CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 22.06.2023

Raadsavond 22 juni 2023, gemeente Hoogeveen46.945 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Een vergelijkbaar amendement hebben wij in 2020 ook al eens ingediend. Toen was de financiële situatie natuurlijk anders dan nu, maar toen wilde onder andere uw partij wel beknibbelen op geld waarmee we laaggeletterdheid kon voorkomen of aanpakken. Dus ik was benieuwd hoe uw partij daar nou eigenlijk in staat. Als de financiën van de gemeente er slecht voorstaan dan moet dit afvallen en als de financiën er goed voorstaan dan moeten we hier wel weer de portemonnee voor trekken. Hoe belangrijk is dit onderwerp voor de ChristenUnie? Mevrouw Pullen-Muis: Ten eerste, laaggeletterdheid vind ik, ik ben tijd een terug bij het Taalhuis geweest. Ik heb gewoon gezien wat het doet zeg maar met mensen als ze gewoon kunnen leren lezen en schrijven, dus dat is, in die zin gaan we zeker als ChristenUnie die lijn ook, ja die ondersteunen we van harte. Kijk en ik kan natuurlijk de flauwe opmerking maken dan gaan we een integrale afweging maken bij de begroting. Dat is natuurlijk gewoon een ja, dat is natuurlijk de werkelijkheid aan het eind van het jaar, maar ik steun op dit moment zeker dat we daar gewoon wat meer op in gaan investeren. Dat lijkt me dan heel belangrijk. Dus mijn woord hebt u. De voorzitter: De heer Koek… of mevrouw Koekoek. Sorry. Ik zag de heer Klok, maar bedoelde mevrouw Koekoek.

Mevrouw Koekoek: Ja de heer Koekoek zit niet meer in de raad, maar ik heb een tweetal vragen aan de ChristenUnie. Allereerst, u deelt een aantal compliment uit naar de fracties. Dat is ook goed in het kader van een goede samenwerking met elkaar, maar ik ben wel heel erg benieuwd wat de drie topprioriteiten voor de ChristenUnie zijn in deze kadernota in aanloop naar de begroting. Dat is mijn eerste vraag. En mijn tweede vraag is, jullie stellen dat er meer in het leven is dan alleen economische groei, want we leven in een consumptiemaatschappij. En u stelt ook groei is niet alles en groei moet ook niet alles bepalen. Maar wat betekent concreet uw uitspraak in relatie tot de vestiging van nieuwe bedrijven? Mevrouw Pullen-Muis: Om even bij de eerste vraag te beginnen, drie topprioriteiten. Ik denk als u in het hart van de ChristenUnie kijkt, dan zal dat sowieso het sociale gezicht zijn. Dat heb ik ook aan het begin van mijn bijdrage aangegeven en de opmerking over het is geen hangnet maar een vangnet en we moeten daarin ook

gewoon soms ook anders op reageren, ook wat door de Partij van de Arbeid al is ingegeven, dus dat waren ook de woorden die ik had kunnen zeggen, dus dat is één prioriteit. Tweede prioriteit is de aandacht voor vrijwilligers. Dat hebben wij in het verleden met enige regelmaat altijd gedaan en ik denk dat het een belangrijke prioriteit blijft. En duurzaamheid en de verantwoordelijkheid voor de schepping voor de komende jaren. Kijk, ons plan is voor CO2-neutraal om even weer te reageren op de VVD. 2040 is natuurlijk gewoon wel een heel hoog ideaal, maar we moeten er wel aan blijven werken. Het gaat om onze kinderen van de toekomst. Dus dat zijn onze drie punten. En de tweede vraag, die ben ik even weer kwijt natuurlijk in mijn denken. Even kort, wilt u die even herhalen. De voorzitter: Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Ik refereer naar uw strategische beschouwing en daarin stelt u dan we leven in de consumptiemaatschappij … Mevrouw Pullen-Muis: Oh ja. Mevrouw Koekoek: Et cetera en wat betekent dat uiteindelijk concreet voor de vestiging van nieuwe bedrijven binnen Hoogeveen? Mevrouw Pullen-Muis: Ik denk dat het wel goed is om te kijken van als er een nieuw bedrijf komt, waar komen de grondstoffen vandaan bijvoorbeeld. En wat betekent dat ook voor de duurzaamheid. Ik denk dat zijn wel een aantal dingen die heel belangrijk zijn.

Kijk en economisch gewin, ja het mag meestal wel een tandje minder. Ik koop ook wat minder dingen thuis waarvan ik denk oh ik heb ze nog, dus waarom zou ik nieuwe dingen moeten kopen. Dus laten we ook daar ook gewoon voor onszelf kritisch blijven. Dus dat vooral. Ja? De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Dank u wel voorzitter. Ja dank aan de ChristenUnie dat ze ook diezelfde voorzichtigheid in de financiën willen waarnemen die ze ook bij ons gelezen hebben. Maar ik las dus niks over het onderhoud van de wegen bij u en ik las wel wat over de fietspaden. Het heeft natuurlijk allemaal met elkaar te maken. Is dat geen prioriteit bij u of vindt u wel dat het, wat er nu in de kadernota vermeld is voldoende is of zegt u nou als er voorstellen komen voor nog wat een tandje erbij meer als dat er nu in de kader, dan zullen wij dat steunen? Dank u wel. Mevrouw Pullen-Muis: Wij steunen zoals het nu wordt voorgesteld in de kadernota het plan met betrekking tot onderhoud en fietsen, fietsenwegen en wegen, dus in die zin steunen we de lijn en een tandje meer hoeft wat ons betreft nu nog niet, omdat er ook andere opgaves in de toekomst zijn. We hebben net ook al de brandweer en de kazerne genoemd en het zwembad. Er zijn gewoon … Het is natuurlijk een heel breed palet wat we hier in Hoogeveen hebben, dus wij moeten keuzes maken. De voorzitter: De heer Klok.

De heer Klok: Ja dank u wel voorzitter. De politiek wordt vaak verweten dat we niet concreet genoeg zijn, maar ik dacht juist dat ik net een vrij concrete vraag stelde, maar ik vond het antwoord in ieder geval niet concreet, dus ik zou hem wat scherper willen stellen. Stel driehonderd van de vierhonderd inwoners in de Erflanden willen geen waterstof. Wat doet dan de ChristenUnie? Mag het dan op een andere manier? Dank u wel.

Mevrouw Pullen-Muis: Kijk, driehonderd van de vierhonderd, dat is driekwart. Dus democratie telt natuurlijk altijd de helft plus één, dus dat zou een antwoord kunnen zijn. De voorzitter: De heer Van der Heide. Mevrouw Pullen-Muis: Ik pak nog even wat ruimte. Je voelt het wel. De voorzitter: De heer Van der Heide, Gemeentebelangen. De heer Van der Heide: Dank u wel voorzitter. Ik hoorde mevrouw Pullen in haar bijdrage iets zeggen over groeiende criminaliteit. Ja daar sla ik natuurlijk een beetje op aan als politieman. Heeft u daar de cijfers van paraat, want … Mevrouw Pullen-Muis: Ik heb geen cijfers. Dat zal ik gewoon eerlijk bekennen. Maar het is wel zo dat wij gesprekken voeren met welzijnswerkers, mensen van SWW en die zien en die merken ook onder met name hele jonge jongeren, dus dan heb je het over twaalf-, dertien-, veertienjarigen, dat er bijvoorbeeld groot geld wordt gemaakt, dat ze snel geld willen verdienen. Nou en dat is een zorg, zeker ook voor de politie. Een tijd terug heb ik daar ook over gesproken, dus het is niet iets wat onbekend is bij de politie. En er staat natuurlijk niet voor niets in het programma, in de kadernota dat daar gewoon handhaving moet komen meer, maar het is, onze opmerking is eigenlijk van is dat wel de oplossing.

Ik denk dat je juist ook met welzijnswerkers, met mensen die heel direct met jongeren een relatie hebben dat je daar zeg maar ook je winst moet zoeken. Dus in die zin zou ik gaan voor een combi handhaving welzijn. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even of anderen nog … Dat is niet het geval. Dan constateer ik dat wij het blok, het eerste blok met de vijf partijen hebben gehad. 2.4. Schorsing debatronde 3. Pauze De voorzitter: U was in het vooruitzicht gesteld om een kwartier pauze te hebben. Dat ga ik u zeker gunnen, zeker ook met deze temperaturen natuurlijk dat we even weer een frisse neus kunnen halen. Ik stel voor dat wij om, even kijken, tien voor half zes, klopt hè? Ja, tien voor half zes weer verder gaan. Ik schors de vergadering voor een pauze. 4. Debatronde (Raadzaal) 4.1 Heropening debatronde De voorzitter: Dames en heren, zoekt u uw plaatsen weer op. Dan kunnen we zo weer starten. Dames en heren, ik heropen de vergadering. 4.2 Strategische beschouwingen SP, FvD, D66, SGP en GL op de Kadernota De voorzitter: Geef het woord aan de fractievoorzitter van de SP, de heer Pomper, voor zijn bijdrage. Het woord is aan de heer Pomper.

