CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

Raadsavond 8 december 2022, gemeente Hoogeveen23.359 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

ook mijn vraag over: hoe zou zo’n beleid er ongeveer uit kunnen gaan zien? We zouden, contextueel zouden we kunnen zeggen: er kunnen moties over worden ingediend. Maar dat is een praktische insteek. De voorzitter: Wel voor die praktische insteek, we kijken wel of het CDA met een voorstel komt bij de besluitvorming. Is dit voldoende zo voor u, mevrouw Jansen? Oké, dan gaan we door naar het volgende agendapunt, er werd ook al aan gesproken, we missen een aantal punten in de nota, werd door de heer Walda aangegeven en door D66. Ik zal ze eerst even, de heer Walda nog even kort het woord daarover willen geven. En dan mevrouw Rutgers. De heer Walda: Ja, dank u wel voorzitter. Een aantal punten die missen. In de vorige nota werd uitgebreid in hoofdstuk drie werd er beschreven, werd er geëvalueerd hoe de vorige nota, hoe dat ervoor stond. Dat is keurig. Het is ook goed om in een beleid ook terug te kijken. Op het moment dat je kunt terugkijken kun je leren van fouten en daar nodig bijsturen. De Deming circle heeft daar, Deming heeft daarover geschreven. Dat is ook de reden om ook regelmatig bij nota’s dan ook terug te blikken. Dat is een. En verder, mevrouw Rutgers had het ook al aangehaald, die pakte het onderwerp cultuur. En mijnheer Brand, die pakte al het onderwerp luchtkwaliteit.

Er zijn allemaal beleidsterreinen wat invloed heeft op de volksgezondheid en ons punt is dan ook zeker: dergelijke zaken moeten besproken worden en wat is dan ook het beleid, hè, zou een vraag kunnen zijn van mevrouw Jansen aangaande het vorige onderwerp. Wat is dan het beleid, er wordt beleid genoemd vanuit de andere beleidsterreinen en die kunnen hier worden samengevat, in ieder geval naar verwezen. De voorzitter: Oké, mevrouw Rutgers, heeft u daar een aanvulling op? Mevrouw Rutgers: Nou, ik meende dat u mijn reactie ook wilde omdat ik een vergelijkbaar punt had aangestipt. Dus die ruimte wou ik pakken. De voorzitter: Ja, heel graag, ga uw gang. Mevrouw Rutgers: Oké. Ja, ik wou niet zozeer een debatpunt maken van het ontbreken van cultuur in deze nota, want daar heb ik ook al mailcontact over gehad met de wethouder en er is net ook op gereageerd. Dus dat was niet de bedoeling. Maar wat u aangeeft, mijnheer Walda: moeten we niet ook terugblikken op beleid wat er lag voordat we daar op hetzelfde punt nieuw beleid gaan ontwikkelen, ja, dat onderstreep ik volledig. En D66 heeft ook de afgelopen raadsperiode ongeveer bij elke nota, elk beleidsstuk gevraagd: moeten we niet een evaluatiemoment opnemen? En dat is ongeveer nooit gehonoreerd, dus ik ben blij met deze koerswijziging.

Want ja, volgens mij moeten we periodiek evalueren: doet ons beleid wat we daarmee beogen? En moeten we eventueel ook bijsturen? Dus een goed punt wat mij betreft, dat wil ik prima ondersteunen. De voorzitter: Ik zie instemmend geknik, dus … Hele korte reactie er nog op? Mevrouw Jansen-Brandsema: Nou, een korte aanvulling. Ik kan er heel erg in meegaan gezien ook het feit dat we het hier hebben over een nota van vier jaar, maar in vier jaar kan zo ontzettend veel gebeuren, dat weten we inmiddels natuurlijk allemaal. De voorzitter: Mevrouw Manusama.

Mevrouw Manusama: Nou, ik ben het er ook mee eens, maar ik vind dat het in het algemeen geldt en niet specifiek voor gezondheid, maar gewoon in zijn algemeenheid dat je eerst evalueert en dan iets nieuws vaststelt. De voorzitter: Nou, kunnen we dan vanuit de Gemeentebelangen een voorstel verwachten? De heer Walda: Jazeker. De voorzitter: Nou, dan kijk ik met belangstelling daar naar uit. Dan komen we bij de twee, ja, het punt van de ChristenUnie aan, de visie op eigen regie. Mevrouw Pullen, wilt u dat nog kort introduceren? Mevrouw Pullen-Muis: Nou, heel kort. We hebben gezondheid wordt in de nota gedefinieerd, is het vermogen om je aan te passen, zelf regie te voeren op sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven. Nou en dat wordt dan helemaal verder uitgewerkt in een nota.

En eigen regie, dat is een term die we natuurlijk met enige regelmaat gewoon voorbijkomen, maar bij gezondheid kun je, ja, wil je natuurlijk best die regie over je eigen leven houden, maar ik heb en wij hebben als ChristenUnie daar ook wel gewoon onze vraagtekens bij in de zin van: nou ja, tot hoeverre gaat die eigen regie? Wanneer neem je het over? Nou, ik heb zelf een moeder gehad waarin we heel veel dingen hebben moeten regelen en op een gegeven moment kom je in de situatie waarin je denkt: ja, wat is haar regie nog en wat is de regie van de familie, laat ik maar even … Dus, nou, dat zijn allemaal dingen, dat is een voorbeeld. We hebben als ChristenUnie onlangs ook bij Stichting Present een actie gedaan, zoals u waarschijnlijk hebt vernomen in de media. En dan kom je ook in een situatie waarin je denkt: ja, daar zou je eigenlijk heel veel regie willen overnemen in een situatie waarin mensen zeg maar een hele lage SES hebben en dan SES, waar we het net over hadden. Nou, dus ik ben gewoon heel benieuwd naar hoe andere partijen kijken naar, nou ja, zo’n definitie als zelf regie voeren. Ik bedoel, het is makkelijker gezegd dan gedaan. De voorzitter: Wat zijn de meningen daarover, over de eigen regie, hoe ver die moet gaan? De heer Van Rijn.

De heer Van Rijn: Ja, dat is ook een hele moeilijke vraag omdat, ja, voor de ene is dit de eigen regie voldoende en voor de andere helemaal nog niet. En ja, de ene is meer verantwoordelijk voor zichzelf, dus die zal ook meer de regie gaan pakken en de ander die denkt van, nou ja, als anderen dat voor mij kunnen uitdenken, dan vind ik het ook goed. Dus, maar hoe kun je dat in een beleid opnemen, dat, daar is mijn vraag even een beetje op gericht. De voorzitter: Kunt u daar meteen op reageren, mevrouw Pullen? Mevrouw Pullen-Muis: Ja, het gaat vooral mij ook om van, nou ja, hè, we hebben het vanavond over de nota en dan heb je het ook over de verantwoordelijke taak als gemeente. En wanneer ga je dan echt ingrijpen of die regie overnemen? Daar zitten de punten denk ik vooral. De voorzitter: Ja, de heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, korte reactie daarop. Wat mij betreft is die eigen regie zo lang mogelijk geldig, alleen die is wel heel individueel en situationeel bepaald. Dus dat vraagt telkens om een soort van maatwerkafweging: wat nog kan en wanneer ingrijpen echt ‘…’ is om verdere schade te voorkomen, bijvoorbeeld. Dus daar ligt voor mij een beetje de grens. Op het moment dat het echt, nou ja, schadelijk is

voor de volksgezondheid, voor deze persoon, deze inwoner, dan zou er een, ja, zou een einde moeten zijn, kunnen zijn aan de eigen regie. Maar ik vind het een hele lastige. De voorzitter: Ja, dat roept nodige discussie op. Maar mevrouw Rutgers was als eerste. Mevrouw Rutgers: Dank u wel. Ja, ik denk ook niet dat wij die discussie moeten voeren want dat is denk ik bij een heleboel beroepsgroepen vastgelegd, wanneer mag dit wettelijk gezien en wanneer niet? Waar het volgens mij in deze nota om gaat is: als mensen op dit moment niet bepaalde verantwoordelijkheid kunnen nemen en daar hulp bij nodig hebben en daar hulp bij vragen, hoe zorgen we dan vanuit die hulpvraag dat zij weer zelf daar de regie over kunnen nemen? En dat is iets anders dan de grote vragen waar u net aan refereerde en dat is natuurlijk wettelijk vastgelegd en dit gaat, hoe maken we mensen zelfredzaam en ja, daar zit volgens mij een verschil in. En ik denk dat we daar ook goed naar moeten kijken: wat past dan bij het landelijke en wat past bij het lokale beleid? De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik mevrouw Jansen nog. Mevrouw Jansen-Brandsema: Ja, als het gaat om eigen regie ben ik het ermee eens dat iemand echt zo lang mogelijk zijn eigen regie moet kunnen voeren.

