CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

HRK-Onderzoek Samen Verder Smeden - De Smederijen van Hoogeveen

Raadsavond 18 december 2025, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Hoogeveense Rekenkamer - Onderzoek Samen Verder Smeden - De Smederijen van Hoogeveen18.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Onderbouwing Volgens respondenten van de partners en de medewerkers in de teams was de opsplitsing naar Smederijen enerzijds en Sociale Wijkteams anderzijds nodig om het werk van de wijk- en dorpsteams duidelijker te structureren, met

31

enerzijds een collectieve, preventieve en participatieve rol (De Smederijen) en anderzijds een individuele, specialistische en hulpverlenende rol (Sociale Wijkteams). Redenen voor splitsing Verschillende soorten problematiek De Smederijen richten zich op collectieve en wijkgerichte thema’s: leefbaarheid, sociale samenhang, bewonersinitiatieven, signaleren op straatniveau. Sociale Wijkteams zijn ontstaan omdat er steeds meer individuele en complexe casuïstiek was (‘achter de voordeur’) die om specialistische kennis en hulpverlening vroeg. Door de opsplitsing werd een duidelijkere taakverdeling mogelijk: • Voor de voordeur → Smederijen (wijkgericht, preventief, verbindend). • Achter de voordeur → Sociale Teams (zorg, multiproblematiek, maatwerk). Professionalisering en specialisatie In de beginfase (2007) liepen individuele casussen en wijkthema’s door elkaar in de teams. Dit maakte het werk onoverzichtelijk. Door de groeiende complexiteit van de hulpvragen werd er meer expertise nodig op zorg, schuldhulpverlening, veiligheid en overlast. Het afzonderlijk organiseren van Sociale Teams zorgde voor een professionelere aanpak en betere aansluiting bij bestaande hulpverlening (bijv. Wmo). Efficiëntie en overzichtelijkheid Het combineren van wijkontwikkeling én individuele casussen binnen één team bleek niet werkbaar.

Teams raakten overbelast en vergaderingen werden te groot en ongericht. Opsplitsing maakte het mogelijk om in De Smederijenteams de focus te houden op leefbaarheid en bewonersparticipatie en in de Sociale Teams gericht te werken aan casuïstiek met kortere lijnen naar zorg- en hulpverleningsorganisaties. Behoefte aan duidelijke rolverdeling Bewoners, professionals en partners ervoeren onduidelijkheid: waar kan ik terecht met mijn initiatief, vraag of probleem? Door de scheiding is er een beslisstructuur ontstaan: signalen vanuit de wijk gaan via De Smederijen, en waar nodig worden ze doorgezet naar de Sociale Teams. Dit geeft meer helderheid in verantwoordelijkheden en voorkomt dat zaken blijven liggen of dubbel opgepakt worden. Versterkte sturing op sociaal domein Vanaf 2020 ontstond meer financiële druk op het sociaal domein. Dat vroeg ook een sterke sturing op de toegang tot het sociaal domein. De Sociale Teams hebben een belangrijke rol gekregen in het bieden van preventieve hulp en het toeleiden naar individuele maatwerkvoorzieningen. Door te differentiëren in taken en verantwoordelijkheden konden zowel wijkgericht werken (Smederijen) als hulpverlening (Sociale Teams) steviger worden verankerd in beleid en financiering.

Ervaring met splitsing en gevolgen voor wijkgericht werken Ervaring vanuit De Smederijenteams met de splitsing Medewerkers van de Smederijenteams ervaren soms onduidelijkheid over de taakverdeling tussen De Smederijen en de Sociale Wijkteams en de onderlinge overlegstructuren. De samenhang tussen beide is daarmee essentieel: waar de verbinding goed gelegd wordt, versterken ze elkaar; waar dat ontbreekt, ontstaan er knelpunten in samenwerking en doorverwijzing. De samenwerking tussen De Smederijen en de Sociale Teams verloopt wisselend.

32

Daar waar mensen in beide teams zitten (bijvoorbeeld maatschappelijk werkers), gaat het beter. Elders zorgt de knip (‘voor de voordeur’– leefbaarheid, ‘achter de voordeur’– individuele zorg) soms voor afstand. Professionals richten zich vooral op de invulling van wijkgericht werken door het aanpakken van problematiek en thema’s in wijken en dorpen. Zij ondersteunen slechts marginaal bij ‘korte klap’-projecten die door inwoners worden aangevraagd en uitgevoerd. De verdere ontwikkeling van leefbaarheid en samenwerking krijgt daarbij wél aandacht, onder meer via WBD-agenda’s. Ervaring vanuit de Sociale teams met de splitsing Volgens medewerkers van de Sociale Wijkteams vormen zij samen met De Smederijen een tweesporensysteem: het ene spoor voor de leefomgeving, het andere voor individuele hulp. De verbinding tussen beide is volgens de medewerkers in de Sociale Teams cruciaal, maar wordt in de praktijk nog als onvoldoende ervaren. Er is behoefte aan meer heldere afstemming, structuur en gezamenlijke aanpak, zodat de integrale kracht van wijkgericht werken beter benut kan worden. Daarmee komt de doorontwikkeling van het wijkgericht werken niet van de grond en wordt er geen verdere invulling gegeven aan de ‘lange klap’ doelstellingen. In 2025 is een start gemaakt met de WBD-agenda’s om deze lange termijnambities nieuw leven in te blazen.

4.4 Toetsing normenkader Voor de toetsing aan de norm werken we met de volgende termen in volgorde van niet voldoen tot voldoen: • Voldoet niet: dit betekent dat op geen enkele wijze (0%) wordt voldaan aan de norm. • Voldoet beperkt: dit betekent dat voor een klein deel (<=50%) wordt voldaan aan de norm • Voldoet merendeels: dit betekent dat voor een groter deel (>50%, <75%) wel dan niet wordt voldaan aan de norm. • Voldoet grotendeels: dit betekent dat voor een zeer groot gedeelte (>75%) wordt voldaan aan de norm. • Voldoet: dit betekent dat volledig (100%) wordt voldaan aan de norm.

Norm

Toetsing

Deelvraag 3: Wat zijn de redenen voor opsplitsing in wijk- en dorpsteams in De Smederijen enerzijds en de Sociale Wijkteams anderzijds? Het wijkgericht werken heeft geen hinder ondervonden van de opsplitsing in Smederijen enerzijds en Sociale Teams anderzijds.

33

Voldoet merendeels. Hoewel het wijkgericht werken geen hinder heeft ondervonden van de opsplitsing heeft het ook niet gezorgd voor een verdere doorontwikkeling van het wijkgericht werken als het gaat om lange termijn doelen voor wijken en dorpen.

5 Bevindingen doelmatigheid en doeltreffendheid wijkgericht werken 34

5. Bevindingen doelmatigheid en doeltreffendheid 5.1

Inleiding

Dit hoofdstuk beschrijft de doelmatigheid en doeltreffendheid van wijkgericht werken. Eerst zijn in de grijze kaders de bevindingen per deelvraag op hoofdlijnen weergegeven, gevolgd door een onderbouwing van dat antwoord. Het hoofdstuk sluit af met een toetsing aan het normenkader. De snelle lezer kan volstaan met het lezen van de beantwoording op hoofdlijnen in de grijze kaders. In dit hoofdstuk zijn de volgende deelvragen behandeld: 4. In welke mate stimuleert de opzet en structuur van De Smederijen het wijkgericht werken? 5. Hoe verhouden zich de resultaten van De Smederijen en de Sociale Teams tot de doelen van het wijkgericht werken? 6. Hoe doelmatig en doeltreffend is de gekozen uitvoeringsopzet en -structuur?

5.2

Bevindingen uitwerking opzet en structuur Smederijen 4.

In welke mate stimuleert de opzet en structuur van De Smederijen het wijkgericht werken?

