CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

Adromi 2501g SPZ Kasteel Ooijen def (Geanonimiseerd)

Gemeenteraad 11 maart 2025, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het gewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan Kasteel Ooijen.10.848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 28 van 35

en hier wordt in het PRI 2015 56 ook naar verwezen. Dit betekent

dat de 75% driftreductie welke de

TCT hanteert kan worden beschouwd als een conservatief uitgangspunt. ,

5. 4. 2. Configuratie op grens teeltgewas In principe is hierbij van belang te kiezen voor een gewas dat een egale dichtheid biedt. Bij een

dergelijke bladerdichtheid zal een luchtstroom maximaal worden afgeremd waarbij eventueel aanwezige drift in druppelvorm zo veel mogelijk in de haag zelf zal achterblijven. Elzenhagen welke traditioneel rond fruitboomgaarden worden aangeplant bieden bijvoorbeeld al een dergelijke bladerdichtheid. Een te hoge dichtheid zorgt voor een afname in de filterende werking doordat er niet voldoende lucht door de haag kan stromen 57 58 59 60 61 ,

,

,

,

,

,

,

.

De dichtheid van een windhaag kan worden gemeten als de optische dichtheid door het bepalen van de optische porositeit: de zichtbaarheid achter/door de haag oftewel de som van de “gaten” in het bladerdek. Dit kan worden gemeten met behulp van een digitale camera een witte doek achter de ,

haag en specifieke (analyse)software.62 Het aansluitend effect van uitdamping uit de haag en aansluitende respiratoire blootstelling wordt

verwaarloosbaar geacht mede nu gewasbeschermingsmiddelen worden toegelaten op hun lage uitdampbaarheid. Daarnaast is relevant dat uitdamping voornamelijk kan plaatsvinden op een droge zonnige dag dus op het moment dat afbraak van de betrokken stoffen onder invloed van de zon ook 63 De meeste middelen worden daarbij verspoten aan het begin van het groeiseizoen maximaal is. wanneer temperaturen nog lager liggen niet in het warmere oogstseizoen. ,

,

,

Er kan voor de verdere configuratie van een haag worden uitgegaan van een overhoogte van 1 meter in situaties waarin sprake is van opwaarts of zijwaarts spuiten. In geval sprake is van uitsluitend neerwaarts spuiten kan worden uitgegaan van een overhoogte van 50 centimeter. In situaties dat

56

Plant Research International Driftblootstelling van omstanders en omwonenden door boomgaard bespuitingen maart 2015 57 Felsot A. S. Unsworth J. B. Linders J. B. Roberts G. Rautman D. Harris C. & Carazo E. (2010). Agrochemical spray drift; assessment and mitigation—A review. Journal of Environmental Science and Health Part B 46(1) 1-23. 58 Mercer G. N. (2009). Modelling to determine the optimal porosity of shelterbelts for the capture of agricultural spray drift. Environmental modelling & software 24(11) 1349-1352. 59 Hancock J. Bischof M. Coffey T. & Drennan M. The effectiveness of riparian hedgerows at intercepting drift from aerial pesticide application Journal of Environmental Quality 2019 48(4) 1481–1488. https://doi. org/10. 2134/jeq2018. 12. 0447 60 Langenbach T. Mager A. H. Campos M. M. De Falco A. Aucélio R. Campos T. M. & Caldas L. Q. The of hedgerows to mitigate pesticide exposure of a population living in a A. use rural area Integrated Environmental Assessment and Management 2021 18(1) 19–24. 61 Zie echter ABRvS 6 juni 2018 ECLI:NL:RVS:2018:1741 ov. 16. De overweging dat aannemelijk is dat een volledig dichte muur 99% driftreductie kan bieden is minder correct uitgaande van beschikbare relevante en betrouwbare wetenschappelijke en technische kennis.

