Bijlage 1 - Omgevingspalet
Tekst van het document
Omgevingspalet Eindproduct fase 1 (van de 3) Houtense Omgevingsvisie 17 december 2024
Inhoudsopgave Samenvatting
1
1.
De Houtense omgevingsvisie
2
1.1
Waarom een Houtense omgevingsvisie?
2
1.2
In drie stappen naar de Houtense omgevingsvisie
3
1.3
Introductie van het omgevingspalet
4
2.
Beleidsinventarisatie
5
2.1
Beleidsinventarisatietraject 2022/2023
5
2.2
De beleidsinventarisatie in relatie tot het omgevingspalet
6
Uitgangspunten van beleidsinventarisatie Witte vlekken – ontbrekend beleid
8 8
3.
Trends en ontwikkelingen in en om Houten (per werkthema)
10
3.1
Leven
11
3.2
Duurzaamheid
14
3.3
Mobiliteit
15
3.4
Economie
17
3.5
Vitaliteit
18
4.
Vraagstukken en kansen voor Houten (per werkthema)
20
4.1
Leven
20
4.2
Duurzaamheid
21
4.3
Mobiliteit
22
4.4
Economie
23
4.5
Vitaliteit
24
4.6
Kansenkaart
25
6. Relatie met het Houtens DNA
28
7. Participatie
29
8. Doorkijk naar vervolg (fase 2 en fase 3)
30
8.1 Doorkijk fase 2
30
8.2 Doorkijk fase 3
30
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
i
Verklarende woordenlijst
31
Colofon
1
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
ii
Samenvatting Voor u ligt het omgevingspalet van de gemeente Houten. Het is het eerste tussenproduct op weg naar een Houtense omgevingsvisie. Het omgevingspalet beschrijft hoofdzakelijk de bestaande situatie in Houten als het gaat om de fysieke leefomgeving en de ontwikkelingen en vraagstukken waar we mee te maken hebben of krijgen. Deze vraagstukken kunnen voortkomen uit beleid (van andere overheden), maar ook uit trends en ontwikkelingen die zich in onze samenleving voordoen. Dit ‘palet’ van beleid, ontwikkelingen en vraagstukken vormt de basis voor onze omgevingsvisie. Door met elkaar in verband te brengen krijgen we een overzicht van de vraagstukken waar we voor staan en de kansen die er zijn op weg naar Houten 2040. Vastgesteld beleid Bij de voorbereiding van het omgevingspalet hebben we als eerste het vastgestelde beleid voor de fysieke leefomgeving in beeld gebracht. Daarbij hebben we dankbaar gebruik gemaakt van de beleidsinventarisatie die in 2022 gemaakt is voor het Houtens DNA. Voor dit document hebben we de bestaande beleidsinventarisatie aangevuld en geactualiseerd in de zomer van 2023. De genoemde beleidsinventarisatie is een bijlage van het omgevingspalet. Trends en ontwikkelingen Vervolgens hebben we de trends en ontwikkelingen geïnventariseerd die de komende jaren (tot 2040) op Houten afkomen.
Dat kunnen nationale ontwikkelingen zijn, maar ook provinciale, regionale of lokale. Denk bijvoorbeeld aan het toenemende woningtekort en de energietransitie. Dat zijn nationale ontwikkelingen maar ook Houtense. Vraagstukken Kijkend naar het bestaande en in ontwikkeling zijnde beleid, en de verwachte trends en ontwikkelingen, hebben we de vraagstukken voor Houten in beeld gebracht. Naast de woningbouwopgave zien we bijvoorbeeld een mobiliteitsvraagstuk, een vraag naar ruimte voor bedrijven en een opgave voor een vitaal buitengebied. Alle vraagstukken zijn in willekeurige volgorde benoemd. In deze voorbereidende fase van de omgevingsvisie maken we namelijk nog geen keuzes over de prioriteit van de vraagstukken ten opzichte van elkaar of waar in de gemeente we alles een plek willen geven. Kansen Er zijn niet alleen vraagstukken maar ook kansen voor de toekomst van Houten. Deze kansen hebben we samen met professionele stakeholders en een interne klankbordgroep in beeld gebracht. Ook inwoners van Houten konden aangeven welke kansen zij zien voor Houten in 2040. We hebben alle verzamelde kansen gebundeld in een kansenkaart. De kansenkaart is de eerste en een voorlopige verkenning van de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden in onze gemeente. Wat niet wil zeggen dat we ook al deze kansen kunnen en willen benutten.
Participatie Bij de voorbereiding van het omgevingspalet hebben we zowel inwoners als stakeholders betrokken. Voor de duur van het project Omgevingsvisie is een klankbordgroep met 15 inwoners actief. De klankbordgroep is bij elkaar geweest om de trends en ontwikkelen, die uit de beleidsanalyse naar voren kwamen, nader te duiden. Via Houtenpraatmee.nl hebben we tegelijkertijd aan onze inwoners gevraagd om de grootste kansen voor Houten in 2040 aan te geven. De stakeholders ten slotte, bestaande uit vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties, verenigingen en ondernemers, experts, zijn betrokken via twee werkateliers. De leden van de Raadswerkgroep Omgevingswet zijn uitgenodigd om daar als toehoorder aanwezig te zijn. 17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
1
1.
De Houtense omgevingsvisie 1.1
Waarom een Houtense omgevingsvisie?
Een omgevingsvisie is een belangrijk document dat de toekomstplannen voor onze gemeente vastlegt. De omgevingsvisie beschrijft de richting waar we heen willen. Dat doen we door ambities voor alle thema’s die te maken hebben met onze fysieke omgeving in kaart te brengen. Het gaat in de omgevingsvisie bijvoorbeeld over woningen, buiten bewegen, bedrijventerreinen, winkelcentra, landschap, natuur, cultureel erfgoed en recreatie. Het gaat ook over minder direct waarneembare thema’s zoals bodem, water, milieu, klimaatverandering en gezondheid. Ook de kernwaarden die voortkomen uit het Houtens DNA komen in de omgevingsvisie terug. De omgevingsvisie richt zich op de hoofdlijnen van het beleid en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving op de lange termijn. Tegelijkertijd biedt de omgevingsvisie het kader voor het koesteren en versterken van de kwaliteiten en het realiseren van de ambities. De omgevingsvisie draagt hiermee bij aan het vinden van de balans tussen het ontwikkelen en beschermen van de leefomgeving. Centraal daarbij staat een integrale afweging van alle belangen. Dit maakt dat de omgevingsvisie een overkoepelend plan wordt waarin alle langere termijn beleidsdoelen voor de leefomgeving in Houten op elkaar zijn afgestemd. Soms kunnen we ontwikkelingen combineren, maar niet altijd. Er is beperkte ruimte, en niet alles kan zomaar overal.
De omgevingsvisie verbindt verschillende onderwerpen die soms recht tegenover elkaar staan. Hierbij houden we rekening met de ideeën en belangen van onze inwoners, experts en stakeholders (onder andere maatschappelijke organisaties, ondernemers, overheden, enzovoort). De volgende uitgangspunten helpen ons daarbij: 1. De visie wordt opgesteld met en voor inwoners, experts en (maatschappelijke) organisaties en is daardoor bruikbaar en inspirerend. 2. De omgevingsvisie geeft richting aan ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. 3. Verschillende thema’s worden in onderlinge samenhang (integraal) behandeld. 4. De omgevingsvisie zet het beleid op hoofdlijnen neer. Nadere uitwerking van de omgevingsvisie vindt vervolgens plaats in het (verplichte) omgevingsplan en mogelijk in omgevingsprogramma’s. Een wettelijke taak Iedere gemeente in Nederland moet volgens de Omgevingswet, die op 1 januari 2024 in werking is getreden, voor 1 januari 2027 een omgevingsvisie opgesteld hebben. Het doel van de Omgevingswet is dat regelgeving over onze leefomgeving inzichtelijker wordt, dat procedures minder lang duren en dat beleid en regels beter op elkaar aansluiten door de beleidscyclus te volgen. In de beleidscyclus is de omgevingsvisie het vertrekpunt voor de actualisering van sectoraal en gebiedsgericht beleid.
