05e Regels TAM-omgevingsplan
Tekst van het document
9.4.3 Toepassingscriteria 1.
2.
Een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit in Waarde - Archeologie 6 wordt uitsluitend verleend indien op basis van een archeologisch onderzoek, naar het oordeel van de archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag, is aangetoond dat: a. er op de locatie van de bouwactiviteit geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de archeologische (verwachtings)waarde niet of niet onevenredig wordt geschaad; of c. de archeologische (verwachtings)waarde kan worden behouden door aan de omgevingsvergunning voorschriften te verbinden. Bij de beslissing op de aanvraag wordt rekening gehouden met het beginsel van het conserveren en in stand houden van archeologische waarden, bij voorkeur in situ.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|33 9.4.4 Aanvraagvereisten 1.
2.
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een werk, geen bouwwerk zijnde, of bouwwerk in Waarde - Archeologie 6 worden, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een omschrijving van de aard van het werk, geen bouwwerk zijnde, of de werkzaamheid, met vermelding van: i. de omvang in vierkante meters; en ii. de diepte, in centimeters ten opzichte van het maaiveld; b. een topografische kaart voorzien van een noordpijl en ten minste twee coördinatieparen, met de exacte locatie en omvang van de activiteit; c. doorsnedetekeningen met de exacte locatie, omvang en diepte van de afzonderlijke ingrepen ten opzichte van het maaiveld; d. een rapport op basis van de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie en beoordelingsrichtlijn, waarin de archeologische waarde van de locatie, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van de archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld, dat is gebaseerd op i. een bureauonderzoek; ii. zo nodig een booronderzoek; en iii. zo nodig een proefsleuvenonderzoek of proefputtenonderzoek; en iv. zo nodig een opgraving e. als sprake is van een opgraving, ook als deze alleen bestaat uit een proefsleuvenonderzoek of een proefputtenonderzoek: een door de archeologisch deskundige, namens het bevoegd gezag, goedgekeurd programma van eisen voor de opgraving; en f.
als sprake is van een booronderzoek: een door het college van burgemeester en wethouders goedgekeurd plan van aanpak voor een booronderzoek; en g. als sprake is van een (te verwachten) archeologisch monument onderwater: een vlakdekkende hoge resolutie sonaropname van de waterbodem en ultrahoge resolutie sonaropnamen van details. Zo nodig worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een bestek of werkomschrijving met bijbehorende tekeningen; b. als sprake is van een zichtbaar archeologisch monument: overzichtsfoto’s van de bestaande situatie en plantekeningen van de nieuwe toestand; of c. een rapport waarin de gevolgen van de activiteit voor de archeologische waarden in voldoende mate inzichtelijk zijn gemaakt.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|34 9.5 Sloopactiviteit 9.5.1 Vergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning een sloopactiviteit te verrichten in Waarde - Archeologie 6 . 9.5.2 Uitzonderingen 1. 2.
In afwijking van 9.5.1 geldt geen vergunningplicht voor een sloopactiviteit waarbij de oppervlakte onder maaiveld niet wordt verstoord. In aanvulling op het eerste lid geldt ook geen vergunningplicht op de locatie ‘ Waarde Archeologie 6' als: a. de aanvraag betrekking heeft op het slopen van een of meer bouwwerken waarvan de totale oppervlakte kleiner is dan 10.000 m2; of b. een sloopactiviteit plaatsvind op een diepte van niet meer dan 40 cm ten opzichte van het maaiveld.
9.5.3 Toepassingscriteria 1.
2.
Omgevingsvergunning voor een sloopactiviteit in Waarde - Archeologie 6 wordt uitsluitend verleend indien op basis van een archeologisch onderzoek, naar het oordeel van de archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag, is aangetoond dat: a. er op de locatie van de bouwactiviteit geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de archeologische (verwachtings)waarde niet of niet onevenredig wordt geschaad; of c. de archeologische (verwachtings)waarde kan worden behouden door aan de omgevingsvergunning voorschriften te verbinden. Bij de beslissing op de aanvraag wordt rekening gehouden met het beginsel van het conserveren en in stand houden van archeologische waarden, bij voorkeur in situ.
9.5.4 Aanvraagvereisten Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een sloopactiviteit in Waarde - Archeologie 6 worden aanvullend op het bepaalde in 9.5.1 de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: 1.
2.
een rapport op basis van de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie en beoordelingsrichtlijn, waaruit de archeologische waarde van de locatie, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van de archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag, in voldoende mate blijkt; en voor zover deze beschikbaar zijn: bestaande funderingstekeningen, waaruit de omvang en de diepte van de samenhangende bodemverstoringen blijken als gevolg van de sloopactiviteit.
