VRD - C 01 Ontwerpbegroting 2023 Veiligheidsregio Drenthe.pdf
Tekst van het document
23
Paragrafen Inleiding De van toepassing zijnde paragrafen op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording voor de VRD zijn: Weerstandvermogen en risicobeheersing Financiering Verbonden partijen Bedrijfsvoering Onderhoud kapitaalsgoederen De paragraaf bedrijfsvoering is geïntegreerd in de missielijn Vitale en flexibele organisatie en wordt niet hieronder toegelicht. De paragrafen Grondbeleid en Lokale heffingen zijn niet van toepassing voor de VRD.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing De VRD conformeert zich aan de uitgangspunten zoals vastgelegd in de notitie “Samen werken voor Drenthe” opgesteld door de VDG: Risicobeleid Algemene reserve Weerstandscapaciteit Risico-inventarisatie per 31 december 2021 Risicobeleid In de notitie ‘Samen werken voor Drenthe' die van toepassing is voor de gemeenschappelijke regelingen in Drenthe worden ten aanzien van de weerstandsparagraaf de volgende werkafspraken voorgesteld: 1. Weerstandscapaciteit is aanwezig bij de deelnemers en in beperkte mate bij de gemeenschappelijke regeling 2. Het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijk regelingen vermeldt in de begroting het verschil tussen benodigd en beschikbaar weerstandsvermogen in totaal en naar rato voor de afzonderlijke deelnemers. 3. Een algemene reserve is toegestaan om ontwikkelingen in het loon- en prijspeil af te dekken, met een maximale omvang van 2,5% van de lasten van het betreffende jaar. 4. Als de verwachting is dat de ontwikkelingen in het loon- en prijspeil boven de maximale omvang van 2,5% uitkomt, is afwijken van de richtlijn van 2,5% mogelijk. Hiervoor doet het DB van de gemeenschappelijke regeling een gemotiveerd voorstel aan het algemeen bestuur. 5. Het bedrag boven het vastgestelde maximum van de algemene reserve, vloeit naar rato van de deelnemersbijdrage terug naar de deelnemers. Hardheidsclausule: 1.
Wanneer bovenstaande regels leiden tot onredelijkheid of onbillijkheid kan de gemeenschappelijke regeling hiervan afwijken. 2. Voor de afwijking(en) wordt een motivatie gegeven in de ontwerpbegroting. Algemene reserve Zoals aangegeven in de notitie is het toegestaan om een algemene reserve van 2,5% van de lasten in het betreffende jaar aan te houden. De begrote lasten in de begroting 2023 bedragen € 35.069.373,-. Op basis hiervan mag de algemene reserve maximaal € 876.734,- bedragen. Weerstandscapaciteit Onderstaande tabel geeft de weerstandscapaciteit weer: 24
Algemene reserve Algemene reserve
Bestemmingsreserves Rampenpot Nieuw leren GHOR Opleiden en oefenen WW kosten LMS Goed werkgeverschap Beleidsimpuls Versterking VRD begroting 2023
Saldo bestemmingsreserves
Resultaat Eindbalans bestemming 2022 31-dec-21 (besluit AB) Toevoeging Onttrekking 1.511.800 635.066
Eindbalans 2023 31-dec-22 Toevoeging Onttrekking 876.734 -
Eindbalans 31-dec-23 876.734
Resultaat Eindbalans bestemming Toevoeging Onttrekking 31-dec-21 (besluit AB) 250.459 78.241 80.000 (80.000) 32.027 (32.027) 500.000 406.294 32.027 8.000 315.000 (315.000) -
Eindbalans Toevoeging Onttrekking 31-dec-22 250.459 78.241 500.000 446.321 8.000 -
Eindbalans 31-dec-23 250.459 78.241 500.000 454.321 -
1.662.021
513.585 118.585
8.000
-
513.585 1.788.606
8.000
225.000 225.000
288.585 1.571.606
Algemene reserve De algemene reserve is toegestaan om ontwikkelingen in het loon- en prijspeil af te dekken, met een maximale omvang van 2,5% van de lasten van het betreffende jaar. Bestemmingsreserves De reserves zijn deels gebaseerd op verwachte (geschatte) kosten. De VRD heeft de volgende reserves gevormd: Rampenpot of Calamiteitenpot Bij een groot incident moeten meestal snelle beslissingen worden genomen, die direct financiële gevolgen hebben. Wanneer nog niet duidelijk is wie de drager van deze kosten zal worden, wordt deze reserve aangesproken. Nieuw leren Deze reserve betreft ontvangen ESF-gelden voor uitsluitend onderwijsvernieuwing voor brandweeropleidingen en-oefeningen. LMS In het voorjaar van 2018 hebben alle veiligheidsregio’s met het ministerie financiële afspraken gemaakt over de overdracht van het beheer van de meldkamers naar de Landelijke meldkamersamenwerking. Het beheer van de landelijke meldkamer is daarmee in 2020 een taak van de nationale politie. Om eventuele frictiekosten op te vangen hebben alle regio’s een éénmalige bijdrage van € 500.000,- ontvangen. De feitelijke overgang van het beheer zal gepaard gaan met frictiekosten; de hoogte daarvan is echter nu nog niet te bepalen. Goed werkgeverschap Medewerkers worden ingezet op hun talent, daardoor wordt er beter gepresteerd en mede daardoor is de medewerkerstevredenheid hoog.
