CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbegroting 2024.pdf

Raadsavond 8 juni 2023, gemeente HoogeveenBij agendapunt: RUD14.732 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Ontwerpbegroting 2024 Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe

Ontwerpbegroting 2024

INHOUDSOPGAVE VOORWOORD .............................................................................................................................. 3 1

BEGROTING 2024 IN ÉÉN OOGOPSLAG ................................................................................... 5

2

DE BESTUURLIJKE BEHANDELING ........................................................................................... 6

3

ACTUELE ONTWIKKELINGEN ................................................................................................. 7

4

5

6

3.1

ONZE MISSIE EN DOELSTELLINGEN ......................................................................................... 7

3.2

BELEIDSMATIGE ONTWIKKELINGEN ........................................................................................ 7

3.3

ORGANISATORISCHE ONTWIKKELINGEN .............................................................................. 15

3.4

FINANCIEEL EFFECT VAN BELEIDS- EN ORGANISATIEONTWIKKELINGEN.............................. 18

PROGRAMMAPLAN ............................................................................................................. 19 4.1

DE PROGRAMMA’S ................................................................................................................ 19

4.2

PROGRAMMA MILIEU – REGULIER ........................................................................................ 19

4.3

PROGRAMMA MILIEU – PROJECTEN & LEGES....................................................................... 20

4.4

ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN, OVERHEAD, VENNOOTSCHAPSBELASTING, ONVOORZIEN 21

PARAGRAFEN...................................................................................................................... 24 5.1

PARAGRAAF LEGES/ LOKALE HEFFINGEN .............................................................................. 24

5.2

PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING .......................................... 24

5.3

PARAGRAAF FINANCIËLE KENGETALLEN ............................................................................... 29

5.4

PARAGRAAF FINANCIERING .................................................................................................. 30

5.5

PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING ............................................................................................ 31

5.6

PERSONELE ONTWIKKELINGEN ............................................................................................. 31

FINANCIËLE BEGROTING ...................................................................................................... 33 6.1

OPZET BEGROTING ................................................................................................................ 33

6.2

MEERJARENRAMING OVERZICHT BATEN EN LASTEN ........................................................... 33

6.3

ONZE EXPLOITATIEBEGROTING ............................................................................................. 35

6.4

UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE EN MEERJARENRAMING............................... 37

BIJLAGE A – INDEXERING ............................................................................................................ 42 BIJLAGE B – DEELNEMERSBIJDRAGE ............................................................................................ 43

2

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

VOORWOORD Voor u ligt onze ontwerpbegroting 2024. In deze ontwerpbegroting 2024 zijn de begrotingswijziging 2023, het jaarprogramma 2023 en de indexeringsafspraken als uitgangspunten opgenomen. De toegenomen vraag van de deelnemers is verwerkt in deze ontwerpbegroting. De in 2021 geactualiseerde kentallen en het hieraan gekoppelde gemeentelijke groeimodel (ook voor asbest- en energietoezicht) liggen hieraan ten grondslag. Het groeimodel leidt tot een financiële stijging van 1.5 miljoen. Hiernaast zorgt de indexatie voor een stijging van bijna 0.9 miljoen. Daarnaast is in de ontwerpbegroting zekerheidshalve rekening gehouden met een kostenstijging van 7% door de invoering van de Omgevingswet. Met deze begroting leggen we een financiële basis voor 2024 aan u voor, geven we invulling aan vastgestelde uitgangspunten en borgen we de voortgang in de uitvoering van uw milieu VTH- en bodemtaken. De begroting voorziet door middel van een bundeling van middelen in de aanpak van gemeenschappelijke uitdagingen. Op deze manier creëren we meerwaarde voor Drenthe. Omgevingswet Landelijke onderzoeken tonen aan dat de Omgevingswet minimaal tot een kostentoename leidt van 7-12%. Omdat de precieze impact in de praktijk moet blijken was budget neutraal (tenzij onwenselijke risico’s) tot voor kort het bestuurlijke standpunt.

In deze variant wordt op basis van monitoring meerwerk achteraf via de verrekensystematiek in rekening gebracht. Echter de krappe arbeidsmarkt leidt ertoe dat is besloten dit standpunt te herzien. Het is namelijk niet meer mogelijk om snel te kunnen inspelen op een toename van vraag. Dit leidt tot een stagnatie in de uitvoering van werkzaamheden en een onwenselijke toename van werkdruk. Gaandeweg meegroeien naar een passend uitvoeringsniveau is daardoor niet mogelijk op een wijze die de uitvoerings- en milieurisico’s voorkomt. Het bestuur heeft daarom besloten om zekerheidshalve in de begroting 2024 7% extra budget op te nemen en uit te gaan van de minimaal te verwachten stijging in kosten. Daarmee kan de formatie op orde worden gebracht en wordt nog in 2023 gestart met de werving van extra personeel. Dit jaar wordt een plan van aanpak opgesteld voor de besteding van deze middelen en worden ook keuzes en risico’s in beeld gebracht. Het wendbaar en flexibel inzetten van personeel is daarvoor uitgangspunt, zodat de uren zo effectief mogelijk worden besteed. Vanzelfsprekend vindt gerichte monitoring plaats op de daadwerkelijke inzet en vraag na de invoering van de Omgevingswet zodat hierop continue (bij)sturing plaats kan vinden. De verschuiving van het bevoegd gezag onder de Omgevingswet (bodemtaken en een aantal bedrijven) is in de Begroting 2024 opgenomen.

Vanuit VNG en IPO vinden nog gesprekken met het Rijk plaats over de financiering van deze werkzaamheden. Daarnaast is een incidentele bijdrage opgenomen om het locatiebestand aan te passen aan de Omgevingswet. De verrijking van het locatiebestand met milieubelastende activiteiten is een omvangrijk project. In 2023 wordt via een pilot ervaring opgedaan voor een efficiënte omzetting.

3

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Verhoging productiviteitsnorm en aanbesteding zaaksysteem We zetten ons in om het ziekteverzuimpercentage verder te verlagen. In 2023 wordt gerekend met 9%. Voorgesteld wordt om voor 2024 uit te gaan van 7%. Omdat de organisatie van RUD Drenthe nog steeds groeit en er dus ook in 2024 nog een flink aantal nieuwe medewerkers zullen instromen is het voorstel om de 50 uur reservering voor het inwerken/begeleiden van nieuw personeel te continueren. Op basis hiervan wordt in 2024 gewerkt met een hogere productiviteitsnorm (1.276 i.p.v. 1.239 uur). De reservering voor het inwerken en begeleiden van nieuw personeel zal een onderdeel blijven binnen de productiviteitsnorm tot we het gewenste uitvoeringsniveau behalen. Dit is een variabele die aangepast zal worden nadat we binnen de organisatie de noodzakelijke groei hebben doorgemaakt. Voor de aanbesteding van het zaaksysteem is een uitstel verkregen van 2 jaar. In september 2025 loopt het contract af. De daadwerkelijke aanbesteding vindt hoofdzakelijk in 2024 plaats, de implementatie vindt plaats in 2025. Voor de bekostiging van de aanbesteding is een incidentele last van € 100K opgenomen. Inzet voor een schoon en veilig Drenthe Ook in 2024 zijn zes omgevingswaarden de basis van ons handelen: afval, bodem, geluid, lucht, omgevingsveiligheid en duurzaamheid.

We zijn sterk in lokaal werk maar dragen ook ons steentje bij aan provinciale en landelijke ontwikkelingen. Met deze ontwerpbegroting borgen we een betrouwbare en toekomstgerichte uitvoering van milieuactiviteiten, zodat we samen met onze partners proactief en resultaatgericht bijdragen aan een schoon en veilig Drenthe. Nu én voor volgende generaties.

