CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Rapport rekenkameronderzoek Accommodatiebeleid Hollands Kroon 2025

Raad 22 mei 2025, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Raadsvoorstel Rapport rekenkameronderzoek Accommodatiebeleid14.080 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Uit onderzoek is gebleken dat er géén 0-meting naar de maatschappelijke behoefte aan accommodaties is verricht. Het accommodatiebeleid is hier dus ook niet op gebaseerd.

2.5.2

Het accommodatiebeleid is gebaseerd op de maatschappelijke behoeften

In de kadernota accommodatiebeleid is (in 2013) antwoord gegeven op de vraag ‘Waarom worden welke accommodaties hoe in stand gehouden?’ (Kadernota accommodatiebeleid, p6). Bij het tot stand komen van het accommodatiebeleid is uitgegaan van de toen geldende strategische visie. Deze is vervolgens vertaald naar en visie voor het accommodatiebeleid. Figuur 2.21: strategische visie Hollands Kroon

Bron: Kadernota accommodatiebeleid, p7

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

33 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Figuur 2.22: visie accommodatiebeleid

Bron: Kadernota accommodatiebeleid, p7-8 Deze visie is, zo blijkt uit paragraaf 2.4, niet gevolgd. Het benoemen van basisvoorzieningen maakt geen onderdeel uit van de gekozen voorkeursvariant zoals weergegeven in figuur 2.13. In de interviews is vanuit de ambtelijke organisatie aangegeven dat richting maatschappelijke organisaties proactief wordt geadviseerd op multifunctioneel gebruik. Dit op eigen initiatief van de ambtelijke organisatie. Alleen voor de welzijnsaccommodaties ligt hier een kader aan ten grondslag zoals in figuur 2.19 is weergegeven, waarin staat dat wanneer een verenigingen de accommodatie moet verlaten (omdat deze niet levensvatbaar is), er actief gestuurd wordt op herhuisvesting in multifunctionele accommodaties. In de nota integraal accommodatiebeleid van 2015 staat dat er geen ‘spaarpot’ wordt gecreëerd voor toekomstige renovatie en vervanging van sportvelden, maar dit incidenteel beoordelen. Uit de interviews blijkt dat dit beleid nog altijd conform wordt uitgevoerd. Er is geen beoordelingskader, de gemeente baseert zich op eigen inzichten en expertise binnen het team. Het is beleidsmatig dus niet geborgd dat dit gebaseerd is op de maatschappelijke behoeften. Het is dus niet te stellen dat het accommodatiebeleid gebaseerd is op de maatschappelijke behoeften.

Het liggende beleid is vooral gericht op het op afstand zetten van de bestaande accommodaties en zeer beperkt de ontwikkeling van nieuwe (multifunctionele) accommodaties. Zoals in 2.4 duidelijk is geworden, zijn er aanvullende kaders nodig die ervoor zorgen dat de accommodaties voldoen aan de (veranderende) maatschappelijke behoeften. Dit wordt ondersteund door het onlangs door de gemeente ondertekende sportakkoord ‘Sport versterkt’, waarin staat opgenomen dat het sportaanbod (te vaak) onvoldoende aansluit op de veranderende behoefte van de sporter (Sportakkoord, p1).

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

34 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Daarnaast wordt in het sportakkoord de rol van de gemeente als volgt voorgesteld: Figuur 2.23: rol gemeente volgens sportakkoord II

Bron: Sportakkoord ‘Sport versterkt’, p5

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

35 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.5.3

Aanbevelingen

Op basis van bovenstaande doen de volgende aanbevelingen: 8. Voer een 0-meting uit naar de maatschappelijke behoefte aan accommodaties. Zet vervolgens de bestaande accommodaties tegenover deze behoefte. Neem de uitkomst van deze meting mee in aanbeveling 7 (Stel een bestuurlijk kader op voor de ontwikkeling van bestaande en nieuwe accommodaties, waarbij geborgd wordt dat de relevante trends en ontwikkelingen worden meegenomen). Daarnaast de volgende suggestie. (Deze suggestie valt buiten de scope van het accommodatiebeleid, maar kan wel bijdragen aan het welslagen ervan). Suggestie 2: Onderzoek of het nodig is om de eigenaren van de maatschappelijke accommodaties bestuurlijk en uitvoerend (verder) te ondersteunen om hun kennis en kunde op peil te houden.

2.5.4

Beantwoording deelvraag

De deelvraag voor de effectieve strategieën voor het beheer is als volgt: Welke specifieke strategieën zijn effectief voor het beheer van binnen- versus buitenaccommodaties, rekening houdend met hun unieke uitdagingen en mogelijkheden, zoals weersinvloeden, ruimtelijke beperkingen, en gebruikspatronen? Het antwoord op deze vraag is als volgt: Om specifieke strategieën te kunnen opstellen die effectief zijn voor het beheer van accommodaties, rekening houdend met de relevante uitdagingen en mogelijkheden, is het nodig dat er een 0-meting plaatsvindt waarin de maatschappelijke behoefte aan accommodaties afgezet wordt tegenover het huidige aanbod. De uitkomst van deze meting kan worden meegenomen in de kaders zoals opgenomen in de beantwoording van deelvraag 4, waarbij geborgd wordt dat de relevante trends en ontwikkelingen worden meegenomen. Het is onze suggestie om te onderzoeken of het nodig om de houders van de maatschappelijke accommodaties bestuurlijk en uitvoerend (verder) te ondersteunen om hun kennis en kunde op peil te houden. Wellicht dat deze ondersteuning al is belegd, de inhoud van het sportakkoord doet echter vermoeden van niet.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

