CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

landelijk 1 coalitieakkoord-2021-2025

Gemeenteraad 6 maart 2024, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Beantwoording vragen en bijlagen22.002 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Radicalisering en extremisme •

•

We beschermen de samenleving tegen de dreiging van alle vormen van radicalisering en haatzaaien, van jihadisme tot links- en rechts-extremisme. Ook moet er meer aandacht zijn voor de ontwrichtende werking van anti-overheids- en antidemocratische sentimenten en desinformatie. Door in te zetten op preventie, signalering, opsporing, vervolging en stevig te straffen pakken we dit aan. Dit vraagt om een weerbare samenleving, aanwezigheid in kwetsbare wijken en een robuuste inlichtingen- en veiligheidsstructuur. De maximale straf voor deelname aan een terroristische organisatie wordt verhoogd naar 20 jaar. De in de vorige periode ingeslagen weg met betrekking tot uitgereisde IS-ers, wordt voortgezet. De wet van 25 november 2015 inzake langdurig toezicht, gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking wordt aangevuld met bepalingen over terroristische misdrijven.

Mensenhandel / prostitutie • •

•

•

De aanpak van mensenhandel houdt prioriteit. Daarom zetten we het actieplan Samen tegen Mensenhandel voort. Mensenhandel doet grove afbreuk aan de waardigheid van mensen. Daarom gaan we uitbuiting tegen en vergroten we de toegankelijkheid van hulpverlening. Artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht wordt gemoderniseerd om vervolging van daders te verbeteren. We verbeteren de hulpverlening voor alle sekswerkers. Uitstapprogramma’s worden uitgebreid en structureel gemaakt. Deelnemers kunnen desgewenst een urgentieverklaring krijgen op afstand van hun oude omgeving. We versterken de rechtspositie van sekswerkers o.a. door toegang tot verzekeringen, zakelijke bankrekeningen en andere financiële dienstverlening. We voeren de Wet Regulering Sekswerk in die in de kern bestaat uit een landelijke vergunningplicht en een landelijk register. Daarbij doen we recht aan de reactie van de Raad van State op het wetsvoorstel op het punt van het vergunningsgesprek en de positie van financiële dienstverleners, beveiligers, vervoerders en verhuurders bij het pooierverbod. We schrappen de bestuurlijke boete voor sekswerkers, zodat ook sekswerkers zonder vergunning om hulp en voorlichting durven te vragen en ook voor klanten die melding of aangifte doen van misstanden schrappen we de strafbaarstelling in deze wet.

22

4. Bestaanszekerheid en kansengelijkheid Onderwijs en ontwikkeling Iedereen in Nederland verdient een goed bestaan en moet mee kunnen doen. Dat begint bij het bieden van dezelfde kansen aan alle kinderen, jongeren en studenten om zich te ontwikkelen en te ontplooien. Daarom willen we de onderwijskwaliteit versterken om de basis op orde te krijgen, zodat elk kind leert lezen, schrijven en rekenen en goed wordt onderwezen in burgerschap. Om dat te bereiken investeren we ook in voldoende en goede leraren en schoolleiders. We vergroten de kansengelijkheid door te investeren in kinderopvang, voor- en vroegschoolse educatie en de rijke schooldag. We versterken het beroepsonderwijs en het wetenschappelijk onderwijs. En we waarborgen sociale veiligheid en gelijke behandeling.

Basis op orde •

•

• •

•

Er komt een ‘masterplan’ zodat ieder kind leert lezen, schrijven en rekenen en we gebruiken hiervoor effectief bewezen lesmethodes, zoals ingezet bij het Nationaal Programma Onderwijs. We willen zichtbare verbeteringen op het gebied van de onderwijskwaliteit in het algemeen en de basisvaardigheden in het bijzonder. We geven duidelijker aan wat we van scholen verwachten, bijvoorbeeld bij de curriculumherziening. We sturen op de kwaliteit van het onderwijs en grijpen sneller in bij scholen die onvoldoende presteren. Burgerschap wordt een integraal onderdeel van het onderwijs en wordt gegeven door daartoe bevoegde docenten. We brengen scholen in positie door investeringen zoveel mogelijk rechtstreeks naar de klas te laten gaan, volgens de systematiek van de werkdrukmiddelen. Scholen gaan zich beter verantwoorden over de inzet en effectiviteit van de middelen zonder de administratieve lastendruk te verhogen. We versterken de zeggenschap van schoolleiders en leraren evenals de betrokkenheid en inspraak van ouders en leerlingen. We brengen het gespecialiseerd voortgezet onderwijs zo snel als mogelijk onder bij het voortgezet onderwijs. Het praktijkonderwijs is een volwaardige onderwijssoort. We werken toe naar rechtstreekse financiering met inachtneming van het lopende onderzoek dat hiernaar wordt uitgevoerd door Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt Nijmegen.

In totaal investeren we structureel €1 miljard per jaar voor het versterken van de onderwijskwaliteit.

Vergroten van kansengelijkheid •

•

We zorgen voor een goede start voor ieder kind op de kinderopvang, met het oog op de ontwikkeling van het kind. Zo maken we het voor ouders ook makkelijker om te werken. In stappen verhogen we de vergoeding van de kinderopvang tot 95% voor werkende ouders voor kinderen tot 12 jaar. De toeslag wordt straks direct uitgekeerd aan kinderopvanginstellingen zodat ouders niet meer worden geconfronteerd met grote terugvorderingen. Op basis van de praktijkervaringen en gedragseffecten bezien we de ambitie om het vergoedingspercentage op te hogen naar 100%. We voorkomen leerachterstanden bij de start door het stimuleren van de deelname van kinderen met een taalachterstand aan voor- en vroegschoolse educatie (VVE), het versterken van de kwaliteit, en de relatie tussen opvang en onderwijs te versterken. Als onderdeel van een brede aanpak van bestrijding van armoede in kwetsbare wijken door gemeenten investeren we in een rijke schooldag, 23

•

•

•

• • •

waarbij scholen zelf bepalen wat zij nodig achten om de kansenongelijkheid te verkleinen. Te denken valt aan begeleiding bij huiswerk, sport en cultuur in samenwerking met plaatselijke verenigingen en bibliotheken. We beginnen bij de scholen waar de nood het hoogst is. We halen het beste in elke leerling naar boven. Of je nu een leerachterstand hebt of juist een excellente leerling bent. We kiezen voor een structurele versterking van scholen met veel leerachterstanden. Gelijke kansen vragen een ongelijke aanpak, zodat elk kind de beste kans krijgt. We verbeteren de overgang van basis- naar voortgezet onderwijs. We stimuleren brede en verlengde brugklassen met oog voor de talenten van elke leerling. We bevorderen doorstroom en differentiatie om leerlingen maximale kansen te geven in het voortgezet onderwijs. We geven ruimte voor een maatwerkdiploma. We zetten de maatschappelijke diensttijd voort en bouwen deze verder uit, zodat jongeren in contact kunnen komen met nieuwe leefwerelden, zich inzetten voor de samenleving, nieuwe vaardigheden ontwikkelen en mogelijk ontdekken waar hun passies liggen. Dat kan bij (maatschappelijke) projecten op het terrein van zorg, welzijn, veiligheid, defensie, sport, natuur en klimaat.

We gaan verder met de verbeteraanpak van passend onderwijs en streven naar inclusief onderwijs waarbij kinderen met en zonder een beperking of ziekte samen naar school gaan. We brengen het aantal onnodige thuiszitters terug naar 0 door elk kind een vorm van onderwijs te geven, onder meer door het vormgeven van een Digitale School. We investeren structureel €1 miljard per jaar voor het vergroten van de kansengelijkheid, inclusief de maatschappelijke diensttijd.