Bevindingen op hoofdlijnen: • •

•

• •

• •

•

35

Korte klap-projecten functioneren effectief: kleinschalige initiatieven zijn laagdrempelig, zichtbaar in de wijk, versterken bewonersbetrokkenheid en ondersteunen energie en motivatie in de wijk. Lange klap / Wijk, Buurt en Dorpagenda’s (WBD’s) verloopt variabel: implementatie in sommige wijken vertraagd door capaciteitsproblemen en besluitvormingsprocessen; dorpen ontwikkelen ’lange termijnplannen vaak sneller door sterkere organisatorische structuur en hoger initiatief. Spanning tussen bewonersinvloed en professionalisering: Partners zien een risico dat WBD’s met name door professionals worden ingevuld, terwijl oorspronkelijke filosofie uitgaat van actieve rol van bewoners. Onduidelijke scheiding Smederijen – Sociale Teams kan leiden tot verwarring bij bewoners over waar ze terechtkunnen met initiatieven of vragen. Integrale samenwerking tussen partners wisselend: goede afstemming tussen Smederijen en Sociale Teams versterkt koppeling van collectieve en individuele acties; gebrekkige afstemming veroorzaakt knelpunten en beperkt integrale aanpak. Complexiteit van overlegstructuren en privacyregels bemoeilijken snelle koppeling van signalen en samenwerking tussen partners.

Rol van de Stuurgroep: formeel verantwoordelijk voor strategische sturing en beleidsmatige besluitvorming, maar mist structurele handvatten zoals jaarplannen, meetbare doelen en monitoring; daardoor blijft sturing beperkt en focus ligt vooral op filosofie van bewonersparticipatie. Partners leveren wisselende bijdrage: betrokkenheid van sommige partners, zoals politie, is afgenomen door AVG-kwesties en informatiebeperkingen, wat de integrale samenwerking bemoeilijkt.

Onderbouwing Wijkgericht werken heeft drie centrale doelen: • Het bevorderen en onderhouden van de woon- en leefkwaliteit in wijken en dorpen. • Het vergroten van de invloed van alle groepen bewoners en organisaties op wijk- en dorpsniveau, van planvorming tot uitvoering van plannen. • Het verbeteren van de werkwijze en samenwerking tussen de participerende organisaties via een integrale aanpak en, zo nodig, organisatorische aanpassingen die aansluiten bij een vraaggerichte manier van werken. In de onderstaande beschrijving wordt per doel weergegeven op welke manier de opzet en structuur van De Smederijen dit doel ondersteunt of belemmert, op basis van beschikbare observaties, gesprekken met medewerkers van De Smederijenteams, Sociale Teams, en de partners binnen de stuurgroep. Doel 1: Bevorderen en onderhouden van woon- en leefkwaliteit De opzet van De Smederijen ondersteunt het verbeteren van de leefkwaliteit vooral via de ‘korte klap’-projecten. Deze kleinschalige initiatieven kunnen snel en laagdrempelig worden uitgevoerd en hebben direct zichtbaar effect in de wijk of het dorp. Uit gesprekken met leden van de stuurgroep blijkt dat korte klappen meerdere functies vervullen: ze verhogen de zichtbaarheid van activiteiten, betrekken inwoners bij uitvoering en ondersteunen het vasthouden van energie en betrokkenheid in de wijk.

Volgens medewerkers van De Smederijen zorgen ‘korte klap’projecten ervoor dat wijkbewoners actief betrokken zijn bij concrete verbeteringen in hun leefomgeving. De ‘lange klap’, bedoeld als ontwikkelplan en langetermijnvisie, is in de praktijk overgegaan in de wijk-, buurt- en dorpsagenda’s (WBD’s). Uit gesprekken met de stuurgroep blijkt dat de implementatie van deze agenda’s in sommige wijken vertraagd is door capaciteitsproblemen en besluitvormingsprocessen. In dorpen verloopt de ontwikkeling van de ’lange termijnplannen vaak sneller, doordat er meer organisatorische structuur aanwezig is vergeleken met de wijken van Hoogeveen. Dorpen tonen meer initiatief dan wijken; in wijken is meer sturing nodig vanuit gebiedsregisseurs. Uit de gesprekken blijkt ook dat er een risico bestaat dat de ‘lange klap’ voornamelijk door professionals wordt vormgegeven, terwijl het oorspronkelijke uitgangspunt van De Smederijen juist was dat inwoners actief participeren bij het opstellen van de agenda’s. Hierdoor kan de structurele bijdrage aan de leefkwaliteit op lange termijn beperkt worden, ook al biedt de WBD-methodiek theoretisch het kader hiervoor. Vanuit gesprekken met de raad blijkt dat het ‘korte klap’-mechanisme als essentieel en goed functionerend wordt gezien.

Tegelijkertijd is de rol van de ‘lange klap’ onduidelijk, wat leidt tot verwarring over de structurele bijdrage aan leefbaarheid. Voor de toekomst geeft de raad aan dat de ‘lange klap’ vooral bij professionals en De Stichting Welzijnswerk Hoogeveen zou moeten liggen. Doel 2: Vergroten van invloed van bewoners en organisaties De structuur van De Smederijen faciliteert bewonersinvloed vooral op uitvoerend niveau. Korte klap-projecten bieden inwoners de mogelijkheid om actief deel te nemen aan de uitvoering van initiatieven in hun wijk, waardoor betrokkenheid en zichtbaarheid van participatie worden versterkt, zo blijkt uit de gesprekken met Smederijenteams. Voor strategische invloed, zoals in planvorming en beleidsmatige besluitvorming via WBD’s, blijkt de invulling wisselend. Uit gesprekken met de stuurgroep blijkt dat de ontwikkeling van WBD’s in sommige wijken en dorpen vertraagd verloopt door capaciteits- en besluitvormingsproblemen. Ook bij dit doel komt de spanning naar voren tussen het werken aan lange termijnagenda’s en de sturingsfilosofie van De Smederijen, waarin het initiatief en de invloed vanuit bewoners zelf centraal zouden moeten staan. Daarnaast kan onduidelijkheid de scheiding tussen Smederijen en Sociale Teams invloed van inwoners beperken.

Voor bewoners is het verschil tussen beide teams niet altijd duidelijk; Sociale Teams richten zich op (acute) problemen achter de voordeur en bespreken privacygevoelige informatie, waardoor bewoners hier niet participeren. Uit gesprekken met medewerkers van Sociale Teams komt naar voren dat inwoners soms niet weten waar zij terecht

36

kunnen met hun vraag of initiatief. Waar de verbinding tussen Smederijen en Sociale Teams goed wordt gelegd, bijvoorbeeld via gedeelde medewerkers of structurele overlegmomenten, kunnen bewoners beter participeren en hun invloed uitoefenen. Ontbreekt deze verbinding, dan blijft strategische invloed van bewoners beperkt tot kleine, operationele initiatieven. De raad hecht waarde aan laagdrempelige initiatieven en kleine aanvragen, omdat deze bewoners direct betrekken bij de uitvoering van projecten in hun wijk of dorp. Tegelijkertijd benadrukken raadsleden dat inwoners ondersteuning nodig hebben waar dat relevant is, zonder dat zij verplicht worden om zelf initiatieven te nemen, zodat participatie toegankelijk en effectief blijft – vooral in wijken en buurten waar leefbaarheid onder druk staat. Doel 3: Verbeteren van samenwerking en integrale aanpak De scheiding tussen Smederijen en Sociale Teams ondersteunt specialisatie: De Smederijen richten zich op collectieve thema’s en bewonersinitiatieven, terwijl de Sociale Teams zich concentreren op individuele casuïstiek en complexe hulpvragen ‘achter de voordeur’(uit gesprekken met Smederijenteams en Sociale Teams). Uit gesprekken met medewerkers blijkt dat de mate waarin Sociale Teams een bijdrage leveren aan wijkgericht werken sterk afhankelijk is van de samenwerking met De Smederijen. De samenwerking kent verschillende uitdagingen.

Waar het proces vroeger laagdrempeliger en informeel verliep, zijn er nu meer formele procedures en privacy beperkingen in het delen van casus gerelateerde informatie die snelle koppeling van signalen bemoeilijken. Cultuurverschillen, onduidelijke rolverdeling en een veelheid aan overlegstructuren verhogen het risico op verwarring en afstand tussen de teams. Tegelijkertijd verbeteren personele overlap en regelmatige contacten via voorzitters of gebiedsregisseurs de afstemming en maken het mogelijk signalen uit de wijk te koppelen aan zowel collectieve als individuele acties. De rol van de stuurgroep beïnvloedt ook de integrale aanpak. Uit gesprekken met de stuurgroep blijkt dat deze formeel verantwoordelijk is voor strategische sturing en beleidsmatige besluitvorming van De Smederijen, maar in de praktijk weinig structurele handvatten heeft om te sturen. Het ontbreken van meetbare doelen, jaarplannen en structurele monitoring beperkt de mogelijkheid om op de samenwerking tussen teams en andere participerende organisaties te sturen. Meerdere leden van de stuurgroep constateren dat zij eigenlijk niet precies weten waar ze op kunnen sturen, anders dan op het bevorderen en in stand houden van een filosofie van werken waarin bewoners en bewonersinitiatieven centraal staan.

