AAA Bijlage 18 Akoestisch onderzoek (05-12-25)
Tekst van het document
dagperiode 750 5.150 120 320 20 4 120
aantal bewegingen avondperiode nachtperiode 625 600 1.250 1.225 40 40 18 10 120 60
Uit vergelijking van bovenstaande tabel met tabel 4 blijkt dat voor de representatieve bedrijfssituatie het totaal aantal personenautobewegingen ten opzichte van de huidige situatie gelijk blijft. Er treedt wel een verschuiving op tussen de dag-, avond- en nachtperiode. Zoals reeds eerder aangegeven is het voor de te beschouwen representatieve bedrijfssituatie niet van belang hoe vaak deze op jaarbasis optreedt. Vanwege het grotere aantal bezoekers in de referentiesituatie ten opzichte van de huidige situatie (1.690.000 versus 862.000) zal in de referentiesituatie het beschouwde representatief aantal voertuigbewegingen op jaarbasis vaker voorkomen dan in de huidige situatie. De overige uitgangspunten aangaande bronvermogens zijn onveranderd ten opzichte van de huidige situatie. De invoergegevens van het rekenmodel, opgesteld voor de referentiesituatie, zijn opgenomen in bijlage 4. De figuren 2a t/m 2d (bijlage 1) geven een grafische weergave van het rekenmodel.
5.4 5.4.1
Rekenresultaten Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) Onderstaande tabel geeft een overzicht van het berekende langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) voor de referentiesituatie. Bijlage 7.1 geeft een uitgebreid overzicht van de rekenresultaten. Tabel 9
Rekenresultaten LAr,LT - referentiesituatie immissiepunt
id. p02 p03 p04 p05a/b p06 p07a p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20
adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark
langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] dag avond nacht 33 36 31 35 36 30 31 34 29 22 30 24 32 36 29 27 28 22 32 35 29 32 36 30 32 36 30 30 34 29 30 34 28 30 34 29 31 35 29 20 30 24 36 37 31
25
immissiepunt id. pt100 pt101
adres toetspunt natuur toetspunt Natura2000
langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] dag avond nacht 32 33 27 22 23 17
Ter plaatse van de woningen in de omgeving bedraagt het LAr,LT ten hoogste 35, 37 en 31 dB(A) in respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode. De streefwaarden voor een rustige woonwijk en rustig buitengebied worden hiermee gerespecteerd (geldt tevens voor de mantelzorgwoninglocaties). De geluidcontouren zijn weergegeven in figuur 5 in bijlage 1.
5.4.2
Maximaal geluidniveau (LAmax) Een overzicht van de berekende maximale geluidniveaus in de referentiesituatie is in onderstaande tabel opgenomen (zie tevens bijlage 7.2). Tabel 10 Rekenresultaten LAmax - referentiesituatie id. p02 p03 p04 p06 p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspunt Natura2000
maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)] dag avond nacht 43 59 46 47 58 47 40 58 43 42 60 45 42 60 45 42 60 45 41 60 44 39 57 43 39 57 42 39 57 43 40 57 44 31 52 42 47 59 47 40 56 40 31 45 31
Het maximaal geluidniveau ter plaatse van woningen bedraagt ten hoogste 47, 60 en 47 dB(A) in de dag-, avond- en nachtperiode. In de dag- en nachtperiode worden de maximale geluidniveaus bepaald door de attracties. In de avondperiode is het afsteken van vuurwerk de bepalende factor. Ook voor het maximaal geluidniveau wordt voldaan aan de streefwaarden voor een rustige woonwijk (geldt tevens voor de mantelzorgwoninglocaties).
26
5.5
Incidentele bedrijfssituatie Onderstaande tabel geeft een overzicht van het berekende langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) voor de incidentele bedrijfssituaties etmaalopenstelling en het afsteken van vuurwerk categorie 3 (zie ook bijlage 7.3). Tabel 11 Rekenresultaten LAr,LT - referentiesituatie (incidenteel) etmaalopenstelling en het afsteken van vuurwerk categorie 3 in avondperiode immissiepunt id. p02 p03 p04 p05a p06 p07a p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 Recreatiepark toetspunt natuur toetspunt Natura2000
langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] etmaal openstelling + vuurwerk cat. etmaalopenstelling + vuurwerk cat. 3 3 + publieksevenement dag avond nacht dag avond nacht 34 44 36 61 64 63 36 43 36 63 63 63 32 42 34 59 62 62 23 42 29 53 60 60 33 44 35 60 63 63 28 32 28 50 52 52 33 44 35 60 63 63 33 44 35 60 63 63 33 45 35 61 63 63 31 42 34 59 61 61 31 41 33 58 61 61 31 41 34 58 61 61 32 42 35 59 62 62 21 37 30 49 57 57 37 44 37 63 63 63 33 41 33 60 60 60 23 30 22 51 51 51
Ter plaatse van woningen bedraagt het LAr,LT ten hoogste 37, 45 en 36 dB(A) in de dag-, avond- als nachtperiode (50 dB(A) etmaalwaarde) voor de situatie etmaalopenstelling en vuurwerk categorie 3. Hoewel de richtwaarde voor een rustig buitengebied uit stap 2 (zie § 3.2) wordt overschreden, wordt wel voldaan aan de richtwaarden uit stap 3. De geluidbelasting wordt bepaald door het afsteken van vuurwerk categorie 3 in de avondperiode. Deze geluidniveaus zijn als zodanig duidelijk herkenbaar en cumuleren niet met andere, reeds aanwezige geluidniveaus. Op basis van een inventarisatie van de gevelsamenstelling van de omliggende woningen (zie bijlage 10) is indicatief de spectrale gevelgeluidwering bepaald (zie bijlage 12). Deze bedraagt circa 29 dB, waardoor het binnenniveau in de woningen niet hoger dan 35 dB(A) etmaalwaarde zal bedragen. In deze situatie zal daarmee sprake zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (geldt tevens voor de mantelzorgwoninglocaties). Tijdens een publieksevenement bedraagt het LAr,LT ten hoogste 63 dB(A) in zowel de dag- en nachtperiode en 64 dB(A) in de avondperiode. Het betreft een evenement dat slechts enkele keren per jaar plaatsvindt. De geluidnormering van 70 dB(A) conform de Handreiking Evenementen met luide muziek (zie § 3.2.3) wordt voor de maximale gevelbelasting gerespecteerd.
Aangezien ook hier van een dancespectrum wordt uitgegaan, bedraagt het verschil tussen dB(A) en dB(C), volgens de reeds aangehaalde Richtlijn muziekspectra in horecabedrijven, 10 dB op de gevel van woningen. Op basis van de bovengenoemde inventarisatie van de gevelsamenstelling en de indicatieve spectrale gevelgeluidwering blijkt dat het inpandige geluidniveau ten hoogste 35 dB(A) en 49 dB(C) bedraagt (een verschil van 14 dB). Hiermee wordt voldaan aan de geluidnormering voor het binnenniveau (50 dB(A)) en de norm voor het verschil tussen dB(A) en dB(C) (15 dB). Uit het bovenstaande volgt tevens dat aan de geluidnormering uit het gemeentelijk evenementenbeleid aangaande de maximale gevelbelasting (70 dB(A)) en het verschil tussen dB(A) en dB(C) (14 dB) (binnenwaarde) wordt voldaan.
