CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2025

Gemeenteraad 12 november 2024, gemeente HoutenBij agendapunt: Begroting 202532.371 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

3b. Kwantitatieve risico's

Begroting 2025

81

x € 1.000 Risico

Oorzaak

Gevolg

Beheersmaatregel

Cyberaanval

Ransomware aanvallen zijn financieel aantrekkelijk voor aanvallers.

Digitale gegevens zijn 1. Implementatie van de baseline niet meer beschikbaar informatiebeveiliging overheid (BIO). 2. Implementatie van SIEM (Security en worden pas Information & Event Management) tot vrijgegeven na het niveau "medium". Hierbij worden alle betalen van losgeld aspecten van de ICT-infrastructuur 24/7 (ransom). Daarnaast kunnen deze gegevens gemonitord door een gespecialiseerde in handen komen van organisatie. 3. Strict patchbeleid, zodat onbevoegden. Bij een aanval moeten veiligheidsupdates direct worden geïnstalleerd. dure experts worden 4. Tooling die kwetsbaarheden en ingeschakeld. malware in het netwerk detecteert. 5. Personeel bewust maken van de risico's van o.a. het klikken op verdachte mails en links. 6. Een goede backup procedure en een dubbele uitvoering van serverruimtes, zodat gegevens op meerdere plekken zijn opgeslagen. 7. Aanwezigheid van een crisis response team met duidelijke procedures - op SOC niveau. 8. Inloggen vereist tweefactor authentificatie. 9. Aangescherpt cloudbeleid incl. een checklist die moet worden ingevuld door leveranciers van cloudapplicaties. 10. D.m.v. gap-analyses wordt bepaald voor welke informatie-systemen extra beveiligings-maatregelen benodigd zijn. 11. Segmentatie van het netwerk, zodat de gegevens van Houten, WIL en RUD volledig van elkaar zijn gescheiden. 12.

Maken van een draaiboek hoe te handelen in het geval van een Cyberaanval en 1 maal per jaar een oefening doen.

Kans

Omvang Min-Max 40% € 4.500 € 4.500

Gevolgschade € 1.800

13. Cybersecurityverzekering afgesloten per 1 jan 2024.

Herijking Herverdeling gemeentefonds/verdelingssystematiek gemeentefonds. (nieuw - was een onzekerheid)

- Bewaken van het aangepastte Risico dat we vanaf systeem en de evaluatie via circulaires begrotingsjaar 2026 minder uitgekerd krijgen - De compensatie van het rijk hebben we conform de oude systematiek dan we in onze begroting opgenomen getrapt af laten lopen naar nul compensatie in de jaren 2026-2029 hebben.

10%

Negatieve impact van de weersveranderingen op de beheersaspecten van wegen

Klimaatverandering.

Hogere kosten. Pro actief werkzaamheden uitvoeren is met de huidige stand der techniek (nog) niet mogelijk.

20%

€ 100 € 500

€ 100

Schade op wegen van dijken

Het (zware) verkeer maakt diepe sporen in

Het goed berijdbaar houden van de weg

20%

€ 100 € 500

€ 100

Op termijn de dijken duurzaam verbeteren samen met RWS en HDSR.

€ 0 € 1.000

€ 100

Datalek

Problematiek van ontploffende lachgascilinders (nieuw)

de zachte bermen en vraagt permanent veroorzaakt randschade aandacht. aan de verharding. De gemeente kan Omdat de dijk voldoende aansprakelijk worden gesteld door stabiel moet blijven is het niet toegestaan om weggebruikers. de bermen te verstevigen met puin of menggranulaat. Andere oplossingen zijn erg kostbaar. Onbevoegden hebben 1. D.m.v. privacy impact assessments 1. Onvoldoende toegang tot wordt bepaald voor welke beveiliging van privacygevoelige informatiesystemen extra privacygevoelige gegevens. Het datalek beveiligingsmaatregelen benodigd zijn. gegevens 2. Medewerkers zijn zich moet worden gemeld bij 2. Inloggen vanuit een onbeveiligde omgeving (v.b. vanuit huis) vereist onvoldoende bewust van de Autoriteit Persoonsgegevens, en tweefactor authentificatie. de risico's van bij hoog risico voor 3. Ingebruikname software voor veilig privacyschending. betrokkenen ook aan mailen met interne en externe partijen. personen wiens 4. Instructie / workshops / e-learning op gegevens gelekt zijn. het gebied van de AVG. De Autoriteit 5. Bijwerken van het privacybeleid en Persoonsgegevens kan implementatie van het beleid in de een onderzoek instellen organisatie. naar de oorzaak van het datalek. Toen lachgas nog aan De "afvalverbranders" particulieren mocht moeten het restafval worden verkocht, eerst zo goed mogelijk gebeurde dat met controleren op statiegeldcilinders.

Nu lachgascilinders en die dat verboden is, is er er tussenuit halen. Als een levendige illegale de rijksoverheid niets handel in cilinders die uit doet, dan stijgt de het buitenland komen. heffing met € 8 à € 15 De gebruikers mogen per huishouden. lege cilinders gratis

De gemeente heeft al de service dat iedereen de (illegale) cilinders gratis in mag leveren op de milieustraat. Dat wordt voornamelijk gedaan door zwerfafvalruimers en personeel van de gemeente die ze uit de openbare ruimte weghalen. De rijksoverheid zou het verbod op statiegeldcilinders moeten heroverwegen of goed moeten treden tegen de massale handel in illegale cilinders uit het buitenland.

