Bijlage 3 SIHP 2020,Bijlage 4 begrotingswijziging (S)IHP 2024-2027
Tekst van het document
Bouwheerschap Schoolbesturen zijn zelf bouwheer van huisvestingsprojecten die door de gemeente bekostigd worden, zoals staat vermeld in artikel 103 van de WPO, artikel 101 van de WEC en artikel 76n van de WVO. Hiervan kan op verzoek van het schoolbestuur worden afgeweken, in verband met bijvoorbeeld de complexiteit van een project. Het schoolbestuur kan de gemeente dan vragen om als bouwheer op te treden. Doordecentralisatie voortgezet onderwijs Het voortgezet onderwijs in de gemeente Hoorn (Tabor College en Atlas College) hebben in maart 2012 een overeenkomst met de gemeente Hoorn gesloten voor doordecentralisatie van de verantwoordelijkheid en de middelen voor de huisvesting van het voortgezet onderwijs. Daarom is het voortgezet onderwijs geen onderdeel van het IHP en het toekomstplan. Zij regelen hun huisvesting zelf. Een uitzondering is de praktijkschool WestFriesland. Deze valt onder Stichting Trigoon en is wel onderdeel van het IHP en het toekomstplan. Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs 2019 Elke gemeente in Nederland heeft een Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs (verder: Verordening) vastgesteld waarin is vastgelegd welke voorzieningen in de onderwijshuisvesting bij de gemeente aangevraagd kunnen worden, welke procedures gevolgd dienen te worden en hoe aanvragen worden beoordeeld en geprioriteerd.
Daarnaast kunnen de gemeente en de schoolbesturen gezamenlijke afspraken maken via het vaststellen van een Integraal Huisvestingsplan. In de Verordening zijn de volgende specifieke uitgangspunten opgenomen ten aanzien van ruimtegebruik en ruimtebehoefte: Medegebruik blijft voor het basisonderwijs beperkt tot ten hoogste twee gebouwen.
23 (62)
-
-
-
-
-
-
Voor elke school (hoofdvestiging en dislocatie) in het basisonderwijs is bij het berekenen van de ruimtebehoefte een vaste voet van 200m² aangehouden. In de Verordening staat hierover het volgende: ”De ruimtebehoefte voor een school voor basisonderwijs wordt bepaald aan de hand van het aantal leerlingen. De ruimtebehoefte wordt berekend voor elke school met een eigen BRIN-nummer en voor elke nevenvestiging met een eigen vestigingsnummer. Een nevenvestiging wordt voor het berekenen van de ruimtebehoefte beschouwd als een afzonderlijke school. De ruimtebehoefte is opgebouwd uit een basisruimtebehoefte en een toeslag in verband met de gewichtensom”. De voorzieningen vervangende bouw/renovatie, uitbreiding met leslokalen en uitbreiding met een speellokaal worden niet noodzakelijk geacht voor dislocaties met een permanente bouwaard. Slechts in bijzondere omstandigheden kan dit plaatsvinden, na overleg met het bevoegd gezag en ter beoordeling van het college. De capaciteit van een schoolgebouw wordt verminderd met 90 vierkante meter als een ruimte in het schoolgebouw is verhuurd voor het huisvesten van een peuterspeelzaal, buitenschoolse opvang of kinderopvang en het college voor deze verhuur vooraf toestemming heeft verleend.
Voor de inventaris geldt als uitgangspunt dat op 1 januari 2018 alle scholen voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs, speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs in de gemeente zijn voorzien van voldoende onderwijsleerpakket en meubilair. De bruto vloeroppervlakte van de school is de basis voor het vaststellen van de omvang van de aanwezige inventaris. Bij fusie van scholen wordt uitsluitend uitbreiding van eerste aanschaf van onderwijsleerpakket en meubilair toegekend als het aantal leerlingen na de fusie groter is dan het totaal aantal leerlingen van de afzonderlijk aan de fusie deelnemende scholen. In de verordening (artikel 6) wordt verwezen naar het IHP. Artikel 6 is niet van toepassing op aanvragen zoals opgenomen in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) en bijbehorend Uitvoeringsplan. Er is overeenstemming over de projecten opgenomen in het IHP tot en met 2024 (scenario 2). Afspraken zoals vastgelegd in het Uitvoeringsplan voor het basis- en speciaal (voortgezet) onderwijs en de vastgestelde financiële dekking hiervoor gaan in hiërarchische volgorde voor op afspraken zoals opgenomen in de verordening.
Investeringsverbod voor scholen Vanaf 2006 geldt er een investeringsverbod voor scholen in het primair onderwijs. De lumpsumbekostiging vanuit het rijk mogen scholen niet besteden aan investeringen in de huisvesting. Het investeringsverbod kan een belemmering vormen als het gaat om het realiseren van hogere kwaliteitsambities zoals duurzaamheidsmaatregelen, die op termijn een exploitatievoordeel opleveren. In het klimaatakkoord 2019 heeft het kabinet de voorstellen van de PO-raad, de VO-raad en de VNG overgenomen. Dit betekent dat er op termijn een versoepeling van dit investeringsverbod zal kunnen worden opgenomen in de wetgeving. In het Klimaatakkoord 2019 staat: “Specifiek het primair en voortgezet voor onderwijs geldt dat gemeenten en schoolbesturen gezamenlijk een meerjarig Integraal Huisvestingsplan (IHP) opstellen met een concrete doorkijk voor de komende 16 jaar en waar mogelijk een globale doorkijk naar 2050. Daarnaast stellen schoolbesturen een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) op, dat als input dient bij de concretisering van de IHP’s. In de MJOP worden geplande onderhoudswerkzaamheden en te besteden middelen aangegeven. Het IHP en het MJOP voor het funderend onderwijs worden verankerd in relevante wetgeving (de Wet op het Primair Onderwijs, de Wet op het Voortgezet Onderwijs en de Wet op de Expertise Centra, voor speciaal onderwijs).
Daarnaast wordt renovatie als voorziening in de wet opgenomen en wordt het investeringsverbod als beschreven in de Wet op het Primair Onderwijs aangepast en versoepeld.”
24 (62)
Gezamenlijke visie op (de kwaliteit van) onderwijshuisvesting In 2013 is een gezamenlijke visie op onderwijshuisvesting vastgesteld, benoemd in het uitvoeringsplan van 2016 (uitvoeringsplan 2017-2024, versie 3). In de visie staan uitgangspunten benoemd met betrekking tot: Samenwerkingsvormen: kinderopvang en peuterspeelzalen in de vorm van brede scholen en multifunctionele accommodaties. Bereikbaarheid en keuzemogelijkheid voor ouders: in iedere wijk de keuze uit minimaal twee schoollocaties. Demografische ontwikkeling en de consequenties voor de ruimtelijke behoefte aan onderwijslokalen. Duurzaamheid: efficiënt gebruik van het gebouwenbestand en toepassing van duurzame energie. Ontwikkelingen binnen het onderwijs (functionaliteit) in relatie tot aanpassingen in het gebouw. Goede huisvesting met kwaliteitsnormen voor nieuwe en bestaande scholen zoals Frisse scholen. Het doel van het Frisse scholen concept is een schoolgebouw met een laag energiegebruik en een gezond binnenmilieu als het gaat om luchtkwaliteit, temperatuur en comfort, licht en geluid. Om dit te bereiken zijn normeringen opgesteld in het zogenaamde “Programma van Eisen Frisse scholen”. Dit leidt tot de volgende uitgangspunten: Nieuwe schoolgebouwen en bestaande schoolgebouwen tot 10 jaar oud, minimaal klasse B. Schoolgebouwen van 10 - 30 jaar oud, klasse B of minimaal klasse C.
Schoolgebouwen van 30 jaar en ouder, klasse C. Overheveling groot onderhoud Sinds 1 januari 2015 zijn de schoolbesturen zelf verantwoordelijk voor het uitvoeren van groot (buiten)onderhoud en aanpassingen en ontvangen zij hiervoor middelen die zijn overgeheveld vanuit het gemeentefonds. Hiermee is landelijk de vraag ontstaan om meer ruimte binnen het investeringsverbod voor het basisonderwijs. De VNG, de PO-raad en de VO-raad hebben een voorstel bij de minister neergelegd, dat door het kabinet is opgenomen in het klimaatakkoord 2019. Voor een aantal schoolgebouwen is het vervangen van de kozijnen (inclusief dubbel glas) of het vervangen van de dakbedekking (inclusief isolatie) als noodzakelijke actie aangemerkt voor het verduurzamen van deze gebouwen. Het betreft Bernardus van Bockxsmeer, De Zonnewijzer, De Wingerd en Het Ooievaarsnest voor het vervangen van de kozijnen en De Tandem voor het vervangen van de dakbedekking. Visie IKC De gemeenteraad heeft in september 2016 de Hoornse visienota voor IKC’s vastgesteld. De uitgangspunten uit de visienota IKC vormen een kader voor de wijze waarop in Hoorn de huisvesting wordt vormgegeven. Het kind centraal staat voor het beter organiseren van een eenduidige ontwikkelings- en onderwijsomgeving voor het kind: zonder onderbrekingen die op basis van organisatorische versnippering of op historische wijze zijn ontstaan.