Tegelijkertijd speelt een spanningsveld: als de stuurgroep sterker zou sturen op bijvoorbeeld maatschappelijke uitkomsten rondom leefbaarheid, kan dit het eigenaarschap van inwoners verminderen, wat haaks staat op het principe van wijkgericht werken. Uit de gesprekken met Smederijenteams en Sociale Teams blijkt dat waar afstemming goed verloopt, de teams elkaar versterken en signalen van bewoners efficiënt gekoppeld kunnen worden aan collectieve en individuele acties. Waar deze verbinding ontbreekt, ontstaan knelpunten in samenwerking en doorverwijzing, waardoor de integrale aanpak van wijkgericht werken beperkt blijft. Ten slotte geven uitvoerders aan van de Smederijenteams en Sociale teams aan dat partners zoals de politie hun betrokkenheid bij de overleggen verminderen, met name vanwege het delen van informatie en de AVG-technische kwesties.

37

5.3

Bevindingen verhouding resultaten tot doelen van wijkgericht werken 5.

Hoe verhouden de resultaten van De Smederijen en de Sociale Teams zich tot de doelen van het wijkgericht werken?

Bevindingen op hoofdlijnen • Resultaten van de Smederijen en Sociale Wijkteams ten aanzien van doel 1 wijkgericht werken (bevorderen en onderhouden van de woon- en leefkwaliteit): Dit doel wordt grotendeels gerealiseerd. De initiatieven vanuit inwoners sluiten nauw aan bij dit doel van wijkgericht werken: leefbaarheid en verbondenheid staan centraal in de bewonersinitiatieven. Zowel sociale ontmoeting als fysieke verbeteringen spelen hierin een rol en komen vaak samen in bewonersinitiatieven. Ondanks dat de doelen van de initiatieven aansluiten bij de dit doel van wijkgericht werken, benoemen partners dat er nog beperkt zicht is op de daadwerkelijke resultaten van wijkgericht werken. Effecten worden vooral zichtbaar via verhalen en ervaringen, terwijl structurele en langetermijneffecten moeilijk meetbaar zijn. Er is nog geen monitoringssysteem om resultaten systematisch te volgen, waardoor leren en bijsturen beperkt blijft. Desondanks erkennen partners de waarde van de initiatieven, vooral in het versterken van sociale cohesie en betrokkenheid. • Resultaten van de Smederijen en Sociale Wijkteams ten aanzien van doel 2 wijkgericht werken (vergroten van invloed van bewoners en organisaties): Dit doel wordt deels gerealiseerd: bewoners nemen initiatief, vervullen de rol van verbinder of aanjager en voelen zich sterk verantwoordelijk voor hun leefomgeving.

Daarmee sluiten zij aan bij de visie van wijkgericht werken. Tegelijkertijd zien veel initiatiefnemers dit niet als expliciet doel van hun activiteiten: hun focus ligt vaker op saamhorigheid en gezelligheid dan op zeggenschap of formele invloed. Het eigenaarschap blijft bovendien geconcentreerd bij een kleine, vaak ervaren groep inwoners en bestaande netwerken. Nieuwe of ongeorganiseerde groepen worden minder goed bereikt, waardoor de olievlekwerking van de initiatieven beperkt is en de instroom van nieuwe vrijwilligers kwetsbaar blijft. Partners zien hier kansen voor De Smederijen en Sociale Wijkteams om hun verbindende en ondersteunende rol te versterken, meer inwoners te betrekken die nog niet actief zijn, en de impact van bewonersinvloed breder te verankeren.

Onderbouwing Om te bepalen hoe de resultaten van De Smederijen en de Sociale Wijkteams zich verhouden tot de doelen van het wijkgericht werken, komen verschillende perspectieven aan bod. Allereerst staat het perspectief centraal van inwoners die een aanvraag indienden voor een ‘korte klap’-project bij De Smederijen. Hun ervaringen tonen hoe zij de doelen van De Smederijen beleven en in welke mate de initiatieven daadwerkelijk bijdragen aan de doelen van het wijkgericht werken. Vervolgens is het perspectief van de partners (corporaties, bewoners, gemeente, politie, SWW) beschreven. Hoe kijken zij naar de resultaten van De Smederijen en de Sociale teams in relatie tot de doelen van het wijkgericht werken?

38

Bevindingen enquête en interviews onder initiatiefnemers Ontstaan van bewonersinitiatieven Om de resultaten van De Smederijen en de Sociale Wijkteams onder initiatiefnemers inzichtelijk te maken, is het allereerst belangrijk om te begrijpen hoe initiatieven onder inwoners ontstaan. De initiatieven in Hoogeveen ontstaan vooral vanuit lokale netwerken en informele ontmoetingen, gedragen door een kleine groep actieve kartrekkers die samenwerking zoeken met hun gemeenschap. Het buurtverenigingen, wijk- en dorpshuizen spelen daarbij een cruciale rol. Ze fungeren vaak als centrale plekken waar ideeën spontaan ontstaan. Tijdens gesprekken of gezamenlijke activiteiten worden plannen bedacht, zoals sporttoernooien, buurtfeesten of gezamenlijke groenprojecten. Meerdere initiatieven komen voort uit al bestaande verbanden, zoals Plaatselijk Belang, buurtverenigingen, kerkgemeenschappen of bestaande evenementen zoals de jaarlijkse Kinderspeelweek. Deze structuren bieden een basis van betrokken bewoners, praktische ervaring en een netwerk om aanvragen te organiseren. Actieve en vaak ervaren inwoners zijn de drijvende kracht.

Sommigen hebben een lange geschiedenis van bestuursfuncties of betrokkenheid bij commissies en hebben al vaker initiatieven ingediend, anderen stappen naar voren omdat zij een probleem of kans in hun directe omgeving signaleren (zoals verwaarloosde fruitbomen of een braakliggend stuk grond). Dat een groot deel van de initiatieven ontstaan binnen bestaande netwerken en al enige relatie kennen met De Smederijen blijkt ook uit grafiek 1. Onderstaande grafiek toont het grote aandeel initiatiefnemers (75%) dat al eens eerder een voorstel bij De Smederijen heeft ingediend. Een kwart van de initiatiefnemers doet dit voor het eerst en is dus nieuwkomer. Het doel van De Smederijen om de saamhorigheid onder inwoners te versterken en inwoners samen te laten komen, komt in de praktijk zeker tot uiting, maar het relatief kleine aantal nieuwkomers roept de vraag op in hoeverre inwoners worden bereikt die nog geen deel uit maken van een georganiseerde groep bewoners. Grafiek 1: aandeel initiatiefnemers dat eerder een voorstel heeft ingediend 1

Heeft u eerder voorstellen ingediend?

75%

Ja

25%

Nee

0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Doelen van bewonersinitiatieven De doelen die inwoners hebben met hun initiatieven zijn veelzijdig, maar hebben vrijwel altijd te maken met het versterken van de leefbaarheid en onderlinge verbondenheid. Waar de één inzet op vergroening of erfgoed, richt de ander zich op laagdrempelige ontmoetingsmomenten zoals een bingo of speelweek. Opvallend is dat bijna elk initiatief een combinatie maakt van praktische verbetering van de straat of wijk en sociaal-maatschappelijke waarde. Gezelligheid en samenzijn, maar ook het verbeteren van de buurt, zijn veelgenoemde termen. De initiatieven zijn

Grafieken 1 t/m 8 zijn gebaseerd op gegevens uit een enquête die tijdens de onderzoeksperiode is uitgevoerd onder aanvragers bij De Smederijen. Zie onderzoeksverantwoording voor nader toelichting.

