Bijlage 1 - Water en rioleringsplan 2024-2027 (WRP)
Tekst van het document
•
Storting voorziening exotenbeheersing.
Jaarlijks wordt er € 25.000 gestort in de voorziening om de kosten te dekken die nodig zijn om exoten zoals ongelijkbladig vederkruid in de watergangen te beheersen. Kosten € 25.000.
•
Onderhoud duikers.
Jaarlijks wordt preventief duiker onderhoud en storingsopvolging uitgevoerd. Kosten: € 6.700.
Jaar
Reguliere maatregelen
Onderdeel
Kosten (€)
Jaarlijks
Reinigen hoofdriolering in combinatie met inspectie jaarlijks 5% areaal Herleggen aansluitleidingen gemiddeld 55 stuks per jaar Reinigen zinkers en overige bijzondere constructies Reinigen hoofdgemalen en minigemalen Correctief onderhoud aan mechanisch elektrische installaties verbonden aan waterbeheer Storingsonderhoud huis- en kolkaansluitingen. Storingsonderhoud mechanisch elektrische installaties waterbeheer.
Stedelijk afvalwater
45.000
Stedelijk afvalwater
92.250
Stedelijk afvalwater
12.700
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater
35.000 45.000
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater
15.700 50.000
Hemelwater
52.500
Jaarlijks Jaarlijks
Reinigen straat- en trottoirkolken en afwateringsgoten. Reinigen afwateringsgoten. Onderhoud aan helofytenfilters.
Hemelwater Hemelwater
4.200 22.480
Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks
Reinigen drainagestelsel. Vrijhouden uitstroompunten drainagestelsel. Reparatie en storingen drainagestelsel.
Grondwater Grondwater Grondwater
28.750 4.840 12.000
Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater
3.350 121.600 25.000 6.700 Eigen dienst Eigen dienst
Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks
Jaarlijks Jaarlijks
Jaarlijks
Jaarlijks Onderhoud water regulerende constructies. Jaarlijks Maaionderhoud watergangen. Jaarlijks Dotatie voorziening bestrijding invasieve exoten Jaarlijks Duiker onderhoud. Jaarlijks 4x Verwijderen drijfvuil watergangen 52 x p/jaar Verwijderen drijfvuil watergangen 't Rond Tabel 5.2 Reguliere maatregelen stedelijk water
De kosten van de aangegeven maatregelen zijn opgenomen in de reguliere budgetten.
Projectmatige onderzoeken en werkzaamheden Projectmatige onderzoeken en werkzaamheden/maatregelen (groot onderhoud, vervanging en verbetering) zijn nodig om het huidige stelsel tegen de laagste maatschappelijke kosten te laten voldoen aan de maatstaven.
5.3.1 Projectmatige onderzoeken In de komende planperiode worden de volgende projectmatige onderzoeken uitgevoerd: Stedelijk afvalwater • Opstellen geactualiseerd SSW (systeemoverzicht stedelijk water). Aan het eind van de planperiode in 2027 wordt een geactualiseerd WRP (plan of programma) opgesteld. Kosten: € 5.000 + uren eigen dienst.
•
Onderzoek SSW (klimaatstresstest extreme neerslag 2025). In 2015 heeft de herberekening van het watersysteem en de stresstest extreme neerslag tot het inzicht geleid dat er ook in Houten veel locaties zijn die mogelijk waterschade oplopen tijdens extreme neerslag. Inmiddels zijn er veel maatregelen getroffen om die effecten te beperken of voorkomen. In 2025 wordt de stresstest herhaald, de resultaten geven inzicht in de effectiviteit van de getroffen maatregelen en focus voor de komende periode om de gemeente klimaatproof voor het aspect extreme neerslag krijgen voor 2040. Kosten: € 150.000 + uren eigen dienst.
