CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

02e Regels

Gemeenteraad 11 maart 2025, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Broekstraat D 1258, Broekhuizenvorst.20.598 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

3.4.2

Toets dubbelgebruik De parkeernorm geeft aan wat de parkeerbehoefte van een functie is. Wanneer binnen een gebied meerdere functies aanwezig zijn of worden gebouwd, vallen de pieken in parkeerbehoefte van die functies niet altijd op hetzelfde moment. Bij woningen is de parkeerbehoefte bijvoorbeeld op werkdagen in de avond en nacht maximaal. Bij een supermarkt of kantoor zal deze behoefte vooral overdag optreden. Het moment waarop alle gecombineerde functies tezamen een maximale parkeerbehoefte genereren, wordt de maatgevende parkeerbehoefte genoemd. De maatgevende parkeerbehoefte wordt bepaald aan de hand van de aanwezigheidspercentages.

3.4.3

Vrijstelling parkeereis Wanneer bij verbouwplannen het verschil tussen parkeerbehoefte van de oude functie en de nieuwe functie voor de totale ontwikkeling kleiner is dan 1,5 parkeerplaatsen, verleent de gemeente in principe vrijstelling van de parkeereis. Dit geldt bijvoorbeeld bij een beperkte 2 uitbreiding van het vloeroppervlak van een supermarkt (van circa120m ). Deze, in deze paragraaf genoemde vrijstellingen, gelden niet voor ontwikkelingen met de functie “wonen”.

3.5

Parkeerbehoefte = Parkeereis Nadat de parkeereis is vastgesteld komt vervolgens de vraag of de parkeereis geheel, gedeeltelijk of niet op eigen terrein gerealiseerd kan worden. Idealiter wordt de parkeereis op eigen terrein gerealiseerd maar wanneer dit niet mogelijk is, zijn er alternatieven voorhanden. 1. Parkeren eigen terrein Een ontwikkeling moet in de basis voorzien in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein. Soms is deze eis niet haalbaar. Voor ontwikkelingen met een resterende parkeereis groter of gelijk aan drie parkeerplaatsen, moet een ontwikkelaar onderbouwd aangeven waarom deze 19

Nota Parkeernormen | 16-17

niet op eigen terrein gerealiseerd kunnen worden. Wanneer de aanvrager niet kan voorzien in voldoende parkeervoorzieningen op eigen terrein is het mogelijk om gebruik te maken van vervangende parkeervoorzieningen. Bij het bepalen van de parkeercapaciteit op eigen terrein maakt de initiatiefnemer gebruik van de berekeningsmethode die is omschreven in tabel 2. 2. Parkeren particulier/privaat terrein (meerjarige overeenkomst bij huren) Om te voldoen aan de resterende parkeereis kan een initiatiefnemer gebruik maken van een vervangende particuliere/private parkeervoorziening. De vervangende parkeerruimte dient te liggen binnen de geldende loopafstand van de functie en over voldoende parkeerplaatsen te beschikken op maatgevende momenten. De initiatiefnemer maakt de bezoekers attent op de parkeerplaatsen. De initiatiefnemer beschikt over een parkeerovereenkomst tussen initiatiefnemer en de aanbieder van de particuliere/private parkeerruimte en overlegt deze bij de bouwaanvraag. De overeenkomst moet een blijvend karakter hebben (minimaal tien jaar). De loopafstand voor verschillende functies is weergegeven in Bijlage 3. 3. Gebruik openbare parkeerplaatsen De vervangende parkeerruimte kan ook een parkeerruimte in het openbaar gebied zijn.