Het creëren van meer samenhangende opvang en onderwijsvoorzieningen wordt gezien als een stimulans voor het ontwikkelen van doorgaande lijn en samenhangend beleid voor de jeugd. Deze uitgangspunten worden meegenomen bij de ontwikkeling van onderwijshuisvesting.
25 (62)
Kwaliteitsnormen en duurzaamheid In het coalitieakkoord (2018-2022) is benoemd dat Hoorn in 2040 een klimaat neutrale stad zal zijn. Om dit te bereiken zullen er maatregelen getroffen moeten vóór 2040 zodat het doel in 2040 bereikt is. Daarnaast is rekening gehouden met de voorgeschreven afschrijvingstermijnen op het onderwijsvastgoed. Voor vervangende bouw geldt een periode van 40 jaar, voor revitalisering geldt een periode van 25 jaar. Na deze perioden wordt een nieuwe huisvestingsoplossing gezocht. Door de ambitie om klimaatneutraal te zijn in 2040 en de te hanteren afschrijvingstermijnen voor de huisvesting is in het uitvoeringsplan voor alle locaties optioneel inzichtelijk gemaakt wat de budgettaire consequenties zijn van energieneutraal bouwen. Algemene financiële uitgangspunten De volgende uitgangspunten zijn genomen voor het opstellen van de stichtingskostenramingen: Stichtingskostenramingen bestaan uit: o Normvergoeding conform VNG, index 2019. o Bedrag per m² ten behoeve van wet- en regelgeving 2020, o.a. BENG. o Bedrag per m² ten behoeve van Frisse Scholen Klasse B. Dit is onderdeel van bestaand beleid van de gemeente ten aanzien van onderwijshuisvesting. Maar dit is geen onderdeel van de normvergoeding van de VNG. o Bedrag per m² ten behoeve van ENG. Dit is geen bestaand gemeentelijk beleid en nog geen wet- en regelgeving.
Het is op dit moment een keuze die een basis moet hebben in een duurzaamheidsambitie. De financiële consequenties van deze toeslagen zijn apart als scenario’s inzichtelijk gemaakt in het financiële overzicht dat bij het IHP hoort. Bedragen voor de toeslagen wet- en regelgeving, Frisse Scholen Klasse B en ENG hebben prijspeil juli 2019. Normbedragen in het IHP hebben prijspeil 2020 (VNG). Deze normbedragen zijn gebaseerd op het geldende bouwbesluit (augustus 2019). Er is geen rekening gehouden met de volgende financiële elementen: o Opbrengsten van af te stoten locaties. o Aankoop van nieuwe terreinen voor het realiseren van huisvesting. o Tijdelijke huisvesting als wissellocatie tijdens vervangende bouw op dezelfde locatie of revitalisering. o Financiële consequenties voor belastingen (OZB wordt vergoed door de gemeente) en verzekering van opstal en inboedel Indien de kosten voor instandhouding van het huidige schoolgebouw van 40 jaar of ouder (inclusief revitalisering en uitbreiding) 60% of hoger zijn dan de kosten voor vervangende bouw, dan prefereert vervangende bouw. Hierbij wordt ook de restant boekwaarde meegewogen. De vrijval van kapitaallasten onderwijshuisvesting wordt meegenomen in de interne financiële onderbouwing van de gemeente.
Ten aanzien van de financiële consequenties van het IHP kunnen de volgende risico’s worden benoemd: Er is geen rekening gehouden met fluctuaties in prijs voor het realiseren van de huisvesting in de komende jaren. Er is geen indexatie opgenomen. Het prijspeil is 2019. De marktomstandigheden in de bouw zijn onzeker ten aanzien van planning, beschikbaarheid materialen en financiële zaken.
26 (62)
-
De financiële planningen voor de scenario’s 0 tot en met 3 die onderdeel zijn van dit IHP zijn in eerste instantie een financieel instrument. Of de voorziening daadwerkelijk in het aangegeven jaar kan worden uitgevoerd is afhankelijk van diverse factoren. Bijvoorbeeld de tijd die nodig is voor de planvorming, de aankoop van terrein, de complexiteit van het vergunningentraject, bezwaarprocedures, of er een bestemmingsplantraject noodzakelijk is, wie bouwheer is van de voorziening (als het schoolbestuur de gemeente vraagt om bouwheer te zijn, is de planning afhankelijk van de aanwezige capaciteit bij de gemeente), etc.
27 (62)
4
Uitgangssituatie Hoorn
In dit hoofdstuk worden de basisgegevens van de schoolgebouwen in de gemeente Hoorn weergegeven. Dit zijn de algemene gegevens zoals bruto vloeroppervlak (bvo) en het bouwjaar. Deze zijn verwerkt in een scholenkaart per school, die in bijlage 1 zijn opgenomen. Deze informatie dient als basisuitgangspunt voor het IHP. Figuur 4.1: Plattegrond met locatie schoolgebouwen
School
Brin
Plaats
1 De Wingerd
06OM
Zwaag
2 Het Spectrum
06HI
Hoorn
bo
3 St. Jozef
07BH
Blokker
bo
4 De Pontonnier
07BH01 Hoorn
bo
5 Basisschool Maria
07XU
Hoorn
bo
6 Ichthus
08KV
Hoorn
bo
7 Bernardus van Bockxmeer
09AC
Hoorn
bo
8 Het Kompas
11DE
Hoorn
bo
9 De Ceder
11EL
Hoorn
bo
10 De Rank
11PS
Zwaag
bo
11 Dynamis
24PC
Hoorn
bo
12 Roald Dahl School
29XL
Zwaag
13 De Flierefluiter
15VF
Hoorn
14 De Tandem
15VF01 Hoorn
15 Parcival
06QZ
Hoorn
16 Windvaan, Het Fluitschip
16GN
Hoorn
17 Jules Verneschool
16HV
Hoorn
bo
18 De Zonnewijzer
16KL
Hoorn
bo
19 De Klipper, Dubloen
23PY
Hoorn
bo
20 De Klipper, De Bres
23PY01 Hoorn
bo
21 Het Ooievaarsnest
16YA
Hoorn
bo
22 De Bussel
16YT
Hoorn
bo
23 Montessori Binnenstad
16ZY01 Hoorn
bo
24 Montessori Kersenboogerd
16ZY
Hoorn
bo
25 OBS KlimOp
16WW
Hoorn
bo
26 De Wereldwijzer
16ZH
Hoorn
bo
27 OBS Socrates
16YA
Zwaag
bo
28 Windvaan, De Tweemaster
16GN02 Hoorn
29 Elif
31AX
30 Burgemeester De Wildeschool
20WR06 Zwaag
VierTaal
so
31 De Spinaker
18ZJ02
Hoorn
vso
32 SBO De Wissel (IKEC)
00RU
Hoorn
Ronduit Onderwijs Stichting trigoon
33 SBO De Piramide (IKEC)
01UR
Hoorn
34 De Eenhoorn (IKEC)
04GJ
Hoorn
so
35 IKEC Jonge Kind (IKEC)
00UR01 Hoorn
sbo
36 De Stormvogel
04GJ
Hoorn
vso
37 Praktijkschool West-Friesland
07FO
Hoorn
vo-pro
38 St. Antonius (IKEC)
00RL05 Hoorn
28 (62)
Hoorn
Schoolbestuur Stichting Penta
onderwijs bo
bo Stabo Hoorn
bo bo
Vrijescholen Ithaka Stichting Talent
bo bo
bo Islamitisch Onderwijs (SIO)
bo
sbo sbo
Stichting Aloysius
so
Aantal scholen In de gemeente Hoorn zijn 24 basisscholen (BRIN nummers) aanwezig met in totaal 29 locaties (inclusief nevenvestigingen), drie locaties voor speciaal basisonderwijs, drie locaties voor speciaal onderwijs, twee scholen voor voortgezet speciaal onderwijs en een school voor voortgezet onderwijs (praktijkonderwijs). Onderstaande tabellen en plattegronden geven een overzicht van de scholen in gemeente Hoorn. Leeftijd gebouwenbestand In de gemeente Hoorn zijn op dit moment in totaal 39 schoolgebouwen (exclusief Tabor College en Atlas College). In onderstaande grafiek is gekeken naar de leeftijd van deze gebouwen. Daaruit blijkt dat circa 49% van de gebouwen 40 jaar of ouder is. Het uitgangspunt hierin is het oorspronkelijke bouwjaar van het schoolgebouw. Figuur 4.2: Bouwjaren schoolgebouwen gemeente Hoorn
Bovenstaande grafiek geeft de situatie in augustus 2019 weer. De projecten die op dit moment in voorbereiding of in uitvoering zijn (IKEC, IKC Maria, IKC Montessori), zijn niet verwerkt. In onderstaande tabel (figuur 4.3) is voor het basisonderwijs per wijk en voor het (voortgezet) speciaal (basis)onderwijs per onderwijssoort en per school het bouwjaar weergegeven inclusief dislocaties.