Robert Meijer Voorzitter Dagelijks Bestuur Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe

4

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Marjan Heidekamp Secretaris Dagelijks Bestuur Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe

Ontwerpbegroting 2024

1 BEGROTING 2024 IN ÉÉN OOGOPSLAG In onderstaande samenvatting wordt een overzicht gegeven van de financiën over 2024. De complete meerjaren-exploitatiebegroting is weergegeven in paragraaf 7.3. Een berekening van de deelnemersbijdragen is weergegeven in Bijlage B. Begrotings wijziging 2023

Begroting 2024

16.341

19.424

23.270

998

1.494

1.617

Leges Overige baten TOTAAL BATEN

197 243 17.779

200 97 21.215

200 101 25.189

Personeel primair proces

10.298

10.940

13.631

Personeel overhead

2.807

4.231

4.894

Frictiekosten

293

0

0

Reis-, opleidings- en algemene personeelskosten

763

786

986

2.638

3.039

3.535

Projectkosten Zaaksysteem

0

50

100

Projectkosten Ontwikkelprogramma

23

0

0

Projecten

998

1.494

1.617

Leges

138

150

150

Incidentele lasten

0

400

150

Onvoorzien

0

125

125

17.958 -179

21.215 0

25.189 0

-179

0

0

Realisatie 2022

X € 1.000 Deelnemersbijdrage Projecten

Bedrijfsvoeringskosten

TOTAAL LASTEN RESULTAAT VOOR RESERVES Mutatie reserves RESULTAAT NA MUTATIE RESERVES

Tabel 2: begroting in één oogopslag, RUD Drenthe 2024

5

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

2 DE BESTUURLIJKE BEHANDELING In de begroting staan de financiële kaders en het budget voor het begrotingsjaar. Er wordt omschreven wat wij daar op hoofdlijnen voor gaan doen. De ontwerpbegroting 2024 is in februari 2023 opgesteld en in procedure gebracht. Deze begroting 2024 is gebaseerd op de financiële en beleidsmatige uitgangspunten en ontwikkelingen zoals uiteengezet in o.a. het jaarprogramma 2023. In onderstaand overzicht staat de afgesproken planning van de P&C cyclus. U ziet hoe de verdere behandeling van de ontwerpbegroting 2024 plaatsvindt, inclusief de vergaderdata van het algemeen en dagelijks bestuur. De behandeling van de ontwerpbegroting 2024 is in het rood weergegeven. De P&C cyclus wordt continue gemonitord en geactualiseerd naar gelang behoefte van onze deelnemers.

Figuur 1: Tijdlijn 2023 P&C-cyclus, RUD Drenthe 2023

6

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

3 ACTUELE ONTWIKKELINGEN 3.1 ONZE MISSIE EN DOELSTELLINGEN De RUD Drenthe is de omgevingsdienst voor de inwoners en bedrijven van Drenthe. Onze organisatie is een samenwerkingsverband tussen alle Drentse gemeenten en de provincie Drenthe op het gebied van milieu. De 12 Drentse gemeenten en de provincie Drenthe zijn samen eigenaar van de RUD Drenthe. De RUD Drenthe draagt samen met onze partners proactief en resultaatgericht bij aan een belangrijke taak:

Een schoon en veilig Drenthe. Nu en voor de volgende generaties! Dit doen wij door: • toezicht op en handhaving van de wettelijke milieuregels bij bedrijven en in geval van calamiteiten; • vergunningverlening op basis van diverse (regulerende) milieuwetgeving; • advisering over verschillende milieuthema’s, complexe dossiers en bij crisissituaties. Wij geven daarnaast ook advies bij het opstellen van lange termijn beleid en ten aanzien van strategische vraagstukken waar het gaat om de leefomgeving. De gemeenten en de provincie verlenen deze opdrachten en blijven verantwoordelijk voor het milieubeleid en prioriteitstelling op lokaal niveau. Zo bundelen we de krachten en kunnen wij dé milieupartner in Drenthe zijn die met trots en passie werkt aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving.

3.2 BELEIDSMATIGE ONTWIKKELINGEN De volgende beleidsmatige ontwikkelingen zijn van invloed op onze taakuitvoering. 3.2.1

De Omgevingswet

Nieuw stelsel, nieuwe procedures, nieuwe regels De Omgevingswet betekent een algehele stelselherziening voor de wet- en regelgeving die gaat over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. De invoering van de Omgevingswet is opnieuw uitgesteld, tot 1 januari 2024. Duidelijk is dat de herziening grote impact heeft op alle ketenorganisaties en dus ook bij de RUD Drenthe. Binnen de samenwerking van het Omgevinsplatform Drenthe zijn hierover afspraken gemaakt. We voorzien extra kosten door de invoering van de wet, structureel en incidenteel tijdens de overgangsperiode. Onze processen wijzigen en moeten goed ingericht en afgestemd worden. Volgens de wet geldt een overgangsrecht tot 2029. In deze periode is het nodig om per vraag extra te onderzoeken of dit overgangsrecht wel of niet van toepassing is. Nieuw in deze wet is ook het vooroverlegproces. Van initiatiefnemers wordt na dit voortraject verwacht dat zij een complete vergunningaanvraag in dienen. Initiatiefnemers moeten hieraan waarschijnlijk wennen en meegenomen worden. De termijn om een vergunning te verlenen is in de Omgevingswet gewijzigd van (meestal) 26 weken naar 8 weken. Niet compleet ingediende aanvragen zullen hierdoor, eerder dan nu en daarmee extra, door ons als niet ontvankelijk worden verklaard. De beleidsmatige keuzes

7

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

(omgevingsvisie/omgevingsplannen) moeten door de gemeentes en provincie worden gemaakt waarbij steeds meer ook advies gevraagd wordt aan de experts van de RUD Drenthe. Onduidelijk is in welke mate extra inspanningen, gewijzigde werkprocessen en/of beleidsmatige keuzes gaan leiden tot extra kosten. We zien, aan de hand van ketentesten, extra zaakdossiers ontstaan door de nieuwe mogelijkheid om toestemmingen te regelen per milieubelastende activiteit. Hiervoor zijn meer procedure uren nodig voor zowel de behandelaars, de adviseurs als de proces ondersteuners. Uitgangspunt Omgevingswet budgetneutraal herzien vanwege krappe arbeidsmarkt Landelijke onderzoeken tonen aan dat de Omgevingswet minimaal tot een kostentoename leidt van 7-12%. Omdat de precieze impact in de praktijk moet blijken was budget neutraal (tenzij onwenselijke risico’s) tot voor kort het bestuurlijke standpunt. In deze variant wordt op basis van monitoring meerwerk achteraf via de verrekensystematiek in rekening gebracht. Echter de krappe arbeidsmarkt leidt ertoe dat is besloten dit standpunt te herzien. Het is namelijk niet meer mogelijk om snel te kunnen inspelen op een toename van vraag. Dit leidt tot een stagnatie in de uitvoering van werkzaamheden en een onwenselijke toename van werkdruk.

Gaandeweg meegroeien naar een passend uitvoeringsniveau is daardoor niet mogelijk op een wijze die de uitvoerings- en milieurisico’s voorkomt. Het bestuur heeft daarom besloten om zekerheidshalve in de begroting 2024 7% extra budget op te nemen en uit te gaan van de minimaal te verwachten stijging in kosten. Daarmee kan de formatie op orde worden gebracht en wordt nog in 2023 gestart met de werving van extra personeel. Dit jaar wordt een plan van aanpak opgesteld voor de besteding van deze middelen en worden ook keuzes en risico’s in beeld gebracht. Het wendbaar en flexibel inzetten van personeel is daarvoor uitgangspunt, zodat de uren zo effectief mogelijk worden besteed. Vanzelfsprekend vindt gerichte monitoring plaats op de daadwerkelijke inzet en vraag na de invoering van de Omgevingswet zodat hierop continue (bij)sturing plaats kan vinden. Digitale uitwisseling De Omgevingswet gaat fors impact hebben op de werkprocessen omdat de wet verplicht tot toegankelijkheid van data, informatie en dossiers. Een optimale uitwisseling van uw en onze data en informatie voorkomt extra inzet en daarmee extra kosten als ook het niet kunnen nakomen van wettelijke termijnen. In het project ‘digitale uitwisseling’ is een standaard-werkwijze met onze deelnemers afgesproken (StanDUR).

