CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Evaluatie minimaregelingen (2019)

Gemeenteraad 20 april 2021, gemeente HoutenBij agendapunt: Rekenkamerrapport Onderzoek lokale inkomensregelingen13.104 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Echter zullen de uitvoeringskosten eind 2018 door de overstap eenmalig hoger zijn. Verwachting is wel dat we binnen het begrote bedrag blijven. Bereik 2018 + doelgroep: Er zijn 782 deelnemers 18+ en 332 deelnemers onder de 18 jaar in 2018. Dit maakt een totaal van 1.114 inwoners. Van de 18+ is 70,3% deelnemer aan de GV2 en 29,7% deelnemer aan de GV3. Daarnaast moeten ze om gebruik te maken van de CZM een tandverzekering nemen. De doelgroep is mensen met een inkomen tot 150% van de bijstandsnorm (geen vermogenstoets). Zij krijgen een collectiviteitskorting van Menzis op de basispremie van 6% en 9% op de aanvullende verzekering. Waarbij de gemeente Houten bij inwoners met een inkomen tot 120% bijdraagt in de premie van de aanvullende verzekering. € 16,40 op de GV2 en € 30,- op de GV3. Structureel / incidenteel : Structurele gelden: 27

- € 245.760,- vanaf 2019 dit zijn Wmo gelden (Financiële tegemoetkoming WMO). Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: In de beleidsnota herijkt armoedebeleid benoemen we dat voorkomen beter is dan genezen en we de zelfredzaamheid willen vergroten. Met het aanbieden van deze polis zorgen we ervoor dat mensen met een laag inkomen en hoge zorgkosten wel gebruik kunnen blijven maken van betaalbare zorg. Dit doordat het pakket uitgebreider is, hoge kortingen worden gegeven en bij de lagere inkomens de gemeente mee betaalt aan de premie. Dit voorkomt zorgmijding en/of hoge zorgkosten door het niet voldoende verzekeren. Bijzonderheden: Menzis heeft aangegeven af te willen van de contracten buiten haar kernwerkgebied, waaronder Houten. Er is een contract tot 1 januari 2021. Echter moeten de andere Lekstroom gemeenten per 1 januari 2020 op zoek naar een andere zorgverzekeraar. Gezien de terugtrekkende beweging van Menzis en om tot een beter en gezamenlijk aanbod te komen willen we aanhaken bij de andere Lekstroom gemeenten. Momenteel zijn IJsselstein, Lopik en wij in overleg met zorgverzekeraars om per 1 januari 2020 de nieuwe CZM aan te bieden. Nieuwegein is al met spoed eind 2018 per 1 januari 2019 overstapt naar VGZ.

Bij het aanbieden van een nieuwe CZM is er het risico dat niet iedereen overstapt en dus weer met een laag deelnemers aantal gestart moet worden. Doordat we nu al in gesprek zijn en voor de zomer van 2019 een keuze willen maken kunnen we op tijd inwoners informeren en inzetten op communicatie en ondersteuning bij het overstappen. Met ingang van 2020 wordt de maximale korting op collectiviteiten verlaagd naar 5%. Dit is landelijk bepaald. De collectieve zorgverzekering voor minima is een voorliggende voorziening voor bijzondere bijstand. Dit betekent dat wanneer iemand toegang heeft tot deze polis en de zorgverzekering dit dekt dit voorliggend en toereikend is en er dus geen bijzondere bijstand wordt verstrekt. Dit voorkomt beroep op bijzondere bijstand. Uit onderzoek over 2018 blijkt: -

Landelijk is het gemiddelde bereik in 2018 37% (Houten zat 2018 op 36%).

