Rapport Hoorn onderzoek volwaardig poppodium
Tekst van het document
Dit betekent dat in de eerste jaren na ingebruikname rekening moet worden gehouden met ‘aanloopverliezen’, die niet gedekt kunnen worden vanuit de exploitatie. Dit vraagt om een extra, eenmalig ontwikkelbudget. In Bijlage 6 is op basis van de voornoemde uitgangspunten een (eerste) meerjarige exploitatieraming jaar 1 tot en met 5 voor beide varianten van een nieuwe popculturele voorziening in Hoorn opgenomen.
| 20 | Popcultuur in Hoorn
H6 | Globaal Programma van Eisen 6.1 Uitgangspunten Voor de 2 varianten ‘Popcentrum’ en ‘Poppodium’ hebben wij een globaal ‘Programma van Eisen’ (PvE) opgesteld. Hierin worden de ruimtelijke, functionele, technische en stedenbouwkundige eisen vastgelegd waaraan het gebouw moet voldoen. Het ‘Popcentrum’ bestaat uit: ● Een podiumzaal voor optredens voor maximaal 500 bezoekers staand en 250 zittend. ● Een inpandige laad- en losvoorziening. ● Publieksvoorzieningen, zoals garderobe en sanitair. ● Zes oefenruimtes voor lokale en regionale bands van 4 tot 15 personen, zowel beginnend als gevorderd. ● Opnamestudio voor muziekopnames van bandjes ed. ● Café/bar annex ontmoetingsplek, inclusief werk-/studieplekken. ● Backstage ruimten, zoals kleedruimten en artiestenfoyer. ● Kantoren. ● Technische ruimten. NB Geen specifieke ruimten worden meegenomen voor orkestrepetities, muziekeducatie voor klassen VO/PO, lezingen en masterclasses (lees: activiteiten die door Muziekschool Boedijn in de toekomst mogelijk worden ingebracht). Deze activiteiten kunnen deels in de wel opgenomen ruimtes plaatsvinden. Het ‘Poppodium’ bestaat uit: ● Een podiumzaal voor optredens voor maximaal 500 bezoekers staand en 250 zittend. ● Een inpandige laad- en losvoorziening. ● Publieksvoorzieningen, zoals garderobe en sanitair. ● Café/bar. ● Backstage ruimten, zoals kleedruimten en artiestenfoyer . ● Kantoren.
● Technische ruimten.
6.2 Ruimtebehoefte De ruimtebehoefte van de 2 varianten is in Bijlage 4 vastgelegd voor iedere functie en ruimte. De voor de variant ‘Popcentrum’ gewenste functioneel nuttige oppervlakte (fno) is 1.508 m2 en de bruto vloeroppervlakte is 2.263 m2. De voor de variant ‘poppodium’ gewenste functioneel nuttige oppervlakte (fno) is 1.058 m2 en de bruto vloeroppervlakte is 1.588 m2. In onderstaande tabel is indicatief de bruto vloeroppervlakte per functie weergegeven:
| 21 | Popcultuur in Hoorn
Popce
Popp
1.Publieksvoorzieningen
18
18
2.Horeca/café
36
25
3.Popzaal
53
53
4.Backstage
45
45
5.Oefenruimtes / studio
52
0
6.Kantoren
20
16
De volgende oppervlakte begrippen worden gebruikt voor het bepalen van de ruimtebehoefte: ● Functioneel nuttige oppervlakte (fno): de effectief gewenste vloeroppervlakte. ● Indelingsverlies: de oppervlakte die door het ontwerp extra ontstaat t.o.v. het fno. ● Horizontaal verkeer: de oppervlakte voor gangen en looppaden tussen verschillende ● Niet statische bouwdelen: bouwdelen (wanden ed) die niet noodzakelijk zijn voor de het gebouw. ● Installaties: de ruimte die nodig is voor de gebouwinstallaties, zoals ventilatie, verwa schachten. ● Verticaal verkeer: de ruimte die nodig is voor (rol)trappen en liften. ● Statische bouwdelen: bouwdelen (kolommen, wanden, gevelelementen) die noodzake constructie van het gebouw. ● Bruto vloeroppervlakte (bvo): de som van de buitenwerks gemeten vloeroppervlakte bouwlagen.
