CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.23.048 Omnibuzz

Gemeenteraad 20 juni 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven31.733 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

De afrekensystematiek voor gemeenten is met ingang van 2023 aangepast als reactie op het verzoek van gemeenten om de relatie tussen de kostenverdeling en de daadwerkelijke kosten/verbruik te versterken. Nu dit is aangepast, gaan we samen met de gemeenten aan de slag met de afrekensystematiek voor de klanten. Afrekening op basis van kilometers voor de klant maakt een duidelijke afstemming met het OV-tarief mogelijk. Dit is een belangrijk uitgangspunt voor veel gemeenten. Het omzetten van het klanttarief naar kilometers heeft echter verregaande consequenties voor een aantal systeemvoorwaarden, die momenteel in zones zijn gedefinieerd. Dit betreft onder andere het opstaptarief, de maximale reisafstand en de jaarbudgetten. Het in kaart brengen van de gevolgen van een dergelijke aanpassing vraagt veel voorbereiding en expertise van Omnibuzz. Vanwege de gevoeligheden en de gevolgen op klantniveau vraagt dit verder intensief overleg

Omnibuzz

Over Omnibuzz

met gemeenten en vertegenwoordigers van de gebruikers, zoals het cliëntenpanel. Dit is een traject dat wij de komende jaren dus gezamenlijk oppakken. 2.5.4 Relatiebeheer gemeenten

Via overleg, bijeenkomsten, bestuursinformatiebrieven en periodieke rapportages informeren wij bestuurders, ambtenaren en ook raadsleden over belangrijke onderwerpen en betrekken hen vroegtijdig bij belangrijke keuzes. Dit leidt tot gedragen voorstellen die wij met zorg uitwerken ter besluitvorming. Op deze wijze proberen wij de samenwerking als geheel zo goed en transparant mogelijk te laten functioneren. Wij investeren ook in de relatie met individuele gemeenten, bijvoorbeeld door het uitnodigen van nieuwe bestuurders en contactambtenaren voor een kennismakingsgesprek, zodat de continuïteit bij de gemeente geborgd is en de lijnen met Omnibuzz kort blijven. Mede hierdoor merken wij dat Omnibuzz steeds vaker en sneller door gemeenten wordt benaderd met vragen, verzoeken of suggesties. Dit bevordert de uitwisseling van ideeën en de onderlinge verbondenheid en zorgt er tevens voor dat gemeenten de meerwaarde van Omnibuzz in toenemende mate kunnen benutten. 2.5.5 Digitalisering en compliance

Omnibuzz werkt de komende jaren aan verdergaande digitalisering van processen. In 2022 is het toegankelijkheidsbeleid vastgesteld, waarvan de implementatie stapsgewijs zal plaatsvinden in de komende jaren. Digitalisering is van groot belang vanuit klantperspectief, kostenoogpunt en duurzaamheid. Het is tevens een verplichting en dient aan veel eisen te voldoen. In de prioritering is daarom de combinatie gelegd met de wettelijke verplichtingen, zoals de implementatie van de verplichte publicaties binnen de Wet Open Overheid (Woo). Dit betekent dat in 2023 eerst de vergaderstukken en de klantinformatie (die nog niet voldoet) toegankelijk worden gemaakt. MijnOmnibuzz zal na oplevering via een officiële inspectie getoetst worden op de toegankelijkheidseisen, waarna eventuele aandachtspunten kunnen worden verholpen. Vervolgens wordt de