Investeren in goede leraren en schoolleiders • •

• • •

• •

Om de onderwijskwaliteit in Nederland te verhogen, investeren we in goede en voldoende leraren en schoolleiders. We trekken hier €800 miljoen per jaar structureel voor uit. We zetten in op versterking van de kwaliteit van lerarenopleidingen met aandacht voor effectieve vakdidactiek, specialisatie in het jonge of oudere kind, digitale vaardigheden en passend onderwijs. We verhogen de academische instroom. We maken (bij)scholing prioriteit en bevorderen professionele ontwikkeling. We ondersteunen beginnende leraren en flexibiliseren en verbeteren de opleiding voor zij-instromers. In het kader van het lerarentekort stimuleren we de uitbreiding van contracten (meer uren). We dichten de loonkloof en streven naar één cao voor leraren en bestuurders in het funderend onderwijs. We verbeteren de arbeidsvoorwaarden voor schoolleiders en leraren op scholen met veel leerachterstanden. We versterken de positie en kwaliteit van schoolleiders waardoor op elke school een lerende cultuur ontstaat ten behoeve van het verhogen van de onderwijskwaliteit voor ieder kind. We investeren in het verlagen van de werkdruk; scholen kunnen hiermee bijvoorbeeld de klassen verkleinen of meer docenten of begeleiders in de klas inzetten. We faciliteren het gebruik van digitale hulpmiddelen om de werkdruk van de leraar te verminderen en de onderwijskwaliteit te verbeteren.

Sterker beroepsonderwijs •

We stimuleren het aanbod van arbeidsmarktrelevante beroepsopleidingen in techniekhavo en kleinschalig vakonderwijs. We behouden een zo groot mogelijk aanbod van mbo-opleidingen dichtbij huis. We versterken de kansen door drempels weg te nemen en doorstroom te stimuleren. 24

• • • • •

We sluiten een pact tussen overheid, onderwijsinstellingen en bedrijfsleven om te zorgen dat elke mbo-student een stageplek en een passende vergoeding krijgt. We bannen stagediscriminatie uit. We versterken de kwaliteit, hiertoe worden vakken in basisvaardigheden en burgerschap gegeven door bevoegde docenten en geven we ruimte aan mensen uit de praktijk voor (gast)lessen. We evalueren zo snel als mogelijk de voor- en nadelen van het bindend studie advies (BSA) in het mbo en maken daarna een nieuwe afweging over het bindend gedeelte van het studieadvies. We versterken de roc’s als regionale opleidingscentra waarin ook volwassenen een leven lang leren en ook nieuwkomers – op basis van de nieuwe inburgeringswet – vanaf dag één leren en integreren. We bevorderen de gelijke behandeling van studenten uit het mbo, hbo en wo.

Sterker hoger- en wetenschappelijk onderwijs •

•

•

•

•

• •

•

We willen dat iedereen in staat is om te kunnen studeren, ongeacht het inkomen van de ouders. We voeren daarom per studiejaar 2023/2024 een basisbeurs voor alle studenten in en een inkomensafhankelijke aanvullende beurs. We hebben daarbij aandacht voor de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid. We laten de OV-studentenkaart, de huidige leenvoorwaarden en de investeringen vanuit het studievoorschot ongemoeid. Studenten voor wie geen basisbeurs beschikbaar is geweest krijgen de keuze tussen korting op hun studieschuld of een studievoucher. Hiervoor wordt €1 miljard extra uitgetrokken, bovenop het huidige budget voor studievouchers. We zetten koers naar een kenniseconomie waarbij we, in lijn met de Lissabondoelstelling, investeren in vrij en ongebonden onderzoek en ontwikkeling. Dit doen we onder meer door het instellen van een fonds waarin we in totaal €5 miljard investeren gedurende 10 jaar. We vergroten de voorspelbaarheid van de bekostiging door het weghalen van de perverse prikkel op hogere instroom, de vaste voet te herzien en te verhogen, en een betere balans tussen de eerste en tweede geldstroom. Zo is er meer ruimte om de werkdruk aan te pakken, vaste contracten te bieden en een evenwichtig aanbod in krimpregio’s te behouden.

Als de bestaande en nog in te voeren instrumenten onvoldoende blijken te zijn om schokken in de (internationale) studentenaantallen te beheersen, dan kijken we of nieuwe instrumenten nodig zijn. Universiteiten dienen voor kleine studies en voor Nederlandse taal en cultuur samen te werken en ook naar de toekomst een dekkend en passend aanbod te garanderen. We zorgen ervoor dat elke bachelorstudent een aansluitende master heeft op dezelfde instelling, met behoud van ruimte voor profilering. Opleidingen die selecteren dienen te onderbouwen hoe de selectieprocedure past bij de inhoud van de opleiding, effectief is en gelijke kansen borgt. Het bindend studieadvies (BSA) wordt aangepast. Studenten die in het eerste jaar niet de BSAnorm halen, krijgen de kans om in het tweede jaar de puntennorm alsnog te halen. Bij evident onvoldoende studievoortgang behoudt de instelling de mogelijkheid om een bindend studieadvies af te geven aan het einde van het eerste jaar en de student te begeleiden naar een beter passende opleiding. Met dit aangepaste BSA dragen we ook bij aan het verhogen van het studentenwelzijn. We stimuleren de vrije en veilige uitwisseling van ideeën en borgen de academische vrijheid van wetenschappers. We stellen kaders vast voor de wetenschappelijke samenwerking met onvrije landen.

‘Open science’ en ‘open education’ worden de normen, mits de nationale veiligheid hierbij niet in het geding komt.

25

Waarborgen voor sociale veiligheid en gelijke behandeling •

• • • •

•

• •

•

We waarborgen de sociale veiligheid en gelijke behandeling op iedere school voor leerling en leraar, zodat ieder kind en iedere leraar veilig onderwijs geniet. De inspectie zet extra in op sociale veiligheid, krijgt ook tot taak in te gaan op individuele klachten en doet aangifte indien nodig. We breiden de wet sociale veiligheid uit met leraren. We zorgen ook dat ouders geholpen en gehoord worden. Er komt een onafhankelijk meldpunt Sociale Onveiligheid voor kinderen en ouders als onderdeel van de (vertrouwens)inspectie. Slecht functionerende schoolbesturen pakken we hard aan, in lijn met de wet uitbreiding bestuurlijk instrumentarium onderwijs. We garanderen gelijke kansen bij aanmelding voor iedereen onafhankelijk van sociaal-economische en culturele achtergrond. Onderscheid bij toelating vanwege de grondslag van de school mag niet tegelijk direct onderscheid inhouden op grond van ras, nationaliteit, seksuele geaardheid of burgerlijke staat. Daarmee is er geen noodzaak om artikel 23 Grondwet aan te passen. We grijpen sneller in bij (informele) onderwijsinstellingen en hun vertegenwoordigers die antiintegratief, anti-democratisch of anti-rechtsstatelijk opereren. We breiden de mogelijkheden om dat te doen uit en onderzoeken op welke manieren dat mogelijk is. We zetten de bekostiging stop bij bewijs dat een instelling zich bezighoudt met anti- rechtsstatelijke praktijken.

Er komt een verbod op het gebruik van lesmaterialen die kinderen anti-democratische of antirechtsstatelijke waarden aanleren. De onderwijsinspectie beoordeelt bij klachten of lesmateriaal in strijd is met de rechtsstaat. Er komt een expliciet verbod op (mede)financiering van onderwijs vanuit organisaties die onze democratische rechtsstaat ondermijnen.

Arbeidsmarkt en inkomen Werkgevers, en ondernemers houden ons land vitaal en zijn cruciaal voor onze welvaart. Mede dankzij ieders flexibiliteit en de steunpakketten is de werkloosheid laag. Tegelijkertijd zien we dat de kloof op de arbeidsmarkt is toegenomen en stelt het Sociaal Cultureel Planbureau dat 28% van de Nederlandse bevolking (financieel) kwetsbaar is. Daarnaast verandert de aard van ons werk door digitalisering, robotisering en globalisering. Dit maakt de toekomst onvoorspelbaar, maar biedt tegelijkertijd ook kansen. We willen daarom een aantal grote hervormingen in de arbeidsmarkt doorvoeren, die de bestaanszekerheid van lage- en midden inkomens versterken en de lasten verlagen. Zodat werken loont, werkgeverschap en ondernemerschap aantrekkelijk blijft, ons welzijn stijgt en personeelstekorten in vitale sectoren opgevangen kunnen worden. Deze tekorten maken het ook voor de overheid een uitdaging om ambities in dit coalitie akkoord waar te maken. Ook pakken we armoede en schulden verder aan. Het eindrapport van de commissie Regulering van Werk (commissieBorstlap) en het hoofdstuk “Arbeidsmarkt, inkomensverdeling en gelijke kansen” uit het SER MLTadvies vormen de leidraad voor hoe de inrichting van de arbeidsmarkt van de toekomst er uit komt te zien.