De heer Pomper: Ja hij doet het. Ongevaarlijk. Voorzitter, met grote interesse heeft de SP de kadernota doorgenomen. We zijn er heel blij mee dat na jarenlang beknibbeld te hebben op het sociale domein er eindelijk weer ruimte is om te investeren. We worden weer wat socialer, maar we zijn er nog niet. Onze eerste indruk. In het algemeen zijn wij redelijk tevreden met de kadernota. We zien duidelijk punten terug die de SP ook tijdens de collegevorming heeft meegegeven, zoals bijvoorbeeld meer aandacht voor sociale woningbouw en ook een mooi resultaat om te benoemen, is dat er onlangs bijna vijf miljoen door het Rijk is toegezegd aan de gemeente om meer betaalbare woningen te gaan bouwen, daar zijn we ook zeer blij mee. Het eerste resultaat staat er dus al. En ook meer aandacht voor cultuuronderwijs is de SP blij mee. En de investeringen meer preventie en het versterken van de sociale basis binnen het sociale domein. En we zien ook hierin dat het takenpakket van de SWW weliswaar verzwaard wordt, zonder dat daar direct weer een besparing tegenover staat, want de SWW heeft de afgelopen jaren wel de nodige klappen gehad en die kunnen nu gewoon ook doorbouwen aan hun toekomst. Want de SWW is een hele belangrijke pijler voor onze samenleving. De financiële kaders. Deze zien er goed uit. We sparen meer dan we eerder op gehoopt hadden.

We hebben meer, ja behoorlijk veel meevallers gehad. Maar met de zogenaamde ravijnjaren op komst moeten we dan ook goed uitkijken dat je nog wat in ‘t vessebuusie hebt zitten. Die heb ik dan helaas weer niet. Tegelijkertijd moeten we ook flink gaan investeren, zoals in een nieuw zwembad, de nieuwe brandweerkazerne, vernieuwing van de sportcomplexen, onderhoud van het wegennet, van alles is al genoemd. Ook heel belangrijk, de revitalisering van Het Podium, waar de SP echt van zegt van dat is gewoon een must. Dat zit er allemaal aan te komen. Dus wat de SP betreft, kijken we ook van goh kunnen we investeringen niet wat meer naar voren halen en dan daar wat minder gaan sparen. Er zijn meerdere partijen die er gelukkig ook zo over denken. En dan het jeugdbeleid. Dat is al vaker gezegd, de jeugd heeft de toekomst en maakt de toekomst. De jeugd is ook gewoon onze toekomst en we moeten er dan ook alles aan doen om hun toekomst hier veilig te stellen. Gelukkig komt er dan ook een nieuwe Nota Jeugd aan en de SP is daar ook zeer blij mee. En dan hebben we nog duurzaamheid. We hebben de laatste jaren een enorme slag geslagen wat duurzaamheid betreft, maar we zijn er nog niet. 2050 lijkt nog ver weg, want dan willen wij namelijk klimaatneutraal zijn. Een mooi voorbeeld hierin is het afvalbeleid.

Nog steeds lukt het niet om minder afval in te gaan zamelen en dat zit ook een beetje in een mindset van de mensen. Ze beseffen soms ook niet hoe ze het moeten doen. Daarom wil de SP ook voorstellen om afvalcoaches in te zetten. En nee, niet afvalcoaches om mij af te laten vallen, maar om minder afval in te zamelen, lijkt me wel heel belangrijk. AREA heeft al de beschikking over een afvalcoach. Laten we daar ook wat meer op in gaan zetten. Ja en dan de gezondheidszorg. In de kadernota lezen wij dat de gemeente op regionaal niveau gaat kijken naar welke voorzieningen er nodig zijn. En dat mag ook wel, want wij hebben inmiddels al een aantal voorzieningen zien verdwijnen, zoals het ziekenhuis en de spoedeisende hulp. Het college heeft ook onlangs nog een brief naar Den Haag gestuurd, want ze maken zich zorgen om de grote impact die het verdwijnen van deze zorg heeft. We willen het college ook meegeven van maak je echt sterk en zorg ervoor dat wij in ieder geval niet meer zorg weggeven uit de regio. Een puntjes op de i. Kijk, normaal gesproken zijn we van de SP niet zo van we moeten overal maar op de punten en de kommaatjes letten, maar er zijn toch twee dingen waarvan wij denken van dat moeten we toch even wat anders gaan verwoorden in de kadernota. Bijvoorbeeld, er staat dat de gemeente kan financiële middelen aanvragen bij het Rijk.

Maar wij vinden gewoon dat het moet, dus wij gaan dat ook gewoon doen. Wij hebben ook bij een stukje van de lokale laaggeletterdheid, daar hebben we heel veel aandacht voor jongeren, vinden we ook heel belangrijk, maar we mogen ook niet onze aandacht verzwakken, ook volwassenen die moeten ook de aandacht hebben wat laaggeletterdheid betreft. De SP heeft dan ook twee amendementen ingediend voor die motie over de bibliotheek en de laaggeletterdheid. Ik ben bijna bij een afronding. Ik kan natuurlijk nog wel heel veel hierover vertellen, maar er is ook al heel veel over verteld. Wat de SP mist in de kadernota, maar ook gewoon in de hele gemeentelijke beleidsstukken is een nota dierenwelzijn. De SP vindt dat echt heel belangrijk dat dat een keer gaat komen en we roepen dan ook

alle partijen op om er eens even goed over na te denken van nou wat is nou de meerwaarde daarvan. En de fracties mogen zich natuurlijk ook bij mij melden om daarover in gesprek te gaan. Ik praat alweer veel te gehaast, dus … De voorzitter: De vijf minuten zijn inmiddels wel … De heer Pomper: Oh zijn ze al bijna voorbij? De voorzitter: Nee niet bijna. De heer Pomper: Helemaal? De voorzitter: Helemaal. De heer Pomper: Nou ja, ik heb het meeste wel gezegd en ik denk dat er straks in het debat nog wel wat meer komt. Dus bedankt voor het aanhoren van mijn mooie verhaal. De voorzitter: Dank u wel. Blijft u nog even staan, want er kunnen natuurlijk nog vragen en ik weet zeker dat er één partij … Ja, de vingers gaan al. Mevrouw Hooijer, mevrouw Rutgers, de heer Van Rijn zie ik en mevrouw Koekoek. En mevrouw Pullen, kijk. Dus het was wel heel goed dat u even bent blijven staan. Mevrouw Hooijer, Gemeentebelangen. Mevrouw Hooijer-Everts: Ja voorzitter, dank u wel. Mijnheer Pomper, u heeft het over een beleidsnota die we hier missen over dierenwelzijn, maar er zijn toch landelijke regels. Zijn er dan aanwijzingen waarom u denkt dat het hier dan toch nog iets meer moet zijn dan de landelijke regels? De heer Pomper: Nee, je hebt landelijke regels, maar dat geldt natuurlijk overal voor.

Dan zou je je ook af kunnen vragen waarom hebben wij überhaupt beleidsregels en dat is ook om het inzichtelijker te maken wat wij allemaal doen. Ik kan een mooi voorbeeld noemen. We hebben een dierenambulance in Hoogeveen, maar niemand weet eigenlijk precies hoe dat gefinancierd is, hoe dat allemaal tot stand gekomen is. Waarom dat überhaupt gedaan wordt. Laten we dat ook inzichtelijk maken in beleid. De voorzitter: Mevrouw Rutgers, D66. Mevrouw Rutgers: Ja ik dacht laat ik de heer Pomper een beetje helpen. Opeens was u overvallen dat uw vijf minuten om waren. Welk belangrijk punt had u nog graag willen maken? De heer Pomper: Nou, ik had wel ook de bereikbaarheid als belangrijk punt willen maken. En eigenlijk ook een stukje waar u niemand over hoort. Wij hebben een heel mooi OV-bureau in Groningen en Drenthe. Dat is uniek in heel Nederland en de provincie heeft totaal geen regie eigenlijk over de openbaar vervoer aanbestedingen in Drenthe en we zien gewoon het openbaar vervoer, het netwerk gewoon echt dat het teruggebracht wordt tot haast een absoluut minimum. Wij moeten als gemeente en ook zeker als provincie dus daar veel meer regie in hebben en daarom zou ik eigenlijk ook wel op willen roepen om de provincie te bewegen om het OV-bureau te ontmantelen en zelf het recht in eigen handen te nemen.

