopik 9 9 3 3 24 11 13 Nieuwegein 42 49 36 42 169 43 126 Totaal 102 97 85 73 357 112 245 Niet elke melding aan de poort wordt gevolgd door een uitkeringsaanvraag. De poort vervult ook een informatieve functie binnen het sociale domein. Als er wel een aanvraag wordt ingediend, volgt afhandeling door de afdeling Inkomen. Daar wordt het recht op bijstand beoordeeld en vastgesteld. De klant ontvangt daarvan een toekennende of afwijzende beschikking. Het besluit van de afdeling Inkomen om geen uitkering toe te kennen is meegeteld in de aantallen van de tweede tabel (geen of afwijzing aanvraag). Aantal klanten waarvoor in 2025 een werkproces Poort is gestart 2025 Gemeente Q1 Turap Q3 Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
60 57 9 120 246
31 39 5 71 146
71 72 14 153 310
Totaal 162 168 28 344 702
Aantal < 27
Aantal ≥27
31 23 10 49 113
131 145 18 295 589
Aantal meldingen in 2025 waarop geen of een afwijzing van de aanvraag volgde 2025 Gemeente Q1 Turap Q3 Totaal Aantal <27 Aantal ≥27 Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal
27 15 5 41 88
12 14 1 26 53
37 36 3 65 141
76 65 9 132 282
18 9 5 14 46
58 56 4 118 236
51
Kwartaalrapportage Werk en Inkomen Lekstroom Q3-2025
Afgehandelde klachten Genomen besluit na behandeling klacht Gegrond Ingetrokken Niet ontvankelijk Ongegrond Deels gegrond Wederzijdse overeenstemming Totaal
2022
2023 5 2 9 9 4 23 52
2024 6
2025 t/m Q3 3 7
4 7 5 19 41
2 21 6 15 47
Aantal afgehandelde klachten 2022 naar besluit 5; 9,6% 2; 3,8%
4 6 11 28
9; 17,3%
Gegrond
Niet ontvankelijk
4; 7,7%
Ingetrokken 4; 9,8% 19; 46,3% 7; 17,1%
Deels gegrond
Aantal afgehandelde klachten 2025 naar besluit
Gegrond
Niet ontvankelijk
Gegrond 7; 25%
Ingetrokken 11; 39% Niet ontvankelijk
Ongegrond 21; 45%
Deels gegrond
5; 12,2%
Ingetrokken
15; 32%
Niet ontvankelijk Ongegrond
Aantal afgehandelde klachten 2024 naar besluit 3; 6% 2; 4%
Relevant Geen, de kwaliteit van afhandeling is van belang
Gegrond
6; 14,6%
Ongegrond 9; 17,3%
Type KPI: Doelstelling:
Aantal afgehandelde klachten 2023 naar besluit
Ingetrokken 23; 44,2%
Klantbeleving begint bij goed klantcontact. Wij doen ons best om dat professioneel te laten verlopen, waarbij tevredenheid van beide kanten belangrijk is. In verhouding tot het aantal contacten dat wij met klanten hebben, ontvangen we relatief weinig klachten.
Ongegrond 4; 14%
Deels gegrond
Deels gegrond
6; 13% 6; 22%
52