26

•

•

•

•

•

•

•

•

•

•

In totaal investeren we €500 mln per jaar in het hervormen van de arbeidsmarkt, reïntegratie en het aanpakken van armoede en schulden. Ook trekken we €300 mln per jaar uit voor lastenverlichting van het mkb via loondoorbetaling bij ziekte. We verkleinen de verschillen tussen vast en flex. Te veel mensen in Nederland zijn afhankelijk van tijdelijke contracten. Dit zorgt voor onzekerheid. In lijn met het SER MLT-advies worden oproep-, uitzend- en tijdelijke arbeidscontracten beter gereguleerd. Om de interne flexibiliteit en wendbaarheid van bedrijven te vergroten wordt in overleg met de sociale partners een budgettair neutrale deeltijd-WW uitgewerkt, met oog voor uitvoerbaarheid en betaalbaarheid. We hebben de ambitie om de toeslagen af te schaffen, zodat mensen niet meer verdwalen in ingewikkelde regelingen of te maken krijgen met hoge terugvorderingen. We zetten hiervoor deze kabinetsperiode de eerste stappen. We hebben daarnaast de ambitie het belastingstelsel te vereenvoudigen en te hervormen en zetten ook daartoe de eerste stappen. We maken werken lonender en verkleinen de armoedeval. We voeren een minimumuurloon in op basis van de 36-urige werkweek (initiatiefwetsvoorstel Gijs van Dijk (PvdA) en Maatoug (GroenLinks), (Kamerstuk 35335)).

We verhogen het minimumloon stapsgewijs met 7,5% en houden de koppeling met de uitkeringen (behoudens de AOW) in stand om het bestaansminimum te verstevigen. We komen ouderen tegemoet via een hogere ouderen korting. Tegelijkertijd hervormen en vereenvoudigen we de huurtoeslag door de maximale huurgrens af te schaffen en over te stappen naar een systeem van normhuren op basis van inkomen. We zorgen dat iedereen deze hervorming kan dragen, met name de laagste inkomens. Hiernaast zorgen we voor lastenverlichting van €3 miljard, met name voor lage- en middeninkomens, werkenden en gezinnen. Daarmee streven we over de kabinetsperiode heen een evenwichtig en gemiddeld positief koopkrachtbeeld voor iedereen na. Helderheid voor zelfstandigen. Echte zelfstandigen worden ondersteund en ondernemerschap wordt gestimuleerd. De verdere ontwikkeling van een webmodule kan bijdragen aan het vooraf verkrijgen van zekerheid voor zzp-ers over de aard van de arbeidsrelatie. Schijnzelfstandigheid wordt tegengegaan door betere publiekrechtelijke handhaving in het geval van het vermoeden van werknemerschap. Er komt een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor alle zelfstandigen, die zo wordt vormgegeven dat oneerlijke concurrentie en te grote inkomensrisico’s voor individuen worden voorkomen. Hiermee houden we rekening met de randvoorwaarden uit het pensioenakkoord.

De zelfstandigenaftrek wordt vanaf 2023 met stappen van 650 euro teruggebracht tot 1200 euro in 2030. Zelfstandigen worden gedurende de kabinetsperiode gecompenseerd via de verhoging van de arbeidskorting. Ondanks de grote krapte op de arbeidsmarkt, zijn er nog teveel mensen die er niet tussen komen en onnodig langs de kant staan. De komende jaren willen we daarom, samen met sociale partners, gemeenten en het UWV, meer mensen naar werk begeleiden. Verder gaan we meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar werk begeleiden en breiden we het aantal beschutte werkplekken uit. We breiden de arbeidsmarktinfrastructuur uit om de overgang van werk-naar-werk en van uitkering-naar-werk te stimuleren. Onderdeel hiervan zijn instrumenten voor om- en bijscholing die de overstap naar tekortberoepen ondersteunen. Opgedane ervaringen met de regionale mobiliteitsteams in de coronacrisis worden hierbij betrokken. Ook bevorderen we permanente scholing via leerrechten. In overleg met sociale partners wordt de beëindiging van de arbeidsovereenkomst via een van-werk-naar-werk-route uit het MLT-advies nader uitgewerkt. 27

•

•

•

•

• •

•

• •

•

•

We nemen maatregelen om de arbeidsparticipatie en positie van arbeidsongeschikten te verbeteren. Daarnaast onderzoeken we -in overleg met de sociale partners- hoe ‘hardheden’ in de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) hervormd kunnen worden met oog voor uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en uitlegbaarheid. Bij ziekte is de inzet primair gericht op herstel en terugkeer van de werknemer. Om de loondoorbetaling bij ziekte te verbeteren, richt de re-integratie zich in het tweede jaar -in lijn met het SER-advies- in principe op het tweede spoor, waarbij de instroom in de WIA zoveel mogelijk wordt beperkt. We verruimen de bijverdiengrenzen in de Participatiewet en samen met gemeenten zorgen we er voor dat mensen die langdurig in de bijstand zitten actief worden benaderd en worden ondersteund en gestimuleerd naar werk. We vragen daarbij ook een eigen actieve rol van uitkeringsgerechtigden. Daarbij hebben we oog voor ieders talenten en beperkingen, werken we vanuit vertrouwen en is er ruimte voor maatwerk. We wijzigen de kostendelersnorm zodat inwonende jongvolwassenen tot 27 jaar niet langer meetellen als kostendeler voor de uitkering van huisgenoten. We maken het aantrekkelijker voor ouders om werk en zorg te combineren doordat we in stappen de vergoeding van de kinderopvang tot 95% verhogen voor werkende ouders.

We werken ook aan de gendergelijkheid op de arbeidsmarkt door het uitbreiden van het betaald ouderschapsverlof naar 70% , het bestrijden van zwangerschapsdiscriminatie en door beter te controleren op loonverschillen. We stimuleren de arbeidsparticipatie, meer uren of dagen werk in de week en een evenredige vertegenwoordiging van vrouwen in leidinggevende posities. We voeren het pensioenakkoord uit voor een goed en fatsoenlijk pensioen voor alle generaties. We zetten de brede armoede- en schuldenaanpak met volle kracht door. We nemen maatregelen om het aantal kinderen dat in armoede opgroeit in vier jaar tijd te halveren en hanteren daarbij een eenduidige, realistische, relatieve definitie van armoede. We herijken elke vier jaar het sociaal minimum om vast te stellen of dit toereikend is om van te leven en mee te doen in de samenleving. We zetten in op financiële educatie, preventie en vroeg signalering, zodat we schulden kunnen voorkomen of vroegtijdig kunnen verhelpen. Om te voorkomen dat mensen vastlopen kunnen maatschappelijke organisaties, zoals woningbouw corporaties, signalen omtrent kwetsbaren delen binnen juridisch verankerde waarborgen, zoals doelbinding en proportionaliteit. We geven mensen meer ruimte om een reserve aan te houden. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om laaggeletterdheid aan te pakken.

We verkorten de duur van schuldhulptrajecten en verbeteren de toegang tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen. We lossen probleemschulden sneller op onder meer door meer mogelijkheden te bieden om tot een schuldregeling te komen. We stellen strengere eisen aan beschermingsbewindvoerders en gaan opstapeling van schulden tegen door een maximum te stellen aan verhogingen, rente- en incassokosten. We zorgen voor een betere, verantwoorde overheidsincasso met oog voor de menselijke maat. Doorverkoop van schulden als verdienmodel wordt tegengegaan. Het kabinet neemt het advies van de adviescommissie onvolledige opbouw AOW ouderen van Surinaamse herkomst (commissie-Sylvester) en de voorlichting van de Afdeling advisering van de Raad van State terzake spoedig ter hand en zal daarover in overleg treden met de Surinaamse gemeenschap en de Tweede Kamer.