55
Oppervlaktewater • Onderzoek naar kwaliteit oppervlaktewater. Onderzoek naar oorzaken achteruitgang kwaliteit oppervlaktewater in samenwerken en cofinanciering HDSR. De focus ligt op de watergangen in de wijken Polders en Waters. Kosten € 10.000 + uren eigen dienst. Jaar
Planmatig onderzoek
2024 Onderzoek kwaliteit opp. water 2025 Opstellen SSW incl. stresstest Tabel 5.3 Projectmatig onderzoek.
Onderdeel
Kosten (€)
Oppervlaktewater Hemelwater
10.000 150.000
5.3.2 Projectmatige werkzaamheden/maatregelen Projectmatige werkzaamheden/maatregelen zijn onder te verdelen in: • Groot onderhoud en reparatie (GR). • Verbetering en vervanging (VV). Bij groot onderhoud en reparatie worden de benodigde middelen onttrokken aan de voorziening groot onderhoud riolen, bij vervanging en verbetering worden de benodigde middelen over het algemeen gekapitaliseerd.
5.3.2.1 Groot onderhoud en reparatie Uitvoering van groot onderhoud en reparatie is erop gericht het oorspronkelijk functioneren te herstellen.
Stedelijk Afvalwater • Jaarlijkse reparaties hoofdriolering. Jaarlijks wordt de visuele gedetailleerde inspectie van hoofdriolering beoordeeld. Schades die boven de ingrijpmaatstaf liggen worden gerepareerd. De gemiddelde jaarlijkse reparatiekosten bedragen € 27.500 per jaar.
Grond- en oppervlaktewater • Uitvoering baggerwerkzaamheden 2024-2027 (afhankelijk van inspectiegegevens). In de komende planperiode wordt groot onderhoud uitgevoerd aan de waterbodems: o o o o
2024 2025 2026 2027
5.428 m1 10.669 m1 9.458 m1 11.599 m1
Jaar
Groot onderhoud en reparatie
Onderdeel
Kosten (€)
2024 2025 2026 2027
Reparatiebestek hoofdriolering 2024 Reparatiebestek hoofdriolering 2025 Reparatiebestek hoofdriolering 2026 Reparatiebestek hoofdriolering 2027
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater
27.500 27.500 27.500 27.500
Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater Oppervlaktewater
201.511 271.921 576.341 570.907
2024 Groot onderhoud waterbodems 2024 2025 Groot onderhoud waterbodems 2025 2026 Groot onderhoud waterbodems 2026 2027 Groot onderhoud waterbodems 2027 Tabel 5.4 Groot onderhoud en reparatie.
De onderstaande tabel geeft de geactualiseerde onderhoudsplanning aan voor het groot onderhoud waterbodems tot 2032.
jaar
aantal
slib (m3)
kosten (€)
V&T 5%
totaal
2024
52
lengte (m1) 5.428
5.903
191.915
9.596
201.511
2025
85
10.669
14.518
258.972
12.949
271.921
2026
65
9.458
14.234
548.896
27.445
576.341
2027
87
11.599
15.479
543.721
27.186
570.907
2028
43
6.706
18.776
756.618
37.831
794.449
2029
6
521
968
30.960
1.548
32.508
56
2030
106
20.970
40.792
1.148.660
57.433
1.206.093
2031
187
17.438
10.749
198.149
9.907
208.056
2032
325
38.359
29.103
435.803
21.790
457.593
TOTAAL 956 121.148 150.522 4.113.694 Tabel 5.5 Uitvoeringsplanning en kosten van groot onderhoud waterbodems.
205.685
4.319.379
5.3.2.2 Verbetering en vervanging Stedelijk afvalwater • Renovatie mechanisch-elektrische installaties. De verwachte technische levensduur van elektrische schakelkasten bij mechanisch-elektrische installaties zoals gemalen is vastgesteld op 20 jaar. Na deze periode kan er tot vervanging worden overgegaan wanneer de bedrijfszekerheid niet meer voldoet of de schakelkast gemoderniseerd moet worden. Wanneer aan deze randvoorwaarden niet of nog niet wordt voldaan zal vervanging worden uitgesteld. 2024 renovatie van de volgende installaties, kosten € 236.349: T 05 tunnelgemaal Lobbendijk T 06 tunnelgemaal Kooikerspad T 07 tunnelgemaal Odijkseweg T 08 tunnelgemaal Loerikseweg T 09 tunnelgemaal Schalkwijkseweg T 10 tunnelgemaal Onderdoor T 11 tunnelgemaal Waijensedijk 2025 renovatie van de volgende installaties, kosten € 12.500: O 06 onderbemalingsgemaal Rietplas 2026 renovatie van de volgende installaties, kosten € 66.719. T 00 HDSR rioolgemaal Leebrug 2027 renovatie van de volgende installaties, kosten € 338.273 : R 01 randvoorziening Helofytenfilter Noord-west R 02 randvoorziening Helofytenfilter Noord-oost R 06 randvoorziening Overstortmelder De Slag R 07 randvoorziening Overstortmelder Dorpsstraat R 08 randvoorziening Overstortmelder Beusichemseweg •
Verbeteringen mechanisch-elektrische installaties. 2024 G 25 Aanpassen vuilwaterkelder tussengemaal Achterdijk, kosten € 22.000. 2025 G 08 Gemaal Provincialeweg renovatie kelder, kosten € 35.000.