40%

€ 200 € 200

€ 80

25%

€ 170 € 306

€ 76

Nieuwe ICT wet- en regelgeving (nieuw - was een onzekerheid)

Vergoeding voor inzamelen verpakkingen (nieuw)

inleveren bij alle milieustraten, maar doen dat bijna niet. Waarschijnlijk omdat men bang is bekeurd te worden. De lege cilinders worden niet alleen in de openbare ruimte gedumpt, maar helaas ook in ondergrondse containers en kliko's. NIS2 wetgeving gaat in Mogelijk extra uitgaven De ontwikkelingen worden nauwgezet Nederland in 2025 gevolgd. Halverwege 2024 gestart met in 2025 om aan de gelden. De wetgeving te voldoen. awareness sessies bij daadwerkelijke management/directie. Regulier wordt doorvertaling is nog erg bekeken of de impact al beter kan onzeker. Dat geldt voor worden bepaald. de extra uit te voeren taken voor de gemeente en de kosten die daarmee gepaard gaan, maar ook voor eventuele extra financiële middelen die daarvoor beschikbaar worden gesteld. De huidige De gemeente zou kunnen beslissen om Als er geen nieuwe overeenkomst met overeenkomst komt, en (tijdelijk) te stoppen met het gescheiden Verpact zorgt er voor dat de gemeente geen inzamelen van PMD. Dan zou den de veel vrachten PMD vergoeding krijgt, dan inwoners het PMD weer bij het restafval worden afgekeurd en moeten doen. Wij zouden het restafval betalen de inwoners niet vergoed worden. alle kosten van de PMD dan weer elke 2 weken kunnen gaan Dat zorgt voor hoge inzamelen. Daarmee besparen wij recyling. De hefffing kosten. De VNG heeft stijgt dan met ca. € 20,- inzamelkosten.

Nadeel: inwoners de overeenkomst hebben dan overbodige PMD-kliko. En per huishouden. daarom opgezegd. als er alsnog een nieuwe overeenkomst Inmiddels is er een komt, moeten de inwoners weer het onderhandelaar van het PMD gaan scheiden. Dat geeft veel ministerie met de verwarring.

50%

€ 0 € 100

€ 50

10%

€ 0 € 422

€ 42

partijen om tafel in de hoop dat er alsnog een nieuwe overeenkomst komt. Geen aflossing op verstrekte leningen De gemeente verstrekt / effectuering verleende garanties leningen en garanties aan diverse vereningingen, stichtingen of organisaties met een publiek belang (€ 2,5 miljoen). Instabiele oevers door (zwaar) Klimaatverandering en verkeer en klimaatverandering zwaar verkeer.

Bezwaar-en beroepsprocedures/juridische procedures (nieuw - was een onzekerheid)

Toename procedures, met name complexe of politiek gevoelge dossiers.

Organisaties kunnen Beleidsregels voor leningen en niet aan hun garanties, zoals o.a. incidentele verplichtingen voldoen. controle jaarverslagen van organisaties.

20%

€ 0 € 200

€ 40

Schade herstellen of oevers alsnog beschoeien. Het is moeilijk te voorspellen op welke schaal zich problemen voordoen. Om alle oevers te beschoeien is een bedrag van ca. € 5 miljoen nodig.

40%

€ 25 € 75

€ 30

25%

€ 0 € 25

€6

Afkalvende of verzakkende oevers waardoor schade ontstaat aan de naastgelegen weg of groenstrook.

Overschrijding Inzet extra juridische bijstand, inhuur, termijnen, hoge kosten inzet mediation. juridische bijstand

Totaal gevolgschade

€ 2.424

Aantal risico's

11

Een dergelijke actualisatie van de risico's geeft een dynamisch risicobestand. Dit leidt tot onderstaande matrix voor de gekwantificeerde risico's.

Risicomatrix: ≥ € 1 mln

Financiële omvang

≥ € 0,5 < € 1 mln ≥ € 0,1 < € 0,5 mln

Aantal: 1 Aantal: 1

Aantal: 3

≥ € 0,05 < € 0,1 mln

Aantal: 2

Aantal: 2

< € 0,05 mln

Aantal: 1

Aantal: 1 0 - 20 %

21 - 40 %

41 - 60 % Kans

61 - 80 %

81 - 100 %

aantal gekwantificeerde risico's: 11 Toelichting bij de matrix: Het risico wordt berekend door de gemiddelde kans dat het risico zich voordoet te vermenigvuldigen met het gemiddelde financiële effect van het risico. In de bovenstaande matrix wordt het aantal risico’s weergegeven dat is gedefinieerd met dezelfde risico-score. De kleuren in de matrix zijn gerelateerd aan de risicoscore en geven de urgentie aan en de mate van bestuurlijke / politieke relevantie. De kleuren lopen op met de urgentie op: - groen - geel - oranje - rood. Indien de financiële omvang van een risico niet in één categorie te plaatsen is, is voor de risicomatrix gewerkt met het gemiddelde omvangbedrag. 4. Conclusie Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen beoordelen we aan de hand van de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. Deze relatie wordt de ratio weerstandsvermogen genoemd. De ratio gebaseerd op de actuele informatie bij deze begroting komt uit op: beschikbare weerstandscapaciteit ratio weerstandsvermogen =

= kwantificering van de risico's 2025

€ 14.742.156 € 2.424.000

= 6,1

De omvang van de ratio is daarmee volgens de gestelde normen uit de nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen te kwalificeren als "Uitstekend". In de door de raad in december 2014 vastgestelde nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen Algemene Dienst is de ondergrens voor de ratio van het weerstandsvermogen vastgesteld op 1,0 Dat betekent dat de beschikbare weerstandscapaciteit precies voldoende is om de risico’s financieel af te dekken. Er is geen norm voor de bovengrens voorgesteld. Het gevolg hiervan is dat bij een hoge ratio van het weerstandsvermogen (veroorzaakt door een laagrisicoprofiel) meer middelen beschikbaar blijven binnen de eigen vermogenspositie van de gemeente voor onvoorziene uitgaven.