1

39

daarmee duidelijk in lijn met de doelen van De Smederijen, namelijk het versterken van de leefbaarheid van en saamhorigheid in wijken en dorpen. De doelen van de bewonersinitiatieven zijn divers, maar overlappen sterk. Ze kunnen worden samengevat in een aantal hoofdthema’s: 1. Verbinding en sociale cohesie: Vrijwel alle initiatiefnemers benadrukken het belang van samenkomen. Of het nu gaat om een wekelijkse bingo voor ouderen, een dorpsfeest, een busreis of een natuurdag: het sociale aspect staat centraal. Activiteiten zijn bedoeld om mensen elkaar te laten ontmoeten maar ook om eenzaamheid tegen te gaan en nieuwe inwoners bij de gemeenschap te betrekken. 2. Toegankelijkheid en inclusiviteit: Meerdere initiatieven hebben als expliciet doel dat activiteiten voor álle inwoners toegankelijk blijven, ongeacht leeftijd of achtergrond. De Kinderspeelweek is hier een duidelijk voorbeeld van: het evenement moet voor ieder kind bereikbaar blijven, ongeacht hun financiële situatie. 3. Duurzaamheid en vergroening: Voorbeelden zijn het opzetten van een buurttuin in een kerktuin, het onderhouden van fruitbomen door een snoeigroep, of het vergroenen van straten en schoolpleinen. Vaak worden fysieke verbeteringen gekoppeld aan sociale activiteiten: samen werken in het groen versterkt volgens initiatiefnemers de onderlinge band. 4.

Cultureel erfgoed en identiteit: Sommige initiatieven richten zich op het versterken van de lokale identiteit, bijvoorbeeld door een wandelroute met verhalen en informatieborden te ontwikkelen, of door een dorpsvlag en historische fotocollecties te realiseren rond een jubileum. Deze projecten vergroten de trots op de wijk of het dorp en maken de geschiedenis zichtbaar voor jong en oud. 5. Praktische en functionele voorzieningen: Naast de meer inhoudelijke doelen zijn er veel aanvragen die draaien om praktische benodigdheden: stroomkabels, statafels, volleybalnetten of sportkleding. Zulke voorzieningen maken het mogelijk om dorps-, wijk-, en buurtactiviteiten te organiseren en zijn daarmee indirect ook een middel om sociale cohesie te versterken. Grafiek 2 toont het grote aandeel initiatieven dat volgens inwoners bijdraagt aan het versterken van de woon- en leefkwaliteit in de dorpen (68%). Opvallend is het relatief lage percentage inwoners dat aangeeft dat het initiatief bijdraagt aan het versterken van zeggenschap en verantwoordelijkheid van bewoners. Uit verdiepende gesprekken blijkt namelijk dat veel initiatiefnemers een sterke verantwoordelijkheid voelen om wat terug te doen voor hun straat, wijk, dorp of organisatie waar zij bij betrokken zijn. Initiatiefnemers ervaren dus wel een sterke verantwoordelijkheid, maar zien dit niet als belangrijk doel van het initiatief.

Andere doelen die initiatiefnemers benoemen onder ‘anders, namelijk’ hebben te maken met saamhorigheid, gezelligheid, verbinding en verbroedering. Grafiek 2: Doelen van de initiatieven

Waar draagt uw initiatief of voorstel volgens u aan bij? Versterken van de woon- en leefkwaliteit in wijken en dorpen

68%

Versterken van de zeggenschap en verantwoordelijkheid van bewoners

13%

Anders, namelijk:

47% 0%

40

20%

40%

60%

80%

100%

Samenwerking Dat de Korte Klap-initiatieven niet alleen iets zijn van de inwoners van Hoogeveen, blijkt uit de samenwerkingen die hieruit ontstaan. Samenwerking is voor veel initiatiefnemers een vanzelfsprekend en positief ervaren onderdeel van het initiatief. Een groot deel van de initiatiefnemers zoekt actief de verbinding met andere bewonersgroepen, verenigingen, scholen, zorginstellingen of bedrijven. Vaak gebeurt dit via bestaande netwerken en persoonlijke contacten, waardoor samenwerking laagdrempelig tot stand komt. Het gaat daarbij om uiteenlopende vormen: van structurele overleggen met welzijnsorganisaties en seniorenplatforms tot incidentele samenwerkingen, zoals bij een fietstocht of kerstmarkt. Ook organisaties als Marketing Drenthe, Landschapsbeheer en lokale bedrijven worden betrokken, bijvoorbeeld voor kennis, promotie of sponsoring. Initiatiefnemers beschouwen de samenwerking vaak als soepel en waardevol. In kleine dorpen speelt de schaal daarbij een belangrijke rol: iedereen kent elkaar, de lijnen zijn kort en er is vaak een groot onderling vertrouwen. Dit zorgt ervoor dat de uitvoering van initiatieven efficiënt verloopt en dat men elkaar weet te vinden zodra er iets georganiseerd moet worden.

In grotere of meer formele samenwerkingsverbanden dragen organisaties met hun middelen en expertise bij aan het succes, wat de initiatieven meer zichtbaarheid en draagvlak geeft. Grafiek 3 toont het aandeel initiatiefnemers dat de samenwerking heeft opgezocht met andere instanties of organisaties. Initiatiefnemers (respondenten) konden hierbij een of meerdere keuzes maken. 6 op de 10 initiatiefnemers heeft samengewerkt met andere instanties of organisaties – zoals SWW, de gemeente of woningcorporatie. Onder ‘anders, namelijk’ worden verschillende organisaties genoemd zoals de brandweer, het kindercentrum, scholen en zorgcentra. Er kan dus zeker gesteld worden dat er een groot en divers netwerk aan organisaties betrokken is bij de initiatieven, maar er is nog steeds een groot aandeel initiatiefnemers (40%) dat geen samenwerking opzoekt. Grafiek 3: Samenwerking met andere instanties of organisaties Heeft u in uw initiatief samengewerkt met andere instanties of organisaties? Stichting Welzijnswerk Hoogeveen

26%

Gemeente

23%

Woningcorporatie

6%

Politie

0%

Anders, namelijk:

36%

Ik heb niet samengewerkt met andere instanties

40% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

Olievlekwerking initiatieven Een groot deel van de aanvragen ontstaat bij reeds georganiseerde verbanden en bij inwoners die al eerder initiatieven hebben ingediend. Dit roept de vraag op in hoeverre De Smederijen het ontstaan van nieuwe initiatieven en stimuleert en in hoeverre ook “nieuwe” inwoners betrokken raken en met elkaar in contact komen? De mate waarin initiatieven zich verspreiden en leiden tot nieuwe activiteiten of betrokkenheid van andere bewoners verschilt sterk. Soms is duidelijk te zien dat een idee anderen inspireert om ook iets op te pakken.

41

Voorbeelden daarvan zijn nieuwe werkgroepen die ontstaan vanuit een eerder project, of bewoners die op eigen initiatief vervolgactiviteiten starten. Ook informele spin-offeffecten komen regelmatig voor: inwoners raken in gesprek tijdens activiteiten en worden zich meer bewust van de mogelijkheden die er zijn via De Smederijen. Dit zorgt soms voor nieuwe samenwerkingen of aanvullende initiatieven. Toch is er niet altijd sprake van een structurele olievlekwerking. In verschillende gevallen blijft de betrokkenheid beperkt tot een vaste groep inwoners, vaak mensen die al actief zijn binnen verenigingen of buurtgroepen. Ook het aantrekken van nieuwe vrijwilligers blijkt lastig. Daar komt bij dat sommige initiatieven vooral gericht zijn op het behoud van bestaande tradities of voorzieningen, waardoor de impact vooral ligt in het versterken van wat er al is, eerder dan in het genereren van iets nieuws. Daarnaast speelt de bekendheid van De Smederijen een rol: niet iedereen weet dat ook kleine projecten in aanmerking komen voor steun. Waar dit actief wordt gedeeld, bijvoorbeeld via flyers, het dorpskrantje of sociale media, ontstaat meer kans dat anderen geïnspireerd raken. Waar deze informatie ontbreekt, blijft het vaak bij een eenmalig of kleinschalig initiatief. Sommige initiatieven laten dus wel degelijk een olievlekwerking zien, maar dit is zeker niet vanzelfsprekend.