Indien er voldoende parkeerruimte op straat is, ook na realisatie van het initiatief, kan de gemeente vrijstelling verlenen van het (geheel) realiseren van de parkeereis op eigen terrein. De bewijslast ligt hierbij bij de initiatiefnemer. Deze dient middels parkeertellingen, uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau (ISO 9001 gecertificeerd), aan te tonen dat de parkeerdruk, in het op een acceptabele loopafstand gelegen gebied, op de drukste momenten onder de 85% ligt en ook na realisatie van het initiatief op de drukste momenten onder de 85% blijft. De betreffende meetmomenten en perioden worden bepaald door de gemeente. Indien gebruik gemaakt wordt van de ontheffing van de parkeereis door gebruik te maken van restcapaciteit in de openbare ruimte, moet de initiatiefnemer een compensatiebedrag betalen. Dit compensatiebedrag stelt de gemeente in de gelegenheid om te investeren in mobiliteitsmaatregelen die de algehele parkeervraag zullen reduceren of de parkeercapaciteit vergroten. De hoogte van het bedrag dat de initiatiefnemer moet betalen is vastgelegd in de Verordening mobiliteitsfonds gemeente Horst aan de Maas.

3.6

Afkoop door bijdrage Mobiliteitsfonds Een mobiliteitsfonds is een instrument dat beschikbaar is voor het oplossen van parkeervraagstukken bij nieuwe ontwikkelingen. Wanneer een bouwinitiatief niet, of in onvoldoende mate, kan voorzien in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein, kan de initiatiefnemer een bijdrage leveren aan het Mobiliteitsfonds. Op basis van deze bijdrage kan het college van burgemeester en wethouders een ontheffing verlenen aan de initiatiefnemer van de parkeernorm. Overeenkomst Wanneer de ontwikkelaar met de gemeente overeenkomt dat het mogelijk is om de parkeereis af te kopen, worden de afspraken vastgelegd in een overeenkomst. In deze overeenkomst wordt vastgelegd welke voorwaarden van toepassing zijn op de storting in het mobiliteitsfonds. De overeenkomst met bijbehorende voorwaarden dient goedgekeurd te worden door het college van burgemeester en wethouders.

20

Inzet Mobiliteitsfonds Met de afkoopsom, zoals vastgelegd in een overeenkomst, kan de gemeente parkeerplaatsen realiseren. Daarnaast kan de gemeente het saldo uit het mobiliteitsfonds aanwenden voor het verbeteren van de openbare parkeersituatie. Bijvoorbeeld door het treffen van flankerende mobiliteitsmaatregelen die bijdragen aan het verbeteren van de parkeersituatie. Voorbeelden zijn: de realisatie van een transferium, de realisatie van concepten voor deelmobiliteit, aanleg van voet- en fietspaden, instellen betaald parkeren of blauwe zone, aanpassen parkeertarieven, bewegwijzering, et cetera. De flankerende maatregelen bieden een alternatief voor de afgekochte parkeerplaatsen en kunnen breed binnen de gemeente worden ingezet. De gemeente realiseert parkeerplaatsen of flankerende maatregelen binnen tien jaar. Stappenplan:

21

Nota Parkeernormen | 18-19

22

4

OVERIGE BEPALINGEN

4.1

Hardheidsclausule In alle gevallen waarin de Nota Parkeernormen niet voorziet of wanneer toepassing van de Nota Parkeernormen leidt tot kennelijk onredelijke situaties, neemt het college van burgemeester en wethouders een beslissing.

4.2

Inwerkingtreding Deze Nota Parkeernormen treedt in werking op de dag volgend op die van de bekendmaking ervan. Op dat moment wordt de Nota Parkeernormen Horst aan de Maas 2015, vastgesteld door de gemeenteraad van Horst aan de Maas, op 24 november 2015 ingetrokken.

4.3

Overgangsregeling Voor ruimtelijke initiatieven, plannen en projecten waarvoor al eerder een parkeertoets heeft plaatsgevonden, worden de uitkomsten van die parkeertoets als parkeereis gezien. Voor alle ruimtelijke initiatieven, plannen en projecten waarvoor nog geen parkeertoets heeft plaatsgevonden, wordt de Nota Parkeernormen als uitgangspunt gebruikt.

4.4

Citeertitel Deze Nota Parkeernormen wordt aangehaald als: Nota parkeernormen gemeente Horst aan de Maas.

