CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

01c Toelichting

Gemeenteraad 11 juli 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Broekhuizerdijk 48, Melderslo.21.837 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Bouwjaar

Werktuig

Vermogen (kW)

Op grond van deze uitgangspunten zijn de emissies van de mobiele werktuigen berekend.

1,0 1,1 1,3 3,4

Tijdens de bouwfase is sprake van een toename van 8,9 kg NOx. Dit leidt op basis van AERIUS Calculator niet tot een toename van stikstofdepositie ter plaatse van de Natura2000-gebieden. Er is

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

41

derhalve geen merkbaar c.q. negatief effect voor wat betreft stikstofdepositie ter plaatse van de Natura2000-gebieden door het initiatief.

5.6

Archeologie en cultuurhistorie

5.6.1 Cultuurhistorie De provincie Limburg hecht veel waarde aan de cultuurhistorie van de provincie. De provincie wil dan ook dat er verstandig omgegaan wordt met cultuurhistorische bouwwerken en landschappen. In de Provinciale omgevingsvisie is derhalve aangegeven dat gestreefd wordt naar het behouden, ontwikkelen en beheren van beschermde historische bouwwerken, hoofdlijnen van jonge en oude cultuurlandschappen en historische landschapselementen. Het beleid ten aanzien van cultuurhistorie zoals dit in het de Provinciale omgevingsvisie is weergegeven, is gestoeld op de Nota Belvédère. De Provinciale omgevingsvisie schrijft dan ook voor een beschrijving in het bestemmingsplan mee te nemen, betreffende de omgang met de cultuurhistorische elementen in relatie tot de hiervoor geldende wettelijke bepalingen. Volgende de provinciale kaart ‘Cultuurhistorische Waardenkaart Limburg’ ligt er in en in de nabijheid van het plangebied geen cultuurhistorisch waardevolle elementen. 5.6.2 Archeologie Sinds 1 september 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg in werking getreden. De Wet op de Archeologische Monumentenzorg is de Nederlandse uitwerking van het Verdrag van Malta (1992). De wet is een raamwet die regelt hoe rijk, provincie en gemeente bij hun ruimtelijke plannen rekening moeten houden met het erfgoed in de bodem.

Om te kunnen voldoen aan het gestelde in de Wet op de Archeologische Monumentenzorg dienen de gemeenten te beschikken over archeologiebeleid en een archeologische beleidskaart.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

42

De gemeente Horst aan de Maas heeft voor haar grondgebied een Archeologische Maatregelenkaart ontwikkeld welke op 26 mei 2015 is vastgesteld. Conform deze kaart is het plangebied gelegen in een gebied met een lage archeologische verwachting. Voor deze gebieden geldt geen onderzoeksplicht.

Afbeelding 14 Uitsnede archeologische beleidskaart

5.7

Verkeer en parkeren

De bestaande woning blijft zoals thans aanwezig gehandhaafd. De beoogde nieuwe woning zal, gelijk aan de bestaande woning, worden ontsloten via de Broekhuizerdijk. Door het planologisch saneren van de veehouderij komt de transportbewegingen van en naar deze locatie te vervallen. Met het realiseren van slechts één nieuwe woning is er geen sprake van een onevenredige toename van het aantal verkeerswegingen op de Broekhuizerdijk. Parkeren zal plaatsvinden op eigen terrein, hiervoor is meer dan voldoende plaats voorhanden. Bij beide woningen dienen op de oprit minimaal twee parkeerplaatsen aanwezig te zijn. De bestaande woning voldoet hier reeds aan. Daarnaast wordt er geen nieuwe inrit aangelegd voor de nieuwe woning maar zal de reeds bestaande oprit behouden blijven. De woningen voldoen daarmee aan de parkeernorm die in de “Nota Parkeernormen Horst aan de Maas 2019” is opgenomen.