Het risico is reëel dat wind zal versnellen als deze over de muur heen blaast waardoor per saldo meer druppeldrift over de muur zal worden meegevoerd en veel verder verspreid zal worden dan zonder enige afscherming het geval was geweest. 62 Lazzaro L. Otto S. & Zanin G. (2008). Role of hedgerows in intercepting spray drift: Evaluation and modelling of the effects. Agriculture ecosystems & environment 123(4) 317-327. 63 Voor de Nederlandse situatie is relevant dat toegelaten middelen elders in Europa ook zonder gevaar voor de volksgezondheid moeten kunnen worden toegepast dus ook in landen waar de factor uitdamping structureel hoger zal zijn vanwege een lage luchtvochtigheid in combinatie met warmer weer (dan in Nederland). ,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

, ,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 29 van 35

tevens buiten het volbladseizoen sprake is van teelten dient te worden gekozen voor een niet

bladverliezende haag. 5. 4. 3. Configuratie met grotere onderlinge afstand Het effect van dergelijke windhagen wordt in de hiervoor aangehaalde onderzoeken beschouwd

deze direct naast de perceelgrens dan wel (enkele meters) uit het gewas(perceel) zijn geplaatst. In situaties waarbij sprake is van een grotere afstand (meer dan 5 meter bij neerwaarts spuiten en meer dan 10 meter in andere situaties) tot de relevante gewaspercelen zal de drift vooral bestaan uit aerosolen/dampen zoals ook blijkt uit onderzoek.64 Op grotere afstand zal een (relatief) open windhaag dus minder effect hebben dan in de beschreven onderzoeken doordat druppelvormige drift bij toenemende afstand voor een steeds groter deel gedeponeerd zal zijn en drift in de vorm van dampen en aerosolen niet of nauwelijks afneemt en enkel nog zal verdunnen bij verdere verspreiding in de buitenlucht. wanneer

,

,

,

Een windhaag zal op deze afstand echter nog wel een positief effect hebben op de blootstelling aan de gewasbeschermingsmiddelen in de vorm van aerosolen/dampen mits wordt gekozen voor een andere ,

configuratie: Een zo dicht mogelijke windhaag kan enerzijds zorgen voor de opstuwing van de lucht en anderzijds voor turbulentie die ontstaat wanneer de lucht afgeremd wordt door de vegetatie. Dit zal eraan bijdragen dat in de lucht aanwezige dampen en aerosolen voor een deel op veel grotere hoogte zal verwaaien en dat de concentratie potentieel schadelijke stoffen daalt door de turbulente menging van de met drift belaste lucht en schone achtergrondlucht 65 Op leefniveau betekent dit een lagere blootstelling aan de schadelijke stoffen. .

Kortom gewasbeschermingsmiddelen hebben op deze afstand met name hun mogelijk negatieve gezondheidseffecten via inademing van de aerosolen. Ondanks dat de windhagen slechts beperkte ,

remming bieden aan deze kleine aerosolen zal een dichte windhaag zorgen voor een verbeterd ,

leefklimaat.

64

Lazzaro L. Otto S. & Zanin G. (2008). Role of hedgerows in intercepting spray drift: Evaluation and modelling of the effects. Agriculture ecosystems & environment 123(4) 317-327. 65 Van Blokland G. Hooghwerff J. & Tollenaar C. (2009). Impact of screens on air quality. Final report of a study on the performance of (sound) screens on the air quality along highways; Invloed schermen op de luchtkwaliteit. Eindrapport onderzoek naar de werking van (geluids) schermen op de luchtkwaliteit langs snelwegen. Weliswaar heeft dit onderzoek betrekking op dampen en aerosolen afkomstig van het wegverkeer maar qua fysische eigenschappen van deze dampen en aerosolen vergelijkbaar. ,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 30 van 35

6.