29 (62)
Figuur 4.3: Bouwjaren per schoolgebouw (hoofdgebouw en dislocatie) Schoolnaam
Bouwjaar
Dislocatie
Binnenstad RK Maria
1930
Montessori Binnenstad
1984
1931
Hoorn Noord Windvaan, Het Fluitschip
1950
Bernardus van Bockxmeerschool
1964
Grote Waal De Zonnewijzer
1974
Ichthus
1998
Jules Verneschool
2001
Risdam Noord De Rank
1977
De Flierefluiter
1979
OBS KlimOp
1979
Risdam Zuid Het Kompas
1976
De Pontonnier
1974
Windvaan, De Tweemaster
1975
1972 2017 (tijdelijk)
Blokker St. Jozef
1910
De Bussel
1978
Zwaag De Wingerd
1972
Het Ooievaarsnest
1974
Kersenboogerd West De Wereldwijzer
1982
De Parcival
1983
De Ceder
1985
Montessorischool Kersenboogerd
1983
Kersenboogerd Zuid De Klipper, Dubloen
1992
De Tandem
1992
2006 (tijdelijk)
Dynamis
1985
1983, 2006 (tijdelijk)
Het Spectrum
2001
2001, 2004 (tijdelijk)
De Klipper, De Bres
2002
Elif
1989
Bangert-Oosterpolder Socrates
2019
Roald Dahl IKEC De Eenhoorn ZMLK, so
2013
IKEC Jonge Kind (proeftuin)
1957
SBO De Piramide
1976
SBO De Wissel
1954
St. Antonius (V)SO Burgemeester De Wildeschool
1980
De Spinaker
1981
De Stormvogel
2006
1963
2005
VO Praktijkschool West-Friesland
1992
Rode tekst: bouwjaar ingeschat.
30 (62)
Capaciteit gebouwenbestand Voor het bepalen van de capaciteit van de gebouwen wordt uitgegaan van m 2 bruto vloeroppervlak, zoals de Verordening van de gemeente Hoorn voorschrijft. Uitgangspunt voor het bepalen van de capaciteit zijn de verkregen gegevens van de gemeente Hoorn. Figuur 4.4: Capaciteit schoolgebouwen in m² bvo van hoofdgebouw en dislocatie Schoolnaam
Onderwijsbestemming m² BVO (permanent) Dislocatie/ noodlokalen
Binnenstad RK Maria
1.440
740
Montessori Binnenstad Hoorn- Noord
1.218
544
Bernardus van Bockxmeerschool
1.196
70
Windvaan, Het Fluitschip Grote Waal
1.130
De Zonnewijzer
1.534
Ichthus
1.615
Jules Verneschool Risdam-Noord
1.663
De Rank
2.210
De Flierefluiter
1.105
OBS KlimOp Risdam-Zuid
1.105
Het Kompas
1.120
De Pontonnier
1.132
Windvaan, De Tweemaster Blokker
1.319
St. Jozef
1.609
De Bussel Zwaag
1.125
80
De Wingerd
1.620
902
Het Ooievaarsnest Kersenboogerd West
1.437
De Wereldwijzer
1.134
De Parcival
1.484
De Ceder
1.285
Montessorischool Kersenboogerd Kersenboogerd Zuid
1.138
De Klipper, Dubloen
1.142
270 ntb
150
De Tandem
710
Dynamis
978
300
Het Spectrum
1.187
1.647
De Klipper, De Bres
1.615
Elif
1.088
Bangert-Ooosterpolder Socrates Roald Dahl
234
2.400 (huidige tijdelijke huisvesting) 2.148
IKEC De Eenhoorn ZMLK, so
2.526
IKEC Jonge Kind (proeftuin)
1.098
SBO De Piramide
1.400
SBO De Wissel
2.880
St. Antonius
ntb
ntb
(V)SO Burg. De Wildeschool
ntb
De Spinaker
2.343
De Stormvogel
3.070
VO Praktijkschool West-Friesland
4.376
31 (62)
Basisonderwijs Leerlingenaantal In figuur 3.5 zijn de totale leerlingenaantallen in het basisonderwijs van de afgelopen tellingen opgenomen. Vanaf oktober 2013 is een licht dalende trend te zien in het totale leerlingenaantal in de gemeente Hoorn van in totaal 3%. Figuur 4.5: Tellingen basisonderwijs 1-10-2013 1-10-2014 1-10-2015 1-10-2016 1-10-2017 Aantal leerlingen 6.585 6.575 6.547 6.480 6.411
1-10-2018 6.360
Leerlingenprognose Voor het toekomstige leerlingenaantal is gebruik gemaakt van de leerlingenprognose van Pronexus van april 2019. In onderstaande figuur geeft het totale leerlingenaantal van het basisonderwijs per jaar weer. Figuur 4.6: Toekomstig leerlingenaantal basisonderwijs
De overkoepelende trendlijn (stippellijn) voor het basisonderwijs laat zien dat het leerlingenaantal de komende jaren daalt. In eerste instantie daalt het aantal leerlingen tot 2028 maar daarna treedt er mogelijk weer een lichte groei op. In 2039 ligt het leerlingen aantal iets onder het huidige aantal leerlingen (circa 200 leerlingen minder). Scholen onder de norm van 190 leerlingen In figuur 4.7 is opgesomd welke zelfstandige scholen onder de norm van 190 leerlingen zitten. Er zijn zes zelfstandige scholen die onder de norm van de gemeente Hoorn zitten, waarvan twee op korte termijn onder deze norm zullen komen. Dit betekent dat schoolbesturen de toekomstbestendigheid van deze scholen dienen aan te tonen.
32 (62)
Figuur 4.7: Leerlingenaantallen per school en locatie. Leerlingenaantal Schoolnaam
Locatie
1-10-2018
2020
2025
2030
2035
Ichthus
Zelfstandig
108
108
104
126
125
OBS KlimOp
Zelfstandig
95
94
86
80
81
De Bussel
Zelfstandig
118
115
108
105
107
De Ceder
Zelfstandig
206
202
182
171
174
Dynamis
Zelfstandig
217
204
170
162
169
Elif
Zelfstandig
131
132
130
141
142
Scholen met twee locaties, totale school niet onder de norm St. Jozef
Hoofdlocatie
192
192
196
195
198
De Pontonnier
Dislocatie
118
119
113
107
107 305
Totaal
310
311
309
302
De Flierefluiter
Hoofdlocatie
112
111
103
96
98
De Tandem
Dislocatie
209
200
175
168
175
Totaal
321
311
278
264
273
De Klipper, Dubloen
Hoofdlocatie
147
145
135
128
132
De Klipper, De Bres
Dislocatie
220
209
179
174
184
Totaal
367
354
314
302
316
Windvaan, Het Fluitschip
Hoofdlocatie
132
137
140
141
145
Windvaan, De Tweemaster
Dislocatie
265
260
238
221
223
Totaal
397
397
378
362
368
Het Ooievaarsnest
Hoofdlocatie
140
140
126
123
122
Socrates
Dislocatie
418
450
543
568
551
Totaal
558
590
669
691
673
Montessorischool Kersenboogerd Hoofdlocatie
72
71
64
61
60
Montessori binnenstad
Dislocatie
265
266
261
271
276
Totaal
337
337
325
332
336
Jules Verneschool
Hoofdlocatie
166
161
153
203
199
De Wereldwijzer
Dislocatie
159
157
142
129
129
Totaal
325
318
295
332
328
Scholen niet onder de norm Roald Dahl RK Maria Bernardus van Bockxmeerschool De Zonnewijzer De Rank Het Kompas De Wingerd De Parcival Het Spectrum
In de gemeente Hoorn zijn twaalf scholen in het verleden gefuseerd tot zes scholen met de constructie hoofdlocatie en dislocatie. De gemeente heeft in de Verordening opgenomen dat bij het bepalen van de ruimtebehoefte, voor een hoofdlocatie en een dislocatie met een eigen vestigingsnummer beide 200m² vaste voet wordt meegenomen. Het betreft de volgende scholen: 1. St. Jozef / De Pontonnier (loopafstand 3 km). 2. De Flierefluiter / De Tandem (loopafstand 5,1 km). 3. De Klipper Dubloen / De Klipper De Bres (loopafstand 1,4 km).
33 (62)
4. 5. 6.
Windvaan Het Fluitschip / Windvaan De Tweemaster (loopafstand 1,6 km). Het Ooievaarsnest / Socrates (loopafstand 1,8 km). Socrates groeit de komende jaren, omdat deze locatie in de nieuwbouwwijk is gesitueerd. Montessorischool Kersenboogerd / Montessori Binnenstad (loopafstand 2,0 km). Deze school zal gezamenlijk gehuisvest zijn in de vervangende bouw in de binnenstad.