6.3 Functionele eisen 6.3.1 Algemeen ● ● ● ● ●
Het gebouw moet zeer duurzaam zijn. Zowel qua materiaalgebruik als energieverbruik. Dit is zichtbaar en ervaarbaar voor de bezoekers. De popzaal bestaat uit een vlakke vloer met een balkon en een verhoogd podium.. Bij voorkeur aan 3 zijden van de popzaal zijn balkons. Er is sprake van een goede balans tussen de functionele eisen en de eisen met betrekking tot ‘beleving’ en/of ‘sfeer’. Een 100% functioneel gebouw is niet per definitie een aantrekkelijk gebouw. Kleine optredens moeten mogelijk zijn in de ruimte van de horeca (laagdrempelige activiteiten).
Specifiek voor de variant ‘Popcentrum’ geldt:
| 22 | Popcultuur in Hoorn
●
● ● ●
Het gebouwconcept en de inrichting moeten uitnodigen tot ontmoeting tussen de verschillende bezoekers van het centrum. Hiermee draagt het gebouw bij aan de doelstellingen ‘diversiteit’ en ‘inclusiviteit’. Het gebouwconcept en de inrichting zijn voldoende voorbereid/toegerust op een gebruik van de verschillende ruimten gedurende 7 dagen per week, zowel overdag als ‘s avonds en ‘s nachts. Het concept van de horeca en de positionering ervan binnen het gebouw maken de horeca ook aantrekkelijk voor bezoekers “van buitenaf”. Oefenruimtes en de opnamestudio moeten 24/7 te gebruiken zijn; hiervoor moet een aparte ingang aanwezig zijn.
6.3.2 Hoogte De hoogte van de ruimten moet voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit. In het algemeen moeten de ruimten minimaal 3,0 m vrije hoogte hebben (tussen vloer en plafond). De belangrijkste afwijkingen hiervan zijn: ● Popzaal 6 meter ● Café 4 meter ● Overdekte opstelplaats vrachtwagen 4,5 meter Het podium in de popzaal ligt circa 1 meter hoger dan de zaal. 6.3.3 Relaties binnen ● ● ● ●
Horeca en popzaal zijn binnen het gebouw in elkaars nabijheid gelegen. De horeca fungeert ook als ‘foyer- en/of uitloopruimte’ voor de popzaal. De popzaal ligt op straatniveau. Hierdoor is het laden en lossen van het podium eenvoudig mogelijk en zonder gebruik van een lift. Alle ruimten (met uitzondering van de kantoren en oefenruimtes) liggen op 1 of maximaal 2 niveaus. Indien de ruimten verdeeld over meerdere niveaus liggen, moet er een ruime lift aanwezig zijn (zowel voor personen als voor goederen).
6.4 Stedenbouwkundige eisen Voor de benodigde terreinoppervlakte moet minimaal worden uitgegaan van: - Popcentrum 1.400 m2 - Poppodium 1.100 m2 Hierbij is geen rekening gehouden met terras, fietsenstallingen, parkeerplaatsen voor auto’s van de bezoekers en een opstelplaats voor een vrachtwagen en/of tourbus van de optredende artiest/band. Overige eisen: ● Het gebouw is gelegen in een gebied met gemengde functies (wonen, werken en uitgaan). ● Het gebouw presenteert zich met een centrale, goed zichtbare en uitnodigende entree, op een voor het publiek goed toegankelijke en attractieve locatie. ● Het gebouw is herkenbaar als Popcentrum/Poppodium. ● Het café ligt aan de straatzijde op een goede zichtlocatie, die aantrekkelijk is voor uitgaand publiek in de avond- en nachturen, maar ook overdag aantrekkelijk is (Popcentrum).
| 23 | Popcultuur in Hoorn
● ● ● ● ●
●
● ●
In de directe nabijheid zijn voldoende faciliteiten aanwezig voor fiets- en autoparkeren, met name in de avonduren. Het gebouw is goed bereikbaar met het openbaar vervoer; bij voorkeur gelegen op maximaal 10 minuten lopen van het station (zie onderstaande kaart). Wandelaars en fietsers ervaren de route naar het Popcentrum/Poppodium als “veilig”. Het uitgaansgebied van Hoorn rondom de Roode Steen is bij voorkeur op maximaal 10 minuten lopen (zie onderstaande kaart). Indien er in de directe omgeving woningen zijn en/of worden gerealiseerd, dan dient er niet alleen aandacht te zijn voor eventuele geluidsoverdracht vanuit het podium, maar ook voor de geluidsbelasting die aankomend en vertrekkend publiek met zich meebrengt. Het laad- en losbordes van popzaal in de overdekte opstelplaats moet bereikbaar zijn met vrachtwagens (bakwagens) tot maximaal 10 meter. Voor de bevoorrading van de horeca moet hier ook rekening mee worden gehouden. Bij voorkeur is de locatie ook bereikbaar met trailers van 18 meter en tourbussen (nightliners). Let op draaicirkels in een bebouwde omgeving. Het straatniveau bij het laden en lossen ligt circa 1 meter onder het niveau van het podium, dus ongeveer gelijk aan het niveau van de zaal. De zaal moet ook voor de interne logistiek op straatniveau liggen.
| 24 | Popcultuur in Hoorn
H7 | Locatieonderzoek De eisen die worden gesteld aan de locatie zijn vastgelegd in 6.4 ‘stedenbouwkundige eisen’.
