CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 bij raadsvoorstel innovatie-agenda WIL gemeente Houtense verdieping .docx

Gemeenteraad 23 november 2021, gemeente HoutenBij agendapunt: Evaluatie Innovatie agenda WIL Lekstroom 2019-202111.408 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Houtense verdieping van de innovatie-agenda Evaluatie en vooruitkijken voor de projecten Houtense werktafel en Op Koers

1

Inhoud Houtense verdieping van de innovatie-agenda.......................................................................................1 Inleiding...................................................................................................................................................5 1.

De context van de innovatie-agenda...............................................................................................7

2.

De Houtense werktafel....................................................................................................................9 2.1 Aard en omvang van de doelgroep ...........................................................................................9 2.2 Werkwijze en basisnormen per categorie ...............................................................................10 2.3 Categorie A Werkfit (met ondersteuning): 74 mensen ...........................................................11 2.4 Categorie B1 Kansrijk voor werk: matchingstraject: 42 mensen.............................................12 2.5 Categorie B2 Op weg naar werk (inzet ondersteuningstraject gericht op werk): 198 mensen .......................................................................................................................................................12 2.6 Categorie C Activering en overig (momenteel geen kansen op werk): 163 mensen...............15 2.7 Categorie D.

Geen mogelijkheden langere termijn: 165 mensen ...........................................15 2.8 Niet ingedeeld: 31 mensen......................................................................................................16 2.9 Mensen met een indicatie baan-afspraak ...............................................................................16 2.10 Statushouders........................................................................................................................17 2.12 Samenwerkingspartners............................................................................................................18 2.13 Kwantitatieve onderbouwing ....................................................................................................19

3.

Op Koers ........................................................................................................................................20 3.1 Wenselijke manier van werken ...................................................................................................20 3.2 Kwantitatieve informatie.............................................................................................................22 3.2 Voorbeelden ................................................................................................................................23 3.3 Verbeterpunten...........................................................................................................................23

4.

Financiële paragraaf ......................................................................................................................24 4.1 Benodigde financiële middelen voor HWT en Op Koers .............................................................24 4.1.1 Financiën Houtense werktafel..............................................................................................24 4.1.2 Kosten Op Koers ...................................................................................................................26 4.1.3 Baten Houtense werktafel / Op Koers..................................................................................27 4.2 Beschikbare middelen .............................................................................................................29

5 Conclusie en vervolg...........................................................................................................................30 Bijlage 1 Urenberekening op basis van basisnormen............................................................................31 Bijlage 2 Factsheet Op Koers 2020 ........................................................................................................32 ...............................................................................................................................................................32 Bijlage 3 overzicht verbeterpunten en projecten Houtense werktafel .................................................33

2

Inleiding Met de Houtense gemeenteraad is afgesproken dat er in het najaar 2021 een lokale evaluatie plaatsvindt van de projecten Houtense werktafel en Op Koers in het verlengde van de regionale evaluatie innovatie-agenda. Voor u ligt deze lokale evaluatie innovatie-agenda. Doel van de innovatie-agenda was te experimenteren met de dienstverlening op het gebied van werk om zo toe te groeien naar een meer lokale ondersteuning van inwoners op het terrein van werk en inkomen, in aansluiting op de leefwereld van inwoners. De evaluatie van de innovatie-agenda is een markeerpunt, waarbij de experimenteerfase voorbij is en op basis van de ervaringen wordt gekozen voor een reguliere structuur. In deze notitie wordt op basis van deze ervaringen de wenselijke structuur van de HWT en Op koers geschetst met het daarbij behorende financiële plaatje. Deze evaluatie is een zelf-evaluatie, doordat deze is opgesteld op basis van informatie en verbeterpunten van direct betrokkenen. De Adviesraad Sociaal Domein las mee met het concept van deze evaluatie en hun advies is bij het raadsbesluit gevoegd. Context In deze lokale evaluatie wordt voortgebouwd op de aandachtspunten uit de 0-meting en wordt een meer specifieke invulling gegeven van de regionale innovatie-agenda.

Voortbouwen op de 0-meting Op 26 november 2020 heeft de raad een informatiebrief Houtense werktafel ontvangen met daarin een nul-meting en een opdracht 2021. De nul-meting eind 2020 was noodzakelijk, omdat op dat moment nog geen goede evaluatie gemaakt kon worden van de lokale werkteams, omdat de Coronacrisis behoorlijke impact had op de manier van werken. Deze nul-meting Houtense werktafel vormt de basis voor deze notitie. Belangrijkste aandachtspunten uit de 0-meting zijn: -

-

De visie en de ambities moeten worden vertaald naar een realistisch meerjaren-plan met passende FTE / financiën, rekening houdend met de financiële situatie van de gemeente Houten Er is een tekort aan laagdrempelige werkprojecten waar kandidaten zich arbeidsmatig kunnen ontwikkelen en doorstromen naar betaald werk Er moet een toekomstbestendig antwoord worden geformuleerd op de dienstverlening aan mensen met een arbeidsbeperking. De gemeente heeft sinds 1 januari 2015 de wettelijke verplichting deze kandidaten te ondersteunen bij hun arbeids(re-)integratie. Dit is een blijvend groeiende doelgroep. De voorzichtige prognose is dat er voor de gemeente Houten jaarlijks 25/30 kandidaten bij zullen komen. De kandidaten in deze klantgroep zijn bijna allemaal geboren na 1985 en zijn dus relatief jong. Gezien het aantal jaren dat zij nog actief kunnen zijn op de arbeidsmarkt, en niet afhankelijk zijn van een uitkering, is investeren in deze doelgroep dus rendabel. Het omgekeerde is ook waar. Als er aan deze klantgroep geen aandacht gegeven wordt, is de kans dat kandidaten meer problemen ontwikkelen reëel. Schulden, verslaving en overlast zijn risicofactoren. Tegelijkertijd zal hierdoor ook de druk op het Sociaal Team Houten toenemen.

In deze lokale evaluatie wordt aangegeven hoe invulling wordt gegeven aan deze aandachtspunten.

3

Enkele verbeteringen die tot stand zijn gekomen doordat er nu sprake is van lokale dienstverlening en die genoemd worden in de nul-meting worden bevestigd in de regionale evaluatie, zoals: -

-

inwoners het als een enorm voordeel zien dat zij voor gesprekken met een werkcoach niet meer naar Nieuwegein hoeven te reizen: de waardering van de betrokken inwoners op deze laagdrempelige en lokale voorziening moet behouden blijven. de verbetering van de samenwerking in het sociale domein

Verhouding met regionale evaluatie innovatieagenda Deze rapportage is een verdieping van “Eindrapportage & Advies - Evaluatie Innovatieagenda WIL Gemeenten 2019-2021”. Daarin wordt ingegaan op de lokale werkteams. En wat voor resultaten dit heeft opgeleverd. Wat de beste taakverdeling is tussen lokale werkteams en WIL en wat verbeterpunten zijn voor de toekomst. Dit is een regionale evaluatie en heeft daarom ook een wat algemenere insteek. Er wordt in de regionale evaluatie niet specifiek ingegaan op de onderdelen van de Houtense innovatieagenda: de doorontwikkeling van de Houtense Werktafel (HWT) en de pilot Op Koers. Opbouw van de lokale evaluatie In deze notitie wordt dieper ingegaan op de projecten Houtense werktafel (2) en Op Koers (3) door een beschrijving te geven van werkwijze en resultaten, in te gaan op verbeterpunten en voorbeelden te geven van de dienstverlening. . Voorafgaand aan de beschrijving wordt ingegaan op de context van de innovatie-agenda (paragraaf 1): “het verbeteren van de dienstverlening in het sociale domein”, zodat de resultaten van deze projecten kunnen worden beoordeeld binnen dit streven. In paragraaf 4 wordt een vooruitblik gegeven op de financiële consequenties in relatie tot doel en baten. In de conclusie wordt kort ingegaan op de afweging die in het nieuwe colegeprogramma moet worden gemaakt. .

