CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript raadsvergadering 20 april 2023

Raadsavond 20 april 2023, gemeente Hoogeveen30.089 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Want dit protocol zou nu ertoe leiden dat we het aan de raad zouden voorleggen, maar omdat we het in die zin ook al een aantal jaren zo uitvoeren en de afspraken daarover toen gemaakt hebben, vonden wij het heel consequent om dat ook in dit protocol dan naar voren te halen. Maar goed, het is aan u wat u daarvan vindt, los van de Nederlandse vlag, want die moet altijd. Is al opgemerkt. Volgens mij, dan nog een laatste opmerking, voorzitter, als dat mag, het is juist bedoeld om hier niet een overkill aan regelgeving, waar de heer Feenstra op doelde, te realiseren, maar juist één heldere lijn. Nogmaals, daar kan de raad iets van vinden. Kunnen ze amenderen. Dat zien we dan tegemoet. Maar het is juist bedoeld om het nu even heel simpel en strak te houden. Uit uw raad uiteindelijk, als er anderen dan de vastgestelde vlaggen, ook de Oekraïnevlag ... Ik zeg het er maar even bij, in alle helderheid, want dat is ook een politieke keuze geweest om die vlag te hijsen, waar ook niet iedereen het over eens is overigens in onze samenleving. Laten we daar ook eerlijk over zijn. Maar hoort dan in dit gremium thuis. Op het moment dat dat weer een keer zal voorkomen, wordt hier de beslissing genomen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Voorzitter, dank. Er was nog een vraagje eigenlijk over die omgekeerde Nederlandse vlag op 4 en 5 mei. Wilt u daar nog even op reageren? De heer Loohuis: Ja.

Het is toegestaan op allerlei particuliere terreinen. Wij zullen het op overheidsgebouwen niet doen. Die toezegging kan ik wel doen. Maar iedereen is vrij om dat te doen. Daar zit geen verbod op. We kunnen wel een algemene oproep doen, zoals u dat doet. Zo van, we zouden het fijn vinden als. Maar daar is iedereen vrij in. Daar kunnen wij niet in treden. Daar kunnen we niet op handhaven. Dat is de vrijheid van eenieder. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee is denk ook het debatpunt vervallen vanuit de VVD. Dan komen aan bij het debat. We hebben drie debatpunten genoteerd. Het debat over regenboogvlag, over evenementen en wel of niet het aan de raad laten voor politieke vlaggen. Ik wilde beginnen bij de evenementen. Het woord is aan de heer Van der Heide om af te trappen. De heer Van der Heide: Dank u wel, voorzitter. Ik proef al een beetje de stemming uit de eerste termijn, maar evenementen maken Hoogeveen mooier. Daar hebben we ook weer afgelopen week, afgelopen weekend kunnen zien met de Cascaderun hoe een fantastisch evenement we hebben gehad. Het zal wel een kwestie van morele ondersteuning zijn van de gemeente om juist dat soort vlaggen, op de dagen dat zulke evenementen plaatsvinden om die in top te hijsen, ook in de top van het raadhuis, want het geeft de organistoren, het geeft de aanwezigen, het geeft iedereen aan dat we hier gewoon met een mooi en geweldig

evenement te maken hebben. Dat kan de Cascaderun zijn, dat kan het schaaktoernooi zijn, ook een groot evenement en natuurlijk ook de Ronde van Drenthe. Wellicht zijn er nog meer evenementen die ik op dit moment even vergeet. Maar wij moeten gewoon als Hoogeveen, ik ben het, ik ben er trots op, op zulke evenementen. Ik vind ook dat je als gemeente het lef moet hebben om dat te kunnen ondersteunen met de vlaggen in top. Daar wilde ik het even bij laten, als inleiding. De voorzitter: Wie ondersteunt het lef van de heer Van der Heide? Mevrouw Schonewille? Mevrouw Schonewille: Nee, ik ondersteun nu per se het lef, ik ondersteun wel de sympathieke gedachtegang. Want volgens mij is het heel sympathiek om te zeggen, we ondersteunen al die partijen die evenementen organiseren en we hijsen de vlag. Dat doen we gelukkig met, ik weet niet hoeveel vlaggen er precies in het voorveld staan, maar een hele hoop. Wij vroegen ons vooral af, waar ligt dan de grens? Als ik een tegelwipwedstrijd in mijn buurt organiseer en ik heb daar een prachtige tegelwipvlag voor, mag die dan ook in het torentje? Of als Gemeentebelangen een jongerenafdeling heeft die een barbecue organiseert en die heeft daar een prachtige vlag voor, hangen we die dan ook op? Waar wordt het dan wel een politiek iets of waar niet? Dat maakt wel dat wij zeggen, evenementen doe maar mooi in het voorveld.

Dat vinden we een meer dan prima waardering voor alle prachtige evenementen die we hebben. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Heide, waar ligt de grens? De heer Van der Heide: Voorzitter, mag ik daarop reageren? Het moet natuurlijk wel enige status hebben, laten we het zo zeggen. Een evenement tegelwippen kan een status hebben, want we hebben toch een Nederlands kampioen tegelwipper. Wat dat betreft, als het festijn bijvoorbeeld voor het raadhuis plaats zou kunnen vinden, dan heb ik er geen bezwaar in als ook daar de vlag van in top hangt. Maar als u een barbecue wilt organiseren in uw eigen straat, dan zou ik zeggen, hou het vooral in uw eigen straat en gebruik de vlaggen die u daarvoor wilt. Maar volgens mij, u bedoelt het natuurlijk van, er zou ook een grens moeten zijn. Dat herken ik. Wat mij betreft zijn het dan ook de drie evenementen die ik net genoemd heb waar we voor kunnen zorgen dat die trots wapperen in de toren van ons gemeentehuis, van ons raadhuis. Dat zijn de Cascaderun, de Ronde van Drenthe en het internationaal schaaktoernooi. Volgens mij zijn dat de drie evenementen waar we gewoon ook een enorm goede uitstraling hebben en waar we als Hoogeveen trots op kunnen zijn. De voorzitter: Uw punt is helder. De heer Pomper, wilt u nog reageren? De heer Pomper: Ja, dank u, voorzitter.

Maar dan doet u toch weer andere grote evenementen, daar zou de heer Otten wel blij mee zijn, het muziekfestival in Pesse wel weer te niet. Kijk, inderdaad daar moeten we denk ik apart een debat over gaan voeren. Dat kunnen we onder punt acht wellicht nog wel gaan doen in de toekomst. Ik denk ook, het ontbreken van de drie vlaggen hier aan de toren, dat zal verder niets afdoen aan de evenementen. Er wordt vooral met die grote evenementen zoveel reclame voor gemaakt in de hele wijde omgeving. Je hoeft Hoogeveen maar binnen te komen, iedere rotonde is zichtbaar. Dat is natuurlijk mooi. Dat moeten we ook in stand houden. De voorzitter: Ik ga eerst even door naar de heer Van der Meer, dan de heer Van Rijn. De heer Van der Meer: Voorzitter, dank u wel. Toch ook even een reactie op met name de Cascadevlag, want volgens mij hoeft het niet extra benoemd te worden dat Hoogeveen hartstikke trots is op dat evenement. Als Hoogevener en oud-deelnemer, in mijn betere jaren, kan ik dat niet anders dan beamen. Daar ben ik gewoon hartstikke trots op. Ik heb zondag ook met heel veel plezier allerlei bekenden aan lopen moedigen tijdens de

vijf dan wel de tien mijl, waaronder de heer Van der Heide. Met respect. Maar is dat dan de reden, dat je weet dat je een evenement hebt dat al zo op de kaart staat ook, dat je daar een uitzondering nog voor moet maken om daarvoor de vlag op de toren te hangen. Daar heb ik echt wel mijn bedenkingen bij. Maar dat doet niets af aan de lol en het plezier wat ik ook nog steeds beleef aan die Cascaderun. De voorzitter: Ik ga eerst even door naar de heer Van Rijn, SGP. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor dat warme pleidooi van de heer Van der Heide. Dat mag iedereen natuurlijk ook doen. Maar het gevaar zit erin, wie gaat uiteindelijk bepalen wat daar van belang is? Want er zullen misschien ook wel zoveel procent Hoogeveners zeggen, die Cascaderun hoeft voor mij helemaal niet en al helemaal niet daar een vlag voor op de toren. Maar wie gaat dan uiteindelijk bepalen dat die vlag daar wel gaat komen? Want dat is natuurlijk wel heel belangrijk. Je kunt niet zomaar een uitzondering van een klein groepje maken en zeggen van, wij willen dat en dan hangt die vlag daar. De voorzitter: Wie gaat de scheidslijn bepalen? De heer Van der Heide, die vraag is al eerder gesteld. Maar wilt u hem nog extra uit ... De heer Van der Heide: Ja, daar wil ik wel op antwoorden.