5.8

Spuitzones

In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient er ook rekening te worden gehouden met spuitzones ten behoeve van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Hoewel er voor het gebruik en de introductie van gewasbeschermingsmiddelen diverse wetten, besluiten en regels van toepassing zijn, zijn er geen wettelijke bepalingen inzake de minimaal aan te houden afstanden tussen gronden waarop bomen en andere gewassen in de open lucht worden gekweekt en nabijgelegen gevoelige functies, waaronder woningen.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

43

In de praktijk is een vuistregel ontstaan die aangeeft dat er ten minste een afstand van 50 meter tussen een (fruit)boomkwekerij en een gevoelig object in acht moet worden genomen. Deze afstand van 50 meter rondom (fruit)boomgaarden is een indicatieve afstand. Op basis van specifieke omstandigheden kan gemotiveerd van deze 50 meter worden afgeweken. De afstand tot een (fruit)boomkwekerij wordt bepaald door de driftblootstelling aan de gewasbeschermingsmiddelen. Deze driftblootstelling is afhankelijk van de toxiciteit van het gewasbeschermingsmiddel, de toegepaste spuittechnieken, kale of volle bladsituatie van de (fruit)bomen, een (gedeeltelijke) windhaag rondom het perceel en de overheersende windrichting. Rondom het plangebied bevinden zich enkele (fruit)boomgaarden, echter zijn deze allen op een afstand van meer dan 50 meter van het plangebied gelegen. Wel bevinden zich, binnen 50 meter, rondom het plangebied allerlei landbouwpercelen. Zoals gezegd wordt op deze landbouwpercelen geen (fruit)boomgaard geëxploiteerd. Het is ook niet waarschijnlijk dat in de directe omgeving (fruit)boomgaarden worden opgericht. Spuitzones vormen daarmee geen belemmering voor het initiatief.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

44

6 UITVOERBAARHEID

6.1

Economische uitvoerbaarheid

In de Wet ruimtelijke ordening is bepaald dat het kostenverhaal van de gemeente verplicht gelijktijdig met het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan verzekerd moet zijn. Op grond van artikel 6.12 lid 1 in samenhang met artikel 6.12 lid 4 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de gemeenteraad verplicht voor het verhaal van kosten een exploitatieplan op te stellen en vast te stellen gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan, indien er in dat bestemmingsplan een aangewezen bouwplan mogelijk wordt gemaakt. De plicht tot het vaststellen van een exploitatieplan geldt niet als het kostenverhaal anderszins is geregeld, bijvoorbeeld middels een anterieure overeenkomst. In dit geval wordt er voor vaststelling van het bestemmingsplan een anterieure overeenkomst gesloten tussen de gemeente en initiatiefnemer, waarbij kosten en eventuele planschade voor rekening en risico komen van initiatiefnemer waardoor kostenverhaal voor de gemeente volledig anderszins is verzekerd. Hierdoor is in onderhavig geval géén plicht tot vaststelling van een exploitatieplan.

6.2

Handhaving

Sinds 1 april 2005 werkt de gemeente Horst aan de Maas samen met de gemeente Venray als het gaat om handhaving. Onder deze samenwerking valt niet alleen de uitvoering, maar ook alle juridische, administratieve en beleidsmatige ondersteuning. In 2012 is het eerste integraal handhavingsbeleid in werking getreden. Inmiddels is het Beleidsplan VTH Horst aan de Maas 2017-2020 in werking getreden. De gemeenten Horst aan de Maas en Venray voeren hun handhavingstaken uit op basis van de volgende visie: de gemeenten Horst aan de Maas en Venray stellen een gezonde, veilige, leefbare en groene leefomgeving centraal. Handhaving is één van de middelen om de kwaliteit van wonen, leven en werken te behouden en te versterken. Het bestuur streeft naar een gestructureerd en integraal handhavingsbeleid, waarbij preventief belang voorop staat. De betrokkenheid en het eigen verantwoordelijkheidsbesef van de burgers, bedrijven en instellingen moeten daarbij worden vergroot. Als de preventieve inzet (informatievoorziening) niet werkt en het geschonken vertrouwen wordt beschaamd, volgt daadwerkelijk handhavend optreden. Zo krijgt iedereen de aanpak die hij/zij verdient. In dit integrale handhavingsbeleid is één van de speerpunten hoe in de economische situatie van de afgelopen jaren met minder middelen net zo veel of meer aan handhaving gedaan kan worden.