Goed werkgeverschap houdt ook in dat deze talenten soms buiten de organisatie een plek moeten vinden. Deze reserve maakt het mogelijk om maatwerk te leveren onafhankelijk van de begroting.
25
Risico-inventarisatie per 31 december 2021 Bij de risico-inventarisatie worden de daadwerkelijke risico’s (navolgende tabel) beoordeeld en hoe die zich verhouden ten opzichte van de weerstandscapaciteit. Een toelichting per risico staat in de bijlage I. RISICO INVENTARISATIE 31 december 2021 Proces Personeel
Risico Rechtspositie brandweervrijwilligers
Risicokans groot
Impact gemiddeld
Bedrag 210.000
Materieel Materieel
Onverwachte ontwikkeling groot brandweermaterieel
gemiddeld
gemiddeld
150.000
Ontwikkelingen huisvesting
gemiddeld
gemiddeld
Personeel
Ontwikkelingen 2e loopbaanbeleid/FLO
150.000
klein
gemiddeld
90.000
Organisatie Personeel
Digitale verstoring/Cybercrime
zeer groot
groot
675.000
Arbeidsmarktproblematiek
gemiddeld
groot
Organisatie
375.000
Ontwikkelingen klimaat en energie
gemiddeld
groot
375.000
Totaal risico's
2.025.000
Omdat de algemene reserve alleen beschikbaar is om loon- en prijsstijgingen op te vangen en daarmee verworden is tot een bestemmingsreserve is er geen beschikbaar weerstandsvermogen. Volgens de opstelling van de risico’s is het totaal benodigd weerstandsvermogen voor de deelnemers € 2.025.000,- en naar rato per deelnemers:
Overzicht gemeentelijke Gemeentelijk Bijdrage bijdrage VRD 2023 Aa en Hunze Assen Borger-Odoorn Coevorden De Wolden Emmen Hoogeveen Meppel Midden Drenthe Noordenveld Tynaarlo Westerveld
1.612.987 3.365.550 1.527.642 2.250.191 1.381.716 7.239.666 2.729.825 1.708.057 2.001.607 1.661.762 1.640.291 1.258.706 28.378.000
Ongedekt deel Risico's VRD 115.100 240.159 109.010 160.569 98.597 516.609 194.795 121.884 142.831 118.580 117.048 89.819 2.025.000
Financiering Wet fido Het Rijk stelt regels aan hoe gemeenten en provincies hun geld en kapitaal beheren. Die regels staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Hoeveel geld gemeenten en provincies mogen lenen, is afhankelijk van de hoogte van de begroting. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel geld ze mogen lenen voor een periode van maximaal 1 jaar. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan 1 jaar. Gemeenten en provincies mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren).
26
Renterisico kort en langlopende financiering Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten van de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld tot 8,2% van de totale lasten (€ 35.070.000,-) van de programmabegroting. Voor 2023 bedraagt de limiet € 2,876 miljoen. In de onderstaande tabel wordt de ontwikkeling van de voor de komende jaren weergeven. Uitgaande van de geldende limieten zal in 2025 en in 2027 worden overgegaan tot het aantrekken van nieuwe leningen.
