CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.22.043 Jaarverantwoording VRLN

Gemeenteraad 6 september 2022, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven.32.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 19 -

14 april 2022

Informatiegestuurd In 2021 zijn de eerste gemeenten gestart met hun VTH (vergunningverlening, toezicht en handhaving) werkzaamheden in de gezamenlijke informatievoorziening Squit 2020. Het vragen en leveren van adviezen is hiermee eenvoudiger en (digitaal) veiliger geworden. In het afgelopen jaar hebben we dashboards gerealiseerd die inzicht geven in de productie van risicobeheersing en de risico's die we in de regio constateren tijdens ons toezicht. Middels deze dashboards kunnen we gemeenten informeren over de producten die we aan hen geleverd hebben en de risico's waar we als brandweerketen extra aandacht voor hebben.

2.2.2. Incidentbestrijding Corona De coronacrisis heeft ook in 2021 een grote impact gehad op de brandweer en de brandweerprocessen. De situatie was niet wezenlijk anders dan in 2020, maar is nu wel beter onder controle. Vakbekwaamheid is een aandachtspunt, de situatie van suboptimaal oefenen duurt nu al bijna twee jaar. Een ander aandachtspunt is de binding en verbinding in de brandweerorganisatie. Thuiswerken, digitaal vergaderen, postactiviteiten die niet kunnen doorgaan. Het leidt op plaatsen tot verwijdering, minder betrokkenheid en minder groepsbinding en teamgevoel. Repressief Brandweer Organisatieplan 3.0 Op 11 juni 2021 heeft de Bestuurscommissie Veiligheid het Repressief Brandweer Organisatieplan (RBOP 3.0) vastgesteld. In het RBOP 3.0 zijn keuzes gemaakt voor een toekomstig bestendige inrichting van de repressieve functie. De keuzes ten aanzien van de personele capaciteit spitsen zich toe op de organisatie van specialistische taken en het niet langer invullen van gekazerneerde diensten door vrijwilligers als gevolg van taakdifferentiatie. Samenvattend is er sprake van een budgettair neutrale invulling van het RBOP 3.0: de besparingen worden ingezet voor noodzakelijke nieuwe investeringen en een noodzakelijke uitbreiding van de beroepscapaciteit. Inmiddels is de uitvoering van het RBOP 3.0 gestart.

Er zijn twee waterwagens aangeschaft en een haakarmcontainer voor het bestrijden van natuurbranden. De werving van extra beroepspersoneel (in kader van voldoen aan Europese regelgeving) is gestart en de plannen om vrijwilligers minder in te zetten voor kazernediensten zijn gemaakt. Het aantal repressieve tankautospuiten is verminderd van 35 naar 34. Andere investeringen – zoals de vervanging van de snelle interventievoertuigen – zijn uitgesteld of geschrapt om budgettair neutraal te kunnen opereren. Versterking paraatheid brandweer Conform beleidsplan 2020-2023 is voor incidentbestrijding en preparatie uitvoering gegeven aan de bestuurlijk vastgestelde tweede jaarschijf versterking paraatheid. Voor het jaar 2021 heeft het bestuur een bedrag van € 250.000 beschikbaar gesteld om de paraatheid niet achteruit te laten gaan en zo mogelijk te verbeteren. Het beschikbare bedrag is ingezet om 2,5 FTE repressief personeel te werven, om de specialistische brandbestrijdingseenheid op te leiden en om de paraatheid van de vrijwillige posten zoveel mogelijk op peil te houden. Tevens is start gemaakt

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 20 -

14 april 2022

met het werven van extra gemeenteambtenaren als brandweervrijwilliger om de lokale brandweerpost te versterken. In het overzicht hieronder zijn de prestaties weergegeven. Hierbij moet worden opgemerkt dat door de invloeden van corona de cijfers niet typisch zijn. Door thuiswerken van brandweervrijwilligers waren deze vrijwilligers meer in de eigen woonplaats en paraat voor de brandweer. Het percentage SIV diensten ingevuld door dagdienstmedewerkers ligt opnieuw rond de gestelde norm van 70%. Voor inzet van dagdienstmedewerkers wordt geen extra beschikbaarheidsvergoeding toegekend, medewerkers zijn immers al aan het werk op de kazernes. Ontwikkeling paraatheid[1] Totaal aantal uren posten buiten dienst Paraatheid centrumposten (Roermond, Venlo, Venray, Weert) Paraatheid SIV SIV diensten dat wordt ingevuld door dagdienstmedewerkers

2019 11.110 99,4% 99,8% 45,0%

2020 3.990 99.9% 99,9% 70,0%

2021 4.580 100% 99,9% 69,88%

2e loopbaanbeleid In 2006 is het 2e loopbaanbeleid bij de brandweer geïntroduceerd. Het gaat over medewerkers in de 24-uursdienst. Onder voorwaarde van medische geschiktheid mogen deze medewerkers maximaal 20 jaar werken in deze bezwarende functie. Werkgever en werknemer spannen zich gezamenlijk in om een goede vervolgstap, de zogenaamde 2e loopbaan van de werknemer, mogelijk te maken naar een niet bezwarende functie binnen dan wel buiten de organisatie. In 2021 is dit onderwerp landelijk actueel geworden. In 2021 heeft de brandweer het 2e loopbaanbeleid geactualiseerd. De noodzakelijke kostenstijging is verdisconteerd in de begroting vanaf 2022. Klimaatverandering Klimaatverandering heeft een merkbare invloed op het brandweeroptreden. Zo heeft in april 2020 een grote natuurbrand plaatsgevonden in nationaal park de Meinweg en in juli 2021 hebben overstromingen plaatsgevonden in Limburg. Brandweer Limburg-Noord heeft hierbij ondersteund, vooral op het vlak van operationele leiding. In de eigen regio heeft de brandweer ondersteund bij het bestrijden van de gevolgen van hoogwater. Ter dekking van deze kosten, is een tegemoetkoming aan het Rijk gevraagd. Het is nog onduidelijk of en zo ja hoeveel en wanneer een bedrag wordt toegekend.