In dit kader zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: 1. appelleren aan de eigen verantwoordelijkheid; 2. preventie gaat boven repressie; 3. draagvlak creëren; 4. servicegericht handelen, en 5. alleen noodzakelijke en handhaafbare kaders stellen. 1. “Appelleren aan eigen verantwoordelijkheid” wil zeggen dat de verantwoordelijkheid bij de burgers, bedrijven en instellingen terecht komt, dit is ten slotte ook waar hij thuishoort. Dit vergt wel een bepaald vertrouwen van de gemeente over de burgers, bedrijven en instellingen binnen hun gemeente. Wordt dit vertrouwen geschaad dan treedt de gemeente consequent hard op. Er kan nu meer op risicogroepen of

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

45

2.

3.

4.

5.

zwakke schakels ingezet worden, de capaciteit van de handhaving is dus beter in te delen en kan efficiënter gebruikt worden. ''Preventie gaat boven repressie'' wil zeggen dat meer aandacht besteedt wordt aan het voorkomen van overtredingen dan het aanpakken van bestaande overtredingen. Hierdoor hoeven er niet zoveel tijdrovende en geldverslindende, bestuursrechtelijke procedures doorlopen te worden. Er wordt dus met zo min mogelijk inzet zoveel mogelijk resultaat behaald. Verder is “draagvlak creëren” een van de uitgangspunten. Dit houdt in dat er duidelijk over handhaving wordt gecommuniceerd en dat er ook daadwerkelijk gedaan wordt wat er gezegd wordt. Belangrijk is ook om dingen die spelen bij burgers, ondernemers, instellingen, scholen en verenigingen mee te nemen in het uitvoeringsprogramma en dat rechtsgelijkheid wordt nagestreefd. Het vierde uitgangspunt is “servicegericht handelen”. Dit houdt in dat de overheid zich dienstbaar opstelt. De gemeente denkt mee en speelt in op ongewenste situaties. Ook is de gemeente 24 uur per dag bereikbaar. Zo wordt een gevoel van veiligheid en een leefbare omgeving gecreëerd. Er is dus meer aandacht nodig voor de aanpak van overlastfeiten in de openbare ruimte. Het laatste uitgangspunt is “alleen noodzakelijke en handhaafbare kaders stellen”.

Er worden dus alleen besluiten genomen en regels ingesteld die ook daadwerkelijk handhaafbaar zijn. Overbodige regels worden geschrapt om alles overzichtelijk te houden en er wordt zorg gedragen voor voldoende deskundige capaciteit, op deze manier kan gedogen geminimaliseerd worden.

Bij handhaving staat de nalevingsstrategie centraal. Hierin is opgenomen welke activiteiten worden ondernomen om te komen tot naleving van de regels. De nalevingsstrategie kan op zijn beurt worden onderverdeeld in de volgende strategieën: 1. preventiestrategie; 2. toezichtstrategie; 3. sanctiestrategie, en 4. gedoogstrategie. Vaak wordt er gekozen voor een combinatie van deze strategieën om het resultaat te vergroten. Bij deze strategieën passen verschillende handhavingsinstrumenten. Onder de preventieve handhavingsinstrumenten vallen onder andere deregulering, kritisch zijn op het formuleren van regels, handhaafbaarheid van de regels en communicatie en voorlichting. De regels moeten bekend zijn bij de doelgroep, er dient dus duidelijk gecommuniceerd te worden over handhavingsactiviteiten en de gemeentelijke prioriteiten. Naast de preventieve handhavingsinstrumenten zijn er ook nog de repressieve handhavingsinstrumenten. Dit zijn onder andere het betalen van een dwangsom, bestuursdwang en intrekking van begunstigde beschikking. Bij een dwangsom wordt er een geldbedrag per overtreding of tijdseenheid dat de overtreding voortduurt betaald aan de gemeente. Bestuursdwang houdt in dat een overtreding op kosten van de overtreder ongedaan gemaakt wordt. Als laatste kan een begunstigde beschikking worden ingetrokken, op deze manier wordt een activiteit juridisch onmogelijk gemaakt.

