RIB.23.009 Viegbasis De Peel
Tekst van het document
Stuknummer: 22.0007621
Raad 10-01-2022 RIB.23.009
raadsinformatiebrief van
: Burgemeester en wethouders
portefeuillehouder
: R. Palmen
aan
: De leden van de gemeenteraad
datum
: 08/12/2022
status
: Actieve informatie
openbaar
: Ja
Onderwerp Voorgenomen heropening van vliegbasis De Peel
Aanleiding Op 30 november 2022 heeft een regionaal bestuurlijk overleg vliegbasis De Peel plaatsgevonden. Bij dit overleg zijn de 13 gemeenten die verbonden zijn bij de ontwikkelingen rondom dit dossier betrokken. Naar aanleiding van dit overleg informeren wij u over de huidige stand van zaken met betrekking tot het proces dat Defensie doorloopt en de stappen die wij als regio hierin hebben gezet. Algemeen Het Ministerie van Defensie heeft het voornemen om vliegbasis De Peel, gelegen in gemeenten Venray en Gemert-Bakel, te heropenen. Daartoe is een proces in gang gezet om te komen tot een nieuw Luchthavenbesluit. In dit proces trekken de gemeenten Venray, Gemert-Bakel, Deurne, Land van Cuijk, Helmond, Horst a/d Maas, Bergen, Boekel, Someren, Laarbeek, Geldrop-Mierlo, Gennep en Asten samen op. Daarnaast werken wij als regio bestuurlijk en ambtelijk nauw samen met de provincies Limburg en NoordBrabant. Defensie wacht stikstofberekening af Defensie heeft besloten, voordat zij verder gaan met de procedure, een stikstofberekening uit te voeren die inzichtelijk moet maken of het haalbaar is om te komen tot een luchthavenbesluit. Hierbij berekent Defensie de stikstof op basis van alle huidige en toekomstige grondgebonden en luchtgebonden activiteiten.
Defensie verwacht de uitkomsten van de berekeningen begin 2023, waarna de staatssecretaris van Defensie een besluit neemt of hij wel of niet door gaat met de procedure om te komen tot een luchthavenbesluit. Belevingsvlucht F-35 op 18 oktober 2022 Op 18 oktober is de belevingsvlucht met een F-35 uitgevoerd. Er zijn door Defensie een belevingsonderzoek en een geluidsmeting uitgevoerd. De rapporten hierover zijn op 9 december geagendeerd - en daarmee openbaar -
Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA
Postadres / PostCodePA PlaatsPA
T TelefoonNummer
F FaxNummer
Pag. 2 van 2
voor de COVM De Peel (Commissie Overleg Voorlichting en Milieu) van 15 december. In de bijlage treft u beide rapportages aan. Voortgangsrapportage Om u een beeld te geven van de activiteiten die we als regio tot nu toe hebben ondernomen, als reactie op de stappen die Defensie heeft gezet, is een voortgangsrapportage opgesteld. In de bijlage treft u deze aan. Vervolgstappen van Defensie Als Defensie besluit om op basis van de uitkomsten van het stikstofonderzoek de procedure voort te zetten, licht Defensie bestuurlijk en ambtelijk toe welke vervolgstappen zij gaan zetten. Op grond hiervan stellen wij een regionaal plan van aanpak op dat richting geeft aan de wijze waarop wij het proces van Defensie volgen.
Bijlagen 1. Rapport Belevingsonderzoek 2. Rapport geluidsmeting 3. Voortgangsrapportage vliegbasis De Peel
2
Thema: veiligheid
BELEVINGSVLUCHTEN VLIEGBASIS DE PEEL ONDERZOEKSRAPPORT DECEMBER 2022
INLEIDING
Het ministerie van Defensie heeft, in samenspraak met dertien gemeenten gelegen bij voormalige vliegbasis De Peel, in juni 2022 aan Invior gevraagd om mee te denken over een belevingsonderzoek naar de belevingsvluchten. Met het belevingsonderzoek is inzichtelijk gemaakt hoe bewoners van de dertien omliggende gemeenten en andere mensen die tijdens de belevingsvluchten aanwezig waren in de regio rondom voormalige vliegbasis de Peel de belevingsvluchten in algemene zin ervaren en in welke mate de belevingsvluchten invloed hebben op het dagelijks leven. Voor het onderzoek zijn destijds verschillende subdoelen opgesteld:
Betrokkenheid creëren onder inwoners, die woonachtig zijn in één van de dertien gemeenten, bij het proces ter reactivering van vliegbasis De Peel; Een luisterend oor bieden aan inwoners en betrokken partijen om ervaringen met betrekking tot de belevingsvluchten te kunnen delen (participatietraject); Verdiepende inzichten verkrijgen over specifieke doelgroepen uit de gemeenschap (bijv. (schoolgaande) kinderen, veehouders etc.); Regiobrede en lokale inzichten verkrijgen over de ervaring van de belevingsvluchten en over de invloed op het dagelijks leven; Eindpresentatie met inzichten en advies voor alle betrokken partijen.
In deze rapportage worden de resultaten van dit onderzoek zowel visueel als tekstueel uiteengezet op totaalniveau. Daarnaast zijn enkele verdiepende analyses uitgevoerd, waaronder nabijheid ten opzichte van de belevingsvluchten.
2
INHOUDSOPGAVE
SAMENVATTING RESPONSVERANTWOORDING BELEVINGSVLUCHTEN VANAF VOORMALIGE VLIEGBASIS DE PEEL GEPERCIPIEERDE HINDER EIGENSCHAPPEN VAN HET GELUID INVLOED BELEVINGSVLUCHTEN OP BEZIGHEID HEROPENING VOORMALIGE VLIEGBASIS DE PEEL DOELGROEPEN BIJLAGEN
3
4 6 10 16 21 28 33 41 45
SAMENVATTING I BELEVINGSVLUCHTEN VANAF VOORMALIGE VLIEGBASIS DE PEEL
Bijna drie kwart (73%) van de respondenten uit de regio is bekend met de voorgenomen heropening van vliegbasis De Peel. Ongeveer de helft van de respondenten in de regio heeft de vluchten bemerkt. De middagvlucht (52%) is iets vaker opgemerkt door respondenten in de regio dan de ochtendvlucht (47%). Respondenten die zich direct onder de vliegroutes bevonden geven veel vaker aan de vlucht gemerkt te hebben. De eerste reacties die men geeft op de belevingsvluchten hebben vaak betrekking op: Wat een kabaal/herrie/lawaai! Zeer vervelend/storend/irritant Viel me erg mee/ niet storend Mooi om te zien Schrikreactie Angstaanjagend/beangstigend Hinderlijk
GEPERCIPIEERDE HINDER
Ruim één op de drie respondenten in de regio ondervindt hevige hinder. Van de middagvlucht wordt iets meer hinder ondervonden dan van de ochtendvlucht. De hinder wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel heviger omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroute. De ervaren hinder verschilt sterk van gemeente tot gemeente. Inwoners van Gemert-Bakel en Venray ondervinden relatief het vaakst hevige hinder.
EIGENSCHAPPEN VAN HET GELUID Iets minder dan de helft van de respondenten in de regio omschrijft het geluid als hard. Het geluid van de middagvlucht wordt iets harder ervaren dan het geluid van de ochtendvlucht. Het geluid wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel harder omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroutes. Iets minder dan een kwart van de respondenten in de regio omschrijft de trilling van het geluid als hevig. De middagvlucht wordt iets heviger ervaren dan de ochtendvlucht. De voelbaarheid wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel heviger omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroutes. De (toon)hoogte van het geluid van de belevingsvluchten wordt vaker als hoog dan als laag omschreven. De meningen lopen desondanks vrij sterk uiteen. De verschillen tussen de ochtend- en middagvlucht zijn verwaarloosbaar. De (toon)hoogte van het geluid van de belevingsvluchten wordt direct onder de vliegroute als hoger ervaren dan niet direct onder de vliegroute.
