RIB.24.003 Uitvoeringsprogramma regio
Tekst van het document
Stuknummer: 23.0006523
Raad 16-01-2024 RIB.24.003
raadsinformatiebrief van
: Burgemeester en wethouders
portefeuillehouder
: R. Palmen
aan
: De leden van de gemeenteraad
datum
: 08/11/2023
status
: Actieve informatie
openbaar
: Ja
Onderwerp RIB Uitvoeringsprogramma 2024-2027 Regio Noord-Limburg
Aanleiding Samenwerken is belangrijker dan ooit; geen enkele partij kan zijn of haar ambities en doelen bereiken zonder slim samen te werken. Ook de maatschappelijke opgaven zijn groter dan ooit. De acht Noord-Limburgse gemeenten bundelen daarom al vele jaren de krachten om een positieve impuls te geven aan de brede welvaart in de regio. In 2020 hebben de gemeenten in de regio de Regiovisie 2040 vastgesteld. Deze biedt het gezamenlijk lange termijnperspectief voor de acht gemeenten. In aansluiting daarop is een uitvoeringsprogramma opgesteld dat zich richt op de middellange termijn (4 jaar). In het uitvoeringsprogramma staat concreet genoemd wat we regionaal gaan doen om onze gezamenlijke ambities te realiseren. Het huidige uitvoeringsprogramma van de regio loopt van 2019 tot en met 2023 en is gebaseerd op de Regiovisie Noord-Limburg 2040. In de regionale visie is verwoord dat we ervoor moeten zorgen dat in 2040 onze regio nog steeds een omgeving is die voor onze inwoners een welkom en veilig thuis is en hen voldoende uitdaging en werkgelegenheid biedt. Waar het goed wonen, werken en recreëren is. Waar we onze tradities, onze cultuur- en natuurhistorie op een harmonieuze wijze met elkaar hebben weten te verbinden met datgene wat wij de wereld te bieden hebben.
De regionale ambities uit de Regiovisie zijn met het aflopen van het huidige uitvoeringsprogramma nog lang niet verwezenlijkt. De programma’s krijgen steeds meer vorm door middel van projecten en initiatieven vanuit de overheid, ondernemers, onderwijs en omgeving die aanhaken op de doelstellingen van de strategische visie en het uitvoeringsprogramma. Hiermee wordt bijgedragen aan de gezamenlijke ambities, zoals de Gezondste regio. U bent recent door middel van een voortgangsrapportage geïnformeerd over de in uitvoering zijnde projecten en inmiddels behaalde resultaten. We willen doorpakken op dat wat Noord-Limburg dichter bij ons gezamenlijke doel voor 2040 heeft gebracht. Hoe we dit aanpakken in de komende vier jaar staat in dit nieuwe uitvoeringsprogramma. Er wordt voortgebouwd op de innovatieve oplossingen en ontwikkelingen die de afgelopen jaren zijn ingezet in het licht
Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA
Postadres / PostCodePA PlaatsPA
T TelefoonNummer
F FaxNummer
Pag. 2 van 2
van de kennis van nu. Om de ambities om te zetten in actie, zijn deze vertaald in zeven geactualiseerde programma’s die voor de toekomst van Noord-Limburg belangrijk zijn: 1. Ondernemen & Innoveren (gezond ondernemen) 2. Vitaal & Gezond (gezond zijn en gezond blijven) 3. Toerisme & Recreatie (gezond beleven) 4. Ruimte -wonen, landelijk gebied en klimaat- (gezonde leefomgeving) 5. Veiligheid (gezond en veilig) 6. Mobiliteit & Logistiek (gezond verbinden) 7. Energie (gezonde toekomst). Afhankelijk van de opgave wordt gezocht naar partners voor de uitvoering en wordt bekeken op welke wijze we als gemeenten het best invulling kunnen geven aan onze rol. Soms initiërend, soms stimulerend, soms faciliterend en mogelijk een enkele keer ook uitvoerend. De zeven programma’s staan niet op zichzelf, maar kennen een onderling sterke samenhang. De centrale overstijgende opgaven zijn: - Brede welvaart en gezond ondernemen - Ruimtedruk, ruimtegebruik en klimaat - Arbeidsmarkt, personeelstekort en talent - Energietransitie en beschikbaarheid van alternatieve energie. Per programma worden de komende tijd in samenspraak met ondernemers en instellingen prioritaire thema’s benoemd. Er wordt hierbij vooral gekeken naar wat er ‘buiten’ gebeurd: welke bewegingen sluiten bij de opgaven aan.
Voorbeelden hiervan zijn de arbeidsmarkt en onderwijs, transitie van de landbouw, demografie en zorg, vrijetijdslandschappen, verduurzamingsprocessen bedrijfsleven, vervoersgelijkheid en preventie en repressie in het kader van veiligheid. Wij kunnen als college instemmen met de tekst van het Uitvoeringsprogramma 2024-2027 die is voorgelegd, met dien verstande dat we het nader willen hebben over de strategie van de regio en enkele governanceaangelegenheden. Met het voortzetten van de regionale samenwerking zetten we ons in voor een regio die veel te bieden heeft voor inwoners, bezoekers en mensen die in onze regio willen wonen en werken. En ook voor bedrijven, instellingen en organisaties die met onze regio willen samenwerken, handel willen drijven of er kennis willen verwerven. Met een diversiteit aan grote en kleine ontwikkelingen, majeure projecten en kleine parels werken we aan een regio die aanspreekt en aantrekt. Die inspanningen en resultaten moeten natuurlijk wel gezien en positief beleefd kunnen worden. Niet alleen door bezoekers, bedrijven en overheden buiten onze regio, maar vooral ook door onze eigen inwoners en ondernemers. Een regio waar je wilt zijn en ook wilt blijven.
Bijlagen Uitvoeringsprogramma Regio Noord-Limburg 2024-2027
2
Noord-Limburg op weg naar de Gezondste Regio
Regio Noord-Limburg Uitvoeringsprogramma 2024-2027
Regio Noord-Limburg: gebundelde krachten voor een gezonde toekomst De Regio Noord-Limburg staat, met de afronding van het Uitvoeringsprogramma 2020-2023 aan de vooravond van een nieuwe programmaperiode. Verbetering van de kwaliteit van het leven, wonen en werken van onze inwoners is en blijft daarbij het centrale thema. In Noord-Limburg gaan welzijn en welvaart hand in hand. We kijken met brede blik naar gezondheid. Dat gaat verder dan alleen een gezond lichaam. Het gaat ook om gezonde voeding, lekker in je vel zitten, meedoen in de samenleving en het creëren van een gezond ondernemersklimaat. Dat kan alleen in een gezonde omgeving, waar je prettig leert, werkt of onderneemt, waar je comfortabel woont en lekker kunt ontspannen. Daarom bundelen de acht Noord-Limburgse gemeenten en diverse partners hun krachten om samen met 280.00 inwoners van Noord-Limburg de Gezondste Regio te worden. In Noord-Limburg kiezen we bewust en doelgericht voor gezondheid in de breedste zin van het woord. Gezondheid verankeren in het dagelijks denken en doen Onze ambitie is vertaald in zeven programma’s. In deze programma’s wordt vanuit verschillende invalshoeken naar gezondheid gekeken. Ook kijken we op welke manieren projecten en activiteiten binnen de programma´s elkaar kunnen versterken.
Het doel van elk programma is om gezondheid te verankeren in het denken en doen van inwoners, ondernemers en organisaties in Noord-Limburg.
2
De Gezondste Regio worden is een ambitieus voornemen. Ambities zijn mooi maar nóg mooier zijn concrete, zichtbare stappen in de gezonde richting. De projecten en initiatieven geven onze ambitie letterlijk een gezicht. Noord-Limburg telt! “We geloven dat investeren in gezondheid loont. Dat het kansen met zich meebrengt. Onze regio barst van de mogelijkheden. Er is zoveel talent, zoveel creativiteit, zoveel mensen die de mouwen opstropen. In het volle besef dat nog een weg te gaan hebben, blijven we samen werken aan onze ambitie om de Gezondste Regio te worden Hierbij hebben we iedereen hard nodig!” Tijdens de programmaperiode 2020-2023 hebben het Rijk, de Provincie Limburg en de (acht gemeenten in de) regio Noord-Limburg gezamenlijk een stevige inspanning geleverd aan de realisatie van de doelen en activiteiten zoals die zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma ‘De Gezondste regio 2020-2023’. Een belangrijk deel daarvan was en is onderdeel van de Regio Deal Noord-Limburg 2020. Andere activiteiten en projecten zijn door de Regio Noord-Limburg en de Provincie Limburg gezamenlijk opgepakt in het kader van de Regionale Investeringsagenda waarin beide partners ieder 50% van de overheids-inspanningen hebben bijgedragen. Er is veel in gang gezet en er is nog veel te doen in 2024-2027.
