CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

memo college inzake concept transitievisie warmte HK

Beeldvormende vergadering 1 april 2021, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: memo college inzake concept transitievisie warmte HK17.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Transitievisie Warmte

Transitievisie Warmte Hollands Kroon maart 2021 eindconcept

Verantwoording Titel Opdrachtgever

Transitievisie Warmte Hollands Kroon Gemeente Hollands Kroon

Status Datum Referentie

eindconcept 24 maart 2021 120788/21-004.795

Auteurs(s)

W.W. Gaastra MSc, A.L. Hootsmans BSc, J.A. van den Houten MSc, C.G.J. Hügel MSc T.M. Postma MSc

Gecontroleerd door Paraaf 2

Koningin Julianaplein 10 2595 AA Den Haag T +31 (0)70 370 07 00 E info@witteveenbos.com

Transitievisie Warmte

Inhoudsopgave Samenvatting Voorwoord

1. Inleiding 1.1 1.2 1.3 ​1.4

We gaan groen verwarmen Samen met betrokkenen Flinke klus met voordelen Opbouw van de visie

2. Stand van zaken 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 ​2.6

blz. 5

blz. 9

blz. 11 11 11 11 12 blz. 17 18 18 23 23 23 24

3. Technische mogelijkheden

blz. 29

Potentiële warmtetechnieken Geschiktheid voor Hollands Kroon

4.1 4.2 4.3

Samenstelling woonvoorraad Kenmerken woningvoorraad Woningcorporaties Gemeentelijk vastgoed Maatschappelijk vastgoed Bedrijventerreinen en utiliteit

3.1 ​3.2

4. De route naar aardgas

29 33

​4.4

Visie op groene warmte Overwegingen bij route naar aardgasvrij Buurttypering op basis van de aanknopingspunten Buurtvolgorde aardgasvrij

5. De uitvoering 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 ​5.9

Huis-voor-huis aanpak Participatie Rolverdeling Communicatie Sociale winst Financiering Relatie met bestaand beleid Koppelkansen Monitoring

bijlage Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV

Participatiemomenten Financiering Uitvoering transitie Buurtindeling

blz. 39 39 40 42 45

blz. 51 51 51 51 52 52 52 53 54 54 blz. 56 56 58 60 62 3

4

Transitievisie Warmte

Samenvatting Stap 1: energie besparen Om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 graden, moet Nederland in 2050 bijna klimaatneutraal zijn. De gemeenten, waterschappen en provincies van Nederland hebben besloten hieraan mee te werken. Dit betekent dat we in de toekomst onze huizen zonder aardgas verwarmen en elektrisch koken. Hollands Kroon stapt daarom over op groene (niet fossiele) energiebronnen. Dus Hollands Kroon doet dat ook. De klimaatverandering wordt wereldwijd aangepakt, want de gevolgen (zoals zware regenbuien, periodes van grote droogte, zeespiegelstijging en extreme hitte) zijn groot.

De opgave is groot: in 2050 kunnen de 21.000 woningen in Hollands Kroon geen aardgas meer gebruiken. We hebben samen met bewoners, woningcorporaties, woningeigenaren, bedrijven, de netbeheerder en anderen deze visie gemaakt. Deze wijst de weg naar groen verwarmen. We vinden het belangrijk dat deze overstap voor iedereen betaalbaar is. En dat er hulp is voor huishoudens of organisaties die de transitie niet zelf kunnen voorfinancieren.

Onze belangrijkste boodschap is: gebruik minder energie. Veel besparingen zijn eenvoudig te bereiken: zet alleen de verwarming aan in ruimten die gebruikt worden en gebruik tochtstrips en ledlampen. Grote besparingen vragen meer investeringen. Zoals isoleren, of zonnepanelen plaatsen. Toch leveren deze maatregelen vaak na een paar jaar al meer op dan de investering.

Stap 2: groene warmtebronnen gebruiken Er zijn verschillende mogelijkheden voor groene warmtebronnen. Niet elke optie is in Hollands Kroon kansrijk.

Warmtenetten – niet kansrijk in Hollands Kroon Uit veel bronnen kan warmte worden gehaald. Bijvoorbeeld uit water, de bodem, lucht of groenafval. Er zijn in Hollands Kroon veel van die bronnen, maar helaas zijn ze hier vaak niet te gebruiken. Dat heeft vooral met de kosten te maken. Er zijn grote investeringen nodig om warmte uit bijvoorbeeld het Amstelmeer of de bodem te winnen. En voor het transport van de warmte naar huizen zijn lange, dure leidingen nodig. Om het betaalbaar te houden, moeten er daarom veel woningen in de buurt van de warmtebron liggen. En dat is in Hollands Kroon met haar vrij kleine dorpen en verspreide bebouwing niet het geval. Bewoners kunnen op diverse plekken wel samen een klein warmtenet aanleggen, bijvoorbeeld voor een blok woningen.

Goede redenen om panden nu al energiezuinig te maken

Woonlastenneutraal

Het is slim om nu al aan de slag te gaan met energiebesparing: Woningen worden comfortabeler; Energie wordt naar verwachting de komende jaren snel duurder. Dus minder verbruiken loont altijd; Veel maatregelen verdienen zich in een paar jaar terug; Er zijn aantrekkelijke subsidies; Woningen worden meer waard; Het helpt om de klimaatverandering tegen te gaan.

Subsidies maken het aantrekkelijker om uw huis energiezuiniger te maken. Ook is het mogelijk om geld te lenen om een huis energiezuiniger te maken. Voor mensen zonder (vast) inkomen is het soms lastig om een lening te krijgen. Het Nationaal Warmtefonds komt daarom met een speciale regeling die het voor iedereen mogelijk maakt om te verduurzamen. Minder energie gebruiken betekent lagere woonlasten. Woningeigenaren kunnen het verschil benutten voor het aflossen van de lening. Dat noemen we woonlastenneutraal. En als de lening is terugbetaald, leveren de investeringen geld op.

5

Samenvatting

Onze aanpak Goed geïsoleerde woningen: zelf energie opwekken Met een warmtepomp kunnen bewoners zelf warmte produceren. De warmtepomp haalt warmte uit de lucht of uit de bodem. De pomp draait op elektriciteit, bijvoorbeeld van uw eigen zonnepanelen. Het systeem verwarmt met lage temperaturen. Daarom is het alleen geschikt voor goed geïsoleerde huizen met bijvoorbeeld vloerverwarming. In het algemeen zijn oude huizen moeilijker te isoleren dan nieuwe huizen, dus is een warmtepomp dan minder geschikt.

Moeilijk te isoleren huizen: wachten op groen gas Er wordt hard gewerkt aan vervangers van aardgas. Zoals biogas, dat uit landbouwafval of mest wordt gemaakt. Het kan wellicht worden gebruikt om lastig te isoleren panden te verwarmen, zoals monumenten en woningen die voor 1950 zijn gebouwd. De beschikbaarheid

en verdeling van duurzaam gas is echter nog onzeker. Tot er meer duidelijkheid is, zullen eigenaren van dergelijke panden in het algemeen aardgas blijven gebruiken.

Tussenstap: hybride warmtepomp Er is een nóg slimmere manier om te verwarmen, namelijk de hybride warmtepomp. Die bestaat uit een warmtepomp en een gasketel. Het systeem gebruikt zo veel mogelijk de warmtepomp en werkt dan aardgasvrij. Maar zet iemand de warme kraan open, dan springt de gasketel aan. Dat gebeurt ook op zeer koude dagen. Hoe beter een pand is geïsoleerd, hoe beter het systeem werkt. Zo verbruiken woningeigenaren met een hybride warmtepomp al snel tientallen procenten minder aardgas. Er is nog steeds elektriciteit nodig voor de werking van de warmtepomp, maar er wordt wel een eerste stap gezet naar ‘aardgasvrij’.

Het Rijk wil dat in 2030 al 1,5 miljoen huizen van het aardgas af zijn. Dat zullen waarschijnlijk vooral huizen zijn die op grote warmtenetten worden aangesloten. In Hollands Kroon zijn (grootschalige) warmtenetten niet kansrijk, maar we willen wel snel minder aardgas gaan gebruiken. Daarom maken we het zo makkelijk mogelijk om energie te besparen: We geven informatie over energiebesparing en hoe gebouweigenaren dat kunnen betalen. Dat doen we onder andere via ons onafhankelijke Energieloket en door aanwezigheid in de kernen; We geven tips die passen bij het soort huis waarin iemand woont. Dat doen we met een ‘jarenaanpak’. We bundelen informatie die past bij woningen van een bepaalde leeftijd; We helpen bewoners die samen (bijvoorbeeld in een energiecoöperatie) aan de slag willen.