27
Zoals vermeld in § 3.2.3 kan, volgens de Handreiking Evenementen met luide muziek, de eindtijd van de avondperiode worden opgerekt. Voor deze uitbreiding van de avondperiode gelden dan de niveaus in de voorlaatste kolom van tabel 11. Ook gedurende dat tijdsbestek wordt de geluidnormering conform de Handreiking gerespecteerd. Voor het overige deel van de nachtperiode bedraagt de geluidbelasting zoals opgenomen in kolom 5, waarmee wordt voldaan aan de geluidnormering van 40 dB(A) op de gevel. Tabel 12 geeft een overzicht van de berekende maximale geluidniveaus in de incidentele bedrijfssituatie (zie verder bijlage 7.3). Tabel 12 Rekenresultaten LAmax en LAImax – referentiesituatie (incidenteel) avondperiode id. p02 p03 p04 p05a p06 p07a p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspunt Natura2000
maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
maximaal impulsgeluidniveau (LAImax) [dB(A)]
77 77 76 76 78 65 78 78 79 76 75 75 76 70 77 74 64
80 80 79 79 81 68 81 81 82 79 78 78 79 73 80 77 67
Ten opzichte van de representatieve situatie zijn in de dag- en nachtperiode geen andere bronnen in bedrijf die een relevant maximaal geluidniveau produceren. De maximale geluidimmissies voor de incidentele situatie zijn in die periodes dan ook gelijk aan die in de representatieve situatie. In de avondperiode is het afsteken van groot vuurwerk de meest bepalende geluidbron. Ten gevolge van het afsteken van vuurwerk categorie 3 bedraagt het maximaal geluidniveau in de avondperiode ten hoogste 79 dB(A). Het tot ontbranding brengen van vuurwerk categorie 3 resulteert in een maximaal geluidniveau (LAmax) van ten hoogste 79 dB(A) bij woningen. Het maximaal impulsgeluidniveau (LAImax) bedraagt ten hoogste 82 dB(A). Laatstgenoemd geluidniveau bedraagt weliswaar meer dan de geluidnorm uit de Circulaire schietlawaai, echter, zoals eerder aangegeven, betreft deze norm een reguliere bedrijfssituatie. Voor een incidentele situatie zijn voor het maximaal impulsgeluidniveau geen normen beschikbaar. Deze niveaus zijn inherent aan het gebruikte vuurwerk en dragen bij aan de hoge gastwaardering en de unieke beleving van Toverland in het algemeen en het afsteken van (categorie 3) vuurwerk in het bijzonder. Het hanteren van vuurwerk met lagere bronvermogens zal dan ook afbreuk doen aan de beleving van de vuurwerkshows en is om die reden niet van toepassing.
Aangezien de hoogste geluidproductie worden veroorzaakt door vuurwerk op hoogtes van circa 10-20 meter is het evenmin mogelijk de geluidniveaus middels afschermingen te reduceren. Voorts kan worden gesteld dat de berekende maximale niveaus alleen optreden bij het afsteken van vuurwerk gedurende circa 8 minuten (tussen 22.45 en 23.00 uur) in de avondperiode, ten hoogste 12 keer per jaar. Bovendien zal, op basis van de te verwachten gevelgeluidwering, het binnenniveau in de avondperiode circa 50 dB(A) LAmax en 53 dB(A) LAImax bedragen. Ook hiermee wordt een aanvaardbaar woon- en leefklimaat geborgd.
28
6
ALTERNATIEVEN
6.1
Uitgangspunten Zoals reeds eerder vermeld is het planvoornemen niet exact afgebakend en moet het mogelijkheden bieden om de komende jaren op basis van nieuwe marktbehoeftes flexibel te kunnen opereren. Daarom worden in het MER verschillende alternatieve inrichtingsvoorstellen uitgewerkt en beoordeeld. Deze alternatieven worden hierbij zodanig geconstrueerd dat daarmee qua milieueffecten ‘de uitersten van het speelveld’ in beeld worden gebracht. Daarbij is uitgegaan van een aantal algemene uitgangspunten en denklijnen voor de modellen: 1)
In totaliteit maximaal 3,7 mln. bezoekers per jaar in het jaar 2046, bestaande uit een combinatie van daggasten en verblijfsgasten. Voor de absolute piekdagbelasting wordt uitgegaan van een maximaal aantal van 25.000 - 30.000 bezoekers. (In 2019 lag deze piekdagbelasting op 15.000).
2)
Maximaal 800 hotelkamers en 750 overige verblijfseenheden zoals recreatiewoningen, campingplaatsen etc.
3)
Een compact en een extensief planconcept voor het attractieparkgedeelte (exclusief verblijfsrecreatie). Op basis van een benchmark van attractieparken in Europa waarbij het bezoekersaantal wordt gerelateerd aan de oppervlakte van het park, is uitgegaan van 75.000 bezoekers per jaar per hectare voor een extensief parkconcept en 125.000 bezoekers per hectare per jaar voor een compact model. Dit betekent een benodigd ruimtebeslag van 49,33 resp. 29,6 ha voor het attractiepark.
4)
Een model waarbij het attractiepark in noordelijke richting wordt uitgebreid (met verblijfsrecreatie in de westelijke zone) en een model waarbij het attractiepark in westelijke richting wordt uitgebreid (met verblijfsrecreatie in noordelijke zone).
5)
Een park waarin een nieuwe robuuste groenblauwe structuur wordt gerealiseerd, waarbij bestaande landschappelijke dragers als inspiratiebron worden gebruikt en een zorgvuldige afronding aan de noordzijde wordt gerealiseerd.
6)
Bestaande veiligheidscontouren rondom de hogedrukgasleiding blijven in basis gerespecteerd (worstcase benadering) waarbij nader onderzoek wordt uitgevoerd of deze door middel van administratieve of technische aanpassingen kunnen worden verkleind.
7)
Het realiseren van een tweede ontsluiting vanaf de Midden Peelweg is niet noodzakelijk en niet wenselijk (geen variabele). Wel vindt in alle gevallen optimalisatie van de rotonde Midden Peelweg – Helenaveenseweg plaats (zie onder).
29
6.2
Omschrijving alternatieven Op grond van de in de vorige paragraaf genoemde uitgangspunten en denklijnen zijn de volgende 10 modellen gedefinieerd die in het MER als alternatieven voor het planvoornemen worden uitgewerkt en beoordeeld. Het plangebied is hierbij ingedeeld in vlakken, waarbij ieder vlak een bepaalde activiteit voorstelt.
Model 1A: Ruim parkconcept met uitbreiding richting het noorden.
Model 1B: Verdicht parkconcept met uitbreiding richting het noorden.
Model 2A: Ruim parkconcept met uitbreiding richting het westen.
Model 2B: Verdicht parkconcept met uitbreiding richting het westen.
30
Model 3A: Ruim parkconcept met uitbreiding richting het noorden, de verblijfsfunctie aan de westzijde, een grondwal aan de noordzijde en een groenafscheiding aan de westzijde.
Model 3B: Verdicht parkconcept met uitbreiding richting het noorden, de verblijfsfunctie aan de westzijde, een grondwal aan de noordzijde en een groenafscheiding aan de
Model 4A: Ruim parkconcept met uitbreiding richting het westen en verblijfsfunctie centraal geconcentreerd.
Model 4B: Verdicht parkconcept met uitbreiding richting het westen en verblijfsfunctie centraal geconcentreerd.
Model 5A: Ruim parkconcept met uitbreiding richting het westen en resort aan zuidzijde
Model 5B: Compact parkconcept met uitbreiding richting het westen en resort aan zuidzijde
westzijde.
31
6.3
Incidentele bedrijfssituatie Ook voor de toekomstalternatieven wordt rekening gehouden met incidentele bedrijfssituaties, overeenkomstig de referentiesituatie. De akoestische gevolgen van deze incidentele situaties worden als volgt inzichtelijk gemaakt: Op het huidige terrein van Toverland wordt uitgegaan van de situatie etmaalopenstelling en het afsteken van vuurwerk categorie 3 De uitbreidingslocaties van het attractiepark (zie § 6.2) zijn continu in bedrijf. Bovendien wordt rekening gehouden met een publieksevenement op deze uitbreidingslocaties. Het totaal opgesteld bronvermogen bedraagt 144 dB(A). De locatie van de geluidbron die deze evenementen simuleert is weergegeven in de figuren 3l t/m 3u.