4

1. De context van de innovatie-agenda Voordat we ingaan op De Houtense werktafel en Op Koers wordt in deze paragraaf nog kort ingegaan op de ambities die aan deze projecten, die in de context van de innovatie-agenda zijn opgestart, ten grondslag lagen. Deze ambities zijn afkomstig uit het schetsontwerp Lekstroom Werkt 2020 en de innovatie-agenda. Daarnaast wordt kort ingegaan op de geschiedenis van De Houtense werktafel / Op koers. Uit schetsontwerp Lekstroom werkt Ontschot werken en zo kansen benutten om integraler (vanuit mensen, niet vanuit regelingen) te werken.Maatwerk te bieden, effectiever met beperkte middelen omgaan en de expertise in de uitvoering beter in te zetten. Van focus op betaald werk, naar focus op betaald en onbetaald werk. Een verandering van paradigma met, ook al is dat nu nog in theorie, veel positievere effecten voor individu, samenleving en economie. Uit de Houtense innovatie-agenda De Houtense aanpak werk en inkomen kenmerkt zich door: -

Aandacht, aandacht, aandacht voor alle mensen in de bijstand. Inwoners niet geïsoleerd vanuit een bepaald vakgebied benaderen, maar kijken naar het verhaal dat zij met zich meedragen. Het uitgangspunt dat iedereen talenten heeft en de kans moet krijgen om deze in te zetten en te ontwikkelen, waar nodig met professionele ondersteuning. Een multidisciplinaire aanpak met de inwoner. Een complete oplossing te zoeken vanuit eigen regie. Inwoners worden niet van het kastje naar de muur gestuurd, maar we spreken met de inwoner en alle betrokken partijen over de best passende hulp of ondersteuning.

Een korte geschiedenis van de Houtense werktafel / Op Koers 2014 In 2014 formuleerde het college de ambitie om integraal innovatie te stimuleren op het gebied van participatie in brede zin (Wmo en Participatiewet). 2016 -2017 De raad nam bij de vaststelling van het Schetsontwerp Lekstroom Werkt 2020 in 2016 een amendement aan (038-2016). Hierin vroegen ze een lokaal actieplan te ontwikkelen. Het genoemde actieplan stelde de raad op 5 juli 2016 vast. Om de randvoorwaarden te scheppen voor de uitvoering van het lokaal actieplan voerde het college het idee van een zogenaamd Houtens Werkbedrijf als nieuwe ambitie op. Hierop nam de raad een motie aan, waarin specificaties zijn opgenomen voor het startdocument (071-2016). De Houtense Werktafel is het resultaat van het lokaal actieplan en bestaat sinds 2017.

5

2018 /2019 Eind 2018/begin 2019: “Startnotitie voor de innovatieagenda 2019-2020 WIL(3.0)-gemeenten” met als een van de speerpunten aandacht, aandacht, aandacht voor iedereen en integraal werken. Als onderdeel van de innovatie-agenda is ook de herverdeling regionale middelen tot stand gekomen. Dit was een combinatie van uitbreiding van doelgroep in combinatie met minder structurele middelen.

6

2. De Houtense werktafel De Houtense werktafel (HWT) is een groep werk-coaches die mensen uit de bijstand ondersteunt op weg naar participatie of werk. Daarnaast vervult de HWT een netwerkfunctie naar Houtense ondernemers, die plaats kunnen bieden aan een inwoner met een vraag naar werk. Hier wordt teruggeblikt op twee jaar Houtense werktafel. En wordt op basis van die ervaring een gewenste manier van werken aangegeven, gebaseerd op de ambities, zoals die onder 1 zijn verwoord. De werkwijze zoals hier beschreven is stap voor stap uitgedacht en opgebouwd. De ontwikkeling zal niet stilstaan. In 2022 staat een methodiek training op het programma waarin, soms breder dan de methodiek, veel aandacht is voor de achterliggende mensvisie, gespreksvoering, de interactie tussen de professionals en mensen in de bijstand en de veranderende rol van werk en inkomen in het sociale domein. Dit zal ongetwijfeld een impuls geven voor een verdere doorontwikkeling van de werkwijze geïnspireerd door de eerder uitgesproken ambities.

2.1 Aard en omvang van de doelgroep De mensen die worden begeleid door de Houtense werktafel zijn onder te verdelen in verschillende groepen met elk hun eigen begeleidings-intensiteit. Er zijn 5 categorieën (A, B1, B2, C en D). Binnen deze groepen is er een verdeling tussen mensen die wel of geen structurele arbeidsbeperking hebben. Totaal % Categorie A Werkfit (met ondersteuning) B1 Kansrijk voor werk: matchingstraject B2 Op weg naar werk (inzet ondersteuningstraject gericht op werk) C Activering en overig (momenteel geen kansen op werk) D Geen mogelijkheden langere termijn Niet vastgesteld

Totaal

74 42 198 163 165 31 673

Bijstand met structurele Bijstand arbeidsbeperking 11% 27 6% 37 29% 166 24% 140 25% 165 5% 31 100% 566

47 5 32 23

107

Tabel 1: omvang van de verschillende bijstandscategorieën (cijfers juni 2021)

Ongeveer 2/3 van het totale bestand zit langer dan 2 jaar in de bijstand. 17% (A+B1) zit in de bemiddelingsfase. Verder is er een ongeveer evenredige verdeling tussen de drie overige categorieën (B2, C en D). De afgelopen twee jaar zijn gebruikt om voor iedere persoon een profiel te maken en de passende dienstverlening te selecteren. De categorie-indeling geeft op hoofdlijnen een beeld van de diversiteit van de mensen in de bijstand en biedt aanknopingspunten om door middel van basisnormen een richtlijn te formuleren over benodigde capaciteit om basisdienstverdeling te kunnen bieden. Deze is gebaseerd op ervaring en getoetst bij omliggende sociale diensten en is als volgt: A +B1+B2 Op weg naar werk A op werk C Activering C activering door partnerorganisatie C/D in kaart brengen en jaarlijks contact

Regulier (uur per jaar) 18 (1:75) 13 (1:104) 12 (1:113) 6 (1:225)

Met indicatie (uur per jaar) 27 (x1,5) (1:50) 27 (1:50) 18 (x1,5) (1:75) 6 (1:225)

3 (1:450)

3 (1:450)

Tabel 2: aantal begeleidings-uren per jaar per categorie

7

Door deze manier van werken krijgt iemand afhankelijk van zijn situatie de passende hoeveelheid aandacht. Er kan opgeschaald en afgeschaald worden wanneer iemands persoonlijke situatie daarom vraagt. Op deze manier kan door maatwerk passende aandacht en betaalbaarheid worden gecombineerd. Uiteraard worden in de uitvoering deze normen niet strikt toegepast. Sommige mensen hebben meer begeleiding nodig, andere mensen minder. Maar het wordt gebruikt als richtlijn voor capaciteitstoewijzing om te komen tot een minimaal aanvaardbaar niveau van begeleiding. Vanaf 2021 wordt gewerkt met deze indeling en het is daarom lastig om vergelijkingen te maken met het verleden, ook omdat toen een gedeelte van de mensen geen actueel profiel had. Als we kijken naar twee hoofdpunten die door de invoering van de Houtense werktafel zijn veranderd aan de hand van deze categorieën, dan zijn dit: -

Er is naast werk ook gericht op het bereiken van maximale maatschappelijke participatie en toereikende ondersteuning ter voorkoming van sociaal isolement (bij doelgroep C) De mensen in categorie C+D worden gesproken en contacten worden gelegd met welzijn/zorg. Mensen worden doorverbonden (=warme overdracht), niet doorverwezen. De mensen in deze categorie werden voor de introductie van het lokale werken voor het overgrote gedeelte niet gesproken. Het gaat om meer dan 300 mensen.

Het kan zijn dat door de tijd verschuivingen van B2 en C naar boven plaatsvinden, maar ook naar beneden, omdat nog meer zicht wordt gekregen op wat mensen kunnen.