3
Inhoudsopgave
• • • • • • •
4
Inleiding Maatschappelijke context
6 7
Zeven programma’s Ondernemen & Innoveren; Gezond ondernemen Vitaal & Gezond; Gezond zijn en gezond blijven Toerisme & Recreatie; Gezond beleven Ruimte; Gezonde leefomgeving Veiligheid; Gezond en Veilig Mobiliteit & Logistiek; Gezond verbinden Programma Energie: Gezonde toekomst
11
Centrale opgaven: verbinden zonder te verwarren
15 25 35 44 57 65 78 86
5
Inleiding In 2020 hebben de colleges van de acht NoordLimburgse gemeenten een regionale ontwikkelingsvisie vastgesteld en een daarvan afgeleid regionaal uitvoeringsprogramma. De visie heeft 2040 als perspectief, het uitvoeringsprogramma beslaat de periode 2020-2023. De Regio Deal en de Regionale Investeringsagenda ondersteunen het uitvoerings programma. Met het einde van de looptijd van het uitvoeringsprogramma in zicht is het tijd voor een actualisatie: een nieuw regionaal uitvoeringsprogramma voor de periode 2024-2027. Het werk is namelijk nog niet af. Of zoals het in de regionale visie is verwoord: “We1 moeten ervoor zorgen dat in 2040 onze regio nog steeds een omgeving is die voor onze inwoners een welkom en veilig thuis is en hen voldoende uitdaging en werkgelegenheid biedt. Waar het goed wonen, werken en recreëren is. Waar we onze tradities, onze cultuur- en natuurhistorie op een harmonieuze wijze met elkaar hebben weten te verbinden met datgene wat wij de wereld te bieden hebben. Oplossingen voor een betere en gezondere wereld, invented in Noord-Limburg.” Die opdracht staat nog steeds recht overeind. Hierbij bouwen we voort op de innovatieve oplossingen en ontwikkelingen die we de afgelopen vier jaar hebben opgezet.
Oplossingen die passen bij onze regio en in het licht van de regionale visie het verdienen om de komende jaren door de acht samenwerkende gemeenten en hun maatschappelijke partners te worden op- en aangepakt. We willen 1 ‘We’ is hier bedoeld als de samenleving, inclusief ‘de overheid’.
6
doorpakken op dat wat Noord-Limburg dichter bij ons gezamenlijke doel voor 2040 heeft gebracht. Hoe we dit aanpakken in de komende vier jaar staat in dit nieuwe uitvoeringsprogramma. In bijna alle programma’s zit potentie voor de (verdere) ontwikkeling van de grensoverstijgende samenwerking. Met die samenwerking willen we de kansen over de grens zoveel mogelijk benutten. Ook op het gebied van Public Affairs (om beleid te beïnvloeden, derde geldstromen te verwerven of het imago van de regio te versterken) is het van belang als regio in te zetten op de opgaven uit de verschillende programma’s en in partnerschap op te trekken naar belanghebbenden, waaronder provincie, ministeries en de EU.
Maatschappelijke context De afgelopen jaren is er een debat ontstaan over het belang van economische ontwikkeling en de impact daarvan op de kwaliteit van onze samenleving, op de fysieke leefomgeving en ook op de kwaliteit van het dagelijks leven van mensen. We zien een accentverschuiving van kwantiteit naar kwaliteit en van volume naar waarde. En daarmee naar economische modellen die bijdragen aan een betere, gezondere en duurzamere samenleving. De druk op de beschikbare ruimte in Noord-Limburg is enorm. Er zijn vrijwel geen vrij uitgeefbare percelen meer voor bedrijvigheid, woningbouw, energie opwekking, natuurontwikkeling, recreatie, landbouw-
7
transitie en klimaat-adaptatie. Dit zorgt regionaal voor een complexe ruimtelijke puzzel. De beschikbaarheid van voldoende water is ook niet langer vanzelfsprekend. Juist op de hoge zandgronden van onze regio zullen we moeten zoeken naar manieren om minder water te gebruiken en het water dat beschikbaar is beter vast te houden. Door de klimaatverandering, met steeds vaker zware buiten en hoogwater, moeten onze beeksystemen en de Maas nog meer de ruimte krijgen om bij een hoge waterstand ernstige schade te voorkomen. De personeelskrapte is ook in Noord-Limburg stevig en heeft negatieve gevolgen op delen van onze economie en samenleving. Bijna alle sectoren werken aan plannen, maar vaak nog los van elkaar. Oplossingsrichtingen lopen uiteen van het werven van arbeidsmigranten, een leven lang ontwikkelen, functiedifferentiatie en technologische innovatie. Het lijkt echter niet langer reëel om te verwachten dat oplossingen enkel te vinden zijn in het aantrekken van meer mensen, het vergroten van de arbeidsparticipatie en het steeds langer laten werken van ouderen. Mondiale en nationale ontwikkelingen hebben de energietransitie en maatregelen voor klimaatverbetering en -adaptatie flink onder druk gezet. Maatregelen moeten versneld worden uitgevoerd en resultaten moeten eerder behaald worden.
In een regio met economische sectoren die afhankelijk zijn van de beschikbaarheid van energie, zal de aanpak van deze problematiek de komende jaren een belangrijke rol gaan spelen.
8
Waar de Regionale Energie Strategie zich nu vooral richt op energievoorziening van woonwijken, is een groot gedeelte van het energieverbruik in onze regio toe te rekenen aan bedrijven en bedrijventerreinen. Dat maakt dat verduurzaming van energie en ook van producten en productieprocessen (inclusief logistiek) een belangrijke opgave voor alle sectoren in onze regio. Noord-Limburg heeft veel te bieden: voor inwoners, bezoekers en mensen die in onze regio willen wonen en werken. En ook voor bedrijven, instellingen en organisaties die met onze regio willen samenwerken, handel willen drijven of er kennis willen verwerven. Met een diversiteit aan grote en kleine ontwikkelingen, majeure projecten en kleine parels werken we aan een regio die aanspreekt en aantrekt. Die inspanningen en resultaten moeten natuurlijk wel gezien en positief beleefd kunnen worden. Niet alleen door bezoekers, bedrijven en overheden buiten onze regio, maar vooral ook door onze eigen inwoners en ondernemers. Een regio waar je wilt zijn en ook wilt blijven. De gemeenten in Noord-Limburg en hun maatschappelijke partners moeten deze puzzel gezamenlijk leggen en het belang overbrengen naar onze inwoners. Met ‘de Gezondste Regio’ hebben we inmiddels een uitdagend maar ook aansprekend merk ontwikkeld. Voor de komende jaren is het zaak dit merk verder gestalte te geven en uit te dragen binnen en buiten onze regio.
9
10
Zeven programma’s Programmeren voor een ambitie is keuzes maken. Keuzes voor thema’s die voor de toekomst van Noord-Limburg belangrijk zijn en in het verlengde daarvan keuzes voor projecten en activiteiten die een bijdrage leveren aan het behalen van onze ambitie. De thema’s ontlenen we aan de regionale visie. Actuele ontwikkelingen nemen we mee, omdat deze van invloed zijn op onze ambities en opgaven. Het uitgangspunt van onze samenwerking is dat we zaken die we beter lokaal kunnen uitvoeren ook lokaal oppakken en zaken die we beter samen kunnen doen regionaal aanpakken. Af en toe vergt dat een grondige en duidelijke afweging. Dit Uitvoeringsprogramma is een programma dat een bijdrage levert aan de realisatie van de gezamenlijke ambitie voor onze regio. De ambitie in de regiovisie is vertaald naar zeven, geactualiseerde programma's. Deze zijn: 1. Ondernemen & Innoveren; 2. Vitaal & Gezond; 3. Toerisme & Recreatie; 4. Ruimte; 5. Veiligheid; 6. Mobiliteit & Logistiek; 7. Energie. Ieder programma kent een aantal programmalijnen voor specifieke deelopgaven of accenten. Program ma’s worden onder bestuurlijke aansturing van de regionale portefeuillehouder-overleggen ontwikkeld door het regionaal programmamanagement, en gecoördineerd en ondersteund door het regiobureau.
