CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

03e Omgevingseffectrapport HadM Definitief

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van de Omgevingsvisie Horst aan de Maas 2040.29.124 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas

Sweco Nederland B.V. Onderwerp Projectnummer Klant Datum Auteur Document referentie

Handelsregister 30129769 OER Omgevingsvisie Horst aan de Maas 51016457 Gemeente Horst aan de Maas 22-10-2025 Renske Huiberts, Mariska Everts, Kim Maas, Mark Groen NL25-648800269-135194

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie

Document referentie Omgevingseffectrapport HadM Definitief 1

2/109

Inhoudsopgave

Samenvatting ........................................................................................................................... 5 1

Inleiding ....................................................................................................................... 10 1.1 Aanleiding Omgevingsvisie en OER ................................................................. 10 1.2 Doel van het OER ............................................................................................. 11 1.3 De mer-procedure ............................................................................................. 11 1.4 Leeswijzer ......................................................................................................... 13

2

Waar gaat de Omgevingsvisie over? .......................................................................... 14 2.1 Totstandkoming Omgevingsvisie ...................................................................... 14 2.2 Kernkwaliteiten .................................................................................................. 14 2.2.1 Uniek landschap en rijk erfgoed .......................................................... 14 2.2.2 Ondernemende samenleving ............................................................... 15 2.2.3 Hechte dorpen ..................................................................................... 16 2.3 Vraagstukken .................................................................................................... 17 2.4 Scenario’s .......................................................................................................... 20

3

Aanpak van het OER ................................................................................................... 21 3.1 Stap 1: Beoordelingskader ................................................................................ 21 3.2 Stap 2: Foto van de leefomgeving .................................................................... 22 3.3 Stap 3: Bepalen te beoordelen scenario’s OER ............................................... 24 3.4 Stap 4: Effectbeoordeling .................................................................................. 24 3.5 Stap 5: Afronden OER ...................................................................................... 25

4

Foto van de leefomgeving ........................................................................................... 26 4.1 Horst aan de Maas in het kort ........................................................................... 26 4.2 Algemeen beeld Wiel van Brede Welvaart ....................................................... 27 4.3 Aandachtspunten voor Omgevingsvisie ............................................................ 29

5

(Onderzoek)scenario’s ................................................................................................ 31 5.1 Scenario 1: Gezondheid .................................................................................... 31 5.2 Scenario 2: Sociaal ........................................................................................... 32 5.3 Scenario 3: Innovatie & specialisatie ................................................................ 34 5.4 Scenario 4: Bodem en water sturend ................................................................ 35

6

Effectbeoordeling scenario’s ....................................................................................... 38 6.1 Inleiding ............................................................................................................. 38 6.2 Wonen en werken ............................................................................................. 43 6.3 Bereikbaarheid .................................................................................................. 48 6.4 Gezonde en veilige leefomgeving ..................................................................... 51 6.5 Bescherming ondergrond en bovengrond ......................................................... 56 6.6 Natuurkwaliteit ................................................................................................... 59

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie

Document referentie Omgevingseffectrapport HadM Definitief 1

3/109

6.7 6.8 6.9 6.10

Energie en circulariteit ....................................................................................... 62 Klimaat .............................................................................................................. 64 Samenvatting effectbeoordelingen ................................................................... 67 Mitigatie, compensatie en aanbevelingen ......................................................... 69

7

Dilemma’s .................................................................................................................... 70 7.1 Overgangszone kernrandgebieden ................................................................... 70 7.2 Bedrijven: juiste functie op de juiste plek .......................................................... 70 7.3 Agrarische Bedrijven: juiste functie op de juiste plek ........................................ 72 7.4 Balans natuur en recreatie ................................................................................ 73 7.5 Wonen ............................................................................................................... 73 7.6 Duurzame Energie ............................................................................................ 73

8

Voorkeursscenario Omgevingsvisie ............................................................................ 75 8.1 Beschrijving voorkeursscenario ........................................................................ 75 8.2 Effectbeoordeling wonen en werken ................................................................. 86 8.3 Effectbeoordeling bereikbaarheid ..................................................................... 91 8.4 Effectbeoordeling gezonde en veilige leefomgeving ........................................ 93 8.5 Effectbeoordeling bescherming ondergrond en bovengrond ............................ 96 8.6 Effectbeoordeling natuurkwaliteit ...................................................................... 98 8.7 Effectbeoordeling energie en circulariteit .......................................................... 99 8.8 Effectbeoordeling klimaat ................................................................................ 101

9

Doelbereik Omgevingsvisie ....................................................................................... 103 9.1 Overzicht effectbeoordeling Omgevingsvisie .................................................. 103 9.2 Ambities en doelen Omgevingsvisie ............................................................... 105

10

Leemten in kennis, monitoring en evaluatie .............................................................. 107 10.1 Leemten in kennis ........................................................................................... 107 10.2 Monitoring en evaluatie ................................................................................... 107

Bijlage 1: Foto van de leefomgeving ................................................................................... 109

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie

Document referentie Omgevingseffectrapport HadM Definitief 1

4/109

Samenvatting Aanleiding De gemeente Horst aan de Maas werkt aan een nieuwe Omgevingsvisie om haar ambities en opgaven richting 2040 een plaats te geven in het beleid. De Omgevingsvisie is een integrale visie die de hoofdrichting van de ruimtelijke ontwikkeling van Horst aan de Maas voor de lange termijn bepaald. Deze visie is kaderstellend voor toekomstige ontwikkelingen zoals woningbouw, energietransitie, recreatie, en aanleg van groen en water. Met de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024, is een milieueffectrapportage (MER) verplicht voor het kaderstellende plan. Omdat in het kader van de Omgevingswet het MER zich niet alleen richt op milieuaspecten, maar ook bredere omgevingsaspecten zoals gezondheid spreken we meestal over een Omgevingseffectrapport (OER). Doel van het OER Doel van het OER en de mer-procedure is om het milieu en de mogelijke omgevingseffecten een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming. Het OER geeft niet alleen inzicht in de (milieu)gevolgen van verschillende varianten. Daarnaast kan er ook prioritering worden aangebracht in de verschillende opgaven. Op deze manier worden de consequenties voor de leefomgeving meegenomen bij de besluitvorming over de Omgevingsvisie. De mer-procedure Een milieueffectrapportage beschrijft de milieueffecten van een plan voordat er een beslissing wordt genomen.