In de Verordening van de gemeente Hoorn is een verwijsafstand van 2 km opgenomen. Mocht er op een van de locaties een tekort aan ruimte zijn, dan kan de gemeente verwijzen binnen de eigen school (Klipper, Windvaan, Ooievaarsnest/Socrates, Montessori). Ten aanzien van de spreiding van het basisonderwijs zijn de volgende zaken van belang: - Sociale functie van een school in een wijk. - Blijft er voldoende onderwijs over in een wijk. - Blijft er een gedifferentieerd aanbod in de wijk qua denominatie en onderwijskundig concept. - Kwaliteit van de betrokken scholen. In de leerlingenprognose die de gemeente jaarlijks laat opstellen is per school opgenomen uit welke wijk de leerlingen afkomstig zijn. Ruimtebehoefte Nu en de komende jaren is er voldoende capaciteit beschikbaar in de gemeente Hoorn om alle leerlingen te huisvesten. In 2018 is er voor de 29 basisscholen in totaal een overschot van circa 7.400m2 bruto vloeroppervlak. Dit is circa 17% leegstand. Dit overschot loopt de komende jaren iets op. In 2039 is het overschot aan ruimte circa 8.300m2. Dit is circa 19% leegstand. Voor deze leegstand percentages is puur gekeken naar de onderwijshuisvesting en geven daarom een vertekent beeld. In de leegstand is (kinder)opvang gehuisvest. Dit past binnen de IKC ontwikkeling die de gemeente Hoorn ondersteund. In onderstaande figuur wordt dit beeldend gemaakt.
De genoemde m2 bruto vloeroppervlak is de totale capaciteit minus de totale ruimtebehoefte in de gemeente Hoorn. Figuur 4.8: Vergelijking ruimtebehoefte en capaciteit basisonderwijs (excl. kinderopvang)
34 (62)
Speciaal Basisonderwijs Leerlingenaantal Het totaal aantal leerlingen in het Speciaal Basisonderwijs daalt, onder andere als gevolg van passend onderwijs (zie onderstaande tabel). Figuur 4.9: Tellingen speciaal basisonderwijs 1-10-2013 1-10-2014 1-10-2015 1-10-2016 1-10-2017 1-10-2018 SBO De Wissel 231 231 233 234 222 217 SBO De Piramide 81 91 74 60 112 98 IKEC Jonge Kind 103 88 93 74 20 21 Totaal 415 410 400 368 354 336
Leerlingenprognose Het aantal leerlingen binnen het speciaal basisonderwijs is moeilijk te voorspellen. Het is afhankelijk van onder andere het succes van passend onderwijs en de toekomstige visie van de rijksoverheid hierop. In onderstaande tabel is de leerlingenprognose voor de komende drie jaar weergegeven. Figuur 4.10: Toekomstig leerlingenaantal speciaal basisonderwijs IKEC Jonge Kind 1-10-2019 1-10-2020 1-10-2021 SBO De Wissel 227 210 210 SBO De Piramide 130 108 103 * leerlingenaantal per 1-10-2019 is inschatting stichting Trigoon o.b.v. aantal inschrijvingen en wijkt af van de opgestelde prognose.
Ruimtebehoefte Het Speciaal Basisonderwijs krijgt samen met het Speciaal Onderwijs De Eenhoorn en St. Antonius een nieuw schoolgebouw in het Integraal Kind Expertise Centrum. Dit zal in 2021 zijn afgerond. (Voortgezet) Speciaal Onderwijs Leerlingenaantal In figuur 4.11 zijn de totale leerlingenaantallen in het (voortgezet) speciaal onderwijs van de afgelopen tellingen opgenomen. Het speciaal onderwijs dat gaat integreren in IKEC is de afgelopen jaren redelijk stabiel gebleven. Ook de Burgemeester de Wilde school heeft een stabiel leerlingenaantal. De trend bij het voortgezet speciaal onderwijs is de afgelopen jaren dalend. Figuur 4.11: Tellingen (Voortgezet) Speciaal Onderwijs 1-10-2013 1-10-2014 1-10-2015 1-10-2016 1-10-2017 1-10-2018 De Eenhoorn so (IKEC) 96 105 103 93 96 102 St. Antonius (IKEC) 17 17 15 12 8 20 Burgmeester de Wilde 27 27 22 25 De Spinaker vso 109 114 122 124 108 94 De Stormvogel vso 186 186 194 197 180 160 Totaal 408 422 461 453 414 401
Leerlingenprognose Net als bij het speciaal basisonderwijs is het aantal leerlingen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs moeilijk te voorspellen. In onderstaande tabel is de leerlingenprognose voor de komende drie jaar weergegeven. Verder wordt er niet vooruit gekeken in de prognoses.
35 (62)
Figuur 4.12: Toekomstig leerlingenaantal (Voortgezet) Speciaal Onderwijs 1-10-2019 1-10-2020 1-10-2021 De Eenhoorn, so (IKEC)* 93 96 94 St. Antonius (IKEC)* Burgemeester de Wilde** 48 48 48 De Spinaker vso*** 150 De Stormvogel vso* 155 155 155 *
leerlingenaantal per 1-10-2019 is inschatting stichting Trigoon o.b.v. aantal inschrijvingen en wijkt af van de opgestelde prognose. ** inschatting leerlingenaantal op basis van gesprek met Stichting VierTaal. *** inschatting leerlingenaantal op basis van gesprek met Stichting Ronduit (afspraken samenwerkingsverband).
Voortgezet onderwijs Leerlingenaantal Het aantal leerlingen voor het praktijkonderwijs is de laatste jaren redelijk stabiel gebleven, voor nu is een lichte daling te zien van het leerlingenaantal (zie onderstaande tabel). Figuur 4.13: Tellingen praktijkschool West-Friesland 1-10-2013 1-10-2014 1-10-2015 1-10-2016 1-10-2017 1-10-2018 Praktijkschool West-Friesland 268 277 275 264 261 252
Leerlingenprognose In onderstaande tabel is voor de komende drie jaar de prognose voor de praktijkschool West-Friesland weergegeven. Hieruit blijkt dat het leerlingenaantal licht verder daalt. De verwachting van Trigoon is dat de school de komende jaren rond de 255 leerlingen zal tellen. Figuur 4.14: Toekomstig leerlingenaantal praktijkschool Friesland 1-10-2019 1-10-2020 1-10-2021 Praktijkschool West-Friesland 248 242 237
36 (62)
5
Ambitie en uitgangspunten
Voordat knelpunten en oplossingsrichtingen beschreven kunnen worden, moeten ambities en uitgangspunten helder zijn. Er zijn kwantitatieve uitgangspunten die te maken hebben met leerlingenaantallen, prognoses en capaciteit. Het gebouwenbestand dient zo goed mogelijk aan te sluiten op de toekomstige vraag naar onderwijsruimte. Bij leerlingendaling kan (meer) leegstand ontstaan. Een oplossing voor het inzetten van deze leegstand is kwalitatief, kwantitatief en financieel aantrekkelijk. En er zijn kwalitatieve uitgangspunten die voortkomen uit de individuele gesprekken, de gezamenlijke bijeenkomst en eerdere (ambitie)documenten. De gemeente en de schoolbesturen streven naar het realiseren van hoogwaardig kwalitatieve toekomstbestendige voorzieningen, die voldoen aan de eisen die het onderwijs vraagt (functioneel, binnenklimaat, bouwtechnisch, energie). Mogelijkheden worden onderzocht om verbindingen te leggen in de huisvestingsvoorziening met andere organisaties rond het kind. Om het uitvoeringsplan te kunnen onderbouwen en herijken zijn tijdens de individuele gesprekken en een interactieve gezamenlijke bijeenkomst discussies gevoerd over elementen die een plek dienen te krijgen in het huisvestingsplan. In bijlage 1 zijn de resultaten van de interactieve bijeenkomst opgenomen. In dit hoofdstuk worden de visieelementen benoemd en onderbouwd.
Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze deze als uitgangspunten in de onderbouwing van het uitvoeringsplan van het IHP worden meegenomen. Integraal Kindcentrum (IKC) In 2016 is het document ‘Eigentijdse kindvoorzieningen in Hoorn, visienota over de ontwikkeling van het IKC in Hoorn, 2016’ vastgesteld. Op basis van deze visienota wordt in Hoorn gesproken over het ontwikkelen van IKCs verspreid over gemeente. In het uitvoeringsplan 2017 – 2024 is benoemd dat het kind centraal staat door middel van het creëren van meer gezamenlijke huisvesting voor opvang en onderwijsvoorzieningen. De IKC-vorming is een stimulans voor de doorgaande leerlijn en een samenhangend beleid voor jeugd. Het uitgangspunt hierin is dat huisvesting geen doel op zich is, maar een middel. De vorm volgt inhoud. In een IKC bestaat een inhoudelijke samenwerking tussen kinderopvang/peuteropvang en onderwijs. Het heeft als doel een doorgaande ontwikkeling voor kinderen van 0 tot 12 jaar te bewerkstelligen. Een IKC kan een wijkfunctie vervullen. Per IKC moet er worden bekeken wat er nodig is, maatwerk per wijk. Een belangrijk element bij IKC ontwikkeling is dat alle partijen in het onderwijsveld en de kinderopvang over de eigen belangen en organisaties heen kijken bij de (inhoudelijke) samenwerking. Dan komt het kind echt centraal te staan.