Waar bestaande netwerken en actieve aanjagers aanwezig zijn, kunnen projecten uitgroeien tot nieuwe samenwerkingen en vervolgactiviteiten. In andere gevallen blijft de impact meer beperkt tot het behouden van sociale cohesie en het versterken van bestaande structuren. Dat een groot deel van de initiatieven voort komt uit bestaande netwerken en initiatieven kunnen leiden tot andere initiatieven blijkt uit grafiek 4. Het grootste deel van de initiatiefnemers geeft middels ‘anders, namelijk’ aan De Smederijen al te kennen of iemand te kennen die contact heeft met De Smederijen. Grafiek 4: Manier van in contact komen met De Smederijen Hoe bent u in contact gekomen met het Smederijenteam? Via andere buurtbewoners

19%

Gevonden via internet

17%

Contact met een instantie (zoals de…

9%

Anders, namelijk:

55% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

Daarnaast heeft een kleine meerderheid (53%) van de initiatiefnemers hulp gekregen bij het opstellen en/of indienen van het voorstel. Van de inwoners die hier hulp bij hebben gekregen, raadpleegt de helft andere inwoners en de andere helft De Smederijen. Dit bevestigt het beeld dat veel inwoners andere inwoners kennen die ervaring hebben met De Smederijen. Nagenoeg alle (98%) initiatiefnemers wisten waar zij het voorstel konden indienen (grafiek 7).

42

Grafiek 5: Hulp bij het opstellen/indienen van het voorstel Heeft u hulp gekregen bij het opstellen en/of indienen van het voorstel?

53%

Ja

47%

Nee

0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Grafiek 6: Personen of instanties voor hulp bij het opstellen en/of indienen van het voorstel Van wie heb je hulp gekregen bij het voorstel?

51%

0%

10%

20%

49%

30%

40%

50%

60%

70%

Andere buurtbewoners Smederijen

80%

90%

100%

Grafiek 7: Kennis over waar het voorstel in te dienen

Wist u waar u uw voorstel kon indienen?

98%

2%

Ja Nee

0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Rol van initiatiefnemers Wat in alle gevallen duidelijk wordt, is dat initiatiefnemers zichzelf zien als sleutelfiguren die vanuit persoonlijke betrokkenheid verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. De manier waarop initiatiefnemers hun rol omschrijven, laat een duidelijk beeld zien van sterk persoonlijk eigenaarschap en een grote mate van betrokkenheid. Velen beschouwen zichzelf als verbinder of aanjager: iemand die anderen probeert mee te nemen, te inspireren of te faciliteren. Daarbij wordt vaak benadrukt dat het niet alleen om praktische verbeteringen gaat, maar juist ook om het creëren van sociale samenhang en ontmoeting. Een aantal initiatiefnemers benadrukt hun verantwoordelijkheid als vertegenwoordiger van een vereniging of dorpsbelang. Zij zien het als hun taak om activiteiten draaiende te houden, bewoners te vertegenwoordigen of te zorgen dat er continuïteit blijft in activiteiten. Anderen spreken meer vanuit hun persoonlijke motivatie: het plezier in het opzetten van iets nieuws, de voldoening wanneer anderen zichtbaar genieten, of de wens om blijvende waarde te creëren voor hun omgeving. Tegelijkertijd klinkt er ook realisme door: nieuwe vrijwilligers werven is moeilijk, het vasthouden van enthousiasme vraagt doorlopende energie en soms neemt de inzet na een hoogtepunt weer af.

Desondanks blijven veel initiatiefnemers zich actief inzetten, vaak omdat ze zichzelf zien als degene die het voortouw moet nemen. Sommigen hopen dat hun inzet een

43

voorbeeldfunctie vervult en dat anderen op termijn het stokje zullen overnemen. Deze sleutelfiguren in de wijk spelen een belangrijke rol in de verwezenlijking van het doel van De Smederijen om zeggenschap en verantwoordelijkheid onder inwoners te vergroten. Inwoners die deze verantwoordelijkheid voel en nemen, zijn in veel gevallen een voorbeeld voor andere inwoners en kunnen een sneeuwbaleffect tot gevolg hebben. Rol van De Smederijen De Smederijenteams als doel het versterken van de leefbaarheid en saamhorigheid in wijken en dorpen. Daarnaast streven ze ernaar goed zichtbaar en toegankelijk te zijn voor bewoners. Zij zien het betrekken van inwoners en het serieus nemen van hun ideeën als een kernpunt. “Het gaat erom wat zij belangrijk vinden voor hun wijk of dorp, en dat zij hun stem erover geven.” Bewoners zien De Smederijen in de eerste plaats als de financiële motor achter lokale initiatieven. Zonder hun steun zouden veel plannen niet of slechts in sterk beperkte vorm hebben plaatsgevonden. De meeste initiatiefnemers benadrukken dat zij hun initiatief hebben ingediend bij De Smederijen vanwege de financiële ondersteuning. Hoewel er vaak gekeken wordt naar wat men zelf kan bijdragen of welke andere middelen beschikbaar zijn, blijken de eigen mogelijkheden in de meeste gevallen ontoereikend. De subsidie is in de meeste gevallen cruciaal voor de uitvoering van de initiatieven.

Voor sommige projecten, zoals de Kinderspeelweek of de wekelijkse bingo voor ouderen, zou het zonder de bijdrage simpelweg niet mogelijk zijn geweest om het programma voort te zetten. In andere gevallen zou het initiatief wellicht in afgeslankte vorm zijn doorgegaan of had men geprobeerd andere fondsen aan te boren, maar dat zou veel extra tijd en moeite hebben gekost. Door de bijdrage van De Smederijen wordt het niet alleen haalbaar om een initiatief uit te voeren, maar kan het vaak ook groter of professioneler worden opgezet. Naast de praktische haalbaarheid speelt de subsidie ook een belangrijke rol in de motivatie van vrijwilligers en het draagvlak in de gemeenschap. Wanneer duidelijk is dat er financiële steun is, sluiten meer bewoners zich aan en ontstaat er meer enthousiasme om samen iets op te zetten. De subsidie fungeert daarmee niet alleen als middel om kosten te dekken, maar ook als katalysator voor sociale verbinding en eigenaarschap. Ondanks dat initiatiefnemers vooral een financiële rol zien voor De Smederijen, zien inwoners wel mogelijkheden om de initiatieven ook zonder financiële hulp van de gemeente doorgang te laten vinden. Als de gemeente geen financiering meer heeft voor inwonersinitiatieven zal een deel proberen de initiatieven door te laten gaan middels sponsoring, crowd funding en samenwerking met buurtbewoners.

Een kwart (25%) van de initiatiefnemers geeft aan dat de activiteit niet door zou kunnen gaan zonder financiële hulp van de gemeente.

44

Grafiek 8: Doorgaan initiatieven zonder financiële hulp van de gemeente Hoe zorgt u ervoor dat uw initiatief ook zonder financiële hulp van de gemeente doorgaat? Zonder financiële hulp van de gemeente gaat de activiteit niet door

25%

Sponsoring

21%

Financiering regelen met buurtbewoners / crowdfunding

19%

Zelf financieren

11%

Anders, namelijk:

25% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

De manier waarop initiatiefnemers zich gewaardeerd voelen door De Smederijen, verschilt aanzienlijk. Sommige initiatiefnemers ervaren de contacten met De Smederijen als warm en betrokken. Tijdens gesprekken werd hun idee met enthousiasme ontvangen en serieus genomen, wat hen het gevoel gaf dat hun bijdrage waardevol was voor de gemeenschap. In enkele gevallen kwam zelfs iemand van De Smederijen persoonlijk langs bij een activiteit, wat als een belangrijk teken van erkenning werd gezien. Ook het feit dat een aanvraag wordt toegekend, wordt vaak zelf al opgevat als een vorm van waardering. Toch ervaren anderen de relatie juist als afstandelijk. Als de communicatie voornamelijk via e-mail verloopt, ontbreekt soms het gevoel van persoonlijke betrokkenheid. Daarbij is er twijfel of De Smederijen zich ten volle realiseren hoe belangrijk bepaalde initiatieven voor een gemeenschap zijn. De meerwaarde van De Smederijen voorbij financiering De waarde van De Smederijen reikt verder dan hun financiële slagkracht. Hoewel bewoners de mogelijkheid tot financiering als kernfunctie zien, erkennen sommigen ook de bredere betekenis van De Smederijen. Hun netwerk, zichtbaarheid en verbindende rol kunnen het verschil maken in de wijk of het dorp, maar initiatiefnemers benadrukken dat de verbindende rol van De Smederijen versterkt kan worden.

