CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 4 toelichting

Raad 18 april 2024, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Bestemmingsplan Westerweg 27 Nieuwe Niedorp25.770 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Figuur 15: kwantitatieve behoefte huisvestingsplekken 2024-2034 in het onderzoeksgebied. Bron: Sweco, 2024.

Locatieafweging Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Den Helder, Hollands Kroon en Schagen hebben in 2021 een onderzoek naar geschikte, middelgrote en permanente huisvestingslocaties voor in totaal 3.000 internationale medewerkers vastgesteld. Daarbij is allereerst onderzocht welke locaties binnen Bestaand Stedelijk Gebied (BSG) geschikt zouden kunnen zijn voor de huisvesting van internationale medewerkers. Uit deze analyse blijkt dat er in de gemeente Hollands Kroon en specifiek de directe omgeving van Winkel en ’t Veld binnen BSG geen locaties zijn die geschikt en beschikbaar zijn om huisvesting voor internationale medewerkers te realiseren. In het onderzoek ‘Locatieanalyse naar middelgrote locaties voor de huisvesting van buitenlandse werknemers’ – in 2021 opgesteld door Sweco in opdracht van provincie Noord-Holland en bijgevoegd als bijlage 3 – zijn vanuit een ruimtelijke groslijst uiteindelijk 14 ‘voorkeurszoekgebieden’ in de Kop van NoordHolland aangewezen voor de huisvesting van internationale medewerkers. De locaties zijn beoordeeld op de mate van geschiktheid op basis van gemeentelijk en provinciaal beleid, marktvoorkeuren, sociaalmaatschappelijke kansen en belemmeringen en ruimtelijke afwegingen.

De beoordeling bestond onder andere uit nabijheid van werklocaties, aansluiting op bestaande bebouwing, bereikbaarheid en de ligging ten opzichte van waardevolle natuur. In onderstaand figuur zijn locaties weergegeven in groen. De rode locatie betreft de planlocatie Westerweg 27.

Pagina 27 van 73

Figuur 16: Overzichtskaart onderzochte ‘kansrijke locaties’ (groen) i.r.t. planlocatie (rood) door Sweco (2021). Bron: Stec Groep, 2022.

In maart 2024 heeft Sweco in opdracht van de initiatiefnemer aanvullend een locatiespecifiek Ladderonderzoek uitgevoerd. Daarbij is gekeken in hoeverre een logiesaccommodatie van circa 100 bedden binnen bestaand stedelijk gebied is in te passen. Er is een groot aantal alternatieve locaties onderzocht binnen bestaand stedelijk gebied. Deze locaties vormen vanwege verschillende redenen geen geschikt alternatief. De planlocatie Westerweg 27 heeft een aantal onderscheidende locatiekenmerken, welke zijn weergegeven in onderstaand figuur 17.

Figuur 17: onderscheidende locatiekenmerken Westerweg 27. Bron: Sweco, 2024.

Conclusie: De ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ is van toepassing. De Ladder-onderbouwing toont aan dat er op regionale schaal behoefte is aan huisvesting voor internationale medewerkers en dat er geen locaties binnen Bestaand Stedelijk Gebied voor handen zijn waar de ontwikkeling kan plaatsvinden. De ontwikkeling van de tijdelijke huisvesting voor 100 internationale medewerkers op de Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp voldoet daarmee aan de eisen van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Daarmee is sprake van een zorgvuldige ruimtelijke ordening. Daarnaast draagt het plan bij aan het terugdringen van onveilige informele woonsituaties door het vergroten van kwalitatief hoogwaardig aanbod voor internationale medewerkers. 5.1.5

Algemene conclusie Rijksbeleid

Algemene conclusie Rijksbeleid: Gelet op bovenstaande bevindingen past het plan binnen het Rijksbeleid en zijn er geen belemmeringen voor het plan. Pagina 28 van 73

5.2

Provinciaal beleid

5.2.1 Omgevingsvisie NH2050 Op 19 november 2018 is door Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. De hoofdambitie binnen deze visie is om de leefomgeving af te stemmen op de economische groei. Er wordt uitgegaan van de sturingsfilosofie ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’. In de Omgevingsvisie NH2050 zijn vijf beweegredenen met ontwikkelprincipes beschreven voor de ontwikkeling van de leefomgeving. Dit zijn: 1. Dynamisch schiereiland. Hierin is het benutten van de unieke ligging van Noord-Holland – te midden van water – leidend. 2. Metropool in ontwikkeling. Hierin wordt beschreven hoe de Metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad functioneert. 3. Sterke kernen, sterke regio’s. Dit gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden. 4. Nieuwe energie. Benut de economische kansen van de energietransitie. 5. Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving. Hierin staat het ontwikkelen van natuurwaarden en een economisch duurzame agrarische sector centraal. De Omgevingsvisie NH2050 beschrijft in paragraaf 1.18 ‘Faciliteren van de agri-foodsector’ dat de provincie Noord-Holland ruimte biedt aan toekomstgericht en duurzaam ondernemerschap. Hierbij speelt de provincie in op de maatschappelijk vraag en marktbehoefte. Om hier richting aan te geven, benoemen zij meerdere kritische succesfactoren.

Eén van deze kritische succesfactoren is “voldoende tijdelijke huisvesting en voorzieningen voor arbeidsmigranten”. De planlocatie is gelegen in het gebied Noord-Holland Noord. In de Omgevingsvisie staat vermeld dat dit gebied beschikt over bijzondere eigen kenmerken en kwaliteiten. Zoals (meer) rust, ruimte, groen, natuur en (gezonde) lucht. Die kwaliteiten zijn het waard om te koesteren. Niet alleen voor de inwoners van die gebieden zelf, maar ook voor de inwoners in het drukke zuidelijke deel van de provincie die op zijn tijd een meer landelijke omgeving willen bezoeken. Om daar rust en ruimte te kunnen ervaren of een ander type woonmilieu te zoeken. Om deze kwaliteiten te waarborgen is dynamiek en ontwikkeling in NoordHolland Noord nodig. Verstedelijking nabij knooppunten van openbaar vervoer en in de omgeving van historische binnensteden en de nodige voorzieningen komt daarvoor het meest in aanmerking. Door een huisvestingslocatie voor tijdelijke medewerkers op het agrarische perceel toe te voegen, vindt er een toekomstgerichte ontwikkeling plaats gericht op economische groei. De nieuwe huisvestingslocatie wordt stedenbouwkundig- en landschappelijk ingepast op het agrarische perceel, waarbij door de sloop van storende bebouwing de ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd.

Conclusie: Het toevoegen van een tijdelijke huisvestingslocatie voor 100 tijdelijke medewerkers sluit uitstekend aan bij de ontwikkelprincipes en kritische succesfactoren zoals benoemd in de Omgevingsvisie NH2050. 5.2.2 Omgevingsverordening NH2020 / Omgevingsverordening NH2022 Op 16 november 2020 is de Omgevingsverordening NH2020 vastgesteld door Provinciale Staten. Op 15 juni 2022 is een 1e partiële herziening vastgesteld en op 19 december 2022 volgde de vaststelling van de 2e partiële herziening. In de Omgevingsverordening NH2020 zijn regels vastgelegd op het gebied van natuur, mobiliteit, erfgoed, ruimte en water. Met de 1e en 2e partiële herziening zijn daar zoekgebieden voor winden zonne-energie en beleid voor datacenters bij gekomen. Op 11 januari 2024 is de Omgevingsverordening NH2022 in werking getreden. De Omgevingsverordening NH2022 is gekoppeld aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024.

Pagina 29 van 73

Specifiek voor de locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp geldt dat in de online viewer van de Omgevingsverordening NH2020 de volgende kaarten van belang zijn: - 1. Grondgebied Noord-Holland - 2. Agrarische bedrijven - 5. Bodemsanering - 14. Landelijk gebied - 25. Peilbesluit - 26. Permanente bollenteelt Aanvullend is ook afdeling 6.1 van de Omgevingsverordening NH2020 / afdeling 6.2.2 Omgevingsverordening NH2022 inzake stedelijke functies van toepassing op het plan. Grondgebied Noord-Holland De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het grondgebied van de provincie NoordHolland. Daarmee valt de locatie binnen het werkingsgebied van de Omgevingsverordening NH2020. Agrarische bedrijven De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het werkingsgebied agrarische bedrijven. Een ruimtelijk plan kan onder vastgelegde voorwaarden voorzien in de vestiging van agrarische bedrijven. Niet agrarische functies als onderdeel van een agrarisch bedrijf zijn toegestaan, waarbij geldt dat uitsluitend kleinschalige vormen van bijzondere huisvesting, werken, recreatie, gebruiksgerichte paardenhouderij, detailhandel en zorgfuncties zijn toegestaan en de omvang past binnen het bouwperceel. Onder voorwaarden zijn ook agrarisch aanverwante bedrijven toegestaan als zelfstandig bedrijf.

