CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.22.043 Jaarverantwoording VRLN

Gemeenteraad 6 september 2022, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven.32.415 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Bouwveiligheid

De veiligheidsregio adviseert over brandveiligheidsaspecten bij bouwvergunningtrajecten: over te nemen bouwkundige maatregelen, technische installaties, bereikbaarheid en bluswatervoorzieningen op objectniveau. Controles tijdens en na de bouw maken deel uit van deze werkzaamheden. Prestatie indicatoren Snelle, adequate en kwalitatief hoogwaardige adviezen over maatregelen, voorzieningen en voorschriften over brandveiligheidsaspecten in het kader van bouwvergunningtrajecten. Adequate controle in het kader van handhaving door middel van toezicht en inspecties. Jaarlijks worden gemiddeld 900 adviesrapporten uitgebracht en 20 controles uitgevoerd. Speerpunt is het verhogen van de kwaliteit van onze dienstverlening aan gemeenten, door: -

nog meer aan de voorkant mee te denken zodat gemeenten niet verrast worden door ons advies in een lopende aanvraag:

-

het borgen van maximale afstemming bij complexe trajecten en

-

de risicogerichte benadering goed te borgen in het adviesformat.

D

Gebruiksveiligheid

De veiligheidsregio adviseert over brandveilig gebruik van bouwwerken en bij risicovolle en/of grootschalige evenementen. Hiertoe behoort de advisering omgevingsvergunning en melding brandveilig gebruik, de advisering en het toezicht bij grootschalige en risicovolle (B- en C-) evenementen en het toezicht op brandveilig gebruik. Daarnaast voert de veiligheidsregio activiteiten uit specifiek gericht op het verkleinen van het risico op brand door menselijk handelen. Concrete activiteiten zijn de ervaringsprogramma’s binnen de Risk Factory voor scholieren, zorginstellingen, het voorlichten en trainen van kwetsbare groepen en het trainen van ambassadeurs (bij voorkeur door het opzoeken van een structurele samenwerking met zorgorganisaties en woningcorporaties). Prestatie indicatoren Snelle, adequate en kwalitatief hoogwaardige adviezen over maatregelen, voorzieningen en voorschriften bij het gebruik van bouwwerken en bij evenementen.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

22

14 april 2022

Jaarlijks gaat het gemiddeld om 1.500 gebruikscontroles, 300 adviezen in het kader van brandveilig gebruik en 500 adviezen in het kader van evenementenadvisering. Brandveilig Leven Specifiek onderdeel binnen gebruiksveiligheid is Brandveilig Leven, waarbij specifiek aandacht gegeven wordt aan het voorkomen van branden en ongevallen door het stimuleren van brandveilig gedrag bij burgers, organisaties en bedrijven. In totaal worden ruim 300 voorlichtingsactiviteiten Brandveilig Leven uitgevoerd. We maken hierbij in toenemende mate gebruik van volontairs en ambassadeurs (intermediairs). Een belangrijk onderdeel is dan ook het werven en trainen van intermediairs. Om dit te bereiken zoeken we onder meer aansluiting bij opleidingen voor mensen die werkzaam worden bij kwetsbare groepen in de samenleving (bijvoorbeeld MBO Verzorgende). Het team Brandveilig Leven werkt daarnaast samen met de overige collega’s van Risicobeheersing om vraagstukken en uitdagingen gezamenlijk aan te gaan en zorgt er tevens voor dat brandweerposten de juiste (methodische) ondersteuning krijgen bij het uitrollen van lokale initiatieven zoals voorlichtingsactiviteiten. E

Onderzoek en beleid

Binnen risicobeheersing verzorgt VRLN de beleidsvoorbereiding (of levert een bijdrage aan) op diverse terreinen en onderwerpen. Prestatie indicatoren Adequate en kwalitatief hoogwaardige beleidsadviezen die bijdragen aan een effectieve en efficiënte organisatie van de brandweerpreventie, gebaseerd op de nieuwste inzichten en ontwikkelingen. Indicatoren (risicobeheersing als geheel) • Goed en op tijd: wij adviseren in een vroegtijdig stadium vanuit vakinhoudelijke professionaliteit, onafhankelijk en risicogericht. -

Wij zijn aan de voorkant betrokken bij nieuwe ontwikkelingen en aanvragen zodat veiligheid meegenomen kan worden in de fase van integrale belangenafweging. Het percentage vooroverleggen ten opzichte van het aantal adviesaanvragen toont een stijgende lijn.

-

De medewerkers risicobeheersing voldoen aan de landelijk vastgestelde kwaliteitscriteria. Dit is vastgelegd in het dashboard ontwikkeling vakmanschap.

-

Met iedere medewerker wordt jaarlijks een ontwikkelgesprek gevoerd.

-

Onze adviezen voldoen aan de interne standaard voor kwaliteit (kwaliteitskaart). Dit wordt jaarlijks beoordeeld op basis van een steekproef.

-

Wij voeren een tevredenheidsonderzoek uit met betrekking tot onze dienstverlening en scoren daarbij een ruimvoldoende.

• Co-creatie: wij werken samen met partners aan veiligheidsvraagstukken, leveren een onderbouwde bijdrage aan integraal advies en maken waar mogelijk de verbinding op inhoud. -

Het aantal partners waar wij structureel mee samenwerken toont een stijgende lijn.

-

Per programma geven wij minimaal 1 voorbeeld van een nieuw samenwerkingsinitiatief.

-

Wij meten de kwaliteit van de samenwerking met partners d.m.v. een enquête.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

23

14 april 2022

• Informatie gestuurd: wij faciliteren gemeentelijke beleidskeuzes en beïnvloeden brandveilig gedrag door het verzamelen, analyseren en duiden van data en vertalen dit naar een regionaal brandrisicoprofiel en regionaal/lokaal veiligheidsbeeld. -

Iedere gemeente beschikt over een kwalitatieve rapportage over brandveiligheid/naleefgedrag bij risicovolle objecten in de gemeente.

-

Een actueel overzicht van de meest voorkomende oorzaken van brand in de regio is beschikbaar.

-

2.2.2

Leveren wij digitale kaartinformatie over risico’s aan incidentbestrijding en aan gemeenten.

Incidentbestrijding

De veiligheidsregio voert de operationele brandweerzorg uit. Deze omvat het voorkomen en bestrijden van branden en van ongevallen anders dan brand die gevaar voor mens en dier (kunnen) opleveren (verkeersongevallen, bedrijfsongevallen, waterongevallen en ongevallen met gevaarlijke stoffen). De veiligheidsregio beschikt hiervoor over 30 brandweerposten. Het werk wordt uitgevoerd door beroepsmedewerkers (24 uursdienst en dagdienstmedewerkers) en ongeveer 800 vrijwilligers. Naast de basiszorg omvat incidentbestrijding ook het grootschalig en specialistisch optreden van de brandweer. Bij incidenten van grotere omvang is het aspect van slagkracht van belang. Aan de hand van het provinciaal risicoprofiel en de hierin genoemde incidenttypen is bepaald hoe groot de slagkracht minimaal moet zijn. Aangezien het gros van de incidenttypen zich in elke gemeente kan voordoen, is gekozen voor een zodanige verdeling van capaciteit dat de slagkracht overal binnen de landelijke tijdsnormen kan worden geformeerd. Deze capaciteit is overigens al aanwezig; het is de som van de eenheden die nodig zijn voor de snelle eerstelijns brandweerzorg in de gemeenten. Voor het bestrijden van complexe incidenten beschikt de brandweer over specialistische teams die de lokale posten ondersteunen met extra kennis, ervaring en uitrusting.