28

Naar een samenleving waar iedereen zichtbaar zichzelf kan zijn We willen dat iedereen in Nederland vrij kan zijn. Vrij om te zijn wie je bent. Vrij van discriminatie en racisme. En vrij om jezelf te ontwikkelen. Nog te vaak krijgen Nederlanders minder kansen of worden zij uitgesloten op grond van afkomst, geslacht, kleur, ras, leeftijd, geloof, seksuele geaardheid of beperking. Dat is onacceptabel. Daarom voeren we een actief emancipatie- en antidiscriminatiebeleid. •

•

•

• •

•

•

•

•

Een democratische samenleving kan alleen functioneren als we een grens trekken als vrijheden van de ander worden bedreigd, als iedereen meedoet en discriminatie wordt bestreden. Voor homohaat, antisemitisme, moslimhaat, vrouwenhaat, (online) seksuele uitbuiting, eerwraak, genitale verminking, kinderhuwelijken, gedwongen huwelijken, haatzaaien en geweld tegen andersdenkenden en tegen minderheden is geen plaats in onze samenleving. Hiertegen treden wij op, onder meer door de aanpak van online bedreigingen, beveiliging van slachtoffers, aanmoediging van het doen van aangifte en gevolgen voor visumverlening. Tegen organisaties die tot doel hebben om de democratische rechtsstaat te ondermijnen dient een weerbare democratie zich te beschermen, bijvoorbeeld op basis van de recente wijziging van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek die op 1 januari 2022 in werking treedt. We versterken de positie van de Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie, de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding, het College voor de Rechten van de Mens, de Nationale Ombudsman en de gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen met voldoende mensen en middelen. We maken met hen een meerjarig plan ter bestrijding van alle vormen van discriminatie, haatzaaien en racisme. We bestrijden vrouwenhaat, zowel ‘online’ als ‘offline’, krachtig.

We bestrijden geweld tegen vrouwen achter de voordeur, waaronder seksuele uitbuiting. Wij treden op tegen organisaties die zich schuldig maken aan discriminatie of racisme met boetes en een meldplicht voor discriminerende verzoeken aan makelaars, verhuurders, uitzendbureaus en vastgoedbemiddelaars. Ook kunnen organisaties zich hieraan schuldig hebben gemaakt uitgesloten worden van overheidssubsidies en de gunning van opdrachten en gaat de overheid aan de slag met de mogelijkheden van anoniem solliciteren en ‘open hiring’. Voor institutioneel racisme is geen plek in onze samenleving. We zetten ons in tegen etnisch profileren. Overheids- en uitvoeringsorganisaties moeten hierbij het goede voorbeeld geven. We blijven inzetten op het verhogen van de aangiftebereidheid door de inzet van antidiscriminatierechercheurs en het versterken van het politie netwerk ‘roze in blauw’. We blijven werken aan de acceptatie, veiligheid en emancipatie van de LHBTQI+ gemeenschap. Het Regenboogakkoord is hiervoor de basis. We voeren dit akkoord zorgvuldig uit met (initiatief)wetgeving en beleid. We continueren de behandeling van voorstellen voor een goede regeling voor draagmoederschap en betrekken hierbij het rapport van de commissie onderzoek interlandelijke adoptie in het verleden (commissie-Joustra).

Omdat mensen met een beperking gelijkwaardig deel moeten kunnen nemen aan de samenleving ondersteunen wij het opnemen van een verbod op discriminatie op grond van een handicap in artikel 1 van de Grondwet. Dit passen wij ook toe in de praktijk, waar toegankelijkheid de norm wordt.

29

Integratie en Inburgering In een rechtvaardige samenleving mag je afkomst nooit je toekomst bepalen. Integratie is daarom van essentieel belang voor zowel mensen zelf als de Nederlandse samenleving. Succesvolle integratie vereist zowel het nemen van eigen verantwoordelijkheid, als een samenleving die iedereen de kans biedt zijn talenten te ontplooien. Meedoen dus. Door de taal te leren, aan het werk te zijn, actief deel te nemen aan onze samenleving en de fundamentele vrijheden en gelijkheden – verankerd in onze Grondwet – te respecteren. •

•

•

•

•

•

Om de integratie en inburgering van nieuwkomers te bevorderen, gaan we door met de nieuwe inburgeringswet. Ook de herinvoering van de inburgeringsplicht voor Turkse nieuwkomers wordt doorgezet. Het is van groot belang dat nieuwkomers (arbeidsmigranten, statushouders) zo snel mogelijk integreren in onze samenleving. Wederkerigheid is hierbij het vertrekpunt en daaruit volgt een wederzijdse opdracht. Van de nieuwkomer vergt dit burgerschap, leren van de taal en het vinden van werk. Kansrijke asielzoekers krijgen vanaf dag één les in de Nederlandse taal en we maken het makkelijker (vrijwilligers)werk te verrichten. Nieuwkomers worden gestimuleerd het beste uit zichzelf te halen. Ook met het leren van de taal. Het bereiken van een zo groot mogelijke taalbeheersing blijft het doel, bij voorkeur taalniveau B1, waarbij we afspraken maken met gemeentes om achterstanden in taal zo goed en snel mogelijk aan te pakken. Voor degenen die taalniveau B1 niet goed kunnen bereiken, blijft het streven erop gericht bij naturalisatie het taalniveau zoveel mogelijk naar B1 te verhogen. Het kabinet gaat hiertoe de mogelijkheden tot maatwerk verkennen, in lijn met het maatwerk bij de taaleis inburgering.

Voor mensen met een meervoudige nationaliteit die alleen de Nederlandse nationaliteit als enkelvoudige nationaliteit wensen maar hun andere nationaliteit(en) niet kunnen afstaan, ondersteunen we een privaatrechtelijk Nederlands register ongewenste nationaliteit. Maatschappelijke initiatieven om inburgering te bevorderen worden ondersteund. Via vrijwilligersnetwerken en jongeren die hun maatschappelijke diensttijd vervullen, koppelen we nieuwkomers aan een ‘maatje’ om hen kennis te laten maken met de Nederlandse samenleving. Van nieuwkomers verwachten we dat zij onze democratie, rechtsstaat en grondrechten onderschrijven en de fundamentele waarden respecteren We treden streng op tegen eerwraak en vrijheidsbeperking van meisjes, vrouwen en andere kwetsbaren en degenen die hieraan schuldig zijn. Hierbij worden de mogelijkheden verruimd om strafrechtelijk op te treden tegen medeplichtigen. We beschermen slachtoffers van huwelijksdwang, achterlating of genitale verminking, bijv. door een rechter een preventief beschermingsbevel te laten uitvaardigen en het verbieden van het aanprijzen, aanzetten of uitvoeren van maagdenvliesherstel. Ook komt er een meldplicht voor medewerkers in de zorg en het onderwijs bij eergerelateerd geweld, huwelijksdwang of vrouwelijke genitale verminking. Ongewenste buitenlandse beïnvloeding en financiering worden aangepakt.

We nemen maatregelen om ongewenste beïnvloeding zoveel mogelijk tegen te gaan, o.a. door de werkzaamheden van de verder te versterken Taskforce problematisch gedrag en ongewenste buitenlandse financiering (Kamerstuk 35228, nr. 39) en de behandeling van het wetsvoorstel transparantie maatschappelijke organisaties (Kamerstukken 35646) voort te zetten.