De Omgevingsvisie biedt een strategisch kader voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Het OER is gekoppeld aan het proces van de Omgevingsvisie. De mer-procedure voor de Omgevingsvisie is uitgevoerd volgens de wettelijke vereisten en bestaat uit de volgende onderdelen: -

Kennisgeving en raadpleging Opstellen OER Ter inzage leggen OER Besluit en vervolg

Waar gaat de Omgevingsvisie over? De gemeente Horst aan de Maas heeft een aantal kwaliteiten waar ze trots op is. Deze kernkwaliteiten zijn het unieke landschap, het rijke erfgoed, de ondernemende samenleving en de hechte dorpen. Deze kwaliteiten zijn centraal gesteld in de Omgevingsvisie. In een uitgebreid participatietraject zijn uitgangspunten voor de Omgevingsvisie opgehaald. Hierbij zijn voor twaalf thema’s verschillende vraagstukken benoemd, voortkomend uit verschillen tussen de huidige en gewenste situatie. De vraagstukken zijn onder andere gerelateerd aan ruimtedruk, identiteit van de gemeente, en de behoefte om kwaliteiten te koesteren terwijl groei mogelijk is in inwoners, bedrijven of recreanten.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 5/109

Aanpak van het OER Om te komen tot het OER zijn vijf stappen doorlopen: 1. Beoordelingskader Voor het opstellen van de foto van de leefomgeving en voor het beoordelen van de effecten van de scenario’s wordt gebruik gemaakt van een beoordelingskader. Het beoordelingskader is opgebouwd uit 7 thema’s. Dit zijn: wonen en werken, bereikbaarheid, gezonde en veilige leefomgeving, bescherming ondergrond en bovengrond, natuurkwaliteit, energie en circulariteit en klimaat (zie afbeelding). 2. Foto van de leefomgeving/ referentiesituatie De beschrijving van de referentiesituatie wordt ook wel de ‘foto van de leefomgeving’ genoemd. Voor de beoordeling van de referentiesituatie wordt in het OER voor elk beoordelingscriterium gekeken naar het kwaliteitsniveau (toestand) van zowel de huidige situatie als de referentiesituatie. 3. Bepalen (onderzoeks)scenario’s In het proces van de Omgevingsvisie zijn vier scenario’s opgesteld voor de ontwikkelingsrichting van de gemeente. Deze scenario’s worden als alternatieven in dit OER meegenomen. 4. Effectbeoordeling Eerst vindt een effectbeoordeling van de vier scenario’s plaats. Op basis van deze effectbeoordeling en een participatietraject is een voorkeursscenario gevormd. Deze is vervolgens ook beoordeeld. 5. Afronden van het OER.

Foto van de leefomgeving De foto van de leefomgeving geeft het beeld van de huidige leefomgeving en beschrijft de autonome ontwikkelingen. Uit de foto van de leefomgeving volgen verschillende aandachtspunten voor de ontwikkeling van de Omgevingsvisie van belang zijn. Dit zijn: •

• • • •

Bedrijventerreinen (vraag en aanbod): Er is een mismatch tussen de aanwezigheid van laaggeschoold werk versus de middelbaar en hoogopgeleide populatie. Bovendien is er een mismatch tussen het aanbod van de werklocaties en de vraag vanuit bedrijven. Vitaliteit agrarische sector: Als gevolg van klimaatverandering en de achteruitgang van de natuur zal de druk op de landbouw toenemen. Ook de emissie uit de landbouw moeten omlaag. Openbaar vervoer: Het bereikbaarheidsniveau via het openbaar vervoer is ontoereikend. Dit geldt zeker voor alle kleinere kernen van de gemeente. Afstand tot openbaar groen: De afstand tot openbaar groen binnen de kernen is aanzienlijk groter dan het Nederlandse gemiddelde. duurzame energieopwekking: Het aandeel hernieuwbare energie ligt lager dan het gemiddelde in Nederland. Er wordt niet voldaan aan de EU normen

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 6/109

•

en de verwachting is dat de doelstellingen niet worden gehaald met het huidige beleid. hittestress, droogtestress en wateroverlast: Vooralsnog is het beeld dat de gemeente niet goed voorbereid is op deze effecten als gevolg van klimaatverandering. Naar vewachting zijn zowel in het bebouwde gebied als in het landelijke gebied maatregelen nodig.

(Onderzoeks)scenario’s In het proces van de Omgevingsvisie zijn vier scenario’s ontwikkeld die ook worden onderzocht in het OER. In deze scenario’s worden de hoeken van het speelveld onderzocht: -

Scenario 1: Gezondheid Scenario 2: Sociaal Scenario 3: Innovatie & specialisatie Scenario 4: Bodem en water sturend

Effectbeoordeling scenario’s De effectbeoordeling onderzoekt de invloed van de Omgevingsvisie op verschillende aspecten zoals wonen en werken, bereikbaarheid, gezonde en veilige leefomgeving, bescherming ondergrond en bovengrond, natuurkwaliteit, energie en circulariteit en klimaat. Elk scenario wordt beoordeeld op de effecten ten opzichte van de referentiesituatie. In onderstaande tabel zijn alle effectbeoordelingen samengevat weergegeven.

Beoordelingscriteria

Referentie

Scenario 1: Gezondheid

Scenario 2: Sociaal

Woningaanbod en behoefte Leefbaarheid

≈

↑

↑

Voorzieningenniveau Bedrijventerreinen en werkgelegenheid Vitaliteit agrarische sector

↑

Toerisme en recreatie

Scenario 3: Innovatie en specialisatie

Scenario 4: bodem en water sturend

≈

≈

↑

↓

≈

↑

≈

≈

↑

≈

↑

↑

≈

≈

↑

↑

≈

↑

↑

≈

Wandel- en fietsnetwerk

↑

↑

≈

≈

Openbaar vervoer

≈

↑

↑

≈

Autobereikbaarheid

≈

≈

≈

≈

Verkeersveiligheid

≈

≈

≈

≈

Geluid

↑

≈

≈

≈

Luchtkwaliteit

↑

≈

≈

≈

Geur

↑

↑

≈

↑

Lichtoverlast

↑

≈

≈

↓

Veiligheid

↑

↑

≈

≈

Afstand tot openbaar groen Bereikbaarheid sport- en speelplekken Landschap

↑

↑

≈

≈

↑

↑

≈

≈

≈

≈

≈

↑

Cultuurhistorie

≈

≈

≈

↑

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 7/109

Archeologie

≈

≈

≈

≈

Water

≈

≈

≈

↑

Bodemkwaliteit

≈

≈

≈

↑

Natura 2000-gebieden

≈

≈

↓

↑

Natuurnetwerk Nederland

≈

≈

≈

↑

Biodiversiteit Duurzame energiesystemen Emissie broeikasgas (CO2)

↑

≈

↑

↑

↓

↓

↓

≈

↑

≈

↑

↑

Circulariteit

≈

≈

↑

≈

Hittestress

↑

↑

↓

↑

Droogtestress

≈

≈

↑

↑

Waterveiligheid Vernatting en wateroverlast

≈

≈

≈

↑

≈

≈

↓

↑

Voorkeursscenario Het voorkeursscenario is samengesteld op basis van de beoordeling van verschillende scenario’s en het doorlopen participatieproces. Hierbij zijn meer integrale keuzes gemaakt, zijn de thema’s economie en toekomstbestendige landbouw verder uitgewerkt en zijn de overgangszones van de kernrandgebieden rondom de dorpen en de potentiële nieuwbouwlocaties voor woningen verder uitgewerkt. In de onderstaande afbeelding wordt een integraal overzicht gegeven van de effectbeoordeling van het voorkeursscenario Enkele onderdelen die er positief uitspringen ten opzichte van de referentiesituatie zijn: •

• •

• •

Overgangszones kernrandgebieden: Deze zorgen voor een vermindering van de milieudruk op de woongebieden. In combinatie met meer groen, bewegen en ontmoetingsplekken in de dorpen zorgt dit voor een duidelijke verbetering op het gebied van gezondheid en leefbaarheid. Gevarieerd woningaanbod: Deze wordt beter passend voor alle levensfasen, met diverse inbreiding- en uitbreidingslocaties bij alle kernen. Bedrijventerreinen en lokale MKB: De gemeente creëert meer ruimte voor groeiende bedrijven, wat resulteert in een betere doorstroming en ontwikkelmogelijkheden voor lokale ondernemers. De ontwikkeling van station Horst-Sevenum als OV-knooppunt en de verdere ontwikkeling van Greenport Venlo versterken de economie, met positieve effecten op werkgelegenheid en de kwaliteit van de bedrijfsomgeving. Agrarische sector: De Omgevingsvisie beschrijft verschillende maatregelen en plannen om de agrarische sector vitaler te maken, ondanks blijvende druk. Natuurherstel: De overgangszones van natuurgebieden en natuurverbindingen bevorderen herstel en ontwikkeling van natuurgebieden.

