Stark - jaarstukken 2021 + controleverklaring.pdf
Tekst van het document
31-12-2020
( * € 1.000) Kapitaalverstrekking aan: Deelneming SSP B.V.
1.730
1.720
Boekwaarde 31 december
1.730
1.720
De aandelen van SSP zijn bij de splitsing van Alescon overgedragen tegen nettovermogenswaarde. De waarde van de deelnemingen ultimo 2021 is gestegen met € 10.000. Deze stijging is ontstaan door het positieve resultaat van SSP B.V.. Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder worden als volgt gespecificeerd:
( * € 1.000) Uitzettingen in 's Rijks schatkist Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Overige uitzettingen Saldo per 31 december
31-12-2021
31-12-2020
239 663 803 41
830 274 687 33
1.745
1.824
Uitzettingen in ’s rijks schatkist Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in de rijksschatkist aan te houden. De uitzettingen bij het rijk zijn als volgt gespecificeerd: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Rekening courant met het Rijk
239
830
Saldo per 31 december
239
830
30
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Verslagjaar 2021 (bedragen x € 1000) (1)
(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1)
Drempelbedrag
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
250 Kwartaal 1
250 Kwartaal 2
1.000 Kwartaal 3
1.000 Kwartaal 4
41
29
56
61
209
221
944
939
0
0
0
0
29.041
29.041
29.041
29.041
29.041
29.041
29.041
29.041
0
0
0
0
250
250
1.000
1.000
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
3.693
2.598
5.141
5.638
90
91
92
92
41
29
56
61
(1) Berekening drempelbedrag (4a) (4b)
(4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van €250.000/per 1/7 €1.000.000
Drempelbedrag
(2)
Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's rijks schatkist aangehouden middelen
(5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's rijks schatkist aangehouden middelen
Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. De drempel is 0,75% van het begrotingstotaal, als het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen, met een minimum van € 250.000. De minimum drempel is per 1-7-2021 verhoogd naar € 1.000.000.
31
Vorderingen op openbare lichamen De vorderingen op openbare lichamen zijn de vorderingen op de deelnemende gemeenten die als volgt zijn gespecificeerd: 31-12-2021
31-12-2020
473
0
108
195
42 11 29
0 79 0
663
274
31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Handelsdebiteuren Te vorderen BTW
803 0
581 105
Saldo per 31 december
803
687
( * € 1.000) Te ontvangen Rijksbijdrage Te ontvangen loonkostensubsidie en begeleidingskosten Te ontvangen vergoeding trajecten Te ontvangen vergoeding collectief vervoer Te ontvangen overige vergoedingen Saldo per 31 december Overige vorderingen De overige vorderingen zijn als volgt gespecificeerd:
De overige vorderingen bevatten de vorderingen op handelsdebiteuren. De te vorderen handelsdebiteuren zijn inclusief het te vorderen bedrag op de deelnemingen ad € 19.000. Overige uitzettingen De overige uitzettingen zijn als volgt gespecificeerd: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Te vorderen werknemersregeling
41
33
Saldo per 31 december
41
33
32
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Kas Bank
0 172
0 59
Saldo per 31 december
172
59
31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde kosten
362 139
598 135
Saldo per 31 december
501
733
De kredietlimiet op de rekening-courant bij de BNG is € 3.000.000. Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt worden onderscheiden:
De nog te ontvangen bedragen van € 362.000 zijn onder andere het nog te ontvangen bedrag lage inkomensvoordeel 2021 van € 194.000, de nog te factureren vergoedingen van collectief vervoer (€ 81.000) en de nog te ontvangen UWV compensatie voor transitievergoedingen (€ 66.000). De vooruitbetaalde kosten van € 139.000 bestaan onder andere uit vooruitbetaalde premies voor ziektekosten (€ 69.000), vooruitbetaalde kosten voor automatisering (€ 45.000) en vooruitbetaalde huren (€ 14.000).
Passiva Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen wordt als volgt weergegeven: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Algemene bedrijfsreserve Bestemmingsreserve
2.204 401
1.505 0
Saldo per 31 december
2.605
1.505
Het resultaat over 2021 is € 1.100.000. De bestemming van het resultaat is in de bestuursvergadering vastgesteld. Voor het project nieuwbouw is een bestemmingsreserve opgenomen van € 401.000. Het resterende deel van het resultaat is toegevoegd aan de algemene bedrijfsreserve (€ 699.000).