Actieve toepassing van deze werkwijze voorkomt extra inzet en is van belang voor de betrouwbaarheid en kwaliteit van de dienstverlening, van ons en onze deelnemers. Verschuivingen van taken Met de invoering van de Omgevingswet verschuiven een aantal milieubelastende activiteiten van provincie naar gemeenten en vice versa. Daarmee verschuift ook de onderlinge verdeling van de deelnemersbijdragen. De belangrijkste conclusies van onze voorlopige inschatting in de nieuwe situatie is: 1. Op basis van de uitgangspunten en aannames van de Drentse Maat vindt globaal verschuiving plaats in uren van provincie naar de gemeenten Aa en Hunze, Coevorden, Hoogeveen, Meppel en Midden/Drenthe. Uitgaande van 310 uur per inrichting tegen een uurtarief van € 115,21 (begroting 2023) levert dit de volgende tabel op:

8

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Deelnemer Provincie Aa en Hunze Coevorden Hoogeveen Meppel Midden-Drenthe

Aantal locaties -8 1 1 2 3 1

Uren - / - 2.480 310 310 620 920 310

euro - / - 285.721 35.715 35.715 71.430 105.993 35.715

Tabel 3: Verschuivingen in bevoegd gezag bij milieubelastende activiteiten ingeschat op uren en kosten

2. Op basis van een zeer ruwe inschatting blijkt dat Drenthe-breed ca. 6 inrichtingen (definitie onder de Wabo) van gemeenten naar provincie gaan. Op basis van de Drentse Maat gaat het om ca. 50 uur per inrichting/milieulocatie. Dit leidt tot een hogere deelnemersbijdrage bij de provincie en een lagere bij de gemeenten. Zodra duidelijk is om welke inrichtingen dit gaat zijn nadere afspraken over de benodigde inzet nodig. Over de exact te hanteren kentallen vindt in 2023 nog afstemming plaats in het kader van de warme overdracht van de inrichtingen tussen de bevoegde gezagen. Verrijken Locatiebestand De term “inrichting” vervalt binnen de Omgevingswet. Binnen de milieu- en bodemlocaties worden activiteiten gezien als “milieubelastende activiteit”, of een clustering hiervan. Het locatiebestand wordt in 2023 en 2024 verrijkt met “mba's”. Een juist en compleet locatiebestand is urgent en noodzakelijk omdat het locatiebestand de basis is voor alle onze zaken, met relaties naar zaken van onze deelnemers en onze samenwerkingspartners. In 2024 is hiervoor een incidenteel bedrag van € 150K opgenomen. Verschuiving van bodemtaken Met de komst van de Omgevingswet verschuiven bodemtaken van de provincie naar gemeenten. Gemeenten worden verantwoordelijk voor het beleid en activiteiten in de vaste bodem.

De provincie Drenthe is verantwoordelijk voor het grondwaterbeheer en blijft het bevoegde gezag voor bodemverontreinigingen die onder het overgangsrecht vallen. De verwachting is dat deze overgang van taken en bevoegdheden – inclusief dossieroverdracht – ook in 2024 extra inspanning vraagt. Bij deze verschuiving is inzet nodig van de RUD Drenthe. De verwachting is dat met de huidige formatie de bodem-gerelateerde werkzaamheden voor de provincie en de gemeenten uitgevoerd kunnen worden. Het is echter nog niet duidelijk wat de verschuiving van taken financieel gaat betekenen voor provincie en gemeenten. Een eerste inschatting op basis van bestede uren in de jaren 2020 en 2021 leert ons dat 6.000 uren verschuiven van provincie naar gemeenten. Dit zijn taken die verband houden met het adviseren, toetsen, toezicht houden en handhaven van activiteiten in de bodem en taken die verband houden met graven in- en het saneren van verontreinigde bodems. Landelijk bespreken het Rijk, IPO (Interprovinciaal overleg) en VNG (Vereniging van Nederlandse gemeenten) hoe de financiering van bodemtaken onder de Omgevingswet het beste georganiseerd kan worden. Wanneer deze afspraken bekend zijn is een specifiekere kostenraming te maken.

9

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Uitgaande van een 1 op 1 overdracht en gerekend met het uurtarief van de begroting 2023 (€115,21) levert dit vooralsnog de volgende kostenverdeling op: Deelnemer Aa en Hunze Assen Borger-Odoorn Coevorden De Wolden Emmen Hoogeveen Meppel Midden- Drenthe Noordenveld Tynaarlo Westerveld Provincie

Uren 300 1.400 300 700 350 0 950 400 400 450 500 200 0 totaal 5.950

Kosten in euro 34.563 161.294 34.563 80.647 40.324 0 109.450 46.084 46.084 51.845 57.605 23.042 0 685.501

Tabel 4: Kosten overdracht bodemtaken per deelnemer (1 op 1 overdracht), RUD Drenthe 2023.

Leges heffen op milieutaken Met de komst van de Omgevingswet wordt het verbod op het heffen van leges op milieu- en bodemtoestemmingen opgeheven. Voor onze opdrachtgevers ontstaan hierdoor mogelijkheden om de kosten voor onze milieuactiviteiten te dekken. Een meerderheid van onze deelnemers staat positief tegenover het invoeren van legesheffingen. 3.2.2

Evaluatie GR (gemeenschappelijke regeling)

Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe De uniforme handhavingsstrategie is een duidelijke stap richting outcome- en impact gestuurd werken. De strategie geeft ook invulling aan een belangrijke aanbeveling uit de evaluatie GR : “Kom tot eenduidigheid over de opgave voor de RUD Drenthe, waarop de programmering en daarmee de begroting kan worden gebaseerd. Alleen dan is een adequate organisatie in te richten die de verwachtingen van haar deelnemers kan waarmaken”.

De scope van de U&H-strategie is gedefinieerd als alle uitvoeringstaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving die de gemeenten en de provincie Drenthe verplicht en facultatief hebben overgedragen aan de RUD Drenthe voor de jaren 2022-2026. De U&H-strategie kent een doorlooptijd van vier jaar. Na twee jaar vindt een evaluatie plaats. Jaarlijks vindt een vertaling van deze U&H – strategie naar ons uitvoeringsprogramma plaats. In dit programma wordt benoemd welke VTH-instrumenten de RUD Drenthe concreet gaat inzetten en wat de formatieve en financiële gevolgen zijn. Eventuele aanscherping van ambities kan ook in dit uitvoeringsprogramma plaatsvinden. Voor 2024 zijn de effecten op de begroting op nihil ingeschat.

10

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

De ingezette organisatieontwikkeling van de afgelopen jaren wordt verder uitgewerkt in het Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe. Met de keuze om over te gaan tot (gefaseerde) invoering van risicogericht werken wordt een steeds beter inhoudelijk afwegingskader gecreëerd, waarmee op basis van risico-inschatting en milieurendement, de uitvoering van o.a. toezicht kan worden geprioriteerd. Deze ambitie geldt feitelijk voor de gehele reikwijdte van VTH waarbij alle omgevingswaarden apart benoemd worden. Met deze systematiek van werken bieden wij onze deelnemers een bestuurlijk afwegingskader om haar middelen zo effectief mogelijk in te zetten. Herijking Drentse Maat Uit de door TwijnstraGudde uitgevoerde evaluatie GR RUD Drenthe (2021) is gebleken dat de Drentse Maat aan actualisatie toe is. De herijking van de Drentse Maat (DM) wordt in twee fasen uitgevoerd. Eind 2021 is in de eerste fase een meer realistisch kental voor de producten DM ontwikkeld, gebaseerd op de uitgevoerde benchmark met collega omgevingsdiensten. In december 2021 is besloten de eerste fase budgetneutraal door te voeren in het Jaarprogramma 2022. Tegelijkertijd is besloten tot een groeimodel voor onze deelnemers voor 2023, 2024 en uitloop 2025 zodat de RUD Drenthe over dezelfde hoeveelheid uren kan beschikken als andere omgevingsdiensten met een vergelijkbare omvang en opgave.