Aandachtspunten bij de Omgevingsvisie zijn vooral: •

Het voorzieningenniveau: De basisvoorzieningen op orde en het bundelen van sommige voorzieningen zal een positief effect hebben op het voorzieningenniveau. Er is echter geen aandacht voor de toenemende druk op medische en onderwijsvoorzieningen binnen de gemeente.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 8/109

•

In de Omgevingsvisie worden verschillende maatregelen genoemd om in te zetten op slimme energie systemen maar wordt onvoldoende ruimte gereserveerd en oplossingen gepresenteerd voor de opwek en opslag van duurzame energie. De verwachting is dat de gestelde doelen hierdoor nog steeds niet gehaald worden.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 9/109

1

Inleiding

Dit document betreft het Omgevingseffectrapport (OER) bij de Omgevingsvisie Horst aan de Maas. Dit document is gelijktijdig met het ontwikkelen van de Omgevingsvisie opgesteld en vormt een bijlage bij die visie. Met deze Omgevingsvisie stelt de gemeente doelen en ambities voor de lange termijn over de fysieke leefomgeving. Het beschrijft de stip aan de horizon (voor 2040) die de gemeente wil bereiken en de koers van de gemeente die het daarvoor wil varen.

1.1

Aanleiding Omgevingsvisie en OER

Om te bepalen hoe de ambities en opgaven van de gemeente Horst aan de Maas een plaats kunnen krijgen in het beleid, wordt er binnen de gemeente gewerkt aan een nieuwe Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie is een integrale visie die de hoofdrichting van de ruimtelijke ontwikkeling van Horst aan de Maas voor de lange termijn bepaald. De Omgevingsvisie stelt kaders voor toekomstige ontwikkelingen, zoals woningbouw, energietransitie, recreatie en aanleg van groen en water. De Omgevingsvisie is daarmee kaderstellend voor een aantal ontwikkelingen waarvoor in een later stadium een mer.(beoordeling)procedure doorlopen moet worden. Uit de Omgevingswet (vanaf 1 januari 2024) volgt dat voor het kaderstellende plan een milieueffectrapport (MER) verplicht is. Het is noodzakelijk om een mer-procedure te volgen als de inhoud van de Omgevingsvisie aan bepaalde criteria voldoet. Deze criteria zijn: •

De Omgevingsvisie legt de basis voor activiteiten die volgens de wet verplicht zijn om een mer of mer.-beoordeling te ondergaan. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op specifieke stedelijke ontwikkelingsprojecten, woningbouwprojecten of de aanleg of wijziging van autowegen.

•

Er is een mogelijkheid dat de strategische keuzes in de Omgevingsvisie aanzienlijke negatieve effecten kunnen hebben op Natura 2000gebieden. Als dit niet van tevoren kan worden uitgesloten, is een merprocedure ook verplicht.

Voor de Omgevingsvisie van Horst aan de Maas geldt dat deze kaderstellende onderdelen bevat voor toekomstige mer-plichtige of mer-beoordelingsplichtige activiteiten. Daarnaast kan op voorhand niet worden uitgesloten dat significante negatieve effecten op Natura 2000 gebieden optreden. Het is daarom noodzakelijk om de mer-procedure te doorlopen en een milieueffectrapport (planMER) op te stellen. Omdat in het kader van de Omgevingswet het MER zich niet alleen richt op milieuaspecten, maar ook bredere omgevingsaspecten zoals gezondheid spreken we meestal over een Omgevingseffectrapport (OER). Los van de wettelijke verplichting is de mer-procedure in de praktijk ook een belangrijk hulpmiddel gebleken om tot betere plannen en een heldere onderbouwing van de te maken keuzes te komen.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 10/109

1.2

Doel van het OER

Doel van het OER en de mer-procedure is om het milieu- en omgevingseffecten een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming. De potentiële milieu- en omgevingseffecten van het beleid van de Omgevingsvisie worden in beeld gebracht en vergeleken met de referentiesituatie. De referentiesituatie is de situatie die zich in en rond de gemeente zal voordoen zonder uitvoering van de Omgevingsvisie, maar bij uitvoering van het vigerende beleid. Het OER geeft niet alleen inzicht in de (milieu)gevolgen van verschillende varianten. Daarnaast kan er ook prioritering worden aangebracht in de verschillende opgaven. Op deze manier worden de consequenties voor de leefomgeving meegenomen bij de besluitvorming over de Omgevingsvisie.

1.3

De mer-procedure

Een milieueffectrapportage visualiseert de milieueffecten van een plan voordat er een beslissing wordt genomen. Mer. is gebaseerd op Europese wetgeving. Het doel van mer is om de gemeente Horst aan de Maas voldoende informatie te verstrekken zodat zij het omgevingsaspect op een volwaardige en tijdige manier in de plan- en besluitvorming over de Omgevingsvisie kunnen opnemen. Het OER voor de Omgevingsvisie behandelt niet alleen milieuaspecten, maar beschrijft ook de bredere effecten op de kwaliteit van de leefomgeving. De Omgevingsvisie biedt een strategisch kader voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Het OER is gekoppeld aan het proces van de Omgevingsvisie. Het OER brengt de consequenties en mogelijke maatregelen van ambities en beleid in beeld. Op basis daarvan kunnen strategische beleidskeuzes in de Omgevingsvisie gemaakt en/of aangescherpt worden. Op deze manier worden de consequenties voor de leefomgeving meegenomen bij de besluitvorming over de Omgevingsvisie. Concreet zijn er twee momenten waarop het OER en de Omgevingsvisie samenkomen. Deze momenten zijn bij de visie op hoofdlijnen en bij de ontwerpOmgevingsvisie. Op deze momenten kunnen zowel het OER als de Omgevingsvisie aangescherpt of bijgesteld worden om te komen tot een definitieve Omgevingsvisie. Het hiernaast weergegeven schema toont de parallel lopende sporen van de Omgevingsvisie en het OER.

De mer-procedure voor de Omgevingsvisie is uitgevoerd volgens de wettelijke vereisten, welke zijn weergegeven in onderstaande figuur.