Een integraal kindcentrum (IKC) vraagt om (nog) meer samenwerking van alle disciplines (‘inclusiveren’, niemand uitsluiten). Dit is een speerpunt binnen de LEA (Lokale Educatieve Agenda). Schoolbesturen en scholen kunnen, in samenwerking met organisaties voor kinderopvang, zelf (inhoudelijke)
37 (62)
invulling geven aan de visie, samenwerking en ruimtelijke oplossingen (bij voorkeur onder 1 dak). Op deze wijze wordt de kennisontwikkeling en de samenwerking bevorderd. Ambitie Integraal Kindcentrum (IKC) Door over de eigen belangen heen te kijken gaan onderwijs en kinderopvang in samenwerking bepalen welke functie bij welke wijk en school past en hoe de samenwerking vorm dient te krijgen. Uitgangspunten ➔ Op dit moment is kinderopvang (dagopvang, peuteropvang, buitenschoolse opvang) een wezenlijk onderdeel van een IKC dat bij voorkeur in 1 ruimtelijke eenheid vormgegeven kan worden in plaats van in netwerkverband. ➔ KDV en PSZ betalen een marktconforme en kostendekkende huurprijs als er sprake is van een ontwikkeling van een IKC. ➔ Niet elke school hoeft IKC te worden. Maatwerk per wijk.
Duurzaamheid Duurzaamheid is een breed begrip. Het gaat over energiebesparing, groene pleinen, circulair bouwen, type gebruikte materialen, hergebruik materialen, regenwater niet in riolering laten stromen, mobiliteit, bewustwording, flexibiliteit gebouw, afvalverwerking, etc. Wat betreft onderwijshuisvesting richten de meeste duurzaamheidsmaatregelen zich op dit moment op energiebesparing. Zowel Europees, landelijk als lokaal gaan de ambities veel verder. In 2020 worden de eisen in het Bouwbesluit aangescherpt (BENG, Bijna Energie Neutraal Gebouw) en de ambitie voor 2040 is ENG (Energie Neutraal Gebouw). Daarnaast heeft de gemeente Hoorn in het coalitieakkoord 2018 – 2022 benoemd dat Hoorn in 2040 een klimaat neutrale stad is. In een gezamenlijke visie op onderwijshuisvesting is vastgesteld dat de gemeente en de schoolbesturen actief op zoek gaan naar mogelijkheden om de onderwijsgebouwen te verduurzamen. Daarnaast zijn in het IHP en het uitvoeringsplan Onderwijshuisvesting de volgende uitgangspunten vastgesteld: Nieuwe schoolgebouwen en bestaande schoolgebouwen tot 10 jaar oud hebben minimaal Frisse Scholen Klasse B. Schoolgebouwen van 10 tot 30 jaar oud hebben Frisse Scholen Klasse B of minimaal Klasse C. Schoolgebouwen van 30 jaar en ouder hebben Frisse Scholen Klasse C.
Wethouder Samir Bashara van Hoorn bij de opening van MFC De Kreek: “Voor nieuwbouw gaan we voor het hoogste ambitieniveau op het gebied van duurzaamheid. De nieuwbouw wordt nul-op-de-meter gebouwd. Dit houdt in dat het gebouw jaarlijks net zoveel duurzame energie opwekt als het gebouw en de gebruikers samen verbruiken. Dat is voor dit soort gebouwen uniek in Hoorn. Daarmee wordt De Kreek het meest duurzame utiliteitsgebouw in onze gemeente en draagt het bij aan onze doelstelling om in 2040 klimaatneutraal te zijn”. De ambitie van de schoolbesturen is om bij revitalisering en vervangende bouw rekening te houden met de ambitie om in 2040 Energie Neutrale Gebouwen te hebben. Hiervoor is
38 (62)
adequate bekostiging nodig. Daarnaast kunnen schoolbesturen bij revitalisering en vervangende bouw zelf ook investeren: - Waar het energiebesparing betreft. - Door onderhoudsarme alternatieven die worden gebruikt. - Na vervangende bouw/revitalisering hoeft een schoolbestuur een tijd weinig onderhoud te plegen. - Welke terugverdientijd geldt voor bepaalde maatregelen en zijn er op basis daarvan afspraken te maken wie welke zaken bekostigd in het kader van verduurzaming. Bij nieuwbouw en vervangende bouw heeft de gemeenteraad bij het vaststellen van het IHP de keuze om te kiezen voor een extra investering in Energie Neutrale Scholen en Frisse Scholen klasse B. Ten aanzien van bestaande bouw en revitalisering heeft het college in 2019 besloten om bij 25 schoolgebouwen een EPC nulmeting uit te voeren en aanvullend bij 8 schoolgebouwen een EPC maatwerk onderzoek te laten maken om de consequenties van het verduurzamen van bestaande en te handhaven schoolgebouwen te kunnen inschatten. Op basis hiervan kan het budget voor verduurzaming worden bepaald en per gebouw maatwerk worden geleverd. Het doel is aan te sluiten bij de gemeentelijke ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Dit onderzoek loopt nog gedurende het opstellen van dit IHP.
Het vervangen van buitenkozijnen met het aanbrengen van isolatieglas en het vervangen van dakbedekking met het aanbrengen van isolatie is een voorziening die in het kader van de verduurzaming van schoolgebouwen voor een aantal schoolgebouwen nog in de planning staat. De voorzieningen zijn nog niet uitgevoerd, omdat dit in afwachting is van de toekomst van het schoolgebouw en de conclusies vanuit het IHP. In het toekomstplan (2018) staat nu voor enkele scholen (Bernardus van Bockxmeerschool, De Zonnewijzer, De Wingerd, Het Ooievaarsnest, De Tandem) benoemd dat de buitenkozijnen of dakbedekking dient te worden vervangen. Om te voorkomen dat er ad hoc maatregelen worden genomen en kozijnen worden vervangen terwijl de school misschien over vijf jaar vervangende bouw nodig heeft, dient dit in relatie tot de planning van het IHP te worden bekeken. Ambitie Duurzaamheid Bovenstaande ambities zijn nog niet volledig in het IHP verwerkt. De gemeente en de schoolbesturen dienen in gezamenlijkheid de ambities verder uit te werken tot maatwerk per gebouw en noodzakelijk budget (op basis van de EPC onderzoeken). Aandachtspunt zijn de scholen die in schoolgebouwen met een monumentale status zijn gehuisvest. Maatwerk biedt hier de oplossing.
Uitgangspunten - Het vervangen van de buitenkozijnen, het aanbrengen van isolatieglas en het vervangen van de dakbedekking (bij de scholen zoals hierboven benoemd) zijn voorzieningen die noodzakelijk zijn in het kader van verduurzaming van de schoolgebouwen. - In de stichtingskostenberekeningen voor revitalisering en vervangende bouw wordt naast het normbedrag van de VNG voor 2019 een aantal toeslagen berekend (prijspeil juli 2019, incl. btw) op basis van kengetallen: o € 103,- per m² bvo voor wet- en regelgeving (BENG in bouwbesluit per 1-12020). o € 163,- per m² bvo voor het toepassen van Frisse Scholen Klasse B. Dit is op dit moment al een ambitie van de gemeente Hoorn.