2.2 Werkwijze en basisnormen per categorie Bovenstaande categorisering geeft een beeld van de doelgroep. In deze paragraaf beschrijven we de wenselijke werkwijze, zoals die ook grotendeels in de praktijk wordt vormgegeven per categorie. Het werk van een werkcoach is om de mensen die begeleid worden echt te leren kennen. Om zich echt te verdiepen in de persoonlijke situatie en omstandigheden van degene die een beroep doet op dienstverlening. En vervolgens, samen, binnen de wettelijke en maatschappelijke context zo goed mogelijke ondersteuning te bieden in samenwerking met andere organisaties. Om met hen samen een persoonlijk ontwikkelplan op te stellen, waarbij zowel gekeken wordt naar werk en participatie als naar gezondheid en sociale context. En naar concrete stappen die gezet kunnen worden. De moderne werkcoach is iemand met oog voor de mens, de sociale omgeving en de mogelijkheden in de sociale infrastructuur.. En kan iemand te stimuleren om, vaak stap voor stap, een optimale vorm van werk of participatie te bereiken. En dat binnen beperkte tijd. De fasen van het werk van een werkcoach zijn weergegeven in onderstaand figuur:

Kennismaking

persoonlijk verkennings traject

(nog) niet toe aan werk categorie (C+D)

Doorverbinden naar partnerorganisatie Matching (B1)

Ontwikkeling (B2)

Plaatsing en werkplekbegeleiding (A)

Figuur 1 werkproces met categorieën

8

Ieder mens in de bijstand is uniek en vraagt een eigen persoonsgerichte manier van ondersteunen. Zeker voor mensen die een langer ontwikkeltraject moeten doorlopen om uit de uitkering te komen is het belangrijk dat er een band is met de coach. Er zijn mensen die van C naar A doorgroeien. De coaches zijn niet strikt ingedeeld in categorie A t/m C, omdat mensen tijdens hun tijd in de uitkering zoveel mogelijk dezelfde coach moeten hebben. Ook hebben zij zowel mensen met als zonder indicatie baan-afspraak. Dit sluit aan bij de ambitie om integraal te werken en de inwoner centraal te stellen: wat is er nodig om een stap vooruit te maken op het gebied van participatie en persoonlijk welzijn. In onderstaande paragrafen wordt per categorie ingegaan op de begeleiding die mensen krijgen. Ook worden voorbeelden en verbeterpunten per categorie gegeven.

2.3 Categorie A Werkfit (met ondersteuning): 74 mensen Voor iemand in categorie A zonder indicatie heeft een werkcoach op jaarbasis 18 uur tot zijn beschikking (caseload 1:75). Voor iemand met een indicatie is dit 27 uur (caseload 1:50). Een deel van de mensen met een indicatie die wordt begeleid heeft werk. Van de 47 mensen met een indicatie baanafspraak in categorie A zijn er 36 aan het werk. In principe is de begeleiding van mensen met een arbeidsbeperking intensiever en langduriger dan die van mensen zonder indicatie. Voorbeelden Voor de mensen die nog niet aan het werk zijn, maar dat wel kunnen, is er sprake van een samenspel tussen de werkcoach en de accountmanager van het werkgeverservicepunt Lekstroom. Voor mensen in deze fase is het zoeken naar de juiste baan. Of om het laatste stapje in vaardigheden te maken naar een reguliere baan, soms via een traject van het WGSP. Voorbeelden hiervan zijn: -

Het project “De Techniek Samen de crisis door” waarbij 40 bedrijven aangesloten zijn die personeel zoeken waarbij extra hulp wordt geboden aan werkzoekenden De logistieke carrousel: een leerwerktraject van drie maanden dat werkzoekenden laat kennismaken met verschillende beroepen binnen de branche.

Er zijn ook contacten met bedrijven. Een aantal recente voorbeelden: -

Cycloon Post: in juni 2021 drie mensen aan de slag gegaan bij als fietskoeriers. Post NL: 3 kandidaten zijn halverwege 2021 gestart. Na een proefplaatsing hebben twee kandidaten een fulltime arbeidsovereenkomst van 1 jaar ontvangen bij Post NL. Beide gezinsuitkering zijn inmiddels beëindigd. 1 kandidaat heeft helaas geen contract ontvangen vanwege fysieke ongemakken.

Meer uitgewerkte voorbeelden van wat de begeleiding voor deze doelgroep inhoud zijn onlangs op de Houtense website geplaatst (Ervaringen van inwoners (houten.nl). Daar wordt beschreven hoe Bernado een stageplek heeft gevonden. Verbeterpunten De mogelijkheden voor het plaatsen van mensen op vacatures die gecreëerd worden door middel van social return blijft nog onderbenut en is een verbeterpunt voor 2022. Een ontwikkeling op dit gebied is dat Viveste ook kijkt wat hun onderaannemers voor de doelgroep kunnen betekenen. Een moeilijke doelgroep binnen categorie A/B1/B2 regulier zijn mensen die wel kunnen, maar niet willen. Hiervoor is nu geen adequate aanpak. In 2022 is de wens om ook op deze doelgroep in te zetten. Gedacht wordt aan een traject waarbij mensen vrij intensief moeten werken, streng gehandhaafd wordt en intensief gewezen worden op banen. 9

2.4 Categorie B1 Kansrijk voor werk: matchingstraject: 42 mensen Iemand in categorie B1 is arbeidsfit. Iemand kan op korte termijn werken, maar is nog niet werkfit (geschikt voor een bepaalde baan / sector). De begeleidings-intensiteit is hetzelfde als in categorie A (18/27 uur). Het gaat om het vinden van de juiste baan / sector en de weg daar naar toe. Voor deze mensen is de training “aan de slag” waarbij in groepsverband stappen naar werk worden genomen, waarbij aandacht wordt besteed aan o.a. de mindset van deelnemers (Groei-mindset of een Vastemindset). Omgaan met belemmeringen en gezondheid. En een aantal praktische zaken over de arbeidsmarkt. Wanneer passend in combinatie met een werkervaringsplaats. Een voorbeeld van een werkervaringsplaats die eind 2021 voor deze doelgroep wordt gecreëerd is energie-adviseur voor huurwoningen bij Viveste. Voorbeelden Een voorbeeld van een traject voor deze doelgroep is de beroepentuin. Er zijn hier drie kandidaten uit Houten geplaatst. Inmiddels hebben alle drie hun VCA behaald en één van de drie klanten heeft al een weekje meegelopen bij een installatiebedrijf. Een ervaringsverhaal op de website gaat over Max die zijn lasdiploma heeft gehaald. Verbeterpunten Binnen categorie B zijn mensen waarbij bemiddeling naar een reguliere baan niet past bij hun competenties.

Daarvan zijn een aantal mensen met ambitie tot zelfstandige die niet in aanmerking komen voor de BBZ. Dit zijn ZZP’ers die niet genoeg kunnen verdienen om uit de uitkering te komen. Werkcoaches van de Houtense werktafel begeleiden deze “marginale zelfstandigen” voor een beperkte tijd (maximaal een jaar) met de hoop dat de onderneming in die tijd voldoende groeit. Een mooi voorbeeld hiervan is het verhaal: De Houtense werktafel helpt Anissa een eigen bedrijf te beginnen: Ervaringen van inwoners (houten.nl) . Deze begeleiding vraagt het dubbele aantal uren van een regulier iemand in categorie B1 (36), maar de verwachting is dat dit uitstroom-rendement oplevert. In de halfjaarlijkse rapportages van de Houtense werktafel zullen wij hierover rapporteren (vanaf halverwege 2021). Eind 2022 vindt een specifieke evaluatie van dit project plaats.