7.1 Mogelijke locaties In diverse gesprekken zijn de volgende mogelijke locaties benoemd: a. Poort van Hoorn - noordzijde stationsgebied b. Poort van Hoorn - zuidzijde stationsgebied - Busremise c. Ten westen van Schouwburg Het Park d. Huidige locatie Manifesto Een gebouw van een poppodium past in beginsel goed bij een industriële setting (herontwikkeling van industrieel erfgoed). Buiten de Busremise is er binnen het zoekgebied (omgeving station en omgeving uitgaansgebied) geen industrieel pand beschikbaar. Ook elders in Hoorn is een dergelijk object niet beschikbaar of is de verwachting dat dit beschikbaar komt. De beoordeling van deze locaties voor een Popcentrum of een Poppodium is als volgt: a. Poort van Hoorn - Noordzijde stationsgebied
Op de site van de Poort van Hoorn wordt gesteld: “Er ontstaat ruimte voor woningen, kantoren, horeca, detailhandel en maatschappelijke functies. Het gebied aan de noordzijde krijgt een meer stedelijke uitstraling en de nieuwe invulling maakt dat het er zowel overdag als ’s avonds levendig is. In plaats van een loopbrug over het spoor komt er een kwalitatief hoogwaardige traverse van en naar de binnenstad.” Voor de functie ‘poppodium’ is ruimte beschikbaar, passend binnen het concept bestemmingsplan. Met openbaar vervoer is deze locatie goed bereikbaar met trein en bus. De loopafstand tot het uitgaansgebied rondom de Roode Steen is, via de nieuw te realiseren traverse over het spoor, iets meer dan de gewenste 10 minuten. In dit gebied komt ruime parkeergelegenheid, die vooral overdag bezet zal zijn door forensen en winkelend publiek. In de avond en het weekend zal hierdoor voldoende parkeergelegenheid beschikbaar zijn voor bezoekers van het poppodium. De traverse over de spoorlijn kan door de potentiële bezoekers van het nieuwe poppodium, en dan met name door uitgaanspubliek (die wat “minder gericht” de activiteiten van het poppodium bezoeken), als een ‘psychologische barrière' kunnen worden ervaren. Voor bezoekers met de fiets zal de traverse ook als een barrière worden ervaren.
Het succes van het nieuwe poppodium op deze locatie zal mede afhankelijk zijn van de kwaliteit en voortgang van de gehele gebiedsontwikkeling en de reuring in de avonduren. Voor een succesvol poppodium is een levendige omgeving in een gebied met gemengde functies van groot belang. b. Zuidzijde stationsgebied - Busremise
| 25 | Popcultuur in Hoorn
Aan de zuidzijde van het station ontstaat door het verplaatsen van het busstation ruimte voor meer groen en ruimte om de beleving van singels terug te brengen. De huidige Busremise is een gemeentelijk monument van circa 1.500 m2 en blijft daardoor gehandhaafd bij de ontwikkeling van het stationsgebied. Dit gebouw is particulier eigendom. Er is nog geen nieuwe bestemming bekend voor dit object. Deze locatie heeft een betere relatie met de oude binnenstad dan de noordzijde van het stationsgebied. De Busremise heeft ook een “stoere uitstraling” die past bij een poppodium. Het gebouw zou door een laag verbindingslid met een nieuwbouw op het parkeerterrein (in eigendom van de gemeente Hoorn) kunnen worden uitgebreid. Daarbij dient uitdrukkelijk wel te worden aangetekend dat de beschikbaarheid van deze locatie onzeker is omdat de Busremise geen eigendom is van de gemeente. c. Ten westen van Schouwburg en Congrescentrum Het Park
Op deze locatie is in beginsel een goede samenwerking met Schouwburg en Congrescentrum Het Park eenvoudig te realiseren, zowel qua programmering als organisatie. Stedenbouwkundig gezien is deze locatie niet ideaal omdat het poppodium vanuit de stad "verscholen" ligt achter de schouwburg. De locatie ligt buitendijks. Door Rijkswaterstaat is gesteld dat hierdoor in dit gebied niet mag worden gebouwd. Dus is de conclusie dat het realiseren van een nieuw poppodium op deze locatie niet mogelijk is of zeer moeilijk zal zijn. d. Huidige locatie Manifesto