Dit groeimodel is als volgt vastgesteld: Groeimodel

versie 13 december 2021 Uitvoeringsniveau op basis van herijking

2025 Uitvoeringsjaar t.o.v. het basisuitvoeringsniveau (=begroting 2022) Product 116 RGT 116 Jur ondersteuning 116 BOA inzet 400 Asbesttoezicht 120 Klachten Energie Extra opdrachten Omgevingsveiligheid Gevelscans BOA inzet Luchtadviseur Tussenoplossing groeimodel

BG ov G ov G ov G ov G prov ov G alle prov ov G alle alle alle alle

Toelichting budget neutrale doorvoering herijking budget neutrale doorvoering herijking (uit 116) budget neutrale doorvoering herijking (uit 116) meldingen vraaggestuurd per deelnemer verrekenen provincie verrekenen per deelnemer 2022: 6600 hiervan 1200 directe financiering rijk (klein deel is prov.) altijd per deelnemer verrekend (met besluit) altijd per deelnemer verrekend (met besluit) doorgerekend doorgerekend Nacalculatie per deelnemer, na 2022 opnemen begroting? Nacalculatie per deelnemer, na 2022 opnemen begroting? in mindering op RGT (116)

2023

2024

(uitloop)

basis

nieuw

basis

nieuw

basis

nieuw

9.385 0 0 4.685

0 3.500 1.330 0 pm pm 1.600 pm pm

9.385 3.500 1.330 4.685

3.273 0 0 0 pm pm 1.400 pm pm

12.658 3.500 1.330 4.685

0 0 0 0 pm pm 0 pm pm

5.400

pm pm pm pm

7.000

pm pm pm pm

8.400

pm pm pm pm

12.658 3.500 pm 4.685 pm 1.133 8.400 pm pm pm pm 2.660 1.330

5.010

Tabel 5: Groeimodel 2023 , 2024 en 2025, RUD Drenthe 2021.

Het groeimodel is in het Jaarprogramma onder kolom 2023 doorgevoerd. Het verwachte restant 2023 en de groeimodeluren voor RGT en Energie 2024 zijn opgenomen in de begroting voor 2024. We gaan ervan uit dat, wanneer we deze groei niet waar kunnen maken, we dat alsnog in 2025 kunnen realiseren (uitloopjaar in opschaling). Dit uitgangspunt is als afspraak opgenomen in het inmiddels vastgestelde Jaarprogramma 2023. Voor complexe vergunningen, calamiteiten, incidenten en handhavingszaken worden kentallen niet aangepast. Indien een urenoverschrijding ontstaat vindt hierover afstemming met de betreffende deelnemers plaats. Conform bestuursbesluit wordt deze extra benodigde inzet op basis van werkelijk gerealiseerde uren verrekend volgens de afgesproken verrekensystematiek.

11

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

In fase 2 wordt, aansluitend aan het opstellen van de Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe (U&H-strategie), een brede herijking van de DM uitgevoerd. De uitwerking van de 2e fase wordt in de loop van 2023 verwacht en is nog niet opgenomen in de begroting 2024. Naast de wijzigingen vanuit de Omgevingswet zal de doorvoering van de U&H-strategie ook invloed hebben op de DM-methodiek en de wijze van verantwoorden die de RUD Drenthe gewend is toe te passen. Wij houden u vanzelfsprekend op de hoogte van de financiële consequenties. 3.2.3

Meerjarenagenda Versterking omgevingsveiligheid 2021-2024

Onze deelnemers ontvangen vanuit de Meerjarenagenda Versterking omgevingsveiligheid 2021-2024 middelen voor de versterking omgevingsveiligheid. De taken worden grotendeels door de RUD Drenthe en een kleiner deel door de Veiligheidsregio Drenthe uitgevoerd. In deze begroting 2024 zijn deze kosten structureel opgenomen. De min- en plusuren worden achteraf verrekend. 3.2.4

De uitvoering van het beleid m.b.t. de zeer zorgwekkende stoffen (ZZS)

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) zijn carcinogeen, mutageen, repro(ductie) toxisch of een combinatie van voornoemde. Ook kunnen ze nog (zeer) persistent en/of bio accumulatief zijn. Het weren van ZZS uit de leefomgeving heeft dan ook een groot maatschappelijk belang en hiermee bestuurlijk gewicht. Uit de evaluatie ZZS-emissiebeleid 2016-2021 (in opdracht van het ministerie van IenW) blijkt dat ‘kennis en capaciteit’ kritische succesfactoren zijn voor de uitvoering van het ZZS-beleid. De complexiteit van de wet- en regelgeving én de inhoudelijke complexiteit en diversiteit in stoffen, productieprocessen en emissies maken dat er impliciet aanzienlijke eisen worden gesteld aan het kennisniveau en capaciteit bij alle betrokken partijen. Het Rijk zet in op versterking van het VTHstelsel via een Interbestuurlijk Programma. Onderdeel van dit programma is de versterking van de kennisinfrastructuur, -ontwikkeling en -deling van de omgevingsdiensten. In het verlengde hiervan wordt per regio een samenwerkingsstructuur ZZS ontwikkeld, dit met als uitgangspunt om een betere samenwerking tussen omgevingsdiensten en het RIVM op het gebied van kennis rondom ZZS te bewerkstelligen. ODG, FUMO & RUDD gaan een samenwerkingsplatform ZZS Noord-Nederland inrichten.

In navolging op het project inventarisatie ZZS bij provinciale bedrijven, gaan wij conform het jaarprogramma 2023 het gesprek aan met onze gemeentelijke opdrachtgevers om te inventariseren of een projectmatige aanpak ZZS bij eén of meerder branches op gelijkluidende manier kan worden uitgevoerd. Resultaten van deze verkenning zal naargelang hier behoefte voor is, in 2023 of 2024 worden omgezet in nadere uitvoerings- en financieringsafspraken op het gebied van ZZS voor gemeentelijke inrichtingen. Deze afspraken worden opgenomen in de begrotingswijziging 2024. 3.2.5

Regionale ketenaanpak milieucriminaliteit en ondermijning en asbesttoezicht

De effecten van milieucriminaliteit en het daarbij behorende ondermijnende gedrag zijn vaak niet direct zichtbaar, maar brengt zowel economische-, milieu-, als gezondheidsschade toe. Omgevingsdiensten zijn een steeds belangrijkere schakel geworden om milieucriminaliteit te bestrijden alsmede om veroorzaakte schade te laten herstellen. De Uitvoering- en Handhaving

12

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Strategie Drenthe zal iets moeten zeggen over de inzet met betrekking tot de bestrijding van milieucriminaliteit, in het verlengde van de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS). De deelnemers hebben verzocht om asbesttoezicht op een aanvaardbaar niveau te houden, mede in verband met de hieraan verbonden gezondheidsrisico’s. In 2022 is de capaciteit hiervoor op orde gebracht, en in 2023 en volgende begrotingen wordt deze inzet gecontinueerd. Omdat door sanering het asbest als bouwmateriaal verdwijnt kan op termijn onze inzet afgebouwd worden. 3.2.6

De klimaatdoelen in relatie tot energiebesparing bij bedrijven

Werkgebonden personenmobiliteit Op 1 januari 2024 treedt naar verwachting het Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit in werking. Op grond van dit Besluit worden werkgevers, die meer dan 100 werknemers in dienst hebben, verplicht om jaarlijks de gegevens met betrekking tot werkgebonden personenmobiliteit te verstrekken. Het Besluit vloeit voort uit wat in het Klimaatakkoord van 2019 is overeengekomen, namelijk om in 2030 een CO2-reductie van één megaton te realiseren. De gemeenten waarbinnen een onderneming of rechtspersoon is gevestigd, zijn het bevoegde gezag op het gebied van toezicht en handhaving. De colleges geven de omgevingsdiensten een opdracht om de toezichts- en handhavingstaken uit te voeren. Zowel de toezichtstaak als de handhavingstaak vallen onder het mandaat zoals deze bij inwerkingtreding van de Omgevingswet is opgesteld. Medio 2024 of begin 2025 moeten deze taken worden uitgevoerd. Het in nu nog onduidelijk om hoeveel uren het gaat. Energietoezicht In het klimaatakkoord van Parijs is vastgelegd dat de wereldwijde klimaatopwarming in 2100 beperkt moet zijn tot 2°C vergeleken met het niveau van vóór de opkomst van de industrie. In het verlengde hiervan hebben Provinciale Staten van Drenthe de doelstelling in de vastgestelde Energieagenda 2020 – 2023 uitgesproken om in 2050 energieneutraal te zijn.