De gehele Lekstroom zat in 2017 op een bereik van 43% en 2018 op 40%. Een aantal Lekstroom gemeenten heeft haar gemeentelijke bijdragen flink verhoogd vanaf 2017 waardoor meer mensen hebben gekozen voor de CZM en het bereik hoger werd. De gemeentelijke bijdragen van Houten is gemiddeld lager dan gemiddeld in de Lekstroom (let op dit is een gemiddelde over GV2 en GV3 – aanvullende verzekeringen waar de gemeentelijke bijdrage voor geldt). Dit komt mede doordat onze gemeentelijke bijdrage op de Garant Verzorgt 2 € 16,40 is terwijl de andere Lekstroom gemeenten deze flink verhoogd hebben tot € 25,00 en hoger. Landelijk zit Houten ook gemiddeld iets lager. Het aantal inwoners met een wanbetalersstatus is in Houten lager dan Lekstroom breed en landelijk (Houten 0,5%, Lekstroom 1,0%, landelijk 1,5%) Het aantal mensen met een wanbetalersstatus met een uitkering in Houten ligt ruim lager dan in Lekstroom verband of landelijk. 1 op de 16 mensen ten opzichte van 1 op 8 of 9.

28

Tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (vangnetregeling): Het verstrekken van een financiële tegemoetkoming aan chronisch zieken en gehandicapten met een laag inkomen zodat meerkosten geen belemmering opwerpt om zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren. Naam uitvoerder: WIL Financiële omvang 2018: Ongeveer € 175.000,-. Dit bestaat uit: - Hiervan organisatiekosten: € 13.816,- Hiervan aan de inwoner (toekenning): € 160.600,Financiële omvang begroting 2019: Begroot: € 175.000,Prognose 2019: Het begrote bedrag is op basis van de kosten van het jaar ervoor. De regeling werkt met een budgetplafond. Dit betekent dat alle kosten van uitvoering en toekenning hier binnen moeten vallen. Er wordt daarom gewerkt met een tegemoetkoming van maximaal € 300,- die achteraf wordt vastgesteld. Nu de regeling 3 jaar is uitgevoerd en er uitgebreid is ingezet op communicatie verwachten we geen grote groei van het aantal aanvragen meer. De verwachting is rond de 600 tegemoetkomingen over 2019 te kunnen verstrekken. Daarmee blijft de bijdrage aan de inwoner rond de € 275,-. Bereik 2018 + doelgroep: Vorig jaar zijn er 584 toekenningen geweest (totaal 695 aanvragen). Doelgroep zijn chronisch zieken en gehandicapten met een laag inkomen. Hierbij houden we 120% van de bijstandsnorm aan (geen vermogenstoets).

Bij een inkomen hierboven worden de zorgkosten (minus tandartskosten) afgetrokken van het inkomen en opnieuw bepaald of het inkomen daarmee wel onder de 120% van de bijstandsnorm komt. Met betrekking tot de definitie chronisch ziek wordt gekeken naar een indicatie; WLZ, Jeugd, Wmo of wanneer er de afgelopen 2 jaren zorgkosten boven de € 350,- zijn gemaakt. De grote van de doelgroep die hiervoor in aanmerking zou kunnen komen is niet in te schatten. Inwoners met een laag inkomen of indicatie krijgen hierover een brief (ongeveer 1.800 brieven). Structureel / incidenteel : Structurele gelden maar hoogte veranderd: - € 175.000,- vanaf 2019 uit Wmo gelden (Financiële tegemoetkoming WMO). - € 103.834,- vanaf 2020 uit Wmo gelden (Financiële tegemoetkoming WMO). Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: Vanuit de gemeente bieden we zoals omschreven in het herijkt armoedebeleid een vangnet gericht op herstel van de participatie. Hierbij geven we aan dat financiën geen drempel mogen zijn om deel te nemen aan de maatschappij. Met de tegemoetkoming bieden we inwoners met hoge zorgkosten en een laag inkomen een tegemoetkoming die (enigszins) aansluit op de kosten van het verplicht eigen risico (nu € 385,-). Hoewel dit achteraf pas 29

