CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Krakeel, deelplan Satellietenlaan_vastgesteld_1.pdf

Raadsavond 22 december 2022, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Vaststelling Bestemmingsplan Krakeel, deelplan Satellietenlaan23.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Toetsing In het kader van de ontwikkeling is in een eerder stadium een partijkeuring van de grond uitgevoerd. Het rapport hiervan is opgenomen als bijlage 3. Op basis hier van is het volgende naar voren gekomen:

Toetsing standaard analysepakket De partij grond wordt op basis van het standaard analysepakket beoordeeld als altijd toepasbaar. De partij voldoet tevens aan de eisen voor een Grootschalige toepassing.

Toetsing PFAS Ten aanzien van PFAS voldoet de partij op basis van het handelingskader aan de achtergrondwaarde bij toepassing op de landbodem. Daarnaast is onder voorwaarden de partij toepasbaar in regionale wateren en rijkswateren.

Toetsing asbest Op basis van de waarnemingen en het vooronderzoek wordt de partij beschouwd als onverdacht op het voorkomen van asbest.

Conclusie Omdat de partij door alle aspecten van de keuring is gekomen, kan worden gesteld dat sprake is van grond van een goede bodemkwaliteit, die tevens geschikt is voor de functie wonen. In een aanvullende memo van de gemeente Hoogeveen (bijlage 4) is aangegeven dat deze partijkeuring voldoende weergeeft ten aanzien van de bodemkwaliteit en dat een verkennend bodemonderzoek niet noodzakelijk is.

4.9

Archeologie

Toetsingskader Per 1 juli 2016 is de Monumentenwet 1988 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze in werking treedt. Dit geldt ook voor de verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op het gebied van Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 33

22 december 2022

archeologie. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het Overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. De kern van de wet is dat wanneer de bodem wordt verstoord, archeologische resten intact moeten blijven. Als dit niet mogelijk is, is opgraving een optie.

Toetsing Ter plaatse van het plangebied is geen sprake van archeologische waarden op basis van gemeentelijke cultuurhistorische beleidskaarten. Daarom is op voorhand duidelijk dat er geen archeologisch onderzoek uitgevoerd hoeft te worden.

Conclusie Vanwege de absentie van archeologische (verwachtings)waarden op basis van de gemeentelijke cultuurhistorische beleidskaarten is geen nader onderzoek noodzakelijk.

Indien bij toekomstig graafwerk toch archeologische grondsporen worden aangetroffen en/of vondsten worden gedaan, dient hiervan direct melding te worden gemaakt conform de Erfgoedwet.

4.10

Cultuurhistorie

Toetsingskader Goede ruimtelijke ordening betekent dat er een integrale afweging plaatsvindt van alle belangen die effect hebben op de kwaliteit van de ruimte. Een van die belangen is de cultuurhistorie. Per 1 januari 2012 is in het kader van de modernisering van de monumentenzorg (MOMO) in het Besluit ruimtelijke ordening van het Rijk opgenomen dat gemeenten bij het maken van bestemmingsplannen rekening moeten houden met cultuurhistorische waarden.

Toetsing In het plangebied zijn geen specifieke cultuurhistorische waarden aanwezig. De te bouwen woningen zijn afgestemd op de kenmerken van de omgeving. De ontwikkeling past binnen de bestaande stedenbouwkundige structuur. Zie hiervoor paragraaf 2.1. Het is dan ook niet noodzakelijk om nadere regels te stellen ter bescherming van cultuurhistorische waarden.

Conclusie Het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering voor dit plan.

4.11

Ecologie

Toetsingskader Bij elk ruimtelijk plan dient, met het oog op de natuurbescherming, rekening te worden gehouden met de Wet natuurbescherming (Wnb). Hierin zijn alle bepalingen met betrekking tot de bescherming van natuurgebieden en dier- en plantensoorten samengebracht in één wet. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in gebiedsbescherming en soortenbescherming. Daarnaast geldt per provincie een uitwerking van regels op het gebied van natuurbescherming in de provinciale verordening.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 34

22 december 2022

4.11.1 Gebiedsbescherming Toetsingskader en beleid Natura 2000 De Minister van Economische Zaken en Klimaat heeft gebieden aangewezen die deel uitmaken van het Europese netwerk van natuurgebieden: Natura 2000. Een dergelijk besluit bevat de instandhoudingsdoelstellingen voor de leefgebieden van vogelsoorten (Vogelrichtlijn) en de instandhoudingsdoelstellingen voor de natuurlijke habitats en habitats van soorten (Habitatrichtlijn).

Naast de instandhoudingsdoelstellingen voor de Natura 2000, is het ook van belang om rekening te houden met mogelijke stikstofdepositie als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling in het plangebied. Het is noodzakelijk om aan te tonen dat geen sprake is van significante stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. De grenswaarde van 0,00 mol/ha/jaar mag hierbij niet worden overschreden.

Natuurnetwerk Nederland Gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) worden aangewezen in de provinciale verordening. Voor dit soort gebieden geldt het 'nee, tenzij' principe, wat inhoudt dat binnen deze gebieden in beginsel geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogen plaatsvinden.

Toetsing Het plangebied ligt midden in een woonwijk in Hoogeveen en maakt geen deel uit van Natura 2000-gebied en NNN-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is het Mantingerzand dat ligt op circa 4,9 km afstand van het plangebied. Gezien de afstand leidt de ontwikkeling niet tot areaalverlies, versnippering en verstoring van dat gebied. Het plangebied betreft een braakliggend stuk grasland, omzoomd door bomen. Het gebied bezit geen habitateigenschappen die relevant zijn voor beschermde soorten om zich er te vestigen. De woningbouw wordt binnen de aanwezige structuren ingepast zodat de bomen rondom het plangebied niet gekapt hoeven te worden en de nestplaats van eventueel aanwezige soorten niet wordt aangetast. Wel moet rekening worden gehouden met de algehele zorgplicht zoals werken buiten het broedseizoen, om in de bouwfase de overlast voor eventueel in het plangebied aanwezige diersoorten te beperken. De woningen worden op voldoende afstand van de om het plangebied gelegen watergangen gerealiseerd om eventuele hinder (als gevolg van lichtuitstraling) voor vleermuizen die daar oriënteren, vliegen en/ of fourageren te voorkomen. In het plangebied wordt een klein groepje struiken verwijderd. Het betreft jong struikgewas waarvan het niet aannemelijk is dat het geschikt is als nestplaats voor beschermde soorten.

Omdat de nieuwe bebouwing binnen de bestaande structuren wordt ingepast, is het niet aannemelijk dat er vanuit ecologisch oogpunt een belemmering is voor de uitvoering van dit bestemmingsplan. Om te onderzoeken of sprake is van significante stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelig gebied, is een stikstofberekening uitgevoerd. De stikstofberekening is uitgevoerd aan de hand van de AERIUS-calculator 2021. Zowel de aanlegfase als exploitatiefase zijn berekend. Hoewel een nieuwe versie van de AERIUS-calculator in voorbereiding is, is in dit geval nog de huidige versie toegepast. De wijzigingen in de nieuwe versie hebben met name betrekking op varkens- of pluimveestallen. Daar is in dit geval geen sprake van, zodat de huidige calculatorversie mag Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 35

22 december 2022

worden gebruikt. Uit de uitgevoerde stikstofberekening is naar voren gekomen dat i.c. geen sprake is van significante stikstofdepositie als gevolg van zowel de aanleg- als de exploitatiefase. De stikstofberekening is opgenomen in bijlage 5 bij deze plantoelichting.