externe communicatie (met gemeenten) en tenslotte de interne communicatie aangepakt. Omdat de kosten van digitalisering op voorhand niet duidelijk zijn, werken wij met een stelpost. Het bestuur wordt periodiek geïnformeerd over de (financiële) voortgang. Tegelijk beogen wij met de digitalisering ook kostenbesparing door het minimaliseren van postverzending en het afbouwen van de capaciteit voor telefonisch klantcontact. De Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (Wmebv) zal naar verwachting per 1 januari 2024 in werking treden. Deze wet richt zich op de digitale communicatie tussen overheden en burgers. Dat wil zeggen dat wij ons vanaf 2023 voorbereiden op de bijbehorende verplichtingen en de digitale communicatie veilig en klantvriendelijk vormgeven. Zowel binnen de ontwikkeling van MijnOmnibuzz als in de overige digitale processen gaan wij er van uit dat wij aan deze wet voldoen zodra deze van kracht wordt. Bovendien lopen gesprekken met de Provincie Limburg naar aanleiding van aanbevelingen over het digitale archief. De processen voor het bewaren, anonimiseren en vernietigen van de digitale rit- en klantgegevens op totaal- en klantniveau moet nog worden ingericht. Hiervoor kan Omnibuzz gebruikmaken van de deskundigheid van de archiefinspecteur van de gemeente Sittard-Geleen. Dit zal naar verwachting in 2023 gebeuren. Hieronder valt ook het recht op vergetelheid.

Het is moeilijk om verder vooruit te kijken, omdat wetswijzigingen en de implicaties ervan nog niet op voorhand bekend zijn. Wij merken wel dat wettelijke voorschriften regelmatig wijzigen of aangescherpt worden, waardoor wij rekening houden met een structurele taakverzwaring op het gebied van compliance. 2.5.6 Bedrijfsvoering

De nieuwe realiteit van hybride werken vraagt een passende invulling van goed werkgeverschap, doelmatig werken en infectiepreventie. Ook de toekomstbestendigheid van de huidige huisvestiging wordt onderzocht. Alle medewerkers zijn gefaciliteerd om (deels) vanuit thuis te werken. Ook het hybride vergaderingen vanaf kantoor is gefaciliteerd. Het 13

Omnibuzz

dienstverleningsniveau richting klanten en gemeenten is op hetzelfde hoge niveau gebleven. Er is dus geen enkele reden om hier wijzigingen in aan te brengen. Door het hybride werken verandert wel de aard van integriteitskwesties. Omdat wij dit een belangrijk aandachtspunt vinden, werken wij structureel aan integriteitsbeleid via onder andere workshops rond relevante thema’s. Naast de interne integriteit hechten wij ook veel waarde aan de kwaliteit van onze dienstverlening en hoe deze door onze partners wordt ervaren. 2.5.7 Het applicatielandschap als basis

Omdat digitalisering continu in ontwikkeling is, is het van groot belang om ons applicatielandschap goed te onderhouden en toekomstbestendig in te richten. In 2022 is fors

14

Over Omnibuzz

geïnvesteerd in de stabiliteit, toekomstbestendigheid en veiligheid van dit applicatielandschap. Er zijn investeringen gedaan in het maatwerkpakket voor de klantenadministratie (OMA) en de diensten voor ICT-beheer zijn opnieuw aanbesteed. Vanwege het basisnormenkader voor informatiebeveiliging, de Baseline informatiebeveiliging Overheid (BIO), is in 2022 de rol van security officer binnen Omnibuzz vormgegeven en belegd bij Daadkracht. In 2023/2024 wordt de informatiebeveiliging verder uitgebouwd via de implementatie van ISMS (information securitymanagement system). Hiermee leggen wij een stevig fundament voor functionele uitbreiding van dit landschap, zoals de ontwikkeling van MijnOmnibuzz, waar wij de komende jaren op kunnen voortbouwen.

3

De beleidsbegroting

15

Omnibuzz

De beleidsbegroting

3. De beleidsbegroting 3.1

Programma Omnibuzz-vervoer

3.1.1 Wat willen wij bereiken?

Omnibuzz heeft haar missie vertaald in enkele concrete doelstellingen. De doelstellingen zijn:

› Iedere doelgroep passend en tijdig vervoer bieden. › Continu werken aan kwaliteitsverbetering. › Het bevorderen van de zelfredzaamheid van de burger en het zo veel als mogelijk gebruikmaken van algemeen toegankelijke (voorliggende) voorzieningen.