Laten we die scheidslijn vastleggen in het amendement wat ik in voorbereiding heb op bijvoorbeeld de drie genoemde evenementen. Mochten er andere evenementen zijn die ook denken en kunnen motiveren waarom zij ... W we aldaar als gemeente Hoogeveen warm van worden, laten we dat dan in de raad bespreken en onder punt acht van dit voorstel brengen van, als er een bepaalde waarde is die we moeten beoordelen, laten we die dan door de raad beoordelen. Maar ik zou willen voorstellen dat ik een amendement voorbereid op basis van drie evenementen, om die toe te staan om tijdens hun dagen de vlaggen in top te hebben. De voorzitter: De heer Feenstra was eerst. Dan ga ik ... De heer Feenstra-Paas: Ik had nog meer support kunnen geven als je ook het nationaal kampioenschap carbidschieten in Tiendeveen had toegevoegd aan de lijst van evenementen. Maar goed, het is best spannend om daar drie uit te selecteren. Kijk, op zichzelf is het sympathiek. Maar als je ook kijkt naar de afbeelding die je net had meegenomen, als je daar nu de Nederlandse vlag boven had gehesen, dan was het dominante gezicht nog steeds de Cascaderun. Wat mij betreft sympathiek, maar niet noodzakelijk. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dijk. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. Ook van onze kant, uw enthousiasme voor het Cascaderun is genoteerd en die delen wij ook. Mooi evenement.

Wij sluiten ons wel aan bij de woorden van de PvdA. Laten we die toren vooral gebruiken voor de vlaggen die we nu in dit raadsvoorstel regelen. Laten we naar die masten voor het gemeentehuis iets anders kijken. Wij zullen niet met uw amendement meegaan, als dat betrekking heeft op het torentje, maar hiervoor kunnen we het erover hebben. Dan heb ik ook we nog wel een suggestie voor een scheidslijn. Dat is of het evenement hier in het raadshuis plaatsvindt of hier vlak langskomt. Bijvoorbeeld, zo’n schaaktoernooi, dat wordt hier gehouden. Muziekevenement in Pesse is toch al echt een paar kilometer verderop. Laten we daar dan de grens trekken. De voorzitter: De heer Van der Heide, van vindt u een betere grens?

De heer Van der Heide: Met de heer Van Dijk kan ik wel meegaan, in die zin dat ik het daar wel mee eens ben. Cascaderun, Ronde van Drenthe en ook het internationaal schaaktoernooi is in de kern van Hoogeveen en komt hier heel goed langs. Overigens even op de heer Feenstra, ik ben ooit kampioen carbidschieten geweest, in mijn tijd als wethouder. Daar weet de heer Otten alles nog van. Maar als we dat met zijn allen belangrijk vinden, dan moeten we het in de raad over hebben, zoals ik net ook al gezegd heb van, dat zou in eerste instantie in mijn amendement, wat ik wil gaan voorbereiden, beperken tot drie evenementen. De anderen zullen we dan in de raad moeten bespreken. Daar kom ik ook tegemoet aan de woorden van mevrouw Schonewille. De voorzitter: Ik dacht dat we zo'n beetje qua afronding waren bij dit debatpunt. Maar de heer Vos wil nog reageren en mevrouw Schonewille ook. De heer Vos: Dank u, voorzitter. Wij kijken eigenlijk wel sympathiek naar het amendement van de heer Van der Heide. We vinden, als je dan echt toch inzet op verbinden en iedereen moet meegenomen worden, dan kan je dat beter doen met een lokaal gezellig evenement waar iedereen aan mee kan doen. Dat je dat ook op een mooie manier kan uiten. Wij zien het graag komen straks. De voorzitter: Dan ga ik door naar de overkant, mevrouw Schonewille. Mevrouw Schonewille: Dat kan kort ter afsluiting hoor.

Ik zou graag de heer Van der Heide dan ook nog iets mee willen geven als hij toch wat amendementen in elkaar gaat sleutelen. Misschien is het handig dat hij een list verzint over hoe we ervoor kunnen zorgen dat we dan niet elke week hier voor allerlei mooie evenementen een kwartier aan het debatteren zijn over of de vlag gehesen mag worden, ja of nee. De voorzitter: De heer Van der Heide als laatste het woord aan u, over het amendement. De heer Van der Heide: Dat klopt. De list is door het limitatief te laten zijn. Drie evenementen te benoemen. Dan denk ik dat een heleboel verenigingen en instellingen wel denken van, dat hele proces gaan wij niet in om het naar de raad te brengen. De voorzitter: Daarmee is dit debatpunt afgerond. We verwachten het amendement vanuit Gemeentebelangen. Dan gaan we door naar het tweede debatpunt over de regenboogvlag en de vraag of er wel of geen uitzondering moet gemaakt worden voor een bepaalde doelgroep. Ik geef het woord aan de heer Van Rijn en vervolgens aan de heer Vos. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad, deze vlaggen worden gehesen voor een bepaalde doelgroep. Het kan zijn om ze promoten, het kan zijn om ze te ondersteunen, dat weet je niet. Een evenement is nog weer iets anders als dat je een doelgroep hebt. Een doelgroep is een groep uit de samenleving en die beleven wat of die ervaren wat.

Daar gaan wij dan een vlag voor hijsen. Maar ik kan wel heel veel andere doelgroepen aanwijzen waar we ook wel een vlag voor zouden kunnen hijsen. Waarom zou dan één doelgroep uitzondering moeten gemaakt worden en die andere doelgroepen vinden we eigenlijk niet zo belangrijk of die komen er zelf ook helemaal niet mee, die hebben er helemaal niet zo’n belang bij om zo op de voorgrond te treden. Maar we maken wel onderscheid. We gaan wel een uitzondering maken. Dat is gewoon het punt wat ik echt op deze vlaggen het bezwaar heb. Wij hebben helemaal geen bezwaar tegen, dat heb ik al eerder aangegeven hier in de raad, op die mensen en op ... Maar wel op dat dat hier op de toren van het gemeentehuis gepromoot, want het is een soort promotie, een ondersteuning van deze doelgroep.

De voorzitter: Helder. Dank. We gaan nog even door naar de heer Vos, want die was ook indiener van dit debatpunt. Ik wil eerst even de toelichters van het debatpunt de gelegenheid geven. De heer Vos: Dank u, voorzitter. Eigenlijk is er niet heel veel aan te vullen. Wij vinden dit eigenlijk ook. Voor de rest willen we eigenlijk nog wel zeggen dat dat voor ons en voor onze eigen wat conservatievere achterban is het promoten van de LGBT-gemeenschap juist een aanval op onze traditionele conservatieve waarden. Wanneer je deze op gaat hangen, dan promoot je de ene club en dan sluit je de andere club uit. Waarom zou je dat willen als een zogenaamd neutraal gemeentehuis dat voor iedereen zou moeten staan? De voorzitter: Dank u wel. Daarmee ga ik door naar de andere insprekers, de heer Pomper. De heer Pomper: Eerst even een verduidelijkende vraag. Wat bedoelt u met een conservatieve doelgroep? De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Mensen die traditionele waarden aanhangen en andere ideeën hebben over het hele concept LGBT. De heer Pomper: Dat is geen vraag. Kijk, ik snap de heer Vos zijn standpunt. Kennelijk heeft de heer Vos zijn biologielessen niet helemaal goed gevolgd. Maar goed, ik had eigenlijk nog op de heer Van Rijn willen volgen. Die heeft het over doelgroepenbeleid. Kijk, zojuist heb ik ook gezegd ... In reactie ook op de heer Van Rijn, al u mij toestaat.