4.11.2 Soortenbescherming Toetsingskader In de Wnb wordt een onderscheid gemaakt tussen soorten die worden beschermd in de Vogelrichtlijn, soorten die worden beschermd in de Habitatrichtlijn en nationaal beschermde soorten.

De Wnb bevat onder andere verbodsbepalingen ten aanzien van het opzettelijk vernielen of beschadigen van nesten, eieren en rustplaatsen van vogels als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn. Gedeputeerde Staten (hierna: GS) kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen Provinciale Staten (hierna: PS) vrijstelling verlenen van dit verbod. De voorwaarden waaraan voldaan moet worden om ontheffing of vrijstelling te kunnen verlenen zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Vogelrichtlijn. Verder is het verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen of te verstoren. GS kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen PS vrijstelling verlenen van dit verbod. De gronden voor verlening van ontheffing of vrijstelling zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Habitatrichtlijn.

Ten slotte is een verbodsbepaling opgenomen voor overige soorten. Deze soorten zijn opgenomen in de bijlage onder de onderdelen A en B bij de Wnb. De provincie kan ontheffing verlenen van deze verboden.

Toetsing Het plangebied betreft een stuk braakgelegen grasland midden in een bestaande woonwijk in Hoogeveen. Het gebied bezit geen habitateigenschappen die relevant zijn voor beschermde soorten om zich er te vestigen. Bovendien vinden er geen sloop-, kap- en dempingswerkzaamheden plaats. Daarom kan op voorhand worden bepaald dat er geen noodzaak is tot het uitvoeren van een quickscan flora en fauna.

Conclusie In het kader van gebiedsbescherming is een stikstofonderzoek uitgevoerd en bjigevoegd in dit plan. Verder wordt geconcludeerd dat zowel gebiedsbescherming als soortenbescherming geen belemmering vormen voor dit plan.

4.12

Verkeer en parkeren

Het plangebied wordt ontsloten via de Satellietenlaan. Deze weg sluit in zuidelijke richting aan op de Nadirlaan, die vervolgens aansluit op de Melkweg. De Melkweg betreft de hoofdontsluitingsweg van de woonwijk. De woningen in het gebied worden hier via de ontsluitingswegen goed op ontsloten.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 36

22 december 2022

De verkeersgeneratie als gevolg van de ontwikkeling, bedraagt op basis van de kencijfer uit publicatie 381 van het VNG, 127 motorvoertuigbewegingen per etmaal (stedelijkheidsgraad: matig stedelijk, ligging: rest bebouwde kom). Dit aantal is dusdanig klein dat dit niet voor belemmeringen zal zorgen in de afwikkeling van het verkeer.

Volgens de Parkeernota Hoogeveen geldt voor de ontwikkeling van woningen/appartementen in de wijken, dorpen en bedrijventerreinen van de gemeente Hoogeveen een parkeernorm van 1,8 per wooneenheid. Het parkeermodel in de wijken en dorpen gaat uit van parkeren op eigen terrein met in tweede instantie aanvullende parkeergelegenheid in het openbare gebied binnen het bestaande wegprofiel of op daartoe aangelegde parkeervakken. In beginsel zijn restricties voor het parkeren gebaseerd op de wegen- en verkeerswet en neemt de gemeente alleen restrictieve maatregelen wanneer de verkeersveiligheid of de leefbaarheid in het geding zijn.

Bij de voorgenomen ontwikkeling vindt parkeren plaats op de aan te leggen parkeervakken. Er worden 16 woningen gerealiseerd, dus zijn er 29 parkeerplaatsen nodig volgens de norm. In het plangebied worden deze 29 parkeerplaatsen gerealiseerd. Daarmee wordt voldaan aan de parkeernorm van 1,8 parkeerplaatsen per woning.

Conclusie Het voornemen zorgt niet voor problemen in de verkeerssituatie. Bovendien wordt binnen het plangebied voorzien in de parkeerbehoefte. Daarmee vormen verkeer en parkeren geen belemmering voor dit plan.

4.13

Duurzaamheid

De gemeente Hoogeveen heeft haar ambitie op het gebied van duurzaamheid verwoord in het klimaatbeleid en de Milieuvisie. In het klimaatbeleid is de ambitie uitgesproken om in 2040 als gehele gemeente CO2-neutraal te willen zijn. Door bij nieuwe ontwikkelingen duurzaamheid reeds in de ontwerp- en bouwfase mee te nemen kan optimaal invulling worden gegeven aan de duurzaamheidsdoelstelling. In dit kader is het vermeldenswaardig dat er zoveel mogelijk gebruikt wordt gemaakt van duurzame materialen en de woningen wettelijk verplicht zijn om gasloos aan te sluiten.

Conclusie Bij de realisatie van het plan wordt speciale aandacht besteed aan duurzaam bouwen en een duurzaam gebruik van de openbare ruimte. Er wordt waar mogelijk gewerkt met duurzame materialen en de woningen worden gasloos gerealiseerd. De woningen voldoen aan het bouwbesluit en qua duurzaamheid wordt voldaan aan de op dit moment geldende regelgeving. Wel worden er bij de inrichting van het openbaar gebied extra bomen toegevoegd en een wadi aangelegd. Deze wadi wordt voorzien van bomen en struiken die bestand zijn tegen water en droogte. Dit ziet er niet alleen fraai uit maar is ook goed voor de biodiversiteit. Een wadi met planten slipt ten opzichte van een grasveld ook minder snel dicht.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 37

22 december 2022

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 38

22 december 2022

Hoofdstuk 5 5.1

Toelichting op de juridische regeling

Dit bestemmingsplan

Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.

5.1.1

Bestemmingen

In dit bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen opgenomen:

Groen De gronden in eigendom van de gemeente aan de randen van het plangebied zijn bestemd als groen. Op die manier kunnen de gronden worden ingericht als groenvoorziening en worden de gronden niet bij de woonpercelen betrokken.

Tuin De erven aan de voorzijden van de woningen zijn, conform de systematiek van gemeente Hoogeveen, bestemd als 'Tuin'. Op deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd. Hiermee wordt voorkomen dat de voortuinen worden bebouwd met bijgebouwen.

Verkeer De bestemming maakt naast verkeer en parkeergelegenheid ook ondergeschikte groenvoorzieningen en uitbreidingen daarvan mogelijk. Gezien het openbare karakter van deze gronden is gekozen voor een verkeersbestemming.

Wonen Deze bestemming is van toepassing op de woningen in plangebied. In de bestemmingsregeling is opgenomen waar het hoofdgebouw toegestaan is en zijn regels opgenomen ten aanzien van aan- en uitbouwen en bijgebouwen, als mede erfafscheidingen. De woningen dienen binnen het aangegeven bouwvlak gebouwd te worden. De maximale goot- en bouwhoogte bedragen 6 en 10 meter. In de begripsbepalingen in artikel 1 (1.34) is als voorgevel aangewezen de naar het water, grenzend aan de noord- en westzijde van het plangebied, gekeerde gevel van het hoofdgebouw. Dit betekent dat bijgebouwen kunnen worden gebouwd in het 'binnengebied' aan de andere zijde van het hoofdgebouw d.w.z. het daarvoor bestemde deel van het perceel grenzend aan de parkeerplaats.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 39

22 december 2022

5.1.2

Dubbelbestemmingen

Dubbelbestemmingen kunnen worden opgenomen om specifieke waarden ter plaatse van het plangebied te beschermen. Aangezien in het plangebied geen archeologische of cultuurhistorische waarden worden verwacht, is geen dubbelbestemming opgenomen.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 40

22 december 2022

Hoofdstuk 6 6.1

Handhaving

Algemeen

Het bestemmingsplan wil een sturend instrument zijn voor de ruimtelijke en functionele inrichting van het plangebied. Aan de hand van de in het bestemmingsplan opgenomen regels worden voorgenomen activiteiten (activiteiten en gebruik van gronden) getoetst.