Het kan hierbij ook gaan om een gedeeltelijke ontheffing. Vaak volgt op het intrekken van een begunstigde beschikking nog het opleggen van een dwangsom of bestuursdwang. Naast bestuursrechtelijk aanpakken van overtreders kan het soms ook de voorkeur hebben om een overtreder strafrechtelijk aan te pakken. Op deze manier kunnen de vaak langdurende juridische procedures die gemoeid zijn met de bestuursrechtelijk aanpak ontlopen worden. Bij strafrechtelijke aanpak moet gedacht worden aan bestuurlijke strafbeschikking en een proces-verbaal. Wanneer er een privaatrechtelijke overeenkomst met de gemeente is aangegaan kan ook voor de privaatrechtelijke worden gekozen. Hierbij gaat, wanneer het mogelijk is, de bestuursrechtelijke aanpak wel voor. Ten slotte kan er voor een gedoogbeschikking gekozen worden. Dit gebeurt uitsluitend voor gevallen die veroorzaakt zijn door onvoorziene omstandigheden of overgangssituaties. Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

46

6.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

De procedures voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpbestemmingsplan ter visie gelegd kan worden. Bovendien is het noodzakelijk dat belanghebbenden de gelegenheid hebben om hun visie omtrent het plan te kunnen geven. Pas daarna kan de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het bestemmingsplan van start gaan. Omgevingsdialoog Initiatiefnemer heeft voorafgaand aan de feitelijke bestemmingsplanprocedure de direct omwonende geïnformeerd over de voorgenomen ontwikkeling. Alle direct omwonende geven aan op voorhand geen bezwaar te hebben. Het verslag van de omgevingsdialoog is op te vragen bij de initiatiefnemer en/of Bureau Leefomgeving. Vooroverleg Artikel 3.1.1 van het Besluit geeft aan dat het college van Burgemeester van Wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg dienen te plegen met betrokken instanties. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor eenieder ter inzage gelegen van 3 maart 2023 tot/met 14 april 2023. Er zijn geen zienswijze ingediend tegen het ontwerpbestemmingsplan.

6.4

Procedure

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) is in werking getreden met ingang van 1 juli 2008. De wettelijke procedure start met het moment van ter inzage legging van het ontwerp bestemmingsplan. De procedure ziet er als volgt uit: ▪ Vooroverleg met betrokken instanties; ▪ Openbare kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan; ▪ Terinzagelegging van het ontwerp en bijbehorende stukken gedurende 6 weken en toezending aan gedeputeerde staten en de betrokken rijksdiensten, waterschappen en gemeenten; ▪ Gedurende de termijn van terinzagelegging kunnen door eenieder schriftelijk of mondeling zienswijzen worden ingebracht; ▪ Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad binnen 12 weken; ▪ Algemene bekendmaking van het bestemmingsplan door terinzagelegging met voorafgaande kennisgeving en toezending aan gedeputeerde staten en betrokken rijksdiensten, waterschappen en gemeenten: binnen 2 weken dan wel, indien gedeputeerde staten of de inspecteur zienswijzen hebben ingebracht of het bestemmingsplan gewijzigd is vastgesteld, vanaf 6 weken na vaststelling; ▪ Mogelijkheid tot beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen 6 weken na bekendmaking voor belanghebbenden; ▪ Inwerkingtreding op de dag na afloop van de beroepstermijn, zijnde 6 weken na de bekendmaking, tenzij binnen deze termijn een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend bij de Voorzitter

van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

47

7. JURIDISCHE TOELICHTING

7.1

Planstukken

Het bestemmingsplan heeft als doel het planologisch-juridisch kader te geven voor de ontwikkeling van het beschreven plan. De nadere juridische invulling is gedetailleerd geregeld. Dit bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: ▪ toelichting ▪ planregels ▪ verbeelding Met het opstellen van het onderhavige bestemmingsplan is aangesloten bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. De plansystematiek voldoet aan de volgende RO-standaarden 2012: ▪ Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) 2012; ▪ PraktijkRichtlijn BestemmingsPlannen (PRBP) 2012; ▪ Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten (STRI) 2012. Ten behoeve van de uniformiteit van bestemmingsplannen binnen de gemeente Horst aan de Maas voldoet het bestemmingsplan qua systematiek aan het vastgestelde bestemmingsplan voor het buitengebied van de gemeente Horst aan de Maas.