› Vervoersuitgaven beheersbaar houden en vervoer blijven uitvoeren binnen de gemeentelijke begrotingen. › Grip op de interne organisatie, ondanks de toenemende (wettelijke) verplichtingen. 3.1.2 Wat gaan wij ervoor doen?

Voor de deelnemende gemeenten staat het bieden van passend en tijdig vervoer voorop. Dat vervoer moet voor gemeenten en klanten betaalbaar blijven. Door samenwerking binnen Omnibuzz wordt efficiënt met de middelen omgegaan en ontwikkelen wij samen vernieuwingen op het gebied van beheersbaarheid. Door deze manier van (samen-)werken gaat financiële beheersbaarheid samen met kwaliteitsverbeteringen voor de klant. Samengevat zal Omnibuzz in 2024-2027 de volgende taken uitvoeren of ontwikkelen:

› Uitvoeren van concrete onderzoeken op basis van de verschillende aspecten uit het onderzoeksrapport over de integratie tussen OV- en doelgroepenvervoer.

› Doorontwikkelen van de VEP om het gebruik van OV te optimaliseren. › Uitwerking toekomstbestendige afspraken met de vervoerders en besluitvorming over contractueel vervolg van de vervoerscontracten.

› Doorontwikkelen mogelijkheden voor maatwerk naar aanleiding van de groeiende zorgbehoefte, met oog voor kwaliteit en binnen de beheersbaarheid en de realiteit in de vervoerssector (chauffeurstekorten).

› (Data gedreven) onderzoek naar klant- en vervoersontwikkeling en eventuele prognoses. › Doorontwikkelen van concepten om een efficiënte planning en uitvoering te bevorderen, met specifieke aandacht voor vraagspreiding.

› Doorontwikkeling MijnOmnibuzz en nieuwe taxipoints die het reizen gemakkelijker maken en de efficiëntie van de bedrijfsvoering bevorderen.

› Het organiseren en faciliteren van instroom van ander vervoer, indien wenselijk. › Advisering en uitwerking voorstellen voor omzetting vervoerssysteem voor klanten en vervoerders van zones naar kilometers.

› Advisering en uitwerking van beheersmaatregelen op gemeenteniveau, indien wenselijk/noodzakelijk. › Doorontwikkelen van informatie- en kennismanagement binnen de organisatie en uitwisseling hiervan met deelnemende gemeenten en andere externe partijen.

16

Omnibuzz

De beleidsbegroting

› Compliant zijn met geldende wet- en regelgeving, met speciale aandacht voor privacy/informatiebeveiliging, digitaal archief, digitale toegankelijkheid en openbaarheid.

› Structureel toetsen en controleren van de administratieve organisatie, bijsturing van resultaten en processen via grondige informatievoorziening, rapportages en risicomanagement binnen de planning & control cyclus.

3.1.3 Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?

De programma indeling voor Omnibuzz is weergegeven in tabel ‘begroting 2024’. Tabel begroting 2024 Programma Wmo-vervoer

Baten

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo) 6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

€ €

- € - €

Lasten

25.940.629 € 133.547 €

Saldo 25.940.629 -133.547

€ € €

5.000 € 25.999.735 € 133.547 €

14.107 € - € - €

9.107 -25.999.735 133.547

€ €

2.783.552 € 6.775 €

2.783.552 € 6.775 €

-

0.8 Overige baten en lasten

€

- €

50.000 €

50.000

Structureel saldo van baten en lasten

€

28.928.610 €

28.928.610 €

-

€ € €

- € 6.125 € - €

- € - € - €

-6.125 -

€ €

6.125 € 28.934.735 €

- € 28.928.610 €

-6.125 -6.125

Algemene dekkingsmiddelen 0.5 Treasury 6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo) 6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