Figuur 1-1 Proces Omgevingsvisie i.r.t. MER (OER)

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 11/109

Figuur 1-2 De procedure t.b.v. het OER

Kennisgeving en raadpleging De procedure is gestart met de openbare kennisgeving van het voornemen en het voornemen om een OER op te stellen. Deze kennisgeving is gedaan in de vorm van de publicatie van de notitie reikwijdte en detailniveau (NRD). De NRD is ter inzage gelegd, eenieder is in staat gesteld hierop te reageren via een zienswijze. Ook kon er in deze fase vrijwillig advies gevraagd worden aan de Commissie mer Vanwege het reeds uitgebreide voortraject met de NRD achtte de gemeente dat niet noodzakelijk. Opstellen OER Er is één reactie binnen gekomen op de NRD door de GGD. De reactie hierop is per mail verzonden naar de GGD en is betrokken bij de op te stellen OER en als bijlage bij het OER gevoegd. Het OER is gelijktijdig opgesteld met de ontwerp Omgevingsvisie. Ter inzage leggen OER (als bijlage bij de Ontwerp Omgevingsvisie) De ontwerp Omgevingsvisie en het OER liggen gedurende 6 weken tegelijkertijd ter inzage. Een ieder wordt in deze 6 weken in de gelegenheid gesteld zienswijzen in te dienen op het OER en de visie. De Commissie mer beoordeelt in deze periode de kwaliteit van het OER. Besluit en vervolg De Omgevingsvisie wordt samen met het OER, de reactienota en de beoordeling van de Commissie mer ter vaststelling aan de gemeenteraad aangeboden. De gemeenteraad stelt de Omgevingsvisie vervolgens vast.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 12/109

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk 1 is toegelicht waarom dit Omgevingseffectrapport is opgesteld en welke procedure wordt doorlopen. De totstandkoming van de Omgevingsvisie en een korte toelichting op de inhoud worden benoemd in hoofdstuk 2. Hoofdstuk 3 beschrijft de aanpak van het OER waarin wordt ingegaan op het beoordelingskader, de foto van de leefomgeving en de effectbeoordeling. De foto van de leefomgeving waarin de huidige situatie en referentiesituatie worden beschreven wordt in hoofdstuk 4 behandeld. Hierin worden ook de aandachtspunten voor de Omgevingsvisie toegelicht. In hoofdstuk 5 worden de scenario’s: gezondheid, sociaal, innovatie & specialisatie en water en bodem sturend uitgelegd. De effecten van deze scenario's worden vervolgens in hoofdstuk 6 beschreven. Op basis hiervan is een aantal dilemma’s naar voren gekomen die in het participatietraject voor de Omgevingsvisie zijn betrokken. Deze dilemma’s zijn beschreven in hoofdstuk 7. In samenhang met de (effecten van de) scenario’s en het participatietraject is de uiteindelijke Omgevingsvisie tot tand gekomen. Deze wordt in hoofdstuk 8 kort samengevat en beoordeeld op de resterende effecten. Tot slot wordt in hoofdstuk 9 een aantal conclusies getrokken vanuit het OER in relatie tot de ambities van de Omgevingsvisie.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 13/109

2

Waar gaat de Omgevingsvisie over?

2.1

Totstandkoming Omgevingsvisie

De gemeente Horst aan de Maas is in het najaar van 2022 gestart met het proces om in 2024 te komen tot een breed gedragen Omgevingsvisie. De gemeente is voornemens geen beleidsneutrale visie op te stellen, maar Horst aan de Maas opnieuw tegen het licht te houden om ambitieuze ambities voor de lange termijn te bepalen. In het proces om te komen tot een dergelijke Omgevingsvisie is er eerst een Uitgangspuntennotitie opgesteld, waarin de kernkwaliteiten van de gemeente zijn opgenomen (zie paragraaf 2.2). Met een kernkwaliteit wordt een bepaalde eigenschap bedoeld waarmee de gemeente Horst aan de Maas zich in positieve zin onderscheidt. De kernkwaliteiten staan centraal in de visie en zijn de opmaat naar het bepalen van de waarden die belangrijk zijn. De kernkwaliteiten zijn belangrijk om in het proces keuzes te maken die bij de gemeente passen. Daarnaast zijn er voor 12 thema’s een aantal vraagstukken benoemd (zie paragraaf 2.3). Een vraagstuk komt voort uit een verschil tussen de huidige en gewenste situatie en vraagt om een actieve houding van gemeente en de samenleving. Voor deze vraagstukken zijn in de Uitgangspuntennotitie opgaven geformuleerd. Medio 2023 is gestart met de mer-procedure.

2.2

Kernkwaliteiten

De leefomgeving in de gemeente heeft een aantal kwaliteiten waar Horst aan de Maas trots op kan zijn. Dat zijn het unieke landschap, het rijke erfgoed, de ondernemende samenleving en de hechte dorpen. Deze kernkwaliteiten zijn telkens terug gekomen in de analyses en interviews. Deze staan in de Omgevingsvisie centraal.

2.2.1

Uniek landschap en rijk erfgoed

De gemeente Horst aan de Maas beschikt over een grote variëteit aan waardevolle landschappen. Deze grote variatie is ontstaan door grote verschillen in de ondergrond en waterhuishouding. In het westen ligt het hooggelegen (voormalige) hoogveenlandschap en hoogveenontginningslandschap. Aan de oostzijde ligt het rivierdallandschap van de Maas met haar terrassen. Daarbinnen bevinden zich allerlei hoogteverschillen. Zo bestaat een deel van het landschap tussen de Peel en de Maas uit een zandlandschap, waarin zich enerzijds zandduinen bevinden, anderzijds insnijdingen van beken. Binnen de landschappen vallen veel natuurgebieden binnen Natuurnetwerk Nederland, zoals Mariapeel-Grauwveen (ook Natura 2000-gebied), Schadijkse bossen, Steegberg, Elsbeemden, Heesbeemden, Maaspark Ooijen-Wanssum, Lottumer schuitwater, Kaldenbroek, Swolgenerheide en Reulsberg. Samen zorgen deze voor een gevarieerd landschap. De cultuurhistorische waarden hangen heel nauw samen met de ontstaansgeschiedenis van het landschap en de dorpen. Hierbij worden drie landschapstypen onderscheiden, namelijk de hoogveenontginningen, de zandgronden en het rivierdal.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 14/109

Figuur 2-1 | Landschapstypen en de hoofdgroenstructuur (Gemeente Horst aan de Maas en LOS StadomLand, 2023)

2.2.2

Ondernemende samenleving

Horst aan de Maas heeft een ondernemende bevolking. Er zijn veel ondernemers en er komen veel initiatieven uit de samenleving. Volgens inwoners komt dit door de oorsprong van de gemeente. De pioniers die de woeste gronden ontgonnen waren zelfstandig en hielpen elkaar waar nodig. Echte doeners, met een oplossingsgerichte mentaliteit. De agrarische sector behoort intussen tot de top van de wereld. Zowel de tuinbouw, de rozenteelt als de veehouderij hebben zich op hoog niveau ontwikkeld. Ook in de vrijetijdseconomie kent de gemeente veel ondernemerschap. De gemeente staat op de 2e plaats in Limburg voor wat betreft toeristische overnachtingen. Daarnaast heeft de gemeente met Toverland een bovenregionale trekker in dagrecreatie, waar ook gasten uit Duitsland en België op afkomen. Verder is de afgelopen jaren Grandorse opgekomen, waarmee de gemeente in de paardenbranche een bijzondere positie inneemt.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 15/109

Figuur 2-2 | Agrarische bedrijvigheid (Gemeente Horst aan de Maas en LOS StadomLand, 2023)

2.2.3

Hechte dorpen

De gemeente kent een grote sociale cohesie, een ons-kent-ons-cultuur en een grote betrokkenheid van inwoners. Dat vertaalt zich in een groot aantal burgerinitiatieven, een bloeiend verenigingsleven en een grote betrokkenheid met wat er in de wereld gebeurt. De inwoners van Horst aan de Maas kennen de kleinste hoeveelheid restafval van Nederland en wonnen 3x in 5 jaar tijd een Nederlandse onderscheiding voor afvalscheiding. Het zit in de aard van de inwoners om de handen uit de mouwen te steken. De samenleving verandert door de actieve gemeenschappen, waarin bij veel onderwerpen het initiatief bij de gemeenschap ligt. Dat heeft geleid tot een intensieve bewonersparticipatie.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 16/109