7.2

Toelichting op de verbeelding

De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het plangebied. Daartoe zijn op de verbeelding bestemmingsvlakken en aanduidingen opgenomen. Deze aanduidingen zijn in de vorm van een vlak weergegeven. Deze aanduiding is digitaal altijd aan te klikken en zal dan oplichten, waardoor duidelijk is wat de grens van het aanduidingsvlak is. Op www.ruimtelijkeplannen.nl is hiervoor ‘het verrekijkertje’ voor de opgesomde aanduiding aan te klikken. Het vlak zal dan rood oplichten. Op de papieren kaart zijn functieaanduidingen en bouwaanduidingen begrensd door een ‘haaientandlijn’ en worden maatvoeringsaanduidingen weergegeven door een onderbroken lijn. Bij onduidelijkheid of een tegenstrijdigheid is de digitale weergave van doorslaggevende betekenis. Anders gezegd, de papieren kaart heeft hierin geen betekenis meer.

7.3

Toelichting op de planregels

De regels zijn standaard als volgt opgebouwd: ▪ Hoofdstuk 1 bevat de begripsbepalingen en een bepaling over de wijze van meten; deze worden opsommingsgewijs in alfabetische volgorde gegeven en dienen als referentiekader voor de overige regels. ▪ Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingen. ▪ Hoofdstuk 3 bevat enkele algemene regels, zoals de antidubbeltelbepaling, de procedurebepaling en algemene regels ten aanzien van omgevingsvergunningen.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

48

▪

Hoofdstuk 4 tenslotte bevat het overgangsrecht en de slotregels met daarin de titel van het bestemmingsplan.

De bestemmingen vangen steeds aan met de bestemmingsbenaming. Daarna wordt in de bestemmingsomschrijving weergegeven voor welke doeleinden de betreffende gronden bestemd zijn. Vervolgens wordt in de bouwregels aangegeven welke bouwwerken bij recht mogen worden opgericht en welke situerings- en maatvoeringseisen hiervoor gelden. In sommige bestemmingen wordt bovendien nader ingegaan op de toegestane voorzieningen. Vervolgens is een gebruiksbepaling opgenomen waarin wordt aangegeven dat gronden en opstallen niet in strijd met de bestemming mogen worden gebruikt. Voor de duidelijkheid is een aantal situaties aangegeven die in ieder geval in strijd met de bestemming worden geacht. Om bepaalde ontwikkelingen te sturen, respectievelijk in de hand te houden, is bij sommige bestemmingen tevens gekozen voor het opnemen van omgevingsvergunnings- en wijzigingsbepalingen. Na het doorlopen van een in het bestemmingsplan nader uiteengezette procedure, kan aan deze ‘flexibliteitsbepalingen’ medewerking worden verleend. Om te voorkomen dat bestemmingen gefrustreerd worden, zijn diverse bestemmingen voorzien van een stelsel van omgevingsvergunningen voor werken en werkzaamheden. Hierin is geregeld dat een aantal werken en werkzaamheden verboden is, tenzij het bevoegd gezag hiervoor een omgevingsvergunning heeft afgegeven.

Vastgesteld – bestemmingsplan “Broekhuizerdijk 48, Melderslo”

49

Notitie Geuremissie Betreft:

Geuremissie Broekhuizerdijk 48 Melderslo

Datum:

3 januari 2023

Aangevuld:

-

Inleiding Op de locatie Broekhuizerdijk 48 in Melderslo is het (voormalige) agrarische bedrijf, een intensieve veehouderij, van initiatiefnemer gelegen. De locatie bestaat thans uit een bedrijfswoning en diverse voormalige agrarische bedrijfsgebouwen, waaronder stallen. Initiatiefnemer is voornemens het agrarisch bedrijf volledig te beëindigen, de agrarische bedrijfsbebouwing te saneren en hiervoor in de plaats een nieuwe woning te realiseren. De bestaande bedrijfswoning wordt hierbij gewijzigd in een burgerwoning.

