RIB.24.060 Besluit GS
Tekst van het document
Communiceer dat via de Plattelandscoalitie, maar ook aan alle gemeenten
DOC-00654707
11
3. Bestuurlijke aandachtspunten In dit gebied zit energie, werken de boeren georganiseerd mee aan een ook voor hen wezenlijke gebiedsontwikkeling en vervult de gemeente haar regierol. Geen keuze maken op basis van de aangereikte inzichten betekent de dood in de pot. Communicatie over het voorliggende besluit van uw college moet zorgvuldig, primair naar de boeren zelf in het gebied De Gedeelde Peel, maar zeker ook naar Provinciale Staten en naar de gemeente. Communicatie naar de PLC kan daarna. Voor de boeren in de Gedeelde Peel én in de gebieden direct rond de Peelvenen is de keuze voor verdieping van de hoofdkoers en ondersteuning van de melkveehouderij van belang, evenals uw akkoord op het vervolg van het proces (inclusief verder de mogelijkheden voor akkerbouw en volle grondstuinbouw onderzoeken) en het vertrouwen dat we daarmee uitspreken richting ABM. Tegelijkertijd moeten we hen in het kader van verwachtingenmanagement ook aangeven waar we nu in het -tot nuLPLGproces, vanaf nu de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied, staan; inclusief de [on]mogelijkheden van financiële regelingen, het wachten op de uitgewerkte keuzes van het nieuwe kabinet en de vervolgvragen die wij als ons ‘huiswerk’ te beantwoorden hebben. Ons voorstel is om ABM hier leidend te laten zijn in de wijze waarop we met de boeren (hun leden) gaan communiceren.
Voor Provinciale Staten zijn van belang: - de verdieping van de eerder gecommuniceerde hoofdkoers, de nadere invulling van het begrip “perspectief voor de landbouw” (en de consequenties daarvan voor ons provinciaal handelen) én - het benutten van de inzichten uit de ontwerpende onderzoeken (ten behoeve van een hoofdkoers voor een deelgebied binnen onze provincie) in de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied vóórdat die inzichten zijn vertaald naar/geland in de geactualiseerde POVI. Ons voorstel is om de bijgevoegde mededeling portefeuillehouder aan Provinciale Staten toe te sturen de ochtend nadat met de boeren in de Gedeelde Peel zal zijn gesproken. Voor de gemeente Horst aan de Maas is van belang om aan te sluiten op het informatieniveau van gemeenteraad en college. Ons voorstel is om de gemeente hier leidend te laten zijn over zowel tijdstip als vorm van communicatie, waarbij wij zullen aangeven dat zulks altijd ná de communicatie met de boeren zal zijn en gelijktijdige communicatie met de Staten onze voorkeur heeft. Voor de Plattelandscoalitie is van belang kennis te nemen van de bouwstenen die uw college uit deze rapportage van Van den Ingh meeneemt in de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied.
Ons voorstel is om de PLC te informeren op basis van de informatie zoals die zal zijn gedeeld met de boeren, Provinciale Staten en de gemeente. Voor het rijk zijn de leerpunten en structurerende keuzes ook van belang, zowel om te illustreren dát een gebiedsgerichte aanpak mogelijkheden voor brede doelrealisatie biedt, maar ook om aan te geven hoe een samenwerking tussen alle partijen op dit lage schaalniveau tot constructief verkennen van doelrealisatie leidt en wat het feitelijk betekent om “de boer de regie over zijn/haar eigen ontwikkeling te geven”. Ons voorstel is om dit inzicht ook onderdeel te laten zijn van de propositie “Groen als gras” die in voorbereiding is en actief te delen met zowel bestuurders als beleidsmakers op rijksniveau, met name ter onderbouwing van onze wens om de rijksregelingen zodanig in te richten dat ze gebiedsgericht kunnen worden ingezet.
DOC-00654707
12
4. Lobby - aspecten Zie bestuurlijke aspecten “Voor het rijk…” 5. Relatie met Programmabegroting Hoofdstukken 1 (perspectief voor het landelijk gebied), 3 (werken aan een toekomstbestendige economie), 5 (leefbare steden en dorpen) en qua aanpak zeker ook 8 (Provincie midden in de samenleving). Daarnaast het POVIproces, dat voor het gehele fysiek-ruimtelijke domein (en de sociaalmaatschappelijke betekenis daarvan) van belang is. 6. Juridische aspecten Uiteraard levert een [ruimtelijk] structurerende keuze juridische vervolgvragen op. Op grond van het gelijkheidsbeginsel dient de Provincie Limburg gronden in beginsel openbaar uit te geven. De Provincie Limburg kan gronden één-op-één uitgeven (middels verkoop of ruiling bijvoorbeeld) indien op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat maar één serieuze gegadigde in aanmerking komt. De vraag of het gebiedsgericht ondersteunen van melkveebedrijven bij de uitgifte van grond mogelijk is op grond van het gelijkheidsbeginsel is in deze fase en op basis van de nu beschikbare informatie nog niet te beantwoorden. Beantwoording van die vervolgvraag maakt onderdeel uit van de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied.