Kansen benutten Overstappen op groene warmte is een grote operatie. Daarbij willen we ook op andere terreinen winst boeken: Zorgen dat ook mensen met een smalle beurs lagere energiekosten en meer wooncomfort krijgen; Sociale winst door het opleiden van energiecoaches; Niet alleen woningen verbeteren, maar samen ook werken aan de woonomgeving; Kansen benutten, zoals bestaande woningen die warmte afnemen van een nieuwbouwproject.

6

Transitievisie Warmte

7

8

Transitievisie Warmte

Voorwoord Hollands Kroon staat, net als alle gemeenten in Nederland, aan de vooravond van een ingrijpende opdracht. In de komende dertig jaar moeten alle huishoudens overstappen op groene warmte en dus andere verwarmingsbronnen dan de gasgestookte cv-ketel en de warmwaterboiler gaan gebruiken. En niet meer koken op gas. Voor bedrijven en instellingen is het niet anders. Deze operatie vraagt iets van iedereen in onze gemeente. De reacties hierop zijn wisselend. Verreweg de meeste inwoners zien de noodzaak, omdat ze zorgen hebben over het klimaat. Maar er zijn ook twijfels. Over het tempo van de veranderingen en de vraag, wie de rekening betaalt. Niet iedereen heeft middelen beschikbaar om te investeren. Aan die mensen maak ik duidelijk: wees gerust. Geen enkel gezin of bedrijf mag in de problemen komen door deze energietransitie. Daarnaast raad ik u aan om niet halsoverkop te beginnen. Het verduurzamen van woningen is kostbaar. Daarom is het verstandig te werken aan gezamenlijke oplossingen, die de kosten drukken en nieuwe technieken die breed beschikbaar komen. Op www.duurzaambouwloket.nl vindt u actuele en betrouwbare informatie. Maar hoe dan ook is het verstandig direct te beginnen met energie besparen. Dat kan onder andere met meer isolatie, andere lampen of drangers op deuren. Dat bespaart direct energie en geld. Bovendien helpt het u op weg naar gasvrij wonen.

Veel gezinnen doen het al, omdat nieuwbouwhuizen al enige tijd zonder aardgas-aansluiting worden gebouwd. Zelf energie opwekken kan ook: denk aan zonnepanelen, die steeds beter betaalbaar zijn. De energietransitie wordt stap voor stap doorgevoerd. De volgorde bepalen we met behulp van deskundige adviseurs en betrokken partijen, als bewoners, woningbouwcorporaties en ondernemersorganisaties. Deze visie vertelt u hoe het traject dat leidt tot een volledig aardgasvrij Hollands Kroon gaat verlopen. Het is een grote klus, maar ik ben ervan overtuigd dat we het redden. Vooral omdat duidelijk is dat we geen keuze hebben: we moeten de klimaatverandering stoppen. En dat krijgen we alleen samen voor elkaar. Theo Meskers Wethouder Energietransitie

9

10

Transitievisie Warmte

1. Inleiding 1.1 We gaan groen verwarmen In 2050 moeten onze woningen klimaatneutraal zijn, dus moeten we op een duurzame manier verwarmen en koken. Dit doen we door over te stappen van aardgas op groene energiebronnen. Dit is het resultaat van afspraken tussen bijna alle landen om de klimaatverandering aan te pakken. Want de gevolgen zijn groot: de zeespiegel stijgt (we wonen in Hollands Kroon zes meter onder de zeespiegel). Er zijn vaker zware regenbuien die voor grote overlast zorgen. Maar er zijn ook periodes van grote droogte, die in de landbouw maar ook in de tuin problemen geven. Daarnaast kampen we met hittestress: het wordt zomers vaker warmer dan wenselijk is. Daarom moeten we de uitstoot van CO2 aanpakken en groen gaan verwarmen, koken en douchen. Uiterlijk in 2050 gaat de aardgaskraan dicht. Dat klinkt ver weg, maar we moeten snel aan de slag. Want de klimaatverandering gaat zo hard dat het doel is om de uitstoot in 2030 al bijna te halveren ten opzichte van 1990. De uitdaging is groot: in 2050 moeten in Hollands Kroon 21.000 woningen zijn verduurzaamd. Dat zijn er gemiddeld twee per dag. Hoe we de overstap naar groene warmte willen maken, staat in deze Transitievisie Warmte. Iedere gemeente moet eind 2021 zo’n visie hebben vastgesteld.

1.2 Samen met betrokkenen Bij het overschakelen op groene warmte zijn de gebouweigenaren aan zet. De gemeente kan ze niet dwingen om afscheid te nemen van aardgas. Wel kan de gemeente zo goed mogelijk helpen. Door uit te leggen waarom

Programma duurzaamheid het belangrijk is dat we overschakelen op groene warmte. Te vertellen hoe dat kan, zowel technisch als financieel. Expertise aan te bieden. Goede voorbeelden te delen. Te helpen bij het opbouwen van netwerken. Juist vanwege deze rolverdeling hebben we deze visie samen met betrokkenen zoals bewoners, woningcorporaties, netbeheerders, ondernemers en vastgoedeigenaren gemaakt. En op die manier willen we de visie ook uitvoeren. Met een hoofdrol voor de eigenaren van woningen en andere panden in de 22 kernen en de buurtschappen en buurten. Met allemaal hun eigen dynamiek, ambassadeurs en aanknopingspunten.

Hollands Kroon is in 2050 klimaatneutraal. De energievraag van huishoudens, bedrijven en instellingen moet duurzaam en zoveel mogelijk binnen de regio opgewekt worden. De duurzame energievoorziening moet betrouwbaar en veilig zijn en de transitie zelf haalbaar en betaalbaar. We zijn niet alleen bezig met het overschakelen op groene warmte, maar we doen meer om de klimaatverandering te beperken en de gevolgen te beperken. We hebben daarvoor in 2020 ons Programma Duurzaamheid gemaakt. Daarin gaat het ook over het opwekken van duurzame energie, het tegengaan van de effecten van klimaatverandering, het vergroenen van de leefomgeving en het hergebruik van materialen. Samengevat zijn onze ambities:

1.3 Flinke klus met voordelen Zeker voor oudere woningen en gebouwen is het een grote klus om over te stappen op groene warmte. Technisch, vanwege isoleren en aanpassingen aan het leidingwerk. Maar ook financieel: de aanpassingen zijn kostbaar. Tegelijk zijn er goede redenen om wel aan de slag te gaan. Financieel leveren veel maatregelen na een paar jaar geld op. Ook gaat bij veel huizen het wooncomfort omhoog doordat de maatregelen leiden tot minder tocht en koude plekken in huis. En dan is er natuurlijk ook nog onze gezamenlijke verantwoordelijkheid. We moeten zorgen dat ook volgende generaties nog veilig en prettig in Hollands Kroon kunnen wonen.

11

1. Inleiding

De gemeenteraad heeft uitgesproken dat de energietransitie betaalbaar moet zijn voor iedereen. Dit sluit aan bij de aanpak van het Rijk die ‘woonlastenneutraliteit’ centraal stelt. Dit betekent dat de kosten van duurzame maatregelen betaald kunnen worden uit energiebesparing. Zie in bijlage 2 de kamerbrief van minister Ollongren over financiering.

wat hun kenmerken zijn. Zo weten we wat de warmtebehoefte is. Vervolgens kijken we welke duurzame warmtebronnen beschikbaar zijn om aardgas te vervangen. In de volgende stap leggen we de vraag en het aanbod naast elkaar en geven we gebouweigenaren per type pand aan op welke manier ze aardgasvrij kunnen worden. Zoals eerst stevig isoleren voordat er een duurzame energiebron kan worden gebruikt.

1.4 Opbouw van de visie

Op basis daarvan kijken we wat een slimme aanpak is om de overstap naar groene warmte te maken. De CO2-reductie en de kosten zijn belangrijke aspecten, maar ook andere zaken. Lukt het bijvoorbeeld om tegelijk

Deze visie is opgebouwd in een aantal stappen. In de eerste plaats inventariseren we om welke panden in Hollands Kroon het gaat en

Uitgangspunten Belangrijke uitgangspunten voor de overstap naar groene warmte zijn: CO2-reductie staat voorop, dat is het hogere doel van de warmtetransitie; Zoveel mogelijk inzetten op isolatiemaatregelen om energiegebruik te beperken; Zoveel mogelijk kijken hoe de opgaven voor de warmtetransitie gecombineerd kunnen worden met andere opgaven, zoals circulaire economie, klimaatadaptatie en biodiversiteit; Rekening houden met de wensen van bewoners; Betaalbaarheid voor iedereen. Rijk en gemeenteraad stellen woonlastenneutraliteit als voorwaarde; Stapsgewijs toewerken naar een duurzame warmtevoorziening met oog voor natuurlijke vervangmomenten (vervanging riolering, vervanging van daken, enzovoort); Een duidelijke aanpak, waarbij ruimte blijft om aan te passen als de kosten, inzichten of risico’s veranderen. Afbeelding 1.1 Het proces samengevat

12

Transitievisie Warmte

de woonomgeving prettiger en duurzamer te maken? Is het mogelijk om te zorgen dat bij mensen met een krappe beurs de energierekening flink omlaag gaat? En is het handig om werkzaamheden te combineren met het vervangen van leidingen?