wordt verstrekt (check op het jaar ervoor, anders is het niet meetbaar) voorkomt dit mogelijk zorgmijding. Omdat er naar de daadwerkelijke kosten wordt gekeken en het inkomen wordt gecheckt komt de tegemoetkoming ook bij de mensen die dit daadwerkelijk nodig hebben. De uitvoering past ook steeds meer bij de bedoeling doordat ook mensen met een hoger inkomen in aanmerkingen kunnen komen als zij daadwerkelijk erg hoge zorgkosten hebben en daardoor een inkomen van minder dan 120% van de bijstandsnorm overhouden. Bijzonderheden: Vanuit het rijk werd een tegemoetkoming verstrekt aan mensen met een zorgindicatie (de WTCG- en CER gelden). Dit betekende ook dat mensen die het niet nodig hadden een tegemoetkoming ontvingen. Het rijk heeft dit budget aanzienlijk verkleind en vervolgens gemeenten de opdracht gegeven hiermee aan de slag te gaan en ervoor te zorgen dat de juiste mensen worden bereikt en hiervoor in aanmerking komen. Hierop is door de raad in november 2014 € 250.000,- voor 2 jaar beschikbaar gesteld om een vangnetregeling op te stellen. Inmiddels is deze over 2016, 2017 en over 2018 (€ 175.000,-) uitgevoerd. Uit de evaluatie over 2016, 2017 en 2018 blijkt dat: Met de aanpassingen vanaf 2016 van de regeling zijn stappen gemaakt die passen binnen de uitgangspunten die meegegeven zijn vanuit de raad en het doel van de regeling. De regeling is kosten bewust.

Er zijn lage uitvoeringskosten waardoor het grootste deel naar de inwoner gaat die dit nodig heeft. De regeling zoals die is past ook nog steeds bij de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot zorgkosten. De regeling kan vanaf 2020 uitgevoerd worden met een budget van € 143.834,-. Hiervoor dient zoals voorgesteld per 2019 al een bedrag van € 40.000,- vanuit het budget minimabeleid voorziening overgeheveld te worden. Dit lagere totaalbedrag heeft wel consequenties voor de regeling. Deze regeling werkt met een plafondbudget. Bij dezelfde uitvoeringskosten en (ongeveer) hetzelfde aantal toekenningen als afgelopen jaar zou de tegemoetkoming aan inwoners naar een bedrag van ongeveer € 219,- per aanvrager gaan. Vorig jaar was de tegemoetkoming €275,-. In de regeling is er een maximale tegemoetkoming opgenomen van € 300,-.

30

Bijzondere bijstand: Aanvullende inkomensondersteuning die wordt verstrekt als bijzondere omstandigheden in het individuele geval leiden tot noodzakelijke kosten van het bestaan, waarin het inkomen niet voorziet, die niet gedekt worden door voorliggende voorzieningen en die niet uit de draagkracht kunnen worden voldaan. Naam uitvoerder: WIL Financiële omvang 2018: Bijzondere bijstand (incl. Participatiewet regelingen: individuele studietoeslag, Individuele inkomenstoeslag en gemeentelijke regeling indirecte schoolkosten (zie volgende regeling): -

€ 447.062,- Bijzondere bijstand

-

€ 501.689,- Personeel

-

- € 96.992,- Terugvorderingen (deze worden verrekend met de bijzonere bijstand)

-

€ 851.759,- Totaal kosten bijzondere bijstand

Financiële omvang begroting 2019: Voor 2019 is een totaal bedrag begroot van € 933.638,- Dit is onderverdeeld in: -

€ 628.186,- Bijzondere bijstand

-

€ 384.200,- Personeel

-

- € 78.748,- Terugvordering (deze worden verrekend met de bijzondere bijstand)

-

€ 933.638,- Totaal kosten bijzondere bijstand

Prognose 2019: De kostenpost bijzondere bijstand (zonder personeelskosten en terugvorderingen) zijn de afgelopen jaren flink gestegen. 2013: € 362.219,2014: € 469.048,2015: € 534.293,2016: € 867.232,- (extra inzet op plaatsing statushouders in Houten) 2017: € 627.288,WIL geeft aan dat één van de oorzaken van de stijging van deze kosten de kosten voor bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten zijn. Het voornemen van WIL is hierop in 2019 nog een pilot te starten om uitstroom te realiseren. Er draaien hierop landelijk ook pilots om aan de voorkant (voordat bewindvoering wordt uitgesproken) mee te beslissen over de beste oplossing. Landelijk wordt nog gesproken om wettelijk adviesrecht vooraf van de gemeente in te regelen. Verwachtingen over deze kosten zijn erg moeilijk. Ook de instroom van statushouders in de gemeente Houten heeft invloed op deze kosten. In 2016 was er een grote instroom, waardoor in 2017 weinig plaatsingen zijn geweest. Dit jaar is er weer instroom maar ligt deze met een taakstelling van 34 een stuk lager dan in 2016. 31