6.4
Rekenmodel De basis voor de modellering van voornoemde modellen 1A t/m 5B wordt gevormd door het rekenmodel zoals dat is opgesteld voor de referentiesituatie. De uitgangspunten voor de geluidsimulatie van de akoestisch relevante vlakken zijn onderstaand weergegeven: Toekomstige inrichting attractiepark Toverland De geluidproductie van de uitbreiding van het attractiepark wordt gebaseerd op de huidige geluidproductie van Toverland. Op basis van het rekenmodel van de referentiesituatie wordt de geluidproductie bepaald van het attractiepark, zonder de geluiduitstraling van de hallen en ook zonder de parkeerplaatsen (zie bijlage 9). Hieruit blijkt dat de geluidproductie van Toverland in de referentiesituatie 98 dB(A)/ha bedraagt. Deze oppervlakte gerelateerde geluidproductie wordt gehanteerd voor de A-modellen (1A t/m 5A). In de B-modellen is een compactere uitbreiding van het attractiepark voorzien (verdicht parkconcept). Er vanuit gaande dat de attracties dan dichter op elkaar worden gerealiseerd, wordt voor de B-modellen (1B t/m 5B) uitgegaan van een twee keer zo hoge geluidproductie als voor de A-modellen. Modelmatig houdt dit in dat aan alle rode gebieden, buiten de bestaande inrichting van Toverland, voor de Amodellen een bronvermogen van 98 dB(A)/ha en voor de B-modellen een bronvermogen van 101 dB(A)/ha wordt toegekend.
Deze geluidproductie wordt middels een oppervlaktebron gesimuleerd. De bronhoogte bedraagt 45 meter boven het plaatselijk maaiveld. Attracties kunnen echter tot 100 meter hoog worden gerealiseerd. Om hiermee rekening te houden is binnen het huidige bestemmingsplan (“gebied hoogtestudie”) aan een gebied van 200 m2 een hoogte van 100 m toegekend.
Afbeelding 4
Ligging gebied hoogtestudie
32
Hotels, camping, vakantiepark, parkeren, logistiek Voor deze onderdelen wordt aansluiting gezocht bij de verkeersmodellen. In deze modellen zijn verkeersintensiteiten bepaald voor de gemiddelde dag, maatgevende dag en een piekdag. Aangezien piekdagen meer dan 12 keer per jaar kunnen voorkomen, worden deze conform de HMRI, als uitgangspunt voor de representatieve bedrijfssituatie gehanteerd. Voor de verkeersbewegingen per onderdeel wordt verwezen naar het voor de MER opgestelde verkeerskundig onderzoek14. Het betreft het aantal bewegingen (sommatie van aankomst en vertrek). Tabel 13 Overzicht aantal voertuigbewegingen - piekdag onderdeel
voertuig
attractiepark attractiepark (bedrijfsfeest) hotel campfuncties vakantiepark werknemers attractiepark bevoorrading
personenauto personenauto personenauto personenauto personenauto personenauto bus vrachtwagen
dagperiode 9.384 400 1.178 555 853 1.450 60 180
aantal bewegingen avondperiode 2.808 342 161 257 175 36
nachtperiode 1.822 400 36 375 24
Voor ieder toekomstmodel worden de in bovenstaande tabel opgenomen voertuigbewegingen gehanteerd. Indien een activiteit op meerdere locaties is voorzien (in model 1A zijn bijvoorbeeld drie parkeerplaatsen ingetekend), dan wordt het aantal verkeersbewegingen oppervlakte afhankelijk over het aantal locaties verdeeld. Uitgangspunt is dat het verkeer het terrein van Toverland oprijdt en verlaat ter plaatse van de zuidelijke toerit aan de Helenaveenseweg. In het akoestisch rekenmodel worden de verkeersbewegingen dus beschouwd vanaf de Helenaveenseweg tot aan de locatie van de desbetreffende activiteit. De rijroutes zijn voor de dag-, avond- en nachtperiode gelijk. Het verkeer van een naar Toverland maakt gebruik van de Helenaveenseweg. Het merendeel van het verkeer gebruikt vervolgens de Middenpeelweg (N277) in zuidelijke richting (richting de A67). In de omgeving van deze rijroute liggen geen woningen, waardoor ook geen sprake zal zijn van indirecte hinder. Om desondanks inzicht te geven in de geluidsituatie vanwege de verkeersaantrekkende werking wordt de verkeerssituatie worstcase benaderd: ten behoeve van de berekening van de geluidbelasting wordt er vanuit gegaan dat alle verkeer vanaf de Helenaveenseweg in noordelijke richting over de Middenpeelweg rijdt, waarmee de woningen aan de Wertemerweg worden belast. Hotels Bij de hotels wordt verzien in installaties op het dak.
Uitgangspunt voor het totaal van eventuele luchtbehandelingskasten, airco’s, afzuigingen e.d. is een continu bronvermogen van 80 dB(A). Voor de hoogte van de hotels wordt uitgegaan van 45 m. Verder wordt rekening gehouden feesten op de begane grond van de hotels. Hierbij wordt uitgegaan van een inpandig geluidniveau van 95 dB(A) (dag- en avondperiode en nachtperiode tussen 23.00 en 01.00 uur). Voorts wordt een immissierelevant glasoppervlak van 300 m2 gehanteerd. Conform methode II.7 uit de HMRI 1999 volgt hiervoor een bronvermogen van 84 dB(A) (zie bijlage 9). Maximale geluidniveaus Maximale geluidniveaus kunnen optreden vanwege verkeer (starten, optrekken, manoeuvreren) of bij het gebruik van attracties. Uit het bronnenoverzicht van de referentiesituatie (tabel 7) blijkt dat de hoogst optredende maximale bronvermogen 127 dB(A) bedraagt. Om inzicht te verkrijgen in de mogelijk te verwachten maximale geluidimmissies ter plaatse van woningen is op de rand van Toverland inclusief de uitbreidingen in het rekenmodel een geluidbron ingevoerd met dit worstcase bronvermogen.
14 Kragten: Verkeerskundig onderzoek t.b.v. MER (20211222-TOV001-VKR-MER rapport verkeer 0.2) d.d. 22 december
2021
33
Het afsteken van vuurwerk wordt hierbij niet beschouwd. Vooralsnog wordt er vanuit gegaan dat dit op dezelfde locatie blijft als in de huidige en referentiesituatie. Bijlage 5 bij deze rapportage geeft de invoergegevens van de rekenmodellen voor de toekomstige situaties. De figuren 3a t/m 3k in bijlage 1 geven de grafische weergaven van de rekenmodellen voor de toekomstige situaties 1A t/m 5B.
6.5
Rekenresultaten en toetsing
6.5.1
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) Navolgende tabel geeft de berekende landtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) voor elk van de toekomstvarianten (zie ook bijlage 8.1). Aanvullend zijn tevens de geluidbelastingen voor de huidige situatie en de referentiesituatie vermeld. Tabel 14 Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (etmaalwaarden) - toekomstalternatieven id. p02 p03 p04 p05a p06 p07a p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspnt. Natura2000
huid. 41 42 39 35 41 33 40 40 40 39 39 39 40 35 44 38 27
ref. 41 41 39 35 41 33 40 40 40 39 39 39 40 35 44 38 28
etmaalwaarden langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] 1A 1B 2A 2B 3A 3B 4A 4B 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 42 41 41 40 40 41 40 40 40 36 36 36 36 36 35 36 36 43 43 43 43 43 42 43 43 34 34 37 35 34 34 37 35 42 42 42 43 42 42 42 43 41 41 42 42 41 41 42 42 44 43 43 43 43 43 43 43 40 40 40 40 40 40 40 40 40 40 39 39 40 39 39 39 40 40 39 39 40 40 40 39 41 40 40 40 41 40 40 40 36 35 36 36 36 36 36 36 43 43 44 43 43 43 44 43 41 40 39 39 40 39 39 39 29 29 29 29 29 29 29 29
5A 42 42 40 36 43 37 42 42 43 40 39 39 40 36 44 39 29
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de geluidbelasting ter plaatse van de omliggende woningen ten hoogste 44 dB(A) bedraagt. Ter plaatse van het merendeel van de woningen bedraagt de geluidbelasting echter relevant minder dan 44 dB(A). De streefwaarden voor een rustige woonwijk en rustig buitengebied worden hiermee gerespecteerd. Dit betekent dat ter plaatse van woningen een aanvaardbaar akoestisch leefklimaat wordt gegarandeerd, ongeacht de te realiseren toekomstvariant. In bijlage 1 (figuur 6a t/m 6j) zijn geluidcontouren weergegeven voor de toekomstmodellen.