‘’Ik vind groene warmte belangrijk: we moeten met zijn allen voorkomen dat onze planeet te veel opwarmt door menselijk toedoen. Daarom heb ik liever dat we vandaag al overschakelen dan morgen’’ [reactie van inwoner]

Wat valt er onder de Transitievisie Warmte? De Transitievisie Warmte gaat over de overstap naar groene warmte voor bestaande woningen en de meeste andere panden. De volgende terreinen vallen er niet onder: Voor nieuwbouw geldt het BENG-principe (Bijna Energieneutraal Bouwen). Nieuwe woningen worden altijd energiezuinig gebouwd en hebben geen aansluiting op het aardgasnet. De grootschalige opwek van groene elektriciteit met windmolens en zonnepanelen wordt geregeld in de Regionale Energie Strategieën. Binnen dat proces werkt Hollands Kroon samen met de regio aan een verantwoorde invulling van de vraag naar elektriciteit. De verduurzaming van landbouw en veeteelt, industrie, verkeer en vervoer kennen binnen de gemeente en sectoren aparte programma’s. In de Transitievisie Warmte kijken we wel globaal of er mogelijkheden zijn om restwarmte van bedrijven te benutten voor het verwarmen van gebouwen.

13

14

Transitievisie Warmte

Coen en Martin over collectief verduurzamen Coen en Martin hebben elkaar ontmoet bij de (digitale) bewonersavonden over de Transitievisie. Het klikte meteen: ze zijn gemotiveerd en willen aan de slag met het verduurzamen van hun woning. Tegelijk willen ze andere bewoners uitnodigen om samen op te trekken. Coen en Martin zijn bezig met het verduurzamen van hun huizen. Hun doel is hetzelfde, maar ze doen het op een andere manier.

“Iedereen is welkom zich aan te melden voor het collectief, we zoeken mensen van verschillende achtergronden en zeker ook vrouwen!”. Neem vooral contact met ons op, via bewonershollandskroon@hotmail.com (of met de gemeente).

Martin woont in Hippolytushoef in een oude stolpboerderij en focust zich op vooral op het beter isoleren van zijn dak. “Tijdens gesprekken met een aannemer over dakisolatie hoorde ik voor het eerst over het verbreden van de dakgoten, als je een dik isolatiepakket neemt. Dat is het soort ervaringen waar je niet snel over nadenkt en die belangrijk zijn om te delen met anderen. Pas als ons huis beter is geïsoleerd komen andere mogelijkheden als een warmtepomp in beeld’’. Coen woont in een rijtjeshuis in Wieringerwerf. Bij de laatste verbouwing heeft hij dubbelglas geplaatst en is nu is hij aan het inventariseren wat de mogelijkheden zijn voor vloer- en muurisolatie. Hij wil graag de mogelijkheden verkennen om zijn huis geschikt maken om een warmtepomp te installeren. “Ik neem de verduurzaming van mijn huis mee tijdens onderhoud of aanpassingen die ik toch al van plan was om te doen. Op deze manier vallen de kosten van de verduurzaming lager uit’’. Martin: “Het is lastig om draagvlak te vinden voor de energietransitie. Energie is heel abstract, het is geen auto die je koopt. Mensen zijn bang voor grote investeringen terwijl je ook klein kunt beginnen met geen spijt maatregelen zoals een slimme thermostaat en tochtstrips. Het is duidelijk dat je hier ook echt energie en geld mee bespaart.

In de komende jaren willen Martin en Coen samen met andere bewoners verschillende thema’s van de energietransitie verkennen, waarbij ieder eigen vragen en ervaringen kan delen. “Bewoners kunnen niet alles zelf organiseren, waar nodig zal de gemeente ondersteuning kunnen bieden. Niet wij/zij, maar juist samen op een gelijkwaardige wijze optrekken. Een goed relatie is hiervoor de basis”.

15

16

Transitievisie Warmte

2. Stand van zaken Dit hoofdstuk beschrijft de kenmerken van de gebouwde omgeving in Hollands Kroon en brengt in kaart welke kansen er liggen voor verduurzaming. Eerst vormen we een beeld van de huidige situatie: de koop- en huurwoningen, het woningbezit van corporaties, het maatschappelijk vastgoed, de bedrijfsgebouwen en bedrijventerreinen

Hollands Kroon verkennen Wilt u weten welke leeftijden en energielabels de woningen in Hollands Kroon hebben? Bekijk de digitale kaart van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG): https://dego.vng.nl/

Gebouwde omgeving in Hollands Kroon 20.882 3.200+

woningen andere gebouwen

Aardgasgebruik in de gemeente Hollands Kroon 37,4 miljoen m3 28,1 miljoen m3 269 miljoen m3

gehele gebouwde omgeving (2017) woningen (2017) totale gebruik bedrijven en instellingen (2017) (net zoveel als ongeveer 200.000 gezinnen)

11% aandeel warmtevraag gebouwde omgeving van totale energievraag gemeente Hollands Kroon. Dat is laag vergeleken bij de het landelijk gemiddelde van 22%. Dit wordt deels verklaard door de grote landbouwsector in de gemeente

17

2. Stand van zaken

2.1 Samenstelling woonvoorraad

2.2 Kenmerken woningvoorraad

In de gemeente Hollands Kroon bevinden zich 20.882 woningen. Van de woningen is 70,1% een koopwoning, de andere 29,9% is in handen van particuliere verhuurders en de woningcorporaties Beter Wonen, De Wooncompagnie en Woonstichting Anna Paulowna (zie afbeelding 2.1). De huurwoningen zijn voornamelijk te vinden in Anna Paulowna, Hippolytushoef en Wieringerwerf.

Het bouwjaar en het energielabel zeggen iets over de mate van isolatie en het energiegebruik van de woning. Oudere woningenwoningen (van voor 1965) zijn vaak lastiger te isoleren en minder energiezuinig. Nieuwbouwwoningen (van na 1992) zijn veel beter geïsoleerd en daarom ook geschikter voor warmtetechnieken zoals warmtepompen. Vooral in Den Oever, Lutjewinkel en Kreileroord en het buitengebied van Slootdorp, Kreileroord en Middenmeer staan relatief veel matig of slecht geïsoleerde oudere woningen (zie tabel 2.1). In afbeelding 2.2 is een overzicht van de energielabels per kern te zien.

‘’Zolang het om werkelijk groene warmte gaat en er geen geluidsoverlast of gebrom ontstaat, vind ik de transitie een goed idee. Maar ik wil niet over tien jaar weer iets nieuws moeten aanschaffen. En zorg dat ook de gebruikte materialen en installaties duurzaam zijn’’ [reactie van inwoner]

Periode

Koopwoningen

Kenmerken

< 1700

19 (0,1%)

Maatwerk

1700-1950

3.779 (22%)

Vooroorlogse woningen plus woningvoorraad 1940-1950

1950-1970

2.880 (17%)

Niet-geïsoleerde woningen Houten constructievloeren Natuurlijke ventilatie Enkelglas Hoge (droge) kruipruimtes

1970-1990

5.017 (29%)

Betonbouw; Licht geïsoleerd; Hoge kruipruimtes Vochtige huizen Dubbele beglazing Intrede mechanische ventilatie PUR onder dakpannen

1990-2010

4.078 (24%)

Grote stap bouwbesluit Tekort aan vloerisolatie door intrede vloerverwarming 2003 intrede HR-glas Intrede balansventilatie Lage vochtigheidsgehaltes

2010-2020

1.330 (8%)

Zeer goede isolatie en luchtkwaliteit standaarden Vaak enkel nog het ontkoppelen van het gas

> 2021

0 (0%)

BENG-woningen gebouwd zonder gas aansluiting Tabel 2.1 Kenmerken koopwoningen Hollands Kroon (bron: Duurzaam Bouwloket)

30% 70% Koopwoning Afbeelding 2.1 Eigendomsverhoudingen woningen Hollands Kroon 18

Transitievisie Warmte

Afbeelding 2.2 Overzichtskaarten energielabels woningen per kern in Hollands Kroon

Den Oever, Hippolytushoef

Winkel, Lutjewinkel, Nieuwe Niedorp

Wieringerwerf, Middenmeer, Kreileroord

Anna Paulowna, Breezand, Wieringerwaard

19

2. Stand van zaken

We kijken naar het bouwjaar van woningen omdat dit een goed beeld geeft van de mogelijkheden en uitdagingen rond de verduurzaming van de woning. In de afbeelding 2.5 is te zien wat er nodig is om een gemiddelde woning van een bepaald bouwjaar te isoleren en te verduurzamen. Afbeelding 2.4 laat zien hoe de gebouwen in de gemeente over de bouwjaren verdeeld zijn. De kleur geeft aan hoe goed de woningen bij de oplevering waren geïsoleerd. En daarmee ook of ze standaard geschikt zijn voor lage temperatuurverwarming. Dat is handig om te weten, want warmtepompen werken daarmee.