Er ligt volgens initiatiefnemers een mooie kans om deze rol nog verder in te vullen door bewoners en organisaties samen te brengen en initiatieven zichtbaar te maken. Initiatiefnemers vragen om meer overzicht en duidelijkheid in de ondersteuning die De Smederijen bieden. Een toegankelijk loket met informatie over beschikbare fondsen, aanvraagprocedures en praktische begeleiding kan drempels verlagen en meer inwoners in beweging brengen. Ook persoonlijk contact speelt daarbij een belangrijke rol: een vast aanspreekpunt dat meedenkt over praktische vragen én over de langere termijn vergroot de toegankelijkheid. Bewoners zien daarnaast kansen om de rol van De Smederijen te versterken door proactief te verwijzen naar andere fondsen of regelingen. Ook pleiten zij voor meer zichtbaarheid, bijvoorbeeld via centrale plekken zoals de bibliotheek of communicatiemiddelen. Zo kunnen De Smederijen niet alleen als financier optreden, maar vooral als partner die adviseert, verbindt en bijdraagt aan de continuïteit van bewonersinitiatieven.

45

Bevindingen interviews partners (corporaties, bewoners, gemeente, politie, SWW) Inzicht in resultaten Binnen zowel De Smederijen als de Sociale Teams bestaat een beperkt zicht op wat wijkgericht werken concreet oplevert, zowel op de als de lange termijn. Er is bijvoorbeeld weinig bekend over de mate waarin inwoners zich daadwerkelijk gehoord en vertegenwoordigd voelen, of over structurele effecten op thema’s als armoede, gezondheid en participatie. De resultaten die nu zichtbaar worden, komen voornamelijk via signalen, ervaringen en verhalen uit de praktijk. Deze kwalitatieve vormen van terugkoppeling zijn waardevol omdat ze laten zien hoe bewoners initiatieven beleven en welke betekenis deze hebben in hun dagelijks leven. Tegelijkertijd blijft het beeld hierdoor fragmentarisch en sterk afhankelijk van individuele ervaringen en geeft het weinig richting voor sturing. Monitoring en sturing Het gebruik van kwantitatieve gegevens is nog beperkt. Er bestaat geen meetinstrument met een vaste set aan indicatoren waarmee de effecten systematisch en structureel kunnen worden gevolgd. Hierdoor is het lastig om eenduidig aan te tonen welke resultaten zijn bereikt en in welke mate doelen dichterbij komen. Instrumenten zoals de sociale monitor en de plan-do-check-act-cyclus worden genoemd als kansrijke hulpmiddelen.

Zij kunnen meer systematiek en structuur aanbrengen in het meten van resultaten en het verbeteren van de aanpak. In de praktijk zijn deze instrumenten echter nog volop in ontwikkeling en nog niet goed ingebed in de werkwijze van De Smederijen en Sociale Teams. Een voorbeeld hiervan is het inzicht in het aantal aanvragen voor Korte Klap-projecten. Hoewel deze cijfers beschikbaar zijn, is de interpretatie ervan ingewikkeld: een groot aantal aanvragen kan duiden op een hoge betrokkenheid en initiatiefrijkheid van bewoners, maar kan ook een signaal zijn van veel verbeterpunten en onvervulde behoeften in de wijk. Deze dubbelzinnigheid maakt dat resultaten lastig te duiden zijn en dat leren van de praktijk en het bijsturen van beleid slechts beperkt plaatsvindt. Inzicht in lange termijneffecten De langetermijneffecten van wijkgericht werken het verbeteren van de leefomgeving of het versterken van bewonerszeggenschap, zijn nog onvoldoende zichtbaar of meetbaar. Er leeft bovendien twijfel of al deze effecten überhaupt in cijfers zijn te vatten en of het noodzakelijk is om elk resultaat kwantitatief te onderbouwen. Voor veel partners is het minstens zo belangrijk om te weten wat er op dat moment in een wijk speelt en welke betekenis initiatieven voor individuele inwoners hebben.

Ondanks dat de effecten lastig te meten zijn, is er onder partners een brede erkenning dat de ‘korte klap’-projecten van grote waarde zijn. Ze leveren een duidelijke bijdrage aan sociale cohesie, onderlinge steun en betrokkenheid van bewoners. Deze opbrengsten zijn moeilijk in cijfers te vatten, maar komen in de praktijk sterk naar voren in de vorm van nieuwe samenwerkingen, meer gemeenschapszin en een groter gevoel van eigenaarschap. Naar een vollediger beeld Om verder te komen, is het volgens de betrokken partners van belang om kwalitatieve verhalen en signalen uit de praktijk te combineren met betrouwbare kwantitatieve data. Door beide vormen van informatie naast elkaar te gebruiken, kan een meer evenwichtig, compleet en feitelijk beeld ontstaan van de resultaten. Dit maakt het mogelijk om minder afhankelijk te zijn van indrukken en gevoel, en meer te sturen op een onderbouwde beoordeling van effecten. Zo kan wijkgericht werken zich verder ontwikkelen tot een aanpak die niet alleen voelbaar, maar ook aantoonbaar bijdraagt aan een leefbaarder Hoogeveen.

46

5.4

Bevindingen doelmatigheid en doeltreffendheid opzet en structuur 6.

Hoe doelmatig en doeltreffend is de gekozen uitvoeringsopzet en -structuur?

Bevindingen op hoofdlijnen: •

•

• •

• •

•

•

Doelen zijn richtinggevend, maar niet SMART: doelstellingen van wijkgericht werken, De Smederijen en Sociale Teams zijn relevant en ambitieus, maar missen meetbare indicatoren, concrete tijdskaders en specifieke parameters. Korte klap-projecten leveren direct zichtbare resultaten: succes wordt vooral gemeten aan participatie van bewoners en concrete verbeteringen in de wijk; deze projecten dragen bij aan uitvoeringsniveau, maar niet systematisch aan lange termijn-doelen. Tot 2015 zijn lange klap-trajecten uitgevoerd, maar door verminderde capaciteit is dit daarna niet meer toegepast. In 2024/2025 is gestart met WBD-agenda’s om deze aanpak te herintroduceren.. Stuurgroep richt zich op strategische koers en beleidsmatige sturing: formeel verantwoordelijk voor richting en budgetbeslissingen, stimuleert samenwerking, maar mist structurele handvatten voor meten en sturen op doelmatigheid en doeltreffendheid. Gemeente stuurt via middelen, niet via resultaten: beschikbare budgetten worden ingezet, maar er is geen directe koppeling tussen middelen en behaalde effecten of impact. Rol van de raad beperkt: concrete doelstellingen en KPI’s ontbreken, waardoor controlerende rol wordt belemmerd. Raad ervaart beperkte informatievoorziening en ontbreken van periodieke evaluaties.

Behoefte aan verbeterde monitoring en evaluatie: raadsleden geven aan behoefte te hebben aan inzicht in kosten afgezet tegen resultaten, voortgangsrapportages, succesverhalen en bredere impactmetingen om effectiviteit en efficiëntie te beoordelen. Opzet van De Smederijen legt nadruk op bewonersinitiatief, waardoor directe sturing door gemeente en raad beperkt is, maar dit bemoeilijkt tegelijkertijd beoordeling van doelmatigheid en doeltreffendheid.

Onderbouwing Kwaliteit van doelstellingen wijkgericht werken, De Smederijen en Sociale Wijkteams In onderstaande tabel is per doel van het wijkgericht werken, De Smederijen en de Sociale Wijkteams in kaart gebracht in hoeverre het doel en de bijbehorende KPI’s voldoen aan de SMART-criteria (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden). Doelen Wijkgericht werken: Bewoners en hun organisaties directe zeggenschap en verantwoordelijkheid te geven om op die manier de kwaliteit van hun woon- en leefklimaat te behouden en te verbeteren, zowel op het fysieke vlak als op het sociale terrein.

47

SMART Beoordeling Specifiek: Het doel benoemt wie en wat. Het is inhoudelijk duidelijk, maar blijft breed (hoeveel zeggenschap, op welke thema’s, via welke instrumenten?). Meetbaar: Niet meetbaar. Er zijn geen indicatoren of criteria opgenomen om vast te stellen of bewoners daadwerkelijk meer zeggenschap of

Indicatoren Geen indicatoren.

Smederijen: 1. Het bevorderen en onderhouden van de woon- en leefkwaliteit in wijken en dorpen.

2. Het vergroten van de invloed van alle (groepen) bewoners en organisaties op wijk en dorpsniveau, van fase van planvorming tot en met de uitvoering van wijk- en dorpsplannen.