Interregionale samenwerking Op basis van diverse ontwikkelingen zijn de regio’s Limburg-Noord, Brabant-Zuidoost, Brabant-Noord en Gelderland-Zuid de interregionale samenwerking gaan intensiveren met als doel om robuuster en op een uniforme wijze over de regiogrenzen uit te rukken. Dit moet leiden tot een kwalitatief (nog) betere brandweerzorg in de grensgebieden tussen de voornoemde regio’s.

[1] Procentueel uren paraat, afgezet tegen 24/7uren, 365 dagen.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 21 -

14 april 2022

Kengetallen In 2021 zijn 2.455 prio 1 (in 2020: 2.645) uitrukken geweest naar een incident. Bij sommige incidenten rukken meerdere voertuigen en/of posten uit. Dat kan zijn in verband met de omvang van het incident, maar ook uit voorzorg om de paraatheid te garanderen. Daarnaast is de brandweer 2.158 maal prio 2 (in 2020: 1.863) uitgerukt. Indicatoren

Realisatie

Regionaal: in de praktijk wordt 50% van de maatgevende incidenten

51%

(brand in een gebouw) binnen de wettelijke opkomsttijd voor dat

Gemiddelde opkomsttijd 8:32

specifieke soort gebouw bereikt door de eerste eenheid.

minuten

Bij prio-1 meldingen is het streven een uitruktijd van maximaal 5

Beroepsposten 1:25 minuten

minuten te halen bij vrijwillige posten en anderhalve minuut bij

Vrijwillige posten 4:58 minuten

beroepsposten en posten met een SI-2T (moment van alarmering tot aan moment van de uitruk).

2.2.3. Preparatie Voor de werkvelden van preparatie is het van belang dat zij zich zodanig inrichten dat zij flexibel kunnen inspelen op de ontwikkelingen binnen incidentbestrijding. Dat vergt aanpassing in materiaal, vakbekwaamheid en operationele voorbereiding. Het feit dat vrijwilligers gemiddeld minder lang bij de brandweer blijven in combinatie met vergrijzing en succesvolle werving leiden tot een grotere vraag om opleidingen. Met de geplande nieuwbouw van kazerne Venray (2022/2023) kan een uitbreiding van de opleidingscapaciteit plaatsvinden. Certificering Voor het Regionaal Opleidingsinstituut was 2021 een belangrijk jaar. In 2018 heeft de eerste certificering plaatsgevonden welke noodzakelijk is om alle opgeleide brandweer collega's op examen te mogen sturen. In 2021 stond de her certificering voor de deur. Een kwalitatieve audit waarbij aangetoond moest worden dat we ons verbeterd hebben op de leerpunten van 2018 en nog steeds voldoen aan de gestelde eisen van het KAB. We hebben de her certificering goed doorlopen. Het is vermeldenswaardig dat de out of de box werkmethode en werken vanuit het doel, op veel waardering heeft kunnen rekenen. In 2024/2025 vindt er weer een audit plaats. RBOP 3.0 In 2021 is het RBOP vastgesteld, een belangrijk moment op onder andere het gebied van huisvesting.

Dit plan is namelijk de uitgangspositie om het gesprek te openen bij een aantal kazernes in relatie tot toekomstbestendigheid. Concreet hebben we in Venray een positief besluit opgehaald voor de nieuwe centrumpost. Daarnaast hebben we in december ook een belangrijke stap gezet voor de realisatie van de nieuwe kazerne Leudal. Er is een principe besluit opgehaald op inhoudelijke onderwerpen waardoor er een volgende fase aanbreekt. Ook in de gemeente Roermond en de gemeente Peel en Maas zijn eerste verkennende gesprekken gevoerd op het gebied van huisvesting. Dit krijgt in 2022 een vervolg. We willen meer terugzien van maatschappelijke return bij de uitvoering van de werkzaamheden door lokale ondernemers meer ruimte te bieden in de uitvoering.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 22 -

14 april 2022

Voertuig volgsysteem In 2021 is het voertuig volgsysteem geïnstalleerd in alle dienstvoertuigen. In een eerdere periode kwam door middel van een fiscale controle naar voren dat het huidige systeem foutgevoelig is en veel administratieve handelingen vereist. Door deze installatie zijn we toekomstbestendig en hebben we lastenverlichting gerealiseerd voor zowel de gebruiker als financiën. Vanuit operationele voorbereiding is de implementatie van het groot watertransport afgerond. Daarnaast zijn de posten Mook, Meerlo, Lottum en Wessem aangewezen als peloton voor de Nationale Reddingsvloot, dit als onderdeel van landelijke afspraken. Er heeft een verdere intensivering plaatsgevonden op het gebied van de interregionale samenwerking, de resultaten worden in de bestuurscommissie Veiligheid in 2022 gepresenteerd. De doorontwikkeling van Team Brandonderzoek heeft meer structuur gekregen. Dit is onder andere zichtbaar geworden door de inzet bij mono-evaluaties van incidenten zoals hoogwater. Het doel is dit nog meer te bestendigen en onderdeel van de strategie van veilig repressief optreden. Indicatoren ·

Gecertificeerd opleidingsbureau.