30

5. Welvarend land Ondernemende, innovatieve en eerlijke economie Onze economie draait op bedrijven en ondernemers. Zij zijn onmisbaar voor Nederland. Dat vraagt om een goed vestigingsklimaat. We hebben enthousiaste startups, sterke mkb-ondernemers, onafhankelijke zzp’ers en een betrokken bedrijfsleven nodig voor een bloeiende samenleving en groeiende economie. In Nederland slaan grote en kleinere bedrijven de handen ineen voor het vergroten van ons toekomstig verdienvermogen. Alleen zo hebben we de middelen om te investeren in onze welvaart en publieke voorzieningen. We willen een economie die werkt voor mensen. Een economie waarin werkgevers een duurzame band met hun werknemers aangaan. Samen onderweg naar een ondernemende, innovatieve en eerlijke economie. •

•

•

•

•

•

Bedrijven komen uit een zware periode door de coronacrisis en het einde lijkt helaas nog niet in zicht. Daar waar financieel gezonde ondernemingen door corona niet vooruitkomen door schulden, spant het kabinet zich in om tot oplossingen te komen. Voor deze coalitie is het mkb belangrijk. Het groei- en innovatief vermogen van mkb-ondernemers en bedrijven wordt versterkt en ondernemerschap wordt gestimuleerd. Dat betekent een meetbare aanpak van regeldruk, waarbij we met de mkb-toets bij wetgeving toetsen of regels ook voor een mkb-ondernemer uitvoerbaar zijn. Het betekent ook het makkelijker maken om mensen in dienst te nemen en te houden, het wegnemen van onnodige belemmeringen bij financiering, het dichten van de financieringskloof, ondersteuning bij digitalisering en verduurzaming, een betere positie van ondernemers in het faillissementsrecht en een meer strategische benutting van overheidsaanbestedingen. We versterken het bedrijfsleven en het vestigingsklimaat en stimuleren met een duidelijke strategie een maakindustrie die vooroploopt. Dat doen we door te voorzien in goed opgeleid personeel en het tekort aan technisch en praktisch opgeleide werknemers aan te pakken. Door het bieden van een stabiel en voorspelbaar ondernemingsklimaat. En door in te zetten op een gelijk speelveld en bescherming te bieden tegen oneerlijke concurrentie van buiten Europa.

Andersom vragen we van bedrijven om hun eerlijke bijdrage te nemen en rekening te houden met mensen en leefomgeving. We zetten in op strategische onafhankelijkheid door productie van cruciale (half)producten in Europa en door het beschermen van vitale processen en het voorkomen van ongewenste zeggenschap in vitale bedrijven. We zetten het Nationaal Groeifonds door via investeringen in projecten gericht op kennisontwikkeling, onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Zo versterken we ons verdienvermogen en verhogen we onze economische groei op de langere termijn. Publiek-private samenwerking op het terrein van kennis en innovatie blijft een belangrijk onderdeel van het bedrijfslevenbeleid. Het Topsectorenbeleid wordt gecontinueerd. We verhogen onze publieke investeringen in kennis en innovatie door het instellen van een fonds voor onderzoek en wetenschap en een intensivering van de kennis- en innovatiepijlers in het Groeifonds. Een bruisende winkelstraat is cruciaal voor de leefbaarheid in dorpen en steden . Het kabinet gaat samen met lokale overheden aan de slag om leegstand tegen te gaan en de samenwerking tussen retail, horeca en cultuur te stimuleren. Toerisme krijgt een volwaardige plek in het economisch beleid, waarbij ingezet wordt op spreiding.

31

• • •

•

•

We staan mengformules toe door het reguleren van ‘blurring’ in winkelgebieden op een verantwoorde manier waarbij we streng toezien op alcoholmisbruik. De continuïteit van familiebedrijven wordt ondersteund door (reële) bedrijfsopvolging eenvoudiger en eerlijker te maken. Tegelijkertijd wordt oneigenlijk gebruik van de regeling tegengegaan. We zetten koers naar een kenniseconomie waarbij we, in lijn met de Lissabondoelstelling, investeren in onderzoek en ontwikkeling. We versterken de basis van onze kennisinstellingen en innovatieve ecosystemen, zoals het ruimtevaartcluster bij ESTEC, en stimuleren ze om in de regio en internationaal samen te werken. We ondersteunen innovatieve ‘startups’ en ‘scale-ups’ en richten het missie gedreven innovatiebeleid op de drie grote transities: klimaat en energie, digitalisering en sleuteltechnologieën, en de circulaire economie. Elke regio telt. De Regio Deals zetten we voort. We versterken de publiek-private samenwerkingsverbanden om de regionale economische kansen te benutten. Samen met de Brainportregio ontwikkelen we de mainport-status door. Er wordt in wet- en regelgeving rekening gehouden met de eigen positie van de grensregio’s. We werken daartoe samen met Vlaanderen, Wallonië, Noord-Rijn Westfalen en Nedersaksen, waarbij knelpunten worden aangepakt.

Met het oog op het behoud van een gelijk speelveld, wordt maatschappelijk ondernemerschap gefaciliteerd door de introductie van de Maatschappelijke B.V. Ook komt er voor maatschappelijk ondernemen één duidelijk kader met rapportage-eisen, en maakt het kabinet met een aangepast voorstel voor duurzaamheidsinitiatieven een uitzondering op de Mededingingswet mogelijk.

Cultuur en creatieve industrie Cultuur is van wezenlijk belang voor onze samenleving en een investering in onze maatschappij: de verbindende, inspirerende en prikkelende kracht van kunst en cultuur brengt mensen bij elkaar brengt, daagt uit en biedt nieuwe perspectieven. Corona toonde het innovatie vermogen van de cultuursector, maar ook haar kwetsbaarheid.. • •

• • •

• • •

Om herstel, vernieuwing en groei weer mogelijk te maken, investeren we structureel €170 miljoen per jaar in de creatieve en culturele sector. We hebben daarbij aandacht voor het verbeteren van de arbeidsmarktpositie inclusief een eerlijk salaris voor makers in de gehele creatieve sector, van media en mode tot muziek. We stimuleren cultureel ondernemerschap. Er komt een herstelplan om zowel professionals, instellingen als amateurverenigingen er weer bovenop te helpen en te versterken. We willen cultuur toegankelijk maken voor iedereen, onder andere door een goede regionale spreiding door heel Nederland en extra investeringen in cultuurparticipatie. We willen meer aandacht geven aan onze gezamenlijke geschiedenis. Daarom draagt het Rijk bij aan een Nationaal Historisch Museum en een Slavernijmuseum. In aanloop naar het herdenkingsjaar 2023 besteden we extra aandacht aan dialoog over het slavernijverleden en hedendaags racisme. We stimuleren muziek- en cultuureducatie op school, waaronder bezoeken aan musea. We streven naar een toekomstgerichte bibliotheek(voorziening) in elke gemeente. We betrekken de creatieve industrie bij grote maatschappelijke opgaven.

32

Digitalisering De huidige digitale revolutie biedt geweldige kansen voor onze samenleving en economie. Die kansen gaan we benutten met uitstekende digitale vaardigheden, een sterke Europese digitale markt, hoogstaande digitale infrastructuur en ambitieuze samenwerking in technologische innovatie. Tegelijkertijd zorgt digitalisering voor een digitale kloof en groeiende ongelijkheid in onze samenleving. Ook onze veiligheid, rechtsstaat, democratie, mensen- en grondrechten en concurrentievermogen staan onder druk. Dat vraagt om solide spelregels, toezicht en strategische autonomie. •

• •

•

•

•

•

•

•

Wetenschap, bedrijfsleven, ‘startups’, ‘scale-ups’, kenniscoalities en overheid slaan de handen ineen om de kansen die digitale technologie biedt te verzilveren. We stimuleren innovatie en investeren in chips- en sleuteltechnologieën zoals kunstmatige intelligentie en quantum- computing. We pakken (in Europees verband) de marktmacht en datamacht van grote tech- en platformbedrijven aan om de concurrentiepositie van bedrijven en de privacy van burgers te verbeteren. Nederland wordt het digitale knooppunt van Europa en krijgt robuust, supersnel en veilig internet in alle delen van het land. We nemen het voortouw en zetten in Europees verband in op versterking van de samenwerking tussen lidstaten op het gebied van digitalisering, onder meer op mensgerichte inzet van kunstmatige intelligentie, digitale ethiek, ontwikkeling van digitale identiteit en cybersecurity en ‘open source’. Iedereen krijgt de kans om mee te komen door digitale kennis- en vaardigheden aan te bieden in het onderwijs en via om- en bijscholing. We pakken digibetisme gericht aan via een publiek-private strategie voor digitale geletterdheid en we verbeteren de toegankelijkheid van digitale overheidsdiensten, met behoud van alternatieven voor digitale overheidscommunicatie.