Doel, meerwaarde en kansen van de omgevingsvisie De omgevingsvisie moet gemeenten helpen sneller te kunnen beoordelen of een initiatief wel of niet past in het toekomstbeeld (lange termijn ambities en doelen) dat de gemeente voor ogen heeft. Daarvoor moeten alle beleidsthema’s die gaan over de leefomgeving bij elkaar worden gebracht. We noemen dat een integrale benadering. Die benadering voorkomt dat er verschillende visies en plannen naast elkaar bestaan die elkaar tegenspreken. De
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
2
omgevingsvisie helpt initiatiefnemers bij het maken en uitvoeren van hun plannen, want zij kunnen in één oogopslag alle aspecten vinden waarmee ze rekening moeten houden. Een omgevingsvisie geeft ook een kader en richting voor de uitwerking van toekomstig beleid van de gemeente, bijvoorbeeld in omgevingsprogramma's.
1.2
In drie stappen naar de Houtense omgevingsvisie
We werken in drie fases aan de totstandkoming van de omgevingsvisie. Bij elke fase betrekken we, naast het college van burgemeester en wethouders en de raadswerkgroep, onze inwoners, experts en stakeholders. Zo halen we veel ideeën en meningen op. In elke fase staat een ander doel centraal. Daarmee is ook de participatievorm per fase verschillend. Fase 1: Omgevingspalet Er bestaat al veel (sectoraal) beleid; dit is opgenomen in de beleidsinventarisatie. Een voor de visie relevante samenvatting van deze beleidsinventarisatie -bestaande uit vigerend beleid, beleid in ontwikkeling en ontbrekend beleid- wordt opgenomen in het omgevingspalet. De beleidsinventarisatie, samen met de kernkwaliteiten uit het Houtens DNA, vormen het vertrekpunt voor de omgevingsvisie. Het sectorale beleid bevat bestaande trends en ontwikkelingen. Samen met de ambtelijke organisatie, experts en de klankbordgroep inwoners vullen we deze, geclusterd in werkthema’s, aan, met het oog op de (middel)lange termijn. Vervolgens vertalen we dit naar (middel)lange termijn kansen en vraagstukken. Ondertussen halen we bij inwoners, (maatschappelijke) organisaties en ondernemers op wat er leeft in de samenleving. Zo verkrijgen we een compleet beeld van de gemeente van nu, en van de te ontwikkelen kansen en uitdagingen. We maken gebruik van creatieve werksessies, een dynamisch werkatelier en online participatie.
Fase 2: Omgevingsagenda Welke ambities en doelen hebben we en kiezen we voor gemeente Houten? Sommige ambities en doelen gelden voor de hele gemeente, andere uitgangspunten gelden alleen voor een specifiek deelgebied. Er zijn veel mogelijke keuzes en veel ambities. Wat zijn de voor- en nadelen van elke keuze? Zijn de ambities realistisch en kunnen we ze waarmaken? En waar kunnen we onderdelen combineren? Om dit te onderzoeken en keuzes inzichtelijk te maken, ontwikkelen we toekomstscenario’s voor de gemeente Houten met het Houtens DNA als onderlegger. Deze scenario’s worden gepresenteerd en dienen als basis voor de participatie en het ophalen van voorkeuren gemeente breed. De voorkeuren op onderdelen worden samen met een relevantie- en haalbaarheidscheck vertaald naar een (realistisch) voorkeursscenario. Fase 3: Omgevingsvisie We combineren de beste onderdelen uit de verschillende scenario’s en dit wordt onderdeel van het voorkeursscenario. Dit scenario is de basis voor de visie die we uitwerken in zowel kaart als tekst. Ook volgt er een gebiedsgerichte uitwerking van dit voorkeursscenario. Uiteindelijk werken we in deze fase toe naar de ontwerp omgevingsvisie voor de gemeente Houten. Ook denken we in deze fase na over de doorwerking van de omgevingsvisie: hoe zorgen we ervoor dat de omgevingsvisie daadwerkelijk bijdraagt 17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
3
aan het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving? Daarna volgen de terinzagelegging van de ontwerp omgevingsvisie en het vaststellen van de omgevingsvisie. Tijdens deze fase mogen alle geïnteresseerden voor de laatste keer hun mening geven, tijdens de officiële inspraakprocedure. Ook organiseren we hiervoor een inloopbijeenkomst. Daarna wordt de omgevingsvisie bestuurlijk behandeld door zowel het college van burgemeester en wethouders als de gemeenteraad. Na vaststelling: de omgevingsvisie blijft actueel Met de omgevingsvisie kijken we ver vooruit, tot 2040. In dit tijdspad werken we aan ambities en doelen zoals we die in de visie vastleggen. Vanwege de toekomstige ontwikkelingen die gevolgen kunnen hebben voor de Houtense leefomgeving, is deze omgevingsvisie een dynamisch document; we zullen regelmatig* controleren of de visie nog actueel is en hoe het staat met de voortgang. We bekijken of we op de goede weg zitten om de ambities te behalen, of dat bijsturing nodig is. * In Fase 3 richten we ons op de doorwerking van de omgevingsvisie. Dan bespreken we in welke regelmaat de monitoring en evaluatie van de omgevingsvisie plaatsvindt.
1.3
Introductie van het omgevingspalet
Dit omgevingspalet is het eerste tussenproduct voor de Houtense omgevingsvisie en markeert het einde van fase 1. In het omgevingspalet is als eerste het vastgestelde beleid geïnventariseerd en in beeld gebracht. Het beleid beschrijft ook welke trends en ontwikkelingen er op Houten afkomen. Dit is aangevuld met openbare gegevens (bronnen zoals CBS, CROW, ABF). Uit het beleid en de trends en ontwikkelingen volgen (middel)lange termijn vraagstukken en kansen die we in fase 2 van de omgevingsvisie gaan uitwerken. Het omgevingspalet is verrijkt met inbreng uit verschillende vormen van participatie. Hiermee schetst het omgevingspalet een compleet beeld van de vertreksituatie voor de omgevingsvisie.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
4
2.
Beleidsinventarisatie 2.1
Beleidsinventarisatietraject 2022/2023
In 2022 en 2023 is een uitgebreide inventarisatie van het vigerende beleid uitgevoerd. Deze is als bijlage toegevoegd aan het omgevingspalet. De beleidsinventarisatie is uitgevoerd ter voorbereiding van het opstellen van de omgevingsvisie voor Houten (HOVi). Deze inventarisatie ordent de bestaande relevante beleidsthema’s en – documenten van de gemeente die voor de HOVi als uitgangspunt dienen. De beleidsinventarisatie heeft ook bijgedragen aan het ontwikkelen van het Houtens DNA.
Figuur 1: De omgevingsvisie maakt gebruik van bestaand beleid, relevant voor de visie. Deze illustratie maakt het inzichtelijk of beleid in de omgevingsvisie, het omgevingsplan of eventueel nader uit te werken omgevingsprogramma's zijn plek krijgt. Dit is afhankelijk van het schaalniveau waar dit beleidsthema betrekking op heeft. Om de verhoudingen te laten zien is een aantal programma’s ter illustratie opgenomen. In het najaar van 2021 is een overzicht gemaakt van bestaand omgevingsbeleid in de gemeente Houten. In het voorjaar van 2022 is het bestaande beleid overzichtelijk gemaakt. Dit heeft geresulteerd in 11 themakaarten. Deze zijn in het voorjaar en de zomer van 2023 geactualiseerd: - Themakaart Algemeen - Themakaart Samenleving - Themakaart Milieu - Themakaart Bodem, Water en Ondergrond - Themakaart Duurzaamheid (energie en klimaat) - Themakaart Verkeer - Themakaart Ruimtelijke ordening - Themakaart Economie en Retail - Themakaart Wonen - Themakaart Natuur - Themakaart Openbare Ruimte
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
5
Alle beleidsdocumenten zijn binnen één van de themakaarten besproken. Per themakaart is bepaald wat de hoofdlijnen-/ambities zijn en wat voor invloed die hebben op de gezonde leefomgeving in Houten. Bovendien zijn de beleidsdocumenten tegen het licht gehouden van het coalitieakkoord. Daarna is nog een update gedaan in het voorjaar van 2024.
