CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

04f Zienswijzenrapport

Gemeenteraad 22 november 2022, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Mikado Horst.18.843 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan ‘Mikado Horst’

Zienswijzenrapport

Team Omgeving

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 2 van 42

INLEIDING Het initiatief betreft een wijziging het Mikado-terrein aan de Deken Creemersstraat 56 te Horst. Beoogd wordt de herontwikkeling van het verouderde Mikadocomplex. Dit complex wordt gesloopt en daar komen twee grote gebouwen voor terug. Deze gebouwen liggen straks in een “openbaar” park waarbij de Van Bornestraat opgaat in het te realiseren park. De Van Blitterswijckstraat en de Deken Creemersstraat blijven verbonden met een fietspad. Het plan zal 102 cliënten met een intensieve en complexe zorgvraag gaan huisvesten. Met deze maatregel wordt beoogd om cliënten met een intensieve zorgvraag beter in hun behoeften te voorzien en te zorgen voor continuïteit van de zorgverstrekking in de toekomst. Het ontwerpbestemmingsplan heeft op grond van het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening gedurende zes weken voor eenieder ter inzage gelegen met ingang van 24 juni 2022. De periode waarbinnen zienswijzen konden worden ingediend eindigde op 5 augustus. Van deze mogelijkheid van zienswijze is 7 keer gebruik gemaakt. Deze zienswijzen zijn binnen de termijn ingediend en ontvankelijk. Daarnaast heeft er tijdens de zienswijzentermijn een gesprek plaatsgevonden met de wethouders (Roy Bouten en Eric Beurskens) en een aantal omwonenden op 14 juli 2022.

De uitkomsten van dit gesprek worden niet nadrukkelijk genoemd in deze nota, omdat alle punten verspreid over de ingediende zienswijzen aan het licht zijn gekomen. Ter bescherming van de persoonsgegevens van de reclamanten is deze nota anoniem opgesteld en derhalve is aan elke zienswijze een nummer toegekend. Ontvankelijkheid Alle zienswijzen zijn binnen de termijn van ter inzagelegging ingediend. Indeling van deze nota Hieronder zijn de ingediende zienswijzen samengevat en direct aansluitend, per onderdeel, (in cursief) beantwoord (deel I). Per zienswijze is afgesloten met een conclusie, waarin ook de consequenties voor het bestemmingsplan zijn aangegeven. Vervolgens volgt een overzicht van de wijzigingen in het plan (deel II), waarbij onderscheid is gemaakt naar wijzigingen in de toelichting, regels en op de verbeelding na zienswijzen en ambtshalve wijzigingen. Tenslotte staat in de conclusie (deel III) het voorstel aan de raad hoe met de zienswijzen rekening gehouden zou kunnen worden bij vaststelling van het bestemmingsplan.

Pag. 3 van 42

I SAMENVATTING VAN DE INGEDIENDE ZIENSWIJZEN

Reclamant 1 Samenvatting De zienswijze van reclamant heeft betrekking op de volgende punten. a. Met de manier van bebouwing zoals gepland, wordt niet de verbinding met de wijk en geborgenheid bereikt. De muren van met name gebouw B, zorgen alleen voor een afscheiding in plaats van verbinding van de bewoners Dichterbij met de bewoners van de buurt. Er is geen open karakter. b. Dichterbij kan de impact van het gebouw visueel beperken. Vanuit de Van Blitterswijckstraat is er alleen zicht op een 'dode' muur. De Van Bronckhorststraat heeft dan nog het geluk van de brede groenstrook voor het gebouw. Waarschijnlijk nu niet ter zake doende, maar graag willen wij toch nog de optie aangeven om ter hoogte van de Van Blitterswijckstraat in ieder geval een doorkijk (glaswand) naar het geplande park is. c. Het fietspad is volgens het plan dadelijk eigendom van Dichterbij. Wie garandeert dat dit in de toekomst een doorgang van de buurt naar het centrum blijft en niet afgesloten gaat worden op het moment dat blijkt dat het toch niet zo'n veilige omgeving voor de cliënten is? Wie garandeert dat het park, openbaar), in te toekomst en doorgang van de buurt naar het centrum blijft. d. Wat als het budget van Dichterbij op is en er geen onderhoud meer wordt gepleegd net als afgelopen jaren het geval was? e.

Zoals nu de inrichting van het park wordt weergegeven, lijkt het erop dat er parkeerplaatsen aan de Van Blitterswijckstraat gepland staan, terwijl er is toegezegd dat deze komen te vervallen; hoe wordt er omgegaan met de toezeggingen als blijkt dat deze in werkelijkheid toch heel anders uitpakken; waar staan we dan als buurt? Machteloos? Wat zijn onze rechten? Reactie: 1.a) Het concept van de beoogde nieuwbouw ziet op de openbare ruimte toegankelijk te maken voor de woonwijk, hierdoor zal de openbare ruimte juist veel ruimtelijker en groen ogen. Doordat het gebied zowel voor de toekomstige bewoners van Mikado als de omwonenden toegankelijk zijn, kan er meer interactie plaatsvinden waardoor juist verbinding met de wijk mogelijk is. In het ontwerp is rekening gehouden om de verbinding met de wijk te optimaliseren en de geborgenheid van de bewoners te waarborgen. Dat vraagt om een balans tussen open en gesloten die in dit gebouw beter tot hun recht komen dan voorheen. De geleding van het gebouw en de gevelindeling zijn hierop aangepast. 1.b) De impact en beleving van de gevel aan de Van Blitterswijckstraat is geminimaliseerd door een variatie in gevelopeningen door ramen te laten verspringen van breed naar smal, de gevellengtes aan te laten sluiten op de schaal en maat van de omgeving, voor zover mogelijk.

De ramen op de begane grond zorgen voor een betere verbinding met de bewoners op een veilige manier. Door het aanbrengen van kleurnuances in de gevel ontstaat een vriendelijk beeld waarbij extra detaillering in de gevel het gebouw een plastische gevel geeft. De gevel aan de Van Blitterswijckstraat betreft een voorgevel met ramen en een (nood-)deur.

Pag. 4 van 42

1.c) De gemeente en Dichterbij hebben de afspraken over de inrichting van de buitenruimte vastgelegd in de anterieure overeenkomst. Daarnaast is dit fietspad nu een openbaar pad. De afsluiting van het fietspad is wettelijk niet toegestaan zonder een raadsbesluit voor het afsluiten van dit pad. 1.d) De gemeente en Dichterbij hebben naast de afspraken over de inrichting van de buitenruimte ook afspraken gemaakt over het beheer. Deze zijn vastgelegd in de anterieure overeenkomst. Het inrichtingsplan moet volgens de overeenkomst worden nageleefd. De gemeente kan Dichterbij een boete opleggen als de afspraken uit deze overeenkomst niet worden nageleefd. 1.e) Het inrichtingsplan is inmiddels aangepast. De parkeerplaatsen worden aangeduid met de bestemming verkeer in het bestemmingsplan om hier meer zekerheid over te bieden. Conclusie De zienswijze geeft aanleiding tot het opnemen van een verkeersbestemming in het bestemmingsplan.

Pag. 5 van 42

Reclamant 2 Samenvatting a. De omgevingsdialoog betrof een monoloog en in december 2021 pas kennis mogen nemen van de uiteindelijke nieuwbouwplannen. Met de zorgen vanuit de buurt is niets gebeurd, slechts genoteerd. De plannen werden gepresenteerd alsof ze niet meer aanpasbaar waren, mede omdat ze al tot in detail waren uitgewerkt en het volgens Dichterbij financieel niet haalbaar was om hier nog veranderingen in aan te brengen. Ons inziens betekent dit per definitie dat de buurt te laat door Dichterbij is betrokken bij hun ware plannen. b. Een immens gebouw, niet passend in een woonwijk. De gebouwzijde aan de Van Blitterswijckstraat ligt te dicht op straat en is lelijk. c. Het verdwijnen van openheid, verbinding en overzicht binnen de wijk door afgebakend terrein d. De grote negatieve gevolgen van de verkeersintensiviteit Reactie: 2.a) Op basis van vaste jurisprudentie geldt in de basis dat het bieden van inspraak voorafgaande aan de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan geen onderdeel uitmaakt van de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geregelde bestemmingsplanprocedure. Wij verwijzen in dit kader (bijvoorbeeld) naar de recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 28 april 2021 (ECLI:NL:RVS:NL:RVS:2021:920).

