Bijlage 1. Nota beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie 2026
Tekst van het document
om in deze behoefte te voorzien door uitbreiding van 2 à 3
van Nederland worden vraagt een zeer goed
bestaande bedrijfslocaties, daar waar marktvraag en fysieke
achterliggend MKB en grotere partijen, waarom:
mogelijkheden aanwezig zijn. Hiermee willen wij ruimte bieden voor
•
•
Afzet agrarisch product, dit moet geregeld
zowel regulier bedrijfsleven als innovatieve bedrijven die bijdragen
worden via grote verkooptafels, er zijn maar
aan de agrarische sector.
een paar inkopers. Dit vraagt ruimte en
Wat betreft voorzieningen in dorpen: wij streven naar clustering van
locaties
functies. In de vier hoofdkernen garanderen wij een adequaat
Ontwikkelingen IT en AI. Keihard nodig voor
voorzieningenniveau. Buiten deze kernen moedigen wij initiatieven
regulier en agrarische bedrijfsleven, hoe
op een centrale plek in het dorp van harte aan, mits er een
plaatsen we dit in de omgeving en op de
initiatiefnemer is.
industrieterreinen
Daarnaast nemen wij uw aandachtspunten over toekomstige 60
•
•
Ontwikkelen van robotisering in alle taken van
ontwikkelingen, zoals robotisering en onbemande
sport, keihard nodig voor de agrarische
landbouwvoertuigen, mee in de verdere uitwerking van ons beleid.
hoofdstad van Nederland.
Deze trends onderstrepen het belang van ruimte voor innovatieve
Beide voorgaande punten keihard nodig om
bedrijven en samenwerking tussen agrarisch en regulier
arbeidsefficiëntie naar een veel hoger plan te
bedrijfsleven.
tillen, een van de problemen in ons gebied, zie de rapportage van de Rabobank, te veel werk in onze regio met een te lage omzet per uur. •
Gehele mechanisatie achter regulier en agrarische bedrijfsleven, vraagt ook ruimte voor nieuwe initiatieven
•
Samen gevat hoe wil HK in zijn omgeving omgaan met regulier en agrarische bedrijfsleven waar het gaat om vestigingsruimte en industrieterreinen. Dit is nodig om doelen te bereiken, zoals agrarische hoofdstad van Nederland worden.
•
Denkproces: over 5 tot 10 jaar rijden er allemaal onbemande land bewerkingsvoertuigen in HK voor grondbewerking, zaaien en oogsten, ruimte voor ontwikkelingsbedrijven is keihard nodig.
•
In de kasgroente ondernemingen gaan de komende 5 tot 10 jaar het robotiseren keihard door, efficiëntie en werk boeiender maken. Gevolg is dat dit ondernemingen aantrekt die 61
ruimte vragen op industrieterreinen en of grote leegstaande agrarische bebouwing. •
Grote veranderingen voor ondernemers of burgers op gebied van de omgeving direct met de betrokkenen delen/ informeren.
Indiener 15. Stichting Landschapszorg Wieringen Reactie
Beantwoording
Conclusie
a.
Doelstelling van de Omgevingsvisie is het opstellen van
Hartelijk dank voor uw complimenten. Wij waarderen uw positieve
De zienswijze leidt niet tot een
een strategisch kompas voor beleidskeuzes: dit is een
reactie op de omgevingsvisie en de ambities die daarin zijn
aanpassing van de
gedegen werk dat in grote lijnen een helder
geformuleerd voor Wieringen. Het herstel en behoud van de
omgevingsvisie.
afwegingskader geeft voor de ontwikkelingen die op
karakteristieke natuurlijke en historische elementen van Wieringen
Wieringen op ons afkomen. Wij willen Hollands Kroon
is inderdaad een belangrijk uitgangspunt in onze visie, en wij zijn
dan ook complimenteren met de ambities die in deze
verheugd dat dit door u wordt onderschreven.
Omgevingsvisie voor Wieringen zijn geformuleerd. SLW is verheugd in de Omgevingsvisie belangrijke uitgangspunten en de opgave voor Wieringen te lezen die bijdragen aan het herstel en behoud van de karakteristieke natuurlijke en historische elementen die onlosmakelijk verbonden zijn aan het landschap van Wieringen. b.
Het unieke landschap en natuur van Wieringen
Het klopt dat Wieringen deels uit keileemgrond bestaat; dit wordt
De zienswijze leidt niet tot een
In de Omgevingsvisie staat genoemd dat in de
benoemd op pagina 24 bij de kernkwaliteiten van Wieringen. Wij
aanpassing van de
gemeente de kwaliteit van landbouwgrond zeer hoog
erkennen dat deze bodemsoort gevoeliger is voor uitspoeling en
omgevingsvisie.
is. Voor een belangrijk deel klopt dat. Wij zien echter
overbemesting dan zeeklei. In de omgevingsvisie hanteren wij het 62
c.
niet benoemd dat Wieringen als gevolg van de glaciale
terugdringen van gewasbeschermingsmiddelen als een belangrijke
herkomst deels bestaat uit keileemgrond, die
opgave voor de gehele gemeente, omdat dit bijdraagt aan
gevoeliger is voor overbemesting en uitspoeling van
biodiversiteit en een gezonde leefomgeving.
(giftige) stoffen, dan zeeklei. Wij vragen de Gemeente
Wij koppelen in de visie geen specifieke einddatum aan deze
om het gestelde doel “van boeren zonder
doelstelling en geven geen extra bescherming voor één gebied,
gewasbeschermingsmiddelen” (blz. 56) te versterken
omdat wij het principe van gelijke ambitie voor alle agrarische
door aan deze doelstelling een einddatum te koppelen
gebieden hanteren. Wel nemen wij uw aandachtspunt mee in de
en bovendien aan te geven dat de Wieringer stuwwal
verdere uitwerking van uitvoeringsbeleid, waarin ruimte is om
hierin extra bescherming verdient, om herstel van
gebiedsspecifieke maatregelen te verkennen, zoals voor de
biodiversiteit een kans te geven.
Wieringer stuwwal.
Met het vervallen van de Omgevingsverordening van
Gemeente Hollands Kroon heeft een zienswijze ingediend op het
De zienswijze leidt niet tot een
de Provincie voor Stiltegebieden in Hollands Kroon
voornemen van de Provincie Noord-Holland om het stiltegebied op
aanpassing van de
vinden wij het zeer wenselijk en noodzakelijk dat in de
Wieringen te laten vervallen. In onze zienswijze hebben wij gepleit
omgevingsvisie.
Omgevingsvisie ook Stilte als een te beschermen
om dit niet te laten vervallen, omdat wij grote waarde hechten aan
kenmerk van positieve gezondheid wordt opgenomen.
het behoud van stiltegebieden als essentieel onderdeel van
Stilte is voor ons een essentieel onderdeel van
natuurwaarden en een gezonde leefomgeving.
instandhouding van de bijzondere landschapswaarden
Gedeputeerde Staten heeft hierop gereageerd:
en natuur.
“U geeft aan dat uw gemeente grote waarde hecht aan het behouden van de stiltegebieden, omdat deze een essentiële schakel zijn voor de zo gewaardeerde natuurwaarden. U heeft zorgen over de toename van geluidshinder en verstoring van flora en fauna. Wij geven u mee dat de regels over stiltegebieden geen natuurbeschermende grondslag hebben. Stiltegebieden zijn bedoeld om rust te behouden voor de mens. U heeft als gemeente de mogelijkheid om ook zelf gebieden aan te wijzen waarvan u belangrijk vindt dat de rust en stilte bewaard blijft. Dit kunt u regelen via het omgevingsplan. Wij stellen voor dat we voor uw gemeente de 63
huidige werkingsgebieden tot uiterlijk 1 januari 2032 laten staan, zodat u de gelegenheid heeft om ze zelf op te nemen in uw omgevingsplan.” Wij onderschrijven het belang van stilte als onderdeel van een gezonde leefomgeving en zullen dit meenemen in de verdere uitwerking van ons omgevingsplan. Daarmee borgen wij dat stiltegebieden ook in de toekomst een plaats krijgen in ons beleid. d.