48

verantwoordelijkheid hebben gekregen. Acceptabel: Waarschijnlijk acceptabel, omdat het aansluit bij participatie en leefbaarheid. Realistisch: Ja, mits er middelen en structuren zijn. Tijdsgebonden: Niet tijdsgebonden. Er wordt niet genoemd wanneer bewoners meer zeggenschap hebben of binnen welke termijn de kwaliteit behouden of verbeterd moet zijn. Doel 1: Specifiek: Het doel is breed en algemeen; “woon- en leefkwaliteit” is niet concreet gedefinieerd. Meetbaar: Niet meetbaar zonder indicatoren zoals tevredenheidsonderzoeken, leefbaarheidsindex of concrete verbeterprojecten. Acceptabel: Waarschijnlijk wel. Realistisch: Ja, mits gekoppeld aan realistische middelen en projecten. Tijdsgebonden: Nee, er ontbreekt een termijn of planning. Doel 2: Specifiek: Ja, het doel noemt wie, waar en in welke fases. Meetbaar: Niet meetbaar zonder criteria, bijvoorbeeld: hoeveel bewoners betrokken zijn, hoeveel participatiebijeenkomsten plaatsvinden, of hoeveel plannen daadwerkelijk in co-creatie worden uitgevoerd. Acceptabel: Ja, het doel past bij het stimuleren van participatie. Realistisch: Ja, mits er middelen en methoden beschikbaar zijn om brede participatie te organiseren. Tijdsgebonden: Nee, geen termijn genoemd. Doel 3:

Indicatoren bij doel 1: • Focus op meer aansluiten bij de sociale vraagstukken in een gebied: focus op sociaal. • Het voor komen van grootschalig fysiek en/of sociaal ingrijpen: focus op preventie.

Indicatoren bij doel 2: • Focus op meer benutten van Eigen kracht van bewoners bij korte en lange klap. • Aansluiting zoeken bij specifieke behoefte van gebied: focus op maatwerk.

3. Het verbeteren van de werkwijze en de samenwerking tussen de participerende organisaties via een integrale aanpak en – zo nodig – organisatorische aanpassingen behorende bij een vraag-gerichte manier van werken.

Sociale Teams: Het doel van de Sociale teams is om problemen achter de voordeur sneller op te signaleren en op te pakken zodat gezinnen en kwetsbare inwoners tijdig passende hulp krijgen.

Specifiek: Het doel noemt verbetering van samenwerking en werkwijze, maar is breed. Niet duidelijk welke organisaties of welke verbeteringen worden nagestreefd. Meetbaar: Niet meetbaar zonder indicatoren, zoals evaluaties van samenwerking, tevredenheid van partners of vastgelegde procesverbeteringen. Acceptabel: Ja, dit doel is logisch en aansluitend voor organisaties die samen beleid en projecten uitvoeren. Realistisch: Ja, mits bereidheid tot aanpassing bestaat bij de betrokken organisaties. Tijdsgebonden: Nee, geen termijn of evaluatiemoment aangegeven. Specifiek: Het doel benoemt duidelijk wie, wat en voor wie. Het is vrij concreet, maar de begrippen “sneller” en “passende hulp” blijven vaag. Meetbaar: Niet goed meetbaar. Er ontbreken criteria zoals: binnen hoeveel dagen een melding wordt opgepakt, hoeveel procent van de hulpvragen binnen een bepaalde termijn is opgelost, of welke soorten hulpverlening passend worden geacht. Acceptabel: Ja, het doel is maatschappelijk breed gedragen en sluit aan bij landelijke en lokale ambities rond preventie en vroegsignalering. Realistisch: Ja, mits de Sociale teams voldoende capaciteit, deskundigheid en middelen hebben. Tijdsgebonden: Nee, er staat geen termijn of concrete tijdsdoelstelling.

Geen indicatoren.

Het doel van wijkgericht werken is richtinggevend, maar niet SMART omdat het niet meetbaar en niet tijdsgebonden is. Het geeft wel een duidelijke ambitie (meer zeggenschap en verantwoordelijkheid bij bewoners), maar mist concrete parameters zoals hoeveel bewoners, op welke manier, en binnen welke termijn. Ook de doelen van De

49

Smederijen zijn richtinggevend, maar niet SMART omdat ze geen duidelijke meetbare indicatoren of tijdskaders bevatten. Het doel van de Sociale Teams is relevant, maar niet SMART omdat het niet meetbaar en niet tijdsgebonden is. Doelbereik volgens verantwoording uitvoering Smederijen en Sociale Teams In het jaarverslag van 2022 vallen De Smederijen onder Krachtige wijken en dorpen, een programma dat gaat over het versterken van sociale zelfredzaamheid en lokale netwerkvorming, het beheren van de openbare ruimte inclusief speelvoorzieningen, landschap en begraafplaatsen. Binnen dit programma wordt gerapporteerd op doelstellingen. De Smederijen relateren in dit jaarverslag aan doelstelling 1: Gezamenlijk met inwoners en organisaties versterken van de sociale cohesie door het vergroten van de leefbaarheid, zelfwerkzaamheid en zelfredzaamheid in wijken en dorpen. In het jaarverslag van 2023 vallen De Smederijen onder het programma Aantrekkelijk wonen & woonomgeving. In dit jaarverslag relateert De Smederijen aan doelstelling 3: Gezamenlijk met inwoners en organisaties versterken van de sociale cohesie door het vergroten van de leefbaarheid, zelfwerkzaamheid en zelfredzaamheid in wijken en dorpen. In de gemeentelijke verantwoording in de jaarrekening (vanaf 2022) is het volgende opgenomen over wat is bereikt: Jaar

Benoemd doel

Benoemde resultaten (wat is bereikt)

2022

Doelstelling 1: Gezamenlijk met inwoners en organisaties versterken van de sociale cohesie door het vergroten van de leefbaarheid, zelfwerkzaamheid en zelfredzaamheid in wijken en dorpen.

Wat is bereikt? 1.

2.

3.

Kwetsbare inwoners sneller signaleren en waarborgen dat hulp en ondersteuning vanuit meerdere organisaties op elkaar is afgestemd en dat betrokken organisaties de hulp en ondersteuning bieden die nodig is. Fysieke en sociale vraagstukken worden snel gesignaleerd en we maken afspraken over wie de vraagstukken wanneer en hoe oppakt. Vergroten van de bijdrage aan sociale vitaliteit, cohesie en sociale infrastructuur.

Wat is gedaan? 1.

2.

3.

50

In 2022 is de vorming van de Sociale Teams en De Smederijenteams ingevoerd. In de Sociale Teams wordt de individuele multiproblematiek opgepakt. In De Smederijenteams worden de thema’s van het gebied opgepakt. We volgen trends in de Hoogeveense samenleving, blijven in gesprek en als het nodig is pakken we dit aan. De verbinder van het sociale team en de gebiedsregisseur van het Smederijenteam stemmen wat waar wordt opgepakt en wat in gezamenlijkheid wordt opgepakt. Grotere maatschappelijke opgaven worden in de focusgebieden opgepakt. De Stuurgroep heeft een ambitiedocument gemaakt. Ook het college heeft een grote ambitie op het thema participatie en verbinden met de samenleving. In de focusgebieden waar we langdurige aanpakken uitvoeren zien we een toename op deze aspecten.

4.

In alle gebieden van De Smederijen zijn in 2022 281 ‘korte klap’-projecten uitgevoerd. Gemiddeld doen er 25 idee mee. Dit betekent dat er in 2022 ruim 7000 mensen betrokken waren bij Smederij ideeën en elkaar. Daarnaast zien we dat er in de focusgebieden meer verbinding met elkaar is ontstaan. Waar we al wat langer inzet hebben gedaan zien we ook dat de bewonersbetrokkenheid en cohesie is toegenomen. Ook in het programma ‘Veilig Hoogeveen’ wordt gerapporteerd over De Smederijen. Zo wordt het Smederijen-netwerk in dorpen, buurten en wijken gebruikt om bewoners meer te betrekken bij de aanpak van veiligheidsproblemen in buurten en dorpen. Daarnaast is het veiligheidsbudget van De Smederijen besteed aan burgerinitiatieven zoals Whatsapp Buurtpreventie (borden), AED’s (incl. cursussen) en cameratoezicht.

Wat hebben is gemeten en hoe? 1.

2023

Doelstelling 3: Gezamenlijk met inwoners en organisaties versterken van de sociale cohesie door het vergroten van de leefbaarheid, zelfwerkzaamheid en zelfredzaamheid in wijken en dorpen.

We hebben De Smederijenmonitor, die we in 2020 hebben opgezet, in 2022 geactualiseerd. Deze monitor is waardevol en moet een plaats in de organisatie krijgen.