Dit maakt dat het niet bieden van inspraak in die eerdere fase voorafgaand aan de terinzagelegging geen gevolgen heeft voor de rechtmatigheid van het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. In dit geval heeft er echter wél – onverplicht – een vorm van inspraak plaatsgevonden door middel van een omgevingsdialoog omdat wij hier als gemeente waarde aan hechten. Eenieder is in de gelegenheid geweest om een reactie op de plannen te geven via een inspraakreactie en/of door aanwezig te zijn op de gehouden informatieavond tijdens de inspraakperiode. Vanaf 2018 wordt de buurt betrokken bij het planvoornemen. Hierna zijn de plannen aangepast. Dit bleek niet voldoende, derhalve is in maart 2022 een nieuw omgevingsdialoog gevoerd met de omgeving om de aangepaste plannen voor te leggen. Initiatiefnemers beseffen zich desalniettemin dat de communicatie na het aanpassen van het plan intensiever had gekund.

Naar aanleiding van de omgevingsdialoog van maart zijn een paar aanpassingen gedaan aan het plan: - Terugkeer van de dierenweide - Terugkeer van het sportveldje - Extra speeltuin - Het verplaatsen van de buitenruimte (het torentje) van de Van Bronckhorststraat naar de binnenzijde van het terrein Door Dichterbij is in juni opdracht gegeven aan de architect om een studie te doen naar mogelijke ingrepen die onder andere betrekking hebben op de opmerkingen die gemaakt zijn tijdens de omgevingsdialoog. Het betreffen ingrepen ten aanzien van het opknippen van de volumes, variatie in gevelopeningen, inpassing van installaties op het dak en de materialisatie en kleurstelling van gebouwen A en B. Concreet zijn de kleuren, het materiaal en de omlijsting van de ramen veranderd. Deze wijzigingen maken onderdeel uit van het gebouw binnen de kaders van het bestemmingsplan. Deze aanpassingen zijn onderdeel van de vergunningsaanvraag en daarom maakt dit voor het bestemmingsplan niet uit. In het bestemmingsplan is de positionering van de

Pag. 6 van 42

gebouwen belangrijk omdat die vast komen te liggen in de verbeelding en de regels. Tenslotte wordt in overleg met Dichterbij, de gemeente en de buurtbewoners de parkeerplaatsen op het terrein ingepast en het beplantingsplan ingevuld. In de omgevingsdialoog zijn er verschillende alternatieven geopperd door buurtbewoners - alle gebouwen één- of tweelaags uit te voeren. Dit is voor de initiatiefnemer financieel niet haalbaar. - Gebouw B te verplaatsen van de Van Blitterswijckstraat naar de Van Bornestraat. Dit is omwille van de inrichting van de buitenruimte niet wenselijk. Daarnaast zou dit het probleem verplaatsen naar de Van Bornestraat. - Gebouw B uitvoeren in T-vorm. Dit is niet haalbaar met de zorgvisie van de initiatiefnemer omdat de zichtlijnen op de buitenruimte essentieel zijn voor een optimaal gebruik van de gebouwen en het park. Deze zouden verdwijnen als het gebouw een andere vorm krijgt. Daarnaast is het realiseren van de extra binnenhoek op de verdiepingen niet haalbaar omdat er dan kamers zouden ontstaan waar nooit zonlicht binnenkomt. Dit is onwenselijk voor de bewoners van de kamers. - Alle parkeerplaatsen naar de Deken Creemersstraat. Er zijn enkele parkeerplaatsen nodig bij gebouw B voor verhuizingen, huisarts e.d. 2.b) In de huidige situatie worden alle straten omsloten door gevels die relatief dicht op de wegen staan.

Hierdoor wordt de beschikbare ruimte als het ware volledig benutte, de centrale buitenruimte die overblijft achter deze panden is niet toegankelijk voor de woonwijk. In tegenstelling tot de bestaande situatie is het concept van de beoogde nieuwbouw om de openbare ruimte toegankelijk te maken voor de woonwijk, hierdoor zal de openbare ruimte juist veel ruimtelijker en groen ogen. Het geclusterd bouwen met een hogere bouwhoogte maakt door de compactheid meer ruimte vrij in de openbare ruimte. Hierdoor zal er meer licht, lucht en ruimte zijn in de wijk. Het gebouw past in de woonwijk omdat de bouwhoogte niet dusdanig groot afwijkt van de aanwezige bouwhoogtes in de wijk. De meeste bebouwing uit de omgeving bestaat uit 2 bouwlagen met kap, met maximaal 3 bouwlagen zijn de beoogde gebouwen dus niet disproportioneel hoger dan de gebouwen in de omgeving. Bovendien wordt voor Gebouw A de bouwhoogte geleidelijk opgebouwd, waardoor het minder fors is. Omdat de gebouwen compact zijn, is er meer buitenruimte. Zo worden de gebouwen op een grotere afstand van de bestaande wegen gepositioneerd, er zal dus geen sprake meer zijn van de benutte ruimte. Door het creëren van een grotere afstand tot de omgeving blijft de verhouding tussen openbare ruimte en de bouwhoogte intact.

De impact en beleving van de gevel aan de Van Blitterswijckstraat is geminimaliseerd door een variatie in gevelopeningen door ramen te laten verspringen van breed naar smal, de gevellengtes aan te laten sluiten op de schaal en maat van de omgeving, voor zover mogelijk. De ramen op de begane grond zorgen voor een betere verbinding met de bewoners op een veilige manier. Door het aanbrengen van kleurnuances in de gevel ontstaat een vriendelijk beeld waarbij extra detaillering in de gevel het gebouw een plastische gevel geeft. De gevel aan de Van Blitterswijckstraat betreft een voorgevel met ramen en een (nood-)deur. 2.c) Zie antwoord 1.a. Het park wordt niet afgebakend door Dichterbij. Het concept is dat iedereen van het park gebruik kan maken. Er zijn een paar tuinen ingetekend waar enkel bewoners kunnen komen. Het grootste deel van het park (circa 85% à 90%) is openbaar toegankelijk.

Pag. 7 van 42

2.d) In de huidige situatie waren 115 zorgwoningen aanwezig. Dit betroffen eveneens zorgwoningen. In die situatie vond eveneens wisseling van diensten van personeel plaats, werden bewoners met taxi’s opgehaald en weggebracht en kwamen bezoekers en leveranciers langs. Dit zal in de huidige situatie niet anders zijn. Daarbij geldt dat het aantal zorgwoningen daalt naar maximaal 102 zorgwoningen. Derhalve kan worden geconcludeerd dat de verkeersgeneratie beperkt zal dalen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Pag. 8 van 42

Reclamant 3 Samenvatting a. Hoe wordt aangetoond dat het initiatief haalbaar is, het verhogen van het gebouw en de vormverandering van het bouwvlak, en er is sprake van een goede ruimtelijke ordening? b. Wat maakt dat er buiten het bouwvlak gebouwd mag worden? Wat maakt dat de maximale bouwhoogte overschreden mag worden? c. Waarom is er besloten om de plannen te wijzigen? Dit wordt met twee feiten afgedaan. Nieuw zorgconcept en geld. d. Er is gebrekkig en niet transparant gecommuniceerd richting de omgeving. Vanaf september 2021 zijn we niet/in een te laat stadium geïnformeerd. Dit zorgt niet voor verbinding met de wijk, wat wel de wens was. e. Zo’n groot project past niet in een woonwijk f. In hoeverre gaat het om een nieuw zorgconcept? De doelgroepen die zijn benoemd, woonden eerder ook in de huidige bebouwing. g. Hoe wordt ‘overlast’ van cliënten met bijvoorbeeld gedragsproblemen opgelost? h. Figuur 5 klopt niet meer. De parkeerplaatsen aan de Van Blitterswijckstraat zouden verplaatst worden naar Deken Creemersstraat. i. Op grond van de NOVI dient een goede leefomgevingskwaliteit te worden gerealiseerd en dient een gezonde en veilige fysieke leefomgeving te worden gewaarborgd en bevorderd. Ziet dit doel op de gehele woonwijk of enkel voor cliënten van Dichterbij? j. Op grond van de NOVI dient zorg te worden gedragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften.