36 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.6

Stakeholdersbetrokkenheid: deelvraag 6

In deze paragraaf gaat aan de hand van het normenkader deelvraag 6 worden beantwoord. De zesde deelvraag gaat over hoe de belangen van de stakeholders kunnen worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid: Hoe kunnen de belangen en input van stakeholders, waaronder gebruikers, buurtbewoners, lokale ondernemingen, en maatschappelijke organisaties, effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid om draagvlak en tevredenheid te maximaliseren? Dit wordt getoetst aan de hand van de volgende normen: 1. Er is een participatiebeleid; 2. Het beleid is gebaseerd op praktijkonderzoek; 3. Het beleid wordt door alle betrokkenen als transparant ervaren; 4. Het beleid is adequaat naar alle betrokkenen gecommuniceerd; 5. De beleidsdoelen zijn SMART-C geformuleerd, er is een PDCA-cyclus en de beleidsdoelen worden verwerkt in de uitvoeringsprogramma’s.

2.6.1

Er is een participatiebeleid

De gemeente Hollands Kroon heeft het participatiebeleid vormgegeven in een visie op participatie (oktober 2022) en een participatieverordening. Deze verordening is op 24 november 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Er is dus een participatiebeleid. Met het hebben van een participatiebeleid voldoet de gemeente Hollands Kroon aan het juridisch kader. In het Omgevingsbesluit is geregeld dat het bevoegd gezag, in deze de gemeente, bij de vaststelling van diverse plannen, verordeningen, visies en programma’s aangeeft op welke wijze het invulling heeft gegeven aan het participatiebeleid. De gemeente mag zelf bepalen hoe zij dit vormgeven, het hebben van een participatiebeleid volstaat.

2.6.2

Het beleid is gericht op praktijkonderzoek

Om te beoordelen of het participatiebeleid gericht is op praktijkonderzoek zijn de participatieverordening, de visie op participatie en het coalitieakkoord geanalyseerd. Beleidsmatig volgt de participatieverordening de visie op participatie van de gemeente Hollands Kroon. Deze heeft weer zijn oorsprong in het coalitieakkoord, waarin het volgende staat opgenomen: ‘Naast het verbeteren van onze communicatie zetten we ook extra in op participatie. Dat doen we door vroegtijdig in gesprek te komen met inwoners, of door te experimenteren met nieuwe participatievormen. Op deze manier kunnen we op een goede manier vooraf de maatschappelijke discussie voeren en na afloop op de juiste manier evalueren’ (Coalitieakkoord, p6). De visie op participatie en de participatieverordening geven volgens de visie invulling aan de het coalitieakkoord. Dat het beleid gericht is op praktijkonderzoek wordt duidelijk in de paragraaf ‘de gemeente is hoeder van het algemeen belang’:

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

37 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Figuur 2.24: de gemeente is hoeder van het algemeen belang

Bron: visie op participatie, p5 Uit interviews is gebleken dat stakeholders (belanghebbenden) worden bepaald aan de hand van een stakeholdersanalyse. Deze wordt uitgevoerd door team communicatie samen met beleidsmakers of projectmedewerkers. Zo worden b.v. dorpsraden betrokken indien deze relevant zijn. Ook werkt de gemeente Hollands Kroon met het Brand Strategy Research (BSR)-model die als basis dient voor elk participatieplan. Dit model is een, in de woorden van de uitgever, wetenschappelijk leefstijlmodel (…) dat de drijfveren van mensen ontrafelt, zodat je weet wat je moet doen om mensen in beweging te krijgen’ (www.leefstijlvinder.nl/hetbsr-model/). Via een doelgroepgerichte differentiatie, afgestemd op het BSR-profiel, wordt de communicatie bepaald om een zo goed mogelijke participatie te realiseren. Een voorbeeld hiervan is dat op basis van onderzoek naar de profielen de meest effectieve manie van hoe (handvatten voor gerichte communicatie) en op welke manier (via de sociale media) welke inwonersgroepen te bereiken zijn is weergegeven. Ook worden volgens de visie adviesraden en dorpsraden, kernbeheerders, gebiedsmanagers en gebiedswethouders als middelen ingezet voor praktijkonderzoek in het participatiebeleid.

Geconcludeerd kan worden dat het participatiebeleid is gericht op praktijkonderzoek en dat praktijkonderzoek als basis dient om een zo goed mogelijke participatie te realiseren.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

38 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.6.3

Participatie wordt door de betrokkenen als transparant ervaren

Participatie is transparant als het duidelijk is hoe dit proces er uit ziet en de betrokkenen op de hoogte worden gehouden van de voortgang en uitkomst van de participatie. Beleidsmatig is dit verankerd in de Visie op participatie, waarin een aantal praktische spelregels zijn weergeven. Figuur 2.25: praktische spelregels participatie

Bron: visie op participatie, p4 Het opvolgen van deze praktische spelregels biedt voldoende basis voor het als transparant ervaren van de participatie door de betrokkenen. In de participatieverordening is het informeren van betrokkenen verder uitgewerkt. Figuur 2.26: verslaglegging participatie

Bron: Participatieverordening, p2 De uitvoering van bovenstaande is getoetst om een uitspraak te kunnen doen of participatie in de praktijk als transparant ervaren wordt. Allereerst is uit de evaluatie participatieverordening n.a.v. een enquête onder 26 medewerkers en 2 initiatiefnemers naar voren gekomen dat o.a.: • • •

Het niet altijd duidelijk is hoe de verordening in de praktijk moet worden gehanteerd; Als men participatie toepast, communiceert men hier niet altijd even goed over; Extern is er behoefte aan verduidelijking van de digitale participatiewijzer;

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

39 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

•

Er moet meer duidelijkheid komen over wie welke rol heeft in het participatieproces en hier moet duidelijk over worden gecommuniceerd (Memo evaluatie participatieverordening, p2-p3).