11
Afhankelijk van de opgave wordt gezocht naar partners voor de uitvoering en wordt bekeken op welke wijze we als gemeenten het best invulling kunnen geven aan onze rol. Soms initiërend, soms stimulerend, soms faciliterend en mogelijk een enkele keer ook uitvoerend.
12
13
14
1
1 Ondernemen & Innoveren; Gezond ondernemen Binnen dit programma wordt de focus steeds meer verlegd van groei in kwantiteit naar groei in kwaliteit. Kenniscreatie en -valorisatie, gericht op hoogwaardige en gezonde (voedings-)producten, verbinden we met innovatieve technologie om te ontwikkelen, te produceren en te transporteren. Daarbij is duurzaamheid en circulariteit een belangrijke drijfveer voor innovatie in Noord-Limburg. Noord-Limburg ontwikkelt zich tot een unieke en innovatieve gezonde regio. En wel op alle voor de regio beeldbepalende economische sectoren: Agrofood, Maakindustrie, Logistiek en Recreatie. Grensoverschrijdende samenwerking is daarbij van belang om als (Eu)regio een sterke speler te blijven in het economisch krachtenspel. We staan voor gezonde en duurzame productie, grondstofgebruik en transport, voor voldoende gezonde en veilige voeding en voor een gezonde balans tussen economie, infrastructuur en leefomgeving. De Brightlands Campus Greenport Venlo verwerft op het gebied van fundamentele en toegepaste kennis nationaal en internationaal faam. Het samenspel met bedrijven zorgt ervoor dat deze kennis ook daad werkelijk naar de markt wordt gebracht. De Regio Noord-Limburg maakt gebruik van de kansen die de combinatie van verschillende modaliteiten voor transport en logistiek biedt.
De groei van goederenvervoer wordt opgevangen door het inzetten van een integraal systeem voor
15
wegtransport, binnenvaart en railtransport, zodat capaciteit beter benut wordt. Dit is een belangrijke stap in het verduurzamen van de logistiek. Zo groeit Noord-Limburg uit tot een hotspot op het gebied van agrologistiek waarbij ze excelleert in kennis over de logistieke bijdrage aan voedselveiligheid. Deze uitstekende concurrentiepositie en internationale bekendheid komt niet vanzelf tot stand, maar vergt een intensieve samenwerking binnen de triple en quattro helix2. Ondernemers, kennisinstellingen en overheden zorgen gezamenlijk voor innovatieve crossovers, het aanpakken van de arbeidsmarkt, de transformatie van agrofood en logistiek, de innovatie binnen de maakindustrie en het uitdragen van de successen in de regio. Op die manier zetten we samen in op het binden van nationaal en internatio naal talent en van internationale medewerkers aan onze regio. Hier vind je als student of werknemer goede opleidingen (je leven lang), uitdagende opdrachten, carrièreperspectief en een aantrekkelijke woonomgeving. In de afgelopen programmaperiode hebben we binnen de programmalijnen talent en kennisinfra structuur sterk ingezet op het aantrekken en behouden van talent voor onze regio.
Onder meer met de ontwikkeling van vijf Fieldlabs op voor de regio relevante sectoren en opgaven, Regio in je Rugzak, Meet Noord-Limburg, en de Talent-incubator (traineeprogramma Noord-Limburg). De samenwerking in de Fieldlabs zorgt ervoor dat de onderwijsinstellingen meer dan ooit samenwerken en elkaar aanvullen. Een goede basis voor samenwerken met bedrijfsleven en met BCGV is hiermee gelegd. Daarbij 2 Quattro-helix, de 4-O’s, i.c. inwOners, Overheid, Ondernemers en Onderwijs.
16
is van belang om de keten te sluiten en te zorgen dat de projecten elkaar aanvullen en versterken. Daarnaast is huisvesting voor starters en studenten nog een forse opgave. Er is veel gesproken over en veel energie gestopt in de ontwikkeling van een quattro helix (samenwerking tussen ondernemers, onderwijsinstellingen, omgeving en overheid) die zo belangrijk is om gezamenlijk de opgaven aan te kunnen pakken. Het fundament is gelegd. Dat doen we onder het merk “Gezondste Regio” dat door partners in de Quattro Helix gezamenlijk ontwikkeld is en door steeds meer regionale spelers wordt omarmd. Het is nu zaak om de Quattro Helix te laten groeien en de samenwerking vanuit alle geledingen te voeden en te ondersteunen. De ontwikkeling van een gezamenlijk regionaal merk is al genoemd. Een sterk en onderscheidend merk draagt bij aan de profilering van onze regio. Ondersteuning van innovatie en startups heeft veel aandacht gekregen door middel van het mee faciliteren van ondernemersprojecten, zowel uit het innovatiefonds als met de investeringsagenda. Ook bij de Brightlands Campus Greenport Venlo krijgt de ondersteuning van startups een impuls door nieuwe investeringen vanuit de Regio Deal. Belangrijk is ook het tot stand komen van sectorprogramma’s waarin de speerpuntsectoren de opgaven en beoogde ontwikkelingen voor de komende jaren opgenomen.
Crossroads Limburg zal hierin een prominente rol vervullen. De ontwikkeling van de Brightlands Campus verkeert in een cruciale fase. De afgelopen periode zijn er fundamentele keuzes gemaakt ten aanzien van
17
18
de inrichting van de campusorganisatie. Er is een nieuwe visie op de doorontwikkeling van de campus opgesteld en er zijn besluiten genomen over de ondersteuning van de hierin geschetste ontwikkelingen. Onderwijs en onderzoek op de campus is versterkt door een nieuwe samenwerking tussen de Radboud Universiteit en de Universiteit Maastricht. De verbinding met het MBO en het HBO is versterkt door de ontwikkeling van de Fieldlabs en leidt in de komende periode tot meer zichtbaarheid van de onderwijsinstellingen op de Campus. De verbinding met het regionale bedrijfsleven wordt verder versterkt. De relatie tussen de transitie van het landelijk gebied, de ontwikkeling van kringlooplandbouw en de kennisontwikkeling op BCGV zal verder ontwikkeld worden. Gegeven de (maatschappelijke) opgaven in onze regio, juist ook in deze sector, is toepasbare kennis, innovatie en valorisatie in nieuwe verdienmodellen van groot belang. Niet alleen binnen de regio is dit van belang. Samenwerking met andere regio’s is nodig om onze ambities te bereiken. Binnen Food NL werken we samen met AgriFood Capital, Noordoost-Brabant en de regio Foodvalley. Voor de thema’s Voeding & Gezondheid en Eiwittransitie worden programma’s ontwikkeld.
Daarnaast nemen we samen met de Provincie Limburg deel aan Greenports Nederland waarbij voor onze provincie wordt ingezet op een dialoog met de sector om te komen tot een toekomstperspectief voor de gehele tuinbouwketen.
19
Binnen onderstaande vijf programmalijnen zijn thema’s opgenomen die ook direct raken aan de doelen en activiteiten van andere programma’s. Dit geldt in ieder geval voor de programmalijn arbeidsmarkt en talent in relatie het programma Vitaal & Gezond. Voor de opgaven op het gebied van ruimte, klimaat en energie wordt een verbinding gelegd met het programma Ruimte en met het programma Energie. 1. Brede welvaart en gezond ondernemen: van volume naar (meer)waarde a. Kennis, Innovatie en nieuw ondernemen (startups, scale-ups) met gezondheid, circulariteit en grondstofzekerheid (reststromen, nieuwe grondstoffen, slim hergebruik) en verduurzaming als drijfveer b. Campus als hart van regionaal ecosysteem gericht op meerwaardecreatie gerelateerd aan veilige en gezonde voeding, in verbinding met de regio en lokale en regionale ondernemers c. Borgen Onderwijsinstellingen, Fieldlabs en doorontwikkeling PPS Onderwijs-Bedrijfsleven d. Maatschappelijke impact van economie als handelingsperspectief (van kwantiteit naar kwaliteit) – duurzaamheid, klimaat, omgeving en economie hand in hand. e. Bewustwording regionale en euregionale consument als basis voor verandering f. Verbreding van economische diversiteit (keuze op (meer)waardecreactie en maatschappelijke impact); verbindt ambitie met uitvoering. g.