Wat is de definitie van de woonbehoefte van de cliënt? Een ruimte van 6 x 6,5? k. Op grond van de NOVI dient de ruimte zorgvuldig te worden benut door in bestaand bebouwd gebied te voorzien in nieuwbouw (inbreiding) en dient overprogrammering te worden voorkomen. Wat is de winst van dit initiatief? De woonplekken nemen slechts af van 115 naar 102 woonplekken l. De toekomstige (zorg)woningen dienen volledig gasloos te worden gerealiseerd en indien mogelijk, zullen de toekomstige woningen voorzien in het duurzaam opwekken van energie. Hoe gaat dit eruit zien? Wordt het gebouw nog kolossaler in aanzicht? m. Er wordt gesproken over een stedelijke ontwikkeling, maar Horst is een dorp. Kan hierdoor de mismatch zijn gemaakt in grootte en hoogte van het gebouw? n. Waarom is overgegaan op hoogbouw? o. De hoogbouw past niet in onze woonwijk. p. Voor wie past het initiatief binnen de vigerende beleidskaders . q. De bewoners zijn betrokken geweest bij het ontwerp van de locatie. De wijk is hierin niet meegenomen. r. Waarom zijn de bestaande woningen niet opgeknapt? s. Er is altijd aangegeven dat Dichterbij kleinschaliger wilde. Wonen in een groep zoals hier omschreven, ging ook al op de locatie zoals hij was. t. Wij verwachten niet dat er 102 cliënten graag hier komen wonen. Wat als niet alle woningen bewoond worden? Wat is het risico m.b.t.

leegstand? Komen er in dat geval asielzoekers of vluchtelingen in het pand wonen? u. Hoe goed is deze doelgroep in staat om de gevolgen te overzien van de toekomstige woningen? Wij zien vereenzaming in het verschiet liggen. Voor een kleine groep die zichzelf kan verplaatsen zal het mogelijk een verbetering zijn. v. Hoe komen de niet mobielen cliënten in de gezamenlijke ruimtes met het huidige personeelstekort?

Pag. 9 van 42

w. De woonkwaliteit van de bewoners wordt bevorderd door de aanwezigheid van diverse voorzieningen. Dat is mooi en hopelijk een reëel plan op basis van het beschikbare budget. x. Het gebouw is kolossaal en ligt met ‘de rug’ naar de woonwijk toe en past niet in onze woonwijk. Er is derhalve geen sprake van een aantrekkelijk, sociaal, gezond en veilige omgeving. y. De POVI houdt vast aan een dynamisch en flexibel woonbeleid, de woonbehoeften van de Limburger zijn daarbij Leidend. Hoe leidend zijn de woonbehoeften van de wijk? Hoe leidend zijn de woonbehoeften van de cliënten van Dichterbij? Of is 'het project' leidend? Dit laatste lijkt leidend terwijl doelen resultaat uit het oog verdwijnen. z. Het is een gemiste kans dat verouderde en niet courante bestaande woningen niet toekomstgeschikt zijn gemaakt. aa. Zijn de parkeerplaatsen aan de zijde van de Blitterswijckstraat nodig? Hulpdiensten (bijvoorbeeld ambulance) parkeert ten alle tijden zo dichtbij mogelijk. Dus bij de deur en niet op deze parkeerplaats. Het zou erop neer komen dat er maximaal 2 auto’s geparkeerd worden op deze parkeerplaats. Wat maakt dat hier niet groen komt zodat het zicht vanuit de Van Blitterswijckstraat verbetert? bb.

Hoe wordt er omgegaan met beschikbare parkeerplaatsen wanneer er taxi’s of medewerkers parkeren? In hoeverre is er een mogelijkheid om een clausule te maken dat de medewerkers van het object enkel op eigen terrein aan de zijde Deken Creemersstraat parkeren en niet op de openbare parkeerplaatsen in de wijk? cc. Het initiatief maakt de kloven groter en wordt het reeds aanwezige sterk sociaal weefsel tenietgedaan. Dit is niet in lijn met de POVI. dd. Waarom wordt in de toelichting verwezen naar plan Meterik? ee. Voor wie draagt voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling bij aan het creëren van een aantrekkelijke leefomgeving conform POVI Limburg? ff. Voor wie zijn dit de juiste woningen op de juiste plek op het juiste moment? Moge duidelijk zijn dat dit niet de juiste woning op de juiste plek is. Het gebied bij de Twinkeling zou onzes inziens beter passen. gg. De vraag is of de woningen wel voor iedereen toegankelijk en betaalbaar is. Wat wordt de huurprijs? hh. In de toelichting staat dat flexibiliteit noodzakelijk is voor mensen die snel huisvesting nodig hebben. Betekent dit dat er mogelijk asielzoekers of vluchtelingen in het pand worden gehuisvest? ii. Kan de beoogde bewoner bepalen hoe hij wil wonen? Woningen in gebouw B hebben een ruimte van 6 x 6,5. jj. Heeft de wijk niet de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op de woonomgeving? kk.

De geplande grootte en hoogte van het gebouw past niet op deze locatie in deze woonwijk. ll. Is het feit dat het initiatief voorziet in een kwalitatieve en kwantitatieve behoefte en het bevorderen van doorstroming een reden voor groen licht? mm. De bebouwing is te groot en te hoog en vormt geen afronding van de dorpsrand. De locatie Twinkeling is dit wel. nn. Het initiatief draait enkel om de cliënten en de plannen van Dichterbij. Hoe wordt de omgevingskwaliteit en leefbaarheid voor de wijk? oo. Wat gaan deze plannen betekenen voor de waardeontwikkeling (daling) van onze woning? Komt de gemeente hierin ook tegemoet? pp. Voor wie zijn de gebouwen strategisch geplaatst en voor wie is het een kwaliteitsverbetering? qq. Het is niet meer mogelijk de bestaande woningen te transformeren om de balans in vraag en aanbod te herstellen omdat de huidige bebouwing al is gesloopt. rr. Als buren van het object hebben we altijd goed contact gebod met cliënten en medewerkers en dit willen we graag zo houden. De cliënten vormen een verrijking voor de buurt en wij gunnen ze een fijne om te wonen. Het kan echter toch niet zo zijn dat dit ten koste gaat van. De indruk bestaat dat het gebouw nu de regie vormt over onze buurt. Dichterbij keert de muren naar ons toe. Telt onze visie niet mee? ss. Blijft ondersteuning van de buurt?

Pag. 10 van 42

tt. Past de uitvoering in deze vorm wel in de Woonzorgvisie Horst aan de Maas? uu. Wanneer vindt de welstandstoets plaats en wordt deze gepubliceerd/worden wij als buurt hiervan op de hoogte gesteld? vv. Als de 'nieuwe' verplaatsingen worden toegedeeld aan de Deken Creemersstraat en de Van Blitterswijckstraat, dan wordt verwacht dat deze wegen de 'nieuwe' verkeersbewegingen goed kunnen verwerken. Er werd ons verteld dat dit niet zou gebeuren. De Blitterswijckstraat is niet hiervoor bedoeld en kan deze verkeersstromen niet veilig verwerken. ww. Het gebouw komt niet op grotere afstand van de Blitterswijckstraat. Het gebouw komt direct aan het trottoir te liggen op hemelsbreed 30 meter afstand van onze woning. xx. Wat doen de ‘industriële’ luchtbehandelingskasten met akoestiek? Vanwege de luchtbehandelingskasten o het dak zal het geluid toenemen ten opzichte van het normale gebruik. Buurtbewoners hebben hierdoor een grotere kans op geluidtoename waardoor de rust verstoord kan worden. Op welke wijze is hiermee rekening gehouden? Is bij de geluidsmetingen hiermee ook rekening gehouden? Zo ja, op welke wijze heeft de meting hiervan plaatsgevonden? In hoeverre is nagedacht over geluiddempende afscheidingen? In hoeverre wordt rekening gehouden met maatregelen welke de beperkingen van overlast aan de buurt/hinder voor de wij verminderen. yy.

De richtafstanden zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk of een vergelijkbaar omgevingstype (zoals een rustig buitengebied, een stiltegebied of een natuurgebied). Blijft dit zo 30 meter van onze woning? zz. Gebouw B dan toch verplaatsen? Argument was eerder dat dit gebouw niet verplaatst kon worden omdat er kabels en leidingen liggen. aaa. Hoe is de bereikbaarheid voor de brandweer in dit gebouw zoals nu gepresenteerd? Wat te doen met de beperkte in- en uitgangen en niet/minder mobiele cliënten op 2 en 3 hoog? bbb. De zon schijnt ook na 17:00 uur en de zon gaat achter het grote gebouw aan de Van Blitterswijckstraat onder. Waarom vindt het onderzoek plaats tot 17:00 uur. Juist in de lente- en zomermaanden zitten wij in de tuin en hebben wij wel last van de zon die eerder achter het gebouw verdwijnt. Dit zien we nergens terug in de bezonningsstudie. Dit geldt voor meerdere bewoners in de omgeving. ccc.Jammer dat we niet voor het indienen van de zienswijze de tekeningen te zien krijgen. Hier is herhaaldelijk om gevraagd. Hoe komt het zicht eruit te zien vanuit de van Blitterswijckstraat? Ons uitzicht gaat er uitzien vergelijkbaar met een Dendroncollege, denken we, op basis van de getoonde tekeningen op de website van Dichterbij.