Berekening kasgeldlimiet (bedrag * € 1.000)
2023
2024
2025
2026
* In procenten van de grondslag
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
* In bedrag
2.876
2.941
3.027
3.109
4.003
1.205
1.205
1.205
4 Totaal netto vlottende schuld
2.609
7.303
1.943
7.559
Toegestane kasgeldlimiet
2.876
2.941
3.027
3.109
Ruimte
4.270
-3.157
2.288
-3.246
1 Toegestane kasgeldlimiet
2 Omvang vlottende schuld 3 Vlottende middelen Toets kasgeldlimiet
Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moeten worden aangepast. Het Rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Voor de VRD komt het neer op een bedrag van € 6,1 miljoen. Het rente risico is gelijk aan de jaarlijkse aflossing op de langlopende leningen voor de VRD 1,8 miljoen. Hierdoor blijft de VRD binnen de berekende norm. Kasstroom/Emu overzicht In het stabiliteitspact binnen de Europese Unie is afgesproken dat een tekort voor de totale overheidssector niet hoger dan 3 procent van het bruto binnenlands product (BBP) mag zijn. Een goede informatievoorziening is essentieel voor het monitoren en beheersen van het EMU-saldo Tabel EMU saldo nr. Omschrijving (bedragen 8 € 1.000) 1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit de reserves (zie BBV, artikel 17c)
2023
2024
2025
-217
8
8
8
2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie 3 Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie 4 Investeringen in (im)materiële vaste activa, die op de balans worden geactiveerd 5 Baten uit bijdragen van andere overheden, de EU en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 6 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa, voor zover niet op de exploitatie verantwoord 7 Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, en woonrijpmaken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) 8 Baten bouwgrondexploitatie : Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord 9 Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen 10 Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen ed.) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van de bovenstaande posten
3.415
3.475
3.535
3.595
2026
0
0
0
7.683
5.125
5.157
3.776
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
neen
neen
neen
neen
0
0
0
0
4.051
1.658
1.630
189
11 Verkoop van effecten : a. Gaat u effect verkopen ? (ja/nee) b. Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie ? Berekend EMU saldo
27
Kasstroomoverzicht Resultaat voor reserves Operationele activiteiten Investeringen Afschrijvingen Mutatie Voorzieningen Saldo Financieringsactiviteiten Aflossing leningen Mutatie Uitgezette leningen Mutatie Vorderingen Mutatie Overlopenden activa Mutatie kortlopende schulden Mutatie Overlopenden passiva Saldo Mutatie liquide middelen Liquide middelen Stand 1 januari Stand 31 december
2023 -217.000 -217.000 -7.682.628 3.415.000 -459.740 -4.727.368 -4.944.368 -2.798.808 -693 4.425.310 723.321 -612.028 3.240.266 4.977.368 250.000 250.000 250.000 250.000
2024 8.000 8.000 -5.125.436 3.475.000 -423.956 -2.074.392 -2.066.392 -3.798.808 -693 2.798.810 4.693.672 -1.368.589 2.324.392 250.000 250.000 250.000 250.000
2025 8.000 8.000 -5.157.390 3.535.000 -423.956 -2.046.346 -2.038.346 -3.798.808 10.000.000 -5.360.150 1.455.304 2.296.346 250.000 250.000 250.000 250.000
2026 8.000 8.000 -3.775.881 3.595.000 -444.054 -624.935 -616.935 -3.798.808 -693 -2 5.616.464 -942.026 874.935 250.000 250.000 250.000 250.000
28
Verbonden Partijen Definitie Verbonden Partij Een Verbonden Partij (VP) is een privaat- of publiekrechtelijke organisatie waarin de VRD een financieel én een bestuurlijk belang heeft. Er is sprake van een financieel belang als de VRD aansprakelijk is bij het niet nakomen van de verplichtingen door de rechtspersoon. Er is sprake van een bestuurlijk belang als de VRD vertegenwoordigd is in het bestuur of zeggenschap daarin kan uitoefenen. Gelet op deze kwalificaties van belang kent de VRD geen verbonden partijen. Hieronder worden de partijen waarmee de VRD een nauwe betrokkenheid heeft genoemd. Stichting BON De bestuurlijke deelname, samen met de veiligheidsregio’s Fryslân en Groningen, in de Stichting Brandweeropleidingen Noord (BON) benadert de definitie van een verbonden partij. Er is echter volgens de statuten geen sprake van een financieel belang in de stichting. De stichting is aandeelhouder in de BON Holding B.V. De BON Holding B.V. heeft een 100%-deelneming in Oefencentrum Noord B.V. en Brandweeropleidingen Noord B.V. en de Flexpool B.V. De BON factureert de afgenomen dienstverlening (opleiden of oefenen). Nederlands Instituut voor Publieke Veiligheid, tot 2022 was dit het IFV Dit is de organisatie die de krachten bundelt op het terrein van de publieke veiligheid in Nederland. Het Instituut wordt bestuurd door de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s.