23

Nota Parkeernormen | 20-21

BIJLAGEN BIJLAGEN

Nota Parkeernormen | 22-23

B1 PARKEERNORMEN HORST AAN DE MAAS Gezondheid en (sociale) voorzieningen rest bebouwde eenheid centrum kom apotheek

per apotheek

buiten bebouwde kom

2,4

3,4

3,4

per plechtigheid per consultatiebureau behandelkamer per consultatiebureau voor ouderen behandelkamer

31,6

31,6

31,6

1,5

2,1

2,2

1,3

2,0

2,2

uitvaartcentrum

30,1

30,1

30,1

1,4

2,0

2,0

1,7

2,5

2,5

huisartsenpraktijk (-centrum)

per plechtigheid per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer

2,3

3,3

3,3

penitentiaire inrichting

per 10 cellen

1,7

3,3

3,7

religiegebouw

0,2

0,2

0,2

tandartsenpraktijk (-centrum)

per zitplaats per behandelkamer

1,7

2,6

2,7

verpleeg - en verzorgingstehuis

per wooneenheid

0,6

0,6

0,6

begraafplaats

fysiotherapiepraktijk (-centrum) gezondheidscentrum

Horeca en (verblijfs)recreatie rest bebouwde eenheid centrum kom

buiten bebouwde kom

hotel

per 10 kamers

5,5

11,0

12,6

bungalowpark

per bungalow

1,7

1,7

2,1

café, bar, cafetaria

2

100 m bvo

4,0

7,0

7,0

camping/kampeerterrein

per standplaats

1,2

1,2

1,2

2

7,0

20,9

20,8

2

4,0

8,5

8,5

2

8,0

15,0

15,0

discotheek

100 m bvo

evenementenhal/beursgebouw/ congresgebouw

100 m bvo

restaurant

100 m bvo

Onderwijs eenheid

centrum

rest bebouwde kom

buiten bebouwde kom

avondonderwijs

per 10 studenten

4,6

6,8

10,5

basisschool

per leslokaal

0,8

0,8

0,8

2

kinderdagverblijf (crèche)

100 m bvo

1,0

1,4

1,5

middelbare school

per 100 leerlingen

3,7

4,9

4,9

ROC

per 100 leerlingen

4,8

5,9

5,9

Nota Parkeernormen | 24-25

Sport, cultuur en ontspanning rest bebouwde eenheid centrum kom attractie - en pretpark

per ha netto terrein

buiten bebouwde kom

8,0

8,0

8,0

bibliotheek

2

100 m bvo

0,2

1,2

1,4

biljart -/snookercentrum

per speeltafel

0,9

1,4

1,8

2

bioscoop

100 m bvo

3,2

11,2

13,7

bowlingcentrum

per bowlingbaan

1,6

2,8

2,8

2

5,7

6,5

8,0

2

casino

100 m bvo

dansstudio

100 m bvo

1,6

5,5

7,4

dierenpark

per ha netto terrein

filmtheater/filmhuis fitnesscentrum

8,0

8,0

8,0

2

5,1

18,0

22,1

2

1,7

6,3

7,4

2

1,1

4,8

6,5

2

100 m bvo 100 m bvo

fitnesstudio/sportschool

100 m bvo

gemeenschapshuis/cultureel centrum/wijkgebouw

100 m bvo

3,0

3,0

3,0

golfbaan (18 holes)

per 18 holes/60 ha

96,0

96,0

118,3

golfoefencentrum

6 ha

51,1

51,1

56,2

2

indoorspeeltuin (kinderspeelhal) 100 m bvo

4,0

5,9

6,4

jachthaven

per ligplaats

0,6

0,6

0,6

manege/paardenhouderij

per box

0,4

0,4

0,4

2

0,6

1,1

1,1

2

2,5

6,7

7,3

2

museum

100 m bvo

sanua/hammam

100 m bvo

sporthal

100 m bvo

1,3

2,9

3,5

sportveld

per ha netto terrein

20,0

20,0

20,0

2

1,2

2,9

3,6

2

2,1

3,5

4,2

2

0,3

0,5

0,5

theater/schouwburg

2

100 m bvo

7,4

9,8

12,0

volkstuin

per 10 tuinen

1,4

1,4

1,5

wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum)