Voor intensieve veehouderijbedrijven geldt dat nieuwe vestiging om (gedeeltelijke) omzetting van agrarische bedrijven naar intensieve veehouderijbedrijven niet is toegestaan. Bouw van een intensief veehouderijbedrijf binnen een bestaande bestemming is wel mogelijk. Nieuw vestiging van geitenhouderijen is uitgesloten. De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is een bestaand agrarisch bouwblok met de specifieke functieaanduiding voor intensieve veehouderij. Binnen het bouwblok is in de huidige situatie realisatie van agrarische bedrijfsopstallen mogelijk, ook voor intensieve veehouderij. Het plan voorziet in de permanente sanering van de functie-aanduiding ‘intensieve veehouderij’. Na de tijdelijke exploitatieperiode van de huisvestingsvoorziening zal het bouwblok in haar huidige omvang weer in gebruik worden genomen als agrarisch bouwblok. Eventuele vergroting van het agrarische bouwblok tot meer dan 2 hectare is toegestaan, indien uitbreiding noodzakelijk is voor het agrarisch productieproces en het geen glastuinbouwbedrijf betreft. Bodemsanering De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het werkingsgebied bodemsanering. Op grond van artikel 1 van de Wet bodembescherming is provincie Noord-Holland het bevoegd gezag. Er geldt een meldingsplicht voor het uitvoeren van bodemsanering.

De saneerder moet een saneringsplan opstellen, waarmee Gedeputeerde Staten op basis van artikel 39 lid 2 van de Wet bodembescherming moet instemmen. Uiterlijk 13 weken na beëindiging van de saneringswerkzaamheden moet een evaluatieverslag aan Gedeputeerde Staten worden aangeboden. In augustus 2019 heeft Landview in opdracht van Farm Field Onroerend Goed BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd voor de locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp. In één van de pijlbuizen is een matige verhoging van minerale oliën gevonden. De overige onderzochte grondwatermonsters betreffen maximaal lichte verhogingen. Het verkennend bodemonderzoek heeft de hypothese bevestigd dat er in de grond licht verhoogde gehalten van verontreinigde stoffen aanwezig zijn. In de grond is ook puin aangetroffen, dat asbest verdacht is. Het gevoegd gezag kan eisen om na sloop van de opstallen – inclusief het verwijderen van asbest – een verkennend asbest onderzoek uit te voeren.

Pagina 30 van 73

Landelijk gebied De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het werkingsgebied landelijk gebied. Veel van de instructieregels in de Omgevingsverordening NH2020 hebben betrekking op het landelijk gebied. Daarom is in het werkingsgebied landelijk gebied duidelijk gemaakt waar volgens de provincie de grens ligt tussen stedelijk en landelijk gebied. Op deze manier wordt duidelijk waar deze regels van toepassing zijn. Het werkingsgebied landelijk gebied vormt de basis voor een aantal andere werkingsgebieden in het landelijk gebied: - Natuurnetwerk Nederland NNN - Bijzonder provinciaal landschap BPL - Agrarische bedrijven - Glastuinbouwconcentratiegebied - Zaadveredelingsconcentratiegebieden - Tuinbouwconcentratiegebied Het op de locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp van toepassing zijnde werkingsgebied agrarische bedrijven is reeds hierboven behandeld. Peilbesluit De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het werkingsgebied peilbesluit. Dit houdt in dat het waterschapsbestuur – in onderhavige geval het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier – één of meerdere peilbesluiten vaststelt voor de oppervlaktewaterlichamen binnen het werkingsgebied. Peilbesluiten moeten actueel zijn en rekening houden met veranderingen in omstandigheden ter plaatse en met aanwezige functies en belangen.

Permanente bollenteelt De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp is gelegen binnen het werkingsgebied permanente bollenteelt. Een ruimtelijk plan kan uitsluitend ter plaatse van het werkingsgebied permanente bollenteelt voorzien in het toestaan van grondbewerkingen ten behoeve van de permanente bollenteelt, zoals bezanden, omzetten en opspuiten. Stedelijke functies In afdeling 6.1 van de omgevingsverordening NH2020 / afdeling 6.2.2 van de Omgevingsverordening NH2022 zijn beleidsregels omtrent stedelijke ontwikkelingen opgenomen. In de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ – zie hoofdstuk landelijk beleid – is vastgesteld dat het plan aangemerkt wordt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling, buiten bestaand stedelijk gebied. In dit verband dient het plan getoetst te worden aan artikel 6.3 van de Omgevingsverordening NH2020. Artikel 6.3 luidt: 1. Een ruimtelijk plan kan uitsluitend voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. 2. Gedeputeerde Staten stellen nadere regels aan de afspraken bedoeld in het eerste lid. Artikel 6.13 inzake nieuwe stedelijke ontwikkelingen uit de Omgevingsverordening NH2022 kent een soortgelijke formulering en luidt: 1.

Een omgevingsplan kan uitsluitend voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio daarover gemaakte schriftelijke afspraken. 2. In het Delegatiebesluit Omgevingsverordening NH2022 is bepaald dat Gedeputeerde Staten regels stellen over de afspraken bedoeld in het eerste lid. Gemeente Hollands Kroon heeft het plan regionaal afgestemd. Tot slot is artikel 6.59 Omgevingsverordening NH2020 / artikel 6.69 Omgevingsverordening NH2022 van toepassing op het plan. In dit artikel staat beschreven dat een ruimtelijke kwaliteitseis van toepassing is voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied. De regels behorende bij deze ruimtelijke Pagina 31 van 73

kwaliteitseis zijn vastgelegd in de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. De voorgenomen ontwikkeling is reeds in hoofdstuk 3 van deze toelichting getoetst aan de regels in deze leidraad. Conclusie: Het plan past binnen het provinciaal beleid zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening NH2020 / Omgevingsverordening NH2022. 5.2.3

Algemene conclusie provinciaal beleid

Algemene conclusie provinciaal beleid Gelet op bovenstaande bevindingen past het plan binnen het provinciale beleid en zijn er geen belemmeringen voor het plan.

5.3

Regionaal beleid

5.3.1 Regionale Kadernota Huisvesting Arbeidsmigranten Noordkop In september 2013 is de Regionale Kadernota Huisvesting Arbeidsmigranten Noordkop vastgesteld. In de regionale kadernota staat beschreven dat voor de locatie voor grootschalige logiescomplexen in meerdere opzichten geschikt moet zijn voor de logiesfunctie van een grotere aard en omvang. Dit geldt zowel voor gebruikmaking van bestaande gebouwen als nieuwbouw. In alle gevallen moet de logiesfunctie stedenbouwkundig goed passen in de omgeving, waarbij de logiesfunctie geen onevenredige hinder voor de omliggende woningen en bedrijven mag opleveren. Een goede ontsluiting, voldoende parkeervoorzieningen en toereikend beheer en toezicht zijn onontbeerlijk. In de regionale kadernota staan de volgende criteria beschreven voor grootschalige logiescomplexen: - Het betreft huisvesting voor maximaal 250 personen; - Beheer en toezicht zijn voldoende gewaarborgd; - Ontspanningsmogelijkheden in de vorm van een recreatieruimte, woonkamer en keuken zijn aanwezig; - De huisvesting past in de omgeving; - Een goede ontsluiting van terrein en gebouw en voldoende parkeergelegenheid zijn gewaarborgd; - Er is een nachtregister aanwezig met de gegevens van de personen die ter plaatse verblijven. Het plan heeft betrekking op de tijdelijke huisvesting van maximaal 100 personen voor een periode van 10 jaar.