2.5 Categorie B2 Op weg naar werk (inzet ondersteuningstraject gericht op werk): 198 mensen Iemand in categorie B2 is op weg naar werk. Deze mensen hebben een afstand tot de arbeidsmarkt, waarbij de inschatting is dat deze is te overbruggen. De situatie van mensen ziet er grafisch als volgt uit:

Arbeidspotentieel

Figuur 2: Arbeidspotentieel bedolven onder arbeidsgerelateerde,psychische,lichamelijk, materiele en omgevingsgerelateerde belemmeringen

10

De gewenste transformatie is als volgt:

Aanvangssituatie 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

niveau van niet-hanteerbare belemmeringen

participatieniveau

Gewenste situatie 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

niveau van niet hanteerbare belemmeringen

participatieniveau

Op Figuur 3: De gewenste transformatie: Van veel belemmeringen en een laag participatieniveau, naar hanteerbare belemmeringen en een hoog participatieniveau (werk)

Het gaat om mensen die veelal nog enige tijd nodig hebben om hun leven op orde te krijgen en om arbeidsfit te geraken. De afstand tot de arbeidsmarkt wordt veroorzaakt door bijvoorbeeld tijdelijke problemen op psychisch of fysiek vlak, een gebrek aan werknemersvaardigheden of taalbarrière. Op deze mensen wordt fors ingezet, omdat deze veel ondersteuning nodig hebben om de noodzakelijke stappen te maken richting arbeidsfit. Die extra inzet zit hem niet in de begeleiding vanuit de werkcoach. Die is gelijk aan mensen in categorie A/B1 (18/27 uur). De begeleiding is vooral gericht op leren kennen / plan van aanpak en de verbinding met zorg / welzijn. Er is veel afstemming met de professionals van Sociaal Team en Van Houten & co, SchuldHulpMaatje Houten, gebiedsteam GGZ, enz.

11

We werken binnen deze categorie met een top 50 die intensieve aandacht krijgt van de werkcoach . De extra begeleiding vindt vooral plaats op locatie. Een belangrijk punt in de 0-meting was dat juist voor deze groep weinig ontwikkelplekken / projecten zijn. Kandidaten moesten toen voor een opstap richting betaald werk uitwijken naar Nieuwegein. Dit is drempelverhogend. Er is behoefte aan laagdrempelige werkprojecten waar kandidaten zich arbeidsmatig kunnen ontwikkelen en doorstromen naar betaald werk. Het inzetten van lokale projecten voor de ontwikkeling van deze doelgroep is essentieel voor succes. Inmiddels is er een goed beeld van wat nodig is: 1. Werkervaringsplaatsen. Bijvoorbeeld bij “Deksels lekker, catering met een sociaal gezicht, gevestigd in theater aan de Slinger. Een voorbeeld hiervan is weergegeven in het verhaal: Laura vond passende opleiding met hulp van Houtense werktafel. Ervaringen van inwoners (houten.nl). 2. Project Nieuw-Wulven: In 2022 zullen hier werkervaringsplaatsen worden gecreëerd waar zinvolle groen-beheer activiteiten worden gedaan in Nieuw Wulven en tegelijkertijd gewerkt wordt aan participatie, competenties ontwikkelen en belemmeringen hanteerbaar maken. 3. Project “in beweging”. Veel mensen aan de onderkant van categorie B2 zijn niet fit. Vanuit die situatie is het moeilijk een baan te vinden.

Om naar werk te gaan moeten mensen van 0 naar 100, maar ze moeten eerst de eerste 30 over. Individuele en groepscoaching in combinatie met bewegen voor een periode van 5 maanden is daarvoor een effectieve interventie. De stap naar een sportclub is ook vaak te groot. En voor individueel bewegen ontbreekt de motivatie. Een individueel coachingsprogramma vanuit de Houtense werktafel is een belangrijk instrument om mensen weer in beweging te krijgen. In combinatie met een beweegprogramma. De verplichting die dit in eerste instantie vaak is, slaat naar een aantal lessen al vaak om naar “beter voelen” en “gezellig”. Daarna is er ruimte om over werk en stappen daar naar toe te praten. In 2021 (t/m oktober) is dit ingezet voor vrouwen met een afstand tot de arbeidsmarkt. In volgende jaren is de wens om dit per jaar voor steeds twee doelgroepen in te zetten. Afhankelijk van de doelgroep kan het programma dan ook meer elementen voor stappen richting werk bevatten. Een succesvoorbeeld van iemand in categorie B2 naar werk Een alleenstaande moeder van midden 50, met 2 kinderen van begin 20. Ze ontvangt sinds 2015 een uitkering, maar was tot 2020 niet bemiddelbaar wegens een combinatie van mantelzorg voor een ouder en een dochter met een ernstige vermoeidheidsziekte. Daarnaast was ze geïsoleerd doordat haar andere kind gedragsproblemen had.

Er is sprake van lichamelijke klachten door overbelasting. Ook mentaal vraagt het veel van haar. Dan zijn er positieve ontwikkelingen, waardoor de gedragsproblematiek minder op het gezin drukt en de zorg voor de ouder afneemt. Zowel moeder als dochter willen graag stappen naar werk zetten. De werkcoach neemt beiden tegelijk in begeleiding op hun verzoek. In oktober 2020 mochten ze allebei beginnen via Teleperformance als Klantenservice medewerker Lidl, vanuit huis met een geleende laptop via de Houtense werktafel.Eerst 2 weken training en vervolgens aan de slag. In januari 2021 hadden klant en dochter inkomsten boven de uitkeringsnorm. De uitkering kon gestopt worden. De laptop(s) hadden ze nodig voor hun nieuwe baan. Er was echter nog geen geld had om een nieuwe laptop te kopen. En omdat de uitkering beëindigd zou worden , moesten zij formeel de leen-laptop terug brengen. De huur voor de laptop is nog 2-3 maanden betaald. Zo kon de klant 2-3 maanden sparen en vervolgens voor een goede prijs de laptop overnemen. Na 6 jaar uitkering is het ondanks moeilijke persoonlijke omstandigheden toch gelukt om betaald werk te vinden ondanks dat er in de periode 2015-2020 geen enkel uitzicht op betaald werk was.

12

Verbeterpunten De doelgroep B2 is een doelgroep waar extra inzet op de juiste mensen leidt tot extra uitstroom. Daarom zou het wenselijk zijn om in deze doelgroep 2 uur meer te kunnen investeren per klant dan de minimum-norm en door middel van het project Nieuw-Wulven en door middel van het project in beweging (2x) te kunnen investeren in ontwikkeling.

2.6 Categorie C Activering en overig (momenteel geen kansen op werk): 163 mensen Voor iemand in categorie C zonder indicatie heeft een werkcoach op jaarbasis 12 uur tot zijn beschikking (caseload 1:113). Voor iemand met een indicatie is dit 18 uur (caseload 1:75). Bij deze categorie is activering op dit moment het hoogst haalbare. Het gaat om mensen die nu nog niet hun maximale activeringsniveau hebben behaald. Het gaat om mensen in een sociaal isolement (trede 1 van de participatieladder), mensen die alleen sociale contacten buitenshuis hebben (trede 2), Mensen die deelnemen aan georganiseerde activiteiten (trede 3) of onbetaald werk (trede 4). Doelstelling is stijging naar een hogere trede of stijgen binnen de trede. Voorbeelden van wat een werkcoach kan doen is bijvoorbeeld een verwijzing naar het taalhuis. Het is overigens zeker niet zo dat deze mensen alleen maar thuis zitten. 2/3 van de groep (circa 100 mensen) doen op hun niveau mee in de samenleving en lijkt daar tevreden over. 1/3 dus niet. Onderdeel hiervan is een groep (oudere) statushouders (oudkomers, analfabeet met de vraag of het nog mogelijk is om een andere taal te leren), die nauwelijks Nederlands spreekt. Het is voor mensen, die als hoogste niveau activering hebben, maar waarvoor zeer laagdrempelige activiteiten nodig zijn met veel begeleiding, moeilijk om een passende plek te vinden.

Voorbeeld categorie C De klant is eind 40 en woont alleen. Sinds zijn 25e levensjaar heeft hij meermaals een TIA gehad. Ook heeft hij een hartoperatie ondergaan. Hij is vaak duizelig, kan niet tegen drukte en heeft angstgevoelens. Omdat de angstklachten reëel zijn is dit moeilijk te behandelen. Meneer slikt medicatie voor de onrust in zijn hoofd en de slaapproblemen die hij heeft. ‘Een gewoon gezinsleven zit er niet in.’ vertelt hij. Zijn affiniteit ligt bij tuinieren. Zodra Corona voor hem geen belemmering meer vormt wil hij helpen bij het onderhoud van de tuinen van Jonkheer Ram. Deze werkzaamheden vinden met een aantal mensen uit de bijstand plaats onder begeleiding van een werkcoach van de HWT. Het doel is vooral om laagdrempelig actief bezig te zijn en daarnaast ook sociale contacten te maken.

