CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Woonzorgvisie

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente HoutenBij agendapunt: Woonzorgvisie 2025-2030 Samen wonen, samen leven, samen zorgen - Samen duurzaam vooruit24.764 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

72

Woonzorgvisie 2025-2030

Woonwensen De meeste mensen in Beschermd Wonen geven de voorkeur aan een eigen appartement met een aparte slaapkamer en eigen sanitaire voorzieningen, vanwege privacy en autonomie. Een klein gedeelte van de mensen met een BW-indicatie heeft juist behoefte aan een woonvorm waarin ze voorzieningen met anderen delen, vanwege de sociale interactie die dat met zich meebrengt. Voor deze aandachtsgroep is verder van belang: • Een stabiele omgeving, dagelijkse regelmaat en het vinden/behouden van (on) betaald werk of dagactiviteiten zijn belangrijk. Afhankelijk van de behoefte kan er ook begeleiding zijn bij het huishouden en het maken van sociale contacten; soms is ook sprake van verzorging en verpleging. • De doelgroep is zeer divers. Een deel kan na een verblijf van een aantal jaar weer zelfstandig wonen. Voor een ander deel is de verwachting dat zij ook op langere termijn niet in staat zullen zijn om zelfstandig te gaan wonen. • Continuïteit in de persoonlijke begeleiding (ook na uitstroom) wordt als zeer prettig en noodzakelijk ervaren. De mensen zijn gebaat bij het creëren van een vertrouwensband.

Opgaven Lister heeft in Houten op dit moment in totaal 54 geclusterde woonplekken op 2 locaties voor mensen met psychische kwetsbaarheid in Houten. We zien in het provinciaal onderzoek vooral een toename richting 2030 en 2040 in het aantal woonplekken voor zowel BW-Wmo Beschermd Thuis en BW-Wlz. Lister heeft in gesprekken al aangegeven dat de doelgroep voor beschermd wonen het beste gehuisvest kan worden in betaalbare (sociale huur) woonstudio’s van maximaal 35m2 en kleine tweekamerappartementen. Als dit gerealiseerd wordt is er schuifruimte beschikbaar vanuit huidige woningen die door Lister gehuurd worden. De ouder wonende bewoner met een psychische kwetsbaarheid vraagt specifiek in de Houtense situatie aandacht. Als we uitgaan van de trendprognose hebben we in 2040 jaarlijks 16 woningen nodig voor deze doelgroep. De cliënten wonen gemiddeld 4 jaar op een geclusterde woonplek voordat ze uitstromen naar een zelfstandige woning met begeleiding. We gaan ervanuit dat de uitstroom gerealiseerd wordt in de bestaande sociale huurvoorraad. Dit betekent dat er in totaal 64 woningen nodig zijn die toegewezen worden vanuit de voorraad sociale huurwoningen tot 2040. Dit betekent dat het huidige aantal woningen dat beschikbaar is volstaat.

Woonzorgvisie 2025-2030

73

Tabel 3: Huisvestingsopgave Beschermd wonen (bron: provinciaal woonzorgbehoefteonderzoek, juni 2024)

B 2.4. Kwetsbare jongeren Doelgroep en context Jeugdzorg met verblijf kent verschillende varianten: een deel van de jongeren verblijft in een pleeggezin, een ander deel in een gezinshuis of in een ‘residentiële setting’ zoals een behandelgroep. Begeleiding vanuit de jeugdwet stopt in principe na het 18e jaar, maar soms wordt deze verlengd; dit duurt maximaal 5 jaar, tot de jongere 23 jaar is. Jongeren in pleeggezinnen kunnen tot 21 jaar in jeugdzorg verblijven. Een deel van de jongeren die uitstromen uit een verblijfssetting heeft na die tijd nog behoefte aan (ambulante) ondersteuning.

Woonwensen Jongeren met een ondersteuningsbehoefte geven aan dat meer zelfstandigheid en vrijheid om hun eigen leven te leiden voor hen de belangrijkste redenen vormen om op zichzelf te willen wonen. Dit zal vooral gaan om sociale huur en om een appartement of kamer. Daarin verschillen zij niet van hun leeftijdsgenoten. Om deze stap in hun wooncarrière te kunnen zetten zijn er (extra) inspanningen nodig. Met name financiën en vaardigheden (vaak huishoudelijk van aard) zijn belangrijke ‘struikelblokken’ op weg naar zelfstandig wonen. Het inkomen van deze jongvolwassenen is te laag voor de huurprijzen die gevraagd worden voor een kamer of woning. Ze komen meestal niet in aanmerking voor een Wajong-uitkering, maar komen ook niet makkelijk aan het werk. Jongeren die

74

Woonzorgvisie 2025-2030

nog een opleiding volgen, moeten rondkomen van een stagevergoeding (BBL), een tegemoetkoming in de studiekosten (bijvoorbeeld HAVO), studiefinanciering (MBO/HBO/WO) en een eventuele bijbaan. Naast de beperkte financiële mogelijkheden is een knelpunt dat het woningaanbod voor jongeren beperkt is. De wachtlijsten voor sociale huurwoningen zijn lang en de inschrijftijd van jongeren is per definitie erg kort, aangezien zij zich pas vanaf 18 jaar kunnen inschrijven bij DAK (voorheen Woningnet). Daar bovenop komt de huidige krapte op de woningmarkt. Hierdoor kunnen jongeren vanuit jeugdzorg met verblijf moeilijk uitstromen naar zelfstandige woonruimte.

Opgave Uit het provinciaal onderzoek blijkt dat er in totaal 100 jongeren in jeugdzorg met verblijf zijn in Houten waarvan 30 in de leeftijd van 15-17 jaar. We constateren een verschil tussen de aantallen vanuit onze eigen data en die van het provinciaal onderzoek. Volgens onze eigen gegevens waren er in 2023 in totaal 67 jongeren in jeugdzorg met verblijf. Jaarlijks stromen volgens het onderzoek 10 jongeren uit jeugdzorg met verblijf naar zelfstandige woonruimte (al dan niet met ambulante begeleiding). Deze kwetsbare jongeren doen een beroep op de sociale huur (maximaal 1e aftoppingsgrens).

B 2.5. Jongeren met begeleid wonen Doel en context In Nederland bestaat een significante groep jongeren en jongvolwassenen met een dringende behoefte aan huisvesting in de sociale huur, soms gecombineerd met een zorgvraag. Deze behoefte is niet alleen afkomstig van jongeren die uitstromen uit instellingen of die begeleiding ontvangen, maar ook van jongeren die direct uit hun ouderlijk huis of vanuit een situatie van dak-of thuisloosheid komen met zelfredzaamheidproblemen. Daarnaast signaleren de sociale teams in de regio een urgente woningbehoefte onder jongeren met schoolproblematiek, waarbij een geschikte woonoplossing preventief kan werken tegen schooluitval, dakloosheid of de noodzaak voor zwaardere zorg. De beschikbare woonvormen – zoals kamertraining, kortdurend begeleid wonen, opstartplekken of crisisopvang jongeren – bieden korte, intensieve ondersteuningstrajecten met een pedagogisch ontwikkelaccent binnen een groeps- of individuele setting. Echter, de capaciteit van deze vormen is beperkt, vooral voor jongvolwassenen boven de 18 jaar. Daarnaast bieden sommige instellingen, zoals Reinaerde, geen kamertraining meer aan buiten de Wet langdurige zorg (Wlz) aangezien het financieel en organisatorisch niet meer haalbaar is.