Toezicht is 24/7 geborgd vanuit de bestaande bedrijfswoning Westerweg 27a en de te verplaatsen en nieuw te bouwen bedrijfswoning Westerweg 27. Ook vindt toezicht plaats met camera’s, die ook op het hoofdkantoor van AgroStar Uitzendorganisatie BV aan de Valbrugweg 4 in ’t Veld uit te lezen zijn. De huisvesting bestaat uit 36 zelfstandige wooneenheden met twee slaapkamers per wooneenheid voor twee tot drie personen. De wooneenheden beschikken over een eigen keuken, toilet en douche. Ook is er per wooneenheid een gezamenlijke woon- en eetkamer aanwezig. De huisvesting van de tijdelijke medewerkers voldoet aan de Norm voor huisvesting van arbeidsmigranten van de Stichting Normering Flexwonen (ofwel de norm voor het reguliere SNF-register). De wooneenheden worden vorm gegeven in een schuurvorm, welke met beplanting landschappelijk wordt ingepast. Het plan past daarmee goed in de omgeving. De oude stolpboerderij wordt gemoderniseerd en krijgt een invulling met collectieve voorzieningen zoals was- en droogmachines. Ook kunnen hier fietsen gestald worden en is er ruimte voor opslag. Het plan voorziet ook in een buitenterrein voor recreatie. Hier kan sport en spel plaatsvinden en worden zitbanken geplaatst. De locatie is ontsloten op de Westerweg. Uit het verkeersonderzoek blijkt dat de wegcapaciteit ruim voldoende is. Er worden 45 parkeerplaatsen op eigen erf gerealiseerd.

Buitenlandse werknemers worden ingeschreven in de gemeente. Tijdelijke logies voor zeer korte duur worden geregistreerd in een nachtregister. Het plan leidt niet tot onevenredige overlast voor omliggende woningen en bedrijven. De dichtstbijzijnde woningen liggen op 400 afstand van de locatie Westerweg 27. De Pagina 32 van 73

dichtstbijzijnde winkel (Aldi) ligt op 1.400 meter afstand. Het Winkelhart Niedorp ligt op 2.400 meter (8 minuten fietsen) Conclusie: Het planvoornemen past binnen de criteria zoals beschreven in de Regionale Kadernota Huisvesting Arbeidsmigranten Noordkop

5.4

Gemeentelijk beleid

5.4.1 Omgevingsvisie Hollands Kroon: ‘Ruimte voor elkaar’ Op 22 november 2016 heeft de gemeenteraad van Hollands Kroon de Omgevingsvisie ‘Ruimte voor elkaar’ vastgesteld. De Omgevingsvisie is een integrale visie en een helder fundament voor het beleid van de gemeente Hollands Kroon en de uitvoering ervan voor de periode tot 2030. De gemeente staat voor ruimte om te ondernemen in de agrarische sector. Waarbij er uniforme regels gelden in de gehele gemeente en veel ruimte is voor nieuwe ontwikkelingen. Daarbij geldt het ‘ja, tenzij’ principe, wat inhoudt dat de gemeente in basis positief staat tegenover nieuwe initiatieven en de gemeente samen met initiatiefnemers wil bekijken hoe de initiatieven gerealiseerd kunnen worden. Gemeente Hollands Kroon heeft een eigen beleid voor de huisvesting van tijdelijke medewerkers opgesteld, zodat het mogelijk is om op de ontwikkelingen in de agrarische sector in te spelen. Er vindt een toekomstgerichte ontwikkeling op het perceel plaats, zodat het mogelijk is om logies en werken op het naastgelegen perceel te combineren. Conclusie: Het plan is in overeenstemming met de gemeentelijke Omgevingsvisie ‘Ruimte voor elkaar’. 5.4.2 Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon Binnen de gemeente Hollands Kroon maken veel bedrijven gebruik van tijdelijke werknemers.

Dit is de reden dat de gemeente hiervoor een eigen beleid heeft opgesteld. Omdat het merendeel van de bedrijven, die behoefte hebben aan tijdelijke werknemers agrarisch zijn, liggen de mogelijkheden voor logiesaccommodaties vooral bij deze bedrijfstak. Beleidsregels 8 oktober 2019 Op 8 oktober 2019 zijn de ‘Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon’ vastgesteld en heeft de gemeenteraad van Hollands Kroon een amendement (volgnummer A 2019 18) aangenomen t.a.v. de beleidsregels voor de grootschalige logiesfuncties (art. 5). In artikel 6 is bepaald: “Initiatieven waarover burgemeester en wethouders een positieve grondhouding hebben ingenomen maar die niet passen binnen de kaders van deze regeling worden voorgelegd aan de raad.” Op 9 maart 2022 heeft AgroStar Uitzendorganisatie BV een principeverzoek ingediend bij het college van B&W voor de ontwikkeling en exploitatie van een tijdelijke huisvestingsfaciliteit voor maximaal 100 tijdelijke medewerkers op het perceel Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp, voor een periode van 10 jaar ter overbrugging voor een permanente huisvestingsoplossing. Het college van B&W heeft een positieve grondhouding aangenomen t.a.v. het principeverzoek.

Aangezien het principeverzoek afwijkt van de kaders zoals vastgelegd in de Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers heeft het college het principeverzoek conform artikel 6 van de beleidsregels ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. Op 14 juli 2022 heeft de gemeenteraad van Hollands Kroon op grond van artikel 6 van de beleidsregels ingestemd met dit principeverzoek met 24 stemmen voor en 1 stem tegen. De gemeenteraad heeft bij de totstandkoming van dit besluit een belangenafweging gemaakt tussen de individuele belangen van de omwonenden, de individuele belangen van de initiatiefnemer én het algemene maatschappelijke belang van de huisvestingsopgave voor internationale medewerkers. Pagina 33 van 73

Beleidsregels 13 februari 2023 Op 14 juli 2022 heeft de gemeenteraad van Hollands Kroon een motie aangenomen waarin het college van B&W wordt opgeroepen om met een voorstel te komen hoe artikel 6 van de beleidsregels van 8 oktober 2019 kan worden ingetrokken (Motie 2022-11). Daarbij vraagt de raad om aandacht te besteden aan de omgang met lopende artikel 6 verzoeken in het kader van het overgangsrecht. De motie is aangenomen direct na de instemming van diezelfde gemeenteraad op het principeverzoek van AgroStar Uitzendorganisatie dat betrekking heeft op artikel 6 van de beleidsregels. Op 13 oktober 2022 heeft de gemeenteraad zich gebogen over een voorstel van het college van B&W om artikel 6 van de Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon in te trekken. De gemeenteraad heeft ingestemd met 18 stemmen voor en 8 tegen. In de motivering van het raadsbesluit is ten aanzien van het overgangsrecht opgenomen: “In het kader van het overgangsrecht, behandelt het college aanvragen voor huisvesting van arbeidsmigranten die in het verleden door de gemeenteraad positief zijn beoordeeld op basis van artikel 6, in overeenstemming met het principebesluit van de raad”. Onderhavige plan – waarvoor op 14 juli 2022 reeds op grond van artikel 6 door de gemeenteraad goedkeuring is gegeven – valt derhalve onder het overgangsrecht.

Het plan maakt op grond van het overgangsrecht gebruik van de beleidsregels van 8 oktober 2019, waarin artikel 6 nog van toepassing is. Op 13 februari 2023 zijn de nieuwe beleidsregels – zonder artikel 6 – gepubliceerd en in werking getreden. Toetsing artikel 2 In artikel 2 van de ‘beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon’ zijn algemene regels opgenomen waar alle logiesfuncties aan moeten voldoen. Onderstaand vindt de toetsing plaats aan de negen regels uit artikel 2. 1. Logiesfuncties doen geen onevenredige afbreuk aan, of leveren geen onevenredige hinder of beperkingen op voor aangrenzende of nabije functies en bestemmingen. De logiesfunctie is gelegen in het landelijk gebied. De afstand tot de dichtstbijzijnde woonfunctie is circa 360 meter. Direct omliggende percelen hebben de bestemming agrarisch (onbebouwd). Het plan voorziet in een spuitzonering van 50 meter rondom de tijdelijke logiesfunctie waarbij een beperking in het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen geldt. Het betreft gronden die in eigendom en gebruik zijn van de initiatiefnemer zelf. Eén perceel is in eigendom van een derde partij. Initiatiefnemer is zelf de gebruiker en heeft met deze derde partij privaatrechtelijke afspraken gemaakt.