2.7 Categorie D. Geen mogelijkheden langere termijn: 165 mensen Voor de mensen uit deze categorie geldt dat maatschappelijk participatie, en zeker betaald werk, momenteel een brug te ver is. Voor deze kandidaten verdienen hulpverleningsvraagstukken prioriteit. Traumaverwerking, dakloosheid en verslaving zijn slechts voorbeelden. De rol van een werkcoach is in dergelijke situaties beperkter, omdat hier andere deskundigheid voor nodig is en hulpverlening op moet worden ingezet. Het is als werkcoach wel noodzakelijk om geïnformeerd te blijven. Voor deze kandidaten is duidelijk dat hulpverlening momenteel voorliggend is. Kenmerkend voor deze groep is:  Bijna alle inwoners hebben chronisch psychische en/of lichamelijk beperking, de helft heeft geen contact meer met de GGZ omdat ze uitbehandeld zijn. Het contact loopt via de huisarts al dan niet met medicatie.  Inwoners geven hun leven een hoog rapportcijfer, ze hebben hun weg weten te vinden en zijn daarmee tevreden.  Veel inwoners ondervinden steun vanuit de kerk.

13

Vanuit de Houtense werktafel wordt een of twee keer per jaar contact gezocht. Er is altijd de mogelijkheid dat een persoon zelf of de begeleider contact zoekt. Voor iemand in categorie D heeft een werkcoach op jaarbasis 3 uur tot zijn beschikking (caseload 1:450).

2.8 Niet ingedeeld: 31 mensen Een aantal mensen is niet ingedeeld in een categorie. Zij krijgen ook geen dienstverlening. Het is onwenselijk om ze uit te nodigen, omdat het gaat om:     

Mensen met aanvullende bijstand op WIA Mensen waarvan de huisarts aangeeft dat ze beter niet opgeroepen kunnen worden Mensen die permanent woonachtig zijn in een GGZ-instelling Mensen met chronisch lichamelijke klachten met een progressief verloop Mensen die om in de persoon geleden sociaal-psychische redenen niet actief worden benaderd.

Zij zijn niet ingedeeld en vragen ook geen begeleidingscapaciteit

2.9 Mensen met een indicatie baan-afspraak In bovenstaande paragrafen (2.3 t/m 2.8) is ingegaan op de verschillende categorieën A t/m D. Zoals in tabel 1 is weergegeven zijn er 107 mensen met een indicatie baan-afspraak. Deze klantgroep heeft uiteenlopende structurele arbeidsbeperkingen. Een groot deel hiervan is afkomstig van PRO/VSO scholen. De kandidaten in deze doelgroep zijn relatief jong en zijn, op een enkeling na, geboren na 1985. De visie is dat deze kandidaten nu, of binnen enkele jaren, de mogelijkheid hebben tot het uitvoeren van betaald werk (met ondersteuning). Van de doelgroep zijn 36 aan het werk met ondersteuning. 11 zijn werkfit (categorie A) en 15 kunnen via een matchingstraject richting werk (B1). 32 kunnen met ondersteuning naar werk worden begeleid (B2) en voor 23 kandidaten met een structurele arbeidsbeperking is het verkrijgen van duurzaam, passend, betaald werk (op dit moment) niet mogelijk. Voor deze kandidaten is de verwachting dat zij dit wellicht ooit wel zouden kunnen bereiken, maar in ieder geval niet binnen de termijn van een jaar. Zij zijn ingedeeld in categorie C. De gemeente heeft sinds 1 januari 2015 de wettelijke verplichting deze kandidaten te ondersteunen bij hun arbeids(re-)integratie. Deze klantgroep is blijvend groeiende gezien de wettelijke reintegratieverplichting die de gemeente heeft voor deze doelgroep.

De voorzichtige prognose is dat er voor de gemeente Houten jaarlijks 25/30 kandidaten bij zullen komen. De kosten voor jobcoaching en loonwaarde-metingen voor deze groep zijn in 2021 een bedrag van circa €25.000. Deze kosten zullen de komende jaren stijgen, omdat er meer mensen gebruik zullen maken van deze begeleiding. Veel mensen hebben langdurig begeleiding nodig. Elk jaar komen er nieuwe leerlingen van school die deze begeleiding nodig hebben. Ook vragen meer mensen zelf een indicatie baan-afspraak aan. De werkwijze van de Houtense werktafel is om de Pro-vso leerlingen, afkomstig uit Houten, die naar werk kunnen al in het derde schooljaar te leren kennen en af te stemmen met de jongere, de stage-begeleider van de betreffende school en het bedrijf waar stage wordt gelopen over de periode na school, zodat er geen gat valt tussen school en werk. Deze benadering zorgt voor een goede band met de werkcoach / jobcoach en voor continuïteit van de ontwikkeling wat vaak een positief effect heeft op de jongeren en uiteindelijk door de jaren heen zal resulteren in een hogere loonwaarde en een lagere begeleidingsgraad, dan wanneer er een gat tussen school en werk zit.

14

De Houtense werktafel probeert zoveel mogelijk de functie van werkcoach en jobcoach te combineren. Een aantal werkcoaches heeft in 2021 ook een jobcoach- certificaat behaald, zodat iemand maar een aanspreekpunt heeft. Wanneer dit niet lukt wordt gebruik gemaakt van jobcoaches die in dienst zijn van de WIL. Alleen wanneer het een duidelijke toegevoegde waarde heeft wordt gebruik gemaakt van externe jobcoaches (bijvoorbeeld een jobcoach die gespecialiseerd is in begeleiding van dove mensen) of wanneer de werkgever gebruik wil maken van een jobcoach die bij zijn bedrijf al mensen uit andere (UWV-)-regelingen coacht.

2.10 Statushouders In 2022 gaat de Wet Inburgering in. Een procesregisseur die ondergebracht wordt bij de Houtense werktafel zal dan in samenwerking met Van Houten en Co de brede intake, het persoonlijk integratieplan en de Z-route vormgeven, waarbij wordt aangesloten op de werkwijze van de HWT. Een specifieke doelgroep binnen categorie A zijn statushouders die werkfit zijn. Binnen de Houtense werktafel is, in samenwerking met het WSGP Lekstroom, een matchmaker actief die in 2021 een aantal van 39 statushouders op werk heeft geplaatst. De extra inzet op het plaatsen van deze doelgroep leidt tot aanzienlijk meer plaatsingen. Voorbeelden statushouders Een 36-jarige Syrische alleenstaande moeder stroomt uit als webdevolper bij de ABN-Amro. Mevrouw heeft deelgenomen aan de Microsoft Azzure academy waar ze statushouders een kans zich om te scholen richting de IT. HWT heeft mevrouw gewezen op het traject. . Tijdens het project is ze intensief begeleid. Ondanks dat het opleidingstraject pittig was in combinatie met haar alleenstaande moederschap heeft ze de opleiding behaald en wat uiteindelijk geresulteerd heeft in jaarcontract bij de ABN Amro. Hier is ze in 2021 gestart. HWT heeft daarnaast ook nazorg geleverd in kader van begeleiding bij het aanpassen en verwerken van de toeslagen.

Er is onlangs contact gehad en mevrouw is super tevreden en blij met de ondersteuning die ze vanuit de HWT heeft gehad. Een 49-jarige Syrische en een 33 jarige Eritrese statushouder zijn aan de slag gegaan bij Post NL. In samenwerking met UW zijn beide gemotiveerde heren gestart met een maand proefplaatsing bij UW/Post NL. Daar hebben ze de mogelijkheid gekregen om het werk zich eigen te maken. Parallel aan het traject is er door de HWT een intensieve taalcoachingstraject gericht op vaktaal ingezet om de kans op de betaalde baan te vergroten. Beide heren hebben zich prima staande weten te houden en laten zien dat ze super gemotiveerd zijn. Beide hebben een fulltime arbeidsovereenkomst van een jaar ontvangen waarbij ze de post in Houten en Schalkwijk bezorgen. Beiden krijgen nog op de maandag als ze vrij zijn extra taalondersteuning vanuit de HWT. Een 48-jarige Syrische statushouder is gestart met een fulltime baan via de werkunie bij Warmtebouw in Utrecht. Meneer heeft een achtergrond als docent, maar door de taal is hij zich ervan bewust dat een traject richting docent een moeilijke opgave zal zijn. Meneer heeft ervoor gekozen om zich om te laten scholen naar de techniek. Via de HWT de mogelijkheid gekregen om deel te nemen aan een 3 maanden leerwerktraject richting assemblagemonteur. Meneer heeft de opleiding behaald en is inmiddels op zijn plek bij de werkgever.