De voorzitter: Kijken of de heer Van Rijn ook nog de heer Pomper in staat stelt om nog een extra punt te kunnen maken.

De heer Van Rijn: Ja dank u wel voorzitter. Ik hoor over vervoer, dat is ook heel belangrijk. En ja, daar heb je wel goede wegen bij nodig natuurlijk, want anders als ze allemaal met de wielen in kuilen vastzitten, dan en als er te hoge drempels zijn, dan willen die bussen er ook al niet meer overheen dus. Maar hoe staat de SP daarin? Vindt die het voldoende wat er nu in de kadernota staat wat er aan onderhoud van wegen gebeurt of zegt die nou wat ons betreft als er voorstellen komen om er nog een tandje bij te doen, dan gaan we dat wel steunen. Dank u wel. De heer Pomper: Als u een goed voorstel doet en het is uitvoerbaar, dan zullen we er zeker naar kijken. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koekoek, CDA. Mevrouw Koekoek: Ja, voorzitter. In uw bijdrage spreekt u ook over duurzaamheid. Dus ik dacht nou dan moet er wel wat gezegd worden over uw zorgen over de minima of die wel mee kunnen in heel die transitie. Maar ik lees daar niks over. Bent u daarover tevreden dan datgeen in de kadernota staat? De heer Pomper: In de kadernota staat het natuurlijk niet allemaal expliciet beschreven, maar daar staat wel in beschreven dat wij wat meer beleid erop willen gaan maken. En daar zijn we natuurlijk straks zelf bij als raad om ook juist meer aandacht voor de minima te gaan tonen inzake de duurzaamheid. De voorzitter: Mevrouw Pullen, ChristenUnie.

Mevrouw Pullen-Muis: Dank u wel voorzitter. Het is natuurlijk bekend dat de SP zich steeds profileert op dierenwelzijn. En u zegt van nou ja ik wil graag een nota, iets met beleid op dat punt. Wat moet er dan vooral volgens u in? Want daar hebt u vast wel gedachten over. Gaat het dan om alle dieren of gaat het om mijn huisdier, wat ik niet heb? Ja ik zou … ik heb een vogel, maar, of gaat het om het vee? Dus daar wil ik gewoon even iets meer van weten voordat wij kunnen kijken of we als fractie eventueel mee gaan denken. De heer Pomper: Ja kijk, inhoudelijk had ik dat juist ook het liefste willen bespreken met een werkgroepje. Kijk, persoonlijk zou ik zeggen van alle inwoners, mens en dier tellen mee, maar ik begrijp ook heus wel dat de mensen daar net iets anders over denken. Ik zou zeggen, ga op de uitnodiging in en het zou dan natuurlijk mooi zijn dat we het raadsbreed zoveel mogelijk iets kunnen dragen. De voorzitter: Even aanvullend snel. Mevrouw Pullen-Muis: Ja. Maar toch mis ik een bepaalde concreetheid op dit moment, want dierenwelzijn is natuurlijk heel breed.

Wat is nou echt het speerpunt of het punt waarvan je denkt van nou dat moet er in ieder geval in volgens de SP? De heer Pomper: Ja wat de SP betreft en dan hebben we het ook over minimabeleid, dat er ook aandacht is voor dierenwelzijn, dus dat ook mensen met een lage beurs ook toegang hebben tot zorg voor hun dieren. De voorzitter: De heer Van der Sleen, Gemeentebelangen. De heer Van der Sleen: Ja. Ik heb even een vraag over een stukje hieruit wat u voorgelezen hebt. Er staat een opmerking bij van dat de bouwkosten zullen blijven stijgen en de SP vraagt zich dan ook af of we niet een beetje doorgeslagen zijn met het sparen en waarom we de investeringen niet wat meer naar voren halen. Ik heb gezien dat u mede-indiener bent van het amendement over de sportvereniging. Maar u had ook

misschien het initiatief kunnen nemen en de vraag weg kunnen nemen en een amendement of een motie in kunnen dienen. De heer Pomper: Ja dat had gekund. Maar uw fractievoorzitter heb ik natuurlijk daar ook al om bevraagd van hoe kunnen we dat aan gaan vliegen, kan ik dat van de Gemeentebelangen ook verwachten, dus wellicht dat we daarover met elkaar in gesprek kunnen. De voorzitter: De heer Dekker, Partij van de Arbeid.

De heer Dekker: Ja voorzitter. Wij melden ons graag alvast om mee te doen in het gesprek over dierenwelzijn. We hebben samen met de SP in het verleden daar al vaker op aangedrongen en wat ons betreft hoeven we nu niet al precies te weten waar we het over gaan hebben. We hebben het daar dan samen over. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie geen anderen die zich nu melden. Dan wil ik de heer Pomper danken voor zijn bijdrage. De heer Otten: Voorzitter, ik wil ook nog. De voorzitter: Sorry. De heer Otten. Sorry. Heer Otten, CDA. De heer Otten: Ik wou nog een vraag stellen aan de heer Pomper, want u heeft dierenwelzijn aardig hoog op de agenda staan. Europa heeft dat ook. De Tweede Kamer, Den Haag, die heeft het ook. Het barst in Nederland van de dierenwelzijnsregels zeg maar. Wij zijn echt het allerbeste jongetje van de hele wereld. Dat vindt u dus niet voldoende? De heer Pomper: Nee. De heer Otten: Duidelijk. De voorzitter: Was alles maar zo duidelijk. Dan geef ik nu het woord aan de fractievoorzitter van Forum. Of in ieder geval, de plaatsvervangend fractievoorzitter moet ik zeggen van Forum van Democratie, de heer Kleine. Er worden even wat kaartjes weggehaald, anders komt de verkeerde partij in beeld. Dat willen we natuurlijk ook niet. De heer Kleine, ga uw gang. De heer Kleine: Knopje nog een keer. Dank u voorzitter.

Beste raadsleden, nadat we zijn overspoeld met abstracte begrippen als duurzaamheid en inclusiviteit hebben de schrijvers van de kadernota die nu voorligt voor een nieuw buzzwoord gekozen, het woord verbinding. Het woord verbinding en het daarmee samenhangende woord samenwerking komt maar liefst 66 keer voor in het document. Beiden nogal abstracte termen die nogal verschillend kunnen worden ingevuld. In een kadernota lezen we dat verbinden en samenwerken vooral betekent dat om regionale gemeente-overstijgende bestuurslagen op te zetten. Met name de samenwerking met Regio Zwolle baart ons grote zorgen. Op de website van Regio Zwolle staat een artikel met de veelzeggende titel: de Europeanisering van Nederlandse gemeenten en provincies. De nekharen gaan bij mij dan overeind. In opdracht van de Vereniging van Nederlandse gemeenten is een onderzoek uitgevoerd naar de Europese integratie en hoe gemeenten en provincies in Nederland zich daaraan aanpassen. Regio Zwolle reageert op de website en dan quote ik maar even: met binnen het regiobestuur afgestemde Europastrategie wordt er aangestuurd op bewuste keuzes en wordt Europa een onderdeel van