Wat is bereikt in 2023? 1.

2.

3.

We zien dat er goede resultaten worden geboekt wanneer wij allen tijdig hulp en ondersteuning kunnen inzetten. Dit vraag om een goede samenwerking tussen de SWW en het sociaal domein van de gemeente. Problemen met werkvoorraden maken dat er enige stagnatie is in het daadwerkelijk kunnen op pakken van de problemen. Eind 2023 is hier een aanvullend voorstel voor gemaakt. Fysieke en sociale vraagstukken worden snel gesignaleerd en we maken afspraken over wie de vraagstukken wanneer en hoe oppakt. Vergroten van de bijdrage aan sociale vitaliteit, cohesie en sociale infrastructuur

Wat is gedaan in 2023? 1.

2.

3.

51

De Smederijen sluiten aan op de diverse programmadoelen. Ze voorzien deze van beleidsinformatie door onder andere: (1) inventarisatie intern en extern van ontwikkelingen en trends in Hoogeveense samenleving; (2) analyse, ambitie en acties (basis voor actieplan/wijkagenda). Voor alle focusgebieden is een plan van aanpak opgesteld. Delen ervan zijn/worden uitgevoerd. We hebben een actieplan 'nieuw elan Smederijen' opgesteld met daarin een communicatieparagraaf. Op onderdelen zijn we gestart met de uitvoering. 3. Om de samenhang en vitaliteit in de wijken en dorpen te vergroten, zijn er ongeveer 260 korte klap ideeën gerealiseerd.

4.

5.

In februari 2023 zijn de 'Nadere regels tijdelijk noodfonds energielasten maatschappelijke organisaties Hoogeveen 2023' vastgesteld. De subsidie is bedoeld om maatschappelijke organisaties te helpen die in acute nood komen door verhoogde energielasten, in afwachting van de effecten van een structurele oplossing. Accommodaties niet in eigendom van de gemeente Hoogeveen zijn gewezen op de mogelijkheid om gebruik te maken van de renteloze maatschappelijke energielening vanuit de provincie Drenthe. In april 2023 is besloten om buurthuizen mogelijk te helpen om gebouwen te verduurzamen voor een toekomstbestendige exploitatie qua energielasten. Voor de planvorming 'Breng de wijk-, buurten dorpshuizen op niveau BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen)', wordt externe ondersteuning ingeschakeld. Door capaciteitsproblemen is deze opdracht in 2023 nog niet uitgegaan. Het beoogde proces zal er als volgt uit zien: Eerst zal het uitvoeringsplan verduurzaming wijk-, buurten dorpshuizen, inclusief kostenberekening (niveau BENG) worden afgerond. Vervolgens zal er een nadere afweging volgen op prioritering, kosten en beschikbare interne capaciteit. Daarbij is rekening te houden met het beleid om alle huizen gelijke ondersteuning te bieden. Dit alles in samenspraak met de besturen van de wijk-, buurt- en dorpshuizen.

In de begroting 2023 staat dat er in 2023 een nieuw beheersplan speelvoorzieningen zou worden gemaakt. Door capaciteitsgebrek is dit niet gelukt. Dit schuift door naar 2024.

Wat is gemeten en hoe? 1.

De Smederijen hebben in 2022 een sociale monitor ontwikkeld, die als evaluatie-instrument kan worden ingezet. In samenhang met andere ontwikkelingen op gebied van monitoring en evaluatie zal hier vervolg aan worden gegeven.

Sturing ambtelijke organisatie en het college De sturing vanuit de ambtelijke organisatie wordt gedaan door middel van: 1.

52

De gebiedsregisseur (op uitvoeringsniveau): gebiedsregisseur vervult een centrale en verbindende rol tussen bewoners, maatschappelijke organisaties en de gemeente. De gebiedsregisseur werkt samen met bewoners, partnerorganisaties en instellingen om plannen en activiteiten te ontwikkelen die de leefbaarheid in wijken en dorpen versterken. Hij of zij stelt langetermijnagenda’s op, vertaalt maatschappelijke opgaven naar concrete uitvoeringsplannen en zorgt ervoor dat beleid aansluit bij de behoeften in de samenleving. Ook fungeert de gebiedsregisseur als “oog en oor” in de samenleving: signalen uit de wijk of het dorp worden opgehaald en geagendeerd bij de juiste organisaties. Een belangrijk deel van het werk is het ontwikkelen van toekomstagenda’s en het coördineren van de uitvoering hiervan in samenwerking met betrokkenen. Daarnaast onderhoudt de gebiedsregisseur nauwe contacten met

2.

3.

verschillende partners, zoals politie, woningcorporaties, wijkboa’s, wijkbeheerders en welzijnsorganisaties. Samen stemmen zij de actuele situatie, kortetermijnprojecten en lange termijnagenda’s af. De stuurgroep (op bestuurlijk niveau): De stuurgroep van De Smederijen in Hoogeveen geeft richting aan de koers van de organisatie en zorgt ervoor dat het gedachtegoed en de doelstellingen van De Smederijen worden vertaald naar de praktijk. Zij houdt zich bezig met de beleidsmatige kant van de Smederijen en beslist mee over de inzet van budgetten binnen de Smederijgebieden. In haar werkzaamheden verbindt de stuurgroep inwoners en organisaties, stimuleert samenwerking en neemt waar nodig de regie om ontwikkelingen aan te jagen. Beschikbaar stellen van middelen: Tot slot stuurt de gemeente middels De Smederijen op de uitvoering van De Smederijen door het beschikbaar stellen van middelen en bijdrage van de corporaties.

Ambtenaren geven aan dat doelmatigheid en doeltreffendheid van het wijkgericht werken lastig te meten zijn. Er is wel een jaarboek waarin successen en resultaten worden vastgelegd, zoals deelname aan korte klap-initiatieven en betrokkenheid van nieuwe bewoners. De inhoudelijke sturing op de Smederijenteams wordt daarmee overgelaten aan gebiedsregisseurs en de stuurgroep van de Smederijen. Daarnaast worden door de gemeente middelen beschikbaar gesteld, maar er vindt geen koppeling plaats tussen middelen en resultaten. Daarmee stuurt de ambtelijke organisatie en het college niet op doelmatigheid en doeltreffendheid van de uitvoering van de activiteiten. Sturing vanuit de raad Uit gesprekken met de raad blijkt dat zij tot nu toe een beperkte rol heeft gespeeld in het stellen van kaders rond De Smederijen en wijkgericht werken. De raad ervaart dat er geen heldere discussie is geweest over concrete doelstellingen en indicatoren voor het bevorderen van leefbaarheid, waardoor sturing op effectiviteit moeilijk is. Daarnaast benoemen raadsleden dat de samenhang tussen ‘korte’ en ‘lange klap’ onduidelijk is; het korte klapmechanisme wordt als goed functionerend gezien, terwijl de ‘lange klap’ volgens sommigen vooral bij professionals en het SWW zou moeten liggen.

Ook hecht de raad waarde aan laagdrempelige inwonersparticipatie, waarbij inwoners ondersteund worden zonder verplicht te worden zelf initiatieven te nemen. Tot slot is er behoefte aan meer prioritering van wijken waar de leefbaarheid onder druk staat en een betere verbinding van De Smederijen met gemeentelijke doelen en beleid. De raad ervaart haar controlerende rol als beperkt en passief. De opzet van De Smederijen is gericht op zelfsturing door inwoners, waardoor sturing door de raad of gemeente bewust beperkt is. Tegelijkertijd merkt de raad dat het gebrek aan structurele terugkoppeling en beperkte informatievoorziening – zoals het niet ontvangen van summiere jaarrekeninginformatie – het moeilijk maakt om doelmatigheid en doeltreffendheid te beoordelen. Raadsleden ervaren dat zij met de ontvangen informatie beperkt kunnen sturen. Verder geven zij aan behoefte te hebben aan periodieke evaluaties of jaarverslagen met kernindicatoren, voortgang en succesverhalen om zicht te krijgen op de impact in de wijken. Daarnaast is er behoefte aan meer inzicht in de verhouding tussen kosten voor professionals en effecten in de wijk, en wordt gepleit voor bredere impactmetingen om samenhangend zicht op kosten en effecten te verkrijgen. Enkele raadsleden benadrukken dat de raad zelf actiever informatie kan opvragen, zonder zich in de dagelijkse uitvoering te mengen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16345236/1