Ook verschillende gemeenten streven energiedoelen na. Daarnaast zijn energiedoelen door het Rijk verwerkt in wet- en regelgeving. Voor het toezien op deze wet – en regelgeving zijn vanaf 2022 uren toegevoegd aan de begroting om de formatie op orde te kunnen brengen. Een deel wordt gefinancierd vanuit het Rijk, en een deel wordt gedragen vanuit de uitvoering van RGT. Voor 2024 worden deze uren (7.000 uur) verder naar het gewenste niveau gebracht door 1.400 uur toe te voegen aan de uitvoering van energietoezicht. Per 1 januari 2023 moet elk kantoorgebouw minimaal energielabel C hebben. Voldoet het gebouw niet aan de eisen, dan mag het per 1 januari 2023 niet meer als kantoor gebruikt worden. Deze verplichting staat in het Bouwbesluit 2012. De RUD Drenthe heeft de expertise op het gebied van energiebesparing en energietoezicht in huis. Bevoegde gezagen kunnen de RUD Drenthe opdragen om deze aanvullende taak op zich te nemen en/of hiervoor de RUD Drenthe te mandateren. 3.2.7

Overige wetswijzigingen/landelijke adviezen

Naar verwachting zullen de volgende wettelijke ontwikkelingen in 2024 aandacht van ons vragen: • Actualisatieplicht vergunningen van IPPC-bedrijven (Integrated Pollution and Prevention Control). Bij publicatie van nieuwe (geactualiseerde) BBT-conclusies (best beschikbare technieken) van een bepaalde branche moetende vergunningen van de betrokken bedrijven

13

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

• •

•

binnen 4 jaar na publicatie zijn aangepast. Een BBT-referentiedocument (BREF) is een document die de beste beschikbare technieken beschrijft. BBT-conclusies vormen de referentie voor toetsing en vaststelling van vergunningsvoorwaarden en actualisatie van deze voorschriften. De BBT-conclusies over “slachthuizen” en “Smederijen en gieterijen” zijn de eerstvolgende twee die zullen worden opgepakt. De Wet open overheid (WOO) is in 2022 in werking getreden. Met de opdrachtgevers zal afstemming moeten plaatsvinden wat dat betekent voor de bestaande en nieuwe archieven. Het schone luchtakkoord (SLA) zal extra inzet vragen voor luchtadvies bij activiteiten. Het doel van het SLA is om gezamenlijk de luchtkwaliteit in Nederland permanent te verbeteren. Met de aanpak van de binnenlandse bronnen streven we naar een gezondheidswinst van minimaal 50 procent in 2030 ten opzichte van 2016. De maatregelen worden uitgewerkt in themagroepen en sluiten waar mogelijk aan bij lopende initiatieven. In alle sectoren starten overheden in samenspraak met bedrijven en burgers initiatieven en acties voor schonere lucht. Ook binnen de provincie Drenthe en voor de gemeente Assen is de inzet van onze experts gevraagd.

Interbestuurlijk Programmaplan Versterking VTH-stelsel: Op 8 juli 2022 heeft de staatssecretaris de Tweede Kamer geïnformeerd over de voortgang van de versterking van het VTH-stelsel via een Kamerbrief met als bijlagen het interbestuurlijk programmaplan versterking VTH-stelsel en een overzicht opvolging aanbevelingen Cie van Aartsen. De pijlers uit dit IBP blijven onder de aandacht.

De RUD Drenthe verwijst voor de duiding van de impact in Drenthe naar de Voorjaarsnotitie 2023 en het Jaarprogramma 2023. Het Interbestuurlijk Programma bestaat uit een zestal pijlers: 1. Robuuste omgevingsdiensten en financiering; 2. Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging; 3. Informatie-uitwisseling en datakwaliteit; 4. Kennisinfrastructuur inclusief arbeidsmarkt; 5. Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving; 6. Monitoring kwaliteit milieutoezicht. Uiteraard houden wij de ontwikkelingen binnen het IBP nauwlettend in de gaten. Het IBP pakt het vaststellen van een landelijke normfinanciering nu op. Dit kan gevolgen hebben voor onze financieringsstructuur die gebaseerd is op een aantal uitgangspunten zoals een eerlijke verdeling naar rato van wat wordt afgenomen per opdrachtgever. Het is afwachten hoe de landelijke norm van de financiering van omgevingsdiensten eruit komt te zien. De basis is op orde, de blik verschuift van binnen naar buiten. Voor de interne organisatie is reflecteren en blijven leren erg belangrijk. Robuust worden als zelfsturend en transparant overheidsorgaan is en blijft een culturele omslag in de komende jaren. Derhalve hebben bv. relatiemanagement, ketensamenwerking, en interbestuurlijke informatievoorziening een stabiele plaats verworven in het DNA van de dienst.

We blijven inzetten op optimale synergie in werken, denken en doen. De BOA-inzet vormt een wezenlijk onderdeel van de kerntaak van de RUD Drenthe: het strafrechtelijk handhaven bij milieuovertredingen. De noodzaak tot extra BOA-inzet vormt één van de aanbevelingen uit het rapport van Commissie van Aartsen en maakt deel uit van ons groeimodel. In

14

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

de begroting 2024 zijn deze kosten structureel opgenomen, conform de uitgangspunten. Meer- en minderwerk wordt verrekend volgens de afgesproken systematiek.

3.3 ORGANISATORISCHE ONTWIKKELINGEN De volgende organisatorische ontwikkelingen hebben invloed op de uitvoering van onze producten en diensten. 3.3.1

Strategische Personeelsplanning (SPP) => Strategische Planning RUD Drenthe

In 2019 is gestart met het project SPP. Trends en veranderingen die van invloed kunnen zijn op onze taken en verantwoordelijkheden worden jaarlijks in beeld gebracht zodat we voorbereid zijn op de personele opgaves voor de komende jaren. Het project SPP richtte zich op de toekomstige personele opgaven. In 2021 is het onderdeel gemaakt van de staande HRM-bedrijfsvoering. Het doel wat we in 2024 nastreven is om voorbereid te zijn op alle opgaves voor de komende jaren, en de omslag te maken van personeelsplanning naar een bredere bedrijfsmatige strategische planning. Deze planning zien we als een continu proces waarin wordt bepaald hoe de organisatie zich op de lange termijn positioneert en ontwikkelt. De Strategische Planning RUD Drenthe en de uniforme Uitvoering- en handhavingsstrategie Drenthe vormen samen de input voor onze beleid- en organisatiedoelen (vanuit de brede milieuscope) en dalen neer in het Jaarprogramma voor onze deelnemers. Ziekteverzuim In het jaarprogramma en begroting van 2023 is uitgegaan van een realistisch ziektepercentage van 9 procent. Door toepassing van dit uitgangspunt konden realistische en haalbare jaarprogramma’s worden opgesteld. In nauwe afstemming met de bedrijfsarts en de verzuimcoaches wordt gewerkt aan een realistisch streefcijfer van 7 procent voor 2024.

De effecten van COVID-19 op lange termijn (zowel op lichamelijk als psychosociaal vlak) zijn nog onvoldoende duidelijk. Deze invloed ramen we niet in de begroting 2024. Duurzame inzetbaarheid Om medewerkers te boeien en behouden, zodanig dat zij gezond, productief en met plezier het huidige en toekomstige werk kunnen en willen uitvoeren, wordt er ruim inzet gepleegd op het gebied van duurzame inzetbaarheid. Oplossingsgericht werken De opdrachten van onze opdrachtgevers worden in een logische samenwerking resultaatgericht en oplossingsgericht uitgevoerd. Onze organisatie wordt steeds beter ingericht waarbij gewenste resultaten de samenwerkingsvormen bepalen en niet andersom. Hiermee wordt niet alleen de wendbaarheid van de organisatie vergroot maar wordt ook de kennis, kunde en kwaliteit van onze medewerkers gestimuleerd. Zo zijn en blijven we een aantrekkelijke werkgever, waar mensen graag werken en zich kunnen ontwikkelen. Deze aanpak maakt dat we ook in de huidige krappe arbeidsmarkt blijven beschikken over gekwalificeerd personeel.