De logiesfunctie doet derhalve geen onevenredige afbreuk of levert geen onevenredige hinder of beperkingen op voor aangrenzende of nabije functies en bestemmingen. 2. Logiesfuncties voorzien in een goed leefklimaat Het plan voorziet in een goed leefklimaat. De locatie kent een geluidsbelasting die valt binnen de geldende normen. Door middel van het aanbrengen van een spuitzonering van 50 meter rondom de tijdelijke logiesfunctie wordt bescherming geboden tegen mogelijke gezondheidsrisico’s die volgen uit het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op omliggende percelen. De logiesaccommodatie wordt gerealiseerd conform het bouwbesluit voor tijdelijke objecten en voldoet aan alle geldende regels t.a.v. daglichttoetreding, ventilatie, brandveiligheid en andere kwalitatieve zaken. 3. Logiesfuncties beschikken per logiesplek over ten minste 12 vierkante meter gebruiksoppervlakte en maximaal twee bedden per slaapvertrek De logiesfunctie omvat maximaal 36 wooneenheden met ieder twee slaapkamers van ten minste 12 vierkante meter. Per slaapkamer zullen maximaal twee bedden worden geplaatst.

Pagina 34 van 73

4. De gemeente kan met de initiatiefnemer een planschadeverhaalsovereenkomst en/of anterieure overeenkomst sluiten, als een exploitatieplan voor het verhalen van de gemaakte kosten noodzakelijk wordt gevonden De gemeente Hollands Kroon sluit met de initiatiefnemer een planschadeverhaalsovereenkomst. 5. Grootschalige logiesfuncties beschikken ten minste over een gezamenlijke recreatieruimte, waarbij de totale oppervlakte(n) van de ruimte(s) minimaal 2,5 vierkante meter per logiesplek omvat. Alle 36 wooneenheden beschikken over een gezamenlijke woonkamer/recreatieruimte die ruimschoots voldoet aan de minimale oppervlaktevereisten. 6. Logiesfuncties voorzien in voldoende parkeergelegenheid, als uitgangspunt geldt de CROWnormering Kamerverhuur (zelfstandig, niet studenten). Het plan voorziet in 45 parkeerplaatsen op eigen terrein. Daarmee wordt voldaan aan de CROW-normering Kamerverhuur (zelfstandige, niet studenten) en het gemeentelijke parkeerbeleid van Hollands Kroon. 7. De aaneengesloten logiesperiode voor een tijdelijke medewerker bedraagt maximaal 12 maanden; In onderhavige plan is sprake van een logiesbestemming waar mensen gedurende het gehele jaar nooit langer dan zes maanden achtereen verblijven. Daarmee wordt voldaan aan het gestelde criterium. 8. De initiatiefnemer stelt een door de gemeente goed te keuren beheerplan op. Door AgroStar Uitzendorganisatie B.V.

is een beheerplan opgesteld. Deze is bijgevoegd als bijlage 22 bij onderhavige toelichting op het bestemmingsplan. De gemeente zal dit beheerplan beoordelen in het kader van de beoordeling aanvraag omgevingsvergunning. 9. Vergunningen worden verleend voor maximaal 20 jaar. De logiesfunctie wordt bestemd voor een periode van 11 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan. Het betreft 1 jaar bouwtijd en een maximale exploitatie periode van 10 jaar na het moment van ingebruikname. Daarmee wordt voldaan aan dit criterium. Conclusie: Op 14 juli 2022 heeft de gemeenteraad op basis van artikel 6 van de ‘Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon d.d. 8 oktober 2019’ ingestemd met het principeverzoek van AgroStar Uitzendorganisatie B.V. om een tijdelijke logiesaccommodatie voor 100 personen te realiseren op de locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp en te exploiteren voor een periode van 10 jaar. Op 13 oktober 2022 heeft de gemeenteraad ingestemd met nieuwe beleidsregels, waarbij artikel 6 vervalt. Onderhavige plan valt onder het overgangsrecht, waardoor de beleidsregels van 8 oktober 2019 – met inbegrip van artikel 6 – van toepassing zijn op dit plan. Het initiatief voldoet aan de algemene regels zoals geformuleerd in artikel 2 van de ‘Beleidsregels logiesfuncties tijdelijke medewerkers Hollands Kroon’.

5.4.3

Algemene conclusie gemeentelijk beleid

Algemene conclusie gemeentelijk beleid Gelet op bovenstaande bevindingen past het plan binnen het gemeentelijke beleid en zijn er geen belemmeringen voor het plan.

Pagina 35 van 73

6.

Milieuaspecten en planologische randvoorwaarden

6.1

Cultuurhistorie

De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp ligt in de voormalige Kostverlorenpolder. De oorspronkelijke boerderij is in 1920 gebouwd en diverse keren verbouwd, uitgebreid en gemoderniseerd (bron: DC Holland). Tot 2018 was op de locatie een boerderij actief (intensieve veehouderij). De gronden om en tegenover de boerderij bestonden voornamelijk uit grasland. De laatste jaren worden de gronden door A.S. de Boer BV beteeld met kool, pootaardappelen, mais, bloembollen en andere agrarische gewassen. Onderstaande kaart toont de verkaveling van het agrarische gebied vóór de ruilverkaveling.

Figuur 18: Ligging plangebied Westerweg 27 in Kostverloren Polder (Bron: www.topotijdreis.nl)

6.2

Archeologie

Op 1 juli 2016 is de Erfgoedwet in werking getreden. De Erfgoedwet vormt samen met de Omgevingswet het wettelijke fundament voor de cultuurhistorie en archeologie in Nederland. In de Erfgoedwet is vastgelegd hoe met ons erfgoed wordt omgegaan, wie welke verantwoordelijkheden daarbij heeft en hoe het toezicht daarop wordt uitgeoefend. De gemeente is verplicht om gebieden met archeologische verwachtingen te beschermen. In bestemmingsplannen hebben sommige gebieden daarom een archeologische dubbelbestemming. Archeologie Westfriesland heeft een quickscan Archeologie uitgevoerd. Deze is bijgevoegd als bijlage 4. In de quickscan wordt verwezen naar de beleidskaart archeologie van gemeente Hollands Kroon. Hierin zijn vrijstellingsgrenzen aangegeven voor het uitvoeren van archeologisch onderzoek. De meest recente versie dateert van 14 juli 2022. In onderstaand figuur is een uitsnede van deze beleidskaart archeologie weergegeven. De locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp kent een middelhoge verwachting voor het aantreffen van vindplaatsen met archeologische waarden. Hiervoor geldt een vrijstelling voor het aanleveren van documentatie of archeologisch onderzoek voor bouwplannen met een oppervlakte <2.500m2 of bouwplannen met een oppervlakte >2.500m2, maar waar de grond niet dieper wordt geroerd dan 40 centimeter.

Pagina 36 van 73

Figuur 19: Ligging plangebied Westerweg 27 in de beleidskaart archeologie Hollands Kroon d.d. 14 juli 2022

Figuur 20: Plangebied Westerweg 27 (rode omlijning) kent een middelhoge verwachting in de beleidskaart archeologie Hollands Kroon

De in het vigerende Bestemmingsplan Buitengebied voormalige gemeente Niedorp voor ‘Waarde – Archeologie 4’ aangewezen gronden zijn – naast de andere voor die gronden aangewezen basisbestemmingen – mede bestemd voor het herstel en behoud van archeologische waarden. Aanvullend op de bouwregels in de andere voor de betreffende gronden aangewezen bestemmingen gelden de volgende bouwregels: Pagina 37 van 73

a. Voor bouwwerken moet alvorens een omgevingsvergunning voor bouwen wordt verleend, door de aanvrager: 1. documentatie of archeologisch onderzoek worden overgelegd op grond waarvan kan worden aangetoond dat de archeologische waarden reeds verstoord zijn; 2. archeologisch onderzoek worden overgelegd op grond waarvan kan worden vastgesteld of en zo ja, in hoeverre archeologische waarden worden verstoord. c.

De verplichting onder a geldt niet voor bouwplannen: 1. die betrekking hebben op een oppervlakte van niet meer dan 2.500 m²; 2. die betrekking hebben op een oppervlakte van meer dan 2.500 m² maar die niet dieper gaan dan 40 cm.