De A7 corridor
Bij zienswijze 12 (punt p) is hetzelfde aandachtspunt ingebracht. Wij
Legenda wordt toegevoegd aan
Hfdst. 5 blz. 81 toont de kaart van de A7 corridor. Deze
zullen een legenda toevoegen aan de kaart op pagina 81 om de
kaart blz 81. (blz 87 nieuwe
kaart heeft geen legenda, waardoor de betekenis van
betekenis van kleuren en symbolen te verduidelijken.
versie) Ook al opgenomen bij
de kaart voor Wieringen niet helder is. Wat betekenen
De paarse pijl en oranje cirkels langs de N99 geven geen uitbreiding
zienswijze 12p.
de paarse pijl en oranje cirkels langs de N99 vanaf Den
van dorpen weer, maar markeren onderdelen van de A7-corridor en
Oever? Groeien van Den Oever en Oosterland aan
de verbindingen met nabijgelegen infrastructuur en kernen. Het
elkaar? Of heeft dit geen betekenis?
doel is om de samenhang en bereikbaarheid in dit gebied te versterken, niet om dorpen zoals Den Oever en Oosterland aan elkaar te laten groeien.
e.
Planontwikkeling Martekrogt in relatie tot de
De Omgevingsvisie geeft strategische uitgangspunten voor
De zienswijze leidt niet tot een
Omgevingsvisie
zorgvuldig ruimtegebruik, zoals het eerst benutten van bestaande
aanpassing van de
Het besluit van de Gemeente om het weiland van de
locaties en het toepassen van maatwerk bij transformatie en
omgevingsvisie.
Martekrogt aan te kopen past niet binnen de ambities
herbestemming. Deze uitgangspunten zijn richtinggevend voor
en ontwikkelopgave van de Omgevingsvisie.
toekomstige besluitvorming, maar doen geen uitspraken over
Het voornemen tot bouwen buiten de kern is niet
specifieke locaties en sluiten ontwikkelingen niet op voorhand uit.
onderbouwd, ondermijnt de kwaliteit van
Of een concrete ontwikkeling in overeenstemming is met deze
natuur/historisch buitengebied én neemt een
uitgangspunten kan pas worden beoordeeld wanneer sprake is van
voorschot op de uitwerking van het Gebiedsplan
verdere planuitwerking of een formele procedure. In dat kader
Wieringen.
worden onder meer: 64
Wij vragen de Gemeente om het inspiratiekader Brede
•
Welvaart toe te passen (blz. 33) en onderbouwd tot
de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van Wieringen,
een passende oplossing te komen, dan wel mitigerende
•
mogelijke alternatieven,
maatregelen te nemen. Het voornemen maatwerk te
•
en eventuele mitigerende maatregelen expliciet betrokken.
leveren waarbij transformatie en herbestemming een
Afwijking van de Omgevingsvisie is juridisch mogelijk, maar in een
van de mogelijke opties is ( blz. 47) is een mooi
gebied met bijzondere landschappelijke waarden vereist dit een
voornemen.
zorgvuldige en transparante motivering. Daarbij wordt het
SLW is van mening dat de besluitvorming rondom
inspiratiekader Brede Welvaart (blz. 33) en het uitgangspunt van
Martekrogt niet kan afwijken van de Omgevingsvisie.
maatwerk (blz. 47) meegenomen. Dit betekent dat effecten op
Martekrogt is bij uitstek een uniek deel van dit
natuur, landschap en leefkwaliteit worden afgewogen en waar nodig
bijzondere landschap Wieringen
gecompenseerd of gemitigeerd.
Indiener 16. HK-0045641 - LTO Noord Reactie
Beantwoording
Conclusie
a.
Vooropgesteld complimenteren wij u graag met het
Wij waarderen uw positieve reactie op het ontwerp van de
We nemen de hiernaast
ontwerp en maken wij kenbaar dat wij het gestelde in
Omgevingsvisie en uw erkenning van de agrarische sector als
genoemde bulletpoints op in de
de omgevingsvisie grotendeels ondersteunen. Daarbij
belangrijk onderdeel van de fysieke leefomgeving. Ook danken wij u
beschrijving van de
zijn wij blij met de erkenning van het agrarische belang
voor de aangeleverde aanscherpingen van de
verschillende gebieden op blz
en de positie van de sector binnen de fysieke
gebiedsbeschrijvingen.
20-27.
leefomgeving van uw gemeente. Dit is wat ons betreft
De voorgestelde aanvullingen vormen een verduidelijking van de
een juiste insteek die ook ondersteund wordt door het
bestaande beschrijvingen en sluiten aan bij de huidige beleidslijn
recente Economisch onderzoek landbouw Noord-
van de Omgevingsvisie. Wij nemen deze suggesties mee bij de
Holland Noord Provincie Noord-Holland 15 juli 2025.
verdere uitwerking van de gebiedsprofielen, zodat de kenmerken van de agrarische sector per deelgebied zo volledig en accuraat
Samenwerking met onze leden en de lokale LTO
mogelijk worden weergegeven. 65
Noord-afdeling hebben wij het ontwerp goed doorgenomen en vragen wij aandacht voor de volgende punten. Aanscherping beschrijving agrarische kenmerken per deelgebied en het belang van de combinatie In de beschrijving van de gebieden (pag. 20-27), alsmede in de samenvatting (pag. 6-7), wordt gedeeltelijk een toelichting op de kenmerken van de agrarische sectoren in de verschillende delen van Hollands Kroon gegeven, voor de volledigheid dragen wij daar onderstaande aanscherping aan: •
De Wieringermeer is een rationeel verkavelde polder met veelal grote akkerbouw-, vollegrondsgroenten-, tulpenteelt en broeierij- en veehouderijbedrijven en een grootschalig glastuinbouwgebied.
•
Wieringen heeft een relatief kleinschalig agrarisch productiegebied met vruchtbare kleigronden. De melkveehouderij en akkerbouw afgewisseld met percelen vanuit reizende bollenteelt.
•
Noordelijk West-Friesland is een primair agrarisch productiegebied met akkerbouw, veehouderij en vollegrondsgroenten afgewisseld met bollenteelt. 66
•
Het westelijk deel van de Anna Paulownapolder maakt deel uit van het grootste aaneengesloten bollengebied op zandgrond, het oostelijk deel van deze polder en de Wieringerwaardpolder hebben een toonaangevend cluster van gespecialiseerde akkerbouwbedrijven met veelal aardappelpootgoed afgewisseld met groenteteelt en bollenteelt.
b.
In de visie wordt gesteld dat de aanwezigheid van de
Wij waarderen uw aanvulling op het belang van de combinatie van
De volgende tekst wordt
verschillende agrarische sectoren maakt dat Hollands
verschillende agrarische sectoren. Het punt dat deze diversiteit
toegevoegd op blz 50, na de
Kroon in de volle breedte de agrarische hoofdstad van
vruchtwisseling mogelijk maakt, wat bijdraagt aan bodemkwaliteit
eerste alinea, na de zin van
de toekomst kan zijn. Wij voegen daar graag ook het
en weerbare producten, sluit goed aan bij de ambities van de
veeteelt, tot akkerbouw …
belang van de combinatie van de verschillende
Omgevingsvisie.
toekomst kunnen zijn.
sectoren aan toe: zo maakt juist de combinatie
Deze aanscherping nemen wij op in de visie, zodat het belang van
‘Maar ook juist de combinatie
uitwisseling van teelten (vruchtwisseling) mogelijk, wat
samenwerking en wisselwerking tussen sectoren expliciet wordt
van de verschillende sectoren is
ten goede komt van de bodemkwaliteit en de kwaliteit
benoemd als onderdeel van een duurzame en toekomstbestendige
van belang. Dit maakt
van de producten (weerbare producten).
agrarische ontwikkeling.
vruchtwisseling mogelijk, wat ten goede komt aan de bodemkwaliteit en de kwaliteit van de producten.’
c.