beleid en bestuur. Dit gaat aan alle kanten mis. Een niet-gekozen bestuursorgaan met niet-gekozen bestuursleden mede op kosten van onze eigen inwoners opgezet en vastberaden om Europees beleid door te voeren. Dit zal op termijn betekenen dat soevereiniteit en beslissingsbevoegdheid van onze eigen gemeente volledig uit handen zal worden gegeven. Met het Regiobestuur wordt ook het idiote idee dat mensen onderdeel zijn van één enkele en uiteindelijk een mondiale gemeenschap zijn. Met een verwijzing naar het boek Wees afgrondelijk! van professor doctor meester filosoof de heer Sid Lukkassen is dit een schoolvoorbeeld van het kosmopolitisch wereldbeeld dat de bestuurders nastreven, volledig losgezongen en niet in verbinding met de lokale loyaliteit van haar inwoners. Forum voor democratie is hier fel op tegen en zal hier zich ook tegen uit blijven spreken. Ook in de raad wordt vaak aangehaald dat we op zoek moeten gaan naar verbinding en vooral als één team moet optreden. Gewoon een klein beetje van uw ideale loslaten en dan gezamenlijk tot een soort consensusoplossing komen. Voor velen van u, en eerlijk is eerlijk, ook een groot deel of een deel van onze eigen achterban niet uitgesloten, zijn de begrippen verbinding en opoffering onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Opoffering als een soort onoverkomelijke en voorwaardelijke om te verbinden voor een zogenaamd hoger, vaak abstract doel. Meer dan eens komt dan met de term algemeen belang om de hoek zetten. Opoffering van uw idealen, opoffering van uw soevereiniteit, uw vrijheid, uw waarden, uw bezit. En vanuit het perspectief van de bestuurslaag, opoffering van andermans bezit. Met onlangs nog een heel mooi voorbeeld van een nieuwe Pensioenwet die in de praktijk niet gaat gelden voor Kamerleden en ministers. Precies dit mantra, verbinding door opoffering en nog explicieter het verplicht stellen of het moreel verheven van het idee dat de facto de één garant moet staan voor het lot van de ander, is wat onze samenleving stuk maakt. Een ideologie die zich als een virus verspreidt en velen van u heeft besmet. De ideologie die spreekt over het eerlijk verdelen van de welvaart en over collectief eigendomsrecht. Concreet betekent dit het overhevelen van de welvaart van de één naar de ander en legt het een ongelimiteerde claim op de mensen die ervoor zorgen dat er überhaupt welvaart is. De impliciete impact is echter veel groter. Alle drive om te excelleren, alle drive tot creativiteit, innovativiteit, energie en de daarmee samenhangende levenslust wordt op deze manier uit de samenleving weggezogen tot er geen welvaart meer is om te verdelen. Het is een ideologie van het socialisme.

De ideologie die zich verzet tegen slavernij, maar juist excellentie tot slaaf maakt. De ideologie die streeft naar gelijkheid van het collectief, maar zichzelf juist boven dat collectief plaats. Zodra alle ongelijkheid is opgedroogd en de laatste eigendommen overgeheveld zijn naar het collectief, dan is er niet meer langer sprake van socialisme, dan is de opmaat naar het communistisch bestaan voltooid. Tot slot, een persoonlijke noot aan onze achterban. Velen van u hebben de laatste paar jaar een ongelooflijke informatiedownload gehad. De verwerking daarvan kost klauwen met energie, ongetwijfeld met de nodige frustraties, verzuring en vermoeidheid. Het belooft een mooie zomer te worden. Geniet u lekker met vrienden en familie van de aangename temperaturen. Pak een boek, steek de barbecue eens in de brand met een goed stuk vlees van een koe van een boer bij u uit de buurt en houdt het hoofd koel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Kleine. Ik kijk even of er opmerkingen of vragen zijn. De heer Van der Heide. De heer Van Dijk zie ik. En de heer Van Rijn en mevrouw Koekoek. In die volgorde. De heer Van der Heide, Gemeentebe… De heer Van der Heide: Dank u wel voorzitter. Ik zou de heer Kleine graag willen vragen van als ie het heeft over opoffering van idealen, zou u aan mij kunnen zeggen welke idealen ik opgeofferd heb? De heer Kleine: Ja.

Opoffering, het is, waar het hem hier inzit, is opoffering zonder dat je daar wat voor terugkrijgt, terwijl een ander het oplegt. Op het moment dat u zelf bereid bent om een ideaal op te geven, omdat u weet dat u daarvoor iets terugkrijgt, dan is dat een transactie. Het wordt een beetje semantisch,

maar het woord opoffering is de facto dat iemand aan u zegt u heeft uw leven hard gewerkt, u heeft een mooie auto, Jansen daar heeft nog nooit auto gereden, vanaf nu spreken we af dat u vijf dagen in de week de auto aan mijnheer Jansen geeft. Dat is opoffering. De heer Van der Heide: Maar als ik dat nou prettig vind dan? De heer Kleine: Dan is het een transactie. De heer Van der Heide: Oh oké. De heer Kleine: Dat is dus een vrijwillige uitruil. Nou ja, dat is het. De heer Van der Heide: Nou ja … De heer Kleine: Want dan krijgt u ervoor terug de voldoening denk ik dan dat u zich daarop, u gaat over uw eigen woorden, dat de heer Jansen dus in een auto mag rijden. Alleen, en daar zit het hem hier op, u mag dat doen. U mag uw eigen auto uitlenen aan mijnheer Jansen als u wilt. Het punt hier is, u mag mij niet opleggen om mijn auto aan de heer Jansen uit te lenen. Dat is het punt wat ik hier maak. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dijk, ChristenUnie. De heer Van Dijk: Ja dank voorzitter. Ik hoor een levendig, maar ook wat abstract betoog. Ik heb ook uw verkiezingsprogramma er even bij gepakt, dat is wat minder abstract. Dat is best concreet hier en daar. Zo staat op pagina 22 bijvoorbeeld: wij willen parkeren in de binnenstad gratis maken. We zijn hier bij de kadernota. We spreken hier over miljoenen en de lange termijn.

Kunnen wij nog een concreet voorstel van u verwachten? De heer Kleine: Allereerst zou ik u willen vragen wat u dan precies abstract vindt aan mijn betoog. Ik probeer het juist uit de abstractie te halen, dus als dat niet helemaal goed is overgekomen dan hoor ik dat graag. De heer Van Dijk: Nou ik vond het best abstract, want ik hoor niet iets concreets terug over de kadernota. De heer Kleine: Het gaat letterlijk over de kadernota, over de ketensamenwerking, heb ik hier net benoemd. Het staat letterlijk op … Ik … Dan zou u straks even de speech terug moeten kijken, beste heer. De voorzitter: Er was nog even de vraag of het concrete voorstel parkeren. De heer Kleine: Nee we gaan geen motie indienen over parkeren. De voorzitter: Dan de heer Van Rijn, SGP. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel. Ik lees even in uw bijdrage wat u vooraf gestuurd hebt en dan lees ik in het tweede kopje, de laatste zin, u zegt wel ja de gemeente presenteert de gemeente Hoogeveen en dan graag als een soort bedrijf en de raadsleden zijn er om gezamenlijkheid het voortbestaan van het bedrijf veilig te stellen.

Ja uw naam is democratie, maar ik dacht dat raadsleden daar ook juist voor waren om onze gemeente, dat bedrijf wat de gemeente is, veilig te stellen en dat we dat gewoon in een gezamenlijke besluit hiero doen of soms zijn de stemming iets anders, dat het iets anders gaat, maar dat is toch democratie? Of zie ik dat helemaal verkeerd?

De heer Kleine: Dat denk ik wel. Kijk, democratie is bij beslissingen die daadwerkelijk van invloed zijn op de samenleving, voor te leggen aan onze inwoners zelf. En dat gebeurt op dit moment niet, dus je kunt stellen, want dat is vaak dan het argument, mensen mogen dan kiezen op een vertegenwoordiger en daarmee zou dan de vraag, maar goed. Net was een mooi voorbeeld. De heer Klok die daagt dan mevrouw Pullen uit van joh is het, hang er nou eens, bij driehonderd stemmen tegen zo’n Waterstofwijk, waar zit dan bij u die grens, dat u zegt van nou ja de bevolking wil het niet en nog houdt ze het open. Nog is er een drang van ja het kan zijn, we nemen het zeker mee in het besluit en los van of u dan daadwerkelijk komt tot wel of geen waterstof, maar het feit dat u het meeneemt, dus überhaupt overweegt om driehonderd nee-stemmers als optie aan boord te nemen om die naast dat besluit neer te leggen, dat is bizar. Dat is helemaal geen democratie. De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Ja voorzitter, want hij zegt dat is geen democratie, maar wij zijn de volksvertegenwoordigers. Wij zijn gekozen door de mensen en wij vertegenwoordigen ieder zijn eigen achterban hier in deze raad en als er beslissingen genomen, dan zal onze achterban daar zeker, in zekere mate zal daar gewoon een invloed op hebben en dat is logisch. Dat moet ook juist in een democratie.