39 (62)
€ 151,- per m² bvo voor het toepassen van ENG, Energie Neutrale Gebouwen. Deze laatste is als optie opgenomen. Flexibel bouwen is duurzaam bouwen. o
-
Revitalisering of vervangende bouw Veel schoolgebouwen in Nederland zijn 40 jaar en ouder. Ook in de gemeente Hoorn is circa de helft van de schoolgebouwen 40 jaar of ouder. Dit betekent dat bij deze schoolgebouwen met elkaar gesproken zal moeten worden over een revitalisering of vervangende bouw. In 2018 is er gezamenlijk een uitvoeringsplan opgesteld voor revitalisering en vervangende bouw als IKC voor de verschillende wijken en kernen in gemeente Hoorn. Wat is revitalisering? Binnen de onderwijshuisvesting zijn verschillende termen in gebruik ten aanzien van bouw en verbouw, waardoor het niet altijd helder is wat wordt bedoeld. Hieronder de definities van een aantal gebruikte termen: Nieuwbouw
Vervangende bouw
Vernieuwbouw
Revitalisering
Onderhoud
Het nieuw realiseren van een schoolgebouw voor een school die de minister van OCW voor het eerst voor bekostiging in aanmerking brengt. Het realiseren van een nieuw schoolgebouw voor een school waarvan het huidige schoolgebouw in een slechte conditie verkeerd of waarvoor andere redenen zijn om het gebouw te vervangen (geen meerkosten, herschikking, ruimtelijke ordening). Vervangende bouw kan op de bestaande locatie plaatsvinden, maar ook op een andere locatie. Bij vernieuwbouw wordt het gebouw tot de basis gestript. De fundering en het casco blijven in tact. Het gebouw wordt daarna opnieuw opgebouwd onder andere ten aanzien van architectonische uitstraling, installaties, reinigen gevels, ruimtelijk (nieuwe indeling van het pand), nieuwe kozijnen, toepassen isolatie, etc. Een integrale architectonische, ruimtelijke, bouwkundige en installatietechnische aanpak van een gebouw, gericht op het verbeteren van het prestatieniveau met behoud van de functie. Het grondig verbouwen en opknappen van een gebouw, waarbij de bestaande situatie ten aanzien van functionaliteit, bouwkundige en installatietechnische staat en duurzaamheid zodanig wordt gerenoveerd dat de kwalitatieve, economische en functionele levensduur van het gebouw met 25 jaar wordt verlengd.
Regulier gebouwonderhoud door het schoolbestuur op basis van de vergoeding voor materiële instandhouding in het bekostigingsstelsel vanuit de rijksoverheid op basis van het leerlingenaantal van de school.
Wanneer wordt gekozen voor revitalisering en wanneer voor vervangende bouw? Dit is afhankelijk van een onderzoek naar:
40 (62)
-
Bouwkundige en installatietechnische staat van het gebouw (geen achterstallig onderhoud). Functionele staat van het gebouw. Past het gebouw bij onderwijsontwikkelingen en het IKC concept. Flexibiliteit. Beleving onderwijs. Gezond gebouw qua binnenklimaat. Wijkanalyse, is de huidige locatie een passende omgeving. Leeftijd gebouw, minimaal 40 jaar. Monumentale status. Exploitatie van het gebouw. Toekomstbestendige functie qua leerlingenaantal. Is BENG of ENG mogelijk en wat is de investering? Kan een gebouw met revitalisering weer 25 jaar mee?
Ambitie revitalisering of vervangende bouw Een blijvend toekomstbestendig gebouwenbestand in de gemeente Hoorn. Uitgangspunten - Een schoolgebouw kan in aanmerking komen voor vervangende bouw of revitalisering als het gebouw minimaal 40 jaar oud is en er niet eerder een grootschalige revitalisering heeft plaatsgevonden. - Vervangende bouw wordt afgeschreven in 40 jaar, revitalisering in 25 jaar. - Een schoolgebouw kan na revitalisering weer 25 jaar voor onderwijs gebruikt worden. - Gemeente en schoolbesturen spannen zich in om het gebouwenbestand zo goed mogelijk aan te laten sluiten bij de toekomstige vraag naar ruimte. Alleen het gebouwenbestand dat voor de lange termijn noodzakelijk is, komt in aanmerking voor revitalisering of vervangende bouw. Voor de scholen onder de norm dient het bestaansrecht aangetoond te worden. - Als de kosten van revitalisering berekend op basis van kengetallen meer dan 60% van de kosten voor vervangende bouw (op basis van normvergoeding Verordening prijspeil 2020 inclusief toeslagen voor BENG en Frisse Scholen Klasse B) dan is het financieel aantrekkelijker om vervangende bouw te realiseren. - Als uitgangspunt voor het bepalen van de omvang van vervangende bouw is de situatie op de lange termijn genomen (leerlingenaantal 2035).
- Als uitgangspunt voor het bepalen van de omvang van revitalisering is de omvang van het schoolgebouw (in m² bvo) genomen. Er is geen onderscheid gemaakt tussen de omvang van het oorspronkelijke gebouw en eventueel latere uitbreidingen, omdat de bouwjaren en omvang van uitbreidingen bij de meeste schoolgebouwen niet in beeld is. - Revitalisering wordt vergoed op basis van werkelijke kosten. Het budget zoals dit op basis van kengetallen is berekend is daarbij taakstellend in de planvorming en uitvoering.
41 (62)
6
Kansen per wijk
In dit hoofdstuk wordt per wijk, kern en per school weergegeven wat de verwachtingen zijn. De ruimtebehoefte van de scholen is berekend conform de Verordening (2019). Per wijk en kern wordt kort de ontwikkeling geschetst. Het doel van het Uitvoeringsplan is overeenstemming met de schoolbesturen over een concrete fasering om planmatig de kwaliteit en toekomstbestendigheid van de onderwijshuisvesting op peil te brengen. Op korte termijn is in het uitvoeringsplan de keuze voor vervangende bouw of revitalisering al concreet (tot en met 2024). Verder in de toekomst dienen concrete keuzes hierin en de planning nog gemaakt te worden op basis van de dan beschikbare gegevens (woningbouw, staat gebouw, leerlingentellingen, demografische ontwikkelingen, etc.). Basisonderwijs Bangert-Oosterpolder In de nieuwbouwwijk Bangert-Oosterpolder staan twee scholen. Volgens de prognose is er onvoldoende capaciteit beschikbaar in de wijk. De tijdelijke huisvesting (2.400m 2 bvo) die aanwezig is in de wijk (Lage Hoek) is niet meegenomen in de totale capaciteit van de wijk in onderstaande figuren. Figuur 6.1: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Bangert-Oosterpolder
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting. Beide scholen hebben een tekort aan capaciteit tot en met de lange termijn. Figuur 6.2: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Bangert-Oosterpolder per school Normatief Roald Dahl school
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
Socrates
2.148
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
2.523
2018
2020
2025
2030
2035
2039
2.116
2.313
2.589
2.690
2.619
2.549
32
-165
-441
-542
-471
-401
1.875
2.464
2.931
3.057
2.972
2.886
648
60
-408
-534
-449
-363
De Roald Dahl school heeft in 2013 nieuwbouw gekregen. Er is volgens de leerlingenprognose nog een uitbreiding in permanente en in tijdelijke bouwaard noodzakelijk voor de school. Het semi-permanente gebouw aan de Lage Hoek blijft gehandhaafd. Hier
42 (62)
zou de school gebruik van kunnen maken. Een andere optie is het verwijzen naar de leegstand in De Wingerd, echter op langere termijn is dit geen toekomstbestendige oplossing. De Socrates is op dit moment (2019) nog gehuisvest in het semi-permanente gebouw aan de Lage Hoek in Bangert-Oosterpolder. In 2020 wordt de nieuwbouw voor Socrates opgeleverd en in gebruik genomen. De school is een dislocatie van Het Ooievaarsnest in Zwaag. Volgens de leerlingenprognose is er een uitbreiding in permanente en in tijdelijke bouwaard nodig voor de school. Het Ooievaarsnest ligt rond de 2 kilometer afstand van het schoolgebouw van Socrates. Het semi-permanente gebouw aan de Lage Hoek blijft gehandhaafd. Om het tekort aan huisvesting op te vangen zal de school hier gebruik van moeten maken. De semi-permanente huisvesting van 2.400m2 bvo aan de Lage Hoek komt in 2020 vrij als Socrates de nieuwbouw in gebruik gaat nemen. Onderstaand een overzicht van de organisaties en scholen die gebruik willen maken van de Lage Hoek en de benodigde capaciteit van de locatie. Figuur 6.3: Benodigde capaciteit in Lage Hoek in m² bvo 2
Semi-Permanente huisvesting Lage Hoek
2400 m
Burgemeester de Wildeschool
512 m 2 180 m
SKH (2 groepen)
2
2
Totale ruimtebehoefte
180 m 2 872 m
Capaciteit beschikbaar
1528 m
Peuteropvang (2 groepen)
2
Dit betekent dat er in de Lage Hoek een capaciteit overblijft van 1.528m 2 bvo. Volgens de prognose hebben de scholen in Bangert-Oosterpolder behoefte aan extra capaciteit. Onderstaand een tabel met de extra ruimtebehoefte van Socrates en Roald Dahl. Figuur 6.4: Benodigde capaciteit voor basisscholen in Bangert-Oosterpolder in m² bvo Extra capaciteit nodig in Bangert-Oosterpolder Socrates permanente uitbreiding tijdelijke uitbreiding
2
300 m 2 200 m 500 m
2
Roald Dahl permanente uitbreiding tijdelijke uitbreiding
2
400 m 2 100 m 500 m
Totaal
2
1000 m
2
Dit betekent dat als alle organisaties en scholen gebruik maken van de semipermanente huisvesting aan de Lage Hoek er voldoende capaciteit aanwezig is in de wijk.