33
Het verloop van de reserves over 2021 en 2020 is dan als volgt: Algemene bedrijfsreserve
2021
2020
( * € 1.000) Stand 1 januari Toevoeging/onttrekking resultaat
1.505 699
1.505 0
Saldo per 31 december
2.204
1.505
Bestemmingsreserve ( * € 1.000) Stand 1 januari Toevoeging/onttrekking resultaat
2021
2020
0 401
0 0
Saldo per 31 december
401
0
Vaste schulden met een rente-typische looptijd van één jaar of langer De onderverdeling van de vaste schulden met een rente-typische looptijd van één jaar of langer is als volgt: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Onderhandse leningen van binnenlandse banken
819
1.005
Saldo per 31 december
819
1.005
Onderhandse leningen van binnenlandse banken In het hierna opgenomen verloopoverzicht worden de onderhandse leningen van banken over de jaren 2021 en 2020 weergegeven: 2021
2020
( * € 1.000) Saldo per 1 januari Af: reguliere aflossingen Bij: nieuwe lening
1.005 186 0
1.558 553 0
Saldo per 31 december
819
1.005
De jaarlijkse aflossing bedraagt in 2021 € 186.000. De totale rentelast voor deze onderhandse leningen van binnenlandse banken met een looptijd langer dan één jaar bedraagt in 2021 € 42.000.
34
Netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd korter dan één jaar Onder de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd van één jaar of korter zijn opgenomen: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Overige schulden Overlopende passiva
1.153 822
1.994 1.005
Saldo per 31 december
1.975
2.998
In onderstaand overzicht worden de overige schulden gespecificeerd:
( * € 1.000) Crediteuren Af te dragen belastingen Af te dragen premies Rente leningen Nettolonen en transitievergoedingen Saldo per 31 december
31-12-2021
31-12-2020
646 466 0 34 6
1.255 496 0 41 201
1.153
1.994
De af te dragen belastingen bevat de belasting voor loonheffing en omzetbelasting. De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: 31-12-2021
31-12-2020
( * € 1.000) Nog te betalen gemeentelijke bijdrage Nog te betalen loonkostensubsidie Nog te betalen collectief vervoer Nog te betalen personeelskosten - inhuur Nog te betalen personeelskosten - overig Nog te betalen vervoerskosten Nog te betalen gas en elektra Nog te betalen inkoopwaarde van de omzet Nog te betalen advieskosten Nog te betalen frictiekosten Nog te betalen overige kosten Vooruit ontvangen omzet Vooruit ontvangen bonus telefonie
519 30 12 102 82 1 31 15 5 4 4 18 0
897 0 0 15 1 9 22 16 0 10 21 4 10
Saldo per 31 december
822
1.005
35
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Stark is voor de komende jaren gebonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen.
Huurovereenkomsten: 2022 voor een bedrag van € 253.000; 2023 € 0. Leaseovereenkomsten: 2022 voor een bedrag van € 54.000; 2023 € 10.000; 2024 € 9.000. Verlofuren die t/m 2021 niet zijn opgenomen: € 810.000.
Gebeurtenissen na balansdatum Voor Stark zijn er geen gebeurtenissen na balansdatum te melden.
Vennootschapsbelasting Stark streeft naar een subjectieve vrijstelling van de vennootschapsbelasting. Om die reden is het resultaat van de vennootschapsbelasting nul.
36
Toelichting overzicht van Baten & Lasten In de toelichting wordt nader ingegaan op de analyse van de afwijking tussen rekening en begroting.