Het NIPV levert onder andere een bijdrage aan de brandweeropleidingen en het delen van informatie en expertise. Ook houdt het NIPV zich bezig met het verwerven en beheren van materieel, uitrusting en telecommunicatievoorzieningen. De VRD betaalt jaarlijks een contributie. Samenwerkingspartijen De VRD kan haar taken beter uitvoeren in samenwerking met andere partijen. De beste resultaten uit samenwerking zijn te behalen als de betrokken partijen zich vanzelfsprekend met elkaar verbonden voelen, bijvoorbeeld vanwege gemeenschappelijke waarden of belangen. Kwaliteit- en resultaatverbetering staan voorop. Voorbeelden van samenwerking zijn: dienstverleningsovereenkomst met de Gemeente Tynaarlo voor de uitvoering van de salarisadministratie dienstverleningsovereenkomst met GGD Drenthe voor de administratievoering van de GHOR samenwerkingsovereenkomst met Veiligheidsregio Fryslân en Groningen voor de uitvoering van de personeelsadministratie voor het personeel van de MKNN wat niet overgegaan is naar de landelijk meldkamerorganisatie. samenwerkingsovereenkomst Zorg- en VeiligheidsHuis Drenthe (Pijofach, AB besluit 3-102018)
Onderhoud kapitaalsgoederen Kapitaallasten materieel Er wordt in de bijdrage van de basisbrandweerzorg uitgegaan van een bijdrage in het materieel op basis van het materieel vervangingsplan. De basis hiervoor is het overgenomen materieel van de gemeenten. De VRD moet binnen deze bijdrage zorgdragen voor de financiering en vervanging van het materieel. Op basis van de afgelopen jaren zullen de afschrijvingslasten de komende jaren stijgen. Hiervoor is jaarlijks een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van € 60.000,noodzakelijk. Huisvesting Gesprekken met een aantal gemeenten lopen nog over de wijze waarop de huisvesting geregeld wordt en wat hier de financiële gevolgen van zijn. Dit wordt vervolgd in de komende jaren.
29
Investeringen Voor 2022 en verder staan de volgende investeringen gepland. Investeringsprogramma 2022
2023
2024
2025
2026
Gebouwen Huisvesting
1.500.000
3.000.000
0
0
0
Vervoermiddelen Voertuigen Inventaris rijdend materiaal
1.507.000 251.900
2.810.480 488.720
4.295.000 283.230
3.963.500 197.630
1.900.175 656.740
167.020 290.400 0 0
90.000 9.680 89.500 0
115.000 0 0 52.000
127.000 19.360 40.200 292.000
78.500 0 18.000 25.000
Overige Kleding Telecommunicatie Overige
1.003.000 50.525 72.600
478.750 451.998 263.500
281.650 98.556 0
371.800 27.000 118.900
179.750 917.716 0
Totaal aan investeringen
4.842.445
7.682.628
5.125.436
5.157.390
3.775.881
Machines, apparaten en installaties ICT Inventaris Materieel duiken Ademlucht
30
Financiële begroting en meerjarenraming 2023-2026 Uitgangspunten begroting De begroting 2023 en de meerjarenraming zijn opgesteld volgens de uitgangspunten zoals verwoord in “Samen werken voor Drenthe”. In de meerjarenraming is met loon- en prijscompensatie rekening gehouden. De financiële uitgangspunten zijn in onderstaande tabel opgenomen.
Verloop gemeentelijke bijdragen (bedragen x 1 mln.) Bijdrage 2022 Bij: loon- en prijscompensatie 2023 (2,29%) Verbeterplan informatieveiligheid Voldoende gekwalificeerde Data en informatie als cruciale componenten Expertisepartner fysieke veiligheid Op peil brengen kapitaallasten Af: Wegvallen ontwikkelgelden Bijdrage 2023
€ 27.328.000,00 € 625.000,00 € 160.000,00 € 245.000,00 € 180.000,00 € 80.000,00 € 60.000,00 € 300.000,00 € 28.378.000,00
Ontwikkelingen begroting 2023 In de begroting zijn naast de genoemde beleidsontwikkelingen de onderstaande ontwikkelingen meegenomen: Loon- en prijscompensatie 2023-2026 Voor de bepaling van de kostenstijgingen wordt rekening gehouden met een stijging lonen en prijzen van 3,21% op basis van de Macro economische verkenning van het Centraal Planbureau. Dit percentage wordt gecorrigeerd conform de uitgangspunten “Samenwerken voor Drenthe” met 0,92%. In de notitie ‘Samenwerken voor Drenthe’ wordt uitgegaan van een standaard verhouding Loon-/prijsontwikkeling van 70/30. De verhouding binnen de VRD wijkt hiervan af. Toch wordt er voor gekozen het percentage vanuit de notitie te hanteren, dit om de gewenste eenheid in Drenthe te krijgen. 2023
2024
2025
2026
Prijs overheidsconsumptie: beloning werknemers
3,3
3,9
3,8
3,6
Prijs bruto binnenlands product (%)
3,0
2,5
2,5
2,2
Aandeel loonkosten Aandeel Prijs gerealateerde kosten
70% 30%
70% 30%
70% 30%
70% 30%
Loon- en prijsontwikkeling voor Veiligheidsregio Drenthe Correctie voorgaande jaren Loon en prijsontwikkeling meenemen in begroting
3,21 -0,92 2,29
3,48
3,41
3,18
3,48
3,41
3,18
31
Ontwikkeling kapitaallasten Op basis van het bestuursbesluit van 23 maart 2016, waarbij destijds de investeringsruimte (€ 850.000,-) is ingezet voor dekking van gestegen lonen en prijzen, worden de gemeentelijke bijdragen vanaf 2019 jaarlijks verhoogd met € 60.000,- voor de toenemende kapitaallasten. Op basis van het eerder genoemde bedrag zou de verhoging doorlopen tot 2033. Ontwikkelgelden 300k Vanaf 2019 heeft het bestuur tot en met 2022 jaarlijks een bedrag van € 300.000,-beschikbaar gesteld voor ontwikkelingen rampenbestrijding en crisismanagement, investeren personeel en de omgevingswet. Vanaf 2023 vallen deze ontwikkelgelden terug aan de gemeenten en zal de gemeentelijke bijdrage met dit bedrag afnemen.