Woonzorgvisie 2025-2030

75

Woonwensen Tussenvormen van wonen, voornamelijk in de sociale huur, bieden een oplossing voor jongeren die een overgangsfase nodig hebben naar zelfstandige woonruimte. Deze vormen van begeleid wonen bieden een zelfstandige woonomgeving met beperkte tot intensieve ambulante ondersteuning, waar jongeren kunnen werken aan hun zelfredzaamheid en woonvaardigheden. De doelstelling is om het aantal jongeren in dergelijke begeleide woonvormen zo beperkt mogelijk te houden, met het oog op het bevorderen van zelfstandigheid en het voorkomen van afhankelijkheid van langdurige zorg.

Opgave Uit het provinciaal onderzoek blijkt er in Houten behoefte aan 3 woonplekken per jaar als het gaat om tussenvormen onder uitstromers uit jeugdzorg met verblijf. Met het reguliere aanbod van stichting Kamers met Aandacht en de Timon-woongroepen kunnen we voorzien in de behoefte aan tussenvorm/begeleid wonen. Gezien het lage aantal van drie jongeren, willen we vooralsnog in Houten geen ‘Tuinkamers met Aandacht’ (tiny houses voor kwetsbare jongeren) realiseren aangezien er al ander passend aanbod is. Dit naar aanleiding van motie 093-2022 over ‘Tuinkamers met Aandacht’ (tiny houses voor kwetsbare jongeren’). We wachten de resultaten van de pilots in de regio af om zorgvuldig af te kunnen wegen of de investeringen opwegen tegen het rendement.

B 2.6. Uitstroom Maatschappelijke Opvang Doel en context Mensen die dakloos zijn of raken, kunnen een beroep doen op de Maatschappelijke Opvang. Het gaat om mensen die om uiteenlopende redenen dakloos zijn geraakt. Vaak is er sprake van een opeenstapeling van (psychische) problemen, schulden en/of verslaving. Maatschappelijke Opvang is per definitie tijdelijk: het is altijd de bedoeling dat mensen die hier verblijven, op enig moment weer zelfstandig gaan wonen. Mensen voor wie dit niet haalbaar blijkt, stromen soms door naar Beschermd Wonen of een tussenvorm. De verantwoordelijkheid voor het bieden van Maatschappelijke Opvang is belegd bij centrumgemeenten. In de provincie Utrecht vervullen de gemeenten Amersfoort en Utrecht deze taak. De gemeente Utrecht heeft voor 2022 en 2023 het aantal beëindigde trajecten bij Stadsteam Back Up aangeleverd (respectievelijk 1.191 en 1.006; gemiddeld 1.100). Deze aantallen geven enig zicht op de omvang van de uitstroom in de regio U10.

76

Woonzorgvisie 2025-2030

Opgave Uit de Inschatting van de uitstroom vanuit de Maatschappelijke opvang naar zelfstandige woonruimte per gemeente naar inwonertal blijkt dat er zo’n 380 uitstromers zijn die jaarlijks behoefte hebben aan zelfstandige woonruimte na een verblijf in de Maatschappelijke Opvang in de provincie Utrecht. Wanneer uitstromers meer evenredig verdeeld zijn over de gemeenten (naar rato van inwonertal) is de inschatting voor Houten dat dit om 15 uitstromers zou gaan. Dit wordt over het algemeen via de urgentieregeling geregeld. Jaarlijks wordt dit gemonitord en regionaal geëvalueerd.

B 2.7. Uitstroom Vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel Doel en context Slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel kunnen in Nederland op verschillende plekken hulp vragen. Vaak is ambulante hulp voldoende, maar soms is de situatie te onveilig dat iemand (tijdelijk) niet thuis kan blijven. Vrouwen kunnen dan terecht in de vrouwenopvang.

Woonwensen Wat betreft type uitstroomwoning kan het grootste deel van de uitstromende vrouwen en kinderen uit de voeten met een 1 á 2 kamerwoning. Een paar keer per jaar gaat het om een groot gezin en dan is er behoefte aan een grotere uitstroomwoning. Uitstromers doen vooral een beroep op het goedkope aanbod in de sociale huur (onder de eerste aftoppingsgrens).

Ondersteuning Na uitstroom uit de vrouwenopvang krijgen vrouwen maximaal 2 jaar ambulante ondersteuning. Deze ondersteuning loopt uiteen: het leren van de Nederlandse taal of vaardigheden, sociale en emotionele steun bieden, ondersteunen op weg naar zelfredzaamheid, helpen bij het aangaan van (nieuwe) sociale contacten, etc.

Opgave In de provincie Utrecht zijn 47 plekken langdurende vrouwenopvang waarvan 30 in regio U10. Het merendeel van de cliënten komt uit de eigen regio, maar ook een deel van elders. Soms is de situatie namelijk zo onveilig dat vrouwen niet in

Woonzorgvisie 2025-2030

77

de eigen gemeente of regio kunnen verblijven, dan hebben zij recht op hulp en opvang in een andere regio (‘bovenregionale plaatsing’). Jaarlijks verblijven op de 47 plekken langdurende vrouwenopvang zo’n 62 vrouwen met kinderen voor wie urgentie wordt aangevraagd. In de regio U10 bestaat de contingent afspraak dat er jaarlijks 45 woningen zijn voor uitstromers uit de vrouwenopvang. Het expertisecentrum Moviera geeft aan dat de opvang constant vol zit en dat deze 45 woningen ook echt nodig waren in de afgelopen jaren. In de regio U10 is jaarlijkse behoefte aan zo’n 50 uitstroomwoningen voor uitstromers uit de vrouwenopvang. Over de lokale opgave zijn geen gegevens beschikbaar.

B 2.8. Uitstroom detentie en forensische zorg Detentie In de voorgenomen wet Versterking regie op de volkshuisvesting worden gedetineerden bij een detentie van 3 maanden of langer als urgent beschouwd. Om de jaarlijkse omvang van de groep uitstromers die langer dan drie maanden in detentie hebben gezeten te schatten, is gebruik gemaakt van data van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Alleen voor gemeenten met meer dan 20 uitstromers is de detentieduur per gedetineerde bekend van 2017 tot en met 2021. Voor deze gemeenten hebben we het gemiddeld aantal uitstromers met een detentieduur van 3 maanden of langer berekend over de periode 2017-2021. Voor Houten is de inschatting dat er 4 personen jaarlijks uitstromen met een detentieduur van 3 maanden of langer en uitstromen naar zelfstandige woonruimte en er behoefte is aan 1 zelfstandige woonruimte.

Forensische zorg Personen die uitstromen uit forensische zorg stromen veelal uit naar forensisch beschermd wonen, en soms direct naar reguliere huisvesting in de sociale huur. Forensisch beschermd wonen is een verblijfsvoorziening met persoonlijke zorg en ondersteunende begeleiding in een beschermde woonomgeving. Wanneer cliënten (direct of vanuit forensisch beschermd wonen) uitstromen naar reguliere huisvesting, is de mogelijkheid tot het ontvangen van ambulante begeleiding belangrijk.

Opgave De inschatting van het jaarlijks aantal uitstromers met een detentieduur van 3 maanden of langer bedraagt voor Houten 4 en er is behoefte aan 1 zelfstandige

78

Woonzorgvisie 2025-2030

woonruimte. Deze uitstromers kunnen een beroep doen op urgentie voor een sociale huurwoning. Er zijn geen feitelijke cijfers beschikbaar van het aantal uitstromers uit forensisch beschermd wonen en forensische zorg dat een beroep doet op een zelfstandige sociale huurwoning in provincie Utrecht. Landelijk zijn er jaarlijks zo’n 500 mensen uit forensisch beschermd wonen en 500 mensen uit forensische zorg die uitstromen naar reguliere huisvesting. Om een inschatting te maken van de uitstroom in de provincie Utrecht, verdelen we deze landelijke aantallen naar inwonertal in de gemeenten in de provincie. Deze inschatting komt neer op zo’n 80 uitstromers in de provincie waarvan 3 naar Houten.