Dat betekent dat als iemand zichzelf of zijn huis versmeerd maar wel in de omgeving hulp heeft en toch verder in zijn eigen huis kan blijven wonen, dan zou dat moeten kunnen. Ik weet ook dat daar gewoon kaders en regels onder liggen, met hele basale vragen waar een antwoord op moet komen. Dus ik denk inderdaad niet dat wij dat hoeven te bediscussiëren hier. De voorzitter: Als het goed is mevrouw Blenkers nog, excuus dat ik u over het hoofd zag. Mevrouw Blenkers-Noordzij: Ja, geeft niets, ik zit ook in het hoekje, dus. Maar ik sluit mij aan bij mevrouw Jansen en bij mevrouw Rutgers, want dat was mijn punt ook. Maar ik wou daar eigenlijk bij zeggen dat ik reikhalzend uitkijk naar het uitvoeringsprogramma, want ik neem aan dat het daarin terugkomt. En als we het er dan niet mee eens zijn, dan trekken we wel weer aan de bel. De voorzitter: Is dat … Als laatste nog even? Mevrouw Pullen-Muis: Ja, mevrouw Blenkers reageert op het uitvoeringsprogramma, maar er is natuurlijk best al gewoon een heel stuk in omschreven. Dus dan denk ik: ja, daar worden ook keuzes ingemaakt die soms ook wel, nou, wat je kunt zeggen, is dat passend bij deze situatie? Dus dat is even mijn opmerking. De voorzitter: Oké. Dan zag ik toch nog twee vingers. Mevrouw Manusama.

Mevrouw Manusama: Ja, ik denk dat, eigen regie is heel mooi maar het moet ook niet een verkapte bezuinigingsmaatregel zijn, dus je kan mensen zo lang mogelijk eigen regie geven maar het moet ook niet zo zijn dat we dat doen om dan ergens op te bezuinigen of dat. De voorzitter: Ja. Tot slot, de heer Walda. De heer Walda: Ja, dank u wel voorzitter. Met een hele eenvoudige uitspraak: de maatschappij zijn wij. Dus wanneer nemen we de regie over, wie neemt de regie over? Als we kijken in onze eigen omgeving, er zijn voldoende hulptroepen vaak voorhanden, maar daar waar geen hulptroepen voorhanden zijn kan wel de hulpvraag gesteld worden. En daar zou ongeveer de grens moeten liggen van regie, wel of niet. En ik vind dat we als overheid niet al te veel de regie moeten overnemen.

De voorzitter: Helder, dank u wel. Mevrouw Pullen, kunnen wij nog, gaat u nog wat doen met dit punt of is dit voldoende voor u zo? Mevrouw Pullen-Muis: Nou, ik vind het gewoon heel waardevol om even kort te horen hoe de verschillende partijen daarin staan op dit punt, omdat het toch ook iets is waar mensen ook heel verschillende beelden bij hebben. Mevrouw Manusama refereerde aan: nou ja, je kunt ook achteroverleunen. Ja, dan is dat punt is dan denk ik, ja, dan moeten we het toch als overheid wel die taak oppakken. Dus in die zin ben ik blij met dit gesprek hierover en was het niet zozeer een debat dan maar meer een gesprek maar dat is ook goed. De voorzitter: Een gesprek is ook altijd waardevol. Dan van visie op eigen regie gaan we naar zelfbeschikkingsrecht gezonde leef… Kan soms mijn eigen handschrift niet meer lezen, maar in ieder geval het zelfbeschikkingsrecht wat door Forum is aangedragen. De heer Kleine: Ja, dank u wel voorzitter. Het raakt eigenlijk denk ik wel het gesprek wat een beetje ontstond naar aanleiding van de inbreng van mevrouw Pullen. Het was specifiek ook, hè, daarvoor had ze volgens mij nog een andere vraag en dat ging erover dat, in hoeverre mocht een snackbar of zo dan wel of niet … Ja, nou ja, hè, dat zou dan, dat zou beter aangeven hoe mijn vraag dan of mijn debatpunt dan bedoeld is.

Tot hoever mag dan een overh… Kijk, ik snap best dat je, dat er verschillende meningen zijn over acute zorg, wel of niet en dan wel of niet ingrijpen. Maar tot hoever mag een overheid dan gaan om te zeggen: nou ja, ja, jouw BMI is te hoog, jij mag geen frikandel meer eten. En ja, tot hoever, wanneer stopt dat spel? Daar ben ik wel benieuwd naar. De voorzitter: Oké, willen andere fracties daarop reageren? De heer Van Rijn, SGP. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel. Ja, wij vinden ook: daar moet wel ergens een grens liggen, want waar blijf je dan? Dan mag je mensen die roken, die mogen dus niet meer vanuit de zorgverzekering mogen ze zeg maar hulp krijgen, want, ja, dat doen ze zichzelf aan, weet je wel. En iemand die alcohol drinkt te veel, die wordt ook ziek en die zal dan ook geen hulp … Dus wij vinden wel tot een bepaalde grens moet het wel gewoon zeg maar blijven. Maar ja, er zullen ongetwijfeld als er weet ik wat voor besmettelijke epidemie uitbreekt, dan zul je daar een actie op moeten voeren. En ja, of je dat fijn vindt of niet, dat moeten we met z’n allen doen, want anders helpt het niet. De voorzitter: Wilt u nog reageren, de heer Van der Meer? De heer Van der Meer: Ja, korte reactie, in die zin dat ik denk: ja, wanneer grijp je als overheid in? Nou, in principe niet.

Mensen hebben zelfbeschikkingsrecht en dat geldt ook als we kijken naar de afgelopen periodes waarin we met covid of andere ziektes te maken hebben gekregen. Je kiest zelf of je kiest niet en de overheid heeft wat mij betreft vooral een voorlichtende en communicatierol. Mevrouw Rutgers: Even een punt van orde hoor, want we zijn nu weer bezig met landelijk beleid in plaats van lokale nota. De voorzitter: U was me net voor, mevrouw Rutgers. Nog even een korte reactie en dan gaan we ook door naar uw volgende debat... Mevrouw Pullen-Muis: Nou, kijk, ook al is er overheidsbeleid, in deze nota spreken we wel over preventiebeleid, dus in die zin kun je zeggen dat wij als lokale overheid wel een soort verantwoordelijkheid

hebben om te wijzen op de gevolgen van gedrag, wat ik zo straks ook al zei rond, nou ja, alcoholgebruik en we gaan het ook nog over de fastfood hebben, over de frikandel. Dus wat dat betreft, dan zitten we daar ook nog wel even over door te spreken. De voorzitter: Dan is dit debatpunt afgerond en dan gaan we inderdaad door naar uw fastfoodvoorstel. Mevrouw Pullen-Muis: Ja. Nou, wij hebben de nota gelezen en toen, we weten dat daar best ook wel gewoon een groei van fastfoodketens in Nederland zichtbaar is. Je hoeft maar langs de snelweg te rijden en je ziet wel waar ze staan. Nu zijn er ook wat geruchten dat er ook waarschijnlijk in Hoogeveen misschien op termijn eens weer eentje misschien bijkomt, of meerdere. Nou, daar heb ik net al wat over gezegd. En ik ben gewoon heel benieuwd naar, we zijn als ChristenUnie benieuwd naar: hoe fracties ertegen aankijken om daar een soort beperking ten aanzien van fastfoodketens, ja, zeg maar, om daar eens over na te denken of dat mogelijk is om … We weten ook dat vanuit het Rijk daar ook wel ook al aandacht voor is, dus het is niet alleen zoiets van, nou, het is in Hoogeveen, maar ook landelijk. De voorzitter: Oké. De heer Walda. Ik had u meteen gezien. De heer Walda: Ja, dat is het voordeel van aan de voorkant zitten, dank u wel voorzitter.