We willen dat inlichtingendiensten beter in staat zijn om hun slagkracht te benutten en hun capaciteit uitbreiden om nieuwe en toenemende digitale dreigingen en aanvallen assertief op te sporen en te bestrijden, met waarborgen voor goed en effectief toezicht en digitale burgerrechten. We beschermen onze bedrijven, vitale infrastructuur en economisch kapitaal beter door centraal gecoördineerde structurele samenwerking tussen onder andere het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC), het Digital Trust Center (DTC), overheden, bedrijven en wetenschappers. Zij kunnen sneller en makkelijker informatie delen over digitale kwetsbaarheden en ‘hacks’. Cybercriminaliteit zoals ‘ransomware’ is zeer ondermijnend. We investeren daarom in een brede meerjarige cybersecurity aanpak en in cyberexpertise bij de politie, rechtspraak, het Openbaar Ministerie (OM) en defensie. We erkennen fundamentele burgerrechten online. We versterken daarom veilige digitale communicatie en passen geen gezichtsherkenning toe zonder strenge wettelijke afbakening en controle. We investeren in een sterke positie van de Autoriteit Persoonsgegevens en versterken samenwerking en samenhang tussen de diverse digitale toezichthouders. We regelen wettelijk dat algoritmes worden gecontroleerd op transparantie, discriminatie en willekeur. Een algoritmetoezichthouder bewaakt dit.

De overheid geeft het goede voorbeeld door niet meer data te verzamelen en onderling te delen dan nodig en ontwikkelt regels voor data ethiek in de publieke sector. We geven mensen een eigen ‘online’ identiteit en regie over hun eigen data. Grote online platformen worden verantwoordelijk om desinformatie en haatzaaien op hun platforms tegen te gaan. We beschermen kinderen extra tegen niet-passende ‘online’ reclame en kindermarketing, geven ze het recht om niet gevolgd te worden en geen dataprofielen te krijgen. 33

6. Gezondheid Gezondheidszorg Gezondheid is voor iedereen van groot belang. Dat realiseren we ons des te meer door de coronacrisis. Iedereen moet zeker zijn van passende en betaalbare zorg: jong of oud, nu en in de toekomst. Dat vraagt om samenwerking, aandacht voor de patiënt en ruimte voor iedereen die in de zorg werkt. Een gezonde samenleving vraagt ook om het nemen van verantwoordelijkheid voor onszelf en voor elkaar. Ons zorgstelsel is gebaseerd op solidariteit, omdat we willen dat iedereen die zorg nodig heeft, daar toegang tot heeft. Onze zorg is van hoog niveau en het stelsel staat niet ter discussie, maar verbeteringen in het stelsel zijn nodig. Mensen maken zich zorgen, of de zorg van morgen nog wel geleverd kan worden en of deze betaalbaar blijft. Daar moeten we werk van maken. Daarbij moeten we ook breder kijken naar gezondheid: onderwijs, sport, huisvesting, bestaanszekerheid en leefomgeving dragen allemaal bij. Kwetsbare mensen leven zeven jaar korter en vijftien jaar langer in minder goede gezondheid en kinderen die ongezond opgroeien staan veelal op een achterstand. Dat vinden we onacceptabel. We willen de zorg voor iedereen betaalbaar, beschikbaar en bereikbaar houden. Dat vraagt van de politiek goede en stevige keuzes en hervormingen, die tijd kosten en waarbij passende zorg de norm is.

Coronacrisis •

•

•

Wij gebruiken de lessen uit de coronacrisis, zoals het belang van samenwerking, ontschotting en nieuwe (digitale) werkvormen, en maken ons klaar voor toekomstige gezondheidscrises door versterking van de pandemische paraatheid. Dit betekent een (Europese) inzet op o.a. onafhankelijkheid voor genees- en hulpmiddelen, het borgen van publieke belangen en het in overleg met experts instellen van zorgreserves. Daarnaast willen we een flexibele opschaling en inzet van de ic-capaciteit met name op personeel gebied. Ook versterken we de publieke gezondheidszorg. De coronacrisis heeft het uiterste van de zorg gevraagd en doet dat nog steeds. De werkdruk, het ziekteverzuim en de personeelstekorten zijn door de crisis nog verder verhoogd. Werken in de zorg moet aantrekkelijker worden. Daarom zijn de salarissen verhoogd. Van werkgevers vraagt dit daarnaast goed werkgeverschap, waaronder gerichte verbeteringen in waardering en de onregelmatigheidstoeslag. Een opleidingsakkoord in de Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg (VVT) sector ondersteunt dit. Wij zorgen voor meer zeggenschap, een aanpak van de regeldruk, goede (bij)scholing en een betere samenwerking tussen (in)formele zorgverleners. Ook moet meer uren werken in de zorg lonend zijn. We overwegen of een Chief Medical Officer, die vanuit technisch-inhoudelijke kennis opereert, kan bijdragen aan betere publieke zorg.

Preventie, sport en bewegen •

We willen meer aandacht voor preventie en een gezonde levensstijl van jongs af aan. Kinderen die ongezond opgroeien staan veelal op een achterstand. Vermijdbare gezondheidsverschillen pakken we daarom aan. We zetten de doelen van het Preventieakkoord door, met als doel een gezonde generatie in 2040 met een focus op de jeugd door sport, voeding en bewegen. Dit vraagt een brede

34

•

• •

• •

aanpak, met stimulering van gezonde keuzes en ontmoedigen van ongezonde keuzes, zonder mensen in hun vrijheid te beperken. We stimuleren sport en bewegen in het kader van het bevorderen van de gezondheid. Bij de sportvereniging begint een gezond leven. Daarom helpen we sportverenigingen om straks klaar te staan Nederlanders weer aan het sporten te krijgen. Wij verbreden het Preventieakkoord met mentale weerbaarheid. We verhogen de belasting op suikerhoudende dranken en we verhogen de accijnzen op tabak. We maken bindende afspraken met de industrie over gezondere voedingsmiddelen. We bezien hoe we op termijn een suikerbelasting kunnen invoeren en de BTW op groente en fruit naar 0% kunnen verlagen. We investeren extra in onderzoek naar en de aanpak van Alzheimer, obesitas en kanker, zowel ten behoeve van volwassenen als van kinderen. Om beter zicht te krijgen op de (maatschappelijke) impact van verslavingen stellen we een Nationaal Rapporteur Verslavingen in die periodiek rapporteert over de omvang en ontwikkeling van verslavingsproblematiek.

Gezondheidsstelsel (‘cure’ en ‘care’) •

•

•

•

•

Passende zorg is de norm. Dat betekent dat zorg bewezen effectief is en we overbehandeling voorkomen. Het betekent ook dat zorg gericht is op gezondheid, functioneren en kwaliteit van leven; dat zorg samen met patiënt en professional tot stand komt en dat zorg op de juiste plek geleverd wordt. Zorg die vaak voorkomt en niet complex is, is voor iedereen dichtbij beschikbaar, terwijl complexe zorg die weinig voorkomt gespecialiseerd is. We stellen toezichthouders en uitvoerders in staat hier adequaat op te sturen. We verbeteren en verbreden de toets op het basispakket op basis van een kader voor passende zorg. Er wordt ook gekeken naar bewezen (kosten)effectiviteit in de Wet langdurige zorg (Wlz), Jeugdwet en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. Passende zorg betekent dat de tweede lijn dezelfde zorg niet voor een hoger tarief kan declareren maar ook dat de rol van huisartsen versterkt wordt en zij voldoende tijd en capaciteit hebben. De planbare en acute zorg moet toekomstbestendig gemaakt worden. Aan de hand van de juiste zorg op de juiste plek vragen wij de Nationale Zorgautoriteit (NZa) regiobeelden op te stellen, die kunnen leiden tot een herschikking van het zorglandschap waarbij een integraal aanbod en passende zorg over domeinen heen voor iedereen in Nederland ongeacht woonplaats de normen zijn.