Dus ik zie niet even het punt dat als wij hier een democratisch besluit nemen als dat zou zijn ondemocratisch. Dat zou ik graag even iets duidelijkheid over willen. Dank u wel voorzitter. De heer Kleine: Ik ben het met u eens dat de mensen die op u gestemd hebben ook krijgen wat ze willen. Ik bedoel, dus ik vertegenwoordig een andere achterban in Hoogeveen in dit geval. Kijk en dat is ook het punt wat ik hier dan probeer te maken. Althans is als je dat uit de abstractie trekt en gewoon platslaat, dan is het zo dat ondanks, dus het is per definitie een consensusmodel wat er nu is opgezet. Gezamenlijk moet je dan tot een soort, uiteindelijk moet een begroting goedgekeurd worden of uiteindelijk moet een kadernota goedgekeurd worden, dus dat betekent dat iedereen dan een soort consensus of concessie moet doen aan zijn of haar eigen waarden. En daar zit natuurlijk wel een, dat spel kun je natuurlijk niet in het einde maar door blijven spelen. Op het moment dat je altijd maar van het geld van een ander beslissingen maakt, wat is dan nog de rechtstreekse invloed van die inwoner op het democratisch proces hier? De voorzitter: Dank u. Mevrouw Koekoek, CDA. Mevrouw Koekoek: Ja voorzitter. Ik heb een drietal vragen naar aanleiding van uw strategische beschouwing. U stelt dat het college de gemeente als een bedrijf ziet.

Het zijn uw woorden, niet het woord van het college, maar het is wel een hele technocratische benadering. Kunt u dat nog concreet maken en welke voorstellen heeft u om dat dan ook anders te doen? Dat het minder bedrijfsmatig, minder technocratisch is. Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag is, u heeft terecht denk ik kritische kanttekeningen geuit ten opzichte van de regionale verbanden in relatie met name tot de lokale democratie. Mijn vraag is, wat zou dan volgens u de oplossing zijn om toch regionaal samen te werken, wat in de optiek van het CDA noodzakelijk is en toch ruimte te bieden voor de democratische legitimiteit? En tot slot, u pleit ook voor fundamentele debatten hier in de raadzaal. Daar kunt u zich wel, dan kunt u mij aan uw zijde wel verbinden. Maar wat is volgens u dan een fundamenteel debat en wat past dan volgens u, welke samenleving past daarbij, welke overheid is daarbij volgens u ook nodig om echt dat fundamentele debat met elkaar te voeren? In plaats van overal parkeerautomaten of wat dan ook. ‘…’. De heer Kleine: Dus de eerste vraag is, wat ga je eraan doen om dat te veranderen. Ja dat is een beetje hoe jullie, dus met een motie of zo of met een amendement, maar we moeten het hier opnemen tegen een ideologie, dus de heersende ideologie bij jullie, bij heel veel van jullie, dan kun je altijd nog dat je daar dan wel

of niet bij hoort, is dat socialisme, dus het de facto opleggen aan de één dat ie garant moet staan voor het lot van een ander. En dan krijg je het spel. Ik hoor dat de heer Van Eck precies zeggen. Het zijn de woorden van Karl Marx. Je krijgt dus niet meer een verdeling van de welvaart op basis van vermogen, maar op basis van behoefte. Het is letterlijk wat hier gebeurt. Er is een pot met geld en het lijkt wel een gimmick die zwembad van jullie. Maar wat hier ontstaat is, iedereen probeert dan slinks elkaar dan te overtuigen van nou ja dan willen we een zwembad of we willen een brandweerkazerne, maar het feit is je gaat dus niet in op hoe komt überhaupt een brandweerkazerne dan tot stand, wie betaalt dat, wie moet dan die arbeid leveren. Nee, maar het is er gewoon op een of andere manier. Het wordt losgezongen, uit de samenleving getrokken, dus dat is punt één. Ja en daar … als ik en dan dien ik morgen een motie in dat we dat niet meer doen. Maar dat is, zo werkt dat hier niet. Je hebt drie, die tweede moet je maar even, moet u als wil … De voorzitter: De tweede was even de oplossing voor de regionale … De heer Kleine: Ja nou ja. De denktrant is, dat is de manier waarop u vaak zelf ook wordt meegezogen, hoe kunnen we hem dan het beste gaan invoeren. Dus het besluit is al genomen dat we dus gaan samenwerken en dan, ja die zonnepanelen ook.

We gaan 40 kilometer vanaf Emmen naar Hoogeveen of hoeveel kilometer is het, gaan nu zonnepaneel leggen. En de enige discussie die we hier kregen was hoe gaan we dan het beste voor Hoogeveen gaan we eruit halen? Dat is natuurlijk een bizar idee dat je 40 kilometer zonnepanelen neer gaat leggen. Maar om in te gaan op uw vraag, want ben ik dan tegen verbinding of tegen vrijwillige verbinding of vrijwillige opoffering, hang er een term aan die u past, absoluut niet. Als iemand dat zelf wil doen, dan mag dat. Maar in dit geval concreet dan zou ik de hele … Want nu, er is een raad van bestuur, er wordt gewoon gesproken als een zelfstandig bestuursorgaan Regio Zwolle. Ja dat is per definitie een orgaan regionaal overkoepelend. Ja dan zou je daaruit moeten stappen. En als zij ons, de gemeente, nodig hebben, ja praten is niks mis mee. De voorzitter: En de derde was even wat is een fundamenteel debat volgens u. Dat was ook een vraag nog. De heer Kleine: Ja fundamenteel. Laatst hadden we er eentje. Die had u zelf eigenlijk een beetje geïnitieerd van het kopen, spullen kopen op zondag. Of dat dan wel of niet mocht. Dat is inderdaad wel de richting waar we dan meer op zouden willen gaan zelfs als Forum zijnde, want omdat we nog los van de vraag of we u dan kunnen overtuigen, soms interessant vinden hoe u eigenlijk zelf tot die, tot bepaalde bevindingen komt.

En dan wil het nog wel eens gebeuren dat iemand nog wel eens wat tegenstellingen heeft in zijn of haar argumentatie en dat is voor ons eigenlijk wel waardevol. De voorzitter: Ik kijk even. We zijn ruim even over de reactietijd heen. Is er echt nog dringend behoefte om nog een vraag te stellen? Anders dan zou ik het, in het debat zouden natuurlijk ook nog weer punten kunnen terugkomen straks. De heer Dekker, Partij van de Arbeid. De heer Dekker: Ja ik heb toch nog even een vraag aan de heer Kleine. Je kunt over heel veel dingen verschillend denken, maar soms als ik u toon al zo hoor, dan is het net alsof u een beetje medelijden met mij heeft en dat hoeft u niet te hebben, dus ik vroeg mij af of u iemand die er anders over denkt ook respecteert. De heer Kleine: Ja ik vind het mooi dat u dit, dit is precies mijn punt. Ik denk dat we, dat het gewoon een illusie is dat we met zijn allen, ook al kan iemand nog zo mooi beargumenteren of een verhaal vertellen en al lukt het nog iemand om tijdelijk de hele meute met zich mee te krijgen, uiteindelijk versplintert dat. En Nederland is een perfect voorbeeld. Noord, als die praat in het accent waar ze vandaan komen, kan Zuid nog niet eens verstaan. Wij zijn niet gelijk. Gelijkheid bestaat ook niet. Maar dat betekent, het gaat mij erom dat de partij die

er dan is zeg maar of de partijen geen claim mogen leggen op de ander. U heeft geen enkel recht om een claim te leggen op een ander. U bent uzelf. U wilt uzelf zijn. Laat elkaar dan los en hou op met bouwen van bestuursorganen of op die manier een soort technocratisch model te ontwikkelen. Als voorbeeld, maar ik zie u kijken dat ik … De heer Dekker: Ik heb volgens mij een vrij korte en niet zo ingewikkelde vraag gesteld. Het antwoord is allesbehalve kort en ingewikkeld, dus ik stel vast dat het niet het antwoord is op wat ik vroeg. De heer Kleine: Ja allesbehalve ingewikkeld, maar ik snap dat u het tegenovergestelde bedoelt. De heer Dekker: Ja. Nou ja ik … De heer Kleine: Nee, ja u vraagt … De heer Dekker: Ik vind het goed dat u dat zegt, maar … De heer Kleine: Nee, tuurlijk, nee … De heer Dekker: Dan bent u daarin in elk geval wel duidelijk, dat is wel duidelijk. De heer Kleine: De ene club is niet minder dan de ander. Wat is dat voor rare … Op basis van wat zou dat dan zijn? De heer Dekker: Op basis van dat u … De voorzitter: Ik stel voor … De heer Dekker: Met tekstendelen af en toe de indruk wekt dat door de manier waarop u zaken formuleert alsof bij het rest van niet is ingedaald. En dat kan aan mij liggen, maar dat is in elk geval bij mij het gevoel. De heer Kleine: Kunt u dat dan met een voorbeeld duiden? Ik wil daar best op ingaan, met alle plezier.