Baten Brutomarge De brutomarge bestaat uit de omzet minus de inkoopwaarde van de omzet. In onderstaand overzicht wordt de brutomarge in totaal weergegeven: Rekening 2021
Begroting 2021
Afwijking 2021
Rekening 2020
(bedragen * € 1.000) Bruto omzet Inkoopwaarde van de omzet
7.591 -963
7.780 -752
-188 -211
7.598 -911
Totaal
6.628
7.027
-399
6.687
In onderstaand overzicht wordt de brutomarge per rubriek weergegeven: Rekening 2021
Begroting 2021
Afwijking 2021
Rekening 2020
(bedragen * € 1.000) Binnen afdelingen BOR Detacheringen Externe markt (trajecten e.d.) Overige
1.448 2.898 1.907 232 142
1.416 2.828 2.129 500 155
32 70 -222 -268 -13
1.484 2.928 1.720 437 118
Totaal
6.628
7.028
-400
6.687
Stark heeft in 2021 een brutomarge van € 6.628.000 gerealiseerd. Dit is € 400.000 lager dan begroot. De brutomarge externe markt laat een negatieve afwijking zien ter hoogte van € 268.000. De negatieve afwijking wordt veroorzaakt door een lagere inkoop van gemeentelijke trajecten als gevolg van bezuiniging en corona. En ook doordat het vermarkten van onze dienstverlening naar andere gemeenten is vertraagd. Daarnaast zijn er minder detacheringen gerealiseerd dan verwacht. De binnen afdelingen en BOR laten een positieve afwijking ten opzichte van de begroting zien van respectievelijk € 32.000 en € 70.000. De positieve afwijking bij de binnen afdelingen is ontstaan door een tariefsverhoging bij de Business Post, welke na het opstellen van de begroting is vastgesteld. De BOR heeft naast de gemeentelijke werken ook additionele werken kunnen verrichten, wat gezorgd heeft voor een hogere omzet dan verwacht.
37
Overige opbrengsten De overige opbrengsten worden in onderstaand overzicht weergegeven: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Opbrengsten verhuur Boekwinst verkopen
50 305
50 0
250 0
Totaal
355
50
250
De boekwinst verkopen betreft een incidentele bate. Deze bestaat uit de boekwinst op de verkoop van het gebouw aan de Weberstraat in Hoogeveen en de boekwinst op een aantal machines. Rijksbijdrage De bijdrage van het Rijk is als volgt: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Bijdrage WSW Bijdrage buitengemeente
19.197 -28
17.367 0
20.143 -16
Totaal
19.169
17.367
20.127
De Rijksbijdrage is gebaseerd op de decembercirculaire uit 2021 (versie 14 december). De Rijksbijdrage is hoger dan begroot (€ 1.802.000). Deze hogere Rijksbijdrage bestaat voor een bedrag van € 473.000 uit een tegemoetkoming in de kosten voor corona maatregelen en lagere omzet. In 2021 zijn er medewerkers naadloos overgegaan (-€ 28.000) naar buitengemeenten. Gemeentelijke bijdrage Onderstaand een weergave van de gemeentelijke bijdrage: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Gemeentelijke bijdrage Participatiewet Bijdrage beschut werken Bijdrage collectief vervoer gemeente Loonkostensubsidie BAB Pilot zinvolle participatie
1.481 924 270 48 10
2.516 783 218 0 0
1.103 771 220 36 0
Totaal
2.733
3.517
2.131
Zoals in het bedrijfsplan van Stark is vastgesteld blijft de gemeentelijke bijdrage binnen € 2.000.000. De bijdrage Beschut Werk is € 141.000 hoger omdat er meer personen geplaatst zijn dan begroot.
38
Resultaat deelnemingen Het resultaat van de deelnemingen wordt in onderstaand overzicht weergegeven: Stark Sales & Participation (SSP) B.V.
Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Resultaat deelnemingen
10
0
-58
Totaal
10
0
-58
Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
(* € 1.000) Loonkosten ambtenaren Personeel van derden Overige secundaire personeelslasten
487 3.506 77
725 3.661 68
588 3.434 26
Totaal
4.069
4.454
4.048
Lasten Personeelskosten begeleidend personeel De specificatie van de personeelskosten begeleidend personeel is als volgt:
De personeelskosten voor begeleidend personeel zijn € 385.000 binnen begroting gebleven. Deze besparing is tweeledig. Deels is er een besparing gerealiseerd omdat niet iedere medewerker na vertrek is vervangen. Daarnaast zijn de tarieven voor het personeel van PVA B.V. te hoog begroot, ervan uitgaande dat de nieuwe CAO SGO eerder in werking zou treden. Loonkosten SW en Beschut werken De loonkosten SW en Beschut werken worden in onderstaand overzicht gespecificeerd: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Loonkosten SW Vorming en opleiding Geneeskundige zorg en arbo Reiskosten Kosten werkkleding Secundaire personele lasten Begeleid werken Beschut werken
18.264 49 234 450 53 152 1.041 1.065