Figuur 2-3 | Maatschappelijke voorzieningen (Gemeente Horst aan de Maas en LOS StadomLand, 2023)

2.3

Vraagstukken

In de Uitgangspuntennotitie zijn voor 12 thema’s verschillende vraagstukken naar voren gekomen. Deze zijn opgenomen in de Uitgangspuntennotitie en samengevat in figuur 2.4. Met een kleurcodering is aangegeven welk vraagstuk wij welk thema hoort.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 17/109

Figuur 2-4 | Vraagstukken Uitgangspuntennotitie (Gemeente Horst aan de Maas en LOS StadomLand, 2023)

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 18/109

Uit de Uitgangspuntennotitie komen vijf opgaven naar voren die een plek zullen krijgen in de Omgevingsvisie: Balans tussen (economische) functies in het landelijke gebied en de kwaliteit van de leefomgeving De hoofdopgave die uit de vraagstukken naar voren komt, is de zoektocht naar een betere balans tussen (economische) functies in het landelijke gebied en de kwaliteit van de leefomgeving. Jarenlang is er in Horst aan de Maas gewerkt aan het sterk maken van allerlei functies in het landelijke gebied. De gemeente telt prachtige natuurgebieden, aantrekkelijke recreatiegebieden en koplopers in de agrarische productie van verschillende sectoren. Ook heeft de focus in de gemeente lange tijd gelegen bij economische groei. Dit heeft tegelijkertijd gezorgd voor een sterkere scheiding van functies en gebieden. Deze scheiding van functies heeft uiteindelijk geleid tot steeds grotere nadelen voor milieu, waterhuishouding, de kwaliteit van natuurgebieden en de biodiversiteit in het algemeen. De strengere eisen aan de bescherming van natuurgebieden leidt daarentegen weer tot beperkingen voor de agrarische sector. Gezonde en duurzame leefomgeving De eisen die de gemeente stelt aan de woonomgevingen veranderen. Afgelopen jaren is er steeds meer aandacht voor (positieve) gezondheid.

De toegankelijkheid, aantrekkelijkheid en veiligheid van de openbare ruimte blijken belangrijke aspecten voor het welbevinden en de sociale cohesie in dorpen en wijken. Onderdeel van (positieve) gezondheid is de vraag of mensen voldoende aanleiding hebben om te bewegen in of nabij de wijk. Dit stelt andere eisen aan de openbare ruimte in de wijk. Ook klimaatverandering stelt andere eisen aan de inrichting van wijken, dorpen en landelijk gebied, bijvoorbeeld ruimte voor schaduwrijke routes of waterberging. Ook het verduurzamen van bedrijven speelt een rol bij het creëren van een gezonde leefomgeving. Het is een belangrijke opgave om alle vraagstukken die op de bestaande wijken, dorpen en landelijk gebied afkomen op een goede manier te integreren, om klaar te zijn voor de toekomst. Wijken en dorpen klaar voor toekomstige inwoners(samenstelling) De bevolking verandert. Er zijn in de toekomst meer ouderen en minder gezinnen. Het aantal één- of tweepersoonshuishoudens zal toenemen, waardoor er meer woningen nodig zijn. Doordat ouderen of mensen met een zorgvraag langer zelfstandig moeten wonen, wordt dit effect op de woningmarkt nog eens versterkt. Bovendien stelt de veranderende inwonerssamenstelling in de toekomt andere eisen aan voorzieningen. Tegelijk verandert de manier waarop men samenleeft door individualisering.

De vraag is hoe er in de wijken en dorpen omgegaan kan worden met deze veranderende bevolkingssamenstelling? Levendige centra als ‘hart’ voor de dorpen De centra, en dan met name in de drie centrumdorpen (Horst, Sevenum en in mindere mate ook Grubbenvorst), zijn een plek voor voorzieningen, ontmoeting en evenementen. Het neemt een belangrijke plaats in bij de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de gemeente. Bovendien zijn dit vaak de oudste en meest waardevolle plekken in de dorpen en dragen ze bij aan de identiteit van de dorpen. Centra staan echter landelijk onder druk. De rol van winkelen in de centra neemt door internetwinkels sterk af. Tegelijk is de behoefte aan nieuwe

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 19/109

functies, zoals horeca, wonen en bedrijvigheid in en rond de centra groot. De opgave voor de Omgevingsvisie is om een lange termijnstrategie uit te zetten voor de ontwikkeling en inrichting van de centra. Identiteit van de gemeente Bovenop de hierboven opgesomde opgaven is er de vraag wat voor identiteit de gemeente wil hebben: aan welke ontwikkelingen wil de gemeente ruimte geven? De ruimtedruk is groot en groei is mogelijk op allerlei manieren. De gemeente kan groeien in inwoners, bedrijven of recreanten en tegelijk is het erg belangrijk om kwaliteiten te koesteren. De keuzes die gemaakt worden hebben invloed op de toekomstige bevolkingssamenstelling, de samenstelling van de economie en het ruimteslag voor stedelijke functies in het algemeen.

2.4

Scenario’s

Voor een OER is het gebruikelijk om te werken met verschillende alternatieven of scenario’s om de consequenties inzichtelijk te maken en te helpen bij het maken van keuzes in de Omgevingsvisie. In dit OER spreken we over scenario’s die kunnen worden gezien als mogelijke alternatieven voor de ontwikkeling van de gemeente op de termijn van nu tot 2040. Deze scenario’s bepalen de hoeken van het speelveld aan de hand waarvan keuzes voor de Omgevingsvisie gemaakt worden. Voor Horst aan de Maas is gekozen te werken met enkele scenario’s op basis waarvan (strategische) keuzes in de Omgevingsvisie kunnen worden gemaakt. Deze worden in samenhang met de ontwikkeling van de Omgevingsvisie op hoofdlijnen bepaald. In de Omgevingsvisie op hoofdlijnen worden namelijk de dilemma’s en keuzes waar de gemeente mee om moet gaan inzichtelijk gemaakt. De scenario’s kunnen bestaan uit meerdere ambities en doelen en worden vergeleken met de referentiesituatie. De scenario’s worden toegelicht in hoofdstuk 5.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 20/109

3

Aanpak van het OER

Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van de werkwijze van het OER. Om te komen tot het OER zijn vijf stappen doorlopen: beoordelingskader, beschrijven en beoordelen van huidige situatie en autonome ontwikkeling (referentiesituatie) in de foto van de leefomgeving, bepalen scenario’s, effectbeoordeling (incl. passende beoordeling) en afronden van het OER.