Afbeelding 1 Luchtfoto locatie Broekhuizerdijk 48 te Melderslo

Gemeenten hebben onder de Wgv de bevoegdheid gekregen om binnen de kaders van deze wet eigen normen te stellen. Deze kunnen worden vastgesteld in een geurverordening. Op 30 juni 2020 heeft de gemeenteraad van Horst aan de Maas de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Horst aan de Maas vastgesteld. In de gemeentelijke geurverordening is vastgelegd welke normstelling er geldt voor de voorgrondbelasting en bij welke achtergrondbelasting nog sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. In de verordening is bepaald dat voor het buitengebied, waarbinnen het plangebied valt, een maximale waarde geldt voor de geurbelasting van een veehouderij ten aanzien van een geurgevoelig object van 14,0 Ou/m3 (voorgrondbelasting) en 20,0 Ou/m3 (achtergrondbelasting). Recentelijk heeft de rechtbank Den Haag (nr: C-09-594148-HA ZA 20-547) uitgesproken dat er sprake is van er sprake is van een acceptabel woonklimaat indien de geurbelasting maximaal 19,4 OU/m³ bedraagt. Naar

aanleiding van deze uitspraak heeft de gemeente Horst aan de Maas aangegeven dat het nieuwe bouwvlak ook dient te voldoen aan deze maximale geurbelasting. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het geureffect van de omliggende veehouderijen getoetst aan de gemeentelijke geurverordening en de Wet geurhinder en veehouderij. Bij het beoordelen van het aspect geur zijn twee vragen van belang: 1. Is en blijft er sprake van een goed woon- en leefklimaat binnen het plangebied? 2. Worden omliggende agrarische bedrijven (veehouderijen) als gevolg van het initiatief gehinderd in hun bedrijfsvoering? Goed woon- en leefklimaat Individuele geurbelasting Geurgevoelige objecten worden in 5 typen (a t/m e) met verschillende beschermingsniveaus onderscheiden: a. Ruimte voor Ruimtewoning (en soortgelijke geurgevoelige objecten): ▪ gebouwd na 19 maart 2000, ▪ op een kavel die op dat moment in gebruik was als veehouderij, ▪ waarbij de veehouderij (deels) buiten werking is gebracht, en ▪ waarbij stallen (of andere bedrijfsgebouwen) zijn gesloopt. b. Bedrijfswoning (of ander geurgevoelig object) bij een andere veehouderij. c. Voormalige bedrijfswoning (of ander geurgevoelig object) die op of na 19 maart 2000 geen onderdeel meer was van een andere veehouderij. d.

Voormalige bedrijfswoning (of ander geurgevoelig object) die al voor 19 maart 2000 geen onderdeel meer was van een andere veehouderij. e. Alle woningen (en andere geurgevoelige objecten) die niet onder a t/m d vallen. Het nieuw te realiseren geurgevoelig object, zijnde de beoogde nieuwe woning, valt onder type a. De nieuwe beoogde woning zal na 19 maart 2000 worden gerealiseerd, op een kavel die op 19 maart 2000 tot de huidige veehouderij behoorde. Met het saneren van de veehouderij is er geen sprake meer van een actief agrarische bedrijf en zal eveneens de agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt worden. De bestaande woning, welke van bedrijfswoning naar een burgerwoning zal worden omgezet, valt onder type c. Deze woning betrof immers op 19 maart 2000 (en erna) de bedrijfswoning behorende bij de ter plaatse gevestigde varkenshouderij. Type a en c objecten vallen in de Wgv onder artikel 14 (vaste afstanden). De afstand tussen geurgevoelige objecten en een veehouderij dient in dit geval meer dan 50 meter te bedragen, vanwege de ligging buiten de bebouwde kom. De afstand van het beoogde bouwvlak van de nieuwe woning en de bestaande woning tot de omliggende veehouderijen bedraagt in beide gevallen 50 meter of meer. In de woningen kan derhalve een goed woon- en leefklimaat worden gegarandeerd.

Cumulatieve geurbelasting Middels het programma ‘V-stacks’ gebied is berekend wat de cumulatieve geurbelasting ter plaatse is om te kunnen beoordeling of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De norm voor een geurgevoelig object, gelegen in het buitengebied, is door de gemeentelijke geurverordening vastgesteld op 20 OU/m³. Alle veehouderijen in een straal van 2 kilometer rond het plangebied én beschikken over diersoorten waarvoor een geuremissienorm is vastgesteld zijn in de berekening opgenomen. In onderstaande tabel zijn de rekenresultaten van de berekening van de achtergrondbelasting weergegeven.