9.6 Voorschriften aan vergunning 1.
Het bevoegd gezag kan de volgende voorschriften verbinden aan een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van activiteiten, als bedoeld in artikel 9 lid 3, artikel 9 lid 4 en artikel 9 lid 5 in een gebied met Waarde - Archeologie 6 in het belang van de archeologische monumentenzorg, die inhouden een plicht tot: a. het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische waarden in situ kunnen worden behouden; b. het verrichten van opgravingen als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet; c. het laten begeleiden van een activiteit die tot bodemverstoring leidt door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij die voorschriften te stellen kwalificaties;
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|35 d.
2.
indien sub c van toepassing is, een regeling omtrent de gevolgen bij vondsten die worden gedaan tijdens de uitvoering van de bouwwerkzaamheden. e. het verrichten van een opgraving, daaronder mede begrepen een archeologische begeleiding, op een bepaalde wijze, als die wijze in overeenstemming is met de Erfgoedwet; f. het binnen een bepaalde termijn starten van werkzaamheden; g. het vooraf melden van de start van de werkzaamheden; h. het zo spoedig mogelijk schriftelijk melden van feiten of omstandigheden die van invloed zijn op de uitvoering van werkzaamheden in overeenstemming met de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften; i. het tijdig voor aanvang van werkzaamheden bekend maken van de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften aan de opdrachtnemer van de werkzaamheden, onder wie mede begrepen een onderaannemer; en j. het uitvoeren van de werkzaamheden in overeenstemming met de in de omgevingsvergunning genoemde versie van tekeningen of van een programma van eisen. De voorschriften als bedoeld in het derde lid, onder a, kunnen worden gesteld over de wijze van slopen.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|36
3 ALGEMENE REGELS Artikel 10 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|37
Artikel 11 Algemene bouwactiviteitenregels 11.1 Bestaande afmetingen en afstanden In de gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud of afstand tot enige grens van bouwwerken, die rechtens in overeenstemming met het bepaalde in de Omgevingswet tot stand zijn gekomen, minder dan wel meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 3 van deze regels is voorgeschreven respectievelijk toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakten, inhoud of afstand in afwijking daarvan als minimaal respectievelijk maximaal toegestaan, uitsluitend conform de bestaande situatie. 11.2 Ondergeschikte bouwdelen Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw c.q. functiegrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. 11.3 Ondergronds bouwen Binnen het plangebied mag, tenzij anders is aangegeven in de regels, onder gebouwen ondergronds worden gebouwd, onder de volgende voorwaarden: a. b.
ondergrondse gebouwen gelegen buiten de buitenzijde van de gevels van de bovengrondse gebouwen zijn niet toegestaan; de diepte van de ondergrondse bebouwing mag niet meer bedragen dan 3,5 m onder peil
11.4 Bouwen in de buurt van agrarische bedrijven De afstand van een geurgevoelig object tot: a. b. c.
omliggende agrarische bouwpercelen; op het moment van aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen aanwezige boomteelt; gronden waarop in een periode van ten hoogste 24 maanden voorafgaand aan de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen boomteelt aanwezig was (gelet op de herplant mogelijkheden);
zal ten minste 50 m bedragen.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|38
Artikel 12 Algemene gebruiksactiviteiten 12.1 Strijdig gebruik Onder strijdig gebruik met de functies wordt in ieder geval verstaan het (laten) gebruiken van gronden en/of bouwwerken voor en/of als: a.
het (bedrijfsmatig) vervaardigen, opslaan, verwerken of herstellen van goederen en het opslaan en be- of verwerken van producten en mest; b. het plaatsen van kampeermiddelen; c. het gebruik van gronden als volkstuin; d. het beoefenen van lawaaisporten; e. opslag voor de voorgevelrooijlijn f. detailhandel; g. verkooppunt voor motorbrandstoffen, als dan niet inclusief lpg, h. het gebruik van de gronden en opstallen voor een seksinrichting; i. intensief militair gebruik; j. opslag en/of stalling van het gebruik onttrokken voer en vaartuigen en kampeermiddelen, anders dan in het kader van een normaal gebruik overeenkomstig het bestaand gebruik; k. permanente bewoning van bijbehorende bouwwerken; l. permanente bewoning van recreatiewoningen/verblijfsrecreatieve voorzieningen; m. huisvesting van arbeidsmigranten, anders dan bestaande huisvesting van arbeidsmigranten; n. een coffeeshop, growshop, smartshop of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; o. geurgevoelig object, indien de afstand minder dan 50 m bedraagt tot: 1. omliggende agrarische bouwpercelen; 2. op het moment van wijziging van het gebruik aanwezige boomteelt boomgaarden; 3. gronden waarop in een periode van ten hoogste 24 maanden voorafgaande aan de gebruikswijziging boomteelt aanwezig was (gelet op de herplant mogelijkheden); 4.