Het planvoornemen gaat uit van ontgravingen ten behoeve van de logiesaccommodatie en ten behoeve van de nieuw te bouwen bedrijfswoning Westerweg nr. 27. In de bestaande situatie is ook al sprake van ontgravingen ter plaatse van de mestkelders. In onderstaande tabel is de berekening weergegeven van de netto ontgravingen. Nr. Omschrijving 1. Ontgraving >40cm diepte t.b.v. grondriool en opslagtank afvalwater logiesaccommodatie 2. Ontgraving > 40cm diepte t.b.v. bedrijfswoning nr. 27 3. Ontgraving >40cm diepte t.b.v. oppervlaktewater/watercompensatie Saldo netto nieuwe ontgravingen

Oppervlakte in m2 371 +/+ 131 +/+ 351 +/+ 853

Tabel 5: berekening saldo netto nieuwe ontgravingen.

In onderstaand figuur zijn de locatie weergegeven van de ontgravingen dieper dan 40cm ten opzichte van het maaiveld.

Figuur 21: Ontgravingen Westerweg 27 >40cm t.o.v. maaiveld. Bron: ME2 Architecten BNA, tekening S-01 d.d. 16-10-2023.

Pagina 38 van 73

Het saldo van de netto nieuwe ontgravingen heeft een oppervlakte kleiner dan 2.500m2. Hiermee vervalt de verplichting om bij de aanvraag omgevingsvergunning documentatie of archeologisch onderzoek te overleggen. Aanvullend proefsleuvenonderzoek is niet nodig constateert Archeologie Westfriesland. De dubbelbestemming Waarde-Archeologie 4 blijft gehandhaafd om de eventueel aanwezige archeologische waarden te beschermen. Conclusie: De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het voorgenomen bouwplan. De geplande ingrepen zullen de archeologische vrijstellingsgrenzen niet overschrijden. Nader archeologisch onderzoek in het kader van de Archeologische Monumentenzorg niet noodzakelijk. De dubbelbestemming Waarde-Archeologie 4 blijft gehandhaafd om de eventueel aanwezige archeologische waarden te beschermen.

6.3

Water

6.3.1 Europese Kaderrichtlijn Water Sinds 22 december 2000 is de Europese “Kaderrichtlijn Water”(KRW) van kracht. De richtlijn wil het duurzaam gebruik van water bevorderen en de gevolgen van overstroming en droogte beperken. Daarnaast wil de richtlijn de aan watergebonden natuur beschermen en verbeteren met als uitgangspunt een goede ecologische toestand van het water. Het RIVM adviseert de Nederlandse overheid in de vertaling van de KRW in landelijk beleid. Dit gebeurt in overleg met provincies, waterschappen, gemeenten, stakeholders zoals de waterwinbedrijven en onderzoeksinstituten. Het RIVM adviseert over maatregelen die genomen kunnen worden, over welke stoffen relevant zijn om een norm voor vast te stellen en hoe hoog die norm dan moet zijn. Conclusie: Het plan is in overeenstemming met de Kaderrichtlijn Water. 6.3.2 Watervisie 2021 De provincie is medeverantwoordelijk voor schoon water en schone waterbodems. Schoon oppervlakte- en grondwater zijn wettelijk geregeld via de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). De KRW is verwerkt in Nederlandse wetgeving. Noord-Holland ligt in het stroomgebied Rijn-West. Provinciale Staten hebben op 16 november 2015 het provinciaal waterplan, Watervisie 2021, vastgesteld. De Watervisie 2021 beschrijft de prioriteiten van de provincie op het gebied van waterveiligheid en schoon en voldoende (drink)water in de periode 2016-2021.

Binnen deze kaders gaan waterschappen en gemeenten maatregelen treffen om ons te beschermen tegen wateroverlast en om de waterkwaliteit te verbeteren. Het opstellen van een waterplan is een wettelijke taak van de provincie. Conclusie: Het plan is in overeenstemming met de Watervisie 2021. 6.3.3 Waterplan 2022-2027 Op 21 december 2021 is het Waterplan 2022-2027 (WBP6) vastgesteld door het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Per 1 januari 2022 is het Waterplan 2022-2027 is werking getreden. Het Waterplan beschrijft de doelen en ambities van HHNK, die in het plan ‘maatschappelijke effecten’ worden genomen. Deze maatschappelijke effecten zijn beschreven voor de onderwerpen waterveiligheid, voldoende water, gezond water, schoon water, veilige (vaar)wegen, crisisbeheersing en bestuur & organisatie. Pagina 39 van 73

Naast de maatschappelijke effecten draagt HHNK ook bij aan maatschappelijke thema’s. De vijf meest relevante zijn: ruimtelijke adaptatie, omgevingswet, duurzaamheid, biodiversiteit en datagestuurd werken. Tot slot zet HHNK met het Waterplan 2022-2027 in op gebiedsgericht werken. Voor de locatie Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp geldt dat dit valt binnen het gebied ‘Waterdelen VRNK-boezem + grote ondiepe kanalen en ringvaarten. De ambitie is om in 2027 de volgende status te bereiken: “Troebel watersysteem met lokaal in laag belaste delen van de boezem kansen op helder water”. Te nemen maatregelen zijn gericht op versterken van biodiversiteit en op stimuleren van een gezonde duurzame bedrijfsvoering landbouw. 6.3.4 Water in het plan/Watertoets Naast het Waterplan 2022-2027 beschikt het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) over een verordening, de Keur 2016. Hierin staan de geboden en verboden die betrekking hebben op waterlopen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een watervergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de waterlopen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels. De watertoets is verplicht voor nieuwe plannen in ruimtelijke ordening, zoals bestemmingsplannen, projectbesluiten en partiële herzieningen.

Via de Digitale Watertoets – welke is bijgevoegd als bijlage 5 – is aan het HHNK gevraagd een reactie te geven op het plan aan de Westerweg 27 te Nieuwe Niedorp. In dit advies staan de maatregelen opgenomen die HHNK adviseert om wateroverlast te voorkomen en het water in de sloten schoon te houden. Normale procedure Op basis van watertoets heeft HHNK aangegeven dat bepaalde aspecten van het plan een zodanige invloed hebben op de waterhuishouding, dat het waterschap graag in overleg wil over de invloed en de te treffen maatregelen. Hierdoor kan de normale procedure worden gevolgd voor de watertoets. Verharding en benodigde watercompensatie Uit de ‘vergelijking verharding bestaand vs nieuw’ – welke is weergegeven in paragraaf 3.2.4 en is bijgevoegd als bijlage 6 – blijkt dat er ongeveer 1.951 m² verharding op de planlocatie wordt toegevoegd. Het beleid van HHNK schrijft voor dat bij een toename aan verharding van meer dan 800 m² er sprake is van een opgave voor watercompensatie. Om de gevolgen van verhardingstoename te compenseren berekent heeft het HHNK berekend hoeveel extra waterberging er in het betreffende peilgebied gerealiseerd moet worden.

Hierbij is voor het plangebied uitgegaan van: - Een peilstijging van 0,23 meter, die statistisch eens in de 25 jaar kan voorkomen; - Een gemaalcapaciteit van 14,4 millimeter per dag; - Een drooglegging van 1,55 meter; - Een gebruik van een gescheiden rioolstelsel; - Grondsoort klei. Voor dit peilgebied bedraagt de benodigde watercompensatie 18% van het extra oppervlak aan verharding dat versneld tot afvoer in het oppervlaktewater komt. Met een verhardingstoename in het plangebied van de genoemde 1.951 m2 betekent dat dat er 351 m2 extra open water gegraven zal moeten worden. Vooroverleg Op maandag 2 oktober 2023 heeft vooroverleg plaatsgevonden tussen de initiatiefnemer en HHNK. In dit overleg zijn afspraken gemaakt over compenserende maatregelen. Het door HHNK goedgekeurde verslag van het vooroverleg is bijgevoegd als bijlage 7.