Bij oudere woningen zijn meestal meer aanpassingen nodig zoals isolatie en vervanging van radiatoren voor ze geschikt zijn voor een warmtepomp. Woningeigenaren doen er daarom goed aan om zich goed te laten informeren of de aanschaf van een warmtepomp verstandig is. Mogelijk komt er in de toekomst (na 2030) een vervanger voor aardgas beschikbaar, zoals biogas. Nu al beginnen met isoleren is altijd een goede keuze.

‘’Starters kopen noodgedwongen vaak woningen die slecht zijn geïsoleerd. Zij zullen hier niet voor zeer lange tijd blijven wonen en daarom ligt er wellicht bij de gemeente een rol voor de verduurzaming van deze doorloopwoningen’’ [reactie van een medewerker van de gemeente]

4500 4000 3500 Aantal woningen

De verdeling van woningtypen is in afbeelding 2.3 te zien. Het valt op dat er in Hollands Kroon nauwelijks hoogbouw is. Er is een groot aandeel rijtjeswoningen uit de jaren zestig tot negentig. Plus een grote groep oude, vrijstaande woningen (in de grafiek aangegeven met een gele pijl). Deze oude, vrijstaande woningen zijn te vinden in de (oude) kernen en in het buitengebied.

vrijstaand

3000 2500 2000 1500

2 onder 1 kap rijwoning hoek rijwoning tussen meergezins: laag en midden meergezins: hoog

1000 500 0

< 19451 51945 - 1965 1965 - 1975 1975 - 1992 1992 - 2008

> 2008

Jaartal Afbeelding 2.3 Woningen in Hollands Kroon onderverdeeld in woningtypen, bouwjaarcategorie 20

Aantal woningen

Transitievisie Warmte

Jaartal Afbeelding 2.4 Aantal woningen per bouwperiode in Hollands Kroon

21

2. Stand van zaken

1960

1992

Afbeelding 2.5 Implicaties van verduurzaming woningen per bouwjaarcategorie (bron: Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (2018). Warm aanbevolen: CO2­arme warmte in de gebouwde omgeving. Den Haag))

22

Transitievisie Warmte

2.3 Woningcorporaties

2.5 Maatschappelijk vastgoed

De woningcorporaties hebben de afgelopen jaren veel maatregelen getroffen om hun woningvoorraad te verduurzamen. In het Convenant Energiebesparing Huursector uit 2012 (onderdeel van het Energieakkoord) is afgesproken dat corporatiewoningen in 2021 gemiddeld energielabel B hebben. Bijna alle woningcorporaties hebben de woningvoorraad al op label B gebracht: De Wooncompagnie is dit al gelukt, Beter Wonen en Woningstichting Anna Paulowna zijn er bijna en realiseren dit de komende jaren. Er wordt vooral ingezet op maatregelen “waar je geen spijt van krijgt”, zoals isolatie en ventilatie. De woningcorporaties hebben flinke investeringen gedaan om woningen op label B te krijgen. Voor verdere verduurzaming is op korte termijn slechts beperkte financiële ruimte. De Transitievisie Warmte is een belangrijke basis voor de uitwerking van verdere plannen.

De gemeente heeft de afgelopen jaren maatschappelijk vastgoed zoals dorpshuizen en voormalige gemeentehuizen voor een symbolisch bedrag overgedragen aan organisaties. Dat geldt ook voor veel sportaccommodaties. Veel van deze maatschappelijke organisaties willen de energierekening omlaag brengen. De gemeente denkt mee, zoekt mogelijkheden voor het ondersteunen van onderzoek en het aanvragen van subsidies. Sportaccommodaties hebben de mogelijkheid om (financieel mogelijk gemaakt door NOC-NSF) een energiescan te laten uitvoeren om te kijken welke maatregelen zij kunnen treffen. De Provincie heeft een soortgelijke regeling voor dorpshuizen en de accommodaties van culturele instellingen.

2.4 Gemeentelijk vastgoed Het Rijk verplicht gemeenten om hun gebouwen te verduurzamen. Als gemeente hebben we een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzaamheid, dit staat ook in het programma Duurzaamheid. We laten een Energy Efficiency Audit uitvoeren. Die geeft inzicht in het huidige verbruik van een gebouw en welke ingrepen nodig zijn om de gebouwen energieneutraal te krijgen.

Voor grotere scholen (elektriciteitsverbruik hoger dan 50.000 kWh of gasverbruik hoger dan 25.000 m³) geldt een verplichting om te verduurzamen. Zij moeten verplicht maatregelen nemen die in minder dan vijf jaar zijn terug te verdienen. De gemeente heeft hierbij een faciliterende rol.

Afbeelding 2.6 Overzichtskaart bedrijventerreinen in de gemeente Hollands Kroon

Woonkern

Naam bedrijventerrein

1

Anna Paulowna

Kruiswijk I, II en III

2

Breezand

Regionaal Havengebonden Bedrijventerrein Breezand

3

Den Oever

Den Oever Zuid, -Kom, Visserijhaven

4

Hippolytushoef

Molenveld Hippolytushoef

5

Kreileroord

Bedrijventerrein Kreileroord

6

Middenmeer

Het Venster, Agriport A7

7

Middenmeer

Bedrijventerrein Middenmeer

8

Slootdorp

Bedrijventerrein Slootdorp

9

Wieringerwerf

Robbenplaat, Dorsmolen

10

Winkel

Winkelerzand Tabel 2.2 Bedrijventerreinen in Hollands Kroon 23

2. Stand van zaken

2.6 Bedrijventerreinen en utiliteit De Transitievisie Warmte richt zich ook op kleine en middelgrote bedrijven en utiliteitsgebouwen. Hollands Kroon telt in totaal zo’n tien bedrijventerreinen (zie tabel 2.2). De afbeelding toont de ligging van de bedrijventerreinen in de gemeente. Ze zijn verspreid over de gemeente. Er zijn grotere clusters bedrijven bij Wieringerwerf, Agriport en nabij Winkel (zie afbeelding 2.6). Niet alleen op bedrijventerreinen, maar ook in en rondom de kernen zijn bedrijfsgebouwen te vinden. Zoals winkels, horeca, bedrijfsruimten. Ook deze panden zullen op termijn overgaan op groene warmte (zie afbeelding 2.7). De energielabels van niet-woningen zijn in afbeelding 2.8 weergegeven voor enkele kernen. Grote industrie valt daarbij buiten de scope van de Transitievisie Warmte. Ook hier is voor de gebouwen zonder energielabel het label geschat

op basis van het bouwjaar. Opnieuw is er veel variatie over de gemeente, waarbij in de kernen vaak slechtere labels te vinden zijn, en op de (nieuwe) bedrijventerreinen relatieve betere labels voorkomen. Dit weegt ook mee bij de beoordeling per buurt van wat er mogelijk is om over te stappen naar groene warmte. Ontwikkelingsbedrijf NHN en Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen (PHB) laten onderzoeken wat de meest kansrijke bedrijventerreinen zijn wat betreft de potentie in de energietransitie en de in te zetten maatregelen1. 1 Ontwikkelingsbedrijf NHN, 2021. Meest kansrijke bedrijventerreinen voor energietransitie worden in kaart gebracht. Geraadpleegd op: https://nhn.nl/nieuws/ meest-kansrijke-bedrijventerreinen-voor-energietransitie-worden-in-kaart-gebracht/

Afbeelding 2.7 Utiliteit rond Hippolytushoef en Den Oever

24

Labelplicht bedrijfsruimten

Informatieplicht Energiebesparing

Het Bouwbesluit schrijft voor dat kantoorgebouw en bedrijfsruimtegebouwen in 2023 minimaal energielabel C (of energie-index 1,3 of lager) moeten hebben. Dat zijn dus panden met gebruiksfunctie “Kantorenbedrijfsruimte”. Bedrijfsruimten die hier niet aan voldoen mogen dan niet meer gebruikt worden. Wel zijn er enkele uitzonderingen: Bedrijfsruimten kleiner dan 100 m2 in gebruiksoppervlakte; Een bedrijfsruimte gebruikt als nevenfunctie (minder dan de helft van het gebruiksoppervlak heeft kantoorfunctiebedrijfsruimtefunctie); Bedrijfsruimten in Rijks-, provinciale of gemeentelijke monumenten; Binnen twee jaar te slopen, transformeren of te onteigenen panden.