De voorzitter: Er staat een interruptie van de heer Vos. Die geef ik als eerste even ... De heer Vos: Graag even ter verduidelijking. Hoezo de vraag, kennelijk heeft de heer Vos zijn biologielessen niet goed gevolgd? Want volgens mij is het eigenlijk precies andersom. De voorzitter: De heer Pomper. De heer Pomper: Dat is geen discussie waard hier natuurlijk, want het blijft natuurlijk altijd weer over en weer gezeur. Daar gaan we verder niet in mee. De standpunten zijn hierin duidelijk. De voorzitter: Ik zou de woorden gezeur graag achterwege laten. Er mag ruimte zijn voor ieders standpunt hier. Mevrouw Schonewille. Mevrouw Schonewille: Dank u wel, voorzitter. Hoe ga ik dit überhaupt beginnen? Ik luister dit met enige verbazing aan eigenlijk wel. Volgens mij gaat het hier helemaal niet om promotie van bepaalde zaken. Ik ben ook aan het nadenken over, ga ik hier heel inhoudelijk op reageren of niet? Kijk, bij ons is het zo, de inclusie voor alle inwoners staat bij ons zeer hoog in het vaandel. Dan heb ik het echt over zeer hoog in het vaandel, zelfs zo hoog in het vaandel dat de vlag wel uit kan in het torentje. Ik denk, in de afgelopen weken hebben we natuurlijk, zeker eigenlijk in heel Nederland, gezien dat het geweld richting bepaalde groepen echt drastisch toeneemt en ook dat het belang van een dergelijke vlag eigenlijk alleen maar toeneemt.

Wat ik verder nog wil zeggen, is volgens mij gaat het debat nu, wat we hier voeren, helemaal niet over hoe we kijken naar regenboog of LHBTI of welke term u er ook aan wil geven. Daar gaat het niet over. We hebben daar in 2016 al eerder een besluit over genomen en dat besluit is geweest. Wij hijsen die vlag. Dat vinden we hier van belang. Dat doen we. Volgens mij gaan we het vandaag helemaal niet hebben over de inhoud daarvan en over hoe we daarnaar kijken, maar gewoon over het vlaggenprotocol.

De voorzitter: De heer Vos wil daarop reageren. De heer Vos: Dank u, voorzitter. Mevrouw Schonewille zegt net dat dat in 2016 al bepaald is. Maar nu zit er ook een nieuwe partij in de raad, die een ander geluid wil vertolken. Wij willen zeker wel die discussie hier aangaan. Daarom zitten wij ook hier. De voorzitter: Mevrouw Schonewille. Mevrouw Schonewille: Kijk, die discussie aangaan vind ik helemaal prima, maar niet op dit onderwerp. Dit gaat over het vlaggenprotocol. Je kunt de discussie aangaan over welke vlag je gaat hijsen, maar niet over de inhoud van LHBTI in zijn algemeen. Als de heer Vos daar graag een discussie over wil voeren, dan kan hij dat zeker op een ander moment doen, als het echt over regenbooginclusie gaat, bijvoorbeeld. De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Dank u, voorzitter. Het gaat hier natuurlijk wel over het hijsen van de vlag, in de veronderstelling dat die voor iedereen is. Dat is gewoon niet zo. Mevrouw Schonewille: Het gaat over het uitvoeren van een raadsbesluit wat reeds eerder genomen is. De voorzitter: Het wordt wel een beetje chaotisch zo. De heer Vos nog even en dan ga ik door naar de heer Van Rijn, want die wil ook nog daarop reageren. De heer Vos: Geef het woord maar aan de heer Van Rijn. De heer Van der Heide: Voorzitter, mag ik even inbreken? De voorzitter: Ja.

De heer Van der Heide: Want wij van Gemeentebelangen vinden het ook toch te merken dat ... Ik merk nu ook al in de discussie dat ... De voorzitter: De heer Van der Heide ... De heer Van der Heide: De regenboogvlag een complex en gevarieerd onderwerp is. De voorzitter: Er is nog een debat gaande tussen de heer Vos en mevrouw Schonewille. Die wilde ik eerst afronden en dan kom ik bij u, want anders wordt het een beetje lastig. De heer Van der Heide: Is goed, maar het werd een beetje welles, nietes. De voorzitter: Ik vergeet u niet. De heer Pomper: Voorzitter, even een punt van orde. De voorzitter: Ja. De heer Pomper: Ik had nog willen reageren op de heer van Rijn. Dan in één keer gaan we over naar een andere discussie.

De voorzitter: Volgens mij voeren nog steeds dezelfde discussie of we wel of geen regenboogvlag ... De heer Pomper: Nee hoor, ik had nog aangegeven dat ik wilde reageren op de heer Van Rijn. Ondertussen mag mevrouw Schonewille daar ook zich in mengen. De voorzitter: Vooruit, ga ik eerst naar u en dan gaan we weer verder. De heer Pomper: Want de heer Van Rijn, kijk u zegt ... Kijk, ik wil deze de hele discussie over de regenboogvlaggen eigenlijk niet aangaan, maar kijk u categoriseert het natuurlijk ook. Maar we hebben hier inderdaad een raadsbesluit al over genomen. Het gaat niet om die regenboogvlag an sich. Kijk, als u het over die regenboogvlag wil hebben, dat geldt voor iedereen, zoek een paar partijen bij elkaar en zorg ervoor dat het een bespreekpunt gaat worden in de toekomst. Maar laten we het nu inderdaad over het protocol verder ook gaan houden De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Dan kan ik meteen mevrouw Schonewille antwoord geven. Dan hoeft dat niet anders apart. We hebben het hier over het vlaggenprotocol. Ik lees in het vlaggenprotocol dat die regenboogvlag op drie dagen .... Met de doelgroep waarvoor die vlag hangt, staat erbij. Dat is niet dat ik hier met iets kom. Dat staat gewoon keurig ... Kijk, de dag tegen de homofobie, coming out day, de paarse vrijdag, dat staat toch gewoon benoemd in dit vlaggenprotocol.

Dat verzin ik niet. Dat staat er hier gewoon bij. Dat is de doelgroep. Daarvoor wordt die vlag gehesen. Met een raadsbesluit is dat vastgelegd in 2000. Akkoord. Dan kom ik even op waar mevrouw ding ... Want ze zegt, de inclusie ... De voorzitter: Mevrouw Schonewille, bedoelt u. De heer Van Rijn: Mevrouw Schonewille, excuus. Soms word je een beetje ... Maar goed, mevrouw Schonewille van de Partij van de Arbeid heeft gezegd, wij hebben de inclusie hoog in het vaandel. Mooie, uitdrukking. Vaandel en vlag, dat is dezelfde. Dat hebben wij ook. We hebben straks het CDA gehoord. Er is één vlag die alle inclusie dekt hier in Nederland. Die moeten we daar hangen. Daar horen alle inwoners, alle mensen hier in Nederland horen daarbij. Meer hoeven er niet. Daarom. Dan overwegen wij ook een amendement in te dienen om dat punt van de regenboogvlag weer uit dit raadsbesluit te krijgen. Dan gaan we gewoon kijken, wat vindt de raad hiervan? Dan gaat er weer een politiek besluit genomen worden. Dank u wel. De voorzitter: Ik snap dat dit veel reacties oproept. Ik ga nog als laatste naar de heer Pomper en dan echt naar de heer Van der Meer. De heer Pomper: Wilt u dan ook die andere twee vlaggen eruit halen, want dat zou natuurlijk wel zo rechtvaardig zijn. De vlag van de mensenrechten en de Drentse veteranen. De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Dat is een moeilijke vraag.

Wat ons betreft kon die gewoon hier aan de vlaggenstokken op De Weide daar gehangen worden. Voor ons hoeft die maar ... Ik heb er ook geen moeite mee dat die daar blijven hangen. De voorzitter: Dan ga ik nu echt door naar heer Van der Meer, GroenLinks.

De heer Van der Meer: Voorzitter, dank u wel. Laat ik beginnen met steun uit te spreken voor wat mevrouw Schonewille van de PvdA al gezegd heeft in de zin van, eigenlijk moeten we dit gesprek voeren op een ander moment, want dit gaat alleen maar over die vlag. Tegelijkertijd maakt het gesprek van vanavond, als het gaat over die mensen of het promoten van een doelgroep, pijnlijk duidelijk dat er nog heel veel te bespreken valt en dat er nog heel veel te sleutelen valt aan inclusie en mee mogen doen, wie je ook bent, hoe je ook bent en wat je seksuele geaardheid ook is. Die discussie ga ik samen met mevrouw Schonewille graag aan in deze raad. Maar ik vind wel dat we nu over het protocol duidelijk genoeg zijn geweest, wat mij betreft in de zin, dat is er, er is nog steeds sprake van een raadsbesluit. Als dat moet wijzigen, dan zie ik daar een voorstel voor tegemoet. De voorzitter: Dan ga ik nu door naar Van Dijk en dan naar de heer Van der Heide. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. Ik heb nog wel een vraag aan mijnheer Van Rijn, want ik ben toch een beetje in verwarring. Ik hoor mijnheer Van Rijn zeggen dat het zijn bezwaar of het bezwaar van de SGP tegen de regenboogvlag is dat het maar voor één doelgroep is.

