CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.23.027 RUDLN 2021-2024

Gemeenteraad 14 maart 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven.27.129 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Stuknummer: 23.0001033

Raad 14-03-2023 RIB.23.027

raadsinformatiebrief van

: Burgemeester en wethouders

portefeuillehouder

: T. Kuipers

aan

: De leden van de gemeenteraad

datum

: 6 maart 2023

status

: Actieve informatie

openbaar

: Ja

Onderwerp RIB Financiële documenten Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN).

Aanleiding Wij ontvingen van de gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg-Noord (RUD LN) een viertal financiële documenten over de jaren 2021-2024. Ter informatie bieden wij u deze documenten gecombineerd aan. 1. Jaarrekening 2021 Op 14 oktober 2022 ontvingen wij het jaarverslag en de jaarrekening 2021. Het Algemeen Bestuur heeft besloten om het resultaat € 255.269, zoals gebruikelijk, terug te betalen aan de deelnemers. Voor onze gemeente betreft dit € 20.810. 2. Begrotingswijziging 2022-2024 tbv projectkosten ‘Doorontwikkeling RUD LN’ In opdracht van het Algemeen Bestuur wordt gewerkt aan de doorontwikkeling van de RUD LN naar een robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst (zie ook paragraaf 5 van deze RIB). Ter dekking van de eenmalige projectkosten heeft het bestuur op 22 december 2022 een begrotingswijziging 2022-2024 vastgesteld. De projectkosten kunnen in 2022 binnen de begroting worden opgevangen, voor 2023 en 2024 lukt dit niet. Derhalve vraagt het bestuur van de RUD LN aan de deelnemers naar rato een extra bijdrage. Voor onze gemeente gaat het om € 22.051 (2023) en € 2.953 (2024). Deze bedragen kunnen vrijwel geheel worden gedekt met de terugbetaling naar aanleiding van jaarrekening 2021. Formeel hadden wij het voorstel tot begrotingswijziging voor een zienswijze aan de gemeenteraad moeten voorleggen.

De hiervoor geboden termijn was helaas onvoldoende om dit te kunnen realiseren. Dit gegeven is besproken tijdens het lijnmanagersoverleg RUD en hier is aandacht voor gevraagd en naar aanleiding hiervan verbetering beloofd. De gewijzigde begroting is inmiddels vastgesteld. Structurele financiële effecten die voortvloeien uit de ‘doorontwikkeling RUD LN’ zullen apart worden voorgelegd in de ontwerpbegroting 2024. 3. Begroting 2023 Het Algemeen Bestuur heeft op 13 oktober 2022 de begroting 2023 (inclusief meerjarenraming 2024-2026) vastgesteld. De begroting bevat geen wijzigingen ten opzichte van de ontwerpbegroting die voor een zienswijze aan de gemeenteraden is voorgelegd. 4. Kadernota ten behoeve van begroting 2024 Het Algemeen Bestuur heeft op 22 december 2022 de kadernota 2024 vastgesteld. De kadernota bevat de belangrijkste ontwikkelingen voor de begroting 2024, zoals de omgevingswet, ketensamenwerking, het landelijke interbestuurlijk programma ‘Versterking VTH-stelsel’, en de aanpak op de inhoudelijke thema's zoals Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA

Postadres / PostCodePA PlaatsPA

T TelefoonNummer

F FaxNummer

Pag. 2 van 3

bijvoorbeeld de wet kwaliteitsborging bouwen, energie en geluid. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan de doorontwikkeling RUD LN tot een robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst. De genoemde ontwikkelingen zullen financiële gevolgen met zich meebrengen. Concreet kan op dit moment benoemd worden: - Een Specifieke uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht die de RUD LN ontvangt en waarvoor extra medewerkers aangetrokken worden. - De noodzaak om de kosten voor het VTH-systeem (de ICT-applicatie waarmee de VTH-specialisten werken) vast op te nemen in de begroting nadat de initiële kosten werden gedekt uit een bestemmingsreserve. - De wens om een algemene reserve in te stellen waardoor administratief efficiënter kan worden gewerkt. - De ‘doorontwikkeling RUD LN’ tot een robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst zal naar onze verwachting ook leiden tot wezenlijke financiële verschuivingen. Waar nu nog een onderscheid bestaat tussen (1) de bijdrage aan de RUD LN (vooral voor coördinatiekosten) en de (2) kosten voor uitvoerende VTH-medewerkers in dienst bij onze gemeente, gaat dit onderscheid wat het college betreft grotendeels vervallen in het belang van een effectievere milieuzorg in Limburg-Noord. Wij verwachten ook dat hierbij structurele meerkosten aan de orde zullen zijn.

In de eerste plaats omdat het Algemeen Bestuur de ambities flink heeft opgeschroefd ten opzichte van de huidige prestaties van de RUD LN. In de tweede plaats omdat de grote transities (circulaire economie, energietransitie, biodiversiteit, zzs, etc) aanzienlijke kennisintensiveringen verlangen om hierop proactief te kunnen sturen. Alle financiële effecten zullen worden opgenomen in de ontwerpbegroting 2024 (en meerjarenraming). Deze ontwerpbegroting zullen wij - naar verwachting - medio april ontvangen en voor een zienswijze aan uw gemeenteraad voorleggen.

5. Doorontwikkeling RUD LN De RUD LN staat aan de lat voor de bescherming van een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. De RUD voert daartoe, onder bevoegd gezag van de gemeenten, taken uit op het gebied van advisering, vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). De uitvoering van deze taken kán en moet beter. Dat geldt voor alle omgevingsdiensten in Nederland, doch in het bijzonder voor de RUD LN. In 2020-2022 zijn diverse rapporten verschenen (o.a. “Handhaven in het duister” en “Commissie Van Aartsen”) die aantoonden dat het VTH-stelsel in Nederland aanzienlijk strakker moet worden ingericht. Op landelijk niveau is een Interbestuurlijk programma ‘Versterking VTH-stelsel’ gestart. Op regionaal niveau heeft het Algemeen Bestuur van de RUD LN een Plan van Aanpak ‘Doorontwikkeling RUD LN’ vastgesteld. De ambitie daarin is hoog, namelijk om binnen 4 jaar tot de top 5 van de Nederlandse omgevingsdiensten te behoren. Het plan bevat meerdere sporen die in combinatie moeten bijdragen aan deze ambitie. De gemeente Horst aan de Maas participeert actief in deze ontwikkeling. Eerder zijn ambities rondom de RUD LN echter niet afdoende waargemaakt als gevolg van beperkt commitment van de gemeenten in de regio. Daarom volgt het college van Horst aan de Maas deze ontwikkeling ook bijzonder kritisch.

Op het moment (april 2023) dat wij de ontwerpbegroting RUD LN 2024 ontvangen en voor een zienswijze aan de gemeenteraad voorleggen, zullen wij de tussenbalans opmaken en bezien in welke mate wij verwachten dat deze ambitie ook zal slagen.

Bijlagen Bijlage 1: Jaarrekening 2021 a: Aanbiedingsbrief jaarverslag en jaarrekening 2021 RUD LN b: Definitief Jaarverslag en jaarrekening 2021 RUD LN c: Goedgekeurde controleverklaring jaarrekening 2021 RUD LN

2

Pag. 3 van 3

d: Infographic Jaarrekening 2021 RUD LN Bijlage 2: Begrotingswijziging 2022-2024 a: Aanbiedingsbrief Ontwerpbegroting 2022 RUD LN b: (Ontwerp)begrotingswijziging 2022 RUD LN c: Aanbiedingsbrief vastgestelde begrotingswijziging 2022 Meerjarig RUD LN. d: Definitieve begrotingswijziging 2022 RUD Limburg Noord. Bijlage 3: Begroting 2023 inclusief meerjarenraming 2024-2026 GR RUD LN Bijlage 4: Kadernota 2024 a: Aanbiedingsbrief Kadernota 2024 RUD LN b: Kadernota 2024 RUD LN

3

Aan:

Gemeenteraden van Beesel, Bergen, Echt-Susteren, Gennep, Horst aan de Maas, Leudal, Maasgouw Mook en Middelaar, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond , Venlo, Venray, Weert en Provinciale Staten van de Provincie Limburg. Markt 31

Kopie: colleges van deze gemeenten en Provincie Limburg.