Daarnaast geldt voor bedrijven (en scholen) met energieverbruik van meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m³ per 1 juli 2019 de Informatieplicht Energiebesparing. Iedere maatregel met een terugverdientijd van vijf jaar of minder moet verplicht genomen worden. De gemeente is bevoegd gezag voor de informatieplicht en heeft deze taak gedelegeerd aan de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Landelijk onderzoek maakt duidelijk dat de naleving van de regels beter kan. In NoordHolland werken provincie, gemeenten en omgevingsdiensten samen in een project om het bedrijfsleven te stimuleren zich aan de voorschriften te houden.

Transitievisie Warmte

Afbeelding 2.8 Overzichtskaarten energielabels utiliteit per kern in Hollands Kroon

Den Oever, Hippolytushoef

Winkel, Lutjewinkel, Nieuwe Niedorp

Wieringerwerf, Middenmeer, Kreileroord

Anna Paulowna, Breezand, Wieringerwaard

25

26

Transitievisie Warmte

Piet, Enno, Thomas en Faylinn

Rinske Euverman over de overstap

van de Sint Antioniusschool

naar groene warmte

Faylinn, Thomas, Enno en Piet van de Sint Antoniusschool in Nieuwe Niedorp Als er aardgas verbrandt, dan komt er CO2 in de lucht en dan wordt de natuur vervuild. En de bloemetjes worden minder mooi, dacht ik. Je moet geen aardgas verbruiken, maar gewoon elektriciteit. CO2 komt ook uit auto’s en koeienmest. Maar koeienmest is wel goed voor de planten en het gras.

Rinske Euverman (22) woont sinds haar vijfde in Wieringerwerf. Ze zit in het eerste jaar van de masteropleiding Governance of sustainability aan de Universiteit van Leiden: “Ik leer om beleid en bestuur (sociale wetenschappen) te combineren met natuurwetenschappen. En van daaruit beleidsoplossingen te ontwikkelen voor de uitdagingen op het gebied van duurzaamheid”.

Er moeten meer auto’s op water gaan rijden. Dan wordt het klimaat zuiniger en gaan er minder dieren dood. Maar die auto’s zijn wel heel erg duur. Wel 70.000 euro. Dat weet ik, want mijn mama werkt daar. Er moet meer groene stroom worden gebruikt met zonnepanelen en windmolens. En je moet niet zo veel met het vliegtuig gaan, want dat stoot ook veel uit. Ik let op het milieu. Want anders sterven de dieren uit en dan gaan er weer andere dieren dood en zo gaat het maar door. Daarom ga ik altijd met de fiets naar school. Thuis doen we ook veel. Ik heb met mama een lijstje gemaakt. Zoals het licht uit als je niet in de kamer bent, minder lang douchen en vaker dingen bij de kringloop kopen. Want als je nieuwe spullen koopt, stoten de fabrieken vervuiling uit. We willen thuis ook wel zonnepanelen, maar papa wil ook een schuur bouwen. Dus we gaan eerst sparen.

De energietransitie is een van de onderdelen van haar opleiding en dus ook hoe we voor 2050 van het aardgas af moeten: “Ik vind dat heel belangrijk voor een groenere toekomst’’. De technieken om van het aardgas af te gaan worden steeds beter en goedkoper, maar zijn voor veel mensen nog wel te duur. Gelukkig kun je ook kleinere dingen doen, zoals huizen beter isoleren en ledverlichting gebruiken. Ik vind dat de overheid moet zorgen dat mensen met een kleinere portemonnee ook mee kunnen doen. Want die wonen vaak in oudere en minder goed geïsoleerde huizen. Daar is dus veel te winnen! Daarnaast vind ik het belangrijk dat mensen de ernst van de situatie gaan inzien. Want als we nu niets doen, wordt het alleen maar lastiger en duurder om klimaatverandering tegen te gaan”.

‘’Ik vind een groene toekomst voor mijn generatie heel belangrijk’’

27

28

Transitievisie Warmte

3. Technische mogelijkheden 3.1 Potentiële warmtetechnieken Dit hoofdstuk zet op een rij welke kansen er zijn voor verduurzaming in de gemeente. We kijken naar beschikbare warmtebronnen en de mogelijkheden voor warmtenetten. Per warmteoptie is schematisch weergegeven hoe deze werkt en of deze een ruimtelijke impact heeft

In het algemeen maken we onderscheid tussen individuele oplossingen (per gebouw of een klein aantal gebouwen) en collectieve oplossingen (voor een hele kern). Bij individuele oplossingen is er een verder onderscheid tussen oplossingen die gebruikmaken van elektriciteit (de warmtepomp), (duurzaam) gas of biomassa (zoals de pelletkachel).

Hoe hebben we technieken vergeleken? We hebben met een model berekend welke technieken straks het meeste CO2-besparen tegen de laagste (meer)kosten, vergeleken met verwarming door CV en aardgas. We hebben daarvoor het Vesta-MAIS model van het Planbureau voor de Leefomgeving aangepast voor Hollands Kroon. Hiermee sluiten we aan bij landelijke verwachtingen voor bijvoorbeeld kosten van systemen, benodigde isolatiemaatregelen en de energieprijs. Kosten voor nodige investeringen in het elektriciteitsnetwerk zijn hier ook in meegenomen.

Geluidsoverlast door een warmtepomp? De buitenunit van een lucht-warmtepomp kan geluid maken. Vanaf 2021 gelden hiervoor door Bouwbesluit nieuwe eisen. Deze gelden niet alleen voor nieuwbouw, maar ook voor bestaande woningen. Het geluid mag maximaal 40 dB zijn in de nacht, en 45 dB overdag. Ook zijn er warmtepompen in opkomst die stiller zijn en binnen kunnen worden geplaatst. Een deskundig advies helpt om ook vanwege het woongenot van de buren de juiste keuze te maken.

29

3. Technische mogelijkheden

Individueel elektrisch

Individueel met duurzaam gas

Onder individueel elektrisch valt voornamelijk de warmtepomp. De warmtepomp haalt warmte uit de omgeving (bijvoorbeeld uit de bodem, de buitenlucht of ventilatielucht) en zet die met elektriciteit om in bruikbare warmte. Warmtepompen zijn alleen geschikt voor panden die goed zijn geïsoleerd. Ook vloerverwarming, aanpassingen aan de ventilatie en lage temperatuurradiatoren zijn noodzakelijk. Daarom worden warmtepompen vooral in nieuwbouwwoningen gebruikt. Als veel mensen in een buurt een warmtepomp gebruiken, moet het elektriciteitsnet mogelijk worden verzwaard. Voor oudere woningen zijn ingrijpende isolatiemaatregelen nodig om met elektrische warmtepompen te kunnen verwarmen (zie afbeelding 2.5 Implicaties van verduurzaming woningen per bouwjaarcategorie). Ook is de inpassing van een warmtepomp en ventilatiesysteem in kleine woningen een aandachtspunt.

De voornaamste duurzame gassen zijn groen gas en waterstof.

Individueel hybride Een hybride warmtepomp is een combinatie van een warmtepomp en een gasketel. Dit is een tussenoplossing waarmee direct veel gas kan worden bespaard. Het geeft bewoners de tijd om (tot de installatie over een jaar of vijftien aan vervanging toe is) aanpassingen te doen waarmee de woning geschikt wordt voor een volledig elektrische warmtepomp. Er is nog steeds elektriciteit nodig voor de werking van de pomp, maar er wordt wel een eerste stap gezet naar ‘aardgasvrij’.