· Alle ruim 850 operationeel inzetbare medewerkers voldoen aan de landelijke branche-standaard voor vakbekwaamheid. · Actuele planvorming, procedures, inzetvoorstellen en dekkingsplan. · De kazernes voldoen aan niveau 3 van de NEN2767-norm. · Al het materieel voldoet aan de daarvoor geldende kwaliteitsstandaard en/of keurmerk en wordt periodiek gekeurd.

Realisatie Ja, hercertificering is succesvol gehaald in 2021 Ja

Ja Ja Ja, doordat de uitvoering van deze werkzaamheden verschoven is naar het 1e kwartaal hebben we meer financiële controle.

2.2.4. Risk Factory De Risk Factory is het eerste half jaar, door de coronamaatregelen, gesloten geweest. Sinds september is de Risk Factory weer geopend. Er is veel animo onder basisscholen om een bezoek te brengen. Het aantal schoolbesturen waarmee een overeenkomst is gesloten is uitgebreid. Daarnaast zijn er drie nieuwe scenario's ontwikkeld: online weerbaarheid (i.s.m. Ministerie Justitie en Veiligheid, Politie en GGD), noodsituaties (i.s.m. Brandweer Limburg-Noord, Ambulancezorg Limburg-Noord, Politie Limburg en Veiligheidsregio Limburg-Noord) en ‘Voor wat, hoort wat..’ (i.s.m. RIEC Limburg).

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 23 -

14 april 2022

2.2.5. Wat heeft het gekost? De gemeentelijke bijdrage voor het programma Brandweerzorg bedraagt € 26,242 miljoen (exclusief overhead), omgerekend is dat een bedrag van € 50,46 per inwoner. Totaal Programma Brandweerzorg 130219

Bedrag per inw oner**

Begroting 2021 na w ijziging

Realisatie 2021*

Totaal lasten

32.235

32.357

€ 62,22

Totaal baten

31.834

32.545

€ 62,58

Saldo van baten en lasten excl. Corona

-401

188

€ 0,36

Toevoegingen aan reserves

210

570

€ 1,10

Onttrekkingen aan reserves

611

444

€ 0,85

-0

62

€ 0,12

Gerealiseerde resultaat excl. Corona Lasten Corona

75

Baten Corona Gerealiseerde resultaat incl. Corona

-0

-13

* bedragen in duizenden euro's ** bedragen in euro's

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 24 -

14 april 2022

2.3

Programma Crisisbeheersing

Het programma Crisisbeheersing bestaat uit de volgende onderdelen: •

Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking (incl. GHOR);

•

Gemeentelijke processen en

•

Meldkamer.

2.3.1. Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking (incl. GHOR) Wederom een coronajaar waarin er vanuit de GHOR een tandje bijgezet moest worden als het gaat over de druk op de zorg. Met het plan ‘stagnatie in de zorg’ werd er samengewerkt aan centrering van de zorg en verdeling van personeel. Dit leidde tot verbinding van acute zorg, langdurige zorg, GGD, veiligheidsregio en politie. Net als in 2020 kregen we ook in 2021, naast corona, te maken met een langdurige crisis; het hoogwater Maas en Roer. Een crisis die zich typeert door de tomeloze inzet van de gehele regio, maar zeker ook onze medewerkers in het bijzonder. Voor de hoogwatercrisis werd GRIP 4 afgekondigd, net als voor corona. Verder waren er in 2021 20 GRIP 1-situaties en 1 GRIP 2. Met veel enthousiasme en deskundigheid werd er ook verder vorm en inhoud gegeven aan de informatiegestuurde veiligheid met het afronden van de eerste fase van het Veiligheids Informatie Centrum (VIC) met een samenwerkingswebsite met enkele proefproducten, waaronder het Veiligheidsbeeld. Het VIC is ontstaan vanuit de behoefte aan een continu actueel omgevingsbeeld en de gedachte dat we niet willen wachten met het verzamelen van informatie totdat iemand om hulp roept. Als dat goed gebeurt, kan er eerder en sneller ingegrepen worden als we ergens risico’s zien ontstaan.

Het omdopen van het Centrum naar het Knooppunt (VIK) biedt de basis voor verdere doorontwikkeling van de proefproducten en structurele inbedding. Niet alleen veiligheidsinformatie was een speerpunt in 2021, ook informatieveiligheid kreeg volop aandacht. Digitalisering en beschikbaarheid van informatie bieden enorme kansen, maar maken onze samenleving ook kwetsbaar. Door middel van een digitale netwerkdag, georganiseerd door de beide Veiligheidsregio’s en de Politie, werden nieuwe inzichten opgedaan over digitale ontwrichting. Bij de advisering van evenementen heeft de nadruk gelegen op het volgen en vertalen van de steeds veranderende actuele ontwikkelingen, continue onzekerheid (met meerdere scenario’s werken) en het onderhouden van het netwerk. Met alle buurregio’s zijn samenwerkingsafspraken gemaakt en vastgelegd op een Multidisciplinaire Informatiekaart. Met 5 van de 6 convenantpartners zijn afspraken vastgelegd op netwerkkaarten en/of Multidisciplinaire Informatiekaarten. Jaarlijks vinden met 8 vitale- / crisispartners accountmanagementgesprekken plaats. Hieruit blijkt dat men tevreden is over de samenwerking. De lijntjes zijn kort en operationeel loopt de samenwerking naar wens. Als gevolg van corona hebben een gedeelte van de (M)OTO activiteiten geen doorgang kunnen vinden, waardoor de (GHOR) functionarissen slechts beperkt hebben kunnen deelnemen aan de OTO

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 25 -

14 april 2022

activiteiten. Echter, op basis van hun ervaring, gezien de langdurige inzet tijdens de coronacrisis en de crisis hoogwater kan gezegd worden dat de operationele gereedheid voldoende is.