2.2
De beleidsinventarisatie in relatie tot het omgevingspalet
De beleidsinventarisatie die in 2023 is uitgevoerd, is aangevuld met de documenten die na deze datum zijn vastgesteld. Het vigerend dan wel in ontwikkeling zijnde beleid dat op niveau van de omgevingsvisie relevant is, is samengevat in een beleidsinventarisatiekaart (volgende pagina). Een paar voorbeelden daarvan zijn: Toevoegen van 4750 woningen tot 2040, met nieuwe woningen in alle kernen. Verbeteren van de groene verbindingen tussen de kernen en het buitengebied. Zoekgebieden voor duurzame energie.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
6
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
7
Uitgangspunten van beleidsinventarisatie Beleid is constant in beweging. De gemeente is voortdurend bezig om beleid op te stellen, uit te voeren en op basis van evaluatie het beleid weer bij te stellen. In de nog op te stellen omgevingsvisie komen alle beleidsthema’s samen en resulteren in integraal beleid. In de beleidsinventarisatie zijn drie soorten beleid te onderscheiden: 1. Vigerend beleid Het vigerende beleid is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit beleid is geldend en er is op voorhand geen aanleiding dit te herzien. Oudere beleidsstukken kunnen nog wel degelijk relevant zijn en hoeven ook niet voor vaststelling van de omgevingsvisie te worden opgepakt voor herijking. Het herijken van beleid kan wel degelijk een aanbeveling worden vanuit de omgevingsvisie. In de interne werksessie heeft het vigerende beleid daar waar nodig wel geleid tot aanvullingen, die in het omgevingspalet zijn opgenomen. 2. Beleid in ontwikkeling De wereld staat niet stil; dat geldt ook voor de gemeente Houten. Voor onder andere de grote gebiedsontwikkelingen zoals Centrum, Molenzoom en Koppeling lopen parallelle trajecten die input leveren voor de omgevingsvisie. Ook sectoraal kan er sprake zijn van actualisering van beleid. Beleid waar binnen de gemeente aan gewerkt wordt, maar nog niet is vastgesteld noemen we ‘beleid in ontwikkeling’.
Gedurende het proces van de totstandkoming vindt over en weer afstemming plaats. Bijzondere afstemming vindt plaats over de beleidsontwikkeling voor het buitengebied. Tegelijkertijd met de voorbereiding van het omgevingspalet is de Agenda buitengebied opgesteld. De bestuurlijke besluitvorming van deze Agenda en het omgevingspalet overlappen elkaar deels. Vanaf fase 2 (omgevingsagenda) zullen de strategische ambities uit de Agenda buitengebied worden meegenomen bij de voorbereiding van de omgevingsvisie. 3. Ontbrekend beleid – witte vlekken Voor de omgevingsvisie zijn veel verschillende thema’s belangrijk, maar niet voor al deze thema’s bestaat actueel beleid. Onze witte vlekken zijn de thema’s waar we nog geen beleid voor hebben (zie volgende alinea voor meer toelichting). Hierdoor hebben we onvoldoende tot geen inzicht in onze ambities, doelstellingen en vraagstukken voor deze thema's. In de omgevingsvisie moeten we extra goed letten op deze witte vlekken, omdat over deze onderwerpen minder bekend is of nog geen beslissingen zijn genomen.
Witte vlekken – ontbrekend beleid Mobiliteit De inzichten op het gebied van mobiliteit zijn de afgelopen jaren sterk gewijzigd. Op dit moment heeft de gemeente de ambitie om meer aandacht te geven aan (regionale) fietsroutes en wandelverkeer. Maar inmiddels vragen bijzonder vervoer en de toegankelijkheid van openbaar vervoer voor minder mobiele inwoners ook om onze aandacht. De (grootschalige) woningbouwopgave vraagt vervolgens om een duidelijke mobiliteitsvisie. Vanuit de gebiedsvisies voor CMK en Houten-Oost wordt tegelijkertijd goed naar mobiliteit gekeken. Dat levert mobiliteitsbouwstenen op voor de omgevingsvisie.
Milieu en gezonde leefomgeving Een gezonde leefomgeving is een belangrijke doelstelling uit de Omgevingswet. Voorheen was het thema vooral een opgave voor het sociaal domein van de gemeente (zoals zorg, jeugd, werk & inkomen). In de Omgevingswet wordt de verbinding met het sociaal domein op 2 manieren gelegd. Aan de ene kant via 17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
8
normen op het gebied van bijvoorbeeld geluid, geur en luchtkwaliteit. Aan de andere kant door de inrichting van de openbare ruimte, die kan bijdragen aan een gezonde levensstijl. De gemeente Houten volgt op milieugebied op dit moment nog vooral het landelijke beleid. Maar Houten wordt steeds drukker en er gebeurt veel. Dat vraagt om meer focus op de milieuthema’s en lokale keuzen. Omgevingswet biedt daar via de bruidsschat ook de mogelijkheden toe. Vanuit het Omgevingsplan is de milieunormering opgepakt. Een eerste voorstel voor milieubeleid wordt in 2025 aan het bestuur voorgelegd.
Veiligheid Ook een veilige fysieke leefomgeving zijn is een belangrijk doelen van de Omgevingswet. De omgeving waarin we wonen, werken en recreëren heeft immers invloed op de veiligheid of het gevoel van veiligheid van inwoners. De inrichting van de ruimte is dus een middel om de veiligheid van inwoners te faciliteren, te bevorderen of te beschermen. Op dit moment voelen de inwoners van Houten zich veilig (Houtenaren beoordelen de veiligheid met gemiddeld een acht). Het is van belang deze kwaliteit ook voor de toekomst te borgen. Daarbij kijken we zowel naar verkeersveiligheid, een veilige inrichting van de openbare ruimte als de externe veiligheid bij milieubelastende activiteiten. Milieubelastende activiteiten zijn activiteiten die bijvoorbeeld door ondernemers worden uitgevoerd en die gevolgen kunnen hebben voor het milieu. De opslag van gevaarlijke stoffen maar bijvoorbeeld ook hoogspanningskabels vallen daaronder.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
9
3.
Trends en ontwikkelingen in en om Houten (per werkthema) Wat verstaan we onder trends en ontwikkelingen? De wereld verandert continu. Ons klimaat, onze economie en onze bevolking zijn over twintig jaar anders dan nu. Trends en ontwikkelingen laten zien hoe thema’s in de toekomst veranderen of hetzelfde blijven. Veel van de veranderingen die de trends en ontwikkelingen met zich meebrengen (zoals bevolkingsgroei, vergrijzing of vaker natte en droge periodes) vragen om een ander gebruik of andere inrichting van onze fysieke leefomgeving. Bij het maken van de omgevingsvisie moeten we hier rekening mee houden. In Houten hebben we trends en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving die specifiek zijn voor onze gemeente. We zoeken bijvoorbeeld naar ruimte voor nieuwe woningen, want ook in onze gemeente is een groot woningtekort. We zoeken naar mogelijkheden voor het duurzaam opwekken van energie, omdat we minder CO2 moeten uitstoten. We streven naar veilige en gezonde manieren om ons te verplaatsen. Ook het herstel van de natuur en de kwaliteit van bodem en water en het beschikbaar houden van voldoende drinkwater, voedsel en grondstoffen zijn belangrijk voor onze toekomst en die van onze kinderen. Daarnaast zijn er ook landelijke en regionale trends en ontwikkelingen.
Deze trends en ontwikkelingen zijn niet uniek voor onze gemeente, maar zijn wel belangrijk bij het maken van onze omgevingsvisie. Waar komen trends en ontwikkelingen vandaan? In ons vastgesteld beleid zijn al vele trends en ontwikkelingen benoemd, omdat we hier rekening mee moeten houden als we plannen maken. Deze trends en ontwikkelingen hebben we als vertrekpunt genomen voor de participatie. In een werksessie met zowel de interne klankbordgroep als de klankbordgroep inwoners hebben we deze trends en ontwikkelingen gedeeld, en reflectie en aanvullingen hierop gevraagd. Als voorbereiding hierop is het Houtens DNA gedeeld met de participanten. Na afloop van deze sessies hebben we de opgehaalde informatie verrijkt en geverifieerd met openbare gegevens (bronnen zoals CBS, CROW en ABF). Ook is de relatie gelegd tussen de trends en ontwikkelingen en de Houtense (DNA) en aanvullende kernwaarden. * Gebruik werkthema’s in onze werkwijze Veel onderwerpen hebben invloed op de fysieke leefomgeving. In voorgaande jaren is er veel thematisch beleid ontwikkeld om de fysieke leefomgeving te beschermen én te ontwikkelen. Denk bijvoorbeeld aan het woonbeleid of het beleid voor elektrisch rijden.