In de visie is verwoord dat alleen bedrijven die
In de Omgevingsvisie is onder de hoofdstukken ‘Ruimtelijke keuzes
De zienswijze leidt niet tot een
bijdragen aan brede welvaart en lokale waarde creëren
maken bij nieuwe ontwikkelingen’ en ‘Beoordeling van initiatieven’
aanpassing van de
ruimte krijgen. Vanaf pagina 32 wordt nader ingegaan
(pagina 32 en 33) beschreven hoe nieuwe initiatieven worden
omgevingsvisie.
op de systematiek van het Inspiratiekader Brede
afgewogen op basis van de waarden van brede welvaart. Deze
Welvaart, waaraan initiatieven worden getoetst. LTO
systematiek brengt de impact van een ontwikkeling in beeld op acht
Noord is van mening dat dit inspiratiekader nog vragen
thema’s, waaronder gezondheid, natuur en landschap. Op basis van 67
oproept. Voor een buitenstaander leidt het
deze analyse wordt een integrale afweging gemaakt.
samenstelsel van zes dimensies, acht thema’s en drie
De Omgevingsvisie geeft hiermee richting en kaders op hoofdlijnen.
overkoepelende ambities tot verwarring. LTO Noord
De verdere concretisering van deze toetsingsmethodiek vindt plaats
verzoekt de gemeente om dit stelsel waar mogelijk nog
in uitvoeringsinstrumenten zoals beleidsregels en programma’s. Uw
nader toe te lichten. Wellicht kan het stelsel
zienswijze onderstreept het belang van een transparante en
verduidelijkt worden aan de hand van enkele
robuuste afwegingsmethodiek. Dit nemen wij mee bij de verdere
voorbeelden. De vraag is verder ook op welke wijze
uitwerking, waarbij wij ook aandacht besteden aan:
ondernemers geïnformeerd worden over het
•
inspiratiekader. Wordt dit kader nog nader uitgewerkt in beleid, dan wel in een vorm van informatievoorziening richting de ondernemer?
verduidelijking van het stelsel, bijvoorbeeld door middel van praktijkvoorbeelden;
•
informatievoorziening richting ondernemers, zodat zij tijdig weten hoe het Inspiratiekader wordt toegepast.
Eerder is de gemeenteraad geïnformeerd over het Inspiratiekader Brede Welvaart aan de hand van een voorbeeldcasus. Wij onderzoeken of dergelijke voorbeelden ook breder beschikbaar kunnen worden gesteld. d.
Op pagina 36 wordt gesteld om bedrijven die
In de Omgevingsvisie is op pagina 36 beschreven dat de gemeente
De zienswijze leidt niet tot een
afhankelijk zijn van de inzet van arbeidsmigranten niet
terughoudend wil zijn met het faciliteren van groei of vestiging van
aanpassing van de
te faciliteren in hun groei of vestiging in de gemeente
bedrijven wanneer dit leidt tot een toename van arbeidsmigranten
omgevingsvisie.
als dat leidt tot meer inzet van arbeidsmigranten en
en daarmee een grotere vraag naar huisvesting. Deze passage is
meer vraag naar huisvesting.
bedoeld om de druk op de woningmarkt en leefomgeving te beperken, niet om sectoren of bedrijven op voorhand uit te sluiten.
LTO Noord vindt het daarom niet acceptabel om
De Omgevingsvisie geeft richting op hoofdlijnen. De verdere
bedrijven categorisch uit te sluiten van groei op basis
uitwerking van deze afwegingscriteria vindt plaats in
van arbeidsmigratie, zolang de inzet van
uitvoeringsinstrumenten zoals beleidsregels en programma’s. Uw
arbeidsmigranten onvermijdelijk is voor het
zienswijze onderstreept het belang van maatwerk en een
functioneren van de sector en de lokale economie. Wij
transparante afweging.
pleiten voor een genuanceerde benadering, waarbij 68
rekening wordt gehouden met sectorontwikkelingen, arbeidsmarkttrends en de feitelijke impact op de vraag naar huisvesting. Tevens kan het in het kader van verduurzaming betekenen dat op korte termijn meer arbeid nodig is totdat nieuwe technieken zijn ontwikkeld (denk aan onkruidbestrijding: robotisering is nog in ontwikkeling, terwijl middelen al verdwijnen). e.
In de omgevingsvisie wordt ingezet op de ontwikkeling
Wij begrijpen uw zorg dat natuurontwikkeling nadelige effecten kan
De zienswijze leidt niet tot een
van natuur. LTO Noord onderstreept het belang van
hebben op agrarische gronden, bijvoorbeeld door waardplanten die
aanpassing van de
natuur en de ontwikkeling daarvan. Wel kan de
schimmels en insecten aantrekken, en onderschrijven het belang
omgevingsvisie.
realisatie van natuur nadelige effecten hebben op de
van zorgvuldig beheer om deze risico’s te beperken.
gebruiksmogelijkheden van agrarische gronden. Zo kan
De Omgevingsvisie zet in op een balans tussen natuurontwikkeling
natuur uit waardplanten bestaan die plaats bieden aan
en agrarisch gebruik. Het voorkomen van nadelige effecten op
schimmels en insecten; dergelijke planten hebben
agrarische gronden is een vast onderdeel van de afweging bij
nadelige gevolgen voor de oogsten, zeker nu de sector
ruimtelijke ontwikkelingen onder de Omgevingswet.
zich al jaren inzet om het middelengebruik te beperken en terug te dringen. De belangen van de agrariërs kunnen ook ernstig geschaad worden als men voorbijgaat aan de distelverordening. LTO Noord verzoekt de gemeente om als voorwaarde aan de ontwikkeling van natuur/groen te verbinden (bijvoorbeeld door selectief aan te planten, te zaaien) dat er zich geen nadelige effecten op agrarische gronden zullen voordoen. Uiteraard denkt de agrarische sector hier graag over mee. Dit geldt ook voor het op pagina 37 genoemde 69
punt om samen het waterbeheer en het onderhoud van groene buffers te verbeteren. LTO Noord steunt de in de visie opgenomen erkenning van de belangrijke rol van de agrariër binnen natuur-en vogelbeheer (pag. 52) en het zoetwaterbeheer (pag. 55) en voor de financiële compensatie die bij een dergelijke inspanning hoort. f.
Op pagina 61 wordt gemeld dat de gemeente
In de omgevingsvisie geven wij aan dat de gemeente terughoudend
De zienswijze leidt niet tot een
terughoudend is met de aanleg van nieuwe natuur op
is met de aanleg van nieuwe natuur op vruchtbare agrarische grond.
aanpassing van de
vruchtbare landbouwgrond. LTO Noord merkt op dat
Met deze terughoudendheid bedoelen wij dat wij in principe geen
omgevingsvisie.
dergelijke passages onzekerheid geven. Wat kunnen
nieuwe natuur realiseren op gronden die momenteel geschikt zijn
wij verstaan onder deze terughoudendheid en wat ziet
voor productieve landbouw, tenzij er sprake is van zwaarwegende
de gemeente als vruchtbaar en minder vruchtbaar? Wij
redenen of specifieke beleidsdoelen die dit noodzakelijk maken.
verzoeken u om dit te verduidelijken. g.
Wij vragen concreet aandacht voor spuitzones. Het
Nieuwe ontwikkelingen in en grenzend aan het agrarisch gebied
De zienswijze leidt niet tot een
gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in relatie tot
vragen qua inpassing altijd om maatwerk. Per situatie wordt
aanpassing van de
gevoelige functies krijgt de laatste jaren steeds meer
bekeken op welke wijze wordt omgegaan met spuitzonering. Over
omgevingsvisie.
aandacht. Steeds vaker zien wij ook dat de daartoe
het algemeen wordt de spuitzonering opgelost op het perceel van
benodigde zone ten koste gaat van de agrarische
de initiatiefnemer. Maar er zijn ook situaties waarin de
mogelijkheden. LTO Noord pleit bij ontwikkelingen
initiatiefnemer afspraken maakt of een regeling treft met de
voor het zoveel mogelijk behouden van de bestaande
aangrenzende agrariër. We laten het aan de initiatiefnemer om hier
rechten van agrariërs, hetgeen inhoudt dat de
een passende methode voor te zoeken. Bij nieuwe ontwikkelingen is
ontwikkelende partij op eigen grond voor passende
het niet zo dat de spuitzonering zomaar afgewenteld wordt op de
maatregelen (waaronder de spuitzone) dient te zorgen.
aangrenzende agrarische gronden. Als dit zo is, dan is dit omdat hier
De nadelige effecten van maatschappelijk gewenste
afspraken over zijn gemaakt, of een regeling is getroffen, tussen de
ontwikkelingen dienen niet uitsluitend bij de agrariër
initiatiefnemer en de aangrenzende agrariër.
neergelegd te worden. LTO Noord verzoekt de 70
gemeente om een passage in de omgevingsvisie op te nemen welke tot strekking heeft dat spuitzones niet op agrarische gronden afgewenteld worden. h.