Dit met de kanttekening dat het Dendroncollege op ongeveer 42 meter van de woningen gebouwd is en gebouw B op ongeveer 30 meter van onze woning. ddd. We horen van alle kanten tijdens de bijeenkomsten dat het budget beperkt is. Met de huidige stijgende prijzen en economische malaise stellen we vraagtekens bij de financieel economische haalbaarheid. De praktijk bewijst structureel anders bij grote projecten. Denk aan Gasthoes. eee. Omgeving is onvoldoende bij de planvorming te betrekken. De informatie is erg wollig, cliëntgericht en concrete feiten die van belang zijn voor de buurt ontbreken. Pas in december 2021 werden de gewijzigde plannen eenzijdig gepresenteerd. fff. De omwonenden omarmen de ontwikkeling volledig niet. Er zijn slechts enkele minimale wijzingen gedaan. Het issue wordt niet meegenomen ggg. Enkele jaren geleden heeft het object een enquête in de buurt gehouden. Deze enquête wordt nu door het object gebruikt om ons 'tegemoet' te komen. Wij wilden meer groen, meer parkeerplaatsen, een speeltuin en een volleybalveld. We hebben en willen dit behouden in onze eigen straat zodat onze kinderen laagdrempelig en veilig bij huis kunnen spelen. In de plannen van het object wordt nu echter onze bestaande speeltuin en volleybalveld verplaatst naar hun park, grotendeels achter hun hoge muren en aan ons zicht onttrokken. hhh.

Onze straat wordt structureel door het object vergeten. Tekenend is bijvoorbeeld dat de Van Blitterswijckstraat in de laatste informatiebrief van Dichterbij d.d. 1 juni 2022 niet eens wordt benoemd. Dit terwijl de gevolgen van de nieuwbouwplannen juist voor de Van Blitterswijckstraat groot zijn. Voorbeelden zijn de tekeningen die getoond worden in het document 'Omgevingsdialoog'; P. 22 Regel 7: Terugliggende hoogteaccenten. De Deken Creemersstraat en Van Bronckhorststraat worden getoond. De Van Blitterswijckstraat wordt niet getoond. Dit terwijl beide genoemde straten verbetering zien in 'line of sight' en de Van Blitterswijckstraat niet.

Pag. 11 van 42

iii. Wat betreft de tekening op P. 24. Hoe reëel is dit zicht voor de wijk? Dit is een tekening vanuit de Van Bronckhorststraat (figuur 7). Het gebouw wordt volledig gecamoufleerd en het zicht vanuit de Van Blitterswijckstraat is niet te zien. jjj. Verder werd de informatie ('omgevingsdialoog') van het object over de voortgang van het project alleen naar het eerste gedeelte van onze straat verstuurd. Dit ondanks het herhaaldelijk verzoek aan het object om de gehele straat te informeren. De gehele straat maakt zich zorgen en wenst geïnformeerd te worden, dit beperkt zich niet tot het eerste gedeelte. Aldus de door de gehele straat ondertekende brief d.d. 13 juni, die recentelijk verstuurd is naar onder andere alle fracties van de gemeente Horst aan de Maas. Daar komt bij dat wij en ook andere bewoners van onze straat meermaals het object hebben verzocht een aanzicht van het nieuwe gebouw vanuit onze straat te overleggen. Hoe gaat het gebouw er daadwerkelijk uitzien vanuit onze straat? Dit verzochte aanzicht hebben we tot op heden niet ontvangen. Wat wordt/is er gedaan met de ondertekende brief ingestuurd aan college B&W Horst aan de Maas, leden gemeenteraad en politieke partijen? kkk.Wat doet het gebouw met onze privacy? lll. Wat worden afspraken rondom onderhoud/ uitstraling van het object en het omliggende park? mmm.

Reactie: 3.a) De toelichting van het bestemmingsplan toont aan dat het initiatief haalbaar is en er is sprake van een goede ruimtelijke ordening. Uit de toelichting blijkt dat het initiatief in lijn is met het geldende beleid en uit de beoordeling van de milieuaspecten en de bijbehorende onderzoeken tonen aan dat de verschillende milieuaspecten geen belemmeringen opleveren voor het beoogde initiatief en dat het initiatief geen belemmering oplevert voor de omgeving. 3.b) Het is niet toegestaan buiten het bouwvlak te bouwen en de bouwhoogtes mogen worden overschreden. Het initiatief past op grond van het geldende bestemmingsplan ‘Peelkernen’ niet binnen de geldende bouwregels. Derhalve is onderhavig bestemmingsplan opgesteld, waarin regels zijn opgenomen die het initiatief mogelijk kunnen maken. 3.c) Het concept van de nieuwe ontwikkeling staat nog altijd overeind: Het concept rust op één fundamentele keuze: Dichterbij wil de talenten ontwikkelen van hun bewoners en medewerkers. Dit is en was het vertrekpunt: je leeft en werkt vanuit jouw talent. Dichterbij spreekt niet meer over ‘wonen’ of ‘dagbesteding’, maar over het maken van een zo zinvol mogelijk leven voor de bewoners. Waarin die bewoners de maximale autonomie en keuzevrijheid krijgen die ieder mens wenst. Dit wil Dichterbij bieden op alle vlakken: eten en drinken, bezig zijn, gezondheid, zelfstandigheid, enzovoorts.

De ontwikkeling van het concept heeft enkele jaren geduurd en de vertaling van de wensen en eisen naar een gebouwde omgeving die het concept maximaal ondersteund is gestart in 2018. Er zijn verschillende oplossingsrichtingen geweest waar het voorliggende plan functioneel voldoet en haalbaar is. 3.d) Zie hiervoor het antwoord op 2a. 3.e) Zie hiervoor het antwoord op 2b. 3.f) Het concept, zoals beschreven onder 3.c, wat vraagt om ruimtelijke verandering is de ruimte voor het ontwikkelen van het talent van de bewoners en medewerkers van de initiatiefnemer. De initiatiefnemer geeft aan

Pag. 12 van 42

dat hun nieuwe zorgconcept vraagt om een andere organisatie van zorg omdat ook de omgeving van bewoners ondersteuning moet bieden aan de ontwikkeling van het talent van elke bewoner en medewerker. 3.g) Dichterbij zet begeleiding en/of behandeling in om overlast voor de omgeving zoveel als mogelijk te beperken, binnen de juridische kaders waar Dichterbij zich aan dient te houden. Een zorgorganisatie kan hierbij tegen grenzen aanlopen. In dat geval zoeken ze de samenwerking op met partners in de zorgketen. Denk hierbij aan specialistische kennis, maar ook politie. 3.h) Deze opmerking is gegrond. In te toelichting wordt figuur 5 naar vaststelling aangepast in overleg met de bewoners. 3.i) Een goede leefomgevingskwaliteit op grond van de NOVI geldt voor eenieder. De toelichting en uitgevoerde onderzoeken tonen aan dat de beoogde ontwikkeling geen belemmering vormt voor de omgeving en de omgeving geen belemmering vormt voor de beoogde ontwikkeling. 3.j) Uit de toelichting blijkt dat onderhavig initiatief voldoet aan de behoefte. Dichterbij is een ervaren partij in het bieden van zorg en woningen voor de toekomstige bewoners. Het innovatieve woon- en leefconcept is ontwikkeld in intensief gesprek met de toekomstige bewoners, hun familie en vrienden en onze medewerkers.

Op basis van vele individuele gesprekken en groepsbijeenkomsten, waaruit de kaders voor wonen en leven naar voren zijn gekomen. De wens die vanuit de bewoners naar voren kwam is dat ze een omgeving hebben waar ze zelf kunnen beslissen waar ze zijn (prikkelrijk, prikkelarm, alleen, samen, privé, openbaar). Door appartementen te realiseren waar Dichterbij aan de vraag van eigen sanitair, eigen woonruimte, eigen slaapkamer tegemoet komt, maakt een woonomgeving die voor nu en voor de toekomst voldoet aan de vraag. 3.k) De beoogde ontwikkeling vindt plaats binnen bestaand stedelijk gebied. Daarnaast blijkt uit paragraaf 3.1.3 van de toelichting dat wordt voldaan aan de behoefte. Het beoogde aanbod speelt maximaal in op de persoonlijke woonwensen van de toekomstige bewoners. Er is sprake van maatwerk door middel van participatie. 3.l) De beoogde panden worden volledig gasloos gerealiseerd. Hierbij wordt de energievraag geminimaliseerd. De aanpassingen die hiervoor nodig zijn, zijn in de huidige omvang van de gebouwen reeds meegenomen. Indien initiatiefnemer voornemen heeft om maatregelen te nemen waardoor de gebouwen duurzaam energie opwekken zal daar, indien noodzakelijk, een omgevingsvergunning voor worden aangevraagd. 3.m) In paragraaf 3.1.3 in de toelichting van het bestemmingsplan ‘Mikado’ wordt de ladder voor duurzame verstedelijking besproken.