Maar vervolgens, als antwoord op de vraag van mijnheer Pomper wat er dan zou moeten gebeuren met de dag voor de mensenrechten of de dag voor de veteranen, wat toch ook een specifieke doelgroep is, wat de ChristenUnie betreft prima is dat die vlag blijft hangen. Maar waarom trekt u daar dan niet één lijn in, is dan mijn vraag? De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Een vlag voor de mensenrechten is duidelijk. Bij wijze van spreken, daar valt in principe ook die regenboogvlag gewoon onder. Als je die vlag zou hijsen, dan hoeven die andere vlaggen ook allemaal niet. Want het is eigenlijk hetzelfde. Maar als je er gewoon een Nederlandse vlag hangt, dan is dat ook duidelijk. Als je het over de veteranen hebt, dat is gewoon een stukje geschiedenis. Dat is gewoon mensen die daar hun leven gelaten hebben, om die daarmee te eren. Daar is op zichzelf niks mis mee. De voorzitter: De heer Van der Heide. De heer Van der Heide: Voorzitter, ik wilde toch in deze discussie ons standpunt ook nog even helder naar voren brengen, want u kunt wellicht al wel voorstellen dat wij een beetje wisselend erin zitten.

Ik heb ook geen standpunt vanuit onze fractie die gemeenschappelijk is, maar ik zou wel willen zeggen, ik merk dat ook al een beetje hier in de discussie, dat het wel belangrijk is op te merken dat het complex gevarieerd is, maar dat we wel met respect met elkaar om moeten gaan om ook naar andere meningen te willen en te durven luisteren. Wat Gemeentebelangen betreft, wij zijn er voor iedereen. Wij willen een gemeente zijn voor iedereen en we willen een partij zijn voor iedereen. Wat betreft straks als er gestemd gaat worden, hoop ik ook dat er ook respect en begrip is en dat je eventueel vragen gaat stellen aan degene waarvan u denkt dat ze anders hadden kunnen of moeten stemmen. Dat is eigenlijk wat ik zou willen zeggen. De voorzitter: Dank voor uw oproep om met respect met elkaar om te gaan, ook al is het een afwijkend standpunt. Mevrouw Blenkers, VVD, eindelijk aan u het woord. Excuus. Mevrouw Blenkers: Dank u wel. Wij hebben er ook best wel even mee gezeten hoor. Ten eerste vinden we het heel jammer dat er gewoon een aantal partijen binnen ons prachtige politieke spectrum zijn die aan de uitersten staat. Het lijkt wel of de vlag steeds wordt gebruikt als een stok om mee te slaan. De ene kant roept dan op tot verwijdering van de vlag. Dat gaat niet altijd op even respectvolle wijze.

De andere kant denkt dan, ik zal het eventjes platslaan, dan flikkeren we er nog een vlag tegenaan. Dat is natuurlijk hartstikke jammer.

Dat zorgt voor veel meer polarisatie. Daar zijn wij absoluut op tegen. Dat daar die vlag voor gebruikt wordt, is gewoon al een puntje. Dan vinden we ook dat het eigenlijk helemaal niet nodig zou moeten zijn om die vlag te hijsen, want, ik hoor dat meerdere mensen zeggen, voor de VVD, voor ons, voor mijn fractie en mij staat het buiten kijf dat alle mensen gelijk zijn, of je een kleurtje hebt of welk ras het is, welke religie, of je een mannetje, vrouwtje, X’je bent, maakt allemaal niet uit. Het zou gewoon niet nodig moeten zijn om daar een vlag voor te moeten hijsen. Maar helaas zien we wel in indirecte en directe omgeving dat het geweld tegen deze specifieke groep, inderdaad het is een specifieke groep, wel hard toeneemt. In Groningen zijn er alweer mensen voor een bar in elkaar geslagen. In Tilburg stond er volgens mij alweer een café in de fik. Ik merk in mijn eigen omgeving dat het gewoon ook steeds harder wordt. Dat betekent dat die vlag gewoon nog nodig is voor dat steuntje in de rug. De voorzitter: Dank u wel. Ik check even of mevrouw Rutgers nog wilde reageren of ...

Mevrouw Rutgers: Ik kwam steeds maar niet aan de beurt, maar inmiddels is dat door mevrouw Blenkers en de heer Van der Meer wel aardig weergegeven dat inderdaad de Nederlandse vlag staat voor iedereen, maar zolang er bepaalde groepen nog gediscrimineerd en uitgesloten worden, hebben we nog iets nodig zoals de regenboogvlag. Wat ook al is gezegd, er is een raadsbesluit over genomen dat die vlag op de toren hier zal wapperen. Bent u het niet eens met het raadsbesluit, dan kunt u daar een verzoek tot wijziging voor indienen. Maar is heel logisch dat dat natuurlijk onderdeel uitmaakt van dit voorstel, omdat het al een besluit is. Laten we niet langer discussie voeren over de regenboogvlag, maar laten we naar het vlaggenprotocol kijken, want dit is gewoon eigenlijk een bevestiging grotendeels van hoe het nu is. Als het gaat om evenementen, want daar kreeg ik het woord niet over, bij deze nog eventjes tussendoor, dan zijn er denk ik een heleboel andere manieren waarop we evenementen kunnen steunen. Dat is ook nodig. Dan denk ik met name aan de regelzucht die er momenteel is, waardoor het evenementen steeds moeilijker gemaakt wordt. Maar ik geloof dat we daar nog op een ander moment op terugkomen in deze raad. Dat lijkt me een beter idee om naar te kijken qua steunen van evenementen.

De voorzitter: Ik wil nog wel even opmerken dat die regenboogvlag, waar nu het debat over wordt gevoerd, gewoon onderdeel is van het vlaggenprotocol. Ik zou geen debat willen doodslaan om bepaalde standpunten. De heer Van der Heide. De heer Van der Heide: Ik zou nog even willen reageren op mevrouw Rutgers. De uitvoering van de motie gaat over twee vlagdagen voor de regenboogvlag in het vlaggenprotocol. Er staan er drie. Het zou ons kunnen helpen, als fractie, om een eenduidig standpunt te kunnen innemen eventueel als er ook uitvoering wordt gegeven aan de motie om deze vlag twee keer te laten hijsen. Dat zou een aanpassing kunnen zijn. Ik zou willen vragen ook even in deze ronde van, hoe jullie daartegenover staan als andere fracties. Mevrouw Rutgers: Mag ik een verduidelijkende vraag stellen? De voorzitter: Ja, dat mag. Ik probeer elke keer het overzicht wel te houden, maar die handjes gaan zo snel de lucht in. Het is geen onwil om dingen over het hoofd te zien. Mevrouw Rutgers: Dank u wel. Ik ben benieuwd mijnheer Van der Heide welke dag u dan zou willen laten afvallen? Want dat is me dan niet duidelijk. De voorzitter: Heer Van der Heide.

De heer Van der Heide: Geen idee. Volgens mij hebben we twee dagen gekozen en was 17 mei de nieuwe dag die er bijgekomen is. Dat is denk ik dan ook de dag waar we het over hebben. De voorzitter: Volgens mij was toch mijnheer Van Rijn als eerste. De heer Van Rijn: Ik wil graag op mevrouw Blenkers even reageren. Want inderdaad ze haalde een mooi voorbeeld aan. Mensen worden in elkaar geslagen. Dat vind ik vreselijk. Dat moet ook helemaal niet kunnen. Daar moet ook veel harder tegen opgetreden. Maar juist dit soort voorbeelden. Ik kan ook even één voorbeeld ... Antisemitisme. In een Joods restaurant worden de ruiten ingegooid, mensen worden in elkaar geslagen. Gaan we dan ook de Joodse vlag een keer aan de toren hangen, mevrouw Blenkers? De voorzitter: Mevrouw Blenkers, wilt u daarop reageren? Mevrouw Blenkers: Kun je een debat over voeren. Kun je een raadsbesluit aan hangen. De voorzitter: De heer Pomper wacht al een poosje. De heer Pomper: In reactie op de heer Van der Heide, het antwoord is gewoon nee. Toch nog een korte reactie en even een aanvulling op de heer Van Rijn, want hij had het over de veteranenvlag. U had het een beetje over vroeger, maar dat is een zeer actuele vlag, want iedere dag komen er veteranen bij. Dat is even ter verduidelijking. De voorzitter: Dan ga ik door naar ... Was dat mevrouw Schonewille of mevrouw Blenkers? Mevrouw Schonewille dan.