Begroting 2025

87

5. Geprognosticeerde balansen 2024-2028 inclusief balans 2023 conform Jaarrekening 2023

6. Financiële kerngetallen

Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat bij leningen er onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terug worden betaald wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal te berekenen, zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten.

Voor de berekening van dit kengetal worden de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting of jaarstukken en uitgedrukt in een percentage. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. De accountant moet ieder jaar beoordelen of de gronden tegen een actuele waarde op de balans zijn opgenomen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente of provincie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt thans het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage.

Begroting 2025

89

Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeenten zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De uitkomst van de berekening van dit kengetal is voor het jaarverslag hetzelfde als bij de begroting. Het kengetal hoeft dus voor het opnemen in het jaarverslag niet opnieuw te worden berekend. Het toch opnieuw opnemen houdt verband met het feit dat de kengetallen gezamenlijk en in samenhang bezien inzicht geven in de financiële positie van de gemeente.

Begroting 2025

90

Paragraaf Grondbeleid 1. Grondbeleid en ruimtelijke agenda De regionale druk op de woningmarkt is hoog. Het gaat hierbij niet alleen om aantallen, maar vooral over ‘passende’ woningen. Er is een groot tekort aan woningen voor ouderen, starters en specifieke woningen voor bewoners met een zorgvraag. De opgave als totaal die voor ons ligt tot 2040, is om 4.750 woningen toe te voegen. Dat is toename van circa 25% van de bestaande woningvoorraad. De ambitie van de gemeente Houten voor het toevoegen van woningen is vastgelegd in de Woonvisie 2021-2030. Naast meer diversiteit in het woningaanbod is het doel om meer sociale huurwoningen te bouwen. Intensieve samenwerking met Woonin is hierbij noodzakelijk om het percentage huurwoningen in Houten de komende jaren te laten stijgen. Stand van zaken In de paragraaf hieronder wordt ingegaan op de stand van de totale grondexploitatie. Daarna wordt specifiek ingegaan op het risicoprofiel van de grondexploitatie en de beschikbare risicobuffer. Hierbij wordt uitgegaan van de stand van maart 2024. Als vergelijk zijn deze cijfers afgezet tegen de situatie van het jaar daarvoor (2023). Grondexploitatie Het saldo van de GREX bedraagt na winstneming van € 3.8 mln. over de afgelopen jaren per maart 2024 1,0 mln. De totale investeringen inclusief kostenstijging en rente voor de resterende looptijd van de grondexploitatie bedragen € 28,7 miljoen.

De totale opbrengsten die in de periode nog moeten worden gegenereerd bedragen € 36,7 miljoen. Op eindwaarde bedraagt het positieve resultaat (afgerond) € 4.8 miljoen. Dit saldo fluctueert op basis van de herziening van de grondexploitatie. In de tabel hieronder is het bovenstaande schematisch weergegeven.

2. Risicoprofiel en risicobuffer Ontwikkeling risicoprofiel

Begroting 2025

91

Het totale risicoprofiel van € 1,7 miljoen is gedaald naar € 1,6 miljoen. Deze mutatie betreft afnemende risico’s (kostenstijging) in relatie tot de voortgang van Vinex. Opbouw risicobuffer De beschikbare weerstandscapaciteit om de risico’s in de grondexploitaties af te dekken (hierna: risicobuffer) bestaat uit de post weerstandsvermogen binnen de grondexploitatie, het volkshuisvestingsfonds, het concern weerstandsvermogen grondexploitatie en het saldo van de grondexploitatie. Ontwikkeling risicobuffer De mutatie in de risicobuffer van € 5,0 miljoen naar € 6,2 miljoen is het gevolg van de verwerking van de winstneming grex 2023 € 1,0 miljoen en toename van het saldo met € 0,2 miljoen. Deze ontwikkeling is in de jaarrekening 2023 toegelicht. In onderstaande tabellen wordt de stand weergegeven van de grondexploitatie, het risicoprofiel en de risicobuffer per maart 2024. Deze cijfers zijn afgezet tegen de situatie van 2023 De beschikbare weerstandscapaciteit grondexploitaties is groot genoeg om de risico’s, op basis van de huidige inzichten, gedurende de looptijd van de grondexploitatie op te kunnen vangen. Tabel 1 risico's grondexploitatie Risico

Herziening GREX Maart 2023 -1.658.400

2022 2023

Herziening GREX Maart 2024 -1.597.000

Totaal

-1.658.400

-1.597.000

Tabel 2 Risicobuffer Dekking

Herziening Grex Maart 2023 650.000 1.319.500 2.205.705 826.029

WSTV binnen GREX (onvoorzien) VH-fonds (nog inzetbaar) Concern Weerstandvermogen GREX Saldo GREX na (tussentijdse) winstneming Totaal

5.001.234

Herziening Grex Maart 2024 650.000 1.319.500 3.188.104 996.99999999999996.938 .93938 6.154.5422

Tabel 3: Ratiotabel

Stavaza maart 2023 maart 2024

A. Saldo GREX

B. Risico inventari satie

C. Benodigde WSV op basis van HIFLO norm

-3,6 mln -4,8 mln

-1,7 mln -1,6 mln

2,6 mln 2.6 mln

D. Risicobuffer c/.q. beschikbare weerstand capaciteit 5,0 mln 6,2 mln

D:C Ratio WSV op basis van HIFLO

D:B Ratio WSV op basis van risico inventarisatie

ruim voldoende 1,7 uitstekend 2,4

uitstekend 2,9 uitstekend 3,9

Conform de nota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen grondexploitaties’ wordt gestreefd naar een ratio weerstandsvermogen grondexploitatie van 1,0. Met een bandbreedte tussen 0,8 en 1,2. Op basis van de herziening uit maart dit jaar is, op grond van de H’IFLO-norm, de ratio 1,7 - ruim voldoende en gerelateerd aan de risico-inventarisatie is de ratio 2,9 – uitstekend.