18.101 109 157 387 75 102 1.195 701
19.817 64 162 387 75 136 1.099 635
Totaal
21.307
20.827
22.375
De loonkosten SW wijken € 163.000 negatief af van de begroting. De afwijking is ontstaan doordat een deel van de loonstijging die bij het opstellen van de begroting nog niet bekend 39
was, niet is meegenomen in de begroting. Tegenover deze loonstijging staat een hogere Rijksbijdrage. In 2021 is compensatie voor transitievergoedingen over voorgaande jaren ontvangen. Het eenmalige positieve effect op de exploitatie bedraagt in 2021 € 678.000. De loonkosten voor begeleid werken zijn € 154.000 lager dan begroot. Bij de splitsing van Alescon zijn de gemiddelde loonkosten voor begeleid werken te hoog opgenomen in de begroting. Dit werkt nog door in de begroting van 2021. Afschrijvingen De afschrijvingen worden als volgt onderverdeeld: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Afschrijvingskosten voorziening terreinen Afschrijvingskosten gebouwen Afschrijvingskosten installaties, machines en werktuigen Afschrijvingskosten vervoermiddelen Afschrijvingskosten overige activa
0 19
0 19
2 84
234 27 15
234 27 15
269 0 17
Totaal
295
295
372
De afschrijvingen komen overeen met de begroting. Er is geen versnelde afschrijving op activa toegepast. Huisvestingskosten In onderstaand overzicht worden de huisvestingskosten gespecificeerd: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Huur gebouwen en opslag Onderhoud gebouwen en installaties Gas, water en elektra Belastingen en verzekeringen Schoonmaak en hygiëne Overige kosten
456 119 140 29 61 18
449 167 140 35 152 18
480 108 279 35 73 18
Totaal
824
962
993
De huisvestingskosten laten een onderschrijding zien van € 138.000. Deze afwijking wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere onderhoudskosten (€ 48.000). Er wordt niet meer geïnvesteerd vanwege de keuze te verhuizen naar een ander pand. Ook zijn de kosten van schoonmaak gedaald (€ 91.000).
40
Indirecte productiekosten De specificatie van de indirecte productiekosten wordt in onderstaand overzicht weergegeven:
( * € 1.000) Huur en lease bedrijfsmiddelen Transportkosten Onderhoud machines, schaftwagens en inventaris Kosten ontwikkeling en inrichting Milieubelasting Gebruik gereedschap Overige indirecte productiekosten Totaal
Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
164 285
167 267
183 216
258
315
337
7 46 13 77
14 32 23 97
20 46 12 68
849
916
883
De totale indirecte productiekosten zijn € 67.000 lager dan begroot. De transportkosten zijn gestegen, door hogere brandstofkosten (€ 18.000). De onderhoudskosten van machines waren lager dan begroot (€ 57.000). Een aantal machines met hogere onderhoudskosten, zijn ingeruild. De post milieubelasting bestaat o.a. uit verwerking van bedrijfsafval, er is meer afval afgevoerd (€ 14.000). Het gebruik van gereedschap en de overige indirecte productiekosten zijn onder begroting gebleven (€ 30.000). Beheerskosten De beheerskosten worden als volgt onderverdeeld: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Reclame, PR en acquisitie Telefoon en communicatie Onderhoud en automatisering Kantoorbenodigdheden en porti Abonnementen en contributies Vergader- en representatiekosten Overige kosten
8 44 255 11 47 1 42
27 49 313 29 37 7 37
7 54 248 15 23 2 20
Totaal
408
500
370
De totale beheerskosten zijn € 92.000 lager dan begroot. Er zijn minder kosten gemaakt voor reclame, PR en acquisitie dan begroot (€ 19.000). Door het thuiswerken van de ondersteunende medewerkers zijn er minder kosten geweest voor telefonie, kantoorbenodigdheden en vergader- en representatiekosten (€ 29.000). De kosten voor onderhoud en automatisering zijn € 58.000 lager dan begroot. Door een aanbesteding hebben we onze ICT-kosten kunnen verlagen.
41
Kosten afsplitsing De kosten sociaalplan en frictiekosten worden in onderstaand overzicht weergegeven: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Kosten afsplitsing
0
50
34
Totaal
0
50
34
De kosten van de afsplitsing zijn éénmalige kosten. Deze kosten zijn begroot in verband met de doorontwikkeling van de organisatie. Er zijn geen kosten ten laste van deze begroting gebracht. Financiële lasten In onderstaand overzicht worden de financiële lasten gespecificeerd: Rekening 2021
Begroting 2021
Rekening 2020
( * € 1.000) Rente leningen
42
62
62
Totaal
42
62
62
De rente van de leningen is € 20.000 lager dan verwacht bij het opstellen van de begroting.