Fastfood, eigen regie, waar gaan we de grens trekken? Waar gaan we ons mee bemoeien als overheid? Er is iets als maatschappelijke waarde, er is nog iets als het geheel, de maatschap. Gaan we dan een ondernemer, gaan we die dan zelf een grens opleggen? Gaan we dan een persoon gaan we die een grens opleggen? Ook daarin hebben de mensen zelf de vrije keus. Wij vinden ook dat de mensen zelf die eigen vrije keus moeten houden. En in vergunningverlening zul je daar niet al te veel mee moeten doen. De voorzitter: Helder. U bent dus tegen het voorstel. Dan ga ik naar mevrouw Blenkers. Mevrouw Blenkers-Noordzij: Ja, ik ben enorm voor eigen regie en eigen verantwoordelijkheid. Als er bij mij in de buurt twee snackbars en een McDonalds staan, dan bepaal ik zelf of ik daar heen ga en dat doet niet iemand anders voor mij. Ik vind wel dat je mensen erop kan wijzen: joh, het is niet zo heel gezond wat je doet, maar het is je eigen keus. Ik vind niet dat wij als gemeente kunnen zeggen: nou, we doen die snackbar, ga dicht en dat gaat dicht, want we vinden het niet gezond genoeg. Daar gaan wij niet over. De voorzitter: Helder. CDA. Mevrouw Jansen-Brandsema: Ja, daar kan ik me ook heel goed in vinden en ik denk dat we ook goed moeten realiseren dat preventie geen symptoombestrijding moet worden. De voorzitter: Mevrouw Rutgers.

Mevrouw Rutgers: Ja, ik snap heel goed de intentie van mevrouw Pullen; maar toch denk ik dat het niet veel zal helpen want het neigt naar het willen controleren van de situatie, terwijl ik denk dat we beter kunnen kijken hoe we kunnen stimuleren en verleiden. Als iets gezonds voorhanden is, makkelijk en goedkoop, dan is dat misschien fijner dan dat je een snackbar verbiedt. En daarnaast bestaan er gewoon genoeg online mogelijkheden waardoor de jongere niet naar die snackbar toe hoeft maar dat hij gewoon naar je toe komt. Dus dat heeft gewoon geen zin volgens mij om dat te verbieden. Dan bellen ze wel Thuisbezorgd. De voorzitter: Helder. De SP wilde nog wat reageren.

De heer Baalman: Ja, ik wil daar graag zeker wat over zeggen. Ja, je kunt het niet verbieden want iedereen is mobiel tegenwoordig en of je nou van de ene kant naar Hoogeveen of de andere kant van Hoogeveen gaat, dat maakt niet zoveel uit. Maar ik denk dat je bijvoorbeeld bij in de omgeving van de school moet gaan kijken: wil je dit wel? Net als je tegenwoordig rookvrije zones hebt om een school moet je misschien daar ook wel naar kijken, dat je daar geen snackbar in de buurt wilt hebben. De voorzitter: Dank u. De heer Van Rijn wilde nog reageren. De heer Van Rijn: Ja, dank je wel. Want het begon inderdaad met een snackbar of, dicht bij de school. Nou, als je als gemeente daar een beetje sturing in kunt aanbrengen zou ik zeggen: ja, waarom zou je het niet doen? Want dat doe je ook met drugsbeleid, je gaat ook niet een coffeeshop naast een school zetten, bij wijze van spreken. Dus dat kun je hier ook mee doen. Maar wat ik nog wel even in wil brengen, want er kon wel veel meer innovatie zijn, de Terra college in Emmen, die hebben gezonde snacks uitgevonden, volgens mij hebben ze daar nog een prijs mee gewonnen. Ze hebben een bepaalde pompoenen verbouwd en die snijden ze, die bakken ze als patat in zonnebloemolie en het is gezonde snack, dus het is niks mis mee en het is net zo verrukkelijk als dat je echte goede patat hebt. Dank u wel.

De voorzitter: Nou, nog een keer de, sorry, mevrouw Jansen nog even en dan zijn we volgens mij klaar met dit … Mevrouw Jansen-Brandsema: Nou, ik moet even denken aan iets wat in de nota staat. In de nota staat namelijk, de doorontwikkeling van het preventieprogramma de gezonde school en genotmiddelen is niet voltooid. Het programma is getroffen door de bezuinigingsronde. Ik heb daar technische vragen over gesteld en ik heb daar nog wel wat meer vragen over. Maar misschien is dat een onderwerp die we dan nog eens moeten bespreken ook in het kader van dit onderwerp, het gaat natuurlijk ook over, ja, wat bieden we kinderen en jeugd aan in hun directe omgeving? Voorstel, oké. De voorzitter: Oké, voorstel, nou, mevrouw Pullen als laatste nog even. Mevrouw Pullen-Muis: Ja nou, ik vind het wel bijzonder want wij attendeerden of agenderen eigenlijk gewoon het fastfoodeten en het wordt een gesprek over gezond eten met jongeren en op scholen. Dus ik wil me zeker wel verbinden aan de suggestie die het CDA doet en andere partijen om daar nog eens even samen naar te kijken of we daar ook voor met betrekking tot de nota nog iets kunnen voorbereiden voor over veertien dagen. Zo mag ik dat onder andere van het CDA vragen en misschien ook van andere partijen en ik zie nog meer vingers. Dus dan verschuift het gesprek van waarschijnlijk van de fastfood naar gezonde voeding.

De voorzitter: Nou, we gaan het afwachten, of de frikandel in Hoogeveen blijft. Maar dan gaan we door naar GroenLinks, die had wat vragen en wat zorgen over het ambitieniveau. Wilt u dat nog verder toelichten? De heer Van der Meer: Nou ja, de vraag was met name natuurlijk, voorzitter, of, nou ja, ook andere fracties zeg maar met de ambitie kunnen leven zoals die nu in de nota is opgenomen en of 2040 niet heel erg ver weg is. Met andere woorden: kunnen we ook aandacht besteden aan, nou ja, komt hij weer, quick wins, laaghangend fruit, wat kunnen we doen om wel resultaten te halen die zeg maar in lijn zijn met de visie en de focus van de nota? De voorzitter: Ja, ik zie de heer Walda.

De heer Walda: Ja, dank u wel voorzitter. Op zich terecht om daarnaar te kijken, naar de periode hoelang het duurt. Wat mevrouw Jansen vandaag ook al aangaf is dat er heel veel zaken kunnen veranderen. Op het moment dat je een nota maakt over zo’n lange tijd, dan mis je dus ook een aantal zaken, de realiteit achterhaalt het, dus hoe ga je dat daarmee om, hè, is dan een vraag daarbij. En daar houd ik het bij. De voorzitter: Mevrouw Blenkers nog. Mevrouw Blenkers-Noordzij: Ik dacht dat dit liep tot 2027 en dat daarna gekeken ging worden of het beleid zo door gestippeld zou worden. Misschien kan de wethouder daar nog even weer wat over zeggen, want volgens mij is het niet zo dat dit beleid gewoon bam loopt tot 2040. De voorzitter: Nee, de wethouder stak zijn vinger al op om te reageren. Wilt u kort reageren? De heer Tuit: Ja, dat wil ik kort doen, maar inderdaad, wat mevrouw Blenkers van de VVD zegt en de heer Van der Meer, daar hebben we ook in de voorbereiding over gehad. Deze nota is inderdaad tot en met 2027 en we maken een doorkijkje van wat is er nodig, dus ik ben blij ook met de ambitie en ik volg het debat met grote belangstelling hoor, mooi hoe dat ook gaat. Maar dat doorkijkje maken we naar 2040 omdat het gewoon een lange adem vergt om die, ja, die verandering te bereiken.

En over tweeënhalf jaar, leest u ook in de nota, evalueren we deze nota ook met u als gemeenteraad. En ik moet ook nu denken aan, nou, wat ik net ook hoorde, voorzitter, als u mij toestaat. Op pagina vijf staat ook hoe wij deze nota geschreven hebben. Dus ja, cultuur is belangrijk en zeker ons ziekenhuis. En ik kan me ook voorstellen dat wij en wij doen dat dus ook op die Drentse Gezondheidstafel, maar dat ik hier een toezegging doe om ook met u als raad: joh, in dat hele integrale zorgakkoord gedachte, daar waar die ziekenhuizen een belangrijk onderdeel in spelen maar ook onze huisartsen. Ik wil die toezegging wel doen, ook het debat volgende, om daar u als raad gewoon ook in mee te nemen: wat betekent het nou voor ons als gemeente? Nou, dat, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel en die toezegging wordt genoteerd, zie ik. Mevrouw Rutgers. Mevrouw Rutgers: Ja, om even terug te komen bij het punt van mijn buurman, kijk, in het stuk staat op bladzij zes bij ons streven, dat wij de negatieve gezondheidstrends tot staan weten te brengen en op een enkel onderdeel weten te verbeteren. En dan kunnen we heel tevreden zijn. Ja, dat is voor mijn gevoel en dat deel ik met mijn buurman, niet heel ambitieus.