Pagina 40 van 73

Waterkwaliteit en compenserende maatregelen Het plan maakt het mogelijk om tijdelijke medewerkers op de locatie te huisvesten. Bij de huisvesting van tijdelijke medewerkers zal ook een stroom aan huishoudelijk afvalwater vrijkomen wat op een geschikte wijze gereinigd zal moeten worden. In het plan zijn de volgende maatregelen opgenomen: 1. Aanleg gescheiden riolering, waarbij het hemelwater wordt afgekoppeld van het afvalwater o Huishoudelijk afvalwater wordt opgevangen in twee afvalwatertanks van ieder 20m3 (totaal 40m3). Het afvalwater wordt afgevoerd per vrachtwagen naar een afvalwaterzuiveringslocatie. Zowel de logiesvoorziening als de nieuwe bedrijfswoning Westerweg nr. 27 worden op de afvalwatertanks aangesloten. o Hemelwater wordt afgevoerd naar oppervlaktewater. 2. Watercompensatie: 351m2. Een bestaande watergang parallel langs de Westerweg wordt verbreed. In onderstaand figuur is de verbreding van de watergang t.b.v. watercompensatie weergegeven.

Figuur 22: Watercompensatie Westerweg 27. Bron: ME2 Architecten BNA, tekening S-03 d.d. 10-10-2023.

Conclusie: Het plan heeft een toename van verharding van circa 1.951m2 tot gevolg. Door verbreding van een bestaande watergang parallel aan de Westerweg wordt 351m2 oppervlaktewater toegevoegd. Het plan voorziet in de aanleg van een gescheiden rioolstelsel op eigen terrein. Hemelwater wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater. Huishoudelijk afvalwater wordt opgevangen in een afvalwateropslag van 40m3 en per vrachtwagen afgevoerd naar een zuiveringslocatie voor huishoudelijk afvalwater. De uitgevoerde maatregelen zijn tot stand gekomen in afstemming en met goedkeuring van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Op 19 oktober 2023 is een Watervergunning aangevraagd door de initiatiefnemer. Pagina 41 van 73

6.4

Bedrijven en milieuhinder

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de functionele afstemming tussen bedrijven, voorzieningen en hindergevoelige functies noodzakelijk. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van richtafstanden (betreffende geluid, geur, stof en gevaar) uit de basiszoneringslijst in de publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' (2009) van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) waarbij minimale richtafstanden voor hinderveroorzakende bedrijven en voorzieningen ten opzichte van hindergevoelige functies nageleefd dienen te worden. Functies rondom het agrarische bedrijfsperceel blijken woonfuncties en agrarische bedrijvigheid van derden te zijn. Het voorliggende project betreft de huisvesting van tijdelijke werknemers op een bestaand agrarisch bedrijfsperceel. Echter, zolang het perceel in gebruik is voor de huisvesting van tijdelijke werknemers, zullen er geen agrarische bedrijfsactiviteiten plaatsvinden. De huidige agrarisch bedrijfsopstallen worden namelijk grotendeels gesloopt. De opstallen die wel blijven staan krijgen een functie en gebruik t.b.v. de huisvesting van de tijdelijke werknemers. Er zal derhalve geen sprake zijn van hinder door agrarische bedrijfsactiviteiten. Bovendien komt de functieaanduiding ‘intensieve veehoudering’ permanent te vervallen. Naar buiten toe leidt het planvoornemen evenmin tot hinder op gevoelige functies (zoals woningen van derden).

Een inperking in ontwikkelingsmogelijkheden van bedrijvigheid in de omgeving is niet aan de orde. Conclusie: Het voorgenomen plan is wat betreft bedrijven- en milieuhinder uitvoerbaar

6.5

Verkeer en parkeren

Internationale medewerkers reizen vaak met het openbaar vervoer heen en weer tussen Nederland en het thuisland of aanvaarden met meerdere mensen de reis in één autovoertuig. Ruim 60% van de werknemers heeft een werklocatie binnen een straal van enkele kilometers van de huisvestingslocatie. Deze werknemers kunnen mogelijk per fiets van en naar de werklocatie. AgroStar Uitzendorganisatie BV is voornemens om gratis fietsen beschikbaar te stellen aan de werknemers. Werknemers krijgen ook een extra reiskostenvergoeding als zij met de fiets naar het werk gaan. Hiermee worden de werknemers gestimuleerd om met de fiets naar de werklocatie te gaan. Tot een afstand van circa 6 kilometer hemelsbreed (maximaal 8 kilometer werkelijke fietsafstand) is dit een haalbare optie. Voor werklocaties op grotere afstand is collectief vervoer beschikbaar. Bij vervoer met motorvoertuigen wordt zo veel mogelijk ingezet op carpoolen. Piektijden van motorvoertuigbewegingen zullen op werkdagen en op zaterdag tussen 6:00 en 7:00 zijn en tussen 17:00 en 19:00 uur. Ten aanzien van de verkeersgeneratie van deze specifieke huisvestingslocatie zijn geen kencijfers bekend bij CROW1. Wel zijn er algemene kencijfers beschikbaar voor Kamerverhuur, zelfstandig (niet-studenten).

De verkeersgeneratie bedraagt daarvoor in het buitengebied tussen de 1,8 en 2,3 ritten per kamer (CROWpublicatie 381: Toekomstbestendig parkeren – Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie). Het planvoornemen omvat het bieden van logies in 36 zelfstandige wooneenheden met ieder twee slaapkamers voor in totaal ten hoogste 100 personen. Planologisch-juridisch kan worden gesteld dat de functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’ in het vigerende bestemmingsplan een verkeersproductie heeft, die ten opzichte van de beoogde huisvestingslocatie van vergelijkbare orde van grootte kan zijn. Bij een veehouderij is sprake van een significant aantal vrachtwagens. Voor de tijdelijke huisvestingslocatie worden nauwelijks vrachtwagenbewegingen verwacht, behoudens voor het afvoeren van afvalwater. 6.5.1 Verkeersgeneratie huisvesting logies In de periode juli tot en met februari 2023 heeft Goudappel Coffeng in opdracht van Farm Field Onroerend Goed BV een verkeersonderzoek uitgevoerd. De resultaten hiervan worden onderstaand samengevat weergegeven. Het volledige verkeersonderzoek is 31 oktober 2023 opgeleverd en bijgevoegd als bijlage 8. 1

Het CROW is het nationale kennisplatform voor verkeer, vervoer en openbare ruimte

Pagina 42 van 73

Het perceel Westerweg 27 wordt met een eigen in-/uitrit vanaf de Westerweg ontsloten. Dit betreft een erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 60 km/h. Uitgangspunt voor de verkeersgeneratie is een gemiddelde bezetting van 85%. Dit is in lijn met de gemiddelde leegstand van alle door AgroStar Uitzendorganisatie in gebruik zijnde huisvestingsplekken in 2021. De verwachte bezetting per periode is uitgewerkt in onderstaande tabel.

Tabel 6: Verwachte bezettingsgraad tijdelijke logiesaccommodatie per periode.

In onderstaande tabel is een aantal praktijksituaties weergegeven waarbij de verkeersgeneratie voor de huisvesting van arbeidsmigranten is berekend.

Tabel 7: Vergelijkbare praktijksituaties huisvesting arbeidsmigranten

Uit ervaringscijfers van AgroStar Uitzendorganisatie BV blijkt dat circa 80% van de internationale werknemers niet over een rijbewijs beschikt. Slechts 10% van de internationale medewerkers beschikt over een eigen auto. AgroStar stimuleert het gebruik van de fiets. Er worden fietsen beschikbaar gesteld en wanneer een werknemer deze fiets gebruikt voor woon-werkverkeer krijgt deze een fietsvergoeding van € 10,- per week. Aangenomen wordt dat 6 kilometer hemelsbreed (maximaal 8 kilometer werkelijke afstand) een maximale fietsafstand is voor woon-werk verkeer. Voor het fietsgebruik zijn twee scenario’s opgesteld, welke in onderstaande tabel zijn weergegeven.

Pagina 43 van 73

Tabel 8: Overzicht scenario’s met werkgerelateerde verplaatsingen

De scenario’s resultaten in een verkeersgeneratie per gemiddelde werkdag, die in onderstaande tabel is weergegeven. Deze cijfers gaan uit van 100% bezettingsgraad, ofwel 100 logies.

Tabel 9: Verkeersgeneratie aantal motorvoertuigen per etmaal per scenario voor een gemiddelde werkdag

In onderstaande tabel is de verkeersgeneratie voor een gemiddelde werkdag per scenario afgezet tegen de bezettingsgraad door het jaar heen.