Postbus 900, 6040 AX Roermond Telefoon (0475)-359999 E-mail info@rudlimburgnoord.nl Internet www.rudlimburgnoord.nl

Van:

Dagelijks Bestuur RUD Limburg Noord

Datum

13-10-2022

Behandeld door

N. de Klein

Ons kenmerk

B 2022-12

Datum uw brief

--

Uw kenmerk

--

Onderwerp

Aanbieding jaarverslag en jaarrekening 2021 RUD Limburg Noord

Geachte leden van de gemeenteraad en Provinciale Staten,

Namens het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN) bieden wij u bijgaand het definitieve jaarverslag en de jaarrekening 2021 inclusief de goedkeurende controleverklaring van de RUD LN aan. Accountantscontrole Bij de vaststelling van de voorlopige jaarstukken op 28 april 2022, door het Dagelijks Bestuur, was de controleverklaring nog niet gereed. Eerder is gecommuniceerd dat door personele omstandigheden de totstandkoming van de jaarrekening dit jaar helaas is vertraagd. De accountantscontrole is afgerond en de goedkeurende accountantscontrole is inmiddels ontvangen. Procedure Het Algemeen Bestuur heeft daarop in haar vergadering van 13 oktober 2022 het jaarverslag en de jaarrekening 2021 definitief vastgesteld. Het boekjaar van de RUD Limburg Noord 2021 is afgesloten met een rekeningsaldo na resultaatbestemming van € 0. De niet benutte middelen ter hoogte van € 255.269,95 met de bijbehorende betalingen is in de jaarrekening opgenomen. Door het Algemeen Bestuur van de RUD LN is besloten om de terugbetaling, voorafgaande aan de vaststelling van het rekeningresultaat terug te betalen aan de partners.

In dezelfde vergadering heeft het Algemeen Bestuur de kosten voor de uitvoering van het vastgestelde plan van aanpak doorontwikkeling RUD Limburg Noord behandeld. Zij zijn voornemens in te stemmen met de externe kosten en deze ten laste te brengen van de deelnemende gemeenten. De ontwerpbegrotingswijziging wordt conform de zienswijze procedure apart aan u voorgelegd. Wij adviseren u het overschot van 2021, dat aan u wordt terugbetaald, direct te reserveren voor het plan van aanpak, zodat de financiële consequenties per saldo minimaal zullen zijn. In de jaarrekening zijn de productiecijfers van de totale RUD LN gepresenteerd. Mocht u behoefte hebben aan informatie over de productiegegevens van alleen uw eigen gemeente, dan kunt u hierover navraag doen bij uw eigen gemeente. Wij vertrouwen erop u met deze brief voldoende te hebben geïnformeerd. Een kopie van deze raadsbrief wordt ter kennisgeving naar uw college gestuurd.

Hoogachtend, namens het Dagelijks Bestuur van de RUD LN,

T.J.C.M. (Tim) Snijckers

M.H.F. (Marc) Knaapen

Voorzitter

(Waarnemend) Secretaris

Bijlage 1: Definitief jaarverslag en jaarrekening 2021 GR RUD Bijlage 2: Goedkeurende controleverklaring 2021 RUD - WG Bijlage 3: Infographic jaarrekening 2021 RUD LN

Jaarverslag en Jaarrekening 2021 GR RUD Limburg Noord

Datum: 2 augustus 2022 Versie: 6.2

Inhoudsopgave Voorwoord

3

1 Inleiding 1.1 Algemeen 1.2 Voorschriften BBV 1.3 Bestuurlijke organisatie 1.4 Leeswijzer 1.5 Resultaat

5 5 5 5 5 6

2 Jaarverslag 2021 2.1 Programmaverantwoording 2.2 Wat hebben we bereikt? 2.3 Wat hebben we daarvoor gedaan? 2.4 Wat heeft het gekost?

7 7 7 8 26

3 Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.2 Financiering 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.4 Bedrijfsvoering

27 27 29 31 31

4 Jaarrekening 2021 4.1 Balans inclusief toelichting 4.2 Overzicht van baten en lasten inclusief toelichting 4.3 Overzicht van incidentele baten en lasten inclusief toelichting 4.4 Overzicht van reserves en voorzieningen 4.5 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 4.6 Niet uit de balans blijkende verplichtingen en rechten

35 35 41

Besluit tot vaststelling

51

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

52

46 46 47 50

1

Bijlage 1 Dashboard RUD LN 2021

53

Bijlage 2 Infographic RUD LN

54

Bijlage 3 Risico-inventarisatie

55

Bijlage 4 Bijdrage per deelnemer

57

Bijlage 5 Berekening kengetallen

58

2

Voorwoord De Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN) verzorgt een belangrijk deel van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving in Limburg Noord. Door een innovatieve, slagvaardige en efficiënte organisatie van deze taken, dragen we bij aan de verbetering van de kwaliteit, gezondheid en veiligheid van de leefomgeving en aan de verbetering van de dienstverlening aan burgers en bedrijven. De gemeenten, provincie en gemeentelijke samenwerkingsverbanden werken binnen de RUD samen om de in onze regio beschikbare capaciteit en kennis zo goed mogelijk in te zetten. Het werkgebied van de RUD LN is congruent met de veiligheidsregio. De RUD LN bestaat al sinds 1 januari 2013 en is in 2018 gebaseerd op een gemeenschappelijke regeling met 16 deelnemers; de 15 gemeenten in de veiligheidsregio Limburg Noord en de Provincie Limburg. VTH stelsel onder de loep In 2021 kwam het VTH-stelsel extra onder de aandacht. Wellicht het meeste impact had het rapport van de commissie Van Aartsen. Maar ook de Algemene rekenkamer richtte zijn aandacht op het stelsel. Beide rapporten werden opgevolgd door een hele serie aan nadere onderzoeken, workshops en seminars. De Tweede kamer drong al eerder eensgezind bij de Staatssecretaris aan op actie en wil dat de aanbevelingen snel worden opgepakt. De lange kabinetsformatie maakte dat de voortgang hierin niet gemakkelijk was.

De VNG, de IPO en de omgevingsdiensten (ODNL) zijn met het ministerie in nauw overleg gegaan en inmiddels is een interbestuurlijk programma VTH aangekondigd. Voorgestelde aanpassingen raken niet alleen omgevingsdiensten, maar ook hun opdrachtgevers en ketenpartners. RUD LN en de aanbevelingen Van Aartsen Vanuit de zelfevaluatie door Lysias in 2019 is er door het DB een pakket aan maatregelen in gang gezet. Het bleek echter dat de aard en omvang van de door Van Aartsen voorgestelde maatregelen nog wat anders vragen. In het afgelopen jaar is daarvan een studie gemaakt. Daar kwam uit dat we met veel zaken al op het goede spoor zitten, maar dat er toch nog een tandje bij moet. Het algemeen bestuur heeft aangegeven niet te willen afwachten tot er landelijke maatregelen komen, maar dat we zelf de aanbevelingen proactief oppakken. De hierbij gestelde randvoorwaarde is dat de organisatievorm (netwerk) gehandhaafd blijft. Nabijheid en kennis van de lokale situatie bij onze medewerkers wordt als heel effectief ervaren. Nu de nieuwe omgevingswet eraan komt is dit zelfs van nog groter belang geworden. Dit alles laat onverlet dat de RUD LN als volwaardige omgevingsdienst moet functioneren en dus ook de toets der kritiek moet kunnen doorstaan.

3

Veel werk tegelijk Ook 2021 werd door de pandemie gedomineerd met alle negatieve effecten op het werk. Denk bijvoorbeeld aan het werven en inwerken van nieuwe medewerkers en het effect op ziekteverzuim. Lichtpuntje was dat we steeds beter worden in digitaal werken op afstand. Onder deze omstandigheden werd gewerkt aan het implementeren van maatregelen, het uitvoeren van al eerder afgesproken maatregelen, de veranderingen die de omgevingswet met zich mee brengt en het implementeren van een nieuwe VTH-applicatie. Door de fysieke beperkingen ontstond wederom onderuitputting bij o.a. opleidingskosten en reiskosten. Daarnaast bleef de “productie” (uitvoering van het UP) achter. Niet alle voorgenomen werkzaamheden konden volgens planning worden uitgevoerd door de hoge werkdruk en de verzwarende omstandigheden. Ook een krappe arbeidsmarkt zorgde voor problemen. De uitstroom van personeel kan slechts met grote moeite door nieuwe medewerkers en steeds vaker via extra inhuur worden opgevangen. Echter ook het inhuren van gekwalificeerde mensen wordt moeilijker. De krapte in de arbeidsmarkt werkt ook in de private sector door. Het commitment en de inzet van onze medewerkers in deze omstandigheden is bewonderenswaardig. Hoewel resultaten iets terugliepen is toch enorm veel werk verzet.