Activiteiten 2023 Een verdere ontwikkeling van de repressieve organisatie Brandweer Limburg-Noord is op weg naar de brandweer in 2030; een repressieve brandweerorganisatie die flexibel, rationeel en robuust is ingericht om snel en adequaat incidenten te kunnen bestrijden. Vrijwillig waar het kan en beroepsmatig daar waar het moet en met ruimte voor burgerhulpverlening. Snel en adequaat betekent dat de basisbrandweerzorg georganiseerd blijft vanuit de lokale brandweerposten. Eenvoudige technieken en tactieken en een verregaande standaardisering maken dat de lokale vrijwilliger de basisincidenten in zijn of haar verzorgingsgebied kan bestrijden: werken vanuit een behapbare basis. Aanvullend op de vrijwillige posten die op basis van vrije instroom werken, creëren we waar en wanneer nodig een beroepsmatige schil van gegarandeerde paraatheid. De focus van de specialistische teams ligt op hoogwaardige kennis van en ervaring met complexe incidenten en minder op de opkomsttijd. Door ombuigingen en het maken van scherpe maar verantwoorde keuzes worden de extra kosten van taakdifferentiatie en andere externe ontwikkelingen zoveel als mogelijk gecompenseerd.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

24

14 april 2022

Prestatie indicatoren Een parate brandweerorganisatie die adequaat en voldoende snel reageert op de gemiddeld 4.000 meldingen per jaar (waarvan 2.500 prio 1 en 1.500 prio 2). Indicatoren • Regionaal: in de praktijk wordt 50% van de maatgevende incidenten (brand in een gebouw) binnen de wettelijke opkomsttijd voor dat specifieke soort gebouw bereikt door de eerste eenheid. • Bij prio-1 meldingen is het streven een uitruktijd van maximaal 5 minuten te halen bij vrijwillige posten en anderhalve minuut bij beroepsposten en posten met een SI-2T (moment van alarmering tot aan moment van de uitruk).

2.2.3

Preparatie

De kwaliteit van de operationele brandweerzorg is sterk afhankelijk van de vakbekwaamheid van de medewerkers, de inzetbaarheid van het materieel en de operationele voorbereiding. Deze aspecten zijn verenigd binnen het onderdeel Preparatie. Vakbekwaamheid bestaat uit het opleiden (vakbekwaam worden) en oefenen (vakbekwaam blijven) van het brandweerpersoneel. Dit is vastgelegd in kwalificatieprofielen en in wet- en regelgeving. Het onderdeel materieel is gericht op het onderhoud en aankoop van materieel van de brandweer. Operationele voorbereiding verzorgt alle procedures en data zoals die nodig zijn binnen Brandweerzorg en is de verbindende schakel naar de ketenpartners en meldkamer. Activiteiten 2023 Speciaal te benoemen activiteiten voor 2023 zijn: • • • • • • •

Zoveel als mogelijk voldoen aan de grote opleidingsvraag van nieuwe vrijwilligers. Opleiding en training specialistische teams. Invoering gebiedsgerichte opkomsttijden. Grote aanbestedingen materieel. Uitvoering RBOP 3.0. Ontwikkelingen conform Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS) zoals genoemd in het “beleids- en bestedingsplan 2020-2024 meldkamers”. Inzet vrijwillig en beroeps instructeurs in balans.

Prestatie indicatoren Een goed geoefende, voorbereide en toegeruste brandweerorganisatie, conform landelijk vastgestelde standaarden. Jaarlijks zijn er leergangen voor gemiddeld 200 medewerkers en vrijwilligers, met als hoofdmoot de leergangen manschap, chauffeur, pompbediener en bevelvoerder. Jaarlijks zijn er 20 tot 40 reguliere oefenmomenten voor elke brandweermedewerker (vrijwilligers en beroeps).

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

25

14 april 2022

Indicatoren • Alle ruim 850 operationeel inzetbare medewerkers voldoen aan de landelijke branche-standaard voor vakbekwaamheid. • Actuele planvorming, objectinformatie, procedures, inzetvoorstellen en dekkingsplan. • De kazernes voldoen aan onderhoudsniveau 3 van de NEN2767-norm. • Al het materieel voldoet aan de daarvoor geldende kwaliteitsstandaard en/of keurmerk en wordt periodiek gekeurd.

2.2.4

Programmakosten

De lasten van de programma Brandweerzorg bedragen € 33,4 miljoen (exclusief toerekening overhead). Dat is € 64 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 27,7 miljoen van de programmalasten. Dat is € 53 per inwoner. Tabel programma Brandweerzorg

(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023

Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves

33.431 33.396 0 0 35 137 172

Geraam d resultaat

0

De storting van € 137.000 en onttrekking van € 172.000 hebben betrekking op de reserve onderhoud brandweergebouwen.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

26

14 april 2022

2.3 Programma Crisisbeheersing De veiligheidsregio fungeert als een platform voor de verschillende partijen in de crisisbeheersing. Zij draagt zorg voor een collectief en dynamisch beeld en analyse van risico's in de regio alsmede voor advies en communicatie over deze risico's en mogelijke maatregelen. Daarnaast draagt zij zorg voor (de inzet van) een gedegen voorbereide, vakbekwame, parate en professionele crisisorganisatie, en voor het structureel leren en verbeteren van deze taken. Het programma Crisisbeheersing bestaat uit de volgende onderdelen: •

Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking;

•

Geneeskundige HulpverleningsOrganisatie in de Regio (GHOR);

•

Gemeentelijke processen en

•

Multidisciplinaire samenwerking op en met Meldkamer Limburg.

Richtinggevende uitgangspunten Door de Bestuurscommissie Veiligheid is benadrukt dat de VRLN inzet op versterking van de informatiesturing en de internationale netwerkontwikkeling. Daarnaast is de synergie met GHOR en Oranje Kolom van grote betekenis. Naar analogie van de visie op de brandweer werkt een bestuurlijke begeleidingsgroep aan een visie op Crisisbeheersing in 2030. 2.3.1 Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking en GHOR Het onderdeel crisisbeheersing voert de multidisciplinaire taken uit. Dit onderdeel is primair verantwoordelijk voor de multidisciplinaire kernfuncties, ruimtes, (informatie)voorzieningen en wettelijke planfiguren en heeft een regierol in de samenwerking met de (keten)partners.

Crisisbeheersing: • onderhoudt daartoe de benodigde contacten, netwerken en convenanten met partners en buurregio's in binnen- en buitenland; • informeert en adviseert burgers, partners en bestuur omtrent risico's en maatregelen, onder andere door monitoring en analyse van kwetsbaarheden en dreigingen, risicocommunicatie, evenementenadvies en participatie in de Risk Factory; • ontwikkelt en beheert gezamenlijke plannen, (opschaling)procedures, informatievoorziening, multidisciplinaire piketten, pools, ruimtes en andere (digitale) resources; • coördineert de multidisciplinaire voorbereiding, informatie-uitwisseling, vakbekwaamheid en daadwerkelijk optreden van betrokken diensten en (keten)partners en • bewaakt de kwaliteit van de crisisbeheersing middels monitoren, evalueren en leren. De GHOR is belast met de coördinatie, voorbereiding, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en grootschalige ongevallen en met de advisering van andere overheden en organisaties op dat gebied. Doelstelling is dat de geneeskundige partners naadloos kunnen opschalen van reguliere naar opgeschaalde geneeskundige hulpverlening en dat de betrokken organisaties daarbij als samenhangende keten kunnen optreden, zodat slachtoffers van rampen en crises optimale zorg kan worden geboden.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

27

14 april 2022

Daarvoor zijn enerzijds afspraken (convenanten) met partners van belang. Anderzijds is een goede relatie met de partners op alle niveaus minstens zo belangrijk. Een specifieke activiteit vormt de geneeskundige advisering bij evenementen. Informatiemanagement GHOR Landelijk gezien is informatieontsluiting en toegankelijkheid van informatie, mede ten behoeve van ketenpartners, in doorontwikkeling. De GHOR Limburg-Noord heeft zich versterkt met een specialist informatiemanagement en een adviseur informatievoorziening om daarbij aan te kunnen sluiten. Het informatiemanagement wordt in de komende jaren doorontwikkeld. Activiteiten 2023 Crisisbeheersing formuleert in het licht van de kerntakendiscussie en evaluatie van de Wvr in 2022 haar toekomstvisie. In de eerste contouren daarvan, de evaluatie Wvr en het beleidsplan vinden we aanleiding om in 2023 in te zetten op: • Update risicoprofiel; In 2023 is de update van het provinciale risicoprofiel voorzien. Daarin willen we een stap zetten naar een meer dynamische methodiek, waardoor er met meer regelmaat een bestuurlijke dialoog gevoerd kan worden over prioriteiten binnen crisisbeheersing. • Versterking van de netwerk- en regierol; Naar aanleiding van de adviezen die door de commissie Evaluatie Wvr zijn gedaan ten aanzien van rol en positie van de GHOR, bevolkingszorg en crisiscommunicatie in crisisbeheersing.