De huidige locatie van Manifesto aan de Holenweg ligt aan een groot parkeerterrein dat voornamelijk voor de sportaccommodaties ter plekke wordt gebruikt. Aan de andere zijde zijn bedrijven en diverse sportvoorzieningen, zoals tennisbanen. Het gebied is verder omgeven door een woonwijk. De kwaliteit van de directe omgeving is hierdoor op dit moment suboptimaal en weinig uitnodigend voor een poppodium. Deze locatie is vooral ook voor bezoekers vanuit de regio
| 26 | Popcultuur in Hoorn
slecht bereikbaar met openbaar vervoer. Tevens is de afstand tot het uitgaansgebied van Hoorn lopend 30 minuten. Hierdoor is deze locatie niet aantrekkelijk voor een nieuw poppodium. Het gebied heeft de functie “gemengd stedelijk gebied” waardoor op de locatie op termijn (minimaal 10 jaar) onder andere woningbouw mogelijk is. Herontwikkeling van de huidige locatie van Manifesto dient te worden gecombineerd met de planontwikkeling van het gehele gebied. Geconcludeerd kan worden dat de noordzijde van het stationsgebied de meest kansrijke locatie is voor een Popcentrum of Poppodium. Voorwaarde is dat dit gebied, zoals het streven is, een stedelijke uitstraling krijgt die zowel overdag als ’s avonds levendig is, dat wil zeggen dat er in de directe omgeving meerdere horeca- en/of uitgaansgelegenheden aanwezig zijn. Een dergelijk voorzieningenniveau is een absolute voorwaarde voor een succesvol poppodium. Indien hieraan wordt voldaan is dit een goede locatie voor een nieuw poppodium. De Busremise aan de zuidzijde van het stationsgebied heeft als voordeel dat het een kortere afstand heeft tot de oude binnenstad. De groene omgeving zorgt ervoor dat er minder kans op hinder naar de omgeving zal zijn, maar geeft wel een minder levendige uitstraling. De locatie heeft meer uitdagingen omdat het pand geen eigendom is van de gemeente en er mogelijk nog andere functies in aanmerking komen.
Zo is er ooit eerder gesproken over de ontwikkeling van een nieuwe bibliotheek op deze plek. Op de locatie ten westen van Het Park kan in principe niet worden gebouwd, omdat het in een buitendijks gebied ligt. De huidige locatie van Manifesto voldoet niet aan de eisen met betrekking tot een levendige omgeving, het uitgaansgebied van de binnenstad en de beschikbaarheid van openbaar vervoer.
7.2 Ontwikkelperspectief De ontwikkeling van het Stationsgebied verloopt in fases. Het project start aan de noordzijde van het plangebied. De zuidzijde van het Stationsgebied wordt in een latere fase ontwikkeld. Het duurt naar verwachting circa 7 à 10 jaar om het hele Stationsgebied te ontwikkelen. De gemeente zoekt een private partner voor de integrale ontwikkeling van het gebied. Hierbij tekenen we aan dat er tot nu toe weinig succesvolle private of publiek-private ontwikkelingen zijn als het gaat om de realisatie en exploitatie van poppodia. De praktijk leert dat het belangrijk is dat de gemeente zoveel mogelijk sturing houdt op de vastgoedontwikkeling van cultureel en/of maatschappelijk vastgoed, met name gelet op het feit dat de gemeente zich (daarna) ook langjarig bindt als subsidieverstrekker om de exploitatie van de culturele voorziening te ontwikkelen en duurzaam in stand te houden. Mede gelet op de lange doorloopfase die gemoeid is met de planontwikkeling en realisatie van een nieuw poppodium (uitgaande van een positief besluit), is het belangrijk om beleid te formuleren met betrekking tot het voorzieningenniveau voor popcultuur in de periode tussen besluitvorming en daadwerkelijke realisatie.