Als blijkt dat zonder of in afwijking van de regels activiteiten danwel gebruik plaatsvinden en de afwijking niet op enige wijze kan worden gelegaliseerd en niet past binnen het gemeentelijk beleid, is handhaving in enge zin aan de orde, gericht op het ongedaan maken van een overtreding. Handhaving is belangrijk om de sturing die het bestemmingsplan beoogt tot haar recht te laten komen.

6.2

Beleidskeuzen

Door de gemeente Hoogeveen is een kadernota integrale handhaving vastgesteld. Deze nota is de start van programmatisch handhaven in de gemeente Hoogeveen.

Programmatisch handhaven is een structurele en integrale aanpak van de handhaving, waarbij de uitvoering onder andere is gebaseerd op een handhavingsprogramma. Daarbij worden door het bestuur de prioriteiten bepaald en worden handhavingsactiviteiten zoveel mogelijk op elkaar afgestemd. In deze aanpak worden beleid en uitvoering opgevolgd door evaluatie en bijsturing. Programmatisch handhaven is daarmee een cyclisch, democratisch, integraal en transparant proces.

6.3

Inzet gemeentelijk apparaat

Aan de controle van het onderhavige plan wordt binnen de gemeente inhoud gegeven door een aantal ambtenaren die zich continu met handhaving bezighoudt.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 41

22 december 2022

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 42

22 december 2022

Hoofdstuk 7 7.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Ten behoeve van de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de manier van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie).

Financiële haalbaarheid De ontwikkeling is een particulier initiatief. De kosten voor de uitvoering van dit plan worden gedragen door de aanvrager. Deze beschikt over voldoende financiële middelen om het voornemen te bekostigen. Hiermee is de financiële haalbaarheid van dit bestemmingsplan aangetoond.

Grondexploitatie Doel van de grondexploitatieregeling is het bieden van meerdere mogelijkheden voor het kostenverhaal door de gemeente. De gemeente heeft hierdoor meer sturingsmogelijkheden. Daarnaast kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden.

In dit bestemmingsplan wordt een bouwplan in de zin van artikel 6.2.1 Bro mogelijk gemaakt. In dergelijke gevallen is de grondexploitatieregeling van toepassing, tenzij het verhaal van de kosten van grondexploitatie anderszins verzekerd zijn.

In dit geval wordt een anterieure overeenkomst afgesloten waarin ook planschade wordt geregeld. Daarmee zijn de kosten afdoende verzekerd.

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Het bestemmingsplan doorloopt de in de Wro vastgelegde procedure. Tijdens deze procedure zijn er verschillende momenten waarop burgers en belanghebbenden hun zienswijze op het plan kenbaar kunnen maken. Hieronder volgt een nadere toelichting.

Participatie De invulling van het woongebied is op bijzondere wijze tot stand gekomen; In een eerder stadium zijn voor deze locatie meerdere plannen ontwikkeld die financieel niet haalbaar bleken, dan wel waarvoor geen afzetmarkt bleek te bestaan. Daarom heeft de gemeente Hoogeveen samen met de initiatiefnemer voor de ontwikkeling, die met dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, een uitgebreid participatieproject met omwonenden doorlopen. In het kader van de participatie zijn er meerdere bijeenkomsten met omwonenden geweest waarin is besproken aan welk type woningen er in de wijk Krakeel een tekort/ behoefte bestaat. Hieruit is naar voren gekomen dat er behoefte is aan woningen voor senioren (levensloopbestendige woningen) en starters en dat een mix van beide doelgroepen een goede aanvulling op de wijk zou zijn. Op basis van dit uitgangspunt zijn de plannen verder uitgewerkt. Vooruitlopend op de planologische procedure heeft de ontwikkelaar bovendien een inloopbijeenkomst georganiseerd op 18 mei 2022. Tijdens deze bijeenkomst zijn de Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 43

22 december 2022

plannen aan de hand van schetsen toegelicht en hebben belanghebbenden de mogelijkheid gehad om hun mening te geven over de plannen.

Vooroverleg Het concept-ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg voorgelegd aan de betrokken overleginstanties. Gezien de uitgebreide participatie die reeds met omwonenden en belanghebbenden heeft plaatsgevonden, is er in dit geval voor gekozen om geen voorontwerp ter inzage te leggen en dus geen inspraak te houden. Dit is conform de gemeentelijke inspraakverordening. Uit het vooroverleg zijn de volgende reacties (zie bijlage 6 bij de toelichting) binnen gekomen:

Brandweer Drenthe/Veiligheidsregio Drenthe De overlegreactie van de Brandweer/Veiligheidsregio Drenthe gaat in op twee punten. Ten eerste wordt geadviseerd om de PGS 15 opslag van bedrijf Hodij coatings op te nemen in de toetsing in de toelichting. Ten tweede gaf de Brandweer/Veiligheidsregio Drenthe aan een tweede ontsluitingsweg noodzakelijk te achten. Na nader overleg heeft de instantie dat advies inmiddels ingetrokken en blijkt dat dit niet noodzakelijk is.

Reactie gemeente In reactie op deze reactie is de toelichting aangepast, in die zin dat er een toetsing ten aanzien van Hodij Coatings is opgenomen in paragraaf 4.6 van de toelichting.

Waterleiding Maatschappij Drenthe De WMD heeft in reactie erop gewezen dat het plangebied binnen een verbodszone op diepe boringen ligt, die bescherming biedt aan drinkwaterwinning. Er gelden in deze zone regels op basis van de Provinciale Omgevingsverordening, waaruit blijkt dat je niet dieper dan 40 meter mag boren. Daarnaast ligt de locatie in een gebied met beperkingen voor bodemenergie, waarvoor eveneens regels in de Provinciale Omgevingsverordening zijn opgenomen.

Reactie gemeente: Als gevolg van de overlegreactie van de WMD is paragraaf 3.3.2 aangepast met een toetsing aan de betreffende artikelen uit de POV. Hieruit komt naar voren dat dit verder niet voor belemmeringen zorgt voor dit plan. Overigens is geconstateerd dat het om een verbod tot een diepte van 50 meter gaat in plaats van de door de WMD genoemde 40 meter.

Provincie Drenthe De provincie Drenthe heeft in reactie erop gewezen dat er momenteel door hen gewerkt wordt aan een waarderingsslag op het gebied van post-65 erfgoed. De suggestie van de provincie is om onder het kopje 'cultuurhistorie' ten aanzien hiervan een motivering op te nemen.

Reactie gemeente Als gevolg van de reactie van de provincie is in paragraaf 3.3.1 onder het kopje 'Cultuurhistorie' een motivering opgenomen ten aanzien van de post-65 erfgoed. Daarmee is tegemoet gekomen aan Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 44

22 december 2022

de reactie van de provincie.

Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan volgt de uniforme openbare voorbereidingsprocedure die is beschreven in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het ontwerpplan wordt gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Een ieder wordt daarbij in de gelegenheid gesteld schriftelijk en/of mondeling zienswijzen op het plan naar voren te brengen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 29 september tot en met 9 november 2022 voor een ieder ter inzage gelegen.