En dan zou je op zijn minst een toevoeging willen hebben van welke onderdelen willen we zeker afgevinkt hebben in 2027? Wat willen we absoluut bereikt hebben? Want, ja, nu is het zo vrijblijvend en daar mis je gewoon energie en drive en heldere doelen. De voorzitter: Kunt u dat eventueel nog toelichten, wat u mist qua ambitie, mijnheer Van der Meer? Zodat het wat concreter wordt ook voor de rest van de woordvoerders. De heer Van der Meer: Ja, ik weet niet of ik hem concreet moet maken en of dat mijn taak ... Wat mevrouw Rutgers net inbrengt is, hè, van, ik sla hem heel plat. En daarmee doe ik misschien onrecht aan een aantal zaken, maar het lijkt heel erg op een soort van tendens: we zorgen ervoor dat de schade niet groter wordt dan dat hij is. En alles wat we extra kunnen doen is dan een beetje winst. En ik zou veel meer in een soort van doelstelling per onderwerp, hè, want er zitten echt gewoon, ik bedoel, er zitten gewoon goede onderwerpen in. De verbinding met de woonzorgvisie komt er straks aan, de leefomgeving komt er straks aan, valpreventie, dementie. Zijn allemaal onderwerpen waar je iets meer mee kunt. Mevrouw Manusama heeft dat aangehaald over de valpreventie. Eén procent, dat is een of twee gevallen meer of minder per jaar. Dat lijkt me niet een doelstelling waar we heel gelukkig van worden, zeg maar. Dat zou best iets meer kunnen zijn. En als het niet

nodig is omdat blijkt dat het gewoon, dat er geen behoefte aan is, dan is dat pure winst. Maar iets meer inzet op dit punt en met name op ook het belang van die goede gezondheidszorg in die zin is wat mij betreft wel aan de orde. De voorzitter: Helder. Dat roept een reactie op mevrouw Jansen, wilt u nog reageren daarop? Mevrouw Jansen-Brandsema: Ja, kijk, deze nota is natuurlijk ook gebaseerd op cijfers van voor de coronaperiode, dus er wordt inderdaad gesteld: we willen in ieder geval weer terug naar dat niveau of gelijk blijven of iets verbeteren. Maar ja, dat is heel lastig, die vraag heb ik ook gesteld, want je weet niet hoe slecht het nu is. Maar we weten allemaal dat de coronaperiode een en ander behoorlijk verslechterd heeft onder verschillende doelgroepen. Ik heb er ook bijgezet want ik had hetzelfde idee, net als mevrouw Rutgers en mijnheer Van der Meer, ik moest zelfs nog even aan mevrouw Rutgers denken, want er staat bij mij: groot uitroepteken, SMARTer maken. Dus misschien kan dat bij beoogde resultaten toch nog eens overwogen worden. De voorzitter: Oké, dank u wel. U had nog een ander punt ingebracht, namelijk moet het in de kaderbrief 2024 wat ambitieuzer worden op dit punt.

Wilt u dit nog verder toelichten? De heer Van der Meer: Nou, gelet op de toelichting die de wethouder gegeven heeft en de ontwikkelingen die aanstaande zijn, inclusief de toezegging dat daar in het volgend jaar meer duidelijkheid over komt trek ik dit debatpunt in, wat mij betreft. De voorzitter: Helder, dank u wel. Dan zie ik dat ik nog luchtkwaliteit heb staan op mijn lijstje als debatpunt. De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ook zoals net aangegeven heb, goede luchtkwaliteit is gewoon essentieel voor een goede gezondheid. En aangezien de A28 richting het noorden steeds drukker en drukker wordt, gelukkig ook wel dat we meer elektrisch wel gaan rijden, maar met name vrachtverkeer, dat zijn toch behoorlijk vervuilers. Ja, daar maakte ik mij zorgen over, hoe is het met onze luchtkwaliteit daar in die wijken gesteld? Nou, niemand kon mij vertellen hoe het daarmee gesteld, want er werden geen metingen gedaan. Nou, ben ik even aan het rondvragen geweest, nou, de uiteindelijke verantwoordelijke is de Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, maar ja, die doet eigenlijk niets, of er moeten problemen voorkomen of ze moeten erom gevraagd worden. De provincie doet niks, de Rijksoverheid is er verantwoordelijkheid voor maar die doet ook niks.

Nou, lokale overheden kunnen wel wat in hun omgevingsplan opnemen maar daar kunnen alleen maar waar ze zelf over gaan. De voorzitter: De heer Van Rijn, wat is nu concreet uw punt wat u voor wil leggen? De heer Van Rijn: Nou, wat ik voor wil leggen hier op deze debatronde, wat vinden de andere fracties van? Is het niet nodig dat wij nu toch gewoon frequent eens een keer metingen laten doen: hoe is het met onze luchtkwaliteit daar in die woonwijken langs de A28 gesteld? De voorzitter: Mevrouw Pullen, wel of geen luchtmeting? Mevrouw Pullen-Muis: Wel of geen luchtmeting is denk ik heel erg een punt wat uit, ver van deze nota staat, terwijl het ook tegelijkertijd wel, nee, wacht even mijnheer Van Rijn, ik heb mijn zin nog niet af. Terwijl het tegelijkertijd ook als je bijvoorbeeld kijkt naar het schema van onze gezondheidsvisie, dan worden wel

gesproken over bij beleidsontwikkelingen te kijken naar koppelkansen. Ik denk, nou, misschien zit hier een koppelkans in om te kijken of die luchtkwaliteit, in hoeverre je die kunt betrekken bij dit verhaal. En ik denk, ja, daar zit hij wat mij betreft in verweven. Ik vind het heel ver in de uitvoering gaan, dat is mijn punt voor nu. De voorzitter: De heer Van Rijn, wilt u daar kort op reageren? En dan ga ik naar de heer Kleine. De heer Van Rijn: Ja ja, want zij zeggen inderdaad, ik kwam het in deze nota niet tegen en daar maakte ik me zorgen om en daarom breng ik het hier. De heer Kleine: Ja, ik was eigenlijk benieuwd … Dank u wel voorzitter. Ik was eigenlijk benieuwd: dat we, of de heer Van Rijn ook heeft overwogen om dit punt dan in te brengen of we niet problemen gaan creëren? Want op het moment dat je dus iets gaat meten … Zijn er vanuit die woonwijken langs de A28 heel veel klachten dan over de luchtkwaliteit? De voorzitter: Voordat we het hele dossier luchtkwaliteit gaan door akkeren, dat gaat me iets te ver. De relatie tussen volksgezondheid en luchtkwaliteit is er … De heer Kleine: Ik snap uw punt … De voorzitter: Maar ik wil hem wel echt wel beperken tot lokaal beleid. De heer Kleine: Ja, dus ik vroeg me af wat de trigger is voor de vraag, of dat u dit, of dat u zelf in u op is gekomen. De voorzitter: Heel kort, de heer Van Rijn.

De heer Van Rijn: Ja, voorkomen is beter als genezen, dat is het eerste. En het tweede is: de drukte wordt steeds meer en in het westen vooral met die hele grote verkeersaders is het een heel groot probleem geworden. Dus wij zeggen: nou, laten wij het dan meten voordat hier de problemen zijn, dan kunnen we misschien daar vooraf nog wat sturing aanbrengen. De voorzitter: Helder. De heer Kleine. Dan ga ik door naar mevrouw Rutgers. De heer Kleine: Nee, nou, ik ken iemand hieraan tafel die graag wil wijzen op het proces en zo, maar volgens mij zitten we hier dus niet in het westen waar wij dus wel of niet last van hebben van luchtkwaliteit. Ik denk dat op het moment dat je luchtkwaliteit gaat … Wat is u, waar houdt dat dan weer op, dat preventief denken? Want u opende mooi, maar dat is ook een glijdende schaal. Wanneer gaan, als, dan gaan we luchtkwaliteit gaan we meten en wat wordt dan de volgende stap om preventief iets te gaan voorkomen? En op het moment, dan ga je zeggen, van nou, we gaan dus de luchtkwaliteit gaan we meten. Nou, dan wordt wat methaan in de lucht gevonden en waarschijnlijk wat CO2, wat stikstof. Nou, dan gaan we sanctioneren, dan gaan we ... Terwijl als we dan tien jaar later een keer terugkijken, wat was eigenlijk het probleem, hadden mensen in die woonwijken langs de A28 meer hoofdpijn of zo? Nee, nee, dat was eigenlijk ook niet zo.

Dan kom je op een gegeven moment de vraag: waarom hebben we dit eigenlijk gedaan? Waarom overwegen we dit? De voorzitter: Helder, de heer Kleine. Mevrouw Rutgers en dan ga ik door naar u.