De HWT zal voor meneer nog een VCA-training (verplicht om binnen 3 maanden te behalen) organiseren zodat hij het werk bij zijn huidige plek kan continueren.

15

2.12 Samenwerkingspartners Sociaal team De samenwerking met het sociaal team heeft in 2021 structureel vorm gekregen. In categorie D is sprake van een grote overlap. Veel mensen in deze categorie hebben naast een werkcoach van de Houtense Werktafel ook een (in)directe relatie met het Sociaal Team Houten. De schatting is dat vier op vijf kandidaten een ‘gedeelde’ kandidaat is. Het gebeurt regelmatig dat een werkcoach de eerste medewerker van de gemeente Houten is die de kandidaat ziet. Bijvoorbeeld omdat de kandidaat net verhuisd is naar Houten of omdat de kandidaat voor het eerst een Participatiewet-uitkering ontvangt. De werkcoach voert, zoals beschreven, gesprekken met de kandidaat en kan tot de conclusie komen dat hulpverlening noodzakelijk voor de kandidaat. Als er nog geen hulpverlening is rondom de kandidaat schakelt de werkcoach met een collega van het Sociaal Team om te overleggen. Een aanmelding bij het Sociaal Team Houten is dan vaak een logisch gevolg. Anderzijds kan een werkcoach ook ingeroepen worden door het Sociaal Team omdat een kandidaat vastloopt in zijn/haar opleiding, participatie en/of werk. Voor alle kandidaten in categorie D wordt in 2021 in nauwe samenwerking gekeken wat de beste aanpak is. Hiervoor zijn mensen uit het sociaal team gedetacheerd bij de Houtense werktafel. Dit voor het voorkomen van ‘dubbel werk’ en eventuele tegenstrijdige belangen.

Op het gebied van efficiënt werken en kosten besparen kan hier winst worden geboekt. Samen met het sociaal team en Van Houten en Co wordt in samenwerking met de gemeente gekeken naar een toekomstvisie op integraal werken en stappen daarnaartoe. Van Houten en Co Op het gebied van onder andere statushouders en jongeren wordt intensief samengewerkt tussen professionals van De Houtense werktafel en Van Houten en Co (VHEC). Daarnaast is Van Houten&co is een partner als het gaat om het aanbieden van vrijwilligerswerk. Samenwerking met WIL en in de arbeidsmarktregio Vanuit de arbeidsmarktregio wordt veel gecoördineerd als het gaat om contacten met werkgevers en bemiddeling richting werk. Het Rijk hecht steeds meer waarde aan deze bovenregionale samenwerking. Ook veel Rijksgeldstromen lopen via de arbeidsmarktregio. Naast de afstemming lokaal – regionaal, gaat het nu en in de toekomst om een effectieve aanpak op lokaal – regionaal – bovenregionaal niveau. Er loopt een traject om de bovenregionale uitvoering nog verder te stroomlijnen. Daarbij is van belang dat bovenregionaal wordt gedaan wat daar de meeste meerwaarde heeft, maar dat dit niet tegenstrijdig is aan de visie, zoals die in het kader van het lokale en regionale werken is neergelegd.

Er moet gezorgd worden voor een goede afstemming en voorkomen van dubbele werkzaamheden, zodat overzichtelijk blijft, dubbel werk wordt voorkomen en dat er gebruik wordt gemaakt van elkaars mogelijkheden en expertise op arbeidsmarkt-niveau.

16

2.13 Kwantitatieve onderbouwing In bovenstaande paragrafen heeft u vooral een kwalitatieve beschrijving gelezen van hoe de dienstverlening op het gebied van werk het beste kan worden ingericht, gebaseerd op de innovatieperiode van de afgelopen twee jaar. Ook is aangegeven waar verbeterpunten zitten. En is met voorbeelden ge-illustreert hoe de manier van werken in de praktijk wordt vormgegeven. Een evaluatie bevat naast een kwalitatieve, vaak ook een kwantitatieve analyse. Op hoofdlijnen wordt deze gegeven in het regionale rapport over de innovatie-agenda (pagina 13). Het is moeilijk deze uitkomsten direct te relateren aan het werken met lokale teams. Conclusies die daar voor de gemeente Houten worden getrokken zijn: -

-

In de periode 1 januari 2019 tot en met april 2021 zien we (door Corona) bij WIL een stijging van het aantal mensen in de bijstand die veel lager is dan de stijging in de arbeidsmarktregio en ook lager dan het landelijk beeld. IJsselstein en Houten ontwikkelden zich relatief goed en bleven onder het (al gunstige) gemiddelde van WIL. In de periode 1 januari 2019 tot en met april 2021 zijn in Houten 308 mensen uitgestroomd naar werk. 134 daarvan zaten langer dan zes maanden in de bijstand en zijn uitgestroomd naar werk of studie.

Een oorzaak dat er weinig kwantitatieve data is, is dat onderdeel van de innovatie-agenda het ontwikkelen van een Dashboard Participatie was. Een van de onderdelen van het Dashboard is de introductie van de categorie-indeling, zoals die ook in deze notitie is gebruikt. In 2022 zullen we de

resultaten zoals die uit het Dashboard naar voren komen delen op zowel uitvoerend-, beleids- als politiek niveau om zo te leren, te verbeteren en bij te sturen. Deze ambitie zal ook leiden tot een aanpassing van de informatieverstrekking op politiek niveau vanuit de WIL door aanpassingen in de huidige opzet van de kwartaal-rapportage. Op deze manier komt er helder inzicht in de ontwikkeling van belangrijke kern-indicatoren. Daarnaast zullen we ook blijven werken met voorbeelden en gaan we in samenwerking met de Hogeschool Utrecht meer in detail inzicht geven in kosten en opbrengsten van de Houtense dienstverlening voor de bijstand.

17

3. Op Koers Op Koers en de Houtense werktafel zijn de twee Houtense projecten in de innovatie-agenda WIL – gemeenten. Daarnaast is de projectleiding in handen van dezelfde projectleider van de Houtense werktafel. Daardoor worden beide projecten (Houtense werktafel en Op Koers) vaak gezien als een geheel, maar dat is een misverstand. Op Koers is een wekelijks overleg, waarin gezamenlijk met de betrokkene, door verschillende professionals, naar een mensgerichte oplossing wordt gezocht voor een situatie die via de reguliere ondersteunings-structuren niet verbetert, maar eerder verslechtert. Daarbij wordt buiten de kaders gedacht. De meeste aanmeldingen voor Op Koers komen vanuit het sociaal team. Daarmee is Op Koers een instrument dat open staat voor alle organisaties binnen het sociale domein en waar professionals uit alle hoeken bij (kunnen) worden betrokken om doorbraken te forceren in uitzichtloze situaties. Omdat Op Koers is opgezet als onderdeel va de innovatie-agenda wordt het hier ge-evalueerd. In de regionale evaluatie van de innovatie-agenda gaat het alleen over lokale werkteams (wat in Houten de Houtense werktafel is) en niet over Op Koers. De evaluatie van Op Koers kent het de volgende opzet: -

Wenselijke manier van werken Kwantitatieve informatie Voorbeelden Verbeterpunten

3.1 Wenselijke manier van werken De Hoge School Utrecht heeft het eerste jaar van Op Koers begeleid en onderzocht door middel van een procesevaluatie. Zo is de aanpak werkendewijs tot stand gekomen in een wisselwerking tussen onderzoek en uitvoering. Het onderzoeksrapport is hier te vinden. De centrale vraag in het onderzoek was: Hoe kunnen professionals op lokaal niveau op effectieve wijze integrale samenwerking vorm en inhoud geven, met als doel arbeidsparticipatie van mensen met meervoudige ondersteuningsbehoeften te realiseren? Er komen een aantal (generieke) belangrijke aanbevelingen uit de procesevaluatie, voor professionals, de organisatie en voor beleidsmakers. Deze zijn te vinden in het onderzoeksrapport. Onderstaand volgt een beschrijving zoals de interventie ideaal (en grotendeels actueel) wordt vormgegeven. 1. Doel Op Koers Het doel van Op Koers is het doorbreken van probleemsituaties van inwoners van de gemeente Houten, wanneer men meerdere problemen (>2) tegelijk heeft op het gebied van inkomen, werk, wonen, gezondheid, opvoeding, relaties, veiligheid en/of schulden én er via andere hulp geen oplossing gerealiseerd wordt of tot nu toe is. Op Koers beoogt met de integrale aanpak de probleemsituatie te ontrafelen, duurzaam op te lossen samen met de inwoner en daarmee de deelname van de inwoner aan de maatschappij te bevorderen.