Om hier bij de werksessies overzicht in te creëren hebben wij de sectorale thema's in de volgende vijf werkthema's geclusterd: - Leven - Duurzaamheid - Mobiliteit - Economie - Vitaliteit De werkthema’s hebben structuur geboden in de werksessies en bieden structuur in de toelichting op de trends, ontwikkelingen en vraagstukken die we zien. De werkthema’s zijn bewust zo gekozen dat alle aspecten van de leefomgeving hierin terugkomen. Ze bestaan uit ruimtelijke, economische en sociale aspecten. Ze dienen enkel als werkthema’s en ondersteunen een werkvorm. Dit betekent dat de werkthema’s niet leidend of sturend zijn in het vervolgtraject, de scenario-ontwikkeling en de uiteindelijke thema's van de omgevingsvisie.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
10
Opbouw van het hoofdstuk Trends en ontwikkelingen We hebben dit hoofdstuk opgebouwd aan de hand van de vijf werkthema’s. Elk thema bestaat uit een aantal trends en ontwikkelingen die raakvlakken hebben met het Houtens DNA, van toepassing zijn op transities/onderwerpen die vanuit (hogere) overheden doorgevoerd moeten worden, of waarover uitspraken moeten worden gedaan in de omgevingsvisie. Per werkthema beschrijven we allereerst de lokale trends en ontwikkelingen. Vervolgens gaan we in op de trends en ontwikkelingen die spelen op regionaal, provinciaal en/of nationaal niveau. Niet alle regionale, provinciale en/of nationale trends doen zich in dezelfde mate voor in Houten.
3.1
Leven
Houtense ontwikkelingen Demografische ontwikkelingen: Het bevolkingsaantal in de gemeente Houten groeit. Inmiddels zijn we de 50.000 inwoners gepasseerd. Volgens de meest recente gemeentelijke bevolkingsprognose stijgt het aantal inwoners van Houten in 2040 met bijna 10%. Hierdoor zijn meer woningen en voorzieningen nodig, het wordt drukker op de weg en er is meer ruimte nodig voor recreatie. Een bevolkingsgroei heeft impact op de leefomgeving, maar ook op de identiteit van de gemeente. Omdat het bijvoorbeeld impact heeft op de mate van verstedelijking en de regionale functie en positie. Niet alleen de stijging van het inwoneraantal heeft invloed op de fysieke leefomgeving. We zien namelijk ook veranderingen binnen onze bevolkingssamenstelling. Er is een sterke stijging van het aantal inwoners dat 65 jaar en ouder is en een daling van de jeugd (tot en met 15 jaar). In 2020 was de vergrijzing in Houten 15%. De verwachting is dat de vergrijzing in 2040 stijgt naar 27%. Hiermee groeit het belang van toegankelijke voorzieningen. Ook vraagt een andere bevolkingssamenstelling om nieuwe woonvormen (onder andere jong-oud, woon-zorg en generatiewoningen). Onze huidige woningvoorraad is jong, duurzaam en ruim. Kenmerkend voor gemeente Houten is ook het hoge percentage gezinnen met kinderen (41%).
Desondanks zien we ook een trend van gezinsverdunning; steeds minder mensen wonen samen in een huis. Ook wonen ouderen langer thuis. Leefbaarheid: Houtense inwoners, ondernemers, organisaties en instellingen zijn actief betrokken bij de gemeenschap. Zij ontplooien sociale-, economische-, culturele-, sportieve- en zorgactiviteiten. Ook zijn steeds meer inwoners bezig met vergroening van de wijken en het verbeteren van de leefbaarheid. Veel inwoners zijn bereid om iets voor anderen te doen. Houtenaren voelen zich verbonden met elkaar, hun directe woonomgeving en gemeente Houten als geheel. Iets minder dan de helft van alle Houtenaren voelt zich betrokken bij de buurtbewoners. De betrokkenheid bij buurtbewoners nam de afgelopen jaren steeds meer toe. Deze trend heeft zich in 2023 echter niet doorgezet (zie monitor Sociale kracht 2023). De betrokkenheid bij de buurt is niet onder alle leeftijdsgroepen even groot. Ook in Houten krijgen we te maken met verdergaande individualisering onder jongeren. Dit kan van invloed zijn op de (toekomstige) gezondheid van onze inwoners en op de mate van eenzaamheid. Inmiddels geeft 42% van de inwoners aan zich wel eens eenzaam te voelen. Dit is een stijging van ruim 8% ten opzichte van 2012. De zogenaamde ‘’Leefbaarometer’’ scoort alle Nederlandse gemeenten op het thema Leefbaarheid.
Dat is de mate waarin mensen een buurt als leefbaar ervaren en heeft met veel verschillende zaken te maken. Denk aan het type huizen, de criminaliteit en het aantal parken en voorzieningen in de omgeving. Alles bij elkaar opgeteld krijgt de gemeente Houten de score ‘ruim voldoende’. Wanneer we dit vergelijken met buurgemeenten, is dit een goede score. Vooral in het buitengebied ten noordwesten van de kern Houten is de leefbaarheid hoog (‘zeer goed’). Ook in Schalkwijk wordt de leefbaarheid goed beoordeeld.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
11
Aandachtspunt voor het buitengebied is dat door de vergrijzing de behoefte voor voorzieningen en openbaar vervoer groeit en niet past bij het huidige aanbod. Binnen de kern Houten worden meer verschillen waargenomen. Variërend van goede scores tot in sommige gevallen de score ‘zwak’. Groen: Houten is een groene gemeente. Overal in Houten vind je uitgestrekte groenstroken en waterpartijen die de verschillende wijken, kernen en het uitgestrekte buitengebied met elkaar verbinden. De dorpskernen van Houten worden gekenmerkt door ruime, onbebouwde bufferzones met veel groen. Dit groen is één van de onderdelen die de leefbaarheid binnen de gemeente bepalen. Leefbaarheid wordt gezien als de mate waarin de omgeving aansluit bij de eisen en wensen die er door de mens aan worden gesteld. We zien dat waardering voor groen onder de inwoners van Houten groeit. Hoe groener het is, hoe meer mensen worden uitgenodigd om te bewegen (en te ontmoeten). Andere aspecten die leefbaarheid bepalen, zijn; de woningvoorraad, de fysieke omgeving, voorzieningen, sociale samenhang en overlast & onveiligheid. Gezondheid: We zien een aantal positieve trends. Het percentage inwoners met overgewicht is sinds 2012 licht gedaald (ongeveer 4%). Dit hangt mogelijk samen met het feit dat meer inwoners zijn gaan sporten.
We zien ook dat steeds meer inwoners voldoen aan de beweegrichtlijn, en het aantal nietsporters neemt af. Tenslotte zien we een dalende trend in het alcoholgebruik en roken onder jongeren. Maar in Houten Noordoost wijkt de gezondheid van inwoners op een aantal gebieden negatief af ten opzichte van andere wijken. Dit is bijvoorbeeld zo met de cijfers over eenzaamheid, roken, overgewicht en verminderde mobiliteit. In deze wijk wonen relatief gezien ook meer ouderen en is er sprake van een Lagere Sociaal Economische Status.
Regionale, provinciale en/of landelijke trends en ontwikkelingen Duurzame en gezonde verstedelijking rondom de stad Utrecht: Provincie Utrecht wil verder ontwikkelen naar een gezond en stedelijk gebied. Dit gebied moet bestaan uit vitale kernen, met onder andere voldoende woningen, een grote diversiteit aan banen, behoud van een goede bereikbaarheid en verbindingen tussen kernen en het buitengebied. Er is een groeiende behoefte aan centrum-stedelijke woonmilieus in en rondom de stad Utrecht en aan goed bereikbare woonmilieus nabij centra, in de overige regionale steden en dorpen. Het Provinciaal Programma Wonen en Werken voorziet een toename van meer dan 160.000 woningen tot 2040. De gemeente Houten wil bijdragen aan de uitvoering van dit programma door de realisatie van 4.750 woningen toe te voegen in deze periode. In de woondeal heeft de gemeente Houten zich gecommitteerd aan tweede-derde betaalbaar bouwen (sociale huur, midden huur en betaalbare koop). Provincie breed is ook een behoefte om meer dan 100 hectare bedrijventerrein te realiseren. In de gemeente Houten is het bedrijventerrein De Doornkade verouderd. Er wordt daar ingezet op vernieuwing en versterking. De kantorenlocatie Molenzoom kent leegstand en transformatie naar voornamelijk wonen is daar aan de orde. Dit is ook van toepassing op de randen van het bedrijventerrein De Schaft.