Mevrouw Rutgers: Ja, dank u wel. Kijk, er werd al gezegd, hè, er is een relatie tussen luchtkwaliteit en volksgezondheid. En luchtkwaliteit wordt wel twee keer of zo aangestipt als onderwerp, maar wordt verder niet geladen in deze nota. En volgens mij is dat uw oproep: als je het wel benoemt en er is aangetoond dat er een relatie is, wat voor uitvoering gaan we daar dan aan geven? Die uitvoering hoeven wij hier niet samen te verzinnen, maar ik kan me wel voorstellen dat u nog een oproep gaat doen om dat iets meer handen en voeten te geven dan alleen benoemen. En daarbij wil ik wel opmerken dat, je gaat wel iets alleen maar meten omdat je er iets mee wil doen, niet, ja, omdat je het gewoon maar wil weten. Je hebt een reden waarom je iets wil meten en dan kun je daar beleid op maken. De voorzitter: Helder. Wilt u nog reageren? De heer Van Rijn: Ja graag, want het is eigenlijk hetzelfde. Ja, want als je het gemeten hebt en de luchtkwaliteit die moet aan bepaalde eisen want die voldoet er niet aan, zou bijvoorbeeld een hele makkelijke oplossing wezen om de A28 ter plekke van Hoogeveen tachtig kilometer per uur te laten rijden, zou … De voorzitter: De heer Van Rijn, we gaan het niet over oplossingen hebben. U heeft uw oproep gedaan om dit te agenderen. De heer Walda. De heer Walda: Ja dank u wel.

Mijnheer Brand die snijdt een onderwerp aan over luchtkwaliteit, maar da… Mijnheer Van Rijn, excuus, over luchtkwaliteit en maar er zijn meerdere onderwerpen. Maar precies ook wat mijnheer Kleine zegt, wat mevrouw Rutgers nog even aanhaalt eigenlijk: wat is nou precies het probleem, want dit is een oplossing? Dus we moeten wel eerst kijken: waar zijn problemen? Er zou nog een onderwerp bij kunnen als we dan toch onderwerpen zouden gaan noemen, hoe kijkt u dan aan tegen laagfrequent geluid? De voorzitter: Voor… of voorzitter wou ik zeggen, de heer Walda, dit was een debatpunt over luchtkwaliteit, u fietst er nu heel sneaky nog even eentje bij. We zijn al, we lopen al uit de tijd, dus ik wil dit onderwerp afronden en dan het laatste debatpunt en dat gaat over laaggeletterdheid. Of de … Mevrouw Jansen-Brandsema: Ja, dat klopt inderdaad. Ik heb nog iets gezegd over minder bureaucratie, versimpeling van communicatie voor mensen, hè, er wordt in dit nota echt expliciet gesproken voor mensen met een lage opleiding, maar ook over grote laaggeletterdheid in onze regio. Dus als het gaat over minder bureaucratie, versimpeling van communicatie, voor deze mensen, voor met name voor deze groepen, dan zou ik graag daar ook echt iets opgenomen in willen zien in deze nota.

Vinden de andere fracties dat ook belangrijk, dat daaraan wordt gewerkt? Dat ligt toch ook, dat is toch ook een belangrijke taak van de gemeente om daarin te voorzien? Misschien kan de wethouder aangeven of en hoe hij daar uitvoering aan kan geven de komende tijd. De voorzitter: Ik begin eerst even bij de raadsleden. De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: De SGP is voor. De voorzitter: Wat een fijn kort antwoord, dank u wel. Mevrouw Blenkers. Mevrouw Blenkers-Noordzij: Hij komt morgen ook terug op de armoedeconferentie. Dus ik ben wel even benieuwd wat daar uitkomt en daar kunnen we er wel over verder door akkeren.

De voorzitter: Ik zie allemaal instemmend geknik. Mooi, dan zijn we als het goed is bij het laatste, was dit het laatste debatpunt en dan zijn we ook klaar voor dit onderwerp. O ja, goed dat u dat zegt, wil de wethouder nog even reageren op het laatste punt? De heer Tuit: Ja nee, als de raad dat vraagt, dan wil ik dat, voorzitter, dan doe ik dat ook. Ja, het is een beetje verkapt in, maar het staat in het uitvoeringsprogramma op bladzijde 46. Daar staat het thema gezondheidsvaardigheden en laaggeletterdheid maakt daar onderdeel van uit. En ook wat een aantal raadsleden hebben genoemd, jazeker, morgen is die armoedeconferentie en dat haakt ook echt op elkaar in, armoede en gezondheid, dus ook daar zal hij een prominente rol gaan krijgen. En wat verder, hè, en dat wil ik toch wel even benadrukken, heel concreet voorbeeld voorzitter en ik houd dat kort maar we hebben ook vanuit inclusie hebben we elke keer ook met Abracadabra, zo heet dat ook echt: hoe kunnen wij brieven die uit dit huis gaan, hoe kunnen wij die dusdanig schrijven dat die voor iedereen ook begrijpelijk is? En de nota en ik hecht daar toch aan, zoals wij die op bladzijde vijf hebben geschreven, die hebben we geschreven: wat is onze taak, mevrouw Pullen noemde dat ook al in debat, wat is onze taak op het gebied van volksgezondheid? En die punten vindt u ook echt heel stevig terug in de nota.

En verder haken wij ook aan bij die woonzorgvisie of morgen de armoedeconferentie. Ja. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Ja, ik kan concluderen dat dit voorstel rijp is voor besluitvorming en dat hij op 22 december geagendeerd kan worden. Er zijn wat moties of voorstellen aangekondigd, ik noem Bethesda, ik noem een evaluatie van beleid, vastgoed of gezondheid en iets rondom luchtkwaliteit. Nou, wij laten ons verrassen. Wel een oproep om moties en amendementen tijdig in te dienen bij de griffie en bij de rest van de raad en het college. Ik wil jullie bedanken voor de inbreng en voor het goede debat met elkaar. En ik wens jullie een fijne avond en over een kwartier gaan we verder met de volgende. 4.

Schorsing debatronde

3.

Pauze

4.

Debatronde (Raadzaal) 1.

Heropening debatronde

De voorzitter: Een goede avond opnieuw in deze debatronde. Hartelijk welkom aan de kijkers en de luisteraars van Radio Hoogeveen, mensen op de publieke tribune, de raad hier, de raadsleden, de woordvoerders aan deze debattafel, het college. 3.

Vaststellen Riolering en Water Programma 2023 – 2028

De voorzitter: We gaan vanavond spreken over het raadsvoorstel van het college, dat heet: het riolering en water programma 2023 2027. Het past bij de beleidskaders, heb ik gelezen in de nota, van het coalitieakkoord, de komende omgevingsvisie, het beleid stedelijk water van het waterschap, klimaatadaptatie en Fluvius, dus dat is een hele mond vol, maar daar gaan we over spreken vanavond. En uw mening wordt gevraagd als raad over dat programma en het doel is om uiteindelijk het programma riolering en water vast te stellen voor de komende vijf jaar. Dat is dus het onderwerp ook van dit debat. Daarvoor gaan we horen hoe de verschillende partijen hier aan de tafel dit programma van watertaken beoordelen en waarderen. Het gaat vanavond heel simpel gezegd over afvalwater, hemelwater en grondwater. Ik denk: laten we het even wat simpel maken, want daar spreken we vanavond over. En hoe we daarmee omgaan als gemeente. We spreken dus met de woordvoerders hier aan de debattafel en de volgende raadsvergadering wordt er een definitief besluit

genomen over dit programma. We hebben ongeveer een uur, als ik … Drie kwartier, handig, hè, de griffier naast mij? De volgorde van het debat ziet er als volgt uit: we verzamelen eerste ronde de reacties van iedere partij en het voorlopig standpunt. Daar krijgt u drie minuten voor. En als er debatpunten zijn voor de tweede ronde, dan kunt u die aangeven ook in de eerste ronde. In deze ronde zijn er geen interrupties mogelijk en geen verduidelijkende vragen. En in de tweede ronde, we hopen dan per debatpunt het debat te vervolgen en wij zullen dat hier gaan noteren en dan gaan we dat per debatpunt bespreken. Daar bent u langzamerhand wel een beetje aan gewend, denk ik. Het college kan ook in de tweede ronde deelnemen aan de beraadslagingen, zoals we dat met een moeilijk woord geven. Om een moeilijk woord te vermijden, ik las ook in de nota dat er aandacht is voor begrijpelijke taal. In de programmatekst van de nota is gezegd en geschreven dat er geprobeerd is om vakjargon te vermijden, dus ik dacht: nou, misschien is dat wel een mooi aandachtspunt voor deze ronde, want … Vandaar dat ik zei: we gaan het hebben over drie soorten water. Dus vandaar. Ik stel voor dat we zo nu het programma riolering en water gaan bespreken en ik wil eigenlijk GroenLinks eerst vragen om hun standpunt aan te geven en dan gaan we op die manier de ronde vervolgen. We luisteren graag naar uw bijdrage.