Begroting 2025

92

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen 1. Belangrijkste ontwikkelingen in 2024 In de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen in de begroting worden de uitgangspunten voor het onderhoud en de vervanging van kapitaalgoederen in de openbare ruimte en de gemeentelijke gebouwen weergegeven. Deze uitgangspunten liggen vast in de beleids- en onderhoudsplannen die voor de verschillende onderdelen zijn opgesteld. Hieronder worden per onderdeel de verschillende plannen weergegeven en daarnaast op hoofdlijnen de werkzaamheden die voor 2025 gepland zijn. Vastgesteld

Plan actuali sering -

Beeldkwaliteitskader Openbare Ruimte

Jan-2013

Startnotitie groot onderhoud en vervanging 2014-2054

Dec-2014

Kaders vervolgtraject programma-BOR

Jun-2015

Beleidsnota bomen

Sept-2017

Klimaatadaptatieplan Houten 2022-2027

Dec-2021

Meerjaren Onderhoudsplan gemeente Houten (MJOP) 20252029

Mrt 2024

Water- en rioleringsplan 20242027 (+ Klimaatadaptatieplan Houten 2022-2027)

Dec-2023

2027

Dec-2021

2027

Notitie beleid, beheer en onderhoud kunstwerken in de openbare ruimte 2020-2025 Beleidsregels kunst in de openbare ruimte Onderhoudsplan voor jaarlijks onderhoud Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2043.

Sep-2020

2025

Sept 2020

2025

Juli 2024

2028

Meerjaren Onderhoudsplan (MOP) Meerjarenonderhouds-plannen en vervangings-investeringen gemeentelijke accommodaties

Apr-2016

2021

Dec-2020

2025

Dekking vanuit programma en/of voorziening Bereikbaar, bestemmingsreserve BOR

2026 (in nota kapitaal goeder en)

2027 Openbare Ruimte

1

Bovengrondse Infrastructuur: weginrichting, overige bovengrondse infrastructuur, groen & water

Beleids- en beheerplan

2025

2

3

4

5

Ondergrondse infrastructuur (inclusief riolering)

Kunstobjecten

Samenleving, bestemmingsreserve Kunstobjecten

Najaar 2023

Onderwijsaccommodaties

Gemeentelijk Vastgoed

Duurzaam, bestemmingsreserve BOR, bestemmingsreserve Riolering

Samenleving, Voorziening huisvesting onderwijs Alle programma’s en bijbehorende onderhoudsvoorzienin gen

Duurzaamheid Onder andere via haar kapitaalgoederen kan de gemeente invulling geven aan de eigen voorbeeldfunctie op duurzaamheid. Binnen het Programma Duurzaam Houten wordt hierop specifiek ingezet met de Verduurzaming van het gemeentelijk Vastgoed en de Impuls Circulair Inkopen (zie deelprogramma Duurzaamheid & energietransitie). Veelal worden natuurlijke momenten benut voor verduurzaming. 2. Openbare Ruimte Onderdeel 1: Bovengrondse Infrastructuur (wegen, wegmeubilair, civieltechnische kunstwerken, speeltoestellen en groenvoorzieningen (incl. boombeheer) Bestaande kader

Begroting 2025

93

Gemeentelijke gebouwen

Onderdeel openbare ruimte

Beeldkwaliteitskader Vanaf 2013 is het Beeldkwaliteitskader Openbare Ruimte van kracht. Samengevat worden de volgende typen areaal, locaties en bijbehorende kwaliteitsnormen gehanteerd:

Percentage areaal dat moet voldoen aan niveau →

Centrum

Wonen

Bedrijven

Buitengebied

Groenzones

≥ 80%

≥ 80%

≥ 80%

≥ 80%

≥ 80%

1. Groen 2. Verharding hoofdroutes asfalt 3. Verharding overige wegen 4. Meubilair 5. Bebording/bewegwijzering 6. Openbare verlichting/VRI’s 7. Speeltoestellen 8. Civieltechnische kunstwerken 9. Reiniging A

Mooi en comfortabel

B

Functioneel

C

Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder; alleen mogelijk als voldaan wordt aan wettelijke eisen, veiligheid en functionaliteit

D

Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, mogelijke juridische aansprakelijkstelling of sociale onveiligheid

Stand van zaken en planning Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) In januari 2023 is het “Meerjaren Onderhoudsplan gemeente Houten MJOP) 2023-2027” voor de openbare ruimte door de raad vastgesteld. Dit plan geeft op objectniveau voor de komende 5 jaar (met jaarplannen) aan wanneer groot onderhoud en vervanging (GO+V) nodig is van wegen (en bermen), civieltechnische kunstwerken, verkeersregelinstallaties, bomen, plantsoenen, grasvelden, speeltoestellen en straatmeubilair. Elk jaar wordt het MJOP door het college geactualiseerd en wordt een nieuwe jaarschijf toegevoegd. Civieltechnische kunstwerken In de gemeente liggen 105 fiets/voetbruggen, 81 verkeersbruggen, 389 duikers, 32 tunnels, 30 steigers en 190 ander civieltechnische kunstwerken. De afgelopen jaren is met groot onderhoud en vervanging de kwaliteit van de houten en betonnen bruggen sterk verbeterd. Bij een klein deel van de houten bruggen moet dit de komende jaren nog gebeuren. In 2025 worden drie bruggen (2x Reigerweide en 1x Kooikerspad) geheel gerenoveerd evenals een steiger aan de Strandmeer. Ook wordt een deel van de beschoeiingen vervangen. De totale kosten hiervan zijn € 670.000. Daarnaast is herstel van aangetaste delen van een aantal bruggen begroot (Rietplas en Imkerspad), het vervangen van kitvoegen in tunnels en het vervangen van de slijtlaag in een tunnel (De Gaarde). De totale kosten hiervan zijn € 113.000.