32
Recapitulatie meerjarenraming 2023-2026 Rekening houdende met de uitgangspunten van de kaderbrief en de autonome ontwikkeling ziet de meerjarenbegroting er als volgt uit:
Programma Calamiteiten en Crises Incidentbestrijding Operationele informatievoorziening Techniek en logistiek Vakbekwaamheid Crisisbeheersing GHOR Investeringen Personeel Saldo lasten Incidentbestrijding Techniek en logistiek Investeringen Vakbekwaamheid Personeel Saldo baten Totaal programma Calamiteiten en Crisis Programma Bewustwording Risicobeheersing Personeel Saldo lasten Risicobeheersing Personeel Saldo baten Totaal programma Bewustwording Programma Samenleving Jeugdbrandweer Huisvesting Saldo lasten Jeugdbrandweer Huisvesting Saldo baten Totaal programma Samenleving Programma Organisatie ICT Organisatiekosten Investeringen Personeel Saldo lasten Organisatiekosten Investeringen Personeel Saldo baten Totaal programma Organisatie Dekkingsbronnen Gemeentelijke bijdrage Bdur Saldo baten Overige kosten Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo lasten Totaal aan dekkingsbronnen Resultaat voor bestemming Mutatie reserves Resultaat na bestemming
Jaarrekening
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
Meerjarenraming 2024
2025
2026
Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Saldo Baten Baten Baten Baten Baten Saldo
4.076 166 1.571 1.946 180 1.221 3.086 8.882 21.128 0 32 119 11 104 266 20.862
4.702 142 1.529 1.787 247 1.323 3.343 8.557 21.630 0 30 113 2 257 402 21.228
4.813 152 1.607 1.799 247 1.352 3.404 8.633 22.006 0 30 113 12 26 181 21.825
4.891 152 1.607 1.799 247 1.381 3.464 8.899 22.437 0 30 113 12 26 181 22.256
4.968 152 1.607 1.799 247 1.410 3.524 9.169 22.873 0 30 113 12 26 181 22.692
5.045 152 1.607 1.799 247 1.439 3.584 9.427 23.298 0 30 113 12 26 181 23.117
Lasten Lasten Saldo Baten Baten Saldo
230 3.230 3.460 0 38 38 3.423
130 3.112 3.242 0 94 94 3.148
130 3.139 3.269 0 10 10 3.260
130 3.236 3.366 0 10 10 3.356
130 3.334 3.464 0 10 10 3.454
130 3.428 3.558 0 10 10 3.548
Lasten Lasten Saldo Baten Baten Saldo
15 2.234 2.249 7 921 929 1.321
48 2.133 2.181 6 903 909 1.272
48 2.198 2.246 6 943 949 1.297
48 2.198 2.246 6 943 949 1.297
48 2.198 2.246 6 943 949 1.297
48 2.198 2.246 6 943 949 1.297
Lasten Lasten Lasten Lasten Saldo Baten Baten Baten Saldo
909 1.121 400 4.037 6.467 147 0 47 194 6.273
804 890 400 3.890 5.983 85 5 117 207 5.776
804 1.061 400 3.924 6.189 111 0 12 123 6.066
804 1.061 400 4.045 6.309 111 0 12 123 6.186
804 1.061 400 4.168 6.432 111 0 12 123 6.309
804 1.061 400 4.285 6.549 111 0 12 123 6.426
Baten Baten Saldo Lasten Lasten Lasten Saldo
26.766 5.229 31.995 -10 0 0 -10 32.005
27.328 5.022 32.350 918 0 0 918 31.432
28.378 5.211 33.589 1.359 0 0 1.359 32.230
29.403 5.211 34.614 1.511 0 0 1.511 33.103
30.443 5.211 35.654 1.894 0 0 1.894 33.760
31.448 5.211 36.659 2.263 0 0 2.263 34.396
127 -8 119
8 -8 0
-217 217 0
8 -8 0
8 -8 0
8 -8 0
Lasten
33
Voor een toelichting op de missielijnen verwijzen wij naar de verschillende toelichtingen bij deze missielijnen.