We gaan gezamenlijk met GHOR en Oranje Kolom op zoek naar synergie. Daarnaast richten we onze inspanningen op extern netwerkmanagement, zowel regionaal als nationaal en internationaal. • Informatiegestuurd werken; dit is de basis voor moderne crisisbeheersing. We bouwen verder op het Veiligheidsinformatie Knooppunt (VIK) (de 2e fase) en in Zuid-6-verband aan producten voor informatiegestuurde veiligheid en structurele innovatie. Dit vergt naast de incidentele investeringen die deels middels subsidies worden ingezet ook in toenemende mate structurele middelen voor beheer en borging. • Ketenmanagement en informatiemanagement; multidisciplinair maar ook specifiek binnen de GHOR worden deze thema's verder doorontwikkeld. Informatiemanagement met name in de preparatiefase, met aandacht voor regievoering op het informatienetwerk, -proces en -producten. De GHOR werkt hierbij samen met en draagt bij aan multidisciplinair informatiemanagement en creëert voor de witte keten een ‘single source of truth’. • Betrokkenheid inwoners; In 2022 starten we mede vanuit de evaluatie Hoogwater met trajecten om de verbinding met de inwoners voor, tijdens en na de crisis structureel te verbeteren. De verwachting is dat deze trajecten in 2023 hun toepassing in de volle omvang gaan krijgen. Daarmee wordt tevens geïnvesteerd in de versterking én ontschotting van risico- en crisiscommunicatie.

• Doorontwikkeling van de crisisorganisatie; in het licht van de evaluatie Wvr, de visie op crisisbeheersing en het programma versterking crisisbeheersing worden vanaf 2022 verdere aanpassingen aan de crisisorganisatie verwacht. Ook evaluatiepunten uit diverse crises tot dan toe worden hierin meegenomen, mogelijk leidend tot een aanpassing in het regionaal crisisplan in 2023 of 2024.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

28

14 april 2022

Prestatie indicatoren Crisisbeheersing draagt zorg voor actuele plannen, snelle en adequate opschaling en inzet van vakbekwame medewerkers, belast met GHOR- en multidisciplinaire processen crisisbeheersing. Daarvoor worden onderstaande inspanningen (indicatoren) geleverd. Indicatoren Evenementen advisering Risicobeheersing • Op alle adviesaanvragen in het kader van vergunningverlening voor een B- of C-evenement (ongeveer 325 per jaar) is advies uitgebracht binnen 10 werkdagen, ingaand vanaf het moment dat een adviesverzoek met complete aanvraag is ingediend. Voorbereiding: • Tenminste 90% van multidisciplinaire plannen, werkinstructies en operationele informatie wordt tenminste eenmaal per 3 jaar gecontroleerd op actualiteit waarbij de versiedatum wordt aangepast. • Met alle structurele partners en buurregio’s is jaarlijks contact en zijn afspraken vastgelegd • Het MOTO-aanbod (multidisciplinair opleiden-trainen-oefenen) voorziet in tenminste 2 oefenmomenten per functionaris per jaar. • (M)OTO-deelname door GHOR-functionarissen en multi-functionarissen (i.c. leiders en informatiemanagers) voldoet aan de norm van minimaal 2 momenten per functionaris per jaar. • De paraatheid en vakbekwaamheid van GHOR-functionarissen en multi-functionarissen is actueel en inzichtelijk.

• De GHOR heeft inzicht in de voorbereiding van instellingen, zorgaanbieders, regionale ambulancevoorziening en diensten die een taak hebben in de geneeskundige hulpverlening én continuïteit van zorg moeten garanderen. Crisisbestrijding: • Individueel niveau: de kernfuncties crisisbeheersing zijn in 80% van de gevallen na alarmering binnen de normtijd uit het Regionaal Crisisplan aangevangen met hun werkzaamheden. • Teamniveau: de teams beginnen in 80% van de gevallen in een naar oordeel van de leider voldoende complete samenstelling binnen de normtijd uit het Regionaal Crisisplan met het eerste overleg. Evalueren en leren: • Alle GRIP-incidenten en aanvullend de multidisciplinaire gebeurtenissen waarvoor dit gevraagd wordt, worden geëvalueerd en verwerkt in een periodieke nieuwbrief. • Jaarlijks wordt op basis van alle evaluaties een trendanalyse met leer- en verbeterpunten gegenereerd en vastgesteld.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

29

14 april 2022

2.3.2

Gemeentelijke processen

De Oranje Kolom (gemeentelijke crisisorganisatie) is belast met de coördinatie en uitvoering van de processen Bevolkingszorg tijdens een crisis. Deze processen zijn: crisiscommunicatie, publieke zorg, omgevingszorg, nazorg, informatiemanagement en ondersteuning (bestuurlijk, juridisch en facilitair). De Oranje Kolom richt zich voornamelijk op de operationele voorbereiding en preparatie van functionarissen die tijdens een incident in actie moeten komen. Dit gebeurt door opleidingen en deelname aan mono- en multidisciplinaire trainingen en oefeningen. De Oranje Kolom valt inhoudelijk onder verantwoordelijkheid van de coördinerend gemeentesecretaris en functioneel onder de veiligheidsregio (werkgeverschap). Voor de Oranje Kolom zijn ongeveer 290 functionarissen actief, verdeeld over 17 sleutelfuncties in 14 bovenlokale, 3 interlokale en 8 lokale pools. Gemeentelijke functionarissen komen zo’n 300 keer per jaar in actie. Activiteiten 2023 Passend binnen de landelijke toekomstagenda zal de Oranje Kolom blijven werken aan de positionering van het proces bevolkingszorg binnen de veiligheidsregio. Daarbij blijven wij continu werken aan de (bestuurlijke) verbinding tussen de 15 gemeenten en hun medewerkers. Bevolkingszorg In 2023 staat het borgen van het nieuwe Handboek Bevolkingszorg centraal.

Het handboek wordt in 2022 opgeleverd, passend binnen de Landelijke Toekomstagenda Bevolkingszorg. Het opleiden, trainen en oefenen in de nieuwe structuur is een logisch vervolg op de doorontwikkeling van bevolkingszorg. Daarbij wordt landelijke uniformiteit nagestreefd. Crisiscommunicatie In het kader van de versteviging van crisiscommunicatie wordt verder ingestoken op het concept van ‘continu communiceren’ waarbij de focus komt te liggen op een vloeiende overgang van corporate-, naar risico-, naar crisiscommunicatie en weer terug. De nieuwe website met ‘liveblog’-functionaliteit is hier een eerste stap in. De nieuwe persinformatietool (PINT) is hier het vervolg op. Operationele inzetbaarheid Vanwege interne organisatieontwikkelingen en de continue externe adaptatie aan nieuwe en ‘ongekende’ crises blijft vakbekwaamheid van gemeentefunctionarissen onze topprioriteit. Bij alle processen staat zelfredzaamheid en burgerhulpverlening centraal. De vanzelfsprekendheid van het proces ‘Nafase’ voor partners blijft daarbij een aandachtspunt. Verstevigen nevenfunctie Wij blijven werken aan het vergroten van de aantrekkingskracht van de crisisnevenfuncties voor gemeenteambtenaren en aan de inbedding van bevolkingszorgrollen in de bestaande gemeentelijke functieprofielen. Dit heeft onze dagelijkse aandacht.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

30

14 april 2022

Prestatie indicatoren Indicatoren Operationele voorbereiding: • Van de functionarissen binnen de Oranje Kolom die actief zijn binnen de multidisciplinaire teams neemt iedere functionaris minimaal 1x per jaar deel aan een multidisciplinaire bijscholing of oefening. • Elke functionaris binnen de Oranje Kolom neemt minimaal 1x per jaar deel aan een monodisciplinaire opleiding of oefening. • Alle nieuwe functionarissen die binnen de Oranje Kolom actief zijn, volgen een startbekwaamheidstraject voor de functie die zij gaan uitoefenen. Incidentbestrijding: • In alle gevallen zijn de teams na alarmering binnen de gestelde opkomsttijden operationeel.