Jaarlijks wordt 1/4 deel van de civieltechnische kunstwerken gereinigd. Dit komt enerzijds de beeldkwaliteit ten goede, anderzijds is het belangrijk om kleine gebreken zichtbaar te maken en houtrot te voorkomen. Elk voorjaar worden alle bruggen, tunnels en steigers geïnspecteerd door de eigen dienst. Elke 4 jaar doet een extern technisch bureau dit. Daar waar nodig wordt direct ingegrepen en overige reparaties worden hetzelfde jaar nog uitgevoerd. Bij civieltechnische kunstwerken is het i.h.k.v. de veiligheid van groot belang om de kwaliteit jaarlijks door middel van inspecties te monitoren en de technische staat op orde te houden Verhardingen De gemeente Houten heeft 1 miljoen m2 asfaltverharding, 1,8 miljoen m2 elementenverharding en

Begroting 2025

94

67.000 m2 halfverharding. Een flink percentage (13,6%) van de verharding heeft helaas een slechte D-kwaliteit die formeel wettelijk niet toelaatbaar is. De komende jaren wordt getracht dit percentage tot een minimum terug te brengen. In 2025 staat 36.004 m2 asfalt op de rol om aan te pakken. Het gaat om de volgende werkzaamheden: Kooikerspad (deel), Geerpad, Kapelleweg, Korte Uitweg, Groeneweg, bedrijventerrein Meidoornkade (geheel) en de Schonauwenseweg (deel). Daarnaast gaan we in 2025 aan de slag met de Kanaaldijk-oost. Wat betreft de elementenverharding richten we ons in 2025 op De Campen, het Oude Dorp, De Tuinen, De Erven, De Molens, De Sloten, De Gaarden, De Akkers, De Oorden en De Hoeven. In totaal wordt er t.b.v. de asfalt-, elementen- en halfverharding in de gemeente in 2025 voor € 3,6 miljoen besteed aan groot onderhoud en vervanging (excl. de projecten die overlopen van 2024) en voor € 0,3 miljoen aan regulier onderhoud. Verlichting en verkeersregelinstallaties Tot en met 2024 zijn 7.000 armaturen van de 9.000 conventionele armaturen vervangen voor energiezuinige LED armaturen. In 2025 worden de overige circa 2.000 armaturen. Alle 18 verkeersregelautomaten zijn in 2024 vervangen door iVRI-ready verkeersregelautomaten. Ook zijn de verkeerslantaarns vervangen door een duurzame variant.

De lussen van de VRI’s worden opnieuw aangebracht wanneer er ter plekke asfalteringswerkzaamheden worden uitgevoerd. Groen Het beheer van grasvelden, bomen en (bos)plantsoenen bestaat voornamelijk uit regulier onderhoud, in 2025 is hiermee € 1,8 miljoen gemoeid. Er is in 2025 voor in totaal € 0,4 miljoen aan groot onderhoud en vervanging nodig voor bomen en beplantingsvakken. Veel soorten cultuurbeplanting zijn na 30 jaar uitgegroeid en echt op. Daarnaast kunnen vakken worden overgenomen door een dominante soort. Dit leidt tot een monotone situatie met weinig biodiversiteit en een geringe beeldkwaliteit. Jaarlijks wordt rekening gehouden met ongeveer 10-15 om te vormen vakken. In totaal gaat het daarbij om ca 6.000-9000 m2 per jaar. De Beleidsnota Bomen 2017-2020 is leidend voor de beheerstrategie van het bomenbestand. Het hoofddoel is het huidige groene karakter te waarborgen en daar waar mogelijk te versterken. Zoals ook in de afgelopen jaren is gebeurd, zullen de essenlanen met een toekomstverwachting van minder dan 5 jaar vervangen worden om een grote kaalslag in de toekomst te voorkomen. Gemiddeld betreft dit circa 50 bomen per jaar.

Onderdeel 2: Ondergrondse infrastructuur (riolen, gemalen, drainage en randvoorzieningen + oppervlaktewater- en waterbodembeheer) Kader In het Water en Rioleringsplan (WRP) 2024-2027 is weergegeven hoe de gemeente haar stedelijke watertaken uitvoert. De stedelijke watertaken omvatten het grond-, oppervlakte-, hemel- en afvalwaterbeheer. Voor het bekostigen van de stedelijke watertaken heft de gemeente rioolrecht. Op grond van de regels van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn er voor de financiële afwikkeling naast een Voorziening Egalisatie tarieven rioolheffing nog twee andere voorzieningen en één reserve nodig. a. Voor de risicoafdekking in het stedelijke (afval)waterbeheer is de Spaarvoorziening voor vervanging en risicoafdekking riolering met een omvang van € 1.000.000 ingesteld. Dit is ongeveer 0,6% van de totale waarde van het rioleringsstelsel. b. Voor waterbodembeheer is de Spaarvoorziening waterbodembeheer (conform BBV art. 44 1d ingesteld waarin gespaard wordt voor de kosten van baggerwerkzaamheden die planmatig om de circa 12 jaar plaatsvinden. De jaarlijkse storting in deze voorziening is € 312.000. c. Efficiency- en aanbestedingsvoordelen worden afgewikkeld in de Bestemmingsreserve efficiency resultaten en aanbestedingsvoordelen. De raad beslist over de inzet van de middelen in deze reserve.