Incidentele baten en lasten In de begroting is een bedrag opgenomen voor de 0,1% WW-premie, deze wordt jaarlijks op de hiervoor bestemde bestemmingsreserve gestort. In de begroting 2023 is daarnaast een bedrag van € 225.000,- kosten meegenomen ten behoeve van de incidentele kosten voor “Data en informatie als cruciale componenten” en ten laste van de reserves gebracht..
Gemeentelijke bijdragen Rekening houdende met de meerjarenraming ontwikkelen de gemeentelijke bijdragen zich als volgt:
Overzicht gemeentelijke Bijdrage Aa en Hunze Assen Borger-Odoorn Coevorden De Wolden Emmen Hoogeveen Meppel Midden Drenthe Noordenveld Tynaarlo Westerveld Emmen 24 UUR
Totaal
Aantal inwoners Gemeentelijk per 1-3-2021 bijdrage VRD 2023 25.392 68.833 25.596 35.321 24.374 107.020 55.600 34.383 33.386 31.218 33.974 19.663 494.760
1.612.987 3.365.550 1.527.642 2.250.191 1.381.716 5.612.289 2.729.825 1.708.057 2.001.607 1.661.762 1.640.291 1.258.706 26.750.623 1.627.377 28.378.000
Gemeentelijk bijdrage VRD 2024
Gemeentelijk bijdrage VRD 2025
Gemeentelijk bijdrage VRD 2026
1.673.208 3.484.667 1.584.038 2.334.244 1.432.220 5.814.126 2.826.537 1.768.737 2.075.563 1.721.718 1.698.170 1.305.763 27.718.991 1.684.009 29.403.000
1.734.312 3.605.531 1.641.262 2.419.530 1.483.466 6.018.923 2.924.668 1.830.308 2.150.604 1.782.554 1.756.898 1.353.509 28.701.566 1.741.434 30.443.000
1.793.367 3.722.342 1.696.566 2.501.956 1.532.994 6.216.853 3.019.508 1.889.814 2.223.129 1.841.350 1.813.656 1.399.655 29.651.188 1.796.812 31.448.000
Een deel van de gemeentelijke bijdrage wordt verrekend naar het aantal inwoners per gemeente. Hierdoor kunnen kleine onderlinge verschillen in de gemeentelijke bijdrage ontstaan ten opzichte van het voorgaande jaar. De totale gemeentelijke bijdrage voor 2023 bedraagt € 28.378.000,(conform afspraken uit “Samenwerken voor Drenthe”, bestaande uit € 4.654.600,(inwonersbijdrage) en € 23.723.400,- (bijdrage brandweerzorg).
34
Geprognosticeerde balans en financiële kengetallen In het BBV is opgenomen dat voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar een geprognosticeerde balans moet worden opgenomen in de begroting. Met het opnemen van deze balans krijgt het bestuur meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte. Activa
1 januari 2022
1 januari 2023
1 januari 2024
1 januari 2025
1 januari 2026
21.268.706 974.690
22.756.151
27.023.779
28.674.215
30.296.605
723.997
473.304
222.611
1.918
22.243.396
23.480.148
27.497.083
28.896.826
30.298.523
8.178.806 452.069
3.753.496
954.686
954.686
954.688
250.000
250.000
250.000
250.000
8.630.875
4.003.496
1.204.686
1.204.686
1.204.688
1.473.321
750.000
750.000
750.000
750.000
32.347.592
28.233.644
29.451.769
30.851.512
32.253.211
Vaste Activa Materiële vaste activa Financiele vaste activa Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen
Overlopende activa Totaal Passiva Vaste Passiva Algemene reserve
1.511.799
876.734
876.734
876.734
876.734
Bestemmingsreserves
1.267.021
1.788.606
1.571.606
1.579.606
1.587.606
2.778.820
2.665.341
2.448.341
2.456.341
2.464.341
Voorzieningen
3.125.319
3.019.489
2.559.749
2.110.450
1.686.494
Vaste Schulden
22.738.198
19.939.390
17.140.582
24.341.773
20.542.965
3.705.255
2.609.425
7.303.098
1.942.948
7.559.411
32.347.592
28.233.644
29.451.769
30.851.512
32.253.211
Vlottende Passiva Kortlopende schulden
Totaal
Financiële kengetallen Om een beeld te krijgen van de financiële positie van de VRD zijn de volgende verplichte financiële kengetallen ontwikkeld en verplicht gesteld in de begroting: 1. netto schuldquote 2. netto schuldquote gecorrigeerd 3. solvabiliteitsratio 4. Structurele exploitatieruimte Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de totale inkomsten. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.