Ten tweede is uit interviews naar voren gekomen het eindverslag zoals beschreven in figuur 2.27 niet altijd worden gedeeld met communicatie en geen onderdeel is van de standaard werkwijze. Dit komt ook terug in de evaluatie van de participatieverordening: Figuur 2.27: templates voor een participatieplan en eindverslag

Bron: Memo evaluatie participatieverordening, p3 Er kan niet worden geconcludeerd dat participatie door de betrokkenen als transparant wordt ervaren. Ondanks dat de onderzoekspopulatie beperkt is (n=28), geeft de bovengenoemde enquête, de interviews en de actie uit de evaluatie het beeld dat het participatiebeleid (nog) niet als voldoende transparant wordt ervaren.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

40 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.6.4

Participatie wordt adequaat naar alle betrokkenen gecommuniceerd

Om te kijken of participatie adequaat naar alle betrokken wordt gecommuniceerd, wordt de manier waarop participatie wordt gecommuniceerd inzichtelijk gemaakt. Eén van de belangrijkste manieren van informatievoorziening is het internet. De gemeente Hollands Kroon heeft op haar website een Handleiding voor participatie gepubliceerd. Figuur 2.28: digitale handleiding voor participatie

Bron: https://www.hollandskroon.nl/handleiding-voor-participatie/ 19-11-2024 Op deze webpagina staan ook (links naar) de Visie op Participatie en de Participatieverordening. De webpagina is een uitwerking van deze visie en verordening met een uitleg hoe participatie in de gemeente Hollands Kroon is vormgegeven.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

41 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Ook heeft de gemeente een participatieplatform gecreëerd: denkmee.hollandskroon.nl Figuur 2.29: participatieplatform denkmee

Bron: https://denkmee.hollandskroon.nl 19-11-2024 Deze site heeft inmiddels bijna 4.000 geregistreerde leden (3.991 op 19-11-2024). Via dit platform kunnen inwoners: • • • • • •

inzage krijgen in de lopende projecten; feedback geven; informatie over de participatieverordening verkrijgen; een kalender met data van participatiebijeenkomsten; een overzicht aan activiteiten inzien waar men zich voor aan kan melden; een sectie inzien met veelgestelde vragen.

De gemeente werkt ook samen met het nodige aan adviesraden en dorpsraden en zoekt deze a.d.h.v. de in 2.6.3 genoemde stakeholdersanalyse op. Bovenstaande geeft een voldoende basis om het participatiebeleid adequaat naar alle betrokken te communiceren. In sub paragraaf 2.6.3 is echter geconstateerd dat dit in de praktijk niet als dusdanig wordt ervaren.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

42 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.6.5

Expertise Drijver en Partners

Getoetst is of de beleidsdoelen SMART-C zijn geformuleerd en er een PDCA-cyclus is. Ook is gekeken of de beleidsdoelen worden verwerkt in de uitvoeringsprogramma’s en begroting. In het coalitieakkoord staat over participatie het volgende: ‘Met name bij projecten en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving willen we inwoners eerder bereiken. We zien het als taak en verantwoordelijkheid van de gemeente om te zorgen voor goede communicatie met – en (zo nodig) participatie van – inwoners. Communicatie helpt om het belang van projecten en visievorming duidelijk te maken, zodat inwoners kunnen afwegen hoe ze erbij betrokken willen zijn of welke kennis ze kunnen inbrengen. Zo brengen we gemeente en inwoners weer bij elkaar’ (Coalitieakkoord 2022-2026, p5). En: ‘Naast het verbeteren van onze communicatie zetten we ook extra in op participatie. Dat doen we door vroegtijdig in gesprek te komen met inwoners, of door te experimenteren met nieuwe participatievormen. Op deze manier kunnen we op een goede manier vooraf de maatschappelijke discussie voeren en na afloop op de juiste manier evalueren’ (Coalitieakkoord 2022-2026, p6).

De doelen zijn (dus) het verbeteren van de communicatie, om via communicatie en (zo nodig) participatie gemeente en inwoners bij elkaar te brengen, en het op een goede manier vooraf de maatschappelijke discussie kunnen voeren en na afloop op de juiste manier evalueren. De visie op participatie en de participatieverordening geven volgens de visie invulling aan de het coalitieakkoord. In de visie zijn de volgende doelstellingen opgenomen: 1.

2.