We vergroten de grip op stijgende zorgkosten van dure genees- en hulpmiddelen en willen dat deze tegen een eerlijke prijs op de markt komen. We zetten in op transparantie in prijsopbouw en onderhandeling mede door Europese samenwerking. In combinatie met de inzet op passende zorg en een praktijk ondersteuner huisarts (POH) kan de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) zich meer richten op complexe problematiek en wordt de instroom beperkt. Om de druk op crisiszorg te voorkomen verwachten wij dat alle professionals in de GGZ bereikbaarheidsdiensten tijdens de avonden, nachten en weekenden draaien. Ouderen moeten gezond ouder kunnen worden in hun eigen of passende omgeving. Dat betekent onder andere inzetten op meer seniorenwoningen en andere woonvormen, levensloopbestendige woningen, mantelzorg, digitale zorg, domotica en valpreventie. Daarbij mag van mensen zelf ook iets verwacht worden. Wij stimuleren gemeenten om mogelijk kwetsbare ouderen vroeg in beeld te hebben en langer thuis wonen mede te faciliteren. 35

•

•

•

•

•

•

•

•

•

Voor een toekomstbestendige ouderenzorg wordt wonen en zorg stapsgewijs gescheiden zodat langer thuis wonen nog meer gestimuleerd wordt. Hierbij is expliciete aandacht voor innovatieve woonvormen en voor de mogelijkheid voor iedereen, ongeacht inkomen, om betaalbaar langer thuis te blijven wonen met zorg. Mensen met een beperking hebben een ongekend potentieel voor de samenleving en hebben daarbij soms praktische ondersteuning nodig. We blijven investeren in de gehandicaptenzorg en gaan door met de goede initiatieven uit het programma Onbeperkt Meedoen. Het persoonsgebonden budget (PGB) blijft een geschikt middel voor eigen regie, waarbij passende zorg centraal moet staan. Goede, tijdige en passende jeugdzorg, met een belangrijke rol voor de eigen omgeving, voorkomt zwaardere zorg. We bakenen duidelijk af wat we onder jeugdzorg verstaan en gemeenten worden in staat gesteld om dit te leveren. Gespecialiseerde jeugdzorg (waaronder jeugd-GGZ) wordt centraler ingekocht. De jeugdbeschermingsketen wordt verbeterd waarbij de rechtsbescherming van het kind en het gezin centraal staan. Iedereen blijft eigenaar van de eigen gezondheidsgegevens. Gegevens- en datauitwisseling tussen patiënt/cliënt en aanbieder en aanbieders onderling wordt, conform privacywetgeving, verbeterd waarbij uniformiteit noodzakelijk is.

Een goed functionerende persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) voor patiënten is het einddoel. Het eigen risico maken we slimmer en betaalbaarder. Mensen hoeven niet in een keer hun gehele eigen risico te betalen maar een betaling per behandeling tot een maximum van 385 euro. Daarnaast willen we de stapeling van eigen bijdragen monitoren en tegengaan. bijvoorbeeld door maximering van de eigen betalingen bij het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS). Het abonnementstarief heeft geleid tot een beperking van stapeling van zorgkosten en is transparant en eenvoudig in de uitvoering. Door stijgend gebruik van de huishoudelijke hulp staat de beschikbaarheid van voorzieningen onder de Wmo onder druk. Daarom werken we naar een eerlijkere eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp met landelijke normen en met oog voor betaalbaarheid van lage- en middeninkomens. Hierdoor blijven hulp en ondersteuning beschikbaar. Een contract vormt de basis voor aanbieders en verzekeraars om afspraken te maken over passende zorg, betaalbaarheid en doelmatigheid. Daarom verbeteren we het contracteerproces. Als in de GGZ en wijkverpleging ongecontracteerde zorg onvoldoende afneemt, wordt de aanpak verstevigd. Gedacht wordt aan verplichte kwaliteitsregistratie en onafhankelijke indicatiestelling.

Als dit onvoldoende effectief is, wordt gekeken naar een geringe eigen bijdrage of een verlaging van de vergoeding van ongecontracteerde zorg. Dit alles met behoud van keuzevrijheid voor de patiënt. We werken aan een goed inzicht in de kwaliteit van de geleverde zorg en het aanpakken van nietintegere zorgbestuurders en zorgondernemers. Tegen fraude en oneigenlijk gebruik, onder andere van vastgoed, treden wij op, zeker als de basis van de zorg niet op orde is. Daarnaast stellen we (nadere) voorwaarden aan winstuitkering om excessieve winstuitkering door zorgaanbieders tegen te gaan, dan wel te voorkomen. Onder strenge randvoorwaarden kan het mogelijk zijn dat er risicodragend kapitaal aangetrokken wordt voor investeringen in de kwaliteit van zorg. Voor transformatie naar passende zorg, de bestuurbaarheid van ziekenhuizen en afremmen van perverse prikkels hebben ook medisch-specialistische bedrijven een verantwoordelijkheid. Indien bij deze medisch-specialistische bedrijven onvoldoende verbetering optreedt binnen twee jaar zal er regelgeving komen zodat alle medisch specialisten in loondienst gaan. Daartoe wordt regelgeving voorbereid.

36

•

Een eigen thuis is van wezenlijk belang voor iemands bestaanszekerheid. We zetten in op het voorkomen van dakloosheid, vernieuwing van de maatschappelijke opvang en het realiseren van woonplekken met passende ondersteuning voor (dreigend) dakloze mensen.

Medisch-ethische vraagstukken Bij medisch ethische vraagstukken spelen meerdere waarden een rol, zoals autonomie, de beschermwaardigheid van het leven en wetenschappelijke vooruitgang. Zij vergen een zorgvuldig en respectvol debat, waarbij gebruik gemaakt wordt van maatschappelijke dialoog, adviezen van de Gezondheidsraad, ethische reflecties en (wets)evaluaties.

Integrale benadering voor zwangerschap, abortuszorg en geboorte Bij de zorg rondom zwangerschap en geboorte zijn gezondheid van vrouw en kind, autonomie van de vrouw en passende zorg en voorlichting leidend. De komende jaren verbeteren we de integrale ondersteuning bij zwangerschappen, een goede start voor kinderen en het voorkomen van onbedoelde en ongewenste zwangerschappen. We garanderen toegankelijke abortuszorg en spannen ons vanwege de impact die een abortus kan hebben in om de (na)zorg te verbeteren en het aantal (herhaal)abortussen te verminderen. •

•

• •

• •

• •

We bieden jongeren, jongvolwassenen evenals vrouwen in een kwetsbare situatie seksuele voorlichting aan met aandacht voor veilige seks, wederzijdse instemming en de gevolgen en mogelijkheden bij (ongewenste en onbedoelde) zwangerschappen. We verbeteren het inzicht in de reden voor abortussen zodat wij ons kunnen inspannen om, samen met maatschappelijke organisaties, passende voorlichting en ondersteuning te bieden waardoor we het aantal ongewenste en onbedoelde zwangerschappen en (herhaalde) abortussen kunnen verminderen. Daartoe stellen wij ook anticonceptie gratis en toegankelijk beschikbaar voor kwetsbare groepen. We versterken de rol van de huisarts rondom zwangerschap zodat deze extra ondersteuning kan bieden aan zwangere vrouwen juist ook in een kwetsbare situatie. Aanhangige initiatiefvoorstellen van wet tot wijziging van de Wet afbreking zwangerschap (Wafz), nl.