Dit verdient een groot compliment: bij deze! Omgevingswet en WKB Het wederom verschuiven van de invoeringsdatum (was eerst 1 juli, werd toen 1 oktober en vervolgens toch 1 januari 2023) leidt tot gemengde gevoelens. Enerzijds meer tijd voor een goede voorbereiding, anderzijds onzekerheid en verwarring. Aan de taken die onze partners in het UP hebben ondergebracht zal nog veel moeten gebeuren en dit werk zal ook na de invoeringsdatum van de wet nog meerdere jaren vragen. De Rijksoverheid heeft hier dan ook de ruimte voor gegeven tot 2029. Met name het omzetten van data zal langere tijd vragen. Onze vergunningverleners en toezichthouders zullen echter direct na de invoering met de veranderingen in hun werk moeten omgaan. Via de RUD-Academie en via de ODNL is vorig jaar met het opleiden van de mensen gestart. Een van onze eigen medewerkers is opgeleid om intern cursussen te kunnen geven. Uit de trainingen die hij geeft (in 2021 al 60 deelnemers) komen veel praktische vraagstukken naar voren. Het gesprek hierover helpt enorm om tot een uniforme aanpak van deze vraagstukken te komen; het scheppen van een level playing field in de regio. Met vriendelijke groet, Namens het Dagelijks Bestuur,

K.G.MC. (Karel) Joosten Directeur RUD Limburg Noord

4

1 Inleiding 1.1 Algemeen De gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord is per 1 januari 2018 operationeel. Het doel van deze regeling was en is om samen met de deelnemers (1) de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden te verbeteren bij de uitvoering van VTH-taken en (2) de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren.

1.2 Voorschriften BBV De wijze waarop decentrale overheden hun financiële administratie inrichten en verantwoorden is geregeld in het de Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). In 2016 is de BBV vernieuwd. Voor gemeenschappelijke regelingen is de vernieuwde BBV van kracht met ingang van 2018. De jaarrekening 2021 van de RUD LN is opgezet conform de nieuwe voorschriften van de BBV.

1.3 Bestuurlijke organisatie Het bestuur van de RUD LN bestaat uit een Algemeen en een Dagelijks Bestuur. Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestond in 2021 uit 16 leden, waaronder de voorzitter. De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en Gedeputeerde Staten van de provincie hebben uit hun midden elk één lid en één plaatsvervangend lid aangewezen. Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur is door en uit het Algemeen Bestuur gekozen. Het Dagelijks Bestuur bestond uit drie leden en één plaatsvervangend lid. De voorzitter De voorzitter van de RUD Limburg Noord is de heer Tim Snijckers, wethouder van de gemeente Maasgouw.

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 treft u het jaarverslag 2021 aan. Het betreft de programmaverantwoording, waarin op hoofdlijnen staat wat de RUD heeft bereikt, wat zij daarvoor heeft gedaan en wat het heeft gekost. In hoofdstuk 3 wordt inzicht gegeven in de verplichte paragrafen: weerstandsvermogen en risicobeheersing, financiering, onderhoud kapitaalgoederen en bedrijfsvoering.

5

In hoofdstuk 4 treft u de jaarrekening 2021 aan. In de bijlagen vindt u: 1. Een visualisatie van de prestaties in 2021 (dashboard van de RUD LN 2021); 2. De infographic RUD LN; 3. De risico-inventarisatie; 4. De deelnemersbijdrage, inclusief de afrekening over 2021; 5. De berekening van kengetallen.

1.5 Resultaat Wij sluiten het boekjaar 2021 af met een saldo van € 0. Eind 2017 is de GR RUD LN vastgesteld. Daarin is opgenomen dat de middelen die de RUD LN in een boekjaar niet heeft benut, voor bepaling van het rekeningresultaat als uitgangspunt terugbetaald dienen te worden aan de deelnemende partners. Het resultaat met de bijbehorende terugbetalingen is in het volgende overzicht gespecificeerd. Tabel 1 Deelnemers Beesel Bergen Echt-Susteren Gennep Horst aan de Maas Leudal Maasgouw Mook en Middelaar Nederweert Peel en Maas Roerdalen Roermond Venlo Venray Weert Provincie Totaal

Voorlopig resultaat 2021 RUD LN € € € € € € € € € € € € € € € € €

-6.652,28 € -6.465,78 € -15.568,07 € -8.400,10 € -20.810,07 € -17.557,50 € -11.669,90 € -3.841,09 € -8.365,66 € -21.311,98 € -10.143,99 € -28.642,82 € -49.995,65 € -21.319,37 € -24.525,68 € - € -255.269,95 €

Resultaat taakveld 0.1 bestuur -118,70 € -115,37 € -277,79 € -149,89 € -371,33 € -313,29 € -208,24 € -68,54 € -149,28 € -380,29 € -181,01 € -511,10 € -892,12 € -380,42 € -437,63 € - € -4.555,00 €

Resultaat Resultaat taakveld 0.8 taakveld 7.4 Totalen restituties overige baten milieubeheer en lasten -3.521,60 € -3.101,03 € 89,06 € -6.652,28 -3.422,87 € -3.014,10 € 86,56 € -6.465,78 -8.241,46 € -7.257,23 € 208,42 € -15.568,07 -4.446,87 € -3.915,80 € 112,46 € -8.400,10 -11.016,49 € -9.700,85 € 278,59 € -20.810,07 -9.294,63 € -8.184,62 € 235,05 € -17.557,50 -6.177,84 € -5.440,05 € 156,23 € -11.669,90 -2.033,40 € -1.790,57 € 51,42 € -3.841,09 -4.428,63 € -3.899,74 € 112,00 € -8.365,66 -11.282,19 € -9.934,82 € 285,31 € -21.311,98 -5.370,05 € -4.728,74 € 135,80 € -10.143,99 -15.163,01 € -13.352,17 € 383,46 € -28.642,82 -26.466,82 € -23.306,03 € 669,32 € -49.995,65 -11.286,10 € -9.938,26 € 285,41 € -21.319,37 -12.983,47 € -11.432,92 € 328,34 € -24.525,68 - € - € - € -135.135,45 € -118.996,92 € 3.417,42 € -255.269,95

Resultaat taakveld 0.4 Overhead

Dit betreft het voorlopig resultaat. Voor een nadere specificatie van het bovenstaande wordt verwezen naar de toelichtingen in hoofdstuk 2, hoofdstuk 3 en bijlage 5.

6

2 Jaarverslag 2021 2.1 Programmaverantwoording Hierna wordt, via de programmaverantwoording en de paragrafen, verantwoording afgelegd over de realisatie van de bij de begroting 2021 voorgenomen uitvoering in het jaar 2021.

2.2 Wat hebben we bereikt? In de begroting 2021 is de doelstelling van het programma opgenomen: in een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de deelnemers de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden verbeteren bij de uitvoering van VTH-taken én de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. De GR RUD LN wil daarbij een innovatieve, flexibele, slagvaardige en efficiënte organisatie zijn. De dienstverlening wordt verbeterd door: 1. Een ‘level playing field’ (gelijke benadering en behandeling onder de GR RUD LN); 2. Minder toezichtlasten door efficiënte en innovatieve toezichtmethoden. De ambitie van de RUD Limburg Noord naar de omgevingswet toe is als volgt: • De RUD LN wil een vanzelfsprekende deskundige partner zijn in de regio voor het bereiken van de (kern)doelen van de Omgevingswet; • De RUD LN zit bij de partners aan tafel en werkzaamheden worden in gezamenlijkheid uitgevoerd. De RUD LN kan flexibel inspringen op veranderende behoeften vanuit haar deelnemers. • De RUD LN groeit van de uitvoeringsdienst zoals we nu zijn naar dé omgevingsadviseur in brede zin binnen onze leefomgeving, die input levert aan beleid, vergunningverlening, toezicht en handhaving en procesoptimalisatie.

De inhoud van het werk en te leveren kwaliteit in de uitvoering zijn daarbij altijd leidend; • De RUD LN doet dat op een ondernemende, innovatieve, betrouwbare én uitdagende manier.