De periodieke herziening van het WRP is het moment waarop de raad beslist wat de werkelijke en benodigde stand van de reserves en voorzieningen moet zijn. De raad bepaalt dan ook de hoogte van de rioolheffing voor de nieuwe periode.

Begroting 2025

95

Stand van zaken en planning Het rioleringsstelsel verkeert in een goede staat. Naast het reguliere beheer van het rioleringsstelsel vergt in 2025 vooral het voorkomen van waterschade en overlast door extreme buien en het baggeren van watergangen de nodige aandacht. Belangrijke projecten in 2025 zijn:  Vervanging van 8 rioolgemalen.  Aanpakken risicolocaties voor wateroverlast in overleg met bewoners en bedrijven (in het kader van de klimaatadaptatie).  Actualisering van de klimaatverkenning (dit is een doorrekening van het watersysteem met een stresstest op basis van verschillende mogelijke extreme neerslag gebeurtenissen). We beoordelen opnieuw wat zinvol is om na 2025 te gaan doen om klimaatproof te worden.  Uitvoering van gemeentelijke projecten om te ontstenen/vergroenen en af te koppelen.  Stimuleren van het ontstenen en vergroenen van tuinen, het afkoppelen van verharding en de aanleg van groene daken.  Baggeren van watergangen.  Samen met de partners van het Netwerk Water en Klimaat werken aan klimaatadaptatie en een doelmatig en duurzaam beheer in de afvalwaterketen. Ontwikkelingen Het aantal aannemers en adviesbureaus neemt af waardoor het lastiger wordt voorbereidende- en uitvoerende werkzaamheden binnen het beschikbare budget aan te besteden.

Daarnaast is er een groot tekort aan deskundig technisch personeel binnen de cultuurtechnische- en civieltechnische sector. Naast een stijging van de prijzen door de veranderende marktomstandigheden lopen aanbestede werken regelmatig uit de overeengekomen planning. Onderdeel 3: Kunstobjecten in het openbare gebied Elk jaar in september vindt een schouw plaats van de ruim 50 kunstobjecten voor het uitvoeren van het benodigde reguliere onderhoud (één- of tweejarig) en actualiseren van de planning voor groot onderhoud. Er is een regulier budget voor het verzorgen en onderhouden van de kunstwerken. Dit is toereikend. In 2022 is een classificatie-onderzoek uitgevoerd om duidelijkheid te krijgen over de invulling en omvang van de (kern)collectie van de gemeente en de staat van onderhoud. Op basis van dit onderzoek is de lijst met kunstobjecten geüpdatet. Er is een kwaliteitsniveau vastgesteld voor nieuw te realiseren kunst. Op dit niveau wordt de kunst ook onderhouden. In 2023 is een plan gemaakt om gefaseerd planmatig groot onderhoud en vervanging uit te voeren m.b.t. zwaar beschadigde of gestolen kunstwerken. De uitvoering hiervan zal grotendeels in 2024 worden afgerond mogelijk met overloop naar 2025 en hiermee zijn alle kunstwerken dan hersteld. De kosten van dit herstel worden bekostigd uit de bestemmingsreserve Kunstobjecten.

Na deze ingreep is er voor de komende jaren geen groot onderhoud te verwachten aan de kunstcollectie. 3. Gemeentelijke gebouwen Onderdeel 4: Onderwijshuisvesting Belangrijke ontwikkelingen In juli 2024 heeft de gemeenteraad het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2043 vastgesteld. Met het oog op de wettelijk vastgelegde gemeentelijke zorgplicht voor onderwijshuisvesting en de noodzaak van een lange termijnvisie biedt het IHP:  een duidelijke visie en een beleidsmatig kader voor huisvesting van onderwijsvoorzieningen in de gemeente Houten;  zicht op de beschikbare voorzieningen en de omvang van de noodzakelijke huisvestingsvoorzieningen voor onderwijs vanaf 2025. Het huisvestingsplan besteedt aandacht aan:  de huidige en toekomstige positie van de onderwijsinstellingen (zowel kwalitatief als kwantitatief).  de knelpunten op korte, middellange en lange termijn.  de uitgangspunten voor het huisvestings- en accommodatiebeleid zoals duurzaamheid, multifunctionaliteit, toegankelijkheid en bereikbaarheid en inclusief onderwijs.  een toekomstscenario op basis van inventarisatie, knelpuntenanalyse en beleidsvoorkeuren.  een toetsingskader voor de beoordeling van investeringsaanvragen voor onderwijs.  financiële meerjaren-ontwikkeling van de huisvesting. Begroting 2025

96

Stand van zaken Het IHP 2024-2043 is vastgesteld. Planning De ontwikkeling van het uitvoeringsprogramma inclusief de bijbehorende haalbaarheidsonderzoeken voor de eerste tranche (2024-2028) zijn gestart in 2024 en lopen door tot eind 2025. Onderdeel 5: Gemeentelijk vastgoed Kader Op dit moment wordt met een meerjarenonderhoudsprogramma (MJOP) voor alle gemeentelijke gebouwen gewerkt die in 2020 voor het laatst is vernieuwd. Daarin is vastgelegd dat de gebouwen op onderhoud conditieniveau 3 worden gehouden. Met de beschikbare financiële middelen kunnen alle gemeentelijke gebouwen op het afgesproken conditieniveau 3 worden gehouden. Om dit te bereiken wordt elk jaar het onderhoudsprogramma geactualiseerd en aangepast om deze doelstelling vast te houden. Conditieniveau 3 is een ‘sober doch doelmatig’ onderhoudskwaliteitsniveau, waarbij risico’s op storingen en defecten acceptabel zijn. In juli 2023 is door de raad de Visie op vastgoed vastgesteld. In deze visie is onze werkwijze weergegeven en is ook opgenomen dat we op gebied van onderhoud nader beleid willen vaststellen, Deze is inmiddels opgesteld en wordt in het najaar van 2024 met de raad gedeeld. In 2024 is tevens een nieuwe nulmeting uitgevoerd, om vanaf 2025 weer met een nieuw MJOP te kunnen gaan werken. Deze nieuwe nulmeting wordt inclusief het onderhoudsbeleid in het najaar van 2024 aan de raad aangeboden.