30

-

-

Groen gas is gas uit biomassa dat opgewerkt is tot aardgaskwaliteit en via het bestaande gasnet naar het pand kan. Gebruikers merken geen verschil tussen groen gas en aardgas. Er zijn geen aanpassingen nodig van de gastoestellen. Groen gas is nu nog maar beperkt beschikbaar. Het wordt (maar niet voor 2030) bij voorkeur gebruikt in kernen waar alternatieven veel duurder of technisch niet haalbaar zijn. De grote landbouwsector in de gemeente zou een goede bron kunnen zijn voor biogas. Waterstof is een energiedrager die aardgas kan vervangen met beperkte aanpassingen aan het gasnet en apparatuur. Waterstof is niet ‘kant-en-klaar’ beschikbaar, maar moet worden geproduceerd. De vraag hoe duurzaam waterstof is, hangt af van de productiewijze. Nu gebeurt dat vooral met aardgas, maar in de toekomst meer en meer met hernieuwbare stroom. Daarvoor moeten dan wel extra windturbines of zonnepanelen worden geplaatst. In de woningen moeten gasapparatuur en leidingwerk worden aangepast en de buurt moet in één keer overschakelen. Waarschijnlijk gaat dit niet voor 2030 gebeuren, omdat voor de productie van waterstof veel groene stroom nodig is, en ook industrie en vervoer het graag willen gebruiken.

Individueel elektrisch

Individueel hybride

Afbeelding 3.1 Warmtepomp

Afbeelding 3.2 Groen gas

Afbeelding 3.3 Waterstof

Transitievisie Warmte

Collectief warmtenet Warmtenetten leveren warmte van één of meerdere warmtebronnen, zoals de restwarmte van fabrieken of waterzuiveringen. Hiervoor is een warmtebron nodig die genoeg warmte levert. Daarnaast moeten de woningen in de buurt van de warmtebron staan, omdat de leidingen duur zijn. Er zijn verschillende soorten warmtebronnen, bijvoorbeeld geothermie.

warmtepomp brengt het water op de gewenste temperatuur. Voor individuele gebouwen kan dat met een bodemlus; voor grote gebouwen of clusters van gebouwen met een warmtekoudeopslag (WKO)-systeem. De warmte die in de winter gebruikt wordt, moet in de zomer weer worden aangevuld. Dit kan door gebouwen in de zomer te koelen, en door actief warmte in de bodem te brengen. Afbeelding 3.4 Warmtenet

Aquathermie

Geothermie

Aquathermie is het verwarmen en koelen van gebouwen door het gebruik van warmte en koude uit oppervlaktewater, afvalwater of drinkwater. De warmte uit het water wordt als dat nodig is opgeslagen in de bodem en daarna op temperatuur gebracht met een warmtepomp. Dat kan centraal met een collectieve warmtepomp, of met een warmtepomp per gebouw. Er is een warmtenet nodig dat koud, lauw of warm water naar de gebouwen transporteert. De financiële en technische haalbaarheid hangt af van de nabijheid en de omvang van de warmtebron, de noodzaak en mogelijkheden van warmteopslag, de bebouwingsdichtheid en de mate van isolatie van de gebouwen.

Geothermie, ook wel aardwarmte genoemd, is het gebruik van warmte uit de diepe ondergrond (500 meter en dieper). Of geothermie mogelijk is, hangt af van de bodemgesteldheid en de bodemsamenstelling. Tussen de geothermiebron en de gebouwen is een warmtenet nodig met voldoende geschikte warmtevragers. Een vuistregel hierbij is dat er ongeveer 4.000 woningen nodig zijn. Afhankelijk van de diepte kan geothermie een warmtenet direct voorzien van warmte met een temperatuur van circa 7090 °C. Momenteel wordt geothermie vooral toegepast in de glastuinbouwsector, waaronder in Middenmeer. In het zuiden van de gemeente zijn ook kansen voor het winnen van warmte uit de bodem. Maar vanwege de beperkte warmtevraag van woningen en gebouwen, is het waarschijnlijk niet rendabel om deze voor verwarming te gebruiken.

Bodemenergie en WKO Bodemenergie is het gebruiken van de bodem om warmte en koude aan te onttrekken en het erin op te slaan. Men spreekt van bodemenergie als de bron maximaal 500 meter diep ligt. Een

Afbeelding 3.5 Aquathermie

Afbeelding 3.6 Geothermie

31

3. Technische mogelijkheden

Restwarmte Bij diverse (industriële) processen komt warmte in verschillende vormen vrij, zoals via hete vochtige lucht (Friesland Campina, datacenters Agriport), opgewarmd koelwater en afvalwater (rioolwaterzuivering). Deze warmte kan worden teruggewonnen en via een warmtenet worden geleverd aan woningen. Of dit in de praktijk aantrekkelijk is, hangt sterk van de kosten per aangesloten woning af.

Afbeelding 3.7 Restwarmte

Zonthermie Zonthermie of zonnewarmte is de benutting van de energie van de zon in de vorm van warmte. Dat kan grootschalig door een warmtenet of door een industrieel proces te voeden. Op kleine schaal kan het tapwater woningen verwarmen. Als de temperatuur niet hoog genoeg is, kan zonnewarmte gecombineerd worden met een warmtepomp. Er zijn ook zonnecollectoren die de zonne-energie omzetten in warmte én elektriciteit: de PVTpanelen. Deze PVT-panelen worden meestal gecombineerd met een warmtepomp. Bij grootschalige zonnewarmteprojecten liggen de panelen op grote daken, of boven de grond. Er kunnen belemmeringen zijn, zoals voldoende draagkracht van daken en voldoende grond tegen een bescheiden grondprijs voor grondprojecten. Daarnaast kunnen er landschappelijke belemmeringen zijn.

32

Afbeelding 3.8 Zonthermie

Andere woningaanpassingen om niet te vergeten Isolatie en groene technieken voor verwarming en warm water staan in deze visie centraal. Maar bij een overstap naar groene warmte zijn mogelijk ook andere aanpassingen in woningen of bedrijven nodig. Bij goede isolatie hoort een goed ventilatiesysteem. Hoe beter geïsoleerd een woning of gebouw is, hoe minder frisse lucht door kieren of schuifjes naar binnen komt. Natuurlijke of mechanische ventilatie (standaard in woningen van voor 1990) is dan niet genoeg voor een gezond en comfortabel binnenklimaat. Een balansventilatiesysteem is de standaard voor nieuwbouwwoningen. Frisse lucht van buiten wordt dan opgewarmd door de lucht die wordt afgevoerd. Zo gaat er minder warmte verloren, en blijft de woning comfortabel ook met een volledig elektrische warmtepomp. Koken doen veel mensen nu nog met aardgas. Straks gebruiken we daarvoor misschien groengas (of zelfs waterstof), maar ook nu al zijn goede elektrische alternatieven beschikbaar zoals keramische of inductie-kookplaten en elektrische ovens. De overstap op groene warmte heeft dus mogelijk ook gevolgen voor de keuken!

Transitievisie Warmte

3.2 Geschiktheid voor Hollands Kroon Minder kansrijk: warmtenetten Warmtenetten zijn in het algemeen minder kansrijk voor Hollands Kroon. Dit komt doordat de bouwdichtheid laag is vanwege het ontbreken van hoogbouw, de ruime opzet van de meeste buurten en het grote buitengebied. De warmtevraag per hectare is op de meeste plekken erg laag. Bovendien is er een beperkt aantal bronnen beschikbaar en bevinden de bronnen zich vaak op flinke afstand van de kernen. Dit gaat ten koste van het rendement. Modelberekeningen laten zien dat warmtenetten mede door de lage gasprijs op korte termijn niet kosteneffectief kunnen worden aangelegd. In de meeste buurten zijn individuele oplossingen zoals (hybride) warmtepompen een betere of relatief goedkopere oplossing (zie afbeelding 3.4).