35
Langlopende schulden Kortlopende schulden Financiele activa Vorderingen Liquide middelen Subtotaal Totale baten Netto schuldquote
2023 22.738.198 3.705.255 974.690 8.178.806 452.069 36.049.018 34.852.373 53,9%
2024 19.939.390 2.609.425 723.997 3.753.496 250.000 27.276.308 35.877.373 53,7%
2025 17.140.582 7.303.097 473.304 954.686 250.000 26.121.668 36.917.373 64,2%
2026 24.341.773 1.942.947 222.611 954.686 250.000 27.712.017 37.922.373 66,7%
Langlopende schulden Kortlopende schulden Vorderingen Liquide middelen Subtotaal Totale baten Netto schuldquote gecorrigeerd
2023 22.738.198 3.705.255 8.178.806 452.069 35.074.328 34.852.373 51,1%
2024 19.939.390 2.609.425 3.753.496 250.000 26.552.311 35.877.373 51,7%
2025 17.140.582 7.303.097 954.686 250.000 25.648.364 36.917.373 62,9%
2026 24.341.773 1.942.947 954.686 250.000 27.489.406 37.922.373 66,1%
Vanuit de VNG wordt geadviseerd om een norm van maximaal 130% aan te houden. De VRD valt ruim onder de norm. Door de afname van de totale schuldenlast en stijgende totale baten door loon- en prijsstijgingen daalt de netto schuldquote in de komende jaren. Solvabiliteitsratio Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Deze ratio geeft aan in welke mate de VRD in staat is aan haar schulden te voldoen. Solvabiliteitsratio 2023 9,4 2024 8,7 2025 8,0 2026 7,6
Voor de jaren tot 2023 stijgt de solvabiliteitsratio licht door de inzet van reserves voor incidentele uitgaven. Structurele exploitatieruimte In de jaren 2020 t/m 2024 wordt voor incidentele uitgaven een beroep gedaan op de daarvoor bestemde reserve(s). Structurele exploitatieruimte 2023 -0,64% 2024 0,02% 2025 0,02% 2026 0,02%
Overige overzichten In het BBV staat aangegeven welke overzichten onderdeel van de begroting moeten zijn. Deze overzichten zijn hieronder opgenomen en toegelicht. Renteschema Op basis van de notitie Rente 2017 staat beschreven hoe de rentetoerekening aan het taakveld Treasury vorm moet worden gegeven. Onderstaande tabel bepaalt het renteresultaat.
Externe rente Lasten Externe rente Baten Saldo rentelasten en rentebaten
2023 231.371 -473 230.898
2024 228.018 -473 227.544
2025 224.664 -473 224.191
2026 221.311 -473 220.837
Aan taakvelden toe te rekenen Rente Aan taakvelden toegerekende Rente Rente resultaat voor taakveld Treasury
230.898 230.898 0
227.544 227.544 0
224.191 224.191 0
220.837 220.837 0
36
Taakvelden Het volgende overzicht geeft inzicht in het verdelingsprincipe van de programma’s naar de verplichte taakvelden in de gemeentelijke begrotingen. Taakvelden Nummer Omschrijving 0.7 Gemeentefonds 0.5 Algemene dekkingsmiddelen Totaal baten
2023 2024 bedrag bedrag 5.211.373 5.211.373 28.378.000 29.403.000 33.589.373 34.614.373
2025 bedrag 5.211.373 30.443.000 35.654.373
2026 bedrag 5.211.373 31.448.000 36.659.373
1.1 0.4 0.61 8.3 0.8
Crisisbeheersing en Brandweer Overhead Treasury Wonen en Bouwen Overige baten en lasten Totaal lasten
26.045.481 6.065.723 335.894 1.359.275 33.806.373
26.562.639 6.186.316 346.144 1.511.275 34.606.373
27.086.545 6.309.009 356.544 1.894.275 35.646.373
27.595.203 6.426.301 366.594 2.263.275 36.651.373
0.10 0.10
Reserve mutaties Vennootschapsbelasting
217.000 -
-8.000 -
-8.000 -
-8.000 -
0
0
0
0
18%
18%
18%
18%
Totaal resultaat Percentage Overhead
Toelichting bij tabel Taakvelden: Onder het taakveld 0.4 Overhead zijn de kosten zoals vermeld in het programma Organisatie opgenomen. Het taakveld 8.3 bestaat uit de loonkosten Risicobeheersing. In het taakveld 0.8 overige baten en lasten is de het bedrag voor prijsontwikkeling opgenomen. Beleidsindicatoren Tot slot is een vijftal beleidsindicatoren voorgeschreven. De waarden zijn hieronder aangegeven. Beleidsindicatoren
2023
2024
2025
2026
Formatie
0,48
0,48
0,48
0,48
0,40
0,40
0,40
0,40
31,6
32,6
33,6
34,5
1,4
1,4
1,3
1,3