•
Renovaties en verbeteringen riolen. 2024 2026 2027
•
verkeerd aangesloten regenwater op bedrijventerrein de Schaft saneren kosten € 35.000. vervangen DWA en HWA streng Kloostergaarde Schalkwijk, kosten € 110.000 aanbrengen lining zinker Castellum, kosten € 120.000. .
Afkoppelen en lokaal verwerken hemelwater en ontstenen/vergroenen. Zoals in par 3.4.2 en 4.3.4 is aangegeven willen we doorgaan met afkoppelen, ontstenen/vergroenen en het aanbrengen van waterpasserende verharding. Kansen worden benut die zich voordoen bij een gecombineerde aanpak van groen- en wegwerkzaamheden. Daarnaast worden ook separaat werken uitgevoerd wanneer dat doelmatig is. In principe hanteren we een maximum bedrag van €25 per m2. Voor de gemengde rioolstelsels is het beleid om bij vervangingen en wegreconstructies altijd de mogelijkheid tot afkoppelen te onderzoeken en bij een positieve afweging van kosten (maximaal 40 % meerkosten, maatschappelijke acceptatie en ruimtelijke inpasbaarheid) tot uitvoering over te gaan. o
o o o
In combinatie met of vooruit lopend op de uitvoering van wegreconstructies wordt er verhard oppervlak van de riolering afgekoppeld. Het hemelwater dat op deze verharding valt zal niet meer naar de zuivering worden afgevoerd maar lokaal worden verwerkt. De inzet is om minimaal 7.500 m2 af te koppelen per jaar, hiermee worden in ieder geval de eenvoudig te realiseren maatregelen uitgevoerd. Kosten € 90.000. Het vergroenen van 50 parkeervakken (250 m2) in combinatie met groot onderhoud verharding (€ 200 meerkosten voor waterpasserende verharding per parkeervak). Kosten € 10.000. Het verwijderen van overbodige verharding trottoirs en vergroten boomstandplaatsen. Kosten € 20 euro per m2, in totaal 1.250 m2. Transformatie levert ook structureel lagere beheerkosten op per m2. Gazononderhoud kost 40% minder dan elementen verharding. € 25.000. Daarnaast vragen we bewoners om mee te denken over het ontstenen en vergroenen van de openbare ruimte. Hiervoor wordt een bedrag van maximaal € 75.000 gereserveerd waarmee ca. 2.000 m2 verharding wordt gesaneerd.