Kansrijk: groengas Hollands Kroon heeft een grote potentie voor de toepassing van groen gas (meer dan 2000 TJ per jaar2). Er er kan veel groengas gemaakt worden van biomassa vanuit de landbouwsector. De verwachting is dat het beschikbare groen gas tussen nu en 2030 op landelijke schaal flink zal toenemen, variërende van 2 tot 70 PJ3. Hiervan zal het grootste deel beschikbaar zijn

voor de verduurzaming van woningen en andere gebouwen. Tot 2050 neemt dit volume verder toe, maar waarschijnlijk zal dit groen gas ook in andere sectoren worden ingezet, zoals de industrie en de vervoerssector. Voor Hollands Kroon betekent dit dat circa 0,32% van de in potentie 70 PJ groen gas beschikbaar is voor de woningen en andere gebouwen. Dat is voldoende groengas om circa 5.400 tussenwoningen met een cv-ketel te verwarmen. Dit aantal zou kunnen toenemen door het beperken van de warmtevraag via isolatie en door de inzet op hybride warmtepompen. Zo zouden circa 17.000 tussenwoningen kunnen worden voorzien van groen gas met een hybride warmtepomp, waarmee per woning zo’n 40-70% aardgas bespaard kan worden! Daar staat wel een stijging van elektriciteitsgebruik tegenover, maar omdat de warmtepomp erg efficiënt is (een rendement van 300% tot 600% is mogelijk) levert dat netto een besparing op. Gezien de grote potentie voor productie van groen gas in Hollands Kroon is het een politieke vraag hoe het groen gas dat in de gemeente kan worden gewonnen uiteindelijk zal worden

Verplichting tot aansluiting op een warmtenet? Het is op dit moment niet mogelijk om eigenaren van een koopwoning te verplichten tot aansluiting op een warmtenet. Dit geldt zowel voor bestaande woningen als voor nieuwbouwwoningen. Voor huurwoningen geldt deze verplichting over het algemeen wel. De keuze hiervoor ligt bij de woningcorporatie of gebouweigenaar

gedeeld met de rest van Nederland. Daarnaast is de verdeling met andere warmtevragers een rol, zoals de industrie of het vervoer. Maar duidelijk is wel dat groen gas spaarzaam moet worden ingezet en vooral op die plekken waar alternatieven kostbaar zijn (zie afbeelding 3.2).

Lokale kansen: warmte uit oppervlaktewater plus warmtepomp en warmte- en koudeopslag (WKO) Warmte uit oppervlaktewater (aquathermie) zou met name gewonnen kunnen worden rond het Amstelmeer, de Hooge Oude Veer en de Lange Oude Veer. Daarnaast bieden de Waddenzee en het IJsselmeer mogelijkheden. Ook de kanalen en sloten lenen zich voor aquathermie, maar hier kan minder warmte uit gewonnen worden. Voor de toepassing van aquathermie is vaak een centrale warmtepomp en een warmtenet nodig. Daarnaast wordt vaak een combinatie gezocht met de opslag van warmte in de bodem, met behulp van warmte-koudeopslag (WKO) (zie afbeelding 3.5). Aquathermie is vooral kansrijk als de woningen relatief goed geïsoleerd zijn, dicht bij elkaar liggen en op korte afstand van het water. Gezien de ligging van de woningen en bedrijven ten opzichte van oppervlaktewater kan warmtewinning met name bij Anna Paulowna interessant zijn. Maar bij bijvoorbeeld Kleine sluis en de Edelsteen, Vogel- en Schilderbuurt, zijn de kosten door de verspreide bebouwing circa 26% hoger dan voor verwarming met een hybride warmtepomp in een woning met isolatielabel B. Om energie uit de bodem te gebruiken voor

warmtepompen moet de ondergrond daarvoor wel geschikt zijn. Er kunnen restricties zijn, bijvoorbeeld omdat grondwater niet gemengd mag worden of vanwege de mogelijke aanwezigheid van archeologische vondsten. Rond het Amstelmeer en bij Anna Paulowna is de aanwezigheid van zoet en zout grondwater een mogelijke beperking (zie afbeelding 3.9).

Lokale kansen: warmte uit rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI) Voor delen van Den Oever en Wieringerwerf zou het gezuiverde afvalwater, afkomstig van de RWZI’s, als warmtebron kunnen fungeren voor een klein collectief warmtenet. De potentie van deze twee warmtebronnen is beperkt tot circa 22.000-30.000 GJ4. Op basis van de huidige warmtevraag5 van woningen en bedrijven in Wieringerwerf (102.000 GJ) en Den Oever (64.000 GJ) is deze warmte daarom slechts voor een deel van de gebouwen beschikbaar. Voor Wieringerwerf geldt dat de RWZI ver van de woningen afligt, maar wel gunstig ligt ten opzichte van het bedrijventerrein. Ook hier kan een koppeling met het bedrijventerrein 2 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, 2018. Warmte-Atlas 3 Klimaatakkoord; Planbureau voor de Leefomgeving, 2020. Startanalyse aardgasvrije buurten (versie 2020, 24 september 2020), Gemeenterapport met toelichting bij tabellen met resultaten van de Startanalyse. 4 Op basis van de potentiekaart aquathermie van het STOWA 5 Op basis van de Leidraad transitievisie voor gemiddeld gebruik per woningequivalent in 2019

33

3. Technische mogelijkheden

Afbeelding 3.9 Potentie warmte uit oppervlaktewater (STOWA) 34

Transitievisie Warmte

onderzocht worden. De ligging van de RWZI in Den Oever is gunstig ten opzichte het nabijgelegen bedrijventerrein en woningbouw, maar ook hier geldt dat de woningdichtheid laag is. Over het algemeen is de verwachting dat warmtenetten niet kosteneffectief zijn (zie afbeelding 3.10).

Lokale kansen: restwarmte Hollands Kroon heeft een aantal grotere restwarmtebronnen: de kaasfabrieken van Friesland Campina in Lutjewinkel en Klaverkaas op het bedrijventerrein in Winkel en de datacenters in Middenmeer. Ook wordt een nieuwe kaasfabriek gebouwd op Agriport A7. Friesland Campina heeft aangegeven onderzoek te hebben gedaan naar de kansen om restwarmte te koppelen naar Lutjewinkel. Dit bleek economisch niet interessant. Onderzoek van adviesbureau Berenschot geeft aan dat de restwarmte van de datacenters niet kosteneffectief kan worden benut voor woningen. Dat heeft te maken met de grote afstand en de lage temperatuur van de restwarmte. Tot slot is er de kaasfabriek van Klaverkaas. Op het bedrijventerrein is onlangs een onderzoek gestart naar de mogelijkheden voor lokale uitwisseling en opslag van energie, waarbij ook wordt gekeken naar de inzet van restwarmte uit de kaasfabrieken (zie afbeelding 3.7).

Beperkt kansrijk voor woningen: geothermie Op Agriport is een warmtenet gerealiseerd met diverse warmtebronnen voor gebruik in de kassen. Met onder meer drie leidingsystemen (aardwarmtedoubletten), een biomassacentrale

en een hoge temperatuuropslag. Een vierde aardwarmtedoublet wordt ontwikkeld. Greenvis heeft onderzocht of geothermie kan worden ingezet om Middenmeer van warmte te voorzien. Dit bleek onder de huidige marktomstandigheden (zoals de lage gasprijs) economisch niet rendabel te zijn. Naar verwachting zijn de mogelijkheden van geothermie voor woningen ook elders in de gemeente beperkt (zie afbeelding 3.6).

de hand om te experimenteren met nieuwe technieken. Maar deze visie houdt ruimte om ze wellicht in de toekomst een rol te laten spelen.

Beperkte netcapaciteit Duurzame technieken zoals warmtepompen gebruiken elektriciteit om te verwarmen. Dat betekent dat in een buurt de vraag naar elektriciteit enorm kan stijgen als iedereen

tegelijk overstapt op een (hybride) warmtepomp. Het elektriciteitsnetwerk is hier op veel plekken nog niet op berekend. We werken nauw samen met netbeheerder Liander om op een verantwoorde manier over te gaan op groene warmte, bijvoorbeeld door goed te plannen wanneer we in verschillende buurten aan de slag willen. Ook is er steeds meer mogelijk door de opslag van elektriciteit in bijvoorbeeld batterijen.

Mogelijk kansrijk op termijn: waterstof na 2030 Ondanks de ambities in Den Helder voor het opzetten van een waterstof hub, kan waterstof naar verwachting in de komende tien jaar niet worden gebruikt voor het verwarmen van gebouwen. Er is nog te weinig groene stroom om voldoende groene waterstof te maken. Bovendien is er ook in de industrie en vervoerssector veel vraag naar groene waterstof. Vooralsnog wordt enkel op kleine schaal geëxperimenteerd met waterstof in de gebouwde omgeving. Voordat het voor verwarming kan worden gebruikt, moet het aardgasnetwerk eerst geschikt worden gemaakt voor het transport van waterstof (zie afbeelding 3.3).