Ook wordt belang gehecht aan een groene omgeving en een aantrekkelijk landschap. ‘Groen begint bij de voordeur en is verbonden met de grotere en kleinere landschappen die onze regio rijk is’, schrijft de provincie in het Integraal Ruimtelijk Perspectief 2021-2040. Ontwikkelperspectief Utrecht Nabij beschrijft hoe Utrecht en omgeving willen ontwikkelen tot 2040. De gemeente Houten maakt hier deel van uit. Het ontwikkelperspectief beschrijft onder andere welke kansen in onze gemeente er zijn om rondom treinstations te verdichten met wonen en werken. Ook wordt de functie van de Groene Poort toegelicht: een goede verbinding tussen de stedelijke kernen en het groene omliggende landschap. Woningmarktontwikkelingen: Op het gebied van de woningmarkt zien we landelijk eenzelfde trend. We hebben momenteel een groot woningentekort in Nederland. Om dit in cijfers uit te drukken: tot 2030 hebben we minimaal 900.000 nieuwe woning nodig. Er is dus een toenemende behoefte aan nieuwe woningen. Dit komt onder andere doordat het aantal huishoudens in Nederland toeneemt, vanwege het
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
12
stijgende inwoneraantal, mede door migratie. Deze toename is het sterkst in de Randstad. Daarnaast worden huishoudens steeds kleiner en worden we ouder. Naar verwachting kan de woningbouw deze groei van huishoudens niet bijhouden. Een andere ontwikkeling is dat de samenstelling van huishoudens verandert. Het aantal ouderen (met en zonder een zorgvraag) en alleenstaanden groeit het sterkst. Er zijn voor hen meer woningen nodig. Sociale basis: Het versterken van de sociale basis is belangrijk door diverse ontwikkelingen in de samenleving. Mensen worden ouder en het rijksbeleid stimuleert om langer thuis te blijven wonen, ook bij complexe gezondheidsproblemen. Er komen steeds minder 24uursvoorzieningen (klinieken en Beschermd Wonen) waardoor kwetsbare inwoners zoveel mogelijk zelfstandig dienen te wonen met ambulante zorg en ondersteuning. De sociale basis richt zich op de (informele en formele) contacten tussen mensen, netwerken en organisaties in de samenleving. Samen dragen deze contacten bij aan sociale, leefbare buurten, wijken en stad. Dit zorgt voor een sterke samenhang in de samenleving, waarin iedereen mee kan doen en waar er omgekeken wordt naar elkaar met oog voor een inclusieve samenleving. Op nationaal niveau gaat de natuur gaat achteruit: De natuur verslechtert; de biodiversiteit, de waterkwaliteit en de gezondheid van de bodem gaan achteruit.
Dit brengt ook bedreigingen met zich mee. Door bijvoorbeeld afnemende biodiversiteit wordt onze voedselzekerheid, maar ook onze gezondheid in gevaar gebracht. Veel geneesmiddelen zijn namelijk afgeleid van planten en dieren. Elke plant en elk dier vormt bovendien een schakel in een ecologische kringloop. Als daar schakels uitvallen valt de hele keten uit elkaar. De belangrijkste oorzaken van de achteruitgang van de natuur in Nederland zijn: te veel stikstof, verdroging, versnippering van natuurgebieden en slechte waterkwaliteit. Op nationaal niveau nemen de gezondheidsverschillen toe: Steeds meer mensen hebben een kwetsbare sociaaleconomische situatie en kampen met armoede, schulden, problemen rondom huisvesting, eenzaamheid of werkloosheid. Deze omstandigheden maken dat zij een hoger risico op een slechtere (ervaren) gezondheid hebben. Het percentage mensen met een lage sociaaleconomische status dat zich gezond voelt neemt af tot 2040, terwijl dit voor mensen met een hoge sociaaleconomische status niet verandert. Gezondheidsachterstanden zijn maatschappelijk onwenselijk omdat dit een negatieve impact heeft op de kwaliteit van leven van inwoners en op de mogelijkheden voor mensen om te participeren in het economisch en maatschappelijk leven. We worden ouder en voelen ons niet zo gezond: We worden ouder en het aandeel ouderen in de bevolking groeit (vergrijzing).
Onze oudere leeftijd heeft echter geen impact op hoe gezond we ons voelen: de verwachting is dat we ons in 2040 even gezond voelen als nu. Met het stijgende aantal ouderen in de samenleving, zien we dat de vraag naar zorg aanzienlijk toeneemt. Dit betekent dat er niet altijd voldoende capaciteit en middelen beschikbaar zijn, zoals hulpverleners en budgetten. Kortom; de druk op de zorg neemt toe en daardoor ook op de mantelzorgers. Als reactie hierop zijn er steeds meer (technologische) ontwikkelingen die ervoor zorgen dat (zorg)hulpbehoevenden, zoals ouderen, zelfredzamer worden. Waarschijnlijk hebben minder ouderen last van beperkingen waardoor ze aan meer activiteiten kunnen deelnemen. Tegelijkertijd zien we ook een trend dat meer mensen last krijgen van overgewicht. Voldoende bewegen wordt daarom steeds belangrijker. Op het gebied van mentale gezondheid is er ook een aantal ontwikkelingen. Het aantal personen met burn-outklachten neemt toe. Zo ervaart één op de vijf werknemers burn-outklachten. Daarnaast groeit ook het aantal personen dat zich regelmatig tot vaak eenzaam voelt, vooral onder alleenstaanden en ouderen. Schone luchtakkoord: Ook heeft gemeente Houten het Schone Luchtakkoord ondertekend. Dit akkoord gaat niet alleen over de kwaliteit van onze natuur, maar hangt er natuurlijk wel sterk mee samen.
Het doel van dit akkoord is namelijk om gezamenlijk (met andere deelnemende overheden) de luchtkwaliteit in
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
13
Nederland te verbeteren. Deelnemende partijen moeten maatregelen nemen om een gezondheidswinst van 50% in 2030 te behalen, ten opzichte van 2016. Ook werken de partijen toe naar de WHOadvieswaarden in 2030.
3.2
Duurzaamheid
Houtense ontwikkelingen Energie: We zien in de gemeente Houten dat het energieverbruik verandert. Het gemiddelde gasverbruik per woning daalt. Nieuwe woningen worden aardgasvrij gebouwd en ook steeds meer bestaande woningen worden aardgasvrij gemaakt. Toch is voor veel woningen in Houten Noord en het buitengebied de overstap naar aardgasvrij wonen nu nog niet haalbaar en betaalbaar. Ook door netcongestie is aardgasvrij niet altijd mogelijk. Wat we hard zien groeien, zijn het bezit en gebruik van elektrische voertuigen. Dit is een landelijke trend, maar ook in gemeente Houten zien we een sterke toename. Meer elektrische auto’s leiden tot minder uitstoot van broeikasgassen. Het leidt ook tot nieuwe vraagstukken, zoals netcapaciteit en laadplekfaciliteiten. Naast dat we energie gebruiken, moeten we ook meer energie opwekken. Het percentage zelfopgewekte hernieuwbare energie is de afgelopen jaren al flink gestegen. Van 5,0% in 2015 tot aan 7,6% in 2019. De verwachting is dat dit percentage blijft groeien. Dit komt onder meer voort uit zonne-energie: in 2022 had 34% van de woningen in Houten zonnepanelen. Dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan het landelijk percentage van 25%. Echter, zonnepanelen op daken wekken niet genoeg energie op om als gemeente energieneutraal te zijn in 2040.