Overhead 0.4 Overhead Wmo 0.4 Overhead GGZ

Onvoorzien

Toevoegingen aan de reserves Onttrekkingen aan de reserves Algemene reserve Bestemmingsreserve ICT Bestemmingsreserve personeel 30 gemeenten Bestemmingsreserve personeel 10 gemeenten

Incidenteel saldo van baten en lasten Structureel en reëel evenwicht

Voor de verdeling van baten en lasten naar taakvelden is aansluiting gezocht bij hetgeen het BBV hieromtrent voorschrijft (IV3). Uitgangspunt is dat baten en lasten zoveel mogelijk direct worden toegerekend aan de betreffende taken/activiteiten. Alle bedrijfskosten die direct verbonden zijn aan taken/activiteiten/producten die gericht zijn op de externe klant, moeten in de betreffende taakvelden worden geregistreerd. Voor de splitsing van de structurele en incidentele baten en lasten en het daarbij behorend structureel evenwicht wordt verwezen naar de tabel ‘Rekening per programma’. Omnibuzz kent slechts een beperkt aantal taakvelden. Onder het taakveld ‘Overhead’ zijn, conform de ‘notitie Overhead’ in het kader van het BBV, alle kosten opgenomen die betrekking hebben op sturing en ondersteuning van het primaire proces. 17

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Tot de kosten van overhead worden in ieder geval de volgende zaken gerekend:

› Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie. › Personeel en organisatie. › Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement). › In- en externe communicatie met uitzondering van klantcommunicatie. › Juridische zaken. › Bestuurszaken en -ondersteuning. › Informatievoorziening en automatisering. › Facilitaire zaken en huisvesting. › Documentaire informatievoorziening. › Managementondersteuning van het primaire proces. › Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch). Onder 0.5 ‘Treasury’ zijn de rente- en bankkosten opgenomen. Voor de begroting 2024 bestaat dit bedrag zowel uit renteopbrengsten als bankkosten. Op basis van het gestegen rentetarief verwachten wij renteopbrengsten van € 5.000 voor 2024. Met kosten van eventuele externe financiering is geen rekening gehouden. De kosten die direct toe te rekenen zijn aan het Wmo-doelgroepenvervoer zijn opgenomen onder het taakveld ‘6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)’. Dit zijn de vervoerslasten en de lasten van de afdeling uitvoering (ritreservering), exclusief de lasten van de manager uitvoering, die conform definitie ‘overhead’ toegerekend wordt aan de overhead. Ook zijn hierin de lasten meegenomen van de afdeling klantenservice en de lasten gekoppeld aan klachtenmanagement, klanttevredenheid, de bonus-malus regeling en dergelijke. De hieronder opgenomen lasten bestaan wederom uit loon- en beheerkosten.

Tevens nemen wij vanaf dit jaar voor het eerst het GGZ-vervoer op in onze begroting. Dit doen wij onder taakveld ‘6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)’. Hier zijn wij gedurende 2022 mee gestart voor de gemeente Roermond. Inmiddels verzorgen wij dit vervoer ook voor de gemeente Nederweert. Daarmee samenhangend wordt er vanaf dit jaar ook een splitsing gemaakt in de overheadkosten tussen het Wmo-vervoer en het GGZ-vervoer. Dit valt terug te zien in de tabel onder 0.4 ‘Overhead Wmo’ en 0.4 ‘Overhead GGZ’. Naast de kosten die dit GGZ-vervoer met zich meebrengt, vindt er ook een interne doorbelasting plaats van indirecte kosten en overheadskosten van het Wmo-vervoer naar het GGZ-vervoer. De baten voor taakveld 0.4 bestaan volledig uit gemeentelijke bijdragen. De baten voor taakveld 6.71 bestaan eveneens uit gemeentelijke bijdragen. De financiële uitgangspunten voor deze begroting staan vermeld in paragraaf 4.1 ‘Financiële kaders’ op pagina 32. 3.1.4 Beleidsindicatoren