Met betrekking tot het gebruik van chemische
De eerdere zienswijze m.b.t. gewasbeschermingsmiddelen hebben
Zie indiener 6. Punt a en
gewasbescherming wordt in de omgevingsvisie op
geleid tot een tekstuele aanpassing met dezelfde strekking. Zie
indiener 9 punt g. voor een
pagina’s 8 en 56 verwoord dat chemische
indiener 6. Punt a. en indiener 9 punt g.
gewasbescherming geleidelijk uitgefaseerd dient te
wijziging in de tekst over gewasbeschermingsmiddelen.
worden en als laatste mogelijkheid moet worden gezien. LTO Noord merkt op dat chemische toepassingen in de geïntegreerde gewasbescherming al als laatste mogelijkheid toegepast worden. Daarbij werkt de sector al langere tijd hard aan het verlagen van de middelendruk. Zoals in de visie terecht wordt opgemerkt, is dat, mede gezien het economischmaatschappelijke kader waarin de sector opereert, geen gemakkelijk proces. Vanuit dit perspectief doen wij de volgende tekstuele suggestie: De gemeente Hollands Kroon streeft naar een landbouwpraktijk waarin het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen zoveel mogelijk wordt voorkomen en alleen als laatste redmiddel wordt ingezet. Dit gebeurt binnen de kaders van nationale en Europese regelgeving. i.
Op pagina 43 wordt het belang van een goede oost-
Wij erkennen het belang van een goede Oost-Westverbinding binnen
De zienswijze leidt niet tot een
west-verbinding behandeld, waarbij de N77 als stip op
onze gemeente. Het verbeteren van deze verbinding door het
aanpassing van de
de horizon wordt genoemd. LTO Noord beaamt het belang van een goede verbinding, maar geeft daarbij
opwaarderen en herinrichten van bestaande infrastructuur heeft onze prioriteit, zoals ook aangegeven op pagina 44 van de
omgevingsvisie. 71
de voorkeur aan het opwaarderen van bestaande
omgevingsvisie.
wegen. De voorziene N77 doorkruist grote delen van
De N77 wordt in dit kader genoemd als een stip op de horizon. Of
het buitengebied. Er zijn daarmee nadelige gevolgen voor de bestaande bedrijven, de weg gaat ten koste
deze weg daadwerkelijk gerealiseerd wordt, is op dit moment nog niet zeker.
van meer agrarische grond, de leefbaarheid in het buitengebied en is nadelig voor akker- en weidevogels in het gebied. j.
LTO Noord staat positief tegenover de aanleg van een
Het aanleggen van een doorfietsroute gaat altijd in overleg met
De zienswijze leidt niet tot een
doorfietsroute (pag. 45). Wel benadrukken wij dat
belanghebbenden.
aanpassing van de
dergelijke ontwikkelingen de verkeersveiligheid in relatie tot en de doorstroming van het landbouwverkeer niet mogen schaden. Wij vragen u om dit als
k.
Met
het
opstellen
van
een
nieuw
wegencategoriseringsplan wordt in 2026 ook opnieuw gekeken naar de hoofdgebruikers van diverse wegvakken en routes zodat hier duidelijke
prioritering
aangegeven
kan
worden.
Bij
iedere
aanpassing aan het wegenareaal staat verkeersveiligheid voorop.
voorwaarde voor dergelijke ontwikkelingen op te
Hierbij is wel nadrukkelijk aandacht voor de veiligheid van de
nemen.
kwetsbare verkeersdeelnemer.
Op pagina 45 wordt gerefereerd aan het gebruik van
Goed om te vernemen dat LTO nadenkt over kansen in de
waterstof. LTO Noord ziet hiertoe ook zeker kansen
bollenteelt, hoe vrijkomende warmte ingezet kan worden en hoe de
binnen de agrarische sector. Bijvoorbeeld in de bollenteelt, waar de vrijkomende warmte ook ingezet kan worden bij bewaring en broeierij of in algemene
omgevingsvisie.
n.v.t.
fossiele brandstof van machines op termijn vervangen kan worden. De hiernaast genoemde informatie en kansen die LTO ziet voor waterstof en de rol die de agrarische sector hierin kan spelen, nemen we aan ter kennisgeving. De gemeente kiest op dit moment
zin op termijn als brandstof voor de machines ter
nog een iets terughoudende benadering ten opzichte van waterstof.
vervanging van fossiele brandstoffen. De agrarische
Zie ook de uitleg bij hoofdstuk 4. Ambtelijke wijzigingen punt b.
sector is op dit gebied al betrokken bij Fieldlab Waterstof. Ook ziet LTO Noord kansen om waterstof, al dan niet in combinatie met windenergie, op de agrarische bedrijven te produceren. l.
LTO Noord onderstreept het belang van
Zoals op pagina 61 van de omgevingsvisie staat: “We gaan
De zienswijze leidt niet tot een
woningbouwproductie en het streven van de
zorgvuldig
aanpassing van de
om
met
onze
landbouwgrond.”
Dit
waardevolle
72
gemeente om in voldoende woningen te voorzien. Wel
agrarische gebied willen we behouden en koesteren, omdat we van
benadrukken wij dat dit gevolgen heeft voor de
mening zijn dat de economische potentie ervan ook in de toekomst
ruimtedruk op agrarische gronden. Wij roepen op om zuinig om te springen met de agrarische gronden: dergelijke processen zijn onomkeerbaar. Vanuit dit
gewaarborgd moet blijven. Daarom wegen we bij alle ruimtelijke ontwikkelingen in het agrarisch gebied het belang van de landbouwsector zwaar mee.
perspectief pleiten wij ervoor om woningbouw waar
Dit betekent dat we terughoudend zijn met ontwikkelingen die ten
mogelijk en binnen het redelijke zo compact mogelijk
koste gaan van landbouwareaal. Tegelijkertijd is de ontwikkeling
en met een zo klein mogelijk ruimtebeslag te
van woningbouw cruciaal voor de leefbaarheid van onze gemeente.
realiseren. In de visie wordt ook de mogelijkheid genoemd om (kleinschalige) woningbouw op voormalige agrarische
Bij woningbouw spelen bovendien eisen mee zoals voldoende openbare ruimte, groenvoorzieningen, infrastructuur en kabels en leidingen, wat extra ruimte vraagt. Ook om belemmering van agrarische belangen te voorkomen is het belangrijk om voldoende
percelen te realiseren. LTO Noord wijst er graag op dat
ruimte te gebruiken.
percelen van stoppende agrariërs in eerste instantie
We streven naar een fijne leefomgeving en moeten daarom ook oog
ook interessant kunnen zijn voor de agrarische sector.
hebben voor de kwaliteit en leefbaarheid van onze dorpen. Dit
Wij vragen om dit belang mee te wegen in het proces
betekent dat voor deze maatschappelijke opgave van groot belang,
tot omzetting van het gebruik bij dergelijke percelen. Ook verzoeken wij de gemeente om de agrarische
omgevingsvisie.
een beperkt deel van het landbouwareaal kan worden omgevormd waar dit mogelijk en wenselijk is.
belangen bij eventuele omzettingen te borgen: er mag geen nadeel voor bestaande agrarische bedrijven ontstaan. m.
Vanaf pagina 78 worden in de omgevingsvisie diverse
De gebiedsontwikkelingen die in de omgevingsvisie zijn beschreven,
De zienswijze leidt niet tot een
gebiedsontwikkelingen genoemd. LTO Noord verzoekt
daar wordt in een later stadium, wanneer zij richting concretere
aanpassing van de
de gemeente om bij dergelijke ontwikkelingen de effecten op de agrarische sector te onderzoeken. Graag doen wij de suggestie om een
uitvoering gaan, een PlanMER voor uitgevoerd. Dit is een verplicht onderdeel. Dan worden de effecten van de gebiedsontwikkeling op
omgevingsvisie.
de omgeving getoetst.
landbouweffectrapportage onderdeel te laten uitmaken van het besluitvormingsproces 73
n.
De deal met/samenwerking tussen Microsoft, de
Wij zien Agritech Capital als een waardevol initiatief en gaan graag
Wij gaan graag in op de
greenport en LTO noord (de agritech capita) kan wat
met u in gesprek over hoe wij als gemeente hieraan kunnen
uitnodiging om in overleg te
ons betreft een rol spelen om agrarische initiatieven in
bijdragen.
treden over de rol van de
het gebied te faciliteren. De gemeente zou hierbij een
gemeente in de AgriTech
actieve rol kunnen vervullen. Wij staan open voor
Capital
overleg op dit punt. o.