Goede buur zijn – prettig samenleven Bij plannen voor een ruimtelijke ontwikkeling, groot of klein, vinden de mensen die daar iets van gaan merken het over het algemeen prettig als de initiatiefnemer hen zelf informeert over het plan en vraagt hoe het voor hen is. Buren stellen het op prijs van de initiatiefnemer over het plan te horen en het niet in de krant te hoeven lezen op het moment dat de vergunningaanvraag wordt gepubliceerd. In plannen gaat het er niet alleen om wat een initiatiefnemer aan zijn/haar plan heeft, maar ook de omgeving en de natuur. Daar zit een soort wederkerigheid in. Tenslotte willen we allemaal prettig blijven leven in de dorpen en buurtschappen van Hollands Kroon. Maar laten we wel duidelijk zijn: participatie gaat er niet om dat we het altijd met elkaar eens worden. Het gaat erom dat we elkaars belangen leren kennen door goed te luisteren en door te vragen. En dat we van elkaar begrijpen dat we andere belangen hebben. Met respect voor ieders positie en belang. Wie precies de omgeving is, is niet in algemene zin te zeggen. Het gaat erom dat een initiatiefnemer zijn best doet om de mensen die mogelijk een belang hebben bij de voorgenomen ontwikkeling (van klein tot groot) te betrekken.

Betere plannen maken Door belangen, kansen en zorgen tijdig in beeld te brengen en gebruik te maken van ideeën en kennis van belanghebbenden, kunnen plannen worden verbeterd. De verantwoordelijkheid voor het in beeld brengen en waar mogelijk in het plan verwerken van belangen, kansen en zorgen ligt bij de initiatiefnemer. De verantwoordelijkheid voor goede participatie ligt bij de initiatiefnemer, waarbij de gemeente wel sturend kan optreden. Voldoet de participatie niet, dan wordt niet geschroomd de initiatiefnemer te adviseren (en wellicht te helpen) hoe het wel moet. Een plan heeft grotere kans van slagen als goede participatie is toegepast. De gemeente kan zelf ook initiatiefnemer zijn.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

43 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

3.

4.

Zorgvuldige besluiten nemen Door belangen helder in beeld te hebben en te laten zien welke afwegingen worden gemaakt, worden besluiten zorgvuldig genomen. Zorgvuldig besluiten nemen in het algemeen belang is een verantwoordelijkheid van de gemeente. De raad en het college hebben met de Participatieverordening een instrument gemaakt waarmee beleid over de betrokkenheid van inwoners bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid eenduidig en inzichtelijk wordt gemaakt. Daarnaast kan het college bij principebesluiten kaders meegeven voor de participatie. En bij besluiten beoordelen of alle belangen helder in beeld zijn gebracht. Naast dat het goed is voor een prettige relatie of verstandhouding met de omgeving/buren, is de kans groot dat goed overleg ook formele bezwaren voorkomt. Dat is nooit een doel op zich. Tenslotte heeft iedereen het recht om de wettelijke procedure te volgen. Draagvlak is geen doel op zichzelf Met betrekking tot het begrip draagvlak worden in praktijk vaak snel conclusies getrokken door voor- of tegenstanders van een initiatief. Daarnaast leven vaak irreële verwachtingen over wanneer je over draagvlak mag spreken. Door participatie willen wij betrokkenheid creëren bij de totstandkoming van beleid of ruimtelijke projecten. Een goede betrokkenheid kan leiden tot draagvlak, maar draagvlak is geen doel op zichzelf.

Het is het gevolg van een goede buur zijn, het maken van betere plannen en zorgvuldige en transparante besluitvorming. Daarmee is het de mooist denkbare bijvangst, maar geen doel of verplichting (Visie op participatie, p2-5).

Geen van bovenstaande doelen zijn SMART-C geformuleerd: ze zijn niet specifiek, meetbaar of tijdsgebonden. Over de PDCA-cyclus is het volgende in de visie en participatieverordening opgenomen: Figuur 2.30 Evaluatie en monitoring

Bron: Participatieverordening, p4 En: Figuur 2.31: leren van participatie

Bron: Visie op participatie, p6

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

44 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Het ontbreekt in de PDCA-cyclus aan een doeltreffend plan, dit omdat de doelen niet SMART-C zijn geformuleerd. In het doen blijkt het (nog) te schorten aan consistentie van het opstellen van de evaluatie. Het checken van de wel aanwezige evaluaties is geborgd en wordt gerapporteerd aan de gemeenteraad. Onlangs is de frequentie van verslaglegging aan de gemeenteraad aangepast van een jaarlijks verslag naar een tweejaarlijks verslag. Ook worden er acties ondernomen op de uitkomsten van de evaluaties, zonder dat specifiek of meetbaar wordt gemaakt of dit het geformuleerde doel dient. Wel is een actie opgenomen waarmee concreet inzicht kan worden verworven: Figuur 2.32: meetbaar maken effecten participatietrajecten

Bron: nota evaluatie participatieverordening, p4 Tenslotte zijn de doelen uitgewerkt in de programma’s.

2.6.6

Aanbevelingen

Op basis van bovenstaande de volgende aanbeveling: 9. Formuleer de beleidsdoelen SMART-C met daarin minimaal doelen gericht op het als transparant ervaren worden van het participatiebeleid door alle betrokkenen en het adequaat communiceren van het participatiebeleid naar alle betrokkenen. Over de consistentie van evaluatie volgt geen aanbeveling omdat in de evaluatie participatieverordening hier reeds verbeterpunten voor zijn geformuleerd. Deze actie zal in de volgende cyclus weer worden meegenomen in de evaluatie.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

45 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2.6.7

Beantwoording deelvraag

De deelvraag voor de stakeholdersbetrokkenheid is als volgt: Hoe kunnen de belangen en input van stakeholders, waaronder gebruikers, buurtbewoners, lokale ondernemingen, en maatschappelijke organisaties, effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid om draagvlak en tevredenheid te maximaliseren? Het antwoord op deze vraag is als volgt: De belangen en input van stakeholders kunnen effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid door het participatiebeleid te volgen. Voorwaarde voor een doeltreffend participatiebeleid is dat de doelen SMART-C worden geformuleerd, waarin minimaal doelen gericht op het als transparant ervaren worden van het participatiebeleid door alle betrokkenen en het adequaat communiceren van het participatiebeleid naar alle betrokkenen zijn opgenomen, en de kwaliteit van de PDCA-cyclus op orde is.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

46 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

3

Conclusies

In dit hoofdstuk zal antwoord worden gegeven op de centrale vraag, dit aan de hand van de beantwoording van de deelvragen en het normenkader. Tenslotte zal dit hoofdstuk worden afgesloten met een samenvatting van de gedane aanbevelingen en suggesties.