Een onderbouwing van de ladder voor duurzame verstedelijking is noodzakelijk als er sprake is van een zogenaamde ‘stedelijke ontwikkeling’. De definitie van een ‘stedelijke ontwikkeling’ is niet gekoppeld aan de locatie van het initiatief, maar ziet op het mogelijk maken van extra bebouwing. Een stedelijke ontwikkeling in het kader van de ladderonderbouwing heeft niets te maken met het feit of bepaalde bebouwing stedenbouwkundig gezien past binnen een gebied. 3.n) Vanwege de zorgvraag die toenemend zwaarder wordt is compact bouwen vereist. Minder lagen bouwen betekent grotere gebouwen (past niet op de kadastrale percelen) of meer gebouwen. Beide (alle) opties zijn tijdens de ontwikkeling onderzocht maar bleken financieel, technisch en/of zorgtechnisch niet haalbaar. 3.o) Zie het antwoord 2.b.

Pag. 13 van 42

3.p) Uit paragraaf 3.1.3. blijk dat het initiatief voorziet in de behoefte van zorgwoningen voor de beoogde doelgroepen; personen met alle soorten van verstandelijke beperkingen, met of zonder gedragsproblemen, voor alle leeftijden en met een indicatie vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). Daarnaast waren de voorheen aanwezige zorgwoningen oud en incourant. Door onderhavig initiatief wordt de openbare ruimte toegankelijk gemaakt voor de woonwijk, hierdoor zal de openbare ruimte juist veel ruimtelijker en groen ogen. Het initiatief levert derhalve en kwaliteitsverbetering op voor de omgeving. 3.q) De omwonenden zijn middels een omgevingsdialoog betrokken bij het planvoornemen. Zie verder het antwoord onder 2.a. 3. r) Initiatiefnemers hebben een financiële afweging gemaakt en een keuze gemaakt voor sloop van de bestaande woningen en vervangende nieuwbouw. Voor Dichterbij was sloop en nieuwbouw de minst gewenste optie. Uit onderzoek bleek echter dat de bestaande woningen ongeschikt waren om toekomstbestendig in te richten en aan te passen op de zorgvraag van de toekomst. Na uitgebreid onderzoek door de architect, constructeur en installatieadviseur bleek de bouwkundige en installatietechnische ingreep voor deze gebouwen echter zowel financieel als technisch (verdiepingshoogte, kolommenstructuur) niet haalbaar en is gekozen voor volledige sloop.

3.s) Het doel van Dichterbij is om de juiste en prettige leefomgeving van de bewoner op de beste manier te ondersteunen. Het concept van kleinschalige woongroepen blijkt niet aan te sluiten bij de vraag van hun huidige en toekomstige bewoners. Bewoners hebben meer behoefte aan een privéruimte met nabijheid van zorg. De nieuwe gebouwen zorgen dat de privé appartementen van de bewoners allemaal met de voordeur op gemeenschappelijke ruimtes uitkomen. Zo kan Dichterbij voldoen aan de wens van de bewoner en kunnen ze juiste zorg en begeleiding bieden. 3.t) Uit paragraaf 3.1.3 blijkt dat wordt voldaan aan de behoefte. Hierdoor wordt niet verwacht dat er leegstand zal ontstaan. Het huisvesten van arbeidsmigranten en/of vluchtelingen is niet rechtstreeks toegestaan binnen het nieuwe bestemmingsplan. Op dit moment wonen er 128 cliënten in Horst die allemaal in aanmerking komen voor een plekje in de nieuwbouw. De ontwikkeling van de woonomgeving faciliteert een plek waar bewoners hun hele leven kunnen (als ze dat willen) blijven wonen. Dichterbij voorziet geen terugloop in de vraag. 3.u) Op deze opmerking wordt niet verder ingegaan omdat er geen ruimtelijke relevantie aan kleeft. Zie antwoord 3.j. 3.v) Het personeelstekort wordt opgevangen door het clusteren van woningen en het aanpassen van de werkroosters van werknemers.

Daardoor wordt het mogelijk om met minder mensen specifieker voor bewoners te zorgen. Zo kan Dichterbij ook in de toekomst de benodigde complexe zorg leveren. 3.w) Voor kennisgeving aangenomen. 3.x) Zie antwoord onder 1.a.

Pag. 14 van 42

3.y) Het is een provinciale toetsing. De instelling heeft een bovenwijks karakter, dus de specifieke behoefte van de wijk is in deze niet getoetst en als zodanig ook niet relevant onder paragraaf 3.2.1 ‘Provinciale Omgevingsvisie (POVI)’. 3.z) Zie antwoord 3.r. 3.aa) Deze opmerking is deels gegrond. Een opstelplaats en enkele parkeerplaatsen zijn nodig aan de Van Blitterswijckstraat. Dichterbij heeft specifiek toegezegd dat de deur aan de Van Blitterswijckstraat expliciet geen reguliere in- en uitgang is voor bewoners, medewerkers en/of bezoekers. Deze uitgang is zoals beschreven een nooduitgang en voor hulpdiensten in geval van calamiteiten te gebruiken. Om dit ook in het bestemmingsplan duidelijker te maken worden de parkeerplaatsen met een bestemmingsvlak ‘verkeer’ aangegeven. 3.bb) In het bestemmingsplan is het niet mogelijk om een clausule te maken om medewerkers van het object op eigen terrein aan de Deken Creemersstraat op te nemen. In de bepaling van de vereiste parkeerbehoefte is rekening gehouden met het gebruik door personeel en andere diensten. Het aantal parkeerplaatsen is berekend om de parkeervraag volledig op te vangen. Er is daarom ook geen aanleiding om extra clausules op te nemen. 3.cc) Door onderhavig initiatief wordt de openbare ruimte toegankelijk gemaakt voor de woonwijk wat de kloof juist kleiner kan maken.

Doordat het gebied zowel voor de toekomstige bewoners van Mikado als de omwonenden toegankelijk zijn, kan er meer interactie plaatsvinden. 3.dd) De opmerking is gegrond. De verwijzing naar Meteriks Veld is abusievelijk in de toelichting opgenomen. Dit is onjuist en is uit de toelichting gehaald. In paragraaf 3.2.1 van de toelichting is nu onderhavig initiatief getoetst aan de Provinciale Omgevingsvisie. 3.ee) Onderhavig initiatief zorgt voor het toevoegen van hoogwaardige zorgwoningen, waardoor wordt bijgedragen aan het realiseren van woningen voor zorgbehoevenden. Met de inrichting van de buitenruimte wordt voorzien in het realiseren van een groene omgeving wat de leefbaarheid en gezondheid positief beïnvloed. 3.ff) Het is aan de initiatiefnemer om de locatie en de gebruiksdoelen daarvan af te wegen. In dit geval geeft de initiatiefnemer aan dat ze onderzocht heeft of de ontwikkeling past op de Twinkeling. Die locatie ligt aan de rand van het dorp aan de rondweg, dat strookt niet met de visie van inclusiviteit. De hoeveelheid appartementen kan er nooit 102 zijn op die locatie en daarnaast is dit technisch gezien, vanwege de aanwezige installaties (betonkernactivering), een onhaalbaar plan. 3.gg) De woningen zijn toegankelijk voor 102 bewoners met een zware, intensieve zorgbehoefte.