Tabel 1 Cumulatieve geurbelasting

Nummer

Nummer

X-coördinaat

Y-coördinaat

Punt 1 Punt 2 Punt 3 Punt 4 Punt 5

205261 205274 205282 205288 205265

386653 386656 386653 386630 386624

Berekende waarde 19,41 18,95 18,75 17,34 17,46

De cumulatieve geurbelasting varieert tussen 17,34 en 19,41 OU/m3. Derhalve is er slechts sprake van een zeer geringe overschrijding van 0,01 OU/m³. Aangezien de cumulatieve geurbelasting ter plaatse niet voldoet aan de gestelde norm uit de gemeentelijke geurverordening is het in beginsel niet mogelijk de locatie aan te wenden voor woondoeleinden. Echter is in de gemeentelijke geurverordening een afwijkingsbevoegdheid opgenomen dat indien bij een ruimtelijk initiatief, met uitzondering van de toetswaarde in de geurverordening, de beoordeling van de overige omgevingsaspecten wel positief uitvallen, kan worden overwogen om gemotiveerd van deze toetswaarde af te wijken. Bijvoorbeeld omdat er concreet zicht is op verbetering van de achtergrondbelasting of dat vanwege het gebruik van het object er weinig tot geen hinder is te verwachten of de hinder acceptabel wordt geacht. Met het saneren van het agrarisch bedrijf vindt een aanzienlijke kwaliteitsverbetering van de omgeving plaats. De hiermee gepaard gaande ammoniak-, geur- en fijnstofuitstoot komt hiermee te vervallen. Daarnaast zijn er in de nabije omgeving diverse burgerwoning gelegen, met het saneren van het agrarisch bedrijf en het toevoegen van een nieuwe woning wordt aangesloten bij de omliggende burgerwoningen. Het betreft dan ook louter een positieve ontwikkeling.

2 3 1

4

5

Afbeelding 2 Berekenpunten bouwvlak

Aan alle overige voorwaarden wordt voor wat betreft de voorgenomen ontwikkeling voldaan, derhalve kan dan ook gerechtvaardigd afgeweken worden van de geurnorm.

Effect op bedrijfsvoering omliggende veehouderijen Naast het aantonen van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in de bestaande en nieuwe woning dient eveneens te worden aangetoond dat de bedrijfsvoering van omliggende veehouderijen niet wordt belemmerd door het initiatief. Op basis van artikel 3, lid 1 van de Wgv dient een omgevingsvergunningsaanvraag van een veehouderij te worden geweigerd als de geurbelasting van die veehouderij op een geurgevoelig object meer dan 14 OU/m3 bedraagt. Hiervan kan op basis van lid 2 worden afgeweken als een geurgevoelig object na 19 maart 2000 onderdeel heeft uitgemaakt van een andere veehouderij. In dat geval geldt een minimale onderlinge afstand van 50 meter. De afstand van de nieuwe en bestaande woning tot de bouwvlakken van de omliggende veehouderijen bedraagt meer dan 50 meter. Aan de minimale afstand van 50 meter wordt voldaan. Het initiatief betekent derhalve geen belemmering voor de bedrijfsvoering van omliggende veehouderijen.

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Bureau Leefomgeving Broekhuizerdijk 48, 5962NM Melderslo

Omschrijving Toelichting

Broekhuizerdijk 48 Bouwfase

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RbX9aNLRoAmK 22 december 2022, 15:51 Wnb-rekengrid

Berekening

Totale emissie Woning - Beoogd

Resultaten

Woning - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Hoogste depositie

Hexagon

Gebied

2022 -

0,1 kg/j

8,9 kg/j

2/7

Projectberekening

Woning (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 3 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bouwlocatie  Verkeersnetwerk

RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

18,0 g/j 0,1 kg/j

3,4 kg/j 5,5 kg/j

3/7

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

4/7

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Woning" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

-

Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

-

-

5/7

Projectberekening

Woning, Rekenjaar 2022

1 Wegverkeer | Weg Naam Wegverkeer O Wegtype Buitenweg Type scherm Rijrichting Beide richtingen Hoogte Tunnelfactor 1 Afstand tot de weg Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