Afbeelding 3.10 Warmte uit RWZI

Mogelijk kansrijk: kleine collectieve systemen door innovatie Grote collectieve warmtenetten zijn op dit moment weinig kansrijk, maar voor kleinschalige collectieve systemen zijn er wel kansen. Bijvoorbeeld met zonthermie of lucht als warmtebron. Dergelijke technieken zijn echter nog in ontwikkeling en/of nog niet eerder toegepast. Zeker gezien de lage bouwdichtheid binnen Hollands Kroon ligt het daarom niet voor

35

36

Transitievisie Warmte

Trudy de Kruijf-Welboren over de

Dit is Emma. In 2050 is ze 33.

overstap naar groene warmte Trudy de Kruijf-Welboren is 76 jaar en woont al ruim 40 jaar in Haringhuizen. Zij is voorzitter van het Bestuur Senioren Hollands Kroon, voorzitter van de KBO-afdeling Niedorp en bestuurslid van het provinciaal bestuur van de KBO. Ook is zij lid van het PBO van RTV Noordkop en lid van de cliëntenraad van Wonen+Welzijn. Daarnaast is Trudy vrijwillig onafhankelijk adviseur (VOA) en heeft ze jarenlang in de gemeenteraad gezeten. Haar woning is 42 jaar oud en is al op verschillende manieren verduurzaamd. Zo is er spouwmuurisolatie en dubbelglas aangebracht en liggen er zonnepanelen op het dak. De voormalige schuifpui in het huis liet veel tocht door. Daarom besloten Trudy en haar man Kees om er een serre voor te zetten. Deze maatregelen zorgen voor meer wooncomfort en Trudy en Kees produceren hun eigen energie.

Kunnen haar kinderen dan nog lekker in de zomer op straat spelen? Of is het dan veel te heet? En kunnen ‘onze’ bomen en planten er nog tegen, of moeten we dagelijks sproeien? Zijn de weilanden nog groen, of totaal verschroeid? En bestaat Kiribati nog? Het was in 2020 volgens onderzoekers het eerste land ter wereld dat door de klimaatverandering volledig zou verdwijnen. En hoe zit het rond het IJsselmeer? Kun je nog veilig in de polder wonen? Maar misschien geniet Emma wel van een mooie groene omgeving waar de natuur in balans is, heeft ze een heerlijk comfortabel huis met een zeer bescheiden energierekening en kan ze lachen om de verhalen van haar ouders dat ze ‘vroeger’ bang waren dat het gas opraakte of dat iemand de gaskraan dichtdraaide. De toekomst van Emma bepalen we nu!

Trudy maakt zich zorgen over de betaalbaarheid van de overstap op groene warmte. Er zijn gezinnen die nu al nauwelijks de energierekening kunnen betalen. “We moeten in Nederland geen energiearmoede willen”, zegt Trudy. Ze merkt dat ook bewoners om haar heen zich zorgen maken om de financiering. “Met een kleine beurs is het lastig om maatregelen door te voeren. Daarom moet er oog zijn voor de financiën bij de overstap op groene warmte. Voor woningen die nu nieuw worden gebouwd, is het gemakkelijker om maatregelen door te voeren. Maar voor wat oudere woningen of bijvoorbeeld monumentale panden, is dat lastiger. De gemeente en de overheid moeten duidelijk en transparant communiceren over de kosten en de financieringsmogelijkheden’’. Daarnaast vindt Trudy het belangrijk dat de gemeente goede informatie geeft over de mogelijkheden die er zijn om de woning te verduurzamen: “Als je goed zelf kan klussen, wat is er dan mogelijk? En waarvoor kan je beter een vakman vragen?”.

’We moeten een balans zoeken waarbij we het milieu niet vervuilen en de overstap betaalbaar blijft voor iedereen’’.

37

38

Transitievisie Warmte

4. De route naar aardgasvrij 4.1 Visie op groene warmte in Hollands Kroon De route naar aardgasvrij volgt uit de uitgangspunten in hoofdstuk 1, een inventarisatie van de opgave in hoofdstuk 2 en de beschikbare technieken in hoofdstuk 3. Dit hoofdstuk geeft op basis van deze inzichten een visie op groene warmte voor Hollands Kroon. Dit hoofdstuk geeft op basis van deze inzichten een visie op groene warmte voor Hollands Kroon. Met een afwegingskader is een indicatie gemaakt van de mogelijkheden voor groene warmte voor alle 22 woonkernen en buitengebieden in Hollands Kroon. Zo krijgen woningeigenaren helderheid wat er nodig is om over te schakelen op groene warmte.

Bij de start van het aardgasvrij maken van Nederland, ging het Rijk ervan uit dat achter elkaar complete wijken zouden overstappen op een aardgas loos alternatief. Dat is een aanpak die kan werken als een wijk op een warmtenet wordt aangesloten. Daarvan is in gebieden met verspreide bebouwing, zoals in Hollands Kroon, geen sprake. Het Rijk erkent dat een wijkgerichte aanpak niet overal haalbaar is en heeft het beleid aangepast. Ook een stapsgewijze aanpak waarbij wordt ingezet op losse initiatieven van bewoners wordt toegejuicht. Meer informatie is te vinden in de Kamerbrief in bijlage 3. In lijn daarmee werken wij tot 2050 stapsgewijs toe naar een Hollands Kroon zonder CO2-uitstoot. Wij zetten in op maatregelen waar je geen spijt van krijgt, zoals energiebesparing door isolatie. Daarnaast stimuleren wij bewoners, corporaties en bedrijven om over te stappen op nieuwe technieken zoals (de hybride) warmtepomp, mits dit woonlastenneutraal kan, betaalbaar is en wanneer de huidige gasketel aan vervanging toe is. Woningen die lastig zijn om te isoleren komen op termijn mogelijk in aanmerking voor duurzaam gas, zoals groen gas en waterstof. Waterstof beschouwen we echter tot 2030 nog niet als realistische optie. Grootschalige warmetten zijn voor Hollands Kroon eveneens geen optie. In sommige woonkernen zijn mogelijk op termijn wel kansen voor kleinschalige warmtenetten.

Er is onderzoek nodig naar de betaalbaarheid.

Toelichting op de visie Dit is een eerste visie voor de overgang naar groene warmte in Hollands Kroon. De visie is geschreven op basis van wat we nu weten. Het is dus geen uitgewerkt plan voor de uitvoering van die overgang. In de komende jaren werkt de gemeente in samenwerking met bewoners, woningcorporaties, bedrijven en andere belanghebbende aan de verdere uitwerking van de visie. De hier gepresenteerde buurtindeling en buurtvolgorde liggen niet vast, maar zijn een startpunt voor de verdere uitwerking. De visie geeft aan waar kansen liggen. Maar de overstap naar groene warmte is niet per sé kostenneutraal of al betaalbaar voor iedereen. Voor de succesvolle uitvoering van de overstap naar groene warmte zijn we daarom afhankelijk van betaalbaarheid van groene warmteoplossingen en beschikbaarheid van goede financieringsconstructies die de overgang mogelijk maken. We maken de overstap naar groene warmte daarom alleen als dit betaalbaar is, kostenneutraal kan worden gerealiseerd en kan worden gefinancierd. Dat geldt ook voor de woningcorporaties in de gemeente. De in dit hoofdstuk gepresenteerde visie is voorwaardelijk aan deze punten.

39

4. De route naar aardgasvrij

4.2 Overwegingen bij de route naar een aardgasvrij Hollands Kroon Uit hoofdstukken 2 en 3 blijkt dat een aantal overwegingen belangrijk zijn in de route naar een aardgasvrij Hollands Kroon. Deze overwegingen zijn meegenomen in de buurtindeling en buurtvolgorde die in dit hoofdstuk worden gepresenteerd. De overwegingen zijn als volgt:

-

Warmtenetten: Hollands Kroon heeft een groot landelijk buitengebied met een fors aantal kleine kernen. De kernen zijn ruim opgezet en de woningdichtheid is laag. Daardoor zijn er nauwelijks mogelijkheden voor grootschalige warmtenetten. Ook hebben verschillende onderzoeken aangetoond dat een overstap naar groene warmte uit datacenters6 en geothermie7 voor woningen te kostbaar en dus niet haalbaar is. Op sommige plekken liggen nog wel kansen voor kleinschalige warmtenetten, maar deze zullen we alleen op termijn overwegen als kan worden aangetoond dat dit woonlasten neutraal en betaalbaar kan worden gerealiseerd.

-

Buurtkarakteristieken: in de kernen zijn veel verschillende soorten woningen en gebouwen. Het is daarom zinvol om kernen op te delen in kleinere deelgebieden en voor elk deelgebied maatwerk te leveren in de overstap naar groen warmte.

-

Woningbouwcorporaties in Hollands Kroon: De woningbouwcorporaties zijn bezig een flinke slag te maken bij het isoleren en verbeteren van woningen in Hollands Kroon. Dit vraagt om forse investeringen. Voor het plaatsen van een (hybride) warmtepomp zijn de middelen vooralsnog beperkt. In veel gevallen laat dit daarom voorlopig nog even op zich wachten. De plannen voor corporatiewoningen die in de komende jaren worden geïsoleerd, kunnen voor andere bewoners wel dienen als voorbeeld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=c36fbe0e-20e2-4e8b-aed4-7f5461ff648e