De ondersteuning die ze nodig hebben wordt gefinancierd vanuit de Wet langdurige zorg (afgekort Wlz). Voor zorg vanuit de Wlz geldt dat er blijvend 24 uur per dag intensieve zorg of toezicht nodig is. De bewoners betalen geen huur maar ontvangen huisvesting vanuit de Wlz. 3.hh) Dat flexibiliteit noodzakelijk is voor mensen die snel huisvesting nodig hebben en er geen overschotten moeten zijn die leiden tot leegstand zijn twee van de doelen uit de Limburgse Agenda Wonen 2020-2030. De beoogde zorgwoningen voorzien specifiek in de behoefte van de toekomstige bewoners. Dit sluit aan bij andere punten uit de Limburgse Agenda wonen, namelijk dat huidige en toekomstige woningen voorzien in de

Pag. 15 van 42

woningbehoefte en dat toekomstige bewoners en hun familie betrokken zijn bij het ontwerp. Zie verder het antwoord onder 3.t 3.ii) Zie het antwoord onder 3.j. 3.jj) De wijk is bij het ontwerp betrokken middels een omgevingsdialoog. Zie verder het antwoord onder 2.a. 3.kk) Zie het antwoord onder 2.b. 3.ll) Om een nieuw initiatief mogelijk te kunnen moet het initiatief niet in strijd zijn met de goede ruimtelijke ordening. Daarbij zijn meerdere factoren van belang en de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte vallen daar onder. Het is niet de enige reden om het initiatief mogelijk te maken, maar is wel van belang. 3.mm) Zie het antwoord 3.ff. 3.nn) Zie het antwoord 3.a en 3.i. 3.oo) Ten behoeve van het benodigde bestemmingsplan is getoetst aan de ruimtelijke principes en daaruit is gebleken dat het onderhavige initiatief voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Daarnaast heeft ook een belangenafweging plaatsgevonden en ook daaruit volgt dat belangen van omwonenden niet onevenredig worden geschaad. In deze zienswijzennota wordt dit op diverse onderdelen nog eens nader toegelicht. Voor zover gesteld wordt dat sprake is van een waardevermindering van de omliggende objecten wordt gewezen op de mogelijkheid om, nadat het planologisch kader (het bestemmingsplan) onherroepelijk is geworden, een verzoek om tegemoetkoming in planschade in te dienen.

Via de voorgeschreven procedure zal dan bepaald worden of sprake is van een waardevermindering van de betreffende objecten. Indien aan de orde zal dit vervolgens ook gecompenseerd worden. 3.pp) Vanuit stedenbouwkundig perspectief is het plan vanuit een integrale verkenning en analyse opgesteld. Daarbij is rekening gehouden met de omgeving en met de te huisvesten doelgroep. Hiervoor zijn beeldkwaliteitsregels opgesteld die op wijkniveau, gebiedsniveau, voor het gebouw en landschap van toepassing zijn. Zie verder het antwoord onder 1.a en 2.b. 3.qq) Zie antwoord 3 r. 3.rr) Wij achten de visie van de omgeving van belang. Derhalve is ook een omgevingsdialoog uitgevoerd. Verder wordt verwezen naar het antwoord 2.a). 3.ss) De initiatiefnemer heeft aangegeven dat de ondersteuning van mensen uit de buurt hetzelfde blijft. Dit sluit aan bij de ambitie van de initiatiefnemer, te noemen een zinvol en inclusief leven voor alle bewoners. 3.tt) De beoogde zorgverlening, de uitvoering, sluit aan bij de module ‘geclusterd wonen en woongroepen’ binnen de dorpskern uit de Woonzorgvisie Horst aan de Maas. Het plan van de initiatiefnemer zorgt dat mensen met een complexe zorgvraag een thuis in onze gemeente kunnen behouden. De uitvoering daarvan ligt bij de initiatiefnemer, want zij hebben de expertise in de zorg voor hun bewoners.

Pag. 16 van 42

3.uu) Het plan is voorgelegd aan de CRK in vooroverleg. De verslagen zijn openbaar en opvraagbaar indien gewenst. De beeldkwaliteitsregels (d.d. 15 maart 2022) opgesteld door Studio Komma en RROG zijn daarbij als leidraad gehanteerd. 3.vv) Het antwoord is uitgewerkt in de verkeerskundige memo afsluiten van de Van Bornestraat Horst door Grenspaal 12. 3.ww) In paragraaf 4.2 wordt ingegaan op wegverkeerslawaai. De Van Bornestraat, Van Bronckhorststraat en de Van Blitterswijckstraat zijn 30 km/uur-wegen. Dit zijn geen gezoneerde wegen. De Deken Creemersstraat is een 50 km/uur-weg. Gebouw A ligt verder van de 50 km/uur-weg dan de voormalige bebouwing. Wegverkeerslawaai vormt daarmee geen belemmering voor het planvoornemen. 3.xx) De luchtbehandelingsunits worden vrijwel altijd uit het zicht vanuit de openbare ruimte geplaatst voor een kwalitatief aanzicht, dit resulteert in een plaatsing meer naar het midden van het dakvlak. De afstand tot de woningen wordt daardoor dermate groot dat naar verwachting het aspect geluid geen belemmering vormt voor de omwonenden. De installatieadviseur heeft de geluidsbelasting van de LBK’s (die regulier voor dit soort woongebouwen en niet industrieel) berekend. Deze voldoen allemaal aan de wetgeving waardoor de geluidsbelasting op de omliggende woningen aan de norm voldoet. In de omgevingsvergunning wordt dit getoetst.

3.yy) Op het plangebied ligt op grond van het vigerend bestemmingsplan ‘Peelkernen’ de bestemming ‘Maatschappelijk’. De bestemming wordt middels bestemmingsplan ‘Mikado’ niet uitgebreid en ligt derhalve niet dichterbij de woningen. 3.zz) Paragraaf 4.6 gaat in op kabels en leidingen die zijn opgenomen in de risicokaart en bescherming behoeven. De kabels en leidingen die onder de gemeentelijke percelen liggen, zijn algemene nutsleidingen waarbij geen veiligheidszone geldt. Het is te kostbaar om het gebouw anders te positioneren omdat het verleggen van nutsvoorzieningen heel duur is. De positie van het gebouw t.o.v. de kabels en leidingen wordt nader onderzocht in de vergunningsprocedure. 3.aaa) De brandveiligheid van het gebouw wordt beoordeeld in de toetsing van de aanvraag omgevingsvergunning voor bouw. 3.bbb) Het is correct dat er op latere tijdstippen in de maanden maart, juni en september nog steeds zonlicht en dus schaduw-val is. Echter zal het ingaan op deze latere tijdstippen in deze situatie weinig tot geen verandering in de conclusie van het onderzoek brengen. Dit komt door onderstaande punten: • Een voldoende bezonningssituatie is niet zo zeer gericht op de bezonning op een specifiek tijdstip.

Wanneer de bezonning van een perceel bijvoorbeeld in de avonduren geen bezonning ontvangt, maar in de ochtend- en middaguren wel meerdere bezonningsuren ontvangt zal de bezonning alsnog voldoende zijn. Dit geldt natuurlijk ook voor omgekeerde situaties. • Daarnaast zorgt de zon na 17:00 uur voornamelijk voor schaduwval in het oosten. De gebouwen zijn dusdanig gepositioneerd dat de ze op een relatief grote afstand staan van percelen ten oosten van de gebouwen. Hierdoor zal de schaduwval in de latere uren beperkte invloed hebben.

Pag. 17 van 42

3.ccc) Naar aanleiding van de omgevingsdialoog en de opmerkingen van de stedenbouwkundige van de gemeente, heeft Dichterbij nog een aantal aanpassingen onderzocht en doorgevoerd. De tekeningen met de aanpassingen, waren nog niet gereed gedurende de zienswijzentermijn. Deze tekeningen zijn met name van belang voor de aanvraag omgevingsvergunning. De verbeelding behorend tot het bestemmingsplan is een plattegrond. Over de vergelijking met het Dendroncollege: De voorgevel van het Dendroncollege is ca 140m lang en geheel 11 meter hoog. De voorgevel aan de Van Blitterswijckstraat is totaal 67 meter breed en maximaal 9,8 meter hoog waarvan de laatste 12 meter getrapt zijn. De eerste (rechts) 10 meter valt 3 meter terug van de weg en de laatste (links) 20 meter valt ca. één meter terug. Alle woningen in de Van Blitterswijckstraat liggen met de zijgevel naar de ontwikkeling (dichtstbijzijnde woning op 30 meter). 3.ddd) Het is aan de initiatiefnemer om een plan te ontwikkelen wat bekostigd kan worden. Zie antwoord paragraaf 6.1.1 van de Toelichting van het bestemmingsplan. 3.eee) Zie antwoord 2.a. 3.fff). Zie antwoord 2.a. 3.ggg) De speeltuin (De Boemerang) ligt buiten het plangebied en blijft op de plek waar hij ligt wat deze ontwikkeling betreft. Het volleybalveld verschuift ca. 50 meter in het huidige voorstel.