Positie intensieve veehouderij en primaire productie in de regio in het licht van ruimtelijke en klimatologische uitdagingen – op weg naar nieuwe verdienmodellen.
20
21
2. Ruimtedruk, ruimtegebruik en klimaat a. Zorgvuldig met ruimte – grootschalige ontwikkelingen zonder regionale meerwaarde kunnen niet meer b. Afweging tussen verschillende ruimtelijke opgaven c. Diversiteit faciliteren d. Multifunctioneel ruimtegebruik – wat kan er? e. Gebrek aan uitbreidingsruimte in gemeenten – opgave in beeld brengen i. Voorraadbeheer en saldering ii. Faciliteren regionale bedrijfsleven – alles of keuzes? f. Efficiënt gebruik en inrichting infrastructuur (weg, water, spoor) g. Impact op klimaat en natuur (stikstofproblematiek, wateropgave) verminderen 3. Arbeidsmarkt, personeelskrapte en talent Talentontwikkeling internationale werknemers, statushouders en vluchtelingen en binden aan de regio, evenals (internationale) studenten a. Arbeidsmigratie integraal oppakken: noodzaak en sociale impact b. Meer inzetten op aantrekken arbeidsextensieve (kennis)economie c. Leven lang ontwikkelen als prioritaire opgave onderwijsinstellingen en het verhogen van de arbeidsparticipatie van inactieven d. Regiobranding actief inzetten op werven talenten naar de regio e. Ketenaanpak ontwikkelen met bestaande projecten en verbinden met VO en PO f. Technologische ontwikkeling inzetten waar het kan (robotisering etc.) g. Voorzieningen voor young professionals in onze regio (wonen, vervoer en verblijven)
22
4. Energietransitie en beschikbaarheid alternatieve energie a. Inzetten op smart grids, energiehubs, flexpotentie en waterstof, antwoord op netschaarste b. Verbinden bedrijventerreinen en gebouwde woonomgeving c. Beschikbaarheid arbeid t.b.v. energietransitie 5. Regiobranding: Gezondste Regio a. Aantrekken talent b. Lobby en middelen c. Handelsrelaties en kennisdeling
23
24
2
2 Programma Vitaal & Gezond: Gezond zijn en gezond blijven Vitale gemeenschappen die hun zelfsturend vermogen zo ontwikkelen dat iedereen naar vermogen mee kan doen en van betekenis kan zijn. Dat is de bestuurlijk vastgestelde ambitie van het programma Vitaal & Gezond. Ondanks de marktwerking in de zorg moeten we in de (keten-) samenwerking de samenwerking bevorderen. Alleen samen kunnen we de uitdagingen in de zorg het hoofd bieden: samen met ketenpartners en gelijkgericht met de landelijk gesloten akkoorden. We stimuleren en bevorderen de “nieuwe” professio nals, want dat zijn de ‘dragers van deze ontwikkeling’. In de programmaperiode 2020-2023 is er invulling gegeven aan maar liefst 34 trajecten, zoals de ontwikkeling van een Leer-Ontwikkel-Netwerk, de verbeeldingsopdracht – Podcast – Doorgronden | Regio Noord-Limburg (rn-l.nl) , het Transformatieplan Jeugd, innovatie van zorgtechnologie en LevenLang Ontwikkelen – Leerwerkbedrijven. Deze trajecten werden voor meer dan een kwart gefinancierd door bijdragen van (niet-overheid) netwerk-partners. Veel trajecten worden nog aangereikt vanuit gemeenten en netwerkpartners. Vooralsnog komen weinig trajectvoorstellen vanuit vitale gemeenschappen zelf. Dat is niet vreemd gegeven de verdeling van verantwoordelijkheden en het lokale karakter van gemeenschapsinitiatieven. Het stimuleren van gemeenschappen gebeurt lokaal.
De doorontwikkeling van het Leer-Ontwikkel-Netwerk is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Quattro Helix.
25
We werken aan de ontwikkeling van een netwerk van betrokken vakmensen die hun krachten en expertises bundelen. Die elkaar kennen, ontmoeten, inspireren, uitwisselen, opzoeken, creëren en de ruimte bieden. Leren van en met elkaar, vanuit de inhoud en het proces, verbinden en keuzes maken. Het Leer-Ontwikkel-Netwerk beperkt zich niet tot initiatiefnemers van de 34 trajecten. Het biedt de regio juist de brede kapstok voor verbinding in het maatschappelijk domein, zowel voor bestaande als nieuwe initiatieven, ideeën en events, gevormd door partners uit de Quattro Helix. Het programma Vitaal & Gezond bestaat in de pro grammaperiode 2024-2027 uit twee programmalijnen, te weten de programmalijn Positieve Gezondheid en de programmalijn Vitale Gemeenschappen. Ondersteunend aan beide programmalijnen maakt ook de doorontwikkeling van het Leer-Ontwikkel-Netwerk deel uit van het programma V&G. Programmalijn Vitale Gemeenschappen De programmalijn Vitale Gemeenschappen beoogt de ontwikkeling van gemeenschappen waarin het collectieve centraal staat, de regie ligt bij het collectieve, gemeenschappen opdrachtgever zijn en overheden en netwerkpartners faciliteren en aanvullen op de leefwereld van (groepen van) inwoners. Initiatieven binnen deze programmalijn starten vanuit de wens, de urgentie en het verlangen van inwoners om zelf aan de slag te gaan. De regio stimuleert deze ontwikkeling.
Programmalijn Positieve Gezondheid Binnen deze programmalijn staat de mens en het vergroten van de veerkracht van inwoners met een
26
ondersteuningsvraag centraal. Het uitgangspunt daarbij is dat de regie primair bij inwoners zelf ligt en bij vakmensen die op hun wensen en leefwereld aan sluiten. Dit doen ze samen met hun sociaal netwerk (naasten, buurt, verenigingen) en netwerkpartners. Ondersteuning en zorg worden zo lang als nodig op maat ingezet. Vakmensen zijn passanten en ondersteunen inwoners met als doel om samen met het sociaal netwerk de veerkracht van de mensen te vergroten. Daarvoor is het nodig dat iedere organisatie bijdraagt aan nieuwe vormen van samenwerking. Dat betekent meer samenwerking tussen huisartsen, VieCuri Medisch Centrum, het Maasziekenhuis Pantein en zorgpartners met gemeenten, zorgverzekeraar(s), zorgkantoor en de Provincie Limburg. Dit vraagt van gemeenten en netwerkpartners een andere manier van werken. Vanuit de bedoeling en normaliseren in plaats van problematiseren en probleemgericht werken. Vanuit positieve gezondheid. Het creëren van regelruimte is daarin evident om te komen tot de gewenste transformatie, innovatie en het systeem-omdenken. Regionale maatschappelijke opgaven en ontwik kelingen 2024-2027 In de nieuwe werkwijze van samenwerken werken we vanuit regionale maatschappelijke opgaven, inclusief de wettelijke taken.
In het overzicht hieronder zijn regionale maatschappelijke opgaven en ontwikke lingen benoemd die vaak een grotere reikwijdte hebben dan de komende vier jaar. Het is overigens geen limitatieve lijst. Deze opgaven zijn op dit moment vooral nog opgeschreven vanuit gemeentelijk perspectief. Dit wordt concreter uitgewerkt in gezamenlijk perspectief.