2.3.3

Meldkamer

De meldkamerfunctie is voor Limburg-Noord belegd bij de Gemeenschappelijke Meldkamer Limburg. Het technisch beheer hiervan is per 2020 overgedragen aan de LMS. Het personele beheer voor brandweer (centralisten) en crisisbeheersing (calamiteitencoördinatoren) is overgedragen aan Veiligheidsregio Zuid-Limburg. Regie en kaderstelling is echter een gedeelde verantwoordelijkheid voor beide veiligheidsregio's. De calamiteitencoördinatoren functioneren in dit kader als vooruitgeschoven post van crisisbeheersing op de meldkamer, met verschillende taakaspecten: •

warm ten behoeve van 24/7 geborgde eenhoofdige multidisciplinaire leiding en delen van multidisciplinaire incidentinformatie;

•

lauw ten behoeve van de operationele informatievoorziening rond kwetsbaarheden, dreigingen en omgevingsbeelden in de regio en

•

koud ten behoeve van een aantal multidisciplinaire voorbereidingstaken op de meldkamer (opleiding, oefening, procedures etc.).

Op landelijk niveau zijn budgetten voor de LMS beschikbaar gesteld en daarvoor is budget afgeroomd bij de partners en dus ook bij de veiligheidsregio’s. We gaan er vanuit dat er geen aanvullende bijdrage van VRLN wordt gevraagd.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

31

14 april 2022

2.3.4

Programmakosten

De lasten van de programma Crisisbeheersing bedragen € 5,1 miljoen (exclusief toerekening overhead). Dat is € 10 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 4,5 miljoen van de programmalasten. Dat is € 8 per inwoner. Tabel programma Crisisbeheersing

(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023

Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves

5.137 5.007 0 0 130 0 130

Geraam d resultaat

0

De onttrekking van € 130.000 vindt plaats in de reserve transitieformatie meldkamer.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

32

14 april 2022

2.4

Programma Bedrijfsvoering/Overhead

Het programma bedrijfsvoering is ondersteunend aan de beleidsinhoudelijke programma’s en bestaat uit de activiteiten met betrekking tot personeel & organisatie, financiën, control, informatie & automatisering, facilitaire ondersteuning, inkoop, juridische zaken en communicatie. Uitgangspunten die worden gehanteerd: •

Ondersteunend aan het primair proces, binnen wet- en regelgeving en de inhoudelijke kaders die door het bestuur zijn gesteld;

•

Functioneren binnen financiële kaders die samenhangen met de bestuurlijk vastgestelde begroting;

•

Functionerend binnen de door de organisatie gebruikte kwaliteitssystemen;

•

Werken op basis van informatie delen en toegankelijkheid, waarbij digitalisering − met als randvoorwaarde een goede borging van aspecten van informatieveiligheid en privacy − actief wordt opgepakt;

•

Duurzame inzetbaarheid van vitale en veerkrachtige medewerkers;

•

Duurzame bedrijfsvoering gericht op het tegengaan van verspilling van middelen, menselijk kapitaal en energie.

Ontwikkelingen 2023 In 2019 heeft Berenschot de overheadkosten van VRLN vergeleken met 12 andere veiligheidsregio’s. Uit deze benchmark is gebleken dat de overheadkosten van VRLN aansluiten bij het gemiddeld niveau in de sector, met uitzondering van de kosten voor huisvesting die relatief hoog liggen. Het bestuur heeft daarop opdracht gegeven tot een strategische huisvestingsverkenning, gericht op het reduceren van de huisvestingskosten. De verkenning heeft opgeleverd dat er – rekening houdend met relevante uitgangspunten op het gebied van onder andere kosten, gebruiksmogelijkheden, duurzaamheid – besparingen mogelijk zijn door een aantal locaties af te stoten en/of te verplaatsen. De voorstellen worden verder uitgewerkt en getoetst op consequenties voor de inwoners. Definitieve voorstellen worden medio 2022 aan het bestuur voorgelegd. Het managementteam van de VRLN heeft zichzelf ten doel gesteld de generieke overhead van de VRLN te beperken tot 15% van de totale personele capaciteit. Dit is een realistische doelstelling als rondom hoogwaardige specialistische vraagstukken de samenwerking kan worden ingevuld met gemeenten, andere gemeenschappelijke regelingen en andere veiligheidsregio’s en GGD-en. Dit gebeurt in toenemende mate. Een voorbeeld is de inkoop: dat gebeurt vrijwel altijd in gezamenlijkheid met partners.

De VRLN wil graag op meer terreinen met gemeenten samenwerken om daarmee te voorkomen dat hoogwaardig specialisme bij derden moet worden ingehuurd, bijvoorbeeld bij de arbeidsrechtelijke kennis over de WNRA, een chief information security officer (CISO) en deskundigheid rond het beheer van gebouwen. Tevens wordt er gewerkt aan het terugdringen van administratieve lasten door digitalisering. Net als alle gemeenten wordt de VRLN geconfronteerd met toenemende ICT kosten. In het bijzonder het thema informatieveiligheid vraagt veel aandacht. De VRLN moet voldoen aan NEN7510 normering en de BIO richtlijnen. Vooralsnog wordt dit geëffectueerd door binnen de opgaven te prioriteren en budgetten om te buigen (nieuw voor oud).

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

33

14 april 2022

Op personeelsgebied speelt vergrijzing en krapte op de arbeidsmarkt een belangrijke rol. De VRLN speelt op deze en andere personele uitdagingen in door de ontwikkeling van een strategisch personeelsbeleid, waarin onder meer het stimuleren van mobiliteit en het intensiveren van contacten met universiteiten en hogescholen worden opgenomen. Met deze contacten wordt beoogd studenten te interesseren voor stages of een werkkring binnen de VRLN. 2.4.1

Programmakosten

In de begroting van de veiligheidsregio worden de kosten van de bedrijfsvoering verdeeld over de inhoudelijke programma’s en op die wijze verrekend in de gemeentelijke bijdrage. De gemeente kan namelijk geen overheadkosten van de veiligheidsregio toevoegen aan haar eigen overheadkosten. Op basis van de omvang van de programma’s gaat een vast percentage van 60% van de generieke overhead naar de veiligheidsprogramma’s Brandweerzorg en Crisisbeheersing en 40% naar Publieke Gezondheid. Binnen de programma’s wordt de overhead toebedeeld aan onderdelen op basis van de omvang van de lasten. Een deel van de overheadkosten worden gedekt uit de overige baten. De lasten van de programma Bedrijfsvoering bedragen € 14,8 miljoen. Dat is € 28 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 13,3 miljoen van deze lasten. Dat is € 25 per inwoner. Tabel Bedrijfsvoering/Overhead

(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023

Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves

14.711 14.457 300 50 3 305 308

Geraam d resultaat

0

De storting van € 305.000 vindt voor € 15.000 plaats in de bestemmingsreserves ten behoeve van dekking kapitaallasten gebouw Nijmeegseweg en Drie Decembersingel, € 60.000 in de reserve assurantie eigen risico en € 230.000 in de reserve onderhoud kantoorgebouwen. De onttrekking van € 308.000 heeft voor € 41.000 betrekking op de reserve ter dekking van de kapitaallasten gebouw Nijmeegseweg en Drie Decembersingel en voor € 267.000 op de reserve onderhoud kantoorgebouwen.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

34

14 april 2022

2.5

Risk Factory

Vanaf mei 2019 bezoeken doelgroepen het realistisch educatiecentrum Risk Factory, waar beleven van gezondheid en veiligheid centraal staat. Met realistische en interactieve scenario’s ervaren doelgroepen (on)gezondheid en (on)veiligheid én leren ze hoe te handelen. Levensechte ervaringen veranderen de kijk op risico’s. En dat geeft zelfvertrouwen om – als het er echt op aankomt – de juiste beslissingen te nemen. Doelgroepen In mei 2019 is gestart met een overeenkomst met vier schoolbesturen in het primair onderwijs. Dit aantal is uitgebreid naar 18. De ambitie de Risk Factory uit te breiden voor de doelgroep senioren is snel gerealiseerd, door een samenwerking met KBO Limburg. Daarnaast vindt er een verkenning plaats naar de komst van nieuwe doelgroepen, waaronder statushouders en internationale medewerkers. Breed verspreiden van kennis, opgedane ervaringen en (nieuwe) inzichten Door evaluaties bij de doelgroepen en inhoudelijke inbreng van partners wordt de aansluiting bij de belevingswereld van de doelgroep én bij maatschappelijke ontwikkelingen geborgd.