4
SAMENVATTING II INVLOED BELEVINGSVLUCHTEN OP BEZIGHEID
Iets minder dan de helft van de respondenten uit de regio die de ochtend-/middagvlucht hebben gehoord, geeft aan dat deze (zeer) veel invloed had op zijn/haar bezigheid op dat moment (dit komt neer op ongeveer één vijfde van alle respondenten die tijdens de ochtendvlucht aanwezig waren in de regio). Met name op respondenten die aan het werk waren, was de invloed relatief groot. De helft van de werkenden die de ochtend- of middagvlucht hebben gehoord, geeft aan (zeer) veel invloed te ondervinden van de vluchten, als gevolg van met name concentratieverstoring, onverstaanbaarheid, niet kunnen werken en de afleiding. Twee vijfde van de respondenten die bezig waren met vrijetijdsbesteding/ontspanning die de ochtend- of middagvlucht hebben gehoord, geeft aan (zeer) veel invloed te ondervinden van de vluchten, als gevolg van met name afleiding en irritatie, moeten stoppen met de bezigheid, onverstaanbaarheid en de schrikreactie.
HEROPENING VOORMALIGE VLIEGBASIS DE PEEL
De houding ten opzichte van de mogelijke heropening van vliegbasis De Peel, loopt sterk uiteen. Een relatief grote groep is zeer negatief. Respondenten die zich direct onder de vliegroutes bevonden zijn veel negatiever dan respondenten die zich niet onder de vliegroutes bevonden. Naarmate een gemeente verder weg ligt van de vliegbasis, wordt de houding ten opzichte van de mogelijke heropening positiever. Vooral in Gemert-Bakel en Venray is de weerstand groot. De geluidshinder en de (inter)nationale veiligheid zijn de belangrijkste redenen bij het innemen van een standpunt met betrekking tot de mogelijke heropening van vliegbasis De Peel. Voor respondenten die negatief staan tegenover de heropening is de geluidshinder de belangrijkste afweging. Voorstanders noemen vooral de (inter)nationale veiligheid. Een ruime meerderheid (79%) van de respondenten uit de regio is het eens of zeer eens met de stelling: “Defensie is nodig om Nederland te beschermen”. De resultaten van respondenten uit de regio wijken niet of nauwelijks af van de landelijke resultaten uit de Draagvlakmonitor Defensie (H1 2022). Respondenten die zich direct onder de vliegroutes van de belevingsvluchten bevonden (76%) geven iets minder vaak aan het met de stelling eens te zijn.
Hoewel er verschillen zijn, is in geen enkele gemeente het aandeel inwoners dat van mening is dat defensie nodig is om Nederland te beschermen lager dan 71%.
DOELGROEPEN
De belevingsvluchten hebben in meer dan de helft van de gevallen veel of zeer veel invloed op kinderen/jongeren. Hierbij worden vaak kernwoorden als ‘angst’ en ‘schrikken’ gebruikt. De belevingsvluchten hebben in iets minder dan de helft van de gevallen veel of zeer veel invloed op zorgbehoevenden. Hierbij worden vaak kernwoorden als ‘angst’ en ‘paniek’ gebruikt. De belevingsvluchten hebben in iets meer dan de helft van de gevallen veel of zeer veel invloed op vee. Hierbij worden vaak kernwoorden als ‘angst’ en ‘paniek’ gebruikt.
5
RESPONSVERANTWOORDING I RESPONS
In totaal hebben n=5.247 respondenten aan het onderzoek deelgenomen. De maximale foutmarge bij deze steekproefgrootte bedraagt ±1,3% (bij een betrouwbaarheidsniveau van 95%)*. Om de resultaten van het onderzoek representatief te maken voor alle inwoners van de dertien gemeenten, zijn deze herwogen naar de populatieverhoudingen voor wat betreft de variabelen geslacht, leeftijd en gemeente waar men woonachtig is. In nevenstaande tabellen zijn hiervoor de details van de respons- en populatieverhoudingen weergegeven.
Geslacht Man
Populatie (%) 50,4
Respons (%) 55,4
Vrouw
49,6
40,1
Onbekend
4,5
Leeftijdscategorie Jongeren (<40 jaar)
30,6
12,0
Middelbaren (40-64 jaar)
43,3
45,1
Ouderen (65+ jaar)
26,9
37,5
Onbekend
5,4
Populatie (%)
Respons (%)
Asten
3,6
7,4
Bergen
2,9
1,3
Boekel
2,3
0,9
Deurne
6,8
9,7
Geldrop-Mierlo
8,4
5,0
Gemert-Bakel
6,4
9,0
Gennep
3,6
1,4
Helmond
19,3
9,1
Horst aan de Maas
9,1
14,4
Laarbeek
4,8
6,5
Land van Cuijk
19,3
12,9
Someren
4,1
3,3
Venray
9,3
14,2
Gemeente
Onbekend
6
*De foutmarge geeft de precisie van een gemeten percentage aan. Hoe kleiner de foutmarge, hoe preciezer het gemeten resultaat. Het betrouwbaarheidsniveau geeft de statistische kans aan dat, bij herhaling van de meting onder gelijke omstandigheden, het resultaat van deze herhaalmeting binnen de foutmarge blijft.
4,8
RESPONSVERANTWOORDING II HERKOMST RESPONS
Iets minder dan twee derde van de respondenten (n=3.262) hebben deelgenomen vanuit hun rol als panellid van één van de dertien TipBurgerpanels*. De rest (n=1.985) heeft deelgenomen door gebruik te maken van de openbare link (zie nevenstaande tabel voor details). Het feit dat een meerderheid van de respondenten afkomstig is uit de TipBurgerpanels komt de representativiteit van het onderzoek o.i. ten goede. De reden hiervoor is dat de Tip-Burgerpanelleden geen panellid zijn geworden vanwege dit specifieke onderzoek. Zij worden door de bank genomen getriggerd voor deelname vanuit hun rol als inwoner van de gemeente en vanuit de intrinsieke motivatie om hun bijdrage te leveren aan de gemeenschap. Deelnemers via de open link worden waarschijnlijk eerder getriggerd doordat ze een of meerdere belevingsvluchten hebben gehoord, waarna ze de vragenlijst hebben ingevuld. We zien aanwijzingen voor dit vermoeden wanneer we kijken naar de resultaten. Tip-burgerpanelleden geven, vaker dan deelnemers via de open link, aan de belevingsvluchten niet gehoord te hebben (en zijn hier dus ook niet door getriggerd voor deelname). Daarnaast bestaat het vermoeden dat inwoners die een relatief groot belang hebben bij het onderwerp sterker geneigd zijn aan het onderzoek deel te nemen via de open link.
Ook hiervoor zien we aanwijzingen in het feit dat deelname via de openbare link in de gemeenten die dicht bij de vliegbasis liggen, relatief hoog is (zie tabel rechts).
* Wat zijn Tip-Burgerpanels?
7
Panel
Aantal respondenten
%
Open link (woonplaats)
Aantal respondenten
%
TipAsten
368
7,0
Asten
22
0,4
TipBergen
35
0,7
Bergen
34
0,6
TipBoekel
12
0,2
Boekel
36
0,7
TipDeurne
368
7,0
Deurne
143
2,7
TipGeldrop-Mierlo
249
4,7
Geldrop-Mierlo
14
0,3
TipGemertsNieuwsblad
114
2,2
Gemert-Bakel
356
6,8
TipGennep
63
1,2
Gennep
10
0,2
TipHelmond
294
5,6
Helmond
182
3,5
TipHorstaandeMaas
716
13,6
Horst a/d Maas
42
0,8
TipLaarbeek
328
6,3
Laarbeek
11
0,2
TipLandvanCuijk
279
5,3
Land van Cuijk
399
7,6
TipSomeren
171
3,3
Someren
4
0,1
TipVenray
265
5,1
Venray
479
9,1
Onbekend
253
4,8
Een Tip-Burgerpanel is een gemeenschapspanel dat periodiek wordt uitgenodigd voor deelname aan onafhankelijk onderzoek over veelal lokale of regionale onderwerpen. Het gemeenschapspanel is niet verbonden aan een gemeentelijke instantie waardoor de onderzoek- en onderwerpkeuzes niet beïnvloed worden door de gemeente. De actualiteit is bij de onderwerpkeuze leidend, door de (in het algemeen vaak) korte en luchtige formule reageren respondenten snel en ongecensureerd (de ‘echte’ antwoorden komen hierdoor naar boven). Invior stelt de vragenlijsten op met input van belanghebbende partijen, in dit geval met het ministerie van Defensie en de betrokken gemeenten (vertegenwoordigd door de gemeente Venray). De terugkoppeling vindt, in overleg met de opdrachtgever, plaats via de mail, via persbericht, via de Tip-website en via de Facebookpagina. De deelnemers krijgen geen vergoeding en zijn derhalve intrinsiek gemotiveerd om deel te nemen.