Indicatoren

Realisatie

Evenementenadvisering Op alle adviesaanvragen (ongeveer 325 per jaar) in het kader van vergunningverlening voor een B-

-

of C-evenement is tijdig advies uitgebracht,

-

afhankelijk van de tijdige aanvraag door en

A-evenementen: 75 (meer dan ‘normaal’ vanwege de beperkingen in evenementen) B-evenementen: 100 C-evenementen: 9

informatieverschaffing van de aanvrager. Operationele voorbereiding Alle (100%) multidisciplinaire plannen,

84%

werkinstructies en operationele informatie zijn conform versiedatum minder dan 3 jaar oud. Met alle structurele partners en buurregio’s zijn

Met alle buurregio’s zijn

afspraken vastgelegd op netwerkkaarten.

samenwerkingsafspraken gemaakt en vastgelegd op een Multidisciplinaire Informatiekaart

MOTO-aanbod (multi-opleiden-trainen-oefenen)

Ondanks dat er in verband met corona meerdere

dat voorziet in tenminste 2 oefenmomenten per

activiteiten zijn aangepast of afgelast, zijn de

functionaris per jaar. Deze oefenmomenten

meeste oefenmomenten conform planning

worden conform planning gerealiseerd.

uitgevoerd

(M)OTO-deelname door GHOR-functionarissen

CB: Multi-functionarissen voldoen ruimschoots

en multi-functionarissen (i.c. leiders en

aan de norm

informatiemanagers) voldoet aan de norm van

GHOR: zie toelichting

minimaal 2 momenten per functionaris per jaar. De operationele gereedheid van GHOR-

Alle functionarissen zijn operationeel en opgeleid.

functionarissen is actueel en inzichtelijk.

Het jaarplan (M)OTO GHOR wordt daarin normaal gesproken gevolgd plus de inzetten vormen de basis voor de registratie. Vanwege corona hebben er in 2021 slechts beperkt OTO activiteiten plaatsgevonden. Voor het inwerken van nieuwe piketfunctionarissen is een inwerkplan opgesteld, om de randvoorwaarden gestructureerd te organiseren.

De GHOR stelt jaarlijks een bestuursrapportage

De bestuursrapportage krijgt na de coronacrisis

op, die inzicht geeft in de voorbereiding van

op basis van bevindingen opnieuw vorm en

instellingen, zorgaanbieders, regionale

inhoud.

ambulancevoorzieningen en diensten die een taak hebben in de geneeskundige hulpverlening én continuïteit van zorg moeten garanderen.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 26 -

14 april 2022

Incidentbestrijding Kernfuncties zijn in 100% van de gevallen na

Individueel niveau: de kernfuncties crisisbeheersing zijn in 80% van de gevallen na alarmering binnen de normtijd begonnen met hun werkzaamheden.

alarmering binnen de normtijd begonnen met hun werkzaamheden. CaCo’s zijn in 82% van de gevallen na alarmering binnen de normtijd begonnen met hun werkzaamheden.

Teamniveau: de teams beginnen in 80% van de

In 100% van de gevallen begonnen teams in een

gevallen in een naar oordeel van de leider

naar oordeel van de leider voldoende complete

voldoende complete samenstelling binnen de

samenstelling binnen de normtijd met het eerste

normtijd met het eerste overleg.

overleg.

2.3.2 Gemeentelijke processen Snelle en adequate inzet van vakbekwame functionarissen belast met de gemeentelijke processen bij crisisbeheersing. Ongeveer 300 functionarissen verdeeld over 17 sleutelfuncties in 14 bovenlokale, 3 interlokale en 8 lokale pools vertegenwoordigen samen de gemeenten en zorgen voor bevolkingszorg. Operationele inzet Gemeenten hebben in 2021 een grote bijdrage geleverd aan de crisisbeheersing rondom het coronavirus en hoogwater Maas en Roer. Naast de grote crises zijn de officieren van dienst bevolkingszorg 314 keer in actie gekomen om gemeentelijke taken uit te voeren bij plaatselijke incidenten. Vakbekwaamheid De coronacrisis bleef zorgen voor grote uitdagingen op het gebied van opleiding, training en oefening van gemeentefunctionarissen. Vooral oefeningen vanuit multi-perspectief zijn komen te vervallen; dit werd grotendeels gecompenseerd door daadwerkelijke inzet van functionarissen. Door proactief handelen van team oranje kolom en een facilitaire houding van opleidingspartners is de monoopleidingsgraad grotendeels behaald. Daarbij komt dat bijna alle functionarissen dit jaar operationeel zijn ingezet bij incidenten. Overige ontwikkelingen Naast planvorming blijft de nadruk onophoudelijk liggen op preparatie en inzet. Onderstaande indicatoren waarborgen dat de gewenste operationele prestaties worden geleverd.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 27 -

14 april 2022

Indicatoren

Realisatie

Operationele voorbereiding ·

Van de functionarissen binnen de Oranje Kolom die actief zijn binnen de

88%

multidisciplinaire teams neemt iedere functionaris minimaal 1x per jaar deel aan een multidisciplinaire bijscholing of oefening. ·

Elke functionaris binnen de Oranje Kolom neemt minimaal 1x per jaar deel aan een

92%

monodisciplinaire opleiding of oefening. ·

Alle nieuwe functionarissen die binnen de Oranje Kolom actief zijn, volgen een

100%

startbekwaamheidstraject voor de functie die zij gaan uitoefenen. Incidentbestrijding ·

In alle gevallen zijn de teams na alarmering binnen de gestelde opkomsttijden

operationeel.