7

De RUD heeft op onder meer de volgende wijze in 2021 bijgedragen aan de kwaliteitsverbetering van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden bij de uitvoering van VTH-taken én verbetering van de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving: Initiatiefnemers, vergunninghouders en belanghebbenden werden ondersteund door ervaren medewerkers namens het bevoegd gezag. Specialismen werden, waar mogelijk, ingezet op de dossiers die specialistische kennis vereisten. Door toezicht werkzaamheden regionaal te (her)verdelen naar kundigheid en ervaring werden toezichthouders in hun “branche-expertise” ingezet. Gevolg is dat ondernemer en toezichthouder elkaar vaktechnisch beter begrijpen. Door het wegnemen van deze “afstand” werd de kans op naleving vergroot en werd de toezichthouder als toegevoegde waarde ervaren. Op basis van de probleemanalyse zijn controles uitgevoerd bij de objecten en activiteiten met de grootste risico’s. Nieuwe ontwikkelingen (zoals Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen) en toepassingen van innovatieve vormen van toezicht werden gevolgd met en door de kennisgroepen en er werden opleidingen hiervoor gegeven. De uitvoering van maatregelen die uit de evaluatie van Lysias voortkwamen. Omvorming en actualisatie van de website en de regelmatige nieuwsbrieven gaven een beter inzicht in het werk en in nieuwe ontwikkelingen.

Door bijdragen te leveren aan het Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht Limburg werd de samenwerking in de keten versterkt. Hierbij valt te denken aan de mestketen, waarin verschillende partijen kennis gedeeld hebben en samen optrokken zoals RIVM, OM en Omgevingsdiensten.

2.3 Wat hebben we daarvoor gedaan? Takenpakket De GR RUD LN heeft zorggedragen voor de uitvoering van tenminste de taken zoals opgenomen in het wettelijk basistakenpakket. Het betreft hier het wettelijke basistakenpakket als bedoeld in artikel 7.1 lid 1 van het Besluit Omgevingsrecht. Daarnaast heeft de RUD LN op verzoek van deelnemers zorggedragen voor de uitvoering van het brede milieutakenpakket, het Wabo-takenpakket inclusief de uitwisseling van specialisten en desgewenst APV en bijzondere wetten. Hieronder is het takenpakket in 2021 per deelnemer weergegeven.

8

Tabel 2

Partner

Ingebracht takenpakket per 1-1-2021 Basistakenpakket

Specialistische Wabo VTH taken

Milieu bij Niet-RUD bedrijven

Wabo breed

Beesel

Ja

Ja

Ja

Bergen

Ja

Deels

Echt-Susteren

Ja

Gennep Horst aan de Maas Leudal

BRIKS (bouwen/slopen en gebruik)

APV

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Ja

Deels

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Maasgouw

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Mook en Middelaar Nederweert

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Peel en Maas

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Roerdalen

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Roermond

Ja

Ja

Ja

Deels

Ja

Nee

Venlo

Ja

Deels

Nee

Nee

Nee

Nee

Venray

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Weert

Ja

Ja

Ja

Deels

Nee

Nee

Provincie Limburg

Ja

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Werkwijze Uitvoering heeft plaatsgevonden door uitwisseling van specialistische kennis en capaciteit tussen de deelnemers. Naast de taken op het gebied van vergunningverlening, handhaving en toezicht zijn door de RUD LN ook coördinerende, afstemmende en adviserende taken verricht. De krapte op de arbeidsmarkt is niet afgenomen in het afgelopen jaar. Het werven van gekwalificeerde medewerkers verliep moeizaam en vacatures bleven relatief lang open staan. Omdat er wel reguliere uitstroom plaatsvond (doorstroom, pensionering), werd de vacaturedruk hoger en moest vaak op inhuur worden teruggevallen en/of werkzaamheden worden uitgesteld. In dit jaar, wederom met beperkingen door de Coronapandemie, is het inwerken van nieuwe medewerkers extra lastig geweest. Voor leidinggevenden zijn de extra werkzaamheden die ontstonden door de evaluatie van de RUD taakverzwarend geweest. Verder heeft langdurig op afstand/thuiswerken de psychische belasting verhoogd. Borging kwaliteit Voor het takenpakket GR RUD LN stelt het Algemeen Bestuur kwaliteitseisen vast. Hierin zijn de geldende kwaliteitscriteria, de handhavingsarrangementen met het OM en de

9

politie, de opdrachten van het Algemeen Bestuur en de vastgestelde landelijke prioriteiten verwerkt. Gemeentelijke deelnemers hanteerden een gezamenlijk, binnen de RUD overeengekomen, uniforme methode voor probleemanalyse, risicoanalyse, prioriteitstelling en programmering van het basistakenpakket. In de basis was daarmee het uitvoeringsniveau gelijk (level playing field). De risicoanalyse is echter uit 2016 en moet worden geactualiseerd. Doordat de gemeenteraden én Provinciale Staten een verordening kwaliteit VTH-taken hebben vastgesteld, dient de uitvoering van de VTH-taken plaats te vinden door organisaties én medewerkers die voldoen aan de vigerende landelijke kwaliteitscriteria. De colleges van B&W en Gedeputeerde Staten dienen jaarlijks aan de volksvertegenwoordigers te rapporteren in hoeverre uitvoering ook feitelijk heeft plaatsgevonden volgens deze kwaliteitscriteria. Er is een werkgroep kwaliteit opgezet die in 2021 een audit heeft gedaan. Er is op basis van 25 dossiers gekeken of de kwaliteitscriteria goed werden toegepast en ook of de binnen de RUD afgesproken procedures werden gehanteerd. Daarnaast is een beeld bepaald van de kwaliteit van het dossier overall. Deze audit laat zien dat er nog flinke verschillen zitten tussen kwaliteit van het werk binnen ons werkgebied.

De werkprocessen zijn verder nog vaak sterk gekoppeld aan de eigen organisatie en de overall kwaliteit kan beter. De werkgroep heeft een aantal voorstellen gedaan waarmee de situatie kan worden verbeterd. De werkgroep kwaliteit heeft daarnaast het traject van EVP’s voortgezet dat al in 2020 liep. Dit wordt in 2021 afgerond. Inmiddels is er een redelijk compleet beeld ontstaan. Zoals verwacht is op dit onderdeel nog veel te doen. Hoewel de basis goed is, is het voldoen aan het aantal vlieguren (een onderdeel van de wettelijke kwaliteitscriteria) nog een issue. In 2021 is samen met het management een aanzet gemaakt om hier centraal op te kunnen sturen. Hierbij worden de deskundigheidgebieden (27) stapsgewijs opgepakt. Samenspel op basis van de PCDA cyclus Het samenspel binnen de gemeenschappelijke regeling tussen het RUD-bestuur, het coördinatiecentrum en de deelnemers is ingericht op basis van de PDCA-cyclus. Deze is in het onderstaande figuur weergegeven:

10

Uitvoering De uit te voeren werkzaamheden zijn in overleg met de deelnemende partners opgenomen in het Regionaal Uitvoeringsprogramma (RUP) 2021. In 2021 is er met behulp van rapportages (dashboards) en de tussentijdse bestuursrapportage gerapporteerd aan de deelnemende partners. De werkzaamheden die de RUD Limburg Noord heeft uitgevoerd betreft de taken die wettelijk verplicht ondergebracht zijn bij de RUD, de zogenaamde Basistaken. Ook zijn er niet-basistaken uitgevoerd. Dit zijn vrijwillig ingebrachte werkzaamheden die passen bij het werkpakket dat de RUD Limburg Noord uitvoert. De kwaliteitseisen die aan de producten en diensten van de RUD worden gesteld, zijn verwoord in de Producten- en Dienstencatalogus (PDC). Voor de realisatie van producten en diensten is de PDC leidend. Voor een visueel overzicht van de resultaten in 2021 verwijzen wij onderstaande overzichten en naar bijlage 1 dashboard RUD LN 2021. Het dashboard RUP 2021 is uitgesplitst in 4 onderdelen. Het betreft onderdelen Vergunningen en Toezicht (hoofdzakelijk de basistaken) en de onderdelen Juridische werkzaamheden en Bestuurlijke prioriteiten & projecten (hoofdzakelijk niet-basistaken). Monitoring Evenals voorgaande jaren blijft het monitoren op uitgevoerde werkzaamheden door de partners complex.

Dit geldt met name voor het monitoren op producten die gemaakt worden buiten de reguliere “VTH-afdelingen” van de partners. Het RUP betreft dus het totale werkpakket dat door de RUD wordt uitgevoerd. Wij gaan hieronder in op de grootste onderdelen van het gerealiseerde RUP.