Dit heeft, naast doorontwikkeling van bestaande scenario’s, geleid tot ontwikkeling van nieuwe scenario’s: ‘hygiëne’ (GGD), ‘gezond omgaan met internet’ en ‘babbeltruc’ voor senioren (Politie), online weerbaarheid/shame sexting voor leerlingen (Ministerie Justitie en Veiligheid, GGD, Politie), noodsituaties (Veiligheidsregio, GGD, Brandweer, Ambulancezorg) en ondermijning (RIEC). Blijvende afstemming met Zuid-Limburg Vanaf het allereerste moment is gepoogd Zuid-Limburg te betrekken bij de ontwikkeling van de Risk Factory in Limburg-Noord. Er zijn diverse contactmomenten geweest, zowel met bestuurders als met ambtenaren. Er begint zich bestuurlijke interesse af te tekenen. We hopen dat dat leidt tot het gezamenlijk doorontwikkelen van de Risk Factory in Limburg. Potentiële nieuwe Risk Factories In Midden- en West-Brabant komt daadwerkelijk een Risk Factory per maart 2022. In AmsterdamAmstelland en Zuid-Holland-Zuid zijn ze vergevorderd met de businesscase in opdracht van hun bestuur. Zes veiligheidsregio’s hebben interesse, maar nog geen bestuurlijke opdracht. De komst van meerdere Risk Factories is positief, zo kan er samen ontwikkeld worden en is het aansluiten van landelijke partners makkelijker. Een landelijke vereniging is in oprichting.

Governance De Risk Factory is voor een periode van 5 jaar (tot medio 2024) als projectorganisatie ondergebracht binnen de juridische context van gemeenschappelijke regeling VRLN. Er is een onderzoek gestart naar de voor- en nadelen van een andere inrichting van de governance. Te denken valt bijvoorbeeld aan het onderbrengen in een stichting waarin een burgemeester en een wethouder vanuit VRLN lid zijn van het stichtingsbestuur of participeren in een Raad van Toezicht. Bij voordelen denken wij eerst en vooral aan het verbreden van de (bestuurlijke) betrokkenheid van de publieke en private partners die samenwerken aan het realiseren van de doelstellingen van de Risk Factory. Wellicht biedt dat tevens een opening voor verbreding van de financiële basis onder de Risk Factory.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

35

14 april 2022

3

Paragrafen

3.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

In 2015 heeft het Algemeen Bestuur besloten een algemene reserve van maximaal € 1.250.000 aan te houden. Concrete risico’s In het kader van risicomanagement vragen wij aandacht voor een aantal concrete risico’s. Coronapandemie De kosten van de bestrijding van de coronapandemie van de GGD en de veiligheidsregio worden vergoed door het Rijk. De afrekening over 2020 en 2021 zijn nog niet definitief vastgesteld door VWS. Datalek GGD systeem CoronIT, en HPZone (Lite) Aan het begin van 2021 is bekend geworden dat bij een datalek bij de GGD-en in Nederland de persoonsgegevens van 6,5 miljoen mensen uit de softwaresystemen, die gebruikt worden bij het plannen van test- en vaccinatieafspraken en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek, toegankelijk waren voor onbevoegden en daarmee beschikbaar waren voor illegale datahandel. De Stichting Initiatieven Collectieve Acties Massaschade (Stichting ICAM) stelt namens hun cliënten de Staat aansprakelijk voor de door het datalek bij de GGD-en veroorzaakte schade. Ook individuele GGD-en en veiligheidsregio’s zijn aangeschreven door de Stichting ICAM. De Stichting ICAM claimt een schadevergoeding van € 500 voor elke Nederlander van wie de persoonsgegevens in de GGDsystemen zijn opgeslagen.

Informatieveiligheid Met de toenemende digitalisering neemt het belang van informatieveiligheid toe, daar we merken dat de digitale kwetsbaarheden en dreigingen ook toenemen. De VRLN heeft de afgelopen tijd geïnvesteerd in hard- en software om informatiesystemen veiliger te maken. De komende jaren worden er aanvullend diverse maatregelen ondernomen, zoals het implementeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De BIO geldt als basisnormenkader voor de overheid op informatiebeveiliging. De VRLN wil de maatregelen binnen twee jaar volledig implementeren. Daarnaast wil de VRLN samenwerken met andere veiligheidsregio’s en GGD-en om de kwetsbaarheid van onze organisatie te verminderen. De VRLN zou graag zien dat software voor cruciale processen op een landelijke infrastructuur draait in plaats van dat veiligheidsregio’s en GGD-en hier eigenstandig in opereren. Tot slot is de VRLN van mening dat op landelijk niveau een Security Operation Center moet worden ingericht om individuele veiligheidsregio’s en GGD-en bij te staan in het monitoren van dreigingen en de kwalificatie van incidenten. Hoog specialistische kennis moet worden ingezet als cyberincident onverhoopt optreedt. De gevolgschade van een cyberincident is niet te kwantificeren.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

36

14 april 2022

Deeltijdregeling brandweervrijwilligers In Nederland bestaat een hybride stelsel van beroeps- en vrijwillige brandweermensen. De Europese Deeltijdrichtlijn dreigt de vrijwilligheid onder druk te zetten. De Minister van Justitie en Veiligheid heeft aangegeven dat vrijwilligheid echt vrijwillig moet zijn en dat sluit niet aan bij kazernering van vrijwilligers. Daarnaast moet een onderscheid worden gemaakt in het takenpakket tussen vrijwilligers en beroepsbrandweermensen. VRLN kiest er voor hoog specialistisch taken te beleggen bij beroepsbrandweermensen. Door materiële voorzieningen te verminderen is financiële ruimte gevonden om de beroepscapaciteit uit te breiden. Er zijn met het Rijk nog geen afspraken gemaakt over de vergoeding van meerkosten die voortvloeien uit de stelselwijziging. Een extern bureau heeft uitgerekend dat deze wijziging in onze regio € 1,2 mln. kosten met zich meebrengt. De bestuurlijke lijn is dat wijzigingen als gevolg Europese wetgeving door het Rijk moeten worden vergoed. Krappe arbeidsmarkt De krappere arbeidsmarkt maakt het moeilijk medewerkers te vinden. Het risico bestaat dat de bezetting niet op orde is en afgesproken prestaties om die reden niet kunnen worden gerealiseerd.

Daarnaast nemen kosten om leemtes in de planning te ondervangen met tijdelijke inhuur van medewerkers toe en is de inspanning die geleverd wordt om verloop van medewerkers op te vangen groot. Het personeelsplan 2022-2030 wordt in juli 2022 aan het bestuur voorgelegd. Ondernemersrisico Er bestaan onzekerheden ten aanzien van aanvullende inkomsten door (mogelijke) veranderingen in wet- en regelgeving en overige (externe) ontwikkelingen. In 2021 was als gevolg van de coronapandemie sprake van een forse omzetderving bij reizigersvaccinaties. Bij VWS is het verlies (omzet minus kosten) van € 625.000 gedeclareerd. Voorwaardelijk pensioen medewerkers Zorggroep Op 1 januari 2012 is de jeugdgezondheidszorg voor 0-4 jarige overgedragen van de Zorggroep naar VRLN. Met de overgang van de medewerkers van de Zorggroep naar VRLN is het deelnemerschap van de collega’s overgekomen van de Zorggroep bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PfZW) beëindigd. Op basis van artikel 18 lid 4 van het sociaal plan garandeert VRLN dat het voorwaardelijk pensioen na overdracht van pensioenrechten naar het ABP bij dat pensioenfonds ten minste gelijk is aan dat bij het PfZW. Om dit te bewerkstelligen is met het ABP in 2011 ‘Behoud Voorwaardelijke Inkoop’ overeengekomen. Dat is de financiële techniek waarmee overdracht van rechten plaats kan vinden.