57
•
Aanpak risicolocaties. De voortzetting van het saneren van de zgn. risicolocaties leidt voor de planperiode tot een investering van € 2.427.478. In 2019 is gestart met de locaties die bij de T10 bui al risicovol zijn. Inmiddels gaat het nu om de aanpak van locaties die bij de T50 bui risicovol zijn. Als onderdeel van de aanpak van de risicolocaties wordt ook de waterafvoer van de Rondweg (op enkele plekken) en van de tunnel de Koppeling verbeterd. Na de actualisatie van het watersysteem + stresstest in 2025 bepalen de gewenste maatregelen. De beschermingsmaatregelen bestaan in hoofdzaak uit: o afkoppelen van regenwater van de riolering en dit water via nieuw aan te leggen IT-riolering in de bodem vast te houden en te lozen op nabijgelegen watergangen. o aanbrengen van verhogingen/drempels om te voorkomen dat water vanaf de openbare weg naar openbare of privégarages stroomt; o verlagen van drempels en banden en groenstroken om overtollig water vanaf de weg naar groenstroken te leiden
•
Bewonersacties perceeleigenaren. In de planperiode gaan we perceeleigenaren stimuleren om bestaande daken te voorzien van een groen dak en regenwater dat op eigen dak valt af te koppelen en zo mogelijk te infiltreren. Er worden 3 bijdrageregelingen opgezet (zie ook H 3). Kosten: 60.000 per jaar en uren eigen dienst. Aanvragen worden toegekend op volgorde van binnenkomst. o “Bijdrageregeling aanleg groene daken”. Een bijdrageregeling voor de aanleg van een groen dak > 6 m2 en met een bergende inhoud van minimaal 45 mm per m2. Er geldt een maximaal bedrag per aanvraag. o “Bijdrageregeling afkoppelen en infiltreren hemelwater”. Een bijdrageregeling voor het afkoppelen van regenwater dat op het dak of andere verharding valt en wordt geïnfiltreerd op eigen terrein. De infiltratievoorziening heeft een overloop op maaiveldniveau. Er geldt een maximaal bedrag per aanvraag. o " Regeling afkoppelen hemelwater naar openbare ruimte”. Een nieuwe bijdrageregeling voor het afkoppelen van hemelwater via een goot in de voortuin naar de openbare weg. De regeling kent twee variabelen: één gebaseerd op het afgekoppelde oppervlak en één voor de te overbruggen lengte tot de openbare ruimte.
Jaar
Verbetering en vervanging
Onderdeel
Kosten (€)
2024 2025 2026 2027 2024
Vervangen mechanisch elektrische inst.2024 Vervangen mechanisch elektrische inst.2025 Vervangen mechanisch elektrische inst.2026 Vervangen mechanisch elektrische inst. 2027 Verbeteringen mechanisch-elektrische installaties Verbeteringen mechanisch-elektrische installaties Renovaties en verbeteringen riolen. 2024 Renovaties en verbeteringen riolen. 2026 Renovaties en verbeteringen riolen. 2027 Gemeentelijke initiatieven voor ontstenen, vergroenen en afkoppelen 2024 Gemeentelijke initiatieven voor ontstenen, vergroenen en afkoppelen 2025 Gemeentelijke initiatieven voor ontstenen, vergroenen en afkoppelen 2026 Gemeentelijke initiatieven voor ontstenen, vergroenen en afkoppelen 2027 Particuliere initiatieven voor ontstenen, vergroenen en 2024 Particuliere initiatieven voor ontstenen, vergroenen en 2025 Particuliere initiatieven voor ontstenen, vergroenen en 2026 Particuliere initiatieven voor ontstenen, vergroenen en 2027 Bijdrageregelingen perceeleigenaren 2024 Bijdrageregelingen perceeleigenaren 2025 Bijdrageregelingen perceeleigenaren 2026 Bijdrageregelingen perceeleigenaren 2027 Maatregelen verhogen beschermingsniveau tegen extreme bui Herwijnen 2024 Maatregelen verhogen beschermingsniveau tegen extreme bui Herwijnen 2025 Maatregelen verhogen beschermingsniveau tegen extreme bui Herwijnen 2026
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater
236.349 12.500 66.719 338.273 22.000
Stedelijk afvalwater
35.000
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater Hemelwater
35.000 110.000 120.000 125.000
Hemelwater
125.000
Hemelwater
125.000
Hemelwater
125.000
Hemelwater
75.000
Hemelwater
75.000
Hemelwater
75.000
Hemelwater
75.000
Hemelwater Hemelwater Hemelwater Hemelwater Hemelwater
60.000 60.000 60.000 60.000 606.870
Hemelwater
608.870
Hemelwater
608.870
2025 2024 2026 2027 2024 2025 2026 2027 2024 2025 2026 2027 2024 2025 2026 2027 2024 2025 2026
58
2027
Maatregelen verhogen beschermingsniveau tegen extreme bui Herwijnen 2027
Tabel 5.6 Verbetering en vervanging.