De balans wordt dan weer opgemaakt en dan wordt weer opnieuw bepaald in hoeverre de beschikbare middelen de kosten afdekken de komende jaren. We maken voor het gemeentelijk vastgoed onderscheid in gebouw categorieën. Deze hebben we afgestemd op een landelijk gebruikelijke systematiek om ons ook goed te kunnen vergelijken met andere gemeenten. De gemeentelijke vastgoedportefeuille bestaat uit circa 90 objecten en ongeveer 100.000 m2 BVO (bruto vloeroppervlak). Verdeeld over de categorieën geeft dit het volgende beeld:

Gemeentelijk vastgoed onderverdeeld naar categorie

Stand van zaken De gemeentelijke gebouwen verkeren in de afgesproken conditiescore 3, aan deze lijn wordt vastgehouden en in 2025 zal een nieuwe nulmeting (inspecties van onze gebouwen) ook weer leidend zijn hierin. Zoals vorig jaar aangegeven, houden we er op basis van de forse prijsstijgingen van afgelopen twee jaar rekening mee dat de huidige budgetten voor onderhoud niet toereikend zullen zijn. Zodra dit goed in beeld is gebracht, zal de raad hierover worden geïnformeerd om te bezien welke maatregelen we hiervoor kunnen nemen.

Begroting 2025

97

Belangrijke ontwikkelingen In 2023 is een traject opgestart om een vervolg te geven op diverse verduurzamingsacties die in het verleden zijn uitgevoerd. Onder andere is een ‘routekaart’ opgesteld om in beeld te krijgen wat het betekent de komende jaren om aan de Houtense verduurzamingsambitie te kunnen voldoen. Deze routekaart wordt in Q4 van 2024 aan de raad aangeboden. Ondertussen is gezocht naar hoe acties al versneld kunnen worden gepleegd om panden te verduurzamen met bestaande middelen, om hiermee ook de energielast voor onze gebruikers te verlichten. Onder andere is een aanbesteding voor zonnepanelen opgestart en zullen in 2025 meerdere daken van zonnepanelen worden voorzien, zoals ook in het coalitieakkoord al is aangekondigd. Planning In het najaar 2024 wordt het nieuwe MJOP (nulmeting) voor de komende 5 jaar inclusief het onderhoudsbeleid vastgesteld. Daarmee is er een actueel jaarplan voor 2025, de eerste jaarschijf van het nieuwe MJOP, beschikbaar dat is afgestemd met huurders en passend is op de financiële middelen. De mate van onderhoud bepaalt de kwaliteit en de levensduur van de kapitaalgoederen. Onderscheid wordt gemaakt tussen aan de ene kant de reguliere beheer-/exploitatiekosten en aan de andere kant de kosten van groot onderhoud en vervanging.

Hieronder volgt een tabel met de omvang van het onderhoud kapitaalgoederen, onderverdeeld in regulier en groot onderhoud (incl. vervanging). Begroting 2025 Regulier onderhoud (O) en groot onderhoud (GO) kapitaalgoederen

Bovengrondse Infrastructuur

Onderhoud Groot Groot Totaal onderhoud Onderhoud Openbare ruimte (MJOP )

O : GO

3.337

315

4.694

8.346

40 : 60

Gemeentelijk vastgoed

397

2.676

0

3.072

13 : 87

Kunstobjecten

20

0

0

1.027

281

0

1.308

79 : 21

Onderwijsaccomodaties

33

47

0

80

42 : 58

Overig

290

0

0

290 100 : 0

Totaal

5.104

3.318

4.694

Ondergrondse infrastructuur

Begroting 2025

20 100 : 0

13.116

39 : 61

98

Paragraaf Subsidies Dit jaar gebeurt het vaststellen van het subsidieplafond voor het eerst als onderdeel van de begroting, het subsidieplafond maakt immers integraal onderdeel uit van de begroting en moet daarmee in lijn zijn. Er volgt dus geen apart raadsbesluit meer voor het vaststellen van het subsidieplafond 2025 Maatschappelijke organisaties kunnen op grond van verschillende subsidieregelingen een subsidieaanvraag indienen. In de subsidieregelingen is inhoudelijk uitgewerkt wie voor welke kosten/activiteiten subsidie kan aanvragen en hoe de beschikbare subsidie wordt verdeeld. Het beschikbare subsidiebedrag per subsidieregeling wordt bepaald middels het subsidieplafond. Conform de Algemene Subsidieverordening (Asv) stelt de gemeenteraad de subsidieplafonds vast. De meeste subsidies hebben betrekking op de ‘Subsidieregeling Samenlevingsactiviteiten’. Dit zijn de subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt. Inmiddels hebben veel maatschappelijke organisaties hun subsidieaanvraag voor 2025 ingediend. De beleidsmedewerkers en de betrokken subsidiemedewerkers beoordelen deze aanvragen en stellen vervolgens een beschikking tot subsidieverlening op. Voor subsidieregelingen als Ons Fonds (inwonersfonds) zijn er nog geen aanvragen ingediend, deze volgen pas gedurende het jaar 2025 maar de vastgestelde plafonds zijn nodig om vanaf 1 januari 2025 subsidie te kunnen verlenen.