-

3

Naam

-

Voertuigen

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

-

2,8 kg/j 0,1 kg/j 65,1 g/j

-

Voertuigen

In file

0 p/etmaal 0.6 p/etmaal 4 p/etmaal 0 p/etmaal

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning

NOₓ NH₃

Naam

Stageklasse

Betonpomp

Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: 28 l/j ja

22 u/j 0 l/j

Mobiele hijskraan

Stage-IV, 2014-2018, 56-75 kW, diesel, SCR: 14 l/j ja

128 u/j 0 l/j

Graafmachine

Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: 33 l/j ja

40 u/j 0 l/j

RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ NO₂ NH₃

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Bouwlocatie

In file

0 p/etmaal 0.6 p/etmaal 4 p/etmaal 0 p/etmaal

2 Wegverkeer | Weg Naam Wegverkeer W Wegtype Buitenweg Type scherm Rijrichting Beide richtingen Hoogte Tunnelfactor 1 Afstand tot de weg Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

2,6 kg/j 0,1 kg/j 60,4 g/j

Links Rechts NOₓ NO₂ NH₃

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

3,4 kg/j 18,0 g/j

BrandstofverbruikDraaiurenAdBlue verbruik

Stof Emissie

NOₓ 1,0 kg/j

NH₃ 6,7 g/j NOₓ 1,1 kg/j NH₃ 3,4 g/j NOₓ 1,3 kg/j NH₃ 7,9 g/j

6/7

Projectberekening

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221219_f040e7fca7 Database versie 2021.2_f040e7fca7 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RbX9aNLRoAmK (22 december 2022)

7/7

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Bureau Leefomgeving Broekhuizerdijk 48, 5962NM Melderslo Broekhuizerdijk 48 Ontwikkeling broekhuizerdijk, functiewijziging en toevoegen nieuwe woning

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

Rs6xvXaSPesW 02 februari 2022, 12:23 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2022 2022

Resultaten

Hoogste depositie Hexagon 3.399,22 mol/ha/j 3046829 0,00 ha 5.300,07 ha 0,00 mol/ha/j 0,50 mol/ha/j

Veehouderij - Referentie Woning - Beoogd Veehouderij - Referentie Woning - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

Emissie NH3 0,9 ton/j < 0,1 ton/j

Emissie NOx < 0,1 ton/j Gebied Maasduinen

2/8

Projectberekening

Woning (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 3 Wonen en Werken | Woningen | Bestaande woning

Emissie NH3 Emissie NOx - < 0,1 ton/j

 Verkeersnetwerk

< 0,1 ton/j

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

< 0,1 ton/j

3/8

Projectberekening

Veehouderij (Referentie), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 1 Landbouw | Stalemissies | Hinderwetvergunning

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

Emissie NH3 Emissie NOx 0,9 ton/j -

4/8

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

10 km Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

5/8

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Woning" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal Per gebied

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

5.300,07

3.399,12

0,00

5.300,07

0,50

Berekend (ha Hoogste Met toename Grootste Met afname Grootste gekarteerd) totale (ha toename (ha afname depositie gekarteerd) (mol/ha/jr) gekarteerd) (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

Maasduinen (145) 3.278,86 Deurnsche Peel & 1.325,25 Mariapeel (139) Groote Peel (140) 673,52 Boschhuizerbergen 22,27 (144) Swalmdal (148) 0,17

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

3.399,12 0,00 2.868,69 0,00

0,00 0,00

3.278,86 0,50 1.325,25 0,07

2.398,00 0,00 2.444,08 0,00 1.524,68 0,00

0,00 0,00 0,00

673,52 22,27 0,17

0,03 0,10 0,01

6/8

Projectberekening

Woning, Rekenjaar 2022 3 Wonen en Werken | Woningen Naam Bestaande woning Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele Variatie Continue Emissie

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

1,0 m 0,000 MW

NOx

< 0,1 ton/j

7/8

Projectberekening

Veehouderij, Rekenjaar 2022 1 Landbouw | Stalemissies Naam HinderwetvergunningUittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele Variatie Dierverblijven

DiersoortRAV-code - Omschrijving

5,0 m 0,000 MW

BWL-code

NH3

0,9 ton/j

Aantal Stof Emissiefactor ReductieEmissie dieren (kg/dier/j)

D3.1 - volledig roostervloer (Varkens; vleesvarkens,  opfokberen van circa 25 kg tot BWL2001.21 206 NH3 4,5 7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking )

-

0,9 ton/j

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.2_20220128_2eee9c6138 Database versie 2021_2eee9c6138 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

Rs6xvXaSPesW (02 februari 2022)

8/8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12897214/1