Met de invoering van het vernieuwde ‘Besluit begroting en verantwoording’, ingaand voor begrotingen en programmaverantwoordingen vanaf 2017, dienen decentrale overheden de voor hun van toepassing zijnde beleidsindicatoren op te nemen. Met deze beleidsindicatoren worden de effecten van het beleid toegelicht. In de tabel zijn de voor Omnibuzz van toepassing zijnde beleidsindicatoren opgenomen. 18

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Indicator

Eenheid

Bron

Formatie

2024 0,053

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Bezettting

0,053

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Apparaatskosten

€ 3,32

kosten per inwoner

Eigen begroting

Externe inhuur

1,7%

kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

Eigen begroting

Overhead

9,6%

% van totale lasten

Eigen begroting

Op basis van de onder ‘Overhead’ opgenomen lasten bedraagt deze 9,6% van de totale lasten. Omnibuzz wil deze factor in de komende jaren van groei van activiteiten zo stabiel mogelijk te houden.

3.2

Paragrafen

In het kader van artikel 9 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende paragrafen opgenomen:

› Weerstandsvermogen en risicomanagement. › Financiering. › Bedrijfsvoering. 3.2.1 Weerstandsvermogen en risicomanagement

Het weerstandsvermogen kan gedefinieerd worden als het vermogen dat nodig is om incidentele niet voorziene tegenvallers te kunnen opvangen. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken schrijft in artikel 11 van het nieuwe ‘Besluit begroting en verantwoording’ het volgende voor: Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen:

› De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de Gemeenschappelijke Regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken.

› Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.

De weerstandsratio is een verhoudingsgetal, tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en het op basis van de risicoanalyse bepaalde benodigde weerstandsvermogen. Onderstaand wordt de weerstandsratio aangegeven als een directe confrontatie tussen de benodigde weerstandscapaciteit en de risico’s. Als onverhoopt veel risico’s optreden, kan dit betekenen dat de deelnemende gemeenten rekening moeten houden met aanvullende bijdragen om tekorten en risico’s te dekken. Algemene reserve

Benodigde weerstandscapaciteit totaal risico

Weerstandsratio

€ 900 .000

€ 1.308.000

0,69

19

Omnibuzz

De beleidsbegroting

De minimale omvang van de algemene reserve is eerder vastgesteld op € 520.000,-. Met dit minimum worden met name de volumerisico’s in het vervoer afgedekt, alsmede het risico dat een van de vervoerders (taxibedrijven) failliet gaat. Daarnaast biedt dit minimum voldoende dekking voor de financiering van eventuele investeringen. 3.2.2 Risicomanagement

In het bedrijfsplan van januari 2016 is een inventarisatie gemaakt van de belangrijkste risico’s waarmee Omnibuzz kan worden geconfronteerd. Medio 2018 is de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd en op 24 oktober 2018 is deze vastgesteld door het algemeen bestuur. Op basis van deze risico-inventarisatie en de bijbehorende beheersmaatregelen is een inschatting gemaakt van de financiële impact en de kans dat de risico’s zich voordoen. Dit vormt de basis voor het bepalen van het weerstandvermogen. De belangrijkste geïdentificeerde risico’s zijn: Risico’s Verminderd draagvlak en/of draagkracht bij gemeenten voor de missie en visie van Omnibuzz