Vaststellingsfase Er zijn geen zienswijzen tegen het ontwerpbestemmingsplan naar voren gebracht, zodat het plan inhoudelijk ongewijzigd kan worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het bestemmingsplan wordt vervolgens, al dan niet gewijzigd, door de raad vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.

Inwerkingtreding Het vastgestelde bestemmingsplan is onherroepelijk als niemand beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft ingediend. Als er wel een beroep is ingediend, maar geen voorlopige voorziening is aangevraagd, treedt het bestemmingsplan na de beroepstermijn in werking. Het bestemmingsplan is dan nog niet onherroepelijk omdat de Raad van State nog een uitspraak over het beroep moet doen. Als er tijdens de beroepstermijn beroep is ingesteld en daarnaast een voorlopige voorziening is gevraagd bij de Raad van State, dan treedt het bestemmingsplan nog niet in werking.

De Raad van State moet dan eerst beslissen of er een voorlopige voorziening wordt getroffen. Als er een voorlopige voorziening wordt getroffen, treedt het bestemmingsplan geheel of gedeeltelijk nog niet in werking totdat de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State over het beroep heeft beslist. Als het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen, treedt het bestemmingsplan in werking. Het bestemmingsplan is pas onherroepelijk als de Raad van State een uitspraak heeft gedaan over het beroep.

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 45

22 december 2022

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 46

22 december 2022

Bijlagen toelichting

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 47

22 december 2022

Bijlage 1

Vormvrije m.e.r.-beoordeling

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 48

22 december 2022

VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING Hoogeveen - Satellietenlaan 24 november 2022

1/10

DATUM KENMERK PROJECT PROJECTLEIDER

24 november 2022 Hoogeveen - Satellietenlaan J.J. Posthumus MSc

OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER 20220242 AUTEUR

2/10

N.M. van 't Noordende

INHOUD 1.

2.

3.

4.

3/10

Inleiding

4

1.1 1.2 1.3

Aanleiding Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in? Leeswijzer

4 4 4

Kenmerken en plaats van het project

5

2.1 2.2

Kenmerken van het project Plaats van het project

5 5

Kenmerken van de milieueffecten

7

3.1

7

Milieu- en omgevingsaspecten

Conclusie

10

1. INLEIDING 1.1

Aanleiding

Gemeente Hoogeveen is voornemens om de gronden van het perceel direct ten westen van Zuiderkruis 50a en 50b in te richten ten behoeve van 16 rijwoningen, opgedeeld in twee blokken van acht woningen. Dit voornemen past niet binnen de opgenomen uit te werken bestemming. Om deze ontwikkeling juridisch-planologisch toch te kunnen regelen, is een herziening van het bestemmingsplan gemaakt. Ten behoeve van deze procedure is een vormvrije m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. In onderdeel D van het Besluit m.e.r. (D11.2) is de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject opgenomen. Dit betreft gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: - een oppervlakte van 100 hectare of meer; - een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat; of - een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. De beoogde ontwikkeling betreft de realisatie van 16 woningen. Het project blijft daarmee ruim onder de drempelwaarden en is daarmee niet rechtstreeks project-m.e.r.- of m.e.r.-beoordelingsplichtig. In het Besluit m.e.r.

is in artikel 2, lid 5 bepaald dat ook voor projecten die zijn opgenomen in onderdeel D, maar onder de (indicatieve) drempelwaarden blijven, besloten moet worden of alsnog een MER dient te worden opgesteld. In dat kader wordt afgewogen of het project, ondanks dat het ruim onder de drempelwaarden blijft, toch mogelijk belangrijke milieueffecten heeft. Dit wordt een vormvrije m.e.r.-beoordeling genoemd.

1.2

Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in?

De wettelijke regeling voor de m.e.r.-beoordeling gaat uit van het principe ‘nee, tenzij’. Dit wil zeggen dat een volwaardige m.e.r.-procedure alleen noodzakelijk is indien sprake is van ‘belangrijke nadelige gevolgen’ van het betreffende project voor het milieu. Daarbij moet het bevoegd gezag rekening houden met de omstandigheden zoals aangegeven in Bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling, te weten: - de plaats van het project; - de kenmerken van het project; - de kenmerken van de potentiële milieueffecten (in samenhang met de eerste twee criteria). Voorafgaand aan het in procedure brengen van het bestemmingsplan, moet een m.e.r.-beoordelingsbesluit worden genomen. De voorliggende notitie vormt de basis voor dit besluit. In het geval van dit bestemmingsplan is de gemeente het bevoegd gezag. Het college van burgemeester en wethouders neemt bij de vrijgave van het ontwerpbestemmingsplan een besluit over de noodzaak van een m.e.r.-procedure.

1.3

Leeswijzer

De m.e.r.-beoordelingsnotitie behandelt in hoofdstuk 2 de kenmerken en plaats van het project, in hoofdstuk 3 de kenmerken van potentiële milieueffecten en in hoofdstuk 4 de conclusie voor de m.e.r.-beoordeling.

4/10

Bij de analyse in hoofdstuk 2 en 3 is gebruikgemaakt van de informatie uit het deelproject en de onderliggende onderzoeken.

2. KENMERKEN EN PLAATS VAN HET PROJECT 2.1

Kenmerken van het project

Algemeen Bij de kenmerken van een project wordt conform Bijlage III van de EU-richtlijn in overweging genomen wat de omvang van het project is en in welke mate sprake kan zijn van cumulatie met andere projecten. Ook wordt ingegaan op de mate van gebruik van natuurlijke hulpstoffen, de productie van afvalstoffen en de mate van verontreiniging en hinder als gevolg van het project. Tot slot wordt ingegaan op het risico op ongevallen. Omvang en cumulatie Het projectvoornemen bestaat uit de realisatie van 16 rijwoningen op nu nog onbebouwde gronden. Het projectgebied wordt direct ontsloten op het Zuiderkruis (zuidkant) en De Kroon (noordkant). Er zijn geen aanpassingen benodigd aan de waterhuishouding. De omvang van het project is relatief klein. In de directe omgeving zijn geen andere stedelijke ontwikkelingsprojecten voorzien die voorzienbare cumulatie met andere projecten veroorzaken. Gebruik natuurlijke hulpstoffen Voor de aanleg van het woongebied en de daarbij behorende bouwwerkzaamheden hoeft geen gebruik te worden gemaakt van bijzondere en/of schaarse hulpstoffen. Productie van afvalstoffen Met betrekking tot de nieuwe woningen zal sprake zijn van (huishoudelijk) afval. Dit wordt op een correcte manier afgevoerd. Er is geen sprake van bijzonder schadelijk afval waaraan specifieke voorwaarden zijn verbonden.

Verontreiniging en hinder De realisatie van de woningen leidt in principe niet tot een risico op verontreiniging van het milieu. Op de effecten van de woningbouw wordt nader ingegaan in hoofdstuk 3. Verder is geen sprake van een onaanvaardbare mate van hinder. Dit blijkt ook uit de toetsing aan de milieu- en omgevingsaspecten in hoofdstuk 3. Risico op ongevallen De uitvoering van het project en het gebruik van de te realiseren woningen brengt geen verhoogd risico op ongevallen met zich mee. Er is geen sprake van het gebruik van gevaarlijke stoffen en technologieën.

2.2

Plaats van het project

Algemeen Bij de plaats van het project gaat het met name om de kwetsbaarheid van het gebied waarin het project wordt uitgevoerd. Hierbij wordt conform de EU-richtlijn in overweging genomen wat het bestaande grondgebruik is en hoe het gesteld is met het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied en het opnamevermogen van het natuurlijke milieu. Bestaand grondgebruik De locatie voor de woningbouw is gelegen in de wijk Krakeel, dat ten oosten van het centrum van Hoogeveen is gelegen. Sinds de jaren 2000 maakt de wijk in fases een herinrichting door. Het projectgebied is in de huidige situatie al in afwachting van de woningbouwontwikkeling en betreft derhalve een braakliggend stuk grasland. De ligging van het projectgebied is weergegeven in onderstaande figuur.