In het Integraal Financieel Perspectief 2025 is de indexering van de subsidies bepaald op 3,3%. Voor de grote subsidiepartners wordt daarnaast gewerkt met mix-index op maat per subsidiepartner, waarbij een deel van de budgetten wordt geïndexeerd middels een looncomponent van 3% en een ander deel de materiële index van 3,3%. In deze zijn de subsidieplafonds 2025 daarmee vooral de formele bevestiging en vaststelling van het plafond. De hiervoor reeds gereserveerde middelen zijn opgenomen in de begroting Subsidieregeling

Subsidieplafond 2024

Subsidieplafond 2025

€ 5.352.975,00

€ 5.751.448,00

Subsidieregeling Inwonersfonds

€ 94.425,00

€ 103.435,00

Cultuurfonds Houten

€ 52.635,00

€ 54.372,00

Evenementenfonds Houten

€ 56.431,00

€ 58.293,00

Gewijzigide subsidieregeling energietransitie Houten 20202025

€ 305.00,00

€ 305.000,00

€ 5.861.466,00

€ 6.272.548,00

Samenlevingsactiviteiten

Totaal

Begroting 2025

99

Paragraaf Financiering 1. Inleiding De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) geeft een kader voor het (financierings-) risicomanagement. Het betreft het raamwerk voor het financieringsbeleid. Dit is verder uitgewerkt in de gemeentelijke Regeling treasury. Deze regeling geeft een uiteenzetting van de kaders, waarbinnen het treasurybeleid van de gemeente Houten wordt vormgegeven en de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de treasuryfunctie worden beschreven. Daarnaast zijn er beleidsregels met betrekking tot het verstrekken van geldleningen en garanties. Deze beleidsregels bieden toetsingskaders c.q. spelregels voor het beoordelen van lening- en garantieaanvragen. 2. Ontwikkelingen De door BNG gehanteerde basisrente wordt voor Houten al jaren gebaseerd op Euribor (Euro Interbank Offered Rate; het rentetarief voor leningen tussen de Europese banken). Europese regelgeving vereist van basisrentes dat ze robuust en betrouwbaar zijn. Nieuwe regels bepalen dat basisrentes meer op basis van transacties moeten worden berekend en minder op basis van inschattingen van banken om de objectiviteit te vergroten. ECB (Europese centrale bank) heeft als alternatief voor Euribor de basisrente €STR (Ester) geïntroduceerd die aan deze regelgeving voldoet.

Doordat de nieuwe basisrente €STR op een andere wijze wordt berekend, zal deze naar verwachting niet helemaal gelijk zijn aan de bestaande basisrente. In de markt worden momenteel methoden en standaarden ontwikkeld om de nieuwe basisrente zo veel als mogelijk gelijk te stellen aan de bestaande basisrente om schommelingen te beperken. 3. Rentevisie Voor de financieringsbehoefte (korte en lange termijn) is een visie op de rente-ontwikkeling onontbeerlijk. Daarom wordt gebruik gemaakt van diverse renteverwachtingen van kredietwaardige instellingen. Op basis daarvan wordt de gemeentelijke rentevisie geformuleerd. De FED (de centrale bank van de Verenigde Staten van Amerika) heeft de beleidsrente medio 2024 bepaald tussen de 5,25% tot 5,50% (gelijk aan medio 2023). Het doel van de hoge rente is o.a. om de hoge inflatie te beteugelen. Nu in de VS de inflatie flink is afgezwakt, worden er later dit jaar renteverlagingen verwacht. De rente van de ECB (Europese centrale bank) is medio 2024 3,75% na een daling van 0,25 procentpunt in juni 2024. Dit was de eerste daling sinds 2019. Verdere dalingen van de ECB rente en spaarrentes in 2024 (en daarna) zijn zeer waarschijnlijk nu de inflatie is afgezwakt. Economen verwachten dat de ECB-rente in december 2025 al op 2,25% zal zitten.

De 10-jaars swaprente, de maatstaf voor de kapitaalmarktrente, daalde van 3,05% medio 2023 naar 2,73% medio 2024. Voor medio 2025 is de verwachting, dat de 10-jaars swaprente in de eurozone zich rond de 2,66% zal bewegen. De kortetermijnrente zal gemiddeld uitkomen op 2,62%. De 3-maands Euribor (Euro Interbank Offered Rate; het rentetarief voor leningen tussen de Europese banken) daalde van 3,72% medio 2023 naar 3,69% medio 2024. 4. Renterisico Voor het renterisico gelden er twee normen namelijk de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Er dient binnen deze normen geopereerd te worden. Renterisiconorm (lang) Het doel van de renterisiconorm is het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente op de rentelasten in geval van herfinanciering en renteherziening van geldleningen. Dit wordt bereikt door een limiet te stellen aan dat deel van de vaste schuld waarover het rentepercentage in een bepaald jaar moet worden aangepast aan de op dat moment geldende markttarieven. Deze norm is op 20% van de lastenkant van de begroting gesteld en wordt afgezet tegen de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen. bedragen x € 1.000

Renterisiconorm Stand van het begrotingstotaal Renterisiconorm 20% van de begroting

2025 164.408 32.882

2026 145.390 29.078

Begroting 2025

2027 140.690 28.138

2028 145.317 29.063

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=ff9eca9b-72b9-451a-a65b-ded314c66a96