Mevrouw Schonewille: In reactie op mijnheer Van der Heide. Wat ons betreft kunnen we het collegevoorstel gewoon volgen. Die noemen drie dagen in de geest van de motie die aangenomen is. Dat is wat ons betreft helemaal prima. Ligt eigenlijk ook helemaal niet ter discussie. De voorzitter: Dan mevrouw Blenkers nog aanvullend. Mevrouw Blenkers: Ik snap het wel, want in het raadsbesluit staat inderdaad twee en nu drie. Maar volgens mij is het een continuering van wat er al gebeurt. Ik weet niet de precieze datum waarop we zijn begonnen met vlaggen, maar volgens mij doen we al een aantal jaar op die drie dagen gewoon lekker vlaggen. Dan denk ik, laat het ook maar zo. De voorzitter: Mijnheer Vos. De heer Vos: Dank u, voorzitter. Eigenlijk een aantal dingen. Het amendement van de heer Van Rijn, die hij wil gaan indienen over de regenboogvlag, zullen wij ook natuurlijk steunen. Daarnaast over die andere twee vlaggen waar er net werd over gezegd van, waarom zou je daar dan geen specifiek amendement op indienen? Dat zullen wij ook doen, want wij vinden dat wel dat het dan bij alle besluiten zou moeten worden gedaan. Daarnaast over GroenLinks en de PvdA, die het net hadden over dat ze graag een keer een fundamenteel debat over het hele LGBT-gebeuren willen hebben, dat steunen wij graag.

We hopen ook graag dat die partijen samen met ons en misschien de SGP wel, misschien wel andere partijen, ook een keer een voorstel daarvoor zouden willen indienen. Dat we daar echt een keer een fundamenteel debat hier ook over kunnen gaan houden. Als laatste had ik nog een vraag. De partijen net, waarom drie dagen? Waarom geen vier?

Waarom geen vijf? Waarom geen zes? Waarom komt er niet steeds meer bij? Wat is specifiek drie? Wat is het nut daarvan? Dank u wel. De voorzitter: Wil iemand daar nog op reageren? Mevrouw Blenkers misschien? Mevrouw Blenkers: Ja. Ik wilde even een verduidelijkende vraag stellen. Een fundamenteel debat over de LHBTIQ+-gemeenschap wilt u hier houden, want u denkt dat het een politieke aangelegenheid is om te debatteren over of iets ... De voorzitter: Mevrouw Blenkers, ik ga wel even een beetje ingrijpen. Dat valt echt buiten de scoop van dit agendapunt. Ik zou zeggen, buiten de orde van deze vergadering kunnen jullie, wat mij betreft, kijken of jullie tot een gezamenlijk agenderingsvoorstel kunnen komen. Dan zien we dat vanzelf wel tegemoet. De heer Voorzitter: We kijken ernaar uit. De voorzitter: De heer Pomper. De heer Pomper: Ik wilde netjes de vraag van de heer Vos beantwoorden. 365 en om de 4 jaar 366. De voorzitter: Dan ga ik als laatste even door naar de heer Van Dijk. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. Was ik te snel? Dank je wel. Ik wil nog even reageren op de vraag van mijnheer Van der Heide. Want ik kan me voorstellen dat ons antwoord hem ook weer helpt in hoe hij dat meeneemt naar de fractie. Volgens mij blijkt hier aan tafel maar weer hoe betrokken iedereen is bij dit onderwerp, zowel aan de voor- als aan de minder voorkant, zal ik maar even zeggen.

Bij de ChristenUnie kijken we elkaar ook weleens aan van, hoe staan we hier in? Wij hebben destijds wel overwogen voor gestemd om een regenboogvlag te hijsen boven het raadhuis. Dat zouden we nu ook weer doen, maar we willen tegelijkertijd ook wel tegemoetkomen aan die betrokkenheid die aan beide kanten van deze vlag zit en vinden het daarom helemaal niet zo'n gek idee om aan te sluiten bij de oorspronkelijke motie en te zeggen, we doen twee dagen, dat doen we met de overtuiging, maar daar laten we het ook bij. Dat is mijn antwoord aan mijnheer Van der Heide. De voorzitter: Voordat ik mijnheer Van der Heide het woord geef, nog even naar de heer Feenstra en dan als laatste het woord aan Van der Heide. De heer Feenstra-Paas: We moeten het nog bespreken in de fractie, maar even op persoonlijke titel zou ik zeggen, het is een kwestie van principe. Of het twee of drie is, dat maakt voor ons echt niet uit. Het is geen of twee of drie. De voorzitter: Dank u wel. Tot slot de heer Van der Heide op dit punt. De heer Van der Heide: Nog even reageren op de heer Feenstra. Het is wel een democratisch genomen besluit met de motie in 2016. Daar geven we dan uitvoering aan. Dat is ook gebaseerd op een principe destijds, dat we een democratisch genomen besluit ook respecteren.

Heb ik nog één opmerking richting college, om paragraaf 1.5 in dezelfde lay-out te brengen als paragraaf 1.3, want dat leest wat handiger. Maar dat is een technische opmerking.

De voorzitter: Dank u wel. Dit debatpunt heeft denk ik de nodige emoties opgeroepen. Wij zien de amendementen of amendement wel tegemoet, ook graag op tijd indienen. Dan zou ik door willen gaan naar het laatste debatpunt dat ingebracht is door het CDA, bij monde van de heer Feenstra. De heer Feenstra-Paas: Dank u wel, voorzitter. Dat gaat over punt acht. Het enthousiasme waarmee gediscussieerd wordt over de vlaggen en het tijdsbeslag die dat inneemt. Vraag ik me wel een beetje af van, is dat nodig voor de agenda van Hoogeveen en de politieke verantwoordelijkheid die deze raad heeft? Ik kan me voorstellen als we bij acht dit zo openmaken, zoals we dat nu hebben staan in dit voorstel, dat we heel wat debattijd kwijt kunnen aan dit aspect. Dit ligt nu bij het college. Mijn vraag is van, werken we de goede kant uit als we dit nu zo vastleggen in dit protocol of is het verstandiger om het te laten zoals het nu is, dat dat een bevoegdheid van het college is? Immers ik zou ook zeggen, de grondwet is van ons allemaal. De voorzitter: De vraag eigenlijk die het CDA op tafel legt, moeten we wel of niet beslispunt acht wijzigen? De heer Van Dijk, ChristenUnie. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. De ChristenUnie maakt zich weleens druk over dat we hier debat in deze zaal voeren over onderwerpen waar we eigenlijk helemaal niet over gaan. Wij gebruiken dan het woord postzegelmotie weleens.

Daar moet ik even aan denken bij dit voorstel. Het hijsen van welke vlag dan ook, hier in het torentje, dat is iets waar we wel overgaan. Mijn voorstel zou dan ook zijn, laten we stoppen met postzegelmoties en die tijd gebruiken om te discussiëren over vlaggen en het aan de raad over te laten. De voorzitter: Mevrouw Schonewille, dan mevrouw Rutgers, dan mijnheer Vos. Mevrouw Schonewille: Dank u wel, voorzitter. Ik snap wel dat de heer Feenstra dit punt aanhaalt. Het was tenslotte iemand uit zijn fractie die ervoor zorgde dat er een boerenprotestvlag neergehangen werd. Wat op zich prima was geweest, wat ons betreft, als daar een raadsbesluit aan ten grondslag lag. Want nogmaals, we vinden echt wel dat je niet zomaar in een tuin of voor bij de trappen dat kan regelen met elkaar, maar dat dat gewoon even in goed democratisch besluit gebeurt. De voorzitter: Reageer daar maar even meteen op. De heer Feenstra-Paas: Het was wel een gedachtegang die bij een raadslid van het CDA opkwam, maar het is natuurlijk niet de bevoegdheid van dat raadslid om te bepalen welke vlag we hier in top hangen. Het was wel een besluit van het college of op zijn minst van de burgemeester, neem ik aan. De voorzitter: Mevrouw Schonewille, dat roept ook nog reactie op. Mevrouw Schonewille: Dat snap ik dat dat inderdaad de bevoegdheid op dat moment van het college, in dit geval de burgemeester was.