5/10

Figuur 2.1

Luchtfoto van de bestaande situatie

Regeneratievermogen natuurlijke hulpbronnen De locatie heeft op zichzelf geen bijzondere rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen. Opnamevermogen natuurlijk milieu De ontwikkeling vindt niet plaats in een gevoelig gebied. De dichtstbijzijnde gevoelige gebieden (zoals genoemd in de EU -richtlijn) zijn Natura 2000-gebieden, die zijn beschermd op grond van de Wet natuurbescherming. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is het Mantingerzand en ligt op circa 4,9 km afstand van het projectgebied. Gelet op de afstand kunnen areaalverlies, versnippering en verstoring van dat gebied op voorhand worden uitgesloten. In de nabijheid van het projectgebied ligt geen Natuurnetwerk Nederland-gebied of andere gevoelige gebieden zoals genoemd in de EU-richtlijn (wetlands, kustgebieden, bosgebieden, natuurparken, gebieden waar milieunormen worden overschreden, gebieden met hoge bevolkingsdichtheid, landschappelijk van historisch cultureel of archeologische gebieden van belang).

6/10

3. KENMERKEN VAN DE MILIEUEFFECTEN Algemeen In dit hoofdstuk worden de belangrijkste milieueffecten van het project beschreven. Het is gebruikelijk de milieueffecten van de voorgenomen situatie te vergelijken met de referentiesituatie. De referentiesituatie bestaat uit de huidige situatie, inclusief de effecten van ontwikkelingen in de omgeving waarvan de realisatie zeker is (autonome ontwikkelingen). In de directe omgeving van het gebied zijn geen ontwikkelingen voorzien die van invloed kunnen zijn op de effectbeoordeling. De effectbeoordeling in dit hoofdstuk is gebaseerd op de informatie zoals opgenomen in de toelichting op het deelproject en de onderliggende onderzoeken. Conform de EU-richtlijn wordt in ieder geval ingegaan op het bereik van het effect, waaronder het grensoverschrijdende karakter daarvan, en op de waarschijnlijkheid van het effect en de duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect. Om hier inzicht in te geven worden eerst de milieu- en omgevingsaspecten behandeld.

3.1

Milieu- en omgevingsaspecten

Verkeer De realisatie van 16 woningen leidt tot een netto-toename in het aantal verkeersbewegingen van 127 motorvoertuigenbewegingen per etmaal (stedelijkheidsgraad: matig stedelijk, ligging: rest bebouwde kom). Deze toename komt voort uit de omstandigheid dat het bestaande projectgebied onbebouwd is en voor de toekomstige situatie 16 woningen worden beoogd. De ontsluiting vindt plaats via de Satellietenlaan. Deze weg sluit in zuidelijke richting aan op de Nadirlaan, die vervolgens aansluit op de Melkweg. De Melkweg betreft de hoofdontsluitingsweg van de woonwijk. De woningen in het gebied worden hier via de ontsluitingswegen goed op ontsloten. Bij de voorgenomen ontwikkeling vindt parkeren plaats op de aan te leggen parkeervakken. Er worden 16 woningen gerealiseerd, dus zijn er 29 parkeerplaatsen nodig volgens de Parkeernota Hoogeveen. In het projectgebied worden deze 29 parkeerplaatsen gerealiseerd. Daarmee wordt voldaan aan de parkeernorm van 1,8 parkeerplaatsen per woning. Bodem Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in een eerder stadium een partijkeuring van de grond uitgevoerd. Op basis hiervan is het volgende naar voren gekomen: Toetsing standaard analysepakket De partij grond wordt op basis van het standaard analysepakket beoordeeld als altijd toepasbaar. De partij voldoet tevens aan de eisen voor een Grootschalige toepassing.

Toetsing PFAS Ten aanzien van PFAS voldoet de partij op basis van het handelingskader aan de achtergrondwaarde bij toepassing op de landbodem. Daarnaast is onder voorwaarden de partij toepasbaar in regionale wateren en rijkswateren. Toetsing asbest Op basis van de waarnemingen en het vooronderzoek wordt de partij beschouwd als onverdacht op het voorkomen van asbest. Omdat de partij door alle aspecten van de keuring is gekomen, kan worden gesteld dat sprake is van gronden met een goede bodemkwaliteit, die tevens geschikt zijn voor de functie wonen.

7/10

Archeologie Ter plaatse van het projectgebied is geen sprake van archeologische waarden op basis van gemeentelijke cultuurhistorische beleidskaarten. Daarom is op voorhand duidelijk dat er geen archeologisch onderzoek uitgevoerd hoeft te worden. Indien bij toekomstig graafwerk toch archeologische grondsporen worden aangetroffen en/of vondsten worden gedaan, dient hiervan direct melding te worden gemaakt conform de Erfgoedwet. Landschap en cultuurhistorie In het projectgebied zijn geen specifieke cultuurhistorische waarden aanwezig. De te bouwen woningen zijn afgestemd op de kenmerken van de omgeving. De ontwikkeling past binnen de bestaande stedenbouwkundige structuur. In de toelichting is dit gemotiveerd in paragraaf 2.1. Het is dan ook niet noodzakelijk om nadere regels te stellen ter bescherming van cultuurhistorische waarden. Ecologie Gebiedsbescherming Het projectgebied ligt middenin een woonwijk in Hoogeveen en maakt geen deel uit van een Natura 2000-gebied of NNNgebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is het Mantingerzand en ligt op circa 4,9 km afstand van het projectgebied. Gezien de afstand leidt de ontwikkeling niet tot areaalverlies, versnippering en verstoring van dat gebied. Om te onderzoeken of sprake is van significante stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelig gebied, is een stikstofberekening uitgevoerd aan de hand van Aerius-calculator 2021.

Hieruit is geen significante stikstofdepositie naar voren gekomen voor zowel de aanlegfase als de exploitatiefase. Hoewel een nieuwe versie van de Aerius-calculator in voorbereiding is, is in dit geval nog de huidige versie toegepast. De wijzigingen in de nieuwe versie hebben met name betrekking op varkens- of plumveestallen. Daar is in dit geval geen sprake van. Soortenbescherming Het projectgebied betreft een braakliggend stuk grasland, omzoomd door bomen. Het gebied bezit geen habitateigenschappen die relevant zijn voor beschermde soorten om zich er te vestigen. De woningbouw wordt binnen de aanwezige structuren ingepast zodat de bomen rondom het projectgebied niet gekapt hoeven te worden en de nestplaats van eventueel aanwezige soorten niet wordt aangetast. Wel moet rekening worden gehouden met de algehele zorgplicht zoals werken buiten het broedseizoen, om in de bouwfase de overlast voor eventueel in het projectgebied aanwezige diersoorten te beperken. De woningen worden op voldoende afstand van de om het projectgebied gelegen watergangen gerealiseerd om eventuele hinder (als gevolg van lichtuitstraling) voor vleermuizen die daar oriënteren, vliegen en/ of foerageren te voorkomen. In het projectgebied wordt een klein groepje struiken verwijderd. Het betreft jong struikgewas waarvan het niet aannemelijk is dat het geschikt is als nestplaats voor beschermde soorten.