B 2.9. Zelfstandige woonruimte onder uitstromers van instellingen In de voorgaande paragrafen is de huidige (en toekomstige) behoefte aan zelfstandige woonruimte na een verblijf in Beschermd Wonen, jeugdzorg, Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, detentie en forensische zorg in beeld gebracht. In deze paragraaf brengen we deze aantallen bij elkaar om tot een totaalbeeld te komen van de behoefte aan zelfstandige woonruimte onder uitstromers te komen.

Woonwensen In de werksessies (met gemeenten en andere betrokken partijen) werd benoemd dat uitstromers behoefte hebben aan zelfstandige woonruimte van zo’n 45 m2, maar dat er een groot tekort aan zulke woonruimte is in beide regio’s. Daarnaast ervaarden de aanwezigen ook een tekort aan “tussenvormen” als opstap naar zelfstandig wonen. Voorbeelden hiervan zijn kortdurend begeleid wonen (in deze voorzieningen hebben bewoners meestal eigen voorzieningen en is er vaak een gezamenlijke ruimte aanwezig; extramurale woonvorm waar bewoners zelf verantwoordelijk zijn voor de woonlasten van hun studio/appartement), langdurig begeleid wonen (Vinger aan de Pols) of Kamertraining (jongeren verblijven in een speciale woongroep of een eigen kamer waar ze praktische vaardigheden leren).

Opgave In onderstaande tabel worden de aantallen bij elkaar gebracht om tot een totaalbeeld van de behoefte aan zelfstandige woonruimte onder uitstromers uit instellingen in Houten. Uitstromers uit instellingen doen een beroep op

Woonzorgvisie 2025-2030

79

vrijkomende sociale huurwoningen. Over het algemeen zijn zij aangewezen op de goedkope of betaalbare voorraad (onder de eerste aftoppingsgrens: prijspeil 2024: € 650,43). Het is daarom relevant om te kijken hoeveel betaalbare woningen er op jaarbasis beschikbaar komen (muteren) in iedere gemeente. In 2023 waren er in Houten 192 mutaties onder de eerste aftoppingsgrens.

Tabel 4: Totale behoefte aan zelfstandige woonruimte onder uitstromers (bron: provinciaal woonzorgbehoefteonderzoek, juni 2024)

Tussen haakjes staat de toekomstige uitstroom op basis van de basis- en trendprognose, exclusief vrouwenopvang (uitstroomcijfers niet bekend per gemeente), In de regio U10 is jaarlijks behoefte aan zo’n 50 uitstroomwoningen voor uitstromers uit de vrouwenopvang.

Met zorgpartijen is een urgentiecontingent afgesproken. Hierdoor wordt de uitstroom vanuit zorgorganisaties via de urgentieregeling uit de huisvestingsverordening geregeld. We blijven in overleg met de regio, Woonin en de zorgpartijen over het urgentiecontingent voor de uitstroom en of de uitstroom in Houten ook goed verloopt. Als we de actuele uitstroom vergelijken met het totale aantal betaalbare sociale huurwoningen dat beschikbaar komt (251 in 2023) dan blijkt jaarlijks ongeveer 15% van deze woningen nodig zijn om deze uitstromers te huisvesten. Onderstaand is per aandachtsgroep behoefte aan uitstroomwoningen nader omschreven.

80

Woonzorgvisie 2025-2030

B 2.10. Mantelzorgers en mantelzorgontvangers Doel en context Mantelzorg is onbetaalde en vaak langdurige zorg voor zieke familieleden of vrienden. Dit kan verzorging zijn of hulp bij dagelijkse activiteiten. Onder verhuizende mantelzorgers en mantelzorgontvangers worden personen verstaan die vanwege mantelzorg moeten verhuizen. Om de zorg die de mantelzorger verleent te vergemakkelijken helpt het om de zorgvrager en zorgverlener dicht bij elkaar te laten wonen. Dit kan voordelen bieden, zoals het verminderen van reistijd, het vergroten van de beschikbaarheid van zorg en het bieden van een veilige en vertrouwde omgeving voor de zorgbehoevende persoon. Hiervoor zijn meerdere mogelijkheden, zoals een mantelzorgwoning, een pré-mantelzorgwoning en een kangoeroewoning. Voor mensen die langdurig mantelzorg verlenen in Houten en waarvoor de reisafstand een probleem is kunnen in sommige situaties een beroep doen op urgentie. Dit is al geregeld in de huisvestingsverordening. In de nieuwbouwopgave voor sociale huur hoeft hier niet apart rekening mee worden gehouden. Voor mantelzorgers kan woningdelen of woningsplitsing een mogelijkheid zijn.

Woonwensen Bij de aanvraag voor een sociale huurwoning, is in het geval van de mantelzorgontvanger een reguliere woning in de vorm van een appartement vaak geschikt. In het geval van een mantelzorgverlener kan dit ook eengezinswoning zijn.

Opgave Het provinciaal onderzoek biedt over deze aandachtsgroep alleen gegevens op regionaal niveau. Dit is minder ver uitgewerkt in vergelijking met de opgaven voor de hierboven beschreven aandachtsgroepen.

Uit onze eigen beschikbare lokale gegevens (Monitor Sociale Kracht, 2021) blijkt:: • 12% van de jeugd uit Houten is een jonge mantelzorger • 20% van de kinderen groeit op met een zorgsituatie binnen het gezin • 43% van de volwassen is mantelzorger: waarvan intensief 22% en incidenteel 21% • 62% van de mantelzorgers kent enige vorm van belasting • 14% van de mantelzorgers is tamelijk zwaar belast, • 6% van de mantelzorgers is zwaar belast • 2% van de mantelzorgers is overbelast

Woonzorgvisie 2025-2030

81

B 2.11. Uitstappende sekswerkers Doel en context Bij uitstappende sekswerkers gaat het om mensen die voormalig als sekswerker hebben gewerkt en daarmee gestopt zijn, waarbij uitstroom plaatsvindt via uitstapprogramma’s die vallen onder de DUUP regeling (Decentralisatie-uitkering Uitstapprogramma’s voor Prostituees).

Woonwensen In de provincie Utrecht biedt Belle Hulpverlening hulp en ondersteuning aan slachtoffers van mensenhandel en mensen die werken of hebben gewerkt in de seksindustrie of die willen stoppen met dit werk. Op basis van informatie van Belle Hulpverlening en (landelijke/lokale) onderzoeken is duiding te geven aan de kwalitatieve woon- en ondersteuningsbehoefte van uitstappende sekswerkers. Personen die als sekswerker uitstappen, hebben behoefte aan een woning zodat zij in een nieuwe omgeving kunnen uitstromen naar een andere levensstijl. Dit kunnen reguliere woningen zijn in de vorm van studio’s of appartementen, en in geval van ouderschap is een gezinswoning wenselijk. Onderzoek naar belemmerende factoren bij uitstappen uit sekswerk toont aan dat financieel rondkomen en het niet kunnen vinden van betaalbare huisvesting een grote belemmering vormen in het uitstroomproces (Regioplan, 2017).