De Regionale Energie Strategie (RES) heeft voor de gemeente Houten geleid tot keuzes voor de (grootschalige) opwekking van duurzame elektriciteit en het gasloos maken van gebouwen. Deze maatregelen hebben impact op de fysieke leefomgeving. De gemeenteraad heeft al bepaald waar zonnevelden gerealiseerd kunnen worden in gemeente Houten, aanvullend op de windparken langs het Amsterdam-Rijnkanaal. Met de realisatie van deze zonnepanelen, zonnevelden en windparken wekken we ongeveer de helft van onze energie straks duurzaam op. We zijn dus op de goede weg, maar het is nog niet voldoende. Klimaat: Ook krijgen we te maken met de effecten van klimaatverandering. We ervaren en verwachten meer perioden van droogte. Dit zorgt voor een verdroging van de bodem en dalende grondwaterstanden met gevolgen voor gewassen, stedelijk groen en funderingen in het Oude Dorp. Tegelijkertijd hebben we ook meer te maken met wateroverlast. Wateroverlast gaat vooral in de bebouwde omgeving leiden tot problemen. Extreem hevige regenbuien zullen naar verwachting bij honderden panden leiden tot schade vanwege instromend water. Dit is ook een bedreiging voor de infrastructuur zoals de wegen en tunnels. De klimaatverandering zorgt er ook voor dat het aantal dagen waarop het warm wordt in Nederland toeneemt.
Bij temperaturen boven 25 ºC kan dit gevolgen hebben voor de gezondheid van mensen, in het bijzonder voor de kwetsbare groepen zoals ouderen en jonge kinderen. In Houten zijn op verschillende locaties risico’s door hittestress, onder andere in het centrum en bij Castellum. Door het creëren van groen en schaduw kunnen we hittestress verminderen. Veel fiets- en looppaden lopen al door groene aders en daarom is hier veel schaduw. In Houten Zuid is minder schaduw, maar in 2040 zijn de bomen daar ook volgroeid. Ook de kwaliteit van ons groen zal, als we niet ingrijpen, naar beneden gaan. Ons bestaand groen is in sommige gevallen nog niet van voldoende kwaliteit en versnipperd, waardoor doelsoorten niet tot ontwikkeling komen.
Regionale, provinciale en/of landelijke trends Opwekking van duurzame energie in de regio U16: De Provincie Utrecht wil meer duurzame energie opwekken. Denk hierbij aan zonne- en windenergie. In de Regionale Energie Strategie (RES) van de
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
14
Regio U16 is de realisatie hiervan uitgewerkt. De Regio U16 is een samenwerkingsverband van 21 overheden – waaronder gemeente Houten – en netbeheerder Stedin. In de RES wordt vooral ingezet op lokale gesprekken om zo kansrijke gebieden voor zonne- en windenergie te vinden. Dit zal niet ten koste gaan van alle natuur, aangezien de Regio U16 de waarde van unieke landschappen en natuur wil bewaren en versterken. Op lokaal niveau kan de opwekking van duurzame energie zorgen voor economische kansen, aangezien het de ontwikkeling van nieuwe bedrijvigheid kan bevorderen. De energietransitie: Bij de energietransitie vervangen we bestaande fossiele energiebronnen voor hernieuwbare bronnen, zoals wind- en zonne-energie. Dit is een opgave die voortkomt uit het Nationale Klimaatakkoord, waarin beschreven staat dat in 2050 de uitstoot van broeikasgassen met 95% afgenomen moet zijn. Een andere trend is dat de behoefte aan energie door de elektrificatie van bepaalde sectoren groeit zoals bij mobiliteit, landbouw en industrie. Dit draagt bij aan het verminderen van broeikasemissies en luchtvervuiling. Tegelijkertijd groeit in een groot deel van Nederland de vraag naar groene stroom sneller dan de uitbreiding van het elektriciteitsnet (netcongestie). Hierdoor kunnen op deze plekken de komende jaren geen nieuwe woningen en bedrijven worden aangesloten op het energienet.
Naast duurzame energie hebben we ook andere bronnen nodig voor de verduurzaming van nieuwe en bestaande gebouwen. Er zijn al veel ontwikkelingen in de zonne- en windenergie, maar ook warmte en groene gassen worden steeds vaker als optie onderzocht. Het klimaat verandert: Als gevolg van klimaatverandering nemen de kansen op hittegolven, wateroverlast en droogte toe. De effecten daarvan voor de mens zijn groot. Naast natuurrampen kunnen ook drinkwater- en voedseltekorten gevolgen zijn waar we mee te maken krijgen. In hoofdlijnen proberen we op twee manieren op de klimaatverandering te reageren. Ten eerste proberen we de oorzaak aan te pakken: het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen die leidt tot opwarming van de aarde. Ten tweede proberen we ons aan te passen aan de klimaatverandering door er bij de inrichting van gebieden meer rekening mee te houden. We noemen dat klimaatadaptatie. Bij klimaatadaptatie gaat het niet om het verminderen van de klimaatverandering, maar om de voorbereiding tegen de gevolgen hiervan. Op nationaal niveau is er in het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie afgesproken dat heel Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is ingericht. We moeten hiervoor maatregelen nemen, want andere weersomstandigheden vragen om een andere inrichting van onze ruimte.
Denk bijvoorbeeld aan het waarborgen van het beschikbare wateraanbod, het vergroenen van versteende gebieden of het aanleggen van meer waterbergingen.
3.3
Mobiliteit
Houtense ontwikkelingen Fietsnetwerk: Houten heeft een uniek netwerk voor fietsers. De fietsverbindingen zijn doorlopend en gescheiden van ander verkeer. Als het langzaam- en snelverkeer elkaar ontmoeten, krijgt langzaam verkeer voorrang. Mede door haar sterke netwerk en door de komst van de elektrische fiets, zien we dat inwoners van de gemeente Houten voor korte ritten en ritten naar werk steeds vaker de fiets pakken. En dit maakt dat Houten (nog steeds) goed scoort als Fietsstad. Daar staat tegenover dat mensen in gemeente Houten minder vaak wandelen of de bus gebruiken dan het Nederlandse gemiddelde. Auto en openbaar vervoer: Ondanks de hoge fietsvriendelijkheid, blijft het autobezit van huishoudens in de gemeente groeien. Houten ligt met het autobezit net iets boven het landelijk gemiddelde. Wel zien we het gebruik van deelauto’s toenemen. Zo wordt het steeds aantrekkelijker om geen eigen auto meer te bezitten. Auto’s die wel in bezit zijn rijden vaker elektrisch. Er zijn in gemeente Houten in verhouding met de rest van Nederland al veel elektrische deel- en personenauto’s. Ook het logistieke transport groeit en vraagt aandacht.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
15
In en vanuit Houten zijn Utrecht en de rest van Nederland ook met de trein goed bereikbaar. De verwachting is dat stationsgebieden in de toekomst een belangrijker knooppunt worden en dat woningen en werklocaties steeds beter bereikbaar worden per trein. De bezuinigingen in het OV hebben gevolgen voor de busverbindingen naar Nieuwegein en Utrecht Science Park (voorheen de Uithof). Dit zal naar verwachting leiden tot extra auto-of fietsritten op de kortere afstanden. We hebben tegelijkertijd middelen gekregen voor een doorfietsroute naar het USP. Veilig verkeer: Het scheiden van langzaam- en snelverkeer is voor ons vanzelfsprekend. Dit houdt ons verkeer veilig. Door nieuwe technologische ontwikkelingen zien we echter de snelheid van het ‘langzaam’ verkeer ook toenemen. En dit leidt steeds vaker leidt tot problemen op de fietspaden. Door de steeds hogere snelheden en verschillende vormen van voertuigen op fietspaden (onder andere scootmobielen, en driewielerfietsen) worden de kans op onveilige situaties groter. Ook dit zien we terug in de cijfers: in 2018 is het aantal meldingen van onveilige situaties in het verkeer onder fietsers gestegen. Gezien de vergrijzing komen er steeds meer inwoners met mobiliteitsbeperkingen. Hierop is Houten nog niet goed ingericht. Het belang van toegankelijke en veilige voetpaden en voorzieningen neemt toe.