Conclusie

6. 1. Résumé De Horreweg 4 grenst ten noorden en oosten aan agrarische bestemmingen. Hierbij kan akkerbouw of lage sierteelt als representatieve invulling van de maximale planologische situatie worden beschouwd. Verwezen wordt naar paragraaf 2. 4. 3 en 5. 1. De beoogde planologische wijziging vraagt met name de aandacht vanwege direct aangrenzende gewaspercelen ten oosten. Immers de gronden ten westen bevinden zich door tussengelegen weg en watergang op enige afstand en bovendien gelden voor deze buitendijkse gronden teelt- en

spuitbeperkingen. 6. 1. 1.

Geen nieuwe beperkingen

De planologische wijziging zal niet leiden tot grotere mogelijke beperkingen voor omliggende agrarische percelen. Verwezen wordt naar paragraaf 3. 4. 1 en 4. 2. 6. 1. 2. Aanvaardbaar woon- en leefklimaat Bij de beoordeling van het gezondheidsrisico dient het voorzorgsbeginsel te worden gehanteerd. Zoals ook volgt uit de aangehaalde onderzoeksgegevens is er in Nederland niet gebleken van negatieve effecten op de gezondheid vanwege blootstelling aan drift onder het regime van het Unierecht. ,

Desalniettemin zijn er voldoende redenen om rekening te houden met de mogelijkheid dat niet consumptieve blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen een nadelig effect op de gezondheid kan hebben. Om die reden geldt vanuit het voorzorgbeginsel de plicht om in planologische besluitvorming het driftblootstellingsrisico zo klein mogelijk te maken/houden. 6. 2. Voorzorgmaatregelen Vanuit een oogpunt van het bieden van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (een evenwichtige

toekenning van functies aan locaties) is relevant dat uit voorzorg wordt gekozen voor extra maatregelen waarmee driftblootstelling zo veel mogelijk wordt beperkt. 6. 2. 1.

Westzijde De agrarische gronden ten westen bevinden zich aan de overzijde van de Horreweg. De Horreweg heeft hier een breedte van circa 8 meter. Voor deze gronden ten westen zijn in de gegeven omstandigheden meerdere gelijkwaardige driftbeperkende oplossingen te adviseren waarbij ook kan worden gedacht aan maatregelen op deze gronden zelf omdat deze in eigendom zijn bij de initiatiefnemer. ,

,

Er is sprake van de keuze om het gebruik van professionele gewasbeschermingsmiddelen te verbieden op dat deel van de gronden wat zich op minder dan 50 meter tot de Horreweg 4 bevindt. Verwezen wordt naar afbeelding 12. Aangezien sprake is van gronden die in eigendom zijn van de initiatiefnemer is dit in geen enkel opzicht te beschouwen als een beperking van rechten van derden ,

,

zoals bedoeld in paragraaf 1. 1.

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 31 van 35

Afbeelding 11: zicht op gronden ten oosten van de Horreweg 4

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 32 van 35

Geen

gebruik professionele

(geanonimise rd) Afbeelding 12: spuitbeperking

6.2.2.

Op de

Oostzijde gronden ten

op percelen

ten westen

is niet

aannemelijk

oosten

grondgebruik. Vooropgesteld zijn

in de vorm

betreffen

van

een

zij dat op deze

verbod op boom-

het

en

laaggelegen percelen realisering van het naastgelegen dijklichaam met

een

dat in de toekomst

gronden

reeds

sprake

zal zijn

van

planologische beperking

fruitteelt binnen

regulier agrarisch

30 meter

tot de

Horreweg

beperkte

omvang

die met

name

in 2019 te maken

hebben

gekregen

relatief

met

toepassing

van

2 en 4. Voorts

sinds de een

problematische afvoeren van (regen)water. Vanwege deze regelmatige vernatting van een belangrijk deel van de gronden zijn gewassen hiertegen niet bestand en zijn de betreffende gronden moeilijk machinaal bewerkbaar. Zie hiervoor ook paragraaf 2.3.1. Voor deze gronden wordt veiligheidshalve gekozen voor het aanbrengen van een afschermende haag op het perceel Horreweg 4, waarmee blootstelling aan druppeldrift op de nieuwe woon- en kantoorfuncties met bijbehorend erf en tuin wordt

beperkt. wordt geborgd verplichting.