Bereik 2018 + doelgroep: Uit de kwartaalcijfers blijkt dat WIL ongeveer 684 aanvragen heeft afgehandeld voor de gemeente Houten in het kader van deze regeling. Dit zijn alle ontvangen aanvragen inclusief de afgewezen en ingetrokken aanvragen. 132 aanvragen hiervan hebben betrekking tot bewindvoeringskosten, 33 aanvragen hebben betrekking op de regeling indirecte schoolkosten, 289 aanvragen hebben betrekking op de individuele inkomenstoeslag (IIT), 7 op de individuele studietoeslag en dus 213 aanvragen met betrekking tot (andere) bijzondere bijstand aanvragen. Doelgroep voor bijzondere bijstand voor gemeente Houten is iedereen met een inkomen tot 100% van bijstandsniveau. Is het inkomen hoger dan 100% dan geldt dat het inkomen hierboven voor 35% meetelt voor de draagkracht van de inwoner. Bij aanvragen voor duurzame goederen is dit 100%. Het vermogen boven de vermogensgrenzen van de bijstandswet telt volledig mee als draagkracht. Structureel / incidenteel : Dit zijn structurele gelden. Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: In de beleidsnota Herijkt armoedebeleid is het bieden van een vangnet gericht op herstel een doelstelling. Hierin geven we aan dat door omstandigheden zoals schulden of life events, of door het ontbreken van bepaalde vaardigheden kunnen inwoners in armoede terecht komen.

De stress die dit met zich mee brengt zorgt voor wantrouwen en een korte termijn focus waardoor het toekomst perspectief vertroebelt. Daarom is het belangrijk om aan inwoners die in een armoede situatie terecht komen of dreigen te raken, passende ondersteuning en perspectief te bieden. Armoede zien we als een tijdelijke status. We zoeken met onze partners naar duurzame oplossingen om uit de armoede te komen. Bijzondere bijstand is een methode om dit voor elkaar te krijgen. Hierbij geldt altijd een goede onderbouwing van de noodzakelijkheid van de kosten die voortvloeien uit persoonlijke individuele omstandigheden. De uitvoering van bijzondere bijstand is een verplichting vanuit de Participatiewet. Het college stelt de inkomensgrenzen en daarbij behorende draagkracht vast. Bijzonderheden: Per 1 januari 2018 zijn de beleidsregels met betrekking tot bijzonder bijstand herschreven. De wijzigingen binnen de beleidsregels bijzondere bijstand moeten zorgen voor een betere leesbaarheid voor de klant. De aanpassingen hebben geen financiële consequenties gehad. Per 30 januari 2018 is deze ook door ons college vastgesteld en is de raad per brief geïnformeerd. In de Lekstroom worden de volgende inkomensgrenzen voor bijzondere bijstand gehanteerd: Houten

100% van de toepasselijke bijstandsnorm

Nieuwegein

100%

Lopik

100%

Vianen

105%

IJsselstein

110%

32

Bij allen geldt dat inkomen hierboven voor 35% wordt meegenomen voor de draagkracht van de inwoner. Bij duurzame goederen is dit 100%. Ook geldt bij allen dat vermogen boven de vermogensgrens gerekend wordt tot de draagkracht. De doorloop tijden zijn een zorg met betrekking tot de regelingen die WIL uitvoert. Het is onwenselijk dat de termijn van afhandeling langer duurt dan 8 weken. Uit de kwartaalcijfers van WIL blijkt het aantal aanvragen met een doorlooptijd van meer dan 8 weken. Q1: 29,8% Q2: 11,9% Q3: 32 % Q4: 15,9% WIL geeft aan dat in het eerste kwartaal (en daarvoor) er extra inzet is geweest op personeel waardoor in Q2 de doorlooptijden van de aanvragen is verbeterd. Toen deze extra inzet ophield is het weer opgelopen waarnaar er weer extra personeel is ingezet zodat in Q4 de doorlooptijden weer dalen.