12,3
12,5
12,8
13,0
494.760
494.760
494.760
494.760
Fte/ 1000 inwoners
Bezetting Fte/ 1000 inwoners
Apparaatskosten Per inwoner
Externe inhuur Percentage loonkosten
Overheadkosten Per inwoner
Aantal Inwoners Drenthe
37
Bijlage I Toelichting per risico Rechtspositie brandweervrijwilligers Het vraagstuk waarbij de rechtspositie van brandweervrijwilligers in het geding is, heeft in 2021 ondanks de crisis toch wel aandacht gekregen, maar er is nog geen duidelijkheid over de richting die het opgaat. Samen met de werkgevers wil de nieuwe minister van J&V kijken op welke wijze het aspect vrijwilligheid, wat zo kenmerkend is voor Nederland, kan blijven. Onverwachte ontwikkelingen groot brandweermaterieel Ten aanzien van het groot Brandweermaterieel worden we meer en meer geconfronteerd met ontwikkelingen waarop niet te sturen is. Hieronder vallen de aanbestedingstrajecten die veelal langer duren dan verwacht. Hierdoor moeten dan weer extra kosten gemaakt worden voor het operationeel houden van het te vervangen materieel. Ook snelle veranderingen op technisch vlak spelen hier een rol, meestal leiden deze ontwikkelingen tot een hogere vervangingsprijs. Ontwikkelingen huisvesting We zijn als VRD nauw betrokken bij de huisvesting van onze posten, er is goed overleg met de eigenaren. De gemeenten zijn nog steeds de eigenaar, het gaat hier ook niet om nieuwbouwkosten. Mocht de nieuwbouw echter stagneren dan zal er gekeken moeten worden naar tussenoplossingen voor de stalling van ons materieel en dan wordt al snel gekeken naar de VRD om het op te lossen. Daar is geen budget voor meegenomen in de begroting.
Voor de kosten van de inrichting van deze posten is wel budget opgenomen in de begroting, we zien nu dat veel nieuwbouw in de planning staat waardoor er een groter beroep op de begroting nodig kan zijn. Ontwikkelingen 2e loopbaanbeleid/FLO Voor brandweermedewerkers die na 2006 in dienst zijn gekomen heeft de werkgever na 20 jaar de verplichting om te zorgen voor een andere functie. Maatregelen hiervoor zijn al in gang gezet, maar het is nog onzeker of dit op termijn tot de gewenste resultaten zal leiden. Medewerkers worden aangespoord en ondersteund om zelf initiatief te nemen om ander werk te vinden. Wellicht dat voor deze medewerkers een vorm van FLO in het leven geroepen wordt. Door externe ontwikkelingen op het gebied van de huidige FLO regeling dreigen de regio’s met hogere kosten te maken te krijgen die niet in de voorziening zijn meegenomen. Digitale verstoring/Cybercrime Onze afhankelijkheid van digitale systemen wordt steeds groter. Denk aan het thuiswerken en de dagelijkse handelingen als bellen, reizen of betalen, slimme sensoren in veiligheidssystemen en volledig geautomatiseerde processen in tal van bedrijfstakken. Steeds vaker zijn verschillende systemen ook nog aan elkaar gekoppeld. Met de toenemende interactie tussen fysiek en digitaal komen onze economie, nationale veiligheid en het normale maatschappelijk leven op onvoorziene manieren in gevaar.
Het kan bijvoorbeeld gaan om ontvreemding van informatie, maar ook om ontwrichting door inzet van gijzelsoftware. Arbeidsmarktproblematiek In de huidige arbeidsmarkt worden we steeds vaker geconfronteerd met moeilijk in te vullen vacatures, het potentieel in de vijver waaruit gevist wordt neemt steeds meer af. Er is een risico dat onze dienstverlening in gevaar komt als we niet de juiste man/vrouw tijdig genoeg op de juiste plaats weten te krijgen. Ontwikkeling klimaat en energie Ook de VRD zal mee moeten in de slag om klimaatvriendelijker te opereren, voorbeeld is het overschakelen van diesel naar andere brandstoffen voor het groot materieel. Maar het gaat verder dan alleen de brandstof. Deze ontwikkelingen gaan soms sneller dan ingeschat en de consequenties kunnen groot zijn.
38