Omdat de nieuwe bebouwing binnen de bestaande structuren wordt ingepast, is het niet aannemelijk dat er vanuit ecologisch oogpunt een belemmering is voor de uitvoering van dit bestemmingsplan. Bovendien vinden er geen sloop-, kap- en dempingswerkzaamheden plaats. Daarom kan op voorhand worden bepaald dat er geen noodzaak is tot het uitvoeren van een quickscan flora en fauna. Externe veiligheid Uit de provinciale risicokaart blijkt dat in de omgeving van het projectgebied slechts één risicobron voorkomt. Ten noordwesten van het projectgebied bevindt zich een PGS 15-opslag van het bedrijf Hodij. Het invloedsgebied hiervan ligt (deels) over het projectgebied heen. Het scenario wat hierop van toepassing is, is dat van een toxische wolk die kan ontstaan als gevolg van mankementen aan de opslag. Om die reden is bij nieuwbouw afsluitbare ventilatie verplicht. In de nieuwbouw wordt in dit geval gebruik gemaakt van gebalanceerde ventilatie, waarmee er geen sprake is van ventilatieopeningen in de gevel. Dit is dus per definitie afsluitbaar. Ook raampartijen zijn allen volledig afsluitbaar. Daarmee wordt voldoende ingespeeld op dit scenario en ondervindt het project geen hinder van de aanwezigheid van de PGS 15-opslag van Hodij.

Luchtkwaliteit Op basis van de Grootschalige Concentratiekaart Nederland (GCN) geldt ter plaatse van het projectgebied geen (dreigende) overschrijding van de streefwaarden. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat ter plaatse van het projectgebied wordt voldaan aan een goed woon- en leefklimaat voor wat betreft de luchtkwaliteit. In de beoogde ontwikkeling van de woonwijk blijft het aantal woningen ruimschoots onder de 1.500. Het gaat in dit geval om de realisatie van 16 woningen. Deze ontwikkeling valt daarmee dus ook ruimschoots onder de grenswaarde die wordt gesteld in het besluit NIBM. Het is daarom niet noodzakelijk een toetsing aan de grenswaarden uit te voeren.

8/10

Milieuzonering (hinder van bedrijven voor woningen) De beoogde ontwikkeling betreft milieugevoelige functies. In de omgeving van het projectgebied komt overwegend de woonfunctie voor. Derhalve kan het projectgebied worden gedefinieerd als ‘rustige woonwijk’. Ten noordwesten van het projectgebied is een multifunctioneel centrum aanwezig. Hier zijn recreatieve activiteiten toegestaan. Dergelijke activiteiten vallen hoogstens onder categorie 3.1, waarvoor een richtafstand van 50 meter geldt. De afstand van het projectgebied tot de grens van het MFC bedraagt ruim 90 meter. Aan de richtafstand wordt derhalve voldaan. Daarnaast zijn tussen het projectgebied en het MFC in de huidige situatie al woningen gesitueerd. In de huidige situatie is derhalve al sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Ten noorden van het projectgebied is tevens sprake van een kinderboerderij. Een dergelijke inrichting valt onder milieucategorie 2, waarvoor een richtafstand van 30 meter geldt. De afstand van het projectgebied tot aan de kinderboerderij bedraagt ruim 30 meter. Aan de richtafstand wordt derhalve voldaan. In de huidige situatie is derhalve al sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Overige bedrijfsfuncties bevinden zich op een dermate afstand dat deze niet relevant voor de ontwikkelingen in het projectgebied zijn.

Wegverkeerslawaai De wegen in de directe omgeving van het projectgebied zijn aangewezen als 30km/uur-zone. Voor ontwikkelingen binnen dergelijke zones is geen toetsing aan de Wet geluidhinder noodzakelijk. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient echter wel aangetoond te worden dat sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De wegen rondom het projectgebied hebben een functie als erfontsluitingswegen binnen de bebouwde kom. Op de wegen in dergelijke gebieden is sprake van een relatief lage verkeersintensiteit en hier wordt over het algemeen langzaam gereden. Ten aanzien van wegverkeersgeluid worden er daarom geen belemmeringen verwacht. Daarnaast moet ook een binnenwaarde van 33 dB worden gegarandeerd bij de omgevingsvergunning aanvraag voor de woningen. Hierin wordt voorzien doordat de toekomstige woningen moeten voldoen aan de minimale eisen ten aanzien van geluid, vanuit het bouwbesluit. De eisen uit het bouwbesluit zorgen ervoor dat sprake zal zijn van een goed binnenwaardeniveau. Water Voor het project is de watertoets ingevuld, waaruit blijkt dat de normale procedure gevolgd moet worden. Met het project worden 16 woningen gerealiseerd. Hierdoor is sprake van een toename aan verharding. Het projectgebied ligt in het stroomgebied van de Hoogeveense Vaart. In de klimaatatlas is het woongebied een aandachtsgebied voor wateroverlast.

Bij zeer extreme neerslag kan wateroverlast optreden, het water blijft met name op straat staan. In dit geval wordt het hemelwater geloosd op de bestaande watergangen noorden en westen van het projectgebied. Met de ontwikkeling wordt rekening gehouden met de beschermingszone van een A-watergang van het Waterschap Drents Overijsselse Delta. Tussen beide woonblokken en de watergang zit in de voorgenomen situatie voldoende afstand tot de watergang. Daarmee wordt het watersysteem niet belemmerd door de voorgenomen ontwikkeling. Het project wordt zo ontworpen dat kortstondige hevige buien zonder problemen kunnen worden opgevangen in de openbare ruimte of op particulier terrein. Er treedt geen wateroverlast op bij woningen of andere kwetsbare functies. Het watersysteem wordt zo ontworpen dat het geen risico's voor de volksgezondheid creëert en voldoende schoon is voor mensen, planten en dieren. Er wordt voldoende en op juiste wijze rekening gehouden en omgegaan met de verschillende aspecten met betrekking tot 'water'. Daarmee vormt dit aspect geen belemmering voor dit project. Bereik, waarschijnlijkheid, duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect

9/10

Uit het voorgaande blijkt dat er geen sprake is van belangrijke negatieve milieueffecten. Door een stikstofberekening dient onderzocht te worden of sprake is van significante stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelig gebied. Ook dient in de nieuwbouw afsluitbare ventilatie te worden aangebracht.

4. CONCLUSIE Het project is relatief kleinschalig en heeft geen kenmerken die een potentieel risico op grote milieueffecten in zich hebben. Het project vindt plaats in een stedelijke omgeving waarin het een herontwikkelingsproject vormt. Planologisch wordt voorzien in de mogelijkheid om de locatie te ontwikkelen met 16 woningen. Er is geen sprake van belangrijke negatieve effecten als gevolg van het project. Wel dient de uitvoering van de werkzaamheden buiten het broedseizoen plaats te vinden en dient de zorgplicht in acht te worden genomen. Ook wordt in een later stadium een stikstofberekening uitgevoerd om te onderzoeken of sprake is van significante stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelig gebied. In de nieuwbouw dient afsluitbare ventilatie te worden aangebracht. Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling blijkt dat, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, geen belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden. Er is dan ook geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure.

10/10

Bijlage 2

Digitale watertoets

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 59

22 december 2022

Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 29-03-2022

Digitale watertoets De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .

VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.

normale procedure

2.

Advies verharding

3.

Advies lozingwater

OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE

29-03-2022, 11:50

P agina 1 van 6

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.

Gaat het om een plan met uits luitend een functiewijziging van bes taande bebouwing? nee

2.