Zorg en ondersteuning In 2021 is de tippelzone ‘de Baan’ in Utrecht gesloten. De gemeente Utrecht heeft onderzoek laten uitvoeren om meer inzicht te krijgen in hoe het de sekswerkers op de tippelzone in de periode voor en na de sluiting vergaat (Wanneer je Baan er niet meer is, 2022). Zo kan de gemeente de hulpverlening en de aansluiting ervan op de behoeften van sekswerkers waar nodig verbeteren. Uit dit onderzoek blijkt dat de ondersteuningsbehoefte bij uitstappende sekswerkers gevarieerd is. De hulp waar zij sinds de sluiting gebruik van maken varieert van psychische hulp en ondersteuning bij het zoeken naar werk, tot af en toe een praatje maken. Daarnaast bleken er ook nog onvervulde hulpbehoeften te zijn na de sluiting. Dit zijn enerzijds emotionele en psychische behoeften, zoals de mogelijkheid om met iemand (al dan niet een professional) te praten. En anderzijds praktische behoeften, zoals hulp bij het vinden van de weg op de arbeidsmarkt. Volgens sommige sekswerkers sluit het aanbod niet goed aan. Ze willen bijvoorbeeld het liefst zo snel mogelijk werken en zien er tegenop dat ze vaak eerst een (taal) cursus moeten doen.

82

Woonzorgvisie 2025-2030

Opgave Het is niet bekend hoe deze landelijke uitstroom zich verdeelt over provincies of regio’s. Daarom is niet te kwantificeren hoeveel uitstappende sekswerkers de provincie Utrecht en de regio’s Amersfoort en U10 jaarlijks tellen.

B 2.12 Statushouders/Vergunninghouders Doel en context Statushouders is de ingeburgerde term, maar de officiële term is vergunninghouders. De taakstelling voor vergunninghouders fluctueert sterk, afhankelijk van het aantal vluchtelingen dat naar Nederland komt en een verblijfsvergunning krijgt. In het onderzoek wordt uitgegaan van een hoog scenario tot 2026 vanwege deze fluctuaties en onzekerheden. Bij vergunninghouders gaat het om personen en niet om huishoudens. De vraag naar woningen ligt lager, omdat het om een huishouden soms uit meerdere personen bestaat. Als gemeente zetten we ons samen met Woonin in om de taakstelling te halen. Hierbij wordt rekening gehouden met een evenwichtig aanbod voor alle woningzoekenden. Het huisvesten van statushouders gebeurt via urgentie op basis van de huisvestingsverordening. De taakstelling wordt bepaald door het Rijk naar rato van het inwonersaantal (en is gebaseerd op het aantal inwoners).

Woonwensen Wat betreft de woonruimte om statushouders te huisvesten doen gemeenten vaak een beroep op de reguliere (bestaande) woningen in de sociale huurvoorraad. Maar het kan ook gaan om flexwoningen of gedeelde woningen. Om statushouders een geschikte reguliere woning aan te kunnen bieden, is het belangrijk dat de aangeboden woning past bij de gezinsgrootte.

Ondersteuning Er is vaak behoefte aan maatschappelijke begeleiding om een succesvolle integratie te bevorderen. In Houten neemt Vluchtelingenwerk deze taak op zich voor de eerste periode. Ook het Sociaal Team kan ondersteuning bieden bij personele of gezinsproblematiek

Opgave Het trendmatige scenario sluit op dit moment aan bij de realiteit qua aantallen.

Woonzorgvisie 2025-2030

83

Afhankelijk van instabiele situaties in de wereld maar ook politiek beleid op nationaal niveau kan dit van invloed zijn op de hoogte van de woningbehoefte van statushouders. In 2023 zien we in Houten dat van de 251 sociale huurwoningen er in totaal 41 woningen (rond 16%) zijn toegewezen aan 98 statushouders.

Tabel 5: Terugblik en prognose statushouders in Houten (bron: provinciaal woonzorgbehoefteonderzoek, juni 2024)

Tabel 6: Woningbehoefte statushouders Houten (bron: provinciaal woonzorgbehoefteonderzoek, juni 2024)

84

Woonzorgvisie 2025-2030

B 2.13. Overige aandachtsgroepen Arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners zijn door het Rijk als aandachtsgroep benoemd, maar zij behoren niet tot de verplichte urgentiecategorieën.

Arbeidsmigranten Doel en context Arbeidsmigranten zijn ingezetenen uit de EU met het recht op vrije vestiging. Arbeidsmigranten vormen een structureel onderdeel van de Nederlandse economie en samenleving. Sectoren zoals de land- en tuinbouw, de voedingsindustrie, de logistieke en distributiesector en de bouwnijverheid kunnen niet meer zonder arbeidsmigranten. Voor goede huisvesting is een helder beleid van de gemeente nodig. Om aantrekkelijk te blijven als werkgever is aanbod van kwalitatief goede huisvesting een must. Als dit niet goed geregeld is, kan dit leiden tot afkalven van de economische concurrentiepositie van onze gemeente. Deze groep wordt ook vaak aangeduid als internationale werknemer.

Woonwensen Wat een geschikte woonvorm is voor arbeidsmigranten is afhankelijk van hun verblijfsduur. Arbeidsmigranten die permanent (longstay) in Nederland blijven, behoren tot de reguliere woningbehoefte. Zij zijn verantwoordelijk voor eigen huisvesting. Hun woonbehoefte bestaat uit zowel koop- als huurwoningen in een prijscategorie die passend is bij het inkomen. Shortstay migranten verblijven enkele maanden tot zes maanden in Nederland. Zij hebben behoefte aan snelle vormen van tijdelijke huisvesting. Vaak worden deze arbeidsmigranten in beperkte aantallen op een centrale plek gehuisvest, in veel gevallen is de huisvesting gerelateerd aan het bedrijf waar ze werkzaam zijn. Zij verblijven in kamers met gedeelde voorzieningen. Dit kunnen individuele kamers zijn, of gedeelde kamers met minimaal 12m2 per persoon. Hier worden vaak flexconcepten voor ingezet. Midstay migranten verblijven circa zes maanden tot enkele jaren in Nederland. Zij hebben meer behoefte aan kwaliteit en privacy dan short-stay migranten en willen veelal ook meer kunnen integreren in de samenleving. Afhankelijk van de individuele behoefte van deze arbeidsmigranten, kunnen zij zich vestigen in reguliere woningen, in de vorm van studio’s en appartementen in complexen die vaak speciaal voor arbeidsmigranten zijn gerealiseerd. Hier kunnen ook flexwoningen en recreatiewoningen voor worden ingezet.

Woningen voor arbeidsmigranten voldoen bij voorkeur minimaal aan de normen van de Stichting

Woonzorgvisie 2025-2030

85

Normering Flexwonen (SNF), om voldoende woonkwaliteit te bieden.

Opgave Uit het onderzoek blijkt dat er voor de regio U10 een ingeschatte opgave is van in totaal 8.910 woonplekken waarvan 1.820 shortstay, 4.365 midstay en 2725 longstay (1.815 (sociale) huur en 910 koop). De gegevens zijn niet per gemeente uitgesplitst. Het beleid voor huisvesting van internationale werknemers is deels al vastgesteld in Beleidsnotitie “Huisvesting Buitenlandse seizoenwerknemers in de fruitteelt’ uit 2012 en de Beleidsregels voor woningomzetting en woningsplitsing uit februari 2024. Dit gaat vooral over de kaders voor verkamering en kan dus ook gelden voor huisvesting van arbeidsmigranten. In de Woonvisie is opgenomen om het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten te actualiseren. De voorlopige planning is dat dit beleid in 2025 wordt geactualiseerd. Het vraagstuk speelt met name in het buitengebied in Houten aangezien het vaak gaat om arbeidsmigranten in de fruitteelt.