De voorzitter: Ik wil nu even hierin even inbreken. We hebben elkaar vragen gesteld, opmerkingen gemaakt. Het kan natuurlijk in het debat, als het zover komt, altijd inhoudelijk terugkomen als het nodig is, maar voor dit moment zou ik hier de afronding willen doen. Dan wil ik de heer Kleine bedanken voor zijn inbreng namens Forum voor democratie. Dank. En geef ik het woord aan de fractie van D66, mevrouw Rutgers. Mevrouw Rutgers: Dank u wel voorzitter. Zo, van Europa en filosofie dalen we weer af naar de realiteit. Hoogeveen en de kadernota. En we hebben een aantal hele praktische punten die we even aan u willen voorleggen, want ruim voor deze vergadering hebben alle partijen hun visie op de kadernota met elkaar gedeeld, dus jullie hebben onze beschouwing kunnen lezen en die ga ik dan ook niet voorlezen. Ik wil een aantal andere punten aanhalen. Goed bestuur en de financiën op orde. Dat was en is een van de speerpunten van D66. En we zijn blij dat de financiële situatie op dit moment zo is dat we weer kunnen investeren, onderhoud plegen en beleid kunnen updaten. De handrem kan eraf, maar waakzaamheid blijft geboden. Dit spreekt uit de kadernota en daar zijn we blij om. Met betrekking tot duurzaamheid moeten we grote stappen zetten. Het is nog wel wachten op beleid. In de langetermijnagenda is het vakje groen zelfs nog leeg. Dus echt de vaart erin lijkt nog even wachten.

Duurzaamheid bevorderen hoeft echter niet altijd met grote maatregelen en een groot budget en veel beleid. Laten we ook kleine initiatieven nemen. We overwegen dan ook om

volgens mij samen met GroenLinks alsnog een regentonmotie in te dienen. Daar gaan we het nog over hebben. Uiteraard kijken we ook uit naar de terugkoppeling van wethouder Zwiers naar aanleiding van onze vragen over de Hoogbouwnotitie. Voor 1 juli horen we als het goed is of deze notitie een actualisatie behoeft en mogelijk biedt die actualisatie ook weer kansen voor de woningbouwopgave waar we voor staan. Nog een andere toezegging waar wij blij mee zijn, is een die tijdens de vorige vergadering is gedaan, dat er met ondernemers gesproken gaat worden over een aantal bijzondere uitzonderingen die nu nog in de Winkeltijdenverordening staan. Denk aan, om hem nog maar eens op te gooien, de bloemenstalletjes en de bloemenwinkels die alleen op zondag open mogen mits ze binnen een straal van 100 meter van een begraafplaats liggen. Nou zouden we echt dat soort gedetailleerde bepalingen daarin moeten hebben. De wethouder gaat erover in gesprek met ondernemers. We kijken daarnaar uit, naar de terugkoppeling. Over diversiteit en inclusie zijn we wat minder tevreden. We zijn wel teleurgesteld dat daar, dat die woorden überhaupt niet voorkomen in de kadernota. In het coalitieakkoord staat dat je in Hoogeveen mag zijn wie je bent. Wie je ook bent, je hoort erbij.

En nou is er natuurlijk een Agenda Lokale Inclusie en we hopen dat de focus van de ALI, zoals die afgekort heet, breder wordt en het college meer handen en voeten gaat geven aan inclusie, dus op deze oproep horen we graag de reactie van het college. Dan de Rijke Schooldag. Die staat voor het samenbrengen van schoolopvang, sport, cultuur, muziek, natuur, noem het maar op. Allemaal voor iedereen van nul tot achttien jaar. De Rijke Schooldag kan ook een bijdrage leveren aan brede welvaart. Eerder hebben we over dit onderwerp een goed gesprek gevoerd met de wethouder en graag zien we nu plannen en acties, dus we horen graag hoe het daarmee staat. Over cultuur in de gemeente Hoogeveen overwegen wij een motie in te dienen, want elk jaar bij de begroting is het voor culturele instellingen weer spannend of ze moeten inleveren of niet. En deze jaarlijkse spanning draagt niet bij aan de stabiliteit van de bedrijfsvoering. Op steeds meer plekken in het land zie je dan ook dat er een lokale Culturele Basisinfrastructuur, oftewel een lokale BIS, wordt opgesteld. Een aantal culturele instellingen kan dan voor langere tijd structureel rekenen op een bepaalde subsidie. Overige instellingen en initiatieven kunnen dan jaarlijks plannen indienen om zo alsnog subsidie te krijgen.

We roepen het college in onze motie op om te verkennen of dat wellicht, zo'n lokale BIS, iets voor Hoogeveen zou kunnen zijn. Kortom, we zijn blij met de kadernota vanuit een financieel perspectief. Inhoudelijk zouden we nog wel wat zaken willen toevoegen of versterken. Zo brengen we Hoogeveen samen vooruit. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk wie ... Ik zie de heer Pomper al. Ja, de heer Van Rijn, zeker. Ik kijk even of ... Anderen nog? De heer Pomper. De heer Pomper: Ja, dank u voorzitter. Mevrouw Rutgers, u had het over een regentonmotie. Kunt u daar iets meer over vertellen? Mevrouw Rutgers: Uiteraard. Dat is een initiatief wat in heel veel steden en gemeenten al is genomen om klein te beginnen met verduurzaming, bijvoorbeeld door, het kan ook geveltuintjes te realiseren, er zijn allerlei verschillende initiatieven, het NK Tegelwippen doen we dan weer wel aan mee, maar je hebt ook heel vaak een regentonactie dat een gemeente bij lokale ondernemers of in samenspraak met lokale ondernemers kijkt hoe kunnen we nou wateropvang op eigen terrein bevorderen en dat inwoners tegen een gereduceerd tarief een regenton kunnen aanschaffen, nou in die lijn. En we hebben eerder die motie aangekondigd, maar toen werd geadviseerd om hem even aan te houden tot klimaatadaptief beleid volgens mij er zou zijn.

Maar goed, we wachten al een tijdje en dit is het moment om kaders te stellen, dus vandaar. De voorzitter: Ja, een korte reactie nog. De heer Pomper: Dan wil de SP daar ook wel aan meedoen.

Mevrouw Rutgers: Nou, gaan we in overleggen. De voorzitter: Dank je wel. Dan gaan we … Dank u wel. Gaan we naar de heer Van Rijn, SGP. De heer Van Rijn: Dank u wel. Ik lees in de bijdrage van D66, de kadernota zelf vinden we nog niet echt uitblinken in concretie. Goed, kan ik begrijp. Maar een kadernota is bedoeld om maar een richting aan te geven richting de begroting. Maar mijn vraag is, wat zou u nou echt meer concreet in de kadernota willen zien dat u zegt van nou als dat erin staat, dat zou voor ons wel helpen? Dank u wel. Mevrouw Rutgers: Ik had verwacht de vraag over wegen en dan had ik in deze richting willen antwoorden. Er staat namelijk heel veel in die kadernota en dat vinden wij de issue, dus er staat niet iets niet in, alleen het is één grote opsomming van trends, mogelijkheden, iets waar we aandacht voor willen hebben of moeten hebben. Het is wat vaag en breed en eigenlijk zou ik wel op elk onderwerp willen zien als het gaat om, nou noem een onderwerp, dat focussen we dit jaar hierop en desnoods in drie punten, maar niet die hele uiteenzetting van trends en ontwikkelingen en punten die aandacht vragen en ideetjes, noem maar op. De voorzitter: Mevrouw Pullen, ChristenUnie. Mevrouw Pullen-Muis: Nog even over de regenton. Ik heb nog even het coalitieakkoord erop nageslagen, omdat we even dachten van misschien staat het daarin.