3.1

Beantwoording van de deelvragen

Deelvraag 1 Duurzaamheidsaspecten: Welke duurzaamheidsprincipes kunnen het beste geïntegreerd worden in het gemeentelijk accommodatiebeleid om zowel op korte als lange termijn milieuvoordelen en kostenefficiëntie te garanderen? Hierbij kan gekeken worden naar energieverbruik, materiaalgebruik, en levenscyclusanalyse van accommodaties. Het gehanteerde normenkader: -

Het TRIAS energetica duurzaamheidsprincipe wordt gehanteerd Juridisch kader: er wordt (beleidsmatig) voldaan aan het Besluit bouwwerken leefomgeving; De beleidsdoelen zijn SMART-C geformuleerd, er is een PDCA-cyclus en de beleidsdoelen worden verwerkt in de uitvoeringsprogramma’s en begroting.

Beantwoording deelvraag: Het huidig gevoerde duurzaamheidsprincipe, de Trias Energetica, kan het beste gevoerd worden om zowel op korte als lange termijn milieuvoordelen en kostenefficiëntie te garanderen. Uitgangspunt hierbij is dat de maatregelen haalbaar en betaalbaar zijn. Hierbij moeten de beleidsdoelen SMART-C worden geformuleerd, de PDCA-cyclus conform plan worden uitgevoerd en in het duurzaamheidsbeleid met levenscyclusanalyses voor de gemeentelijke accommodaties worden gewerkt. Deelvraag 2 Toegankelijkheid: Hoe kan de toegankelijkheid van gemeentelijke accommodaties worden verbeterd voor diverse gebruikersgroepen, inclusief mensen met een beperking, ouderen, en jongeren, om inclusiviteit en gelijke kansen te bevorderen? Het gehanteerde normenkader: -

Er wordt voldaan aan het VN-verdrag voor de rechten van personen met een handicap Er is een lokaal inclusie agenda opgesteld De gemeenteraad ziet toe op de naleving Juridisch kader: er wordt (beleidsmatig) voldaan aan hoofdstuk 1 van de Grondwet en de Wet gelijke behandelingen op grond van handicap of chronische ziekte De beleidsdoelen zijn SMART-C geformuleerd, er is een PDCA-cyclus en de beleidsdoelen worden verwerkt in de uitvoeringsprogramma’s.

Beantwoording deelvraag: Wanneer beleidsdoelen in het toegankelijkheidsbeleid SMART-C worden geformuleerd en uitgevoerd waarmee inhoudelijk minimaal het juridisch kader wordt gedekt, wordt de toegankelijkheid van gemeentelijke accommodaties verbeterd voor diverse gebruikersgroepen, inclusief mensen met een beperking, ouderen, en jongeren, om inclusiviteit en gelijke kansen bevorderd en wordt voldaan aan het juridisch kader.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

47 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Deelvraag 3 Financiële haalbaarheid: Op welke manier kunnen de financiële modellen voor het beheer en onderhoud van gemeentelijke accommodaties worden geoptimaliseerd om financiële duurzaamheid te waarborgen zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit en beschikbaarheid van de voorzieningen? Het gehanteerde normenkader: -

Er wordt gewerkt met een meerjaren onderhoudsplan (of een soortgelijk instrument) In deze plannen, of los in de begroting, is rekening gehouden met uitvoering van de duurzaamheidsmaatregelen Er zijn afspraken over beheer en onderhoud

Beantwoording deelvraag: De financiële modellen voor het beheer en onderhoud van accommodaties in gemeentelijk bezit voldoen aan het normenkader. Dit is niet het geval voor de accommodaties die niet in gemeentelijk eigendom zijn. Door middel van het opstellen van een toetsingskader voor groot onderhoud, renovatie en vervanging is dit voor de buitensportaccommodaties te borgen. Daarnaast moeten de contractueel vastgelegde financiële verantwoordelijkheid gebaseerd zijn op geactualiseerde cijfers. Tenslotte is het nodig om een register aan van het maatschappelijk vastgoed, minimaal met de accommodaties waar de gemeente (financieel) mee verbonden is, aan te maken. Verwerk in dit register (minimaal) de liggende overeenkomsten. Voor de ontwikkeling van de overige accommodaties voorziet het accommodatiebeleid niet Deelvraag 4 Veranderende gemeenschapsbehoeften: Hoe kan het accommodatiebeleid flexibel worden ontworpen om in te spelen op de veranderende behoeften en verwachtingen van de gemeenschap, bijvoorbeeld door demografische verschuivingen, veranderende sport- en recreatievoorkeuren, en nieuwe sociale dynamieken? Het gehanteerde normenkader: -