3.1

Stap 1: Beoordelingskader

Voor het opstellen van de foto van de leefomgeving en voor het beoordelen van de effecten van de scenario’s wordt gebruik gemaakt van een beoordelingskader. Dit beoordelingskader is opgebouwd uit 7 thema’s, zoals ook weergegeven in de hiernaast weergegeven figuur. Dit zijn: wonen en werken, bereikbaarheid, gezonde en veilige leefomgeving, bescherming ondergrond en bovengrond, natuurkwaliteit, energie en circulariteit en klimaat. Het beoordelingskader kan gezien worden als “Wiel van brede welvaart”. Dit sluit aan bij het collegeprogramma voor Horst aan de Maas om vanuit de basis van brede welvaart en gezondheid te werken. Alles wat de gemeente wil doen draagt bij aan deze brede welvaart en positieve gezondheid. De effecten worden per thema beoordeeld aan de hand van beoordelingscriteria. In de volgende tabel zijn de thema’s en de daarbij behorende beoordelingscriteria opgenomen.

Figuur 3-1 | Wiel van Brede Welvaart

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 21/109

Figuur 3-2 Thema's en beoordelingscriteria

3.2

Stap 2: Foto van de leefomgeving

De beschrijving van de referentiesituatie wordt ook wel de ‘foto van de leefomgeving’ genoemd. Voor de beoordeling van de referentiesituatie wordt in het OER voor elk beoordelingscriterium (zie figuur 3-2) gekeken naar het kwaliteitsniveau (toestand) van zowel de huidige situatie als de referentiesituatie. De huidige situatie wordt eerst beschreven en aan de hand van trends en ontwikkelingen wordt een beeld geschetst van de verwachte toekomstige situatie als er geen nieuwe Omgevingsvisie zou komen; dit wordt de referentiesituatie genoemd. Hierin worden dus ook plannen en

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 22/109

ontwikkelingen opgenomen die doorgaan zonder de Omgevingsvisie. Dit worden autonome ontwikkelingen genoemd. De referentiesituatie vormt de basis voor de verdere effectbeoordeling van scenario’s voor de Omgevingsvisie. Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van kaartmateriaal om te duiden waar bepaalde kansen of knelpunten optreden. De beoordeling van de criteria resulteert per criterium voor de huidige situatie en de referentiesituatie in een kwaliteitsniveau: groen, geel of oranje. Deze worden per criterium in een tabel samengevat (zoals in onderstaande tabel). Bij kwaliteitsniveau groen is er sprake van een overwegend goede kwaliteit zonder knelpunten of problemen. Bij een geel kwaliteitsniveau is er sprake van risico op normoverschrijding of knelpunten. Bij een oranje kwaliteitsniveau is er sprake van een overwegend slechte kwaliteit, overschrijding van normen of knelpunten. Voor de referentiesituatie wordt door middel van pijlen en dezelfde kleuren aangegeven hoe deze zich ontwikkeld ten opzichte van de huidige situatie. Er kan sprake zijn van een positief (↑), gelijkblijvend (=) of negatief (↓) effect.

Een visuele weergave wordt gegeven middels het Wiel van Brede Welvaart (zie figuur 3.3). Op deze manier is de kwaliteit van de leefomgeving in de huidige situatie en referentiesituatie in één blik inzichtelijk.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 23/109

Figuur 3-3 | Voorbeeld beoordeling huidige situatie (grijs vlak) en referentiesituatie (stippellijn)

3.3

Stap 3: Bepalen te beoordelen scenario’s OER

In het proces van de Omgevingsvisie worden vier scenario’s opgesteld voor de ontwikkelingsrichting van de gemeente. In deze stap wordt een eerste beoordeling op hoofdlijnen uitgevoerd van deze scenario’s om zo in samenspraak met het projectteam van de Omgevingsvisie zinvolle en duidelijke scenario’s te bepalen waarmee ook zo goed mogelijk de verschillende keuzes die bij de gemeente voorliggen belicht kunnen worden. Vanuit het OER ligt daarbij de nadruk op keuzes die een impact hebben op de fysieke leefomgeving. Op basis van de beoordeling op hoofdlijnen wordt bepaald in hoeverre de scenario’s aanpassingen of aanscherping behoeven voordat de effectbeoordeling daadwerkelijk uitgewerkt kan worden.

3.4

Stap 4: Effectbeoordeling

De effectbeoordeling wordt kwalitatief uitgevoerd op basis van expertjudgement. Eerst zal een effectbeoordeling van de vier scenario’s plaatsvinden. Op basis van deze effectbeoordeling wordt een voorkeursscenario gevormd. Het voorkeursscenario is een samenvoeging van de uitspraken uit de verschillende scenario’s die van belang geacht worden. Vervolgens wordt ook het voorkeursscenario getoetst aan de beoordelingscriteria Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 24/109

1. Invloed van de Omgevingsvisie op kwaliteitsniveau per indicator Met de effectbepaling worden allereerst de effecten van de Omgevingsvisie voor de fysieke leefomgeving in relatie tot de referentiesituatie onderzocht. Deze effectbeoordeling zal voor alle vier de scenario’s uitgevoerd worden. Per toetsingscriterium wordt gekeken of de Omgevingsvisie een positieve, geen/beperkte of negatieve invloed heeft op het kwaliteitsniveau uit de referentiesituatie, zoals beoordeeld in de foto van de leefomgeving heeft. Het kwaliteitsniveau in de referentiesituatie is de basis. Een pijl omhoog of omlaag met een andere kleur betekent dat er een positief of negatief effect is te verwachten waarbij een ander kwaliteitsniveau bereikt wordt. Een pijl omhoog of omlaag in dezelfde kleur betekent een klein effect binnen hetzelfde kwaliteitsniveau. Een ≈ betekent dat er geen relevant effect te verwachten is. Dit zal in een tabel per thema weergegeven worden en vervolgens in de paragraaf per beoordelingscriterium verder worden toegelicht. De onderstaande tabel geeft hier een voorbeeld van. Beoordelingscriteria

Referentie

Scenario 1

Scenario 2

Scenario 3

Scenario 4

↑

↓

≈

↑

Woningaanbod en behoefte

Vervolgens wordt vanuit de beoordeling van de scenario’s een voorkeursscenario opgesteld. Deze wordt gebaseerd op de effectbeoordeling van de verschillende scenario’s en argumentatie van de ambtelijke projectgroep, het participatietraject, het college en de gemeenteraad. 2. Doelbereik: mate waarin ambities en doelen behaald kunnen worden Als laatste wordt er in deze stap ook beoordeeld of de vooraf gestelde ambities en doelen in de Omgevingsvisie in de toekomst ook daadwerkelijk behaald kunnen worden in 2040. Daarbij speelt ook de rol en invloed van de gemeente mee. Voor bijvoorbeeld klimaatadaptieve ambities en doelen is de gemeente onder meer afhankelijk van het waterschap, projectontwikkelaars, woningcorporaties en particuliere woningeigenaren. Bij het doelbereik brengen we per ambitie van het voorkeursscenario in beeld: •

Geen tot zeer beperkte kans om de ambitie te behalen.

•

Redelijke kans om de ambitie te behalen.

•

Reële kans om de ambitie te behalen.

Per ambitie en doel wordt aangegeven hoe groot de onzekerheid is in de mate waarin het wordt behaald. De onzekerheid wordt groter naarmate autonome ontwikkelingen mee spelen of als de gemeente afhankelijk is van andere partijen. De bandbreedte van onzekerheid geeft dus aan hoeveel de gemeente zelf kan doen aan het behalen van de gestelde ambities.