Conform norm

2.3.3. Meldkamer Ook in 2021 heeft het coronavirus en de daaruit voorvloeiende maatregelen een grote rol gespeeld in de bedrijfsvoering van de meldkamer. Het borgen van de continuïteit heeft veel aandacht gevraagd. Maatregelen uit het continuïteitsplan zijn een aantal malen van toepassing geweest. Inhuur, maar ook het terugbrengen van de bezetting tijdens nachtdiensten van 3 naar 2 personen is ten gevolge van ziekteverzuim en quarantaine aan de orde geweest. Vrijwel het hele jaar is gebruik gemaakt van remote werkplekken in Venlo en Heerlen. Door op de remote werkplekken de aanname centralist te plannen, ontstond meer fysieke ruime in de meldkamer van Maastricht. Hierdoor kon de anderhalve meter maatregel beter gewaarborgd worden. Het hoogwater en de daarbij gepaarde overlast heeft ook in de meldkamer veel impact gehad. Het aantal meldingen was dermate hoog dat, ondanks de overloop naar andere meldkamers in het land, de 112 niet geborgd kon worden. Dit vraagt om een grondige evaluatie van het meldkamerproces tijdens zo’n grote drukte.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 28 -

14 april 2022

2.3.4. Wat heeft het gekost? De gemeentelijke bijdrage voor het programma Crisisbeheersing bedraagt € 4,3 miljoen (exclusief overhead), omgerekend is dat een bedrag van € 8,28 per inwoner. Totaal Programma Crisisbeheersing 130219

Bedrag per inw oner**

Begroting 2021 na w ijziging

Realisatie 2021*

Totaal lasten

5.223

5.046

€ 9,70

Totaal baten

4.847

5.040

€ 9,69

Saldo van baten en lasten excl. Corona

-376

-6

-€ 0,01

Toevoegingen aan reserves

40

11

€ 0,02

Onttrekkingen aan reserves

416

160

€ 0,31

Gerealiseerde resultaat

0

143

€ 0,27

Lasten Corona

6

Baten Corona Gerealiseerde resultaat incl. Corona

0

137

* bedragen in duizenden euro's ** bedragen in euro's

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 29 -

14 april 2022

2.4

Bedrijfsvoering/Overhead

In het kader van de vernieuwing van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) worden de kosten voor de bedrijfsvoering ondergebracht in het onderdeel Overhead. Onder overhead wordt verstaan alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hierbij worden in het BBV een aantal uitgangspunten gehanteerd: •

Kosten dienen zoveel mogelijk direct te worden toegerekend aan het betreffende programma;

•

Ondersteunende werkzaamheden die niet direct dienstbaar zijn aan de externe klant of een extern product horen thuis bij de overhead;

•

Hiërarchisch leidinggevenden behoren bij de overhead en

•

De huisvesting voor algemene taken behoort tot de overhead. Huisvesting specifiek voor brandweer of GGD worden bij het betreffende programma begroot en verantwoord.

In de begroting van de veiligheidsregio worden de kosten van de overhead verdeeld over de programma’s en op die wijze verrekend in de gemeentelijke bijdrage. De gemeenten kunnen namelijk geen overheadkosten van de veiligheidsregio toevoegen aan hun eigen overheadkosten.

2.4.1. Wat heeft het gekost? De gemeentelijke bijdrage voor de Overhead ten bedrage van € 13,3 miljoen, omgerekend een bedrag van € 25,60 per inwoner, wordt verdeeld over de drie inhoudelijke programma’s. Totaal Overhead 130219

Bedrag per inw oner**

Begroting 2021 na w ijziging

Realisatie 2021*

Totaal lasten

14.790

16.613

€ 31,95

Totaal baten

14.709

16.534

€ 31,79

Saldo van baten en lasten excl. Corona

-80

-79

-€ 0,15

Toevoegingen aan reserves

230

340

€ 0,65

Onttrekkingen aan reserves

310

401

€ 0,77

-0

-17

-€ 0,03

Gerealiseerde resultaat excl. Corona Lasten Corona

1.178

Baten Corona Gerealiseerde resultaat incl. Corona

-0

-1.195

* bedragen in duizenden euro's ** bedragen in euro's

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 30 -

14 april 2022

2.5

Vennootschapsbelasting

Vanaf 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen van bijvoorbeeld gemeenten, provincies en waterschappen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Met deze wetswijziging wil de Nederlandse overheid gelijkheid creëren tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Voor zover bekend zijn de hiermee samenhangende financiële gevolgen voor de veiligheidsregio zeer beperkt. Voor de vennootschapsbelasting die op de activiteiten drukt die door de belastingdienst als VPB-plichtig worden aangemerkt, is voor 2021 geen bedrag geraamd. Omdat wij activiteiten verrichten tegen kostprijs en zonder winstoogmerk verwachten wij geen heffing in 2021.