Daarbij zou het uitgangspunt moeten zijn dat zoveel mogelijk van de kennis en ervaring die Manifesto sinds 1999 heeft opgedaan, evenals het netwerk van Manifesto wordt geïmplementeerd in de nieuwe voorziening. Een deel van Manifesto kan opgaan in de nieuwe popculturele voorziening en daar kan in de tussenliggende jaren stapsgewijs naartoe worden gewerkt.
| 27 | Popcultuur in Hoorn
H8 | Financien 8.1 Stichtingskostenraming Uitgangspunten voor de stichtingskostenraming zijn de kengetallen die de afgelopen jaren zijn gehanteerd voor de realisatie van diverse podiumvoorzieningen in Nederland. Hierbij is rekening gehouden met full-air luchtbehandeling en een gasloos gebouw met warmtepomp of WKO-systeem. Bij de stichtingskostenraming zijn de volgende posten meegenomen: -
Bouwkundige werken Installaties Vaste inrichting (balies, bars etc.) Theatertechniek (licht, geluid, inschuifbare tribune, toneelstoffering, elektro akoestiek etc.) Losse inrichting Terreininrichting direct rondom het gebouw Honoraria (architect en overige adviseurs) Leges, verzekeringen Reserve en onvoorzien 15% Prijsstijgingen van 2,5% per jaar tot oplevering over 7 jaar Interne kosten gemeente
Voor de variant ‘Popcentrum’ worden de stichtingskosten geraamd op circa € 17 miljoen (exclusief BTW). Voor de variant ‘Poppodium’ worden de stichtingskosten geraamd op € 12,5 miljoen (exclusief BTW). De onderbouwing hiervan is opgenomen in de vertrouwelijke Bijlage 5. In het Stationsgebied wordt op dit moment rekening gehouden met grondkosten (bouwrijp) van € 160,per m2 bvo. De grondkosten voor het ‘Popcentrum’ komen hiermee op circa € 350.000 en voor het poppodium circa € 250.000 (prijspeil 2024). Het huidige gebouw van Manifesto is eigendom van de gemeente. De meest recente boekwaarde is € 303.045. Als Manifesto over 7 jaar, aangenomen dat het nieuwe poppodium dan in gebruik kan worden genomen, het pand met de locatie afstoot, dan bedraagt de (resterende) boekwaarde € 141.421. Gezien de locatie en de lange termijn waarop de locatie kan worden herontwikkeld, wordt geen rekening gehouden met een opbrengst bij verkoop van het gebouw.
8.2 Kapitaallasten Voor de berekening van de kapitaallasten wordt uitgegaan van een lineaire afschrijving, met een afschrijvingstermijn voor de gehele investering van 40 jaar en een rentepercentage van 3,5%. Voor de variant ‘popcentrum’ worden de kapitaallasten geraamd in het eerste jaar (2031) op ruim € 1.000.000 aflopend tot € 440.000 na 40 jaar. Voor de variant ‘poppodium’ worden de kapitaallasten geraamd in het eerste jaar op ruim € 750.000, aflopend tot € 325.000 na 40 jaar. Voor de investering van de grondkosten dient alleen rekening te worden gehouden met de rente- en financiering. Dit bedraagt exclusief prijsstijgingen € 12.600 respectievelijk € 8.900 per jaar. De kapitaallasten van het vastgoed Manifesto zijn € 21.400,80. Indien de boekwaarde wordt afgeboekt is dit het bedrag wat het oplevert gedurende de laatste jaren van afschrijving.
| 28 | Popcultuur in Hoorn
8.3 Beheerlasten De jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten vallen uiteen in kosten die de eigenaar moet maken en kosten die de huurder/gebruiker moet maken. De jaarlijkse beheer- en onderhoudslasten ten laste van de huurder (poppodium) worden voor de variant ‘Popcentrum’ en de variant ‘Poppodium’ geraamd op respectievelijk € 103.339 en € 72.502 . In de beheerlasten zijn begrepen: ● de kosten van het jaarlijkse onderhoud ● onroerend goed belasting; ● verzekeringen; ● heffingen; ● de kosten voor het schoonmaken van het gebouw; ● de energiekosten.
8.4 Meerjarige exploitatieraming Bij de exploitatieraming wordt ook de huur meegenomen die de huurder aan de gebouweigenaar (de gemeente) moet betalen. De gemeente Hoorn heeft geen standaardbeleid om de huur van (maatschappelijk) vastgoed te berekenen. In dit rapport wordt daarom uitgegaan van een kostprijsdekkende huur die opgebouwd is uit de kapitaallasten en het eigenaarsdeel van de beheerlasten. Voor de kapitaallasten wordt uitgegaan van de gemiddelde kapitaallasten over de afschrijvingsperiode van 40 jaar. Omdat de gehele exploitatie wordt berekend op prijspeil 2024 wordt ook gerekend met de kapitaallasten van de investering prijspeil 2024.