59
Hemelwater
608.870
6 ORGANISATIE EN FINANCIËN Inleiding Dit hoofdstuk geeft inzicht in de personele en financiële middelen die nodig zijn voor een adequaat gemeentelijke afvalwater-, hemelwater-, grondwater en oppervlaktewaterbeheer. Aansluitend wordt de voorgestelde kostendekking in beeld gebracht met onder andere de tarieven van de rioolheffing voor de planperiode 2024-2027.
Personele middelen: te leveren arbeidsinspanning Voor een goede uitoefening van de kerntaak rioleringsbeheer is een apparaat nodig van voldoende grootte en met voldoende geschoolde medewerkers. Dit apparaat moet zo georganiseerd zijn dat het de volle verantwoordelijkheid voor het stedelijk waterbeheer kan nemen. Door de voortgaande groei van het bebouwde gebied en de uitvoering van klimaat adaptieve projecten neemt het te beheren areaal en de reeds bestaande onderbezetting toe. In de komende planperiode zijn hiervoor maatregelen noodzakelijk. Het gaat om een goede afweging tussen eventuele formatie-uitbreiding en/of inhuur (zie ook hieronder). De ontwikkeling van de formatie van de lijnorganisatie binnen het taakveld Stedelijk Water (team Voorbereiding en Ontwikkeling Beheer (VOB) is gekoppeld aan het areaal van de riolering en de ontwikkeling hierin. In tabel 6.1 is de verwachte ontwikkeling van de lengte van het rioolstelsel aangegeven. Rioolstelsel
2023
2024 3.493
3.137
2.932
5.388
347.653
351.147 1,00%
354.283 1,90%
357.216 2,80%
362.603 4,30%
Toename m1 (strekkende meters) riolering in beheer Totale lengte in meters Toename lengte t.o.v. ref.jaar 2023 in % Tabel 6.1 Ontwikkeling lengte rioolstelsel in planperiode.
2025
2026
2027
Uitgangspunt bij het bepalen van de eigen formatiebehoefte is dat de gemeente voldoende deskundigheid en capaciteit in eigen huis heeft om tenminste zicht te hebben op de planning van activiteiten en om de nodige prioriteiten te stellen bij het maken van keuzes. De gemeente moet in staat zijn de uitbestede werkzaamheden adequaat aan te sturen en moet invulling kunnen geven aan de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Activiteiten als beleidsontwikkeling, directievoering (deels), toezicht (deels), werkvoorbereiding (deels), voorlichting, klachtafhandeling, storingsopvolging en het beheer van technische gegevens behoren tot de kerntaken. Het uitbesteden van dergelijke activiteiten leidt tot afstemmingsproblemen en is niet zinvol. Voor een deel van de structurele beheeractiviteiten is inhuur een oplossing om pieken op te vangen bij bulkmutaties in het technische beheersysteem en toezicht op grote onderhouds-projecten. Jaar planperiode
2023
2024
uren huidige formatie in de lijnorganisatie 6.402 6.402 uren obv groei areaal 6.402 6.521 groei 0 120 bestaand tekort formatie in uren 1.467 1.467 ontw ikkeling tekort formatie in uren 1.467 1.587 Tabel 6.2 De ontwikkeling van de beschikbare en benodigde uren in de periode 2024-2027.