27
28
Iedere gemeente, netwerkpartner en iedere (groep van) inwoner draagt hieraan bij op hun eigen manier en vanuit de lokale context. We zien veel ontwikkelingen en maatschappelijke opgaven waarin die meerwaarde evident is: · Nieuwe verhoudingen: De relatie met inwoners verandert. Inwoners worden zelfstandiger en kritischer naar de overheid. Het vertrouwen in de (landelijke) overheid is laag. Ook ontwikkelen groepen inwoners nieuwe gemeenschapsinitia tieven waarbij zij een bescheiden rol van de overheid verwachten. · Toename tegenstellingen: In de samenleving ontstaan meer tegenstellingen tussen groepen. O.a. door de coronacrisis, energie armoede en woningnood. · Demografie: Onze regio kent een hoge vergrijzing en ontgroening. Dit heeft impact op gemeenschappen, de arbeidsmarkt, het onderwijs, de zorg, etc. · Arbeidsmarkt: De spanning op de arbeidsmarkt is flink toegenomen, zowel bij gemeenten als werkgevers. Naast het aantrekkelijk zijn als organisaties en regio, moeten we ons maximaal inspannen om het tot op heden onbenut arbeids potentieel in te zetten. Ook vraagt de veranderende arbeidsmarkt om digitalisering en anders werken. Landelijke wetgeving is in voorbereiding. Deze vraagt om organisatie en structuur waarbij regionale arbeidscentra voorportaal zijn voor alle andere organisaties die daarachter zitten.
· Levensstijl: Het aantal inwoners met welvaartziekten en mentale klachten neemt toe. De samenleving is steeds meer bewust van gezond-
29
heidskeuzes, maar het ongezonde aanbod blijft groot en verleidelijk. Het gaat over meer gezondheidsrisico’s dan enkel ongezonde voeding en onvoldoende beweging, bijvoorbeeld ook over altijd ‘aan’ staan, vereenzaming en stress. Ziektepreventie wordt steeds meer (projectmatig) ingezet door zorgpartijen en overheden. Daarbij wordt meer ingezet op promotie van gezond gedrag door omgevingsfactoren te versterken die bijdragen aan het gemakkelijker maken van gezonde keuzes. Mentale veerkracht van jongeren en jongvolwassenen krijgt meer aandacht met als uitgangspunt normaliseren (i.p.v. problematiseren). Ontmoeting, vrije tijd, eigen ontplooiing en talentontwikkeling zijn daarin belangrijke ingrediënten. · Zorg: Corona heeft aangetoond dat de zorg cruciaal, maar ook kwetsbaar is. De zorg in de regio heeft te maken met complexe vraagstukken: meer ouderen die zorg aan huis vragen, minder handen aan het bed, de druk op mantelzorg wordt steeds groter, zorg op afstand ontwikkelt zich, etc. Dat vraagt om transformatie in het sociaal domein en zorgdomein en samenwerking in de Quattro Helix lokaal en regionaal. We ontwikkelen daarin voort op de slagen die daarin voor en na de decentralisaties in 2015 zijn gemaakt. Landelijk wordt gevraagd om aan de slag te gaan met het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming.
Dat is zeker niet de enige taak die inzet vraagt in het sociaal domein en het zorgdomein. We brengen in beeld wat de invulling van die wettelijke taken vraagt. Op de thema’s levensstijl en zorg zijn en gaan we lokaal en regionaal aan de slag met het Gezond en Actief Leefstijl Akkoord (GALA), het Integraal Zorg
30
Akkoord (IZA) en met Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO). Verder vragen de trajecten Sturing en ontwikkeling individuele voorzieningen en Grip op onbegrip de komende jaren inzet. ·
·
·
Laaggeletterdheid en digibeet: Men zou het misschien niet verwachten, maar het gaat bij laaggeletterdheid vaak om oudere autochtone Limburgers. De groep Limburgse digitaal anal fabeten (digibeten) is naar schatting 300.000. Beide zijn een belemmering voor deze inwoners om mee te doen. Het nieuwe werken: Door toenemende digitalisering gaan we anders werken en leren, steeds meer plaats onafhankelijk. Ook na de Coronacrises blijft dit effect zichtbaar. Dit vraagt ook wat anders van netwerken in de regio. Monitoren: Steeds vaker valt de term ‘brede welvaart’ in het kader van monitoring. Niet enkel meten op aantallen en kosten, maar op de kwaliteit van leven. Tellen én vertellen. Dit vraagt andere (aanvullende) vormen van regionale en lokale monitoring.
Doorontwikkeling Leer-Ontwikkel-Netwerk Vitaal & Gezond De samenleving verandert voortdurend. Aan de ene kant zorgt dit voor onzekerheden, aan de andere kant biedt dit nieuwe ontwikkelmogelijkheden. Op veel trends hebben we geen of weinig directe invloed, maar we hebben wel een keuze in hoe we ermee omgaan. “Transities zijn mensenwerk. De keuze is aan ons.” Dit is de basisgedachte bij de doorontwikkeling van het Leer-Ontwikkel-Netwerk. Binnen dit netwerk kunnen we van elkaar leren, ervaringen overdragen,
31
de samenhang tussen de afzonderlijke projecten en activiteiten borgen en elkaar behulpzaam zijn daarbij. We geven daarbij aandacht aan een viertal onderwerpen. · De beweging: het grotere plaatje voor NoordLimburg met Vitale Gemeenschappen en Positieve Gezondheid; · Satéprikker: verbinden van initiatieven in het uitvoeringsprogramma. Belangrijk daarbij is de uitwisseling tussen initiatieven, zodat praktijkkennis over inhoud én proces gedeeld wordt; · Ondersteuning: actie-leren, monitoring en impact analyse. Het gaat om het uitwisselen van ervaringen, het overdraagbaar maken van aanpakken (inhoud en proces) en ondersteuning bij het werken aan het grotere plaatje voor NoordLimburg. Vanaf 2023 zetten we in op regionale actieleerlijnen. Naast de regionale actieleerlijnen Positieve Gezondheid en Vitale Gemeenschappen starten we vanaf 2023 ook de actieleerlijnen Storytelling en Monitoring; · Parels: laten zien. Hierin worden netwerkmomenten georganiseerd. Via de kanalen van de Gezondste Regio en rn-l breiden we het bereik van het Leer-Ontwikkel-Netwerk uit. Naast het delen van kennis en producten zetten we vanaf 2023 in op het bieden van een podium voor initiatieven om inspiratie en praktijkkennis te delen. Bestuurlijk wordt een groep ambassadeurs gevormd om de verhalen, voorbeelden en leerpunten uit NoordLimburg uit te dragen.
32
33
34
3
3 Programma Toerisme & Recreatie: Gezond beleven Het Programma Toerisme & Recreatie sluit aan bij het Actieprogramma Vrijetijdseconomie. Aan de hand van vijf actielijnen wordt er gewerkt aan en met de Vrijetijdssector. In 2022 is het actieprogramma herijkt. De doelstelling is om gezamenlijk met onze partners de vrijetijdssector tot één van de stuwende sectoren in Noord-Limburg te maken. Binnen de verschillende programmalijnen zijn in de afgelopen jaren veel projecten uitgevoerd. Zo is binnen de ‘één park-één plan-aanpak’ opgezet waarbij 30 bedrijven geholpen zijn om vitaler te worden. Ook is in 2022 gestart met het project ‘Rode spoor’, gericht op het vitaliseren van de onderkant van de sector. Er zijn projecten gestart om dagrecreatie op te zetten en ondernemers met elkaar te verbinden, zoals Vrijetijds park Ooijen-Wanssum en de beleefbaarheid van de keramiekindustrie. Verder is er is met middelen uit de Regionale Investeringsagenda een plan uitgewerkt ten behoeve van een netwerk van toeristische overstappunten. De wens om de Maas als verbindende ader door het gebied te accentueren is op een aantal plekken opgepakt door projecten op te zetten om de Maas beleefbaarder te maken.
Daarnaast is er aandacht geweest voor de mogelijke crossovers tussen agrofood en toerisme en recreatie, hetgeen onder andere heeft geleid tot de start van een Platform Agrotoerisme waarop ondernemers binnen de agrofood sector en toerisme en recreatie samen nieuwe verdienmodellen ontwikkelen.