Tabel 10: Verkeersgeneratie aantal mvt/etm per scenario voor een gemiddelde werkdag, gerelateerd aan de bezettingsgraad per periode

6.5.2 Verkeerskundige analyse Uit de berekening is gebleken dat de maximale verkeersgeneratie van de huisvestingsvoorziening ten hoogste 98 mvt/etm bedraagt. Vervolgens is de verkeersverdeling hiervan onderzocht. AgroStar Uitzendorganisatie BV heeft haar bedrijfswagens uitgevoerd met een GPS-systeem waarin een zogenaamde verboden zone kan worden ingesteld. Zodra een bestuurder een verboden zone in rijdt, krijgt de beheerder hiervan een melding. De bestuurder wordt bij overtreding aangesproken. In onderstaand figuur is de verkeersverdeling vanaf de locatie Westerweg 27 weergegeven, inclusief de verboden zones (Westerweg 16, 33, 18 en 2 t/m 25a).

Pagina 44 van 73

Figuur 23: Verkeersverdeling naar werklocaties in percentages, inclusief verboden zones (X)

In onderstaand figuur zijn wegvakken weergegeven.

Figuur 24: Situering wegvakken

In onderstaande tabel is voor de in figuur 24 weergegeven wegvakken de verkeersintensiteit per wegvak weergegeven.

Pagina 45 van 73

Tabel 11: Verkeersintensiteit per wegvak

In de tabel is te zien dat de maximaal gewenste capaciteit in alle gevallen (uitzondering het Hoefje) hoger ligt dan het huidig gebruik inclusief de extra bijdrage. Aandachtspunt is voor de gemeente het Hoefje. In de huidige situatie ligt het gebruik al hoger dan de wenselijke capaciteit. De planbijdrage is hier slechts beperkt, maar het huidig gebruik is in dit geval hoger dan de gewenste maximale capaciteit. Echter, in januari 2023 is KWS Infra in opdracht van de gemeente Hollands Kroon al begonnen aan een reconstructie van het Hoefje. Hierbij wordt de aansluiting van het Hoefje op de Trambaan, ter hoogte van de Nieuwe Niedorperweg, afgesloten voor doorgaand auto- en vrachtverkeer. Verkeer (inclusief bus) rijdt in het vervolg via de Boomgaardweg en Trambaan. Hiermee komt ook het aandachtspunt van het Hoefje voor de gemeente te vervallen. Het huidig gebruik betreft een inschatting op basis van verkeerstellingen en door de Gemeente aangeleverde gegevens. De extra bijdrage verkeer vanuit de huisvestingslocatie is beperkt ten opzichte van het heersende verkeersbeeld. Ook wanneer de maximale 97 mvt/etm over één bepaald wegvak zouden rijden, passen de intensiteiten binnen de gewenste capaciteiten. 6.5.3 Parkeren Op basis van 72 kamers (28 tweepersoons- en 44 eenpersoonskamers) logies en de overige functies zijn volgens de berekeningen 42 parkeerplaatsen nodig. Hierbij is t.a.v.

logies uitgegaan van een parkeernorm van 0,7 per tweepersoonskamer en 0,35 per éénpersoonskamer. In onderstaande tabel 13 is de berekening van het aantal parkeerplaatsen weergegeven.

Tabel 12: Overzicht aantal parkeerplaatsen

Pagina 46 van 73

De parkeerplaatsen zijn bestemd voor eigen auto’s van de logies en voor medewerkers van AgroStar Uitzendorganisatie BV, of voor ander collectief vervoer. Uit praktijkervaringen blijkt dat circa 10% van de werknemers over een eigen auto beschikt. Daarmee zouden voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Fietsen kunnen gestald worden in de facilitaire ruimte. Ook zijn er parkeerplaatsen opgenomen voor de plattelandswoning nr. 27a en de bedrijfswoning nr. 27. In overleg met de gemeente Hollands Kroon heeft de initiatiefnemer besloten om 45 parkeerplaatsen te realiseren. Daarmee wordt ruimschoots voldaan aan de parkeerbehoefte. 6.5.4

Conclusie Verkeer en Parkeren

Conclusie: Er vinden door het planvoornemen geen onevenredige verkeerseffecten plaats en de wegvakken behouden voldoende capaciteit. Er is ruim voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein gerealiseerd.

6.6

Geluid

De Wet geluidhinder (Wgh) vormt het juridische kader voor het Nederlandse geluidbeleid. De Wgh bevat een uitgebreid stelsel van bepalingen ter voorkoming en bestrijding van geluidshinder door onder meer industrie, wegverkeer en spoorwegverkeer. De Whg richt zich voornamelijk op de bescherming van de woonomgeving en bevat normen voor de geluidbelasting op geluidsgevoelige bestemmingen (o.a. woningen). 6.6.1 Logiesaccommodatie is geen geluidgevoelig object In verband met een aanvaardbaar woon- en leefklimaat heeft de Regionale Uitvoeringsdienst NoordHolland-Noord (RUD) aangegeven dat een logiesaccommodatie waar personen langer dan zes maanden verblijven als een geluidsgevoelig object worden beoordeeld. Uit jurisprudentie blijkt dat als een logiesaccommodatie langer dan zes maanden achtereen bewoond mag worden, er geen sprake is van een logiesbestemming, maar van een woonbestemming met kamergewijze verhuur. In onderhavige plan is sprake van een logiesbestemming waar mensen gedurende het gehele jaar nooit langer dan zes maanden achtereen verblijven. De logiesaccommodatie hoeft dan ook niet als een geluidsgevoelig object te worden beoordeeld in het kader van de Wet geluidhinder, waardoor niet getoetst hoeft te worden aan de voorkeursgrenswaarden.

6.6.2 Plattelandswoning en bedrijfswoning Bij de realisatie van (bedrijfs)woningen nabij bedrijven moet worden beoordeeld of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Van belang is om aan te tonen dat: - Er een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zal zijn; en - Bedrijven niet onevenredig belemmer worden. De Wet geluidhinder (Wgh) kent de begrippen bedrijfswoning en plattelandswoning niet. Een bedrijfswoning en een plattelandswoning zijn – net als een gewone woning – dus een geluidgevoelige objecten. Bedrijven in de omgeving – behalve het eigen bedrijf waartoe de bedrijfswoning behoort – moeten dus rekening houden met deze bedrijfswoning en plattelandswoning. Dit geldt alleen voor bedrijfswoningen en plattelandswoningen die in de geluidszone liggen. Voor wegverkeer stelt de Wgh dat in principe de geluidsbelasting op geluidsgevoelige functies de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet mag overschrijden. Indien nieuwe geluidgevoelige of geluidbelastende functies worden toegestaan, stelt de Wgh de verplichting akoestisch onderzoek te verrichten naar de geluidsbelasting ten gevolge van alle (spoor)wegen op een bepaalde afstand van de geluidgevoelige functie. Pagina 47 van 73

In onderstaand figuur is de locatie van de nieuw te bouwen bedrijfswoning Westerweg 27 in rood weergegeven op een luchtfoto met de geluidsbelasting. De plattelandswoning Westerweg 27a is in blauw weergegeven. De plattelandswoning Westerweg 27a en de nieuw te bouwen bedrijfswoning 27 zijn gelegen in de zone 46-50 dB.

Figuur 25: Geluidsbelasting wegverkeer Westerweg 27. Bron: Atlasleefomgeving.nl met data RIVM, 2020

De Westerweg is een weg buiten de bebouwde kom met een 60 km/uur -snelheidsregime. De mate waarin het geluid, veroorzaakt door het wegverkeer, door spoorwegverkeer en/of inrichtingen (industrielawaai) het woonmilieu mag belasten, is geregeld in de Wgh. Voor wegverkeer stelt de wet dat in principe de geluidsbelasting op geluidsgevoelige functies de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet mag overschrijden. Op 26 maart 2020 is het bestemmingsplan 'Westerweg Nieuwe Niedorp' vastgesteld. In bijlage 2 van dat bestemmingsplan is een akoestisch onderzoek opgenomen. Op basis van de verkeersintensiteit die in dat onderzoek is aangehouden, is door Sain milieuadvies een berekening uitgevoerd naar de te verwachten geluidsbelasting op de geplande huisvesting aan de Westerweg 27. Hierbij zijn de volgende aannames gedaan: - De verkeersintensiteit ten oosten en westen van de kanaalweg zijn vergelijkbaar; - De autonome groei van het wegverkeer bedraagt 1,5% per jaar; - De bedrijfswoning komt op circa 27 meter van de as van de weg; - De bedrijfswoning bestaat uit (maximaal) 2 bouwlagen. Uit de door Sain milieuadvies berekende geluidsbelasting blijkt dat de geluidsbelasting inclusief aftrek ex. art 110G Wgh 45 dB bedraagt. Daarmee wordt aan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder voldaan. De berekening is bijgevoegd als bijlage 9.