een en ander, tenzij dit gebruik verband houdt met het op de functie gerichte beheer of gebruik van de gronden en behoudens indien het gebruik blijkens de regels is toegestaan. 12.2 Warmte-koudeopslag Open en gesloten systemen die door middel van het isolerend vermogen van de ondiepe bodem energie opwekken, niet zijnde aardwarmte, zijn toegestaan, met dien verstande dat: a.
open en gesloten systemen niet zijn toegestaan binnen gronden met de aanduiding 'Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' en 'Milieuzone - hydrologische beschermingszone'.
12.3 Bed & breakfast In woningen en/of bijbehorende bouwwerken is het uitoefenen van een bed & breakfast toegestaan, onder de volgende voorwaarden: a. b. c.
het gebruik mag niet leiden tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van nabij gelegen gronden en bebouwing; de parkeerbehoefte wordt in voldoende mate voorzien op eigen terrein, dan wel kan de parkeerbehoeften in de directe omgeving worden opgevangen; het vloeroppervlak ten behoeve van bed & breakfast niet meer dan 100m² bedraagt.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|39
Artikel 13 Algemene aanduidingsregels 13.1 Cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden Ter plaatse van de aanduidingen in de navolgende tabel zijn de gronden tevens bestemd voor het behoud, de bescherming, de ontwikkeling en/of het herstel van de desbetreffende cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden welke zijn opgenomen in de navolgende tabel: Overige zone ▪ open landschap met onderverdeling van de openheid door heideontginning bomenlanen; ▪ overwegend patroon van rechte wegen; ▪ overwegend rechthoekige tot blokvormige verkaveling; ▪ kunstmatige lage grondwaterstanden; ▪ bebouwingslinten met wisselende onderlinge afstanden tussen de erven; ▪ huidige natuurwaarde is beperkt; ▪ plaatselijke belang voor vogels (Hooge Heide, Brommer) en amfibieën; ▪ van nature natte, laag gelegen zandgronden in de natte heide ontginningsgebieden; ▪ natuurwaarde is gering in de natte heide ontginningsgebieden, met uitzondering van weilanden die van waarde zijn voor (weide)vogels; ▪ Openheid en landbouwkarakteristiek van het landschap in de natte heideontginningsgebieden behouden en agrarische bebouwing goed verdichten met groen (stevige, strakke erfbelasting). Overige zone rivierdal
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
kleinschalig landschap met afwisseling van bebouwing en landschapselementen; wisselende afstanden tussen bebouwing aan bochtige wegen; aanzienlijke hoogteverschillen, reliëfvormen zoals terrasranden zijn zeer waardevol en dienen zichtbaar en bebouwingsvrij te blijven; steilranden oude akkercomplexen met karakteristieke bolle vorm en openheid; cultuurhistorisch waardevolle bebouwing, met name aan de randen van oude akkercomplexen; zichtlijnen over oude akkercomplexen; in de lagere delen ruimte geven aan agrarisch natuurbeheer, water en watergebonden natuur; hoge natuurwaarde met waardevolle gebieden voor weigevogels een plaatselijk voor amfibieën; natuurontwikkeling in en rondom kleiputten (ontgrondingen); bebouwing op de lager gelegen delen binnen dit landschapstype is niet wenselijk in verband met blijvende herkenbaarheid en gelaagdheid van het landschap.
13.2 milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied 13.2.1 Omschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' zijn de gronden mede aangewezen voor de bescherming van de bodem en het grondwater ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|40 13.3 milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied Venloschol 13.3.1 Omschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied Venloschol' zijn de gronden mede aangewezen voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de winning van (drink)water. 13.3.2 Bouwregels Binnen het grondwaterbeschermingsgebied mag worden gebouwd voor zover dat op grond van de onderliggende functie is toegestaan met inachtneming van de voorwaarden, zoals die door de omgevingsverordening Limburg worden gesteld. 13.4 milieuzone - spuitvrije zone 13.4.1 Omschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - spuitvrije zone' zijn mede aangewezen als spuitvrije zone vanwege de bescherming van de gezondheid als gevolg van het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen. 13.4.2 Gebruiksregel Op de gronden is het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen niet toegestaan
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|41
Artikel 14 Omgevingsvergunning voor werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden 14.1 Omgevingsvergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijken van een omgevingsvergunning ter plaatse van de hierna genoemde functies of aanduidingen de daarbij aangegeven werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren te doen of late uitvoeren: Werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden* Ter plaatse van de functie / aanduiding a b c d e f g Agrarisch met waarden (voor zover gelegen buiten a bouwvlakken) Overige zone - heideontginning c f Overige zone g * de onderstaande letters geven aan dat een omgevingsvergunning is vereist (activiteit onder voorwaarden mogelijk) De letters worden hierna verklaard: Werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden: a. b. c.