42
Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen (WNT) De WNT is van toepassing voor Stark. Conform de beleidsregels toepassing WNT staat in onderstaande tabel voor alle topfunctionarissen de voorgeschreven informatie opgenomen. Voor Stark is het algemene bezoldigingsmaximum van toepassing (2021: € 209.000). Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking 2021
2020
bedragen x € 1.000
S. Hertog
S. Hertog
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
Directeur Directeur 01/01 –31/12 01/01 –31/12 1 1 Ja Ja € 111.764 € 19.867 € 131.631
€ 106.383 € 18.063 € 124.446
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging
€ 209.000
€ 201.000
€0
€0
€ 131.631
€ 100.372
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
De WNT-gegevens wijken af van de cijfers zoals opgenomen in de jaarrekening 2020. Dit was voornamelijk nodig omdat de pensioenbijdrage van de werkgever niet volledig is meegenomen in de verantwoording. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder Naam
Functie
J. Zwiers J.H. Batelaan H. Mulder J. Schipper K.B. Loohuis E. van Dijk R. de Groot
Voorzitter bestuur Vicevoorzitter bestuur Secretaris bestuur Vicesecretaris bestuur Lid van het bestuur Lid van het bestuur Lid van het bestuur
Periode 01/01-31/12 01/01-31/12 01/01-31/12 01/01-31/12 01/01-31/12 01/06-31/12 01/01-01/06
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2021 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
43
Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid Rechtmatigheid Rechtmatigheid is het in overeenstemming met de begroting en de geldende wettelijke regelingen handelen. Op grond van artikel 213 Gemeentewet is in het kader van de jaarrekening onderzoek naar getrouwheid en rechtmatigheid verricht. De accountant geeft een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening als geheel en een oordeel over rechtmatigheid bij de totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties. De accountant heeft bij het oordeel over de rechtmatigheid gesteund op de waarborgen van de organisatie op het vlak van de naleving van de in- en externe regelgeving. Normenkader Het normenkader is door het bestuur voor kennisgeving aangenomen. Het normenkader geeft de bestaande externe wet- en regelgeving, verordeningen en besluiten van het bestuur weer voor zover die bepalingen bevatten over financiële beheers handelingen. Begrotingsrechtmatigheid In de toelichting op het overzicht van baten en lasten zijn de cijfermatige afwijkingen toegelicht in relatie tot de begroting voor 2021.
Onderstaand het overzicht met de staat van baten en lasten en begroting 2021 en 2020 ter beoordeling van de analyse op de afwijkingen en begrotingsrechtmatigheid: Rekening Primaire Afwijking Rekening Primaire 2021 begroting 2020 begroting 2021 2020 ( * € 1.000) Bruto-omzet Overige Opbrengsten Rijksbijdrage Gemeentelijke bijdrage Resultaat deelnemingen Baten
7.591 354 19.169 2.733 10 29.857
7.780 50 17.367 3.517 0 28.714
-188 304 1.802 -784 10 1.144
7.598 250 20.127 2.131 -58 30.048
7.652 265 16.878 3.095 0 27.890
Inkoopwaarde van de omzet Personeelskosten begeleidend personeel Personeelskosten SW & Beschut Werken Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Kosten afsplitsing Financiële lasten Lasten
963 4.069 21.307 295 824 849 408 0 42 28.757
752 4.454 20.827 295 962 916 500 50 62 28.817
-211 385 -480 0 138 66 92 50 20 60
911 4.049 22.375 372 993 883 370 34 62 30.049
863 4.062 20.760 296 1.098 851 575 0 77 28.582
Resultaat
1.100
-103
1.203
0
-692
44
De staat van baten & lasten laat een positief resultaat zien van € 1.100.000. Dit resultaat is € 1.203.000 hoger dan bij het opstellen van de begroting werd verwacht. De personeelskosten SW en Beschut Werken wijken negatief af van de primaire begroting. Hier tegenover staan compenserende baten van het rijk.