De heer Van Hoorn: Ja, dank u wel voorzitter. Wij zijn in principe positief over het programma van riolering en water. We missen wel een beetje nog de wat meer concretere plannen als we praten over de vergroening van de verstening en wat te doen met hemelwater. Daarvoor heb ik dan ook nog twee debatpunten die ik graag wil inbrengen. Debatpunt één is dan: wat vinden andere partijen als wij, vinden de andere partijen dingen ook, net zoals GroenLinks, van mening dat wij middelen moeten faciliteren zodat mensen op hun eigen perceel hemelwater kunnen opvangen zodat dit hiermee het riool kunnen ontlasten. En debatpunt twee die ik graag zou willen inbrengen is: wat vinden de andere partijen, net zoals GroenLinks, ook dat er versneld moet worden met de vergroening en dat we meer sneller moeten inzetten op verstening tegengaan en dus de tegels wippen uit de grond en meer groen zodat we grondwater beter op peil kunnen krijgen en dat we ook het riool kunnen ontlasten met hemelwater door meer zwaardere regenbuien die hier plaatsvinden. Maar voor de rest ziet het riolering en water programma er goed uit. We staan wel voor een grote opgave, moet veel riool in de wijken, in Venesluis, Wolfsbos en Krakeel en Centrum waar veel werk de komende jaren voorliggen. Dus we zien graag tegemoet hoe het college dat voor ogen ziet en hoe we dat gaan doen. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer … Oh, daar heb je het al. Van Hoorn, ja. Namens GroenLinks. Ik kijk naar mijnheer Kleine van Forum voor Democratie. De heer Kleine: Dank u wel voorzitter. Ja, dit gaat over het vaststellen van het riolering en water programma 2023 2028 en we lazen bij punt 1.5: riolering vervangen zodra deze technisch op zijn en het risico te groot wordt dat deze uitvallen. Toen dachten we: nou ja, op zich is daar denk ik in een zin tachtig procent van de bedoelingen wel duidelijk. En dan openen we de bijlagen en dan zien we daar een rapport van 113 bladzijden, ja, over van alles en nog wat, uitweidingen over beleidskaders, et cetera, over het onderhoud en vervangen dan van riolering en waterprogramma. Dus we vonden het lastig om hier een eenduidig standpunt in op te nemen of in uit te spreken. We zijn voor op het moment dat er, daar betalen de inwoners ook voor, op het moment dat iets kapot is of dreigt kapot te gaan, dat we dat, dat dat vervangen wordt. Ja, voor de rest moeten we denk ik nog eens even goed doorlezen wat we hier nu echt van vinden en we hebben geen punten voor debat. De voorzitter: Dank u wel. Maar begrijp ik dat u nog een vraag hebt of u hebt aan het college over die 113 pagina’s? De heer Kleine: Nee, die gaan we nog door akkeren om te kijken of daar nog vragen uit voortkomen.

De voorzitter: Oké. Dan wil ik u vragen om die vragen dan in ieder geval nog voor de besluitvormende deel in ieder geval bij het college aan te geven. De heer Kleine: Yes, gaan we doen. De voorzitter: Oké. Dan kijk ik naar mijnheer Van Eck van de Partij van de Arbeid. De heer Van Eck: Dank u voorzitter. We hebben het programma gelezen en uitgebreid besproken binnen de fractie. En wij kunnen nu alvast melden dat wij zullen instemmen met het programma, het ziet er goed uit. We hebben geen debatpunten, we hebben wel een verzoek richting het college. En die term viel net ook al even in de bijdrage van mijn collega van GroenLinks, het verzoek richting het college is om de gemeente Hoogeveen voor volgend jaar aan te melden bij het NK Tegelwippen. Het NK Tegelwippen? Jazeker. Het stond in ons programma en niet alleen in ons programma, volgens mij ook in dat van de ChristenUnie. Dit jaar deden 135 gemeenten mee en in zijn totaal hebben die 135 gemeenten 2,8 miljoen tegels gewipt. En de winnaar werd gemeente Den Haag met ruim 306.000 tegels. In Drenthe deden Assen en Meppel mee. En wat ook nog wel interessant is om te melden, daarbij wordt ook gekeken naar de tegeldichtheid per duizend inwoners.

En de winnaar Den Haag die heeft een TPI-index van 561 en de gemeente met de meeste tegels per inwoners, dat is de gemeente Hollands Kroon in de kop van Noord-Holland, een ruimtelijke gemeente, waar per inwoner gemiddeld drie tegels liggen. Dat tegelwippen is veel meer dan een leuk spelletje: het maakt de mensen bewust van het tegengaan van verstening, het bewustmaken van het belang van vergroening. Dus het zou heel mooi zijn als we daar in Hoogeveen volgend jaar ook aan meedoen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Eck. Begrijp ik dat u de reactie van het college daar nog over wilt hebben straks? De heer Van Eck: Ja. De voorzitter: Oké. Dan kijk ik naar mijnheer Van der Meulen van Gemeentebelangen. Wilt u jullie bijdrage geven? De heer Van der Meulen: Ja, dank u wel voorzitter. Ook als Gemeentebelangen hebben we uitgebreid dit stuk bestudeerd. Wij zetten ook ons in als Gemeentebelangen voor een doelmatig en doelgerichte besteden van gemeenschapsgeld, dat is ook de titel, het doelmatig, klimaatbestendig en betaalbaar maken van deze riool onderwerpen. We hebben geen debatpunten, we hebben wel een aantal vragen aan het college. Tot zover. De voorzitter: En kunt u al aangeven welke vragen dat zijn, of wilt u ze … Dan kan het college zich vast even daarop voorbereiden straks in de ronde voor de tweede termijn. De heer Van der Meulen: Nee, heel fijn hoor.

Dank u wel voorzitter. In het rapport van Fluvius staat op pagina vijftig dat er een aantal interviews van acht personen zijn die betrokken zijn geweest bij het rioolbeheer. Als Gemeentebelangen zijn we benieuwd en daar zijn we ook benieuwd naar de standpunten van de overige fracties, hoe zich die verhouden, die verbeterpunten, die tips en die tops, ten opzichte van de integraliteit waar het college het over heeft in het raadsvoorstel. Dat en ook in verhouding tot de capaciteit van de organisatie waarin we nu zitten. Dat zijn die twee vragen. Ja.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Meulen. Maar ik hoorde u eigenlijk ook nog een verkapte vraag aan de raad nog weer stellen van wat het standpunt daar weer over is naar aanleiding van wat het college antwoordt. Begrijp ik dat goed? De heer Van der Meulen: Ja, dat is wel onze nieuwsgierigheid, ja. Ja. De voorzitter: Oké, dan gaan we naar de volgende bijdrage van de ChristenUnie, de heer Meesters. De heer Meesters: Dank u wel voorzitter. Ja, jammer dat ik dan na de PvdA ben, want die maait een boel gras voor mijn voeten weg. NK Tegelwippen, ja, dat hebben wij ook inderdaad in ons verkiezingsprogramma staan. Maar er zijn inderdaad meer acties te bedenken, een regenton faciliteren. Maar het doel, want uiteindelijk, het klinkt allemaal leuk, acties, er moet ook een doel achter zitten en volgens mij is inderdaad het doel dat we ons riool niet overbelasten met regenwater, maar het regenwater beter gaan vasthouden. Daar zien wij in dit raadsvoorstel en het bijbehorende document zien wij daar inderdaad de bouwstenen al voor liggen. Wat GroenLinks aandraagt vinden wij goede initiatieven om te kijken: hoe kunnen we nou middelen faciliteren? Er zijn ook mogelijkheden, hè, via het waterschap zijn bijvoorbeeld ook subsidies mogelijk voor vergroening van daken, maar dat zijn inderdaad dingen waarvan wij zeggen: heel goed om daarnaar te kijken en mee te nemen.