2.6

Algemene dekkingsmiddelen

VRLN kent als algemeen dekkingsmiddel het saldo van de financieringsfunctie, zijnde € 701.129.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 31 -

14 april 2022

3

Paragrafen

3.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

In 2015 heeft het Algemeen Bestuur bepaald dat een algemene reserve van maximaal 2% van het begrotingstotaal volstaat mits onderbouwd met een inventarisatie van risico’s. Op basis van alle risico’s met bijbehorende risico-inschatting (kans x effect) is een analyse gemaakt van de benodigde algemene reserve voor VRLN. Door middel van een simulatiemethodiek (Monte-Carlo) is het verband tussen risico’s en aan te houden algemene reserve bepaald. Het Algemeen Bestuur heeft besloten een algemene reserve van maximaal € 1.250.000 aan te houden. Aan het einde van 2021 is de algemene reserve € 533.000 groot. De reserve transformatie meldkamer € 1.089.000 wordt onder het weerstandvermogen geschaard.

3.1.1. Risico’s In het kader van risicomanagement vragen wij aandacht voor een aantal concrete risico’s. Coronapandemie De kosten van de bestrijding van de coronapandemie van de GGD en de veiligheidsregio worden vergoed door het Rijk. De afrekening over 2020 en 2021 zijn nog niet definitief vastgesteld door VWS. Datalek GGD systeem CoronIT, en HPZone (Lite) Aan het begin van 2021 is bekend geworden dat bij een datalek bij de GGD-en in Nederland de persoonsgegevens van 6,5 miljoen mensen uit de softwaresystemen, die gebruikt worden bij het plannen van test- en vaccinatieafspraken en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek, toegankelijk waren voor onbevoegden en daarmee beschikbaar waren voor illegale datahandel. De Stichting Initiatieven Collectieve Acties Massaschade (Stichting ICAM) stelt namens hun cliënten de Staat aansprakelijk voor de door het datalek bij de GGD-en veroorzaakte schade. Ook individuele GGD-en en veiligheidsregio’s zijn aangeschreven door de Stichting ICAM. De Stichting ICAM claimt een schadevergoeding van € 500 voor elke Nederlander van wie de persoonsgegevens in de GGDsystemen zijn opgeslagen. Informatieveiligheid Met de toenemende digitalisering neemt het belang van informatieveiligheid toe, daar we merken dat de digitale kwetsbaarheden en dreigingen ook toenemen.

De VRLN heeft de afgelopen tijd geïnvesteerd in hard- en software om informatiesystemen veiliger te maken. De komende jaren worden er aanvullend diverse maatregelen ondernomen, zoals het implementeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De BIO geldt als basisnormenkader voor de overheid op informatiebeveiliging. De VRLN wil de maatregelen binnen twee jaar volledig implementeren. Daarnaast wil de VRLN samenwerken met andere veiligheidsregio’s en GGD-en om de kwetsbaarheid van onze organisatie te verminderen. De VRLN zou graag zien dat software voor cruciale processen op een landelijke infrastructuur draait in plaats van dat veiligheidsregio’s en GGD-en hier eigenstandig in opereren. Tot slot is de VRLN van mening dat op landelijk niveau een Security Operation Center

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 32 -

14 april 2022

moet worden ingericht om individuele veiligheidsregio’s en GGD-en bij te staan in het monitoren van dreigingen en de kwalificatie van incidenten. Hoog specialistische kennis moet worden ingezet als cyberincident onverhoopt optreedt. De gevolgschade van een cyberincident is niet te kwantificeren. Financiële rechtmatigheid dienstverlening coronabestrijding In 2020 heeft de VRLN net als alle andere GGD-en omwille van de snelheid rechtstreeks en zonder aanbestedingsprocedure overeenkomsten gegund in het kader van de bestrijding van de coronapandemie. In de Aanbestedingswet is in artikel 2.32 lid 1 sub c de mogelijkheid gecreëerd om in geval van “dwingende spoed” de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toe te passen. De rechtmatigheid van de opdrachten die de VRLN heeft verleend in 2021 dient mede beoordeeld te worden in het licht van de uitzonderlijk omstandigheden van het geval. De aard en omvang van de te verlenen opdrachten waren amper voorspelbaar en kwamen - vanwege het grillige verloop van de pandemie - ook via instructies van het ministerie van VWS op zeer korte termijn. Er was een noodzaak contracten te verlengen en er was geen tijd en capaciteit om eerst aanbestedingen te houden. Voor de eerste helft van 2021 is dwingende spoed de basis voor de verlenging van de reeds in 2020 gegunde overeenkomsten.

Voor de tweede helft van 2021 geschiedt de opdrachtverlening bij wijze van overbrugging tot de ingangsdatum van de nieuwe overeenkomsten. Ook dat heeft een rechtmatige en door de rechter toegestane grondslag. Deeltijdregeling brandweervrijwilligers In Nederland bestaat een hybride stelsel van beroeps- en vrijwillige brandweermensen. De Europese Deeltijdrichtlijn dreigt de vrijwilligheid onder druk te zetten. De Minister van Justitie en Veiligheid heeft aangegeven dat vrijwilligheid echt vrijwillig moet zijn en dat sluit niet aan bij kazernering van vrijwilligers. Daarnaast moet een onderscheid worden gemaakt in het takenpakket tussen vrijwilligers en beroepsbrandweermensen. VRLN kiest er voor hoog specialistisch taken te beleggen bij beroepsbrandweermensen. Door materiële voorzieningen te verminderen is financiële ruimte gevonden om de beroepscapaciteit uit te breiden. Er zijn met het Rijk nog geen afspraken gemaakt over de vergoeding van meerkosten die voortvloeien uit de stelselwijziging. Een extern bureau heeft uitgerekend dat deze wijziging in onze regio € 1,2 mln. kosten met zich meebrengt. De bestuurlijke lijn is dat wijzigingen als gevolg Europese wetgeving door het Rijk moeten worden vergoed. Krappe arbeidsmarkt De krappere arbeidsmarkt maakt het moeilijk medewerkers te vinden.