Een beoogt neveneffect is besparing van kosten op zorg en een bijdrage aan de transformatie van het sociaal domein.

18

2. Doelgroep Op Koers De doelgroep van Op Koers zijn de inwoners (>16 jaar) van de gemeente Houten die problemen hebben op twee of meer leefgebieden, waarbij het eventueel reeds bestaande hulp niet lukt om een oplossing te vinden en die zelf behoefte hebben aan een doorbraak. Het gaat niet om mensen: - waarbij sprake is van enkelvoudige problematiek - die jonger zijn dan 16 jaar - die zelf niet geholpen willen worden 3. Aanpak De aanpak bestaat uit: a. een aantal elementen die de aanpak van Op Koers definiëren b. leidende principes c. stappen in de aanpak 3a Hoofd-elementen van de aanpak Op Koers  Wekelijkse overleg van 3 uur met de betrokkene aan tafel. In principe iedere twee weken vervolg  Vast team: Houtense werktafel, sociaal team, WIL, Van Houten en Co  Op afroep: woningbouwcorperatie, GGZ, etc  Snelkookpan met alle expertise aan tafel: langzaam ontrafelen om tot een oplossing te komen  Werkzame elementen: Persoon om wie het gaat en eventueel vertrouwenspersoon aan tafel, klant voelt steun, samen  Klein budget om praktische zaken op te lossen 3b Leidende principes - De basis van Op Koers is dat de klant zoveel mogelijk eigen regie en verantwoordelijkheid heeft en/of terugkrijgt. De klant vertelt zelf zijn/haar verhaal en kiest welk thema prioriteit heeft. De klant wordt middels op Koers ondersteunt om de eigen regie te versterken.

- De klant heeft eigen verantwoordelijkheid. De klant heeft eigen taken en de verantwoordelijkheid om er wat van te maken. De klant is bij alle gesprekken. De verantwoordelijkheid is wel op basis van haalbaarheid, sommige klanten hebben hier meer ondersteuning bij nodig. - Er wordt integraal samengewerkt tussen de betrokken partijen. Doordat de klant zelf aan tafel zit en op de hoogte is, doen veel van de gebruikelijke AVG-vraagstukken er niet toe. 3c De stappen van de aanpak Stap 1: Iedereen die zelf vindt dat Op Koers gesprekken van toegevoegde waarde zijn kan zichzelf aanmelden of betrokken professionals kunnen dat doen. De drempel tot toelating is laag. Na aanmelding wordt zo snel mogelijk een gesprek gepland met de klant en het projectteam. Stap 2 gesprek tussen professionals en de klant. In principe gaat het eerste gesprek om een inventarisatie en luisteren naar de klant en worden er nog geen oplossingsrichting aangedragen. Dit wordt wel afgetast per klant. Na dit eerste gesprek besluiten de klant en het projectteam of de aanpak van Op Koers de goede keus is voor deze situatie. Stap 3 Samen1plan Na het gesprek vult één lid van het projectteam een plan in voor de klant in Samen1plan. Dit wordt toegestuurd aan de klant. Met schriftelijke toestemming van de klant wordt dit ook aan alle betrokken projectleden en eventueel door de klant gewenste familie of kennissen gestuurd.

19

Stap 4 Nabellen Binnen enkele dagen na het gesprek belt één teamlid met de klant. Gevraagd wordt of de klant tevreden was over het eerste gesprek, of het voldoet aan zijn of haar verwachtingen en of die met de vervolgstappen uit de voeten kan. Ook wordt (indien al toegestuurd) gecheckt of de klant het plan uit Samen1plan passend vindt en begrijpt. Stap 5 Uitvoering acties en vervolggesprekken Alle betrokkenen voeren de voorgenomen acties/stappen uit. In Samen1plan wordt de voortgang bijgehouden. Iedere 2 tot 3 weken is er contact met de klant over de voortgang, zowel telefonisch als via een gesprek met de projectgroep. De klant kan ook zelf laagdrempelig contact opnemen met het team. Belangrijk is dat de klant bij alle stappen betrokken is en ook zelf (mede)verantwoordelijkheid heeft naar draagkracht. Het projectteam ondersteunt waar nodig bij deze stappen. Voorbeelden van acties waarbij het projectteam ondersteunt: - Afspraak met de huisarts in verband met klachten - Aanmelden voor urgentieverklaring voor huisvesting. - Aanmelden voor uitkering - Aanmelden voor schulphulpverlening - Aanmelden bij sociaal team Stap 6 Afronding traject en evaluatie Het traject is afgerond als de doelen van de klant behaald zijn/de benodigde stappen om de doelen te behalen gezet zijn/de klant tevreden is/de betrokken ondersteuning het verder afkan zonder betrokkenheid van Op Koers.

Iedere klant krijgt een eindgesprek waarbij (bij positieve afronding) een feestje gevierd wordt met een taartje. Hierin wordt ook gevraagd naar de beleving van de klant over de Op Koers aanpak. Bij dit eindgesprek wordt tevens afgesproken met de klant of en wanneer het projectteam contact opneemt. Met iedere klant wordt na 6 maanden contact opgenomen om na te gaan hoe het gaat, maar er kan ook worden afgesproken dat dit eerder, vaker of later gebeurd. De klant krijgt tot slot een aantal vragen over de tevredenheid toegestuurd per mail. Stap 7 Follow-up 6 maanden 6 maanden na het eindgesprek neemt de projectgroep contact op met de klant (tenzij de klant heeft aangegeven dat dit niet wenselijk is). Dit kan via telefonisch contact zijn met een projectteamlid of er wordt een gesprek gepland met het gehele projectteam. Nagegaan wordt wat de situatie is van de klant (stabiel, vooruit- of achteruitgang) en of de klant verder kan met de dan beschikbare hulp of nieuwe hulp nodig is.

3.2 Kwantitatieve informatie Binnen op Koers is plek voor 20 mensen op jaarbasis. Het aantal verzoeken groeit, maar voor 2020 /2021 was dit toereikend. Eind 2021 is het aantal plekken voor jongeren met incidentele middelen met 10 uitgebreid. Er is een monitor (excel) opgesteld om onderzoeks- en beleidsinformatie op te halen over Op Koers. Hierin worden per klant verschillende gegevens bijgehouden, over de beginsituatie, het traject van 20

Op Koers en de uitkomsten. De aanpak wordt sinds 2020 in de gemeente Houten toegepast. In 2020 zijn 19 klanten gestart met een traject. Er is een factsheet beschikbaar met beleidsinformatie over de eerste 15 trajecten, zie hiervoor bijlage 1.

3.2 Voorbeelden Onderstaand is een voorbeeld opgenomen. Er zijn natuurlijk veel meer voorbeelden, maar het is lastig de complexe problematiek compact te beschrijven. En om de verhalen zo algemeen vast te leggen dat ze niet te herleiden zijn. Voorbeeld 1 Klant slaapt op de bank van zijn ex-vrouw. Deze situatie duurt al 5 jaar. Zorgt 4 à 5 dagen per week voor dochter. Is op zoek naar eigen woonruimte. Hij heeft alleen een postadres, geen woonadres, waardoor hij niet in aanmerking komt voor voorzieningen. Er is een mogelijkheid in de noodhuisvesting. Opties voor woningen en over hoe dit te combineren met de zorg voor zijn dochter en het accepteren van een baan worden doorgesproken op de Op Koers overleggen. Tussen de verschillende gesprekken zit vaak meer dan twee weken. Wanneer er een nieuwe complexe situatie zich voordoet is er een nieuw gesprek. Uiteindelijk heeft dit geleid tot een situatie waarin zorg voor de dochter, werken en huisvesting in harmonie zijn.