Wij vragen u verder om de agrarische sector voldoende
Het idee van een proeflocatie waar ondernemers innovatieve
We nemen dit idee mee in het
te faciliteren. Zo is er vanuit de sector behoefte aan
ideeën kunnen testen, is eerder ook naar voren gebracht tijdens de
verdere traject van de Aanpak
een plek om te experimenteren, zoals AgroProeftuin De Peel. Een proeflocatie waar ondernemers een vernieuwend idee in de praktijk kunnen uitproberen.
bijeenkomsten voor de Aanpak Landelijk Gebied. Wij zien grote meerwaarde in het realiseren van een dergelijke proeftuin. Vanuit
Landelijk Gebied.
dit traject starten we verschillende gebiedsprocessen, en een project zoals dit zou daar uitstekend in passen. We nemen dit
De proeftuin biedt organisatorische en financiële
voorstel mee bij het opzetten van de gebiedsprocessen en
ondersteuning aan bedrijven en brengt onder andere
bijbehorende projecten en onderzoeken de mogelijkheden om een
via ondernemersbijeenkomsten partijen met elkaar in
dergelijke proeftuin daadwerkelijk te realiseren.
contact.
Indiener 17. Ingediend via Denk Mee Platform Reactie
Beantwoording
Conclusie
a.
1.HK wil de agrarische hoofdstad van Nederland
We beantwoorden de zienswijze hiernaast puntsgewijs:
De zienswijze leidt niet tot een
worden hetgeen leidt tot meer tijdelijke
1. Het klopt dat Hollands Kroon de ambitie heeft om agrarische
aanpassing van de
arbeidsmigranten die weer gehuisvest moeten worden buiten Agriport omdat de verblijfstermijn daar maar 10 jaar is. Overigens biedt 1 datacenter ook meer
hoofdstad van de toekomst te zijn. Het betekent niet direct dat dit ook leidt tot meer tijdelijke arbeidsmigranten die gehuisvest
omgevingsvisie.
moeten worden. We streven naar een agrarische sector die niet in grote mate afhankelijk blijft van de inzet van arbeidsmigranten.
werkgelegenheid dan een agrarisch bedrijf van
Bijvoorbeeld door technologische innovaties. Op blz 36 van de
dezelfde afmeting.
omgevingsvisie staat aangegeven ‘We willen bedrijven die afhankelijk zijn van de inzet 74
2.Plannen voor een Agrarische Campus zijn tot nu toe
van arbeidsmigranten niet faciliteren in hun groei of vestiging in
niet van de grond gekomen en toch wil HK dit weer
onze gemeente als dat leidt tot meer inzet van arbeidsmigranten
ambiëren. 3. In dit plan wordt uitgegaan van een positieve gezondheid en welzijn voor de inwoners maar met de bouw van ruim 3.200 woningen zal er sprake zijn van
en meer vraag naar huisvesting.’ 2. Het klopt dat de plannen voor de Agritech Campus veranderd zijn. Hierover kunt u meer lezen in deze memo aan de raad. Inmiddels is dit initiatief opgepakt door de markt onder de naam
veel hoogbouw en dicht op elkaar gebouwde huizen.
Agritech Capital. Bij de reactie op zienswijze 16 punt n. hebben we
Dit levert geen positieve gezondheid op voor de
aangegeven dat we graag in overleg gaan hoe de gemeente een rol
bestaande en nieuwe bewoners. Aangezien er al sprake
kan vervullen in dit project.
is van een krimp in de landelijke bewonersaantallen (immigratiesaldo is nu nog hoger dan het geboortesaldo maar dat neemt af) vraag ik mij of er
3. De bouw 3.200 woningen in onze gemeente betekent niet direct dat hier veel hoogbouw voor nodig is. De ambitie vanuit zowel de omgevingsvisie als de Nota Omgevingskwaliteit is om de dorpse
zoveel woningen gebouwd moeten worden. Er wordt
identiteit in stand te houden. Van alle woningbouwplannen die op
dan meer voor mensen uit de randstad gebouwd dan
dit moment in ontwikkeling zijn is het aandeel hoogbouw (definitie:
voor de mensen uit de eigen gemeente of regio.
een gebouw dat aanzienlijk hoger is dan zijn omgeving) relatief zeer
4. HK streeft naar bedrijvigheid die iets doet voor de
beperkt.
samenleving. Wellicht biedt extra aanleg van kleinschalige bedrijventerreinen meer werkgelegenheid voor mensen uit de regio en zal meer
4. De gemeente heeft een behoefteraming gedaan naar de behoefte aan extra bedrijventerrein voor MKB bedrijven. Uit deze behoefteraming kwam dat er behoefte is aan 30ha extra ruimte. De
bieden voor de samenleving dan de agrarische ambitie
gemeente is voornemens om deze behoefte in te vullen en 2 a 3
van de gemeente HK.
bedrijventerreinen in de gemeente extra uit te breiden. Blz 46 van
5. Voor Winkel/Nieuwe Niedorp moet de historische
de visie, hoofdstuk ‘autonome behoefte’.
dorpslinten worden behouden maar in 2 van de 3 getoonde denkrichtingen voor een nieuwe Dorpsvisie worden deze dorpen helemaal volgebouwd (60% meer
5. Zowel in de Omgevingsvisie als in de Nota Omgevingskwaliteit is het uitgangspunt dat de historische linten behouden blijven. In de Nota Omgevingskwaliteit is een kaart opgenomen waarop alle
woningen dan het huidige aantal) waarbij hoogbouw
historische linten binnen de gemeente zijn aangegeven. Deze linten
niet uit de weg wordt gegaan. Dit verstoort de aanblik
blijven beschermd. 75
Het klopt dat in de dorpsvisie voor Winkel/Nieuwe Niedorp extra
op deze historische dorpslinten.
woningbouw is voorzien. Dit is noodzakelijk om tegemoet te komen aan de grote woningbouwbehoefte in onze gemeente. Een grootschalig nieuwbouwproject zal echter niet plaatsvinden binnen de historische linten.
Indiener 18. HK-0045864 – Erfgoedvereniging Heemschut (niet ontvankelijk) Reactie a.
Beantwoording
De visie stelt dat “het behoud [van de identiteit en de
De zienswijze is ingediend op 2 januari 2026. Dit is buiten de
kernkwaliteiten] voor latere generaties alleen mogelijk
zienswijze periode die liep tot 21 december 2025. Daarmee is deze
is door ontwikkeling” (pag. 65). Deze gedachte kan een
zienswijze niet ontvankelijk.
waardevol
uitgangspunt
daadwerkelijk
zijn,
bijdraagt
mits
aan
Conclusie
ontwikkeling behoud
van
cultuurhistorische waarden. In de praktijk leidt dit adagium echter vaak tot aantasting van historische structuren, stolpboerderijen en dorpsgezichten onder het mom van ‘herbestemming’. Wij missen in de visie een duidelijk afwegingskader: wanneer is ontwikkeling in het belang van behoud, en wanneer gaat zij er juist mee op gespannen voet staan? het “gebruiken van identiteit en kernkwaliteiten als inspiratie bij toekomstige ontwikkelingen”. Nergens wordt echter vastgelegd dat deze kwaliteiten als randvoorwaarde gelden. Wij pleiten ervoor erfgoed niet alleen als inspiratiebron te benoemen, maar als toetsingskader voor ruimtelijke plannen In de visie wordt op een aantal plekken gesproken over 76
het behoud en bescherming van (cultuurhistorisch) waardevolle landschappen, landschapselementen en vastgoed zonder dat aangegeven wordt hoe deze bescherming vorm zal krijgen. En voor de duidelijkheid willen wij benadrukken dat beschermen niet gelijk staat aan conserveren, maar dat aangeven moet worden hoe de kernkwaliteiten behouden zullen worden. Om erfgoed een rol te laten spelen in ruimtelijke ontwikkeling is het van belang dat deze digitaal ontsloten
is.
Er
is
een
Cultuurhistorische
Elementenkaart opgesteld, maar die is voor wat betreft ‘gebouwen’ nog niet compleet. Ook is deze kaart – voor zover wij hebben kunnen nagaan – nog niet digitaal in Regels op de kaart toegankelijk. Graag horen wij wanneer dit wel het geval zal zijn.