34
5B 42 42 40 36 44 35 43 42 43 40 39 39 40 36 43 39 29
6.5.2
Maximaal geluidniveau (LAmax) In onderstaande tabel 15 zijn de berekende maximale geluidniveaus (LAmax) voor elk van de toekomstvarianten opgenomen (zie ook bijlage 8.2). Tabel 15 Maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarden) - toekomstalternatieven id. p02 p03 p04 p05a p06 p07a p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspnt. Natura2000
huid. 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
ref. 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
1A 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
etmaalwaarden maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)] 1B 2A 2B 3A 3B 4A 64 64 64 64 64 64 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 63 65 65 65 65 65 65 52 52 52 52 52 52 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 65 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 62 57 57 57 57 57 57 64 64 64 64 64 64 61 61 61 61 61 61 50 50 50 50 50 50
4B 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
5A 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
Uit de resultaten blijkt dat het maximaal geluidniveau LAmax ter plaatse van de beoordelingspunten ten hoogste 65 dB(A) etmaalwaarde bedraagt. De geluidnormering vanuit het vigerende bestemmingsplan wordt hiermee gerespecteerd.
35
5B 64 63 63 63 65 52 65 65 65 62 62 62 62 57 64 61 50
6.6
Rekenresultaten en toetsing – incidentele situaties
6.6.1
Etmaalopenstelling en afsteken van vuurwerk categorie 3 Navolgende tabel geeft de berekende landtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) voor elk van de toekomstvarianten voor de incidentele situatie, zoals omschreven in § 6.3 (zie ook bijlage 8.3). Aanvullend zijn tevens de geluidbelastingen voor incidentele referentiesituatie vermeld. Tabel 16 Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (etmaalwaarden) – toekomstalternatieven (incidenteel) id. p02 p03 p04 p06 p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspnt. Natura2000
ref. 49 48 47 49 49 49 50 47 46 46 47 42 49 46 35
etmaalwaarden langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] 1A 1B 2A 2B 3A 3B 4A 4B 5A 49 49 49 49 49 49 49 49 49 48 48 49 49 49 48 49 49 49 48 48 47 48 48 48 47 48 47 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 49 49 50 49 50 49 50 49 50 50 52 50 50 50 50 50 50 50 51 50 50 50 50 50 50 50 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 46 46 46 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 47 48 48 47 47 47 42 42 42 42 42 42 42 42 42 49 49 50 49 49 49 49 49 50 46 47 46 46 48 46 46 46 46 35 35 35 35 35 35 35 35 35
5B 49 49 47 50 50 50 50 47 46 47 47 42 49 46 35
Zoals uit bovenstaande tabel blijkt bedraagt het LAr,LT in de incidentele bedrijfssituatie (etmaalopenstelling en vuurwerk categorie 3) ten hoogste 52 dB(A). Uitgaande van de genoemde gevelgeluidwering zal voor deze situatie het binnenniveau niet hoger dan 35 dB(A) etmaalwaarde bedragen, waarmee een aanvaardbaar akoestisch leefklimaat wordt gegarandeerd (geldt eveneens voor de mogelijke locaties van mantelzorgwoningen).
6.6.2
Publieksevenementen Onderstaande tabel geeft de resultaten voor de incidentele bedrijfssituatie met publieksevenementen. Deze resultaten zijn inclusief de etmaalopenstelling alsmede het afsteken van vuurwerk categorie 3. Deze tabel geeft per immissiepunt de hoogst berekende geluidimmissie (dag-, avond- of nacht) opgenomen (geen etmaalwaarde). Tabel 17 Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (hoogst berekende waarde per immissiepunt) id. p02 p03 p04 p06 p07b p08 p09 p11 p12 p13 p15 p16 p20 pt100 pt101
immissiepunt adres Helenaveenseweg 24 Gelderdijk 40 Meerweg 46 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6 Meerweg 69 Kronenbergweg 8-10 Kronenbergweg 11 Kronenbergweg 20 Schatbroekdijk 5 recreatiepark toetspunt natuur toetspnt. Natura2000
ref. 64 63 62 63 63 63 63 61 61 61 62 57 63 60 51
hoogst berekende langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)] 1A 1B 2A 2B 3A 3B 4A 4B 5A 61 62 59 62 61 63 59 62 60 58 61 60 63 58 58 60 63 60 65 63 59 60 64 64 59 60 59 65 63 67 64 66 63 67 64 67 63 63 60 64 63 63 60 64 61 53 54 69 64 53 53 69 64 68 66 65 64 63 67 65 64 63 64 64 62 58 60 64 63 58 60 58 63 62 58 59 63 62 58 59 58 63 62 58 59 63 63 58 59 58 63 62 58 60 62 63 58 60 58 53 54 55 57 53 54 55 57 55 59 60 66 66 59 60 66 66 66 64 62 58 58 64 63 58 59 58 51 51 51 51 51 51 51 51 51
5B 62 63 60 64 61 64 63 60 59 59 60 57 66 58 51
36
Tijdens publieksevenementen ter plaatse van de uitbreidingslocaties bedraagt het LAr,LT ten hoogste 69 dB(A). Het betreft publieksevenementen die slechts enkele keren per jaar plaatsvinden. De geluidnormering van 70 dB(A) conform de Handreiking Evenementen met luide muziek (zie § 3.2.3) wordt voor de maximale gevelbelasting gerespecteerd. Indicatief is het (verschil tussen dB(A) en dB(C) in) het inpandige geluidniveau bepaald, zie hiervoor bijlage 12. Uit deze berekening blijkt dat het inpandige geluidniveau ten hoogste 40 dB(A) en 54 dB(C) bedraagt (een verschil van 14 dB). Hiermee wordt voldaan aan de geluidnormering voor het binnenniveau (50 dB(A)) en de norm voor het verschil tussen dB(A) en dB(C) (15 dB).
6.6.3
Maximale geluidniveaus Het maximale geluidniveau in de incidentele situaties wordt bepaald door het afsteken van vuurwerk categorie 3. Aangezien dit niet verandert ten opzichte van de referentiesituatie, gelden de maximale geluidniveaus (LAmax) zoals deze in de referentiesituatie ter plaatse van woning zijn berekend, ook voor de incidentele situatie in de toekomstvarianten. Voor de berekende maximale geluidniveaus wordt verwezen naar tabel 12 in § 5.5. De conclusie dat in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt voorzien, blijft eveneens onveranderd.
37
7
VERKEER
7.1
Inleiding Naast de akoestische effecten van de activiteiten op het terrein van Toverland wordt inzicht gegeven in de geluidbelastingen vanwege het verkeer van Toverland op de openbare weg alsmede de akoestische gevolgen van vanwege het totale verkeer in de huidige situatie, referentiesituatie en het planvoornemen. De invoergegevens en rekenresultaten van de in dit hoofdstuk opgenomen situaties zijn in bijlage 9 bij deze rapportage opgenomen.
7.2
Verkeersaantrekkende werking Het Activiteitenbesluit stelt geen normen voor de verkeersaantrekkende werking. Wel wordt in artikel 2.1 (zorgplicht) aangegeven dat onder het voorkomen en beperken van het ontstaan van nadelige gevolgen voor het milieu mede wordt verstaan het voorkomen danwel het beperken van de nadelige gevolgen voor het milieu van het verkeer van personen en goederen van en naar de inrichting. Teneinde de gevolgen vanwege de verkeersaantrekkende werking inzichtelijk te maken, wordt gebruik gemaakt van de Circulaire “Beoordeling geluidhinder wegverkeer in verband met vergunningverlening”15 (verder te noemen: de Circulaire). Volgens deze Circulaire geldt voor de verkeersaantrekkende werking (indirecte hinder) een beperking van de reikwijdte. Voor verkeer van en naar inrichtingen houdt dit in dat de reikwijdte beperkt blijft tot die afstand waarbinnen voertuigen (met in acht name van de maximum snelheid) de ter plaatse optredende snelheid hebben bereikt. De Circulaire geeft voor de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking ter plaatse van woningen langs toegangswegen een bandbreedte van 50 – 65 dB(A). Indien een hogere geluidbelasting dan 50 dB(A) wordt toegestaan, dient rekening met het binnenniveau in de betreffende woningen te worden gehouden.