15

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Arbeidsmarktbenadering De krapte aan gekwalificeerd personeel op de huidige arbeidsmarkt noodzaakt ons tot meer inzet op werving en selectie van toekomstig benodigde medewerkers. De RUD Drenthe heeft samen met de ODG en de FUMO de krachten gebundeld op de arbeidsmarkt en de campagne "Werken bij de NOD” gestart. Deze campagne geeft aandacht aan: - het werven van zij-instromers die omgeschoold kunnen worden ten behoeve van onze taken; - de opleidingen van scholen zodat deze beter te laten aansluiten op onze praktijk; - De mogelijkheid om van traineeships gebruik te maken. Dat betekent een andere insteek in communicatie naar buiten en een toename in opleiding en begeleiding van zij-instromers en trainees. 3.3.2

Data- en informatie-gestuurd werken

Het verzamelen, registreren en analyseren van data tot informatie is inmiddels een belangrijke taak en randvoorwaarde voor het goed functioneren van een omgevingsdienst. Uit de evaluatie GR is gebleken dat onze informatievoorziening in vergelijking met andere Omgevingsdiensten vooruitstrevend is. Er zijn een aantal onderwerpen die in 2024 extra inzet en aandacht vragen: Digitale uitwisseling van informatie De Omgevingswet is onder andere om reden van het nog niet gereed zijn van de digitale uitwisseling uitgesteld tot 1 januari 2024. Het borgen van een effectieve en efficiënte digitale informatie uitwisseling met opdrachtgevers en ketenpartners is bij invoering van de Omgevingswet erg belangrijk. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt deze uitwisseling. Ook de recent e invoering van de Wet Open Overheid (WOO) vraagt iets van onze werkprocessen op vlak van informatisering en automatisering. Voor 2024 vragen de digitaliseringsprocessen in de keten nog om veel aandacht voor samenwerking- en uitwisselingsafspraken. Om gezamenlijk met systemen als DSO/Samenwerkingsfunctionaliteit en de Inspectieview te kunnen werken is het ook nodig om ketentesten op te zetten. Deze afspraken en activiteiten worden aan het eind van 2023, vlak voor het in werking treden van de Omgevingswet, exact afgestemd. Adequate uitvoering van die ketenafspraken is daarbij cruciaal.

Geo-informatie Er is een groeiende behoefte aan strategische, tactische en operationele stuurinformatie. Eerder werden koppelingen tussen interne en externe databronnen gerealiseerd. De registratie van informatie op het gebied van bodem, geluid, lucht (en stank) en omgevingsveiligheid vraagt ook de vertaling naar geografische presentatie. Dit biedt zowel voor de regio als ook voor de RUD Drenthe nieuwe kansen. Op dit vlak is al een landelijk initiatief bijvoorbeeld voor omgevingsveiligheid. Op meer lokaal niveau ontstaat dit nu ook voor omgevingsvisie en -plannen (verplichting vanuit de Omgevingswet). In 2024 worden hiervoor vooralsnog geen extra middelen voorzien maar het ligt voor de hand dat deze vraag gaat komen. In dat geval zal daar een extra opdracht op moeten worden verstrekt.

16

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Bodeminformatie- en beheersysteem (BIS) Een BIS vult registraties aan daar waar het huidige zaaksysteem daar niet in voorziet. Ook vanwege de Omgevingswet (zie hiervoor) is deze aanvullende registratie gewenst. Daarom is in 2022 een BIS aangeschaft wat in 2023 in gebruik is genomen. De kosten voor de aanschaf en inrichting zijn in 2023 voor rekening van de provincie Drenthe en de gemeente Emmen geweest. Vanaf 2024 zullen ook overige gemeenten moeten bijdragen aan het BIS en de inzet die nodig is voor beheer en doorontwikkeling. 3.3.3

Zaaksysteem (LeefOmgevingsSysteem of LOS)

Het zaaksysteem LOS is aan het einde van haar contractperiode en moet opnieuw aanbesteed worden. In 2022 is er een verlenging van het contract op Tenderned gepubliceerd wat maakt dat we het contract met twee jaar mogen verlengen tot 2025. Dit geeft ons in 2024 de tijd om een degelijke aanbestedingsprocedure te doorlopen voor een nieuw leefomgevingssysteem. Hiervoor is een incidenteel bedrag van € 100K opgenomen. 3.3.4

Huisvesting

De (verlengde) package deals met de gemeente Emmen en de provincie voor wat betreft de huisvesting en ICT liepen af in 2022. Een volledige herijking op de huisvestingsbehoefte wordt ingegeven door de behoefte aan hybride (thuis/kantoor/op locatie) werken. Daarom is in 2022 een onderzoek gehouden naar beelden en wensen bij de huisvesting. In 2023 wordt vervolgens een toekomstbestendige huisvestingsvisie opgesteld. Eventuele financiële impact die daaruit kunnen voortvloeien zijn nu nog niet duidelijk. 3.3.5

Bedrijfsvoering op orde

In de begrotingswijziging 2022 zijn de bedrijfsvoering kosten in overeenstemming gebracht met de noodzakelijke inzet voor ondersteunende stafdiensten. Immers de structureel onverantwoord hoge werkdruk, welke ook effect heeft bij de ondersteunende diensten, leidt naast een verhoogd risico op ziekteverzuim ook tot vertraging in het aanleveren van informatie aan de deelnemers. En dat is één van de kritische faal- en succesfactoren in een verbeterde onderlinge samenwerking met (vertegenwoordigers van) onze deelnemers. De versterking van de staffuncties is de afgelopen jaren in toenemende mate bekostigd uit het inkrimpen van de formatie voor het management (van 7 naar 4 teamleiders). Het verder afbouwen van de managementinzet is op dit moment onverantwoord. De opgave voor de staf blijft fors: toename werving, selectie en opleiding (door meer en lastiger te werven medewerkers), ziekteverzuim-preventie en – begeleiding, toenemende interne controle-vereisten, AVG, toename P&C-inspanningen, automatisering en digitalisering, communicatie-inzet, kwaliteitsimpuls in de uitvoering etc. Om de grip op onze productie te versterken is in 2022 steviger gestuurd op onze totale opgave: jaarprogramma en (interne) projecten in hun onderlinge samenhang. Een Opgavemanager coördineert deze sturing (voorheen: Programmamanager) en versterkt o.a. de processen rondom de P&C-cyclus.

In combinatie met het zaakgerichte tijdschrijven - dat medio

17

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

februari 2022 is ingevoerd – ontstaat een vrijwel continue monitoring op de verhouding tussen beschikbare en benodigde capaciteit. Zo ontstaat meer rust in onze organisatie en meer grip op de productie doordat prognoses en planningen tijdig worden bijgesteld. Het uurtarief en het percentage overhead (binnen de totale lasten) is desondanks gelijk gebleven. Het overheadpercentage bedraagt 28% o.b.v. definitie BBV en 22,4% o.b.v. definitie benchmark TwijnstraGudde en blijft daarmee onverminderd beneden het landelijk gemiddelde (23,9%) zoals bleek uit de benchmark in 2021. Alles overziend kan worden gesteld dat met het realistisch plannen en begroten van onze productie een begroting ontstaat waarin ruimte is om de reguliere bedrijfsvoeringskosten op te vangen zonder het uurtarief en het percentage overhead te laten stijgen.

3.4

FINANCIEEL EFFECT VAN BELEIDS- EN ORGANISATIEONTWIKKELINGEN

Uit de evaluatie van de GR is gebleken dat de uitvoering van onze taken op basis van de oorspronkelijk vastgestelde Drentse Maat en niet-Drentse Maat niet overeenkomt met andere omgevingsdiensten met eenzelfde opgave. Daarom is een herijking van de Drentse Maat voorgesteld. De begroting 2024 is gebaseerd op de uitkomsten en besluitvorming van de eerste fase van deze herijking (december 2021), dus kent andere kentallen inclusief een groeimodel tot en met 2025. Het bestuur heeft besloten dat te voorziene extra opdrachten moeten worden opgenomen in het jaarprogramma. Voor niet te voorziene extra opdrachten wordt nadien een extra opdracht verleend. Denk hierbij aan projecten handhavingszaken, complexe toezichtzaken, zeer complexe vergunningen en de inzet na calamiteiten, milieucriminaliteit en klachten. Alleen indien de beschikbare formatie ontoereikend is worden niet te voorziene extra opdrachten geprioriteerd in het uitvoeringsprogramma. Meer- en minderwerk wordt verantwoord in de voor- en najaar rapportage en verrekend in de jaarrapportage 2024 conform de verrekensystematiek. Denk hierbij aan een toeof afname in het aantal meldingen, vergunningaanvragen en klachten. De extra inzet voor BOA-taken en Luchtadvies is structureel in de begroting opgenomen en deze wordt net als in 2021, 2022 en 2023 achteraf verrekend op basis van gerealiseerde inzet.