35
Binnen het programma verleggen we de focus van toerisme als middel om bezoekers te aan te trekken naar bezoekers én bewoners. Daarbij is het realiseren van meer bestedingen geen doel meer op zich, maar een positief effect van een evenwichtige sector. Dit is een ambitie die naast economisch toegevoegde waarde ook toegevoegde waarde biedt voor omgeving en bewoners in de Gezondste Regio: Vrijetijdseconomie als stuwende topsector in NoordLimburg. Deze ontwikkeling vereist wel een grote betrokkenheid van en samenwerking tussen ondernemers en hun omgeving. Crossroads kan hierbij een belangrijke rol spelen. Programmalijn 1: Vitale verblijfsrecreatie Het doel van deze programmalijn blijft de vitalisering van het verblijfsaanbod, aangevuld met een betere planontwikkeling en -begeleiding bij. Door koplopers te helpen excellent te worden in hun segment, niet-vitaal aanbod te transformeren en middenmoters te helpen om scherpe keuzes te maken (vitaliseren of transformeren). Zo zijn in de regio in 2025 ruim 40 bedrijven in beweging gebracht. De aanpak voor rode en groene spoor is hierin leidend. Meer concreet richten we ons op: · Rode en groene spoor, Met het net gestarte project rode en groene spoor is er een structurele aanpak ontwikkeld rondom de vitalisering van het verblijfsaanbod. Daar bouwen we op voort.
· Betere planontwikkeling door ondernemers, door instrumenten in te zetten om ze te stimuleren. · Het optimaliseren van planbegeleiding door de overheid. Door een forse plancapaciteit die boven
36
de markt hangt en de schaarse beschikbare ruimte is het nodig om de regionale integrale afstemming te optimaliseren. Hierdoor weten ondernemers waar ze aan toe zijn en hebben de plannen meerwaarde voor overheid en samenleving. Programmalijn 2: Vitale dagrecreatie Deze programmalijn heeft als doel om het dagrecreatieve ecosysteem en de attractiewaarde van Noord-Limburg te vergroten. Dit door het thematisch clusteren van bestaand dag- en verblijfsaanbod en het aantrekken van nieuw onderscheidend aanbod. De afgelopen jaren is het aanbod organisch gegroeid. Dit willen we blijven stimuleren. · We versterken het dag-recreatieve ecosysteem in Noord-Limburg. · We blijven uitgaan van de thematische clustergedachte. We gaan uit van organische groei, waarmee we ons richten op het versterken van het gehele ecosysteem in plaats van alleen op het aantrekken van grote spelers. · We integreren verblijf- en dagrecreatie meer met elkaar en maken het toegankelijker voor de thuismarkt. Veel dag-recreatief bezoek komt uit eigen regio. Veel (grootschalige) verblijfsrecreatie beschikt over dag-recreatief aanbod (denk aan zwembaden, horeca, speeltuin, evenementen etc.). Dit moet zo goed mogelijk toegankelijk zijn voor bezoeker én bewoner. Het zorgt voor draagvlak en draagt bij aan het voorzieningenniveau voor bewoner.
Er is een verkenning uitgevoerd naar het aanbod van dagrecreatie en een projectmanager aangesteld die
37
38
met ondernemers aan de slag gaat om invulling te geven aan drie projectlijnen: · Goed verbonden en beleefbaar aanbod. · Kwaliteitsverbetering en innovatie. · Gericht verbreden en aanvullen. Programmalijn 3: Vrijetijdslandschappen Tot nu toe heeft de focus bij deze programmalijn gelegen op het optimaliseren van route-infrastructuur en Toeristische Overstap Punten (TOP’s). Dit alleen is echter niet voldoende om de belevingswaarde en onderscheidend vermogen van het vrijetijdslandschap te vergroten. De aantrekkelijkheid van het Noord-Limburgse vrijetijdslandschap dient vergroot te worden door de omgeving beleefbaar en esthetisch te verbeteren (en uit te blinken). Niet alleen draagt een prettige omgeving aan de mentale gezondheid van mensen, tegelijkertijd nodigt een aantrekkelijke en toegankelijke omgeving ook uit tot beweging en het verbeteren van de fysieke gezondheid. Dit vraagt dus een prominente positie van toerisme en recreatie, met nadruk op de ontstaansgeschiedenis en cultuurhistorie van het gebied, in gebieden en gebiedsontwikkelingen in Noord-Limburg. De Maas vormt de ruggengraat van het Noord-Limburgse vrijetijdslandschap. Hieromheen zijn diverse aantrekkelijke natuur- of recreatiegebieden geclusterd. Een fijnmazig netwerk van routes, natuurgebieden en ommetjes maakt het vrijetijdslandschap compleet.
Door te focussen op de ruggengraat en kansrijke clustergebieden creëren we mogelijkheden om publiek-private investeringen te plegen. En zo het landschap te verrijken.
39
40
Programmalijn 4: Cross-overs Het doel is het verankeren van de vrijetijdssector in de regio door verbindingen met andere sectoren te versterken en professionele initiatieven te stimuleren die leiden tot innovatie die bij dragen aan de gezondste regio. De inhoudelijke focus ligt op: · Gezondheid van inwoners · Opgaven in andere topsectoren van NoordLimburg: Logistiek, Agrofood, Maakindustrie en Zorg. · Samenwerkingen met omliggende regio’s (NoordBrabant, Midden-Limburg, Gelderland, Duitsland) Concreet betekent dit dat: · We investeren in een rijke voedingsbodem en kruisbestuiving van waaruit initiatieven kunnen ontplooien. · Er wordt een structuur ingericht die initiatieven begeleidt. Daarnaast spelen er nu al kansrijke ideeën en projecten. Gesprekken met marktpartijen moeten uitwijzen in welke mate hier ook echt kansen voor de praktijk liggen. Programmalijn 5: Regiomarketing In de nieuwe programmaperiode zetten we in op de ontwikkeling en realisatie van een ambitieus plan voor de regiomarketing. Daarbij hanteren we de volgende uitgangspunten: · Noord-Limburg wordt niet als aparte bestemming op de kaart gezet, maar we verbinden ons aan het sterke toeristische merk Limburg; · De overheid neemt hiebij de regie; · Er wordt voortgebouwd op wat er al is, zo veel mogelijk vanuit bestaande structuren;
41
· ·
Al het aanbod verdient een plek in de etalage. Regiomarketing is een publieke taak waarin de belangen van alle ondernemers geborgd zijn; Er wordt onderscheid gemaakt tussen promotie, gastheerschap en bestemmingsontwikkeling en -management.
42
43
4
4 Programma Ruimte: Gezonde leefomgeving In de afgelopen periode is gebleken dat de programma’s Landelijk Gebied inclusief Veiligheid en het programma Klimaat en Energie elkaar voor een belangrijk deel overlappen. Het is daarmee wenselijk om deze twee programma’s in de komende programmaperiode opnieuw in te delen in een programma Ruimte (inclusief Wonen en Klimaat), een programma Veiligheid en een programma Energie. Dit onder meer met het oog op de grote actuele ruimtelijke opgaven. De regionale woonopgave wordt als programmalijn binnen het nieuwe programma Ruimte ingepast. Omdat Veiligheid minder gerelateerd is aan de ruimtelijke vraagstukken wordt dit onderdeel een apart programma met de burgemeesters als portefeuillehouders. Energie blijft een zelfstandig programma in de regionale samenwerking, waarbij de besluitvorming georganiseerd wordt via de RES. De verhoudingen binnen het ruimtelijk domein verschuiven: het Rijk en de Provincie trekken de regie op het ruimtelijk domein steeds meer naar zich toe. Om onze inbreng goed voor te bereiden voor de gesprekken over de implementatie van alle nationale programma’s en de daaraan gekoppelde gebiedsgerichte uitwerkingen die de basis vormen voor de ‘ruimtelijke puzzel’, is het van belang onze regionale ambities en opgaven regionaal scherp te stellen en na te denken hoe we ons gezamenlijk positioneren.
Juist de regionale schaal biedt daartoe kansen. Gezien de inhoud, die de lokale opgaven vaak over stijgt, gezien onze gezamenlijke kracht en gezien de bemensing. Niet iedere gemeente zal namelijk zelf
44
op alle fronten voldoende expertise en capaciteit kunnen inzetten. Regionaal samenwerken maakt meer mogelijk. Als vertrekpunt voor het nieuwe programma Ruimte zijn de volgende uitgangspunten centraal gesteld bij ons handelen, denken en sturen om zo gericht invulling te kunnen geven aan de ambities van de Regiovisie. · Regionale samenwerking heeft meerwaarde voor het behalen van lokale doelstellingen. Door regionale samenwerking zijn we in staat om (beter) aan te sluiten bij regionale, provinciale en landelijke processen/trajecten. Daarmee versterken we onze positie richting Provincie en Rijk en beperken we de lokale capaciteitsvraag. · Voor alles wat we oppakken we bepalen wat de regionale rol is en hoe we ons verhouden tot onze partners en stakeholders. · De ruimtelijke opgaven sterk zijn verbonden met de overige programma’s binnen de regio, waarbij we nadrukkelijker aan de voorkant deze verbindingen leggen en op zoek gaan naar regionale meerwaarde. Wat betreft de inhoud gaan we ervan uit dat: · Gebiedsidentiteit en eigenheid de basis vormen voor alle opgaven in de regio, omdat dit de enige wijze is om tot invullingen te komen die herkenbaar zijn voor onze inwoners en ondernemers. Het onderscheidend vermogen van de regio zetten we daarbij centraal. Lokale verschillen erkennen wij en zien we als kracht.