Maar daarom zou ik het heel prettig vinden of zouden wij dat als fractie heel prettig vinden als dat gewoon bij de raad komt te liggen. De voorzitter: Helder. Mevrouw Blenkers. Mevrouw Blenkers: Daar sluit ik me bij aan. Als ik kijk, ons vorige agendapuntje of debatpunt gaf al heel veel discussie. Dan blijkt dat er weldegelijk behoefte is om met elkaar te overleggen, welke vlag komt er wel, welke vlag komt er niet? Punt acht mag wat mij betreft erin blijven. De voorzitter: Dan de heer Vos.

De heer Vos: Dank u, voorzitter. Voor ons ook. Wij zijn eigenlijk heel erg blij met dat dit nu naar de raad toe gaat, want het zijn gewoon uiteindelijk politieke onderwerpen. Daar moeten wij wat van kunnen vinden eigenlijk. De voorzitter: Dan heb ik nog drie namen staan. De heer Pomper, de heer Van Rijn en Van der Heide. In die volgorde. De heer Pomper: Dank u, voorzitter. Eigenlijk zou ik het woordje politiek zelfs nog tussen haakjes willen hebben, want het gaat ook om meer dan politieke zaken natuurlijk. Wellicht komen we nog met een amendement. De voorzitter: De heer Van Rijn nog. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Kijk, het staat gewoon in punt acht. Het hijsen van vlaggen met een politieke waarde. Ik zou zeggen, wie gaat er eigenlijk over de politiek hier in Hoogeveen? Dat is toch eigenlijk de gemeenteraad. Ik vind het wel goed dat het met een raadsbesluit vastgelegd gaat worden. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van der Heide. De heer Van der Heide: Dank u wel, voorzitter. Wij zullen daar geen overwegende bezwaren tegen hebben. Wel even met de constatering dat als we dit vlaggenprotocol niet op de agenda hadden gehad, hadden waarschijnlijk niemand zich druk gemaakt om welke vlaggen op het gemeentehuis hingen. De voorzitter: Wil de heer Van der Meer nog reageren? De heer Van der Meer: Heel kort, voorzitter.

De argumenten zijn wel genoemd, maar wij kunnen ook prima leven met beslispunt acht. De voorzitter: Als laatst nog even het woord aan de heer Feenstra. De heer Feenstra-Paas: Dank u wel. Het is volstrekt helder hoe de kaarten op tafel liggen, voorzitter. Dat is heel behulpzaam voor ons. Nu moeten we wel rekening houden dat de wind weleens uit verschillende hoeken komt. Dan moeten we daar maar op reageren. De voorzitter: Dank u wel allemaal. Dan hebben we hiermee het debat afgerond. Ik heb in ieder geval twee amendementen genoteerd. Ik wil ook een dringende oproep doen om die op tijd in te dienen, zodat fracties en college zich erop voor kunnen bereiden. 2.4 Schorsing debatronde De voorzitter: Dan stel ik voor dat we even een kwartier schorsen en dan gaan we verder met een heel ander onderwerp. Financiële kengetallen. Dank u wel.

3.

Pauze

4.

Debatronde (raadzaal) De voorzitter: Dag allemaal, we zitten hier bij het volgende debat. Dat is gelijk het laatste debat op de avond. Dit debat gaat over de notie financiële kengetallen. Dat gaat eigenlijk, voor de mensen thuis en voor de mensen hier, over van, hoe staat de gemeenten er straks voor? Dat gaan we straks in de Voorjaarsnota behandelen. We hebben hier nu deze notitie gekregen. Er zijn voor de rest geen insprekers hier. We hebben straks, net zoals toen net, twee rondes voor het debat. Eerste ronde, dan kan iedereen, alle partijen kunnen dan even zeggen wat ze ervan vinden, standpunt aangegeven, kijken of er nog vragen zijn voor het college. Vervolgens kijken we of er nog punten voor debat zijn. Ik wil dit eigenlijk ook niet te lang maken. Ik wil eigenlijk gelijk beginnen. Ik zie gelijk de heer Kreuze die zijn vinger opsteekt. De heer Kreuze. De heer Kreuze: Voorzitter, dank u wel. Voordat ik zeg dat ik geen debatpunten heb, wil ik graag het college vragen om op twee punten mijn verwarring wat te verminderen. Dat vraag ik heel expliciet. Ik heb ook in de technische vragen daar al aandacht aan besteed, maar ik wil het toch wel graag hier op tafel hebben c.q. in de notulen. Namelijk, het eerste punt voor de notitie is dat er gesproken wordt over signaleringswaarden. Wat dan gedefinieerd wordt als stoplichtwaarde. Dat spreekt ons als CDA best aan.

Zeker de groene kleur. Het tweede is dat er ook gesproken wordt over streefwaarden. Als we daarover doorgaan, dan zien we in de technische vragen beantwoording dat daar gezegd wordt dat in de Kadernota worden de kengetallen vastgelegd. Dan ontstaat daar de term vastleggen, terwijl signaleren iets anders is dan vastleggen. Mijn vraag is aan het college, wat zijn we nu aan het doen? Zijn we signaleringswaarden aan het bepalen of stellen we nu al de financiële kaders voor de Kadernota en moet ik het daar al nu mee eens zijn en kan ik dan straks geen kant meer op? Mijn tweede punt is rondom mijn voornemen om eventueel een motie in te dienen rondom financiële houdbaarheidstesten. De VNG propageert dat. Mijn vraag aan het college, aangezien ik in de technische beantwoording lees dat zij graag invulling daaraan willen geven, heel veel dank daarvoor, of zij ook bereid zijn om dat iets pittiger te formuleren en te zeggen van, die disclaimer rondom het moet passen in de voorbereiding laten we weg en we gaan gewoon bij de begroting ‘24 dit toepassen. Dat zijn mijn twee vragen voorafgaande aan of ik ook debatpunten heb. De voorzitter: Dank u, heer Kreuze. Is er een ander? De heer Van Rijn, zie ik. De heer Van Rijn: Want wij hadden eigenlijk ook gewoon eerst nog even een vraag, voordat wij ook met ons debatpunt komen.

Kijk, wij nemen geen besluit hierover, maar er zijn wel twee scenario’s in. Welk scenario gaat het uiteindelijk worden of gaan we wel eerst over de scenario's beslissen voordat die in de Kadernota komt? Dat is mij helemaal niet duidelijk hoe dat hier geregeld is. Dank u wel. De voorzitter: Dank, de heer Van Rijn. Vragen voor de andere partijen. Zijn er dan eerst nog andere verduidelijkende vragen die misschien genoemd zouden moeten worden voor het college? Ja, dan gaan we nu naar de heer Kramer van de VVD. De heer Kramer: Dank je wel, voorzitter. Wij hadden eigenlijk in principe dezelfde vraag als het CDA over de signaleringswaarde. Daar zijn we wel even benieuwd naar wat het antwoord van het college op is. De voorzitter: Dank u wel. Voor de rest nog iemand van de andere partijen? Nee. Dan zou ik graag naar het college willen gaan voor de beantwoording. De heer Reneman.

De heer Reneman: Dank u wel, voorzitter. Het stuk dat we ter bespreking hebben, is een discussiestuk. U gaat ook niks vaststellen. Die notitie is een gespreksnotitie. Die gespreksnotitie is geschreven op verzoek van de raad, want bij de update van de Kaderbrief voor de zomer hebben we als college aangekondigd dat we samen met de raad moeten praten over, wat zijn nieuwe parameters waarlangs we kunnen beoordelen hoe het gaat met de gemeentelijke financiën? Toen heeft de raad verzocht om dat te doen ruim voor de Kadernota. Dat zitten we ook. Daarvoor hebben we die discussienotitie geschreven. Die discussienotitie spreekt over signaleringswaarden en streefwaarden. Gehoord hebbende de discussie ook in de auditcommissie heeft het college het voornemen om in de Kadernota te spreken van signaleringswaarden en de waarden waarmee de stoplichten worden vastgesteld of waarmee wordt bepaald of een stoplicht op groen of rood komt. Die worden vastgelegd in de Kadernota. Daar legt u de signaleringswaarden vast. Dat is het voornemen van het college om het op die manier te doen. Als u het daar niet mee eens bent, moet u dat nu zeggen. Dan kunnen we het erover hebben en dan kunnen we het in de Kadernota op een andere manier doen.