RESPONSVERANTWOORDING III METHODIEK
Er is primair gekozen voor een online onderzoeksmethode. Deze methode heeft het mogelijk gemaakt om direct na afronding van de tweede en laatste belevingsvlucht een vragenlijst te versturen aan potentiële deelnemers. Dit laatste is belangrijk om respondenten de kans te geven hun beleving van de vluchten te kunnen delen op een moment waarop de beleving nog vers in het geheugen zit. Op 18 oktober 2022 is (direct na de tweede belevingsvlucht) een email gestuurd aan alle panelleden van de Tip-burgerpanels uit de dertien omliggende gemeenten met een link naar de online vragenlijst. Op 24 oktober 2022 zijn herinneringen aan niet responderende panelleden gestuurd. Niet-panelleden is de mogelijkheid geboden zich vooraf in te schrijven voor deelname en daarbij direct na de belevingsvluchten een herinneringsmail te ontvangen met een link naar de openbare vragenlijst. Aan het ministerie van Defensie en de dertien omliggende gemeenten is een openbare link beschikbaar gesteld die vervolgens is gedeeld via het netwerk, communicatiekanalen en (sociale) media. Teneinde iedereen de kans te geven deel te nemen aan het onderzoek is de mogelijkheid beschikbaar gesteld een papieren versie van de vragenlijst opgestuurd te krijgen of telefonisch deel te nemen aan het onderzoek. Alle respondenten hebben de vragenlijst anoniem ingevuld.
8
OVER DEZE RAPPORTAGE
In dit rapport zijn de resultaten visueel weergegeven, waarbij tekstueel duiding wordt gegeven. De resultaten zijn bij specifieke analyses tevens uitgesplitst naar de variabelen: Nabijheid ten opzichte van de vliegroutes (zie slide 9 voor details) Woonplaats (zie tabel op slide 6 voor details) Leeftijdscategorie (zie tabel op slide 6 voor details) Bezigheid ten tijde van de vlucht (bijv. ‘aan het werk’, ‘onderweg’, etc.) Standpunt t.o.v. heropening vliegbasis De Peel: (zeer/enigszins) positief versus (zeer/enigszins) negatief Ten behoeve van de leesbaarheid worden, tenzij anders vermeld, enkel significante en relevante verschillen specifiek benoemd. NB: Percentages worden (vrijwel) altijd op hele cijfers afgerond. Door deze afronding kunnen kleine afwijkingen ontstaan, wanneer deze afgeronde percentages worden opgeteld. Een voorbeeld: 10,4% en 5,2% (afgerond 10% en 5%) tellen, niet afgerond, op tot 15,6%. Afgerond zou dit 16% zijn, terwijl 10% en 5% opgeteld uitkomen op 15%. Bij het analyseren van de resultaten wordt altijd uitgegaan van de niet afgeronde cijfers. In het rapport worden per slide verschillende bases gebruikt waarop de analyses gebaseerd zijn. Dit kan gevolgen hebben voor de conclusies die getrokken kunnen worden. Voorbeeld: op slide 12 staat weergegeven welk deel van de respondenten de ochtend/middagvlucht opgemerkt hebben.
Hierbij is niet ‘alle respondenten’ als basis genomen, omdat het minder relevant is of respondenten die zich buiten de regio bevonden ten tijden van de betreffende belevingsvlucht deze opgemerkt hebben. We kijken daarom bij deze analyse naar de basis ‘was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio’. De gebruikte bases zijn: Alle respondenten: Alle respondenten die de betreffende vraag hebben beantwoord. Was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio: Respondenten die hebben aangegeven zich tijdens de betreffende belevingsvlucht te hebben bevonden in één van de 13 gemeenten in de regio. Heeft ochtend-/middagvlucht gehoord: Alle respondenten die hebben aangegeven de betreffende vlucht gehoord te hebben. Was <bezigheid> tijdens het horen van de ochtend-/middagvlucht: Was bezig met een specifieke bezigheid (bijvoorbeeld ‘aan het werk’) tijdens het horen van de betreffende vlucht. Was tijdens het horen van de ochtend-/middagvlucht aan het werk met <doelgroep>: Was werkzaam met een specifieke doelgroep (bijvoorbeeld ‘zorgbehoevenden’) tijdens het horen van de betreffende vlucht.
RESPONSVERANTWOORDING IV NABIJHEID TEN OPZICHTE VAN DE VLIEGROUTES
In het onderzoek is uitgevraagd waar respondenten zich ten tijde van zowel de ochtendvlucht als de middagvlucht bevonden. Dit is uitgevraagd tot op wijk- of kernniveau. Deze uitvraagmethode is gekozen om het invullen zo toegankelijk mogelijk te houden (niet iedereen kan te allen tijde precies aangeven waar men zich bevond) maar tegelijkertijd verdiepende analyses op nabijheid ten opzichte van de belevingsvluchten wél mogelijk te maken. Hierbij wordt een tweedeling gemaakt tussen: Respondenten die zich ten tijde van de ochtend- of middagvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute (groene gebied in afbeelding 3). Respondenten die zich ten tijde van de ochtend- of middagvlucht in een dorp, kern of woonwijk binnen de regio bevonden, maar NIET direct onder de vliegroute (witte gebied in afbeelding 3).
Afbeelding 1: vliegroute ochtendvlucht*
Afbeelding 2: vliegroute middagvlucht*
Nadeel aan deze keuze is dat de nabijheid een indicatie betreft, aangezien in theorie iemand zich bijvoorbeeld in het westelijke deel van een gebied kan bevinden, terwijl de vlucht over het oostelijke deel ervan is gevlogen. Andersom kunnen respondenten die zich aan de grens van een gebied bevinden waar overheen is gevlogen, zich bijna recht onder het vliegtuig bevonden hebben, maar toch niet in het groene gebied worden geplaatst. Daarnaast kunnen er verschillen zijn in de hoogte waarop het vliegtuig is overgevlogen, waardoor verschillen in beleving kunnen optreden. NB: het gaat er bij nabijheid uitdrukkelijk NIET om waar iemand woont, maar om de fysieke locatie ten tijde van de betreffende belevingsvlucht. Ook respondenten die NIET woonachtig zijn in de regio, maar wel aanwezig waren in de regio tijdens de betreffende vlucht (bijvoorbeeld omdat ze ten tijde van de betreffende vlucht werkzaam waren of vakantie vierden in de regio) worden dus meegenomen in de analyses op nabijheid. NB: de gebieden zeggen alleen iets over de fysieke locatie van de respondent ten tijde van de belevingsvluchten en nog niets over het feit of men de vlucht wel of niet heeft gehoord of er hinder van ondervonden heeft.
9
* Bron: Ministerie van Defensie
Afbeelding 3: uitwerking van vliegroutes naar kernen en wijken. De groene gebieden bevinden zich direct onder de vliegroutes van de betreffende belevingsvluchten (de rode streep betreft de landingsbaan van de vliegbasis)
Belevingsvluchten vanaf voormalige vliegbasis De Peel “Defensie is voornemens om voormalige vliegbasis De Peel te heropenen. Op dinsdag 18 oktober heeft Defensie op verzoek van de omgeving twee belevingsvluchten uitgevoerd. Het doel van deze belevingsvluchten is de omgeving een indicatie te geven van het geluid van de F-35 gevechtsvliegtuigen en de impact daarvan op de leefomgeving.“
10
BEKENDHEID MET VOORGENOMEN HEROPENING VLIEGBASIS DE PEEL Bijna drie kwart van de respondenten uit de regio is bekend met de voorgenomen heropening van vliegbasis De Peel.
Ongeveer drie kwart (73%) van de respondenten uit de regio is bekend met de voorgenomen heropening van vliegbasis De Peel: 30% is er goed bekend mee en 43% is er enigszins bekend mee. 12% is bekend met de basis, maar heeft geen weet van de voorgenomen heropening. De rest (15%) kent de basis niet en is (dus) ook niet bekend met de voorgenomen heropening.
Alle respondenten (n=5.242)
Ik ben daar goed bekend mee
11
30%
Ik ben daar enigszins bekend mee
43%
12%
Ik ken de basis, maar was niet bekend met de voorgenomen heropening
V1. Bent u bekend met de voorgenomen heropening van de voormalige vliegbasis De Peel?