100 m bvo

2

9,3

9,3

10,3

zwembad openlucht

100 m bvo

2

12,9

12,9

15,8

2

9,7

9,7

13,3

sportzaal squashhal tennishal

zwembad overdekt

28

100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo

100 m bvo

Werken centrum

rest bebouwde kom

buiten bebouwde kom

2

0,4

1,1

1,1

2

1,3

2,4

2,4

2

1,4

2

2

2

2,2

3,6

3,6

2

1,6

2,6

2,6

2

1

1,7

1,7

centrum

rest bebouwde kom

buiten bebouwde kom

2

2,6

2,6

2,6

2

2,5

2,5

2,5

2

4,1

8,2

9,1

2

4,0

4,0

4,0

2

2,3

4,1

4,1

2

3,7

4,1

4,1

2

4,1

5,6

5,6

2

7,1

7,1

7,1

2

2,0

2,0

2,3

2

2,6

2,6

2,6

2

10,4

10,4

10,4

2

2,7

2,7

2,9

eenheid bedrijf arbeidsextensief/ bezoekersextensief

100 m bvo

bedrijf arbeidsintensief/ bezoekersextensief

100 m bvo

bedrijfsverzamelgebouw

100 m bvo

kantoor (met baliefunctie) kantoor (zonder baliefunctie) showroom

100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo

Winkel en boodschappen eenheid binnenstad/kernwinkelgebied bouwmarkt bruin - en witgoedzaken buurt - en dorpscentrum buurtsupermarkt discount supermarkt

100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo

full sercive supermarkt

100 m bvo

groothandel in levensmiddelen

100 m bvo

kringloopwinkel

100 m bvo

meubelboulevard/woonboulevard 100 m bvo outletcentrum tuincentrum weekmarkt wijkcentrum (gemiddeld)

100 m bvo 100 m bvo 1

m kraam

0,2

0,2

0,2

2

5,5

5,5

5,5

2

6,1

6,1

6,1

2

4,9

4,9

4,9

2

4,5

4,5

4,5

2

2,2

2,2

5,2

2

1,3

2,0

2,0

centrum

rest bebouwde kom

buiten bebouwde kom

100 m bvo

wijkcentrum (groot)

100 m bvo

wijkcentrum (klein)

100 m bvo

winkelboulevard woonwarenhuis (zeer groot) woonwarenhuis/woonwinkel

100 m bvo 100 m bvo 100 m bvo Wonen eenheid

aanleunwoning en serviceflat

per woning

1,1

1,2

1,2

appartement

per woning

1,3

1,8

1,8

kamerverhuur (niet zelfstandig)

per woning

0,3

0,3

0,3

kamerverhuur (zelfstandig, geen studenten)

per bewoner

0,7

0,7

0,7

woonhuis

per woning

1,6

2

2

Nota Parkeernormen | 26-27

In bovenstaande tabellen staat een veelheid aan afzonderlijke functies opgenomen. Het kan ook voorkomen dat meerdere functies zijn verenigd in één gebouw. In dat geval dient van iedere functie afzonderlijk het aantal benodigde parkeerplaatsen te worden berekend en wordt aan de hand van de in deze Nota benoemde aanwezigheidspercentages het dubbelgebruik bepaald. Zo ontstaat een totale parkeervraag voor alle gecombineerde functies.

30

B2 CENTRUMGEBIEDEN HORST, SEVENUM EN GRUBBENVORST Centrumgebied Horst

Nota Parkeernormen | 28-29

Centrumgebied Sevenum

32

Centrumgebied Grubbenvorst

Nota Parkeernormen | 30-31

B3 LOOPAFSTANDEN PER TYPE FUNCTIE De loopafstanden per type functie binnen de gemeente Horst aan de Maas zijn gebaseerd op de loopafstanden uit CROW-publicatie 317 ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’, 2012. Hoofdfunctie

34

Loopafstand (m)

Wonen

100

Winkelen

200

Werken

200

Ontspanning

100

Gezondheidszorg

100

Onderwijs

100

Nota Parkeernormen | 32-33

Nota Parkeernormen | 34-35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15242084/1