Conclusie: Het aspect geluid vormt geen belemmering om de logiesfunctie en de bedrijfswoning te realiseren.

Pagina 48 van 73

6.7

Luchtkwaliteit

Luchtkwaliteit is op meerdere gebieden van belang. Zo dient een bestemmingsplan geen ontwikkelingen mogelijk te maken die in betekende mate bijdragen aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Op 15 november 2007 is het onderdeel luchtkwaliteit van de Wet milieubeheer in werking getreden. Kern van de wet is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Hierin staat wanneer en hoe overschrijdingen van de luchtkwaliteit moeten worden aangepakt. Het programma houdt rekening met nieuwe ontwikkelingen zoals bouwprojecten of de aanleg van infrastructuur. Projecten die passen in dit programma, hoeven niet meer te worden getoetst aan de normen (grenswaarden) voor luchtkwaliteit. De ministerraad heeft op voorstel van de minister van VROM ingestemd met het NSL. Het NSL is op 1 augustus 2009 in werking getreden. Ook projecten die 'niet in betekenende mate bijdragen' (NIBM) op de luchtkwaliteit hoeven niet meer te worden getoetst aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit. De criteria om te kunnen beoordelen of er voor een project sprake is van NIBM, zijn vastgelegd in de AMvB-NIBM. In de AMvB-NIBM is vastgelegd dat na vaststelling van het NSL of een regionaal programma een grens van 3% verslechtering van de luchtkwaliteit (een toename van maximaal 1,2 μg/m3 NO2 of PM10) als ‘niet in betekenende mate’ wordt beschouwd.

6.7.1 NIBM-Tool Voor kleinere ruimtelijke en verkeersplannen die effect kunnen hebben op de luchtkwaliteit heeft het toenmalige Ministerie van VROM in samenwerking met InfoMil een specifieke rekentool ontwikkeld. Daarmee kan op een eenvoudige en snelle manier worden bepaald of een plan niet in betekenende mate bijdraagt (NIBM) aan de concentratie van een stof in de buitenlucht. Het grote voordeel van deze NIBM-rekentool is dat slechts een beperkt aantal invoergegevens nodig is. Alleen het extra aantal voertuigbewegingen en het aandeel vrachtverkeer worden ingevoerd. Voor de overige invoergegevens is in de tool uitgegaan van worst-case. Met beperkte invoergegevens kan dus worden vastgesteld of een plan NIBM is. De onderzoekslasten voor een gemeente kunnen daardoor bij kleinere plannen zeer beperkt blijven. Het doel van deze tool is: • Eenvoudig en snel bepalen of een plan in betekenende mate bijdraagt aan de concentratie van een stof in de buitenlucht; • Het beperken van de onderzoekslast bij kleinere projecten; • Het vaststellen van grenzen voor het aantal extra voertuigbewegingen dat niet zal leiden tot een concentratietoename die groter is dan de grens voor niet in betekenende mate. De NIBM-tool versie 31-08-2020 is een Excel-applicatie op basis van Rekenmethode 1 (Rbl 2007).

Bij een huisvestingslocatie voor tijdelijke medewerkers speelt luchtkwaliteit alleen een rol door de verkeersbewegingen. Door de huisvesting van tijdelijke medewerkers op het perceel aan de Westerweg 27 zal het aantal verkeersbewegingen in een worst case scenario gering toenemen. Het aantal verkeersbewegingen is in het worst case scenario 98 motorvoertuigen per etmaal (zie 6.5 Verkeer en Parkeren).

Pagina 49 van 73

Tabel 13: berekening NIMB-tool d.d. 13-10-2023

Op basis van 98 extra voertuigbewegingen zal de bovengenoemde grens van 1,2 μg/m3 niet worden overschreden. Duidelijk is dat de huisvesting van logies kan worden aangemerkt als een project dat ‘niet in betekenende mate’ bijdraagt aan de luchtkwaliteit. Er is derhalve geen nader onderzoek nodig. Conclusie: Het realiseren van het bouwplan leidt niet tot een dusdanig extra aantal motorvoertuigbewegingen dat de luchtkwaliteit in betekenende mate wordt beïnvloed. Er is geen nader onderzoek nodig.

6.8

Ecologie

De effecten van het planvoornemen op natuurwaarden dienen te worden beoordeeld in relatie tot bestaande wet- en regelgeving op het gebied van soortenbescherming en gebiedenbescherming (Wet natuurbescherming). Het bouwplan betreft een herontwikkeling van een agrarisch bedrijf / intensieve veehouderij. De bestaande agrarische bedrijfsgebouwen worden gesloopt. Nieuwe woonunits worden grotendeels ter plaatse van de bestaande agrarische bedrijfsgebouwen binnen agrarische bedrijfsperceel gerealiseerd. Vanwege de bestaande agrarische bedrijfsactiviteiten ter plaatse (er vindt reeds verstoring plaats) en de terreinomstandigheden zijn geen belangrijke ecologische waarden te verwachten. De gronden maken eveneens geen deel uit van een beschermd natuurgebied. Beschermde gebieden zijn verder ook niet in de nabijheid van het projectgebied aanwezig. De meest nabijgelegen onderkende natuurwaarden worden gevormd door de Schoorlse Duinen (nr. 86) op 13,7 km en het Zwanenwater & Pettemerduinen (nr. 85) op 14,2 km afstand van het plangebied. In het onderzoek naar natuurwaarden zijn derhalve de effecten van de voorgenomen ingreep getoetst aan het beleid, wet- en regelgeving in het kader van de natuurbescherming. 6.8.1 Wet Natuurbescherming De Wet Natuurbescherming beschermt Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten.

In het kader van de Wet Natuurbescherming kunnen de volgende stappen worden onderscheiden voor het toetsen van een plangebied: a. Vaststellen of sprake is van beschermde gebieden in of nabij het plangebied; b. Vaststellen of de ruimtelijke ontwikkeling effect heeft op natuur. 6.8.2 Gebiedsbescherming Voor de ontwikkeling van het plan aan de Westerweg geldt dat er mogelijk stikstofdepositie plaatsvindt richting Natura 2000-gebieden in verband met de sloop van bestaande opstallen, de aanleg van de Pagina 50 van 73

Stelconplatenbaan, de plaatsing van de prefab units t.b.v. de huisvesting, de bouw van de nieuwe bedrijfswoning Westerweg 27 en de aanleg van parkeerplaatsen. Met betrekking tot externe effecten door uitstoot van stikstof, wordt allereerst opgemerkt dat ongeveer 68% van de stikstofuitstoot afkomstig is van de landbouw, ongeveer 17% van het verkeer, 5% van industrie, energie en afval en de overige 10% afkomstig is van consumenten en een veelheid aan kleinere bronnen. Het plaatsen van de logiesunits, de bouw van de bedrijfswoning en de aanleg van parkeerterrein maakt hier onderdeel vanuit. De stikstofdepositie in de bouw is o.a. afkomstig van aggregaten en andere machines. In de gebruiksfase betreft het onder meer de auto’s van toekomstige bewoners. Het hart van het plangebied is gelegen op een afstand van ongeveer 14 kilometer van het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied. Het plaatsen van de prefab units van de logiesaccommodatie heeft in het algemeen een zeer geringe bijdrage in een tijdelijke stikstofuitstoot. Met behulp van de Aeriuscalculator is een berekening uitgevoerd voor de sloop- en bouwfase, de gebruiksfase als logiesaccommodatie en de gebruiksfase als agrarisch bedrijf. Een toelichtende memo over stikstof is bijgevoegd als Bijlage 10. De Aeriusberekeningen zijn bijgevoegd als bijlage 11, 12 en 14.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=db21ad99-a3d1-463a-8b6e-ce5295874d7d