Het reken- en meetvoorschrift wegverkeerslawaai geeft aan dat voor de bepaling van het equivalente geluidniveau rekening wordt gehouden met de maatgevende verkeersintensiteit. De maatgevende verkeersintensiteit is die intensiteit zoals die gemiddeld over een representatief tijdvak optreedt16. Dit betekent dat de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking gebaseerd wordt op jaargemiddelde intensiteiten.
7.2.1
Huidige situatie Voor de bepaling van de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking wordt uitgegaan van de jaargemiddelde situatie. Zoals vermeld in § 4.1 wordt voor de huidig situatie uitgegaan van 862.000 bezoekers per jaar. Uitgaande van 3,24 bezoekers per auto betekent dit (862.000 / 365 / 3,24 =) 728 bezoekende personenauto’s gemiddeld per dag, dus 1.458 voertuigbewegingen. Voor deze verkeersgeneratie wordt de procentuele verdeling over de toegangswegen aangehouden, zoals vermeld in onderstaande tabel17. De verdeling over de dag-, avond- en nachtperiode is gebaseerd op de verdeling zoals gehanteerd voor de representatieve situatie (zie tabel 4). Het aantal vrachtwagenbewegingen wordt gelijk gesteld aan die in de representatieve situatie.
15 http://wetten.overheid.nl/BWBR0007921/1996-03-01 16 artikel 1 en 2 reken- en meetvoorschrift wegverkeerslawaai alsmede § 2.1 van het reken- en meetvoorschrift geluid 17 Zoals ook gehanteerd in het onderzoek stikstofdepositie (bijlage 2.4)
38
Tabel 18 Verkeersverdelingen – huidige (gemiddelde) situatie wegvak
Toverland – Helenaveenseweg oost (richting Sevenum) Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 noord (richting Ysselsteyn) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
aandeel
aantal bewegingen dagperiode avondperiode nachtperiode personenauto’s
etmaal
9%
81
34
17
131
91%
815
344
168
1327
10%
90
38
18
146
81%
725
306
149
1.181
vrachtwagens Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
100%
20
0
0
20
100%
20
0
0
20
Onderstaande afbeelding geeft de voor het verkeer van Toverland relevante wegen alsmede de gehanteerde immissiepunten (waarop in § 7.3 nader wordt ingegaan).
Afbeelding 5
Ligging relevante wegen en immissiepunten t.b.v. verkeersmodellen
39
7.2.2
Referentiesituatie In de referentiesituatie (zie § 5.3) wordt uitgegaan van een autonome groei van het aantal bezoekers tot 1.690.000 per jaar. Voor Toverland betekent dit, uitgaande van 3,24 bezoekers per auto betekent dit (1.690.000 / 365 / 3,24 =) 1.429 bezoekende personenauto’s gemiddeld per dag, wat 2.858 voertuigbewegingen per dag inhoudt. Voor de verdeling van de verkeersgeneratie over de toegangswegen wordt dezelfde procentuele verdeling aangehouden als voor de huidige situatie. De verdeling over de dag-, avond- en nachtperiode is gebaseerd op de verdeling zoals gehanteerd voor de maximale referentiesituatie (zie tabel 8). Het aantal vrachtwagenbewegingen wordt gelijk gesteld aan die in de representatieve situatie. Tabel 19 Verkeersverdelingen – referentiesituatie (gemiddeld) wegvak
Toverland – Helenaveenseweg oost (richting Sevenum) Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 noord (richting Ysselsteyn) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
aandeel
aantal bewegingen dagperiode avondperiode nachtperiode personenauto’s
etmaal
9%
158
50
49
257
91%
1598
508
495
2601
10%
176
56
54
286
81%
1422
452
441
2315
vrachtwagens Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
7.2.3
100%
24
0
0
24
100%
24
0
0
24
Planvoornemen Uit het voor dit Plan-MER uitgevoerd verkeerskundig onderzoek18 blijkt dat voor een gemiddelde dag in het planvoornemen uitgegaan wordt van 10.137 bezoekers per dag, wat resulteert in een verkeersgeneratie van 7.414 mvt/etm19. Voor deze verkeersgeneratie over de toegangswegen wordt gebruik gemaakt van dezelfde procentuele verdeling als voor de huidige situatie en de referentiesituatie. De verdeling over de dag-, avond- en nachtperiode is gebaseerd op de verdeling zoals gehanteerd voor een piekdag (zie tabel 13). Tabel 20 Verkeersverdelingen – planvoornemen gemiddelde situatie wegvak
Toverland – Helenaveenseweg oost (richting Sevenum) Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 noord (richting Ysselsteyn) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
aandeel
aantal bewegingen dagperiode avondperiode nachtperiode personenauto’s
etmaal
9%
457
124
87
667
91%
4.617
1.250
880
6.747
10%
507
137
97
741
81%
4.109
1.113
783
6.005
vrachtwagens Toverland – Helenaveenseweg west (richting N277) Rotonde Helenaveenseweg – N277 zuid (richting A67)
18
19
100%
180
36
24
240
100%
180
36
24
240
Rapport 20241205-TOV001-RAP-VKR-Rapport verkeer 2.6: “Verkeerskundig onderzoek t.b.v. MER en BPVR (Kragten, 5 december 2024) Zie hiervoor bijlage B1 “Rapportage aankomst- en vertrekpatronen Toverland” van het verkeerskundig onderzoek
40
7.3
Scenario’s verkeersmodellen Naast de bepaling van de geluidbelasting vanwege het verkeer van en naar Toverland wordt inzicht gegeven in de akoestische effecten van het totale verkeer op de openbare wegen. In dit kader wordt onderscheid gemaakt in vier verschillende scenario’s: huidige situatie referentiesituatie (ook autonome situatie genoemd) plansituatie cumulatie De bovengenoemde plansituatie betreft de situatie inclusief het planvoornemen van Toverland. In de situatie “cumulatie” zijn daarbij nog de gevolgen van de ontwikkeling van Grandorse meegenomen. Voor de uitgangspunten wordt verwezen naar het voor deze MER-procedure uitgevoerd verkeersonderzoek alsmede de het document “Cumulatieve verkeerseffecten ontwikkeling Toverland en Grandorse”20. Op basis van deze uitgangspunten zijn door RHDHV de verkeersmodellen voor de vier bovengenoemde scenario’s opgesteld. Deze modellen zijn vervolgens ingelezen in de rekenprogrammatuur (Geomilieu) om de geluidbelastingen ter plaatse van woningen inzichtelijk te maken. De geluidbelastingen worden berekend ter plaatse van de voor het onderdeel verkeer relevante woningen zoals die deels ook zijn gehanteerd voor het bepalen van de geluidbelasting vanwege Toverland. Aanvullend zijn de woningen aan de Graskuilenweg 14 en de Kleefsedijk 27 in de berekeningen betrokken.
Daarnaast wordt de geluidbelasting vanwege verkeerslawaai bepaald ter plaatse van de bedrijfswoningen op recreatiepark Domein De Schatberg.
7.4
Rekenresultaten Navolgende tabel geeft de geluidbelastingen (Lden) in de vier bovengenoemde scenario’s alsmede de bijdrage van de verkeersaantrekkende werking vanwege Toverland. Tabel 21 Berekende geluidbelastingen Lden [dB] Berekende geluidbelastingen Lden [dB] huidig
referentie
cumulatief
Naam
Omschrijving
plan
TOV
totaal
TOV
totaal
TOV
totaal
totaal
p02 p05b p06
Helenaveenseweg 24 Wertemerweg 4 Wertemerweg 6
46 24 27
49 36 38
49 27 30
53 39 42
52 31 34
54 40 42
55 40 42
p07b p08
Wertemerweg 8 Wertemerweg 10
24 27
38 40
27 31
42 43
31 34
41 43
42 44
p09 p20 v01
Schorfvenweg 6 Domein De Schatberg Graskuilenweg 14
27 39 42
41 45 48
31 42 45
45 49 52
34 46 49
45 49 52
46 50 52
v02 v04
Kleefsedijk 27 Bedrijfswoning De Schatberg
42 31
58 38
46 34
63 41
49 38
63 42
63 42
In navolgende tabel zijn de berekende geluidbelastingen vanwege de verkeersaantrekkende werking van Toverland opgenomen, echter nu als etmaalwaarde Letm [dB(A)], aangezien de toets aan de in § 7.2 genoemde Circulaire in dB(A) plaatsvindt.