2025
2026
2027
6.402 6.580 178 1.467 1.645
6.402 6.634 233 1.467 1.700
6.402 6.734 333 1.467 1.800
In het kostendekkingsplan is de dekking van de inhuur dan wel formatie-uitbreiding voorzien. Grootschalige vervanging en nieuwaanleg worden in hoofdzaak uitbesteed, het gaat hierbij om bestek voorbereiding, tekenen, berekenen, directievoering en toezicht. De hieraan verbonden kosten zijn integraal onderdeel van de projectkosten die worden geactiveerd (vervanging) of bekostigd uit de grondexploitatie (nieuw aanleg). De bijdragen aan het voorlopig ontwerp (VO) en definitief ontwerp (DO) van deze projecten en de overdrachten worden vanuit de lijnorganisatie verricht. Binnen het kostendekkingsplan is rekening gehouden met een structurele personele bijdrage voor degelijke projecten. 60
Ter illustratie is een vergelijking gemaakt met de landelijke richtlijnen die zijn vastgelegd in de Leidraad Riolering door de Stichting RIONED. Indien wordt gekozen voor het maximaal uitbesteden van de rioleringstaken bedraagt de formatie voor een gemeente van ca. 40.000 inwoners 4,0 fte. Voor een gemeente van ca. 40.000 inwoners die geen werkzaamheden uitbesteedt wordt een formatie van in totaal 17,8 fte. als norm geformuleerd. De gemeente Houten heeft momenteel ca. 50.000 inwoners en 4,78 fte. Zeker gelet op wat de gemeente zelf doet en het feit dat in Houten het baggeren ook onder het (afval)waterbeheer valt, blijft de gemeente met 4,78 fte ruim onder de RIONED richtlijn. (geëxtrapoleerd naar 50.000 inwoners: 5,1 fte). Daarbij moet wel worden opgemerkt dat het rioleringsstelsel in Houten relatief jong is en de grootschalige vervanging van riolen nog niet aan de orde is.
Kosten De kosten van de rioleringszorg bestaan uit exploitatie- en investeringskosten. Het grootste deel van de investeringen wordt gekapitaliseerd en afgeschreven gedurende de periode waarin de voorziening functioneert. Als afschrijvingstermijn wordt de verwachte standaard levensduur van de voorziening gehanteerd (zie bijlage 8 (Randvoorwaarden en uitgangspunten kostendekkingsplan). Uitgegaan wordt van afschrijving op basis van annuïteit. Hierdoor zijn de kapitaallasten gedurende de looptijd constant en worden fluctuaties in de rioolheffing zoveel mogelijk voorkomen.
Exploitatielasten riolering 7.000.000 6.500.000 6.000.000 5.500.000 5.000.000 4.500.000 4.000.000 3.500.000 3.000.000 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 2023
2028
2033
2038
2043
2048
2053
2058
2063
2068
Exploitatielasten (excl. BTW en groei)
Groei exploitatiekosten
Capaciteit en overhead
Totaal kapitaallasten
2073
2078
2083
Dotatie spaarvoorziening Figuur 6.1 Lastenontwikkeling vanaf 2023.
De bovenstaande figuur laat zien dat de lasten t/m 2060 min of meer stabiel blijven om daarna sterk te stijgen als gevolg van toenemende kapitaallasten door noodzakelijke vervangingsinvesteringen. Door de grootschalige bouw vanaf 1981 zal zich – uitgaande van een levensduur van 80 jaar – rond 2060 namelijk een 'trendbreuk' voordoen bij de renovatie en vervanging van de riolering: werd er voor 1970 nauwelijks riolering aangelegd, in de jaren ‘80 nam de aanleg toe van 5 km per jaar tot 15 km per jaar. Door de toenemende ouderdom van het rioolstelsel zullen de beheeractiviteiten op het gebied van reparatie/onderhoud verder toenemen. Die constatering is waardevol. Aan de hand ervan is het mogelijk tijdig maatregelen te treffen, organisatorisch én budgettair. Spaarvoorziening Houten activeert investeringen in de riolering die ontstaan bij vervangingen en uitbreiding. Na het jaar van afsluiten van een krediet ten behoeve van een investering start de kapitaallast (rente en afschrijving). Door de schuld over een lange termijn uit te smeren ontstaat een bepaald evenwicht tussen vaste inkomsten en variabele lasten. Nadeel hiervan is het rente-aandeel dat op den duur de overhand krijgt over de afschrijvingen. Zo kost een investering van 1 miljoen uiteindelijk meer dan twee keer zoveel. Een meer duurzame methode van financieren is de methode van directe afschrijving.