33

Regeling indirecte schoolkosten: Maatschappelijke participatie van kinderen is van groot belang met het oog op een zelfredzame toekomst. In dat verband is het gewenst dat inkomensondersteuning ten behoeve van die participatie rechtstreeks aan zoveel mogelijk minderjarige kinderen van de doelgroep ten goede komt. Om die reden verdient een verstrekking ‘in natura’ de voorkeur boven een geldbedrag. Onder maatschappelijke participatie wordt verstaan: a. lidmaatschap van een jeugd-, sport- of ontspanningsvereniging; b. deelneming aan muziek- en/of dansonderwijs; c. bezoek aan zwembad, bibliotheek, theater, concert, museum, bioscoop en/of pretpark; d. deelneming aan schoolreisjes, excursies en andere door school georganiseerde activiteiten; e. activiteiten op het gebied van het maatschappelijk welzijn. Voor basisschoolkinderen kan een bedrag tot € 40,- per schooljaar worden aangevraagd en voor kinderen in het voortgezet onderwijs tot een bedrag van € 240,-. Naam uitvoerder: WIL Financiële omvang 2018: Ongeveer € 7.000,-. Dit zijn de kosten die worden besteed aan de kinderen. Hierin zitten dus geen uitvoeringskosten van WIL. Financiële omvang begroting 2019: WIL splitst de kosten van deze regeling niet apart op van de bijzondere bijstand en wordt dus in de begroting meegenomen in het totale budget wat begroot staat voor Bijzondere bijstand.

Zie kopje bijzondere bijstand Prognose 2019: Verwachting is voor 2019 is ongeveer hetzelfde bedrag als over 2018. Vanaf het schooljaar 2019 – 2020 is het voornemen de gelden voor deze regeling onder te brengen bij Stichting Leergeld Houten. Zij hebben een groter bereik en is voor de inwoner een lagere drempel om dit aan te vragen. Daarnaast kunnen zij veel sneller handelen. Bereik 2018 + doelgroep: Uit de kwartaalcijfers van WIL blijkt dat er 33 aanvragen gedaan zijn voor de regeling indirecte schoolkosten. Uit eerdere navraag naar de cijfers hiervan blijkt dat het systeem van WIL het helaas niet toe laat om te zien om hoeveel unieke kinderen het gaat. Eén aanvraag kan bijvoorbeeld voor meerdere kinderen worden gedaan. Dat maakt het ook lastig om te zien of wat verstrekt werd ook aansluit bij waar men in totaal recht op heeft. Cijfers over 2018 met betrekking tot aantal aanvragen zijn helaas nog niet bekend! Schoolgaande kinderen (t/m 17 jaar) van gezinnen met een inkomen onder de 110% van de bijstandsnorm. Daarbij geldt een vermogensgrens zoals is vastgesteld in de Participatiewet. De regeling is om deze kinderen te ondersteunen in de noodzakelijk geachte kosten om te participeren op school. Structureel / incidenteel : Dit zijn structurele gelden (post bijzondere bijstand). 34

Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: Deze regeling valt onder het minimabeleid van de gemeente Houten. Deze bestond al voor de oprichting van WIL en is door WIL opgenomen. In het armoedebeleid omschrijven we het bieden van een vangnet gericht op herstel van participatie. De regeling indirecte schoolkosten geeft na declaratie van bonnen ouders geld terug voor de aankopen voor school. Dit betekent wel dat ouders dit eerst zelf moeten betalen. Deze regeling past binnen het armoedebeleid: Iedereen doet mee naar vermogen! Ook mensen die in armoede terecht komen moeten de mogelijkheid hebben te participeren. Daarom mogen financiën geen drempel zijn om deel te nemen aan de maatschappij. Samen met onze partners nemen we waar nodig de financiële drempels weg. Aansluiting op het collegeprogramma: De vicieuze cirkel van armoede doorbreken we door het aanbieden van een breed kindpakket zodat zij op het gebied van sport, cultuur en activiteiten op en buiten school deel kunnen (blijven) nemen. Bijzonderheden: Stichting Leergeld Houten geeft aan dat de afhandeling van deze aanvraag vaak lang duurt. Uit de Q4 cijfers van WIL blijkt dat 10,6% langer duurt dan 8 weken en 59,6% 5 tot 8 weken. Daarmee is de afhandeling van de aanvragen al wel een stuk vooruit gegaan ten opzichte van 2017.