| 29 | Popcultuur in Hoorn
We hebben voor beide varianten van een nieuwe popculturele voorziening in Hoorn voor de eerste 5 exploitatiejaren een raming saldo tekort voor subsidie opgesteld. Deze komt voor het ‘Popcentrum’ uit op een bandbreedte van structureel € 1,4 - € 1,5 miljoen. Voor het ‘Poppodium’ geldt een bandbreedte van € 1,0 - € 1,2 miljoen. Dit betreft dus het totale saldo tekort per variant, inclusief de kosten van huisvesting, beheer en onderhoud. Naast deze structurele subsidielast dient er in de eerste 3 jaren van de exploitatie rekening te worden gehouden met een extra subsidielast van totaal € 0,5 miljoen ter dekking van aanloopverliezen. NB De kosten van de vaste en losse inrichting van het nieuwe poppodium zijn meegenomen in de stichtingskosten en derhalve verdisconteerd in de ‘kostprijsdekkende huur’. Bijgevolg zijn in de meerjarige exploitatieraming geen kosten voor afschrijvingen op de inrichtingscomponenten begroot. De uitgewerkte exploitatieraming is opgenomen in Bijlage 6 bij dit rapport.
8.5 Financiering Aan BMC is de vraag gesteld of er inzake de investering in het vastgoed en in de inrichting, en ten aanzien van de exploitatie, nog alternatieve vormen van bekostiging denkbaar zijn (lees: anders dan de gemeentelijke subsidie). In onze rapportage uit 2019 naar aanleiding van het onderzoek naar het toekomstperspectief van Manifesto hebben we reeds aangegeven dat een private exploitatie van een popculturele voorziening op de schaalgrootte van Hoorn geen realistisch scenario is. Wel is het denkbaar dat private partijen investeren in onderdelen van het concept van de popculturele voorziening of een deel van de exploitatie voor hun rekening nemen. Zo hebben inmiddels twee (private) ondernemers hun belangstelling kenbaar gemaakt voor de exploitatie van een studiofaciliteit in een nieuw te ontwikkelen Popcentrum. Deze ondernemers zouden daarmee ook een aandeel kunnen nemen in de totale investering die nodig is om deze voorziening te realiseren. Cultuurfondsen investeren niet in stenen. In een enkel geval leveren fondsen wel een financiële bijdrage aan onderdelen van de inrichting als deze innovatief zijn en/of noodzakelijk om bepaalde specifieke, onderscheidende activiteiten uit te kunnen voeren. In de meerjarige exploitatieraming hebben we voor beide varianten een post ‘sponsoring’ opgenomen, maar deze wel op pm gezet.
De mogelijkheden voor sponsoring van een poppodium met een schaalgrootte, zoals die voor Hoorn is voorzien, moeten zeker niet worden overschat. Eventuele sponsorbijdragen kunnen worden ingezet om extra elementen aan het concept toe te voegen en/of zaken te bekostigen die aan het begin van de planontwikkeling niet waren voorzien. Het is echter zeer risicovol om sponsoring mee te nemen als (vast) onderdeel van de dekking van de vastgoedinvestering of de investering in de inrichting, en/of als structurele bijdrage in de exploitatie. Sponsoring van bepaalde specifieke activiteiten die het poppodium initieert is onder bepaalde omstandigheden wel haalbaar. Dat geldt ook voor bijdragen vanuit de cultuurfondsen of het Fonds Podiumkunsten.
| 30 | Popcultuur in Hoorn
In het geval dat een nieuwe culturele voorziening ook van bovenregionale betekenis is, cq bijdraagt aan de versterking van een bepaalde regio (maatschappelijk, demografisch, economisch), dan raakt dit ook het provinciaal beleid. Dit maakt dat provincies soms optreden als cofinancier in culturele en/of maatschappelijke vastgoedontwikkeling of (tijdelijk) een programmasubsidie verstrekken. BMC heeft begrepen dat de provincie Noord-Holland hier uiterst terughoudend in is. Maar een verkenning met de provincie op dit punt zou ons inziens wel moeten plaatsvinden.