Net als in 2023 wordt te voorzien meerwerk opgenomen in het Jaarprogramma 2024 en achteraf verrekend op basis van gerealiseerde inzet. Uiteindelijk wordt afgerekend op basis van daadwerkelijk geleverde inzet vermenigvuldigd met het nacalculatorisch uurtarief op basis van werkelijke lasten verdeeld over het totaal te verrekenen aantal uren. Met het door de deelnemers gezamenlijk in voorbereiding zijnde Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe voor heel Drenthe zal het – wettelijk verplichte - uniforme uitvoeringsniveau worden vastgesteld. Daarbij is ruimte om met (door de Omgevingswet beoogde) gebiedsgerichte kaders te werken waardoor bijvoorbeeld onderscheid kan worden gemaakt tussen landelijke of meer stedelijke gebieden. De doorontwikkeling en beleidsmatige borging van de (effecten van de) Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe vraagt om structurele inzet van strategische beleidsmedewerkers.

18

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

4 PROGRAMMAPLAN 4.1 DE PROGRAMMA’S Het BBV vereist dat de begroting in verschillende programma’s wordt weergegeven. Het programma Milieu bestaat uit twee programma’s: 1. Milieu – regulier en 2. Milieu – projecten & leges. Zo kan beter onderscheid gemaakt worden tussen de reguliere taken (Drentse Maat en Niet-Drentse Maat) die wij voor de deelnemers uitvoeren en de apart gefinancierde projecten. Volgens het BBV dienen de algemene dekkingsmiddelen, de heffing VPB en het bedrag voor onvoorzien apart in het programmaplan uiteengezet te worden. Daarnaast worden de kosten van de overhead in een apart programma getoond. De kosten van de andere programma’s dienen exclusief overheadkosten getoond te worden.

Bedragen x € 1.000 Programma Milieu - regulier Programma Milieu - projecten & Leges Programma organisatieontwikkeling Overhead Algemene dekkingsmiddelen Heffing VPB Bedrag onvoorzien Saldo van baten en lasten vóór mutaties reserves Toevoeging en onttrekking reserves Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves

Baten 23.020 2.067 101 25.189 -

Lasten 15.279 2.017 0 7.767 125 25.189

Saldo 7.741 50 0 -7.666 -125 0

-

Tabel 6: Hoofdoverzicht baten en lasten 2024 overeenkomstig indeling BBV

Elk van de programma’s in het bovenstaande overzicht wordt hieronder verder financieel toegelicht.

4.2 PROGRAMMA MILIEU – REGULIER De milieutaken staan uitgebreid omschreven in het jaarprogramma. Voor toelichting op deze taken verwijzen wij u naar het meest recente jaarprogramma over 2023. Voor 2024 wordt er een uitvoeringsprogramma opgesteld die afgestemd wordt op deze begroting en op de Uitvoering- en Handhaving Strategie Drenthe. Het programma Milieu - regulier bestaat uit twee onderdelen: ▪ Drentse Maat ▪ Niet-Drentse Maat De bijbehorende baten en lasten van programma Milieu-regulier worden weergegeven in onderstaande tabel:

19

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Bedragen x € 1.000 Baten Drentse Maat (DM) Niet Drentse Maat (NDM)

2024 Begroting 15.155 7.865

Totaal baten

23.020

Lasten Drentse Maat (DM) Niet Drentse Maat (NDM)

10.059 5.220

Totaal lasten

15.279

Saldo baten en lasten

7.741

Tabel 7: Baten en lasten uitvoering programma Milieu-regulier

Het uitgangspunt bij het uurtarief is dat deze volledig kostendekkend is en dat er geen exploitatietekort wordt behaald in 2024. Uitgangspunt is tevens dat het uurtarief gelijk is voor alle deelnemers en alle producten. Het tarief wordt berekend op basis van de lasten per fte (inclusief de lasten voor overhead), gedeeld door het aantal productieve uren. Het uurtarief 2024 is € 121,07. Dit uurtarief is een integraal tarief, waarin ook alle ontwikkelkosten, overhead, investeringen etc. zijn opgenomen.

4.3 PROGRAMMA MILIEU – PROJECTEN & LEGES Onder dit programma verstaan we de projecten (inclusief extra opdrachten) die onze deelnemers ons laten uitvoeren en die geen onderdeel zijn van de Niet-Drentse Maat. Bij het opstellen van het jaarprogramma kunnen deelnemers hiertoe individuele afspraken met ons maken. Deze maatwerk projecten noemen we extra opdrachten. De doelstellingen kunnen per project verschillen. Ook de legestaken die wij uitvoeren voor de provincie Drenthe vallen onder dit programma. Voor 2024 is nog niet bekend welke projecten uitgevoerd worden. Op basis van realisaties in voorgaande jaren is de verwachting dat er tenminste € 1.867K budget beschikbaar is voor projecten. De verwachting bij de legesopbrengsten is onduidelijk. Dit heeft te maken met het feit dat provincie en gemeenten onder de Omgevingswet de mogelijkheid krijgen leges te heffen voor regulering van de milieu-activiteiten en het is nu nog niet duidelijk welke afspraken daar over worden gemaakt. De legeskosten zijn net als vorige jaren geraamd op € 150K. In paragraaf 2.1 en 2.2 wordt nader ingegaan op de gevolgen voor de leges onder de Omgevingswet.

20

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Bedragen x € 1.000 Baten Programma Milieu - projecten Legesopbrengsten

2024 Begroting 1.867 200

Totale baten

2.067

Lasten Programma Milieu - projecten Legeskosten Totale lasten

1.867 150 2.017

Saldo baten en lasten

50

Tabel 8: Baten en lasten uitvoering Programma Milieu - Projecten en leges

4.4 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN, OVERHEAD, VENNOOTSCHAPSBELASTING, ONVOORZIEN Algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Omdat wij enkel specifieke dekkingsmiddelen kennen, is deze post niet op ons van toepassing. Overhead Het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) schrijft voor dat overheadkosten afzonderlijk worden begroot. Zij maken dus niet langer aan de lastenkant onderdeel uit van beleidsprogramma’s. Op deze manier wordt beoogd om meer inzicht te geven in de overheadkosten voor de organisatie als geheel. De volgende kosten worden conform het BBV voor onze dienst tot de overhead gerekend: ▪ Directeur ▪ Management ▪ Flex/Projecten ▪ Relatie- en Opgavemanager ▪ Secretariaat ▪ Staf/adviseurs ((Informatisering&Automatisering, HRM (Human Resource Management), Financiën/Controlling, Informatievoorziening)) ▪ Ondersteunende PIOFACH-taken (Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën, Administratieve organisatie, Communicatie en Huisvesting), wanneer deze niet één op één aan het primaire proces kunnen worden gekoppeld. Door de overhead te centraliseren in één post, zijn de lasten voor de programmaonderdelen aanzienlijk lager dan voorheen. Op de baten heeft deze verandering geen invloed omdat

21

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

(grotendeels) wordt afgerekend tegen een integraal uurtarief. In het meerjaren beeld op onze bedrijfsvoeringskosten (dat nader wordt uitgewerkt in de kaders voor de begroting 2024) lijkt zicht te ontstaan op mogelijkheden tot het gaandeweg verlagen van het (structurele) overheadpercentage en het daarop te baseren uurtarief.