Regionale, provinciale en/of landelijke trends De fiets is meer en meer in opmars: Dat komt onder meer door de verschillende varianten die de afgelopen decennia op de markt zijn gebracht. Zo heeft de komst van de elektrische fiets ervoor gezorgd dat steeds meer mensen de fiets pakken in plaats van de auto of het OV, omdat er langere afstanden overbrugd kunnen worden. Ook de aanpassingen binnen het (regionale) fietsnetwerk hebben ertoe geleid dat de fiets een interessant alternatief is geworden. Doorfietsroutes zorgen ervoor dat mensen zich nóg sneller met de fiets kunnen verplaatsen. Ook zien we een toename in populariteit van de speed pedelec. Een aandachtspunt is dat bij verkeersongevallen steeds vaker fietsers betrokken zijn. Het wordt drukker op de fietspaden en de snelheidsverschillen nemen toe. Jongvolwassenen verkiezen vaker de fiets boven de auto: Daarnaast zien we ook dat het autogebruik onder jongvolwassenen (18-30 jaar) aan het afnemen is. Vooral de jongvolwassenen die in een stedelijke omgeving wonen, blijven de fiets boven de auto kiezen. In samenhang met de trend dat steeds meer verstedelijking plaatsvindt en dat steden steeds compacter worden, zien we deze trend voorlopig nog doorzetten. Fietsen als duurzame en gezonde leefstijl: Mensen kiezen vanuit een duurzaam en gezond oogpunt ook vaker voor de fiets.
Dit wordt extra aangemoedigd door de inrichting van de openbare ruimte die steeds meer gericht is op de fiets (door bijvoorbeeld de aanleg van doorfietsroutes). Schone, slimme en energiezuinige mobiliteit in regio Midden-Nederland: In oktober 2021 is het Regionaal Mobiliteitsprogramma regio Midden-Nederland opgesteld. Het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en overheden gaan de handen ineenslaan om mobiliteit schoner te maken en zullen hiermee een bijdrage leveren aan het in 2019 door het Kabinet vastgestelde Klimaatakkoord, dat de volgende doelstelling voor Nederland stelt: in 2030 stoten we in Nederland bijna de helft (49%) minder broeikasgassen uit dan we in 1990 deden. Voor 2050 is de doelstelling een 95% reductie van broeikasgasemissies ten opzichte van 1990.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
16
3.4
Economie
Houtense ontwikkelingen Lokale economie: Houten onderscheidt zich niet alleen als een aangename woonplaats, maar ook als een dynamische werkplek. De lokale economie is in opmars. Duurzaam ondernemen staat centraal bij de bedrijven hier; ze zijn vindingrijk en nemen graag het voortouw. Houtense ondernemers hebben oog voor de mogelijkheden en spelen daarop in, vooral als het gaat om de overgang naar duurzame energie en de overgang naar een circulaire economie. Gemeente Houten is goed bereikbaar per weg en spoor en ligt op fietsafstand van de gemeente Utrecht. Daarom is de gemeente steeds meer in trek als werklocatie, ook voor ondernemers en werknemers van buiten de gemeente. Andersom heeft de regio Utrecht een divers banenaanbod dat goed aansluit bij het gemiddeld hoge opleidingsniveau van Houtenaren. Een relatief groot aandeel van de Houtenaren werkt niet in Houten, maar wel binnen de regio of zelfs daarbuiten. Ruimte voor werken: Gemeente Houten heeft vooral veel bedrijven voor zakelijke dienstverlening (advisering), handel en gezondheidszorg. Het aantal bedrijven in deze, maar ook in andere, sectoren blijft groeien. In de afgelopen jaren zijn er dubbel zoveel bedrijven opgericht dan dat er opgeheven zijn. Het aantal bedrijven binnen de gemeente groeit dus hard.
De beschikbare ruimte voor bedrijven raakt echter langzamerhand vol; de laatste meters op bedrijventerreinen zijn nagenoeg uitgegeven. De vraag is dan ook hoe de uitbreidingsbehoefte voor bedrijven te faciliteren. Kenmerkend voor Houten is dat er binnen de gemeente ongeveer evenveel woningen als banen zijn (die laatste zelfs net iets meer). De grootste economische groei binnen gemeente Houten zien we in de gezondheidszorg; de groei komt voor een groot deel door de vestiging van één grote thuiszorgorganisatie. Veel groei was zichtbaar in de thuiszorg, kinderopvang, bij verpleeghuizen en bij de ondersteuning van gehandicapten (veel nieuwe ZZP’ers). Ook zagen we verplaatsingen van enkele grote bedrijven naar Houten. Arbeidsmarkt: Tegelijkertijd zien we ook ontwikkelingen, die risico’s voor de bestaanszekerheid van bedrijven vormen. Zo verandert de arbeidsmarkt. Men moet langer werken tot aan het pensioen en er is een toename van internationale werknemers; mede omdat de beroepsbevolking krimpt. Bedrijven hebben daarnaast te kampen met moeilijk in te vullen vacatures: er is meer werk dan dat er personeel beschikbaar is. Tekort aan personeel is onder andere te vinden in de kinderopvang, het onderwijs en de zorg maar zeker ook in technische beroepen. Leegstand winkels: In Houten is sprake van overbewinkeling: er zijn te veel winkels voor te weinig klanten.
Dit komt onder andere omdat het steeds normaler wordt om producten online te kopen en mensen minder in fysieke winkels kopen. Het gevolg is een groeiend aantal leegstaande winkelpanden, vooral zichtbaar in het centrum. In 2019 was 6% van de winkelvloeroppervlakte leegstaand. Uit de cijfers van 2024 (bron: Locatus) blijkt dat dit is toegenomen tot 18%. Dit percentage ligt een stuk hoger dan het landelijk gemiddelde van 6%. Leegstand heeft niet alleen effect op de ondernemers zelf, maar ook op de aantrekkelijkheid van onze centrum- en winkelgebieden.
Regionale, provinciale en/of landelijke trends Op weg naar een toekomstbestendige én circulaire economie: Het Programma Ruimte voor Economie richt zich op de ruimte die bestemd is voor economische activiteit op voornamelijk de bedrijventerreinen. In dit programma pleit het Rijk ervoor in het bestaande stedelijk gebied voldoende ruimte te hebben én houden voor Retail, kantoren en bedrijventerreinen. Daarnaast heeft het Rijk in het Nationaal Programma Circulaire Economie de ambitie uitgesproken dat Nederland in 2050 circulair moet zijn. Veel van de wereldwijde problemen zijn het gevolg van de grote hoeveelheid grondstoffen die we gebruiken voor ons voedsel, de energie die we gebruiken en de producten die we kopen. De milieudruk die daarmee gepaard gaat, is veel groter dan wat de aarde aankan. Ook zien we dat we kwetsbaar zijn als
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
17
we voor grondstoffen te veel afhankelijk zijn van andere (politiek minder stabiele) landen. In een circulaire economie zijn vrijwel alleen herbruikbare en duurzame grondstoffen in omloop. Producten worden binnen gesloten kringlopen geproduceerd, gedistribueerd en geconsumeerd. Zodoende wordt de waarde van grondstoffen, materialen en producten zo lang mogelijk behouden, waardoor er bijna geen afval meer is. We doen steeds meer online en digitaal: Sinds de coronapandemie in 2020 is thuiswerken een stuk gebruikelijker geworden. We zijn online sterker verbonden, de vraag naar kantoorruimte verandert en we kopen steeds meer dingen online in plaats van in de winkel. Digitalisering verandert ook de aard van werk en onderwijs. Automatisering kan banen beïnvloeden, terwijl nieuwe digitale vaardigheden nodig zijn om relevant te blijven op de arbeidsmarkt. Ontwikkelingen in digitalisering helpen ons bijvoorbeeld bij het efficiënter en veiliger maken van onze gemeente, bijvoorbeeld door slimme straatverlichting. Dit heeft een directe impact op onze fysieke leefomgeving. Ook wijzigt kunstmatige intelligentie de vraag naar bepaalde arbeid: sommige beroepen worden overbodig terwijl andere nieuwe beroepen ontstaan. Digitalisering brengt ook nieuwe veiligheidsrisico’s met zich mee. Denk aan cyberaanvallen, datalekken en privacykwesties.