3.3 Verbeterpunten Door de kernpartners Houtense werktafel, Van Houten en Co en sociaal team wordt richting 2023 nagedacht over integrale samenwerking en de rol van op Koers hierin.

21

4. Financiële paragraaf In hoofdstuk twee en drie is de ontwikkelde aanpak van de Houtense werktafel en Op Koers beschreven en zijn verbeterpunten aangegeven. In deze financiële paragraaf worden de financiële consequenties aangegeven. Voor de Houtense werktafel en Op Koers geldt dat de kosten voor 2022 reeds gedekt zijn in de begroting 2022, veelal uit incidentele middelen. Voor de begroting 2023 en verder is er slechts zeer beperkt dekking. Nu is de evaluatie niet het moment om hierover in detail in gesprek te gaan. Dit is het moment om de inhoudelijke ambitie uit te spreken, maar uiteraard kan dit niet los gezien worden van de financiële consequenties die terug moeten komen in het overdrachtsdocument / collegeprogramma. Deze financiële paragraaf van de lokale evaluatie dient om inzicht te krijgen in de benodigde financiële dekking van de Houtense werktafel en Op Koers. Dit wordt in paragraaf 4.1 gedaan door een begroting weer te geven voor 2022 met daarbij extra wensen vanuit de inhoud, gebaseerd op de ervaring van de afgelopen twee jaar. Vervolgens wordt in paragraaf 2 aangegeven wat in de huidige situatie de beschikbare middelen voor 2022 en verder zijn en wordt tevens aangegeven waarom er sprake is van een zeer grote mismatch tussen benodigde uitgaven en beschikbare middelen. Dit heeft te maken met een veranderde verdeling over de Lekstroom-gemeenten.

Het is duidelijk dat richting overdrachtsdocument / collegeprogramma zowel naar uitgaven als beschikbare middelen moet worden gekeken om te komen tot een effectieve lokale aanpak werk en inkomen.

4.1 Benodigde financiële middelen voor HWT en Op Koers In deze paragraaf wordt ingegaan op gewenste financiele middelen voor HWT (4.1) en Op Koers (4.2) en wordt ingegaan op de baten van deze projecten.

4.1.1 Financiën Houtense werktafel De benodigde financiële middelen voor Op Koers bestaan uit: d. Medewerkers e. Projecten Medewerkers Op basis van de basisnormen, zoals die in tabel 2 zijn aangegeven en op basis van de indeling van de mensen in de bijstand is er voor de basisdienstverlening nodig een investering van 8493 uren op jaarbasis. De detailberekening is opgenomen als bijlage 1. In de huidige begroting van WIL zijn 5576 uren beschikbaar (4,2 FTE). Om de werkwijze, zoals die in hoofdstuk 2 beschreven is te kunnen uitvoeren is er dus een tekort van 2917 uren. Uitgaande van 1360 beschikbare uren voor een FTE is dit een tekort van 2,14 FTE. Kosten voor een FTE zijn circa €75.404, waardoor er voor het conform de basisnormen uitvoeren van de dienstverlening werk er een bedrag voor medewerkers van €161.365 van de gemeente Houten op jaarbasis wordt gevraagd.

22

Kosten voor medewerkers die niet de basis-dienstverlening uitvoeren voor mensen in de bijstand zijn opgenomen in onderstaand schema samen met de kosten voor basis-dienstverlening: Extra medewerkers basisdienstverlening Matchmaker voor statushouders Kosten leidinggevende HWT Totaal

€161.365 €56.000 €97.920 €315.285

Projecten Naast medewerkers zijn projecten essentieel voor een effectieve aanpak. In de aanpak-beschrijving zijn een aantal projecten genoemd die ook in de toekomst gewenst zijn. Daarnaast zijn er een aantal extra wensen. Deze zijn verwerkt in onderstaande tabel: Onderdelen Project niet willers (categorie A) Training “aan de slag” (categorie B1) Project marginale zelfstandigen Project Nieuw Wulven (B2) Project “in beweging” (B2) Extra begeleiding categorie B2 Jobcoaching en loonwaardemeting voor doelgroep arbeidsbeperkten Persoonlijk verdiepingstraject + maatwerk Reis / opleidingskosten Communicatie Administratieve ondersteuning Beschut werk Totaal

Gewenste dienstverlening

Extra wensen €25.000

€25.000 €20.000 €20.000 €25.000

€25.000 €21.000

€40.000 in 2022, €50.000 in 2023 en €60.000 in 2024, daarna constant €30.000 €10.000 €5000 €32.000 PM (€8.000 per persoon) €207.000 (+€20k in 2024)

€71.000

Tabel 3 projectkosten Houtense werktafel

Een toelichting op bovenstaande projecten is toegevoegd in bijlage 3. Er zijn een aantal oplossingsrichtingen om te kijken of met behoud van de ambitie de kosten van de uitvoering naar beneden kunnen worden bijgesteld: 1. De kosten voor extra FTE (2,14) op basis van basisnormen. Dit bedrag is op basis van de huidige indeling van mensen in de bijstand. Het model van basisnormen kan nog verder verfijnd worden. En het kan gebruikt worden om de inzet nog verder te preciseren. In de huidige versie krijgen alle mensen in de C-categorie 12 uur dienstverlening. Echter, voor bijvoorbeeld mensen die op hun maximale niveau vrijwilligerswerk doen en waarmee het goed gaat is 12 uur te ruim en kan dit worden afgeschaald naar 6 of 3 uur, zonder de ambities te verloochenen. Dan is de vraag of 2,14 fte noodzakelijk is.

23

2. Op Koers meer onderdeel te maken van de “reguliere structuur” en de (verschillende) lokale dienstverlening meer te integreren. Hierover zijn nu gesprekken tussen de Houtense werktafel, Sociaal team en Van Houten en Co 3. De positionering van de Houtense werktafel in de toekomst. Samen met de extra kosten voor medewerkers gaat het om de volgende bedragen: Medewerkers projecten Totaal

2022 €229.324 €207.000 (+20.000 in 2024) €436.324

+ wensen €315.285 €278.000 €593.285

Tabel 4 totale kosten Houtense werktafel

Hierin is uitgegaan van 1 extra FTE in 2022 in plaats van de 2,14 op basis van het huidige theoretische model over basisnormen. Dit bedrag is wel meegenomen in de wensen. En er is gerekend met €40.000 voor jobcoaching (ipv de €60.000 die dit in 2024 kost). De kosten (zonder wensen) liggen in lijn met wat de afgelopen jaren is uitgegeven aan de Houtense werktafel is uitgegeven. In de perspectiefnota 2017 is aangegeven dat voor zowel 2017 als 2018 een bedrag van €225.000 uit de Houtense begroting wordt aangewend bovenop het beschikbare lokaal handgeld van €215.500 (=€440.000). In deze perspectiefnota 2017 stond ook: “We gaan ervan uit dat met ingang van 2019 de kosten voor het Houtens werkbedrijf kunnen worden opgevangen binnen de reguliere begroting, mede door ontschotting van transformatiebudgetten. Bron: Perspectiefnota 2017”. Achterliggende gedachte was dat inzet op de onderste doelgroep (wat naar verwachting tot minder kosten leidt op andere domeinen (zie volgende paragraaf) voor deze dienstverlening kon worden ingezet. Echter in 2017 was nog niet duidelijk dat de tekorten zo zouden oplopen als in de daaropvolgende jaren het geval was. In 2021 was het te besteden bedrag voor HWT €538.000. Het overzicht in tabel 4 is om duidelijk te maken wat de kosten zijn van een ideale aanpak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=98e09674-a85a-4381-abed-f44ce0ec1fdf