15%
Ik ben daar niet bekend mee
Basis: alle respondenten
BEMERKING VAN DE BELEVINGSVLUCHTEN
Ongeveer de helft van de respondenten in de regio bemerkt de belevingsvluchten. De middagvlucht is iets vaker opgemerkt dan de ochtendvlucht. De vluchten worden door ongeveer de helft van alle respondenten die zich in de regio bevonden gemerkt. De ochtendvlucht is door 47% van de respondenten in de regio opgemerkt: 19% heeft de ochtendvlucht gehoord én gezien en 28% heeft deze alleen gehoord. Minder dan 1% geeft aan mensen erover te hebben horen praten. De middagvlucht is met (afgerond) 52% iets vaker opgemerkt dan de ochtendvlucht. 23% heeft de middagvlucht gehoord én gezien en 30% heeft deze alleen gehoord. 1% heeft mensen erover horen praten.
Ochtendvlucht (n=4.088)
Middagvlucht (n=4.033)
19%
23%
28%
52%
0%
30%
1%
47%
Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig gehoord en gezien Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig gehoord Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig niet gehoord maar mensen erover horen praten
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
12
V2. Heeft u gemerkt dat er dinsdag 18 oktober belevingsvluchten zijn uitgevoerd met een F-35 gevechtsvliegtuig? O1. Wat heeft u gemerkt? M1. Wat heeft u gemerkt?
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
BEMERKING VAN DE BELEVINGSVLUCHTEN – NABIJHEID VLUCHT Respondenten die zich direct onder de vliegroutes bevonden geven veel vaker aan de vlucht gemerkt te hebben.
Van de respondenten die zich ten tijde van de ochtendvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht, geeft 63% aan de vlucht gemerkt te hebben: 30% heeft de vlucht gehoord én gezien en 33% heeft de vlucht alleen gehoord. Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken in de regio bevonden, geeft 31% aan de vlucht gemerkt te hebben: 8% heeft de vlucht gehoord én gezien en 23% heeft de vlucht alleen gehoord Voor de middagvlucht geldt dat 71% van de respondenten direct onder de vliegroute deze gemerkt heeft (34% gehoord én gezien en 37% alleen gehoord), terwijl 30% van de respondenten niet direct onder de vliegroute deze hebben gemerkt (9% gehoord én gezien en 21% alleen gehoord).
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.988) Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=2.100)
30% 8%
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.968) Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=2.065)
33% 23%
9%
21%
69%
0%
34%
37%
0%
37%
1%
29%
69%
1%
Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig gehoord en gezien Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig gehoord Ik heb het F-35 gevechtsvliegtuig niet gehoord maar mensen erover horen praten 'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt' 13
V2. Heeft u gemerkt dat er dinsdag 18 oktober belevingsvluchten zijn uitgevoerd met een F-35 gevechtsvliegtuig? O1. Wat heeft u gemerkt? M1. Wat heeft u gemerkt?
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
EERSTE REACTIE OP OCHTENDVLUCHT – OPEN VRAAG 89% van de respondenten die de ochtendvlucht hebben gehoord, hebben hun eerste reactie omschreven. De gegeven antwoorden hebben het vaakst betrekking op het geluid (te hard). Soorten antwoorden die relatief veel gegeven werden, zijn: Wat een kabaal/herrie/lawaai! Zeer vervelend/storend/irritant Viel me erg mee/ niet storend Mooi om te zien Schrikreactie Angstaanjagend/beangstigend Hinderlijk Zie tekstvak hiernaast voor een bloemlezing.
11%
89%
Omschrijving 14
Weet ik niet
Hieronder volgt een bloemlezing van de gegeven antwoorden. De antwoorden zijn letterlijk overgenomen en kunnen dus taal- en spelfouten bevatten.
‘Heel erg storend en je voelt zelf het geluid binnenshuis in de borst’ ‘Zeer hard vervelend geluid, maakte het op momenten onmogelijk om thuis te werken (ik werd onverstaanbaar via teams en telefoon).’ ‘Wat een herrie, je kon elkaar niet meer verstaan’ ‘Afschuwelijk geluid! Laat staan dat dat meermaals per dag zou zijn!’ ‘Ik kreeg medelijden met de mensen die dichter bij de vliegbasis wonen en in de toekomst frequenter geconfronteerd worden met de geluidshinder. Zij zullen veel meer last ondervinden.’ ‘Viel op zich mee, wel gehoord, maar geen vliegtuig gezien.’ ‘viel mij mee, wordt natuurlijk meer als er meerdere vliegtuigen in de lucht zijn. Ik vind de vliegtuigen van Weeze storender. Toeristen die niet hoeven te vliegen ipv mensen die mogelijk straks de/onze vrede moeten verdedigen. Ze moeten toch ergens oefenen!’ ‘Ik was binnen maar hoorde hem goed dus als ik buiten was zou dat denk ik nog veel erger zijn’ ‘Vervelend, ik ben uit de randstad weggegaan voor mijn rust. Nu heb ik geen last meer van schiphol maar van straaljagers.’ ‘Storend en moeilijk gesprekken kunnen voeren aan de telefoon.’ ‘Prachtig vliegtuig met niet meer herrie dan anders, en ze moeten toch ergens oefenen, ik verwacht dat als er calimiteit is er met zorg voor de mensen gehandeld word’ ‘Nu was het maar een vliegtuig dat voor mijn idee relatief langzaam vloog.
Vond het geluid dan vooral behoorlijk veel luider dan vooraf gedacht.’ ‘Net als vroeger toen er het vliegbasis nog open was. Geluid is te horen maar niet hinderlijk’ ‘Meer dan 100dB. Veel meer herrie als de awacs in Brunssum en veel meer als de straaljagers enkele jaren geleden op Volkel. Oren gingen dicht tot uren er na. Hoofdpijn achteraf. Walnoten vielen massaal uit de boom.’ ‘Je hoorde het maar bij ons vliegen ze voorbij dus is geluid/herrie constant. Als je ergens woont waar je meer last hebt van opstijgen en landen zou geluid erger zijn’ ‘Indringend geluid en overweldigend’ ‘Ik schrok van het geluid en onze baby kon niet meer slapen’ ‘Zeer storend, te hard lawaai. Zowel binnen als buiten. Buiten vond ik het verschrikkelijk hard gaan.’ ‘Ik schrok verschrikkelijk. Ik was net de was aan het buiten hangen en het vliegtuig kwam pal over en heel laag. Het gaf mij een zeer onveilig gevoel.’ ‘ik dacht werkelijk dat er een vliegtuig ging neerstorten. Steeds en alsmaar oorverdovender, gierender en intimiderender. Het was beangstigend.’ ‘Zeer hinderlijk en luidruchtig, er is buiten geen gesprek mogelijk, ik werd er nerveus van en vond het zeer bedreigend en daarbij het totaal verdwijnen van mijn woongenot’ ‘Hinderlijk zwaar rommelend geluid wat lang aanhoudt’ ‘Er word hier van huis uitgewerkt met veel videobellen, de het geluid stoorde de gesprekken.’
O3. Hoe zou u uw eerste reactie op de belevingsvlucht ‘s ochtends omschrijven?
Basis: heeft ochtendvlucht gehoord
EERSTE REACTIE OP MIDDAGVLUCHT – OPEN VRAAG 87% van de respondenten die de middagvlucht hebben gehoord, hebben hun eerste reactie omschreven. De gegeven antwoorden hebben het vaakst betrekking op het geluid (te hard). De meesten die een vergelijk maken met de ochtendvlucht vinden het geluid vergelijkbaar, de rest geeft ongeveer even vaak aan het geluid harder of juist minder hard te vinden. Soorten antwoorden die relatief veel gegeven werden, zijn: Wat een kabaal/herrie/lawaai! Vergelijkbaar met de ochtendvlucht Zeer vervelend/storend/irritant Viel me erg mee/ niet storend Mooi om te zien Schrikreactie Angstaanjagend/beangstigend Hinderlijk Zie tekstvak hiernaast voor een bloemlezing.
13%
87%
Omschrijving 15
Weet ik niet
Hieronder volgt een bloemlezing van de gegeven antwoorden. De antwoorden zijn letterlijk overgenomen en kunnen dus taal- en spelfouten bevatten.