De vraag over de financiële houdbaarheidstesten gaat een beetje voorbij aan de discussie die we nu hebben over de signaleringswaarden, want dat is een instrument dat de VNG heeft ontwikkeld, waarvan wij nog niet helemaal kunnen overzien wat daarvan de praktische implicaties zijn. Ik ben wel genegen om alles in het werk te stellen om die financiële houdbaarheidstest uit te voeren voor de begroting. Mocht daar een kink in de kabel komen, dan zal ik de toezegging doen dat ik u daar gezwind van op de hoogte zal brengen. Ik denk dat u ervanuit mag gaan dat we hem zullen uitvoeren, tenzij u van mij hoort. Die scenario's die we in het discussiestuk hebben gezet, zeg ik richting de SGP, die hebben we daar ingezet om te laten zien hoe het zou werken als je met signaleringswaarden werkt en als je een investeringsvolume hebt, wat dat dan betekent voor die signaleringswaarden. Dan kan je zien hoe het in de praktijk gaat uitwerken. Stel dat het scenario één, dat we op die manier met de Kadernota uit zouden komen, dan gaat u in de Kadernota zien. De effecten van de besluiten die we gaan nemen in de Kadernota en bij de begroting gaan op deze manier uitwerken voor de stoplichten.

Het was ook een beetje om duidelijk te maken dat het vaststellen van die signaleringswaarden ook niet betekent dat je meteen helemaal niks kan doen nog de komende jaren en dat je de komende jaren alles op slot zou zetten, als je deze signaleringswaarden zou vaststellen. Daar waren die scenario’s voor bedoeld. Ik begrijp nog steeds wel een beetje de zorg die er is van, als wij een streefwaarde vaststellen of het stoplicht staat op rood, betekent dat dan dat we helemaal niks meer kunnen doen? Nee, u zal altijd de signaleringswaarde, de financiële houdbaarheid, de financiële robuustheid zal u altijd moeten wegen tegen andere prioriteiten die er zijn. Dat is een weging die we elke stap in de P&C-cyclus zullen maken. Ik hoop dat ik hiermee verduidelijkend ben geweest, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer Reneman. Zijn er voor de rest nog aanvullingen of verduidelijkingen? Misschien mijnheer Kreuze of ... Ja? De heer Kreuze: Voorzitter, ik wilde het college en special de wethouder bedanken voor de beantwoording. Ik vroeg me af of we nu overgingen tot het debat c.q. het inbrengen van eventueel debatpunten. De voorzitter: Dat kunnen we zeker doen, als er voor de rest geen andere opmerkingen van andere partijen zijn. Ik zie dat hier geen opmerkingen zijn. Dan kunnen we inderdaad doorgaan met het debat.

Aangezien de heer Kreuze denk ik hier heel enthousiast over is, zou ik hem graag het woord willen geven. De heer Kreuze: Money makes the world go around. Dat is altijd mooi als je het over geld kunt hebben, want daar kun je iets mee bereiken. Voorzitter, het is ongelofelijk maar waar, ik heb maar één heel klein debatpuntje. Het CDA is voornemens om hiermee in te stemmen, want wij kunnen best leven, als een stoplicht tijdelijk op oranje staat, dan is dat voor ons acceptabel. Zeker over solvabiliteit of belastingruimte. U

snapt dat wij daar heel kritisch zullen zijn als de Kadernota er straks is, want dan gaan we het erover hebben. Dan kunnen we ook zien waar het pijn doet. Want we gaan de komende 4 jaar bijna 20 miljoen sparen om op 53 miljoen eigen vermogen te komen. Dat kan heel prima zijn, maar we weten nog niet waar dat pijn doet. Dat gaan we dan zien. Ook voor die 4 jaar daarna, dat is nog ver weg, gaan we dat zien. Eén klein debatpuntje is, college die wilde eigenlijk deze ratio's niet benchmarken, oftewel, dat is gewoon Nederlands, vergelijken met wat collega-gemeentes, om eens te kijken van, waar lopen wij uit de pas? Waarom niet? Ik was eigenlijk benieuwd of de collega's van de tafel hier daar iets van vinden, of ze dat wel of niet leuk vinden. De voorzitter: Dank u wel, heer Kreuze. Eén punt. Ik wil eigenlijk heer Van Dijk even de gelegenheid geven. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. Ik ben dan een beetje in verwarring. Uw vraag voor wat betreft de benchmark of de vergelijking, wilt u daar nu graag een antwoord op of is dat het debatpunt wat u zou willen bespreken? De heer Kreuze: Dit wordt zo denk ik een debatpunt voor iedereen, waar alle partijen op kunnen gaan reageren, ter verduidelijking. De voorzitter: Had de heer Van Rijn nog hier een reactie op of was het precies hetzelfde? Ja. Helemaal goed. Dan gaan we naar de volgende. Ik denk de heer Van Rijn zie ik met de pen omhoog.

De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden dit zelfs een heel goed idee van het college om zo even inzicht te geven van, als je het op zo’n manier doet, als je het op zo’n manier doet dan heb je dit zo onder controle. Heel goed. Maar we hebben twee scenario's. Wij hadden er graag nog een scenario bij willen hebben. Dat leek ons eigenlijk nog wel ... Daar ben ik helemaal niet zo'n beetje om te zeggen van, wat zijn wij goed, maar dat vond ik eigenlijk nog wel een beter scenario als dat er hierbij stond. Maar goed, daar moet ik hem nog van overtuigen natuurlijk. Maar het komt er eigenlijk hier op neer. Als je dat ene scenario, dan gaan we heel veel in onze algemene reserve spaar en we gaan tegelijkertijd onze schuldquote verhogen, we gaan meer schulden aan, de algemene reserve gaan we extra vullen, want er moeten wel uiteindelijk een beetje tegenwicht zijn, want uiteindelijk onderaan de streep moeten we dan wel genoeg overhouden om ons weerstandsvermogen op peil te krijgen. Want daar komt het dan eigenlijk op neer. Als we dan toch niet zo sparen in onze algemene reserve, waarom gaan we er dan niet een scenario erbij zetten? Ik had dat van de week ook gevraagd, maar die doorrekening kon niet zo snel voor vanavond klaar zijn. We hopen dat dat nog binnenkort wel kan komen. Dat wij gewoon onze schulden zoveel als mogelijk is gaan afbouwen.

Als wij onze schuldenlast de helft minder hebben, dan wordt het hele plaatje wel even heel anders. Dan hoeft de solvabiliteit niet zo extreem hoog te wezen. Uiteindelijk ons weerstandsvermogen zal per keer alleen maar toenemen. Dat was gewoon even mijn vraag hier als debatpunt, wat denken de andere partij ervan als wij ook zo'n scenario hier bij zetten? Ik kan helaas niet de doorrekening ... Ik ben even zo op een achterkant van een sigarendoosje aan het rekenen geweest. Ik denk, daar kon nog best weleens wat inzetten. Vandaar even dit debatpunt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer Van Rijn. Dan gaan we naar de heer Van der Meer van GroenLinks. De heer Van der Meer: Voorzitter, dank u wel. Een korte reactie, wat mij betreft. Wij kunnen ons helemaal vinden in het kader, zoals het nu voorligt. Daarin gesteund, volgens mij, ook door de aanbeveling die de accountant heeft gedaan. Die spreekt over een gedegen stuk. Wat ook wel bepalend is, is dat we volgens mij voor een groot deel ook al volgens de kaderregeling, zoals die voorgesteld is, nu werken. Ik zie in die zin graag de Kaderbrief tegemoet. Geen punten voor debat.

De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Sieders, Gemeentebelangen. De heer Sieders: Dank u wel. Andere debatpunten zijn al benoemd. Ik zou nog wel even graag willen sparren, of zoals wethouder heer Reneman zegt, discussiëren over het stukje belastingcapaciteit. Want hier staat inderdaad een streefwaarde van honderd procent, of signaleringswaarde van honderd procent. Dat is een waarde waar je eigenlijk dan naartoe zou moeten werken. Zoals dit voorstel ervoor staat, zou er bijna honderd euro belastingdruk bijkomen op jaarbasis. Als je het als signaleringwaarde hebt dat je naartoe wil werken, dan moet je daar iets mee doen. Is dat wat wij als raad willen? Daar zou ik wel over willen discussiëren met elkaar. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag eerst de heer Van Dijk en daarna ga ik naar u toe mijnheer Kramer. De heer Van Dijk, ChristenUnie. De heer Van Dijk: Dank, voorzitter. Laat ik maar met de deur in huis vallen, wat ons betreft een mooi gebalanceerd stuk, overzichtelijk ook. Met name dat het overzichtelijk is. Vijf indicatoren. Is te overzien. Vinden wij belangrijk, omdat het kan helpen erbij dat wij in de raad nu tot een soort gedeelde werkelijkheid komen. Dat we het erover eens worden wanneer de gemeente gezond is en waarin niet, op financieel vlak.