Politiek

Strategisch

v

Economische kwetsbaarheid taxibedrijven

v

Continuiteit risico tgv serverbeheer

Personeel

v

v

ICT

Financieel

Kwaliteit

v

Beheersbaarheid van het vervoer

Kennis en inzetbaarheid intern personeel

Proces

v v

Rekening houdende met de beheersmaatregelen die beschikbaar zijn om deze risico’s te mitigeren en de mate waarin de risico’s reeds in de eerdere begroting zijn doorgerekend, wordt de maximale impact geschat op € 1.308.000,-. Risicomanagement is een belangrijk onderdeel van de planning & control cyclus binnen Omnibuzz. In dit kader wordt regelmatig getoetst of de aanwezige weerstandscapaciteit afdoende is om de risico’s waarmee Omnibuzz geconfronteerd wordt af te dekken. De algemene reserve is na aanvang van de werkzaamheden op 11 december 2016 door de deelnemende gemeenten volgestort. Het beleid van Omnibuzz is zodanig ingericht dat minimaal één keer per 5 jaar de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd dient te worden. In 2018 heeft de laatste actualisering plaatsgevonden. De minimale omvang van de algemene reserve is in 2018 vastgesteld op € 520.000,-. Met dit minimum worden met name de volumerisico’s in het vervoer afgedekt alsmede het risico dat een van de vervoerders (taxibedrijven) failliet gaat. Daarnaast biedt dit minimum voldoende dekking voor de financiering van eventuele investeringen. Een overzicht van de kernrisico’s is opgenomen in de bijlagen vanaf pagina 68. De vaststelling is geldend tot en met 2023 als de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ opnieuw zal worden geactualiseerd.

Sinds ultimo 2021 bedraagt het saldo van de algemene reserve € 900.000,- en ligt hiermee binnen de afgesproken 20

Omnibuzz

De beleidsbegroting

bandbreedte van het minimum- en maximumniveau van de algemene reserve. Het saldo biedt ruimte om tot aan het minimum actief gelden in te zetten voor afdekking van benoemde scenario’s, dekking van eventuele tekorten en financiering van investeringen. In de 30 deelnemende gemeenten nemen wij - op totaalniveau - al een aantal jaar op rij een stijging van het vervoer waar. Door de uitbraak van de COVID-19 pandemie is deze ontwikkeling in 2020 abrupt afgebroken. De verdere ontwikkeling in het vervoer is door de actualiteit nog minder voorspelbaar. Ook keuzes die gemeenten (gaan) maken, zijn afhankelijk van de ontwikkelingen in het vervoer. Voor een toelichting op de situatie en gevolgen rondom COVID-19 verwijzen wij u naar paragraaf 2.2.2 ‘Impact van COVID-19 en tekort aan personeel in de vervoerssector’ op pagina 7. Geprognosticeerde balans 2024 Activa

31-dec-2023 €

31-dec-2024 €

Passiva

Vaste activa

Vaste passiva

Materiële vaste activa:

Algemene reserve

Investeringen met een economisch nut

297.110

265.117

Egalisatiereserve Bestemmingsreserve

Financiële vaste activa

Totaal vaste activa

-

297.110

-

Resultaat voor bestemming

265.117 Totaal vaste passiva

Vlottende activa

Vlottende passiva

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar:

Netto-vlottende schulden:

Uitzettingen in Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

5.389.705

4.726.008

Overige schulden

Overige vorderingen

243.975

262.057

Te betalen verplichtingen

Liquide middelen

231.516

241.348

Voorschotbedragen:

Overlopende activa

261.966

206.658

Overige Nederlandse overheidslichamen

31-dec-2023 € 900.000

31-dec-2024 € 900.000

-

-

117.498

111.373

-

-

1.017.498

1.011.373

1.151.437

1.178.580

267.598

267.598

3.987.739

3.243.638

Overlopende passiva:

Totaal vlottende activa

6.127.163

5.436.072 Totaal vlottende passiva

5.406.774

4.689.815

Totaal generaal

6.424.272

5.701.189 Totaal generaal

6.424.272

5.701.189

De balansposten ‘ Vlottende activa’ en ‘Vlottende passiva’ zijn voor 2024 begroot door het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaren te nemen (incidentele posten buiten beschouwing gelaten) of, waar mogelijk, een zo accuraat mogelijke inschatting van de balanspost te maken. Het eigen vermogen is begroot door een zo goed mogelijke inschatting te geven van de reserves en voorzieningen op basis van de nu bekende risico’s. Hierbij is rekening gehouden met de nieuwe nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ die in 2018 is vastgesteld door het algemeen bestuur, alsmede met de huidige weerstandscapaciteit. 21

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Kengetallen

In het kader van artikel 11 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende kengetallen opgenomen:

› Netto schuldquote. › Solvabiliteitsratio. › Structurele exploitatieruimte. › Grondexploitatie. › Belastingcapaciteit. Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Onderstaand volgt een korte toelichting op de voorgeschreven kengetallen:

› De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. › De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. › De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te kunnen dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is.