11

Doordat de uitvoerende medewerkers in dienst zijn bij de deelnemers, worden de kosten van het RUP grotendeels verantwoord in de jaarrekeningen van de deelnemers. Alleen de werkzaamheden die onderling zijn uitgewisseld, komen tot uitdrukking in de financiën van de RUD. Dit jaar is er 3% van het RUP uitgewisseld. Deze uitwisseling is financieel zichtbaar bij het product Wabotaken, taakveld 8.3 Wonen en Bouwen en als onderdeel bij het product Basis- en milieutaken, taakveld 7.4 milieubeheer. In onderstaande grafiek is de realisatie van de hoofdrubrieken (RUP 2021) in uren uitgedrukt. Grafiek 1

Gerealiseerde uren in procenten t.o.v. de planning (R)UP realisatie 2021

realisatie 2020

Totaal >>

77%

85%

1. Vergunningen milieu

85% 83%

2b. Toezicht milieu (uren)

82% 86%

3. Briks

87% 73%

4. APV 5. Juridisch en overig

85% 88%

57% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

93%

70%

80%

90%

100%

Het realisatiepercentage is t.o.v. 2020 met 8% toegenomen. Uitgedrukt in ureninzet is daarmee ongeveer 17.000 uur meer gerealiseerd dan in 2020. Ook in 2021 heeft COVID-19 haar impact gehad op de werkzaamheden. Zo konden er minder fysieke toezichtcontroles worden uitgevoerd, zijn er minder vergunningen verleend en zijn er minder adviezen afgegeven. Daarnaast hebben diverse evenementen, onder de rubriek APV, niet plaats kunnen vinden. Hieronder gaan wij dieper in op de vijf hoofdrubrieken.

12

Vergunningen milieu In het RUP zijn producten in aantallen met bijbehorende kengetallen opgenomen, maar ook producten waar geen kengetallen voor zijn opgenomen. Deze producten worden in uren verantwoord. In grafiek 2 zijn het aantal geplande versus gerealiseerde vergunningen weergegeven in aantallen. Grafiek 2

aantal vergunningen Gerealiseerd 2021

Gepland 2021

38 50

IPPC industrieel

IPPC agrarisch

89

Overig vergunningplichtig

96

147

129 593

Niet-vergunningplichtig 0

100

200

300

400

500

600

675 700

800

In grafiek 3 is visueel weergegeven welke producten de grootste afwijkingen in uren vertonen ten opzichte van de planning. Het betreft hier zowel de producten die verantwoord zijn op aantallen maal kengetal als de producten die verantwoord zijn op uren.

13

Grafiek 3

Grootste afwijkingen gerealiseerde uren t.o.v. planning (R)UP -5000

-4000

-3000

-2000

-1000

0

1000

2000 2V Verg.verlening milieu bij agrarische IPPC inrichtingen

-3755 -278

3V Vergunningverlening milieu bij overige vergunningsplichtige inrichtingen 10V Vergunningen grondstromen, bouwstoffen en bodem

-903

12 Specialistisch advies (externe) veiligheid

-1731

1210 15 Bodem, bouwstoffen en water -388

16 Specialistisch advies geluid en trillingen

-214

19 Specialistisch advies energie en klimaat

Door een tekort aan (agrarische) vergunningverleners zijn er beduidend minder vergunningen (2V en 3V) gerealiseerd dan gepland. Geconcludeerd kan worden dat de actualisatieverplichting IPPC-inrichtingen op de best beschikbare technieken (BBT) nog niet tot uitvoer is gekomen. Evenals voorgaand jaar blijkt dat de behoefte aan inzet externe veiligheid en de afhandeling van meldingen grondstromen hoger ingeschat is dan verantwoord. Complex is vaak, dat deze werkzaamheden over verschillende afdelingen binnen de gemeentelijke organisaties zijn geregeld. Op taakveld bodemadvies en toezicht zijn beduidend meer uren gerealiseerd dan gepland. Aanname is dat dit veroorzaakt wordt door het beter monitoren op daadwerkelijke uitvoer. Zoals eerder vermeld is het monitoren op uitgevoerde werkzaamheden vaak complex. De werkgroep bodem is bezig om de impactverschuiving bodemtaken in beeld te brengen. Daarmee komt er (waarschijnlijk) ook beter zicht op hetgeen daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Toezicht milieu In het RUP zijn producten in aantallen met bijbehorende kengetallen opgenomen, maar ook producten waar geen kengetallen voor zijn opgenomen. Deze producten worden in uren verantwoord. In grafiek 4 zijn het aantal geplande versus gerealiseerde toezichtcontroles weergegeven in aantallen.

14

Grafiek 4

aantal toezichtcontroles bij bedrijven Gerealiseerd 2021

Gepland 2021 1070

Volledige controles

1240

227 167

Deelcontroles energie 12 1

Deelcontroles bodem

142 156

Deelcontroles overig

111

Audit / administratieve controle

186 389

Hercontrole 91

Handhavingscontrole 0

955

160

200

400

600

800

1000

1200

1400

Door COVID-19 zijn er minder fysieke deel-, her- en handhavingscontroles uitgevoerd. De controles bij de meest milieubelastende vergunningplichtige bedrijven (1T t/m 4T) zijn nagenoeg allemaal uitgevoerd. Bij de meldingsplichtige bedrijven (4T) zijn circa 200 controles minder uitgevoerd. Doordat minder controles zijn uitgevoerd worden ook minder tekortkomingen geconstateerd. Deze tekortkomingen vertalen zich in een lager aantal her- en handhavingscontroles. Benoemde hercontroles zijn niet gespecificeerd en hebben betrekking op zowel de volledige controles, benoemde deelcontroles alsook de audits/administratieve controles. Het grootste verschil in aantal hercontroles wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de meldingsplichtige inrichtingen (4T) waarbij er circa 550 niet tot uitvoer zijn gekomen. Naast aantallen voert de RUD ook producten uit die alleen geregistreerd worden op uren. Deze zijn hieronder in grafiek 5 weergegeven.

15

Grafiek 5

Gerealiseerde uren toezicht controles bij niet bedrijven t.o.v. de planning (R)UP Gerealiseerd 2021

Gepland 2021

10T Toezicht op grondstromen, bouwstoffen en bodem

3452 3930

11T Milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied

214

1410 5788 5715

26T Milieutoezicht bij sloop met asbest 30T Advies na meldingen, klachten en ongewone voorvallen

5193 0

7724

1000 2000 3000 4000 5000 6000 7000 8000 9000

Geplande ureninzet op milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied (11T) zijn achtergebleven. Indruk bestaat dat er wel ureninzet op heeft plaatsgevonden, maar de monitoring op deze inzet niet (correct) wordt aangeleverd. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat deze inzet buiten de reguliere “VTH-afdelingen” van de partners gebeurd. Ketentoezicht maakt onderdeel uit van milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied (11T). De controles die uitgevoerd zijn in het project Gebiedsgericht Handhaven mestfraude, een samenwerking tussen NVWA/RVO, Waterschap en de RUD LN, zijn niet onder 11T opgevoerd. Deze werkzaamheden zijn als volledige controle, onder 2T, 3T of 4T opgevoerd. Reden hiervoor is de overlap tussen reeds geplande volledige milieucontroles vanuit de RUD LN en de ontstane controles (13 stuks) vanuit het project. Daarmee zou een dubbele boeking over dezelfde uitgevoerde werkzaamheden plaatvinden. BRIKS De afkorting BRIKS staat voor de producten die vallen onder bouwen, ruimtelijke ordening, inritten, kappen van bomen en slopen van bouwwerken. Uitzondering hierop zijn de sloopwerkzaamheden met asbest. Deze zijn onder toezicht milieu verwerkt. De BRIKS producten zijn uiteen te zetten in vergunningverlening en specialistisch advies en toezicht. Deze worden apart in onderstaande grafieken opgenomen.