Woonwagenbewoners Doel en context In 2016 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft de woonwagencultuur tot ‘Immaterieel Cultureel Erfgoed’ bestempeld. Dit geldt voor drie groepen woonwagenbewoners namelijk reizigers, Roma en Sinti. Reden voor toekenning van deze status hangt samen met het wonen in familieverband. In de Woonvisie is de ambitie opgenomen om een locatie voor drie extra woonwagenstandplaatsen te vinden.

Opgave De gemeente Houten exploiteert zes woonwagenstandplaatsen. Uit het onderzoek blijkt dat er een lokale uitbreidingsbehoefte is van 4 plaatsen. Vooralsnog willen we de Woonvisie aanhouden waarin we inspelen op de lokale behoefte door een locatie voor drie extra woonwagenstandplaatsen te vinden.

Studenten Doel en context In de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting (2022) staat het aantal uitwonende studenten naar woonstad beschreven, uitgesplitst naar primaire en secundaire doelgroep. De primaire doelgroep betreft studenten die uitwonend zijn in de stad waar zij ook studeren. Met de secundaire doelgroep worden studenten bedoeld

86

Woonzorgvisie 2025-2030

die uitwonend zijn in een stad, maar in een andere stad studeren. De primaire en secundaire doelgroep bij elkaar opgeteld zijn alle uitwonende studenten wonend in een stad. In Utrecht ligt het aandeel studenten in de primaire doelgroep ten opzichte van alle uitwonende studenten in de stad erg hoog. In Amersfoort, een studiestad waar relatief weinig studenten studeren, zijn juist met name uitwonende studenten die in een andere stad studeren.

Woningtekort Utrecht Gemeente Utrecht heeft in 2023 het “Actieplan studentenhuisvesting 2023 –2030” opgesteld. Dit Actieplan richt zich met name op het vergroten van het aanbod aan betaalbare huisvesting, met de nadruk op onzelfstandige studenteneenheden (kamers). In 2024 laat gemeente Utrecht nog een verdiepend onderzoek uitvoeren naar woonwensen onder Utrechtse studenten. In de Kences rapportage (2022) is in beeld gebracht wat de huisvestingopgave in Utrecht is. Om de totale opgave in beeld te krijgen, is gekeken naar het huidige tekort, de verwachte groei in de vraag naar huisvesting en het aanbod. In 2022 was er een tekort van 5.300 eenheden. Het tekort bestaat vooral (90%) uit kamers. Dit tekort bestaat uit studenten die bijvoorbeeld nog bij hun ouders inwonen maar liever op kamers gaan, of verder reizen dan ze eigenlijk zouden willen.

Opgave In Houten is geen HBO-instelling of universiteit aanwezig, wel maar wel een mbo (Yuverta). Onze inschatting is dat de studerende jongeren in Houten vooral bij ouders wonen, pendelen naar de onderwijsinstelling of op kamers gaan in de stad, waar ze studeren. Het tekort aan studentenhuisvesting in de gemeente Utrecht is groot en dus studenten zoeken ook in de regio. In Houten zijn wel een aantal woningen, die door studenten worden bewoond. Wij zetten in Houten bij nieuwbouwprojecten in op het realiseren van zelfstandige woningen voor jongeren/starters. Bij woningdeling en -splitsing willen we stimuleren dat jongeren en/of studenten hiermee gehuisvest kunnen worden.

“Tussen wal en schip” In het onderzoek komen de volgende groepen niet aan de orde, voor de volledigheid willen we ze kort beschrijven

Economische daklozen Er is sprake van een groeiende groep ‘economische daklozen’: mensen die na een scheiding of faillissement de huidige woning niet meer kunnen betalen, maar ook

Woonzorgvisie 2025-2030

87

niet terecht kunnen op de huidige woningmarkt omdat de huren te hoog zijn.

Zorgmijders Zorgmijding kan samenhangen met de ontoegankelijkheid van voorzieningen. Veel voorzieningen zijn moeilijk toegankelijk door wachtlijsten drempels, in- en uitsluitingscriteria of door een bureaucratische opstelling van vanuit de hulpverlening. Een andere reden kan liggen in de angst voor eventuele financiële consequenties van de behandeling wanneer men om welke reden dan ook onverzekerd is. Daarbij zijn personen bang voor de diagnose en de consequenties daarvan.

88

Woonzorgvisie 2025-2030

BIJLAGE 3: Participatie B 3.1. Betrokken samenwerkingspartijen Woonzorgvisie • Adviesraad Sociaal Domein Houten • Alzheimer Nederland • Bezield Wonen Houten • De Trossel • Fokus • Gezinshuis De Grote Geer • Het Vertrouwde Dorp • Initiatiefgroep Houten • Initiatiefgroep senior wonen Power Houten • Jong Houten • Krachtig Plus Houten • Lister • Met je Hart in Houten • Mooi ‘t Goy

• Ontmoet Houten 80+ • Profila Zorggroep • Reinaerde • Rijksdienst Ondernemend Nederland • Schalkwijk Straks • Sociaal Team Houten • ‘vanHoutenenco’ • Voordeur Lekstroom • Wakkere Akker • Warande • Wooncoaches • Woonin • Wooninspraak Krommerijn • Zorg in Houten • ZorgSpectrum

B 3.2. Resultaten interne en externe verkenning: november en december 2023 Eind 2023 vond een interne verkenning plaats naar de Woonzorgvisie. Doel hiervan was om collega’s van verschillende betrokken teams te informeren over de Woonzorgvisie, ambities te toetsen en input op te halen voor kansen, uitdagingen en prioriteiten. Een soortgelijke werkbijeenkomst hebben we in december 2023 georganiseerd voor zes samenwerkingspartners wonen, zorg en welzijn, namelijk Zorg in Houten en Samenwerkende Houtense Huisartsen (SHH), Warande, ZorgSpectrum, ‘van Houtenenco’, Sociaal Team Houten en Woonin.

Woonzorgvisie 2025-2030

89

Uit deze verkenning hebben we de volgende conclusies getrokken: • Er is een goed, helder, eerlijk en realistisch ‘verhaal’ nodig voor wie, wat en waar we bouwen op welke manier in Houten. En waarbij de gemeente de regie pakt op basis van problematiek die helder beschreven is en waaruit urgentie blijkt. Het algemeen belang moet leidend zijn, niet het belang van omwonenden. Anders wordt het ondergesneeuwd door de vele ambities. • Bouwstenen voor het eerlijke verhaal en perspectief in de Woonzorgvisie zijn m.n.: ruimtegebrek, verantwoordelijkheid en eigen regie bij inwoners, randvoorwaarden van huisartsen bij woon(zorg)vormen, win, win, win, bewustzijn dat de wereld verandert en dat het spaak loopt in de woningbouw en zorg, organisaties (zoals huisartsen) verkopen al vaak ‘nee’, de gemeente moet de stijgende Wmo-kosten beheersen, de politiek moet keuzes en prioriteiten stellen gezien de stapeling van ambities. Er wordt hierbij ook verwezen naar het regioplan Integraal Zorgakkoord Lekstroom. • Belangrijke kansen: innovatie en digitalisering in de zorg, bewustwording dat meer gemeenschapszin nodig is om vereenzaming tegen te gaan, niet de nadruk leggen op zorg maar juist ook op welzijn, ontmoeten en voorzieningen, belang van nabijheid van voorzieningen en prettige leefomgeving i.r.t. zelfstandigheid en eigen regie (m.n.

voor ouderen), inzetten op clustering van wonen en gemengde woonvormen (naar leeftijd, doelgroepen), in beeld hebben van de woonwensen van eindgebruikers i.r.t. doorstroom, voldoende aantrekkelijke woonalternatieven, elkaar weten te vinden als partners wonen, zorg en welzijn en lokale samenwerking met een helder doel: persoonsgericht, opgavegericht, visie, preventie en vroegsignalering, integraal kijken i.r.t. maatschappelijk rendement (voorinvestering nodig die zich later terugverdient door bijv. lagere zorgkosten). • Het belang van het goed aanhaken van het sociaal domein bij het programma Bouwen voor Houten. De urgentie van de opgaven wonen&zorg is tijdens de interne sessies gedeeld. De vraag hoe en waar deze gerealiseerd gaat worden is in de gebiedsvisies Centrum, Molenzoom, Koppeling en Houten-Oost. De Woonzorgvisie is hiervoor een belangrijke fundering.