· We bij gebiedsgerichte aanpak de regionale (en lokale) opgaven verbinden met de Rijks-, en provinciale opgaven en leveren we de regionale input voor het ruimtelijk arrangement dat Rijk en provincie aangaan.
45
·
Een gedragen regionaal perspectief centraal staat. Om het gesprek over knelpunten, opgaven en belangen goed te kunnen voeren, doen we dat op basis van perspectief: wat zijn kansrijke richtingen? Bij de uiteindelijke keuzes die we bestuurlijk maken leggen we prioriteit op basis van het perspectief: welke invulling ondersteunt het beste de beweging die we willen maken?
Binnen het programma Ruimte werken we langs twee programmalijnen. In de programmalijn Omgeving staan de ruimteclaims centraal en de wijze waarop we komen tot een goede verdeling van de ruimte en hoge(re) de kwaliteit van de leefomgeving. De programmalijn Wonen richt zich vooral op de woningbouwopgave: hoe maken we onze ambities waar? Zowel in kwantitatieve (bouwen voor de juiste doelgroep) als in kwalitatieve zin (bijdrage aan leefbaarheid en verduurzaming). Beide programmalijnen bestaan elk uit drie onderdelen: 1. Aanscherpen van ons eigen ruimtelijk perspectief en de daarvoor noodzakelijke condities organiseren; 2. Invloed uitoefenen op de opgaven van andere overheden; 3. Aanjagen en realiseren van projecten en initiatieven die bijdragen aan het ruimtelijk perspectief. Programmalijn Omgeving De ruimte in Nederland is schaars. Daarnaast spelen er vele opgaven die we het hoofd moeten bieden, die allen een extra beroep doen op de schaarse ruimte. We zien dat de Rijksoverheid via verschillende programma’s meer sturing wil geven in het fysieke domein. Dit vraagt vanuit het regionale perspectief
46
om visie, lef en daadkracht. Het is van belang om als regio onze regionale opgaven en belangen op een effectieve en efficiënte wijze in te brengen in deze processen. (Bijvoorbeeld bij het BO- MIRT). De Provincie Limburg is nu aan zet om, samen met het Rijk, (regionaal samenwerkende) gemeenten, waterschappen, inzichtelijk te maken om te bepalen hoe de nationale opgaven en doelen zich verenigen met lokale c.q. regionale plannen. Een ingewikkelde puzzel: niet alles kan overal. De Provincie heeft tot 1 oktober 2023 de tijd om deze ‘ruimtelijke puzzel’ te leggen. De puzzel wordt vervolgens vertaald in een provinciebreed ruimtelijk arrangement met het Rijk.
Hieronder een (niet volledige) opsomming van processen die spelen en waarin we als regio een rol hebben en positie moeten kiezen: · De wijze waarop het principe “water en bodem sturend” gaat doorwerken; · Het uitwerken van de natuur, water en klimaatdoelstellingen uit het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) in de gebiedsplannen voor de Maasduinen, de Groote Peel en de Meinweg en de extra provinciale doelen: landschap, leefbaarheid, houdbare vergunningverlening en perspectief voor overige sectoren waaronder toerisme; · Het opgavengestuurd werken aan een gebieds gerichte invulling op het gebied van hoogwaterveiligheid, klimaatadaptatie en ruimtelijke adaptatie via de programma’s Integraal Rivier Management (IRM), Deltaplan Hoge Zandgronden (DHZ), Deltaprogramma Ruimtelijke Adpatie (DPRA) en de daaraan gekoppelde uitvoeringsprogramma’s (HWBP, KRW, etc.) · Het binnenkort te verschijnen Programma Ruimte
47
48
·
voor Defensie met daarin de ambitie van Defensie om vliegbasis De Peel te reactiveren De transitie van de Nationale Parken naar regionale landschappen waarbinnen de waardevolle natuurkernen (Natura2000-gebieden) deel uitmaken van een robuust systeem waar natuur, landschap en cultureel erfgoed samengaan met duurzame landbouw.
Daarnaast heeft het Rijk speciale NOVEX-gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden waar sprake is van een stapeling van specifieke opgaven. Met extra steun van het Rijk wordt voor deze gebieden een apart ontwikkelperspectief opgesteld met daaraan gekoppeld een uitvoeringsagenda en regionale investeringsagenda: wie doet wat en wanneer? In onze regio is dat NOVEX-gebied De Peel waar de transitie van de landbouw, de energietransitie, de klimaatopgave en de stikstofcrisis samenkomen en tegelijkertijd aandacht nodig is voor leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Ook het ontwikkelperspectief voor De Peel wordt opgenomen in het ruimtelijk arrangement. Wat gaan we doen? Ten aanzien van het proces: 1. We geven verder invulling gaan de structuur en inhoud van de programmalijn Omgeving. 2. We organiseren het regionaal eigenaarschap (op grote thema’s benoemen we bestuurlijke en ambtelijke trekkers) voor de grote trajecten, gedeeld en verdeeld over de regio. We organiseren en coördineren onze inbreng, niet alleen vanuit lokaal perspectief maar ook vanuit regionaal perspectief. We wegen af waar we wel en niet op
49
inzetten en bekijken of wie ons kan/wil vertegenwoordigen. Met name op het gebied van water & klimaat zien we een opgave om (in samenspraak de overlegstructuren te vereenvoudigen). 3. We leveren actief een bijdrage aan de uitvoering van de gebiedsgerichte aanpak/ontwerpend onderzoek. We gebruiken de gebiedsgerichte aanpak als input voor deze trajecten, en ook als basis voor ons gesprek met de Provincie in het kader van de ruimtelijke puzzel: · In navolging van de eerste pilot ronden we voor de gehele regio de gebiedsgerichte aanpak (ontwerpend onderzoek) in samenwerking met de Provincie af; · We benaderen de provincie pro-actief om onze inbreng in de ruimtelijke puzzel te borgen vanuit onze eigen kracht. · We betrekken bij de verdere uitwerking ook de input van het gebied en haar inwoners. 4. We maken afspraken over hoe we de noodzakelijke data en informatie vergaren én inzetten om te kunnen sturen op de uitwerking van de opgaven. 5. We oriënteren ons op de impact van ‘brede wel vaart’ op onze programmadoelen en beschouwen of en hoe onze projecten bij kunnen dragen aan de ambitie uit de regiovisie. Aanvullend daarop zullen we in breder perspectief met een voorstel komen voor de monitoring van het programma. Ten aanzien van de inhoud: 1.