Daar waar de gewenste ontwikkelingen gepaard gaan met de inzet van financiële middelen van overheidswege ten gunste van landbouwondernemingen, zal dat uitsluitend kunnen in lijn met de Europese regels inzake staatssteun. 7. Inkoop- en aanbestedingsaspecten De werkwijze waarbij wij formeel de opdracht geven aan een adviseur, terwijl de boeren in het gebied de feitelijke opdrachtgever zijn, past uitstekend bij het doel dat we nastreven, maar vraagt van ons wel een andere invulling van onze rol als opdrachtgever: een goed samenspel met de boeren, het vertrouwen dat zij in de opdrachtnemer moeten kunnen hebben leidend laten zijn bij de keuze voor de opdrachtnemer, en tegelijkertijd in dat samenspel richting geven aan de inhoud van de opdracht, zicht houden op de uitvoering en scherp blijven op de facturering van de opdracht. Dat opgebouwde vertrouwen in een adviseur is cruciaal, tegelijkertijd zullen we bij langer lopende processen ook goed aan de voorkant de invulling van de aanbestedingsregels in de gaten moeten houden. 8. Financiële en cofinancieringsaspecten Voor de vervolgopdracht voor Van den Ingh is maximaal €20.000 beschikbaar uit de procesmiddelen LPLG.
De keuze om in de Gedeelde Peel en daarmee feitelijk in de bufferzone rond zowel Mariapeel als Groote Peel ons als overheid actief te gaan begeven op de grondmarkt om voor de melkveebedrijven hun extensiveringsslag mogelijk te kunnen maken betekent dat we bij aankoop en verpachting ook bij regulier gebruik door melkveehouderijen rekening moeten houden met waardevermindering van zo’n 2€ per m2. Dat zou alleen al voor De Gedeelde Peel bij 330 ha gaan om 6,6 miljoen €. Openstaande vraag is of de hoofdkoers die wij nu hebben geformuleerd betekenis gaat hebben voor de marktwaarde-ontwikkeling van de grond rond de Peelvenen, waardoor boeren zelf meer in de positie komen om tot aankoop te kunnen overgaan. Tegelijkertijd lopen nog steeds de gesprekken met IPO, UvW en rijk om te komen tot een grondbank. En ook de mogelijkheid om gebruik te kunnen maken van rijksregelingen [inclusief
DOC-00654707
13
gebiedsgerichte budgetten voor NOVEX de Peel] is nog niet op alle fronten helder. En tot slot laten we de inzichten uit de rapportage van Van den Ingh onderdeel uitmaken van onze propositie in voorbereiding “Groen als gras”. Alles overziend is in elk geval het voorstel om uit beschikbaar rijksbudget een deel te reserveren voor de waardedaling bij de aankoop van gronden direct rond de Peelvenen “om van kant te komen” en tegelijkertijd in overleg met het rijk de mogelijkheden voor grondaankoop ter realisatie van de doelen van het landelijk gebied verder te bespreken. 9. Relatie met aanpak coronacrisis N.v.t. 10. Arbeidsmarktbeleid N.v.t. 11.
Effecten op CO2 en stikstof emissies (effecten op klimaat en biodiversiteit/beschermde natuur) Goed waterbeheer in de Peelvenen is van belang om CO2-vrijgave uit het natuurgebied te voorkomen. 12. Digitalisering & data governance In het kader van de verantwoording van de inzet van overheidsgeld zullen we voor een gebiedsproces als de Gedeelde Peel (maar straks bij alle gebiedsprocessen die we starten ter realisatie van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied) scherp moeten hebben op basis van welke data we onze overheidsinspanningen kunnen/willen/moeten gaan beoordelen. De monitoring van de kwaliteit van de Peelvenen maakt onderdeel uit van de natuurbeheerplannen. Voor de monitoring van grondwateronttrekkingen (aantal legale onttrekkingsputten, vergunde onttrekkingshoeveelheden en hun locaties) lopen acties in het kader van de IntentieOvereenKomst (IOK) Peelvenen (met Brabant en de waterschappen Aa en Maas en Limburg). De monitoring van de ontwikkeling van de melkveehouderijen in het gebied (aantal bedrijven, aantal gve en aantal ha per bedrijf) zullen we daar aan moeten toevoegen. 13. Formatieve aspecten Leerpunt 8 (Maak keuzes voor gebieden in onze provincie waar we in het kader van de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied aan de slag gaan en ben daarmee ook duidelijk voor welke gebieden wij onze inzet naar achteren schuiven.
Communiceer dat via de Plattelandscoalitie, maar ook aan alle gemeenten) heeft ook betekenis voor de capaciteitsinzet en de mogelijkheden daartoe van onze provinciale organisatie en sluit in die zin aan op het organisatieontwikkelingstraject dat het DT heeft ingezet. 14. Samenwerking/afstemming andere clusters Deze nota is tot stand gekomen in samenwerking tussen PLA en RMT. Inzichten vanuit P&P NW en E&I en adviezen van AJZ en G&V zijn verwerkt. 15. Voorstel a. Kennis nemen van de rapportage van Van den Ingh. b. De keuze maken om rond de Peelvenen actief de grondmarkt op te gaan. c. Daartoe te ontvangen rijksgeld inzetten. d. Het proces van de boeren in de Gedeelde Peel verder ondersteunen.
DOC-00654707
14
e. De overige leerpunten uit de rapportage benutten als bouwsteen voor de uitwerking van het beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied. f. Vervolgvragen via PT LPLG beleggen g. Met ABM, PS, gemeente, PLC en rijk communiceren cf par 3 van deze nota. h. Geheimhouding van de nota opheffen na communicatie met ABM, PS, gemeente. i. De bijlagen bij de rapportage van Van den Ingh geheim houden
DOC-00654707
15