In 2020 heeft het ABP de voorwaardelijke pensioenrechten opgenomen. Over de hoogte van de rechten van individuele medewerkers staan nog vragen open. Als gevolg daarvan is dit dossier nog niet definitief afgesloten. Mocht compensatie nodig zijn dan gaat dat om een bedrag van maximaal € 135.000.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

37

14 april 2022

Financiële kengetallen Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast geeft het kengetal inzicht in de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. In de uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Voor veiligheidsregio’s wordt 80% als norm aangehouden. VRLN blijft onder de norm. Solvabiliteit De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe financieel gezonder de gemeenschappelijke regeling. De solvabiliteit van de organisatie wordt door de wetgever in toenemende mate als onderdeel gezien van de sturings- en verantwoordingsinformatie.

VRLN is in staat haar kortlopende en langlopende schulden te voldoen. De lage rentestand is behulpzaam want de duurdere leningen met een hoger rentepercentage worden indien mogelijk vervangen door goedkopere leningen met een lager rentepercentage. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn voornamelijk de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor VRLN ligt ultimo 2023 op 0,6 %. Dit verhoudingsgetal is positief, wat betekent dat de structurele lasten gedekt worden door structurele baten. Genoemde kengetallen zijn in volgende tabel weergegeven. Financiële kengetallen

(in percentages) Realisatie 2021

Ram ing 2022

Ram ing 2023

Ram ing 2024

Ram ing 2025

Ram ing 2026

Netto schuldquote

57,8%

67,2%

65,0%

66,7%

67,5%

63,3%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

57,8%

67,2%

65,0%

66,7%

67,5%

63,3%

Solvabiliteitsratio

11,6%

10,0%

10,8%

10,1%

9,8%

10,1%

Structurele exploitatieruimte

-0,4%

-0,1%

0,6%

0,0%

0,5%

0,1%

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

38

14 april 2022

3.2

Onderhoud kapitaalgoederen

De belangrijkste kapitaalgoederen die VRLN in eigendom heeft betreffen materieel van de brandweer (met name vervoermiddelen) en gebouwen. Voor deze eigendommen gelden de wettelijke voorgeschreven keurings- en onderhoudswerkzaamheden. a. Materieel Ten aanzien van vervanging van materieel zijn soberheid, doelmatigheid en regionale uniformiteit belangrijke uitgangspunten. In het kader van risicogerichtheid en focus wordt de standaardisering op onderdelen minder. Op dit moment worden ingewikkelde branden (denk aan zeer grote brandcompartimenten) bestreden met middelen die geschikt zijn voor reguliere gebouwbranden maar niet voor brandcompartimenten tot wel 25.000 m2. De brandweer moet dan ook investeren in nieuwe innovatieve technische middelen. Tevens wordt er bij aanschaf van nieuwe voertuigen gekeken naar duurzame initiatieven waarbij de primaire inzetfunctie van het voertuig in kwaliteit gelijk moet blijven aan de gestelde eisen. De fasering van duurzame voertuigen wordt waarschijnlijk het eerste zichtbaar bij de piket voertuigen. Aandacht is hierbij wel nodig voor de gevolgen voor de infrastructuur, zoals laadfaciliteiten op de locaties van de veiligheidsregio en bij piket functionarissen. b. Huisvesting VRLN beschikt over 30 brandweerkazernes, hiervan zijn er 8 eigendom van VRLN (inclusief de nog nieuw te bouwen locatie).

Naast 8 brandweerkazernes heeft VRLN ook vier kantoorlocaties (incl. GGD-vestigingen) in eigendom. Locatie

Adres

Plaats

Hoofdvestiging VRLN

Nijmeegsew eg 42

Venlo

Oude brandw eerkazerne Venlo

Nijmeegsew eg 40

Venlo

Hoofdvestiging GGD (Venlo)

Drie Decembersingel

Venlo

Hoofdvestiging GGD (Roermond)

Oranjelaan

Roermond

Brandw eerkazerne Echt

Bandertlaan

Echt

Brandw eerkazerne Gennep

Paesplasw es

Gennep

Brandw eerkazerne Horst

Westsingel

Horst

Brandw eerkazerne Ittervoort

Aziëstraat

Ittervoort

Brandw eerkazerne Nederw eert

Smisserstraat

Nederw eert

Brandw eerkazerne Stramproy

Bergerothw eg

Stramproy

Brandw eerkazerne Venlo

Ariënsstraat

Venlo

Brandw eerkazerne Weert

De Savorin Lohmanstraat

Weert

Duurzaamheid In de komende jaren kijken we voor materieel en huisvesting nadrukkelijk naar de ontwikkeling van duurzaamheid. Het gaat hierbij om de uitstoot op drie niveaus: uitstoot van eigen middelen (met name voertuigen), inkoop en verbruik van energie en uitstoot als gevolg van activiteiten. Om deze ontwikkeling prioriteit te geven, maar meer nog vanuit een maatschappelijk verantwoorde visie zal het positioneren van een duurzaamheidscoördinator ingezet worden. Deze medewerker is verantwoordelijk voor het vormgeven van het duurzaamheidsbeleid en de implementatie. Op die manier wordt een basis gelegd en kan er in kaart worden gebracht welke investeringen er de komende jaren noodzakelijk zijn om te voldoen aan de gestelde normen.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

39

14 april 2022

3.3

Financiering

De veiligheidsregio heeft het beleid ten aanzien van de financiering vastgelegd in de financiële verordening. De regels ter uitvoering van de beleidspunten zijn vastgelegd in het treasurystatuut (financieringsstatuut). De veiligheidsregio voldoet aan de voorschriften met betrekking tot de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Risicobeheer (kasgeldlimiet en renterisiconorm) De kasgeldlimiet laat zien welk risico er bestaat ten aanzien van vlottende schulden. De renterisiconorm is een maatstaf om te bepalen welke kredietrisico’s de veiligheidsregio loopt op de vaste schulden. Dit zijn de schulden met een looptijd langer dan 1 jaar. De renterisiconorm wordt gemeten in een bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal. De veiligheidsregio blijft, volgens de huidige inzichten, in het begrotingsjaar 2023 en meerjarig binnen de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Liquiditeitsplanning en financieringspositie Gezien de investeringsplanning en de aflossing op bestaande geldleningen wordt in de kapitaalbehoefte voorzien door het aantrekken van geldleningen in 2023 en de volgende jaren. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de kasgeldlimiet maximaal benut wordt, zonder deze te overschrijden. Renterisiconorm

(bedragen in duizenden euro's)

(1) Renteherzieningen (2) Aflossingen (3) Renterisico (1) + (2) (4) Renterisiconorm (5a) = (4) > (3) Ruimte onder renterisiconorm (5b) = (3) > (4) Overschrijding van de renterisiconorm Berekening renterisiconorm (4) (4a) Begrotingstotaal jaar t (4b) Percentage regeling (4) = (4a)*(4b)/100 renterisiconorm jaar t

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

40

2023

2024

2025

2026

0 6.462 6.462 14.169 7.707

0 6.862 6.862 14.169 7.307

0 6.562 6.562 14.169 7.607

0 6.562 6.562 14.169 7.607

70.847 20 % 14.169

70.847 20 % 14.169

70.847 20 % 14.169

70.847 20 % 14.169

14 april 2022

Kasgeldlimiet

(bedragen in duizenden euro's) 000100

1e kwartaal

(Jaar t = 2021)

2e kwartaal

3e 4e kwartaal kwartaal

(1) Vlottende schuld

333

0

0

0

(2) Vlottende middelen (3) Netto vlottend schuld (+) of overschot (-) (1) -(2) (4) Gemiddelde van (3) (4) Toegestane kasgeldlimiet In geld In percentage Ruimte (4) groter dan (3) Overschrijding (3) groter dan (4) (5) Berekening kasgeldlimiet (6) Rekeningtotaal 2021 (7) Percentage regeling (5)= (7) * (8) kasgeldlimiet 2021