In de begrippenlijst ontbreekt een beschrijving van wat ‘omgevingskwaliteit’ is. Wij pleiten ervoor dit begrip op te nemen en aan te geven hoe daar rekening mee gehouden moet worden. Daarom verbaast het ons dat in de visie heel weinig geschreven wordt over de datacenters in Middenmeer. Deze nemen nu al een enorme hoeveelheid ruimte in de polder in beslag en recentelijk is bekend geworden dat Microsoft opnieuw een hyperscale datacenter gaat bouwen en dat Google ook plannen heeft voor een nieuw datacenter. Hoeveel groter mag dit allemaal nog worden, waar ligt de grens wat uw gemeente betreft? 77
Op pagina 57 erkent u dat er hoogstwaarschijnlijk veel vraag blijft naar ruimte voor bedrijvigheid, inclusief datacenters. Gezien de opkomst van kunstmatige intelligentie lijkt ons dat een terechte inschatting. We treffen op dezelfde pagina de zin “Daarom willen we het idee van een beperkte uitbreiding van Agriport op termijn niet volledig terzijde schuiven” aan. Maar wat moeten we verstaan onder ‘beperkte uitbreiding’, ‘op termijn’ en ‘niet volledig’? In de visie wordt in het geheel geen duidelijke keuze gemaakt en geen duidelijke uitspraak gedaan over deze kwestie, terwijl die toch van een enorm belang is voor het karakter en de openheid van deze polder. Tot slot Wij verzoeken u uw visie aan te passen door: 1.
2. 3.
4.
5.
het betrekken van erfgoed wél als randvoorwaarde te stellen bij nieuwe ontwikkelingen, aan te geven hoe de kernkwaliteiten geborgd gaan worden, de cultuurhistorische elementenkaart te completeren en digitaal beschikbaar te maken; een definitie van omgevingskwaliteit op te nemen en aangeven op welke manier daar rekening mee moet worden gehouden en een duidelijke uitspraak te doen over de ruimte die aan nieuwe datacenters geboden gaat worden.
78
4. Ambtelijke wijzigingen Wijzigingen a.
Blz 59. Hoofdstuk: Kleine windmolens bij bedrijven in het buitengebied. Het beleidskader kleine windturbines is inmiddels vastgesteld De tekst 'We stellen aparte beleidsregels op voor kleine windmolens.' Is vervangen door' We hebben hier speciale beleidsregels voor opgesteld in het beleidskader kleine windturbines'.
b.
Blz 59. (nieuwe versie blz 61) Hoofdstuk: Zware mobiliteit rijdt op waterstof. De tekst: Als gemeente zetten we samen met medeoverheden uit de provincie en het bedrijfsleven in op waterstof in de mobiliteitssector. Het gaat hierbij specifiek om waterstof voor zware mobiliteit en industrie. Dit past binnen onze nieuwe koers: in plaats van ons te richten op enkel waterstoftankstations, werken we aan de ontwikkeling van Clean Energy Hubs. Deze hubs bieden niet alleen toegang tot waterstof, maar integreren verschillende duurzame energieoplossingen, waardoor ze bijdragen aan een toekomstbestendige energie-infrastructuur in de provincie. Is vervangen door deze tekst: Waterstof voor zware mobiliteit en industrie De gemeente kiest voor een terughoudende benadering van waterstof. Het wordt gezien als een mogelijke energiedrager voor specifieke toepassingen, maar brede inzet wordt niet nagestreefd. Veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en het zorgvuldig omgaan met schaarse middelen zoals zoetwater zijn leidend bij de beoordeling van initiatieven. Waterstof kan een beperkte rol spelen in de energiemix en bijdragen aan verduurzaming en netbalancering, maar inzet op volledige elektrificatie houd de voorkeur. Toepassingen worden alleen overwogen wanneer elektrificatie niet volstaat, zoals bij zwaar transport of industrie. Personenvervoer en kleinschalige toepassingen vallen buiten de focus.
Groene waterstof heeft de voorkeur, mits geproduceerd met hernieuwbare energie en zorgvuldig gebruik van zoetwater. Facilitering van energie-infrastructuur vindt uitsluitend plaats voor opwek die bijdraagt aan de publieke energievoorziening en aansluit op het nationale waterstofnetwerk; lokale opslag en distributie worden terughoudend beoordeeld. Voor mobiliteit zet de gemeente primair in op elektrificatie, waarbij waterstofinfrastructuur alleen op strategische locaties en bij aantoonbare behoefte wordt overwogen. Grootschalige elektrolyse-installaties 79
zijn slechts mogelijk binnen bestaande bedrijventerreinen (zoals Agriport A7) en na bovenregionale afstemming over watergebruik, veiligheid en ruimtelijke impact. Transportleidingen worden alleen toegestaan al zij aansluiten op de nationale backbone en maatschappelijke meerwaarde bieden. Innovatieve toepassingen zijn niet uitgesloten, maar alleen als elektrificatie niet volstaat en een duidelijke meerwaarde aanwezig is; de gemeente neemt hierin geen actieve stimulerende rol. c.
Blz 27. Hoofdstuk: Anna Paulowna en Wieringerwaardpolder Het dorpspaspoort van Breezand ontbrak. Dorpspaspoort Breezand toegevoegd
d.
Volledig document: Alle woorden 'windmolen' zijn vervangen door 'windturbine' ook kleine windmolens is vervangen door kleine windturbine worden. Behalve wanneer er wordt gesproken over een windmolen als in een authentieke historische windmolen. Dan blijft het ‘windmolen’
e.
Blz 35. Hoofdstuk: Meer woningen zonder nieuw te bouwen Achter 'een gedeeld erf' stond geen spatie. Spatie toegevoegd
f.
Blz 50. Hoofdstuk: Agrarische hoofdstad van de toekomst, Dikgedrukte tekst De ambitie m.b.t. de Agritech Campus is veranderd. Zie memo aan de raad Agritech Campus De tekst: ‘De Agritech Campus is het centrum van agrarische kennis en innovatie.’ Is vervangen door de tekst: ‘Agritech Capital is het centrum van agrarische kennis en innovatie.’
g.
Blz 51. Hollands Kroon als inspiratiecentrum voor innovatie De tekst: ‘We willen een Agritech Campus realiseren, een netwerk van innovatieve agrariërs, ondernemers en studenten waar kennis en innovatie worden gebundeld en gedeeld op verschillende locaties binnen de gemeente. Deze campus zal opleidingen, onderzoek, ondernemerschap en kennis samenbrengen in de vorm van ‘living labs’ 80
Is vervangen door: In Hollands Kroon wordt Agritech Capital gerealiseerd. Dit is een netwerk van innovatieve agrariërs, ondernemers en studenten waar kennis en innovatie worden gebundeld en gedeeld op verschillende locaties binnen de gemeente. Ze werken aan het ontwikkelen en uitvoeren van innovaties die bijdragen aan een toekomstbestendige agribusiness. h.
Blz 20. Wieringermeer. De titel was ‘Wieringermeer’ maar is aangepast naar 'Wieringermeer en Waardpolder'. Zie ook de kaart. Daar staat ook de Waardpolder op aangegeven.
i.
Blz 25. Kaart: De Haukes (dorp en haven) stond niet benoemd op de kaart en is toegevoegd.
j.
Blz 27. Kaart: De tekst 'Kruiswijk' stond te ver af van het bedrijventerrein Kruiswijk en is opgeschoven naar rechts dichter bij het bedrijventerrein.
k.
Blz 27. Kaart: Hoenderdaell stond niet op de kaart en is toegevoegd
l.
Blz 61.9 (blz 63 nieuwe versie) Hoofdstuk ‘toekomst voor agrarisch vastgoed’. Het volgende hoofdstuk is toegevoegd onder het hoofdstuk ‘toekomst voor agrarisch vastgoed’ Hobbymatig houden van dieren in het buitengebied Het hobbymatig houden van dieren, zoals schapen, kippen, paarden, geiten en vergelijkbare soorten past goed bij het agrarische karakter van Hollands Kroon. De gemeente is een fijne plek om te wonen, waar inwoners volop genieten van de ruimte en het buitenleven. Het houden van dieren hoort daarbij en vormt een waardevolle en geliefde aanvulling op het landschap. Gronden met de bestemming ‘Agrarisch’ zijn bestemd voor agrarische bedrijfsvoering, maar ook het hobbymatig houden van dieren staan we toe op deze gronden, mits dit ondergeschikt is aan de woonfunctie. Dit betekent dat bewoners in het buitengebied een stuk agrarische grond aangrenzend aan hun woning kunnen gebruiken voor het hobbymatig houden van dieren. Hiermee komen we tegemoet aan een behoefte van onze inwoners die wonen in de agrarische gemeente Hollands Kroon en dit past bij ons landelijke karakter. We zoeken een balans tussen het beschermen van onze agrarische gronden tegen versnippering, maar tegelijkertijd willen we inwoners de mogelijkheid bieden om hobbymatig dieren te houden.