‘Niet fijn. Bovendien is het niet eerlijk. Er is niet echt laag gevlogen en ook geen start-en landingssimulatie geweest.WIj wonen zowat naast het slapende vliegveld kunt u zich voorstellen hoe dat voor ons gaat zijn?’ ‘ Zeer indringend hard geluid, nog erger dan s'morgens.’ ‘We schrokken ervan en stonden stil. Er kwam nog een tweede vliegtuig achteraan. We moesten de kleinkinderen uitleggen waar het geluid van was zodat ze niet bang werden.’ ‘Was een goede test vlucht met normale geluiden, die bij een modern gevechtsvliegtuig horen.’ ‘Viel mee. Peuter sliep er gewoon doorheen’ ‘van mij mag het harder hoorbaar zijn. gewoon geweldig en machtig geluid. F16 meer hoorbaar.’ ‘Storend brommend geluid ! Dit op plus minus vier km afstand van het vliegveld !!’ ‘Opvallend trillend geluid. Huisdieren die anders nooit reageren, deden dit nu wel.’ ‘Heftig, vervelend, aanwezig. Zelfs de vogels raakte in paniek.’ ‘Ontzettend hard, kunnen niet meer met elkaar communiceren of elkaar verstaan. Werk met gehandicapte kinderen en zij hadden er ook ontzettend veel last van. Teveel lawaai.’ ‘nogal veel kabaal en waarschijnlijk een enorme luchtvervuiling. Maar veiligheid heeft tegenwoordig nog meer dan vroeger zijn prijs.’ ‘Je hoort het vliegtuig aankomen en weer verder vliegen.
Was aan het werk (thuis) en vooral de trillingen zorgde voor aandacht naar het geluid.’ ‘Zelfde als in de ochtend, wordt er een beetje boos van want je moet het maar laten gebeuren’ ‘Je hoorde en zag ‘m goed, de F35 maakt iets meer geluid dan de F16, maar ik vond dit niet zo’n drama of hinderlijk’ ‘Ik zat in de auto van Helmond naar Asten met de radio aan toen ik de F35 hoorde overvliegen. Ik hoorde meer geluid dan normaliter met de F16. Tijdens het rijden stoorde dat me niet.’ ‘Ik was jarig en had mensen om me heen, die hadden daar gesprek over, het viel wel mee.’ ‘Overweldigend, zeer onprettig. Bezorgd over het geluid bij 4 of 6 vliegtuigen.’ ‘Ik vind het geluid zeer onprettig. Het lage geluid trilt door en is overal in huis te horen.’ ‘Hoorbaar, maar niet erger dan overvliegende vliegtuigen Eindhoven Airport’ ‘Verschrikkelijk veel lawaai! Bijna asociaal tov dat van de F-16’ ‘Hinderlijk hard, behoorlijke impact als hartpatiënt’ ‘Zeer storend vanwege geluidsoverlast! Verpest het woonplezier, gaat ten koste van dier en natuur (milieu). Risico qua veiligheid van omgeving.’ ‘het zelfde als vanmorgen Veel herrie maar wel het geluid sneller weg als dat ik had verwacht’ ‘Het geluid van de F-35 is veel “zwaarder” en doffer in het voorbij vliegen.’ ‘Erg geschrokken van het geluid. Met name hoe hard en hoe lang bij overvliegen.’
M3. Hoe zou u uw eerste reactie op de belevingsvlucht ‘s middags omschrijven?
Basis: heeft middagvlucht gehoord
Gepercipieerde hinder 16
HINDER VAN HET GELUID
Ruim één op de drie respondenten in de regio ondervindt hevige hinder. Van de middagvlucht wordt iets meer hinder ondervonden dan van de ochtendvlucht. De vraag met betrekking tot de hinder van het geluid is alleen gesteld aan respondenten die hebben aangegeven de betreffende vlucht gemerkt te hebben. Om een beeld te kunnen schetsen van de regio als geheel, zijn de resultaten geherpercenteerd naar de totale populatie. Om dit te bewerkstelligen, is het percentage respondenten dat heeft aangegeven de betreffende vlucht niet gemerkt te hebben achteraf toegevoegd aan de analyses op deze vraag (grijs-wit gestreepte balk in de grafiek beneden).
Wanneer we kijken naar alle respondenten in de regio dan omschrijft 18% de hinder van het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hevig’. In totaal omschrijft 35% de hinder van het geluid als hevig (opsomming van +, ++ en +++). Van de middagvlucht vindt ook 18% de hinder van het geluid ‘zeer hevig’. De middagvlucht wordt met 38% iets vaker als hevig omschreven dan de ochtendvlucht. Om een rechtstreekse vergelijking mogelijk te maken, is de gemiddeld gepercipieerde hinder berekend, in de vorm van een percentage. Hierbij geldt dat respondenten die de betreffende vlucht niet opgemerkt hebben op 0% zijn gesteld en respondenten die ‘+++’ hebben geantwoord op 100%. Alle tussenliggende antwoorden zijn in een gelijke spreiding tussen deze waarden in gezet.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de hinder van het geluid van de middagvlucht (39,1%) gemiddeld gezien hoger ervaren dan de hinder van de ochtendvlucht (35,8%).
Ochtendvlucht (n=4.059)
Middagvlucht (n=4.002)
53%
47%
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
17
2%
4%
5%
---
--
-
3%
1%
2%
0
5%
7%
4%
8%
+
++
10%
18%
35,8%
12%
18%
39,1%
+++
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate van hinder van het geluid (geen hinder tot zeer hevige hinder)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
HINDER VAN HET GELUID – NABIJHEID VLUCHT
De hinder wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel heviger omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroutes. Van de respondenten die zich ten tijde van de ochtendvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht, omschrijft 26% de hinder van het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hevig’. In totaal omschrijft 48% de hinder als hevig (opsomming van +, ++ en +++). Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken in de regio bevonden, vindt 9% de hinder ‘zeer hevig’, terwijl 21% de hinder als hevig omschrijft. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de hinder door respondenten direct onder de vliegroute (49,1%) als veel heviger ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (22,1%). Voor de middagvlucht geldt dat 27% van de respondenten direct onder de vliegroute de hinder van het geluid als ‘zeer hevig’ omschrijft, terwijl 55% de hinder als hevig (opsomming van +, ++ en +++) omschrijft. Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken bevonden in de regio vindt 6% de hinder ‘zeer hevig’, terwijl 17% de hinder als hevig omschrijft.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de hinder door respondenten direct onder de vliegroute (55,3%) als veel heviger ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (19,8%).
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.974)
37%
5% 3%2% 5%
Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=2.085)
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.955)
18
14%
29%
5% 3%2% 6%
10%
17%
---
--
-
0
+
++
6%
9%
5% 5% 6%
1%
+++
22,1%
55,3%
27% 4% 3%
70%
49,1%
26%
4% 2% 3% 6% 1%
69%
Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=2.047)
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
8%
6%
19,8%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate van hinder van het geluid (geen hinder tot zeer hevige hinder)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
HINDER VAN HET GELUID – OCHTENDVLUCHT PER WOONPLAATS Vooral in Gemert-Bakel en Venray ondervindt een groot deel van de inwoners hevige hinder van de ochtendvlucht. Ook in Deurne, Boekel, Land van Cuijk, Helmond en Bergen ondervindt men relatief vaak hevige hinder. Wanneer we, per gemeente, kijken naar de inwoners van de betreffende gemeente die ten tijde van de ochtendvlucht aanwezig waren in de regio, dan valt op dat met name inwoners van Gemert-Bakel en Venray vaak hevige hinder ondervinden van de middagvlucht. Respectievelijk 38% en 31% van hen geven aan zeer hevige hinder te ondervinden (‘+++’) en 59% en 56% ondervinden hevige hinder (opsomming van +, ++ en +++).
Gemert-Bakel (n=395)
Deurne (n=414)
23%
26%
Ook in de gemeenten Deurne (49%), Boekel (45%), Land van Cuijk (42%), Helmond (41%) en Bergen (29%) ondervindt een relatief grote groep hevige hinder.