3.5

Stap 5: Afronden OER

De resultaten van voorgaande stappen zijn samen opgenomen in het OER waarbij er speciale aandacht is voor belangrijke keuzes in de Omgevingsvisie. Over het algemeen worden belangrijke keuzes gekenmerkt door duidelijke effecten en/of het niet behalen van ambities of doelstellingen.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 25/109

4

Foto van de leefomgeving

De foto van de leefomgeving dient als vertrekpunt voor het OER van de Omgevingsvisie van Horst aan de Maas. Deze geeft het beeld van de huidige leefomgeving en beschrijft de autonome ontwikkelingen. De huidige leefomgeving is de feitelijke situatie zoals het nu is. De referentiesituatie is de verwachte toekomstige situatie bij voortzetting van huidig beleid, rekening houdend met de autonome trends zoals klimaatverandering. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste aspecten uit de foto van de leefomgeving beschreven. De foto van de leefomgeving is opgenomen in de bijlagen van dit OER (Bijlage 1).

4.1

Horst aan de Maas in het kort

De gemeente Horst aan de Maas is een gemeente in Noord-Limburg met ruim 43,6 duizend inwoners. De gemeente is op 1 januari 2010 ontstaan uit een samenvoeging tussen de gemeenten Horst aan de Maas en Sevenum. Bovendien werden de dorpen Meerlo, Tienray en Swolgen van de voormalige gemeente Meerlo-Wanssum toegevoegd. De huidige gemeente bestaat uit zestien kernen met elk hun eigen identiteit. De gemeente Horst aan de Maas beschikt over een grote variëteit aan waardevolle landschappen. In het westen ligt het hooggelegen (voormalige) hoogveenlandschap en hoogveenontginningslandschap. Aan de oostzijde ligt het rivierdallandschap van de Maas met haar terrassen. Daarbinnen bevinden zich allerlei hoogteverschillen. De agrarische sector in de gemeente behoort tot de top van de wereld. Zowel de tuinbouw, de rozenteelt als de veehouderij hebben zich op hoog niveau ontwikkeld.

Figuur 4-1 Gemeente Horst aan de Maas (Wikipedia)

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 26/109

De gemeente kent één treinstation, Horst-Sevenum. Deze zorgt voor een verbinding met Eindhoven en Venlo. Verder is de gemeente middels de snelwegen A73 (Nijmegen – Roermond) en A67 (Eindhoven – Venlo) ontsloten.

4.2

Algemeen beeld Wiel van Brede Welvaart

Voor het opstellen van de foto van de leefomgeving en voor het beoordelen van de effecten van de scenario’s, is gebruik gemaakt van het “ van Brede Welvaart”. Deze is opgebouwd uit zeven thema’s: Wonen werken, Bereikbaarheid, Gezonde en veilige leefomgeving, Bescherming ondergrond en bovengrond, Natuurkwaliteit, Energie en circulariteit en Klimaat. Voor het beoordelen van de effecten is een beoordelingstabel gebruikt. Hierin wordt aangegeven welk aspect en welk bijpassend criterium wordt beoordeeld. Daarnaast wordt het kwaliteitsniveau van de huidige situatie bepaald: groen, geel of oranje. In 3.2 is aangegeven wat deze kwaliteitsniveaus precies inhouden.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 27/109

Figuur 4-2 Beoordeling huidige situatie en referentiesituatie

Huidige situatie Het wiel laat een wisselend beeld zin met betrekking tot de huidige staat van de fysieke leefomgeving. Het thema bereikbaarheid scoort relatief hoog. Verkeersveiligheid, autobereikbaarheid en het wandel- en fietsnetwerk krijgen allen kwaliteitsniveau ‘groen’. Het openbaar vervoer is binnen dit thema een negatieve uitschieter en scoort een stuk slechter. De aspecten leefbaarheid, toerisme en recreatie, hittestress, landschap en bodemkwaliteit staan er in de

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 28/109

huidige situatie goed voor. Naast aspecten die er goed voor staan zijn er ook een aantal aspecten met een lager kwaliteitsniveau. Dit zijn water (kwaliteit en kwantiteit), afstand tot openbaar groen, duurzame energie en emissie van broeikasgassen (CO2). Referentiesituatie De referentiesituatie laat net als de huidige situatie een wisselend beeld zien. Enerzijds treden er verbeteringen op voor verschillende aspecten, anderzijds zijn er diverse aspecten die naar verwachting verslechteren in de referentiesituatie. De gemeente Horst aan de Maas zal in de toekomst steeds meer te maken krijgen met trends waarop de gemeente op sommige trends weinig of zelfs geen invloed heeft, zoals, klimaatverandering, demografische, politieke, technologische en economische ontwikkelingen. Voor de criteria afstand tot openbaar groen en duurzame energie zal het niveau nog steeds laag zijn. De kwaliteitsniveaus van openbaar vervoer, vitaliteit agrarische sector en wateroverlast zullen naar verwachting afnemen van kwaliteitsniveau ‘geel’ naar ‘oranje’, het slechtste kwaliteitsniveau. Ten opzichte van de huidige situatie wordt verwacht dat ook de kwaliteitsniveaus van hittestress, droogte, bedrijventerreinen en landschap zullen verslechteren.

Voor de aspecten geluid, luchtkwaliteit, geur, water, bodemkwaliteit, Natura 2000, biodiversiteit, duurzame energie, reductie CO2 emissies, circulariteit, waterveiligheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid wordt een verbetering verwacht.

4.3

Aandachtspunten voor Omgevingsvisie

De aspecten die momenteel beoordeeld zijn als 'rood' en 'oranje met een verslechterende trend' in de referentiesituatie, zijn geïdentificeerd als aandachtspunten. Voor de Omgevingsvisie zijn er belangrijke uitdagingen met betrekking tot deze aspecten. Hieronder worden deze aspecten en hun specifieke aandachtspunten beschreven. Bedrijventerreinen (vraag en aanbod): De krapte op de arbeidsmarkt is de afgelopen jaren flink toegenomen. Er is een mismatch tussen de aanwezigheid van laaggeschoold werk versus de middelbaar en hoogopgeleide populatie. Er is nog geen duidelijk plan hoe de gemeente dit gaat oplossen. Bovendien is er een mismatch tussen het aanbod van de werklocaties en de vraag vanuit bedrijven. Vitaliteit agrarische sector: Als gevolg van klimaatverandering en de achteruitgang van de natuur zal de druk op de landbouw toenemen. Drogere zomers zorgden de afgelopen jaren voor flinke uitdagingen en deze zullen alleen maar toenemen en de emissies die uit de landbouw komen moeten omlaag. De plannen van de gemeente voor kringlooplandbouw zijn momenteel niet concreet genoeg. Openbaar vervoer: Het bereikbaarheidsniveau via het openbaar vervoer is ontoereikend. Enkel grotere kernen kunnen bereikt worden met het ov, maar verschillende kernen zijn onbereikbaar met het openbaar vervoer en afhankelijk van auto of fiets.