-

Het college en de ambtelijke organisatie hebben goed zicht op de trends en ontwikkelingen die relevant zijn voor het accommodatiebeleid; hieronder vallen tenminste: - landelijke trends in beleid - landelijke trends in bouw, exploitatie en beheer van accommodaties - landelijke en lokale trends in animocijfers - regionale ontwikkelingen - lokale demografische trends - lokale sociaaleconomische trends Voorafgaand aan het ontwerpen van het beleid is een situatieschets gemaakt waarin de belangrijkste trends en ontwikkelingen zijn meegenomen

Beantwoording deelvraag: Het accommodatiebeleid is reeds flexibel, het zet de samenleving in positie om de maatschappelijke voorzieningen blijvend aan te kunnen laten sluiten bij de veranderende behoeften en verwachtingen. Echter, aanvullend bestuurlijk kader is nodig om de ontwikkeling van bestaande en nieuwe accommodaties mogelijk te maken, waarin minimaal wordt opgenomen dat ontwikkelingen ondersteund moeten worden door de relevante trends en ontwikkelingen. Dit zal dan vertaald moeten worden in SMART-C doelstellingen net een deugdelijke PDCA-cyclus.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

48 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Deelvraag 5 Binnen- versus buitenaccommodaties: Welke specifieke strategieën zijn effectief voor het beheer van binnen- versus buitenaccommodaties, rekening houdend met hun unieke uitdagingen en mogelijkheden, zoals weersinvloeden, ruimtelijke beperkingen, en gebruikspatronen? Het gehanteerde normenkader: -

Er is een 0-meting van de maatschappelijke behoefte aan accommodaties Het accommodatiebeleid is gebaseerd op de maatschappelijke behoeften

Beantwoording deelvraag: Om specifieke strategieën te kunnen opstellen die effectief zijn voor het beheer van accommodaties, rekening houdend met de relevante uitdagingen en mogelijkheden, is het nodig dat er een 0-meting plaatsvindt waarin de maatschappelijke behoefte aan accommodaties afgezet wordt tegenover het huidige aanbod. De uitkomst van deze meting kan worden meegenomen in de kaders zoals opgenomen in de beantwoording van deelvraag 4, waarbij geborgd wordt dat de relevante trends en ontwikkelingen worden meegenomen. Deelvraag 6 Stakeholdersbetrokkenheid: Hoe kunnen de belangen en input van stakeholders, waaronder gebruikers, buurtbewoners, lokale ondernemingen, en maatschappelijke organisaties, effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid om draagvlak en tevredenheid te maximaliseren? Het gehanteerde normenkader: -

Er is participatiebeleid Het beleid is gebaseerd op praktijkonderzoek Het beleid wordt door alle betrokkenen als transparant ervaren Het beleid is adequaat naar alle betrokkenen gecommuniceerd De beleidsdoelen zijn SMART-C geformuleerd, er is een PDCA-cyclus en de beleidsdoelen worden verwerkt in de uitvoeringsprogramma’s.

Beantwoording deelvraag: De belangen en input van stakeholders kunnen effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid door het participatiebeleid te volgen. Voorwaarde voor een doeltreffend participatiebeleid is dat de doelen SMART-C worden geformuleerd, waarin minimaal doelen gericht op het als transparant ervaren worden van het participatiebeleid door alle betrokkenen en het adequaat communiceren van het participatiebeleid naar alle betrokkenen zijn opgenomen, en de kwaliteit van de PDCA-cyclus op orde is.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

49 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

3.2

Beantwoording centrale vraag

De centrale vraag van dit rekenkameronderzoek is: ‘Op welke wijze kan het gemeentelijk accommodatiebeleid worden geherstructureerd om een evenwicht te vinden tussen duurzaamheid, toegankelijkheid, en economische efficiëntie, met inachtneming van de dynamische behoeften van de gemeenschap en de specifieke vereisten voor binnen- en buitenfaciliteiten?’ Het antwoord op de centrale vraag is als volgt: Er is geen noodzaak het gemeentelijk accommodatiebeleid te herstructureren om evenwicht te vinden tussen duurzaamheid, toegankelijkheid en economische efficiëntie. Duurzaamheid en toegankelijkheid worden geborgd door: • De beleidsdoelen van het duurzaamheidsbeleid SMART-C op te stellen en het uitgangspunt dat beleid haalbaar en betaalbaar aan wordt gehouden; • De beleidsdoelen in het toegankelijkheidsbeleid SMART-C te formuleren en uit te voeren, waarmee inhoudelijk minimaal het juridisch kader wordt gedekt.

Het accommodatiebeleid moet wél worden geherstructureerd voor de economische efficiëntie, vooral met inachtneming van de dynamische behoeften van de gemeenschap en specifieke vereisten voor de faciliteiten, en wel op de volgende manier: • Bij het herstructureren moet het participatiebeleid worden gevolgd, die eerst doeltreffend moet worden gemaakt door de beleidsdoelen SMART-C te formuleren en de kwaliteit van de PDCA-cyclus op orde is; • Ook dient een 0-meting te worden uitgevoerd naar de maatschappelijke behoefte aan accommodaties en afgezet te worden tegen het huidige aanbod. De uitkomst hiervan moet worden meegenomen in aanvullend beleidskader die het mogelijk maakt bestaande en nieuwe accommodaties te ontwikkelen aan de hand van relevante trends en ontwikkelingen. Dit zal dan vertaald moeten worden in SMART-C doelstellingen met een deugdelijke PDCA-cyclus; • Vooruitlopend hierop kan, voor de accommodaties waar de gemeente de financiële verantwoordelijkheid draagt voor een deel van het groot onderhoud, een toetsingskader worden opgesteld.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

50 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

3.3

Aanbevelingen en suggesties

In onderstaand overzicht zullen per deelvraag de aanbevelingen en suggesties worden weergeven. De suggesties vallen buiten de scope van de opdracht, maar worden graag aan u meegegeven. Deelvraag 1 Duurzaamheidsaspecten: Welke duurzaamheidsprincipes kunnen het beste geïntegreerd worden in het gemeentelijk accommodatiebeleid om zowel op korte als lange termijn milieuvoordelen en kostenefficiëntie te garanderen? Hierbij kan gekeken worden naar energieverbruik, materiaalgebruik, en levenscyclusanalyse van accommodaties. Aanbevelingen: 1. 2.