Hiermee worden rentelasten vermeden en een restschuld voorkomen. De stichting RIONED ziet de toename van kapitaallasten als een onwenselijke ontwikkeling omdat de kosten naar de toekomst worden geschoven en adviseert gemeente om te streven naar een “ideaal complex”. 61
Binnen een ideaal complex zijn de uitgaven en inkomsten in evenwicht en is het activeren van investeringen niet nodig. Gezien de onevenwichtige leeftijdsopbouw van de objecten is een ideaalcomplex in Houten op korte termijn niet te realiseren. In de tussentijd is het wel mogelijk een deel van de structurele investeringen direct te nemen. Dit deel wordt dan niet geactiveerd wat voor lagere kapitaallasten zorgt en de rioolheffing ook op termijn betaalbaar blijft. Vanaf 2016 zijn we gestart met een “Voorziening riolering vooruit sparen toekomstige kosten” waarmee een deel van de investeringen direct wordt gedekt. Sinds 2020 wordt er jaarlijks €85.000 in deze voorziening gestort. Het beperken van rentelasten in de toekomst sluit ook aan bij de wet Houdbaarheid Overheidsfinanciën (wet HOF) uit 2013.
Kapitaallasten investeringen
2023 2025 2027 2029 2031 2033 2035 2037 2039 2041 2043 2045 2047 2049 2051 2053 2055 2057 2059 2061 2063 2065 2067 2069 2071 2073 2075 2077 2079 2081 2083 2085
4.500.000 4.250.000 4.000.000 3.750.000 3.500.000 3.250.000 3.000.000 2.750.000 2.500.000 2.250.000 2.000.000 1.750.000 1.500.000 1.250.000 1.000.000 750.000 500.000 250.000 0
Lopende investeringen (<2023)
Investeringen planperiode 2024-2027
Toekomstige vervangingen
Figuur 6.2 ontwikkeling kapitaallasten vanaf 2024.
Baten en lasten Op basis van de kosten voor de periode 2020-2023 zijn de benodigde opbrengsten berekend. In het tabel 6.3 zijn de belangrijkste kosten weergegeven die in de komende planperiode moeten worden gemaakt om de gestelde doelen te halen. De bedragen voor 2024 tot en met 2027 zijn op het prijspeil van 2023.
62
LASTEN 2024
Omschrijving Product Riolering Beheerplan riolering
BATEN 2024
846.454
Baten Riolering
LASTEN 2025
0
0 -3.816.074
824.225
BATEN 2025
LASTEN 2026
0
0 -3.849.111
829.591
BATEN 2026
LASTEN 2027
0
BATEN 2027
927.468
0 -3.883.688
0
0 -3.922.426
Kwijtscheldingen Riolering
100.000
0
100.000
0
100.000
0
100.000
0
Riolen
273.250
0
273.250
0
273.250
0
273.250
0
Rioolgemalen
507.443
0
507.443
0
507.443
0
507.443
0
Helofytenfilters
32.481
0
32.481
0
32.481
0
32.481
0
Grondwater
53.590
0
53.590
0
53.590
0
53.590
0
Afwatering
86.525
0
86.525
0
86.525
0
86.525
0
KLIC Inform.Uitw.Ondergr.Netw
2.500
0
2.500
0
2.500
0
2.500
0
Onderhoud watergangen
151.456
0
151.456
0
151.456
0
151.456
0
Waterbodemonderhoud
401.888
0
401.888
0
401.888
0
401.888
0
7.408
0
7.408
0
7.408
0
7.408
0
Personele inzet
934.790
0
934.875
0
935.334
0
942.072
0
Kapitaallasten
305.522
0
368.756
0
441.183
0
501.115
0
Baggeren
Onderhoud duikers
SUBTOTAAL LASTEN - BATEN Prognose groei exploitatiekosten door toename woningen TOTAAL LASTEN - BATEN
3.703.305 -3.816.074 3.744.396 -3.849.111 3.822.648 -3.883.688 3.987.194 -3.922.426
18.114
44.673
66.181
84.787
3.721.419 -3.816.074 3.789.070 -3.849.111 3.888.829 -3.883.688 4.071.982 -3.922.426
Tabel 6.3 Baten en lasten in de planperiode (in euro’s)
* De baten zijn een inschatting op basis van inwonertal.
