landelijk 4 Programma Energiehoofdstructuur
Tekst van het document
per woning. Tijdige beschikbaarheid van energie is randvoorwaardelijk
centraal te stellen in de aanpak van ruimtelijke opgaven. Daarbij heeft
voor het volgens planning realiseren van de woningbouwambities.
het programma oog voor de opgaven in 2030, 2050 en een doorkijk
Het is daarom van belang dat de verstedelijkingsopgave afgestemd
naar 2100. Daardoor ontstaat er een visie voor ruimtelijke opgaven
wordt met de regionale netbeheerder om de impact op de
op de korte en (zeer) lange termijn. Mooi Nederland biedt daarmee
regionale infrastructuur te bepalen. Onder de noemer van Integraal
perspectief op oplossingen die de samenhang bewerkstelligen tussen
Programmeren wordt in dit verband ook door provincies gewerkt
die opgaven. Oplossingen die tegelijkertijd zorgen voor een goede
aan een aanpak om hier stappen in te zetten. Onderdeel hiervan is het
gebruikswaarde, belevingswaarde en de toekomstwaarde van een
opstellen van een regionaal equivalent van het PEH: een provinciale
gebied zodat het ook in toekomstig Nederland fijn leven, recreëren en
energievisie. Hierin kunnen provincies en gemeenten de (toekomstige)
werken is.
energievraag van de verstedelijkingsopgave meenemen in de benodigde ruimtevraag voor uitbreiding van energienetwerken en
De uitgangspunten van ruimtelijke kwaliteit zijn de 3 (Vitruvius-)
PMIEKs.
waarden: gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde. Ruimte moet dus goed en efficiënt te gebruiken zijn, duurzaam worden gebouwd en ook
5. Duurzame en circulaire economie
aangenaam worden ervaren door omwonenden en bezoekers van
Circulair is nodig in het kader van verduurzaming en vanwege
het gebied. Deze waarden worden afgezet tegen economisch, sociaal,
economische autonomie in relatie tot (kritische) grondstoffen. De
ecologisch en cultureel belang. Ruimtelijke kwaliteit neemt toe als zo
energietransitie is nodig om de circulaire economie van duurzame
veel mogelijk aspecten worden meegenomen.
energie te voorzien voor het hergebruik van producten en grondstoffen. Daarbij is een circulaire economie ook cruciaal om de
De energietransitie is één van de negen onderwerpen van het
energieproductie zelf mogelijk en duurzamer te maken: circulair helpt
Programma Mooi Nederland. Mooi Nederland maakt voor de
om efficiënt om te gaan met kritische grondstoffen in bijv. windmolens
energienetwerken van Nederland een handreiking. Het doel van de
en zonnepanelen, de leveringszekerheid te vergroten én de negatieve
handreiking is om te laten zien dat de (ruimtelijke) energieopgave
impact van ketens verminderen. Met innovaties voor vermindering van
gerealiseerd kan worden door efficiënt en meervoudig ruimtegebruik
grondstofgebruik, substitutie door andere grondstoffen, levensduur
toe te passen en met ruimtelijke kwaliteit. De handreiking zal
verlenging en hoogwaardige verwerking. Ook kan de afhankelijkheid
inrichtingsconcepten bevatten, hulpmiddelen en instrumenten om
91
CE Delft (2022). Ruimtelijke effecten van de circulaire economie
Programma Energiehoofdstructuur | 93
die te bereiken en inspirerende en werkbare voorbeelden laten zien. De handreiking is daarom bruikbaar voor het PEH zelf, maar ook voor bijvoorbeeld de gebiedsuitwerkingen die in het kader van het PEH worden gemaakt. Deze handreiking wordt gemaakt in samenwerking met de partners van Mooi Nederland.