Stichting Leergeld Houten geeft aan dat extra bijdragen altijd een probleem zijn voor minima, voor deze regeling mensen eerst het bedrag zelf moeten betalen en het dan terug krijgen. Als de afhandeling dan ook nog op zich laat wachten maakt dit het erg lastig. Met betrekking tot de regeling indirecte schoolkosten is in het uitvoeringsplan 2019 van het armoedebeleid aangegeven deze regeling (op andere wijze) onder te brengen bij Stichting Leergeld Houten. Stichting Leergeld Houten heeft een hoger bereik, waardoor de middelen mogelijk niet toereikend zijn voor de totaal bereikte doelgroep. Er wordt gezocht naar een passende oplossing.

35

Tegemoetkoming kinderopvang (Sociaal medisch / participatietraject WIL): Ouders met kinderen op het basisonderwijs en een (aanvullende) bijstandsuitkering voor wie kinderopvang noodzakelijk geacht is tegemoet komen in de kosten van de kinderopvang zodat dit geen studie, re-integratietraject, werk of ontwikkeling van het kind in de weg staat. Naam uitvoerder: WIL Financiële omvang 2018: De kosten van tegemoetkoming kinderopvang over 2018 zijn € 97.714,Dit is een extreme stijging ten opzichte van voorgaande jaren waarin rond de € 30.000,- aan deze tegemoetkoming werd uitgegeven. Met name de klanten met een sociaal medische indicatie (dus die geen tegemoetkoming vanuit de belastingdienst krijgen) zorgen voor de hoge kosten. Hierbij draait de gemeente op voor alle kosten. Financiële omvang begroting 2019: Voor 2019 is een totaal bedrag begroot van € 31.972,-. Hierbij wordt een bedrag van € 60.000,- (vanuit stelpost “bijzondere bijstand voor kwetsbare groepen”) naar deze post structureel overgeheveld. Zodat er een bedrag van € 91.972,- begroot staan. Prognose 2019: Vooralsnog maken we een raming voor dezelfde kosten. De toedracht van de toegenomen kosten wordt nog onderzocht. Daarnaast onderzoeken we mogelijkheden om meer grip op deze kosten te krijgen. Onderdeel hiervan is dat er nieuwe beleidsregels worden opgesteld en een nieuwe verordening volgt.

Bij het opstellen van een nieuwe verordening wordt gekeken naar de mogelijkheden om hier meer grip op te krijgen. Het uitgangspunt blijft dat de kinderopvang bij een SMI tijdelijk is. In de verordening wordt ruimte gegeven om integraal het probleem op te pakken zodat kinderopvang daadwerkelijk tijdelijk kan blijven. Dit willen we over 2019 en 2020 onderzoeken met de andere Lekstroom gemeenten, het Sociaal Team en WIL. Bereik 2018 + doelgroep: Over 2018 waren het eerste half jaar 17 toekenningen voor een tegemoetkoming bij een traject (waarbij de tegemoetkoming van de belastingdienst wordt aangevuld voor de WIL klant). En er waren 8 toekenningen van mensen die een kind naar de opvang brachten op basis van een sociaal medische indicatie. De totale cijfers over 2018 zijn nog niet bekend. Uit de kwartaalcijfers blijkt dat er 33 aanvragen zijn geweest voor gemeente Houten in 2018. Dit is inclusief afwijzingen en intrekkingen. Doelgroep: u en/ of uw partner behoren tot:   

een van de doelgroepen (zie hieronder) én u een kinderopvangtoeslag van de belastingdienst ontvangt of kunt ontvangen. Indien u of uw partner de mogelijkheid heeft om uw kind zelf op te vangen, dan is er geen recht op tegemoetkoming kinderopvang.