Zodat we straks bij die Kadernota echt een mooie, zuivere afweging kunnen maken, van wat kunnen we ons veroorloven? Dat vinden we goed. Tegelijkertijd zitten wij ook toch nog wel een beetje in het achterhoofd van, waar willen we naartoe financieel? Deze notitie gaat duidelijk over signaleringswaarden. Er is een stoplicht. Wanneer zijn we gezond? Wanneer zijn we ongezond? Ik ben ook wel benieuwd hoe de rest van de raad er tegenaan kijkt om daar uiteindelijk over te gaan naar streefwaarden. Dat we naar de groene vlakjes willen streven, zal ik maar zeggen. Dat is mijn debatpunt, ons debatpunt. De voorzitter: Dank u wel. Heer Kramer, VVD. De heer Kramer: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn ook positief over de notitie financiële kengetallen. Maar wij hebben wel inderdaad ook als debatpunt de belastingcapaciteit, wat Gemeentebelangen ook heeft. We kunnen ook wel aangeven dat we met een amendement gaan komen, omdat we wel vinden van, waar staan we als gemeente? Op 89 procent. Waar willen we naartoe? Dat dat best wel een grote stap is. Zijn we ook zo’n soort gemeente? Dat willen we ook inbrengen als debatpunt. De voorzitter: Dank u wel. Eerst de heer Kleine nu, Forum voor Democratie. De heer Kleine: Dank u wel, voorzitter. Korte reactie van onze kant. Op zich is het een helder stuk.

Er is wel genoeg om inhoudelijk nog op te schieten, maar volgens mij is het ook een beetje bedoeld om wat realiteit terug te krijgen in de politieke keuzes die gemaakt worden. Een politieke keuze, dat weer tussen aanhalingstekens. Maar je ziet bijvoorbeeld weleens bij verkiezingen dat er van alles beloofd wordt. Misschien is dit wel een mooi discussiedocument om eens te kijken, wat is dan eigenlijk daadwerkelijk haalbaar en tot hoever kunnen we dan ook zaken gaan beloven aan de inwoners van Hoogeveen die in de praktijk eigenlijk helemaal niet realistisch zijn. Vanuit die optiek is dit stuk positief ontvangen door ons. We hebben verder geen debatpunten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Heer Kreuze, wilt u daarop reageren? De heer Kreuze: Nee, verduidelijkende vraag. De voorzitter: Verduidelijkende vraag. Natuurlijk, gaat uw gang.

De heer Kreuze: Wel een beetje laat, want ik wil die vraag eigenlijk nog aan de Kramer stellen, ook naar aanleiding van het door de heer Van Dijk opgeworpen debatpunt van streefwaarden. Dat ging over die belastingcapaciteit. Hij sprak over 89 procent. Maar op pagina 5 van het rapport zie ik nu echt dat de belastingcapaciteit in de jaarrekening ’21 op 97 procent staat. Dan zou er 3 procent bijkomen, door de heer Sieders volgens mij uitgedrukt in 100 euro. Ik hoop wel dat we het dan over 97 tot 100 hebben, niet van 89 tot 100. De voorzitter: De heer Kramer, VVD. De heer Kramer: Ik had het over pagina 4. Dat is 89 procent. Inderdaad ben ik ... Die 100 procent, want die kaders waar die signaleringswaarden is inderdaad 95, 100 of daarboven. Maar het ging mij om pagina 4 2022 waar 89 procent staat. De voorzitter: Is dit genoeg verduidelijkt heer Kreuze, of bent u nog even aan het lezen? De heer Kreuze: Ja, ik bestudeer even. De voorzitter: Dan kunnen we daar zo ... Dan gaan we eerst even naar de heer Baalman van de SP. De heer Baalman: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden het een mooi en duidelijk stuk. Ik denk dat de mensen die niet financieel onderbouwd zijn, als sommige van mijn collega's, hier heel veel aan kunnen hebben. Wij gaan daar ook mee instemmen. We hebben geen debatpunt. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bauer, PvdA. De heer Bauer: Dank u wel, voorzitter.

De PvdA heeft gekeken naar de voorgestelde kengetallen die we vandaag voor ons hebben liggen. Wij zijn er gewoon positief over. De signaleringswaarden van de schuldquote komt op 90 procent te staan. Dat geeft de gemeente ruimte om investeringen te doen en houdt tegelijkertijd een slag om de arm, want we weten allemaal wat de financiële situatie was nog geen drie jaar geleden. Een signaleringwaarde voor de solvabiliteit van 30, 35 procent, die is behoorlijk hoog, maar daar is ook niks mis mee, want je mag ook een goed doel voor ogen hebben. Wat ons betreft kan het gewoon prima meegenomen worden in de Kadernota. Ik hoor wel sommige mensen zeggen, ze hebben een voorlopig standpunt met instemmen of niet, maar dat is hier niet aan bod. Maar kortom, we zijn positief over het stuk en hebben voor de rest geen punten voor debat. De voorzitter: Ik zag net de heer Kleine met een verduidelijkende vraag, maar volgens mij is het inmiddels al opgelost. De heer Kleine: Precies, die opmerking inderdaad. Ik hoorde twee partijen zeggen dat ze geen bezwaren zien om in te stemmen. Volgens mij is dit een discussiestuk en wordt ons niet gevraagd om in te stemmen, ter verduidelijking. De vo: Dat klopt. Dan mevrouw Rutgers, D66. Mevrouw Rutgers: Dank u wel, voorzitter. Voor ons is het niet nodig om over dit stuk nog een discussie te voeren.

We snappen dat het in de auditcommissie besproken is uitvoerig en dat het dan vervolgens natuurlijk nog even in de openbaarheid in de raad ook aan de orde hoort te komen. Maar wat ons betreft hoeven we nu

niet nog op de punten en de komma's te gaan discussiëren hierover en kan het gewoon worden meegenomen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Kreuze. De heer Kreuze: Dank u wel. Dankzij de heer Kramer, die inderdaad een terecht punt aandroeg, heb ik wel nog een verduidelijkende vraag het college, ook naar aanleiding van het debatpunt over de streefwaarde, in het kader van de belastingcapaciteit. Zeker is er op pagina 4 van het rapport gesproken van een gemiddelde van 89 procent ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Als ik dat snel zie, komt dat ook in de begroting ‘23 terug in de kolom ‘22 ik denk als begrote waarde, want immers de jaarrekening ‘22 is er volgens mij nog niet. Ik wil graag van het college horen of die 89 procent, wat de stand van zaken op dit moment daarin is? We zijn bijna denk ik aan de jaarrekening toe. Wellicht kan het college dat benoemen. Dan weten we ook waar we werkelijk over debatteren, want 89 is het begrote percentage. Ik wil graag het werkelijke percentage. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik eigenlijk eerst graag even naar de heer Reneman gaan, voor de beantwoording van deze verduidelijkende vragen. De heer Reneman: Dat niet lukken nu om dat voor u uit te zoeken. Dat wordt lastig, maar misschien is het voor de discussie die u voert over de signaleringswaarde sec niet heel relevant nu.

Ik kan wel toezeggen om ervoor te zorgen dat dat de komende weken naar u toe komt, want dan rekenen we dat even gewoon voor u na. Maar dat is een beetje mosterd na de maaltijd, voorzitter, want er hoeft niet gestemd te worden over een paar dagen of over een paar weken over dit voorstel. U heeft het ook niet nodig voor uw positiebepaling. Misschien kan u het doen met de gedachte dat het ergens in de buurt is, maar nog geen honderd procent. De discussie zou eigenlijk denk ik moeten gaan wat de heer Sieders aanraakte en de heer Kramer over van, wat vindt u van honderd procent belastingcapaciteit? Is dat nastrevenswaardig in de zin van, moet dat op groen staan of niet? Misschien zou de discussie daarover moet gaan. Even los van de vraag, hoe hoog de belastingcapaciteit nu precies is. De voorzitter: Dank u, heer Reneman. De heer Kreuze, is uw vraag voldoende beantwoord? Helemaal goed. 4.1 Heropening debatronde De voorzitter: Dan wil ik eigenlijk graag naar het debat gaan, mochten er geen andere vragen toch nog op zijn gekomen. Ik zie het niet. Dan gaan we naar het debat toe. Voor het debat zijn vier punten eigenlijk genoteerd. Dan kom ik weer terug bij de heer Kreuze dan. CDA over de vergelijking met andere gemeentes. De heer Kreuze: Heel kort daarover, voorzitter. Ik zei al, een klein debatpuntje.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12802302/2