90

Woonzorgvisie 2025-2030

B 3.3. Resultaten participatieronde 8 februari 2024: werkbijeenkomst Tijdens een brede werkbijeenkomsten op 8 februari 2024 hebben we samenwerkingspartners, vrijwillige organisaties, inwoners en inwonerinitiatieven geïnformeerd over de contouren van de Woonzorgvisie. We hebben mooie Houtense voorbeelden van samenwerking gedeeld en input opgehaald via een aantal inhoudelijke thema’s. De belangrijkste opbrengsten worden hieronder weergegeven: • De behoefte aan geclusterde woonvormen in verschillende vormen, zoals gemeenschappelijk wonen met zorg nabij, individueel wonen en zorg op afstand en een ‘verzorgingshuis’ (tegen vereenzaming) en een “verpleeghuisvorm’ waar zware zorg efficiënt geboden kan worden • Koppeling van wonen en andere functies (voorzieningen, winkels) • Ondersteuning van inwonersinitiatieven • Het bevorderen van doorstroom op de woningmarkt door een divers en aantrekkelijk aanbod in alle inkomensgroepen, goede informatievoorziening, inzet van de wooncoaches en praktische ondersteuning bij verhuizing. Het realiseren van zorggeschikte woningen is niet voldoende om mensen (‘honkvaste’ ouderen) te stimuleren/verleiden tot verhuizen • Het realiseren van passende woningen is een grote uitdaging, o.a. vanwege de hoge eisen die gesteld worden bij doorstroom vanuit een eengezinswoning, • Investeren in gemeenschapsopbouw in wooncomplexen, bijv.

door middel van een tuin, ontmoetingsruimte en menging van leeftijden • Woningen mogen de hoogte in, en de nabijheid van groen, OV, winkels en voorzieningen zijn van belang • Behoefte aan verschillende typen opdrachtgeverschap van collectieve woonvormen • Bevorderen van onderlinge samenwerking tussen organisaties en het clusteren van zorg. Hierbij uitgaan van wat de inwoner nodig heeft • Behoefte aan een vast integraal contactpersoon voor ruimtelijke inwonerinitiatieven • Senioren nog meer inzetten (‘zilveren kracht’) • Voor het realiseren van vitale wijken en het bouwen aan gemeenschappen zijn opbouwwerk, fysieke ruimte en vrijwilligers belangrijk • Drempels wegnemen door bijvoorbeeld ondersteuning bij het aanvragen van een subsidie • Helderheid over de verantwoordelijkheid, beheer en financiën bij een gemeenschappelijke ontmoetingsruimte • Inspiratie vanuit ‘Blue zone” voor buurten gebaseerd op positieve gezondheid,

Woonzorgvisie 2025-2030

91

bewegen, ontmoeten in het groen • Vanuit de gemeente een actieve regierol nemen op het gebied van wonen en zorg, hierin creatief zijn en kijken naar wat wel kan om tot passende woonzorgoplossingen te komen • Vanuit een heldere en duidelijke visie keuzes maken als gemeente en inwoners en organisaties faciliteren. Ook door ruimte op het speelveld van wonen, zorg en welzijn te creëren waarop partijen hun rol kunnen pakken (beeld van een ‘toneelregisseur’) • Noodzakelijke samenwerking tussen het ruimtelijk en sociaal domein in het realiseren van wonen- en zorgopgaven.

B 3.4. Resultaten participatieronde juni/juli 2024: bijeenkomst en schriftelijke consultatie Op 11 juni 2024 is de conceptvisie op hoofdlijnen getoetst bij onze partners. Er werd door de aanwezigen aandacht gevraagd voor het uitbreiden van ‘verpleeghuisplekken’, samen te kijken naar wat er wel kan, het bouwen aan een gezonde en vitale gemeenschap, het belang van preventie en het bevorderen van zelfredzaamheid d.m.v. technologie en bewegen, scholing van vrijwilligers en mantelzorgers, domeinoverstijgende samenwerking tussen (zorg)organisaties en kennis hebben van welke organisaties wat doen. Vervolgens hebben we met een schriftelijke vragenlijst een concept van de Woonzorgvisie aan onze samenwerkingspartners wonen, zorg en welzijn en projectontwikkelaars/ marktpartijen voorgelegd, met de vraag wat ze hiervan vinden en welke bijdrage zij hieraan kunnen leveren. Onderstaand hebben we samengevat op welke punten de concept Woonzorgvisie is aangepast, naar aanleiding van de belangrijkste aandachtspunten van onze samenwerkingspartners en bewonersorganisaties: 1.

De opbouw van de Woonzorgvisie is aangepast, met een bondiger tekst.

2. De behoefte wordt gemonitord, waarbij we zo breed mogelijk naar beschikbare gegevens kijken, zoals de wachtlijsten voor verpleegplekken. 3. De meerwaarde van een mix van vragers en dragers in wooncomplexen heeft meer nadruk gekregen. Dit onderbouwt ook de stevige ambitie voor geclusterde woonvormen en zorggeschikte woningen. 4. Het programma van eisen voor zorggeschikte woningen is verduidelijkt, met een goede balans tussen betaalbaarheid en de geschiktheid voor levering van zorg (Wmo proof).

92

Woonzorgvisie 2025-2030

5. Beschreven is waaraan een gemeenschappelijke ruimte moet voldoen en ook het belang van mogelijkheden creëren voor ontmoeting in het algemeen. 6. De ambities zijn meer gebiedsgericht gemaakt, met toevoeging van zoekgebieden voor geclusterd wonen en zorggeschikt wonen. 7.

De regierol van de gemeente is verder uitgewerkt, mat daarin benoemd de benodigde bijdrage van partijen en de aandachtspunten daarin.

8. Regionale afstemming; duidelijker gemaakt waarover en hoe we met omliggende gemeenten willen afstemmen. 9. De positie van de Woonzorgvisie in de beleidsontwikkeling is verhelderd. 10. De doorkijk naar de uitvoering is concreter gemaakt. 11. Aandacht voor de woonzorg opgave in de kleine kernen in Houten. 12. Een aanbeveling om een afwegingskader voor private initiatieven op het gebied van wonen en zorg op te stellen is overgenomen.