Bedragen x € 1.000 Baten Overhead

2024 Begroting 101

Totale baten

101

Lasten Overhead

7.767

Totale lasten

7.767

Saldo baten en lasten

-7.666

Tabel 9: Baten en lasten overhead

Vennootschapsbelasting (Vpb) Het BBV schrijft voor dat de heffing vennootschapsbelasting wordt uiteengezet in een separate post. Deze post is niet van toepassing op onze organisatie. Vennootschapsbelasting dient namelijk te worden afgedragen door een overheidsonderneming bij activiteiten die voor de Vpb gelden als onderneming en waarop geen objectvrijstellingen van toepassingen zijn. Ons uitgangspunt is dat, voor de activiteiten van de RUD Drenthe die kwalificeren als onderneming, wij in principe enkel die activiteiten ondernemen waarvoor sprake is van objectvrijstelling. Onvoorzien Het vernieuwde BBV schrijft voor dat de post ‘onvoorzien’ eveneens apart getoond dient te worden. We hebben een bedrag van € 125.000,- opgenomen voor onvoorzien. Het is op grond van de Financiële Verordening ons beleid geworden om het eigen vermogen tot maximaal 10% van de begroting toe te laten nemen. Bestuurlijk is de wens geuit om de algemene reserve van verbonden partijen – dus ook van de RUD Drenthe – zo laag mogelijk te houden. Als daarvoor zou worden gekozen zou per jaar met de deelnemers naar rato worden afgerekend als er een eventueel overschot ontstaat. Indien zich tegenvallers voordoen dan moeten wij ons tot de deelnemers wenden voor een verhoging van de deelnemersbijdrage.

Het is wenselijk om het weerstandsvermogen voldoende hoog te houden om onze financiële risico’s te kunnen dekken en gedurende het jaar geen stagnatie te laten ontstaan in verband met extra besluitvormingsprocedures. Op ons weerstandsvermogen wordt verder ingegaan in paragraaf 2.1.

22

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Bedragen x € 1.000 Baten Onvoorzien

2024 Begroting 0

Totale baten

0

Lasten Onvoorzien

125

Totale lasten

125

Saldo baten en lasten

-125

Tabel 10: Baten en lasten post onvoorzien

Incidenteel Overlooppost voor het omzetten van milieubelastende activiteiten. In 2023 wordt invulling gegeven aan het plan van aanpak voor het vullen van ons locatiebestand met milieubelastende activiteiten (mba's). We verwachten dat we voor de start van de Omgevingswet voorbereid zijn. De verwachting is dat er in 2024 nog wel budget nodig is voor de afronding van het plan van aanpak.

Bedragen x € 1.000 Baten Incidenteel

2024 Begroting 250.000

Totale baten

250.000

Lasten Incidenteel

250.000

Totale lasten

250.000

Saldo baten en lasten Tabel 11: Incidenteel

23

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

0

Ontwerpbegroting 2024

5 PARAGRAFEN Het BVV vereist verschillende paragrafen. Vier daarvan zijn niet van toepassing op ons en worden daarom niet uitgewerkt. ▪ Grondbeleid is niet van toepassing omdat de RUD Drenthe geen eigen grond bezit; ▪ Verbonden partijen is niet van toepassing omdat de RUD Drenthe geen verbonden partijen heeft (het is zelf een verbonden partij); ▪ Onderhoud kapitaalgoederen is niet van toepassing omdat het kantoor waarin de RUD Drenthe gehuisvest is, wordt gehuurd en er verder geen voor deze paragraaf relevante activa zijn; ▪ De vennootschapsbelasting is niet van toepassing omdat het uitgangspunt van de RUD Drenthe is dat, voor de activiteiten van de RUD Drenthe die kwalificeren als onderneming, zij in principe enkel die activiteiten onderneemt waarvoor sprake is van objectvrijstelling. Voorgaande betekent dat de volgende verplichte paragrafen wel zijn opgenomen: ▪ Paragraaf leges/ lokale heffingen ▪ Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ▪ Paragraaf financiële kengetallen ▪ Paragraaf bedrijfsvoering ▪ Paragraaf personele ontwikkelingen

5.1 PARAGRAAF LEGES/ LOKALE HEFFINGEN Wij hebben in ons eigen beleid geen lokale heffingen. Voor de provincie Drenthe zijn wij wel gemandateerd om de heffingen van leges uit te voeren. Dit betreft leges voor de luchtvaart en de Wabo/Omgevingswet. De inning van de leges is gebaseerd op de Legesverordening van de provincie. Wij hebben met de provincie de afspraak gemaakt dat het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven bij de leges de dekking is voor de administratieve ondersteuning voor het innen van de leges. Per saldo is het innen van de leges dus een budgetneutraal project. In het kader van de Omgevingswet verandert dit. De vraag is of gemeenten gebruik gaan maken van de mogelijkheid om leges te gaan innen en vervolgens of wij daar een rol in gaan spelen. De uitkomst van de werkgroep leges van de OPD (het Omgevingsplatvorm Drenthe) zal daarbij leidend zijn. Het eventueel wegvallen van deze werkzaamheden is opgenomen in de volgende paragraaf.

5.2 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin wij in staat zijn middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Het gaat om de robuustheid van de begroting. Maar ook om de wendbaarheid en het adequaat kunnen handelen van een organisatie. En voor onze deelnemers om een organisatie die optimaal efficiënt kan bijdragen aan hun opgaven.

24

Begroting Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe 2024

Ontwerpbegroting 2024

Het ministerie van Binnenlandse zaken (BZK) heeft op 27 oktober 2021 een reactie gegeven op de ingediende begroting 2022. Op basis van de constatering dat de weerstandscapaciteit in de begroting 2022 ruim onvoldoende is om de aanwezige risico’s op te vangen verzoekt het ministerie om, samen met de deelnemers te bezien of de aanwezige weerstandscapaciteit verhoogd kan worden zodat de aanwezige risico’s door de gemeenschappelijke regeling zelf kunnen worden opgevangen. Onze deelnemers vinden het niet wenselijk dat de RUD Drenthe als gemeenschappelijke regeling een groot eigen vermogen opbouwt. In de Financiële Verordening is daarom bepaald dat het eigen vermogen vanuit eventuele positieve rekeningresultaten zal worden aangevuld tot een maximum van 10% van de begroting. Er is in de begroting 2024, naast de meerjarig opgenomen post voor onvoorziene uitgaven van € 125.00 dan ook een extra ruimte gecreëerd voor onvoorziene uitgaven. Wel wordt door het opstellen van een realistischer jaarprogramma de kans op extra onvoorziene uitgaven verkleind. Door de uitvoerings(-kosten) goed te monitoren en tijdig tot bijsturing van het programma over te gaan wordt getracht risico’s binnen de begroting op te vangen.

Daarbij is van belang te vermelden dat de nieuwe verrekensystematiek ertoe zal leiden dat meerwerk bij een deelnemer niet meer automatisch leidt tot minderwerk bij een andere, maar tot hogere baten zal leiden waarmee de extra personeelslasten kunnen worden gedekt. Wij hebben ultimo 2022 een totaal eigen vermogen van € 155.468 met een algemene reserve van € 288.660, een bestemmingsreserve van € 45.886 en een negatief exploitatieresultaat over 2022 van €179.079. De bestemmingsreserve maakt geen onderdeel uit van de weerstandscapaciteit, maar dat geldt wel voor het negatieve exploitatieresultaat over 2022. Ook de post onvoorzien kan worden beschouwd als onderdeel van het weerstandsvermogen. Wanneer wordt besloten dat de deelnemers het negatieve resultaat 2022 voor hun rekening nemen dan zal het weerstandvermogen iets toenemen. Bij het aanbieden van de jaarstukken 2022 wordt aan de deelnemers gevraagd om het negatieve resultaat over 2022 van € 179.079 extra bij te dragen. Daarnaast is in onderhavige begroting een post onvoorzien van € 125.000 opgenomen. Wanneer het negatieve resultaat voor rekening van de deelnemers komt, dan stijgt het weerstandsvermogen naar € 413.660. De ratio stijgt dan naar 0,9. Dat wordt beoordeeld als matig. Dit kan pas geactualiseerd worden wanneer boekjaar 2023 wordt afgesloten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12795487/1