Er zijn momenteel weinig concrete plannen om het ov in de toekomst te verbeteren, voornamelijk in het buitengebied zal dit negatieve effecten veroorzaken.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 29/109

Afstand tot openbaar groen: De afstand tot openbaar groen binnen de kernen verdient aandacht. De afstand tot openbaar groen van minimaal 1 hectare is gemiddeld 800 meter in de gemeente. Dit is meer dan de norm van 300 meter en meer dan het Nederlands gemiddelde van 500 meter. Er mist momenteel concreet beleid om hier verbetering in te verwachten. Duurzame energieopwekking: Het aandeel hernieuwbare energie ligt lager dan het gemiddelde in Nederland. Er wordt niet voldaan aan de EU normen en de verwachting is dat de doelstellingen niet worden gehaald met het huidige beleid. Hittestress: Als gevolg van klimaatverandering zal hittestress steeds vaker voorkomen. In Horst, Sevenum en Grubbenvorst zullen naar verwachting tussen de 14 en 18 nachten boven de 20°C uitkomen in 2050. Droogtestress: Er wordt verwacht dat het neerslagtekort voornamelijk in de zomer zal toenemen als gevolg van klimaatverandering. Richting 2050 zal de droogtestress aanzienlijk toenemen, vooral op hogere zandgronden en in gebieden met rivier- en zeeklei. Wateroverlast: In de toekomst neemt als gevolg van klimaatverandering de kans op wateroverlast toe, wat tot grotere risico’s leidt. Vooral in kernen zal wateroverlast toenemen maar ook akkers zullen vaker onder water komen te staan.

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 30/109

5

(Onderzoek)scenario’s

In dit hoofdstuk zijn de scenario’s beschreven. Deze zijn een uitwerking van de opgaven in de gemeente Horst aan de Maas. In deze scenario’s worden de hoeken van het speelveld onderzocht. Uit de effectenbeoordeling van de scenario’s zal een voorkeursscenario gevormd worden welke in de Omgevingsvisie komt. In september 2023 hebben meerdere participatiebijeenkomsten plaatsgevonden. Dit heeft geleid tot een verzameling gedragen ideeën én dilemma’s waarover de meningen in de maatschappij nog uiteenlopen. Veel van deze dilemma’s gaan over de thema’s: gezondheid, sociaal, economie en bodem & water sturend. Elk scenario licht één van de vier thema’s uit en denkt ook expliciet vanuit die invalshoek. Elk scenario wordt toegelicht aan de hand van de volgende thema’s: wonen, economie, voorzieningen en landschap. De verwachtte effecten zullen in het volgende hoofdstuk beoordeeld worden.

5.1

Scenario 1: Gezondheid

In dit scenario staat de gezonde leefomgeving van de inwoners van de gemeente Horst aan de Maas op de eerste plaats. Wonen Rondom elk dorp ligt een overgangszone. In deze zone zijn geen (agrarische) bedrijven toegestaan die een negatief effect op de gezondheid hebben van de dorpsinwoners. Deze bedrijven moeten stoppen, de milieu-impact tenietdoen of verhuizen. Nieuwe woningen bouwen we ver weg van ongezonde locaties als snelwegen, spoorlijnen, grote(re) bedrijventerreinen en intensief landbouwgebied. De dorpen in het Maasgebied hebben de gezondste ligging en komen hierdoor in beeld voor woninguitbreidingen. Bij nieuwe woningen in de dorpsrand kiezen we voor woningbouw aan de zijde met het minste milieu-impact. Economie De bedrijven met milieu-impact concentreren we op de bedrijventerreinen die buiten de overgangszones van de kernrandgebieden liggen. Alle bedrijven met grote milieu-impact plaatsen we uit naar Greenport. Dit geldt ook voor de kassen. Het gebied rondom Californië wordt het kassenconcentratiegebied. Door de kassen te concentreren beperken we de negatieve impact van lichtvervuiling. Alle bedrijven moeten verduurzamen. Rondom alle bedrijventerreinen komt een groene buffer, die de bedrijven aan het zicht onttrekt. Rondom Greenport komt een extra brede groene buffer. Vanuit gezondheidsredenen wordt de hoeveelheid vee in het buitengebied teruggedrongen.

Voorzieningen Voor een optimale gezondheid is het belangrijk dat medische voorzieningen voor alle inwoners bereikbaar zijn. We kiezen ervoor om in elk dorp een medische voorziening aanwezig te laten zijn. Dit kan een huisartsenpost zijn, maar ook een roulerende huisarts of een AED met vrijwilligers die getraind zijn. Landschap Bewegen in de gezonde buitenlucht is uitgangspunt. Hiervoor stimuleren we wandelen en fietsen. Dit faciliteren we door beweegroutes aan te leggen tussen

Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 31/109

de dorpen en het dichtstbij gelegen natuurgebied. Ook komen er snelfietsroutes. Vanuit de kleine dorpen sta je snel in het buitengebied. Vanuit de grote dorpen duurt het langer voordat je in het buitengebied bent. Daarom is het belangrijk dat de grote dorpen (Horst, Sevenum en Grubbenvorst) vergroenen. Hier zetten we in op extra en kwalitatief hoogwaardige parken.

Figuur 5-1 Scenario gezondheid in kaart

5.2

Scenario 2: Sociaal

In dit scenario staat een sterke sociale gemeenschap centraal. Ingrepen zijn bedoeld om de lokale samenleving en sociale cohesie te versterken. Wonen Bij een sterke sociale gemeenschap hoort dat er voor iedereen een passende woning is. Daarom zorgen we voor woningen voor zowel ouderen als jongeren. We spreiden de nieuwe woningen over de dorpen om zo alle dorpen leefbaar te houden. Ook zorgen we voor fatsoenlijke woonruimte voor de arbeidsmigranten. Rondom elk dorp ligt een zone waarbinnen de functies zich richten op het ontmoeten van elkaar. Denk aan volkstuintjes, sportverenigingen, bankjes en ommetjes. Economie De economie richt zich op het versterken van de lokale ondernemers. We maken netwerken die gericht zijn op samenwerken met de lokale ondernemers. Toverland, recreatiegebied Peelbergen en Toverland mogen alleen groeien als de lokale economie daar ook beter van wordt. Denk aan lokale producten in de restaurants van Toverland zoals een blauwe bessen smoothie. De nog te ontwikkelen klavers op Greenport zijn bestemd voor lokale ondernemers. Sweco | Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Horst aan de Maas Projectnummer 51016457 Datum 22-10-2025

Versie Definitief 2

Document referentie NL25-648800269-135194 32/109

We creëren een recreatief netwerk aan de Maas. Via een zogenaamde Maasroute verbinden we de verschillende Maasdorpen met elkaar. Hieraan gekoppeld zit een netwerk van lokale ondernemers met kleinschalige recreatie. Voorzieningen De voorzieningen zijn gericht op ontmoeten. In elk dorp is in de toekomst een rode en een groene ontmoetingslocatie. In de grote dorpen geldt dit voor elke wijk. Een rode ontmoetingslocatie kan een MFA (multifunctionele Accommodatie) zijn, maar ook het dorpscafé of de sportkantine. De groene ontmoetingslocatie kan de lokale voetbalclub, een gezamenlijke moestuin, maar ook het parkje in de wijk zijn. We verbinden alle dorpen met elkaar middels het openbaar vervoer en/of lokale vervoersalternatieven. De lokale initiatieven steunen we sterk, omdat we in dit scenario voor een sterke en hechte gemeenschap gaan. Juist omdat de inwoners elkaar kennen, staan ze ook voor elkaar klaar en helpen ze elkaar. Landschap De natuurgebieden krijgen aan de zijde van het dichtstbijzijnde dorp een natuurpoort. Hier treffen de dorpsinwoners en de recreanten elkaar. Een natuurpoort heeft, naast een parkeerplaats, een oplaadpunt voor de elektrische fiets en informatie over routes en de natuur, juist ook bankjes en een horecagelegenheid. Het natuurgebied De Mariapeel wordt een prikkelarm gebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16253535/2