De nabijheid van de woonfunctie is daarom een belangrijke voorwaarde om te voorkomen dat agrarische gronden versnipperen en voorkomt ook dat er hobbymatig dieren worden gehouden midden in het agrarisch gebied, los van een woonfunctie.
m.
Blz 61. (blz 63 nieuwe versie) Hobbymatig houden van dieren in het buitengebied De volgende tekst is toegevoegd onder het hoofdstuk van punt m. Hobbymatig houden van dieren in het buitengebied. 81
We bieden de juiste randvoorwaarden om dieren op een verantwoorde manier te houden. Denk aan voorzieningen zoals een (schuil)stal, rijbak en paddock. Wel stellen we hier voorwaarden aan om verrommeling van het landschap en hinder voor de omgeving te voorkomen. Vanuit dierenwelzijn vinden wij het belangrijk dat dieren altijd kunnen schuilen tegen wind en regen om gezondheidsproblemen te voorkomen. Vanaf 2015 is de ‘Wet Dieren’ van kracht. Hierin is onder meer vastgelegd dat elk dier recht heeft op bescherming tegen slechte weersomstandigheden wanneer zij buiten worden gehouden. Op basis van deze wet moet de gemeente de mogelijkheid bieden om een (schuil)stal te realiseren. We maken het daarom mogelijk om op percelen met een agrarische bestemming een (schuil)stal te realiseren. Daarnaast erkennen we dat er behoefte is aan aanvullende faciliteiten zoals een paddock of rijbak, die niet altijd binnen het bestaande bouwvlak of erf passen. We bieden daarom ruimte om dergelijke faciliteiten ook buiten het bouwvlak te realiseren op een aangrenzende agrarische bestemming, mits deze zorgvuldig worden ingepast en in de nabijheid van bestaande bebouwing worden geplaatst. Met deze mogelijkheid sluiten we beter aan bij de praktijk, zodat inwoners en bedrijven hun voorzieningen op een passende manier kunnen realiseren. n.
Blz 43. Hoofdstuk: Verkeersveiligheid is topprioriteit: ‘Scholierenroutes en landbouwverkeerroutes worden in kaart gebracht en knelpunten worden beoordeeld en aangepakt om veiligheid van kwetsbare verkeersdeelnemers te bevorderen en garanderen.’ Deze zijn inmiddels in kaart gebracht. De tekst is aangepast naar: Scholierenroutes en landbouwverkeerroutes zijn in kaart gebracht en knelpunten worden beoordeeld en aangepakt om veiligheid van kwetsbare verkeersdeelnemers te bevorderen en garanderen.
o.
Blz 58. Hoofdstuk: Grootschalige energievoorzieningen Deze tekst is toegevoegd aan het hoofdstuk Grootschalige energievoorzieningen, na de 2e alinea. Na de zin ‘Naast ruimtelijke impact … ook voor de regio. Als aparte alinea. ‘Hollands Kroon levert momenteel een aanzienlijke bijdrage aan nationale opgaven door de huisvesting van datacenters. Hierdoor is het voor de gemeente, op zichzelf beschouwd, zeer uitdagend om volledig CO₂- en energieneutraal te worden. Om die reden richt Hollands Kroon zich bij het realiseren van deze doelstellingen primair op de gebouwde omgeving, exclusief sectoren die vooral landelijke belangen dienen, zoals datacenters. Het is niet proportioneel om één gemeente volledig verantwoordelijk te maken voor het energieverbruik van bedrijven die diensten leveren voor heel Nederland. Datacenters vormen cruciale infrastructuur voor de digitale economie en bedienen zowel nationale als internationale gebruikers. Hun energieverbruik weerspiegelt daarom een landelijke behoefte, niet het lokale gebruik. Als Hollands Kroon dit verbruik volledig zou moeten compenseren, zou dat leiden tot een 82
oneerlijke verdeling van verantwoordelijkheden en een vertekend beeld van de inspanningen van de gemeente. Door de focus te leggen op de gebouwde omgeving en lokale sectoren, kan Hollands Kroon op een realistische en rechtvaardige manier bijdragen aan de klimaatdoelstellingen, terwijl de nationale opgaven op landelijk niveau worden aangepakt.’ p.
Blz 90, hoofdstuk: Wind op zee (VAWOZ) 2031-2024) De titel “Wind op zee (VAWOZ) 2031-2024)” is aangepast naar: Programma Verbindingen Aanlanding Wind Op Zee (pVAWOZ) Dus zonder jaartal.
q.
Blz 90, hoofdstuk Wind op zee (VAWOZ) 2031-2024) en hoofdstuk Energienetwerken In de tekst stond 3x ‘EZK’. Dit is vervangen door KGG (Ministerie van Klimaat en Groene Groei). De eerste keer dat de term is gebruikt is de afkorting volledig uitgeschreven, daarna afgekort tot KGG.
r.
Blz 60 hoofdstuk Ontwikkelprincipes De bulletpoint stond twee keer opgenomen. De dubbeling is verwijderd. ‘Grootschalige ontwikkelingen bieden ook kansen om onze dorpskernen of gebiedsontwikkelingen te versterken. Denk bijvoorbeeld aan investeringen van bedrijven in de lokale gemeenschap zoals dorpscentra, onderwijs, non-profit organisaties etc.’
s.
Blz 78 (blz 82 nieuwe versie) hoofdstuk Wieringermeer De bulletpoint : ‘de Agritech Campus versterken door meer ruimte te bieden aan onderwijs, start- en scale-ups en onderzoekcentra op het gebied van innovatieve agrarische activiteiten.’ Is vervangen door: ‘Agritech Capital versterken door meer ruimte te bieden aan onderwijs, start- en scale-ups en onderzoekcentra op het gebied van innovatieve agrarische activiteiten.’ Deze bulletpoints zijn ook toegevoegd: •
De grootschaligheid van het landschap behouden 83
•
De groenblauwe dooradering van de Wieringermeer versterken door toevoegen van natuurvriendelijke oevers, bloemrijke akkerranden en opgaand groen.
•
Ruimte voor nieuwe vormen van teelt zoals het telen van biobased bouwmaterialen of agroforestry
•
Hoogtechnologische landbouw kan floreren. Synergie tussen agri en data versterken
•
Verbeteren van de Oost-West verbinding in de gemeente op het gebied van mobiliteit en openbaar vervoer. Fijnmazige aanvullingen op het mobiliteitssyteem
t.
Blz 78 en 79 (blz. 82 nieuwe versie): Het hoofdstuk A7 Corridor is verplaatst naar pagina 78, naast het hoofdstuk Wieringermeer. Dit is een logischere plek omdat beide over de Wieringermeer gaan. Het hoofdstuk Wieringen is verplaatst naar pagina 79 op de plek waar eerst het hoofdstuk ‘A7 corridor’ stond.
u.
Pagina 78, (blz 82 nieuwe versie) hoofdstuk A7 corridor Deze bulletpoint is toegevoegd: •
v.
Agriport versterken en verder ontwikkelen als hightech agritechcluster
Blz 79 (blz 84 nieuwe versie) hoofdstuk Wieringen Bulletpoint toegevoegd in de lijst met bulletpoints •
Kleinschalige vormen van landbouw gecombineerd met agrarisch natuur- en weidevogelbeheer
•
Behouden historisch kleinschalig landschap en kenmerkende groenstructuren
•
We zetten in op het realiseren van de ‘Noordboog’; een recreatieve/groene structuur vanaf de kust, via de Anna Paulownapolder, richting Wieringen. In combinatie met de voet-fiets verbinding ‘rondje Waddenbaai’ vanaf Wieringen naar Texel met beleefpunten langs de hele Waddenkust.
w.