3.hhh) We begrijpen de opmerking als kritische kanttekening bij de omgevingsdialoog van de initiatiefnemer. Het is niet de bedoeling geweest om iets of iemand te vergeten. 3.iii) De afbeeldingen zijn een impressie van de positionering van het gebouw in de omgeving. Het heeft geen betrekking op de bomen en de inrichting van het groen. Het is een verbeelding van de tekeningen om een gevoel voor de verhoudingen en grootte van de gebouwen te krijgen. 3.jjj) Zie antwoord 1.b en 3.hhh. Naar aanleiding van de brief die de inwoners van de Van Blitterswijckstraat op 13 juni naar de gemeente hebben verzonden, is het verspreidingsgebied van de informatie van de initiatiefnemer aangepast. Met ingang van juli 2022 krijgt de gehele Van Blitterswijckstraat ook de brieven. De raadsleden hebben de brief gekregen die op 13 juni is ingezonden. Deze brief is onder agendapunt 5 als brief nummer 32 behandeld op de raadsagenda van 6 september 2022. De brief is niet ontvankelijk voor verdere behandeling als zienswijze. 3.kkk) De wooneenheden in de derde bouwlaag van de nieuwbouw kunnen wellicht inkijk hebben op de percelen, het gaat dan met name om Van Blitterswijckstraat 7 en 44 aangezien deze het dichtstbij zijn gelegen. Het aantal eenheden dat eventueel inkijk heeft op de percelen is gelimiteerd.

Door de positie van de raampartijen, draaiing van gevels en positie van erfafscheidingen, zullen er hooguit 3 wooneenheden uitzicht hebben op het perceel van de Van Blitterswijckstraat 7, voor het perceel Bitterswijckstraat zal dit zullen dit hooguit 2 wooneenheden zijn. Hoewel dit natuurlijk een ongewenst effect is, zal de privacy inbreuk beperkt blijven. Enerzijds door de aanwezigheid van reeds aanwezige erfafscheidingen, anderzijds beperkt bestaande opgaande begroeiing in de openbare ruimte het zich op de percelen. Bovendien zal er aanvullend groen worden aangeplant bij de ontwikkeling, waardoor de inkijk nog verder beperkt wordt.

Pag. 18 van 42

3.lll) Het definitieve inrichtingsplan wordt samen met een beheerplan onderdeel van de anterieure overeenkomst. Zie antwoord 1.d. Conclusie De zienswijze is deels ongegrond en deels gegrond. Naar aanleiding van deze zienswijze worden de parkeerplaatsen met de aanduiding ‘verkeer’ opgenomen op de verbeelding van het bestemmingsplan. Figuur 5 van de toelichting van het bestemmingsplan wordt vervangen. Tenslotte wordt de tekst onder 3.2.1. over het Meteriks Veld verwijderd.

Pag. 19 van 42

Reclamant 4 Samenvatting a. Het gebouw past niet in het straatbeeld. b. Geen sprake van kleinschalige bebouwing en niet vergelijkbaar met de vorige bebouwing c. De omgevingsdialoog van maart was een monoloog want de plannen werden medegedeeld. Voor echte input en aanpassingen was geen ruimte. Dichterbij bleef benadrukken dat zij daarvoor geen financiële middelen heeft of dat de aangevoerde aanpassingen niet zouden passen bij de behoeftes van hun cliënten. Het kan niet zo zijn dat het financiële argument heilig is. We hopen dat de gemeente niet per definitie zwicht voor het financiële argument van Dichterbij. d. De huidige positionering van gebouw B sluit de buurt als het ware buiten. Dit gaat ten koste van de kwaliteit van leven van de huidige omwonenden. Er zal dus weinig tot geen inmenging met de buurt plaatsvinden. Onlangs werd er zelfs gesproken over afzettingen. Hoe verhoudt zich dit met het integreren in de buurt? De buurt wil een mooie, open en parkachtige omgeving. Iets waar Dichterbij in haar teksten ook mee schermt, maar als men dieper inzoomt op de plannen zal het object afgesloten worden van de buurt met een hoge muur. Vanuit de buurt heeft men aldus geen zicht op het park dat aan het zicht onttrokken is. e. Enkele jaren geleden heeft Dichterbij een enquête in de buurt gehouden. Deze enquête wordt nu door Dichterbij gebruikt om ons 'tegemoet' te komen.

Wij wilden meer groen, meer parkeerplaatsen, een speeltuin en een volleybalveld. In de plannen van het object wordt de bestaande speeltuin en volleybalveld verplaatst naar hun park, grotendeels achter hun hoge muren en aan ons zicht onttrokken. Daar zijn we het absoluut niet mee eens. De speeltuin en het volleybalveld (dat overigens zelf door de buurt is aangeschaft) horen in de wijk. Wij staan voor leefbaarheid in de buurt. Een toegankelijke speeltuin hoort daarbij. Als de speeltuin naar het terrein van het object wordt verplaatst kunnen onze kinderen niet meer in het zicht spelen, hetgeen cruciaal is om een gevoel van veiligheid en zichtbaarheid te borgen. De speeltuin dient daarom in de wijk te blijven. f. Het aanzicht van het gebouw vanuit de Van Blitterswijckstraat is onderbelicht omdat het de lelijkste kant van het gebouw is. Het gebouw staat direct aan het trottoir, van een groenstrook is geen sprake. g. In het ontwerpwijzigingsplan is aangegeven dat er ruimte moet zijn voor parkeerplaatsen aan de zijde Van Blitterswijckstraat. Volgens Dichterbij worden deze parkeerplaatsen bij hoge uitzondering gebruikt door onder andere de hulpdiensten. Wij betwisten dat deze parkeerplaatsen op deze plek nodig zijn. De hulpdiensten (bv. ambulance) parkeren immers ten alle tijden zo dicht mogelijk bij de deur en niet op een parkeerplaats.

Het zou erop neer komen dat er maximaal 2 auto's geparkeerd worden op deze parkeerplaats. De huidige plannen van Dichterbij tonen echter dat Dichterbij veel meer parkeerplaatsen aan de zijde van de Van Blitterswijckstraat wil maken. Wij maken ons dan ook zorgen dat de medewerkers van Dichterbij vooral daar gaan parkeren en niet op de hoofdparkeerplaats aan de Deken Cremersstraat. Dat geldt dan vooral voor de medewerkers die ook in gebouw B werken. De parkeerplaats aan de Van Blitterswijckstraat is immers veel dichterbij gebouw B dan de hoofdparkeerplaats. Er is ook een nooduitgang aan deze zijde en medewerkers zoeken toch vaak de kortste weg (vooral ook als het gaat om avond/nachtdiensten). Dat personeel wil niet over het hele (donkere) terrein lopen naar de parkeerplaats aan de Deken Cremersstraat. h. Aan de Van Bronckhorststraat komen in het plan van Dichterbij ook meer parkeerplaatsen. Doordat er zowel aan de Van Bronckhorststraat en de Van Blitterswijckstraat extra parkeerplaatskomen komen, zullen de verkeersstromen in onze wijk fors toenemen. Het verkeer wordt immers door onze wijk gestuurd. Daar is de wijk niet op toegerust. Het zal voor onveilige situaties zorgen. Auto’s rijden nu al veel te hard door de straat. Laat staan als er ook nog meer auto's komen. We maken ons zorgen over de veiligheid van onze kinderen.

De Deken Cremersstraat is daarentegen wel toegerust op dergelijke verkeersstromen. Dichterbij heeft aangegeven dat zij haar medewerker zal stimuleren om op de hoofdparkeerplaats te parkeren. Wij hebben er echter geen vertrouwen in dat het personeel daar gehoor aan zal geven. Ons inziens dient er op een andere wijze verzekerd te worden dat de parkeerplaats aan de Van Blitterswijckstraat niet door personeel gebruikt gaat worden of dat er veel minder

Pag. 20 van 42

parkeerplaatsen in onze wijk komen. In dat geval kan er ook veel meer groen geplaatst worden aan de zijde van de Van Blitterswijckstraat. i. Onderzoek over de grootte van het object in de woonwijk. De grootschaligheid van het gehele complex op deze wijze past niet in onze wijk (kolossaal gebouw aan de rand van het perceel) j. Verbeteren van het aanzicht vanuit de Van Blitterswijckstraat (nu in ontwerp een hoge muur en weinig tot geen groen) k. Afspraken over een 'groene compensatie' vanuit het aanzicht aan de Van Blitterswijckstraat (het gebouw komt direct aan de stoep, er is geen ruimte voor een groenstrook) l. Aangaan van een dialoog in plaats van de monoloog naar aanleiding van de communicatie met de bewoners van de Van Blitterswijckstraat (niet tot nauwelijks en/of gebrekkig) m. Behouden speeltuin en het volleybalveld in de wijk, niet binnen de muren van het object n. Wat worden afspraken rondom onderhoud/uitstraling van het object en het omliggende park? o. Afspraken rondom parkeren gebruikers object waarbij specifieke aandacht moet zijn voor het taxivervoer, vervoer medewerkers, vervoer familieleden, vervoer van was en andere benodigdheden. Parkeerplaatsen horen bij de hoofdingang, niet in onze wijk, daar is onze wijk niet op ingericht; p.