Steeds meer vrije tijd: Door vergrijzing en parttime werken krijgen mensen steeds meer vrije tijd. Het gevolg hiervan is dat er steeds meer aanbieders voor vrijetijdsbesteding komen en vrijetijdsbesteding meer ruimte vraagt. Veel mensen willen in hun vrije tijd afstand nemen van de hectiek van de stad en zoeken rust en ruimte in het buitengebied, terwijl die ruimte daar vaak niet op is ingericht. Beleid dat uitspraken doet over de juiste balans tussen ruimte om te ondernemen en gebruik te maken van voorzieningen enerzijds en plekken waar men tot rust kan komen anderzijds, is daarom belangrijk. Daarnaast is recreatief winkelen een vorm van vrijetijdsbesteding die veel mensen aanspreekt. Een bezoek aan de stad gaat meer om de beleving en minder om de noodzaak voor nieuwe spullen. Dat vraagt om een aantrekkelijk winkelgebied met een goede mix van interessante winkels, (culturele) voorzieningen, evenementen en aangename horeca. Ook sport vormt een belangrijke vrijetijdsbesteding voor veel mensen. Dit draagt bovendien bij aan een gezonde leefstijl. Er wordt veel gesport en bewogen in de openbare ruimte. Hierbij is de nabijheid van het buitengebied vaak een aantrekkelijk aspect. De relatie tussen ons stedelijk en landelijk gebied is daarbij belangrijk. Tot slot zien we een stijgende populariteit in het bezoeken van festivals en evenementen.
3.5
Vitaliteit
Houtense ontwikkelingen Vitale gemeente: In gemeente Houten wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. We hebben met kernen en het buitengebied een diverse samenstelling. Deze diversiteit brengt uitdagingen met zich mee om gemeentebreed vitaal te blijven. Vitaal betekent dat onze gemeente leefbaar en toekomstbestendig is en tegen een stootje kan. Om de wijken vitaal te houden en voorzieningen (zoals basisschool en supermarkt) te behouden dient er voldoende aandacht te zijn voor het behoud van een diverse samenstelling van inwoners. Dit vraagt ook om een divers woningaanbod. Functieverandering in het buitengebied: De regels waar agrariërs aan moeten voldoen worden strenger. Landbouwbedrijven zoeken naar verbreding, verdieping of verandering van hun activiteiten om te blijven voortbestaan. Denk aan zorgboerderijen, educatie, recreatie of directe verkoop aan consumenten. Kortom, er vindt een omslag (transitie) van het landelijk gebied plaats. Het landschap in het buitengebied van Houten is -net als andere bedijkte gebieden- door mensen gemaakt en ingericht. Zoals in veel gebieden in Nederland staan onze bodem, water en natuur onder druk door hoe we het gebied gebruiken en beheren. Hierdoor nemen de biodiversiteit en de leefbaarheid in het gebied af en krijgt
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
18
duurzaamheid een grotere rol. Er komt meer aandacht voor het herstel van de biodiversiteit en klimaatneutrale producten door strengere milieuregels. Klimaatverandering heeft impact op gemeente Houten: het wordt natter en tegelijkertijd ook droger. Dit kan gevolgen hebben voor leefbaarheid, de agrarische sector en onze drinkwatervoorziening. Door de sterk stijgende vraag naar drinkwater is er behoefte aan extra gebieden voor waterwinning. Eén van die gebieden is het Eiland van Schalkwijk.
Regionale, provinciale en/of landelijke trends Vitaal landelijk gebied: vitaliteit, met nadruk op vitale kernen, buurten en/of vitaal platteland, is een thema dat steeds vaker op landelijk dan wel regionaal niveau aandacht krijgt. Als voorbeeld: Er is een nationaal programma voor een economisch vitaal, leefbaar en ecologisch duurzaam platteland, om veranderingen in gang te zetten waardoor regio’s de vraagstukken in de fysieke leefomgeving het hoofd kunnen bieden en overheden gelijkwaardig samenwerken bij het oppakken van vraagstukken vanuit gebiedsgericht perspectief. Het programma is door het nieuwe kabinet voorlopig ‘on hold’ gezet maar de uitgangspunten blijven overeind. Er is een regionaal programma om de groei in de regio op een inclusieve manier te faciliteren, zodat alle inwoners een passende, duurzame en aantrekkelijke woonplek kunnen vinden. De natuur, het water en het klimaat van het landelijk gebied moeten verbeteren: De Nederlandse overheid wil de natuur, het water en het klimaat verbeteren. De provincie Utrecht werkt hier tot 2050 aan door middel van het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG). Omdat verschillende uitdagingen in het landelijk gebied aan elkaar gerelateerd zijn, worden ze als één geheel opgepakt. Dat betekent dat de problemen met stikstof, natuur, waterkwaliteit, klimaat, bodemdaling en landbouw gelijktijdig worden aangepakt.
Naast de landelijke doelen wil Provincie Utrecht werken aan een belangrijk extra doel: landbouw en een goede toekomst voor Utrechtse agrariërs. Het UPLG ziet voor gemeente Houten in 2050 een sterkere verbinding tussen stad en land en een toename in duurzame landbouw. Dat eerste kan bijvoorbeeld door meer recreatie in het landelijk gebied, of door de verkoop van landbouwproducten aan inwoners in de kernen. De omslag naar duurzame landbouw is minder eenvoudig. Het betekent dat agrariërs hun manier van werken moeten veranderen. Daarbij moet ook naar natuurinclusieve landbouw worden gekeken. Bodem en water sturend: Het kabinet (Rutte IV) heeft een richtlijn gegeven om bodem en water sturend te maken bij ruimtelijke keuzes. Vanuit de Kaderrichtlijn Water daarnaast worden doelen gesteld voor een goede ecologische en chemische toestand van het oppervlakte- en het grondwater, waar de gemeente (beperkte) invloed op heeft.
17 december 2024
OMGEVINGSPALET GEMEENTE HOUTEN
BJ6909
19
4.
Vraagstukken en kansen voor Houten (per werkthema) Nu we de trends en ontwikkelingen in beeld hebben gebracht, gaan we ons verdiepen in de vraagstukken en kansen die op Houten afkomen. De basis voor de inventarisatie van de vraagstukken is vormen opgaven en vraagstukken uit het bestaande beleid van de gemeente. Vervolgens zijn deze aangevuld door de interne klankbordgroep en de klankbordgroep inwoners. Samen met de stakeholders zijn we daarna nog dieper op de vraagstukken ingegaan in het dynamisch werkatelier. Samenleving breed hebben we aanvullende vraagstukken en kansen opgehaald via HoutenPraatMee1. Dit alles heeft geleid tot een set aan vraagstukken en kansen waar we in de omgevingsvisie rekening mee moeten houden. In de navolgende paragrafen beschrijven we de belangrijkste lange termijn vraagstukken en -kansen voor gemeente Houten. Grofweg kunnen we hierin een onderscheid maken in de vraagstukken en kansen die gemeentebreed van toepassing zijn en de vraagstukken en kansen die locatie specifiek zijn. De kansen zijn verbeeld op de Kansenkaart, die aan het einde van dit hoofdstuk te vinden is.
4.1
Leven
Vraagstuk: Een woningvoorraad realiseren die aansluit op de toekomstige woonvraag en behoeften Door de toenemende bevolkingsomvang en de veranderende demografische samenstelling van onze bevolking, is onze huidige woningvoorraad niet toekomstbestendig. Daarom prioriteren we het realiseren van 4.750 nieuwe woningen in de periode tot 2040, zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Daarnaast ligt er een opgave om zorg te dragen voor passende huisvesting voor specifieke doelgroepen, zoals jongeren, ouderen, starters, statushouders en mensen met een zorgvraag. Van belang is dat het toekomstig woningaanbod past bij het dorpse karakter van de gemeente. Vraagstuk: De toenemende druk op de ondergrond beheersen Door nieuwe ontwikkelingen, zoals woningbouw, het toevoegen van voorzieningen en de toename van elektrische apparaten en voertuigen, zijn meer transport- en elektriciteitsleidingen benodigd. Hierdoor neemt de druk op de ondergrond toe. Dit kan een belemmering vormen voor onder andere cultuurhistorische waarden en/of andere ontwikkelingen, zoals boomgroei. Vraagstuk: Aandacht besteden aan cultureel erfgoed bij ruimtelijke ontwikkelingen Er is een toenemende behoefte om aandacht te besteden aan kunst, cultuur(historie), cultureel erfgoed en de waardering ervan. Het verhaal van het verleden en de fysieke overblijfselen hiervan, vormen de identiteit van een gebied.