Het risico bestaat dat de bezetting niet op orde is en afgesproken prestaties om die reden niet kunnen worden gerealiseerd. Daarnaast nemen kosten om leemtes in de planning te ondervangen met tijdelijke inhuur van medewerkers toe en is de inspanning die geleverd wordt om verloop van medewerkers op te vangen groot. Het personeelsplan 2022-2030 wordt in juli 2022 aan het bestuur voorgelegd.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 33 -

14 april 2022

Ondernemersrisico Er bestaan onzekerheden ten aanzien van aanvullende inkomsten door (mogelijke) veranderingen in wet- en regelgeving en overige (externe) ontwikkelingen. In 2021 was als gevolg van de coronapandemie sprake van een forse omzetderving bij reizigersvaccinaties. Bij VWS is het verlies (omzet minus kosten) van € 625.000 gedeclareerd. Voorwaardelijk pensioen medewerkers Zorggroep Op 1 januari 2012 is de jeugdgezondheidszorg voor 0-4 jarige overgedragen van de Zorggroep naar VRLN. Met de overgang van de medewerkers van de Zorggroep naar VRLN is het deelnemerschap van de collega’s overgekomen van de Zorggroep bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PfZW) beëindigd. Op basis van artikel 18 lid 4 van het sociaal plan garandeert VRLN dat het voorwaardelijk pensioen na overdracht van pensioenrechten naar het ABP bij dat pensioenfonds ten minste gelijk is aan dat bij het PfZW. Om dit te bewerkstelligen is met het ABP in 2011 ‘Behoud Voorwaardelijke Inkoop’ overeengekomen. Dat is de financiële techniek waarmee overdracht van rechten plaats kan vinden. In 2020 heeft het ABP de voorwaardelijke pensioenrechten opgenomen. Over de hoogte van de rechten van individuele medewerkers staan nog vragen open. Als gevolg daarvan is dit dossier nog niet definitief afgesloten. Mocht compensatie nodig zijn dan gaat dat om een bedrag van maximaal € 135.000.

3.1.2. Financiële kengetallen Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast geeft het kengetal inzicht in de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. In de uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Voor veiligheidsregio’s wordt 80% als norm aangehouden. VRLN blijft onder de norm. Solvabiliteit De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe financieel gezonder de gemeenschappelijke regeling. De solvabiliteitsratio is relatief hoog in deze jaarrekening. Dit hangt samen met de vrijval van de onderhoudsvoorzieningen.

Hierdoor is vreemd vermogen verschoven naar het eigen vermogen. Dit is een tijdelijke situatie, op het moment dat de onderhoudsplannen geactualiseerd zijn, verschuiven deze middelen weer naar een voorziening en daalt de solvabiliteitsratio. VRLN is in staat haar kortlopende en langlopende schulden te voldoen. De lage rentestand is behulpzaam, want de duurdere leningen met een hoger rentepercentage worden indien mogelijk vervangen door goedkopere leningen met een lager rentepercentage.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 34 -

14 april 2022

Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn voornamelijk de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor VRLN ligt ultimo 2021 op -0,4%. Financiële kengetallen (exclusief Corona)

(in percentages) 050221

Realisatie 2020

Begroting 2021

Realisatie 2021

Netto schuldquote

53,4%

66,5%

57,8%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

53,4%

66,5%

57,8%

Solvabiliteitsratio

13,0%

4,7%

11,6%

Structurele exploitatieruimte

0,9%

-1,7%

-0,4%

3.2

Bedrijfsvoeringsparagraaf: In Control Statement

In deze jaarverantwoording geeft de directeur voor het jaar 2021 een In Control Statement (ICS) af. De VRLN hanteert de werkdefinitie dat een ICS een verantwoording is van de bestuurder om aan te geven wat de mate van interne beheersing is in relatie tot de realisatie van (organisatie) doelstellingen. Met een ICS geeft de directeur antwoord op de vraag in hoeverre het management voldoende grip heeft op de processen die leiden tot het realiseren van (strategische) doelstellingen. De ICS tekst is tot stand gekomen door het gebruik van een speciaal voor de politie ontwikkelde methodiek maar in onze ogen ook bruikbaar voor de veiligheidsregio en de GGD. Deze methodiek gaat uit van 3 verschillende perspectieven: de eigen bevindingen (assessment), de interne bevindingen en de externe bevindingen. Elke van deze perspectieven wordt gehouden tegen een (intern) referentiemodel. Het referentiemodel sluit aan bij de algemene benaming van volwassenheidniveaus voor interne beheersing zijnde: initieel, handelingsbewust, gedefinieerd, beheerst en geoptimaliseerd. De verklaring is een kwalitatieve weergave van de mate van beheersing in het geconstateerde volwassenheidsniveau. De directeur verklaart dat de beheersing van de bedrijfsvoering van de veiligheidsregio in 2021 zich bevindt in het volwassenheidsniveau “handelingsbewust”.