Dus wat dat betreft wachten we daar graag een voorstel van GroenLinks over af en dan gaan we daarin mee. Het voorliggende raadsvoorstel kunnen we gewoon mee instemmen en ik heb geen aanvullende punten voor het debat. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Meesters. Dan kijk ik naar mijnheer Baalman van de SP. De heer Baalman: Dank u wel voorzitter. Nou, wij zijn blij met dit stuk en helemaal dat er goed gekeken is naar taalgebruik, vinden wij heel belangrijk, dat een stuk leesbaar is, dat je niet een groot woordenboek erbij moet hebben om het stuk te lezen. Wat ons betreft had het direct door kunnen gaan naar besluiten, dus wij hebben ook geen vragen en geen debatpunten. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Baalman, uw standpunt is duidelijk. Dan kijk ik naar mijnheer Otten van het CDA. De heer Otten: Ja, dank u wel voorzitter. Wij hadden eigenlijk ook niks voor spul, maar want wij wilden het ook al naar besluiten hebben, maar ja, als iedereen er wat van zegt dan begrijp je, dan ben je er ook wat van zeggen wilt en kunt. Want er staan een paar dingen in waar we toch wel even aandacht voor willen vragen en ook naar het college toe graag een reactie op willen hebben.

Want op bladzijde honderd staat dat de verordening, dat de gemeente kijkt naar, ja, de VNG-verordening die dan wil kijken naar het hemelwater voor het buitengebied, want het hemelwater afvoeren is nu in het buitengebied aan het waterschap en in de stad aan de gemeente. Die beiden werken trouwens volgens mij voortreffelijk samen. En de VNG die neigt ernaar om daar in het buitengebied zich ook mee te gaan bemoeien. Nou, ik denk dat het waterschap zich daar met de inwoners de boel goed voor elkaar heeft en misschien is het veel beter dat er die partij dan niet bij komt zeg maar want hoe, dan wordt vaak niks beter van. Dan was er nog een bergingseis voor hemelwater, die is nu in Hoogeveen 25 millimeter, een regenbui van 25 millimeter adapteren in de bodem. En men neigt ernaar om dat op te trekken. Dat is natuurlijk hartstikke populaire praat tegenwoordig, maar hoe vaak krijg je een bui van 25 millimeter en hoelang duurt zo’n bui, want dan moet hij al in een uur vallen, anders voldoet hij niet aan de norm. En ja, als het een keer een beetje borrelt in ‘…’, dan hoeven we daar echt niet in paniek te raken natuurlijk want een uur later is vaak alles toch weggezakt. Dus ik zal toch vragen: wees daar voorzichtig mee. De STOWA-eisen die bent vaak heel ambitieus, die lopen tot honderd millimeter in het uur. Nou, die krijgen

we hier in Nederland hebben wij volgens mij nog nooit gehad. Dan heb ik nog wel een ander verzoek, nou sluit ik mij een beetje aan bij Forum voor Democratie, wat die ervan zei. Daar staat zoveel in, je moet alles nog bestuderen. Nou ja, het is meestal gebruikelijk dat voor de raadsvergadering te doen, maar er staat heel veel in dat ze dan weer wat wil onderzoeken en zo. Uit elk rapport komt weer een vraag van nog weer een vraag om door te onderzoeken en dat snap ik wel een beetje, want ja, daar leeft ‘…’ ook weer van, maar ik zou er toch wat voorzichtig mee omgaan, zeg maar, want heel veel dingen die gewoon goed bent, die bent gewoon goed. En dan kun je ook constateren dat eigenlijk niet zoveel hoeft te veranderen en de boel niet op de kop hoeft te zetten. Klimaatadaptie wat hier een paar keer wordt genoemd is hartstikke belangrijk. Het waterschap en de provincie voeren daar hartstikke goed beleid in. Ik zit net toevallig op de site van het waterschap te kijken, er is nog 80.000 euro beschikbaar voor dit kalenderjaar voor klimaat adaptieve maatregelen in Hoogeveen, De Wolden, Westerveld, Meppel en midden Drenthe. Dus je kunt zo nog met een dak, regentonnen, tegelwippen, al hoewel, tegelwippen helemaal geen verkeerd initiatief, hartstikke positief ben ik erover.

Maar er ligt dus hier en daar overal geld beschikbaar en sluit aan bij initiatieven die er bent en ga niet proberen het wiel weer uit te vinden. Maar voor het debat eigenlijk, ja, ik kreeg er met geen een hier ruzie over, dus het zal allemaal wel goed aflopen vanavond. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Otten. U hebt geen spul voor het debat begrijp ik, maar u heeft wel vragen voor het college? En die twee vragen, ik heb vooral twee vragen gehoord. Ik zit even te checken of dat klopt, ten aanzien van de VNG-verordening over het buitengebied hebt u een vraag, over de hemelwater. Daar reageert u eigenlijk al een beetje op al voorop op de tweede ronde naar mijnheer van GroenLinks. Daar heb je het alweer. Van Hoorn, ja. En, even kijken, en over, ja, u heeft nog een paar aandachtspunten. De heer Otten: Ja, ging over het hemelwater, over de verordening, om dat in de verordening te zetten dat het bij de gemeente gedeeld ook komt. Daar heb ik niet zoveel meer op te zeggen, maar en met GroenLinks, nee met Forum had ik het erover dat onderzoeken van het rapport is heel veel voor het vervolgonderzoek en daar ben ik ook altijd niet zo kapot van. De voorzitter: Maar u begrijpt dat ik begrijp dat u al reageert in tweede ronde op reacties van uw collegapartijen. De heer Otten: Ja, nou ja, goed, dat kan gebeuren. De voorzitter: Ik constateer het even nu, dus bij deze.

Oké, dank u wel mijnheer Otten van het CDA. Dan kijk ik naar mijnheer Van Rijn van de SGP. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, wij denken dat wij met deze plannen mooi vooruitgang krijgen in ons rioleringsstelsel. En ja, ik kan wat ik hier allemaal gehoord heb niet iets bedenken om daar nog aan toe te voegen. De SGP zal ook voor zijn, goed plan en een goede uitvoering zou ik zeggen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Rijn. Dan kijk ik naar mijnheer Strijker van de VVD. Wilt u een reactie geven op dit plan, programma? De heer Strijker: Dank u wel voorzitter. De VVD heeft ook kennisgenomen van het programma en zien dat er een grote opgave ligt om te voorkomen dat het riool niet naar de ratten gaat. Maar ja, hier gaat hard aan gewerkt worden en om zo Hoogeveen leefbaar te houden en daar zijn we blij mee. En we hebben geen punten voor debat, dank u wel.

De voorzitter: Dat is duidelijk, dan kijk ik als laatst naar mevrouw Rutgers van D66. Mevrouw Rutgers: Ja, dank u wel. Ik hoor een aantal fracties mooi uitvoeringsideeën op tafel leggen en ik zou willen vragen: kunnen we dat niet in een motie vatten, want dat is volgens mij iets meer van toepassing dan dat wij nu allerlei uitvoeringsideeën gaan voorstellen. Maar interessant om te kijken naar: kunnen we stimulerende maatregelen nemen, zoals NK Tegelwippen of geveltuintjes, of noem het maar op. Wij hebben geen punten voor debat maar wel een vraag aan de wethouder, waar wij eigenlijk een toezegging op willen. Want wij hebben al gemaild over een tekst uit het raadsvoorstel, daar staat: om tot kostendekkende tarieven te komen is vanaf 2024 een verdere stijging van rioolheffing noodzakelijk. En volgens uit de mailwisseling blijkt dat het gaat om: we blijven indexeren maar als je dat niet weet, dan kan je het ook opvatten van als een vrijbrief om vanaf 2024 de tarieven goed omhoog te gooien. En wij denken: laten we afspreken dat het gaat om indexatie en als dat niet voldoende is maar dat er meer nodig is dan dat, dat er dan een raadsvoorstel komt. Dus ik zou graag de toezegging willen hebben dat het inderdaad gaat om in principe indexeren en als er meer nodig is dan dat, dan komen we terug naar de raad. Verder dus geen punten voor debat en zullen voorstemmen voor het raadsvoorstel.

De voorzitter: Dank u wel mevrouw Rutgers. Nou, ik denk dat helder is dat er een aantal vragen zijn die voor het college van belang zijn, dus ik wil vragen om daar eerst even ruimte en tijd voor te geven aan mijnheer Tuit. De heer Tuit: Ja voorzitter, dank u wel. En ook de raad voor de brede steun die het college voelt voor dit riolering en water programma, ook dank daarvoor. Ik heb een aantal vragen genoteerd voor het college, maar die zal ik in volgorde beantwoorden, voorzitter. Partij van de Arbeid vraagt om aan te sluiten bij het NK Tegelwippen. Nou, laten we eerst morgenavond maar eens winnen denk ik, hè. Maar die toezegging kan ik doen, want dat hebben we ook, het is een hele mooie landelijke campagne en ook in Fluvius-verband en dat, die gemeente en het waterschap en de provincies die daaraan deelnemen, daarvan hebben we ook gezegd: om die bewustwording rondom klimaatadaptatie vorm te gaan geven hebben wij dat ook besloten om ons aan te gaan sluiten bij die campagne. Dus dat wordt erg leuk en ik, nou, vorig jaar was ook een mooie actie. U noemde al even Den Haag, maar ook tussen Groningen en Leeuwarden ontstond wat met beide voetbalclubs, dus nou, wie weet kunnen we daar ook nog wat in doen. Maar dus die toezegging doe ik bij deze. Gemeentebelangen noemde nog, ja, college, zorg ervoor dat die rioolheffing doelmatig ingezet wordt. Dat is ook bij wet verplicht.