45
Bijlage: verdeling taakvelden Taakveld 0.4 Overhead Het onderstaande overzicht laat een weergave zien van het taakveld 0.4 overhead: Realisatie 2021
Realisatie 2020
140 0 140 316 10 466
118 0 118 50 -58 110
Personeelskosten begeleidend personeel Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Kosten afsplitsing Financiële lasten Lasten
1.838 29 164 36 353 0 8 2.428
1.870 126 146 11 329 32 30 2.544
Resultaat
-1.962
-2.434
(* € 1.000) Bruto omzet Inkoopwaarde van de omzet Bruto marge Overige opbrengsten Resultaat deelnemingen Baten
Als overheadkosten zijn de kosten opgenomen die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Brutomarge: De brutomarge is een doorbelasting van werkzaamheden aan de deelnemingen. Personeelskosten begeleiding overhead: De afdeling Middelen, waaronder Directie, Finance, HRM, Kwaliteit, Administratie, Inkoop en Huisvesting. Daarnaast de managers van de diverse leerwerkafdelingen en de manager van de werkwinkel worden gerekend als overhead. Afschrijvingskosten: Dit betreft met name de afschrijving van de gebouwen, daarnaast een gedeelte van de inrichting ten behoeve van de afdeling Middelen. Huisvestingskosten: In totaal is 20% van de huisvesting ten behoeve van de overhead, hierbij is gekeken naar oppervlakte en naar kosten met betrekking tot de kantoren. Indirecte productiekosten: Alle directe en indirecte productiekosten zijn ten behoeve van het primair proces. Beheerskosten: Alle beheerskosten komen ten laste van de overhead.
46
Resultaatbestemming en vaststelling Het resultaat over het jaar 2021 is € 1.100.000. Er wordt een dotatie aan de algemene bedrijfsreserve gedaan van € 699.000. Daarnaast wordt een dotatie gedaan aan een bestemmingsreserve van € 401.000. De gemeentelijke bijdrage wordt € 1.480.076, daarmee vloeit € 519.924 terug naar de gemeenten. Aldus opgemaakt: 11 april 2022 Aldus vastgesteld in een bestuursvergadering van de Gemeenschappelijke Regeling Stark op 11 april 2022
Dhr. J. Zwiers voorzitter
Mevr. H. Mulder secretaris
47
Controleverklaring
48
CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Stark
A. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2021 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Stark te Hoogeveen gecontroleerd. Naar ons oordeel: • Geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2021 als van de activa en passiva van de gemeenschappelijke regeling Stark op 31 december 2021 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). • Zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder eigen verordeningen, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader dat is vastgesteld door het bestuur op 26 maart 2021. De jaarrekening bestaat uit: 1. Het overzicht van baten en lasten over 2021. 2. De balans per 31 december 2021. 3. De toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. 4. De bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en de Regeling Controleprotocol WNT 2021 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling Stark zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met de Regeling Controleprotocol WNT 2021 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd.
Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.
2022.074
CONTROLEVERKLARING
Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 288.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling Controleprotocol WNT 2021. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met het bestuur overeengekomen dat wij aan het bestuur tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 14.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, of WNT-redenen relevant zijn.
B. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit: • Het jaarverslag, waaronder de programmaverantwoording en de paragrafen. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het bestuur voor de jaarrekening Het bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening, in overeenstemming met het BBV. Het bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, waaronder eigen verordeningen, zoals opgenomen in het normenkader dat is vastgesteld door het bestuur op 26 maart 2021. In dit kader is het bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude.
2022.074
CONTROLEVERKLARING
2 van 4
Bij het opmaken van de jaarrekening moet het bestuur afwegen of de financiële positie voldoende is om de gemeenschappelijke regeling in staat te stellen de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen. Het bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de risico’s kunnen worden opgevangen toelichten in de jaarrekening. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht, dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate, maar geen absolute mate van zekerheid, waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.
Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, de Regeling Controleprotocol WNT 2021, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: • Het identificeren en inschatten van de risico’s - dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude; - dat baten en lasten alsmede de balansmutaties als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing. • Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.
Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling. • Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan. • Het vaststellen dat de door het bestuur gehanteerde afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring.
Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeenschappelijke regeling de financiële risico’s niet kan opvangen; • Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen.
2022.074
CONTROLEVERKLARING
3 van 4
•
Het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Wij communiceren met het bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Groningen, 11 april 2022 Hofsteenge Zeeman Groep B.V. Was getekend: drs. E. Vriesen RA
2022.074
CONTROLEVERKLARING
4 van 4