CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.22.065 Visie en plaatsingsbeleid laadpalen

Gemeenteraad 29 november 2022, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven9.384 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

plan

do

act

check

We evalueren daarom deze visie en het plaatsingsbeleid eens per twee jaar. Als daaruit blijkt dat er ontwikkelingen zijn die tot wijzigingen in aanpak moeten leiden dan actualiseren we het te volgen beleid. Zo blijven we zorgdragen voor het uitvoeren van de juiste handelingen die aansluiten bij de meest actuele inzichten en ontwikkelingen.

7. Hardheidsclausule In de gevallen waarin de Visie op laadinfrastructuur en plaatsingsbeleid 2021 – 2035 niet voorziet of wanneer uitvoering hiervan leidt tot onredelijke of onwenselijke situaties, neemt het college van burgemeester en wethouders een beslissing.

26

Bijlage A: Toetsingscriteria De gehanteerde uitgangspunten in dit beleid leiden tot de volgende specifieke toetsingscriteria voor de plaatsing van publieke laadpalen. Deze criteria worden gebruikt door de interne beleidsmedewerkers Verkeer om de laadpaallocaties die door de laadpaalleverancier worden voorgesteld, te toetsen.

Het parkeerbeleid is leidend. o Er worden geen nieuwe parkeerlocaties gerealiseerd, maar bestaande parkeerplekken worden ingericht als laadplek. o Er wordt rekening gehouden met voldoende parkeerplek bij de keuze van laadlocaties o Bij parkeerterreinen met meer dan 50 plaatsen moet ten minste 2% van deze parkeerplaatsen uitgerust zijn met een laadpunt. o Bovendien worden niet direct beide parkeervakken als laadplek gereserveerd, maar blijft één vak beschikbaar voor zowel laden als ‘normaal parkeren’. Het verkeersbesluit wordt wel direct voor beide parkeervakken genomen. o Er worden geen laadplekken gerealiseerd in blauwe zones. Uitzonderingen daarop zijn blauwe zones waar een snellader gerealiseerd kan worden of de werkingssfeer slechts een dagdeel beslaat. o Mocht er door e-rijders onnodig lang ‘gestekkerd’ worden zetten we ten eerste in op voorlichting. Mocht dit niet leiden tot verbeterd gedrag gaan we in overleg met de laadpaalexploitant om tot andere sturingsmechanismen te komen, zoals een connectietarief. o Er kan een laadplek gereserveerd worden voor deelmobiliteit

We houden rekening met de bestaande verkeerssituatie. o We zijn terughoudend met het plaatsen van laadinfrastructuur langs drukke en smalle wegen vanwege verkeersveiligheid o We proberen te voorkomen dat laadpunten extra verkeer aantrekken in een woonwijk. o Snelladers plaatsen we daarom vooral naast de grotere doorgaande wegen

We zorgen voor goed bereikbare laadpunten. o We realiseren laadpunten op centrale en goed zichtbare locaties o We realiseren laadpunten op drukbezochte plekken o We realiseren laadpunten op plekken waar uitbreiding mogelijk is o We houden rekening met inritten/opritten en doorloop op de stoep. o Een laadpaal in de openbare ruimte is ten alle tijden openbaar toegankelijk en kan niet door een aanvrager geclaimd worden o Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande infrastructuur, zowel onder als boven de grond. o We kijken naar mogelijkheden om laadinfrastructuur te realiseren op recreatiepunten om toeristen en dagjesmensen te faciliteren. 27

We zorgen voor een minimale impact van laadpunten op de openbare ruimte. o We plaatsen laadpunten zoveel mogelijk op ‘neutrale’ plekken, zoals een grotere parkeerplaats, bij een pleintje, of grenzend aan een plantsoen. o We proberen zoveel mogelijk te voorkomen dat laadpunten pal voor een voordeur geplaatst worden. We geven de voorkeur om te plaatsen langs blinde muren, zijgevels, of waar de afstand van voordeur tot straat groot is. o We kiezen voor een ‘neutraal’ en onopvallend mogelijk uiterlijk van de laadpalen. o Bij voorkeur kiezen we voor de plaatsing bij haaksparkeervakken.

We zorgen dat de realisatie van laadpalen niet ten koste gaat van groen. o We plaatsen zo min mogelijk in groene gebieden en struiken, etc. o We houden rekening met de wortelgroei van bomen o Plaatsing van laadpalen en realisatie van laadplekken mag niet tot extra verharding leiden. Als in een bepaalde situatie extra verharding nodig zou zijn, dan kiezen we voor waterdoorlatende verharding en zorgen we dat de situatie netto een verbetering is qua infiltratie van hemelwater. o Bij plaatsing rondom recreatiepunten houden we er rekening mee dat de laadpalen geen afbreuk doen aan de recreatieve waarde van het gebied.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12082649/1