Het stelsel van interne beheersing is bij de VRLN in ontwikkeling. Regels en controle dragen bij aan beheersing van risico’s die zich nu eenmaal voordoen in de bedrijfsvoering. Normen met betrekking tot rechtmatigheid kunnen leiden tot spanning ten opzichte van het streven processen kostenefficiënt in te richten. De directeur heeft aandacht voor een bij de eigenheid van de VRLN passend optimum tussen enerzijds de mate van het treffen van (aanvullende) beheersmaatregelen en het nog aanvaardbare niveau van risico’s in de bedrijfsvoering anderzijds.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 35 -

14 april 2022

De reikwijdte van deze verklaring betreft de organisatie als geheel. De bevindingen over de mate van interne beheersing zijn afgezet tegen het ontwikkelde referentiemodel voor de vereisten van een management control systeem. Het referentiemodel kent zes aspecten: strategie, procesbeheersing, normbeheersing, rapportagebeheersing, risicomanagement en cultuur.

De gewenste ontwikkeling op de afzonderlijke aspecten laat zich op hoofdlijnen en in kwalitatieve termen als volgt schetsen: • Strategie: In het beleidsplan 2019-2023 ligt de strategie van de organisatie vast en deze wordt door de organisatie herkend. In 2021 is onder regie van een bestuurlijke werkgroep een kerntakendiscussie gevoerd. In de analyse is geconstateerd dat de VRLN voornamelijk wettelijke taken uitvoert en slecht in beperkte mate niet wettelijke taken. De keuze in het vaststellen van de kerntaken draait als gevolg daarvan om ‘de hoe vraag’ in plaats van de ‘wat vraag’. De VRLN zal een visie op de uitvoeringsopdracht en het organisatieplan schrijven voor de periode 2022-2030 om daarmee de beleidslijn voor twee gemeentelijke collegeperiodes vast te leggen. In het perspectief naar 2030 is het werven en vasthouden van gekwalificeerd personeel de meest essentiële pregnante opgave voor een succesvolle uitvoering van beleid. • Procesbeheersing: Het merendeel van de operationele werkprocessen zijn vormgegeven aan de hand van professionele standaards en protocollen. De borging van de vakbekwaamheid richt zich daar op. De inspectiediensten toetsen de uitvoering. De processen in de bedrijfsvoering zijn op verschillende abstractieniveaus beschreven; veelal globaal en soms gedetailleerd.

De verdere standaardisering en digitalisering van bedrijfsvoeringprocessen moet de interne beheersing versterken. • Normbeheersing: Voor operationele processen gelden de extern opgelegde normen en daarover wordt verantwoording richting de toezichthouders afgelegd. De kwaliteit van de uitvoering is niet altijd in normen te vatten. De VRLN streeft er naar de kwalitatieve aspecten van de uitvoering zichtbaar te maken. In- en externe evaluaties dragen daar aan bij en de leerpunten stimuleren de doorontwikkeling van de organisatie. In de bedrijfsvoering zijn externe normen vertaald naar interne spelregels en richtlijnen. Ook hier moet de kwaliteit toetsbaar zijn. Het instrument van interne audits bevindt zich nog in de kinderschoenen. In 2022 wordt met behulp van KPMG een audit naar informatieveiligheid uitgevoerd.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 36 -

14 april 2022

Voor de beoordeling van de financiële rechtmatigheid wordt de methodiek van de externe accountant gevolgd en de conclusie is dat de VRLN binnen de tolerantiegrenzen blijft. • Rapportagebeheersing: De P&C cyclus is ontwikkeld, geïmplementeerd en wordt nageleefd. De P&C cyclus wordt -naast financiële verantwoording- in toenemende mate ook ingezet voor de beleidsinhoudelijke verantwoording. De belangrijkste financiële uitdagingen voor de periode 2030 zijn stijgende personeelslasten door krapte op de arbeidsmarkt en stijgende kapitaallasten. De VRLN wil een informatie-gestuurde organisatie zijn en ontwikkelt in samenspraak met andere veiligheidsregio’s en GGD-en stuurinstrumenten. • Risicomanagement: Het kader voor risicomanagement ligt vast. Het risicobewustzijn in de organisatie is groot. Risicomanagement maakt echter nog niet altijd onderdeel uit van de besluitvormingsprocessen. In de bedrijfsvoering komt informatieveiligheid als belangrijkste risico naar boven. Daar moeten nog grote stappen worden gezet. • Cultuur die in lijn is met de kernwaarden van de organisatie wordt zichtbaar in de vorm van gedrag. Op het stimuleren van gewenst gedrag wordt via managementontwikkeling en teamvorming geïnvesteerd. De volgende stap is gericht investeren in het detecteren en interveniëren op ongewenst gedrag. Het uitgangspunt daarbij is High Trust – High Penalty.

3.3

Overzicht bezetting

Omvang personeel 31-12-2020 Aantal

31-12-2021 %

Aantal

%

Werknemers

634

619

Fte

521

512

Fulltime

288

45,4

292

47,2

Parttime

346

54,6

327

52,8

3.4

Onderhoud kapitaalgoederen

De belangrijkste kapitaalgoederen die de veiligheidsregio in eigendom heeft betreffen gebouwen, vervoermiddelen (brandweervoertuigen) en ander brandweermaterieel. a. Het beleidskader Het beleidskader voor het onderhoud van de kapitaalgoederen is in 2016 geactualiseerd. Het bestuur heeft in 2016 de financiële verordening en de afschrijvingstermijnen opnieuw vastgesteld. b. Materieel Ten aanzien van vervanging van materieel zijn soberheid, doelmatigheid en regionale uniformiteit belangrijke uitgangspunten.

Jaarverantwoording 2021 VRLN

- 37 -

14 april 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11765886/1