- U ontvangt een uitkering op grond van de PW, IOAW/IOAZ of Anw én u maakt gebruik van een voorziening die gericht is op arbeidsinschakeling 36

- U heeft een inkomen uit werk, aangevuld met een bijstandsuitkering op grond van de PW - U bent (alleenstaande) ouder jonger dan 18 jaar en u volgt een fulltime opleiding. - U bent een (alleenstaande) ouder jonger dan 18 jaar en u ontvangt een uitkering van de PW of u kunt deze ontvangen - U volgt een voltijd opleiding. U staat ingeschreven bij een school of onderwijsinstelling volgens de Wet Studiefinanciering of WTOS Bij leer- taal achterstand: 

Op verwijzing van consultatiebureau

Structureel / incidenteel : Structurele gelden: - € 31.972,- (post kinderopvang). - € 60.000,- (stelpost bijzondere bijstand kwetsbare groepen). Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: In de Wet kinderopvang wordt de wettelijke aanspraak geregeld op de kinderopvangtoeslag voor de kosten van kinderopvang. Het college kan aan bepaalde doelgroepen een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang verstrekken. De wetgever wil hiermee voor de ouders en andere verzorgers de combinatie van arbeid en zorg vergemakkelijken en de toegankelijkheid van kinderopvang vergroten. De tegemoetkoming kinderopvang op basis van Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een vangnetregeling die gemeenten de mogelijkheid geeft om gezinnen tijdelijk financieel te ondersteunen in de kosten van de kinderopvang als zij door bepaalde medische of sociale omstandigheden tijdelijk niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag. Elke gemeente heeft de beleidsvrijheid om per situatie te bepalen hoe het gezin het beste tijdelijk kan worden ondersteund. De gemeente kan hierbij aansluiten bij de Participatiewet. Het streven is om het gezin in de positie te krijgen dat de ouders weer meedoen aan het arbeidsproces en/of er weer een goede opvoedingssituatie in het gezin is waardoor de SMI niet meer nodig is.

Bijzonderheden: Van de Lekstroom gemeenten zijn vooral de gemeente Nieuwegein en met name de gemeente Houten erg gestegen in de kosten. De gemeente heeft invloed op: - De wijze van toetsing op het afgeven van een medische indicatie. De gemeente kan voorwaarden geven waaraan moet worden voldaan voordat de indicatie wordt afgegeven. - Het aantal uren kinderenopvang die vanuit de gemeente gegeven wordt bij het aanvragen van de tegemoetkoming bij een Sociaal medisch indicatie.

37

Stichting Urgente Noden Lekstroom: Het lenigen van materiele noden van personen of groepen van personen, met name in die gevallen waarin bestaande wettelijke regelingen daarin niet, niet voldoende of niet tijdig voorzien. Dus financiële steun geven aan inwoners van de Lekstroomgemeenten die vaak in een urgente financiële nood verkeren en niet of niet meer tijdig in aanmerking komen voor zogenaamde voorliggende voorzieningen. Naam uitvoerder: Stichting Urgente Noden Lekstroom (SUN Lekstroom) Financiële omvang 2018: Over 2018 is Stichting Urgente Noden Lekstroom met een bedrag van € 5.000,- ondersteund om inwoners van Houten te helpen. Dit bedrag is gebaseerd op de daadwerkelijke kosten die SUN Lekstroom uitgeeft aan inwoners van Houten (26 aanvragen uit Houten over 2017). Financiële omvang begroting 2019: Gezien de stijging van het aantal aanvragen voor inwoners uit Houten in 2018 (van 26 naar 32 aanvragen) is de ondersteuning vanuit de gemeente Houten opgehoogd naar € 7.000,-. Dit past bij de ondersteuning die SUN Lekstroom biedt aan inwoners van Houten. Dit past nog binnen de begroting (minimabeleid voorzieningen). Prognose 2019: Gezien de geschiedenis van aanvragen bij SUN Lekstroom en het optreden van IDO en Stichting Leergeld Houten die ook actief zijn in Houten is de verwachting dat het aantal aanvragen niet (veel) verder zal stijgen.