Pagina 79 (blz 82 nieuwe versie) hoofdstuk A7 corridor Deze bulletpoints zijn toegevoegd: •
x.
Focus op Agriport op de clusters agri, tech en energie
Pagina 79 (blz 85 nieuwe versie) hoofdstuk Anna Paulownapolder 84
De volgende bulletpoints zijn toegevoegd in de lijst: •
Versterken en waar mogelijk herstellen van het kronkelende krekensysteem.
•
De groenblauwe dooradering behouden en verbeteren. Duidelijke groen- en waterzones in de dorpen. Realiseren van groenstructuren in het buitengebied.
•
Bos op plekken waar dit aansluit op dorpen of op bestaande waardevolle gebieden met opgaande beplanting
•
Behouden en versterken van Kruiszwin als bijzonder zilt natuurgebied met bijhorende flora en fauna
•
We zetten in op het realiseren van de ‘Noordboog’; een recreatieve/groene structuur vanaf de kust, via de Anna Paulownapolder, richting Wieringen. In combinatie met de voet-fiets verbinding ‘rondje Waddenbaai’ vanaf Wieringen naar Texel.
•
Realiseren van een duidelijk kenmerkende identiteit van de Anna Paulowna polder in bebouwing en structuren. Voor aanpassing en vernieuwing van erven wordt inspiratie gehaald uit historische kenmerken.
y.
•
Wandelrondjes rondom het dorp uitbreiden en versterken
•
Focus op agrarisch waterbeheer en de boer als zoetwatermanager
•
Hoenderdaell versterken als recreatieve trekpleister met mogelijkheden voor verblijfsrecreatie
Pagina 79 (blz 83 nieuwe versie): Hoofdstuk toegevoegd aan het hoofdstuk Gebiedsontwikkelingen. Na blz 79 De Gebiedsontwikkeling voor Noordelijk West-Friesland was eerder nog niet toegevoegd en is nu alsnog toegevoegd. Noordelijk West-Friesland Het noordelijke deel van West-Friesland, binnen de Westfriese Omringdijk, biedt een rustige en ruimtelijke woonomgeving. Het landschap is open en licht glooiend, met agrarische gronden, waterlopen en karakteristieke dorpslinten. Deze omgeving combineert een rijke cultuurhistorie met een hoge omgevingskwaliteit, waardoor het aantrekkelijk is voor wonen. De dorpen, zoals Kolhorn, Barsingerhorn en Haringhuizen, hebben een kleinschalige en historische structuur, terwijl grotere kernen zoals Winkel en Nieuwe Niedorp meer voorzieningen bieden. Hier is ruimte voor wonen met een grote tuin en een groene leefomgeving. De nabijheid van steden als Schagen en Alkmaar zorgt ervoor dat stedelijke voorzieningen goed bereikbaar blijven, terwijl de rust en het landelijke karakter behouden blijven. Aansluitend op deze karakteristieken en kwaliteiten kiezen we in dit gebied voor: 85
• • • • • • • • • •
Behoud historisch en kleinschalig verkavelingspatroon met kenmerkende groenstructuren Behouden historisch karakter van de dorpslinten Beschermen van de kleinschaligheid van de buurtschappen. Het accent in dit gebied ligt op wonen in een landelijke omgeving Behouden dorpse identiteit bij inpassing grootschalige woningbouwontwikkelingen. Voorkomen dat nieuwbouw een gebiedsvreemd karakter krijgt. Behoud en toevoegen nieuwe voorzieningen bij grote woningbouwontwikkelingen Agrarisch gebied met (kleinschalige) veehouderij gecombineerd met agrarisch natuur- en weidevogel beheer en kringlooplandbouw Bos op plekken waar dit aansluit op dorpen of op bestaande waardevolle gebieden met opgaande beplanting. Verplaatsing van de sportvoorzieningen naar een geclusterde sportvoorziening Verschillende recreatieve voorzieningen samenbrengen in een recreatief cluster
Opgaven in samenhang • • • • • • • • • • • • z.
Beleefbaar maken van unieke landschappen: natuurbeleving en recreatie voor de fijnproever Netwerk van kleinschalige recreatieplekken Maak historie zichtbaar Natuur, water en landschap werken samen We stimuleren fietsgebruik naar recreatieplekken Optimaliseren regionaal mobiliteitsnetwerk Woningbouw als middel om leefbaarheid te verbeteren Houdt de dorpse identiteit in stand Inzetten op een beweegvriendelijke woonomgeving Een geschikte woning voor elke doelgroep Een klimaatadaptieve en natuurinclusieve buitenruimte Alle woningen zijn zo duurzaam mogelijk
Pagina 65. (blz 68 nieuwe versie) Onderstaande hoofdstuk is toegevoegd na het hoofdstuk ‘maak historie zichtbaar’. Onderstaande hoofdstuk voegen we toe aan de omgevingsvisie om een duidelijke link te leggen met de Nota Omgevingskwaliteit.
86
We behouden de unieke identiteit in de gemeente Wij willen een aantrekkelijke en waardevolle leefomgeving creëren binnen onze gemeente. Een plek waar inwoners graag wonen, ondernemers zich willen vestigen en bezoekers kunnen genieten. Hollands Kroon bestaat uit verschillende gebieden, elk met een eigen karakter en identiteit. Denk aan het glooiende West-Friese landschap, de typische Wieringermeerboerderij of de rijke visserijhistorie van Kolhorn. In elk deel van de gemeente zijn kenmerkende gebouwen en landschappen die deze identiteit zichtbaar maken. Het is belangrijk om deze streekeigen kenmerken te behouden en te versterken. Zo blijft de historie en het karakter van elk gebied herkenbaar en behoudt onze gemeente haar unieke identiteit. Tegelijkertijd willen we ruimte bieden voor dynamiek en ontwikkeling van nieuwe waarden. De afgelopen jaren was een groot deel van de gemeente ‘welstandsvrij of -luw’. Hierdoor werd minder gestuurd op ruimtelijke kwaliteit bij nieuwe ontwikkelingen, wat op sommige plekken heeft geleid tot een vervaging van de kenmerkende identiteit. Denk bijvoorbeeld aan woningen die niet passen bij de lokale architectuur of grootschalige projecten zonder goede landschappelijke inpassing. Ook bij nieuwe woonwijken willen we meer aandacht besteden aan architectuur en landschappelijke inpassing die aansluit bij de unieke identiteit van het dorp.
Daarom gaan we sterker sturen op omgevingskwaliteit. Dit betekent aandacht voor cultureel erfgoed, natuur en landschap, stedenbouwkundige kwaliteit, architectuur en de inrichting van de openbare ruimte. Belangrijk is dat deze aspecten in samenhang worden bekeken. Om dit goed te borgen, hebben we de Nota Omgevingskwaliteit opgesteld: een beleidsdocument waarin we vastleggen hoe wij als gemeente Hollands Kroon omgaan met de kwaliteit van de leefomgeving bij ruimtelijke initiatieven. a1
Blz 62. De volgende tekst is toegevoegd aan het punt 1. Herbestemming van bestaande bebouwing: Wanneer voormalige agrarische gebouwen worden omgevormd tot woonfunctie, blijven er op het perceel vaak grote schuren achter die hun oorspronkelijke doel hebben verloren. Deze gebouwen kunnen aantrekkelijk zijn voor bijvoorbeeld hobbymatig gebruik, maar in sommige gevallen is de totale oppervlakte zo groot dat een aanzienlijk deel leeg blijft staan. Dat brengt ons in een dilemma. Om leegstand, ongewenst gebruik en ondermijning te voorkomen, kan het wenselijk zijn om een deel van deze schuren te slopen en terug te brengen tot de maximaal toegestane oppervlakte voor een woonfunctie. Tegelijkertijd is sloop van relatief nieuwe of goed onderhouden schuren ook een vorm van kapitaalvernietiging. Daarom is een zorgvuldige belangenafweging nodig, waarbij verschillende situaties mogelijk om een andere benadering vragen. We gaan hiervoor beleid opstellen voor vrijkomende agrarische bebouwing. De hoofdlijnen van dit beleid worden bij de eerste herijking toegevoegd aan de omgevingsvisie. 87
5. Conclusie De ingediende zienswijzen en ambtelijke wijzigingen leiden tot een aanpassing van de Omgevingsvisie zoals hierboven in de tabel aangegeven.
88