16

Grafiek 6

Gerealiseerde uren vergunningverlening en specialistisch advies BRIKS (top 4) t.o.v. planning (R)UP Gerealiseerd 2021

Gepland 2021

24 Specialistisch advies constructieve veiligheid

2.298 1.790

23 Specialistisch advies brandveiligheid

2.063 2.620 11.969 12.598

21V Vergunningverlening bouw (eenvoudig) 6.405

21V Vergunningverlening bouw (complex) 0

2.000

4.000

6.000

8.087

8.000

10.000

12.000

14.000

Zoals grafiek 1 weergeeft is het programma op BRIKS met 87% niet behaald dit jaar. Met name op het product 21V is de productie achtergebleven op de planning. Ook hierop heeft de arbeidsmarktkrapte haar invloed. Er is regionaal alsook landelijk een tekort aan bouwplantoetsers. Grafiek 7

Gerealiseerde uren BRIKS (top 3) t.o.v. planning (R)UP Gerealiseerd 2021

Gepland 2021

166

21T Toezicht gebruiksfase (bestaande bouw)

1.743 7.390 7.427

21T Toezicht bouwen en RO (complex) - realisatiefase 21T Toezicht bouwen en RO (eenvoudig) realisatiefase

1.642 0

2.830

1.000 2.000 3.000 4.000 5.000 6.000 7.000 8.000

17

Er is met name een afwijking zichtbaar bij toezicht in de gebruiksfase. Het betreft toezicht op brandveiligheid bij bedrijven zoals de horeca. Door de lockdown hebben deze controles niet plaats kunnen vinden. APV Met betrekking tot APV is in grafiek 1 aangeven dat 73% van het programma is behaald ten opzichte van 85% in 2020. Grafiek 8

Gerealiseerde uren APV (top 5) t.o.v. planning (R)UP Gerealiseerd 2021

Gepland 2021 5.210 4868

45T Advies gebiedstoezicht 765

Kermissen

1.050

470 318

Weekmarkten

111

Drank- en horecawet

757 1.323

APV 0

1.000

2.000

2.843 3.000

4.000

5.000

6.000

Er zijn met name minder vergunningen op de APV afgegeven i.v.m. het nauwelijks kunnen organiseren van evenementen. Juridisch en overig Op het onderdeel juridisch en overig ligt de productie procentueel gezien aanmerkelijk hoger dan vorig jaar, zie grafiek 1. Ook in absolute aantallen is er in 2021 circa 17.500 uur meer gerealiseerd dan vorig jaar. Partners zijn “bewuster gaan monitoren” op de daadwerkelijk uitgevoerde taken. Dit vertaalt zich direct door in betere productiecijfers.

18

Grafiek 9

Gerealiseerde uren Juridisch en overig (top 7) t.o.v. planning (R)UP Gerealiseerd 2021

Gepland 2021

20.642

Lokale projecten/prioriteiten Regionale projecten/prioriteiten

2.186 2.755

Landelijke projecten/prioriteiten

2.486 2.499

Overige (juridische) werkzaamheden

450

27.945

2.163 12.343 11.786

36T Juridisch Toezicht en Handhaving 8.724 8.208

36V Juridisch Vergunningverlening 548 900

33V Besluitvorming beschikking vergunning 0

5.000

10.000

15.000

20.000

25.000

30.000

De uren onder projecten bestaan uit concrete projecturen en ‘overige’ uren, zoals advisering aan gemeenten over verordeningen, beleid, kwaliteitsverbetering, mediation, etc. Algemene onderdelen Tenslotte wordt hieronder nog ingegaan op enkele algemene onderdelen. Door het tekort aan personeel en het lastig kunnen invullen van vacatures is het percentage uitwisseling gedaald van 4% in 2020 naar 3% in 2021. Omdat tussen de partners niet altijd invulling gegeven kan worden aan verzoektaken, het uithelpen als het specialisme niet in eigen huis is, wordt door de vragende partner zelf ingehuurd. Deze inhuur wordt opgenomen als eigen productie en heeft daarmee een “negatieve” invloed op het uitwisselingspercentage. De uitwisseling heeft echter wel op alle vlakken plaatsgevonden, zowel op reguliere vergunningverlening en toezicht als op specialistische expertises, zoals bijvoorbeeld geluid, bodem, cultuurhistorie en constructieve veiligheid. De 3% uitwisseling wordt verrekend met de vastgestelde uurtarieven van de RUD LN. Hierdoor is ervoor circa € 417.000 uitgewisseld. Deze uitwisseling is zichtbaar in de jaarrekening, voor € 318.000 onder het product Basismilieutaken, en voor € 99.000 op het product Wabotaken. Hoewel het bereiken van een hoog uitwisselingspercentage geen doel op zich is, geeft het wel een indicatie van de onderlinge samenwerking weer.

19

Het aantal controles bij milieu-inrichtingen waar één of meer overtredingen zijn geconstateerd was 14%1. Dit percentage was in 2020 21%. In 2021 is 100% van de adviezen van de RUD Limburg Noord door de bevoegde gezagen overgenomen. Van deze adviezen is 90% binnen de voorgenomen termijn opgeleverd. Dit is een toename van 4% ten opzichte van 2020. Bijzondere thema’s Aan onderstaande thema’s is in 2021 speciale aandacht besteed. Omgevingswet en wet kwaliteitsborging bouwen Het in werking treden van de Omgevingswet is verder uitgesteld. Na het uitstel tot 1 juli 2021 volgde uitstel tot 1 januari 2023. De WKB “lift mee”, de beide wetten worden tegelijk ingevoerd. Het takenpakket van de RUD valt vrijwel volledig onder de reikwijdte van de Omgevingswet. De RUD neemt deel aan het projectleidersoverleg (projectleider omgevingswet) in onze regio. Verder rapporteren we over de voortgang aan de hand van de roadmap. De veranderingen als gevolg van de omgevingswet zitten, naast een andere werkwijze, veelal in de veranderingen in het gebruik van data. Er komen landelijke voorzieningen waar data moeten worden aangeleverd en kunnen worden opgehaald. De data komen van de bevoegde gezagen (bron) maar worden door het gebruik van de nieuwe applicatie gemakkelijker voor meer partijen toegankelijk. Ook de burgers en bedrijven kunnen daardoor sneller inzage krijgen en dat is precies de bedoeling.

Deze operatie is zo omvangrijk en complex, dat dit de planning van de invoering van de Omgevingswet bepaald. De andere werkwijze vraagt ook veranderingen in werkprocessen. Zo gaan we werken met milieubelastende activiteiten (MBA’s) in plaats van inrichtingen, verandert de vergunningplicht (meer algemene regels, minder vergunningen) en vinden er wijzigingen in het takenpakket van gemeenten en omgevingsdiensten plaats. Het groot aantal veranderingen vraagt naast bewustwording ook het trainen van medewerkers. Hiermee is in 2021 begonnen vanuit de RUD. Er hiervoor samenwerking gezocht met ODNL die een compleet (technisch) opleidingspakket hebben opgezet. Daarnaast is een eigen medewerker getraind en geeft de opgedane kennis middels cursussen aan gemeentelijke medewerkers door. Energie Het toezicht op energiebesparing wordt jaarlijks vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Bij het toezicht op de informatieplicht energiebesparingen, waarbij bedrijven moeten melden wat ze hebben gedaan aan (verplichte) energiebesparing, heeft de RUD LN in 2020

1 Deze gegevens zijn extracomptabel bijgehouden,

de verwachting is dat het werkelijke percentage hoger ligt dan het

gepresenteerde percentage.

20

ondersteuning gekregen van een externe partij (REDO groep, gefinancierd door het Ministerie van EZK). Dit heeft geleid tot een grotere naleving van de voorschriften en daarmee tot een verdere energiebesparing. Ook in 2021 heeft REDO deze taken voortgezet. Het energietoezicht en -advies bij bedrijven vanuit de RUD LN is en wordt afgestemd met de RESNML. Omdat er nu een vastgestelde energiestrategie in de regio is, werd met de RES organisatie ambtelijk verkend hoe tot een betere onderlinge afstemming gekomen kan worden. De doelstellingen van beide organisaties sluiten immers goed op elkaar aan en de opdrachtgevers zijn dezelfde gemeenten. Doordat de energietaken niet door alle partners volledig zijn ingebracht in de RUD LN is het moeilijk gebleken tot een uniforme benadering te komen. Dit kwam ook omdat in 2021 nog geen extra (rijks)middelen beschikbaar waren. De kennisgroep Energie heeft wel voorstellen gedaan voor een slimme branchegerichte benadering. Implementatie gezamenlijk VTH -systeem De RUD LN, de RUD ZL, alle gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg, de provincie en enkele gemeenten in de regio Zuid-Limburg implementeren gezamenlijk een nieuw VTHsysteem, Squit 20/20. Ze werken samen als SGIV (Samenwerking Gemeentelijk Informatiesysteem) en hebben een werkorganisatie opgezet die de implementatie begeleidt. De Provincie Limburg is als regiepartner de penvoerder.

Beoogd resultaat is een kwalitatief betere en efficiëntere taakuitvoering, kostenbesparing en betere dienstverlening aan bedrijven en burgers. Daarnaast kunnen alle deelnemers zich hiermee gezamenlijk voorbereiden op de komst van de Omgevingswet. Het werd echter steeds duidelijker dat de oplevering van Squit 20/20 niet alleen tegen inhoudelijk problemen aanliep, maar dat ook de planning voor de oplevering, acceptatie en life-gang van de applicatie moeizaam verliep. In 2021 sloten, ondanks de problemen, steeds meer gemeenten aan op de nieuwe applicatie. Een aantal gemeenten in onze regio gaven echter aan dit niet meer te gaan doen. De gemeenten die het systeem wel gebruiken erkennen dat er nog problemen zijn, maar zijn toch ook blij een nieuw systeem te hebben. Einde 2021 leverde Roxit, nadat SGIV heeft geëscaleerd richting de leverancier, een plan van aanpak om tot definitieve oplossingen te komen.