het voorstel tot wijziging van de Wafz in verband met het verbeteren van de informatieverstrekking en de ondersteuning aan ongewenst zwangere vrouwen (35338), het voorstel tot wijziging van de Wafz alsmede enkele andere wetten in verband met de legale medicamenteuze afbreking van de zwangerschap via de huisarts (34891) en het voorstel tot wijziging van de Wafz in verband met het afschaffen van de verplichte minimale beraadtermijn voor de afbreking van zwangerschappen (35737), zijn een persoonlijke afweging voor Kamerleden. We verbeteren de nazorg aan vrouwen die kiezen voor zwangerschapsafbreking, het afstaan van een kind ter adoptie, pleegzorg of bevallen onder geheimhouding. We stellen de niet-invasieve prenatale test (NIPT) en 20-wekenecho voor alle vrouwen zonder kosten beschikbaar. Onderdeel van de prenatale screenings is voldoende tijd voor ‘counseling’, reflectie en voorlichting over de mogelijkheden van leven met een beperking. We zorgen voor betere bekendheid met en toegang tot zorg voor zieke of vroeggeboren baby’s en ondersteunen onderzoek ter verbetering van neonatologische zorg. We voeren in elke gemeente het programma Kansrijke Start in. Zo ondersteunen we vrouwen en pasgeborenen bij de eerste 1000 dagen die cruciaal zijn voor gezondheid, welzijn en latere ontwikkeling. 37

Waardig ouder worden en waardig sterven Rond het levenseinde, zelfgekozen of niet, verdienen mensen liefdevolle zorg. Waardig ouder worden willen wij allemaal, maar niet iedereen beleeft dat als zodanig. Met respect voor verschillen verbeteren we de zorg rondom het (zelfgekozen) levenseinde. •

•

•

•

We blijven ons inzetten voor waardig ouder worden, allereerst door passende ouderenzorg. We zetten de maatschappelijke coalitie ‘Een tegen eenzaamheid’ voort. Daarnaast moedigen we de ontmoeting van jongeren en ouderen aan bijvoorbeeld door een vrijwillige maatschappelijke diensttijd en woonplekken waar jongeren betaalbaar kunnen samenleven met ouderen. We versterken de deskundigheid van artsen in het handelen rondom het (zelfgekozen) levenseinde en bevorderen dat arts en patiënt tijdig met elkaar praten over de wensen rondom het levenseinde, zodat een patiënt de verschillende opties kan wegen (‘advanced care planning’). We gaan aan de slag met de aankomende vierde evaluatie van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding om het verschil tussen euthanasie en palliatieve zorg te verduidelijken. We versterken de palliatieve zorg inclusief hospices. Over levenseindebegeleiding van ouderen op verzoek verschillen de meningen in de samenleving en in de politiek, ook in deze coalitie. Een ieder zal een persoonlijke afweging maken bij het initiatiefwetsvoorstel ‘toetsing levenseindebegeleiding van ouderen op verzoek’ (Kamerstuk 35534).

Embryowet Over onderwerpen die de embryowet raken wordt door de coalitiepartijen verschillend gedacht. Ze raken aan de wens om ernstige ziektes te voorkomen en aan de beschermwaardigheid van het leven. •

•

Op basis van de derde evaluatie van de Embryowet (2021) zal het kabinet de Embryowet op onderdelen aanpassen, waaronder de aanpassing van de definitie van embryo met inachtneming van de ontwikkeling op het gebied van ‘embryo-like structures’ (ELS) en het reguleren van twee typen mens/dier combinaties die thans buiten het bereik van de Embryowet vallen. De Gezondheidsraad wordt om advies gevraagd ten aanzien van de wenselijkheid en aanvaardbaarheid van het opschuiven van de veertiendagengrens in de embryowet. Ook nemen we deel aan de dialoog over kiembaanmodificatie in Europees verband. De fracties van D66 en VVD zullen twee initiatiefvoorstellen voorbereiden. Dit betreft ten eerste een initiatief over pre-implantatie genetische diagnostiek bij dragers van ernstige erfelijke afwijkingen die zich in volgende generaties kunnen voordoen. Daarnaast worden de eerste stappen gezet tot aan wetsbehandeling met een initiatiefwet die het verbod op het doen ontstaan van embryo’s voor andere doeleinden dan het laten ontstaan van een zwangerschap, onder voorwaarden en na goedkeuring van het onderzoek door de CCMO (Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek), opheft. Met het oog op beide wetsvoorstellen starten initiatiefnemers een uitgebreide adviesronde en zullen zij de uitkomsten hiervan betrekken bij het maken van de wetgeving.

38

7. Internationaal Buitenlands beleid We leven in een wereld met veranderende machtsverhoudingen en instabiliteit rond Europa. Door de opstelling van landen als China en Rusland en de sterkere focus van de VS op Azië moeten we onze vrijheid, veiligheid en welvaart actiever beschermen. We staan voor grote mondiale uitdagingen, zoals klimaatverandering, pandemiebestrijding, migratie, economisch herstel en ongelijkheid. Ook de internationale rechtsorde, mensenrechten en kwetsbare groepen staan meer onder druk. Dit alles vraagt een voortrekkersrol van het Koninkrijk der Nederlanden en een sterke en slagvaardige EU. Europa brengt Nederland vrede, veiligheid en welvaart. Naast een economische gemeenschap is de EU een waardengemeenschap. De EU moet een speler zijn in plaats van een speelveld voor andere grootmachten.

Europese Unie •

• • •

• •

•

•

•

•

Nederland neemt een leidende rol om de EU slagvaardiger, economisch sterker, groener en veiliger te maken. Daarbij werkt Nederland intensief samen met gelijkgezinde landen en waar nodig vormen we kopgroepen om tot oplossingen te komen, bijvoorbeeld op de gebieden klimaat, migratie, veiligheid, handel en het tegengaan van belastingontwijking. We voeren EU-richtlijnen uit. Lidstaten die gedeelde waarden, afspraken of de democratische rechtsstaat schenden worden teruggefloten, o.a. via het rechtsstaatmechanisme. We zetten in op open strategische autonomie van de EU en stimuleren innovatiekracht en slimme industriepolitiek. Zo worden we leidend in digitalisering en nieuwe technologieën. Voor het EU buitenlandbeleid zetten we ons in om het vetorecht af te schaffen bij sancties, mensenrechtenschendingen en civiele missies. We onderzoeken vervolgens op welke onderdelen van het EU buitenlandbeleid dit nog meer wenselijk en haalbaar is voor meer slagvaardigheid. We onderzoeken de opties voor een Europese veiligheidsraad en doen concrete voorstellen. We zetten in op digitale dienstenbelasting, vliegtaks, CO2-grensheffing en minimum tarief voor winstbelasting om oneerlijke concurrentie tussen lidstaten te voorkomen. Deze worden in principe nationaal geïncasseerd. Ook werken we samen tegen belastingontduiking.

We zetten ons in voor een gezond en prudent macro-economisch beleid en benodigde hervormingen door lidstaten, gericht op houdbare schulden, meer economische groei en opwaartse convergentie. We benaderen een modernisering van het Stabiliteit- en Groeipact (SGP) constructief, wanneer deze is gericht op de houdbaarheid van de schulden en opwaartse economische convergentie. Bij het bovenstaande stellen we effectieve handhaving als eis. Om de democratische legitimiteit te vergroten, willen we dat het Europees Parlement een individuele Eurocommissaris kan doen aftreden. We onderzoeken hoe het systeem van de ‘spitzenkandidaat’ lijsten bij Europese verkiezingen kan worden verbeterd. We staan open voor verdragswijzigingen n.a.v. de conferentie over de toekomst van Europa als dit in het Nederlands en Europees belang is. We spannen ons in om besluitvorming in de EU transparanter te maken voor burgers en nationale parlementen. Daarbij willen wij resultaten en toegevoegde waarde van EU-beleid zichtbaarder maken. We verankeren dit in een Europawet. We zetten ons binnen de EU in voor intensievere samenwerking met en ondersteuning van landen op de Westelijke Balkan. We zijn strikt en fair bij toetreding. 39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14098012/1