Afspraken rondom garanderen veiligheid in en rondom de Van Blitterswijckstraat? Verkeersstromen horen over de Deken Creemersstraat, niet door onze wijk (er zal een grote verkeerstoename plaatsvinden met alle risico's en gevolgen van dien) q. Bouwen met 'open' vizier. De verbinding met cliënten wordt minder in plaats van meer. Het object bouwt met de rug naar de wijk toe; r. Kleinschalig in plaats van grootschalig bouwen. Is deze grootschaligheid voor de cliënten van het object gewenst? Een eigen kamer in een groot gebouw werkt vereenzaming in de hand. Past dit wel bij de wijze waarop wij anno nu zorg willen bieden? Is dit kleinschalig?; s. Animo peilen. We vragen ons af of het animo zo hoog is voor een kamer van 6 x 6,5 meter. Wat als deze kamers niet 'vol' komen. Wat is het risico m.b.t. leegstand? Is er een plan B?

Reactie: 4.a) Zie antwoord 2.b. 4.b) De openbare ruimte zal door onderhavig initiatief juist veel ruimtelijker en groen ogen. Het geclusterd bouwen met een enigszins hogere bouwhoogte maakt door de compactheid meer ruimte vrij in de openbare ruimte. Hierdoor zal er meer licht, lucht en ruimte zijn in de wijk. Bovendien wijkt de bouwhoogte niet dusdanig groot af van de aanwezige bouwhoogtes in de wijk. Gebouwen A en B wijken af van de huidige vormgeving en positionering. Gebouw A heeft richting de buurt een toegankelijkere uitstraling gekregen. Gebouw B is aan de Van Blitterswijckstraat verdicht waardoor een groene bufferzone aan de Van Bronckhorstweg gerealiseerd kon worden. Het binnenterrein en de randen zijn tevens toegankelijk gemaakt. De compacte opzet van de bebouwing heeft gezorgd voor een open plangebied wat openbaar wordt en daarmee breder toegankelijk. Zie antwoord 1.a en 3.bbb 4.c) De gemeente vraagt een initiatiefnemer om de omgevingsdialoog te voeren. Zie hiervoor antwoord 2.a. Daarnaast toetst de gemeente of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De gemeente vindt het belangrijk dat mensen met een complexe zorgvraag in de gemeente kunnen blijven wonen, nu en in de toekomst. Het plan van Dichterbij zorgt dat mensen met een dergelijke beperking ook in de toekomst in Horst kunnen blijven.

Door de gebouwen meer te clusteren, is er ruimte voor meer openheid tussen de gebouwen, waardoor er ruimte komt voor kwalitatief en beleefbaar groen waar buren en cliënten elkaar kunnen ontmoeten. Dit draagt bij aan de kwaliteit van de omgeving in de buurt. De gemeente heeft erop aangedrongen dat de impact van gebouw B visueel beperkt wordt om de buurt tegemoet te komen. Hier heeft Dichterbij de nodige

Pag. 21 van 42

aanpassingen in doorgevoerd. De gemeente gaat niet over de financiën van de initiatiefnemer, zie daarvoor antwoord 3.ccc. 4.d) Dichterbij realiseert een open parkomgeving tussen en om de gebouwen. Zie antwoord 2.c. 4.e) Zie antwoord 3.ggg. 4.f) Zie antwoord 3.ww. en 3.hhh. 4.g) Deze opmerking is gegrond. Zie antwoord 3.h en 3.aa 4.h) Zie antwoord 3.bb. en 3.vv. 4.i) Zie antwoord 2.b. Een onderzoek naar de grootte van de toekomstige gebouwen wordt niet noodzakelijk geacht. 4.j) Zie antwoord 1.a. en 3.a. 4.k) De groene zoom loopt geheel om het complex heen. Aan de Van Bronckhorststraat aan de gebouwzijde, aan de Van Blitterswijckstraat aan de overzijde van de straat. Zie antwoord 3.ww. 4.l) Zie antwoord 2.a. 4.m) Zie antwoord 3.ggg. 4.n) Zie antwoord 3.lll. 4.o) Zie antwoord 3.bb. 4.p) Zie antwoord 2.d en 3.vv. 4.q) Zie antwoord 1.a en 3.x. 4.r) Zie antwoord 3.s. 4.s) Zie antwoord 3.j. Conclusie De zienswijze is deels gegrond en deels ongegrond. Naar aanleiding van deze zienswijze wordt figuur 5 aangepast in de toelichting van het bestemmingsplan. Daarnaast wordt een verkeersbestemming opgenomen voor de parkeerplaatsen in de verbeelding van het bestemmingsplan.

Pag. 22 van 42

Reclamant 5 Samenvatting a. Wat is de reden dat een ontwerp 180 graden gewijzigd word in 6 maanden tijd terwijl men al 5 jaar bezig is? b. De omgevingsdialoog was onvoldoende. c. Omheining om het terrein/park komt zodat cliënten niet weg kunnen lopen. Hoe past dit in een open en uitnodigende parkuitstraling? dit is nooit gedeeld met de omgeving in alle gesprekken en themaavonden. d. Er komt een muur van 200 meter. Dit woon concept wijkt niet af van wat er voorheen stond op het Mikado terrein e. De omvang, de positie de uitstraling van het gebouw aan de Van Bornestraat, Van Bronckhorststraat en Van Blitterswijckstraat past niet; f. Dichterbij heeft altijd gecommuniceerd dat er 107 zorgwoningen komen. 102 Zorgwoningen voor permanente bewoners en 5 zorgwoningen t.b.v. spoedgevallen. In diverse documenten staat regelmatig 102 i.p.v. 107. Het aantal bewoners doet niet ter zake in het bestemmingsplan. g. Afstand tot mijn perceel is 25 meter. Het bouwvlak van gebouw B is zo gesitueerd dat een groenstrook met bomen niet mogelijk is aan de Van Blitterswijckstraat zijde op het perceel van Dichterbij. h. Het huidige complex (27 jaar oud) van 115 zorgwoningen is nooit volledig bezet geweest. Al na 10 jaar is er leegstand ontstaan. i. De oude/huidige bebouwing bestaat het merendeel (70%), uit 1 bouwlaag met een kap i.p.v. van een twee bouwlagen. Zie bestaande bestemmingsplan.

Mikado was een geheel met de wijk. Waarom nu 2 grootschalige gebouwen die geen geheel vormen met de wijk? j. De kadastraal gebied volgens het ontwerpbestemmingsplan is niet correct. k. De bouwvlakken overlappen de gemeentelijke percelen. Dichterbij bouwt alleen op eigen grond. Dus bouwvlakken zien incorrect. l. Er ontbreken hoogtematen in de bouwvlakken. Deze staat alleen in het document 'Mikado Regels'. Paragraaf 3.2.1 sub b, maximum bouwhoogte is 11 meter. m. De torens op het terrein ontbreken, deze zijn niet meegenomen in de bouwvlakken. n. Bouwvlak t.b.v. nieuw bijgebouw (werkplaats) ontbreekt. o. De huidige bebouwing bestaat het merendeel (70%), uit 1 bouwlaag met een kap i.p.v. van een twee bouwlagen. Zie bestaande bestemmingsplan met goot en nok hoogte. Informatie in ontwerpbestemmingsplan is incorrect. p. Op perceel 8299 ligt een volleybalveld dat door de buurt is geplaatst. Door de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling komt dit volleybal te vervallen. Het volleybalveld hoort in de wijk en niet in de binnentuin van Mikado te liggen. q. Figuur 5 is een incorrect schetsontwerp van de toekomstige situatie. Toezegging Dichterbij directeur Zuid (informatiebijeenkomsten 9-03-2022 en 23-03-2022) dat er maar maximaal 3 parkeerplaatsen (voor nachtdienst en hulpverlening) komen bij gebouw B aan de Van Blitterswijckstraat. r.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11963364/1