21

Ketentoezicht / samenwerkingen Ketentoezicht is de samenwerking tussen toezichthoudende organisaties waarbij één of meer toezichthouders controleren op naleving, kwaliteit of veiligheid op een bepaalde branche of (afval-)keten. Hierbij is het kenmerk dat de partijen(toezichthouders), als schakels in de keten, achtereenvolgens betrokken zijn op de naleving wet- en regelgeving. Ketentoezicht is een basistaak en behoort daarmee tot een onderdeel van de RUD-taken. In het BPO (Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht) alsook in het APO (Ambtelijk Platform Omgevingsrecht) was de RUD LN als uitvoerende organisatie vertegenwoordigd in 2020. Deelnemers aan de overleggen waren Waterschap Limburg, NVWA, Provincie Limburg, gemeenten, OM, Politie, RIEC, Staatsbosbeheer, RUD ZL en de RUD LN. De volgende zaken hebben in 2021 de aandacht gehad: - Gebied Gericht Handhaven mestketen (GGH) waarbij gecontroleerd werd op de naleving gebruik mest. Het doel was en is om de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater te verbeteren (lagere nitraatgehaltes) en voor alle ondernemers in de mestketen een eerlijk speelveld te creëren. In 2021 hebben ondanks COVID13 enkele gezamenlijke bedrijfsbezoeken plaatsgevonden én is er een gezamenlijke communicatiestrategie en aanpak opgesteld. - Overdracht bodemtaken waarbij de bevoegdheid van de provincie naar de gemeente gaat.

De RUD heeft met enkele medewerkers deelgenomen in de projectorganisatie die een plan voor de “warme” overdracht van taken naar de gemeenten heeft gemaakt. Moment van overdracht is aan de omgevingswet gekoppeld. - Opzetten samenwerking toezicht rondom Illegale lozingen op het riool. Hierbij waren gemeenten als rioolbeheer, de RUD als toezichthoudende organisatie, het waterbedrijf Limburg als kwaliteitsbewaker zuiveringsschap en het Waterschap Limburg betrokken. Het AB heeft hierover een themabijeenkomst georganiseerd en een bestuurlijk trekker bereid gevonden dit thema verder te brengen. Naast bovengenoemde samenwerkingen tussen ketenpartners is ook ingezet op het versterken van de samenwerking tussen betrokken partners bij de RUD LN, en met de RUD ZL. Evaluatie en Van Aartsen Het door Lysias in 2019 opgestelde evaluatierapport werd op 13 februari 2020 in Kasteel Groot Buggenum besproken door bestuurders, gemeentesecretarissen, managers en medewerkers en vormde het startschot voor een aantal verbeteracties. Hier bleken de partners nog altijd de netwerksamenwerking te ondersteunen. De komst van de omgevingswet, die flexibiliteit en snelheid vraagt, versterkt dit beeld. Het Algemeen Bestuur gaf n aan het Dagelijks Bestuur de opdracht de aanbevelingen uit te werken tot concrete maatregelen.

Hierbij werd gericht op: Het versterken van de rol van het Dagelijks Bestuur, het Algemeen Bestuur gaat meer op hoofdlijnen sturen. Het aanpassen van de positie van de adviesraad.

22

-

Het verbeteren en versnellen van de totstandkoming en monitoring van het Uitvoeringsprogramma. Het versterken van de rol van de kennisgroepen en het beter ondersteunen van de kennisgroepen. Het verbeteren van de effectiviteit van het lijnmanagersoverleg. Het versterken van het coördinatiecentrum. Het verbeteren van de communicatie in en over het netwerk.

-

In augustus 2020 werd een rapport met de uitgewerkte maatregelen, getiteld “Schouders eronder”, verbeteringen in de governance van de RUD Limburg Noord, opgeleverd. De hierin opgenomen 45 maatregelen werden in 2020 en 2021 opgepakt. Deze maatregelen zijn voor circa de helft gerealiseerd en ongeveer een kwart is ‘in uitvoering”. Een aantal moet nog starten. De maatregelen variëren sterk in omvang en soort en kunnen daarom niet rekenkundig worden vergeleken. Tabel 3 Maatregel heeft Betrekking op

Gepland Aantal

Aantal gereed

Aantal in uitvoering

Nog te starten

Algemeen Bestuur

7

4

1

2

Dagelijks bestuur

4

1

1

2

Adviesraad

6

6

Uitvoeringsprogramma

3

1

1

1

Kennisgroepen

5

1

2

2

Lijnmanagersoverleg

6

1

1

4

Communicatie

4

4

Coördinatiecentrum

5

2

2

1

Algemeen, door directeur

5

3

2

Totalen

45

23

10

12

Het rapport “Om de leefomgeving” van de commissie VTH (commissie Van Aartsen) in maart 2021 had een grote impact. Er werd een pittig oordeel uitgesproken over de staat van het stelsel. Ook kwamen er 10 aanbevelingen die een grote impact hadden bij alle betrokkenen: Gemeenten, Provincies, Omgevingsdiensten, Ministeries. De RUD LN reageerde in mei met een brief richting de Staatssecretaris. Hierin werd het belang van het advies Van Aartsen onderkend en aangegeven dat we hierin zelf een actieve

23

rol wilden nemen. De daad bij het woord voegend werd Lysias gevraagd om te onderzoeken wat er, aanvullend op de al ingezette maatregelen vanuit de evaluatie, nodig was om de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen binnen onze dienst toe te passen. Lysias rapporteerde in juli 2021, in een besloten AB vergadering, hun bevindingen. Deze kwamen erop neer dat we voor een deel al op de goede weg zitten, maar dat op enkele onderdelen in hun ogen nog meer moet gebeuren: -

Omvang omgevingsdienst in overeenstemming met zwaarte van taken Financiering baseren op programma niet op beschikbare middelen Positie directeur in netwerk versterken (sturing) Advisering RUD bij omgevingsplannen (uitvoeringstoets)

Verder gaf men aan dat op een aantal onderdelen bijstelling of versterking van de huidige koers wordt aanbevolen: -

Kwaliteit in de uitvoering Takenpakket Informatie-uitwisseling en kennisontwikkeling Eén uitvoerings- en handhavingsbeleid

Overigens biedt de huidige gemeenschappelijk regeling al een goede basis voor deze aanpassingen. Het AB gaf aan dat men wil inzetten op extra maatregelen teneinde in te spelen op Van Aartsen, maar dat men eerst een uitgewerkt plan wil zien. Met het Lijnmanagement is op 7 oktober 2021 een conferentie gehouden over de voortgang van de evaluatie. Daarbij kwam naar voren dat de constante aandacht voor de governance ten koste dreigt te gaan van de uitvoering van werkzaamheden. Er is immers veel te doen. Daarom is het belangrijk een prioritering aan te brengen bij de ontwikkelingen en het inhoudelijk werk niet uit het oog te verliezen. De managers denken hierbij bijvoorbeeld aan de actualisering van de risicoanalyse en het inrichtingenbestand. Bij een vervolg op deze bijeenkomst heeft Lysias met betrekking tot hun voorstellen een onderscheid gemaakt in: willen, kunnen en doen. Veel zaken die we willen, kunnen we niet direct doen. Dit is vervat in een zogenaamde houtskoolschets. In het AB van 23 december 2021 is besloten om tot een uitwerking van deze houtskoolschets te komen en alle acties als één pakket te presenteren. Hier wordt inmiddels aan gewerkt. Gevolgen capaciteitsproblematiek bij de partners De komst van de Omgevingswet, toenemende zorgen over ondermijning, complexiteit van dossiers, de toegenomen juridisering enz. vragen extra capaciteit vanuit het VTH-domein.