20
Toelichting Cumulatieve verkeerseffecten ontwikkeling Toverland en Grandorse (Kragten, december 2024)
41
Tabel 22 Berekende geluidbelastingen verkeersaantrekkende werking Letm [dB(A)] Berekende geluidbelastingen verkeersaantrekkende werking Letm [dB(A)]
Naam
Omschrijving
huidig
referentie
plan
p02 p05b
Helenaveenseweg 24 Wertemerweg 4
47 25
52 30
54 33
p06 p07b p08
Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10
28 26 28
33 31 33
36 34 36
p09 p20
Schorfvenweg 6 Domein De Schatberg
29 40
33 45
36 48
v01 v02 v04
Graskuilenweg 14 Kleefsedijk 27 Bedrijfswoning De Schatberg
43 44 32
48 49 37
51 52 40
In de huidige situatie bedraagt de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking ten hoogste 47 dB(A) (zie tabel 22), waarmee de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) uit de Circulaire wordt gerespecteerd. In de referentie- en plansituatie zal de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking mogelijk meer dan 50 dB(A) bedragen. Het betreft de woningen aan de Helenaveenseweg 24 (in de referentie- en plansituatie) en de woningen aan de Graskuilenweg 14 en de Kleefsedijk 27 (in de plansituatie). De geluidbelastingen vanwege het totale verkeer (Lden, in dB) in de cumulatieve situatie bedragen 55 en 52 dB ter plaatse van de woningen aan de Helenaveenseweg 24 en de Graskuilenweg 14. Uitgaande van een gevelgeluidwering van circa 29 dB (zie ook § 5.5) bedraagt het binnenniveau 23-26 dB. Voor de woning aan de Kleefsedijk 27 bedraagt de gevelbelasting vanwege het totale verkeer ten hoogste 63 dB. Hoewel de geluidbelasting vanwege het verkeer van en naar Toverland meer dan 50 dB(A) bedraagt, heeft dit verkeer toch geen relevante bijdrage aan de geluidbelasting vanwege het totale verkeer. Uitgaande van de genoemde gevelgeluidwering, zal het binnenniveau circa 34 dB bedragen.
7.5
Cumulatie met industrielawaai en verkeerslawaai In hoofdstuk 6 zijn de te verwachten geluidbelastingen vanwege de mogelijke toekomstalternatieven bepaald. Naast dit geluid ondervindt de omgeving geluid vanwege het verkeer op de omliggende wegen, met name vanwege het verkeer op de Middenpeelweg (N277) en de Helenaveenseweg. Om inzicht te geven in het te verwachten akoestisch leefklimaat is een cumulatieberekening uitgevoerd met alle relevante geluidbronnen voor verkeers- en industrielawaai. De cumulatieve geluidimmissie is bepaald op basis van de in het Reken- en meetvoorschrift geluid 201221 beschreven methode. De beoordeling van het woon- en leefklimaat op basis van de berekende gecumuleerde geluidbelasting kan plaatsvinden aan de hand van de (algemeen geaccepteerde) Methode Miedema. De berekende geluidbelastingen vanwege verkeerslawaai zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tevens zijn de (hoogst berekende) geluidimmissies voor de toekomstvarianten en de gecumuleerde geluidimmissie opgenomen. Tabel 23 Bepaling gecumuleerde geluidbelasting Lcum id.
adres
p02 p06 p07b p08 p09
Helenaveenseweg 24 Wertemerweg 6 Wertemerweg 8 Wertemerweg 10 Schorfvenweg 6
LVL 55 42 42 44 46
LIL 42 44 43 42 43
geluidbelastingen L*VL 55 42 42 44 46
L*IL 43 45 44 43 44
LCUM 55 47 46 47 48
21 Bijlage 1, hoofdstuk 2
42
Uit voorgaande tabel blijkt dat de gecumuleerde geluidbelasting ter plaatse van de woning aan de Helenaveenseweg 24 bepaald wordt door het wegverkeer en dat de geluidbijdrage vanwege Toverland daaraan niet relevant is. Doel van de methode Miedema is het bepalen van de Milieu Kwaliteits Maat (MKM) op basis van een geluidbelasting als gevolg van verschillende geluidsoorten. Op basis van de berekende MKM is een kwalificatie van de totale akoestische omgeving te geven. Deze is in onderstaand weergegeven.
Afbeelding 6 Classificering van de kwaliteit van de akoestisch omgeving in een milieukwaliteitsmaat volgens de ‘methode Miedema’. Volgens de Methode Miedema kan het woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning aan de Helenaveenseweg als “redelijk” worden aangemerkt. Nabij de woningen aan de Wertemerweg en Schorfvenweg liggen de geluidbelastingen vanwege wegverkeer en Toverland in dezelfde grootteorde. Gezien de berekende gecumuleerde geluidbelastingen ter plaatse van deze woningen wordt het woon- en leefklimaat als “goed” beoordeeld.
43
8
MER BEOORDELING GELUID
8.1
Inleiding De MER beoordeling heeft als doel om de effecten op het milieu van de referentiesituatie en de toekomstvarianten met elkaar te kunnen vergelijken. Dit alles binnen de geformuleerde (dan wel te formuleren) toetsingscriteria. De effectenbeoordeling wordt uitgevoerd met scores. Bij de weergave van de scores wordt gebruik gemaakt van de onderstaande 7--puntenschaal (++, +, 0, - en --). ++ + 0/+ 0 0/--
sterk positief effect positief effect beperkt positief effect geen positief en geen negatief effect beperkt negatief effect negatief effect sterk negatief effect
Voor het aspect geluid is uitgegaan van de volgende toetsingscriteria: aantal woningen binnen geluidklasse geluid belast oppervlak in ha binnen geluidklasse toename geluidsbelasting ten opzichte van vergunde situatie De referentiesituatie wordt hierbij als neutrale situatie aangemerkt. In § 8.2 zal een nadere toelichting gegeven worden op de afweging van de effecten.
8.2
Weging effecten geluid
8.2.1
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) Onderstaande tabel geeft het geluidbelaste oppervlak is en het aantal woningen per geluidklasse (40 t/m 50 dB(A)). Aangezien de berekende geluidbelastingen in de toekomstige situatie in dezelfde grootteorde liggen en er slechts kleine verschillen in geluid belast oppervlak zijn, is voor deze beoordeling geen onderscheid in de verschillende toekomstmodellen gemaakt. Tabel 24 Geluidbelaste oppervlakken geluid belast oppervlak 40 dB(A) [ha] aantal woningen binnen 40-45 dB(A) geluid belast oppervlak 45 dB(A) [ha] aantal woningen binnen 45-50 dB(A)
huidige situatie
referentiesituatie
toekomstmodellen
325
345
430
6
8
11-12
150
155
175
0
0
0
Uit de inventarisatie blijkt dat er sprake is van een duidelijke toename van het geluid belast oppervlak. Vanwege deze toename wordt het effect van de toekomstmodellen als licht negatief ten opzichte van de referentiesituatie gekwalificeerd. Uit de inventarisatie blijkt dat er een toename is van het aantal woningen binnen de geluidklasse 40-45 dB(A). De geluidklasse 40-45 dB(A) wordt aangemerkt als een goed akoestisch klimaat, waardoor het effect van de
44
toekomstige uitbreidingen ten opzichte van de referentiesituatie als beperkt negatief (score 0/-) kan worden gekwalificeerd.
8.2.2
Cumulatieve geluidbelasting (Toverland en verkeer) De geluidbelastingen ter plaatse van de woningen aan de Wertemerweg vanwege het wegverkeer op de N277 en Toverland liggen in dezelfde grootteorde. De cumulatieve geluidbelasting bedraagt minder dan 50 dB, waardoor de milieukwaliteit als ‘goed’ kan worden aangemerkt22. Ter plaatse van de woning aan de Helenaveenseweg 24 bedraagt de geluidbelasting vanwege wegverkeer circa 55 dB (milieukwaliteit ‘redelijk’). De bijdrage van Toverland is hier echter niet relevant ten opzichte van het verkeerslawaai.