Woonzorgvisie 2025-2030

93

B 3.5. Consultatie januari 2025: toetsing uitvoerbaarheid Op advies van de Adviesraad Sociaal Domein Houten vond in januari 2025 een extra consultatieronde plaats met de woon-, zorg- en welzijnspartners die met investeringen en het leveren van zorg essentieel zijn voor het realiseren van onze opgave: Warande, ZorgSpectrum, ‘van Houtenenco’, Sociaal Team Houten, Woonin, Zorg in Houten en Lister. Samengevat hebben we gezamenlijk de volgende conclusies getrokken: • De gemeente heeft de ambtelijke concept Woonzorgvisie aangepast op grond van de input vanuit de bestuurlijke sessie en een aantal bilaterale gesprekken met zorgpartners in januari 2025. De aanpassingen samengevat zijn: 1. Zorggeschikt wonen hoeft per se niet in de nabijheid van een bestaande zorginstelling 2. Wmo-proof is maatwerk per complex en binnen woningen, norm wel realistisch voor zorggeschikt wonen in de plinten. Aandacht voor aanpassingen die noodzakelijk zijn in het complex, zoals een stalling voor (deel) scootmobielen, zeker als er zorggeschikte woningen worden gerealiseerd binnen bestaande bouw. 3. Ontmoetingsruimte naar behoefte, per complex of nabij in de buurt, hoeft niet altijd fysiek 4. In het opgavenhoofdstuk verwijzen naar de woonzorgopgaven in de Woonvisie en deze verbinden met de actuele prognoses.

In het visiehoofdstuk flexibiliteit organiseren door een vertaling in een 5-jarig uitvoeringsprogramma. 5. Gezamenlijke inzet op een cluster van zorggeschikte woningen, met bijbehorende voorzieningen, in nieuwe wijken • Deze sessie heeft bijgedragen aan het draagvlak bij partners voor de ambities in de Woonzorgvisie. En we hebben de scherpte opgezocht in het gesprek om tot een verdieping te komen op een aantal onderwerpen. • De gemeente wil bereiken dat de woonzorgpartners zich ambassadeur en mede- eigenaar voelen van de Woonzorgvisie. • De aangepaste concept Woonzorgvisie wordt gepresenteerd aan het college en zal ter advisering worden voorgelegd aan de Adviesraad Sociaal Domein en aan Jong Houten. Hierna volgt bestuurlijke vaststelling in college en raad.

94

Woonzorgvisie 2025-2030

BIJLAGE 4: Definiëring van woonvormen en overige definities Nultredenwoningen Nultredenwoningen zijn reguliere zelfstandige woningen die zowel intern als extern toegankelijk zijn voor een bewoner met een lichte mobiliteitsbeperking. Dit houdt in dat de woningen extern toegankelijk zijn zonder trap te lopen. Dit kan door afwezigheid van een trap, of door aanwezigheid van een traplift of lift. En dat de woonkamer, keuken, badkamer, toilet en minimaal 1 slaapkamer zich op één verdieping bevinden en daarmee zonder traplopen te bereiken zijn (intern toegankelijk). Geclusterde woonvormen Een cluster van minimaal 12 nultredenwoningen met minimaal één ontmoetingsruimte. Geclusterd betekent dat deze woonvormen ingericht zijn op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan en samenredzaamheid wordt bevorderd. Er moet daarom een ontmoetingsruimte inpandig aanwezig zijn of op korte loopafstand voor ouderen. Die ruimte moet gericht zijn op ontmoeting van bewoners en eventueel buurtbewoners en op een open, transparante en niet-discriminerende basis te gebruiken zijn. De gemeente heeft deze woningen voor minimaal 50% bestemd, gelabeld of gaat deze met voorkeur toewijzen aan 65+’ers. Overwogen wordt om deze woningen in tweede instantie met voorkeur aan 55+’ers toe te wijzen.

Voorbeelden van geclusterde woonvormen kunnen onder andere hofjeswoningen, serviceflats en seniorenflats zijn (zie handreiking ‘geclusterde woonvormen voor senioren’ van P31 voor voorbeelden). Ook in dit type woning kan onder voorwaarden (Wlz) zorg geleverd worden Zorggeschikte woningen Zorggeschikte woningen zijn zelfstandige nultredenwoningen waarin Wlz-zorg geleverd kan worden voor bewoners en die onderdeel zijn van een geclusterde woonvorm. Om alle vormen van zorg te kunnen leveren dienen deze wooneenheden en de woonvorm rolstoelgeschikt te zijn, met voldoende ruimte om zorg te verlenen. De woningen zijn dementievriendelijk ingericht. Woningen die vallen onder de categorie BAT 3 of 4 en Woonkeur 6 vallen binnen deze definitie. De gemeente heeft deze woningen voor minimaal 50% bestemd, gelabeld of gaat deze met voorkeur toewijzen aan 65+’ers. Overwogen wordt om deze woningen in tweede instantie met voorkeur aan 55+’ers toe te wijzen.

Woonzorgvisie 2025-2030

95

Gespikkeld wonen Bij gespikkeld wonen, wonen cliënten uit MO/BW (of bijvoorbeeld de ouderenzorg) in zelfstandige woningen die verdeeld zijn door de wijk of het dorp. Cliënten wonen tussen andere inwoners die geen psychische kwetsbaarheid hebben. Hiermee kan je zo normaal mogelijk meedoen in de maatschappij Gemengd wonen Gemengd wonen is een woonvorm waar mensen met en zonder een hulpvraag naast elkaar wonen. Alle huurders wonen in een wooncomplex in een eigen sociale huurwoning. Cliënten krijgen begeleiding door een van de hulpverleners. Woningzoekende ouderen Woningzoekenden van 55 jaar en ouder. We beogen de woonbehoefte van mensen van huishoudens in kaart te brengen die toe zijn aan de volgende stap in hun wooncarrière, die beter past bij hun levensfase (denk aan behoefte aan geclusterde woonvorm, kleiner wonen nu kinderen uit huis zijn, etc). Woningzoekenden die uitstromen uit een beschermd wonen instelling Woningzoekenden die een voorziening voor beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten.

Woningzoekenden die uitstromen uit instellingen voor klinische geestelijke gezondheidszorg Woningzoekenden die een verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg verlaten waar zij geneeskundige geestelijke zorg ontvingen of woningzoekenden die in verband met geneeskundige zorg als bedoeld in artikel 10, onderdeel g, van de Zorgverzekeringswet in een instelling verbleven in verband met zorg zoals psychiaters en klinisch-psychologen plegen te bieden en deze verlaten. Woningzoekenden die uitstromen uit de vrouwenopvang en opvang voor slachtoffers van mensenhandel Woningzoekenden die een voorziening voor opvang als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten voor slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel en die daar verbleven omdat zij door problemen van relationele aard of geweld hun woonruimte hebben moeten verlaten. Woningzoekenden die uitstromen uit forensische zorg Woningzoekenden die een instelling voor forensische zorg als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet forensische zorg verlaten. Stoppende sekswerkers Woningzoekenden die deelnemen aan een overheidsprogramma gericht op duurzaam stoppen met sekswerk waarbinnen begeleiding van sekswerkers plaatsvindt bij het vinden van ander werk, een andere woning of juiste zorg.

96

Woonzorgvisie 2025-2030

Woningzoekenden die uitstromen uit detentie Woningzoekenden die een inrichting of voorziening als bedoeld in artikel 1, onder b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, een penitentiaire inrichting als bedoeld in artikel 1, onder b, van de Penitentiaire beginselenwet verlaten. Mantelzorgers en mantelzorgontvangers Woningzoekenden die wegens het langdurige en intensieve karakter van de mantelzorg behoefte hebben aan andere woonruimte zodat zij deze kunnen ontvangen of verlenen. Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid en rolstoelafhankelijken Woningzoekenden die op grond van ernstige en chronische medische redenen (lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid of rolstoelafhankelijkheid) andere woonruimte of specifieke woonvormen behoeven. (Dreigend) dakloze mensen Woningzoekenden die buiten slapen, mensen die verblijven in maatschappelijke opvang (woningzoekenden aan wie wegens dakloosheid een voorziening voor opvang is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015), mensen in niet-conventionele woonplekken vanwege een gebrek aan huisvesting (zoals op een vakantiepark) en mensen die uit nood verblijven bij familie en vrienden (bankslapers).