We voeren de 2e en 3e pilot uit in het kader van de gebiedsgerichte aanpak /ontwerpend onderzoek (Oostflank/Maasvallei en regionale verstedelijkingsopgave). 2. We brengen de noodzakelijke data op orde (ver gunningen, stikstof, waterkwaliteit, biodiversiteit)
50
en daar waar hiaten zijn zoeken we gezamenlijk naar een oplossing. 3. Via een kansenscan brengen we in beeld hoe elke programmalijn kan bijdragen aan ruimtelijke opgaven (en vice versa). 4. We zetten de kennis en het netwerk van de regio in om gericht lobby te voeren en derde geldstromen aan te boren (Provincie, Rijk, Europa). 5. We organiseren regiodagen, om kennis te delen, ons netwerk te verbreden en samenhang beter te borgen. 6. We zoeken naar verbinding en gezamenlijke strategie met de andere programma’s in de regio en waar nodig met onze buurregio’s, indien deze hetzelfde doel nastreven. Ten aanzien van projecten: 1. We geven uitvoering aan lopende projecten van de investeringsagenda 2. We komen met concrete voorstellen voor nieuwe projecten 3. We benutten de kansen voor nieuwe projecten van derden die voortkomen uit het NLPG, HWBP, DHZ, DPRA, IRM, RES, Waterpanel Noord, etc. 4. We spannen ons in om tot nieuwe kansrijke projecten te komen vanuit de verbinding met de andere regioprogramma’s Programmalijn Wonen Op het gebied van wonen is veel in beweging, de opgaven zijn groot en complex en de rol die gemeenten, woningcorporaties en de bouwende marktpartijen daarin hebben te vervullen, is cruciaal. De ambitie van het Rijksprogramma Woningbouw richt zich op het bouwen van 900.000 woningen voor 2030. De provincie Limburg heeft in haar bod
51
52
aan het rijk de minimale bouw van 26.550 woningen opgenomen met een eventueel surplus van nog eens 20.000 woningen als er zich kansen voordoen (‘nieuwe ’ontwikkelingen en/of onmogelijkheden andere provincies). Binnen Limburg heeft onze regio de grootste groeipotentie om de huishoudensgroei te faciliteren. In de komende periode werken we in de regio de nadere richting van de invulling van deze potentie verder uit. Net als binnen de bestaande voorraad, nemen wij voor de nieuw te bouwen woningen ook de sociale component aan de voorkant mee. Denk daarbij aan zaken als leefbaarheid en huisvesting van doelgroepen. Bij de zoektocht naar invulling van de nieuwbouwopgave nemen wij onze in een bredere context mee: · Vanuit het perspectief "Dynamiek” bekeken is een sterke verbondenheid met omliggende regio’s, zoals Nijmegen en Brainport Eindhoven te zien. Met een plus op het (op behoefte gebaseerde) woningbouwprogramma kan de druk op de woningmarkt in aangrenzende regio’s verlicht worden en dragen wij zorg voor een meer evenwichtige samenstelling van onze kernen en wijken. Daarnaast dragen ontwikkelingen binnen de eigen regio (denk aan hoger onderwijs en veranderende economische structuur) bij aan extra groei. Dit sluit aan op de stedelijke dynamiek die in Noord-Limburg onder andere in Venlo en Venray te vinden is.
· Vanuit het perspectief "Rust en ruimte” is er aandacht voor meer leefbaarheid en woonkwaliteit in alle kernen in Noord-Limburg. Dit wordt bereikt door het op basis van woningbehoefte toevoegen van de juiste typen duurzame toekomstgerichte woningen voor onder andere senioren en starters.
53
Uitgangspunt is hierbij het behoud van voldoende keuzemogelijkheden voor alle inwoners van de gemeenten. Betaalbaarheid van de woningen voor de inwoners van de regio is en blijft een aandachtspunt. Dit is kenmerkend voor de specifieke identiteit en eigenheid van alle dorpskernen in Noord-Limburg en draagt bij aan de vitaliteit om te (blijven of te gaan) wonen in onze regio. De regio heeft ook aandacht voor de opgaven in de bestaande woningvoorraad (levensloopbestendig maken en verduurzamen) en het verbeteren van de leefbaarheid in de wijken. Extra aandachtspunt voor specifieke doelgroepen (waaronder interna tionale werknemers, asielzoekers en statushouders, ontheemden en in de maatschappelijke opvang), beschouwt de regio als een vanzelfsprekend onderdeel van deze opgave. Daarbij kijken we nadrukkelijk naar permanente oplossingen voor flexwonen, maar ook naar innovatieve woonconcepten. De leefbaarheid in de regio moet op peil blijven. Dit maakt dat voor de ruimtevraag vanuit de programmalijn Wonen een verbinding noodzakelijk is met de ruimtevragen vanuit de andere regioprogramma’s. Wat gaan we doen? Ten aanzien van het proces: 1. We geven verder invulling aan de structuur en inhoud van de programmalijn Wonen. 2. We leggen een link met de ruimteclaim als gevolg van de ambitie uit de woondeal in relatie tot de andere opgaven. 3.
We leggen nadrukkelijk een verbinding met het programma Vitaal & Gezond in het kader van de
54
leefbaarheid van wijken en dorpen, ook in het kader van het voorzieningenniveau. 4. We gaan afspraken maken om de opgave voor specifieke doelgroepen in regionaal perspectief te bezien. Denk daarbij aan sociale huur, statushouders, internationale werknemers, asielzoekers en statushouders, ontheemden en ook voor opgaven binnen het zorgdomein. Ten aanzien van de inhoud: 1. We werken de regionale ambitie uit voor de periode na 2024. Passend bij de opgave waar we voor staan en hiermee een bijdrage leverend aan de landelijke opgave om voldoende woningen te realiseren. 2. We zijn gemeenten behulpzaam bij het vertalen van de regionale ambitie wonen naar onder andere in de prestatieafspraken met de woningbouwcorporaties. 3. We herijken de regionale woonvisie – die afloopt in 2024 – in een regiobrede woonzorgvisie. 4. We komen tot een programma voor de verduurzaming en het levensloopbestendig maken van de bestaande woningvoorraad. Ten aanzien van projecten: 1. We zoeken naar geschikte locaties passend bij de verschillende doelgroepen en kijken daarbij ook naar vormen van flexwonen. 2. We spannen ons in om tot nieuwe kansrijke projecten te komen, met name op het gebied van leefbaarheid en verduurzaming, en in verbinding met de andere regioprogramma’s.
55
56
5
5 Programma Veiligheid: Gezond en Veilig Veiligheid is vanaf 2024 een eigen, zelfstandig programma binnen de samenwerking in de Regio Noord-Limburg. In de periode 2020-2023 viel het thema Ondermijning binnen het Programma landelijk gebied. Er is al snel geconstateerd dat de regionale samenwerking op het vlak van veiligheidsvraagstukken meer aandacht verdient, en daarom nu dan ook een eigen programma. De inhoud van het programma veiligheid 2024-2027 binnen de regio Noord-Limburg is tot stand gekomen binnen de kaders van de regiovisie 2040 en borduurt voort op het eerste uitvoeringsprogramma 2020-2023. Onze regionale veiligheidsambitie was en blijft: Samen op weg naar een gezond, ondernemend en veilig Noord-Limburg. De Regio ambieert een versteviging van de aanpak van ondermijnende criminaliteit, zowel preventief als repressief/handhavend, om daarmee ondermijnende activiteiten zoveel als mogelijk te voorkomen, tegen te gaan, te verstoren en te stoppen. Dit in het streven naar een veilig en passend woon- en leefklimaat in zowel het buitengebied als stedelijke en dorpse woonmilieus met actieve en vitale leefgemeenschappen. We schetsen met dit nieuwe programma een realistisch ambitieniveau voor de komende jaren; het betreft een vervolgstap en sluit daarmee aan bij het overkoepelende doel van het gehele programma: ‘Noord-Limburg, samen (weer) een stap verder’.
Het is dan ook een bewuste afweging om de reikwijdte van het programma Veiligheid te kaderen; het is breder dan in het vorige uitvoeringsprogramma en
57
geeft de ruimte om in de toekomst eventueel nog verder te verbreden binnen het veiligheidsdomein indien gewenst. Voor de periode 2024-2027 zetten we in op drie hoofddoelen: 1. Verbetering van de preventieve aanpak van ondermijning en ondermijnende criminaliteit 2. Verbetering van (vroeg)signalering op thema- en casusniveau van ondermijning en ondermijnende criminaliteit 3. Verbetering van de repressieve aanpak van ondermijning en ondermijnende criminaliteit Deze doelen hangen uiteraard met elkaar samen; Repressie zonder preventie en signalen is eindeloos, preventie en signalering zonder repressie is tandeloos. Wat gaan we doen om de gestelde doelen te bereiken? Voortzetting en doorontwikkeling op basis van ambities en projecten 2020-2023 De Noord-Limburgse samenwerking op het gebied van ondermijnende criminaliteit is vier jaar geleden pas echt gestart. Graag gaan we door op de ingezette route. De gestelde ambities en reeds gestarte projecten passen namelijk ook onder één of meer van de hoofddoelen voor de komende jaren. Sommige projecten moeten nog (beter) landen. De mate en wijze van voortzetting en doorontwikkeling van de verschillende projecten is afhankelijk van een degelijke evaluatie (die nog moet plaatsvinden).