Kostendekking Rioolheffing Het product riolering kent een gesloten financieringsstructuur waarbinnen alle baten uit de rioolheffing (op basis van een gemeentelijke belastingverordening) en alle kosten/lasten van de riolering (incl. de zorgplicht voor het hemel-, grond- en oppervlaktewater) worden verantwoord. Alle inkomsten uit de rioolheffing worden dus uitsluitend besteed aan het riool- en waterbeheer. De rioolheffing heeft het karakter van een bestemmingsheffing. De jaarlijkse tarieven zijn in principe een direct afgeleide van de gemiddelde kosten in de planperiode 2024-2027. Binnen de (standaard 4-jarige) planperiode van een WRP worden grote verschillen in het tarief per jaar geëgaliseerd met behulp van de Voorziening riolering egalisatie tariefheffing (zie ook hierna). Volgens de huidige inschattingen stijgt het tarief de komende 13 jaar licht om daarna gedurende weer 20 jaar redelijk stabiel te blijven. Vanaf ca 2057 zal het tarief (als gevolg van de dan benodigde vervangingsinvesteringen) aanzienlijk te stijgen. Zie hiervoor ook figuur 6.1 van de totale jaarlasten voor de komende decennia. Op dit moment wordt het zowel nog niet nodig als opportuun geacht om ten laste van de algemene middelen substantiële financiële voorbereidingen te treffen voor deze toekomstige hogere uitgaven.
In elk nieuw rioleringsplan wordt het lange termijn vervangingsplan bijgesteld en kan de gemeente tijdig financiële maatregelen treffen. De kosten van het water- en rioleringsbeheer worden verdeeld over huishoudens (woningen) en de eigenaren van niet-woningen (bedrijven, instellingen, winkels e.d.) naar verhouding van de totale waarde van het desbetreffende type vastgoed. Het tarief van de rioolheffing voor gebruikers is op basis van de huishoudensgrootte) voor 2024 bepaald op: • Eenpersoonshuishouden: € 109,21. • Meerpersoonshuishoudens: € 185,66. 63
•
Gebruikers van niet-woningen betalen een tarief van 0,03334% van de WOZ-waarde. Het maximale te heffen bedrag voor niet-woningen bedraagt € 2.460. Uitgangspunt is dat de tarieven voor de jaren 2025, 2026 en 2027 gelijk zijn aan die van 2024, rekening houdend met een correctie voor inflatie en waardeontwikkeling van de niet-woningen. Voorzieningen en reserve Momenteel kent Houten de volgende voorzieningen en bestemmingsreserve. 1. Een Voorziening riolering egalisatie tariefheffing (conform BBV art 44 lid 1c) Deze voorziening dient voor het stabiel houden van de tarieven rioolrecht in een planperiode. 2. Een Voorziening riolering risicoafdekking en vooruitsparen toekomstige kosten (conform BBV art. 44 1d en 2). Om een substantiële verhoging van de heffing te voorkomen als gevolg van vervanging van in eerste instantie vanuit de grondexploitatie betaalde riolering, is vooruit sparen voor toekomstige vervanging toegestaan. Deze voorziening dient ook om vrijval van het niet onderbouwde deel van de egalisatievoorziening te voorkomen (de heffing mag namelijk niet vrijvallen in het saldo). Een andere belangrijke functie van deze voorziening is het kunnen opvangen van onvoorziene uitgaven zoals vervroegde afschrijvingen (wat bijvoorbeeld het geval kan zijn bij het herstel van een gemaal bijna blikseminslag).
Voor de planperiode 2024-2027 wordt uitgegaan van een optimale omvang van €1.000.000. De afgelopen jaren was de reserve €1.250.000. De verlaging tot €1.000.000 is passend omdat er al vele jaren geen uitgave uit deze reserve nodig is geweest. 3. Een Voorziening riolering onderhoud waterbodems (conform BBV art. 44 1d en 2). Uitgaande van de totale kosten voor het baggeren van ca €4,3 miljoen de komende 10 jaar en rekening houdend met de al beschikbare middelen in de voorziening, is de benodigde storting jaarlijks ca € 312.000. 4. Een Bestemmingsreserve riolering efficiencyoverschot. Deze reserve is voor efficiency resultaten op de riolering en aanbestedingsvoordelen. De raad beslist over de inzet van de middelen in deze reserve. Deze efficiencyresultaten worden aan het eind van de oude planperiode 2020-2023 bepaald vanuit de egalisatievoorziening (zie 1.) en toegevoegd aan deze bestemmingsreserve. Daarna kan de raad over inzet van deze middelen besluiten.
64