Woningzoekende die uitstromen uit de Jeugdhulp met verblijf en pleegzorg Woningzoekenden die de leeftijd van achttien jaar doch [maar] niet de leeftijd van drieëntwintig jaar hebben bereikt en die een accommodatie, gesloten accommodatie of voorziening voor pleegzorg als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet verlaten. Arbeidsmigranten Onderdaan van een andere lidstaat van de EU die zijn hoofdverblijf niet in NL heeft en in Nederland verblijft om tijdelijke werkzaamheden te verrichten. We volgen hier de definiëring o.g.v. van het rapport va het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, 30 oktober 2020) Woningzoekende studenten Woningzoekende die voltijds is ingeschreven bij een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs of bij een instelling als bedoeld in artikel 1.2 onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Woonwagenbewoners Woningzoekende die wil wonen in een woonwagen en voor wie het wonen in een woonwagen onderdeel uitmaakt van diens culturele identiteit doordat deze persoon zelf of zijn ouders of grootouders in een woonwagen hebben gewoond.

Woonzorgvisie 2025-2030

97

Vergunninghouders (statushouders) Houders van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, c, of d, van de Vreemdelingenwet 2000, op basis van de gemeentelijke taakstelling bedoeld in artikel 28 van de Huisvestingswet.

98

Woonzorgvisie 2025-2030

BIJLAGE 5: Het huidige beleid op wonen, zorg en welzijn Wonen, welzijn en zorg De sociale samenhang in de gemeente Houten is sterk en blijft sterk. Inwoners zijn betrokken bij hun omgeving en kijken naar elkaar om. Samen zorgen we voor de saamhorigheid in Houten. Om de saamhorigheid te continueren en te versterken zetten wij samen met onze samenwerkingspartners en inwonerinitiatieven in op ondersteuning van vrijwilligerswerk, mantelzorgers, inwonersinitiatieven, elkaar ontmoeten in de buurt en informele zorg.

Integrale visie Sociaal domein: Sociale Koers 2021-2023 Binnen het sociaal domein raken veel beleidsvelden de woonzorgopgave. In de Sociale Koers 2020-2023 integreren we de aflopende bestaande beleidskaders Wmo, Jeugd en Onderwijs, het gezondheidsbeleid, het kader ‘Lekstroom werkt/ Meedoen naar Vermogen’ en het Programma Sociale Kracht. De kern van de Sociale Koers is een inclusieve samenleving. We vinden het belangrijk dat iedereen de kans krijgt om mee te doen in de maatschappij en erbij te horen. Er is voor iedereen aandacht, ongeacht hun leeftijd, levensovertuiging, godsdienst, politieke gezindheid, afkomst, geslacht of seksuele geaardheid. Onze stip op de horizon luidt daarom: Iedereen telt mee! Iedere inwoner hoort erbij, voelt zich thuis in Houten en kan op zijn/haar manier deelnemen aan maatschappelijke en sociale activiteiten; zo vormen we met elkaar een inclusieve samenleving. In deze Sociale Koers staan de volgende vier thema’s centraal: Gezondheid, Saamhorigheid, Leren en Werken en Thuis. Ten tijde van het opstellen van deze Woonzorgvisie wordt gewerkt aan de Sociale Koers 2026-2029.

Het woningbouwprogramma: uitvoering van de Woonvisie / woondeal De ambitie is om tot 2040 in totaal 4.750 woningen bij te bouwen, onderdeel van dit totaal is de realisatie van ongeveer 450 woningen met 24-uurs zorg. 2.000 woningen van het totaal zijn voorzien in bestaand bebouwd gebied; door inbreiding en transformatie. Het zwaartepunt voor deze 2.000 woningen ligt in de gebieden Centrum, De Molenzoom en De Koppeling (CMK) en in of nabij de kleine kernen. Een kleine toevoeging is voorzien in/nabij de kernen Schalkwijk en ’t Goy. Voor de overige 2.750 woningen is het streven dat woningbouw plaatsvindt in Houten Oost. De gemeenteraad heeft het ‘Houtens-DNA’ (zie

Woonzorgvisie 2025-2030

99

paragraaf 3.5) vastgesteld als leidraad voor de realisatie van deze woningbouwopgave, zodat de opgave in lijn wordt uitgevoerd met de kernwaarden van Houten. Er zijn tussen januari 2022 en september 2023 in totaal in het segment betaalbaar en duur 557 woningen gerealiseerd. Dit betekent dat er qua behoefte een restopgave is van in totaal 4.193 woningen. Naast deze woningbouwambitie stelt de gemeente regels voor de toewijzing van sociale huurwoningen. Via aangepaste beleidsregels bevordert de gemeente dat bestaande koopwoningen efficiënter worden benut via woningdelen (woningsplitsing en verkamering). Door de recente wijziging van de Huisvestingswet zal de gemeente ook regels stellen om voor de toewijzing van nieuwgebouwde betaalbare koopwoningen tot € 390.000. Daarmee wil de gemeente bewerkstelligen dat huishoudens met lagere (midden)inkomens niet worden verdrongen bij het kopen van deze woningen.

Beleid sociaal domein en de Wmo voor kwetsbare inwoners Huidig beleid sociaal domein Voor de woonzorgopgave is ons Wmo-beleid het meest relevant. Vanuit de Wmo heeft de gemeente een verplichting om inwoners te helpen, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en deel kunnen nemen aan de maatschappij. Het gaat om inwoners vanaf 18 jaar, in het bijzonder mensen met lichamelijke en/of verstandelijke beperking(en) en mensen met psychische problemen. We willen met ons beleid inwoners van Houten ondersteunen om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen blijven functioneren en mee te kunnen doen in hun directe woonomgeving. Hierbij zijn de eigen mogelijkheden van inwoners en de sociale basis uitgangspunt. Indien nodig bieden we (specialistische) ondersteuning of een vangnet. Vanuit het idee van ‘positieve gezondheid’ worden bewoners aangemoedigd regie te voeren over hun leven en methoden te vinden om met de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen in hun leven om te gaan. Om hier uitvoering aan te geven hebben we regionale beleidskaders voor de Wmo en voor mensen met een psychische kwetsbaarheid (beschermd wonen en maatschappelijke opvang). Concrete voorbeelden hiervan zijn: GGZ maatjes, Maak je eigen Thuis training, Gebiedsteam GGZ en het Eropaf!Team.

We hebben de regionale kaders voor Beschermd Wonen vertaald naar een lokaal uitvoeringsprogramma Op weg naar een Beschermd Thuis 2024-2028 (april, 2024). Naast de Wmo hebben we ook voor de Jeugdzorg regionaal beleid, met een uitwerking op lokaal niveau. Tot slot werken we zowel regionaal als lokaal samen in het kader van het Gezond en Actief Leefstijl Akkoord (GALA) en het Integraal Zorgakkoord (IZA). Deze plannen zijn gericht op samenwerking tussen het medische en sociale domein, een gezonde en actieve leefstijl, vitaal ouder

100

Woonzorgvisie 2025-2030

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=08e2f40e-b80c-4279-acb6-b657683c3184