› De grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale baten (niet van toepassing voor Omnibuzz).

› De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (niet van toepassing op Omnibuzz).

De uitkomsten van deze vijf kengetallen worden voor het begrotingsjaar 2024 (t) en meerjarenperspectief 2025-2027 weergegeven in de volgende tabellen. Tabel begrotingsjaar 2024 Begroting jaar

Verloop van de kengetallen

Kengetallen:

2022

2023-2

2024

Netto schuldquote

-16%

-3%

-3%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-16%

-3%

-3%

Solvabiliteitsratio

69%

21%

19%

Structurele exploitatieruimte

12%

-0,08%

-0,02%

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

22

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Tabel begrotingsjaar 2025-2027 Begroting jaar

Verloop van de kengetallen

Kengetallen:

2025

2026

2027

Netto schuldquote

-3%

-2%

-2%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-3%

-2%

-2%

Solvabiliteitsratio

23%

21%

21%

Structurele exploitatieruimte

-0,02%

-0,02%

-0,02%

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Voor 2024 (t) en meerjarenperspectief 2025-2027 is de geprognosticeerde balans 2024 en meerjarenraming of een gemiddelde van de afgelopen drie jaren als basis gebruikt om de kengetallen te berekenen. Voor 2022 (t-2) zijn de gerealiseerde cijfers uit de concept-jaarrekening gebruikt. Voor 2022 zijn de cijfers uit de concept jaarrekening overgenomen. De solvabiliteitsratio beweegt tussen de 19% en 69%. Dit betekent dat voor 2024 (t) 19% van het totale vermogen uit eigen vermogen bestaat. Hoe hoger dit percentage, hoe beter. De uitkomst van de netto schuldquote is negatief. Dit komt omdat Omnibuzz relatief weinig vreemd vermogen heeft aangetrokken. De structurele exploitatieruimte bedraagt voor 2024 -0,02%%. Voor 2024 zijn geen incidentele baten of lasten voorzien. Tekorten worden aangevuld en overschotten vloeien terug naar de gemeenten. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn voor Omnibuzz niet van toepassing. 3.2.3 Financiering Treasury

De financiering van Omnibuzz bestaat uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Omdat inkomsten en uitgaven niet altijd synchroon lopen en verplichtingen zijn aangegaan om op bepaalde tijden kosten te betalen, bestaat de mogelijkheid om geld te lenen middels de bestaande kredietfaciliteit. De hieraan verbonden kosten worden opgenomen als kapitaallasten. Voor de begroting 2024 en meerjarenperspectief 2025-2027 zijn geen kosten begroot voor kredietfaciliteiten. Vanuit de in 2018 gevormde bestemmingsreserve ‘ICT’ valt elke jaar het afschrijvingsdeel voor de in het jaar 2018 en 2019 geïnvesteerde activa vrij ter financiering van de afschrijvingslasten. In de begroting 2024 en het meerjarenperspectief 2025-2027 bedraagt dit afschrijvingsdeel € 6.125,- per jaar.