Is er s prake van een uitbreiding van de lozing van huis houdelijk afvalwater in het landelijk gebied groter dan 9 vervuilings eenheden (ve) of in het s tedelijk gebied van 30 ve? ja

3.

Neemt in het plan het verharde oppervlak van bebouwing en bes trating toe met meer dan 1500m2? ja

4.

Is het plan onderdeel van een grotere ruimtelijke ontwikkeling? nee

5.

Worden er op bedrijfs matige wijze activiteiten verricht waardoor het verharde oppervlak verontreinigd raakt? nee

6.

Worden er materialen gebruikt waardoor het afs tromende hemelwater verontreinigd kan raken? nee

7.

Vindt er een lozing plaats op oppervlaktewater? ja

8.

Vindt er een tijdelijke of permanente onttrekking van grondwater plaats ? nee

9.

Invloeds zone A-watergangen ja

10.

Beekdalen nee

29-03-2022, 11:50

P agina 2 van 6

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets 11.

Milieuzonering RWZ I nee

12.

Invloeds zone Grote Rivieren nee

13.

Invloeds zone Vecht nee

14.

Z one pers leiding nee

15.

Bes chermings zone waterkering nee

16.

Primaire Watergebieden en bergings gebieden nee

17.

Invloeds zone B watergangen nee

18.

Invloeds zone overige keringen nee

19.

overs troombaar_gebied nee

20.

Grondwaterbes chermings gebied drinkwater nee

29-03-2022, 11:50

P agina 3 van 6

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 1.

normale procedure Voor uw plan moet u de normale procedure volgen.

Wat moet ik doen? "WIJ VERZ OEKEN U OM IN TE LOGGEN OM DE PROCEDURE AF TE RONDEN. HIERDOOR IS UW PLAN OOK AANGEMELD BIJ HET WATERSCHAP! Momenteel wordt de s tandaard waterparagraaf 'Normale procedure' nog niet meegezonden met uw aanmeldgegevens . We verzoeken u in het hoofds cherm de 'pdf' met het advies te downloaden ten behoeve van uw eigen adminis tratie. Geachte heer / mevrouw, U heeft een watertoets uitgevoerd op de webs ite www.dewatertoets .nl. Op bas is van deze digitale toets concluderen wij dat belangen van het waters chap worden geraakt. U volgt daarom de normale procedure. Binnen 4 weken na indiening neemt waters chap Drents Overijs s els e Delta contact met u op en ontvangt u een uitgangs puntennotitie. Deze notitie ontvangt u op het door u opgegeven emailadres . In de uitgangs puntennotitie vindt u meer informatie over de bes taande waterhuis houding en vindt u concrete uitgangs punten voor uw plan. Wij advis eren u deze uitgangs punten te verwerken in uw plan. Over het vervolg van het watertoets proces vindt u in de uitgangs puntennotitie meer informatie.

Verklaring Dit document is een automatis ch gegeneerd bes tand op bas is van de door u ingevulde gegevens . U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens en u heeft verklaard alles naar waarheid te hebben ingevuld.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

29-03-2022, 11:50

P agina 4 van 6

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 2.

Advies verharding U realis eert meer dan 1500 m2 aan verharding

Wat moet ik doen? In het plan vindt een grote toename aan verharding plaats . Dit kan effect hebben op de werking van het waters ys teem in de omgeving van het plangebied. Wij gaan graag tijdig met u in overleg over de wijze waarop in het plangebied wordt omgegaan met hemelwater dat afs troomt van dit verharde oppervlak. Z o wordt wateroverlas t nu en in de toekoms t voorkomen.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

29-03-2022, 11:50

P agina 5 van 6

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 3.

Advies lozingwater U loos t water in oppervlaktewater.

Wat moet ik doen? In het plan vindt afvoer van hemelwater naar oppervlaktewater plaats . Voor lozingen op het oppervlaktewater geldt een vergunning- of meldings plicht in het kader van de Waterwet. Hemelwater van s chone oppervlakken (zoals daken en tuinen) mag rechts treeks geloos d worden. Hemelwater dat van een parkeerterrein afs troomt (of anders zins ) vervuild raakt, dient via een bodempas s age af te wateren. Indien u grondwater gaat onttrekken tijdens de aanleg en u wilt dat lozen in oppervlaktewater dan gelden er s pecifieke regels . Neem hierover contact op met de medewerker advies Waterwet van het waters chap.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

29-03-2022, 11:50

P agina 6 van 6

https://dewatertoets.nl

Bijlage 3

Partijkeuring grond

Krakeel, deelplan Satellietenlaan vastgesteld

NL.IMRO.0118.2022BP8009003-VG01 66

22 december 2022

PROJECT 36031 PARTIJKEURING GROND SATELLIETENLAAN 25 TE HOOGEVEEN

Vestiging Kamerik Nijverheidsweg 7 3471 GZ Kamerik t 0348 402103 Vestiging Heerhugowaard Galileistraat 69 1704 SE Heerhugowaard t 072 5729457 Vestiging Steenwijk Oevers 16 8331 VC Steenwijk t 0521 521924 www.grondslag.nl

bodemonderzoek | saneringsbegeleiding | partijkeuringen | waterbodemonderzoek | arbo/veiligheid |wegenbouwadvies

Project 36031

Titel

Partijkeuring grond Satellietenlaan 25 te Hoogeveen

Adviseur

Mevr. M.J. Witteveen, MSc.

Gecontroleerd

Dhr. drs. S. Buurmans

Datum rapport

9 februari 2022

Opdrachtgever

G. Hellinga BV Oevers 15 8331 VC Steenwijk

Contactpersoon

Dhr. J. de Laat

Het procescertificaat van Grondslag BV en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Grondslag BV is als opdrachtnemer onafhankelijk van de opdrachtgever. Tussen beide bestaat geen relatie als bedoeld in paragraaf 3.1 van de BRL SIKB 1000.

1

1

Project 36031

INLEIDING EN DOEL Door G. Hellinga B.V. is aan Grondslag opdracht verleend voor het uitvoeren van een partijkeuring in het kader van het Besluit Bodemkwaliteit. De keuring heeft betrekking op een partij grond, die in situ aanwezig is op het perceel Satellietenlaan 25 te Hoogeveen. De partij komt vrij bij graafwerkzaamheden ten behoeve van nieuwbouw op de locatie. Ter bepaling van de milieuhygiënische hergebruiksmogelijkheden, dient de kwaliteit van de partij te worden vastgesteld conform het Besluit Bodemkwaliteit.

2

2

Project 36031

ONDERZOEKSGEGEVENS De partij- en onderzoeksgegevens zijn beschreven in de onderstaande tabel. In bijlage I is de situatie op tekening weergegeven. In bijlage II zijn het monsternameplan en -formulier opgenomen. Tabel 2.1: Partij- en onderzoeksgegevens Partijgegevens: Adres

Satellietenlaan 25 te Hoogeveen

Situatie

Van 0,0 tot 0,9 m-mv Zie bijlage I voor de afmetingen en foto’s.