410 -77 -77

317 -317 -317

387 -387 -387

371 -371 -371

9.869 8,20% 9.946 -

9.869 8,20% 10.185 -

9.869 8,20% 10.256 -

9.869 8,20% 10.239 -

120.350 8,20% 9.869

120.350 8,20% 9.869

120.350 8,20% 9.869

120.350 8,20% 9.869

3.4

Verbonden Partijen

De veiligheidsregio kent geen verbonden partijen. 3.5

Vennootschapsbelasting

Vanaf 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen van bijvoorbeeld gemeenten, provincies en waterschappen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Met deze wetswijziging wil de Nederlandse overheid gelijkheid creëren tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Voor zover bekend zijn de hiermee samenhangende financiële gevolgen voor de Veiligheidsregio Limburg-Noord zeer beperkt. Voor de vennootschapsbelasting (VPB) die op de activiteiten drukt die door de belastingdienst als VPB-plichtig worden aangemerkt, is voor 2023 geen bedrag geraamd. Omdat wij activiteiten verrichten tegen kostprijs en zonder winstoogmerk verwachten wij geen heffing voor 2023.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

41

14 april 2022

Deel C

Financiële begroting

4

Overzicht baten en lasten

4.1

Baten en lasten per programma

In de onderstaande tabel is het totaal van de baten en lasten per programma opgenomen. De ontwikkelingen op de baten en lasten zijn bij de financiële kaders nader toegelicht. In het kader van het meerjarenperspectief is een beleidsneutrale lijn gevolgd. De ontwikkelingen in een meerjarenperspectief zijn dermate onzeker dat een nadere concretisering op programmaniveau op dit moment niet opportuun is. De ontwikkelingen van de investeringen worden vanuit een actualisatie van het meerjarig (vervangings-)investeringsplan benaderd. In de meerjarenraming zijn geen ontwikkelingen meegenomen. De financiële consequenties in een meerjarenperspectief van de indexatiesystematiek zijn niet meegenomen in de meerjarenraming; een en ander is opgenomen tegen het prijspeil 2022.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

42

14 april 2022

Baten en lasten per program m a (incl. m eerjarenram ing) (bedragen in duizenden euro's Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Lasten (exclusief toevoegingen aan reserves) Publieke gezondheid

65.074

18.188

19.159

19.159

19.159

19.159

Brandw eerzorg

32.432

32.361

33.431

33.332

33.279

33.396

Crisisbeheersing

5.053

4.889

5.137

5.137

5.137

5.137

Overhead

17.741

15.184

14.711

15.020

14.820

14.668

50

50

50

50

50

50

120.350

70.672

72.488

72.698

72.446

72.410

Publieke gezondheid

52.529

4.408

4.085

4.085

4.085

4.085

Brandw eerzorg

6.303

5.442

5.676

5.676

5.676

5.676

Crisisbeheersing

736

558

556

556

556

556

2.648

914

1.140

1.140

1.140

1.140

Algemene dekkingsmiddelen

363

300

350

350

350

350

Totaal baten program m a's

62.579

11.621

11.807

11.807

11.807

11.807

Publieke gezondheid

14.053

13.493

15.061

15.061

15.061

15.061

Brandw eerzorg

26.242

26.861

27.720

27.720

27.720

27.720

Crisisbeheersing

4.304

4.372

4.451

4.451

4.451

4.451

Overhead

13.315

14.108

13.268

13.268

13.268

13.268

Totaal baten gem eentelijke bijdragen

57.914

58.834

60.500

60.500

60.500

60.500

Totaal baten (excl. onttr. aan de reserves)

120.493

70.456

72.307

72.307

72.307

72.307

-13

Onvoorzien Totaal lasten (excl. toev. aan de reserves) Baten (exclusief toevoegingen aan reserves)

Overhead

Baten gem eentelijke bijdragen

Saldo (excl. m utaties reserves) Publieke gezondheid

1.508

-288

-13

-13

-13

Brandw eerzorg

113

-57

-35

64

117

0

Crisisbeheersing

-12

40

-130

-130

-130

-130

Overhead

-1.779

-162

-303

-612

-413

-260

Algemene dekkingsmiddelen

363

300

350

350

350

350

Onvoorzien

-50

-50

-50

-50

-50

-50

Totaal saldo van baten en lasten

143

-216

-181

-391

-139

-103

Toevoegingen aan reserves (lasten)

950

486

444

444

444

444

Onttrekkingen aan reserves (baten)

1.216

702

625

836

583

547

Geraam d resultaat vóór bestem m ing

409

0

0

0

0

0

Uit de staat van Baten en lasten blijkt dat de begroting in meerjarig perspectief sluitend is.

4.2

Overzicht incidenteel en structureel verloop baten en lasten

De ontwikkeling van de incidentele baten en lasten wordt in belangrijke mate veroorzaakt door de genomen a-structurele maatregelen om a-structureel begrotingsevenwicht te bereiken. In onderstaand overzicht zijn de baten en lasten onderverdeeld naar incidenteel en structureel.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

43

14 april 2022

Baten en lasten per programma (incl. meerjarenraming) (bedragen in duizenden euro's) Begroting Begroting Begroting 2023 2023 2023 incident. struct.

Ram ing 2024

Ram ing 2024 incident.

Ram ing Ram ing Ram ing Ram ing 2024 2025 2025 2025 struct. incident. struct.

Ram ing 2026

Ram ing 2026 incident.

Ram ing 2026 struct.

Lasten (excl. toevoegingen aan reserves) Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Onvoorzien

19.159 33.431 5.137 14.711 50

221 1.272 0 353

18.938 32.159 5.137 14.357 50

19.159 33.332 5.137 15.020 50

59 1.272 0 353

19.100 32.060 5.137 14.667 50

19.159 33.279 5.137 14.820 50

59 1.272 0 236

19.100 32.007 5.137 14.585 50

19.159 33.396 5.137 14.668 50

29 1.272 0 0

19.130 32.124 5.137 14.668 50

Totaal lasten (excl. toev. aan de reserves)

72.488

1.846

70.642

72.698

1.684

71.014

72.446

1.567

70.879

72.410

1.301

71.109

Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Algemene dekkingsmiddelen

4.085 5.676 556 1.140 350

53 1.176 0 0 88

4.033 4.500 556 1.140 263

4.085 5.676 556 1.140 350

186 1.176 0 0 88

3.899 4.500 556 1.140 263

4.085 5.676 556 1.140 350

186 1.176 0 0 88

3.899 4.500 556 1.140 263

4.085 5.676 556 1.140 350

0 1.176 0 0 88

4.085 4.500 556 1.140 263

Totaal baten program m a's

11.807

1.316

10.491

11.807

1.450

10.357

11.807

1.450

10.357

11.807

1.264

10.543

Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead

15.061 27.720 4.451 13.268

0 0 0 0

15.061 27.720 4.451 13.268

15.061 27.720 4.451 13.268

0 0 0 0

15.061 27.720 4.451 13.268

15.061 27.720 4.451 13.268

0 0 0 0

15.061 27.720 4.451 13.268

15.061 27.720 4.451 13.268

0 0 0 0

15.061 27.720 4.451 13.268

Totaal baten gem eentelijke bijdragen

60.500

0

60.500

60.500

0

60.500

60.500

0

60.500

60.500

0

60.500

Totaal baten (excl. onttr. aan de reserves)

72.307

1.316

70.991

72.307

1.450

70.857

72.307

1.450

70.857

72.307

1.264

71.043

Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien

-13 -35 -130 -303 350 -50

-169 -96 0 -353 88 0

156 61 -130 50 263 -50

-13 64 -130 -612 350 -50

127 -96 0 -353 88 0

-140 160 -130 -259 263 -50

-13 117 -130 -413 350 -50

127 -96 0 -236 88 0

-140 213 -130 -177 263 -50

-13 0 -130 -260 350 -50

-29 -96 0 0 88 0

16 96 -130 -260 263 -50

Totaal saldo van baten en lasten

-181

-530

349

-391

-235

-157

-139

-117

-22

-103

-38

-66

Toevoegingen aan reserves (lasten) Onttrekkingen aan reserves (baten)

444 625

0 68

444 557

444 836

0 210

444 625

444 583

0 -252

444 836

444 547

0 -30

444 577

0

-462

462

0

-24

25

0

-369

369

0

-67

67

Baten (excl. onttrekkingen aan reserves)

Baten gem eentelijke bijdragen

Saldo (excl. m utaties reserves)

Geraam d resultaat voor bestem m ing

*

*

*

*

* = structureel begrotingssaldo

De belangrijkste incidentele effecten kunnen als volgt worden weergegeven: •

Binnen het programma Publieke Gezondheid zijn in 2023 incidenteel extra lasten opgenomen voor inhuur en incidentele baten voor reizigersvaccinaties. Daarnaast zijn er incidentele lasten en baten opgenomen voor de projecten ‘Nu niet Zwanger’ en diverse projecten gezondheidsbevordering en Kennis & Onderzoek.