| 31 | Popcultuur in Hoorn
H9 | Bevindingen en aanbevelingen 9.1 Bevindingen Op basis van onze studie, waarvan de resultaten zijn vastgelegd in de hoofdstukken 3 tot en met 8, komen we tot de volgende bevindingen. a. Het landschap van de popmuziek en -cultuur is in de afgelopen twee decennia sterk veranderd. Door onder andere digitalisering, globalisering en de verdere verzakelijking van de muziekindustrie is het nationale en internationale aanbod verschraald, terwijl het aantal professionele poppodia in Nederland sterk is toegenomen. Het interessante aanbod concentreert zich meer en meer in de grote steden in de randstad (TivoliVredenburg, Paradiso, Melkweg, Afas Live, Ziggo Dome) en in Tilburg (013). Om die reden leggen de kleinere podia buiten de grotere steden zich primair toe op talentontwikkeling, waarmee ze eigen aanbod kunnen creëren. Hier ligt voor een nieuw poppodium in Hoorn ook de belangrijkste opgave. b. Een poppodium dat zich met name richt op (eigen) talentontwikkeling sluit ook aan bij de wensen van het Hoornse publiek, met name bij die van jongeren. Het nieuwe poppodium in Hoorn fungeert in de eerste plaats als ‘broed- en werkplaats’ voor popcultuur en als plek voor ontmoeting. c. Als we kijken naar het voor Hoorn (in potentie) beschikbare nationale en internationale aanbod dan is een capaciteit van 500 bezoekers (staand) voor een nieuw poppodium in Hoorn een passende schaalgrootte. d.
De combinatie van de functies ‘broed- en werkplaats’ (talentontwikkeling) en ‘podium’ (presentatie) kan in beginsel op twee manieren worden vormgegeven: ● in de vorm van een ‘Popcentrum’: beide functies worden op één locatie geïntegreerd; ● in de vorm van een ‘Poppodium’: het poppodium is de plek voor presentatie en aanvullend daarop zijn er verspreid over de stad voorzieningen die ondersteunend en/of faciliterend zijn aan talentontwikkeling, zoals oefen- en opnamefaciliteiten. Beide concepten dragen bij aan de versterking van de uitgaans- en nachtcultuur in Hoorn. e. Het samenbrengen van de functies ‘broed- en werkplaats’ en ‘podium’ op één locatie biedt mogelijkheden om zowel inhoudelijke als facilitaire synergievoordelen te realiseren. Een nieuwe popculturele voorziening biedt in dat geval onderdak aan de gehele ‘culturele keten’ van ontdekken, leren, presenteren en beleven. Tevens zorgt deze combinatie voor meer dynamiek. f. De benodigde oppervlakte van een ‘Popcentrum’ en een ‘Poppodium’ bedraagt respectievelijk 2.165 m2 bvo en 1.528 m2 bvo. De benodigde omvang van de kavel is respectievelijk minimaal 1.400 m2 en 1.100 m2. g. De benodigde investering die gemoeid is met de realisatie van een ‘Popcentrum’ en een ‘Poppodium’ bedraagt respectievelijk circa € 17 miljoen en circa € 13 miljoen, exclusief btw en exclusief grondkosten. h.
Bedacht moet worden dat in het geval er gekozen wordt voor het concept van het ‘Poppodium’ er elders in de stad ook nog investeringen moeten worden gedaan ten behoeve van ‘talentontwikkeling’ (denk bijvoorbeeld aan oefenruimtes en
| 32 | Popcultuur in Hoorn
studiofaciliteiten). Het ligt dan voor de hand om de rol van Muziekschool Boedijn hierin verder te versterken. i. De jaarlijkse subsidie die nodig is om een ‘Popcentrum’ en ‘Poppodium’ in stand te houden bedraagt bij huidige inzichten respectievelijk € 1,4 - 1,5 miljoen en € 1,0 - € 1,2 miljoen. Dit is inclusief de huisvestingslasten. j. Er zijn voor de realisatie van een nieuwe popculturele voorziening twee potentiële locaties: - Noordzijde Stationsgebied (Poort van Hoorn) - Busremise zuidzijde stationsgebied (Poort van Hoorn) Daarbij dient te worden aangetekend dat de Busremise geen eigendom is van de gemeente. k. Indien wordt gekozen voor de locatie Noordzijde Stationsgebied dan zal het succes van de nieuwe popculturele voorziening in belangrijke mate worden bepaald door het tempo en de kwaliteit van de verdere gebiedsontwikkeling (voldoende functiemenging, levendigheid zowel overdag als ‘s avonds, goede bereikbaarheid, beleving dat de Poort van Hoorn onderdeel uitmaakt van het centrum van Hoorn et cetera). l. De doelgroepen die bekend zijn met het bezoeken van een poppodium, popfestival of dance-event zijn in Hoorn ondervertegenwoordigd. Een deel daarvan is gericht op het activiteitenaanbod in Amsterdam (Paradiso, Melkweg, Bitterzoet). Het succes van een nieuw poppodium in Hoorn is om die reden niet vanzelfsprekend.