Daar staat niet echt expliciet de term regenton in. Maar er wordt wel gezegd van dat we samen met de inwoners gaan kijken naar knelpunten en oplossingen. Ik denk dat het goed is dat we daarin vanuit onze fractie meedenken als u daar met een motie of een amendement komt. Dus het wou ik alvast even doorgeven aan u. Mevrouw Rutgers: Oké, top. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koekoek, CDA. Mevrouw Koekoek: Ja voorzitter. Mevrouw Rutgers, in uw strategische beschouwing heeft u een aantal kritische kanttekeningen richting het college ten aanzien van het ontbreken van de maat van concreetheid en een oproep over de capaciteit. Wat mij dan opvalt is dat u dan niet met concrete voorstellen komt in de vorm van een motie of amendement, maar dat u de bal bij het college neerlegt. Waarom kiest u deze route en komt u niet zelf met voorstellen? Mevrouw Rutgers: Om stukken concreter te maken hebben we in het verleden al eens de motie SMART ingediend. Dat woord heb ik geprobeerd te vermijden deze bijeenkomst en ook in ons strategische beschouwing. Maar hier valt hij dan toch. Ik denk dat dat een is en daarnaast waar u zelf ook al op hamerde, kies een aantal speerpunten. En wij hebben aangegeven, bijvoorbeeld die 30 fte's.

Ja ik denk niet dat dat realistisch is om op de manier waarop we altijd gewerfd hebben die mensen te proberen te werven, maar ja ik ben niet het college, dus ik geef dat als gratis tip mee van misschien moet dat anders, realistischer, maar ik ga niet op elk punt daarvoor moties en amendementen indienen. De voorzitter: Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Dan denk ik dat ik kan concluderen dat ik enige steun proef voor onze motie, maar dat zullen we straks wel even merken. Mevrouw Rutgers: Dat betwijfel ik nog een beetje.

Mevrouw Rutgers: Dit is een cliffhanger. Ik kijk even voor anderen nog. Dat is niet het geval. Dan wil ik mevrouw Rutgers danken voor haar inbreng en geef ik het woord aan de heer Van Rijn, de fractie van de SGP. Ga uw gang. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ik zal maar meteen even met de deur in huis vallen. Wat een weelde. Vijf minuten spreektijd hè? Als de inkomsten van de gemeente Hoogeveen procentueel zo stijgen met onze spreektijd dan komt het wel goed, 150 procent. Maar we zullen nu maar even tot de kadernota overgaan. In zijn algemeen, wij hebben onze beschouwingen geschreven en dat is allemaal te lezen. Wij zijn er best wel mee content. Het geeft een richting aan. Sommige dingen zijn we niet mee eens. Nou daar gaan we het ook nog even over hebben. Dus het college noemt het zelf een opmaat naar de begroting. Wij zouden het iets anders willen noemen. Wij zouden het veel liever een schetsontwerp willen noemen in potlood, want ja daar kun je nog wat uitgummen en dan kun je weer wat anders bijschrijven. Dat is wat makkelijker, he? Dus dat is, zo zouden wij het liever willen noemen. We hebben het in onze bijdrage ook eventjes gehad over van ja wij zijn best wel tevreden over dat wij nu zoveel wind mee hebben.

Het college geeft ook zelf aan, let op beste mensen, we zijn wel door de bocht maar, we zijn de tunnel nog niet uit en daar zijn wij het van harte mee eens dus en we hebben ook gelukkig bij de meeste partijen gehoord van let op, laten we nog niet zeg maar ons rijk gaan rekenen, maar laten we nou eens even gewoon voorzichtig gaan doen, wat kunnen we doen en waar kunnen we ons geld goed aan besteden en juist die bestedingen die ook echt nuttig en nodig zijn en niet zeg maar voor de fun. Ik gebruik een Engels woord, dat doe ik eigenlijk nooit. Maar goed, waar wij ons wel weer zorgen over maken, dat het college zegt van ja die manier van begroting van pessimistisch realistisch, dat moeten we nu maar eens gaan loslaten. Nou voorzitter, daar wil ik echt een debatpunt over hebben, want daar wil ik graag met de andere fracties over spreken. Dat vinden wij geen verstandige idee. En wel om het volgende. Het is dus in 2020 ingegaan en we merken dat het resultaat heeft en we hebben nog nu wel zeg maar heel veel wind mee gehad, maar ook het college zegt let op, er komen ravijnjaren aan. Dan zou het heel onverstandig wezen om op deze manier, die dus uiteindelijk wel gewerkt heeft, om die nu al los te laten. Dan kunnen we beter zeggen, laten we daar even mee wachten totdat we in ieder geval die ravijnjaren gehad hebben.

Dan weten we zeker dat we dat met onze reserves die we nu kunnen hebben of nu hebben, dat we dat zeg maar een beetje kunnen doorstaan, dus dat is echt een opmerking van ons. En dan ja, dan hebben we de financiële parameters. Daar zijn we niet echt, zoals ze nu weer verwoord worden, zijn we er nog steeds een beetje sceptisch tegenover die 90 procent schuldquote, dat vinden wij echt, dat moet er niet in, dus wij denken dat wij daar een voorstel gaan doen om dat toch naar beneden te krijgen bij de vaststelling van de kadernota. Wij vinden als je deze soort slechte jaren op komst hebt, dan moet je zorgen dat je echt een hoog weerstandsvermogen hebt. Het college is dus al tevreden met nu in de jaarrekening zien we dat het even omhoogschieten. Dat is ook wel logisch. Maar wij zou daar zeggen van nou als je echt weerstand wil hebben dan moet dat getal minstens tien zijn. En de schulden, de schuldquote, die moet echt een heel eind naar beneden. Wat ons betreft mag dat ergens op de 40, 50 procent blijven steken. Dat dat zou voor ons veel gezondere situatie zijn om echt de dingen op te vangen. Maar goed, de meerderheid beslist ook in deze, voorzitter. En ja, wij zijn heel content dat wij uiteindelijk het kwartje ook bij het college gevallen is over het fietspad aan de Carstensdijk. Daar had ik vorig jaar nogal wat vragen over gesteld en zo.

We zien dus dat er nu dus geld voor gereserveerd staat. Er moet nog wel wat financiering bij gevonden worden, maar we hebben daar eventjes overleg over gehad en zoals we het zien lijkt dat goed te gaan dat we toch eindelijk in 2024 daar een begin mee kunnen maken. Voorzitter, zoals u al haast had kunnen weten, dan even het onderhoud van onze wegen, want echt ik ga dat even heel gechargeerd zeggen, als ik op sommige wegen in de gemeente Hogeveen rij, dan schaam ik me echt dat ik in de gemeente Hoogeveen ben. Zo slechte kwaliteit. Het college geeft zelf ook al aan dat er toch behoorlijk achterstallig onderhoud is. En ja, we zien heus wel dat ze daar nu ook middelen voor vrijmaken om daar een beetje een inhaalslag daar, maar wij vinden dat niet voldoende en

daarom wil ik dat ook graag als debatpunt, voorzitter, u had het al verwacht natuurlijk. Dat wil ik graag als debatpunt mijn elkaar direct, kunnen we daar niet een beetje een tandje bij doen. Er is best nog wel wat ruimte te vinden hier en daar in de begroting dus. Ik zie dat mijn klokje aangeeft dan het alweer voorbij, denk ik, of niet? De voorzitter: Ja, nu. Ja, de vijf minuten. De heer Van Rijn: Helaas. Ja dat het beperking van vijf minuten. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Maar u heeft 150 procent meer kunnen praten dan de vorige keer. ‘…’ De heer Van Rijn: Dat scheelt dat wel weer. Daarom heb ik dat ook benoemd. Een weelde. De voorzitter: De heer Klok, VVD. En daarna mevrouw Pullen en de heer Sieders. De heer Klok: Ja dank je wel. Als ik u zo hoor dan ben ik een beetje bang, want met al uw spaarplannen is er straks helemaal geen geld meer voor wegen. Of waar wilt u dat geld weghalen? Dank u wel. De heer Van Rijn: Dan moet mijnheer Klok even … Ik heb het helemaal niet over een spaarplan gehad zelfs, dus dan moet je mij even, kunt u mij daar even een handje mee helpen? Ik moet wel de orde in de gaten houden ja. De heer Klok: Nou ja u geeft aan weerstandsvermogen mag eigenlijk nog wel hoger, maar we willen ook meer wegen, we moeten aan de andere kant meer fietspaden bij.