7. Overige opgaven en belangen in de fysieke leefomgeving De hierboven benoemde ruimtelijke opgaven komen voort uit nieuwe/ verhoogde ambities die het kabinet heeft gesteld op het gebied van duurzaamheid, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Vaak is hieraan een beleidsprogramma gekoppeld dat bijdraagt aan de realisatie van de verschillende ambities. De beschreven wisselwerking tussen de ruimtelijke opgaven en het ruimtelijk beleid voor het toekomstig energiesysteem geeft een beeld van de manier waarop het Rijk de verschillende opgaven in samenhang wil aanpakken. Dat betekent niet dat het lijstje met relevante ruimtelijke opgaven hiermee compleet is. Naast de bovengenoemde ontwikkelingen zijn er ook opgaven in de leefomgeving met een constante doorloop. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan het behouden van ruimte voor erfgoed, ruimte voor defensie kazernes en oefenterreinen, en ontwikkeling van het wegen- en spoornet en ruimte voor luchtvaart. In de Integrale Effectanalyse achter dit programma zijn de ontwikkelrichtingen in het PEH getoetst op al deze ruimtevragers. Het PEH is het beleidskader voor verdere uitwerking in een project of gebiedsgerichte aanpak. In de projecten wordt de ruimte voor de elementen in het toekomstig energiesysteem, zoals hoogspanningsverbindingen, -stations, en elektrolysers verder georganiseerd.
Bij de uitvoering van nieuwe elementen van het energiesysteem dient er een verdere afweging gemaakt te worden tussen de verschillende ruimtelijke opgaven in relatie tot het energiesysteem. Waar mogelijk wordt het wenselijk geacht om functies te combineren. Dit leidt tot een minder groot absoluut ruimtebeslag, en daarmee tot minder effecten op de leefomgeving.
Programma Energiehoofdstructuur | 94
Bijlage 5. Integrale Effectanalyse De Integrale Effectanalyse bestaat uit onderstaande documenten en is apart van dit document als bijlage in te zien.
Hoofddocument Integrale Effectanalyse PEH Bijlage I Woordenlijst Bijlage II Literatuur en bronnen Bijlage III Beleid en kaders IEA Bijlage IV Beschrijving scenario’s 2050 Bijlage Va Brandstoffen grondstoffen en CO2 Bijlage Vb Buisleidingen PEH - Overkoepelend beeld Bijlage VI Knelpuntenanalyse 2050 Bijlage VII Beschrijving robuuste knelpunten en ontwikkelingen 2050 Bijlage VIII Beschrijving structuurkeuzes en systeemontwikkelingen 2050 Bijlage IX Beoordeling systeemefficiëntie Bijlage X Beoordelingsmethodiek Milieu & Ruimte Bijlage XIa-I Beoordeling M&R (robuuste) ontwikkelingen Bijlage XIa-II Kaartenbijlage A Bijlage XIb Beoordeling M&R structuurkeuzes en systeemontwikkelingen Bijlage XII Welvaartsanalyse Bijlage XIII Gebiedsanalyses 2050 Bijlage XIV Beschrijving 2030 Bijlage XV Verschillen- en gevoeligheidsanalyses Bijlage XVI Overige knelpunten 2050
Programma Energiehoofdstructuur | 95
Bijlage 6. Verkenning Buisleidingtracés De Verkenning Buisleidingtracés bestaat uit onderstaande documenten en is apart van dit document als bijlage in te zien.
Deel A. Indicatieve tracés Deel B. Kaartenatlas Deel B is een kaartenatlas waarin de discrepanties tussen gerealiseerde buisleidingen en de vastgestelde buisleidingstroken in beeld zijn gebracht. Deel B bestaat uit 4 aparte regioatlassen: Noord (provincies Friesland, Groningen en Drenthe), West (provincies Flevoland, Utrecht, NoordHolland en Zuid-Holland), Oost (provincies Overijssel en Gelderland) en Zuid (provincies Noord-Brabant, Zeeland en Limburg). Rapport B. Noord-Nederland Rapport B. West-Nederland Rapport B. Oost-Nederland Rapport B. Zuid-Nederland
Programma Energiehoofdstructuur | 96
Bijlage 7. Uitvoeringsagenda Programma Energiehoofdstructuur De uitvoeringsagenda betreft de stappen om de keuzes in dit PEH te vertalen naar uitvoering en is apart van dit document als bijlage in te zien.
Programma Energiehoofdstructuur | 97
Colofon
Dit is een uitgave van
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Vormgeving Broekhuizen-Wirtz Infographics Broekhuizen-Wirtz Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Cartografie Generation Energy TNO Cover Rob Poelenjee Edwin Walvisch Integrale Effectanalyse CE Delft Pondera Consult BRO Dank aan alle betrokkenen bij de totstandkoming van dit programma.
Dit is een uitgave van Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Maart 2024 Programma Energiehoofdstructuur | 99