d.
e. f. g. h.
het aanleggen en verharden van wegen en paden en het aanleggen of aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het aanplanten van bomen, hakhout en andere houtopstanden hoger dan 1,50 m; het vellen en rooien van bomen, hakhout en andere diepwortelende beplantingen en het verrichten van handelingen, die de dood of ernstige beschadiging daarvan ten gevolge hebben of kunnen hebben; het aanbrengen, verwijderen of verleggen van ondergrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; het verlagen of het verhogen van het waterpeil, tenzij dit een maatregel is van het bevoegde waterschap; het aanleggen, (ver)graven, verruimen, dempen of herprofileren van watergangen, sloten en andere waterpartijen het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe in ieder geval worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen in de bodem.
14.2 Uitzondering vergunningsplicht Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 14 lid 1 is niet vereist voor werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden: a. b. c.
die worden uitgevoerd in het kader van het normale onderhoud en beheer van de gronden en de daaraan toegekende functie(s); op de gronden gelegen binnen bouwvlakken; die op het moment van inwerkingtreding van het plan in uitvoering waren of konden worden uitgevoerd krachtens een vóór dat tijdstip geldende of aangevraagde vergunning.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
h
|42 14.3 Afwegingskader Burgemeester en wethouders verlenen de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 14 lid 1 alleen indien door de in artikel 14 lid 1 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden, dan wel door de gevolgen daarvan, hetzij direct, hetzij indirect de waarden, belangen en/of functies die het plan beoogt te beschermen, niet blijvend onevenredige of niet onevenredig kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van die waarden of functies niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen. 14.4 Procedure 1.
Voordat het bevoegd gezag een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 14 lid 1 verleent, wordt schriftelijk advies ingewonnen bij het waterschap en wordt de Keur van het waterschap in acht genomen: a. Overige zone – beekdal.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|43
Artikel 15 Overige regels 15.1 Parkeerregels 15.1.1 Algemene parkeerregels Het is verboden te bouwen dan wel het gebruik van gronden en/of bouwwerken te wijzigen indien er niet wordt voldaan aan de op grond van dit artikel gestelde parkeernormen. 15.1.2 Specifieke parkeerregels bij bouwplannen a.
b.
Van een strijdig bouwplan zoals genoemd onder 15.1.1 is geen sprake als wordt voldaan aan de parkeernormen zoals beschreven in de Nota parkeernormen, en indien deze normen gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het onder a bepaalde wanneer voldaan wordt aan de afwijkingsbevoegdheid zoals beschreven in de nota parkeernormen, dan wel een recentere vastgestelde versie.
15.1.3 specifieke parkeerregels bij gebruikswijzigingen a.
b.
Van een strijdig gebruik van gronden en/of bouwwerken zoals genoemd onder 15.1.1 is geen sprake als wordt voldaan aan de parkeernormen zoals beschreven in de Nota parkeernormen, en indien deze normen gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het onder a bepaalde wanneer voldaan wordt aan de afwijkingsbevoegdheid zoals beschreven in de Nota parkeernormen, dan wel een recentere vastgestelde versie.
15.1.4 Specifieke gebruiksregels Ruimte(n) voor het parkeren van voertuigen, voor zover de aanwezigheid van deze ruimte(n) krachtens deze parkeerregels is geëist, dient te allen tijde voor dit doel beschikbaar te blijven. Ander gebruik wordt aangemerkt als strijdig gebruik.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|44
4 OVERGANGSREGELS Artikel 16 Overgangsrecht bouwwerken a.
b.
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdsstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen
|45
Artikel 17 Overgangsrecht gebruik a. b.
c.
d.
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het eerste lid is niet van toepassing op het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen op gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - spuitvrije zone' en het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
NL.IMRO.1507.LTSTOKTERWEG10-BPV1
Horsterdijk 112, Stokterweg 10 Lottum en Horsterweg 23 Broekhuizen