Omvang

3825 m3 (7076 ton)

Grondsoort

Middels (proef)boringen is de volgende globale bodemopbouw vastgesteld: 0,0 – 0,5 m-mv: (humeus) zand 0,5 – 0,9 m-mv: zand

Bijmenging

<0,1% grind/baksteen

Vooronderzoek

Het vooronderzoek is gebaseerd op de NEN 5725. De partij, die insitu gelegen is bij de Satellietenlaan 25 te Hoogeveen, zal vrijkomen bij graafwerkzaamheden ten behoeve van nieuwbouw. In 2010 is een verkennend bodemonderzoek ter plaatse van o.a. de Satellietenlaan 25 uitgevoerd (Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van Satellietenlaan 25 en Draco 69 – 71 te Hoogeveen, door Ecoreest, opdracht: 100110, d.d. 21 januari 2010). De aanleiding van dit onderzoek is de voorgenomen bouw van villa’s ter plaatse van de onderzoekslocatie. Het voormalig gebruik van de locatie was een school, deze is volgens oud kaartmateriaal rond 2009 gesloopt (www.topotijdreis.nl). In het gesloopte gebouw was in beperkte mate asbest toegepast. Tijdens de terreininspectie is het maaiveld onderzocht door middel van een visuele inspectie met betrekking tot asbestverdacht materiaal (AVM). Er is geen AVM visueel waargenomen. Er heeft geen onderzoek naar het voorkomen van asbest op basis van de NEN 5707 plaatsgevonden. Uit het bodemonderzoek komt naar voren dat van 0,0 tot 0,5 m-mv de bodem uit matig fijn, overwegend humeus zand bestaat en van 0,5 tot 1,0 m-mv bestaat de bodem uit matig fijn, plaatselijk humeus zand of zandhoudend leem. Ter plaatse van twee boringen (19 en 20) is in zeer lichte mate puin waargenomen. Er heeft geen verkennend asbestonderzoek plaatsgevonden.

Het is onbekend om wat voor puin het gaat, aangenomen wordt dat dit baksteenresten betreft. Uit de analyses komt naar voren dat ter plaatse van de onderzoekslocatie hooguit een lichte verhoging aan lood en PAK is aangetoond in de bovengrond (zand, 0,0 – 0,5 m-mv). In de ondergrond (leem 1,0 – 1,5 m-mv) zijn geen verhogingen aangetoond. Wanneer de gemeten lichte verhogingen in de bovengrond indicatief aan het Besluit Bodemkwaliteit getoetst worden blijkt dat zowel de bovengrond als de ondergrond indicatief aan klasse AW voldoen. Volgens de ontgravingskaarten van zowel de boven- als ondergrond van bodemkwaliteitskaart van Drenthe (2019) voldoet zowel de boven- als ondergrond aan klasse AW. De verwachte kwaliteit van de partij is klasse AW.

Asbest

Op basis van de bijmenging (grind en baksteen) en de herkomst van de partij wordt geconcludeerd dat de partij asbest onverdacht is.

Analysepakket

Op basis van de beschikbare informatie is er geen aanleiding tot een (verdere) uitbreiding van het standaard stoffenpakket plus PFAS.

Onderzoeksgegevens: Strategie AP04

BRL SIKB 1000-1001; Certificaatnummer Grondslag is K20610/12 Standaard: 2 monsters (minimaal 9 kg) à 50 grepen, systematisch bemonsterd

3

Project 36031

Uitvoering en verantwoording

Datum bemonstering: 26 januari 2022 Boormeester: Dhr. R. Dijkstra Vestiging boormeester: Steenwijk Vestiging rapportage: Steenwijk

Laboratorium

Zie bijlage voor gegevens omtrent het erkend laboratorium en datum van analyse.

4

3

Project 36031

RESULTATEN Toetsingskader Per deelpartij wordt per parameter het gemiddelde van de gemeten gehalten getoetst aan de normen zoals genoemd in bijlage B van de Regeling Bodemkwaliteit. In het generieke kader wordt onderscheid gemaakt in drie kwaliteitsklassen voor hergebruik: -

kwaliteitsklasse ‘Altijd toepasbaar’ kwaliteitsklasse ‘Wonen’ kwaliteitsklasse ‘Industrie’

Er wordt voldaan aan de eisen voor ‘Altijd toepasbaar’ indien de gemiddelde gehalten de Achtergrondwaarden niet overschrijden. Afhankelijk van het aantal geanalyseerde stoffen mag voor een aantal parameters de Achtergrondwaarde wel worden overschreden met maximaal een factor twee, mits de Maximale Waarde (MW) -Wonen niet wordt overschreden (uitgezonderd nikkel). Bij analyse op het standaardpakket is deze overschrijding toegestaan voor maximaal twee parameters. Er wordt voldaan aan de kwaliteitsklasse Wonen indien de gemiddelde gehalten de MWWonen niet overschrijden. Er wordt voldaan aan de kwaliteitsklasse Industrie indien de gemiddelde gehalten de MW-Industrie niet overschrijden. Bij overschrijding van de MWIndustrie is hergebruik niet mogelijk in het generieke kader 1). Om de partij grond te mogen toepassen moet de partij worden getoetst aan: 1. de kwaliteitsklasse van de ontvangende bodem, en 2. de functieklasse van de ontvangende bodem. Bij deze dubbele toets geldt dat de kwaliteitsklasse van de toe te passen partij grond moet voldoen aan de strengste eis. Wanneer de ontvangende bodem niet in een bodemfunctieklassenkaart is opgenomen, of wanneer de kwaliteit van de ontvangende bodem voldoet aan de Achtergrondwaarden, dan gelden de Achtergrondwaarden als toepassingseis.

Grond die voldoet aan de MW-Industrie en de emissietoetswaarden mag worden verwerkt in een grootschalige toepassing. Indien de emissietoetswaarde wordt overschreden is aanvullend uitloogonderzoek nodig. 1)

In sommige gevallen is hergebruik wel mogelijk als er gebiedsspecifiek beleid is opgesteld. De grond kan dan alleen binnen het eigen gebied, waarvoor het beleid is opgesteld, onder voorwaarden worden hergebruikt.

Toetsing De BoToVa-toetsing is opgenomen in bijlage III. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage IV. In tabel 3.1 is de toetsing weergegeven. Tabel 3.1: Toetsingsresultaat standaardparameters Partij

Analysepakket

Toetsoordeel (maatgevende parameter)

Geschikt voor Grootschalige toepassing

Partij 1

Standaardpakket

Altijd toepasbaar

Ja(1)

(1)

Ja

: de emissietoetswaarde wordt voor geen van de onderzochte parameters overschreden

5

4

Project 36031

PFAS-ONDERZOEK Toetsingskader PFAS (Poly- en perFluor Alkyl Stoffen) betreft een groep stoffen die sinds de jaren ’60 zijn toegepast in diverse industriële en huishoudelijke producten. De meest voorkomende stoffen zijn PFOA (perfluoroctaanzuur) en PFOS (perfluoroctaansulfonaat). PFOA was een hulpstof bij de productie van teflon en is toegepast in tal van andere producten omdat het bijdraagt aan een goede olie- en waterwerende werking. PFOS werd tot voor kort toegepast in bijvoorbeeld brandblusschuim. De stoffen zijn persistent, bioaccumulatief en toxisch. Op 13 december 2021 is het gewijzigde handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie gepubliceerd (landelijk geldend). Hierin zijn achtergrondwaarden en maximale waarden voor PFAS opgenomen. De analyseresultaten moeten worden getoetst aan de eisen uit de beleidsnormen van de gemeente/regio waar de grond of baggerspecie wordt toegepast. Als er geen lokaal beleid is opgesteld zijn de normen uit het landelijk handelingskader van toepassing. Lokale beleidsnormen gaan vóór de normen uit het handelingskader. In het handelingskader zijn onder andere de volgende toepassingsnormen opgenomen. Voor een totaaloverzicht wordt verwezen naar het handelingskader zelf. Tabel 4.1: Toepassingsnormen PFAS grond en baggerspecie (μg/kg ds) Toepassingsmogelijkheden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12161843/1