Boekel (n=36)
27%
18%
Venray (n=655)
22%
31%
49% 45%
18%
24%
42%
Helmond (n=404)
22%
18%
41%
Bergen (n=58)
12%
17%
Laarbeek (n=260)
4%
11%
15%
Asten (n=290)
4%
10%
15%
Gennep (n=57)
4%
9%
13%
Horst a/d Maas (n=566)
2% 7%
9%
Someren (n=135)
4% 4%
8%
Geldrop-Mierlo (n=189)
5% 6%
59%
56%
25%
Land van Cuijk (n=515)
In de overige gemeenten wordt beduidend minder vaak hevige hinder ondervonden (maximaal 15%).
19
38%
29%
Zeer hevige hinder ('+++') Hevige hinder ('+' of '++')
Totaal ('+', '++' of '+++')
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate van hinder van het geluid (geen hinder tot zeer hevige hinder)
Basis: was tijdens ochtendvlucht aanwezig in de regio
HINDER VAN HET GELUID – MIDDAGVLUCHT PER WOONPLAATS Vooral in Gemert-Bakel ondervindt een groot deel van de inwoners hevige hinder van de middagvlucht. Ook in Venray, Deurne, Land van Cuijk, Bergen, Boekel en Helmond ondervindt men relatief vaak hevige hinder. Wanneer we, per gemeente, kijken naar de inwoners van de betreffende gemeente die ten tijde van de middagvlucht aanwezig waren in de regio, dan valt op dat met name inwoners van Gemert-Bakel vaak hevige hinder ondervinden van de middagvlucht. 40% van hen geeft aan zeer hevige hinder te ondervinden (‘+++’) en 69% ondervindt hevige hinder (opsomming van +, ++ en +++).
Gemert-Bakel (n=407)
Deurne (n=416)
24%
Ook in de gemeenten Venray (56%), Deurne (53%), Land van Cuijk (50%), Bergen (48%), Boekel (46%) en Helmond (43%) ondervindt een relatief grote groep hevige hinder.
Land van Cuijk (n=528)
22%
28%
50%
Bergen (n=54)
22%
26%
48%
Boekel (n=35)
23%
23%
Helmond (n=393)
21%
Venray (n=651)
In de overige gemeenten wordt beduidend minder vaak hevige hinder ondervonden (maximaal 11%).
29%
28%
Laarbeek (n=265)
2%
8%
11%
Asten (n=275)
3%
7%
11%
Geldrop-Mierlo (n=190)
4% 6%
10%
Horst a/d Maas (n=552)
2% 6%
8%
Gennep (n=55)
2%5%
7%
Someren (n=141)
20
40%
4%2% 5%
56%
28%
53%
29%
21%
69%
46% 43%
Zeer hevige hinder ('+++') Hevige hinder ('+' of '++')
Totaal ('+', '++' of '+++')
M2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate van hinder van het geluid (geen hinder tot zeer hevige hinder)
Basis: was tijdens middagvlucht aanwezig in de regio
Eigenschappen van het geluid 21
VOLUME VAN HET GELUID
Iets minder dan de helft van de respondenten in de regio omschrijft het geluid als hard. Het geluid van de middagvlucht wordt iets harder ervaren dan het geluid van de ochtendvlucht. De vraag met betrekking tot het volume van het geluid is alleen gesteld aan respondenten die hebben aangegeven de betreffende vlucht gemerkt te hebben. Om een beeld te kunnen schetsen van de regio als geheel, zijn de resultaten geherpercenteerd naar de totale populatie. Om dit te bewerkstelligen, is het percentage respondenten dat heeft aangegeven de betreffende vlucht niet gemerkt te hebben achteraf toegevoegd aan de analyses op deze vraag (grijs-wit gestreepte balk in de grafiek beneden).
Wanneer we kijken naar alle respondenten in de regio dan omschrijft 18% het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hard’. In totaal omschrijft 41% het geluid als hard (opsomming van +, ++ en +++). Van de middagvlucht vindt 19% het geluid ‘zeer hard’. De middagvlucht wordt met 45% iets vaker als hard omschreven dan de ochtendvlucht. Om een rechtstreekse vergelijking mogelijk te maken, is een gemiddeld gepercipieerd geluidsvolume berekend, in de vorm van een percentage. Hierbij geldt dat respondenten die de betreffende vlucht niet opgemerkt hebben op 0% zijn gesteld en respondenten die ‘+++’ hebben geantwoord op 100%. Alle tussenliggende antwoorden zijn in een gelijke spreiding tussen deze waarden in gezet.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt het geluid van de middagvlucht (43,1%) gemiddeld gezien harder ervaren dan het geluid van de ochtendvlucht (39,2%).
Ochtendvlucht (n=4.067)
Middagvlucht (n=4.004)
1% 2% 4% 2%
47%
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
22
1% 2% 2% 1%
53%
---
--
-
8%
9%
0
15%
17%
+
++
+++
18%
39,2%
19%
43,1%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) Het volume van het geluid (zeer zacht tot zeer hard)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
VOLUME VAN HET GELUID – NABIJHEID VLUCHT
Het geluid wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel harder omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroutes. Van de respondenten die zich ten tijde van de ochtendvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht, omschrijft 27% het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hard’. In totaal omschrijft 57% het geluid als hard (opsomming van +, ++ en +++). Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken in de regio bevonden, vindt 9% het geluid ‘zeer hard’, terwijl 26% het geluid als hard omschrijft. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt het geluid door respondenten direct onder de vliegroute (53,7%) veel harder ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (24,4%). Voor de middagvlucht geldt dat 30% van de respondenten direct onder de vliegroute het geluid als ‘zeer hard’ omschrijft, terwijl (afgerond) 63% het geluid als hard (opsomming van +, ++ en +++) omschrijft. Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken bevonden in de regio vindt 6% het geluid ‘zeer hard’, terwijl 23% het geluid als hard omschrijft. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt het geluid door respondenten direct onder de vliegroute (60,1%) veel harder ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (22,9%).
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.980)
2% 3% 1% 2%
37%
Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=2.087)
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.957)
23
19%
2% 3% 1% 2%
29%
10%
22%
--
-
1% 1% 4% 1%
0
+
11%
9%
++
+++
7%
10%
24,4%
60,1%
30%
70%
---
53,7%
27% 1% 1% 2% 6% 1%
69%
Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=2.047)
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
10%
6%
22,9%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) Het volume van het geluid (zeer zacht tot zeer hard)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
VOELBAARHEID VAN HET GELUID (TRILLING)
Iets minder dan een kwart van de respondenten in de regio omschrijft de trilling van het geluid als hevig. De middagvlucht wordt iets heviger ervaren dan de ochtendvlucht. De vraag met betrekking tot de voelbaarheid van het geluid is alleen gesteld aan respondenten die hebben aangegeven de betreffende vlucht gemerkt te hebben. Om een beeld te kunnen schetsen van de regio als geheel, zijn de resultaten geherpercenteerd naar de totale populatie. Om dit te bewerkstelligen, is het percentage respondenten dat heeft aangegeven de betreffende vlucht niet gemerkt te hebben achteraf toegevoegd aan de analyses op deze vraag (grijs-wit gestreepte balk in de grafiek beneden).
Wanneer we kijken naar alle respondenten in de regio dan omschrijft 6% de voelbaarheid (trilling) van het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hevig’. In totaal omschrijft 22% de voelbaarheid van het geluid als hevig (opsomming van +, ++ en +++). Van de middagvlucht vindt 7% de voelbaarheid van het geluid ‘zeer hevig’. De middagvlucht wordt met 24% iets vaker als hevig omschreven dan de ochtendvlucht. Om een rechtstreekse vergelijking mogelijk te maken, is een gemiddeld gepercipieerde voelbaarheid berekend, in de vorm van een percentage. Hierbij geldt dat respondenten die de betreffende vlucht niet opgemerkt hebben op 0% zijn gesteld en respondenten die ‘+++’ hebben geantwoord op 100%. Alle tussenliggende antwoorden zijn in een gelijke spreiding tussen deze waarden in gezet.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de voelbaarheid van het geluid van de middagvlucht (31,2%) gemiddeld gezien hoger ervaren dan de voelbaarheid van de ochtendvlucht (27,6%).