23

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Kasgeldlimiet

De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag korte financiering mogelijk is. Onder korte financiering wordt in de Wet FIDO verstaan leningen met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet wordt bepaald als een percentage van het begrotingstotaal. Bij ministeriële regeling is dit percentage voor Omnibuzz vastgesteld op 8,2%. Concreet betekent dit dat de netto vlottende schuld per kwartaal de kasgeldlimiet niet mag overschrijden. Omnibuzz zal naar verwachting binnen de kasgeldlimiet blijven. (1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

(3) Netto vlottende schuld

Kwartaal 1

€

5.227.535

€

5.954.390

€

-726.855

Kwartaal 2

€

5.048.295

€

5.781.617

€

-733.322

Kwartaal 3

€

4.869.055

€

5.608.844

€

-739.789

Kwartaal 4

€

4.689.815

€

5.436.072

€

-746.256

5.695.231 €

-736.556

(4) Gemiddelde van kwartalen € (6) Ruimte onder kasgeldlimiet

€

4.958.675 € 736.556

(5) Berekening kasgeldlimiet (7) Omvang begroting per 1 januari 2024

€

(8) in procenten van de grondslag

28.928.610 8,2%

(5) = (7) x (8) Kasgeldlimiet:

€

2.372.146

Ruimte (+) / overschrijding (-) (6) + (5)

€

3.108.702

De (verwachte) netto vlottende schuld per kwartaal is berekend door uit te gaan van de realisatie Q1 t/m Q4 2022 als basis voor de kasgeldlimiet 2023 en verder te nemen, alsmede de geprognosticeerde balans. Renterisiconorm

De renterisiconorm is direct gerelateerd aan het budgettaire risico en heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Schatkistbankieren

Schatkistbankieren houdt in dat overtollige publieke middelen worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Decentrale overheden zullen op de deposito’s een rente vergoed krijgen die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt bij leningen die ze op de markt aangaat. Voor decentrale overheden is het gevolg hiervan dat uitstaande beleggingen bij het vrijvallen niet kunnen worden herbelegd en naar de rekening courant gaan. Daar kunnen ze hoogstens als deposito worden weggezet tegen de dan geldende rente op Nederlandse staatsobligaties. Er is sprake van een drempelbedrag dat Omnibuzz buiten de schatkist mag aanhouden. Voor Omnibuzz is het drempelbedrag vastgesteld op € 200.000,-. Dit saldo wordt daarmee niet als overtollig beschouwd. De Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF)

De Europese eisen en afspraken over reductie van het begrotingstekort en de staatsschuld vormen de basis van de Wet HOF. De middellange termijndoelstelling is het op termijn verkrijgen van begrotingsevenwicht in stappen van 0,5% bbp per jaar.

24

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Omdat ook gemeenten, provincies, waterschappen en Gemeenschappelijke Regelingen bijdragen aan het begrotingstekort van de collectieve sector, bepaalt het wetsvoorstel dat niet alleen het Rijk maar ook de decentrale overheden zich moeten houden aan de doelstellingen uit het aangescherpte Stabiliteits- en Groeipact. Het EMU-saldo volgt uit de tabel:

Omschrijving

2023-2 Begroting

2024 Begroting

2025 Begroting

2026 Begroting

2027 Begroting

vorig begrotingsjaar

huidig begrotingsjaar

volgend begrotingsjaar

begrotingsjaar t+2

begrotingsjaar t+3

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

0

0

0

0

0

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

45

40

32

32

32

3

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie

0

0

0

0

0

4

Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd

0

0

0

0

0

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

0

0

0

0

0

6

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

0

0

7

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)

0

0

0

0

0

8

Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

0

0

9

Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen

0

0

0

0

0

10

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten

0

0

0

0

0

11

Verkoop van effecten

0

0

0

0

0

a

Gaat u effecten verkopen? (ja/nee)

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

b

Zo ja, wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie

0

0

0

0

0

Berekend EMU-saldo

45

40

32

32

32

Het EMU-saldo wordt berekend door op het exploitatiesaldo de afschrijvingen, investeringen en mutaties van reserves te corrigeren. In 2023 en de daaropvolgende jaren drukken de afschrijvingen op de exploitatie en er worden in 2023 relatief kleine investeringen gedaan. Per saldo zorgt dit voor een positief EMU-saldo voor 2023 en de daaropvolgende jaren.

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12857322/1