43 (62)
Huisvestingsoplossing Bangert-Oosterpolder: Volgens de prognose is er door de leerlingengroei voldoende capaciteit beschikbaar in de wijk voor Socrates en Roald Dahl. - Verwijzing Socrates naar Lage Hoek (en eventueel Ooievaarsnest) voor tekort aan capaciteit. - Verwijzen Roald Dahl naar Lage Hoek (en eventueel De Wingerd) voor tekort aan capaciteit. - In het financieel overzicht is voor de permanente uitbreiding voor 2022 een budget voorgesteld. Onderzoek vindt plaats hoe en waar benodigde uitbreiding te situeren. Voor de Socrates wordt bij de nieuwbouw al rekening gehouden met mogelijkheden voor uitbreiding (qua fundering bijvoorbeeld), waardoor een uitbreiding minder zal kosten dan de normvergoeding. Mogelijkheid om leerlingenstromen om te leiden en zo te komen tot een herverdeling van leerlingen in de wijken. Een reële optie is dat bijvoorbeeld een tijdige actualisatie van de schoolgebouwen in Blokker hierin kan voorzien. Figuur 6.5: Plattegrond Bangert-Oosterpolder na uitvoeringsplan
Basisonderwijs Binnenstad In de binnenstad zal er voor het basisonderwijs naar verwachting voldoende capaciteit beschikbaar zijn. De Maria school en Montessorischool zijn gestart met de ontwikkeling van een Integraal Kindcentrum (IKC) en een Montessori Kind Centrum (MKC). Naar verwachting is dit in 2022 afgerond.
44 (62)
Figuur 6.6: Vergelijking ruimtebehoefte en capaciteit basisonderwijs Binnenstad
In onderstaande tabel wordt de capaciteit van de huidige schoolgebouwen in de Binnenstad vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting. Figuur 6.7: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Binnenstad per school (situatie 2019) Normatief Montessori Binnenstad
Capaciteit Ruimtebehoefte
Overschot/tekort Montessori Kersenboogerd Ruimtebehoefte
1.762
Overschot/tekort
1.138
RK Maria school
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
2.180
2018
2020
2025
2030
2035
2039
1.458
1.538
1.513
1.563
1.588
1.583
305
224
249
199
174
179
628
557
522
507
502
507
510
581
616
631
636
631
2.207
2.086
2.036
2.106
2.157
2.132
-27
94
144
74
23
48
*Montessori Binnenstad is een dislocatie van Montessori Kersenboogerd.
Huisvestingsoplossing Binnenstad: Voor beide scholen is al besloten om vervangende bouw te realiseren. Dit is naar verwachting in 2023 afgerond. Dit betekent het volgende voor de scholen in de Binnenstad: - Vervangende bouw van de Mariaschool tot IKC. Dit kan worden gerealiseerd nadat de SBO is verhuisd naar de vervangende bouw IKEC. Op basis van de leerlingenaantallen en de prognose dient de vervangende bouw voor IKC Maria een omvang te hebben van 2.100m2 (375 leerlingen). Dit is exclusief ruimte voor kinderdagopvang en BSO. - Vervangende bouw van Montessori Binnenstad en Kersenboogerd tot MKC. De locaties Binnenstad en Kersenboogerd worden samengevoegd. Op basis van de leerlingenaantallen en de prognose is de omvang van de vervangende bouw 1.890m2 (minimaal 325 leerlingen). Deze omvang is exclusief de ruimte voor kinderopvang en BSO. - Omdat de scholen op de huidige locatie vervangende bouw krijgen, is er tijdelijke huisvesting noodzakelijk voor het opvangen van de leerlingen. De schoolgebouwen van De Eenhoorn (2.526m² bvo) en De Wissel (2.880m² bvo) in de Binnenstad gaan gebruikt worden als wissellocatie voor de vervagende bouw van de basisscholen in de Binnenstad.
45 (62)
Figuur 6.8: Plattegrond binnenstad na uitvoeringsplan
Montessori Kersenboogerd
IKC Binnenstad
MKC montessori
Basisonderwijs Risdam-Zuid In Risdam-Zuid is de komende jaren een klein tekort aan ruimte. Het leerlingenaantal in de wijk neemt af. Dit betekent dat er in de toekomst voldoende ruimte aanwezig is in de wijk. In 2035 is de leegstand 8%. Figuur 6.9: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Risdam-Zuid
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting. Figuur 6.10: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Risdam-Zuid per school Normatief De Tweemaster
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
De Pontonnier
Overschot/tekort Het Kompas
1.319
Ruimtebehoefte 1.132
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
1.390
2018
2020
2025
2030
2035
2039
1.412
1.508
1.397
1.312
1.322
1.337
-93
-189
-78
7
-3
-18
934
799
768
738
738
743
198
333
364
394
394
389
1.367
1.578
1.548
1.458
1.473
1.493
23
-188
-158
-68
-83
-103
De Tweemaster is de dislocatie van Het Fluitschip in de wijk Hoorn-Noord. De school heeft een tekort aan ruimte. Er is recent één noodlokaal voor het onderwijs geplaatst op het schoolterrein en één noodlokaal voor de kinderopvang. Hierdoor kan de kinderopvang, in het kader van IKC vorming, gehuisvest blijven op het schoolterrein. Het is nog niet bekend
46 (62)
wat de omvang van het noodlokaal is. Deze omvang is daarom dus niet verwerkt in de berekeningen in figuur 6.14. De restant boekwaarde van de Tweemaster is nog hoog. Toch is vervangende bouw voor dit schoolgebouw (in verband met het tekort aan ruimte en financiële overwegingen) een reële optie (2023). Het Kompas heeft volgens de prognose een tekort aan huisvesting tot en met de lange termijn. De restant boekwaarde van het gebouw is nog redelijk, terwijl het gebouw wel 40 jaar oud is. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is in verband met financiële overwegingen en de noodzakelijke permanente uitbreiding een reële optie (2023). Voor deze wijk heeft de raad in april 2019 het volgende besloten: 1. Voor de benodigde uitbreiding van de schoolgebouwen aan de Ark 1 (Tweemaster) en Huesmolen 61 (Kompas) een investeringskrediet beschikbaar te stellen van € 190.000,- en de daaraan verbonden jaarlijkse structurele kapitaallasten van € 13.617,- (15jr/0,5%) vanaf 2020 ten laste te brengen van de reserve onderwijshuisvesting Primair Onderwijs en (Voortgezet) Speciaal Onderwijs; 2. Dit krediet in afwijking van de nota Investerings- en afschrijvingsbeleid 2017 in 15 jaar af te schrijven, omdat het semipermanente huisvesting (units) betreft; 3. De bij dit besluit behorende begrotingswijziging vast te stellen.
Huisvestingsoplossing Risdam-Zuid: Een passende huisvestingsoplossing wordt onderzocht in overleg met de betrokken schoolbesturen. In onderling overleg en gebaseerd op de onderwijsinhoud zullen keuzes omtrent vorm en locatie gemaakt worden. Figuur 6.11: Plattegrond Risdam-Zuid na uitvoeringsplan
Risdam-Zuid Uitgangspunt is 2035
2023: huisvestingsoplossing De Pontonnier + 394m 2 Het Kompas - 83m2
De Tweemaster - 3m 2
Basisonderwijs Risdam-Noord In totaal is er in de wijk Risdam-Noord de komende jaren voldoende capaciteit. Het leerlingenaantal neemt af in de wijk dus de leegstand neemt toe. In Risdam-Noord is er totaal circa 23% leegstand, toenemend naar circa 37% in 2035.
47 (62)
Figuur 6.12: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Risdam-Noord
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting. Figuur 6.13: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Risdam-Noord per school Normatief De Rank
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
De Flierefluiter
Overschot/tekort OBS KlimOp
2.210
Ruimtebehoefte 1.105
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
1.105
2018
2020
2025
2030
2035
2039
1.835
1.759
1.563
1.468
1.483
1.508
375
451
647
742
727
702
869
758
718
683
693
698
236
347
387
422
412
407
703
673
633
602
607
617
402
432
472
503
498
488
De Flierefluiter (Stabo) is de hoofdlocatie van de school Flierefluiter/Tandem. De school heeft leegstand. Verwijzing tussen deze twee locaties is niet mogelijk, omdat de afstand tussen beide scholen meer dan 2 kilometer bedraagt. De school wordt van oudsher behandeld als zelfstandige school. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is (in verband met de leegstand en financiële overwegingen) een reële optie, indien het bestaansrecht aangetoond kan worden. OBS KlimOp is in hetzelfde gebouw gehuisvest als De Flierefluiter. De school heeft leegstand. In de school is een BSO gehuisvest. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is (in verband met de leegstand en financiële overwegingen) een reële optie, indien het bestaansrecht aangetoond kan worden. De Rank heeft leegstand in het gebouw. De leegstand neemt verder toe volgens de prognose van circa 400m² op dit moment naar circa 700m² leegstand na 2025. In de school is een BSO gehuisvest. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is (in verband met de leegstand en financiële overwegingen) een reële optie.