Formuleer de beleidsdoelen in het duurzaamheidsbeleid SMART-C om de doeltreffendheid te borgen en voer het PDCA-cyclus conform opzet uit; Werk in het duurzaamheidsbeleid met levenscyclusanalyses voor de gemeentelijke accommodaties.

Deelvraag 2 Toegankelijkheid: Hoe kan de toegankelijkheid van gemeentelijke accommodaties worden verbeterd voor diverse gebruikersgroepen, inclusief mensen met een beperking, ouderen, en jongeren, om inclusiviteit en gelijke kansen te bevorderen? Aanbevelingen: 3.

Formuleer beleids- en subdoelen in het toegankelijkheidsbeleid SMART-C om de doeltreffendheid te borgen.

Deelvraag 3 Financiële haalbaarheid: Op welke manier kunnen de financiële modellen voor het beheer en onderhoud van gemeentelijke accommodaties worden geoptimaliseerd om financiële duurzaamheid te waarborgen zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit en beschikbaarheid van de voorzieningen? Aanbevelingen: 4. 5. 6.

Stel een toetsingskader voor groot onderhoud, renovatie en vervanging op die gericht is op de financiële duurzaamheid en kwaliteit van de buitensportvoorzieningen. Baseer de contractueel vastgelegde financiële verantwoordelijkheid op geactualiseerde cijfers. Maak een register aan van het maatschappelijk vastgoed, minimaal met de accommodaties waar de gemeente (financieel) mee verbonden is. Verwerk in dit register (minimaal) de liggende overeenkomsten.

Suggesties: 1.

Maak een register aan voor al het maatschappelijk vastgoed en neem daarin op, daar waar van toepassing, rechten van opstal, bruikleenovereenkomsten, verzekeringspolissen, afspraken groenbeheer, duurzaamheidsrapportage, toegankelijkheidsrapportage enz.

Deelvraag 4 Veranderende gemeenschapsbehoeften: Hoe kan het accommodatiebeleid flexibel worden ontworpen om in te spelen op de veranderende behoeften en verwachtingen van de gemeenschap, bijvoorbeeld door demografische verschuivingen, veranderende sport- en recreatievoorkeuren, en nieuwe sociale dynamieken? Aanbevelingen: 7.

Stel een bestuurlijk kader op voor de ontwikkeling van bestaande en nieuwe accommodaties, waarbij geborgd wordt dat de relevante trends en ontwikkelingen worden meegenomen.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

51 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Deelvraag 5 Binnen- versus buitenaccommodaties: Welke specifieke strategieën zijn effectief voor het beheer van binnen- versus buitenaccommodaties, rekening houdend met hun unieke uitdagingen en mogelijkheden, zoals weersinvloeden, ruimtelijke beperkingen, en gebruikspatronen? Aanbevelingen: 8.

Voer een 0-meting uit naar de maatschappelijke behoefte aan accommodaties. Zet vervolgens de bestaande accommodaties tegenover deze behoefte. Neem de uitkomst van deze meting mee in aanbeveling 7.

Suggesties: 2.

Onderzoek of het nodig is om de eigenaren van de maatschappelijke accommodaties bestuurlijk en uitvoerend (verder) te ondersteunen om hun kennis en kunde op peil te houden.

Deelvraag 6 Stakeholdersbetrokkenheid: Hoe kunnen de belangen en input van stakeholders, waaronder gebruikers, buurtbewoners, lokale ondernemingen, en maatschappelijke organisaties, effectief worden geïntegreerd in het accommodatiebeleid om draagvlak en tevredenheid te maximaliseren? Aanbevelingen: 9.

Formuleer de beleidsdoelen SMART-C met daarin minimaal doelen gericht op het als transparant ervaren worden van het participatiebeleid door alle betrokkenen en het adequaat communiceren van het participatiebeleid naar alle betrokkenen.

Verdere suggesties: 3.

Uit de literatuurstudie is gebleken dat een aantal documenten niet voorzien zijn van paginanummers, publicatiedatums en/of vaststellingsdatums. Onze suggestie is standaard uw documenten van paginanummers te voorzien en de relevante datums op te nemen.