Zeg maar hoe valt dat met elkaar te combineren? Er moet toch ergens gewogen worden? De heer Van Rijn: Zeker, zeker. Daar hebt u een goed punt. Dus ik zou dus een hele andere weging gemaakt hebben over de Hoofdstraat-Zuid. Ik zou zeggen laten we dat nog even, want ik fiets daar altijd overheen en ik zie het gewoon, het ziet er helemaal niet miserabel uit. Ik kan ook zowat het verschil niet ontdekken met de rest. Ik denk niet dat de ondernemers op Hoofdstraat-Zuid minder omzet draaien, dus dat zou best wel even kunnen wachten. Er zijn andere prioriteiten. Als je zo prioriteiten gaat stellen, dan denk ik dat wij beter iets meer geld aan wegen kunnen besteden als aan de Hoofdstraat. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Pullen, ChristenUnie. Mevrouw Pullen-Muis: Dank u wel voorzitter. Ik hoorde de heer Van Rijn de term uitgummen noemen in zijn bijdrage. En u hebt u al in de afgelopen tijd nu heel duidelijk laten zien dat u zich wil inzetten voor meer onderhoud, dat de wegen nog perfecter en mooier worden. Dat is helder. Maar wat wilt u nu uitgummen? Want de capaciteitsvraag is natuurlijk ook een groot probleem. Dus ik ben wel heel benieuwd wat u wilt uitgummen in de kadernota. De heer Van Rijn: Bijvoorbeeld ik zou … Kijk, als je een amendement indient dan ga je hem wijzigen en dan ga je dus even wat weggummen en dan komt er iets anders voor in de plaats.

Bijvoorbeeld één, ik zou een amendement in kennen dienen dat wij toch dat geld wat voor de Hoofdstraat bestemd is dat we dat voor onderhoud wegen gaan bestemmen. Dat zou een voorstel kunnen zijn. De voorzitter: Dank u wel.

Mevrouw Pullen-Muis: Hebt u nog meer voorstellen? Want u zegt kunnen zijn, dus er zijn misschien wel meer mogelijkheden. Ben ik heel benieuwd … De heer Van Rijn: Ja nou één heb ik net genoemd, dat is die financiële parameters om die aan te passen, dat die iets naar beneden gaan, de schuldquote, de max en dat wij ook zeg maar ons weerstandsvermogen ophogen en ja, het is een beetje heel raar en we gaan investeren en dat begrijp ik heel goed en dat moet soms ook, maar aan de andere kant moet je je algemene reserve gigantisch vullen om dat weerstand aan te geven. Dus dan denk ik ja waarom even niet een andere verhouding opzoeken zodat je eigenlijk hetzelfde resultaat hebt. Dank u wel. De voorzitter: De heer Sieders, Gemeentebelangen. De heer Sieders: Dank u wel voorzitter. Ik dacht dat bij de vraag van de heer Klok van de VVD mijn antwoord al wel zou komen, maar ik heb het antwoord nog niet helemaal gehoord, want als ik zo een beetje doorluister naar wat u nu voorstelt, dan is het gewoon een beklemming voor de komende jaren in de uitgaven met de aanpassingen die u wilt doen in de parameters die we hebben. Dus ik snap niet helemaal hoe u die invulling zou willen geven. Want u heeft het over, ja prio… we moeten sommige dingen iets meer prio geven of niet, maar daarmee geeft u nog niet aan dat u dingen wilt achterlaten.

Op het moment dat we dingen echt zegt van dat gaan we gewoon niet meer doen, dan zeggen we van nou dan vervalt er iets, maar nu niet. Ik zie niet in, in wat u nu zegt, wat dat gaat brengen. Kunt u mij dat uitleggen? De heer Van Rijn: Gedeeltelijk. Voorzitter, het wordt misschien iets uitgebreider. Zoals jullie weten vraag ik elk jaar zeg maar de lijst op wat de gemeente Hoogeveen aan subsidie uitgeeft. En ik heb al zoveel dat doorgeworsteld dat ik denk van nou als wij gewoon redelijke voorstellen gaan doen daaro dat je zegt van nou we gaan gewoon vier jaar lang met twee procent dit korten en dan gaan we met dat dat korten, dus dat is gewoon heel realistisch en helemaal niet dat je zegt van nou dat is onoverkomelijk. Nou daar zou al een bedrag te halen wezen zeg maar, want dat kunnen we weer ergens anders, want daar geven we het uit en als je dat daar weghaalt kun je het ergens anders uitgeven. Een voorbeeld. De voorzitter: De heer Sieders.

De heer Sieders: U weet dat ongeveer normaal gesproken 80 procent van de begroting van de gemeente vastligt en die overige 20 procent wat de gemeentes uitgeven denkt u dat, kijkend naar de afgelopen jaren met de keuzes die we hebben gemaakt als raad, dat daar alsnog bij heel veel uitgaven twee procent te vinden is? Heb ik dat goed? De heer Van Rijn: Ik heb het alleen in dit geval over de subsidie gehad, niet over alle uitgaven, dus, maar goed. Daarom zeg ik, sommige uitgaven, daar kunnen wij achterstaan zoals die voorgesteld zijn in de kadernota. Anderen minder en daar moeten keuzes in gemaakt worden. Maar wij vinden wel dat zomaar … Dat is niet het goede woord, maar een beetje ruig gaan investeren, dat je zegt van die schuld kan nou toch wel tot 90 procent omhoog, dat maakt allemaal niet zoveel uit, als we maar zorgen dat die algemene reserve goed gevuld is, dat we dat weerstandsvermogen. Ik denk dat er een manier moet zijn dat je zegt we kunnen wel gewoon op een goede manier investeren en uiteindelijk zal je ook steeds meer kunnen investeren. Het is iets van de lange arm. De voorzitter: Dank u wel. De heer Walda, Gemeentebelangen.

De heer Walda: Ja dank u wel voorzitter. De SGP spreekt in haar strategische beschouwingen over ravijnjaren. U gebruikt hier het meervoud. Kunt u dat toelichten welke jaren u daarmee op duidt? De heer Van Rijn: Dat heeft college aangegeven. 2026, ‘27. De voorzitter: Mevrouw Schonewille, Partij van de Arbeid. Mevrouw Schonewille: Ja dank u wel. Ik wil nog even terugkomen op de subsidies waar de heer Van Rijn het net over had. Ik ben dan wel nieuwsgierig op welke subsidies de heer Van Rijn denkt te gaan kunnen korten. Op welke thema's hangt dat dan vast? De heer Van Rijn: Dat wordt wel heel specifiek. Om maar gewoon even één voorbeeld te noemen. Wij zouden het gewoon reëel vinden als je als gemeente zeg maar een verenig of wat ook ondersteunt en dat je zegt van dat is gewoon 50 procent de ondersteuning van de gemeente en 50 procent moeten ze gewoon zelf de financiën bij elkaar zijn, maar heel veel zitten gewoon ver over die 50 procent ondersteuning heen. Dus zulk soort dingen vinden wij gewoon. En wij snappen, dat kan niet zomaar van het ene jaar op het andere jaar. Dat moet gewoon ... En daar heb je weer mijn woord, een kerntakendiscussie. Dan weten wij gewoon is het realistisch, hebben ze echt nodig. En laten we er alsjeblieft drie per jaar aanpakken bij wijze van spreken. Maar uiteindelijk kom je er wel doorheen. De voorzitter: Oké. Dank u wel.

Ik constateer dat er verder geen vragen of opmerkingen meer zijn. Dan dank … De heer Van Rijn: Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Aan de heer Van Rijn voor zijn inbreng. En ga ik het woord geven aan de heer Van der Meer van de fractie van GroenLinks. De heer Van der Meer: Voorzitter, dank u wel. In mijn bijdrage, want ook die is al verspreid, dus iedereen heeft dat inmiddels kunnen lezen en wil ik toch nog op een aantal punten wat dieper ingaan. In de eerste plaats op het punt blijven meedoen en talentontwikkeling, waarbij we opnieuw onze zorgen hebben uitgesproken over de ontwikkelingen binnen de bibliotheek, waarbij we bij ongewijzigd beleid en ongewijzigd handelen opnieuw tegen tekorten aan gaan lopen. Ik ben ook blij dat die constatering ook gedeeld is in de beantwoording door het college en dat we daar ook echt een zorgpunt met elkaar hebben. Meer in de breedte daarvan schaar ik me ook achter de motie op initiatief van D66 om eens na te gaan denken over of het niet zou moeten in Hoogeveen, waarbij we cultureel, cultuur en cultuurbehoud belangrijk vinden, om in te zetten op een lokale Basisinfrastructuur. Dat biedt waarschijnlijk meer houvast, maar biedt ook meer financiële zekerheid, waardoor je misschien beter in staat bent om eventuele klappen op te vangen. Dan het punt inclusie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13024665/2