Bereik 2018 + doelgroep: Over 2018 zijn totaal 32 aanvragen voor inwoners vanuit de gemeente Houten bij SUN Lekstroom ingediend. De doelgroep voor SUN Lekstroom is inwoners van de Lekstroomgemeenten die in een urgente financiële noodsituatie verkeren en die niet, niet meer of niet tijdig in aanmerking komen voor zogenaamde voorliggende voorzieningen, zoals de Wet Werk en Bijstand of andere (lokale) voorzieningen. Aanvragen voor een financiële bijdrage kunnen worden gedaan door professionals die werkzaam zijn bij instellingen met wie de Stichting een convenant heeft afgesloten. Rechtstreeks contact met belanghebbenden over het toekennen van de aanvraag vindt dus niet plaats. Het convenant bevat afspraken over de wijze van samenwerken. Structureel / incidenteel : De gelden vanuit minimabeleid voorzieningen zijn structurele gelden. Toelichting activiteit, inclusief Koppeling collegeprogramma / beleidsplan: In de beleidsnota Herijkt armoedebeleid is het bieden van een vangnet gericht op herstel een doelstelling. Hierin geven we aan dat door omstandigheden zoals schulden of life events, of door het ontbreken van bepaalde vaardigheden kunnen inwoners in armoede terecht komen. De stress die dit met zich mee brengt zorgt voor wantrouwen en een korte termijn focus waardoor het toekomst perspectief vertroebelt.

Daarom is het belangrijk om aan inwoners die in een armoede situatie terecht komen of dreigen te raken, passende ondersteuning en perspectief te bieden. Armoede zien we als een tijdelijke status. We zoeken met onze partners naar duurzame oplossingen om uit de armoede te komen. 38

SUN Lekstroom, net als bijzondere bijstand bij WIL of het aanbod van Stichting Leergeld Houten zijn methode om dit voor elkaar te krijgen. Daarbij dient opgemerkt te worden dat SUN Lekstroom echt een laatste redmiddel is. Bijzonderheden: De bureaukosten van SUN Lekstroom zijn ongeveer € 55.000,- (2017). Doelstelling van SUN Lekstroom is om deze kosten via subsidies te ontvangen. Nieuwegein levert momenteel € 40.000,-. Ook de overige Lekstroom gemeenten doen een bijdrage aan SUN Lekstroom. De donaties worden vervolgens volledig verstrekt aan noodhulp. Over 2017 waren er donaties tot een bedrag van € 45.000,-. De subsidies van gemeenten wil SUN Lekstroom gebruiken voor de bureaukosten. SUN Lekstroom vraagt de gemeente Houten ook op deze wijze bij te dragen. Vooralsnog wordt een bijdrage geleverd op basis van de kosten die zij maken voor inwoners van de gemeente Houten. Deze regeling maakt onderdeel uit van de opdracht evaluatie van subsidie aan partners op het gebied van armoede. Van daaruit zal bepaald worden op welke wijze de organisatie (bv. met budget voor organisatiekosten) in de toekomst ondersteund zal worden. Vooruitlopend hierop is op basis van eerdere jaren het voorstel een bedrag van € 7.000,voor Houtense inwoners beschikbaar te stellen aan SUN Lekstroom. Een onderdeel daarvan is ook om te kijken naar de overlap in activiteiten van de verschillende organisaties.

Zo blijkt uit het jaarverslag van 2017 dat een groot deel van de aanvragen boodschappen geld is (zie hieronder). Zij schrijven in hun jaarverslag:” De reden hiervoor is dat dit jaar sprake was van een groter aantal mensen die langere tijd zonder uitkering moesten blijven, omdat de situatie rond hun inkomen als onduidelijk werd beoordeeld.” Hierin zal de samenwerking gezocht moeten worden met WIL die (wettelijk) uiterlijk binnen vier weken na de aanvraag een voorschot moet verstrekken zolang het recht op algemene bijstand niet is vastgesteld.

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=e64ff97c-9a49-4ce7-9e60-9952f9b60a2e