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

52 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Bijlage 1 Onderzochte documenten De volgende documenten zijn onderzocht en gebruikt: • • • •

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Diverse overeenkomsten onderhoud en beheer, diverse jaartallen; Kadernota accommodatiebeleid 2013; Harmonisatie buitensport 2015; Uitwerkingsvoorstellen Accommodatiebeleid 2015, met als onderliggers: o Integraal Accommodatiebeleid ‘Groei naar eigen verantwoordelijkheid binnen de grenzen van Hollands Kroon’; o Nota van toelichting. Diverse nieuwsbrieven gepubliceerd door de gemeente ten aanzien van de uitvoering van het accommodatiebeleid (oktober 2014, januari 2015, juni 2016 en april 2017); Accommodatiebeleid: toekomst Sporthallen 2017; Integraal beheersplan 2017; Programma duurzaamheid 2020-2022; Transitievisie Warmte Hollands Kroon, 2021; Raadsbesluit ‘Kredietaanvraag energieneutraal maken gemeentelijke gebouwen in beheer’ 25-11-2021; Uitkomsten evaluatie harmonisatie buitensport accommodatiebeleid 2021; Visie op participatie gemeente Hollands Kroon, 2022; Participatieverordening gemeente Hollands Kroon, 2022; Handleiding Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoek Algemene Rekenkamer, 2023; Verordening Duurzaam maatschappelijk vastgoed, 23-3-2023, Documenten informerende vergadering sport-, beweeg- en accommodatiebeleid, gepresenteerd 05-102023; Adviesproduct ‘Advisering nieuw accommodatiebeleid’, L.

Brood, 05-02-2024; Jaarstukken 2023, mei 2024; Sportakkoord 2024; Kunst en cultuur Hollands Kroon, Cultuurvisie 2025-2028 (2024); Lokale Inclusie Agenda Hollands Kroon 2024; Memo Evaluatie participatieverordening, 09-07-2024; Raadsvoorstel Lokale Inclusie Agenda 18-04-2024; Sportakkoord ‘Sport versterkt’ 2024; Raadsbesluit ‘Eerste wijziging Participatieverordening gemeente Hollands Kroon’ 21-11-2024;

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

53 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Bijlage 2 Onderzochte accommodaties Cultuur- en welzijnsaccommodaties

Locatie

Triplo Jongerenvereniging de Aap (in gebouw de Zandhorst) Cultureel gebouw het paradijsje Vikingschip Stichting Dorpshuis Haringhuizen ’De Oude Stal’ Dorpshuis Hippo Jeugdhonk LOZ gebouw Dorpshuis De Nieuwe Horn en Laurenskerk MFC De Doorbraak Cultuurhuis De Kolk Het Boetje van Present Dorpshuis de Mafkikker Scouting Niedorp Stichting Dorpshuis Prins Maurits Niedorp Stichting Dorpshuis Ons Tweede Thuis Slootdorp Dorpshuis Harmonie Dorpshuis Westerland MFC op de populierenlaan Muziekschool in dorpshuis de Oude School Cultuurschuur Werkgroep Jongeren Niedorp

Anna Paulowna Breezand Breezand Den Oever Haringhuizen Hippolytushoef Hippolytushoef Kolhorn Kreileroord Lutjewinkel Middenmeer Niedorp Niedorp Nieuwe Niedorp Slootdorp t Veld Westerland Wieringerwaard Wieringerwaard Wieringerwerf Winkel

Sporthallen MFC Veerburg Sporthal 't Zijveld Zwaluwvluchthal Sportcentrum Wieringen Zuiderzeehal Niedorphal

Anna Paulowna 't Veld Breezand Hippolythushoef Wieringenwerf Winkel

Musea Museum De Turfschuur Museum Anna Paulowna Historische Ontmoetingsplek Vermaire Wieringen Eilandmuseum ‘Jan Lont’’ Grootmoederstijd- en motorenmuseum VVV Informatiecentrum Vikingen Polderhuis van Wieringerwaard / oudheidskamer Spaansen Museum

Kolhorn Breezand Breezand Hippolythushoef Nieuwe Niedorp Wieringen Wieringenwaard Winkel

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

54 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Gymzalen Breed Zand De Ontmoeting Spoorbuurt Den Oever Gymzaal Atvitlo Hippolytushoef Kolhorn De Doorbraak Gymzaal Lutjewinkel Eme Kadijk De Oude Boomgaard De Snip Slootdorp Veldzicht Wieringerwaard Wirigherlant

Breezand Anna Paulowna Anna Paulowna Den Oever Hippolythushoef Hippolytushoef Kolhorn Kreileroord Lutjewinkel Middenmeer Nieuwe Niedorp Nieuwe Niedorp Slootdorp t Veld Wieringerwaard Wieringerwerf

Buitensport Manege Oude Veer Van Ewijcksluis IJsbaan SV Kleine Sluis atletiekvereniging DOKEV ZAP | Sportpark de Zwaluw Bucepalis Tennisvereniging Barsingerhorn VV Wiron VV Succes / Tonegido VV Kaagvogels SV Krieleroord VV Flevo IJsclub VV Nieuwe Niedorp CVW Juro Unirek/VZV | Handbal AVW | Atletiek VV Wieringerwaard DWOW | Sportpark de Wilskracht VV Winkel

Anna Paulowna Anna Paulowna Anna Paulowna Anna Paulowna Breezand Barsingerhorn Barsingerhorn Den Oever Hippolythushoef Kolhorn Krieleroord Middenmeer Middenmeer Nieuwe Niedorp Slootdorp t Veld Wieringermeer Wieringerwaard Wieringerwerf Winkel

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

55 / 56

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

www.drijver-en-partners.nl

Drijver en Partners Kelvinring 54 2952 BG Alblasserdam tel: 010 -2112121 info@drijver-en-partners.nl www.drijver-en-partners.nl

Rekenkamer Hollands Kroon | Rekenkameronderzoek Hollands Kroon Accommodatiebeleid

56 / 56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=39d9437f-61ed-4e75-8149-0f592d883b70