Ochtendvlucht (n=4.058)
Middagvlucht (n=4.004)
53%
47%
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
24
9%
10%
---
--
-
3% 2%
13%
4% 2%
0
11%
+
9%
9%
++
+++
6%
8%
6%
27,6%
7%
31,2%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate waarin u het geluid kon voelen (geen trilling tot zeer hevige trilling)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
VOELBAARHEID VAN HET GELUID (TRILLING) – NABIJHEID VLUCHT
De voelbaarheid wordt door respondenten direct onder de vliegroutes als veel heviger omschreven dan door respondenten niet direct onder de vliegroutes. Van de respondenten die zich ten tijde van de ochtendvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht, omschrijft 8% de voelbaarheid (trilling) van het geluid van de ochtendvlucht als ‘zeer hevig’. In totaal omschrijft 31% de voelbaarheid als hevig (opsomming van +, ++ en +++). Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken in de regio bevonden, vindt 4% de voelbaarheid ‘zeer hevig’, terwijl 12% de voelbaarheid als hevig omschrijft. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de voelbaarheid door respondenten direct onder de vliegroute (38,2%) als veel heviger ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (16,7%). Voor de middagvlucht geldt dat 11% van de respondenten direct onder de vliegroute de voelbaarheid (trilling) van het geluid als ‘zeer hevig’ omschrijft, terwijl 36% de voelbaarheid als hevig (opsomming van +, ++ en +++) omschrijft. Van de respondenten die zich in een van de andere dorpen, kernen of woonwijken bevonden in de regio vindt 2% de voelbaarheid ‘zeer hevig’, terwijl 10% de voelbaarheid als hevig omschrijft.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan wordt de voelbaarheid door respondenten direct onder de vliegroute (44,1%) als veel heviger ervaren dan door respondenten niet direct onder de vliegroute (15,8%).
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.974)
37%
11%
Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=2.084)
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.957)
25
14%
69%
29%
11%
Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=2.047)
'Heeft het F-35 gevechtsvliegtuig niet opgemerkt'
3% 3%
7%
5% 2%
17%
--
-
+
++
2%2%
+++
8%
38,2%
5% 3% 4% 16,7%
8%
12%
7%
0
10%
3%2%
13%
70%
---
14%
11%
9%
44,1%
4% 4% 2% 15,8%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De mate waarin u het geluid kon voelen (geen trilling tot zeer hevige trilling)
Basis: was tijdens ochtend-/middagvlucht aanwezig in de regio
(TOON)HOOGTE (FREQUENTIE) VAN HET GELUID
De (toon)hoogte van het geluid van de belevingsvluchten wordt vaker als hoog dan als laag omschreven. De meningen lopen desondanks vrij sterk uiteen. De respondenten uit de regio die de ochtendvlucht en/of middagvlucht gehoord hebben, geven behoorlijk uiteenlopende antwoorden op de vraag wat de (toon)hoogte van het geluid is. Het geluid wordt echter vaker als hoog ervaren dan als laag: bij de ochtendvlucht omschrijft 59% de hoogte van het geluid van de ochtendvlucht als hoog (opsomming van +, ++ en +++), terwijl 25% het geluid als laag omschrijft (opsomming -, -- en ---). Bij de middagvlucht zijn deze percentages respectievelijk 58% en 26%. Om een rechtstreekse vergelijking mogelijk te maken, is de gemiddeld gepercipieerde toonhoogte berekend, in de vorm van een percentage. Hierbij geldt dat respondenten die de toon als ‘zeer laag’ (---) hebben omschreven op 0% zijn gesteld en respondenten die het als ‘zeer hoog’ (+++) hebben omschreven op 100%. Alle tussenliggende antwoorden zijn in een gelijke spreiding tussen deze waarden in gezet.
Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan zien we dat de gepercipieerde (toon)hoogte van het geluid van de ochtendvlucht (62,8%) en de middagvlucht (62,0%) min of meer gelijk scoren (verschil is kleiner dan 1%).
Opvallend detail: respondenten die zich ten tijde van de belevingsvluchten buiten bevonden, rapporteren gemiddeld een iets hogere (toon)hoogte dan respondenten die zich binnen bevonden. Voor de ochtendvlucht zijn de gemiddelden respectievelijk 64,6% en 61,7% en voor de middagvlucht 64,1% en 60,4%.
Ochtendvlucht (n=1.851)
4%
Middagvlucht (n=1.970)
5%
---
26
--
12%
9%
16%
19%
19%
22%
62,8%
12%
9%
16%
17%
21%
21%
62,0%
-
0
+
++
+++
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De (toon)hoogte (frequentie) van het geluid (zeer laag tot zeer hoog)
Basis: heeft de ochtend-/middagvlucht gehoord
(TOON)HOOGTE (FREQUENTIE) VAN HET GELUID – NABIJHEID VLUCHT
De (toon)hoogte van het geluid van de belevingsvluchten wordt direct onder de vliegroute als hoger ervaren dan niet direct onder de vliegroute. Van de respondenten die zich ten tijde van de ochtendvlucht in een dorp, kern of woonwijk bevonden direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht én die de ochtendvlucht ook gehoord hebben, geven behoorlijk uiteenlopende antwoorden op de vraag wat de (toon)hoogte van het geluid is. Het geluid wordt echter vaker als hoog ervaren dan als laag: 62% omschrijft de (toon)hoogte van het geluid van de ochtendvlucht als hoog (opsomming van +, ++ en +++), terwijl 24% het als laag omschrijft (opsomming -, -- en ---). Van de respondenten die zich niet direct onder de vliegroute bevonden, maar de ochtendvlucht toch gehoord hebben, omschrijft ‘slechts’ 55% de (toon)hoogte als hoog en 27% als laag. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan zien we dat de gepercipieerde (toon)hoogte van het geluid direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht hoger ervaren wordt dan niet direct onder de vliegroute (respectievelijk 64,3% en 59,6%). Voor de middagvlucht geldt dat 62% van de respondenten direct onder de vliegroute die de middagvlucht ook gehoord hebben de (toon)hoogte als hoog omschrijft, terwijl 25% deze als laag omschrijft.
Van de respondenten niet direct onder de vliegroute die het geluid toch gehoord hebben, omschrijft ‘slechts’ 49% de (toon)hoogte als hoog, terwijl 28% het als laag omschrijft. Wanneer we naar het gemiddelde kijken dan zien we dat de gepercipieerde (toon)hoogte van het geluid direct onder de vliegroute van de middagvlucht hoger ervaren wordt dan niet direct onder de vliegroute (respectievelijk 64,0% en 56,5%).
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.220)
4%
Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=631)
5%
13%
9%
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.379)
5%
12%
8%
Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=591)
6%
13%
--27
--
-
11%
8%
0
14%
18%
19%
13%
10%
20%
16% 22%
+
19%
18%
++
17%
22% 18%
59,6%
64,0%
24% 19%
+++
64,3%
24%
12%
56,5%
Gemiddelde (%)
O2. Hoe zou u het geluid van het F-35 gevechtsvliegtuig dat u op dat moment hoorde omschrijven?
(Bij beantwoording van onderstaande vragen is --- telkens het laagst en +++ het hoogst) De (toon)hoogte (frequentie) van het geluid (zeer laag tot zeer hoog)
Basis: heeft de ochtend-/middagvlucht gehoord
Invloed belevingsvluchten op bezigheid 28
INVLOED OCHTENDVLUCHT OP BEZIGHEID
Iets minder dan de helft (44%) van de respondenten uit de regio die de ochtendvlucht hebben gehoord geeft aan dat deze (zeer) veel invloed had op zijn/haar bezigheid op dat moment (dit komt neer op 21% van alle respondenten die tijdens de ochtendvlucht aanwezig waren in de regio). Met name op respondenten die aan het werk waren, was de invloed relatief groot. Heeft het F35-gevechtsvliegtuig niet opgemerkt
Geen invloed
Alle respondenten (n=4.063) De vraag met betrekking tot de invloed op de bezigheid is alleen gesteld aan respondenten die hebben aangegeven de ochtendvlucht gehoord te hebben (zie kader rechts beneden). Om ook een beeld te kunnen schetsen van de regio als geheel, zijn de resultaten geherpercenteerd naar de totale populatie. Om dit te bewerkstelligen, is het percentage respondenten dat heeft aangegeven de betreffende vlucht niet gemerkt te hebben achteraf toegevoegd aan de analyses op deze vraag (grijs-wit gestreepte balk in de grafiek bovenin). Van alle respondenten die tijdens de ochtendvlucht aanwezig waren in de regio had de ochtendvlucht op 21% veel of zeer veel invloed. Nog eens 11% geeft aan dat de ochtendvlucht enige invloed op hem/haar had. Op 14% had de ochtendvlucht niet of nauwelijks invloed (de rest, 53%, heeft de vlucht niet opgemerkt). Wanneer we inzoomen op respondenten die de ochtendvlucht daadwerkelijk gehoord hebben, dan zien we dat afgerond 44% aangeeft dat deze vlucht (zeer) veel invloed had op zijn/haar bezigheid op dat moment. Nog eens 24% geeft aan dat dit enige invloed had. (Afgerond) 32% geeft aan dat het niet of nauwelijks invloed had.