Door vergrijzing (uitstroom) en doorstroom ontstonden veel vacatures in de regio. Het blijkt moeilijk tot hernieuwde invulling te komen. Hier doet de eerder geconstateerde arbeidsmarktproblematiek voor technisch/specialistisch personeel zich gelden. Hierdoor is de uitwisseling van werkzaamheden tussen partners geringer dan ooit geweest. Bij de Berap, die in juli 2021 verscheen werd geconstateerd dat zowel het tempo van de uitvoering van het UP alsook de uitwisseling van personeel achterbleven bij de

24

raming/begroting. Het gebrek aan personeel leidde eigenlijk automatisch al tot minder uitwisseling en meer inhuur. Ook de gevolgen voor het UP zijn geen verrassing. Een ronde langs alle partners bevestigde dit beeld. Ondanks dat werd bij een aantal partners het beeld aan het einde van het jaar toch nog wat gunstiger dankzij een extra “eindspurt”. Opleidingen Daarnaast hebben we aandacht voor de aanwezige kwaliteit en kennis bij de medewerkers. De RUD LN investeert permanent in kennis, kunde en competenties van de medewerkers werkzaam binnen de RUD LN. Met name op de omgevingswet gericht. De RUD-Academie verzorgt cursussen en trainingen gericht op de praktijk. Zo willen we de medewerkers blijven boeien en binden aan onze organisaties. Helaas leverde COVID vaak problemen op en waren fysieke trainingen beperkt. Dit alles heeft zijn impact gehad op het opleidingsbudget (onderbesteding). Prestatie-indicatoren De afgelopen jaren heeft de RUD-monitoring uitgevoerd over de prestaties van de uitvoering. Vanuit deze metingen heeft de RUD voor 2020 een eerste opzet van prestatieindicatoren opgesteld. Deze indicatoren zullen gedurende de jaren verder uitgebreid en doorontwikkeld worden. Dit zal mede mogelijk worden door de invoering van het centrale VTH-systeem. Tabel 4

Indicator

Norm 90%

Realisatie 2020 94%

Realisatie 2021 77%

% uitgevoerde milieucontroles (excl. hercontroles) % volledige controles % deelcontroles

90% 90%

98% 71%

86% 118%

% uren vanuit het RUP gerealiseerd

95%

77%

90%

% adviezen binnen de termijn opgeleverd % adviezen overgenomen door de colleges

90% 100%

94% 100%

90% 100%

25

2.4 Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de totale baten en lasten opgenomen voor de uitvoering. In paragraaf 4.2 als onderdeel van de jaarrekening is een nadere toelichting opgenomen op de lasten en baten. Tabel 5 Taakveld Lasten 1

2 3 4 7

5

Programmauitvoering Basis- en milieutaken Projecten Wabotaken Coordinatiecentrum

2021

2021

2021

2021

Primaire begroting 2021

Bijgestelde begroting 2021

realisatie 2021

Saldo

Onvoorzien Vennootschapsbelasting Betalingsverkeer Totaal lasten

7.4 milieubeheer € 1.228.000 7.4 milieubeheer € 8.3 wonen en bouwen € 101.000 0.1 bestuur € 21.000 0.4 overhead € 1.057.000 0.8 overige baten en € lasten 50.000 0.9 vpb € 0.5 Treasury € € 2.457.000

€ € € € € € € € €

1.013.000 101.000 21.000 1.064.000 50.000 2.249.000

€ € € € € € € € €

567.000 50.000 99.000 20.000 894.000 1.630.000

€ € € € € € € € €

446.000 -50.000 2.000 1.000 170.000 50.000 619.000

Baten Programmauitvoering Bestuurskosten Overhead Onvoorzien Basis en milieutaken Projecten Wabotaken Totaal baten

0.1 bestuur € 21.000 0.4 overhead € 1.057.000 0.8 overige baten en € lasten 50.000 7.4 milieubeheer € 1.205.000 7.4 milieubeheer € 8.3 wonen en bouwen € 101.000 € 2.434.000

€ € € € € € €

21.000 1.064.000 50.000 827.000 101.000 2.063.000

€ € € € € € €

20.000 962.000 -54.000 428.000 52.000 99.000 1.507.000

€ € € € € € €

1.000 102.000 104.000 399.000 -52.000 2.000 556.000

-123.000 € 123.000 € €

63.000 -63.000 -

Resultaat Resultaat voor bestemming € 6 Onttrekking reserve 0.10 mutaties reserves € Resultaat na bestemming €

-23.000 € 23.000 € €

-186.000 € 186.000 € €

26

3 Paragrafen In de BBV zijn meerdere verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Deze zijn niet allemaal relevant voor de RUD. De RUD int geen belastingen en heffingen, bezit geen grondposities en is zelf geen verbonden partij bij een andere organisatie. Om deze reden zijn de paragrafen lokale heffingen, grondbeleid en verbonden partijen niet opgenomen. Hieronder staan de paragrafen: 1. Weerstandvermogen en risicobeheersing; 2. Financiering; 3. Onderhoud kapitaalgoederen; 4. Bedrijfsvoering.

3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Bufferfunctie In artikel 30 lid 4, 5 en 6 van de GR RUD LN is bepaald dat: “Alvorens het rekeningresultaat te bepalen, vindt een controle plaats op de opbrengsten en kosten in het kader van de vennootschapsbelasting. Een saldo op deze activiteiten zal worden verrekend met de betreffende opdrachtgevers. “Het jaarlijks saldo wordt verdeeld over de deelnemers conform de verdeelsleutels” . “In afwijking van het onder lid 5 bepaalde kan het Algemeen Bestuur incidenteel besluiten om saldo toe te voegen aan een nader te benoemen reserve of weerstandsvermogen”. Dit betekent dat elke deelnemer deelneemt in het risico van een negatief resultaat. In eerste instantie beschikt de RUD LN over een post onvoorzien van € 50.000. Het is echter mogelijk dat de risico’s daarmee niet afgedekt kunnen worden in enig jaar. In beginsel hoeft de RUD LN dan niet zelf te beschikken over een buffer om deze financiële risico’s op te vangen. Er kan immers een beroep gedaan worden op de deelnemers. Een nadeel hiervan is echter dat een negatief exploitatieresultaat steeds bij de deelnemers tot begrotingsoverschrijding zal leiden. Hierdoor is het in overweging te nemen om toch een financiële buffer te creëren. Om hier een goede afweging in te kunnen maken is er een gekwantificeerde risicoinventarisatie.

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit wordt gedefinieerd als de middelen en mogelijkheden waarover de RUD LN kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Het is een buffer om ervoor te zorgen dat de organisatiedoelstellingen niet in gevaar komen, als risico’s werkelijkheid worden.

27

De RUD LN beschikt niet over een algemene reserve. Zij beschikt wel over een post onvoorzien ter hoogte van € 50.000 die tot de weerstandscapaciteit gerekend kan worden. Indien de post onvoorzien in een boekjaar niet voldoende blijkt te zijn dan zullen de deelnemers conform de verdeelsleutel moeten bijdragen aan het tekort. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de buffer om tegenvallers op te vangen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de risico’s (benodigde weerstandscapaciteit) die de RUD LN loopt. Voor het beoordelen van het weerstandsvermogen is inzicht nodig in zowel de omvang en de achtergronden van de mogelijke risico’s als ook in de beschikbare weerstandscapaciteit. De ratio tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit (op basis van geïnventariseerde risico’s) bepaalt het weerstandsvermogen van de RUD LN. Risicobeheersing Risico’s De RUD LN inventariseert de risico’s waaraan de RUD LN is blootgesteld. Een aantal risico’s zijn afgedekt met verzekeringen. Denk daarbij aan de aansprakelijkheidsen rechtsbijstandverzekering. Een tabel van de risico-inventarisatie is in bijlage 3 opgenomen. Opgemerkt dient te worden dat de tabel inzicht geeft in de verwachtingswaarde van de risico’s. Wanneer een risico zich daadwerkelijk voordoet kan het effect groter of kleiner zijn dan de verwachtingswaarde.

Conclusie Het totaal van de risico’s (zie bijlage 3) is becijferd op € 94.500. Op basis van beschikbare weerstandscapaciteit, de post onvoorzien van € 50.000, komt het weerstandsvermogen neer op: € 50.000 / € 94.500 = 0,53. De voor- en nadelen met betrekking tot o.a. de vorming van een algemene reserve zijn door de RUD LN in samenwerking met haar partners afgewogen. Het uitgangspunt blijft om geen algemene reserve in te stellen. Er is bewust gekozen om niet alle mogelijke risico’s af te dekken. Enerzijds omdat ervanuit gegaan wordt dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen. Anderzijds omdat het rekeningresultaat (positief dan wel negatief) verrekend wordt met de deelnemers. Mochten de risico’s in een jaar boven de post onvoorzien uitkomen, dan worden deze doorberekend aan de deelnemers conform de GR. Kengetallen In artikel 11 van het BBV staat dat gemeenten, provincies en gemeenschappelijke regelingen in de paragraaf Weerstandsvermogen een set van vijf financiële kengetallen dienen op te nemen. Dit zijn kengetallen voor: de netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. Gezien de RUD LN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12484011/1