In 2017 heeft de gemeenteraad bij het behandelen van de kadernota 2017 het volgende besluit genomen: “Amendeert de Kadernota 2017 en voegt toe aan de ruimtevragers in paragraaf 5.2 en tabel 9: voor het doel intensivering onderwijshuisvesting en IKC ontwikkeling in Risdam Noord van een totale investering van € 4.223.000,- die bij een afschrijving van 40 jaar leidt tot een jaarlast van € 105.575 vanaf 2018.” Risdam Noord is als hoogste prioriteit aangegeven door het onderwijsveld voor vernieuwing. Gemeente en schoolbesturen kijken samen naar, en besluiten over, de meest wenselijke vorm van huisvesting – IKC ontwikkeling (wens, noodzaak, haalbaar, variabelen wijk, ontwikkelingen in de wijk).
48 (62)
Huisvestingsoplossing Risdam-Noord: Er is een gezamenlijke toekomstbestendige oplossing nodig voor de wijk om de leegstand terug te dringen. Dit vraagt om een oplossing voor KlimOp, De Flierefluiter (hoofdvestiging, schoollocatie wordt van oudsher behandeld als zelfstandige school) en De Rank. Een toekomstbestendige oplossing kan huisvesting zijn waarvan een deel flexibel door alle scholen in de wijk gebruikt kan worden. Op deze manier kan de ruimtebehoefte flexibel worden ingezet op basis van leerlingenontwikkeling bij de scholen. Vervangende bouw in 2024, waarbij op basis van de wijkkenmerken, schoolconcept en visie bekeken zal moeten worden of en in welke vorm een IKC haalbaar en/of wenselijk is. Als wissellocatie voor de vervangende bouw kan de leegstand in de scholen binnen de wijk worden ingezet. Figuur 6.14: Plattegrond Risdam-Noord na uitvoeringsplan
Risdam-Noord Uitgangspunt is 2035
OBS KlimOp + 498m 2
De Flierefluiter + 412m 2 De Rank + 727m 2
2024: nieuwbouw
Basisonderwijs Blokker In Blokker is nu en in de toekomst voldoende capaciteit aanwezig voor het onderwijs. Er is circa 900m2 leegstand. Figuur 6.15: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Blokker
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting.
49 (62)
Figuur 6.16: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Blokker per school Normatief De Bussel
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
St. Jozef
1.205
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
1.609
2018
2020
2025
2030
2035
2039
869
778
743
728
738
748
336
427
462
477
467
457
1.226
1.166
1.186
1.181
1.196
1.211
383
443
423
428
413
398
De Bussel heeft leegstand op basis van de onderwijs vierkante meters, de leegstand wordt gebruikt door kinderopvang. Het noodlokaal op het schoolterrein is niet meer nodig voor het huisvesten van de school. De verwachting van het schoolbestuur is dat de school bij de verdere ontwikkeling van de nieuwbouwwijk Bangert-Oosterpolder zal groeien. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is in verband met financiële overwegingen een reële optie (2026), indien het een toekomstbestendige investering blijkt te zijn. De St. Jozefschool is gehuisvest in een gemeentelijk monument en heeft op basis van onderwijs vierkante meters leegstand in het schoolgebouw, de leegstand wordt gebruikt door kinderopvang. Doordat de school één instituut vormt met de dislocatie De Pontonnier zit de totale school boven de norm van 190 leerlingen. De school verwacht nog leerlingeninstroom bij de verdere ontwikkeling van de nieuwbouwwijk Bangert-Oosterpolder. Vervangende bouw voor dit schoolgebouw is in verband met financiële overwegingen een reële optie (2026), indien het een toekomstbestendige investering blijkt te zijn. Huisvestingsoplossing Blokker: Een passende huisvestingsoplossing wordt onderzocht in overleg met de betrokken schoolbesturen. In onderling overleg en gebaseerd op de onderwijsinhoud zullen keuzes omtrent vorm en locatie gemaakt worden. Figuur 6.17: Plattegrond Blokker na uitvoeringsplan
50 (62)
Basisonderwijs Zwaag Het leerlingenaantal in Zwaag daalt de komende jaren waardoor de leegstand verder toeneemt. In 2035 is er sprake van 25% leegstand. Figuur 6.18: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Zwaag
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting. Figuur 6.19: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Zwaag per school Normatief De Wingerd
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
Het Ooievaarsnest
2.522
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
1.437
2018
2020
2025
2030
2035
2039
2.121
2.126
2.147
2.111
2.121
2.126
401
396
375
411
401
396
1.075
904
834
819
814
814
362
533
603
618
623
623
De Wingerd heeft leegstand. De boekwaarde van het gebouw is nog hoog gezien het feit dat het gebouw 40 jaar oud is. Het gebouw is in 2005 uitgebreid. Een deel van de uitbreiding is niet meer nodig voor het huisvesten van de school. De wens van het schoolbestuur is om op korte termijn de kozijnen te vervangen en isolatieglas aan te brengen (2020). In verband met de hoge boekwaarde die nog op het gebouw rust en de investering in de kozijnen, is revitalisering een goede oplossing (in 2025, dan exclusief vervangen kozijnen). Het Ooievaarsnest heeft ook leegstand. De school vormt één instituut met Socrates waardoor de school in totaal boven de norm zit. De boekwaarde van het gebouw is nog hoog gezien het feit dat de school al 40 jaar oud is. De wens van het schoolbestuur is om op korte termijn de kozijnen te vervangen en isolatieglas aan te brengen (2020). In verband met de hoge boekwaarde die nog op het gebouw rust en de investering in de kozijnen, is revitalisering een goede oplossing (in 2028, dan exclusief vervangen kozijnen). Huisvestingsoplossing Zwaag: De leegstand neemt de komende jaren toe in Zwaag. Gezien de hoge boekwaarden van beide locaties wordt de volgende huisvestingsoplossing voorgesteld: - Revitalisering De Wingerd in 2025 (2020 vervangen kozijnen). - Revitalisering Het Ooievaarsnest in 2028 (2020 vervangen kozijnen).
- Als wissellocatie kan mogelijk de semi permanente accommodatie Lage Hoek worden gebruikt, de huidige locatie van de Burg.de Wildeschool bij het Ooievaarsnest of De Spinaker/IKEC Jonge Kind iets verder weg.
51 (62)
Figuur 6.20: Plattegrond Zwaag na uitvoeringsplan
Zwaag Uitgangspunt is 2035
Het Ooievaarsnest + 623m 2
De Wingerd + 401m 2
Basisonderwijs Hoorn-Noord In totaal is er in de wijk Hoorn-Noord de komende jaren voldoende capaciteit. Het leerlingenaantal groeit, waardoor de leegstand in de schoolgebouwen afneemt. Figuur 6.21: Vergelijking capaciteit en ruimtebehoefte basisonderwijs Hoorn-Noord
In onderstaande tabel wordt de capaciteit vergeleken met de normatieve ruimtebehoefte. Het saldo is een overschot of tekort (min en rood) aan huisvesting.
52 (62)
Figuur 6.22: Capaciteit versus ruimtebehoefte basisonderwijs Hoorn-Noord per school Normatief
B. van Bockxmeerschool
Capaciteit Ruimtebehoefte Overschot/tekort
Het Fluitschip
1.266
Ruimtebehoefte Overschot/tekort
1.130
2018
2020
2025
2030
2035
2039
1.327 -61 869 261
1.367 -101 889 241
1.392 -126 904 226
1.407 -141 909 221
1.432 -166 924 206
1.422 -156 919 211
De Bernardus van Bockxmeerschool heeft nu en de komende jaren een tekort aan capaciteit. Bij de school staat tijdelijke huisvesting van 70m². Geadviseerd wordt om de tijdelijke huisvesting te verwijderen, omdat er volgens de prognose huisvesting in permanente bouwaard noodzakelijk is. Op korte termijn de school verwijzen naar leegstand in het gebouw van SBO de Piramide (1.400m² bvo) dat leeg komt bij oplevering van de vervangende bouw voor IKEC. Op termijn (2027) beslissen of revitalisering een toekomstbestendige situatie geeft. De wens van het schoolbestuur is om op korte termijn de kozijnen te vervangen en isolatieglas aan te brengen (2020). Het Fluitschip heeft op basis van de prognose voldoende capaciteit. In het gebouw is kinderdagopvang aanwezig met een dagopvang en BSO. De restant boekwaarde van het gebouw is nog hoog. Dat betekent dat er op dit moment nog geen sprake is van revitalisering of vervangende bouw. Op termijn (2031) dient er bekeken te worden of revitalisering of vervangende bouw een toekomstbestendige situatie geeft. Huisvestingsoplossing Hoorn-Noord: Bernardus van Bockxmeerschool: - Op korte termijn verwijzing naar de vrijgekomen locatie van SBO De Piramide (1.400m² bvo). - Op termijn (2027) beslissen tot revitalisering. De wens van het schoolbestuur is om op korte termijn de kozijnen te vervangen en isolatieglas aan te brengen (2020).