22
Handboek voor een gezonde inrichting van de leefomgeving (GGD GHOR Nederland, versie 1,7, januari 2018): https://www.fastadvies.com/wordpress/wp-content/uploads/2018/05/Handboek-GES-2018-versie-300418.pdf
45
9
SAMENVATTING EN CONCLUSIE Ten behoeve van de besluitvorming over het bestemmingsplan wordt een milieueffectrapport opgesteld waarin de gevolgen van verschillende ontwikkelmodellen worden beschreven en beoordeeld. In dat kader is tevens een akoestisch onderzoek industrielawaai opgesteld. Doel van het akoestisch onderzoek is het inzichtelijk maken van de geluidimmissies in de huidige situatie, de referentiesituatie en vanwege de beoogde uitbreidingen van Toverland. Uitgangspunt is de referentiesituatie waarin naast de huidige situatie (attracties, parkeren, vuurwerk) rekening is gehouden met de uitbreiding met een aantal nieuwe attracties en het Resort. Uit de onderzoeksresultaten blijkt het volgende: De toekomstalternatieven zijn beschouwd ten opzichte van de referentiesituatie. Uit de prognoseberekeningen blijkt dat de akoestische effecten van de toekomstmodellen slechts een licht negatief effect op de geluidsituatie in de referentiesituatie hebben. Voor de geluidbelasting vanwege het verkeer van en naar Toverland kan zelfs worden gesteld dat deze geen significant effect heeft. Bij aanvraag om omgevingsvergunning wordt de beschouwde invulling van de toekomstalternatieven nader ingevuld. Hierbij handelt het onder meer om de locatie van de parkeerplaatsen en hotels en de locatie, hoogte en akoestische eigenschappen van de te realiseren attracties.
46
BIJLAGEN
B1 GRAFISCHE WEERGAVEN REKENMODEL
B1-1
B2 GELUIDMETINGEN B2.1 Toelichting geluidmetingen attracties
B2-1
Toelichting Betreft
Ons kenmerk
Datum
Geluidmetingen Toverland TOV-001 7 november 2023
Behandeld door
In het kader van de aanvraag revisievergunning, de milieueffectrapportage en het bestemmingsplan verbrede reikwijdte zijn bij Toverland geluidmetingen uitgevoerd aan diverse attracties. Deze toelichting beschrijft de uitvoering van de meting alsmede de resultaten die uit de geluidmeting zijn voortgekomen. Geluidmetingen 20 oktober 2020 en 30 augustus 2023 Meetapparatuur en meetomstandigheden De geluidmetingen zijn uitgevoerd op 20 oktober 2020 en 30 augustus 2023. Voor het uitvoeren van de geluidmetingen ter plaatse is gebruik gemaakt van de volgende apparatuur: Tabel 1
Gebruikte meetapparatuur metingen oktober 2020
metingen augustus 2023
omschrijving
fabricaat
type
serienummer
fabricaat
type
serienummer
real time analyser
Brüel & Kjær
2270
2623055
RION
NL-52
00598146
microfoon voor de real time analyser
Brüel & Kjær
4189
2607838
RION
UC-59
NH-25 98358
kalibrator
Cesva
CB-5
039647
Sysmex
NC-74
51230885
De bronvermogens zijn bepaald conform methode II.2 uit de Handleiding meten en rekenen industrielawaai (HMRI 1999). De weersomstandigheden zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 2
Meteorologische omstandigheden tijdens de geluidmetingen onderdeel
oktober 2020
augustus 2023
temperatuur [°C]
12
16
windrichting
ZZW
W
windsnelheid [m/s]
3
1
relatieve vochtigheid [%]
80
80
De geluidmetingen zijn allen onder meteoraamcondities1 uitgevoerd. Andere meteorologische omstandigheden (dan vermeld in tabel 2) leveren daardoor geen relevante afwijkingen in de meetresultaten op.
1
Het ‘meteoraam industrielawaai’ schrijft voor onder welke weerscondities een betrouwbaar meetresultaat wordt verkregen. Bij afstanden kleiner dan 50 m mag onder alle weersomstandigheden worden gemeten, zie § 3.4.3, HMRI, module C.
Blad 2
Uitvoering geluidmetingen Aan de volgende relevante geluidbronnen / attracties bij Toverland zijn geluidmetingen uitgevoerd: Fenix Troy Booster Bike Expedition Zork Dwervelwind Maximus’ Blitz Bahn Dragonwatch Pixarus Uit de metingen en waarnemingen ter plaatse blijkt dat de geluidproductie van het merendeel van de attracties wordt bepaald door menselijk stemgeluid (gillen), aangezien de attractie daartoe uitlokt. Bij de Troy wordt het meest relevante geluid door het gebruik van de baan zelf geproduceerd en is het menselijk stemgeluid daaraan ondergeschikt. Uit de geluidmetingen en waarnemingen ter plaatse is gebleken dat bij de Pixarus en Dragonwatch menselijk stemgeluid niet wordt uitgelokt, aangezien bij deze twee attracties geen sprake is van schrikeffecten. Het geluid van de Pixarus wordt veroorzaakt door het klapperen van de vleugels van de attracties. Het meest maatgevende geluid van de Dragonwatch (family droptower) door het op- en neer gaan van de voertuigen langs de kabels. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de uitgevoerde geluidmetingen ter bepaling van de bronvermogens van deze twee attracties niet voldoen aan het voorschrift: hb + 0,05R ≤ ho ≤ hb + 0,2R. Het hanteren van een meethoogte ho die aan dit voorschrift voldoet is, gezien de relatief grote bronhoogte niet reëel.
Tijdens de uitvoering van de geluidmetingen is echter gebleken dat de geluidproductie dusdanig is dat de meethoogte ho niet van significante invloed is op de meetresultaten en daarmee op het uit de metingen bepaalde bronvermogen. Dit sluit aan bij het in § 1.1 van de HMRI gestelde dat situaties die niet door de beschreven methoden kunnen worden ondervangen, op basis van deskundigheid dienen te worden behandeld. Voor een beeldvorming van betreffende attracties wordt verwezen naar de website van Toverland. Voor het maximaal geluidniveau van de attracties Pixarus en Dragonwatch wordt uitgegaan van het maximaal bronvermogen van “screaming, very loud” uit de VDI 37702 (115 dB(A)). Op deze wijze wordt – worst case – rekening gehouden met luid gillen van bezoekers, hoewel deze niveaus ter plaatse niet zijn gemeten. Voor een aantal attracties geldt dat niet over het gehele traject sprake is vaneen relevante geluidproductie. Hieronder wordt per attractie aangegeven welke delen niet akoestisch relevant zijn. Omwille van volledigheid en grafische weergaven van het rekenmodel zijn deze bronnen wel in het rekenmodel ingevoerd, maar zonder geluidproductie en bedrijfsduur. Tabel 3
Overzicht akoestisch niet relevante onderdelen attracties niet relevante onderdelen
reden
bronnen in rekenmodel
Fenix
lift en einde van de rit (banked curve)
lage snelheid lokt niet uit tot gillen
A01, A10
traject tussen de start van een rit en de lifthill (bocht 19 en 20) en
baan produceert geen relevant geluid vanwege lage snelheid karretje
TR01a, TR01n
Troy
attractie
2
Verein Deutscher Ingenieure: Emissionskennwerte von Schallquellen; VDI 3770, september 2012
Blad 3
ten tijde van het einde van de rit (bocht 17 en 18) Boosterbike
start en einde van rit
lage snelheid en vlak baandeel lokt niet uit tot gillen
BB01a, BB01g
Expedition Zork
start en einde van rit
lage snelheid en vlak baandeel lokt niet uit tot gillen
EZ01a, EZ01c
In bijlage 2.2 zijn de meetresultaten en meetparameters gegeven van de uitgevoerde geluidmetingen. De hieruit berekende bronvermogens, in combinatie met de diverse attractieafhankelijke parameters 3, zijn vervolgens gebruikt om de geluidproducties vast te stellen zoals die in het akoestisch rekenmodel zijn gebruikt. Bijlage 2.3 geeft de bepaling van de in het rekenmodel gehanteerde bronvermogens en bedrijfstijden.