Er zal tijd en goed ondernemerschap nodig zijn om een dergelijke (eigen) voorziening in Hoorn stapsgewijs op te bouwen. m. Bij een positief besluit over een nieuwe popculturele voorziening zullen de planontwikkeling en realisatie nog de nodige tijd in beslag nemen. Dit betekent dat er ook beleid moet worden geformuleerd voor de periode tot aan de ingebruikname van het nieuwe podium. Onderdeel daarvan is de vraag wat er in de tussentijd met Manifesto moet gebeuren en/of hoe de kennis, ervaring en het netwerk van Manifesto kunnen worden geïmplementeerd in de ontwikkeling naar een nieuwe popculturele voorziening. Het instandhouden van Manifesto tot aan de ingebruikname van een nieuw poppodium zal ook nog een (beperkte) investering vragen. n. Bij een negatief besluit over een nieuw te ontwikkelen poppodium zal er op termijn sprake zijn van een (verdere) uitval van aanbod van en publiek voor popcultuur, zoals geschetst naar aanleiding van ons onderzoek uit 2019. Het huidige Manifesto zou dan (in beperkte mate) een rol kunnen (blijven) spelen als locatie voor talentontwikkeling onder toevoeging van oefenfaciliteiten.
9.2 Aanbevelingen De bevindingen in de vorige paragraaf leiden tot de volgende aanbevelingen: A. Investeer in een voorziening die primair gericht is op (eigen) talentontwikkeling: een ‘broedplaats’, tevens een plek voor ontmoeting. B. Investeer uitsluitend in een nieuw poppodium, annex ‘broedplaats’, als aan de stedenbouwkundige randvoorwaarden van een dergelijke voorziening kan worden voldaan. C. Houd bij de afweging rekening met het feit dat het opbouwen van een nieuwe (eigen) popculturele voorziening in Hoorn tijd zal kosten en dat daarvoor voldoende subsidiemiddelen beschikbaar moeten worden gesteld.
| 33 | Popcultuur in Hoorn
D. Formuleer beleid met betrekking tot het voorzieningenniveau op het gebied van popcultuur in de periode tot aan de ingebruikname van een nieuw poppodium, annex ‘broedplaats’ om verdere uitval van activiteiten en (potentieel) publiek te voorkomen. E. Betrek de ondernemers die tijdens dit onderzoek hebben aangegeven mogelijk te willen participeren in een nieuw poppodium bij de verdere planontwikkeling, met inachtneming van regels ‘level playing field’. F. Doorloop, uitgaande van de beschikbaarheid van voldoende middelen voor het vervolg de volgende stappen (op hoofdlijnen): 1. Besluitvorming over de ontwikkelingsrichting (zie de door BMC geschetste modellen / scenario’s). 2. Nader onderzoek en besluitvorming over locatie in samenhang met de gebiedsontwikkeling Poort van Hoorn. 3. Nadere uitwerking van de organisatievorm en businesscase van een nieuwe popculturele voorziening, met name ten aanzien van de beoogde samenwerking met Muziekschool Boedijn en eventuele private partijen. 4. Opstellen ‘Programma van Eisen’, bouwkostenraming en (integrale) exploitatieraming. 5. Opstellen ‘Plan van aanpak’ voor de realisatie van een nieuwe popculturele voorziening, inclusief een met de gebiedsontwikkeling samenhangende planning en een plan voor het al dan niet continueren van het huidige poppodium Manifesto. 6.
Contracteren van de in de nieuwe popculturele voorziening participerende partijen. 7. Besluitvorming voorbereidingskrediet. 8. Selectie (bouw)projectmanager en ontwerpteam. 9. Uitwerken van een aanbestedingsgereed ontwerp en van een (integraal) businessplan. 10. Besluitvorming uitvoeringskrediet. 11. Bouw
| 34 | Popcultuur in Hoorn
Bijlagen Bijlage 1: Partijen die BMC in het kader van het onderzoek heeft geconsulteerd Bijlage 2: Whize doelgroepenonderzoek Bijlage 3: Volledige benchmark Bijlage 4: Ruimtebehoefte Bijlage 5: Raming stichtingskosten (vertrouwelijk) Bijlage 6: Exploitatieraming Bijlage 7: Verschillenanalyse met betrekking tot de varianten
| 35 | Popcultuur in Hoorn
BMC Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort Postbus 490 3800 AL Amersfoort (033) 496 52 00 info@bmc.nl www.bmc.nl KvK BMC Advies 32078667 IBAN NL91ABNA0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01
Colofon 6 juli 2024 Classificatie
:
Namen adviseurs
:
● ●
Projectnummer
:
PO037008
| 36 | Popcultuur in Hoorn
Intern gebruik
Dick te Winkel ir. Maarten van der Vlerk