Adromi

B.V.

Verwezen

wordt

paragraaf 5.4. De realisatie en instandhouding van deze haag in het bestemmingsplan door middel van het opnemen van een voorwaardelijke naar

Gezondheidsrisico

blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina

33

van

35

Afbeelding 13: Horreweg 4 met rechts daarvan zichtbaar de ten oosten gelegen gronden

Gelet op de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak kan door toepassing van afscherming een kortere afstand worden toegelaten om een planologisch aanvaardbare situatie te bereiken waarbij vanuit het voorzorgbeginsel het blootstellingsrisico aan drift zo veel mogelijk wordt beperkt. ,

Dat is ook in onderhavige situatie de aangewezen maatregel. Optimalisatie onderhoud en ,

instandhouding van het vanggewas op de relevante erfgrenzen kan als (voorwaardelijke) verplichting worden opgenomen. Verwezen wordt naar afbeelding 14. Positie en overlengte afscherming

Gelet op het feit dat op deze agrarische gronden pas op meer dan 30 meter rekening moet worden gehouden met eventuele opwaarts en zijwaarts gerichte gewasbehandelingen heeft het geen meerwaarde om een afscherming te plaatsen waarmee eventuele druppeldrift van boomgaarden of boomteelt kan worden afgevangen. Immers op een afstand van 30 meter spelen driftdruppels geen rol van betekenis meer en zal enkel dampdrift relevant zijn. Verwezen wordt naar paragraaf 4. 3. ,

Er dient dus te worden afgeschermd voor laagblijvende teelten waar uitsluitend neerwaarts op gespoten wordt. Daar waar de afstand tussen gewaspercelen en de Horreweg 4 kleiner is dan 125 ,

meter dient afscherming in de vorm van een haag te worden geplaatst. Deze overlengte kan worden bereikt door de afscherming door te trekken vanaf de gedeelde perceelgrenzen. Op deze manier ,

wordt voorkomen dat eventuele drift zich om een afscherming heen kan verplaatsen. Echter aan de

Adromi B. V.

Gezondheidsrisico blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina 34 van 35

1 zuidzijde wordt om landschappelijke aan het bijgebouw van de Horreweg Overhoogte

en

verdere

redenen

gekozen

om

de

afscherming

verder door te trekken tot

2.

configuratie

Qua

hoogte van de afscherming dient te worden gekozen voor een overhoogte van 0,5 meter boven het aanliggende gewasperceel (zie paragraaf 5.4). Gelet op een maximale hoogte van 2 meter voor sierteelt

en

akkerbouw

betekent dit

hoogte

een

van

0,5

meter.

Aangezien ook sierteelt als representatieve teelt geldt, dient rekening te worden gehouden

met

gewasbehandeling buiten het volbladseizoen (zie paragraaf 2.4.3 en 5.1). Er dient om die reden te worden gekozen voor een niet bladverliezende soort (liguster, hulst, laurier, haagbeuk etc.), waarbij een

bladdichtheid

1 tot

1,50

meter.

Verwezen

wordt

van

naar

90%

kan worden

afbeelding

bereikt. Een

dergelijke haag zal een

breedte

nodig

hebben

van

14.

(geanonimiseerd)

/

Niet

bladverliezende haag, hoogte 2 meter

Overlengte 12,5

7

Í Afbeelding 14: overzicht geadviseerde maatregelen

Adromi

B.V.

Gezondheidsrisico

ten oosten

meter

Overlengte wordt hier vanuit landschappelijke inpassing doorgetrokken tot aan het bijgebouw bij de woning Horreweg 2 (ondergrond: DSO)

blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen

Pagina

35

van

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15231147/1