Respondenten die zich direct onder de vliegroute van de ochtendvlucht bevonden (48%) geven vaker aan dat deze (zeer) veel invloed op zijn/haar bezigheid had dan respondenten die zich niet direct onder de vliegroute bevonden (37%). Deze laatste groep geeft juist vaker aan geen of nauwelijks invloed te hebben ervaren (39% versus 28%).
Nauwelijks invloed 53%
Veel invloed
Zeer veel invloed
Weet niet
8%
11%
11%
6%
10%
Heeft ochtendvlucht gehoord (n=1.985)
17% 14% 24%
20%
23%
Direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=1.221)
17% 11% 24%
22%
26%
Niet direct onder vliegroute ochtendvlucht (n=631)
20% 19%
Ik was aan het werk (n=677) Ik was bezig met vrijetijdsbesteding/ontspanning (n=492)
19% 19%
24%
25%
23% 15% 19% 19%
22%
19% 16%
Ik was onderweg (n=86)
24% 13%
O4. Wat was u aan het doen op het moment dat u het F-35 gevechtsvliegtuig ’s ochtends heeft gehoord? O5. In hoeverre beïnvloedde de belevingsvlucht uw bezigheid op dat moment?
23%
14% 13% 24%
Ik was bezig met het huishouden (n=416)
Met name respondenten die aan het werk waren tijdens de ochtendvlucht geven vaak aan dat de vlucht (zeer) veel invloed had op hun bezigheden: afgerond 48% geeft dit aan. Op respondenten die op dat moment onderweg waren had de ochtendvlucht relatief minder vaak (zeer) veel invloed (afgerond 27%).
29
Enige invloed
27% 36%
18% 19% 17% 9%
Basis: was tijdens ochtendvlucht aanwezig in de regio
INVLOED MIDDAGVLUCHT OP BEZIGHEID
Iets minder dan de helft (45%) van de respondenten uit de regio die de middagvlucht hebben gehoord geeft aan dat deze (zeer) veel invloed had op zijn/haar bezigheid op dat moment (dit komt neer op 24% van alle respondenten die tijdens de middagvlucht aanwezig waren in de regio). Met name op respondenten die aan het werk waren, was de invloed relatief groot. Heeft het F35-gevechtsvliegtuig niet opgemerkt
Geen invloed
Alle respondenten (n=4.008) De vraag met betrekking tot de invloed op de bezigheid is alleen gesteld aan respondenten die hebben aangegeven de middagvlucht gehoord te hebben (zie kader rechts beneden). Om ook een beeld te kunnen schetsen van de regio als geheel, zijn de resultaten geherpercenteerd naar de totale populatie. Om dit te bewerkstelligen, is het percentage respondenten dat heeft aangegeven de betreffende vlucht niet gemerkt te hebben achteraf toegevoegd aan de analyses op deze vraag (grijs-wit gestreepte balk in de grafiek bovenin). Van alle respondenten die tijdens de middagvlucht aanwezig waren in de regio had de middagvlucht op 24% veel of zeer veel invloed. Nog eens 11% geeft aan dat de middagvlucht enige invloed op hem/haar had. Op 18% had de ochtendvlucht niet of nauwelijks invloed (de rest, 47%, heeft de vlucht niet opgemerkt). Wanneer we inzoomen op respondenten die de middagvlucht daadwerkelijk gehoord hebben, dan zien we dat afgerond 45% aangeeft dat deze vlucht (zeer) veel invloed had op zijn/haar bezigheid op dat moment. Nog eens 21% geeft aan dat dit enige invloed had. 34% geeft aan dat het niet of nauwelijks invloed had. Respondenten die zich direct onder de vliegroute van de middagvlucht bevonden (51%) geven vaker aan dat deze (zeer) veel invloed op zijn/haar bezigheid had dan respondenten die zich niet direct onder de vliegroute bevonden (28%).
Deze laatste groep geeft juist vaker aan geen of nauwelijks invloed te hebben ervaren (49% versus 29%).
Nauwelijks invloed 47%
Veel invloed 10%
8%
Heeft midddagvlucht gehoord (n=2.111)
Direct onder vliegroute middagvlucht (n=1.383) Niet direct onder vliegroute middagvlucht (n=594)
Ik was aan het werk (n=634) Ik was bezig met vrijetijdsbesteding/ontspanning (n=676)
Zeer veel invloed 11%
Weet niet
10%
14%
18% 16% 21% 18%
26%
15% 14% 20%
29%
29%
20%
14% 14% 19% 22%
20%
22%
22% 10% 18%
21%
31%
20% 17% 22%
Ik was bezig met het huishouden (n=327)
21% 17%
25%
18% 20%
Ik was onderweg (n=108)
19% 18%
33%
12% 19%
Met name respondenten die aan het werk waren tijdens de middagvlucht geven vaak aan dat de vlucht (zeer) veel invloed had op hun bezigheden: 52% geeft dit aan. Op respondenten die op dat moment onderweg waren had de middagvlucht relatief minder vaak (zeer) veel invloed (afgerond 31%).
30
Enige invloed
M4. Wat was u aan het doen op het moment dat u het F-35 gevechtsvliegtuig ‘s middags heeft gehoord? M5. In hoeverre beïnvloedde de belevingsvlucht uw bezigheid op dat moment?
Basis: was tijdens middagvlucht aanwezig in de regio
INVLOED BELEVINGSVLUCHTEN OP WERK
De helft van de werkenden geeft aan (zeer) veel invloed te ondervinden van de vluchten, als gevolg van met name concentratieverstoring, onverstaanbaarheid, niet kunnen werken en de afleiding door de herrie. Van de respondenten die de ochtend- of middagvlucht gehoord hebben en tijdens de betreffende belevingsvlucht aan het werk waren, geeft ongeveer de helft aan dat de vlucht veel of zelfs zeer veel invloed had op hun werkzaamheden.
Op de vraag dit te omschrijven komen uiteenlopende antwoorden naar voren (zie tekstvak hiernaast voor een bloemlezing). Soorten antwoorden die relatief veel gegeven werden, zijn: Niet kunnen concentreren Niet verstaanbaar zijn/anderen niet kunnen verstaan (Online) vergaderen onmogelijk Moeten stoppen met het werk Afgeleid door de herrie
31
Aan het werk tijdens ochtendvlucht (n=677) Aan het werk tijdens middagvlucht (n=634)
24% 21% Veel invloed
25% 31% Zeer veel invloed
Veel invloed of zeer veel invloed Hieronder volgt een bloemlezing van de gegeven antwoorden. De antwoorden zijn letterlijk overgenomen en kunnen dus taal- en spelfouten bevatten.
‘Ik stopte met wat ik aan het doen was en verloor mijn focus door de herrie’ ‘Ik werd afgeleid door het geluid tijdens mijn meetings’ ‘Mensen hoorden het toestel op de achtergrond terwijl ik een presentatie in een vergadering gaf.’ ‘Ik moest stoppen met praten (leerkracht) omdat de leerlingen me niet konden verstaan.’ ‘Het geluid is dermate hard en storend dat ik me niet meer kon concentreren op mijn bezigheden op dat moment. Dit geluid hoort gewoon niet thuis in een bewoond gebied.’ ‘Een enorme dreun geluid wat er over kwam. Het geluid van mijn werktuig kwam er niet boven uit. Ik wist dat het kwam anders zou ik er enorm van schrikken, en ik ben wel met machines aan t werken, en wel wat lawaai gewend.’ ‘afgeleid door plotseling zeer veel kabaal . vliegtuig vloog recht omhoog . waardoor je recht in de uitlaat van de straaljager kon kijken dus maximaal kabaal’ ‘ik heb een recreatiebedrijf (camping) mijn gasten en ook ik merkte de vluchten op’ ‘Ik kon mijn collega's via de online verbinding tijdelijk niet meer verstaan.