3
aantal ritten per uur, snelheid van de attractie, tijdsduur 1 rit e.d.
Blad 4
Verificatiemetingen Troy Aangezien de Troy, zo blijkt uit de geluidmetingen, één van de akoestisch maatgevende bronnen is, is de geluidproductie middels een verificatiemeting gecontroleerd. Hierbij is gebruik gemaakt van de volgende apparatuur: Tabel 4
Gebruikte meetapparatuur
omschrijving
fabricaat
type
serienummer
real time analyser
Rion
NL-52
00598746
microfoon voor de real time analyser
Rion
NH-25
98358
kalibrator
Rion
NC-74
51230885
De weersomstandigheden zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 5
Meteorologische omstandigheden tijdens de geluidmetingen onderdeel
waarde
temperatuur [°C]
12
windrichting
WZW
windsnelheid [m/s]
2
relatieve vochtigheid [%]
80
Het uit de geluidmetingen van 20 oktober 2020 bepaalde bronvermogen (bijlage 2.3) is in het rekenmodel ingevoerd. Hiermee kan de geluidimmissie in de omgeving worden berekend. Op 25 maart 2021 zijn op een tweetal immissiepunten in de directe omgeving van de Troy immissiemetingen uitgevoerd. De locatie van deze punten is in onderstaande afbeelding opgenomen.
Afbeelding 1 Ligging verificatiepunten Troy Op elk punt zijn meerdere passages van het karretje gemeten. De pauzes tussen de ritten (die tijdens de meting langer duurden dan in de praktijk) zijn buiten de meetresultaten gehouden, wat betekent dat de in de meetsituatie de Troy continu in bedrijf was. Bijlage 2.4 geeft het verloop van de geluidimmissie tijdens
Blad 5
de metingen en de geluidimmissie. De geluidimmissies in meetpunt 1 en 2 bedragen respectievelijk 60,3 en 67,0 dB(A). In het rekenmodel is deze situatie gesimuleerd. Voor de verificatie is er vanuit gegaan dat de Troy continu in werking is (overeenkomstig de metingen). De meetpunten zijn als rekenpunt in het model ingevoerd . De berekende geluidimmissie (exclusief meteocorrectie) bedraagt respectievelijk 60,9 en 66,5 dB(A) (zie bijlage 2.5). Onderstaande tabel geeft een vergelijking tussen de gemeten en berekende geluidimmissies. Tabel 6
Resultaten verificatiemeting Troy meetpunt
geluidbelasting [dB(A)] Li,gemeten
Li,berekend
verschil [dB]
710
60,3
60,7
0,4
712
67,0
66,4
-0,6
Het verschil in geluidimmissie tussen de meting en de berekening is (afgerond) 1 dB. Volgens de HMRI ligt dit binnen de meet- en rekennauwkeurigheid. Dit betekent dat de geluidbronnen die de Troy in het rekenmodel simuleren een betrouwbare weergave van de werkelijkheid geven.
B2.2 Bepaling bronvermogens
B2-2
Geluidmetingen Toverland
Tov001
II3 OPENING IN WAND _________________________________________________________________________________________ Onderdeel : Bronnaam : MeetDatum : Meetduur : Type geluid : Temperatuur [°C] : Windsnelheid [m/s] : Hoek windricht [°] : RV [%] : Opp. meetvlak [m²] : Meetafstand [m] :
Hallen Open deur Land van Toos (mp48) 20-10-2020 : : Continu ----1,00 0,10
Meetpunt 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 1 33,7 48,2 62,7 64,5 67,6 70,8 67,2 59,1 49,4 74,6 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gem.niv. Lp : 33,7 48,2 62,7 64,5 67,6 70,8 67,2 59,1 49,4 74,6 Achtergr. meetpunt 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 1* ----------—————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Achtergr : ----------Frequentie [Hz] : 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lp [dB(A)] : 33,7 48,2 62,7 64,5 67,6 70,8 67,2 59,1 49,4 74,6 Achtergr [dB(A)] : ----------10log(S) [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 Delta Lf [dB] : 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 DI [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lw [dB(A)] : 30,7 45,2 59,7 61,5 64,6 67,8 64,2 56,1 46,4 71,6
II3 OPENING IN WAND _________________________________________________________________________________________ Onderdeel : Bronnaam : MeetDatum : Meetduur : Type geluid : Temperatuur [°C] : Windsnelheid [m/s] : Hoek windricht [°] : RV [%] : Opp. meetvlak [m²] : Meetafstand [m] :
Hallen Open deur Wunderwald (mp49) 20-10-2020 : : Continu ----1,00 0,10
Meetpunt 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 1 34,4 45,7 54,1 62,4 65,3 69,1 68,6 62,8 55,8 73,6 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gem.niv. Lp : 34,4 45,7 54,1 62,4 65,3 69,1 68,6 62,8 55,8 73,6 Achtergr. meetpunt 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 1* ----------—————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Achtergr : ----------Frequentie [Hz] : 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lp [dB(A)] : 34,4 45,7 54,1 62,4 65,3 69,1 68,6 62,8 55,8 73,6 Achtergr [dB(A)] : ----------10log(S) [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 Delta Lf [dB] : 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0 DI [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lw [dB(A)] : 31,4 42,7 51,1 59,4 62,3 66,1 65,6 59,8 52,8 70,6
Source Explorer V2.20
3-2-2022 12:15:08
Geluidmetingen Toverland
Tov001
II2 GECONCENTREERDE BRON _________________________________________________________________________________________ Onderdeel : Bronnaam : MeetDatum : Meetduur : Type geluid : Temperatuur [°C] : Windsnelheid [m/s] : Hoek windricht [°] : RV [%] : Alu conform : Bronhoogte [m] : Meetafstand [m] : Meethoogte [m] :
Fenix mp12 20-10-2020 : : Continu ----HMRI-II.8 5,00 9,00 2,00
Frequentie [Hz] : 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lp [dB(A)] : 46,1 58,4 71,8 83,9 79,7 86,5 80,8 70,7 59,4 89,7 Achtergr [dB(A)] : ----------DGeo [dB] : 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 DAlu*R [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 DBodem [dB] : 6,0 6,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lw [dB(A)] : 70,2 82,5 99,9 112,0 107,8 114,6 108,9 98,8 87,5 117,8
II2 GECONCENTREERDE BRON _________________________________________________________________________________________ Onderdeel : Bronnaam : MeetDatum : Meetduur : Type geluid : Temperatuur [°C] : Windsnelheid [m/s] : Hoek windricht [°] : RV [%] : Alu conform : Bronhoogte [m] : Meetafstand [m] : Meethoogte [m] :
Fenix mp13 20-10-2020 : : Continu ----HMRI-II.8 5,00 9,00 2,00
Frequentie [Hz] : 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lp [dB(A)] : 45,0 58,0 71,6 82,3 78,7 80,0 83,3 72,4 58,8 87,7 Achtergr [dB(A)] : ----------DGeo [dB] : 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 DAlu*R [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 DBodem [dB] : 6,0 6,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lw [dB(A)] : 69,1 82,1 99,7 110,4 106,8 108,1 111,4 100,5 86,9 115,8
II2 GECONCENTREERDE BRON _________________________________________________________________________________________ Onderdeel : Bronnaam : MeetDatum : Meetduur : Type geluid : Temperatuur [°C] : Windsnelheid [m/s] : Hoek windricht [°] : RV [%] : Alu conform : Bronhoogte [m] : Meetafstand [m] : Meethoogte [m] :
Fenix mp14 20-10-2020 : : Continu ----HMRI-II.8 5,00 9,00 2,00
Frequentie [Hz] : 31.5 63 125 250 500 1000 2000 4000 8000 dB(A) —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lp [dB(A)] : 46,3 60,3 72,3 83,8 79,3 79,8 83,0 73,7 60,2 88,2 Achtergr [dB(A)] : ----------DGeo [dB] : 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 30,1 DAlu*R [dB] : 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 DBodem [dB] : 6,0 6,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lw [dB(A)] : 70,4 84,4 100,4 111,9 107,4 107,9 111,1 101,8 88,3 116,3