•

In het programma Brandweerzorg hebben de incidentele baten en lasten betrekking op het FLO-overgangsrecht van de Brandweer Roermond en Brandweer Venlo. Het verloop van de baten en lasten is jaarlijks verschillend, maar voor VRLN budgettair neutraal, omdat FLO kosten worden verrekend.

•

In het programma Crisisbeheersing zijn er geen incidentele mutaties te verwachten.

•

De incidentele lasten binnen de overhead hebben betrekking op het voormalig personeel, welke in de komende jaren worden afgebouwd.

•

Daarnaast zijn er incidentele onttrekkingen aan reserve onderhoud gebouwen en incidentele baten renteomslag (algemene dekkingsmiddelen) opgenomen.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

44

14 april 2022

4.3

Verdeling baten

De veiligheidsregio kent als baten de gemeentelijke bijdragen, de BDuR (Brede Doeluitkering Rampenbestrijding) en overige baten van derden. De verhouding van deze inkomstenstromen in relatie tot het totaal van de begroting is als volgt weergegeven.

Verdeling baten 5.757 Gemeentelijke bijdragen

6.049

BDuR uitkering

Overige baten

60.500

(bedragen in duizenden euro's)

Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) De veiligheidsregio ontvangt jaarlijks een rijksbijdrage in de vorm van de BDuR. De hoogte van de BDuR wordt bekendgemaakt in de zogeheten Juni-circulaire. Ten tijde van het opstellen van de begroting zijn deze gegevens nog niet beschikbaar. Daarom wordt in de begroting uitgegaan van een inschatting van deze baten. Voor 2023 is hierbij rekening gehouden met een totaal bedrag van € 5,8 miljoen. Overige Baten Naast de gemeentelijke bijdragen en de BDuR ontvangt de veiligheidsregio inkomsten uit andere bronnen zoals het rijk, instellingen en burgers. Deze zijn proportioneel met de omvang van de activiteiten. Een deel van de overige baten bestaat uit bijdragen van gemeenten welke niet via de gemeentelijke bijdrage worden verrekend. 4.4

Geprognotiseerde (meerjaren-)balans

Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo (Economische en Monetaire Unie) wordt in het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) een geprognotiseerde balans voorgeschreven en het meerjarig opnemen van het EMU-saldo in een begrotingsparagraaf. Met het opnemen van een geprognotiseerde balans krijgt het bestuur meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

45

14 april 2022

Balans per ultimo boekjaar

(bedragen in duizenden euro's)

ACTIVA

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Vaste activa Immateriële vaste activa

0

0

0

0

0

0

Materiële vaste activa

49.711

53.898

54.534

55.295

55.797

52.698

Financiële vaste activa

0

0

0

0

0

0

49.711

53.898

54.534

55.295

55.797

52.698

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar

31

31

31

31

31

31

8.845

1.819

1.819

1.819

1.819

1.819

Liquide middelen

481

416

416

416

416

416

Overlopende activa

7.327

5.887

5.887

5.887

5.887

5.887

Totaal vlottende activa

16.684

8.153

8.153

8.153

8.153

8.153

Totaal activa

66.395

62.051

62.687

63.448

63.950

60.851

Balans per ultimo boekjaar

(bedragen in duizenden euro's)

PASSIVA

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Vaste passiva Eigen vermogen

7.683

6.177

6.783

6.393

6.256

Voorzieningen

722

377

808

851

715

758

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van een jaar of langer

36.763

35.346

32.759

32.896

33.334

33.772

Totaal vaste passiva

45.167

41.900

40.349

40.140

40.305

40.684

6.154

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan een jaar

1.257

9.917

12.104

13.074

13.411

9.933

Overlopende passiva

19.971

10.234

10.234

10.234

10.234

10.234

Totaal vlottende passiva

21.228

20.151

22.338

23.308

23.645

20.167

Totaal passiva

66.395

62.051

62.687

63.448

63.950

60.851

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

46

14 april 2022

5

Financiële positie

5.1

Aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

Op grond van het BBV mogen voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten en gerelateerde verplichtingen geen voorzieningen gevormd worden. Dit is conform het beleid bij VRLN. De financiële consequenties bijvoorbeeld van het opnemen en toekennen van verlof vallen onder de aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen. Hier mag geen voorziening voor worden opgenomen, wel geven we aan bij ‘de niet uit de balans blijkende verplichtingen’ welke de omvang hiervan is. 5.2

Financiering

Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 3 Paragrafen, onderdeel 3.3 Financiering. 5.3

Investeringen

De veiligheidsregio kent geen investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut, maar kent enkel investeringen met een economisch nut. Op basis van de meerjarige investeringsplanning bedragen de investeringen in 2023 in totaal € 5.914 miljoen. In de bijlage is een verdere specificering van de investeringen opgenomen. Investeringen 2023

(bedragen in duizenden euro's)

Tankautospuiten

1.075

Hulpverleningsvoertuigen

4.000

Personeel-/materieelvoertuigen

208

Dienstauto's

70

Warmtebeeldcamera's

250

Ademlucht

4

Activa Risicobeheersing

100

Overig brandweer

90

ICT-Software

61

ICT-centraal (BV-GGD)

57 5.914

Ontwerpbegroting 2023 VRLN

47

14 april 2022

5.4

Reserves en voorzieningen

De stand en het gespecificeerde verloop van de reserves kan zijn volgt weergegeven: Verloopoverzicht reserves

(bedragen in duizenden euro's)

Boekw aarde per 1 januari 2023

Toevoeging

Bestem m ing resultaat vorig boekjaar

Onttrekking

Verm indering ter Boekw aarde per dekking van 31 decem ber afschrijvingen 2023

Algemene reserve

533

0

0

0

0

533

Algem ene reserve

533

0

0

0

0

533

Reserve kapitaallasten gebouw Nijmeegsew eg, Venlo

224

11

0

0

28

206

Reserve kapitaallasten gebouw Drie Decembersingel, Venlo

81

4

0

0

13

72

Reserve kapitaallasten gebouw Oranjelaan, Roermond

42

3

0

0

15

30

Subtotaal bestem m ingsreserves t.b.v. dekking kapitaallasten

347

18

0

0

56

309

Reserve transformatie meldkamer

959

0

130

0

0

828

Reserve CMA (Centraal Meld- en Actiepunt)

138

0

0

0

0

138

Reserve assurantie eigen risico

660

60

0

0

0

720

Reserve taakherschikking en ouderportaal

172

0

0

0

0

172

Reserve inhalen w erk

350

0

0

0

0

350

Reserve uitgestelde transitie

90

0

0

0

0

90

1.155

230

267

0

0

1.118

Reserve onderhoud brandw eergebouw en

897

137

172

0

0

861

Reserve onderhoud gebouw en in eigendom

2.052

367

439

0

0

1.980

Egalisatiereserve kapitaallasten brandw eerzorg

1.663

0

0

0

0

1.663

Subtotaal overige bestem m ingsreserves

6.083

427

569

0

0

5.940

Bestem m ingsreserves

Bestem m ingsreserves t.b.v. dekking van kapitaallasten

Overige bestem m ingsreserves

Reserve onderhoud kantoorgebouw en

6.430

445

569

0

56

6.249

Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening

0

0

0

0

0

0

Gerealiseerde resultaat

0

0

0

0

0

0

6.963

445

569

0

56

6.782

Totaal

Meerjarig verloop

(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 31 decem ber 2022

Boekw aarde per 31 decem ber 2023

Boekw aarde per 31 decem ber 2024

Boekw aarde per 31 decem ber 2025

Boekw aarde per 31 decem ber 2026

Algemene reserve

533

533

533

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11765886/1