Wij mogen de rioolheffing die wij innen, dat wat ook onderdeel is van de belastingverordening, mogen wij alleen maar inzetten voor het riool. Dus dat is altijd doelmatig. En u noemde nog, ik zie een vinger, maar misschien kan daar nog even wat op reageren. De voorzitter: Ja maar, dat had ik niet gezien, dat hebt u sneller gezien … De heer Tuit: Maar ik ben ook geen voorzitter, mijn excuses, nee, ben vroeger wel geweest hier maar dat is heel lang geleden. De voorzitter: Maar mijnheer Van der Meulen mag nu zeker zijn reactie nog even daarop geven. De heer Van der Meulen: Ja nee, is even voor wethouder. Fijn dat u de wettelijke basis ook aanhaalt net. We hebben het genoemd maar dat was geen vraag van ons. De heer Tuit: Ik zag het als een mooie voorzet, maar excuses. Grapje. U noemde wel een vraag, als ik het goed heb, hè, over die interviews die u noemt en hoe die onderdeel zijn geworden van het riool en water plan. Nou,

dat is natuurlijk niet een op een opgenomen, maar die interviews hebben wel degelijk tot inzichten geleid, dus die acht personen en ook de uitkomsten daarvan op bladzijde vijftig, daar is zeker wel ook in gespiegeld: hoe kunnen wij ook het beter maken, hè, want anders hoef je dat soort interviews in onze optiek ook niet te doen. Dus op die manier moet u dat zien. Dan nog de vraag van het CDA aan het college. De heer Otten constateert dat de samenwerking tussen waterschap in het buitengebied en de rol die wij als gemeente hebben in het stedelijk gebied goed loopt. Nou, dat is ook zo, dat is een hele mooie samenwerking met voornamelijk WDODelta, het waterschap hier, nog een klein stukje Vechtstromen, de kant van Nieuwlande. Maar we hebben het grootste deel WDODelta. Laat ik vooral ook Nieuwelande niet vergeten, mijnheer Van der Sleen. Maar dat loopt goed en wat goed loopt dat moet je ook zo laten. En er zijn landelijk wel wat bewegingen, dat klopt, rondom VNG-verband, maar we hebben echt gezegd: in ons gebied, we laten dat zo, zoals dat met het waterschap al jaren goed loopt, dus dat. En daarna de laatste vraag van D66.

Ja, u gaat elk jaar, we hebben een doorkijkje gemaakt voor u als raad: met de leeftijd van het riool hier in Hoogeveen met ook de reserves die al een aantal jaren zijn gebruikt, hè, want daar zijn reserves ook voor, om de lasten voor onze inwoners laag te houden op het gebied van rioolheffing. Gaan we elk jaar bij u kijken: wat is er nodig voor het uitvoeringsprogramma het jaar daarop en welk tarief hoort daarbij? Dus dat komt elk jaar bij de belastingverordening gewoon in de P&C-cyclus komt dat bij u terug en kunt u elk jaar daar dus ook uw eigen afweging in maken. Dus dat, die toezegging die D66 vroeg, die doe ik ook bij deze. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Tuit. Ik kijk even rond in hoeverre de antwoorden van het college nog aanleiding zijn tot verduidelijkende vragen. Ik kijk naar mijnheer Otten, die wil nog reageren. De heer Otten: Ja, ik wil graag nog een reactie hebben op al die vervolgonderzoeken die erin staan zeg maar, dat je daar een beetje voorzichtig mee omgaat zeg maar, wat goed is, is goed en dat moet goed blijven. Maar niet steeds allerlei leuke dingen erbij in te poetsen. De voorzitter: U vraagt dus naar een kritische houding van het college ten aanzien van onderzoeken die erin geschoven worden? Tenminste, dat is een soort suggestie. Ik kijk nog even naar mijnheer Tuit.

De heer Tuit: Nee dat, wij gaan niet onderzoeken om het onderzoeken, er liggen hier uitdagingen genoeg in onze gemeente, dus als wij met, als wij met minder onderzoeken kunnen doen, dus dat … We gaan er realistisch mee om. En zo hebben we dit riolering en water plan ook geschreven. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Tuit. Dan constateer ik dat we … Wilt u nog een vraag stellen? Oké, naar mijnheer Van Hoorn. De heer Van Hoorn: Dank u wel. Ik was nog wel benieuwd, ik ben blij met de toezegging van de wethouder dat die meedoen aan het NK Tegelwippen. Maar ik ben nog wel steeds wel benieuwd: wanneer kunnen we eigenlijk de concretere plannen verwachten om die vergroening te verwezenlijken? De voorzitter: Dat is nog een aanvullende vraag? De heer Van Hoorn: Nou, die heb ik al gesteld, maar … De voorzitter: Ja oh, dan heb ik hem gemist, maar dat is heel goed, dan bent u er ook goed bij. Mijnheer Tuit. De heer Tuit: Ja, mijn excuses. Die vraag heeft GroenLinks inderdaad gesteld, ik was een beetje afgeleid door de voetbaltermen morgenavond, maar als u mij dat vergeeft. Ja wij, dit is een belangrijk onderdeel

bijvoorbeeld van de woonzorgvisie, die uw raad al vrij vlot in het nieuwe jaar in maart gaat vaststellen, dus thema vier, dus echt het vergroenen van. Maar het is ook een belangrijk onderdeel van het coalitieakkoord en wij koersen er nu op om rond de zomer, misschien net ervoor, net erna, ook een bijeenkomst te doen in verbindingen met partners en dan moet u denken aan boeren die aan het vergroenen zijn, ook natuurorganisaties, ook het waterschap, de heer Otten noemde net ook al, hè, die klimaatsubsidie. Nou, dat zit allemaal in die lijn. U als raad wordt er natuurlijk voor uitgenodigd. Dus rond de zomer komen we daar bij u op terug. De voorzitter: Voldoende zo, mijnheer Van Hoorn? Oké, dan constateer ik voor nu dat er een paar toezeggingen zijn gedaan die genoteerd zijn door de griffier, ten aanzien van tegelwippen en over de indexering ten aanzien van de rioolheffing en de belasting. En dan kunnen we nu kijken naar de debatpunten en die heb ik verzameld en volgens mij heb ik er twee gehoord en dat eerste is van over het opvangen van hemelwater van GroenLinks op het eigen perceel. En het tweede ging over toewerken naar de versnelling van vergroening en minder verstening. Wilt u de eerste toelichten, of zijn er nog meer debatten, heb ik wat meer gemist? Nee, volgens mij niet, hè? Dit zijn ze, oké.

De heer Van Hoorn: Nou, zoals al aangegeven staat in het rioolprogramma is het hemelwater, kan dat een groot probleem zijn, dus ik wil graag inzetten om dat beter op te vangen op eigen perceel en dat we het rioolteam, dat zelf ook als tip geeft dat het beter is. Ik ben nu eigenlijk wel gewoon benieuwd wat de andere partijen vinden als de gemeente naast wat waterschap en provincie al aan subsidie aanbiedt, als de gemeente ook subsidies beschikbaar moet maken om zodat mensen op hun eigen perceel hemelwater kunnen opvangen in bijvoorbeeld regentonnen, zoals de heer Meesters al zei, of andere soorten. Wat andere partijen daarvan vinden. De voorzitter: Ik zag de hand van mijnheer Meesters en mijnheer Van Rijn. Eerst mijnheer Meesters. De heer Meesters: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik ben het roerend met de heer Van Hoorn eens dat het belangrijk is om te doen. Nu moeten we alleen oppassen dat we geen dingen dubbel gaan doen. Er staat in ons coalitieakkoord staat ook vrij uitgebreid al dingen over vergroening, hè, dat is ook echt een onderdeel wat mede door ons het coalitieakkoord in is gebracht. En ook vanuit andere partijen is gekomen, we hebben uiteraard ook de andere partijen om input gevraagd destijds. Dus ja, ik vind het goed om daar aandacht aan te besteden, laten we alleen oppassen dat we niet alleen maar moties gaan genereren om iets te doen wat eigenlijk al bestaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12226256/1